Klimaat en energiemonitor Nijmegen 2009-2024 - scope 1 en 2 emissies
Tekst van het document
Klimaat- en energiemonitor 1990-2024 scope 1 en 2 emissies
September 2025
Inhoudsopgave 1
Inleiding ..........................................................................................................................4
2
Fysieke kenmerken woningen en bedrijven ........................................................................5 2.1
De buurten/wijken in Nijmegen .................................................................................................................5
2.2
Aantal inwoners ..........................................................................................................................................6
2.3
Aantal en oppervlakte gebouwen ..............................................................................................................6
2.4
Sloop en bouw van panden in de periode 2008-2024 ...............................................................................6
3
Verbruik gas, elektra en warmte in 2024 ............................................................................8 3.1
Verbruik gas, elektra en warmte in 2024 ...................................................................................................8
3.2
Elektraverbruik in 2024 ..............................................................................................................................8
3.3
Gasverbruik in 2024 ....................................................................................................................................9
3.4
Verdeling gas en elektra tussen particulier en bedrijven in 2024 ............................................................9
3.5
Warmtenet in 2024 ....................................................................................................................................10
4
Energie – opwek .............................................................................................................11 4.1
Zonnepanelen ...........................................................................................................................................11
4.2
WKO open en gesloten systemen.............................................................................................................12
4.3
Warmtepompen ........................................................................................................................................13
4.4
Wind ...........................................................................................................................................................13
4.5
Warmtenet ................................................................................................................................................14
4.6
Overzicht duurzame opwek .....................................................................................................................14
5
6
Energiebesparing 2008-2024 ...........................................................................................15 5.1
Elektra besparing 2008-2024 ....................................................................................................................15
5.2
Gas verbruik 2008-2024 ............................................................................................................................17
5.3
Warmte verbruik 2008-2024 .....................................................................................................................20
5.4
Besparing elektra, gas en warmte t.o.v. totaal energieverbruik (2008-2024) .......................................20
5.5
CO2-emissie ...............................................................................................................................................21 Conclusie/samenvatting .................................................................................................25
3
1
Inleiding De gemeente Nijmegen wenst haar klimaatambities te realiseren, onder meer door het tegengaan van het gebruik van fossiele brandstoffen en de reductie van de uitstoot van CO2. Nijmegen heeft de doelstelling 55% CO2 reductie in 2030 t.o.v. 1990 en klimaat neutraal in 2050 en volgt hiermee de landelijk klimaatdoelstelling. Voor de monitoring van de klimaatdoelstelling is het van belang het energieverbruik in de gebouwde omgeving, industrie en mobiliteit cijfermatig te beoordelen en te volgen. De monitoringrapportage 2024 geeft inzicht in het afgelegde pad voor energie vanaf van 2008 tot en met 2024 en voor CO2 vanaf 1990 tot en met 2024. De (klimaat- en ) energiemonitorrapportages zijn jaarlijks opgesteld in de periode 2016 - 2023. Voorliggende rapportage is daar een actualisatie van met gegevens over het jaar 2024. De opzet en vorm van de rapportage is daarbij gelijk gehouden. Deze geactualiseerde klimaat- en energiemonitor geeft op wijkniveau inzicht in het historische en bestaande energieverbruik en duurzame opwek en op stadsniveau inzicht in de CO2 emissie (scope 1 en 2). Op basis van de analyse van de stedelijke energievraag kan de toekomstige ruimtelijke invulling en langetermijn-planning van de duurzame energie infrastructuur bepaald worden.
4
2
Fysieke kenmerken woningen en bedrijven In dit hoofdstuk worden enkele fysieke kenmerken van woningen en bedrijven in Nijmegen besproken.
2.1
De buurten/wijken in Nijmegen Het energieverbruik in deze rapportage wordt niet alleen op gemeentelijk niveau, maar ook op wijkniveau beschreven en geanalyseerd. Als basis dient daar de wijkindeling van Nijmegen voor. Met die gebiedsindeling in 44 wijken kunnen de energie kentallen nog op een overzichtelijke wijze worden gepresenteerd/besproken.
5
2.2
Aantal inwoners Nijmegen telt in 2024 188.981 inwoners (CBS) (Tabel 1). Nijmegen groeide vanaf 2000 met gemiddeld 1.300 inwoners per jaar. In de laatste drie jaren is het aantal inwoners met 10.000 sterk gestegen. Er wonen gemiddeld 2,2 personen in één woning. Tabel 1: Aantal inwoners Nijmegen (1960-2023)
2.3
Jaar
1960
1970
1980
1990
2000
2015
2016
2017
2018
2019
2020
Aantal
131.593
150.185
147.346
145.782
153.705
172.064
173.556
175.948
176.731
177.659
177.359
Jaar
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Aantal
177.659
177.359
179.100
182.465
187.049
188.981
Aantal en oppervlakte gebouwen Nijmegen telt in 2023 in totaal 92.000 verblijfsobjecten (Tabel 2). Een verblijfsobject is een woning (bijvoorbeeld rijtjeswoning, vrijstaande woning, flatwoning in een flat) of een bedrijf (fabriekshal of een bedrijf in een bedrijfsverzamelgebouw). Een pand kan bestaan uit één verblijfsobject (een woning) of uit meerdere verblijfsobjecten (bv een flatgebouw, boven-/benedenwoning, bedrijfsverzamelgebouw). Van de 91.855 verblijfsobjecten zijn 86.410 (94 %) woningen en 5.545 (6%) bedrijven. Van de woningen zijn 46.661 (54 %) eengezinswoningen (EGW) en 39.749 (46 %) meergezinswoningen (MGW). Er is 14,5 miljoen m2 aan vloeroppervlakte in gebouwen, waarvan 2/3 deel in woningen en 1/3 deel in bedrijven. Tabel 2: Verdeling oppervlakte en aantal wonigen en bedrijven (2023) Functie
Vloeroppervlakte
Aantal verblijfs-
(miljoen m2)
2.4
objecten
Wonen
9,8
86.410
Bedrijf
4,7
5.545
Totaal
14,5
91.855
Waarvan: 46.661 eengezinswoningen (54 %) en 39.749 meergezinswoningen (46 %)
Sloop en bouw van panden in de periode 2008-2024 Tabel 3 geeft vanaf 2012 per jaar het aantal woningen en bedrijven dat nieuw is gebouwd en dat is gesloopt (CBS). Per jaar worden gemiddeld 1.000 woningen gebouwd en 130 panden gesloopt. De laatste twee jaar bedroeg de netto toename van woningen ongeveer 1.300 en van bedrijven 250 per jaar. Tabel 3: aantallen nieuwbouw en sloop Woningen en bedrijven
woningen
bedrijven
Nieuwbouw
sloop
nieuwbouw
sloop
Nieuwbouw
sloop
844
278
734
226
110
52
2013
687
233
639
187
48
46
2014
1140
31
1103
16
37
15
2015
733
84
686
65
47
19
2016
1436
70
1411
59
25
11
2017
1440
320
1367
237
73
83
2018
1119
179
1092
119
27
60
2019
966
195
863
132
103
63
2020
498
41
472
17
26
24
2012
6
2021
837
145
778
97
59
48
2022
981
129
852
90
129
39
2023
1894
122
1582
89
312
33
2024
1368
47
1116
19
252
28
De sloop en nieuwbouw van gebouwen heeft grote invloed op de energiebesparingspercentages. Als er bijvoorbeeld een pand wordt gesloopt, dan komt dat in de cijfers terug als een energiebesparing, terwijl nieuwbouw juist een toename laat zien. Inzicht in het verloop in sloop en nieuwbouw is nuttig, omdat het verklaart waarom in bepaalde wijken, in bepaalde jaren een besparing of juist verbruikstoename is te zien.
