CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Integraal actieplan hitte; uitvoeringsagenda 2026-2030

Besluitronde (raadsvergadering) 6 mei 2026, gemeente NijmegenBij agendapunt: D22 d.d. 24 februari 2026 over Integraal actieplan hitte; uitvoeringsagenda 2026-20306.320 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Integraal actieplan hitte Uitvoeringsagenda 2026-2030

- of projectplan 

1

Inhoudsopgave 1.

Waarom dit integraal actieplan hitte?

3

1.1 Gezondheidseffecten hitte

3

1.2. Menukaart hitte: aandacht voor gebied, gebouw en gezondheid

4

1.3 Inhoud en leeswijzer

4

2.

5

Hitte in Nijmegen

2.1 Het hitte-eilandeffect in Nijmegen

5

2.2 Warmteoverlast

6

2.3 Hoe te komen tot een hittebestendige stad

7

2.4 Relatie met andere thema's

9

3.

10

Wat doet de gemeente al en wat kan er nog meer?

3.1 Hitte in beleid en projecten

10

Domein Gezondheid

11

Domein Gebied

12

Domein Gebouw

14

3.2 Op welke hitte onderwerpen wordt nog meer ingezet

16

3.3 Verschillende rollen van de gemeente

16

4.

17

Welke hittemaatregelen gaan we waar uitwerken?

4.1 Soort acties per domein

17

4.2 Overzichtstabel acties

18

5.

21

Financiën en monitoring

2

 

1. Waarom dit integraal actieplan hitte? Gemeente Nijmegen wil in 2050 een klimaatbestendige stad zijn en daarmee ook voorbereid zijn op de toenemende hete periodes als gevolg van klimaatverandering. Hiervoor hebben we in de Omgevingsvisie en de klimaatadaptatiestrategie (2023) doelen voor wateroverlast, droogte, hitte en overstromingsrisico vastgesteld. In de strategie hebben we ook gesteld dat we met onze oplossingen zowel kijken naar de inrichting van de omgeving als naar het gebouwniveau. Maar ook naar wat de inwoner zelf kan doen met gedrag, denk aan het sluiten van ramen tijdens hitte. Een integrale uitwerking van de hitte-aanpak voor de drie domeinen gezondheid, gebied en gebouw draagt bij aan een versnelling en borging van gemeentelijk hittebeleid.

1.1 Gezondheidseffecten hitte Hete periodes kunnen leiden tot gezondheidsklachten bij inwoners van onze stad. Gezondheidsklachten zijn oververhitting (o.a. te herkennen aan vermoeidheid, concentratieverlies, hoofdpijn, duizeligheid) en hitteuitputting (flauwvallen, kramp, hevig zweten). Als er geen maatregelen worden getroffen kunnen de klachten ernstiger worden en uiteindelijk leiden tot een hitteberoerte. Uit onderzoek is ook gebleken dat mentale gezondheidseffecten (suïcides, stress, agressie en depressie) toenemen bij hitte. Het zijn met name kwetsbare inwoners, zoals ouderen en sociaal- geïsoleerde inwoners, die het hardst worden getroffen door de gevolgen van hitte. Naast gezondheidseffecten als het gevolg van hitte geeft ook blootstelling aan UV-straling door de zon een verhoogt risico op huidkanker. Huidkanker is de meest voorkomende vorm van kanker in Nederland en het aantal nieuwe gevallen (incidentie) stijgt nog steeds1. Hitte veroorzaakt vooral gezondheidseffecten bij kwetsbare groepen. Inwoners die het hardst getroffen worden door de gevolgen van hitte zijn:  Ouderen;  Zeer jonge kinderen en baby’s (0-4 jaar);  Mensen met overgewicht;  Mensen met een (chronische) ziekte, zoals diabetes, hart- en vaatziekten, nierziekten of longziekten;  Mensen met een verstandelijke of psychische beperking.  Mensen die in sociaal isolement leven.

 Mensen met geldzorgen of een laag inkomen.  Daarnaast zijn dieren afhankelijk van hun eigenaar voor maatregelen tegen hittestress en daarmee kwetsbaar.

1

GGD-richtlijn medische milieukunde: hitte en gezondheid | RIVM

3

1.2. Menukaart hitte: aandacht voor gebied, gebouw en gezondheid Om te komen tot dit integraal actieplan hitte hebben we het proces van de “Menukaart hitte" doorlopen. Deze in 2022 ontwikkelde landelijk methode voor gemeenten om te komen tot een integrale aanpak van hitte, richt zich op de drie belangrijkste domeinen:  Gezondheid,  Gebouw en  Gebied. We hebben als onderdeel van de Menukaart samen met stakeholders in beeld gebracht welke stappen we nog meer kunnen zetten richting een concreet actieplan om meer hittebestendig te worden. De Menukaart liet ons zien: 1. Welke hitterisico’s er zijn; 2. Welke maatregelen we al nemen en waar we nog meer op kunnen inzetten; 3. Welk hittenetwerk we hierbij nodig hebben. Betrokken stakeholders: Voor de menukaart hitte hebben we, naast de relevante interne afdelingen, ook partnerorganisaties betrokken die te maken hebben of zullen krijgen met de gevolgen van hitte. Deze partijen zijn: woningbouwcorporaties, huurdersbelangenorganisaties, zorg- en welzijnsinstellingen, gemeentelijke adviescommissies, GGD, en de Veiligheidsregio.

1.3 Inhoud en leeswijzer Dit actieplan biedt een integraal overzicht van de acties voor het tegengaan van hittestress die we als gemeente voor de domeinen gezondheid, gebied & gebouw de komende jaren gaan uitvoeren en welke stakeholders we daarbij nodig hebben. Het volgende hoofdstuk schetst de hittesituatie in de stad waarna hoofdstuk 3 in gaat op hoe hitte nu al als onderwerp terugkomt binnen de verschillende domeinen. Hoofdstuk 4 geeft het overzicht van de acties waar we de komende jaar op in gaan zetten. Hiermee laten we zien welke stappen de gemeente zelf al neemt om hittebestendiger te worden en geven we aan waar we de komende jaren nog meer op in gaan zetten in samenwerking met onze partners.

