Het participatieplan “Samen in gesprek over onze stad”
Tekst van het document
Actualisatie Omgevingsvisie
“Samen in gesprek over onze stad” Participatieplan, “actualisatie omgevingsvisie”, zomer 2023
Datum: 06-09-2023 Kenmerk: …………. Versie: V1.3 Status: Vastgesteld ……… Opgesteld door: Mirjam Derks
1
Actualisatie Omgevingsvisie
Inhoudsopgave Kernboodschap 1. Aanleiding 2. Actualisatie: doel en de doelstellingen van het initiatief 3. Kaders en achtergrond en samenhang 4. Participatiebeleid gemeente Nijmegen: “Samenwerken met de stad” 4.1. Algemene uitgangspunten 4.2. Doel en de doelstelling(en) van het participatieproces
5. Impact op de omgeving 6. Verkenningsfase 6.1. Proces verkenningsfase 6.2. Inzet Stadspanel 6.2.1. Issue-analyse reacties stadpanel
7. Belanghebbenden 8 Participatie 8.1. Uitgangspunten participatie 8.1.1. Duurzame relaties zijn de sleutel tot vertrouwen 8.1.2. Verschil tussen feiten, standpunten en belangen 8.1.3. Verwachtingenmanagment 8.2. Participatieprincipes 8.3. Opzet van de participatie 8.4. Participatieonderdelen 8.5. Participaal
9. Communicatie 9.1. wat willen we voor belanghebbenden 9.2. Strategische uitgangspunten 9.3. Communicatiemiddelen
10. Planning op hoofdlijnen 10.1 planning thema’s komende periode
11. Evaluatie
2
Actualisatie Omgevingsvisie
Bijlagen: 1. Onderzoeksrapport peiling Omgevingsvisie 2023; 2. Bijlagerapport peiling Omgevingsvisie 2023. 3. Verslag stadsgesprek 22 juni 2023 over woonbehoefte onderzoek. 4. Infographic stadsgesprek 22 juni 2023
3
Actualisatie Omgevingsvisie
Kernboodschap: Onze stad staat voor een heel aantal uitdagingen. Het gaat hierbij onder meer over klimaatverandering en overgaan op duurzame energie. Bovendien groeit de stad en is het belangrijk dat we voldoende woningen bouwen en banen creëren en is gezondheid opgenomen in de wet. Hoe gaan we de komende jaren om met de dilemma’s waarbij wonen, leven, werken, recreëren in een fijne gezonde omgeving, mogelijk blijft en dat binnen de bestaande stad. We willen de ruimte goed gebruiken en we willen achterhalen welke belangen er zijn en welke dilemma’s we tegen komen. Juist het ophalen van de belangen en bespreken van de dilemma’s is belangrijk om een goede afweging te maken, die we voorleggen aan de gemeenteraad. Kortom: De fysieke ruimte van Nijmegen is beperkt. Niet alles past en kan. We willen de belangen zo helder naar voren krijgen en vervolgens prioriteren en keuzes maken. Belangenafweging staat centraal, kaders beschrijven om een zo concreet mogelijke Omgevingsvisie te formuleren.
1. Aanleiding In 2023 en 2024 werken we de Omgevingsvisie bij. Dit past in de gedachte van de Omgevingswet, die 1 januari 2024 van kracht wordt. De omgevingsvisie wordt in de komende jaren aangepast op basis van de laatste (beleids-) inzichten, evaluatie en monitoring en de ontwikkelingen in en voor de stad. De omgevingsvisie is dus dynamisch. De huidige Omgevingsvisie is in 2020 door de gemeenteraad vastgesteld. De omgevingsvisie laat zien hoe de stad zich in de komende jaren ontwikkelt. Belangrijke vastgestelde uitgangspunten in de omgevingsvisie zijn dat de stad compact en leefbaar moet blijven. Dat mensen zich eenvoudig lopend, fietsend, of met het openbaar vervoer kunnen verplaatsen. Maar ook dat we het omliggende landschap groen willen houden en dat betekent dat we uitgaan van verdichting voor de woningbouw. Deze uitgangspunten zijn leidend in deze actualisatie. In februari 2023 heeft het college de startnotitie actualisatie Omgevingsvisie vastgesteld. In de startnotitie staat het proces om te komen tot deze actualisatie, beschreven. Participatie is een belangrijk onderdeel van de Omgevingswet en dus Omgevingsvisie. Participatie met allerhande belanghebbenden op verschillende momenten over verschillende thema’s en op verschillende treden op de participatieladder. In dit participatieplan wordt beschreven op welke wijze participatie vorm en inhoud krijgt.
