J. Troost achtergrondinfo Een beetje toegankelijkheid bestaat niet.pdf
Tekst van het document
Achtergrondinformatie bij inspraakreactie voetgangersburg Waalhaven Er was veel commotie over de geplande brug over de Waalhaven, die ontoegankelijk zou worden. We willen dat rumoer in een bredere context plaatsen en tevens duidelijk maken waar het ons, als Zelfregiecentrum, in de kern om te doen is.
De context ‘Die weg moest worden afgelegd’ In 1972 protesteerden jongeren van de Sint Maartenskliniek, samen met leeftijdgenoten uit het reguliere onderwijs, tegen de ontoegankelijkheid van het net opgeleverde Cultureel Centrum De Lindenberg. Het was de eerste demonstratie van mensen met een lichamelijke beperking in Nederland. Zij daalden letterlijk van de berg van de St. Maartenskliniek af, om hun plek in de samenleving op te eisen. De idee bij beleidsmakers was dat jongeren met een beperking niet aan cultuur deden, hooguit aan drummen op therapeutische basis in hun instellingen in de bossen. Dat is nog maar vijftig jaar geleden. Het duurde nog tien jaar voordat het cultureel centrum daadwerkelijk toegankelijk zou worden. Het protest stond aan de basis van de Werkgroep Integratie Gehandicapten (WIG), die inmiddels is opgegaan in Zelfregiecentrum Nijmegen. Over het ‘afdalen’ van de jongeren met een beperking naar de samenleving maakten we een publicatie: ‘Die weg moest worden afgelegd’. Het waren de hoogtijdagen van het medische model. Het VN Verdrag handicap en het sociale model Eind 2006 hebben de Verenigde Naties het Verdrag voor de Rechten van Personen met een Handicap (het VN-verdrag) aangenomen. Hierin staat welke rechten mensen met een beperking hebben. Volgens het VN-verdrag moeten ze net zo goed aan de samenleving mee kunnen doen als mensen zonder beperking.
Bovendien hebben mensen met een beperking het recht om beslissingen te nemen over hun eigen leven. Nederland heeft het VN-verdrag in de zomer van 2016 bekrachtigd. Het VN-verdrag handicap vraagt om een andere manier van denken om te komen tot een inclusieve samenleving. Vaker dan we denken worden mensen met een beperking onbedoeld of onbewust buitengesloten van alledaagse zaken. Dit komt omdat we in Nederland hebben gekeken vanuit het ‘medische model’. We hebben onze samenleving ingericht op basis van hoe de meeste mensen zijn (de norm) en daarnaast aanpassingen getroffen voor mensen die daar niet aan voldoen. Zo creëerden we vaak aparte woongemeenschappen en zorginstellingen voor mensen met een ernstige lichamelijke beperking, zoals Het Dorp in Arnhem. Dit zorgde voor een grote scheiding tussen mensen. Tegenwoordig streven we naar een samenleving, die we zo inrichten dat iedereen mee kan doen en die (mede) tot stand komt door input vanuit ervaringsdeskundigen. Dit noemen we het ‘sociaal model’. Het is de basis voor het VN-verdrag handicap. Er wordt in dit model onderscheid gemaakt tussen functiebeperking en handicap. Iemand kan een beperking hebben maar dit wordt pas een handicap als er in de samenleving drempels zijn waardoor degene niet mee kan doen. Inclusief beleid vraagt om expliciete keuzes Bij inclusie past de samenleving zich zo aan dat iedereen mee kan doen.
We onderscheiden drie niveaus: • Het individu: wat heeft een persoon met een beperking nodig om mee te kunnen doen en erbij te horen. En wat wil/kan hij zelf?
• •
De omgeving: wat is nodig in de samenleving zodat mensen met een beperking als medemens worden gezien en van betekenis kunnen zijn, net als ieder ander? Structuren: wat is nodig in beleid, wet- en regelgeving, maar ook van organisaties om inclusie mogelijk te maken voor elk individu?