4

 

2. Hitte in Nijmegen 2.1 Het hitte-eilandeffect in Nijmegen Hittestress is het sterkst in de stadsdelen met weinig open bodem, weinig bomen en groen en dus veel verharding. Met name de sterk verharde gebieden van Nijmegen zijn gevoelig voor hittestress. Het centrum en de wijken rondom het centrum (zoals het Waterkwartier) warmen sterk op tijdens hete zomerdagen. Dit zijn ook wijken met een hoog aandeel sociale woningbouw en tegeltuinen. Doordat tegels warmte vasthouden, hebben bewoners bij hogere temperaturen meer last van hitte en klimaatverandering. Hiermee is rekening gehouden in de klimaatadaptatiestrategie bij de bepaling van de prioritaire gebieden voor hitte die we met voorrang (uiterlijk 2035) gaan aanpakken. Het hitte-eilandeffect is daarnaast sterk aanwezig bij het haventerrein en de industrieterreinen. Niet alleen onze inwoners en dieren, ook de natuur en het groen ervaren last van de warmte. Bomen en planten verdampen meer vocht en worden daardoor extra kwetsbaar voor uitdroging en langdurige schade.

Kaart 1. Gevoelstemperatuurkaart Nijmegen 2018 (bron: RHDHV)

5

2.2 Warmteoverlast De jaarlijkse Burgerpeiling bevat ook vragen over de mate waarin inwoners overlast ervaren van warmte. In de Burgerpeiling van 2023 geeft een deel van de Nijmegenaren (31%) aan regelmatig of vaak overlast van warmte in de woning te ervaren. Voor een enigszins vergelijkbaar aandeel (28%) is het tijdens aanhoudend warm weer niet mogelijk verkoeling te vinden in woning, tuin of buurt.

Figuur: Percentage inwoners dat vaak of regelmatig veel last heeft gehad van warmte in huis. Bron: Burgerpeiling 2023

Figuur 1: Ontwikkeling % inwoners dat vaak of regelmatig veel last heeft gehad van warmte in huis. Bron: Burgerpeiling

6

 

De GGD Gelderland-Zuid kijkt in haar onderzoek (Gezondheidsmonitor Volwassenen) verder dan de woning. Het aandeel Nijmegenaren dat in de vragenlijst aangeeft tijdens aanhoudend warm weer geen verkoeling te kunnen vinden in woning, tuin of buurt geeft een vergelijkbaar beeld en is het hoogst in stenige en volgebouwde stadsdelen.

Figuur 2: Percentage Nijmegenaren dat tijdens aanhoudend warm weer geen verkoeling kan vinden in woning, tuin of buurt. Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen 2020, GGD Gelderland-Zuid.

2.3 Hoe te komen tot een hittebestendige stad Zowel in de Omgevingsvisie Nabije Stad als in de Klimaatadaptatiestrategie zijn de doelen voor klimaatadaptatie opgenomen. Voor het thema hitte zijn de volgende doelen voor 2050 gesteld:   

We willen groene en koelte binnen bereik van iedereen. We willen voldoende schaduw op loop- en fietsroutes en verblijfsplaatsen. We willen voldoende groen in de wijken.

We hanteren hierbij de voorkeursvolgorde voor koeling: 1.

Koele groene omgeving: Het aanplanten en behoud van bomen met een brede boomkroon is de meest effectieve manier om de omgeving te verkoelen. Bomen planten we in de volle grond en bij voorkeur niet in bakken. Daarnaast heeft groen in het algemeen een verkoelende werking door het absorberen van warmte en het verdampen van vocht. Maar groen heeft meer voordelen. Het draagt bij aan een schonere lucht, werkt stressverlagend, en heeft een gunstig effect op de algehele verbetering van het welzijn en de fysieke en mentale gezondheid van de inwoners. Als groene oplossingen niet mogelijk zijn, kan ook op andere manieren schaduw worden gecreëerd door bijvoorbeeld schaduwdoeken.

2.

Warmte weren: Warmte kan geweerd worden door het aanbrengen van groene gevels en groene daken, maar ook ander (biobased en nature based) materiaalgebruik werkt verkoelend. Voor het weren van warmte via

7

ramen is zonwering essentieel. Door onder meer rekening te houden met kleur- en materiaalgebruik (biobased en nature based solutions), reflectie en oriëntatie,kan opwarming in de woning en de omgeving voorkomen worden. Vooral biobased bouwen wordt aanbevolen, omdat hout minder lang warmte vasthoudt dan steen en biobased materialen ook beter ventileren 3.

Passief koelen: Goed ventileren kan eveneens een grote bijdrage leveren aan het verkoelen. Dit kan in de stad, door middel van wind, maar ook binnenshuis door ’s nachts deuren en ramen open te zetten of op een andere manier te ventileren.

4.

Actief koelen: Actieve koelinstallaties (airco’s) hebben vanwege de opwarming van de omgevingstemperatuur, het energieverbruik en de geluidsproductie niet de voorkeur, maar sluiten we niet uit.

Prioritaire gebieden voor hitte We zetten de eerste stappen om de locaties die in de klimaatadaptatiestrategie zijn benoemd als prioritaire locaties te onderzoeken, en waar nodig maatregelen te treffen. Dit kunnen fysieke maatregelen zijn, maar ook andere soorten maatregelen binnen de domeinen gebied, gebouw en gezondheid. Voor het thema hitte zijn de volgende prioritaire gebieden genoemd. Het gaat hier het om de volgende versteende wijken die niet voldoen aan de doelstelling voor het percentage groen in de wijk en de streefdoelstelling voor afstand tot koelte of het gewenste percentage schaduw:

1. Centrum en stationsgebied 2. Bottendaal 3. Biezen en Wolfskuil 4. Willemskwartier en Landbouwbuurt 5. Neerbosch-Oost 6. Hatertse Hei

8

 

2.4 Relatie met andere thema's De stad aanpassen aan een veranderend klimaat en komen tot een hittebestendige aanpak heeft relatie met andere ambities in de stad. Deze worden hieronder toegelicht.

