CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Nijmegen Waalfront - 5 Bijlage 5 toelichting Definitief besluit Hw-geluidhinder

Besluitronde (raadsvergadering) 28 april 2021, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Waalfront - 5 (Ulpia en Fabrica) (29/2021) (DEBATSTUK)6.026 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Postadres Gemeente Nijmegen PK40 Postbus 9105

Besluit hogere waarden Wet geluidhinder Bp Nijmegen Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica)

6500 HG Nijmegen Bezoekadres Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen T 14 024 nijmegen.nl

Datum

08-03-2021

Contactpersoon Wim Wigerink w.wigerink@nijmegen.nl T 024 – 329 92 97 Ons kenmerk SR30/HW2019186 Bijlage(n) Bijgevoegd: Ja

1.

INLEIDING

In de Wet geluidhinder (Wgh) en het Besluit geluidhinder (Bgh) worden grenzen gesteld aan de geluidsbelasting van woningen en andere geluidsgevoelige bestemmingen. Het gaat daarbij om de geluidsbelasting die wordt veroorzaakt door wegverkeer, railverkeer en industrieterreinen. Voor deze geluidsbronnen gelden verschillende voorkeurswaarden die alleen onder voorwaarden mogen worden overschreden. Geluidsbelastingen boven de voorkeurswaarden moeten met een besluit Hogere Waarden worden vastgelegd. Gemeente Nijmegen heeft in de Beleidsregels Hogere Waarden Wet geluidhinder vastgelegd onder welke voorwaarden zij geluidsbelastingen boven de voorkeurswaarden toestaat. Deze hogere waarden kunnen nooit hoger zijn dan de in de Wgh en het Bgh vastgelegde maximum.

Korte omschrijving van het plan: •

bestemmingsplan Nijmegen Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica) maakt de nieuwbouw van geluidgevoelige bestemmingen mogelijk binnen de geluidszones van diverse wegen. Het plangebied ligt ten zuiden van de Waal tussen de Spoorbrug en de Oversteek langs de Laan van Oost-Indië;

Dit besluit hogere waarde(n) behoort bij: •

bestemmingsplan Nijmegen Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica);

Dit besluit hogere waarde(n) heeft betrekking op: •

realisatie van geluidsgevoelige bestemmingen;

cumenten / sjab = Brief

Gemeente Nijmegen

Pagina 1 van 8

Voor dit plan wordt een besluit hogere waarde(n) genomen voor: •

woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen;

Gegevens akoestisch onderzoek (zie bijlage 2): • • • •

2.

titel rapport: Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Nijmegen Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica) datum rapport: 22 oktober 2020 rapportnummer/referentie: PRS 2019186 adviesbureau: Gemeente Nijmegen

OVERWEGINGEN

De Wet geluidhinder Dit besluit hogere waarde(n) wordt genomen op basis van artikel 110a, lid 1 van de Wet geluidhinder, het Besluit geluidhinder en de Beleidsregels Hogere Waarden Wet Geluidhinder: • artikel 82 Wgh, artikel 83 Wgh, artikel 85 Wgh, artikel 110a lid 5 en 6 Wgh, artike3Bgh, artikel 3.2 Bgh, (wegverkeerslawaai); • artikel 4.9 Bgh, artikel 4.10 Bgh, artikel 4.11 Bgh, artikel 4.12 Bgh, artikel 4.13 Bgh, artikel 4.14 Bgh, artikel 4.15 Bgh (railverkeerslawaai);

Beleidsregels Hogere Waarden Wet geluidhinder 2013 Het plan komt in aanmerking voor het vaststellen van hogere waarden omdat de woningen met een hogere geluidsbelasting bestaande bebouwing vervangen. Daarmee voldoet het plan aan artikel 3 lid 1 van de Beleidsregels hogere waarden Wet geluidhinder 2013. Er is nog geen stedenbouwkundig plan dus het plan kan niet worden getoetst aan de indelingseisen genoemd in artikel 4 van de beleidsregels. Deze zullen als voorwaarden worden verbonden aan dit besluit. • Geluidsbelastingen Uit akoestisch onderzoek blijkt dat de voorkeurswaarden voor weg- en railverkeerslawaai worden overschreden. De hoogste geluidsbelastingen per bron zijn: Geluidsbelasting in dB inclusief aftrek art. 110 Wgh (alleen wegverkeer) Geluidbron Voorkeurswaarde Maximale Berekende geluidsbelasting op waarde eerstelijns bebouwing Laan van Oost-Indië 48 63 58 Spoorlijn Nijmegen- Wonen: 55 Arnhem Overige 68 61 geluidgevoelige bestemmingen: 53

Gemeente Nijmegen

Pagina 2 van 8

Maatregelen die worden getroffen zijn: • •

de Laan van Oost-Indië zal worden voorzien van SMA NL5, een iets stiller wegdektype. Naast de Hezelpoort wordt nog gebouwd waardoor een deel van het spoorlawaai zal worden afgeschermd.

Maatregelen die niet worden getroffen zijn: •

In stedelijk gebied zijn geluidschermen niet wenselijk. Gezien de geplande bouwhoogte zijn ze ook niet effectief;

4.

ZIENSWIJZEN

Het ontwerpbesluit heeft van 17 december 2020 tot en met 27 januari 2021 ter inzage gelegen en is op de gebruikelijke wijze gepubliceerd. Er zijn geen zienswijzen ingediend.

5.

