Notitie Bouwstenen voor een sterke sociale basis
Tekst van het document
Notitie Bouwstenen voor een sterke sociale basis - gemeente Nijmegen 22 oktober 2020
1. Inleiding 1.1. Aanleiding en vraag De aanleiding voor deze notitie is dat de gemeente Nijmegen de ondersteuning voor iedereen die zich inzet binnen de sociale basis, bewuster wil inrichten. Het ontbreekt momenteel nog aan een eenduidige inhoudelijke visie op de sterke sociale basis. Daarbij staat de gemeente, net als vele andere gemeenten, voor een opgave in het sociaal domein. De sociale basis is immers een belangrijk onderdeel van de bredere stelselherziening in het sociaal domein. Aan bijbehorende interventies wordt door de gemeente momenteel hard gewerkt. De gemeente Nijmegen werkt niet alleen aan de sterke sociale basis; zij doet dit zoveel mogelijk samen met alle betrokken inwoners, informele en formele partijen. De sociale basis kent een groot aantal actieve vrijwilligers(organisaties), ervaringsdeskundigen en lotgenoten die een rijk scala aan activiteiten en diensten aanbieden. De gemeente Nijmegen heeft daarom TwynstraGudde gevraagd om ondersteuning bij het formuleren van gezamenlijke bouwstenen, als fundament voor de uiteindelijke visie op de sterke sociale basis. Deze bouwstenen moeten helpen om een afwegingskader te formuleren voor de ondersteuning in de sociale basis. Het kader moet mogelijkheden bieden voor een gebiedsgerichte inkleuring en afweging, en voor subsidieverlening op de gebieden welzijn (Wmo), inwonersparticipatie, gezondheid, sport en diversiteit.
Veerkrachtig en inclusief De gemeente Nijmegen vindt het belangrijk dat inwoners optimaal zelfredzaam zijn. Inwoners moeten lekker in hun vel kunnen zitten en, ondanks beperkingen, hun talenten kunnen ontwikkelen en mee kunnen doen op alle leefdomeinen. Daarvoor ondersteunt de gemeente een overzichtelijk en toegankelijk geheel aan activiteiten en voorzieningen dat bijdraagt aan het welzijn en de gezondheid van inwoners. Dit geheel vormt de sociale basis. Een sterke sociale basis die het fundament vormt van de veerkrachtige en inclusieve stad Nijmegen.
De gemeente Nijmegen heeft nadrukkelijk gevraagd om tot deze bouwstenen te komen middels een participatief, bottom-up proces waarin de verschillende betrokkenen in de sociale basis meedenken en meewerken. In deze notitie zijn de uitkomsten van dit proces, de bouwstenen voor de nieuwe visie, uitgewerkt en opgenomen. 1.2. Aanpak De wens voor een participatief, bottom-up proces is het uitgangspunt voor de gehanteerde aanpak. De bouwstenen zijn geformuleerd op basis van de input van het brede scala aan betrokkenen binnen de sociale basis in Nijmegen. Hierbij is nadrukkelijk uitgegaan van de sociale basis die er al ís.
1 / 11
Aan de betrokkenen is steeds de vraag voorgelegd: wat is volgens jou belangrijk voor een sterke sociale basis? Wat gaat er nu goed? En wat kan er nog beter? Hierbij is steeds verder voortgebouwd op de input die we ontvingen. Aan de hand van al die gesprekken en werksessies zijn de bouwstenen voor de sterke sociale basis in Nijmegen geformuleerd. Zoals gezegd is de invulling van die bouwstenen gebaseerd op input van betrokkenen. Hiervoor hebben wij de volgende stappen ondernomen: - Stadsgesprekken (5 dialogen met in totaal ruim 65 deelnemers) - Interviews met medewerkers en bestuurders van de gemeente Nijmegen (21 deelnemers) - Interviews met andere gemeenten (5 interviews) - Spiegelsessies met medewerkers van de gemeente Nijmegen (2 sessies) - Werksessie met bestuurders (1 sessie) In deze sessies, die door omstandigheden grotendeels online hebben plaatsgevonden, is steeds gevraagd naar: waar zie je dat het goed gaat? Waar kan het juist nog beter? Daarbinnen is aandacht besteed aan de verschillende onderwerpen zoals een brede of een smalle benadering, subsidietechnieken, een gebiedsgerichte benadering, meetbare effecten en de samenwerking met andere beleidsdomeinen.