Het participatieplan is opgesteld volgens de uitgangspunten uit het Participatiebeleid voor het Ruimtelijk Domein. In dit beleid is beschreven waar een participatieplan aan moet voldoen. Met dit participatieplan proberen we een soort “paraplu” te vormen, omdat we ook verschillende thema’s en gebieden meenemen in deze participatie. Aan de hand van deze Omgevingsvisie wordt ook het Omgevingsplan gemaakt waaraan planontwikkelingen getoetst gaan worden.
2. Actualisatie: doel en doelstellingen De huidige omgevingsvisie moet geactualiseerd en aangepast worden aan de hand van de situatie, ontwikkelingen en de kennis van nu. De gemeenteraad van Nijmegen heeft bij het vaststellen van de begroting 2023 besloten, deze actualisatie in deze coalitieperiode te doen.
4
Actualisatie Omgevingsvisie
In de startnotitie staat beschreven hoe de actualisatie wordt opgepakt. In deze actualisatie willen we de uitgangspunten concreter maken en scherpe(re) keuzes maken. Dit is nodig om de dilemma’s inzichtelijk te krijgen en daardoor goede belangenafwegingen te kunnen maken. De fysieke ruimte van Nijmegen is beperkt, we kunnen niet alles, niet alles past en niet alles kan tegelijkertijd. Hierdoor ontstaan dilemma’s. Die vragen om een belangenafweging, het maken van scherpere keuzes én het bepalen van prioriteit. De gemeenteraad heeft bij het vaststellen van de huidige omgevingsvisie besloten dat onder meer de woningbouwopgave binnen de stad wordt opgevangen. De stad wordt dus steeds “dichter”. Door deze verdichting komt de vraag op tafel hoe we omgaan met klimaatadaptatie, groen en duurzaamheid. Waar ligt onze prioriteit en hoe zorgen we ervoor dat de stad kwalitatief goed leefbaar is en blijft en we toch de belangrijke thema’s en functies een passende plek geven? En dat alles terwijl ook gezondheid een belangrijk aandachtspunt is in de wet. Voor deze actualisatie is een aantal thema’s benoemd die aan de orde moeten komen. Het gaat hierbij om de thema’s klimaatadaptatie, groen en duurzaamheid, energietransitie, wonen, mobiliteit maar ook een drietal ruimtelijke programma’s als de stationsgebied, Winkelsteeg en Campus Heijendaal.
Met deze actualisatie gaan we zo integraal mogelijk de thema’s en dilemma’s benaderen.
3. Kaders en achtergrond en samenhang We hebben te maken met vastgestelde kaders in de Omgevingsvisie Nijmegen 2040. Belangrijke kaders zijn: Nijmegen heeft de ambitie (en opgave) om tot 2030 te groeien met 10.000 banen en 10.000 nieuwe woningen. Intussen is onze ambitie te groeien met 15.000 nieuwe woningen. Om de kwaliteit van het omliggende landschap zoveel mogelijk voor Nijmegen te behouden, zal de groei plaatsvinden binnen de stadsgrenzen. Centraal in de omgevingsvisie staan de vier hoofdopgaven voor onze stad: 1. Economische veerkrachtige stad 2. Sociale en gezonde stad 3. Aantrekkelijke stad 4. Duurzame stad. De vier opgaven hangen met elkaar samen en in de omgevingsvisie zijn daarvoor acht integrale oplossingen opgenomen.
Deze opgaven en integrale oplossingen staan nadrukkelijker beschreven in de vastgestelde omgevingsvisie en de startnotitie van de actualisatie. De kern van de omgevingsvisie staat. De stad, haar inwoners, instellingen, bedrijven en toekomstige gebruikers hebben houvast nodig. Wél maken we de omgevingsvisie concreter om tot komen tot zo helder mogelijke kaders. Om tot goede afwegingen te komen is het belangrijk dat we zo veel mogelijk belangen ophalen en dilemma’s bespreken. Tegelijkertijd staan we open voor nieuwe kennis en ontwikkelingen waar we nu en in de komende tijd mee te maken hebben.
5
Actualisatie Omgevingsvisie
De thema’s worden zoveel mogelijk in zijn geheel (integraal) bekeken en in relatie de vier opgaven en de acht integrale oplossingen. Dit is in lijn met de bedoeling van de Omgevingswet. We onderzoeken in deze actualisatie waar beleidsambities botsen en waar kansen ontstaan om ambities samen op te pakken en eventueel prioriteiten toe te kennen. Dat maakt dat ook keuzes gemaakt worden. Op dit moment wordt ook gewerkt aan een aantal gebiedsvisies: Stationsgebied, Winkelsteeg, Campus Heijendaal en de Binnenstad. Dat maakt dat we de samenhang, belangen en dilemma’s in deze processen en projecten zoveel mogelijk betrekken bij de actualisatie van de omgevingsvisie.