BESLUIT

Gelet op de Wet geluidhinder, het Besluit geluidhinder en de Beleidsregels Hogere Waarden Wet geluidhinder, de Algemene wet bestuursrecht en het bovenstaande besluiten wij tot het vaststellen van de volgende hogere waarden:

Geluidbron

Rekenpunt

Laan van Oost-Indië

02, 03, 05, 06, 07 13 14 15

Spoorlijn NijmegenArnhem

16 17 18

Hoogte in m boven lokaal maaiveld

Hogere waarde in dB

5

58

15

57

5

57

45

58

5

58

25

58

5

58

25

59

5

59

35

61

5

59

25

60

5

57

25

59

Gemeente Nijmegen

Pagina 3 van 8

Ligging rekenpunten

Gemeente Nijmegen

Pagina 4 van 8

Aan dit besluit zijn de volgende voorwaarden verbonden: Algemeen De hogere waarden worden vastgesteld voor geluidgevoelige bestemmingen in de eerstelijns bebouwing langs de geluidbronnen. De geluidbelasting bij de achterliggende geluidgevoelige bestemmingen moet voldoen aan de voorkeurswaarde voor de geluidbron (48 dB wegverkeer en 53/55 dB railverkeer).

Stedenbouwkundig plan Het nog uit te werken stedenbouwkundige plan moet voldoen aan de volgende voorwaarden: • De eerstelijns bebouwing langs de Laan van Oost-Indië moet de achterliggende geluidgevoelige bebouwing zo veel mogelijk afschermen; • Stedenbouwkundige plannen moeten akoestisch worden doorgerekend om de geluidsbelasting op de gevel opnieuw vast te stellen. Hiermee moet het geluid afschermende effect van de bebouwing worden aangetoond.

Woningen Voor de woningen waarvoor een hogere waarde wordt vastgesteld geldt dat: • de woning heeft ten minste één geluidsluwe zijde; • ten minste één buitenruimte van deze woning ligt aan de geluidsluwe zijde; • er minstens één slaapkamer aan de geluidsluwe zijde van de woning ligt als de geluidsbelasting van de woning groter is dan 53 dB wegverkeer;

Afwijken van de bovenstaande voorwaarden Afwijken van de bovenstaande voorwaarden is alleen mogelijk op basis van een door de initiatiefnemer ingediende, duidelijke en toereikende motivering. In de motivering moet ten minste worden uitgelegd waarom niet aan de voorwaarden kan worden voldaan. Ook moet worden aangegeven welke alternatieven zijn overwogen om toch voldoende bescherming tegen het verkeerslawaai te beiden.

Gemeente Nijmegen

Pagina 5 van 8

De volgende onderdelen maken onderdeel uit van dit besluit: • •

bijlage 1: Beroep en voorlopige voorziening bijlage 2: Akoestisch onderzoek bestemmingplan Nijmegen Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica) d.d. 22 oktober 2020, PRS 2019186

college van Burgemeester en Wethouders van Nijmegen, namens dezen,

Erik ten Have Bureauhoofd Ruimtelijke Planvorming

Gemeente Nijmegen

Pagina 6 van 8

Bijlage 1: Beroep en voorlopige voorziening Dit besluit wordt bekend gemaakt door: Ter inzage legging bij de Informatiebalie in de Stadswinkel aan de Mariënburg 30 te Nijmegen; Publicatie van de kennisgeving op de landelijke website https://zoek.officielebekendmakingen.nl Gedurende zes weken na de dag waarop het besluit ter inzage is gelegd kan beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State worden ingesteld door: Degenen die zienswijzen hebben ingebracht tegen het ontwerpbesluit; De adviseurs die gebruik hebben gemaakt van de gelegenheid advies uit te brengen over het ontwerpbesluit; Degenen die bedenkingen hebben tegen wijzigingen die bij het nemen van de beschikking ten opzichte van het ontwerpbesluit zijn aangebracht; Belanghebbenden aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten geen zienswijzen te hebben ingebracht tegen het ontwerpbesluit. Het beroepschrift moet in tweevoud worden gezonden aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA 's-Gravenhage. Het besluit wordt na afloop van de beroepstermijn van kracht tenzij voor deze datum beroep is ingesteld en een verzoek om voorlopige voorziening is gedaan. Het verzoek moet worden gericht aan de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In dat geval wordt het besluit niet van kracht voordat op het verzoek is beslist.

Voor het indienen van een beroepschrift en/of een verzoek om voorlopige voorziening zijn griffierechten verschuldigd.

Gemeente Nijmegen

Pagina 7 van 8

Bijlage 2: Akoestisch onderzoek Het akoestisch onderzoek is apart bijgevoegd.

Gemeente Nijmegen

Pagina 8 van 8

Bijlage 2

Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Nijmegen Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica)

Opgesteld door : Datum : Kenmerk :

Wim Wigerink, gemeente Nijmegen 22 oktober 2020 PRS 2019186

Inhoudsopgave 1 2 2.1 2.2 3 3.1 3.2 4 4.1 4.2 4.3 5 5.1 5.2 5.3 6 7

Inleiding Wetgeving en gemeentelijk Wet geluidhinder Gemeentelijk beleid Beschrijving van de situatie Doel onderzoek Bronbeschrijving Uitgangspunten voor het akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Nijmegen Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica) Wegverkeer Spoor Resultaten Weg- en railverkeer Beoordeling van de onderzoeksresultaten Maatregelen om de geluidsbelasting te verlagen Toetsing aan de Wet geluidhinder en beleid Conclusie

Figuren: 1. 2. 3. 4.

Plankaart Rekenpunten, bouwvlakken en geluidbronnen Geluidbelasting 3D presentatie rekenmodel

Bijlagen: 1. 2. 3.

Akoestische begrippen Reken- en meetvoorschrift 2012 Invoergegeven rekenmodel

4 5 5 6 8 8 8 10 10 10 10 11 11 13 13 14 14

1 Inleiding Het plangebied Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica) is de vijfde fase van de herontwikkeling van het Waalfront in Nijmegen. Deze locatie ligt binnen de bebouwde kom van Nijmegen, aan de westzijde van het stadscentrum. Het plangebied ligt tussen de Laan van Oost-Indië aan de zuidzijde en de Waal aan de noordzijde. Het plangebied is hieronder weergegeven.

