CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Oprichting Stichting Bedrijven InvesteringsZone TPN-West - Concept - V0.1

Besluitronde (raadsvergadering) 18 december 2024, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Bedrijveninvesteringszone ondernemers bedrijventerrein Noord- en Oostkanaalhavens en Westkanaaldijk (TPN-West) 2025-2029 (117/2024)2.802 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kenmerk […] Versie: 0.1 2 oktober 2024 OPRICHTING (Stichting BedrijvenInvesteringsZone TPN-West) Heden, […], verschenen voor mij, […], notaris, gevestigd in de gemeente Nijmegen: 1. mevrouw Esther Elisabeth Christina Ceelen, wonende te 6601 HL Wijchen, Ligusterweg 15, geboren te Nijmegen op vijfentwintig augustus negentienhonderdzeventig, zich legitimerende met […], 2. de heer Peter Reindert Zwaan, wonende te 6611 KW Overasselt, Valkstraat 12, geboren te Purmerend op achtentwintig januari negentienhonderdachtenzestig, zich legitimerende met […], 3. de heer Cornelis Alphonsus Waltherus Baijens, wonende te 6931 JR Westervoort, De Waaij 38, geboren te Tilburg op negen november negentienhonderdzeventig, zich legitimerende met […]. De comparanten verklaarden bij deze een stichting op te richten en daarvoor vast te stellen de navolgende statuten: NAAM EN ZETEL. Artikel 1. De stichting is genaamd: Stichting BedrijvenInvesteringsZone TPN-West. Zij heeft haar zetel in de gemeente Nijmegen. DOEL. Artikel 2. 1. De stichting heeft ten doel het ontwikkelen, bevorderen en (laten) uitvoeren van activiteiten namens de gezamenlijke bijdrageplichtigen in het afgebakend gebied “TPNWest”, gericht op het verbeteren van de samenwerking, gezamenlijke ambities, concurrentiepositie, de veiligheid van het (industrie)gebied en economische ontwikkeling van het (industrie)gebied.

Het (industrie)gebied in de gemeente Nijmegen zal worden aangemerkt als bedrijveninvesteringszone. 2. Zij tracht haar doel onder meer te verwezenlijken door: a. het ontvangen van de afdragen van de heffing van de zogenaamde BIZ-bijdrage aan de gemeente Nijmegen, ter bestrijding van de kosten die verbonden zijn aan activiteiten, die zijn gericht op het verbeteren van de samenwerking, gezamenlijke ambities, concurrentiepositie, de veiligheid van het (industrie)gebied en economische ontwikkeling van het (industrie)gebied; b. het doen van voorstellen aan de gemeente Nijmegen om het vorenstaande te realiseren en het ontvangen van de ter zake door de gemeente te verstrekken subsidie en die aanwenden voor onder andere het gezamenlijk realiseren van maatregelen ter bevordering van het vorenstaande. VERMOGEN. Artikel 3. Het vermogen van de stichting kan worden gevormd door: a. subsidies en gelden uit de opbrengst van de aan de gemeente Nijmegen betaalde heffing met betrekking tot de Bedrijveninvesteringszone; b. hetgeen de stichting door erfstelling, legaat, schenking of op enigerlei andere wijze verkrijgt; c. opbrengsten uit het vermogen van de stichting; d. andere inkomsten en opbrengsten. BESTUUR. Artikel 4. 1. Het bestuur van de stichting bestaat uit ten minste drie leden.

Met inachtneming hiervan wordt het aantal leden vastgesteld door het bestuur, zulks evenwel met dien verstande dat de samenstelling van het bestuur een representatieve vertegenwoordiging kent van de in het (industrie)gebied TPN-West actieve en relevante bijdrageplichtigen.

2. Voorzover zij niet bij de oprichting zijn aangesteld, worden de bestuursleden benoemd door het bestuur. De benoeming geschiedt steeds voor een periode van maximaal drie (3) jaar, met dien verstande dat het bestuurslidmaatschap van betrokkene, behoudens het bepaalde in artikel 5 en behoudens herbenoeming, feitelijk eindigt op het moment dat de benoeming van een nieuwe bestuurder in de desbetreffende vacature ingaat. 3. Het bestuur maakt een rooster waarin de volgorde van aftreden is geregeld. Degene die in een tussentijdse vacature is gekozen, neemt in het rooster de plaats in van zijn voorganger. Aftredende bestuursleden zijn terstond herkiesbaar. 4. Het bestuur bepaalt door wie van de leden de functies van voorzitter, secretaris en penningmeester worden vervuld. Overige taken en functies worden door de bestuurders in onderling overleg verdeeld. 5. Wanneer in het bestuur een of meer vacatures zijn ontstaan, vormen de overige bestuursleden of vormt het overblijvende bestuurslid niettemin een wettig bestuur. 6. Het bestuur voorziet ten spoedigste in een vacature door benoeming van een nieuw bestuurslid. 7. Wordt niet binnen redelijke tijd in een vacature voorzien of zijn alle zetels vacant, dan kan benoeming geschieden door de rechtbank, binnen wiens arrondissement de stichting haar zetel heeft, op verzoek van iedere belanghebbende of op vordering van het Openbaar Ministerie.