7
3
Verbruik gas, elektra en warmte in 2024
3.1
Verbruik gas, elektra en warmte in 2024 Het totale energieverbruik in de gebouwde omgeving bedraagt in 2024 7,1 PJ. De onderverdeling naar elektra/gas/warmte en particulieren/bedrijven is hieronder gegeven. warmte part., 0,23
warmte zakelijk; 0,006
elektra part., 0,75
7,1 PJ totaal energieverbruik, waarvan: 2,76 PJ (39 %) elektra, waarvan: 0,75 PJ (10%) particulier
gas zakelijk, 1,79
2,01 PJ (28%) bedrijven
elektra zakelijk, 2,01
4,10 PJ (57%) aardgas, waarvan: 2,31 PJ (32%) particulier 1,79 PJ (25%) bedrijven
gas part., 2,31
0,28 PJ (3,4,0%) warmte, waarvan: 0,28 PJ (3,9%) particulier 0,006 PJ (0,1%) bedrijven
Het overgrote deel, ongeveer twee-derde, van het energieverbruik in Nijmegen, betreft het gebruik van fossiel gas door zowel bedrijven als particulieren. Elektra maakt voor ongeveer een-derde van het energieverbruik uit, met name door bedrijven.
Elektraverbruik in 2024 Het totale verbruik aan elektra voor de hele stad Nijmegen bedraagt in 2024:
628.259.000 kWh (zonder NXP) = 2,26 PJ 765.766.000 kWh (met NXP) = 2,76 PJ
Het elektraverbruik is het hoogst in de wijken Goffert, Havengebied, Heijendaal, Stadscentrum en Westkanaaldijk (de industrie- en bedrijfsgebieden). NXP verbruik 18 % van het totale elektraverbruik in Nijmegen. Het valt op dat het totale zakelijke elektraverbruik veel hoger is dan het particulier verbruik (Figuur 1). Figuur 1: Elektra verbruik (kWh/jaar) per wijk verdeeld naar particulier en zakelijk (2024) 200.000.000 160.000.000
Particulier
Zakelijk
120.000.000 80.000.000 40.000.000 0
Aldenhof Altrade Benedenstad Biezen Bijsterhuizen Bottendaal Brakkenstein De Kamp Galgenveld Goffert Groenewoud Grootstal Hatert Hatertse Hei Haven- en industrieterrein Hazenkamp Hees Heijendaal Hengstdal Heseveld Hunnerberg Kerkenbos Kwakkenberg Lankforst Lent Malvert Meijhorst Neerbosch-Oost Neerbosch-West Nije Veld Oosterhout Ooyse Schependom Ressen St, Anna Staddijk Stadscentrum 't Acker 't Broek Tolhuis Vogelzang Weezenhof Westkanaaldijk Wolfskuil Zwanenveld
3.2
8
3.3
Gasverbruik in 2024 Het totale verbruik aan aardgas in 2024 bedraagt:
116.500.000 m3 = 4,10 PJ
Het gasverbruik is het hoogst in de wijken Goffert, Havengebied, Heijendaal, Stadscentrum en Westkanaaldijk (de industrie- en bedrijfsgebieden). Het verschil tussen woonwijken en wijken met hoofdzakelijk zakelijke verbruikers, komt duidelijk naar voren in de wijken Bijsterhuizen, Goffert, Havengebied, Heijendaal, Kerkenbos, Stadscentrum en Westkanaaldijk. Deze kennen een laag particulier verbruik. Figuur 2: Totaal gas verbruik (m3/jaar) per wijk onderverdeeld naar wonen en bedrijven (2024) 12.000.000 10.000.000
Particulier
8.000.000
Zakelijk
6.000.000 4.000.000
0
3.4
Aldenhof Altrade Benedenstad Biezen Bijsterhuizen Bottendaal Brakkenstein De Kamp Galgenveld Goffert Groenewoud Grootstal Hatert Hatertse Hei Haven- en industrieterrein Hazenkamp Hees Heijendaal Hengstdal Heseveld Hunnerberg Kerkenbos Kwakkenberg Lankforst Lent Malvert Meijhorst Neerbosch-Oost Neerbosch-West Nije Veld Oosterhout Ooyse Schependom Ressen St, Anna Staddijk Stadscentrum 't Acker 't Broek Tolhuis Vogelzang Weezenhof Westkanaaldijk Wolfskuil Zwanenveld
2.000.000
Verdeling gas en elektra tussen particulier en bedrijven in 2024 De verdeling van gas en elektra verbruik tussen particulieren en bedrijven is, als we naar heel Nijmegen kijken, getoond in Figuur 3. Particulieren verbruiken iets meer gas als bedrijven (afgerond: 56 % : 44 %). Bedrijven verbruiken meer elektra dan particulieren (afgerond: 73 % : 27 %). Figuur 3: Verdeling totaal gas en elektra verbruik particulier en zakelijk (procent), in 2024
Gas
Elektra 27%
particulier bedrijven
44%
56%
particulier bedrijven
73%
Totaal jaarlijks verbruik elektra (kWh) particulier 209.000.000
bedrijf 557.000.000
Totaal jaarlijks verbruik gas (m3) particulier 66.000.000
bedrijf 51.000.000
9
3.5
Warmtenet in 2024 Het totale verbruik aan warmte via het warmtenet bedraagt in 2024:
0,23 PJ
Warmte wordt middels het warmtenet geleverd vanuit de ARN en via een leidingennet afgeleverd bij de huizen en bedrijven in de Waalsprong en het Waalfront. Per 1 januari 2025 zijn er 9.684 woningen en 583 woningequivalenten bedrijven op het warmtenet aangesloten (zie Figuur 4). Dit is in totaal 10.307 woningequivalenten. De totaal geleverde warmte vanuit de ARN bedraagt 306.029 GJ (per 1-1-2025). Daarnaast wordt 6% van de warmte door de hulp warmtecentrale verzorgt. Er wordt ongeveer 230.000 GJ warmte in de woningen verbruikt. Figuur 4: Aantal woningequivalenten (weq) op warmtenet aangesloten in Waalsprong/Waalfront