Dit plan maakt onder andere 1000 woningen mogelijk. Het plangebied ligt binnen de geluidszone van de Laan van Oost-Indïe. Daarom is de akoestische situatie onderzocht en zijn de resultaten vastgelegd in dit rapport. In dit rapport wordt het wettelijke kader en het gemeentelijke geluidsbeleid toegelicht. Vervolgens worden de onderzochte situaties en de gevolgde onderzoeksmethode(n) beschreven. De onderzoeksresultaten worden aan de hand van de Wet geluidhinder en het gemeentelijke geluidsbeleid besproken. Het rapport eindigt met een conclusie. Dit rapport is opgesteld door bureau Ruimtelijke Planvorming van de gemeente Nijmegen.

2 Wetgeving en gemeentelijk 2.1 Wet geluidhinder Algemeen Op 16 februari 1979 is de Wet geluidhinder van kracht geworden. Deze wet heeft tot doel om geluidhinder veroorzaakt door wegverkeer, railverkeer en industrieterreinen te beperken door: • te voorkomen dat geluidhinder ontstaat; • bestaande geluidsoverlast te bestrijden. Burgemeester en Wethouders zijn verplicht om bij het vaststellen of herzien van bestemmingsplannen onderzoek in te stellen naar: • de geluidsbelasting van woningen en andere geluidsgevoelige objecten; • de mogelijkheden om de geluidsbelasting te beperken. Als een wegbeheerder wijzigingen wil aanbrengen aan een (spoor)weg dan is deze verplicht om onderzoek in te stellen naar: • de toename van de geluidsbelasting van bestaande woningen en geluidsgevoelige objecten; • de mogelijkheden om een eventuele toename van de geluidsbelasting ongedaan te maken.

Lden De geluidsniveaus van de dag-, avond- en nachtperiode worden in één getal weergegeven. Deze waarde noemt men de Lden (day-evening-night). De Lden (in dB) is het gemiddelde van de volgende drie geluidsniveaus: • het equivalente geluidsniveau tussen 07.00-19.00 uur (dagperiode); • het equivalente geluidsniveau tussen 19.00-23.00 uur + 5 dB (avondperiode); • het equivalente geluidsniveau tussen 23.00-07.00 uur + 10 dB (nachtperiode).

Streefwaarden Op gevels van woningen word voor wegverkeerslawaai een hoogst toelaatbare geluidsbelasting (ook wel voorkeurswaarde genoemd) van 48 dB Lden gehanteerd. Voor railverkeerslawaai geldt een voorkeurswaarde van 55 dB voor woningen en 53 dB voor andere geluidsgevoelige bebouwing. Bij waarden op of onder de voorkeurswaarde is er over het algemeen sprake van een goed akoestisch klimaat.

Zones Volgens de Wet geluidhinder heeft iedere geluidsbron een eigen zone. Een zone is het akoestische aandachtsgebied en ligt altijd aan weerszijden van een (spoor)weg. Voor wegen is de zonebreedte vastgelegd in de Wet geluidhinder. De zone langs een spoorlijn ligt vast in de sporenkaart. De voorkeurswaarden gelden alleen in de bovengenoemde zones. In bijlage 1 is een lijst met de belangrijkste akoestische begrippen opgenomen.

Wegverkeer In de Wet geluidhinder zijn regels opgenomen om geluidhinder veroorzaakt door wegverkeer te beperken. De wet onderscheidt bestaande en nieuwe situaties. Bij bestaande en geprojecteerde woningen (in een vóór 1 januari 1982 vastgesteld bestemmingsplan) is er sprake van en bestaande situatie. Bij bestaande situaties zijn er over het algemeen minder mogelijkheden om geluidhinder te beperken.

Nieuwe woningen Volgens de Wet geluidhinder geldt voor alle nieuw te bouwen geluidsgevoelige bestemmingen een voorkeurswaarde van 48 dB. Als deze waarde wordt overschreden kan de gemeente onder voorwaarden een hogere waarde vaststellen. Deze hogere waarde is aan in de Wet geluidhinder opgenomen plafonds gebonden (ook omschreven als maximaal toegestane geluidsbelasting). Voor woningen geldt een maximaal toegestane geluidsbelasting van 63 dB. De voorkeurswaarde mag worden overschreden als geluidsbeperkende maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn dan wel dat deze voorzieningen om stedenbouwkundige, verkeerskundige, landschappelijke of om financiële redenen niet wenselijk zijn. Daarnaast moet worden voldaan aan het gemeentelijke beleid.

Railverkeer In de Wet geluidhinder zijn regels opgenomen om geluidhinder veroorzaakt door railverkeer te beperken. De Wet geluidhinder beperkt zich tot de spoorwegen die in de sporenkaart zijn opgenomen.

Nieuwe woningen Volgens de Wet geluidhinder geldt voor nieuw te bouwen woningen een voorkeurswaarde van 55 dB. Als deze voorkeurswaarde wordt overschreden kan de gemeente onder voorwaarden een hogere waarde vaststellen. Deze hogere waarde is aan in de Wet geluidhinder opgenomen plafonds gebonden (ook omschreven als maximaal toegestane geluidsbelasting). Voor woningen geldt een maximaal toegestane geluidsbelasting van 68 dB. De voorkeurswaarde mag worden overschreden als geluidsbeperkende maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn dan wel dat deze voorzieningen om stedenbouwkundige, vervoerskundige, landschappelijke of om financiële redenen niet wenselijk zijn. Daarnaast moet worden voldaan aan het gemeentelijke beleid.