8. Ingeval van belet of ontstentenis van alle bestuurders of van de enig bestuurder is de persoon die daartoe is aangewezen, tijdelijk met het bestuur van de stichting belast. Het in de statuten omtrent het bestuur en de bestuurder(s) bepaalde is op hem van overeenkomstige toepassing. 9. De leden van het bestuur genieten geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie redelijkerwijs gemaakte kosten. Het bestuur is bevoegd aan een lid van het bestuur een vaste periodieke onkostenvergoeding toe te kennen. EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP. Artikel 5. 1. Een bestuurder kan zijn bestuurslidmaatschap doen eindigen door een schriftelijke opzegging, gericht aan het bestuur van de stichting. Het lidmaatschap eindigt alsdan op het in de opzegging aangegeven tijdstip, doch niet eerder dan het moment waarop de opzegging de stichting heeft bereikt. 2. Voorts eindigt het bestuurslidmaatschap: a. door aftreden volgens rooster, met inachtneming van het bepaalde in lid 2 van artikel 4; b. door overlijden; c.

doordat de bestuurder in staat van faillissement is verklaard, surséance van betaling heeft gekregen, onder curatele is gesteld, de regeling schuldsanering natuurlijke personen op hem van toepassing is verklaard, dan wel op andere grond krachtens rechterlijke uitspraak het vrije beheer over zijn vermogen heeft verloren; d. door ontslag krachtens besluit van het bestuur. Het besluit tot ontslag kan slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste twee/derde van de bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is. Het besluit wordt schriftelijk aan de bestuurder medegedeeld; e. door ontslag krachtens rechterlijke uitspraak in de gevallen in de wet bepaald. BESTUURSVERGADERINGEN. Artikel 6. 1. Voorzover het bestuur niet anders bepaalt vergadert het bestuur zo dikwijls de voorzitter dit wenselijk acht. Voorts komt het bestuur bijeen indien ten minste twee leden van het bestuur daartoe een gemotiveerd verzoek indienen bij de secretaris. 2. De secretaris roept de vergaderingen bijeen met inachtneming van een oproepingstermijn van ten minste zeven dagen. Indien alle bestuursleden ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kan op het niet in acht nemen van deze

termijn geen beroep worden gedaan. 3. Een bestuurslid kan zich slechts door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander bestuurslid ter vergadering laten vertegenwoordigen en zijn stem door deze gevolmachtigde laten uitbrengen. De volmacht moet bij de aanvang van de vergadering aan de voorzitter van de vergadering worden overhandigd. 4. Indien niet ten minste de meerderheid van de in functie zijnde bestuursleden ter vergadering aanwezig, danwel vertegenwoordigd is, kunnen geen besluiten worden genomen. 5. Is op een vergadering het vereiste aantal leden als bedoeld in het vorige lid niet aanwezig respectievelijk vertegenwoordigd, dan kan op een tweede vergadering, mits deze met inachtneming van de voorgeschreven oproepingstermijn binnen vier weken na de eerstbedoelde vergadering wordt gehouden, over de voor de eerstbedoelde vergadering geagendeerde onderwerpen alsnog worden besloten ongeacht het aantal aanwezige danwel vertegenwoordigde bestuursleden en mits in de oproeping uitdrukkelijk wordt vermeld dat over bedoelde onderwerpen thans aldus kan worden besloten, vanwege het ontbreken van het vereiste quorum op de eerstbedoelde vergadering. Artikel 7. 1. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter. Bij afwezigheid van de voorzitter wijst de vergadering een ander bestuurslid als voorzitter aan. 2. Elk bestuurslid heeft het recht tot het uitbrengen van één stem. 3.

Tenzij in deze statuten anders wordt bepaald, worden besluiten genomen met een meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen. Ongeldige stemmen en blanco stemmen gelden als niet uitgebracht. 4. Bij de vervulling van hun taak richten de bestuurders zich naar het belang van de stichting en de met haar verbonden onderneming of organisatie. 5. Over personen wordt schriftelijk gestemd; over zaken mondeling, tenzij een bestuurslid schriftelijke stemming verlangt. Stemming bij acclamatie is geoorloofd, tenzij een bestuurslid hoofdelijke stemming verlangt. 6. Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang bedoeld in lid 4. Wanneer hierdoor geen bestuursbesluit kan worden genomen, wordt het besluit genomen door het bestuur onder schriftelijke vastlegging van de overwegingen die aan het besluit ten grondslag liggen. 7. Mocht bij de stemming over een benoeming geen meerderheid voor een bepaalde kandidaat worden verkregen, dan vindt een herstemming plaats. Wordt ook dan geen meerderheid verkregen dan wordt bij een tussenstemming beslist, tussen welke personen zal worden herstemd. Staken de stemmen bij een tussenstemming of herstemming, dan beslist het lot. 8.