4. Participatiebeleid gemeente Nijmegen: “Samenwerken met de stad” In het coalitieakkoord ‘Ons Nijmegen, Stad van Iedereen’ is een aantal ambities opgenomen waarbij het onder meer gaat over het samenwerken met de stad. Het gaat dan met name om maatregelen om te komen tot een klimaatbestendige en groene stad, de energie- en warmtetransitie, voldoende en betaalbare woningen, goede bereikbaarheid, versneld inzetten op mobiliteitsmaatregelen en vergroten van de kansengelijkheid. Vandaar dat we “de stad” betrekken, om zo de belangen naar voren te brengen. Alleen dan kunnen de afwegingen zo goed mogelijk gemaakt worden. Behalve dat het huidige college de samenwerking met de stad belangrijk vindt, is het ook een belangrijk punt vanuit de Omgevingswet.
4.1. Algemene uitgangspunten: In 2022 is het Nijmeegse participatiebeleid voor het ruimtelijk domein vastgesteld. Dit beleid hoort bij de Omgevingswet die op 1 januari 2024 in werking treedt. Dit beleidskader geldt voor het participatieproces van de actualisatie van de omgevingsvisie. In het participatiebeleid is het volgende opgenomen over de omgevingsvisie: In de Omgevingsvisie zelf wordt beschreven hoe we omgaan met participatie in het kader van een nieuwe Omgevingsvisie (of een wijziging daarvan). Zo stellen we voorafgaand aan een definitief voorstel voor (een wijziging van) de Omgevingsvisie een concept -visie op die we actief delen. Participatie vindt niet generiek plaats, maar zal deze gericht zijn op diverse deelaspecten van de Omgevingsvisie omdat het traject anders te algemeen wordt. • • • • • • •
We maken de Omgevingsvisie voor de lange termijn. De kern van de Omgevingsvisie moet dus ‘staan’ en niet te veel veranderen. De fysieke ruimte van Nijmegen is beperkt. Niet alles past en kan. We willen de belangen zo helder mogelijk hebben en keuzes maken. Belangenafweging staat centraal. De Omgevingsvisie moet concreter worden. Hierdoor kan het Omgevingsplan ook duidelijker worden. We staan open voor recente ontwikkelingen. De thema’s worden zoveel mogelijk in samenhang/integraal bekeken en samen opgepakt en afgewogen.
Met het in acht nemen van de geopolitieke ontwikkelingen is flexibiliteit belangrijk. Bovendien kunnen nieuwe opgaven en dilemma’s ontstaan. Het is daarom belangrijk om niet alleen richting bepalen, maar ook ruimte te houden voor flexibiliteit. Dit kan op gespannen voet komen te staan met de ambitie om keuzes te maken.
4.2. Doelstellingen participatie Belanghebbenden een stem geven De actualisatie heeft effect op de ontwikkelingen in de stad. We willen van inwoners, bedrijven en belangenorganisaties, instellingen en anderen, weten wat zij belangrijk vinden en wat hun belangen zijn. Dat maakt dat we belanghebbenden de kans willen geven om hun stem te laten horen en aan te geven wat belangrijk is voor de stad en hoe zijn kijken naar de dilemma’s waar we voor staan. Daarom willen we belanghebbenden vroegtijdig betrekken bij de actualisatie.
6
Actualisatie Omgevingsvisie
Uit ervaring weten we dat maar een beperkt deel van de inwoners participeren in beleidsprocessen. Dat is niet alleen in Nijmegen zo, maar ook landelijk. We houden er daarom rekening mee dat we niet alle belanghebbenden zullen horen. We zien dat niet als een gegeven en zetten daarom extra in om verschillende groepen te bereiken. De plannen beter maken Veel kennis over de stad zit bij inwoners, bedrijven en organisaties. Door goed te luisteren naar de belangen, wensen, ideeën en zorgen van belanghebbenden, kunnen we betere plannen en visies maken. Bovendien wil niet iedereen op dezelfde manier betrokken worden. Vandaar dat we op verschillende manieren contact leggen, onder meer door stadsgesprekken over verschillende thema’s te voeren en het stadspanel te bevragen. Herkenbare belangen, bespreking dilemma’s en daardoor betere besluitvorming Samen maken we de stad. Als we belanghebbenden vanaf het begin meenemen in de actualisatie, groeit het inzicht en begrip voor belangen van anderen en ook voor de dilemma’s waar we als stad voor staan. Een grotere gedragenheid helpt bij het vervolgproces en de besluitvorming die plaats gaat vinden aan het eind van dit proces.