12.000
Aantal weq-woningen
Aantal weq-bedrijven
10.000 444
8.000 6.000 4.000 2.000 0
211
169
169
184
3.112
3.425
3.646
224 3.964
297
444
444
4.564
5.907
6.243
6.847
583
444
251 5.603
583
7.245
8.473
9.183
9.684
2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024
10
4
Energie – opwek
4.1
Zonnepanelen In Nijmegen zijn zonnepanelen geïnstalleerd bij gebouwen van bedrijven, particulieren en corporaties en op open grond. In 2024 is ca. 124.000.000 kWh aan zonne-energie opgewekt. Dit is 16 % van het huidige totale elektraverbruik. In Figuur 5 is de hoeveelheid opgewekte stroom voor de periode 2008-2024 gegeven. Vanaf 2012 stijgt de hoeveelheid langzaam, maar vanaf 2018 is er een trendbreuk naar een sterke stijging bij woningen en bedrijven. Sinds 2022 is er een sterke stijging zonnepanelen op zonneweides. De drie zonneweide in Nijmegen zijn zonnepark Engie-terrein (ca 2 miljoen kWh sinds 2016), zonnepark Nijmegen Noord (4,6 miljoen kWh sinds 2022) en zonnepark langs de A73 (34 miljoen kWh sinds 2023). De hoeveelheid zonopwek op woningen is meer dan het drievoudige op bedrijfsdaken. Woningen leveren dus een grote bijdrage aan de totale zonopwek in Nijmegen. Figuur 5: kWh zonopwek in Nijmegen in de jaren 2008-2024 Woningen
Bedrijven
Zonneweides
80.000.000 70.000.000 60.000.000 50.000.000 40.000.000 30.000.000 20.000.000 10.000.000 0
2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024
JAAR
Het aantal adressen met een zonopwekinstallatie is in Figuur 6 getoond. Er zijn ca 25.500 woning met zonnepanelen op het dak, een kwart van alle woningen. Het aantal bedrijven met zonnepanelen is beperkt maar daar liggen per bedrijf wel meer zonnepanelen op de daken. De laatste jaren worden er per jaar bij ca 3.000 adressen zonnepanelen geplaatst, maar is de toename in 2024 gezakt naar 2000 per jaar.
11
Figuur 6: Aantal adressen met zonnepanelen in de jaren 2012-2024 30.000
22.896
25.000
19.148
20.000 15.000 10.000 5.000 0
25457
815
4.775 2.748 3.644 1.234 1.979
6.548
9.395 453
12.055
503
15.037
530
803
1.083 1.810
2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 Woningen
Bedrijven
Omgerekend naar aantal zonnepanelen (1 zonnepaneel 300 Wp) lagen er in 2024 222.000 zonnepanelen op ca 25.500 woningen, ca. 42.000 zonnepanelen op ca. 1800 bedrijfsdaken en ca. 135.000 zonnepanelen op de drie zonneparken. In totaal ongeveer 400.000 zonnepanelen. Figuur 7 toont het aantal zonnepanelen in de wijken. Figuur 7: Aantal zonnepanelen (300 Wp) per wijk
4.2
Aldenhof Bijsterhui... Galgenveld Hatert Hees Hunnerberg Lent Neerbosc... Ressen 't Acker Weezenhof
114.914
24.449 5.463 7.888 3.149 133
9.310 6.313 8.906.235 8.176 7.792 5.983 4.077 2.777
34.680
8.588 8.257 5.683 5.585 2.136 4.858 1.660 593 1.891
18.362 8.890 8.291 7.361 6.085 7.110 7.290 4.612 6.771 5.281 3.519 5.275 2.767 3.528 1.925 458 308 131 0
Aldenhof Altrade Benedenstad Biezen Bijsterhuizen Bottendaal Brakkenstein De Kamp Galgenveld Goffert Groenewoud Grootstal Hatert Hatertse Hei Haven- en industrieterrein Hazenkamp Hees Heijendaal Hengstdal Heseveld Hunnerberg Kerkenbos Kwakkenberg Lankforst Lent Malvert Meijhorst Neerbosch-Oost Neerbosch-West Nije Veld Oosterhout Ooyse Schependom Ressen St, Anna Staddijk Stadscentrum 't Acker 't Broek Tolhuis Vogelzang Weezenhof Westkanaaldijk Wolfskuil Zwanenveld
140.000 120.000 100.000 80.000 60.000 40.000 20.000 0
150.000 114.914 100.000 34.680 24.449 18.362 9.310 8.906 8.890 8.588 8.291 8.257 8.176 7.888 7.792 7.361 7.290 7.110 6.771 6.313 6.235 6.085 5.983 5.683 5.585 5.463 5.281 5.275 4.858 4.612 4.077 3.528 3.519 2.777 2.136 1.925 1.891 1.660 593 458 308 133 131 02.767 50.000 3.149 0
WKO open en gesloten systemen In Nijmegen zijn er 13 open Warmte Koude opslagsystemen aanwezig. Figuur 8: WKO locaties Alle WKO systemen samen leveren een besparing van gas op van 732.000 m3 (0,026 PJ). Dat is 0,4 % van het totale gasverbruik. Er zijn ca. 150 gesloten WKO installaties die energie uit de bodem onttrekken. Het aandeel duurzame opwek op het totale Nijmeegse verbruik is nog beperkt. Deze installaties staan bij particuliere woningen en een aantal Utiliteitsgebouwen.