Dit interactieve proces en deze notitie zijn gerealiseerd in nauwe samenwerking en afstemming met de begeleidingscommissie van de gemeente Nijmegen, bestaande uit: Cilia ten Den, Anja Maas, Niek Janssen en Elza Harthoorn. 1.3. Notitie De bouwstenen voor de visie op een sterke sociale basis bestaan uit onderstaande onderdelen: - Visie op de beoogde effecten: wat beoogt te gemeente Nijmegen te bereiken binnen de sociale basis? En voor wie? - Uitgangspunten voor de ontwikkeling van de sterke sociale basis: welke uitgangspunten in beleid en ondersteuning helpen om de (gewenste) sterke sociale basis verder te ontwikkelen? - Sturingsprincipes voor ondersteuning: welke instrumenten en kaders voor de ondersteuning en subsidiering helpen ons om de (gewenste) sterke sociale basis te realiseren? De bouwstenen zijn uitgewerkt in de paragrafen 2, 3 en 4 van deze notitie. Binnen de bouwstenen wordt (impliciet) aandacht besteed aan de gevraagde onderwerpen, zoals brede of smalle benadering, subsidietechnieken, een gebiedsgerichte benadering, meetbare effecten en samenwerking met andere beleidsdomeinen. Het is goed om hierbij te vermelden dat deze notitie vooral ingaat op de ontwikkelpunten. In de verschillende gesprekken en sessies kwam echter nadrukkelijk naar voren dat veel al goed gaat. Men is trots op de sociale basis in Nijmegen die er al is.
Hoe betrokken men is, blijkt uit het grote aanbod en uit de hoge opkomst bij alle stadsgesprekken.
2 / 11
2. Visie Een visie helpt om met iedereen die betrokken is bij de sociale basis gezamenlijk aan hetzelfde te werken. Een visie geeft invulling aan de beoogde effecten van de sociale basis en inzicht in “waar doen we het voor en voor wie?” 2.1. Brede of smalle benadering Uit een rondgang onder andere gemeenten in Nederland, die net als Nijmegen voor een herziening van de sociale basis stonden, kan worden opgemaakt dat er binnen die sociale basis verschillende effecten worden nagestreefd. Deze kunnen worden ingedeeld in ruim, smal of een combinatie van beide. Bij de ‘brede benadering’ is de sociale basis een doel op zich, van belang voor alle mensen en de samenleving. De sociale basis wordt bij de ‘smalle benadering’ gezien als middel om andere doelen te realiseren, zoals het voorkomen van het gebruik van maatwerkvoorzieningen. De ‘smalle benadering’ gaat ervan uit dat de inwoners voor een groot deel zelf zorgdragen voor een sterke sociale basis. Daarom ligt de nadruk op de ondersteuning van kwetsbare groepen, zonder of een onvoldoende eigen sociaal vangnet.
De brede benadering – volgens Movisie De nadruk ligt hierbij op betekenisvolle relaties tussen inwoners onderling en tussen inwoners, professionals, beleidsmakers en bestuurders. De kern van dit brede type zijn de inwoners en hun mogelijkheden, talenten, behoeften en vragen. Of zoals een van de geïnterviewden zegt: “De kern van de sociale basis zijn de inwoners, hun sociale verbanden en lokale ondernemers. Zij zijn de makers van hun eigen leven, van de omgeving waarin ze leven en werken en de gemeenschap waar ze deel van uitmaken. Dit zou bij de sociale basis altijd het vertrekpunt moeten zijn.” De sociale
De gemeente Nijmegen streeft in eerste instantie naar een sociale basis die er is voor iedereen, ofwel een ‘brede benadering’. Vanuit dit idee zet Nijmegen in op bijvoorbeeld sterke en veerkrachtige wijken. Hieronder ligt de overtuiging dat als mensen zich verbonden voelen, ergens bij horen en een prettige basis hebben, dat goed is voor iedereen. Daarnaast streeft Nijmegen naar extra inzet waar dat nodig is (‘smalle benadering’) zodat iedereen bij wie het niet vanzelf gaat, ook mee kan doen. Hierna volgt een verdere uitleg van deze benadering.
basis is hier een doel op zich en geen middel om bepaalde problemen aan te pakken. Al kan dit belangrijke bijvangst zijn.