2.2 Gemeentelijk beleid Beleidsregels Hogere Waarden Wet geluidhinder 2013 In de “Beleidsregels Hogere Waarden Wet Geluidhinder 2013” is omschreven onder welke voorwaarden een hogere waarde vastgesteld kan worden. De hoofdlijnen van dit beleid worden hierna beschreven. Een hogere waarde procedure voor woningen kan alleen worden gestart indien ten minste aan één van de volgende criteria wordt voldaan: 1. De woning vervangt bestaande bebouwing; 2. De woning schermt bestaande of nieuw te bouwen geluidgevoelige bestemmingen doelmatig af (in aantal ten minste de helft van het aantal woningen waaraan de afschermende functie wordt toegekend;

3. 4. 5.

De woning vult een open plaats op tussen de bestaande bebouwing; De woning is een bedrijfswoning; De woning ligt in binnen een straal van 500 m vanaf een OV knooppunt;

Voor een nieuw te bouwen woning zal alleen een hogere waarde worden vastgesteld als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: 1. De woning heeft ten minste één geluidsluwe zijde; 2. Ten minste één buitenruimte van deze woning ligt aan de geluidsluwe zijde; 3. Als de geluidsbelasting van de woning groter is dan 53 dB wegverkeer en/of 58 dB railverkeer, dan ligt ten minste één slaapkamer aan de geluidsluwe zijde.

3 Beschrijving van de situatie 3.1 Doel onderzoek In het plangebied Nijmegen Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica) maakt nieuwe geluidgevoelige bestemmingen mogelijk. Het gebied ligt binnen de geluidszone van de Laan van Oost Indië. De Wet geluidhinder schrijft voor dat akoestisch onderzoek moet worden gedaan naar de geluidsbelasting van de nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen binnen geluidszones. De resultaten worden getoetst aan de normen van de Wet geluidhinder en het gemeentelijke geluidbeleid. Uit dit onderzoek zal ook blijken of er hogere waarden besluit nodig is.

3.2 Bronbeschrijving Het plangebied ligt binnen de geluidszones van de volgende wegen:

Laan van Oost-Indië De Laan van Oost Indië zal worden doorgetrokken naar de Weurtseweg en zal de hoofdverbinding vormen . De maximum snelheid bedraagt 50 km/h en de weg zal worden voorzien van stiller asfalt (SMA NL5). De zonebreedte van deze weg bedraagt 200 m.

Overige wegen Alle overige relevante wegen in en rond het plangebied zijn 30 km wegen met een lage verkeersintensiteit.

Spoorlijn Nijmegen-Arnhem Het plangebied ligt binnen de geluidzone van de spoorlijn Nijmegen-Arnhem. Op referentiepunt 15145 is het GPP vastgesteld op 66,9 dB. Volgens artikel 1.4a van het Besluithinder bedraagt de zonebreedte dan 600 m.

Uitsnede uit het geluidregister spoor De ligging van het plangebied is weergegeven in figuur 1, de (spoor)wegen zijn weergegeven in figuur 2.

Normen Wet geluidhinder Tabel 1 Geluidnormen volgens de Wet geluidhinder (Wgh) en het Besluit geluidhinder voor nieuwe geluidgevoelige bestemmingen langs bestaande wegen Geluidbron Laan van Oost-Indië

Spoorlijn Nijmegen-Arnhem

Bestemming

Voorkeurswaarde

Maximaal

wonen, onderwijsgebouw, ziekenhuis, verpleeghuis verzorgingstehuis, psychiatrische inrichting, kinderdagverblijf

48 dB

63 dB

wonen

55 dB

68 dB

53 dB

68 dB

onderwijsgebouw, ziekenhuis, verpleeghuis, verzorgingstehuis, psychiatrische inrichting, kinderdagverblijf

4 Uitgangspunten voor het akoestisch onderzoek 4.1 Bestemmingsplan Nijmegen Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica) Bestemmingsplan Nijmegen Waalfront-5 (Ulpia en Fabrica) maakt de bouw van maximaal 800 woningen mogelijk. In het plan kunnen ook andere geluidgevoelige bestemmingen worden gerealiseerd.

4.2 Wegverkeer Voor de toekomstige situatie is een prognose gemaakt van de verkeersintensiteiten en de verdeling in drie voertuigcategorieën (lichte-, middelzware- en zware motorvoertuigen). Deze prognose is gemaakt door Goudappel Coffeng. In het rapport Ontwikkelingen 20192029/2031 van 22 oktober 2020 staat welke ontwikkelingen zijn meegenomen in het regionale verkeersmodel. Voor de berekeningen is het verkeersmodel 2031-74H gebruikt. Dit model gaat uit van een relatief hoge bevolkingsgroei en een hoge economische groei. In de onderstaande tabel staan de belangrijkste gegevens per wegvak. De verkeersintensiteiten zijn afgerond. Bij de berekeningen zijn de niet afgeronde getallen gebruikt. Tabel 2 Weg

Wegdek

Maximum snelheid

Laan van Oost-Indië

SMA-NL5

50

Prognose voor 2031 MVT/etmaal 9750

De waarneempunten en geluidbronnen zijn weergegeven in figuur 2.

Verkeerslichtinstallaties Binnen de scope van het bestemmingsplan worden geen geregelde verkeerslichten geplaatst.

Afscherming wegverkeerslawaai door nieuwbouw Het plangebied is onderdeel van het Waalfront. De gebouwen direct langs de Laan van Oost-Indië moeten het achterliggende gebied afschermen van het verkeerslawaai van deze weg.

