Houtstook motieven, houding en overlast
Tekst van het document
Houtstook: motieven, houding en overlast Peiling stadspanel 2025
Mei 2025 Bureau Strategie en Onderzoek, gemeente Nijmegen
▪
▪
1
Samenvatting Vanuit de gemeente Nijmegen zijn er inspanningen om houtstook door particulieren te verminderen en te zorgen voor bewustwording rondom gezondheids- en milieueffecten. Inzichten over houding en gedrag van Nijmegenaren en daarbinnen de doelgroep houtstokers kunnen helpen om de beleidsinzet af te wegen en het stadsbestuur nader te informeren: 1. Gedrag en motieven in relatie tot houtstook; 2. Bekendheid en houding rond ingezette gemeentelijke kernboodschap; 3. Ervaren van - en omgaan met overlast. In een stadspanelpeiling zijn vragen gesteld aan het gehele panel én aan panelleden met een stookmiddel in de woning.
Stookgedrag en motieven Uit eerdere metingen weten we dat zo’n 16% (2016) tot 17% (2021) van de Nijmeegse paneleden beschikte over een houtkachel, hout-gestookte haard of pelletkachel in de woning. In de meting van dit jaar (2025) gaat het om circa 20% van de panelleden. Bijna een derde deel stookt frequent: dagelijks of wekelijks, meestal gaat het om bijverwarming van de woning of sfeerverwarming. 2 van de 10 panelleden met een houtstookmiddel in de woning gebruikt deze vooral als hoofdverwarming. Zo’n 3 van de 10 geeft aan het stookmiddel niet te hebben gebruikt in het afgelopen stookseizoen. Panelleden die hout stoken in de woning doen dat vanwege de gezelligheid maar ook omdat zij kosten denken te besparen en/of aannemen dat dit goedkoper is dan verwarmen op gas. Het kostenaspect lijkt in de 2025-meting wat minder op de voorgrond te treden dan in 2023 toen de gascrisis heel actueel was.
Maatschappelijke nadelen Bij een eerdere meting viel op dat de sociale norm voor een aanmerkelijk deel van de panelleden die actief hout stoken niet sterk maatschappelijk gericht was. Inmiddels lijkt hierin enige verschuiving zichtbaar. Houtstokers veronderstellen een grotere bekendheid van het feit dat houtkachels bij mist of windstilte flink bijdragen aan de luchtvervuiling, en van de wetenschap dat luchtvervuiling door houtstook schadelijk is voor de gezondheid. Het aanpassen van stookgedrag bij burenoverlast behoort volgens de doelgroep zelf (nog) niet echt tot de groepsnorm. Voor zichzelf gesproken maakt een behoorlijk toegenomen deel zich zorgen over schadelijke stoffen in huis door het stoken.
Gemeentelijke inzet rond houtstook Ongeveer driekwart van het panel is het eens met de specifieke kernboodschap (in hoofdstuk 3 van dit rapport beschreven) die in de gemeentelijke communicatie wordt gebruikt. Deze is voor velen helder, overtuigend en acceptabel. Een deel vindt de benadering te vrijblijvend en pleit voor een houtstook-verbod. Panelleden met een stookmiddel laten echter veel minder draagvlak zien voor de getoonde kernboodschap. Bij hen is in de meeste gevallen is een negatief sentiment zichtbaar. Zo voelt de berichtgeving vaak belerend of betuttelend of wordt naar voren gebracht dat de gepresenteerde feiten ‘onbewezen’ zijn. Er is echter ook geregeld aangegeven dat men kan instemmen met de kernboodschap, dat deze aanspreekt en gesteund wordt.
Overlast Zo’n 1 van de 10 panelleden ervaart geregeld of vaak overlast van houtrook in de woning, ongeveer 2 van de 10 ervaren soms deze overlast. Daarnaast ervaart ongeveer een kwart geregeld of vaak overlast van houtrook in de woonomgeving (woonstraten, tuinen), een groter aandeel van 3 van de 10 ervaart soms deze overlast.