Inclusief beleid is dus pertinent niet impliciet beleid (“dat doen we al”). Het vraagt juist om expliciete (BISMART) geformuleerde doelen om inclusie (insluiting) te bereiken. Voorlopig resultaat VN verdrag: positie niet verbeterd, maar verslechterd Uit de Schaduwrapportage VN-Verdrag handicap (december 2019) blijkt dat de rechten van mensen met een beperking in Nederland niet zijn verankerd. Een citaat uit dat rapport: “Verslechtering na ratificatie is zichtbaar bij inkomenspositie, arbeidsparticipatie en werkloosheid, ondersteuning in participatie in de samenleving en jeugdzorg, verstrekking van hulpmiddelen, verslechtering op onderwijsterrein, institutionele zorg en dwangopnames.” Juni 2021 kwam het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) met haar rapport Lang niet toegankelijk. Ervaringen van Nederlanders met een lichamelijke beperking als spiegel van de samenleving. “Mensen met een lichamelijke beperking nemen minder deel aan het publieke leven, dan mensen zonder lichamelijke beperking. Ze ervaren ook minder mogelijkheden om hun leven in te richten zoals zij dat zelf willen. Van een samenleving waaraan iedereen ‘op voet van gelijkheid’ kan deelnemen, is dan ook nog geen sprake. De oorzaken liggen in de fysieke toegankelijkheid van publieke plekken, maar ook in vooroordelen en de manier waarop mensen behandeld worden.
Verder spelen hulpmiddelen en financiële middelen een belangrijke rol. Hier ligt niet alleen een taak voor de (lokale) overheid en publieke organisaties, maar ook voor bedrijfsleven, verenigingen en de samenleving als geheel.” Kortom, na ratifcatie van het VN verdrag in 2016, is de positie van mensen met een beperking op tal van terreinen niet verbeterd, maar verslechterd. Mensen met een lichamelijke beperking nemen minder deel aan het publieke leven. Er vindt dus nog steeds uitsluiting plaats.
Standpunt Zelfregiecentrum Het is (bijna) 50 jaar na de bouw van het ontoegankelijke cultureel centrum De Lindenberg dat het stadsbestuur een ontoegankelijke brug wil bouwen. Daarbij maakt het college een onderscheid tussen toegankelijkheid en rolstoeltoegankelijkheid. In onze visie bestaat er maar één soort toegankelijkheid: integrale toegankelijkheid, voor iedereen. Dus niet alleen voor mensen met een fysieke of zintuiglijke beperking, maar ook voor ouders met kinderwagens en ouderen met beperkte mobiliteit. Het bestuur zegt ook: toegankelijkheid? Daar is geen apart budget voor, alleen een zeer beperkt budget voor noodgevallen. Waar staan we dan als Nijmeegse samenleving? Waar willen we staan? We delen de visie van April Ranshuijsen, zoals verwoord in haar opiniestuk in De Gelderlander (14 juli, 2021): “Deze discussie gaat over de fundamentele vraag hoe wij onze samenleving willen inrichten. Is de beperking van een persoon het probleem of zit het probleem in de manier waarop we de omgeving inrichten? Kiezen we ervoor mensen uit te sluiten of wordt toegankelijkheid de norm, zoals ook veiligheid dat is. Ik vind dat we de ontstane situatie moeten gebruiken om vanaf nu scherpere en transparantere keuzes te maken. Toegankelijkheid moet de norm zijn. En als dat om welke reden dan ook een probleem oplevert, dan gaan we daarover in gesprek. Dan zoeken we naar
een inclusieve oplossing of een gelijkwaardig alternatief. Omdat we in Nijmegen een stad voor iedereen willen zijn.” Vertaald naar concrete acties: 1 Veranker de Integrale Toegankelijkheids Standaard (ITS) als norm Toegankelijkheid is de randvoorwaarde voor een inclusieve samenleving. Vanuit het VN-verdrag Handicap dienen alle gebouwen met een publieke functie toegankelijk te zijn. Hanteer daarbij de Integrale Toegankelijkheids Standaard (ITstandaard), ook voor woningen en publieke werken zoals een brug. In deze opvolger van het Handboek voor Toegankelijkheid worden slechts minimum-maten gehanteerd. Het vormt dus een ondergrens. Zie ook bijlage 1. 2 Waar dit niet kan: bied een gelijkwaardig alternatief CDA en VoorNijmegen.nu vragen aan het college (19 juni 2021) in hoeverre een ontoegankelijke brug over een belangrijke wandelroute van Binnenstad naar het nieuwe hoogstedelijke gebied van het Waalkwartier, getuigt van een toegankelijke en inclusieve stad. Daarop antwoordt het college: “Er blijft een adequate, comfortabele looproute voor mensen met een functiebeperking van het Waalfront naar het stadscentrum (die er nu ook al is).” Echter, dit is geen comfortabele looproute. We zullen dit illustreren met foto’s en/of een filmpje.