2.2. Visie sterke sociale basis in Nijmegen “We willen dat onze inwoners optimaal zelfredzaam zijn, lekker in hun vel kunnen zitten, (en ondanks beperkingen) hun talenten kunnen ontwikkelen en kunnen meedoen op alle leefdomeinen. Een sterke sociale basis draagt primair bij aan levensgeluk.”1 De sterke sociale basis in Nijmegen is er voor iedereen. De basisvoorzieningen richten zich op ontmoeting, participatie en toegankelijke ondersteuning voor alle inwoners. Het streven is dat alle inwoners
zoveel mogelijk kunnen meedoen.
1
Adviesopdracht Gemeente Nijmegen – november 2019
3 / 11
Er wordt ingezet op inclusie, sociale cohesie, maatschappelijke participatie en het vergroten van veerkracht van alle inwoners. Immers, als mensen zich verbonden voelen, ergens bij horen en een prettige basis hebben dan is dat goed voor iedereen. Met een sterke sociale basis in Nijmegen lukt het de meeste mensen om een prima leven te leiden, goed voor zichzelf en anderen te zorgen en ook de hobbels in het leven op te lossen of zelfs (verergering van problemen) te voorkomen. De gemeente Nijmegen richt zich dus in de sociale basis op alle inwoners. Maar waar het individuele of groepen inwoners niet vanzelf lukt om mee te doen, helpt de gemeente met een extra duwtje in de rug of een helpende hand. Dit doet ze door het stimuleren van participatie en acceptatie van doelgroepen en door inclusieve activiteiten. Het streven is om mensen met een beperking zo normaal mogelijk mee te laten doen (normaliseren). Met normaliseren wordt bedoeld dat kwetsbare inwoners niet onnodig geproblematiseerd of geëtiketteerd worden. Ofwel, dat iedereen een eigen plek heeft in de sociale basis. De gemeente Nijmegen zorgt daarom voor toegankelijke activiteiten en dagbesteding, en stimuleert informele hulp en ondersteuning dichtbij. Waar nodig zet de gemeente dus in op specifieke groepen om zo de toegang tot voorzieningen, diensten en relaties in de sociale basis te verbeteren.
Dit betekent dat de toegankelijkheid en de bereikbaarheid van de sterke sociale basis expliciete inzet vraagt en dat er zonodig specifieke voorzieningen worden aangeboden voor bepaalde doelgroepen.
De smalle benadering – volgens Movisie De smalle, sociale basis wordt gezien als een middel om bepaalde doelgroepen te bereiken en problemen aan te pakken. Een sterke sociale basis is nodig zodat de eerste en de tweede lijn mensen kunnen doorverwijzen en kunnen verbinden aan netwerken, activiteiten en voorzieningen in de basis en daarmee (duurdere) zorg kunnen voorkomen. De sociale basis is zo een middel om kwetsbare inwoners te ondersteunen en te versterken. Een gemeente stuurt bijvoorbeeld op de aanwezigheid van voorzieningen en initiatieven. Of er sprake is van een sterke sociale basis bepaalt een gemeente onder meer op basis van bereikbaarheid en toegankelijkheid van voorzieningen, aantallen deelnemers en afname van problemen.
4 / 11
Waardenkaart stadsgesprekken Gedurende de online dialogen die we voerden met betrokken inwoners en professionals vroegen we deelnemers naar wat zij in essentie het meest belangrijk vinden. Welke waarden moeten centraal staan in de sociale basis? Hieronder is een visualisatie opgenomen van de meestgenoemde waarden en zinsneden.