12
4.3
Warmtepompen De CBS publiceert het percentage woningen met verschillende warmtevoorzieningen. Dit geeft een indicatie van het aantal woningen en bedrijven met een (hybride) warmtepomp (Tabel 4). Dit zijn indicatieve waarden omdat dit modelmatig met energieverbruiksdata wordt berekend. Op het moment van schrijven waren de data van de jaren 2023 en 2024 nog niet beschikbaar. De verwachting is dat de jaarlijkse trend zich vanaf 2022 vergelijkbaar voortzet. Het percentage woningen met een hybride warmtepomp bedraagt 2,2 %, ca 1.900 woningen. Er zijn ca 1.400 woningen die alleen met een elektrische verwarming of warmtepomp worden verwarmd. Tabel 4: Percentage woningen met een (hybride) warmtepomp of airco Jaar
2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 (geëxtrapoleerd) 2024 (geëxtrapoleerd)
% elektrisch verwarmd met hoog gasverbruik (hybride warmtepomp) 0,8 0,8 1,0 1,2 1,3 1,6 (1.376 woningen) 1,9 2,2 (ca. 1900 woningen)
% elektrisch verwarmd zonder gasverbruik (warmtepomp) 0,2 0,4 0,6 0,8 1,0 1,2 (1.032 woningen) 1,4 1,6 (ca 1400 woningen)
Airco
Ca 16 % (13.750)
De totale duurzame warmte bij een hybride warmtepomp bedraagt voor 1.900 woningen ca. 11,4 miljoen kWh = 0,041 PJ en voor 1.400 volledige warmtepompen 12,6 miljoen kWh (0,045 PJ). De totale duurzame warmte van (hybride) warmtepompen komt daarmee op 24 miljoen kWh (0,086 PJ). [COP=4; gemiddeld elektraverbruik volledig warmtepomp ca 3.000 kWh en hybride warmtepomp ca 2.000 kWh]. Opgemerkt wordt dat de ondanks dat de hoeveelheid elektriciteit tussen een hybride en all electric iets verschilt, 2.000 t.o.v. 3000 kWh, het gevraagde electrisch vermogen van een all electric wel veel meer verschilt met de hybride variant. Een hybride variant zal het electriciteitsnet minder belasten. Het aantal airco’s in Nijmegen is geschat op basis van het landelijk gemiddelde percentage van circa 16% van de woningen. Dat betekent dat er in Nijmegen 13.750 woningen zijn met een vaste arico. Alhoewel een airco in eerste instantie voor koeling wordt aangekocht, kan dit apparaat ook de ruimte verwarmen. Er is dan sprake van een hybride systeem voor ruimteverwarming: een lucht-lucht warmtepomp in combinatie met een cv ketel.
De hoeveel aardgas die wordt bespaard door het gebruik van deze airo’s wordt alsvolgt geschat: als driekwart van de woningen de airco als bijwarming van een ruimte gebruiken en per woning 300 m3 aardgas (conservatieve inschatting) wordt bespaard, dan bedraagt de totale aardgasbesparing 3 miljoen m3 aardgas (0,1 PJ). TNO schat dat in 2030 ruim 40% van de huishoudens over tenminste 1 airco beschikt.
4.4
Wind In Noord Nijmegen zijn 4 windturbines opgesteld, welke stroom voor 7.000 huishoudens produceren. De bouw van de windturbines is op april 2016 gestart. In 2024 is een productie gedraaid ter grootte van 24.545.000 kWh. Dit komt overeen met 3 % van het huidige totale elektraverbruik. Op het Engie terrein staan twee windturbines met een vermogen van 7,2 MW waarmee circa 6.000 gemiddelde huishoudens van elektriciteit kunnen worden voorzien. In 2021 is gestart met de bouw en waren de turbines in Q1 2022 operationeel. De twee turbines leveren op jaarbasis naar schatting 14.000.000 kWh. 13
4.5
Warmtenet De totale via een warmtenet geleverde warmte bij de woningen bedraagt ongeveer 227.000 GJ. Het verbruik per woning bedraagt circa 24 GJ per jaar. Dat is vergelijkbaar met ongeveer 696 m3 gas per jaar. Het totaal aan duurzaam verbruikte warmte bij de woningen is vergelijkbaar met 6,6 miljoen m3 aardgas per jaar. Ongeveer 70 % (tov aardgas) van de warmte uit het warmtenet mag als duurzaam wordt gerekend. Op dit moment is ca 11 % van de woningen op een warmtenet aangesloten.
4.6
Overzicht duurzame opwek In onderstaande tabel is de hoeveelheid duurzame opgewekte energie samengevat, samen met het percentage ten opzichte van het totale energieverbruik. Opwek
toegevoegde opwek t.o.v. 2008 in PJ
% van totaal energieverbruik
Zonnepanelen
124.000.000 kWh
0,44 PJ
4,0 %
WKO
732.000 m3 (aardgaseq.)
0,03 PJ
0,2 %
Wind Warmte ARN Warmtepomp Airco’s Totaal
38.500.000 kWh 70% van 6,6 miljoen m3 aardgaseq. (geschatte hoeveelheid) (geschatte hoeveelheid)
0,14 PJ 0,16 PJ 0,086 PJ 0,1 PJ 0,96 PJ
1.3 % 1,5 % 0,8% 0,9% 8,8 %
Sinds 2008 is het aandeel duurzame energie 8,8% van het energieverbruik in 2008. Het grootste aandeel wordt ingenomen door zonnepanelen. Voor warmteverarming zien we dat het aandeel duurzame warmte van warmtepompen en airco’s een steeds groter aandeel verkrijgen ten opzicht van voorgaande jaren. Opvallend is dat airco’s meer duurzame warmte opwekken (wel grof geschat) dan de (hybride) lucht-water warmtepompen.
14
5
Energiebesparing 2008-2024 In de tekst wordt met een negatief getal altijd een vermindering van het energiebruik aangeduid en met een positief getal een vermeerdering van het energieverbruik. Zo wordt met “een besparing van -3 %” bedoeld dat er 3 % minder energie wordt verbruikt.
5.1
Elektra besparing 2008-2024 Het totale elektraverbruik (Figuur 9) is met -23 % gedaald. Gemiddeld genomen is de afname -1,4 % per jaar. Figuur 9: Besparing elektra (%) t.o.v. 2008 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2,0 -2,0 -6,0 -10,0 -14,0
0,0 0,0
-2,4 0,3 -2,6
-1,7 0,2 -1,8
0,4 -4,3 -4,6
0,1
0,4
-5,3
-5,0
-5,3
-5,4
-0,1
0,4
1,0
1,0
1,0
2,1
-11,0 -11,6 -10,7 -10,6 -12,0 -12,4 -10,7 -11,9 -11,6 -11,5 -12,8 -14,3
0,6
-18,4
1,4
1,3
0,9
1,3
Particulier
-17,1
-18,0
-18,8 -18,2 -20,8
-22,0
-21,9
-22,7 -22,4 Totaal -23,2 -23,3 Bedrijven
-26,0
Zakelijk elektraverbruik domineert besparing op elektra De besparing op elektra komt volledig op conto van het zakelijk verbruik. Bedrijven besparen -23 % elektra terwijl voor particulieren het elektraverbruik niet wijzigt. Opgemerkt wordt dat een verlaging van de hoeveelheid elektriciteit niet betekent dat het electriciteitsnet minder wordt belast. We zien juist het omgekeerde gebeuren. Dat komt omdat het electrisch vermogen bij bedrijven door electrificatie van ruimteverwarming, bedrijfsprocessen en mobiliteit juist meer wordt. Particulier elektraverbruik neemt toe Nieuwe woningen in de Waalsprong, Waalfront en het Stadscentrum laten het elektraverbruik stijgen. Daar staat tegenover de elektrabesparing ín de bestaande woningen. Dit resultaat in ongewijzigde hoeveelheid elektra bij particulieren. Besparing per wijk In Figuur 10 is af te lezen hoeveel procent een wijk bijdraagt aan de totale besparing van -23 %. In de volgende paragrafen wordt ingegaan wat uit deze figuur kan worden geconcludeerd.