2
Houtrookoverlast wordt door het panel als volgt omschreven: 1. Stankoverlast; 2. Rook dringt door in de woning, in de slaapkamer; 3. Zorgen over gezondheidsrisico’s; 4. Kan niet in de tuin zitten; 5. Gezondheidsklachten; 6. Kan woning niet of nauwelijks ventileren; 7. Er ontstaan conflictsituaties met buren; 8. Zorgen over brand. Panelleden met een houtstookmiddel geven naar verhouding (veel) minder overlast van houtrook in de woning en/of de eigen woonomgeving aan. Ongeveer 1 van de 10 is wel eens aangesproken vanwege overlast door houtrook. Een groot deel van de stokers (zo’n 8 van de 10) toont bereidheid om (eventueel op bepaalde dagen) niet te stoken bij burenoverlast. Een meerderheid (van het gehele panel) weet niet waar overlastmeldingen te doen. De bereid om het gesprek aan te gaan met buren over houtrookoverlast is door 4 van de 10 panelleden aangegeven. Deze bereidwilligheid is onder niet kachelbezitters kleiner dan onder de eventuele veroorzakers (panelleden met een stookmiddel in de woning).
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
3
Inhoudsopgave Samenvatting Inhoudsopgave Achtergronden onderzoek 1. Stookgedrag en motieven 2. Maatschappelijke nadelen 3. Gemeentelijke inzet rond houtstook 4. Overlast
4
2 4 5 7 10 12 18
Achtergronden onderzoek Vanuit de gemeente Nijmegen en landelijk zijn er diverse inspanningen om houtstook door particulieren te verminderen en te zorgen voor bewustwording rondom gezondheids- en milieueffecten. Inzichten vanuit onderzoek kunnen helpen om de beleidsinzet af te wegen en het stadsbestuur nader te informeren.
Onderzoek 2021 en 2023 In 2021 en 2023 heeft panelonderzoek al relevante informatie opgeleverd in relatie tot houtstook in Nijmegen. Eind 2021 is naast het stookgedrag ook ervaren overlast in beeld gebracht. Denk aan type overlast, frequentie, gebruikelijk (re)acties op overlast en een eventuele rol van de gemeente. Ook zijn tips en suggesties geïnventariseerd. In 2023 is aan de doelgroep houtstokers gevraagd naar motieven, verantwoord stookgedrag, maatschappelijke nadelen, bekendheid met de gemeentelijke inzet, feedback op de toenmalige publiekscampagne, workshops 'stoken met minder overlast', subsidiemogelijkheden en nadere voorlichtingsbehoeften en tips/suggesties.
Nieuwe kernboodschap gemeente In de gemeentelijke communicatie is vanaf december 2024 de volgende (nieuwe) kernboodschap gebruikt: “Houtstook is slecht voor de luchtkwaliteit en leidt tot gezondheidsklachten en overlast. Houtstook zorgt voor 23% van de fijnstofuitstoot in Nederland, wat kan leiden tot ademhalingsproblemen, hartklachten en andere gezondheidsrisico's. Gezond stoken bestaat niet. Het is dus het beste om geen hout te stoken. Wanneer er wel gestookt wordt helpt de Stookwijzer om overlast voor buren te vermijden. Bij code Rood en Oranje in de Stookwijzer is het dringend advies zeker niet te stoken. Kijk op www.stookwijzer.nu Houtstook is ongezond voor iedereen. Het zorgt voor ongezonde lucht, niet alleen buiten maar ook binnen in je eigen huis. Meer informatie op: nijmegen.nl/houtstoken”.