5 / 11
3. Uitgangspunten De input en de opbrengst uit de verschillende interviews, gesprekken en werksessies hebben geleid tot drie uitgangspunten voor de ontwikkeling van de sterke sociale basis in Nijmegen: goed opdrachtgeverschap, dicht bij de leefwereld van inwoners en integraal samenwerken op alle niveaus. De implementatie en realisatie van deze uitgangspunten helpen om de (gewenste) sterke sociale basis verder te ontwikkelen. 3.1. Goed opdrachtgeverschap Meer sturing op beoogde effecten Zowel medewerkers van de gemeente Nijmegen zelf als de verschillende organisaties en betrokkenen in de sociale basis vinden het belangrijk dat het opdrachtgeverschap verder wordt ontwikkeld. Goed opdrachtgeverschap draait volgens hen om scherpe(re) sturing op de beoogde effecten en visie door heldere stedelijke kaders te stellen met inhoudelijke, thema’s en door bijbehorende doelen te formuleren. Om de ambities voor de sterke sociale basis waar te kunnen maken, is het ten eerste dus belangrijk voor de betrokken welzijnspartijen en initiatieven in het veld om gezamenlijke, stedelijke kaders te hebben waaraan wordt gewerkt. Uit de verschillende gesprekken kan worden geconcludeerd dat deze kaders moeten voldoen aan de volgende drie voorwaarden. 1.
Bepalen en prioriteren van thema’s Betrokkenen zien het als de rol van de gemeente om (tot een bepaald niveau) stedelijke inhoudelijke thema’s en doelen te formuleren, waardoor een prioritering wordt bepaald. Deze inhoudelijke thema’s en doelen dienen als afwegingskader voor subsidiëring en ondersteuning. Uit de gesprekken blijkt dat de huidige kaders onvoldoende concreet zijn om op te kunnen sturen en/of prioriteiten te kunnen stellen om de beoogde effecten te realiseren. Dit vraagt van de gemeente om als goed opdrachtgever ook keuzes te durven maken. Een aantal medewerkers beschrijft: “We hebben heel veel doelen en we doen nog vrijwel alles, maar lopen tegen grenzen aan.” Het maken van keuzes komt in veel gesprekken aan bod: van “We zijn slecht in nee zeggen” tot “Er is soms sprake van institutiefinanciering.” 2. Integraal Het is belangrijk dat de kaders en de thema’s integraal worden geformuleerd en dat deze kaders de verschillende beleidsterreinen binnen de gemeente overstijgen. Dit voorkomt dat verschillende activiteiten en inspanningen in de sociale basis elkaar bijten. Immers: afzonderlijk goede projecten kunnen samen een geheel vormen dat niet goed werkt. Een van de medewerkers beschrijft: “Wij doen vanuit maatschappelijke ontwikkeling bijvoorbeeld van alles met sociale cohesie, maar andere beleidsafdelingen doen dat ook en ik heb daar eigenlijk geen goed zicht op.” 3.
Regelruimte in de uitvoering Goed opdrachtgeverschap met heldere kaders betekent ook dat deze niet té gedetailleerd moeten zijn en ruimte in de uitvoering moeten laten. Ruimte voor een gebiedsgerichte invulling en ruimte voor organisaties en activiteiten om te kunnen reageren op wat zij zien en ervaren in de praktijk. Regelmatig kwam in de stadsgesprekken ter sprake dat men knellende regels ervaart die de uitvoering van de activiteiten kunnen belemmeren, bijvoorbeeld de regels voor openingstijden en de consumptie bij de wijkcentra.