4.3 Spoor Bij dit akoestisch onderzoek zijn de brongegevens uit het geluidregister van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat gebruikt. Deze zijn gedownload van de site: http://geluidregisterspoor.nl/geluidregisterspoor.html

5 Resultaten 5.1 Weg- en railverkeer In tabel 3 staan de resultaten van de berekeningen van weg- en railverkeer.

Naam rekenpunt 01_A 01_B 01_C 01_D 01_E 01_F 02_A 02_B 02_C 02_D 02_E 02_F 03_A 03_B 03_C 03_D 03_E 03_F 04_A 04_B 04_C 04_D 04_E 04_F 05_A 05_B 05_C 05_D 05_E 05_F 06_A 06_B 06_C 06_D 06_E 06_F 07_A 07_B 07_C 07_D 07_E 07_F 08_A 08_B 08_C 08_D 09_A 09_B 09_C 09_D 09_E 09_F

Hoogte In m 5 10 15 25 35 45 5 10 15 25 35 45 5 10 15 25 35 45 5 10 15 25 35 45 5 10 15 25 35 45 5 10 15 25 35 45 5 10 15 25 35 45 5 10 15 25 5 10 15 25 35 45

Laan van Oost-Indië Excl. aftrek art 110 Incl. aftrek art 110 Wgh Wgh Lden in dB Lden in dB 54 59 54 59 53 58 53 58 52 57 51 56 58 63 57 62 57 62 56 61 55 60 53 58 58 63 57 62 57 62 56 61 54 59 53 58 52 57 52 57 52 57 51 56 51 56 51 56 58 63 57 62 57 62 56 61 54 59 53 58 58 63 57 62 57 62 56 61 55 60 53 58 58 63 57 62 57 62 56 61 55 60 53 58 49 54 49 54 49 54 49 54 24 29 25 30 27 32 29 34 38 43 40 45

Spoor Lden in dB 54 54 54 55 56 56 41 44 40 40 41 42 45 42 41 41 42 42 36 38 38 42 40 40 39 42 42 41 42 42 41 43 42 41 41 42 41 43 41 41 41 41 39 39 38 -45 45 45 44 43 43

Naam rekenpunt 10_A 10_B 10_C 10_D 10_E 10_F 11_A 11_B 11_C 11_D 12_A 12_B 12_C 13_A 13_B 13_C 13_D 13_E 13_F 14_A 14_B 14_C 14_D 15_A 15_B 15_C 15_D 16_A 16_B 16_C 16_D 16_E 16_F 17_A 17_B 17_C 17_D 18_A 18_B 18_C 18_D

Hoogte In m 5 10 15 25 35 45 5 10 15 25 5 10 15 5 10 15 25 35 45 5 10 15 25 5 10 15 25 5 10 15 25 35 45 5 10 15 25 5 10 15 25

Laan van Oost-Indië Excl. aftrek art 110 Incl. aftrek art 110 Wgh Wgh Lden in dB Lden in dB 14 15 16 17 16 14 -4 0 0 1 15 15 16 3 4 4 1 0 -3 14 13 14 13 10 10 11 11 12 17 18 13 12 -11 16 17 10 38 39 40 40

19 20 21 22 21 19 1 5 5 6 20 20 21 8 9 9 6 5 2 19 18 19 18 15 15 16 16 17 22 23 18 17 -16 21 22 15 43 44 45 45

Spoor Lden in dB 54 53 53 53 55 55 56 55 55 55 51 50 50 57 57 57 57 57 58 58 57 58 58 58 58 58 59 59 59 59 60 61 61 59 59 60 60 57 58 58 59

De waarneempunten, bouwvlakken en geluidbronnen zijn weergegeven in figuur 2. De standaard rekenmethode II is toegepast bij alle waarneempunten. Aan de hand van de uitleg in bijlage 2 wordt duidelijk waarom voor deze methode gekozen is. De rekenmodellen zijn opgesteld op het Rijksdriehoekscoördinatenstelsel. De berekeningen zijn uitgevoerd met het DGMR-computerprogramma GeoMilieu (versie 2020.1). In de berekening wordt met alle factoren die van belang zijn rekening gehouden, zoals afstandsreducties, reflecties, afschermingen, bodem- en luchtdemping, helling- en kruispuntcorrecties. Er is gerekend met één reflectie en een sectorhoek van twee graden. De berekende geluidsbelastingen door wegverkeer wordt verminderd met de aftrek ex artikel 110g van de Wet geluidhinder voordat aan de voorkeurswaarde en maximaal toegestane geluidsbelasting wordt getoetst.

5.2 Beoordeling van de onderzoeksresultaten Uit de berekeningen blijkt dat de geluidsbelasting direct langs de Laan van Oost-Indië hoger is dan de voorkeurswaarde van 48 dB. De hoogste geluidsbelasting bedraagt 58 dB wegverkeerslawaai. De geluidsbelastingen boven de voorkeurswaarden zijn vet gedrukt in tabel 3. Ondanks de hoogbouw direct langs het spoor is ook de geluidsbelasting door het spoor hoger dan de voorkeurswaarde van 55 dB. De hoogste geluidsbelasting bedraagt 61 dB. De maximale waarden die de Wet geluidhinder toestaat worden nergens overschreden.

5.3 Maatregelen om de geluidsbelasting te verlagen Op de Laan van Oost-Indië wordt al wat stiller wegdek toegepast. Er is verder geen onderzoek gedaan naar het effect van geluidschermen omdat deze in deze stedelijke situatie niet kunnen worden toegepast. De meest effectieve manier om het aantal geluid belaste woningen te beperken is een goede stedenbouwkundige inrichting. De gebouwen dicht langs de weg moeten dan voor de afscherming van de achtergelegen woningen zorgen. Er is nog geen stedenbouwkundig plan. De hogere geluidsbelasting wordt veroorzaakt door het treinverkeer op de stalen spoorbrug. Er zijn geen technische mogelijkheden om de geluiduitstraling van deze constructie te verminderen.