Doel onderzoek/probleemstelling Doel: informatie vergaren over houding en gedrag van Nijmegenaren en daarbinnen de doelgroep houtstokers (Nijmegenaren met een stookmiddel zoals houtkachel, open haard en allesbrander in de woning) om de gemeentelijke communicatiestrategie en ons beleid aan te scherpen en het stadsbestuur nader te informeren. Onderzoeksvragen, gericht op een beeld van de effectiviteit van de ingezette communicatie en instrumenten: 1. Gedrag en motieven in relatie tot houtstook; 2. Bekendheid en houding rond ingezette gemeentelijke kernboodschap; 3. Ervaren van - en omgaan met houtrookoverlast.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
5
Vanuit de informatiebehoefte zijn de vraagthema’s: ▪ Stookgedrag en motieven van panelleden met stookmiddel; o Inventarisatie stookmiddelen in de woning (type, leeftijd); o Soort gebruik/motivatie; o Frequentie gebruik in stookseizoen. ▪ Houding, kennis rond maatschappelijke nadelen; ▪ gemeentelijke inzet rond houtstook: bekendheid/mening/gebruik/handelen o Gemeentelijke kernboodschap; o Subsidiemogelijkheden; o Stookwijzer.nu; o Houding t.a.v. stookverbod bij code rood/oranje; o Bereidheid op verzoek niet te stoken bij rood/oranje (panelleden met stookmiddel). ▪ Ervaren van overlast o Overlast in stookseizoen: type overlast; o Overlast in stookseizoen: frequentie. ▪ Omgaan met overlast o Aangesproken op overlast; o Bereidheid gesprek aan te gaan; o Melding doen. ▪ Tips en suggesties
Onderzoeksopzet en respons Om de hierboven genoemde onderzoeksvragen te kunnen beantwoorden verrichtten we veldwerk in de vorm van een stadspanelpeiling, waarbij vragen zijn gesteld aan het gehele panel én specifiek aan panelleden met een stookmiddel in de woning: ▪ We benaderden 4.627 panelleden, een veldwerkperiode van ruim twee weken leidde tot een respons van 2.302 personen. Deze ca. 50% respons is vergelijkbaar met eerdere metingen. ▪ Op basis van de beantwoording beschikken ca. 960 panelleden over een stookmiddel, bruto een kleine 21% van het panel. Van deze groep respondeerden 478 personen, daarmee is de respons bij panelleden met en zonder stookmiddel vergelijkbaar. ▪ Omdat 145 panelleden aangaven hun houtkachel of open haard niet te hebben gebruikt in het afgelopen stookseizoen richt de analyse zich in een aantal gevallen op 333 vragenlijsten. Dat is voldoende om bruikbare uitspraken op stadsniveau te doen, niet om deelgroepen of deelgebieden te onderscheiden.
6
1. Stookgedrag en motieven Aandeel panelleden met houtstookmiddel Uit eerdere metingen weten we dat zo’n 16% (2016) tot 17% (2021) van de Nijmeegse paneleden beschikte over een houtkachel, hout-gestookte haard of pelletkachel in de woning. In de meting van dit jaar (2025): ▪ gaat het om circa 20% van de panelleden. ▪ Meer dan de helft van de houtstookmiddelen is ouder dan 15 jaar. Dit zijn indicaties voor Nijmegen, het betreft geen representatief beeld omdat ons stadspanel geen volledig juiste afspiegeling is van de Nijmeegse bevolking. Figuren: aanwezigheid, leeftijd en gebruik stookmiddel
Bron: peiling stadspanel april 2025 Stadsdelen waar naar verhouding veel panelleden stookmiddelen hebben zijn NijmegenMidden (30%, veel vrijstaande kachels), Nijmegen-West (28%, ook veel vrijstaande kachels) en Nijmegen-oost (27%, naar verhouding veel open haarden).