15
Figuur 10: Besparinspercentages per wijk, elektra (2024 t.o.v 2008) 10,00 8,00 6,00
-8,00
De wijken Biezen, Goffert, Havengebied en Stadscentrum grootste aandeel in besparing De totale besparing in deze vier wijken ligt op -25 %. In het Waalfront, liggend in de wijk de Biezen (-6 %), zijn veel bedrijfsgebouwen gesloopt en gesloten. De elektra besparing in de Goffert (-8 %) is nagenoeg geheel te danken aan de gewijzigde bedrijfsvoering van NXP. In het Havengebied was in 2024 een elektra besparing van -9 %. Tot slot, de besparing in het Stadscentrum bedroeg -2%. De wijken Lent, Ressen, Oosterhout, Biezen en Heijendaal kennen een grote toename In de nieuwbouwwijken Lent, Ressen, Oosterhout en Biezen zijn veel woningen bijgebouwd en enkele bedrijven gevestigd (+ 11%). In Heijendaal (+1 %) kan de toename in het elektraverbruik meerdere redenen hebben. Zo blijken meerdere panden in de periode nieuw te zijn gebouwd. Ook zijn in bepaalde jaren WKO systemen in gebruik genomen, waardoor het elektra verbruik hoger is geworden. Maar mogelijk zijn er ook andere oorzaken aan te dragen. Overige wijken dragen slechts voor een klein deel bij aan besparing De overige wijken hebben ieder een kleine bijdrage aan de totale besparing, optellend tot zo’n -10%. Nadere beschouwing van elektraverbruik op zes bedrijventerreinen In Figuur 11 zijn de besparingscijfers in zes bedrijventerreinen gepresenteerd. De besparingspercentages zijn ten opzichte van het totaal elektraverbruik bedrijven.
Alle bedrijven hebben sinds 2008 -36 % minder elektra verbruikt. Daarvan komt twee derde deel (-24 %) op het conto van de vier bedrijventerreinen.
16
Wolfskuil
Zwanenveld
Weezenhof
Zakelijk
-10,00
Westkanaaldijk
Tolhuis
Vogelzang
't Acker
't Broek
Staddijk
Stadscentrum
Ressen
St, Anna
Ooyse Schependom
Nije Veld
Oosterhout
Neerbosch-West
Meijhorst
Neerbosch-Oost
Lent
Malvert
Lankforst
Kerkenbos
Particulier
Kwakkenberg
Heseveld
Hunnerberg
Hengstdal
Hees
Heijendaal
Hazenkamp
Hatert
Hatertse Hei
Grootstal
Goffert
Groenewoud
De Kamp
Galgenveld
Bottendaal
Haven- en industrieterrein
-6,00
Brakkenstein
-4,00
Biezen
-2,00
Bijsterhuizen
0,00
Altrade
2,00
Benedenstad
% minder verbruik
4,00
Aldenhof
% meer verbruik -----------
Figuur 11 Besparingspercentages elektra op bedrijventerreinen (tov elektraverbruik bedrijven) 4,0 2,0 Heijendaal
0,0
Westkanaaldijk
2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024
-2,0
Stadscentrum
-4,0 -6,0
Biezen Goffert
-8,0
Haventerrein
-10,0
Uit de figuur kan het volgende worden opgemaakt: • De wijk Goffert heeft in 2010 een sterke daling van het elektraverbruik om na 2015 tot 2024 redelijk constant te blijven. Rondom 2015 heeft bij NXP een productiewijziging plaatsgevonden dat een forse verlaging van het elektraverbruik tot gevolg had. Nadien is de elektravraag redelijk constant gebleven. • De wijk Biezen laat in 2009 een sterke daling zien om vervolgens gestaag af te nemen. Het verloop van de lijn wordt vooral bepaald door periodes waar bedrijven in het Waalfront zijn gesloopt. Op dit moment zijn de meeste bedrijven gesloopt en blijft het percentage de laatste jaren constant. • De wijk Havengebied heeft tot 2014 een dalende trend. Van 2014 tot 2019 blijft die op hetzelfde niveau. In 2020 is er een sterke daling die daarna weer uitvlakt. De grote sprong in 2020 heeft mogelijk te maken met sluiten van een bedrijf met een hoog elektra verbruik, bijvoorbeeld de failliete Latour B.V. • De besparing in het Stadscentrum schommelt rond de 0 %. Vier jaar geleden is het verbruik door bedrijven iets gedaald om vervolgens 5 jaar constant te blijven. • De Westkanaaldijk kent vanaf 2010 een kleine vermeerdering van het elektraverbruik en blijft dan op een eenzelfde niveau, met uitzondering van een kleine dip in 2018/2019. Het gaat om een afname van in totaal 12 miljoen kWh.
Gezien de hoogte van deze besparing is deze besparing waarschijnlijk ontstaan bij meerdere bedrijven met een hoog elektriciteitsverbruik zoals Smit Draad en Mead Johnson. • De wijk Heijendaal kent een gestage vermeerdering en vlakt daarna af. Dat heeft de maken met de transitie van gasgestookte ketels naar WKO systemen op elektra.
5.2
Gas verbruik 2008-2024 Het totale gasverbruik (Figuur 12) is met -45 % gedaald. De daling is niet geheel lineaire en kent in bepaalde jaren een sterke daling. Gemiddeld genomen is de afname -2,7 % per jaar.