5. Impact op de omgeving De Omgevingsvisie heeft impact op de hele stad. De visie begint abstract en moet uiteindelijk kaders bieden om de gebiedsvisies, programma’s en het Omgevingsplan goed en helder op- en vast te stellen. Een optimale samenwerking tussen beide instrumenten (Omgevingsvisie en omgevingsplan) is van belang, zodat strategische keuzes concreet gemaakt kunnen worden op planniveau. Andersom kan vanuit het omgevingsplan geconstateerd worden dat er behoefte is aan aanvullende of nieuwe visies over onderwerpen. De vraag waar de Omgevingsvisie ophoudt en het omgevingsplan begint (het detailniveau) is een belangrijk aandachtspunt Dat maakt dat het belangrijk is dat de stad hierbij betrokken wordt en zoveel mogelijk belanghebbenden mee kunnen denken. Ze kunnen zo belangen kenbaar maken en dilemma’s bespreekbaar maken. Zo zullen we ook de participatieplannen van de omgevingsvisie en het Omgevingsplan met elkaar afstemmen. Dat maakt dat we tijdens de participatiebijeenkomsten ook beknopt aandacht besteden aan het Omgevingsplan.
6. Verkenningsfase Belangrijk onderdeel van de nieuwe Omgevingswet is dat participatie goed moet worden ingevuld. We volgen hiervoor, zoveel als passend, het participatiebeleid. Wij willen graag met de belanghebbenden de thema’s bespreken en met elkaar belangen naar voren haren en dilemma’s benoemen om een zo goed mogelijke belangenafweging te maken. Aan de hand van de belangenafweging komen we tot een aantal doelen die besproken en getoetst zijn bij de belanghebbenden en die onder andere gebruikt worden als uitgangspunt voor de actualisatie. In de komende periode wordt bovendien gesproken over het al dan niet meer gebiedsgericht beschrijven van dilemma’s en doelen en wat dan wel of niet in programma’s wordt opgenomen. Deze nieuwe benadering biedt voor de participatie wellicht ook mogelijkheden voor stadsdelen, wijken en buurten. Dit kan dan ook impact hebben op de rol van de belanghebbenden, ook op een concreter en lokaler niveau. Dat maakt dat het participatieplan op dit punt aangepast kan worden.
6.1. Proces verkenningsfase Om te komen tot het participatieplan wat nu voorligt, is een verkennende fase uitgevoerd volgens het participatiebeleid.
Verkenning We hebben geïnventariseerd welke belanghebbenden belangrijk zijn voor de verschillende domeinen en thema’s. 7
Actualisatie Omgevingsvisie
Hiervoor hebben we nadrukkelijk gekeken naar belanghebbenden die vanuit het maatschappelijke domein betrokken kunnen worden. Uiteindelijk gaat het om de mensen die in onze stad leven, wonen, werken, studeren etc. Voor de huidige en toekomstige stakeholders is het belangrijk dat we de belangen zo goed mogelijk naar voren krijgen. Behalve deze groep zijn voor ons natuurlijk ook de organisaties, instellingen, bedrijven en ondernemingen van belang en niet in het minst belangenorganisaties, cliënten- en adviesraden en ervaringsdeskundigen.
Cliënten- en adviesraden We hebben een gesprek gehad met de secretaris van de cliënten- en adviesraden en zijn aanwezig geweest bij een avond van de raden op 11 juli jl. Een vervolgbijeenkomst staat gepland op 24 oktober van dit jaar.
Stadspanel Aan het stadspanel zijn de nodige vragen gesteld die betrekking hadden op het wonen in de stad en ook waar en hoe deze panelleden betrokken willen worden. De uitkomsten zijn geanalyseerd en worden meegenomen in het proces.
Stadsgesprek Het eerste stadsgesprek heeft plaatsgevonden op 22 juni jl. en het onderwerp hiervoor was de woonbehoefte aan de hand van een gedaan onderzoek van een onderzoeksbureau. Verslag van de bijeenkomst wordt momenteel gemaakt en in een infographic worden de belangrijkste onderwerpen weergegeven.
Samenvattend Deze eerste ervaringen hebben een beeld gegeven van wat helpend is in het participatieplan om de belanghebbenden de kans te geven hun belangen goed naar voren te brengen en dilemma’s te bespreken. Om uiteindelijk, nadat we een aantal thema’s op deze manier bespreken met de stakeholders, te komen tot een goede afgewogen actualisatie en beschrijving van de kaders van de Omgevingsvisie.
6.2. Verdieping inzet Stadspanel We hebben aan het stadspanel een aantal vragen gesteld. Het aantal respondenten was voldoende om een eerste analyse te maken van de issues.
6.2.1 Issue-analyse reacties stadspanel Aan de stadspanelleden is een aantal vragen gesteld om inzicht te krijgen wat speelt en in welke mate. Dat geeft informatie over de belangrijke issues en waar men het graag over wil hebben. We hebben toegelicht dat het gaat om de inzet van de verschillende onderwerpen. Daarbij komt bovendien dat is vastgesteld dat de woningbouw opgevangen wordt in het binnenstedelijk gebied. Dat maakt dat de ruimte verdeeld moet gaan worden. Binnen de bestaande stedelijke ruimte zal namelijk de woningbouw worden opgevangen die op dit moment bekend is. Hoe gaan we die ruimte verdelen voor bijvoorbeeld klimaat maar ook werken en school en recreëren? Welke signalen van zorg, weerstand, steun of verrijking leven er in dit verband bij inwoners?