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
7
Frequentie en gebruiksdoel Van de panelleden met een houtstookmiddel in de woning: ▪ stookt bijna een derde deel (30%) frequent: dagelijks of wekelijks. Vooral gebruikers van pelletkachels en vrijstaande houtkachels stoken frequent. ▪ Meestal gaat het om bijverwarming van de woning of sfeerverwarming. ▪ Een groep van 21% van de panelleden met een houtstookmiddel in de woning gebruikt deze vooral als hoofdverwarming. ▪ Zo’n 31% geeft aan het stookmiddel niet te hebben gebruikt in het afgelopen stookseizoen. Figuren: Frequentie en doel gebruik stookmiddel
Bron: peiling stadspanel april 2025
8
Geld besparen en gezelligheid Welke houding of attitude is zichtbaar bij panelleden die actief hout stoken? Met attitude bedoelen we een door ervaring gevormde persoonlijke houding of instelling van mensen. In dat verband is het interessant om naar motieven voor het stoken van hout te kijken, aan de hand van enkele stellingen: ▪ Verwarmen op hout is goedkoper dan verwarmen op gas; ▪ Ik stook vooral om kosten te besparen; ▪ Ik stook vooral voor de gezelligheid. Figuur: Motieven houtstook (2023 en 2025)
Bron: peilingen stadspanel gemeente Nijmegen Panelleden die hout stoken in de woning: ▪ doen dat vanwege de gezelligheid; ▪ maar ook omdat zij kosten denken te besparen en/of aannemen dat dit goedkoper is dan verwarmen op gas (beide vaker genoemd door huishoudens met een pelletkachel). ▪ Het kostenaspect lijkt in de 2025-meting wat minder op de voorgrond te treden dan in 2023 toen de gascrisis heel actueel was.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
9
2. Maatschappelijke nadelen Houding, kennis en sociale norm Welke houding en kennis komen er bij houtstokende panelleden naar voren rond maatschappelijke nadelen? Om sociaal wenselijke antwoorden te voorkomen, en om meer informatie over het inschatten van de zogenaamde sociale norm te krijgen, zijn enkele stellingen geformuleerd vanuit het gezichtspunt van houtstokers in het algemeen. In dit geval gerelateerd aan het voorkomen van maatschappelijke nadelen. 1 Aan houtstokende panelleden zijn de volgende stellingen voorgelegd: ▪ De meeste houtstokers weten dat houtkachels bij mist of windstilte flink bijdragen aan de luchtvervuiling; ▪ De meeste houtstokers weten dat luchtvervuiling door houtstook schadelijk is voor de gezondheid; ▪ De meeste houtstokers zullen anders gaan stoken wanneer buren overlast ervaren; ▪ Ik maak me zorgen over schadelijke stoffen in huis door het stoken. Figuur: Maatschappelijke nadelen en sociale norm (panelleden met houtstookmiddel)
Bron: peilingen stadspanel gemeente Nijmegen Bij een eerdere meting viel op dat de sociale norm voor een aanmerkelijk deel van de panelleden die actief hout stoken niet sterk maatschappelijk gericht was. Inmiddels lijkt hierin enige verschuiving zichtbaar:
De norm binnen een doelgroep is belangrijk vanwege het er al dan niet aan conformeren. De ‘descriptieve norm’ is dan de kennis of gedrag bij andere leden van de groep. En de injunctieve norm geeft aan wat andere leden van de groep vinden dat het gedrag moet zijn. Vanuit een groepsgevoel zijn mensen eerder geneigd een positieve bijdrage te leveren aan de sfeer van de groep in een gezamenlijk streven. 1
10
▪
▪
▪
Wat in 2023 opviel is dat de sociale norm voor een aanmerkelijk deel van de panelleden die actief hout stoken niet sterk maatschappelijk gericht leek. Men schatte de bekendheid of positieve attitude binnen de doelgroep rond een aantal keuzes en achtergronden lang niet altijd hoog in, maar dat speelt nu minder. Dan gaat het vooral om het bekend zijn met dat houtkachels bij mist of windstilte flink bijdragen aan de luchtvervuiling; de wetenschap dat luchtvervuiling door houtstook schadelijk is voor de gezondheid. Het aanpassen van stookgedrag bij burenoverlast lijkt nog altijd een kwetsbaarheid in de groepsnorm. Voor zichzelf gesproken maakt een behoorlijk toegenomen groep (29% versus 13% in 2023) zich zorgen over schadelijke stoffen in huis door het stoken.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
11
3. Gemeentelijke inzet rond houtstook Hoe staat het panel ten opzichte van de huidige inzet van de gemeente Nijmegen rond houtstook? En is er bijvoorbeeld draagvlak onder kachelbezitters voor een stookverbod bij code rood of oranje in de stookwijzer? Of bereidheid op verzoek niet te stoken bij deze codes?