6 / 11
Beter inzicht in effecten en resultaten Effecten en resultaten in de sociale basis zijn soms lastig te meten of te kwantificeren. Hoe verkrijg je inzicht in verminderde eenzaamheid of het gevoel van meedoen in de maatschappij? In alle gesprekken blijkt dat er behoefte is om gezamenlijk te onderzoeken hoe er beter inzicht in de effecten en de resultaten kan worden verkregen, bij voorkeur ook op de langere termijn. Goed opdrachtgeverschap betekent daarom ook: zoeken naar nieuwe manieren van verantwoording. Betrokkenen in de sociale basis vinden het belangrijk om, naast kwantitatieve verantwoording, op kwalitatieve wijze de resultaten in kaart te brengen. Bijvoorbeeld door gesprekken te voeren met de gemeente en de verschillende partijen in de sociale basis. Gesprekken over waar effecten worden bereikt en waar dit minder goed lukt. Hierbij wordt gevraagd om aandacht voor het leren van elkaar en de gezamenlijkheid die veel vraagstukken kenmerkt, en om niet alleen te verantwoorden op bijvoorbeeld het aantal georganiseerde activiteiten in een jaar. Een van de deelnemers geeft aan: “Vaak zijn resultaten en effecten niet tot één interventie te herleiden.” En: “Wanneer gevraagd wordt om inzicht in outcome, moet niet uiteindelijk toch output centraal worden gesteld.” Organisaties vinden het belangrijk om het soort gesprekken dat voor dit participatietraject is gevoerd vaker te houden.
Gesprekken over verbeterpunten en de dingen die juist goed gaan dragen bij het goed laten aansluiten van het aanbod op de vraag en de behoeftes van inwoners. Verander met mate Tot slot werd regelmatig de oproep gedaan om geen grootse veranderingen door te voeren. Er is juist behoefte aan kleine interventies om goede ontwikkelingen te realiseren. Deelnemers beschrijven dat er behoefte is aan continuïteit, door bijvoorbeeld te stimuleren wat goed werkt en juist geen radicale of grootse veranderingen door te voeren. Goed opdrachtgeverschap betekent dus ook: veranderen met mate. 3.2. Dicht bij de leefwereld van inwoners De medewerkers van de gemeente Nijmegen vinden het belangrijk dat de sterke sociale basis zoveel mogelijk vanuit de leefwereld van de inwoners wordt georganiseerd. Hiermee wordt bedoeld: aansluiten bij de wensen en behoeftes van de inwoners én toegankelijk voor iedereen. Overzicht en verbinding aanbod Er is veel aanbod in de sociale basis in Nijmegen. In alle gesprekken komt naar voren dat dit leidt tot een gebrek aan overzicht, wat het ingewikkeld maakt om de weg te vinden naar (passende) activiteiten. Ook professionals hebben vaak onvoldoende in beeld waar zij iemand naar kunnen doorverwijzen. Er is daarom behoefte aan overzicht en verbinding in het aanbod.
Als voorbeeld noemt iemand: “Als je als inwoner kampt met financiële problemen, kennen we daarvoor heel veel regelingen en tegemoetkomingen. Regelmatig hebben deze inwoners echter ook te maken gezondheidsproblemen, maar daarvoor moeten ze dan weer ergens anders zijn. Dat kan verwarrend zijn voor inwoners en dat kunnen we beter met elkaar verbinden.” Het is van belang dat inwoners geen ‘last’ hebben van de rollen van waaruit professionals en vrijwilligers handelen, waardoor zij van het zogenaamde ‘kastje naar de muur’ worden gestuurd. Ook mogen de verschillende beleidsterreinen van waaruit activiteiten worden georganiseerd, geen onduidelijkheid scheppen. In Nijmegen ziet men dat dit nog niet altijd goed lukt. Veel deelnemers hechten dan ook waarde aan inzet vanuit de gemeente op verbinding, netwerken en bruggenbouwers tussen de verschillende activiteiten.
7 / 11
Drempels verlagen Nog niet alle inwoners die hulp en ondersteuning kunnen gebruiken komen bij de activiteiten in de sociale basis terecht. Er is vaak aangegeven dat de rol van vrijwilligers en inwoners heel belangrijk is om de toegankelijkheid van het aanbod laagdrempelig te houden. Het helpt om meer in te zetten op de ontmoeting tussen alle inwoners in stadsdelen of wijken, bijvoorbeeld in algemeen toegankelijke ruimtes en door aandacht te besteden aan sterke of kansrijke gemeenschappen. Een andere vorm om drempels te verlagen is het faciliteren van begeleiding en een warme overdracht naar activiteiten. Ook een nauwere samenwerking met bijvoorbeeld banken, huisartsen, kerken en woningcorporaties kan helpen om de drempel naar het aanbod te verlagen. Betrek inwoners nog meer In de gesprekken komt een oproep om (nog) meer inspraak voor inwoners naar voren. Deze oproep komt voort uit de observatie dat het huidige aanbod niet altijd aansluit op de vragen en behoeftes van inwoners. In algemene zin is de boodschap aan de gemeente om nog meer een rol in te nemen om ‘te faciliteren’ en in mindere mate ‘te regelen’ als het gaat om de uitvoering van de activiteiten. De wens is om nog meer samenwerking te creëren tussen inwoners en de gemeente, waardoor inwoners echt centraal komen te staan.