Vragen Goede luchtkwaliteit en gezonde leefomgeving; • • •
8
Welke prioriteiten in de gewenste ruimtelijke ontwikkeling van Nijmegen zien panelleden? Hoe wordt aangekeken tegen dillema’s en afwegingen in ons ruimtelijk beleid? Welke voorkeuren zijn er rond mogelijke vormen van participatie bij de actualisering van de Omgevingsvisie?
Actualisatie Omgevingsvisie
• •
Zijn er in de uitkomsten verschillen zichtbaar naar woonlocatie (stadsdelen), leeftijdsgroepen of andere doelgroepen? Zijn er panelleden die verder betrokken willen worden bij de actualisering van de Omgevingsvisie?
Belangrijke thematiek Door minimaal de helft van de respondenten zijn de onderstaande thema’s genoemd als belangrijk voor de Nijmeegse Omgevingsvisie, in volgorde van het hoogste percentage: • Goede luchtkwaliteit en gezonde leefomgeving; • Klimaatbestendige stad; • Leefbaarheid bestaande wijken; • Bouwen van betaalbare woningen; • Ruimte voor dieren en groen. De inbreng van het stadspanel is verwerkt in een onderzoeksrapport en bijlage. Beiden zijn als bijlage bij dit participatieplan gevoegd en geven nog meer informatie over hoe respondenten betrokken willen worden bij de actualisatie.
Discussie thema’s Aan de hand van de uitvraag bij het stadpanel staat hieronder weergegeven wat de grote lijnen zijn die vanuit deze groep naar voren is gekomen. Er is een aantal discussie thema’s naar voren gekomen en de top vijf hiervan is: • Ruimte voor bedrijven (35% zegt: minder aandacht, veel geen mening); • Plekken voor cultuur en evenementen (uiteenlopende meningen); • Woningen van het gas halen (duidelijk uiteenlopende meningen); • Ruimte voor voorzieningen (uiteenlopend of geen mening); • Meer woningen bouwen (uiteenlopende meningen).
Andere belangrijke thema’s: aanvullingen door het panel Panelleden kregen ook de mogelijkheid aanvullende thematiek aan te dragen die niet eerder genoemd is en die voor het algemeen belang terug moeten komen in de actualisatie van de omgevingsvisie. De panelleden noemden het meeste: verkeers- en mobiliteitszaken, onderhoud openbare ruimte, doorstroming van senioren op de woningmarkt en grenzen aan verdichting ten gunste van leef- en ademruimte in de stad.
7. Belanghebbenden Om de belanghebbenden zo goed mogelijk te kunnen betrekken is hier een overzicht van gemaakt. Deze lijst bestaat uit interne en externe belanghebbenden, en de positie. We hebben de lijst zodanig gemaakt dat we belanghebbenden gegroepeerd hebben om zoveel mogelijk van hen de kans geven en vanuit zoveel mogelijk verschillende perspectieven de belangen kunnen ophalen en dilemma’s bespreken. We willen iedereen tijdig betrekken. Daarom zetten we volop in op participatie bij de Omgevingsvisie. Maar participatie bij de Omgevingsvisie is anders dan bij een concreet bouwplan in een wijk. De visie is abstract en gevolgen van keuzes worden pas (op termijn) zichtbaar op wijkniveau in de programma’s en het Omgevingsplan. Hier moeten we rekening mee houden. Om inwoners, bedrijven en instellingen toch goed te betrekken, participeren we op themaniveau. Daarnaast gaan we in Q1 en Q2 van 2024, ook belanghebbenden per stadsdeel of wijk uit te nodigen voor gebiedsbijeenkomst(en) Het bijwerken van de Omgevingsvisie is een complex proces. In onze stad zijn namelijk veel verschillende en ook botsende belangen. Dat maakt het lastig te voorspellen hoe het participatieproces gaat verlopen. Daarom is dit participatieplan geen blauwdruk.
9
Actualisatie Omgevingsvisie
Wij zien de omliggende gemeenten ook als belanghebbenden en nodigen hen ook uit voor de bijeenkomsten die we organiseren in het licht van de omgevingsvisie. Op deze manier kunnen ze volgen waar we zijn in het proces en welke thema’s en onderwerpen hier spelen. Daarnaast wordt samengewerkt met de gemeenten in de regio Nijmegen en zien we deze ambtelijke collega’s ook als logische groep voor participatie. We praten hen ambtelijk op een aantal momenten bij, ook afhankelijk van de respons en behoeften van de buurgemeenten. Daar waar het gaat om regionale afspraken zoals een regionale verstedelijkingsstrategie etc. Is dit behalve voor de buurgemeenten, ook mogelijk relevant voor Overbetuwe, Lingewaard en Arnhem en we nemen hen dan ook mee. Onderstaand staat een overzicht gemaakt van de verschillende belanghebbenden en de positie op de ontwikkelingen in de stad.