Gemeentelijke kernboodschap In de gemeentelijke communicatie is vanaf december 2024 een specifieke kernboodschap gebruikt: ▪ “Houtstook is slecht voor de luchtkwaliteit en leidt tot gezondheidsklachten en overlast. ▪ Houtstook zorgt voor 23% van de fijnstofuitstoot in Nederland, wat kan leiden tot ademhalingsproblemen, hartklachten en andere gezondheidsrisico's. ▪ Gezond stoken bestaat niet. Het is dus het beste om geen hout te stoken. ▪ Wanneer er wel gestookt wordt helpt de Stookwijzer om overlast voor buren te vermijden. Bij code Rood en Oranje in de Stookwijzer is het dringend advies zeker niet te stoken. Kijk op www.stookwijzer.nu ▪ Houtstook is ongezond voor iedereen. Het zorgt voor ongezonde lucht, niet alleen buiten maar ook binnen in je eigen huis. Meer informatie op: nijmegen.nl/houtstoken”. Hoe kijken panelleden hier naar? Zijn zij het (in grote lijnen) eens met deze boodschap van de gemeente? Figuur: Eens met gemeentelijke kernboodschap over houtstook (in grote lijnen)?
Bron: peiling stadspanel april 2025 ▪ ▪
▪
Ongeveer drie kwart van het panel (74%) is het eens met de kernboodschap die in de gemeentelijke communicatie wordt gebruikt. Panelleden met een stookmiddel laten minder draagvlak voor de getoonde kernboodschap zien. Vooral eigenaren van een pelletkachel (33% oneens, 17% eens), vrijstaande houtkachel (25% oneens, 47% eens) of een inzethaard (21% oneens, 52% eens) zijn naar verhouding kritisch. Er zijn geen duidelijke verschillen naar stadsdelen te zien. Wel is in Dukenburg 14% het oneens met de boodschap, dat is een naar verhouding wat grotere groep.
12
Wat vinden panelleden van de boodschap van de gemeente, wat roept deze bij hen op? Panelleden met een houtstookmiddel in de woning reageerden in bepaalde mate instemmend, maar in de meeste gevallen is een negatief sentiment zichtbaar: ▪ De boodschap voelt vaak belerend of betuttelend; ▪ Er worden vaak tegenargumenten gegeven, of naar voren gebracht dat de gepresenteerde feiten ‘onbewezen’ zijn; ▪ Sentimenten als aversie, een vervelend gevoel, ergernis zijn zichtbaar; ▪ Geregeld wordt er in de reactie verwezen naar andere vervuilingsbronnen; ▪ Een deel geeft aan zich aangesproken te voelen; ▪ Ook is naar voren gebracht dat stokers in het algemeen moeilijk te beïnvloeden zijn. ▪ Zoals gezegd is er ook aangegeven dat men kan instemmen met de kernboodschap, dat deze aanspreekt en gesteund wordt. Panelleden zonder een houtstookmiddel in de woning reageerden samenvattend als volgt: ▪ Een heldere en duidelijke boodschap, overtuigend, goed dat deze informatie gegeven wordt; ▪ Veelal instemmend, acceptabel; ▪ Op deze manier te vrijblijvend, pleidooi voor een houtstook-verbod; ▪ Goed dat het grotere maatschappelijk belang voorop staat (o.a.
gezondheid); ▪ Het zijn veel boodschappen tegelijkertijd, nogal lang, verwijzingen naar externe websites verwarrend; ▪ Een negatieve toon is zichtbaar, er wordt afgeraden; ▪ Twijfel of de stokersdoelgroep zich aangesproken zal voelen of zich er aan gaat houden; ▪ In enkele gevallen komen bemoeizucht, overdrijving en weerstand naar voren in de reacties.
Stookwijzer en gemeentelijke subsidiemogelijkheden De gemeente Nijmegen promoot de Stookwijzer als website met advies wanneer het vuur (buiten én binnen) beter uit te laten. Stookwijzer geeft een code op postcodeniveau en kijkt hierbij naar luchtkwaliteit en windkracht. Als code rood in de gehele provincie geldt wordt er via het stookalert een dringende oproep gedaan om niet te stoken. De stookwijzerwebsite en app geven onder andere vroeg op de dag informatie over een mogelijk negatief advies over houtstook later op de dag. Daarnaast biedt de gemeente subsidiemogelijkheden. Inwoners van Nijmegen met een haard of houtkachel die willen stoppen met het stoken van hout kunnen subsidie aanvragen voor verwijderen van uw houtkachel of haard. Zijn panelleden bekend met stookwijzer als instrument voor informatie en meldingen? En met de gemeentelijke subsidie voor het weghalen van kachels en dichtmaken van het rookkanaal?