Bijvoorbeeld door meer gesprekken te voeren met inwoners over hun behoeftes in verhouding tot het bestaande aanbod. Op dit moment wordt er in Nijmegen geëxperimenteerd met gebiedssturing op het welzijnsaanbod. Dit gebeurt middels de stadsdeelagenda’s welzijn. Het werken met stadsdeelagenda’s heeft echter nog niet automatisch tot gevolg dat het welzijn daadwerkelijk dicht bij de inwoners wordt georganiseerd doordat deze niet met alle betrokkenen worden vormgegeven. Hier liggen kansen om inwoners sterker te betrekken bij het invullen en organiseren van het aanbod en de activiteiten. Experimenteerruimte Ook is het bieden van ruimte voor nieuwe voorzieningen met experimenteerruimte belangrijk om het aanbod dat goed aansluit bij de leefwereld van inwoners te verbeteren. In gesprekken blijkt dat medewerkers soms mooie initiatieven zien, maar dat het lastig is om hier subsidie voor te organiseren binnen de huidige kaders en regels, bijvoorbeeld voor een initiatief dat door vrijwilligers én professionals samen wordt uitgevoerd. Er is in algemene zin behoefte aan vrijere ruimte voor (nieuwe) initiatieven, zonder al te veel regels in de subsidiëring. Het is goed om hier aan toe te voegen dat het bieden van ruimte voor dergelijke voorzieningen niet betekent dat er vraag is naar veel nieuw aanbod. Zoals eerder genoemd, is het aanbod in Nijmegen erg groot.
Wel is het van belang dat er wordt ingezet op experimenten en vernieuwing en dus op de (nieuwe) voorzieningen die dat mogelijk maken. Beter zicht op de leefwereld In de sterke sociale basis is het belangrijk om zo goed mogelijk aan te sluiten bij de leefwereld en de behoeftes van inwoners. Het aanbod moeten worden afgestemd op de behoeftes in de verschillende wijken; dat kan dus verschillen per wijk (gebiedsgericht werken). Niet overal is immers hetzelfde nodig om de veerkracht te vergroten. Regelmatig komt naar voren dat er kansen liggen om meer inzicht te verkrijgen aan de hand van data en analyse. In de spiegelsessies die met medewerkers van de gemeente werden gehouden, wordt aangegeven dat veel data en kennis al aanwezig is maar dat die niet altijd worden gebruikt om een grondige analyse van een wijk of een specifiek, inhoudelijk vraagstuk te maken.
8 / 11
3.3. Integraal samenwerken op alle niveaus Gezamenlijk beleid Integrale samenwerking begint bij de gemeente Nijmegen zelf. Hiermee wordt bedoeld dat de verschillende doelen en ambities van de gemeente met elkaar in verbinding worden gebracht en uniformiteit uitstralen. Er liggen kansen om dit te verbeteren, vinden de medewerkers van de gemeente Nijmegen. “We moeten veel meer het gevoel creëren dat we er samen voor staan. Dit betekent dat we soms onze eigen werkwijze los moeten laten en vervolgens samen naar de doelen toe moeten werken”. Richting, ambitie en overzicht moeten vanuit de gemeente geboden worden, zodanig dat andere partijen daar gezamenlijk werk van kunnen maken. Zoals een van de deelnemers uit een werksessie beschrijft: “Integraliteit begint bij de gemeente, ik ervaar nu sturing vanuit zes domeinen.” Sturing op samenwerking In de gesprekken de en werksessies komt naar voren dat integrale samenwerking in de wijken en de stadsdelen om sturing vanuit de gemeente vraagt. Meer sturing kan bijvoorbeeld door het stimuleren van gezamenlijkheid als opdrachtgever, bijvoorbeeld door ketenverantwoordelijkheid te organiseren en door het formuleren van doelen op wijk- of stadsdeelniveau. Dit kan door de subsidiëring meer doelgebonden te formuleren en hier van verschillende organisaties en activiteiten commitment op te vragen.