10
Actualisatie Omgevingsvisie
Stakeholderslijst actualisatie omgevingsvisie 2023 - 2024 groep betrokkenheid interne stakeholders Gemeenteraad
neemt besluit over de visie
college van B&W
bereid besluitvorming voor
beleidsadviseurs
advies
wijkregisseurs, fysiek, sociaal en veilig
advies
expertgroep
advies
externe stakeholders provincie Gelderland the Economic Board Groene Metropool Rijkswaterstaat Zuiveringschap Woningcorporaties Projectontwikkelaars Architectuurcentrum Huudersbelangenverenigingen Wijkraden Cultuur en toeristische partijen Erfgoed partijen Energie en klimaat organisaties Groen organisaties bewoners ontwikkelaars/eigenaren omliggende gemeenten politie mobiliteitorganisaties clientenraden/adviesraden/belangenorganisaties ondernemers en bedrijven onderwijs- en kennisinstellingen diversiteit organisaties Zorgorganisaties Jeugdorganisaties sportorganisaties studenten jongeren pers stadspanel
11
belang aansluiting regio/provincie belang aansluiting regio/provincie belang aansluiting regio/provincie belang aansluiting regio/provincie belang aansluiting regio/provincie Effect op woningbouwopgave On)mogelijkheden van bouwen, voorzieningen en woningen Deskundigheid op het gebied van stedenbouw en architectuur Vertegenwoordiging van bewoners Vertegenwoordiging van bewoners Effect op klanten/bezoekers vertegenwoordiging kwaliteiten in de stad deskundigheid op het gebied van energietransitie en klimaatadaptatie deskundigheid op het gebied van biodiversiteit en groen gebruikers van het gebied (On)mogelijkheden van bouwen, voorzieningen en woningen belang aansluiting regio inzet op leefbaarheid en kwaliteit woonomgeving gebruikers van het gebied vertegenwoordiging van specifieke groepen bewoners gebruikers van het gebied gebruikers van het gebied vertegenwoordiging van specifieke groepen bewoners vertegenwoordiging van specifieke groepen bewoners vertegenwoordiging van specifieke groepen bewoners gebruikers van de sportfaciliteiten gebruikers van het gebied gebruikers van het gebied verslaglegging voor publiek gebruikers van het gebied
Actualisatie Omgevingsvisie
8. Participatie actualisatie In de ‘Omgevingsvisie 2020-2040: een Stad in beweging’ heeft de gemeenteraad kaders voor participatie gesteld: “Bij alle rollen die we als gemeente vervullen staat het algemeen belang centraal: een goed functionerende stad en een goede leefomgeving voor onze inwoners, bedrijven en instellingen. Waarbij nu aan de Omgevingswet dus ook gezondheid is toegevoegd en belangrijk is. Aangezien de beschikbare ruimte schaars is en de financiële middelen niet onuitputtelijk, moeten we bij de uitvoering van de Omgevingsvisie steeds het evenwicht bewaken tussen ruimte geven aan nieuwe ontwikkelingen, het behouden van de bestaande kwaliteiten van onze stad en de zorg voor een toekomstbestendige, gezonde en veilige leefomgeving”. De gemeenteraad streeft daarbij naar een afgewogen besluit: ”We vinden het belangrijk om belanghebbenden tijdig en zorgvuldig bij plannen en initiatieven te betrekken.” Ook is participatie voor de gemeente van wezenlijk belang om tot een afgewogen besluit te komen. Het besluit houdt rekening met de diverse invalshoeken, dat het wordt gedragen door belanghebbenden en bovendien uitlegbaar en uitvoerbaar is. De kaders van de gemeenteraad zijn uitgewerkt in een gemeentelijk participatiebeleid voor het ruimtelijke domein. Een afgewogen besluit leidt er niet automatisch toe dat iedereen in een plan op zijn wenken wordt bediend.
Er zullen immers keuzes moeten worden gemaakt en prioriteiten worden gesteld. In dit project willen we belanghebbenden in de gelegenheid stellen om hun belang kenbaar te maken op de juiste momenten in het planproces. Een transparant participatieproces, waarin partijen in de gelegenheid worden gesteld om dit te doen, kan er alsnog toe leiden dat de gemeente en belanghebbenden het niet met elkaar eens zijn. Belangen en uitgangsposities kunnen verschillend zijn. Naar elkaar luisteren betekent nog niet dat er een voor iedereen wenselijke en gedragen oplossing komt. Het is daarom van belang dat alle stappen in het participatieproces open en transparant worden genomen en in de besluitvorming zichtbaar kan worden afgeweken van belangen.