Omgevingsvisie Nabije Stad In de Omgevingsvisie Nabije Stad maakt Nijmegen keuzes en geeft het richting aan hoe de stad zich de komende jaren, richting 2050 gaat ontwikkelen. Hierin staan onder meer de gezonde leefomgeving, duurzame ontwikkeling en brede welvaart centraal. Eén van leidende principes uit de Omgevingsvisie is bijdragen aan de gezonde leefomgeving. Bij de groei en ontwikkeling van de stad beschermen, bevorderen en faciliteren we actief een gezonde leefomgeving. Door een schoon milieu te waarborgen en negatieve omgevingsfactoren zoals luchtvervuiling en hittestress te verminderen, beschermen we de gezondheid van inwoners. We faciliteren gezondheid door een beweegvriendelijke, groene en veilige omgeving in te richten, met voldoende aantrekkelijke voorzieningen en ruimte voor ontmoeten. Een prettige en veilige leefomgeving draagt bij aan welzijn en gelijke kansen voor iedereen.

Ruimtelijke rechtvaardigheid Tijdens warme zomers overlijden landelijk honderden mensen meer dan gemiddeld. Vooral ouderen, mensen met chronische aandoeningen en mensen met een laag inkomen lopen extra risico. Hitte treft mensen niet allemaal op dezelfde manier. Naast de temperatuur, bepalen woon- en leefomstandigheden wie kwetsbaar is. Niet iedereen ervaart hitte hetzelfde. Dit komt niet alleen vanwege verschillen in temperatuur, maar ook door woon- en leefomstandigheden. Bewoners van groene, koele buurten met tuinen en voldoende water zijn beter in staat om verkoeling te vinden dan mensen in stenige, versteende wijken met weinig schaduw en groenvoorzieningen. De verschillen in hittestress binnen de stad worden mede bepaald door de structuur van de openbare ruimte, maar ook door factoren zoals inkomen, gezondheid, sociale netwerken en adaptieve mogelijkheden. In Nijmegen is dit goed zichtbaar. Wie woont in een groene, koele buurt met een tuin of een goed geïsoleerd huis, beleeft een hittegolf heel anders dan iemand in een stenige wijk, in een slecht geïsoleerde woning zonder zonwering of airco. In oude, dichtbebouwde wijken kan het tot wel zeven graden warmer zijn dan in het koelere buitengebied. In die warme wijken wonen vaker mensen met minder mogelijkheden om zich tegen de hitte te beschermen.

Hitte is dus niet alleen een kwestie van het weer, maar ook van hoe eerlijk kansen en bescherming in onze samenleving verdeeld zijn. Sommige groepen en buurten hebben minder mogelijkheden om zich tegen hitte te beschermen, waardoor hun gezondheid en levenskwaliteit onevenredig worden geraakt.

9

3. Wat doet de gemeente al en wat kan er nog meer? 3.1 Hitte in beleid en projecten Het thema hitte komt in meerdere beleidsdocumenten en projecten terug. In de volgende documenten en projecten is hitte als een thema genoemd en werken we toe naar een hittebestendige stad.

Omgevingsvisie De Nabije Stad Nijmegen wil een nabije en rechtvaardige stad zijn. In de omgevingsvisie die in 2025 is geactualiseerd, maakt Nijmegen keuzes en geeft het richting aan hoe de stad zich de komende jaren, richting 2050 gaat ontwikkelen. Hierin staan onder meer de gezonde leefomgeving, duurzame ontwikkeling en brede welvaart centraal. Voor klimaatadaptatie waaronder hitte geldt: In 2050 willen we de stad klimaatadaptief hebben ingericht. De prioritaire gebieden willen we in 2035 met voorrang hebben aangepakt. Maar er zal meer tijd nodig zijn voordat de gebieden volledig klimaatadaptief zijn.

Omgevingsprogramma's Maatregelen aan de openbare ruimte zijn nodig voor het creëren van ruimte voor extra groen en koelteplekken, evenals voor het mogelijk maken van groen/blauwe afvoerstructuren om wateroverlast te beperken bij hevige neerslag. Dit doen we door mee te liften met opgaven in de openbare ruimte, en in de prioritaire gebieden nemen we het initiatief vanuit klimaatadaptatie. Dit werken we verder uit in twee omgevingsprogramma’s: een water- en rioleringsprogramma en een programma voor klimaatadaptatie en groen. Hierin formuleren we concrete en haalbare doelstellingen voor een termijn van ongeveer 4 jaar. De streefdoelen van klimaatadaptatie gelden als uitgangspunt bij ruimtelijke planvorming en inrichting van de openbare ruimte. Van deze streefdoelen kan enkel gemotiveerd worden afgeweken (‘pas toe of leg uit’).

10

 

Domein Gezondheid Lokaal hitteplan Gemeente Nijmegen heeft een geactualiseerd lokaal hitteplan voor de periode 2025-2028. Hoofddoelstelling van het lokaal hitteplan is het beschermen van de gezondheid van kwetsbare groepen tijdens aanhoudende hitte. Dit lokaal hitteplan is een lokale uitwerking van het nationaal hitteplan. Het bevat werkafspraken tussen gemeente Nijmegen en de GGD Gelderland-Zuid over hoe te handelen ter voorbereiding op, en tijdens de activatie van het nationaal hitteplan bij een hete periode. In het lokale hitteplan staat omschreven welke acties de betrokken partners in de verschillende fasen uitvoeren, gericht op de algemene populatie met extra aandacht voor zelfstandig thuiswonende ouderen 70+. Voor dieren zijn er bij hitte werkafspraken tussen de gemeente Nijmegen en de Dierenambulance Nijmegen (DAN) volgend uit het Dierenwelzijnsbeleid. Het hitteplan komt niet in de plaats van (crisis)procedures van de gemeente of het GGD Rampenopvangplan (GROP). Mocht een hittegolf leiden tot opschaling, bijvoorbeeld omdat door extreem hoge temperaturen of een langdurig aanhoudende periode veel slachtoffers vallen, dan pakt de veiligheidsregio dit samen met de GGD, gemeente en andere partners op.

Netwerk lokaal hitteplan Het netwerk behorende bij het lokaal hitteplan bestaat uit lokale partners vanuit welzijn, zorg en wonen. Zij worden door de GGD en gemeente gefaciliteerd en ondersteund om tijdens hete periodes verschillende acties op het gebied van communicatie, voorlichting en ondersteuning van kwetsbare doelgroepen uit te kunnen voeren. Het hittenetwerk komt 2x per jaar bij elkaar, waarbij kennis en nieuwe ontwikkelingen worden gedeeld. Er wordt ook een podium geboden aan partners om aan het netwerk te presenteren hoe zij in de stad aan de slag gaan met hitte adaptatie.