In alle andere gevallen waarin de stemmen staken, hetzij over personen, hetzij over zaken, wordt in dezelfde vergadering een herstemming gehouden. Staken de stemmen dan wederom, dan wordt het voorstel verdaagd tot de eerstvolgende vergadering. Staken de stemmen ook dan, dan wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. 9. Het ter vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, althans voorzover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van bedoeld oordeel de juistheid daarvan betwist dan moet een nieuwe stemming worden gehouden, indien de meerderheid der vergadering zulks verlangt. Werd niet hoofdelijk gestemd dan moet eveneens een nieuwe stemming worden gehouden, zodra een stemgerechtigde aanwezige zulks verlangt. Door de nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming. 10. Van het ter vergadering verhandelde en beslotene worden door de secretaris of door een door de voorzitter aangewezen andere persoon notulen opgemaakt. De notulen worden bij besluit van het bestuur vastgesteld en worden ondertekend door de voorzitter

en de notulist van de vergadering waarin die vaststelling plaats vindt. 11. Ieder lid van het bestuur heeft recht op een kopie van de ondertekende notulen. BESLUITVORMING BUITEN VERGADERING. Artikel 8. De bestuurders kunnen ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen. In dat geval komt een besluit tot stand, zodra alle bestuurders schriftelijk hun stem hebben uitgebracht en het voorstel met algemene stemmen is aangenomen. Ook een aldus genomen besluit is een besluit van het bestuur. ELEKTRONISCH DEELNEMEN AAN VERGADERING. Artikel 9. 1. Iedere bestuurder is bevoegd om, in persoon of bij een schriftelijk gevolmachtigde, door middel van een elektronisch communicatiemiddel aan de bestuursvergadering deel te nemen, indien bij de oproeping tot een bestuursvergadering de mogelijkheid daartoe heeft geopend. 2. Voor de toepassing van lid 1 is vereist dat de bestuurder via het elektronische communicatiemiddel kan worden geïdentificeerd en rechtstreeks kan kennisnemen van de verhandelingen ter vergadering. 3. Bij de oproeping tot de vergadering kunnen voorwaarden worden gesteld aan het gebruik van het elektronische communicatiemiddel. VERTEGENWOORDIGING. Artikel 10. 1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting, voor zover uit de wet niet anders voortvloeit. 2.

De bevoegdheid tot vertegenwoordiging komt bovendien toe aan de voorzitter, de secretaris en de penningmeester, met dien verstande dat alsdan steeds ten minste twee van hen gezamenlijk namens de stichting moeten handelen. 3. Namens de stichting kunnen geen overeenkomsten worden aangegaan tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, noch overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor de schuld van een derde verbindt. FINANCIEEL EN ADMINISTRATIEF BEHEER. Artikel 11. 1. Het bestuur zorgt ervoor dat een zodanige administratie en boekhouding wordt bijgehouden dat daaruit te allen tijde de rechten en de verplichtingen van de stichting kenbaar zijn. 2. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar. 3. Het bestuur zorgt er voor dat jaarlijks binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar een jaarrekening van de stichting wordt opgemaakt en aan het bestuur ter vaststelling wordt voorgelegd. De jaarrekening bestaat uit een balans, een staat van baten en lasten en een toelichting. 4. De jaarrekening wordt besproken in een vergadering van het bestuur, welke uiterlijk binnen zes maanden na afloop van het boekjaar wordt gehouden. In die vergadering wordt de jaarrekening bij besluit van het bestuur, al dan niet gewijzigd, vastgesteld.

Na de vaststelling wordt de jaarrekening door alle bestuurders ondertekend. Ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner dan wordt daarvan onder de jaarrekening met opgave van reden melding gemaakt. 5. De secretaris doet de jaarrekening vergezeld gaan van een jaarverslag, waarin de belangrijkste activiteiten en ontwikkelingen van de stichting worden weergegeven. Het jaarverslag wordt bij de bespreking van de jaarrekening betrokken. 6. Het bestuur zorgt ervoor dat de administratie, de boekhouding en de jaarstukken van elk boekjaar ten minste zeven jaren lang worden bewaard. STATUTENWIJZIGING. Artikel 12. 1. Het bestuur is bevoegd te besluiten tot statutenwijziging. Het besluit kan slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste twee/derde van de bestuursleden