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
13
Figuren: bekendheid stookwijzer en gemeentelijke subsidie
Bron: peiling stadspanel april 2025 ▪
▪
Bijna 1 van de 3 panelleden (31%) is bekend met stookwijzer-website of app. Bij bijna 4 van de 10 panelleden (38%) is de stookwijzer niet bekend, 31% heeft er wel eens van gehoord. In 2023 was 27% van het Nijmeegse panel bekend met de stookwijzer, vooral in relatie tot het doen van overlastmeldingen. De gemeentelijke subsidie voor het weghalen van kachels en dichtmaken van het rookkanaal is minder bekend: 57% van het panel kent de subsidie niet. Ruim 1 van de 5 (22%) kent de subsidie wel, 21% heeft er wel eens van gehoord. In 2023 was 27% van het
14
▪
▪
▪ ▪
Nijmeegse panel bekend met de (toenmalige) subsidie voor het dichtmaken of verwijderen van de schoorsteen. Stookwijzer is onder panelleden met een stookmiddel naar verhouding bekend(er). Vooral eigenaren van een vrijstaande houtkachel (69%), inzethaard (48%) of open haard (42%) kennen de website of app. Ook subsidiemogelijkheden zijn onder bezitters van een stookmiddel bekender: ongeveer een derde deel kent de gemeentelijke subsidie voor weghalen kachels en dichtmaken van rookkanalen. Stookwijzer blijkt minder bekend in Nijmegen-Centrum (bij 59% onbekend) en in Nijmegen-Noord (46% onbekend). Ook gemeentelijke subsidiemogelijkheden zijn minder bekend (bij panelleden) in Nijmegen-Noord (69% onbekend). In Oud-West en Nieuw-West kent 29% de gemeentelijke subsidie voor het weghalen van kachels en dichtmaken van het rookkanaal. Verder zijn er zijn duidelijke verschillen naar Stadsdelen te zien.
Niet stoken? Aan panelleden met een stookmiddel legden we vragen voor over: ▪ de bereidheid om, eventueel op bepaalde dagen, niet te stoken als buren overlast ervaren; ▪ de bereidheid op verzoek niet te stoken bij stookwijzercode rood of oranje. Figuren: bereidheid niet stoken (panelleden met houtstookmiddel)
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
15
Bron: peiling stadspanel april 2025 ▪
Ongeveer 8 van de 10 panelleden met een stookmiddel toont bereidheid om niet te stoken als buren overlast ervaren en/of de bereidheid op verzoek niet te stoken bij stookwijzercode rood of oranje.
Verbod op basis van Stookwijzer? Zijn panelleden het eens met een eventueel verbod op houtstoken bij code rood of oranje in de Stookwijzer? Hoe staan mensen met een stookmiddel hier tegenover? Zijn er verschillen in standpunt binnen de stad zichtbaar? Figuur: draagvlak stookverbod
Bron: peiling stadspanel april 2025
16
▪ ▪ ▪
▪
Onder een grote groep (78% van het gehele panel) is er draagvlak voor een stookverbod bij stookwijzercode rood of oranje. Van de groep zonder houtstookmiddel is 82% het eens met een verbod op hout stoken in Nijmegen bij code rood/oranje in de stookwijzer. Ongeveer 20% van de panelleden met een houtstookmiddel is het niet eens met een stookverbod (60% tot 70% toont wel draagvlak, is het er wel mee eens). Sterker is dit zichtbaar bij mensen met een pelletkachel: hier is 39% het niet eens met een eventueel verbod in Nijmegen bij code rood/oranje (en opnieuw 39% toont wel draagvlak). Er zijn wat een mogelijk verbod betreft geen duidelijke verschillen naar stadsdelen. Wel is de groep die het niet eens is met een dergelijk stookverbod in Dukenburg met 15% wat hoger (71% van de panelleden in Dukenburg is het wel eens met een stookverbod bij stookwijzercode rood of oranje).