Ook is aangegeven dat het belangrijk is om belemmeringen weg te nemen die de samenwerking tussen verschillende systemen bemoeilijken. Een van de deelnemers aan de werksessie met bestuurders geeft aan: “Het is goed om ook te sturen op de verbinding: het versterken en stimuleren van onderlinge samenwerking.” Binnen de gemeente zijn potentiële instrumenten in gebruik die de samenwerking in de uitvoering helpen bevorderen en nog verder zouden kunnen worden ontwikkeld. Dit zijn bijvoorbeeld instrumenten achter de Piëzo-methodiek en ‘Welzijn op Recept’. Daarnaast is sturing op samenwerking ook van belang voor de zogenaamde ‘paradox burgerkracht’. Hierbij worden veel initiatieven met goede bedoelingen opgezet terwijl ze niet altijd goed aansluiten op de behoefte van de inwoners. Hierdoor ontstaat volgens veel betrokkenen in de sociale basis soms overlap. Bij intensievere samenwerking worden organisaties, vrijwilligers en professionals gedwongen om de eigen activiteiten of opdracht af te bakenen; dit kan helpen om die overlap te voorkomen.
4. Sturingsinstrumenten In de verschillende gesprekken en werksessies zijn de uitgangspunten vertaald naar concrete sturingsinstrumenten. Deze helpen om keuzes te maken in de ondersteuning van de verschillende activiteiten in de sociale basis en om de gewenste sterke sociale basis te realiseren. Sturen op stedelijke thema’s Een belangrijke eerste stap om de sterke sociale basis verder te ontwikkelen is het bepalen van kaders door het formuleren van inhoudelijke stedelijke thema’s aan de hand van de visie op de sterke sociale basis. Betrokkenen in het sociaal domein vragen de gemeente als opdrachtgever om beoogde effecten te formuleren, prioriteiten te stellen en daar ook op te sturen. Het helpt om de huidige subsidiedoelen verder te vertalen naar inhoudelijke doelen zoals ‘zelfredzaamheid’ of ‘gezondheid’. Deze thema’s moeten de verschillende beleidsdomeinen en organisaties overstijgen en concreet genoeg zijn om als afwegingskader te dienen voor subsidiëring.
9 / 11
Tegelijkertijd moet er ruimte worden overgelaten aan de organisaties, vrijwilligers en inwoners om invulling te geven aan het ‘hoe’, de uitvoering en het realiseren van effecten op deze inhoudelijke thema’s. Dit vraagt soms ook om een andere ‘houding’ van de gemeente als opdrachtgever. Een van de deelnemers beschrijft: “De gemeente is soms weinig zakelijk in gesprekken over subsidiëring. Als ik met de zorgverzekeraar in gesprek ga, ben ik maar een kwart van mijn tijd kwijt terwijl het over veel grotere bedragen gaat.” Gebruik van data en analyse Door beter inzicht in de problematiek in de stad en de stadsdelen, kan er ook beter worden gestuurd op de stedelijke thema’s en de beoogde effecten. De meeste deelnemers vinden dat het gebruik van data en analyse ter ondersteuning hiervan beter kan worden benut en ontwikkeld. Er wordt hierbij regelmatig gerefereerd aan de ontwikkelingen op dit gebied in de zorg. Denk bijvoorbeeld aan het ontwerpen van dashboards die snel inzichtelijk maken hoe het ervoor staat met de zorgverlening. Andere vormen van verantwoording Er zijn verschillende suggesties gedaan voor nieuwe vormen van verantwoorden over subsidies. Duidelijk is dat er behoefte is om breder te kijken dan alleen de kwantitatieve resultaten van organisaties.