Gezondheidsbeleid De Visie op gezondheid 2040 en de Uitvoeringsagenda Gezondheid 2025-2028 van de gemeente Nijmegen richten zich op het bevorderen van gezondheid en welzijn voor alle inwoners van de stad én het terugdringen van gezondheidsverschillen Het beleid legt de nadruk op preventie, ongelijk investeren voor gelijke kansen en versterking van een gezonde leefomgeving.

Dierenwelzijnsbeleid en uitvoeringsagenda Dieren 2025-2028 In het dierenwelzijnsbeleid is opgenomen dat de gemeente Nijmegen aandacht heeft voor het welzijn van dieren. Goede voorlichting aan eigenaren van dieren, om welzijnsvermindering tijdens periodes van hitte te voorkomen, valt hier ook onder.

Gezond en Actief Leven Akkoord 2023-2026 De gemeente Nijmegen heeft met het plan van aanpak Gezond en Actief Leven Akkoord 2023-2026 ‘Samen op weg naar een gezonde Nijmeegse generatie in 2040’ invulling gegeven aan de landelijke gezondheidsdoelen van het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). In Nijmegen werken we binnen de Gezondheidsagenda ‘Samen werken aan gezondheid’ aan het speerpunt ‘Gezonde leefomgeving’, waarbij we een toegankelijke aantrekkelijke openbare ruimte willen realiseren, die uitnodigt tot spelen, bewegen en ontmoeten. Dit biedt veel raakvlakken en koppelkansen met het inrichten van een klimaatadaptieve openbare ruimte.

11

Zomerprotocol dak- en thuislozen Vanuit GGD Gelderland-Zuid is het initiatief genomen om naast een winterprotocol ook een zomerprotocol te ontwikkelen voor dak- en thuislozen. Als eerste stap worden acties uitgezet om kennis over de gezondheidsrisico's bij hitte voor deze doelgroep te delen met professionals, en gerichte laagdrempelige acties uit te zetten zoals het uitdelen van flesjes water en zonnebrandcrème bij de dagopvang. Daarna zullen de opgedane ervaringen besproken worden in het regionaal overleg en zal in overeenstemming met centrumgemeente Nijmegen besloten worden of er in 2026 een officieel zomerprotocol wordt geïmplementeerd.

Baby's en jonge kinderen Onze ketenpartner GGD Gelderland-Zuid geeft via verschillende acties uitvoering aan hittepreventie voor baby's en jonge kinderen. Team Gezondheid en Milieu werkt samen met jeugdgezondheidszorg om voorlichting te geven aan ouders van jonge kinderen over de risico's van hitte en blootstelling aan UV-straling. Daarnaast agendeert inspectie kinderopvang deze onderwerpen bij kinderdagopvanglocaties en wordt er actief kennis en adviezen gedeeld m.b.t. hittebestendige gebouwen en maatregelen gericht op het voorkomen van overmatige blootstelling aan UV-straling.

Evenementen en vergunningverlening De gemeente adviseert organisatoren van evenementen om hittemaatregelen te nemen indien relevant. Hierbij worden de tips vanuit de GGD voor organisatoren gebruikt. Ook kan advies aangevraagd worden bij de veiligheidsregio Gelderland-Zuid.

Domein Gebied Klimaatadaptatiestrategie De komende jaren pakken we beetje bij beetje de stad aan, door werk met werk te maken. Voor sommige locaties is de urgentie dusdanig hoog, dat we niet kunnen wachten op een meekoppelkans. Hier is een extra inspanning nodig. Dit zijn de prioritaire locaties die we voor 2035 willen hebben aangepakt. Voor hitte streven we naar een gezonde groene fysieke leefomgeving, met voldoende koelteplekken. Vitale en kwetsbare functies, groengebieden en ecologische verbindingen zijn bestand tegen hitte.

Onze doelstellingen voor hitte zijn:  

We willen koelte en groen binnen bereik van iedereen: binnen 300m van iedere woning een koele, groene plek. We willen voldoende schaduw op loop- en fietsroutes en verblijfsplaatsen: 40% schaduw op hoofdloop- en fietsroutes, 30% schaduw op loop- en fietsroutes op buurtniveau en 40% schaduw op verblijfsplaatsen We willen voldoende groen in de buurten: 40% groen in de wijken, 35% groen in het centrum, 10% meer vergroening op bedrijventerreinen ten opzichte van de huidige situatie.

Leidende principes Om deze doelstellingen te bereiken, hanteren we de volgende leidende principes:  Voorkeursvolgorde: koele groene omgeving, warmte weren, passief koelen, actief koelen.  Evenwichtige spreiding van groen.  Biodiversiteit versterken.

12

 

De oplossingen vanuit de klimaatadaptatiestrategie richten zich op de domeinen gebied, gebouw en gezondheid. Dit betekent dat de gemeente met de oplossingen zowel kijkt naar de inrichting van de omgeving (voldoende mogelijkheden voor waterberging, voldoende groen), als naar het gebouwniveau (vloerpeil, oriëntatie). Maar ook naar wat de gebruiker kan doen met gedrag, denk aan het sluiten van ramen tijdens hitte.

Bomenplan Om ons bomenbestand verder te laten groeien en aan de afspraken uit het klimaatakkoord te voldoen is de inzet het boomareaal netto 1% te laten toenemen (ten opzichte van 2021). Om dit doel te behalen planten we jaarlijks 1000 bomen aan in de stad tot en met 2026. Bij het aanplanten van de nieuwe bomen in de bestaande stad wordt gekeken naar prioritaire gebieden voor hitte uit de Klimaatadaptatiestrategie. Jaarlijks worden in deze gebieden bomen aangeplant. Ook worden bomen geplant in combinatie met hemelwater-oplossingen zoals het aanleggen van wadi's, verlagen van trottoirbanden of verlagen van het maaiveld. We bereiden een groot aantal locaties voor die zorgen voor meer schaduw op speelplekken. Sprekende voorbeelden van locaties van het Bomenplan zijn bijvoorbeeld de aanplant van bomen en schaduw in de Professorenbuurt, zoals aan de Professor de Lange Wendelstraat, het Limospark, Albert Schweitzelaan. Maar ook worden er bomen op industrieterreinen aangeplant, zoals de Handelsweg en de Energieweg. Alle locaties zijn in te zien op onze Bomenatlas KaartViewer Nijmegen. Ook voor de jaren 2027-2030 is er geld gereserveerd voor het aanplanten van bomen in gebieden waar veel hittestress wordt ervaren. Het Bomenplan wordt opgenomen in het omgevingsprogramma voor klimaatadaptatie en groen.