17
Figuur 12: Besparingspercentages gas t.o.v. 2008 2008 10,0
2009
2010
2011
0,0
-0,7 -0,1
-1,2 2,2
-2,0
0,0 0,0 0,0 -10,0 -20,0
-0,8
1,1
-1,8
2012
2013
-3,7
-4,2
-4,2
-4,2
-3,8 -7,9
-8,3
2014
2015
2016
2017
2018
2019
2020
-6,0
-5,4
-5,3
-4,3
-5,0
-5,7
-6,1
-9,9 -16,0
-10,8 -16,4
-11,6 -17,2
-13,3 -18,0
-30,0
-14,6 -20,0
-16,2 -22,3
-17,0
2021
2022
-9,8
-9,8
2023
2024
-16,3
-15,2 Particulier
-27,8
-29,0 Bedrijven
-44,5
-44,8 Totaal
-20,6 -25,3
-23,6 -30,8
-40,0
-35,8
-50,0
Bedrijven besparen meer dan particulieren De besparing op gas door bedrijven bedraagt -29 % en door particulieren -15 %. Bedrijven besparen dus meer gas dan particulieren. Particuliere besparing bleef lange tijd tot 2020 ongewijzigd om daarna binnen 3 jaar sterk te dalen om vervolgens weer te stagneren Door particulieren is er een gasbesparing van -15 %. De laatste jaren bleef het besparingspercentage hangen op ca -5 %, maar nu nieuwbouwwoningen niet meer op het aardgasnet worden aangesloten, woningen worden geïsoleerd, en het stookgedrag is veranderd door de hoge aardgasprijs, zet de daling van het gasverbruik laatste 3 jaar door naar de huidige -15 %. De oorzaak van de sterke daling van 2022 naar 2023 kan worden teruggevoerd op de gedragsverandering bij inwoners vanwege de hoge gasprijzen. Opvallend is dat in 2024 de daling niet doorzet. Dat kan betekenen dat besparing via gedragsverandering zijn maximum heeft bereikt. Besparing per wijk In Figuur 13 is af te lezen hoeveel procent een wijk bijdraagt aan de totale besparing van -45 %. In de volgende paragrafen wordt ingegaan wat uit deze figuur kan worden geconcludeerd. Figuur 13: Besparinspercentages per wijk, gas (2024 t.o.v. 2008)
2,0
Particulier
Zakelijk
0,0
-4,0 -6,0 -8,0
Aldenhof Altrade Benedenstad Biezen Bijsterhuizen Bottendaal Brakkenstein De Kamp Galgenveld Goffert Groenewoud Grootstal Harert Harertse Hei Haven- en industrieterrein Hazenkamp Hees Heijendaal Hengstdal Heseveld Hunnerberg Kerkenbos Kwakkenberg Lankforst Lent Malvert Meijhorst Neerbosch-Oost Neerbosch-West Nije Veld Oosterhout Ooyse Schependom Ressen St, Anna Staddijk Stadscentrum 't Acker 't Broek Tolhuis Vogelzang Weezenhof Westkanaaldijk Wolfskuil Zwanenveld
-2,0
-10,0 -12,0
18
De wijken Biezen, Goffert en Heijendaal grootste aandeel in besparing In de wijk Biezen (-10 %) zijn in het Waalfrontgebied veel bedrijfsgebouwen gesloopt. In de Goffert (-6 %) is aan aantal bedrijfsgebouwen gesloopt, maar kan een wijziging in het productieproces ook een oorzaak hebben. In Heijendaal (-9 %) is mogelijk de verlaging het gevolg van de toename van WKO installaties bij de Universiteit/Ziekenhuis (nieuwbouw voor oudbouw) als vervanging van aardgas. De totale besparing in deze drie wijken ligt op ca -25 %. Opmerking bij Havengebied Het energieverbruik van de papierfabriek is hier buiten de berekening gehouden. Het werkelijk gasverbruik van de papierfabriek bedroeg circa 47.000.000 m3 aardgas per jaar. De sluiting van de papierfabriek zou een verlaging van -28 % van het totale gasverbruik in de figuren tonen, evenveel als de huidige besparing door alle bedrijven. Overige wijken dragen bij aan besparing De overige wijken dragen -20 % bij aan de besparing, per wijk -1 a -2 %, Gasverbruik op bedrijventerreinen In Figuur 14 zijn de besparingscijfers in zes bedrijventerreinen gepresenteerd. De besparingspercentages zijn ten opzichte van het totaal gasverbruik bedrijven. De bedrijven verbruiken sinds 2008 ca -53 % minder gas. Daarvan komt circa -40 % besparing op het conto van de vijf bedrijventerreinen.
Figuur 14: Besparingspercentages gas op bedrijventerreinen (tov gasverbruik bedrijven) 6 4 2 0
Westkanaaldijk
2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024
-2 Stadscentrum
-4
Haventerrein
-6
Goffert
-8 Heijendaal Biezen
-10 -12
Uit de Figuur is het volgende op te maken: • In het Havengebied is tot 2021 een toename in het gasverbruik zien tov 2008. Deze toename is in 2010 ontstaan. Pas in de laatste jaren is er een dalende trend waarneembaar, met een uitschieter in 2022. • Het gasverbruik in het Stadscentrum gaat geleidelijk omlaag naar ca -3 % • Ook het gasverbruik van Heijendaal gaat gestaag naar beneden tot ca -9 % • In de Goffert is tot 2014 een daling van ca -5,5 % en blijft daarna op dit percentage constant. • De Biezen kent de grootste daling tot 2013 waarna de besparing per jaar lichtjes daalt naar -10 %. • In Westkanaaldijk is in 2015 een stijging in het gasverbruik door de fabrieksuitbreiding van Mead Johnson. Daarna is er een lichte maar gestage daling van het gasverbruik, voornamelijk terug te voeren om het iets lager gasverbruik bij Mead Johnson. 19
5.3
Warmte verbruik 2008-2024 Per 1 januari 2025 zijn er 9.684 woningen en 583 woningequivalenten (weq) bedrijven op het warmtenet aangesloten. Dat zijn in totaal 10.307 woningequivalenten. De totaal geleverde warmte vanuit de ARN bedraagt 306.029 GJ (per 1-1-2025). Daarnaast wordt 6% van de warmte door de hulp warmtecentrale verzorgt. Er wordt ongeveer 230.000 GJ warmte in de woningen verbruikt. De verdeling van totale warmteverbruik tussen ruimteverwarming en warm tapwater is 85 - 15 %.
5.4
Besparing elektra, gas en warmte t.o.v. totaal energieverbruik (2008-2024) Het totale energieverbruik in 2008 lag op 11 PJ en is gedaald in 2023 naar 7,1 PJ.