Meerdere keren wordt de wens uitgesproken om te kijken naar de kwalitatieve resultaten en effecten en in te zetten op continue leerontwikkeling. Bijvoorbeeld door gesprekken te voeren met de verschillende organisaties die werken aan hetzelfde thema en gezamenlijk na te gaan waar beoogde effecten worden bereikt en waar dit minder goed lukt. Kwalitatieve indicatoren uit de stads- en wijkmonitor kunnen ondersteuning bieden om het gesprek hierover te voeren. Daarbij suggereren verschillende deelnemers om toe te werken naar ketenverantwoording of verantwoording over de grenzen van organisaties heen (integrale verantwoording). Dit zou ook gedeeltelijk kunnen, bijvoorbeeld door te werken met een verantwoording op organisatieniveau én door te kijken naar de effecten op een specifiek thema van organisaties gezamenlijk. Ontwikkelen stadsdeelagenda Er is in Nijmegen draagvlak om de stadsdeelagenda verder te ontwikkelen naar een werkwijze waarbij de stadsdelen gezamenlijk invulling geven aan de uitvoering, inzet en activiteiten op de thema’s en de doelen die de gemeente heeft geformuleerd.
Het vormgeven van de stadsdeelagenda vergt procesbegeleiding en regie van de gemeente, die zorg moet dragen voor gelijkwaardigheid aan tafel, de inhoud leidend laten zijn, sturing op het goede gesprek maar ook inzicht in de problematiek in het stadsdeel (data) en sturing op overlap tussen verschillende activiteiten etc. Onderdeel van het vormgeven van de stadsdeelagenda kan zijn om dialogen met inwoners te houden. Hierdoor kunnen activiteiten nog beter en meer vanuit de leefwereld van de inwoners worden vormgegeven. Overige sturingsinstrumenten op samenwerking en verbinding In de vele gesprekken en werksessies blijkt dat samenwerking en verbinding om regie vanuit de gemeente vragen. Naast het ontwikkelen van de stadsdeelagenda, is ook regelmatig beschreven dat inzetten op sociaal makelaarschap, waarbij medewerkers van de gemeente zich expliciet inzetten op het verbinden van de verschillende activiteiten en inwoners in de wijk of het stadsdeel, hier een belangrijke bijdrage aan kan leveren. Dit geldt ook voor het faciliteren van netwerkbijeenkomsten en het mogelijk maken en stimuleren van de huisvesting van diverse activiteiten op één fysieke locatie.
10 / 11
Daarnaast zijn er hoge verwachtingen ten aanzien van de verdere implementatie van de Piëzo-methodiek, die een grote bijdrage kan leveren aan de verbinding tussen zorg- en welzijnsproblematiek. Ook is veelvuldig aangegeven dat een doorontwikkeling van de website www.wegwijzer024.nl een bijdrage kan leveren aan de vindbaarheid van de vele activiteiten. Daarnaast is regelmatig aan bod gekomen dat inzetten op begeleiding en een warme overdracht naar activiteiten voor kwetsbare inwoners, kan helpen om ervoor te zorgen dat nog meer inwoners, die hulp kunnen en willen gebruiken, die ook weten te vinden. En het helpt om ‘ontmoeting’ in de wijk te en laagdrempelige voorzieningen (te blijven) faciliteren. Organiseren van experimenteerruimte In de gesprekken blijkt dat medewerkers soms mooie initiatieven zien, maar dat het lastig is om hier subsidie voor te organiseren binnen de huidige kaders en regels. Gesuggereerd wordt dat het helpt om een 80/20-regeling te introduceren voor subsidies. Hierbij wordt 20% experimenteerruimte aangehouden voor initiatieven met potentie die echter vrije regelruimte nodig hebben om zich verder te kunnen ontwikkelen. Deze suggestie behoeft nog verdere uitwerking Bijlagen 1. Notitie Landelijke trends welzijn 2. Verslag stadsgesprekken voor een sterke sociale basis in Nijmegen
11 / 11