Bomenuitdeeldagen Naast het planten van bomen in de openbare ruimte delen we ook bomen uit in de prioritaire gebieden voor hitte. We delen bomen uit aan inwoners met een tuin zodat we ook op die manier bijdragen aan het vergroenen van particulier terrein. In 2024 zijn in de wijken Nije Veld, Neerbosch Oost, Bottendaal en Benedenstad bomen uitgedeeld. In 2025 waren de wijken Wolfskuil en Haterse Hei aan de beurt. Ook de woningcorporaties mogen in de prioritaire gebieden vanuit het Bomenplan bomen aanplanten en zijn basisscholen ook uitgenodigd bomen te bestellen vanuit het Bomenplan.

Groeiplaatsverbetering bijzondere bomen Jaarlijks worden ook groeiplaatsen van bijzondere bomen (waardevolle en monumentale bomen) in verharding verbeterd. Bomen waarbij we de groeiplaatsen verbeteren, worden weer gezonder, gaan beter groeien, krijgen hierdoor meer bladoppervlak en zorgen daarmee voor meer schaduw en biodiversiteit. Enkele voorbeelden van de groeiplaatsverbeteringen zijn de bomen op de St. Annastraat, het Keizer Karelplein en de Voerweg.

Groene Corridor De Groene Corridor ligt als onderzoeksgebied aan weerszijden langs het spoor van de Maaslijn. Deze loopt vanaf de Waalhaven tot aan de bossen in Heumensoord en is in totaal ongeveer 7 km lang. De Groene Corridorzien we als kans om de biodiversiteit te herstellen, als compensatie voor hittestress, als ruimte voor klimaatadaptatie en als noodzakelijke groene recreatieruimte voor een groeiend aantal bewoners in Nijmegen. Alle bestaande groene parels met elkaar verbinden en versterken. Dat is de belangrijkste ambitie van de Groene Corridor. Een Groene Corridor levert hiermee een grote bijdrage aan de gezondheid van de inwoners.

Samen hitte aanpakken in het Rijk van Maas en Waal

13

De gemeenten in het Rijk van Maas en Waal onderkennen de negatieve gevolgen en spannen zich in om hittestress zoveel mogelijk te voorkomen. Een duurzame en effectieve maatregelen om hittestress in het openbare gebied tegen te gaan is het verminderen van verharding en het vergroenen van de kernen. En daarbinnen is het creëren van schaduw door de aanplant van bomen snel en doelmatig te realiseren. De werkregio Rijk van Maas en Waal ontvangt subsidie van de Provincie voor ondersteuning voor de realisatie van een aantal projecten met hittemaatregelen. De gemeente Nijmegen heeft met deze subsidie meer groen in Oud West gerealiseerd met het project Wij Koelen de Wijken en het Distelpark opgeknapt en meer groen en bomen toegevoegd.

Project quick wins voor klimaatadaptatie (groen voor grijs) Dit project voert maatregelen uit om de stad klimaatadaptiever in te richten (quick wins) en de biodiversiteit in de stad te versterken. Het betreft een (integrale) verkenning van geschikte locaties en koppelkansen, participatie met de inwoners over de hoe-vraag, het betrekken van relevante stakeholders (o.a. de Bastei, buurtgroepen, IVN) en de uitvoering van de projecten. Hierbij valt te denken aan het verwijderen van zinloze verharding, het vergroenen van parkeerplaatsen, aanleg van wadi’s of verdiepte groenperken, aanleg van faunapassages en geleiding, aanleg van poelen of andere landschapselementen en herinrichting van bestaand groen. Dit project wordt opgenomen in het omgevingsprogramma voor klimaatadaptatie en groen.

Domein Gebouw Prestatie indicator voor nieuwbouw Volgend uit de klimaatadaptatiestrategie gelden bij ruimtelijke ontwikkelingen bij nieuwbouw de prestatieindicator dat het plangebied zo wordt ingericht dat een belangrijk deel van de horizontale en verticale oppervlakten (range 40 tot 50%) warmtewerend zijn. Bij voorkeur gebeurt dit door het toepassen van groen op maaiveld, groene gevels en groene daken, maar kan ook op andere manieren worden gerealiseerd. Gebouwen en eventuele binnen-installaties zoals airco’s, mogen niet leiden tot extra opwarming van verblijfsplekken buiten de gebouwen. Voor deze indicator geldt het “pas toe of leg uit” principe.

Samenwerking met wooncorporaties De gevolgen van een extremer klimaat zijn merkbaar voor de gebouwde omgeving en de bewoners die daar gebruik van maken. Daarom maken corporaties, gemeente en huurdersorganisaties afspraken. In de nieuwe meerjaren prestatieafspraken 2026-2030 zijn met betrekking tot het onderwerp hitte samenwerkingsafspraken gemaakt over: Het wegnemen van knelpunten in processen Klimaatadaptieve maatregelen Vergroenen van tuinen Campagnes gemeente verspreiden onder huurders Koeling door snellere maatregelen en bomen

Energiecoaches en Energieloket De energiecoaches van Huis voor Compassie geven al advies over passieve koeling (volgens de Ladder van koeling) bij huisbezoeken. In overleg met Huis voor Compassie onderzoeken we op welke wijze dit kan worden uitgebreid en of aanvullend een aanbod van kleine hittebestendige maatregelen mogelijk is.