12,00
P Joule
10,00 8,00 6,00 4,00
gas
elektra
2024
2023
2022
2021
2020
2019
2018
2017
2016
2015
2014
2013
2012
2011
2010
2009
0,00
2008
2,00
warmte
De totale energiebesparing in 2024 bedraagt -35,4% (zie Figuur 15). Daarvan bedraagt de besparing op gas 30,3 %, elektra -7,2 % en warmte + 2,1 %. De besparing op gas draagt voor het grootste deel bij aan de totale besparing. In 2014 is een grote daling in het energieverbruik. Na 2014 vlakt de besparing af naar een kleinere jaarlijkse besparing. De coronapandemie in 2020 speelt mee bij de daling in 2020. De hoge gasprijs in 2021/2022/2023 heeft een sterk effect op de recente daling van het gasverbruik gehad. In 2024 is er nauwelijks een besparing behaald, omdat het energiebesparingsgedrag (voornamelijk gas) van inwoners eind 2023 zijn maximum lijkt te hebben bereikt. Figuur 15: Besparingspercentages elektra, gas en warmte tov totaal energieverbruik.
5,0 0,0 -5,0 -10,0 -15,0 -20,0 -25,0 -30,0 -35,0 -40,0
elektra gas warmte
elektra gas
2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 0,0 -0,8 -0,5 -1,4 -1,7 -1,6 -3,6 -3,8 -3,5 -3,4 -3,9 -4,0 -6,0 -5,5 -6,7 -7,3 -7,2 0,0 -0,5 0,8 -2,6 -5,3 -5,6 -10,9 -11,1 -11,6 -12,2 -13,5 -15,1 -16,0 -20,8 -24,3 -30,1 -30,3
warmte totaal
0,0 0,0
0,0 -1,3
0,0 0,2
0,0 -4,0
0,0 -7,0
0,0 0,0 1,0 1,2 1,4 1,5 1,6 1,8 1,9 2,2 2,1 2,1 -7,3 -14,4 -13,9 -14,0 -14,2 -15,9 -17,5 -20,2 -24,5 -28,8 -35,3 -35,4
20
totaal
Figuur 16: Besparing gas en elektra door particulieren en bedrijven in % tov het totale energieverbruik (2024)
gas, particulier
gas, zakelijk
elektra, particulier
elektra, zakelijk
1,0 0,0
-2,0 -3,0 -4,0
Aldenhof Altrade Benedenstad Biezen Bijsterhuizen Bottendaal Brakkenstein De Kamp Galgenveld Goffert Groenewoud Grootstal Hatert Hatertse Hei Haven-... Hazenkamp Hees Heijendaal Hengstdal Heseveld Hunnerberg Kerkenbos Kwakkenberg Lankforst Lent Malvert Meijhorst Neerbosch-Oost Neerbosch-West Nije Veld Oosterhout Ooyse Schependom Ressen St, Anna Staddijk Stadscentrum 't Acker 't Broek Tolhuis Vogelzang Weezenhof Westkanaaldijk Wolfskuil Zwanenveld
-1,0
-5,0 -6,0 In Figuur 16 is voor het jaar 2024 de besparing door particulieren en bedrijven t.o.v. het totale energieverbruik gepresenteerd. Per wijk is een aantal oorzaken te geven voor het besparingspercentage. Een aantal die eruit springen zijn: • • • • •
• •
De Biezen (-5 %): in het Waalfrontgebied zijn veel energie-intensieve bedrijfsgebouwen gesloopt. De Goffert (-4,5 %): een aantal bedrijfsgebouwen is gesloopt en is er een grote wijziging in het productieproces bij NXP geweest. Havengebied (-3%): de oorzaak van de verlaging in gas en elektriciteit is terug te voeren op de sloop van bedrijfsgebouwen. Heijendaal (-4 %): de daling van het aardgas is relateren aan de sloop van gebouwen van het Universiteit/Radboud waarbij de nieuwbouw op een WKO installaties wordt aangesloten. Lent (-1 %): de tijdelijke hulp centrales van het warmtenet, gestookt op aardgas, zijn gesloten waarbij de nieuwe woningen worden verwarmd met warmte van de ARN; meer woningen betekent ook meer elektraverbruik. Stadscentrum (-1,5 % door bedrijven): de daling van het energieverbruik is te relateren aan de sloop/sluiting van een aantal grote bedrijfsgebouwen. De totale besparing in bovengenoemde wijken bedraagt -18 %. De besparing in overige 36 wijken is -18 % min of meerdere gelijkmatig over deze wijken verdeeld.
De totale besparing gas en elektra bedraagt -37,5 %. De woningen op het warmtenet verhogen het energieverbruik met +2,1 %. De totale besparing energie komt daarmee uit op -35,4 %.
5.5
CO2-emissie In Figuur 17 is het verloop van de CO2-emissie van 1990 tot en met 2024 weergegeven (scope 1 en 2 emissies). De totale CO2-emissie bedroeg in 1990 1.023 kton en is met -45 % gedaald naar 564 kton in 2024. Deze netto daling is het gevolg van diverse factoren: een daling door besparing bij woningen en bedrijven, het sluiten van bedrijven en het verduurzamen van de landelijke elektriciteitsmix, en een stijging door de nieuwbouwwoningen.
21
Figuur 17: Totale CO2 emissie (in kton) 1200
1.116 1023
1.068
1.057
1.074
1.023
1.007 929
1000
904
869
800
-45% in 2024 tov 1990
807 695
711
658 581
600
564
400 200 0 2006
2008 1990
2010
2012
2014
2016
2018
2020
2022
2024
In Figuur 18 is de CO2-emissie verder uitgesplitst naar de vijf categorieën uit het klimaatakkoord. Uit de figuur is o.a. het volgende op te maken: In 1990 bedroeg de CO2-emissie in aflopende volgorde: woningen (298 kton), Industrie (294 kton), Utiliteit (235 ton), verkeer en vervoer (187 kton) en landbouw (9 kton), in totaal 1.023 kton CO2. In 2024 bedroeg de emissie in aflopende volgorde: verkeer en vervoer (193 kton), woningen (160 kton), Utiliteit (138 kton), Industrie (70 kton), en landbouw (2 kton), in totaal 564 kton CO2. (De cijfers van 2024 waren nog niet per sector beschikbaar op het moment van schrijven. Deze zijn geschat op basis van andere literatuur bronnen.) Mobiliteit veroorzaakt momenteel de grootste CO2 emissie; woningen en utiliteit kennen een vergelijkbare hoeveelheid CO2 emissie. De Industrie is ongeveer de helft van deze drie categorieën (70 kton) en landbouw draagt nauwelijks bij. De CO2-emissie van woningen blijft de laatste jaren t/m 2023 dalen. Dit is terug te voeren op isolatiemaatregelen in de woningen, veranderd stookgedrag vanwege hoge aardgasprijs en de verbeterde duurzame elektriciteitsmix. In 2024 lijkt de gedragsverandering maximaal bereikt en vlakt de besparing af. De CO2-emissie van Utiliteit was sinds 1990 sterk gestegen voornamelijk door de uitbreiding van de dienstensector in de stad.