6 Toetsing aan de Wet geluidhinder en beleid Wet geluidhinder Uit de berekeningen blijkt dat de voorkeurswaarden voor wegverkeer op Laan van OostIndië en het spoor worden overschreden. De hoogste berekende geluidsbelastingen zijn 58 dB wegverkeerslawaai en 61 dB railverkeerslawaai. Geluidgevoelige bestemmingen kunnen alleen worden gebouwd als er een hogere waarde is vastgesteld. Er is nog geen uitgewerkt bouwplan dus is toetsing aan het gemeentelijke geluidbeleid niet mogelijk. Bij de uitwerking van de bouwplannen moet rekening worden gehouden met de geluidsbelasting. Binnen het plangebied kan er cumulatie van zowel weg- als railverkeerslawaai optreden.

Beleidsregels Hogere Waarden Wet geluidhinder 2013 Volgens de Beleidsregels hogere Waarden Wet Geluidhinder 2013 kunnen nieuwe woningen met een geluidsbelasting van meer dan 48 dB wegverkeerslawaai en 55 dB railverkeerslawaai worden toegestaan als aan één van de ontheffingscriteria (artikel 3 van de eerdergenoemde beleidsregels) wordt voldaan. Er is sprake van vervangende nieuwbouw dus er is een grond om hogere waarden vast te stellen. Aan de vast te stellen hogere waarden worden ook eisen verbonden. Deze hebben betrekking op de situering en indeling van de woningen met een hogere geluidsbelasting. Bij de uitwerking van de stedenbouwkundig plannen moet rekening worden gehouden met deze eisen.

7 Conclusie Uit akoestisch onderzoek blijkt dat de voorkeurswaarden voor weg- en railverkeerslawaai worden overschreden. De hoogste geluidsbelastingen liggen voor beide geluidbronnen onder de maximale waarde die de Wet geluidhinder toestaat. Voor dit plan moeten hogere waarden worden vastgesteld waarbij aanvullende eisen zullen worden gesteld aan de situering en indeling van de woningen met een hogere geluidsbelasting.

Figuren

Figuur 1 Plankaart

Figuur 2 Rekenpunten, bouwvlakken en geluidbronnen

Rekenpunten, bouwvlakken en geluidbronnen (Laan van Oost-Indië en spoor)

Figuur 3 Geluidbelasting

Geluidbelasting Laan van Oost-Indië incl. aftrek artikel 110 Wgh

Totale geluidbelasting zonder aftrek artikel 110 Wgh

Geluidbelasting spoor

Figuur 4 3 D presentatie rekenmodel

Bouwblokken zoals opgenomen in het bestemminsplan

Vogelvlucht gezien vanaf de Waal

Bijlagen

Bijlage 1 Akoestische begrippen A-weging Het menselijk gehoor neemt midden en hoge tonen beter waar dan lage en zeer hoge tonen van eenzelfde sterkte. Met deze selectieve gevoeligheid van het gehoor wordt rekening gehouden door het toepassen van een zogenaamd A-filter in de meetapparatuur. Correctie artikel 110g Wgh Tijdelijke aftrek voor het stiller worden van het wegverkeer. De aftrek bedraagt 2 dB voor wegen met een representatief te achten snelheid van 70 km/uur of meer. (Tot juli 2018 gelden afwijkende correcties voor geluidsbelastingen van 56 en 57 dB, zie art. 3.4 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012) Voor snelheden onder de 70 km/uur is deze aftrek 5 dB Decibel (dB) De sterkte van het geluid wordt uitgedrukt in decibel (dB). Omdat de luchttrillingen bij harde geluiden vele miljoenen malen heviger zijn dan bij zachte, is de decibel een logaritmische verhoudingswaarde in plaats van een rechtlijnige maat Dove gevel Een bouwkundige constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn en met een in NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidsbelasting van de constructie en 33 dB, alsmede een bouwkundige constructie waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte.

Een dergelijke constructie valt niet onder het begrip ‘gevel’ van de Wet geluidhinder. Equivalent geluidsniveau Het gemiddelde geluidsniveau binnen een bepaalde periode Frequentie Aantal trillingen per seconde. Geluiden met verschillende frequenties hebben andere toonhoogten Geluid Voor mensen hoorbare luchttrillingen Geluidsbelasting in dB Geluidsbelasting in Lden op een plaats en vanwege een bron over alle perioden van 07.00-19.00 uur, van 19.00-23.00 uur en van 23.00-07.00 uur van een jaar. Bij wegverkeer inclusief de correctie artikel 110g Wgh Geluidsgevoelige ruimte van een woning Ruimte binnen een woning voor zover die kennelijk als slaap-, woon-, of eetkamer wordt gebruikt of voor zodanig gebruik is bestemd, alsmede een keuken van ten minste 11 m2 Geluidluwe zijde Een zijde waarop de geluidsbelasting niet meer bedraagt dan de voorkeurswaarde van de Wet geluidhinder Geluidsniveau in dB Geluidsbelasting van alle bronnen samen zonder de correctie artikel 110g Wgh voor wegverkeer Gevel Bouwkundige constructie die een ruimte in een gebouw of woning scheidt van de buitenlucht, daaronder begrepen het dak Voorkeurswaarde De in de Wet geluidhinder ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting per bron, waarbij sprake is van een goed akoestisch klimaat Waarneempunt (rekenpunt) Het punt waarop de geluidsbelasting wordt gemeten of berekend

Waarneemhoogte Hoogte ten opzichte van het aanliggende maaiveld in meters Zones Aandachtsgebied van een geluidsbron waarbinnen de normen van de Wet geluidhinder gelden Zone rond industrieterrein Het gebied vanaf de grens van het industrieterrein tot de 50 dB(A) contour er omheen. Zone langs een weg Het gebied vanaf de as van de weg tot de in de wet genoemde afstand én de ruimte boven en onder de weg. Zone langs een spoorweg Gebied tussen de buitenste spoorstaaf en de op de sporenkaart aangegeven afstand.