Energieloket - Energiehuis en Nijmegen Groen We bezien op welke wijze we pro-actief gaan adviseren over koeling via het Energieloket, ook als hierover geen vragen worden gesteld. Bij de doorontwikkeling van het Energieloket naar een Energiehuis en de vorming van

14

 

een lokale inwonersorganisatie (werktitel Nijmegen Groen) gaan we het onderwerp koeling meenemen in het concrete ondersteuningsaanbod.

Lokale aanpak isolatie voor eigenaar-bewoners Eigenaar-bewoners krijgen binnen de lokale isolatie-aanpak een energiebespaaradvies aan huis van een energiebespaaradviseur. Hierin worden ook adviezen opgenomen om hitte in de woning tegen te gaan. Bijvoorbeeld door biobased isolatie aan te bevelen. Toekomstige subsidies vanuit het Integraal actieplan hitte kunnen worden meegenomen in het energiebespaaradvies.

Netbewuste nieuwbouw In het algemeen zorgen de maatregelen (zoals een dikkere schil, zeer goede kierdichting, lager glaspercentage) die gekoppeld zijn aan netbewuste nieuwbouw - gericht op minder stroomverbruik en een lagere piekbelasting van het net - er ook voor dat er minder elektriciteit nodig is voor koeling op hete dagen. Tot nu toe ligt het accent hierbij echter op de piekvraag in de winter. Tegelijkertijd moet nieuwbouw al voldoen aan de wettelijke grenswaarde TOjuli (Bbl) voor oververhitting en koelbehoefte. Bij nieuwbouw bezien we hoe netbewuste en koudemaatregelen elkaar kunnen versterken, bijvoorbeeld door beperking van het glasoppervlak, plaatsing van screens, een grotere overstek en bij de keuze voor het koelsysteem.

Warmteprogramma en uitvoeringsplannen Warmte In het Warmteprogramma, dat we in 2026 opstellen, laten we zien wat de voor- en nadelen en consequenties zijn van de diverse warmteoplossingen – met name warmtenetten en individuele of collectieve warmtepompen - voor de koeling van woningen en bedrijven. Ook in de uitvoeringsplannen warmte gaan we in op het koelingsvraagstuk. Zo nemen we om te beginnen advisering over (passieve) koeling aan bewoners en bedrijven op in het uitvoeringsplan voor het warmtenet in Dukenburg.

Subsidie voor groene daken en gevels Er bestaat een subsidieregeling voor het aanleggen van een groendak op de woning of (bij)gebouw, of voor de aanleg van een groengevel ('plantenmuur') of een verticale tuin. Deze staat open voor inwoners en organisaties zoals wooncorporaties. In 2026 volgt een evaluatie en onderzoek voor uitbreiding subsidieregeling met subsidie voor hitte maatregelen.

15

3.2 Op welke hitte onderwerpen wordt nog meer ingezet Naast de bestaande fysieke maatregelen die moeten bijdragen aan een hittebestendige stad zullen we als resultaat van de methode menukaart hitte en de bijeenkomsten met stakeholders over het onderwerp hitte, nog meer gaan inzetten op onderwerpen in de domeinen gebouw en gezondheid en hebben we hiervoor in hoofdstuk 4 de acties geformuleerd. Naast de doelen voor het thema hitte uit de klimaatadaptatiestrategie voor hittemaatregelen in de openbare ruimte (domein gebied) willen we voor de domeinen gebouw en gezondheid nog meer inzetten op:  Uitbreiding van het hittenetwerk lokaal hitteplan met meer organisaties.  Met hittenetwerk komen tot gezamenlijke acties en wijze van communicatie over handelingsperspectief tijdens hete periodes  Koelte meenemen als thema bij de energietransitie (zie par. 3.1)  Onderzoek mogelijkheden voor subsidie voor hittemaatregelen.  Onderzoek naar een noodzakelijk aanvullend netwerk koele gebouwen.  Uitbreiding van de advisering over hittemaatregelen in en om de woning voor huurders en woningeigenaren.

3.3 Verschillende rollen van de gemeente Als gemeente willen we bijdragen aan een klimaatbestendige stad. Tegelijkertijd zijn we ons ervan bewust dat we voor het realiseren van onze doelen ook anderen nodig hebben. Om de doelen te bereiken moeten we samenwerken met andere organisaties, inwoners en bedrijven. De gemeente Nijmegen kan op verschillende manieren sturen op de ontwikkeling van een klimaatbestendige stad. Als eigenaar en opdrachtgever, bijvoorbeeld in de openbare ruimte, hebben we veelal een sturende rol. In andere gevallen hebben we als gemeente minder directe invloed. Wel kunnen we andere partijen stimuleren om klimaatadaptieve maatregelen te nemen. Om te komen tot een hittebestendige stad kunnen we als gemeente vanuit de volgende rollen bijdragen:  De gemeente als rechtmatige overheid die vooral stuurt door het uitvoeren van wet- en regelgeving en door handhaving en vergunningverlening.  De gemeente als presterende overheid die zich richt op het realiseren van doelen door als opdrachtgever de prestaties te omschrijven en werkprocessen in te richten. Deze rol zetten we bijvoorbeeld in als opdrachtgever voor de openbare ruimte en ontwikkelprojecten.  De gemeente als netwerkende overheid die samenwerkt met andere organisaties om publieke doelen te realiseren.

Een voorbeeld hiervan is de samenwerking tussen overheid, wooncorporaties, welzijnsorganisaties en andere maatschappelijke organisaties, bedrijventerreinen en kennisinstellingen.  De gemeente als responsieve overheid die beweging herkent in de samenleving, initiatieven ondersteunt en aansluit bij wensen uit de samenleving. Hieronder valt bijvoorbeeld het verstrekken van subsidie en de netwerkvorming tussen partijen als onderdeel van het lokaal hitteplan.

16

 

4. Welke hittemaatregelen gaan we waar uitwerken? Voor een goede borging van de hitte-aanpak geeft dit hoofdstuk aan welke acties we wanneer nemen. En als onderdeel waarvan de acties zullen worden uitgewerkt en met welke partijen we daarvoor de samenwerking zoeken om de doelen te bereiken. Er wordt een onderscheid gemaakt in maatregelen op het domein gebied, gebouw en gezondheid.