De laatste jaren daalt de CO2-emissie van Utiliteit vanwege isolatiemaatregelen in de gebouwen, veranderd stookgedrag vanwege hoge aardgasprijs en de verbeterde duurzame elektriciteitsmix. De CO2-emissie van Mobiliteit schommelt al jaren rond de 200 kton. De toename van het aantal (vracht)auto’s houdt gelijk tred met de energie efficiëntie van motoren. De CO2-emissie van Industrie is de sterkste daler en is nu 1/3 van dat die in 1990 was. Een belangrijk factor hierin is de sluiting van de papierfabriek, sluiting van andere bedrijven in nieuwbouwgebieden en de verbeterde duurzame elektriciteitsmix. De CO2-emissie van Landbouw en Natuur in Nijmegen is verwaarloosbaar t.o.v. de overige sectoren.
22
Figuur 18: CO2 emissie sectoren Klimaatakkoord (in kton) 350 300 250 200
Woningen Industrie
Utiliteit Mobiliteit
Mobiliteit
Woningen Utiliteit
150 100 50 0 2007
Industrie Landbouw Landbouw
2009 1990
2011
2013
2015
2017
2019
2021
2023
Utiliteit
Industrie, Energie, Afval en Water
Verkeer en vervoer
Woningen
2025
Landbouw, bosbouw en visserij
Figuur 19 laat de CO2-emissie per energiebron zien: aardgas, mobiliteitsbrandstoffen en elektriciteit. De CO2emissie door verbranding van aardgas en mobiliteitsbrandstoffen scharen we onder directe CO2-emissie of scope 1 emissie. Dit is de CO2-emissie op de plek van verbranding. De CO2-emissie vanwege het verbruik van elektriciteit noemen we indirecte emissie of scope 2 emissie. Deze CO2-emissie kan overal in Nederland in elektriciteitscentrales plaatsvinden. In de Figuur 19 is de scope 1 en 2 emissie gepresenteerd. We kunnen het volgende zien: • De CO2-emissie door aardgas heeft een dalende trend, terug te voeren op minder aardgasverbruik. • De CO2-emissie door brandstoffen in vervoer en mobiliteit schommelt al jaren rond de 200 kton en laat geen dalende trend zien. • De emissie van aardgas en brandstoffen hebben in 2024 elk een even groot aandeel in de totale CO2emissie, ieder rond de 200 kton CO2 terwijl in dat jaar de emissie vanuit elektriciteit wel verder daalt. • De scope 2 emissie elektra daalt sterk door besparing en door verbetering van de duurzame landelijke elektriciteitsmix. 64 % van de daling is te relateren aan het verduurzamen van de elektra en 36 % ten gevolge van daadwerkelijke besparingen.
23
Figuur 19: Scope 1 en 2 emissie (kton) 600 500 400 300 200 100 0 2007
2009
2011 Scope 2, elektra
2013
2015
2017
Scope 1, aardgas
2019
2021
2023
2025
scope 2, vervoer brandstof
Emissiefactoren Ieder jaar wordt de emissiefactor voor elektriciteit vastgesteld. Er wordt bepaald hoeveel elektriciteit is opgewekt via fossiele brandstoffen kolen en aardgas en de duurzame opwekkers zoals zon en wind. De emissiefactor wordt uitgedrukt in kg CO2 per kWh elektra. In 1990 lag de emissiefactor op 0,55 kg/kWh voornamelijk veroorzaakt door het hoge fossiele aandeel van de elektriciteitscentrales. De laatste jaren is het aandeel van duurzame elektriciteit uit zon en wind aan de elektriciteitsmix toegevoegd. Dit verlaagt de emissiefactor. In Figuur is de hoogte van de emissiefactor elektra over de jaren weergegeven.
Vanaf 2015 is er een sterke daling van de emissiefactor. In 2024 bedraagt de emissiefactor 0,20 kg CO2 per kWh elektra, een daling van 64 % tov 1990. De emissiefactor van aardgas is ieder jaar gelijk en bedraagt 1,78 kg CO2 per m3 aardgas. Die factor kan in de toekomst dalen door de bijmenging van groengas. De emissiefactor voor mobiliteit is afhankelijk van de soort brandstof. Benzine: ca 2,3 kg per liter, diesel 2,6 kg/liter. Eén liter brandstof weegt circa 0,8 kg. (De CO2 emissie van één liter benzine in een auto staat ongeveer gelijk aan het verbruik van één kubieke meter aardgas in een woning.) De factoren zijn te vinden in www.co2emissiefactoren.nl/lijst-emissiefactoren/
24
6
Conclusie/samenvatting Nijmegen heeft 44 wijken, circa 86.500 woonobjecten, circa 5.500 bedrijfsobjecten en 189.000 inwoners. Nijmegen verbruik in totaal (2024) 7,1 PJ en er wordt 0,96 PJ duurzaam opgewerkt. De onderverdeling van elektra, gas en warmte en de gebruikersgroepen bedrijven en particulieren, geeft het volgende beeld. Duurzame energie 0,96 PJ
Verbruik energie 7,1 PJ
warmte warmte elektra part., 0,23 zakelijk, part., 0,75 0,006
gas zakelijk, 1,79
elektra zakelijk, 2,01
gas part., 2,31
Het grootste deel van het energieverbruik komt door het verbruik van aardgas door zowel de particulieren als de bedrijven. De totale energiebesparing bedraagt -35,4 % en de duurzame energieopwek bedraagt 8,8 %. In 2024 is de CO2-emissie met -45 % gedaald tov 1990 (van 1.023 naar 564 kton). De sector industie heeft daarin het grootste besparingsaandeel, gevolgd door de sectoren woningen en Utiliteit. De sector mobiliteit laat geen CO2 besparing tot nu toe zien. De aandeeel van de landbouwsector in Nijmegen is nagenoegd niet aanwezig. De trend 2008-2024 voor elektra: Een afname in het elektraverbruik, gelegen bij de zakelijke verbruikers. Particulieren besparen in geringe mate, maar door de toename van het aantal woningen is er in totaliteit bij de particulieren geen besparing. De afname in elektraverbruik is gerealiseerd in Biezen, Goffert, Havengebied en Stadscentrum. Er is een toename in elektraverbruik bij Lent, Oosterhout, Ressen en Heijendaal.
De trend 2008-2024 voor gas: Een afname in het gasverbruik, twee-derde door de zakelijke verbruikers, één-derde door de particuliere verbruikers. Het zakelijk verbruik is afgenomen in de wijken Biezen, Goffert, Havengebied, Heijendaal, Lent en Stadscentrum. Het particuliere gasverbruik is in bijna alle wijken afgenomen, de een wat meer dan de ander. 25