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
17
4. Overlast Ervaren van overlast In hoeverre is er tijdens het afgelopen stookseizoen overlast ervaren van houtstook, binnen de eigen woning en/of in woonstraten en tuinen (de woonomgeving)? Figuren: Ervaren van overlast van houtstook tijdens het stookseizoen Overlast in de woning
Overlast in de woonomgeving
Bron: peilingen stadspanel gemeente Nijmegen Als het gaat om het ervaren van overlast van houtrook in de woning: ▪ De grootste groep (68% in 2025) ervaart (bijna) nooit overlast in huis. ▪ Zo’n 13% ervaart geregeld of vaak overlast van houtrook in de woning. ▪ Ongeveer een vijfde deel (18% in 2025) ervaart soms deze overlast; ▪ Deze overlastcijfers betreffende houtrook in de woning zijn voor 2021 en 2025 vergelijkbaar.
18
▪
▪
Panelleden met een houtstookmiddel geven naar verhouding minder overlast van houtrook in de woning aan. Tot 5% ervaart geregeld of vaak overlast in de woning, versus 16% van de groep zonder houtkachel. Er zijn geen duidelijke overlastverschillen in de woning zichtbaar tussen stadsdelen. In Lindenholt is het aandeel dat geregeld of vaak deze overlast ervaart met 16% iets hoger.
In de woonomgeving (woonstraten, tuinen) is er duidelijk meer hinder aangegeven: ▪ Ongeveer een kwart (24% in 2025) ervaart geregeld of vaak overlast van houtrook in de woonomgeving, een groter aandeel (28% in 2025) ervaart soms deze overlast; ▪ Om en nabij de helft (48%) ervaart (bijna) nooit overlast. ▪ Ook in dit geval zijn de overlastcijfers voor 2021 en 202 vergelijkbaar. ▪ Ook in dit geval geven panelleden met een houtstookmiddel naar verhouding minder overlast aan. Tussen 5% en 10% ervaart geregeld of vaak overlast in de woonomgeving, versus 26% van de groep zonder houtkachel. ▪ Er zijn geen duidelijke overlastverschillen in de woonomgeving zichtbaar tussen stadsdelen. De ervaren overlast wordt door het panel als volgt omschreven: 1. Stankoverlast (door 27% van de groep die overlast aangeeft genoemd); 2. Rook dringt door in de woning, in de slaapkamer (22%); 3. Zorgen over gezondheidsrisico’s (12%); 4. Kan niet in de tuin zitten (11%); 5. Gezondheidsklachten (10%); 6. Kan woning niet of nauwelijks ventileren (9%); 7. Er ontstaan conflictsituaties met buren (4%); 8. Zorgen over brand (2%); 9. Anders (3%). Onder ‘anders’ zijn onder meer het (willen) vermijden van burenconflicten, last van keel of ogen en problemen bij het sporten genoemd.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
19
Omgaan met overlast Zijn stokers wel eens aangesproken op overlast? Is men bereid het stookgedrag hier op aan te passen? Weten Nijmegenaren waar overlastmeldingen te doen? Is men bereid het gesprek aan te gaan over overlast? Figuur: stellingen in relatie tot omgaan met overlast
Bron: peilingen stadspanel gemeente Nijmegen ▪ ▪ ▪
▪
Ongeveer 1 van de 10 (9% van de panelleden met een stookmiddel) is wel eens aangesproken vanwege overlast door houtrook. In 2023 gaf 6% dit aan. Zo’n 80% toont bereidheid om (eventueel op bepaalde dagen) niet te stoken bij burenoverlast (2023: 79%), 5% wil dit niet (2023: 11%). Een meerderheid (van het gehele panel) weet niet waar overlast meldingen te doen (58%). Er zijn hierbij geen duidelijke verschillen naar bezit van een stookmiddel of naar stadsdelen zichtbaar. De bereid om het gesprek aan te gaan is door 4 van de 10 panelleden aangegeven. Van de groep die geen stookmiddel heeft is ruim een derde deel (36%) bereid om het gesprek aan te gaan met buren over houtrook-overlast. Van de eventuele veroorzakers (panelleden met een stookmiddel in de woning) toont een grotere groep deze bereidwilligheid (60% tot 70%). Er zijn geen duidelijke verschillen naar stadsdelen zichtbaar. Wel is er in Nijmegen-Oud-West en Dukenburg wat minder bereidheid het gesprek aan te gaan over overlast: in beide stadsdelen is geeft 24% van de panelleden dit aan.
20