4.1 Soort acties per domein Domein Gezondheid Hitteadaptatie richt zich op het beschermen en versterken van de gezondheid van inwoners die extra kwetsbaar zijn voor hitte. Het lokaal hitteplan vormt hierbij het uitgangspunt voor de uitvoering van maatregelen binnen dit domein. Vanuit dit plan zet de gemeente in op het voorkomen en beperken van gezondheidsschade tijdens hete periodes, met specifieke aandacht voor kwetsbare groepen. De acties dragen bij aan het versterken van het lokale hittenetwerk en sociale cohesie, het vergroten van bewustwording en handelingsperspectief bij inwoners en professionals bij hete periodes, en het stimuleren van praktische hittebestendige maatregelen in woningen en de leefomgeving. Hiermee wordt ingezet op kennisuitwisseling, preventie en ondersteuning, zodat kwetsbare groepen beter in staat zijn om zich tegen hitte te beschermen.

Domein Gebied Maatregelen in dit domein zijn erop gericht dat een groenblauwe leefomgeving koeler is dan een versteende leefomgeving en het comfort van onze inwoners verhoogt. De streefdoelen uit de klimaatadaptatiestrategie voor hitte worden uitgewerkt naar maatregelen in het Omgevingsprogramma voor klimaatadaptatie en groen. We hanteren daarbij de voorkeursvolgorde van koeling waarbij in eerste instantie wordt ingezet op het creëren van een koele groene omgeving, daarna gekeken wordt hoe warmte geweerd kan worden en ten slotte naar passief en actieve koelopties wordt gekeken. Bij de maatregelen ligt de focus op de prioritaire gebieden voor hitte die we in 2035 willen hebben aangepakt.

Domein Gebouw Binnen dit domein is hitteadaptatie gericht op het leefcomfort. We willen in de toekomst een ‘leefbare’ woonen werkomgeving waarin mensen zo min mogelijk hittestress ervaren. De acties die hierbij horen richten zich op samenwerkingsacties met wooncorporaties om hittestress in en om de woning tegen te gaan en actieve voorlichting over hitte richting huurders en woningeigenaren. Maar ook hoe we de toenemende koeltevraag betrekken bij de energietransitie. Met daarbij aandacht voor de stimuleringsregelingen die de gemeente voorhanden heeft om hieraan bij te dragen. Ondanks het ontmoedigingsbeleid voor het gebruik van airco’s volgend uit de voorkeursvolgorde van koeling is een toename van het aantal airco’s te voorzien. De gevolgen hiervan voor de belasting van het stroomnet bespreken we met Liander in het kader van de uitvoering en uitwerking van het Masterplan netcongestie 1.0 en het Regionaal Uitvoeringsplan Energiesysteem, dat de Groene Metropool Regio heeft opgesteld in nauwe samenwerking met Liander en de regiogemeenten.

17

4.2 Overzichtstabel acties Actie

Activiteiten

Als onderdeel van

Partijen

Planning

Financiering

Gemeente en GGD i.s.m. woningcorporaties, huurderbelangenverenigingen

Voorjaar 2026: start samenwerking Jaarlijks: evaluatie en aanpassingen tijdens de actualisatie van het lokaal hitteplan (vanaf 2026).

1

Gemeente en GGD i.s.m. welzijnsorganisaties, vrijwilligerscentrales en buurtteams.

2026: onderzoek en conceptplan Zomer 2027: pilot uitvoeren Eind 2027: evaluatie en besluit over voortgang

1

Gemeente (fysiek en sociaal domein) en GGD i.s.m. lokale (bewoners)organisaties initiatieven en groennetwerk.

Voorjaar 2026: inventarisatie 1 en 3 Najaar 2026: analyse en rapportage Voorjaar 2027: resultaten en besluit over wijze van opschaling

Gemeente en GGD i.s.m. betrokken stakeholders hittenetwerk en communicatieadviseur gemeente Nijmegen.

Voorjaar 2026: inventarisatie 1 en ontwikkeling aanvullende communicatiemiddelen Voorjaar en zomer 2026: inzet communicatiemiddelen Jaarlijkse evaluatie: Elk najaar evaluatie en vooruitkijken naar volgend jaar

Gezondheid 1. Betrekken van huurderbelangenverenigingen en woningcorporaties bij het bestaande hittenetwerk rondom het lokaal hitteplan.

Actief betrekken van Lokaal hitteplan huurderbelangenverenigingen en woningcorporaties bij de acties uit het bestaande lokaal hitteplan. Met als doel: kennisuitwisseling, bewustwording en het stimuleren van hittebestendige maatregelen bij huurders en verhuurders. Denk aan de uitvoering van communicatie- en voorlichtingsacties middels bijeenkomsten in de wijk (met focus op wijken met veel huurwoningen en kwetsbare bewoners). 2. Onderzoeken van een praktisch Verkennen van de inzet van wijk Lokaal hitteplan ondersteuningsnetwerk in de wijk ambassadeurs (vrijwilligers, zorg- of dat bewoners actief bereikt welzijnsmedewerkers) die tijdens warme tijdens hete periodes periodes bewoners informeren, signalen van hittestress herkennen en doorverwijzen naar de juiste hulp. 3. In kaart brengen van, en In kaart brengen van bestaande lokale Lokaal hitteplan onderzoek naar opschaling van initiatieven (zoals tuinbrigades of lokale initiatieven die bijdragen (buurt)groennetwerken) die bijdragen aan aan verkoeling. verkoeling en sociale betrokkenheid. We onderzoeken hoe deze initiatieven opgeschaald kunnen worden naar andere wijken. 4. Afstemming en uitbreiding van In kaart brengen van huidige communicatie Lokaal Hitteplan communicatie en voorlichting en voorlichtingsacties, en i.s.m.

de Klimaatadaptatieover hitte met meerdere partijen betrokken stakeholders aanvullende strategie en kwetsbare doelgroepen. communicatie- en voorlichtingsmiddelen ontwikkelen gericht op diverse kwetsbare doelgroepen.