Bijlage 2 Reken- en meetvoorschrift 2012 Algemeen De geluidsbelasting door het wegverkeer wordt bepaald aan de hand van hoofdstukken 3 en 4 van het Reken- en meetvoorschrift geluidhinder 2012. Hierin staan regels over de wijze waarop geluidsbelastingen moeten worden berekend en gemeten. In het Reken- en meetvoorschrift geluidhinder 2012 worden zowel voor weg- als railverkeer een standaard meetmethode en twee standaard rekenmethoden beschreven. In principe moet rekenmethode II worden toegepast. Rekenmethode I is alleen bedoeld voor eenvoudige berekeningen en kan worden toegepast bij (bijna) rechte wegen en als zich tussen de bron en het waarneempunt niet al te veel obstakels bevinden. Wegverkeer De berekening voor wegverkeerslawaai kent de volgende 4 voertuigcategorieën:

CATEGORIE LICHTE MOTORVOERTUIGEN

OMSCHRIJVING VOLGENS BESLUIT motorvoertuigen op 3 of meer wielen, met uitzondering van de voertuigen uit de categorieën 'middelzware' en 'zware' voertuigen

ALLEDAAGSE OMSCHRIJVING - alle personenauto's - de meeste bestelauto's - vrachtwagens met 4 wielen

MIDDELZWARE MOTORVOERTUIGEN

gelede en ongelede autobussen, alsmede andere motorvoertuigen die ongeleed zijn en voorzien van 1 achteras met 4 banden

- alle autobussen - vrachtwagens met 2 assen en 4 achterwielen

ZWARE MOTORVOERTUIGEN

gelede motorvoertuigen, alsmede motorvoertuigen met een dubbele achteras, met uitzondering van autobussen motorvoertuigen op 2 wielen al dan niet voorzien van een zijspanwagen

- vrachtwagens met 3 of meer assen - vrachtwagens met aanhanger - trekkers met oplegger alle motorfietsen (inclusief zijspan)

MOTORRIJWIEL EN

PROFIEL

Railverkeer De berekening voor railverkeerslawaai kent de volgende voertuigcategorieën: Cat

Type

1

Spoorvoertuigcategorie 1: blokgeremd reizigersmaterieel: – elektrisch reizigersmaterieel met uitsluitend gietijzeren blokremmen met de bijbehorende locomotieven: treinstellen van Materieel '64. – Mat’64

Tekening (onderling op schaal)

Getoond aantal rekenee nheden

Getoond e lengte

2

52 m

2

Spoorvoertuigcategorie 2: schijf+blokgeremd reizigersmaterieel – elektrisch reizigersmaterieel met voornamelijk schijfremmen en toegevoegde gietijzeren blokremmen: het intercitymaterieel van het type ICM III, ICR en DDM-1. ICM III

2

54 m

2

53 m

2

53 m

2

52 m

Heeft 3 rekeneenheden per treinstel. ICR De categorie-indeling hangt af van het remsysteem. Als de toegevoegde blokkenrem is afgeschakeld is het categorie 8, als deze rem met alternatieve (LL-)blokken is uitgevoerd is het categorie 3 en als deze rem met gietijzeren blokken is uitgevoerd is het categorie 2. ICR(BNL) De categorie-indeling hangt af van het remsysteem. Als de toegevoegde blokkenrem is afgeschakeld is het categorie 8, als deze rem met alternatieve (LL-)blokken is uitgevoerd is het categorie 3 en als deze rem met gietijzeren blokken is uitgevoerd is het categorie 2. DDM-1 Heeft toegevoegde blokkenrem. Uiterlijk vrijwel gelijk aan de DDM2/3 die in categorie 8 is ingedeeld. Altijd met locomotief. 3

Spoorvoertuigcategorie 3: schijf+blokgeremd elektrisch materieel: – elektrisch reizigersmaterieel met uitsluitend schijfremmen en met motorgeluid: het stadsgewestelijk materieel (SGM-II/III); – elektrische locomotieven, zoals de series 1600, 1700 en 1800; – elektrisch reizigersmaterieel met voornamelijk schijfremmen en toegevoegde alternatieve (LL)blokremmen: bijvoorbeeld het intercitymaterieel van het type ICR; – de Utrechtse sneltram (SUNIJ). SGM

2

52 m

SUNIJ

1

29 m

1 1 1 1 1

Variabel

Er zijn 2 geledingen per rekeneenheid. 4

Spoorvoertuigcategorie 4: goederenmaterieel met gietijzeren blokremmen: – alle typen goederenmaterieel met gietijzeren blokremmen. Goedere n

De categorie van goederenwagens hangt van het remsysteem af.

Vlootge middeld e is cira 15 m

Wagens met gietijzeren blokken vallen in categorie 4. Wagens met alternatieve (K- of LL-) blokkenrem of schijfremmen vallen in categorie 11. Sommige goederenwagens, zoals Hiirs en Laeks, hebben geledingen. Gelede goederenwagens lijken aparte wagens, maar rijden onder slechts één wagennummer en tellen als 1 rekeneenheid. 5

Spoorvoertuigcategorie 5: blokgeremd dieselmaterieel: – dieselelektrisch reizigersmaterieel met uitsluitend blokremmen met de bijbehorende locomotieven: de treinstellen van het type DE-I/II/III; – diesel-elektrische locomotieven, behalve de DE-6400.

6

Spoorvoertuigcategorie 6: schijfgeremd dieselmaterieel: – dieselhydraulisch reizigersmaterieel met uitsluitend schijfremmen en met motorgeluid: de Wadloper (DH), de Buffel (DM’90) – de dieselelektrische locomotief DE-6400 DM’90 Buffel

2

52 m

7

Spoorvoertuigcategorie 7: schijfgeremd metro- en sneltrammaterieel: – metro- en sneltrammaterieel van de GVB en de RET Scharnierende geledingen met 3 draaistellen zijn 1 eenheid.