3 Of bied compensatie Een optie is ook om compensatie te bieden: lukt het niet om een toegankelijke brug over de Waalhaven te realiseren, bied dan compensatie door een bedrag te stoppen in een fonds voor toegankelijkheid. Bijvoorbeeld om de Stimuleringsregeling Toegankelijkheid weer in ere te herstellen. Met deze regeling zijn in het verleden in tien jaar tijd 70 gebouwen met een publieksfunctie optimaal toegankelijk gemaakt. 4 Zorg voor meer expertise over toegankelijkheid in het gemeentelijk apparaat. Of huur die expertise in bij professionals. Schakel ook consequent ervaringsdeskundigen in. Vragen die resteren Aan de voorkant, bij de start van het project, lijkt niet de voorwaarde gesteld dat de brug voor iedereen toegankelijk zou moeten zijn. Als ZRCN vragen we de wethouder en betrokken ambtenaren om ons nog een keer mee te nemen in het proces: waar en wanneer is toegankelijkheid in beeld geweest? Wie waren daarbij bij betrokken? Was het technische niet haalbaar of was het te duur? Maak het maar inzichtelijk voor ons. “In 2019 is alleen gekeken naar de technische, ruimtelijke en financiële haalbaarheid.
Pas in 2020 is bij het opstellen van het programma van eisen voor de architect nog een keer gekeken naar mogelijkheden voor een brug die wel toegankelijk is.” Wat kwam daar precies uit? Er is contact geweest met een expert over de brug, maar niet met ervaringsdeskundigen, “omdat een brug maken die voldoet aan het handboek ons inziens niet haalbaar is.” Waar ging het gesprek met de expert dan over? Wie was die expert? Waarom Zelfregiecentrum en PBT Consult niet betrokken in de eerste fase? Klopt de bewering dat hellingbanen 125 meter lang zouden moeten worden? “Dat is te lang en er is de fysieke ruimte niet voor, met name aan zijde Handelskade.”
“In eerste instantie is gekeken naar de beschikbare ruimte en de eisen waaraan de brug moet voldoen voor de scheepvaart. Ook de kosten hebben hierin een rol gespeeld.” Welke rol hebben de kosten hier gespeeld? Dat is toch alleen aan de orde als er een toegankelijk alternatief is? Gaat de gemeenteraad hier in laatste instantie niet over? Besluitvorming: februari 2021: de raad heeft niet door dat de brug niet toegankelijk zou worden. Het college heeft dit niet expliciet benoemd.
Bijlage: Integrale toegankelijkheids Standaard (ITS) ITSTANDAARD De Integrale Toegankelijkheid standaard (ITstandaard) is dé (internationaal) erkende standaard voor toegankelijk bouwen in Nederland. In deze standaard zijn de algemene toegankelijkheidsrichtlijnen en -normen door ons omgewerkt naar bouwtechnische eisen, die worden toegepast bij het ontwerpen en realiseren van integraal toegankelijke projecten. De criteria zijn gratis te raadplegen op deze website. De definitie van fysieke toegankelijkheid is: "de eigenschap van buitenruimten, gebouwen, woningen en vervoer die maakt dat mensen - divers als ze zijn - er kunnen doen wat ze er volgens de bestemming moeten kunnen doen." De criteria komen onder andere voort uit het handboek voor Toegankelijkheid, het Bouwbesluit, NEN 1814/NPR1815, ASVV, PBTconsult Routegeleiding, Handboek Ergonomie/Human Factors, Neufert Architects' Data en Universal Design, NEN-ISO-21542 en Zicht op Ruimte. De criteria van de ITstandaard zijn in overleg met verschillende belangenverenigingen, gezamenlijk vertegenwoordigd door Ieder(in), opgesteld. Wijzigingen door veranderende maatschappij en/of aanpassingen in wet- en regelgeving worden in updates van de ITstandaard opgenomen en gepubliceerd. Voldoet de gebouwde omgeving aan de criteria uit de ITstandaard, dan komt het in aanmerking voor een ITS-Keurmerk.
Een keurmerk op zichzelf hoeft niet het doel te zijn, toegankelijk bouwen wel! De ITstandaard en het bijbehorende ITS Keurmerk zijn officieel erkend door de American Disability Act (ADA) en de certificaten van WELL en BREEAM als gelijkwaardige criteria voor toegankelijkheid. Dat betekent dat het voldoen aan de ITstandaard gelijk staat aan het voldoen aan de eisen van de ADA, WELL en BREEAM op het gebied van fysieke toegankelijkheid. Het hebben van een ITS Keurmerk volstaat voor deze certificering schema's om te voldoen aan het hoofdstuk fysieke toegankelijkheid. De criteria van de vigerende ITstandaard is volledig online te raadplegen, u kunt hiervoor een gratis account aanmaken. De ITstandaard is ook tegen een vergoeding als document (complete geprinte versie) te bestellen. https://www.pbtconsult.nl/ontwerprichtlijnen/itstandaard/213/56/