18

 

Gebied 5. Creëren van voldoende groene Het uitwerken van doelen uit de schaduw en koelte in de openbare klimaatadaptatiestrategie voor het thema ruimte hitte in het Omgevingsprogramma voor klimaatadaptatie en groen. Deze doelen zijn: 1. Schaduwrijke groene gebieden binnen een loopafstand van 300 meter 2. Voldoende schaduw langs loop- en fietsroutes en bij verblijfsplaatsen 3. Voldoende groen in de buurten In het Omgevingsprogramma vindt een integrale afwezig plaats tussen meerdere ambities zoals klimaatadaptatie, bomenplan, biodiversiteit en gezonde leefomgeving om tot maatregelen te kunnen komen. 6. Onderzoek naar aanvullende Uitwerken scenario’s en mogelijkheden van netwerk koele openbare een aanvullend netwerk van koele openbare gebouwen gebouwen waar inwoners koelte kunnen vinden tijdens langdurige hete periodes. Vooral daar waar niet voldoende groene koele gebieden zijn gezien de voorkeursvolgorde van koeling.

19

Klimaatadaptatiestrategie, Omgevingsvisie Nabije Stad, Omgevingsprogram ma

Gemeente en relevante 2026: opstellen stakeholders in de Omgevingsprogramma openbare ruimte 2027: vaststellen Omgevingsprogramma 2035: prioritaire gebieden voor hitte zijn aangepakt

Klimaatadaptatiestrategie Omgevingsprogram ma voor klimaatadaptatie en groen

Gemeente i.s.m. relevante stakeholders zoals sociaal netwerk en onderzoeksinstituten

2

2026: ontwikkeling 1 en 3 scenario’s voor de inzet van koele openbare gebouwen 2027: Duidelijkheid hoe we koele openbare gebouwen willen inzetten als maatregel om te komen tot een hittebestendige stad.

Gebouw 7. Samenwerkingsacties met wooncorporaties over het tegengaan van hittestress in en om de woning

In samenwerking met wooncorporaties afstemmen over en uitvoeren van acties voor het tegengaan van hittestress. Denk aan gezamenlijke communicatie over de bomen-uitdeeldagen en tegelophaaldagen. En delen van kennis over het voorkomen van hitte in en om de woning.

Prestatieafspraken met wooncorporaties Ambtelijke werkgroep gemeente en wooncorporaties over klimaatadaptatie

Gemeente i.s.m. woningcorporaties

Doorlopend als onderdeel 1 van de ambtelijke werkgroep duurzaamheid en klimaatadaptatie Bij evaluatiemomenten prestatieafspraken

8. Onderzoek naar uitbreiding (bestaande) subsidiemogelijkheden met hittemaatregelen.

Gemeente i.s.m. relevante stakeholders zoals woningcorporaties

2026: evaluatie bestaande regelingen en verkenning uitbreiding 2027: inwerkingtreding subsidieregeling

1, 2 en 3

Isolatie-aanpak: vanaf 2026 2026: evaluatie inzet energiecoaches en energieloket 2027: advies over borging hitte advisering Vanaf 2026

1 en 2

10. De toenemende vraag naar koeling in de woning als onderwerp meenemen in het Warmteprogramma en uitvoeringsplannen Warmte

Gemeente/Energieloket i.s.m. Steunpunt Energietransitie, Huis voor Compassie en uitvoeringsorganisatie isolatieaanpak. Gemeente i.s.m. Nijmegen Warmte, bewonersorganisaties, woningcorporaties en woningeigenaren.

Evaluatie bestaande subsidieregelingen Klimaatadaptatievoor klimaatadaptatie en mogelijkheden tot strategie, uitbreiding met subsidie voor Omgevingshittemaatregelen (zoals vergroenen van programma’s tuinen en screens). Dit om de mogelijkheden voor bewoners (huurders en woningeigenaren) om maatregelen tegen hitte in en om te woning te nemen, te vergroten. 9. Advisering over het voorkomen De inzet van de energiecoaches, het Programma Energie van hitte in de woning betrekken energieloket en de isolatieaanpak uitbreiden Besparen Woningen bij energiebesparings- en met advisering over hitte. 2023-2030 isolatieadviezen.

We brengen in kaart wat de voor- en nadelen Warmteprogramma en consequenties zijn van de diverse en warmteoplossingen voor koeling. uitvoeringsplannen Ook in de uitvoeringsplannen warmte gaan Warmte we in op het koelingsvraagstuk.

20

 

1

5. Financiën en monitoring Het uitgangspunt is dat de beschreven activiteiten zoveel mogelijk vanuit bestaande budgetten bekostigd worden. We onderscheiden de activiteiten door middel van drie labels. Label 1: Inzet ambtelijke capaciteit Voor veel activiteiten geldt dat vooral ambtelijke of GGD ureninzet nodig is om de activiteiten te realiseren. Het betreft acties binnen bestaande formatie stadsontwikkeling en maatschappelijke ontwikkeling. Label 2: Activiteiten waar naast uren ook dekking voor fysieke maatregelen is Het betreft acties die gedekt zijn uit investeringsbudgetten en/of activiteiten zoals onderzoek uit exploitatiemiddelen. Denk aan fysieke maatregelen zoals het realiseren van groene koelteplekken door het planten van bomen in de openbare ruimte. Label 3: Mogelijke investering nodig Van een aantal onderzoeksacties is in dit stadium nog niet inzichtelijk of er dekking is, of dat er extra financiële middelen nodig zijn voor het realiseren van de aanbevelingen voortkomend uit de onderzoeken. Mochten er meer middelen nodig zijn dan wordt dit tijdens de voorbereiding van de stadsbegroting voorgelegd. Dit geldt voor aanbevelingen uit de volgende acties:   

Het onderzoek naar een aanvullend netwerk van koele gebouwen als er hiervoor aanpassingen nodig zijn aan de openbare gebouwen. De evaluatie van de subsidieregelingen voor klimaatadaptatie. Bij uitbreiding van de subsidieregeling met subsidie voor hittemaatregelen die geen causaal verband houden met de watertaken. Het onderzoek naar succesvolle wijkinitiatieven voor verkoeling bij opschaling naar meerdere wijken.

Monitoring en evaluatie Over de voortgang van de acties wordt als onderdeel van de betreffende programma’s gerapporteerd. Dit integraal actieplan hitte wordt na de looptijd van vier jaar geëvalueerd met een advies voor vervolg.

- of projectplan

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=c67a51c4-1720-4eb2-9abc-70d7e3fee7e9