8

Spoorvoertuigcategorie 8: schijfgeremd reizigersmaterieel: – elektrisch reizigersmaterieel met uitsluitend schijfremmen: de typen ICM IV, vIRM-IV/VI, DDM-2/3, ICK, SLT, Protos, GTW-EMU; – elektrisch reizigersmaterieel met afgeschakelde blokremmen (aangepaste ICR); – dieselelektrisch lightrailmaterieel: De Lint, Talent, GTW-DMU; – RSG3- en SG3-materieel (Randstadrail). ICM-IV

2

54 m

IRM

2

54 m

DDM-2/3

2

Heeft 4 rekeneenheden per treinstel

Uiterlijk vrijwel gelijk aan de DDM-1 die in categorie 2 is ingedeeld. Rijdt meestal met motorbak mDDM in plaats van locomotief. SLT-S100

3

50 m

2

35 m

2

53 m

Getoond is een half treinstel. Een heel treinstel bestaat uit 6 rekeneenheden. SLT-S70

Getoond is een half treinstel. Een heel treinstel bestaat uit 4 rekeneenheden. Protos

GTW2/8

3

56 m

2

41 m

Lint

2

42 m

RSG3

3

43 m

Aantal rekeneenheden ≠ aantal geledingen. GTW2/6

Aantal rekeneenheden ≠ aantal geledingen.

9

Spoorvoertuigcategorie 9: schijf+blokgeremd hogesnelheidsmaterieel: – elektrisch hogesnelheidsmaterieel met voornamelijk schijfremmen en toegevoegde blokremmen op de motorwagens: de treinstellen van het type Thalys; – elektrisch hogesnelheidsmaterieel van het type ICE-3. V250

0,25

52 m

0,25

51 m

0,30

63 m

Een V250 (Albatros) bestaat uit 8 geledingen en telt als 1 rekeneenheid (201 m). Getoond zijn de eerste 2 geledingen. ICE

Een ICE bestaat uit 8 geledingen en telt als 1 rekeneenheid (201 m). Getoond zijn de eerste 2 geledingen.

Thalys Een Thalys bestaat uit 10 geledingen en telt als 1 rekeneenheid (200 m). Getoond zijn de eerste 3 geledingen. 10

Spoorvoertuigcategorie 10: lightrailmaterieel: – lightrailmaterieel van het type A32 en de Regio Citadis; – andere typen schijf en/of magneetgeremd lightrailmaterieel met de volgende kenmerken: aslast kleiner dan 10 ton, geveerde wielen met een doorsnede kleiner dan 700 mm, afscherming van wielen en rails door lage vloer en vergelijkbare asdichtheid als A32 materieel. A32

2

30 m

3

38 m

Let op: aantal rekeneenheden ≠ aantal geledingen Regio Citadis

11

Spoorvoertuigcategorie 11: goederenmaterieel met alternatieve blokremmen (K- of LL-blokken): – alle typen goederenmaterieel met alternatieve (K- of LL-) blokremmen. Voor figuren: zie bij categorie 4.

Bijlage 3 Invoergegevens rekenmodel Invoergegevens Laan van Oost Indië Omschr. 9 Laan van Oost Indië 11 Laan van Oost Indië 12 Laan van Oost Indië 13 Laan van Oost Indië

ISO_H 0 0 0 0

ISO M. -----

Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief

Type Verdeling Verdeling Verdeling Verdeling

Wegdek

V(LV(D))

V(LV(A)) V(LV(N))

V(MV(D))

V(MV(A))

W4a

50

50

50

50

50

50

50

50

W4a

50

50

50

50

50

50

50

50

W4a

50

50

50

50

50

50

50

50

W4a

50

50

50

50

50

50

50

50

V(ZV(N))

Totaal aantal

%Int(D)

%Int(A)

%Int(N)

%LV(D)

%LV(A)

%LV(N)

%MV(D)

50

9657

6,6

3,4

0,9

97,55

97,4

97,24

1,59

50

9657

6,6

3,4

0,9

97,33

97,2

97

1,74

50

9657

6,6

3,4

0,9

97,33

97,2

97

1,74

50

9633

6,6

3,4

0,9

97,52

97,4

97,22

1,61

%MV(A)

%MV(N)

%ZV(D)

%ZV(A)

%ZV(N)

LV(D)

LV(A)

LV(N)

LV(P4)

1,41

1,1

0,86

1,15

1,65

621,75

320

84,51

--

1,53

1,2

0,93

1,25

1,8

620,34

319

84,31

--

1,53

1,2

0,93

1,25

1,8

620,34

319

84,31

--

1,42

1,11

0,87

1,16

1,67

620,01

319

84,29

--

MV(D)

MV(A)

MV(N)

ZV(D)

ZV(A)

ZV(N)

LE (D) 63

LE (D) 125

LE (D) 250

10,13

4,63

0,96

5,48

3,78

1,43

83,2

88,54

95,22

11,09

5,02

1,04

5,93

4,1

1,56

83,3

88,67

95,39

11,09

5,02

1,04

5,93

4,1

1,56

83,3

88,67

95,39

10,24

4,65

0,96

5,53

3,8

1,45

83,2

88,55

95,23

Cpl F F F F

Cpl_W 1,5 1,5 1,5 1,5

Helling 0 0 0 0

V(MV(N)) V(ZV(D)) V(ZV(A))

Invoergegevens spoor: De spoorgegevens zijn gedownload van de site geluidregisterspoor.nl van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Inzien of opvragen model Akoestische rekenmodellen bevatten zo veel data dat het niet zinvol is om alle gegevens hier te presenteren. Het digitale rekenmodel kan op afspraak worden ingezien bij de gemeente Nijmegen. De modelbestanden kunnen worden opgevraagd bij de gemeente. Om deze bestanden te kunnen raadplegen is speciale commerciële software nodig.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=978cd781-5ab4-4e0d-830b-f5623bc81719