8.1. Uitgangspunten participatie Voordat we ingaan op de strategie en het plan van aanpak, lichten we onze visie op participatie in dit complexe proces toe aan de hand van een aantal uitgangspunten van waaruit we willen werken, namelijk:
8.1.1. Duurzame relaties zijn de sleutel tot vertrouwen Een van de belangrijkste opgaven voor het omgevingsmanagement is het werken aan duurzame relaties met de belanghebbenden die een belang hebben bij leven, wonen en werken in onze stad. Wij zien deze duurzame relaties als cruciaal voor het inhoudelijk beter maken van de actualisatie van de Omgevingsvisie. Dit maakt dat we bewust tijd en aandacht besteden aan de participatie op de verschillende thema’s, belanghebbenden informeren en met elkaar in gesprek te gaan om de belangen zo goed mogelijk naar voren te krijgen. Dit maakt dat we het stadspanel meerdere keren zullen bevragen, stadsgesprekken zullen voeren over verschillende thema’s en zo ook gesprekken aangaan met andere belangenbehartigers etc. als we merken dat deze belanghebbenden expliciet gevraagd worden om inbreng. We verwachten op deze manier de belangen en dilemma’s die we tegenkomen, bespreekbaar te maken.
8.1.2. Verschil tussen feiten, standpunten en belangen Iedereen zal anders aankijken tegen een situatie. Daarom is het belangrijk is om vanuit een gemeenschappelijk beeld van de situatie, te denken en te praten. Het is belangrijk om standpunten van belangen te onderscheiden. Standpunten zijn veranderlijk. Een argument
12
Actualisatie Omgevingsvisie
toevoegen aan de discussie kan tot een nieuw standpunt leiden. Belangen liggen dieper verankerd in een persoon of een organisatie. Zij veranderen daarom minder snel. Door de waaromvraag te stellen kan men van standpunt tot inzicht in het achterliggende belang komen. We willen bij participatie werken op basis van belangen en niet op basis van standpunten. In de gesprekken wordt dikwijls gezocht naar winst of het beperken van verlies, in plaats van het zoeken naar gezamenlijke belangen.
8.1.3. Verwachtingenmanagement Participatie is een middel om tot gedragen plannen te komen. Maar soms zijn er belangen die zwaarder wegen en die de participatie in de weg kunnen zitten: veiligheid, landelijke afspraken, werkgelegenheid, woningnood etc. Daarom is het belangrijk dat we belanghebbenden in het participatieproces laten weten wat de speelruimte is op welk moment. De ruimte kan per thema/domein verschillen. Het is belangrijk om afspraken te maken over hoe er gewerkt gaat worden, zodat partijen dezelfde verwachtingen hebben over het proces en elkaar daarop kunnen aanspreken. Zo ontstaat er een gedeelde verantwoordelijkheid voor het proces.
8.2. Participatieprincipes De visie op omgevingsmanagement en participatie staan hieronder opgenoemd in de vorm van participatieprincipes, voor de actualisatie van de Omgevingsvisie: • • • •
• •
•
We beschouwen belanghebbenden als (mogelijke) gesprekspartners die vanuit hun eigen deskundigheid, ervaring of betrokkenheid een bijdrage kunnen leveren aan het eindresultaat; We betrekken inwoners en andere belanghebbenden zoveel mogelijk op een manier die past bij hun belang en invloed. Dit kan per belanghebbende verschillen; We investeren in duurzame relaties met onze belanghebbenden, we hebben oprechte aandacht, luisteren goed naar wat voor hen belangrijk is. We managen hierbij nadrukkelijk de verwachtingen; De gemeente is een navolgbare partner: we streven ernaar om belanghebbenden zo tijdig mogelijk te betrekken, eenduidige en begrijpelijke informatie over inhoud en proces te delen, afspraken vast te leggen, afspraken na te komen en om eerlijk te zijn over dilemma’s en knelpunten; We vragen belanghebbenden aan de voorkant van het proces om begrip te hebben voor het feit dat besluitvorming uiteindelijk een belangenafweging is, waarbij niet álle belangen gehonoreerd kunnen worden; Deelnemers in participatieprocessen, ambtenaren, collegeleden en raadsleden gaan respectvol met elkaar om. Het moet prettig zijn om mee te denken en iedereen moet zich vrij voelen om te zeggen wat hij of zij wil zeggen; Raadsleden kunnen uitsluitend als toehoorder deelnemen aan processen.
8.3. Opzet van de participatie Het participatieplan is opgezet aan de hand van de reacties in de verkenningsfase. De reacties van de leden van het stadspanel waarbij ook gericht is gevraagd aan welke vormen van participatie zij graag mee willen doen. De panelleden hebben aangegeven graag betrokken te willen worden, door middel van de vragenlijsten maar ook uitgenodigd te worden voor een stadsgesprek e.d. Om te komen tot een zo goed mogelijke participatie gaan we een aantal vormen inzetten, die voor zoveel mogelijk thema’s in te zetten zijn. Daarnaast sluiten we aan bij de participatieplannen en -initiatieven die door de verschillende initiatiefnemers en projectgroepen al gestart zijn of waarvan het participatieplan al is vastgelegd door een besluit van college en gemeenteraad.