aanwezig of vertegenwoordigd is. 2. Is op de vergadering als bedoeld in het vorige lid niet ten minste twee/derde van de bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd dan is het bepaalde in artikel 6 lid 5 van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het besluit ook dan slechts met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen kan worden genomen. 3. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen. Elke bestuurder is bevoegd de akte te doen verlijden. 4. Het bestuur zorgt ervoor dat een authentiek afschrift van de akte van wijziging, alsmede de gewijzigde statuten, worden neergelegd in het handelsregister waar de stichting is ingeschreven. ONTBINDING. Artikel 13. 1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Het besluit tot ontbinding kan slechts worden genomen met inachtneming van dezelfde vereisten als gelden voor een besluit tot statutenwijziging. 2. Bij het besluit wordt uitdrukkelijk het tijdstip bepaald waarop de stichting wordt ontbonden. 3. Het bestuur bepaalt tevens de bestemming van een eventueel na vereffening blijkend overschot van het vermogen van de stichting. Die bestemming moet zoveel mogelijk overeenkomen met het doel van de stichting. 4. Zijn op het tijdstip van ontbinding geen baten meer aanwezig, dan houdt de stichting op dat tijdstip op te bestaan. 5.

Buiten het geval bedoeld in het vorige lid blijft de stichting na haar ontbinding voortbestaan, voorzover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Zij houdt alsdan op te bestaan op het tijdstip waarop de vereffening eindigt. 6. Zolang de stichting na ontbinding voortbestaat, moet in stukken en aankondigingen die van haar uitgaan aan haar naam worden toegevoegd: "in liquidatie". 7. Is de stichting ontbonden ingevolge een besluit van het bestuur dan treden de bestuurders als vereffenaars op, voorzover het bestuur bij zijn besluit niet anders heeft bepaald. 8. Het bestuur, respectievelijk, in geval van vereffening, de vereffenaars, zorgt/zorgen ervoor dat van de ontbinding en van het einde van het bestaan van de stichting opgaaf ter inschrijving in het handelsregister wordt gedaan. 9. Op de vereffenaars zijn de wettelijke en statutaire bepalingen omtrent de benoeming, de bezoldiging, de schorsing, het ontslag van en het toezicht op bestuurders van overeenkomstige toepassing. 10. Een vereffenaar heeft dezelfde bevoegdheden en plichten als een bestuurder, voorzover deze verenigbaar zijn met zijn taak als vereffenaar. 11.

Blijkt aan de vereffenaars dat de schulden van de stichting de baten vermoedelijk zullen overtreffen, dan zijn zij verplicht aangifte tot faillietverklaring van de stichting te doen, tenzij alle schuldeisers desgevraagd instemmen met voortzetting van de vereffening buiten faillissement. 12. Hetgeen na de voldoening van de schuldeisers van het vermogen van de stichting is overgebleven, dragen de vereffenaars, na inachtneming van het in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde omtrent het opstellen en publiceren van een rekening en verantwoording en een eventueel plan van uitkering, over aan degene(n) die daarop krachtens de door het bestuur bepaalde bestemming recht heeft/hebben. 13. Na afloop van de vereffening worden de boekhouding en de administratie van de ontbonden stichting gedurende tenminste zeven jaar bewaard door de persoon die daartoe door het bestuur is aangewezen. SLOTBEPALING. Artikel 14. 1. Het bestuur kan een of meer reglementen betreffende de interne gang van zaken binnen de stichting vaststellen. De bepalingen van een reglement mogen niet in strijd zijn met

de statuten of met de wet. 2. In alle gevallen, waarin door de statuten of reglementen van de stichting niet wordt voorzien, beslist het bestuur. SLOTVERKLARINGEN. Tot slot verklaarden de comparanten: 1. dat het eerste bestuur van de stichting zal bestaan uit drie (3) leden en dat thans tot eerste bestuurders worden benoemd: voorzitter: Esther Elisabeth Christina Ceelen, voornoemd; secretaris: Cornelis Alphonsus Waltherus Baijens, voornoemd; penningmeester: Peter Reindert Zwaan voornoemd; 2. dat het eerste boekjaar van de stichting heden aanvangt en zal eindigen op eenendertig december tweeduizend vijfentwintig(31-12-2025). SLOT. De comparanten zijn mij, notaris, bekend en de identiteit van de bij deze akte betrokken comparanten is door mij, notaris, aan de hand van de daartoe bestemde documenten vastgesteld. WAARVAN AKTE in minuut is verleden te Nijmegen op de datum als in het hoofd van deze akte vermeld. Na zakelijke opgave van de inhoud van deze akte en een toelichting daarop door mij notaris aan de comparanten hebben dezen verklaard van de inhoud tijdig tevoren te hebben kennisgenomen en op volledige voorlezing geen prijs te stellen. Vervolgens is deze akte beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna door de comparanten en mij, notaris ondertekend. Volgt ondertekening.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=d3546e6d-166e-4853-b06f-aa8624b784c1