13
Actualisatie Omgevingsvisie
8.4. De participatieonderdelen die we inzetten 1. Stadspanel We hebben een stadspanel bestaande uit ongeveer 3.900 stadsgenoten die we een aantal keer per jaar benaderen via de mail. We stellen dan vragen over een specifiek onderwerp. Ook voor deze actualisatie hebben we het stadspanel ingezet in de verkenningsfase. Een van de vragen was of ze graag meer betrokken willen worden en op welke wijze. Hierop zijn goede reacties gekomen en dat maakt dat we zeker en graag het stadspanel willen inzetten om per onderwerp een aantal vragen uit te zetten om een indruk te krijgen van de belangen en dilemma’s. 2. Stadsgesprek Verder zetten we stadsgesprekken in waarbij we op een locatie in de stad (per onderwerp zoeken we een zo passend mogelijke locatie) een gesprek voeren. Dit doen we aan de hand van bijv. een eerste notitie, beelden die we willen toetsen of vragen die we graag willen stellen aan stakeholders. Het is mooi wanneer we dan ook de routekaart die we hebben laten maken, timetable, kunnen aanvullen en telkens kunnen laten zien hoe ver we zijn in het proces. Door middel van de routekaart laten we zien aan de belanghebbenden, waar we zijn in het proces. We geven hiermee de aftrap zodat de stakeholders ook kunnen volgen waar we zijn in het proces. 3. Jongeren Uit ervaring weten we dat jongeren lastig te bereiken zijn.
Dat is jammer, want de Omgevingsvisie gaat ook over hun toekomstige leefomgeving. Daarom zetten we een extra stap om deze groep te betrekken. Om ook de jongeren te betrekken bij de ontwikkelingen in de stad stellen we hen, via de buurtsportcoaches en/of straathoekwerk, ook vragen om belangen op te halen en dilemma’s aan te kaarten. Dit gaat in de komende periode verder uitgewerkt worden. 4. Gesprek met enkele specifieke partijen Ook gaan we het gesprek aan met enkele specifiek partijen. Dit willen we doen omdat we graag willen horen hoe zij kijken naar de stad en de thema’s die hier in de komende jaren aan de orde zijn. We denken hierbij aan diversiteitsgroepen, cliënten- en adviesraden. 5. Infographic Behalve een verslag van de belangrijkste punten uit de bijeenkomsten, maken we ook, zoveel mogelijk, per bijeenkomst een infographic. Dit omdat beeld in combinatie met woorden vaak beter te begrijpen zijn en het elkaar ook kan versterken. 6. Film maken Om het proces achteraf te kunnen weergeven en vooral ook wat we in beelden hebben opgemaakt, willen we een filmpje maken om zo de onderwerpen waar we nu mee bezig zijn voor de actualisatie vast te leggen. Het gaat dan vooral om sfeer en impressie en ter ondersteuning van de teksten.
Daarnaast gaan we een film maken gedurende het proces om de beelden die de belanghebbenden meegeven en de belangen en afwegingen van dilemma’s voor het voetlicht te brengen. Op deze manier kunnen we visualiseren hoe de belanghebbenden de stad graag zien in de toekomst met alle dilemma’s die in dit proces naar voren komen. 14
Actualisatie Omgevingsvisie
8.5 Participaal Tijdens de politieke avond bij het opiniërende gesprek over de Omgevingsvisie is een “participaal” ingebracht en de toezegging gedaan om dit te onderzoeken. De vraag of dit de mogelijkheid biedt om concrete vragen over een concreet onderwerp d.m.v. smileys, in de vorm van een soort verkeerslicht te toetsen bij bewoners. We gaan de mogelijkheid om te komen tot de inzet van een participaal onderzoeken. Al lijkt het niet zo geschikt voor de actualisatie van de omgevingsvisie maar eerder voor lokale aanpassingen en/of dilemma’s aangezien die veelal concreter zullen zijn.
9. Communicatie Met communicatie kun je informatie overdragen en houding en gedrag beïnvloeden. Communicatie levert een bijdrage aan het bereiken van een doel voor een of meer doelgroepen (belanghebbenden). In algemene zin zijn transparantie en duidelijke communicatie factoren die een veranderingstraject tot een succes maken.
9.1. Wat willen we voor belanghebbenden? • • • • • • •
Dat ze weten welke (integrale) problemen en keuzes voorliggen en welke dilemma’s er per thema spelen; Dat ze weten waarom welke keuzes gemaakt worden en op basis van welke argumenten; Dat ze weten wanneer ze inbreng kunnen leveren en voor hun belangen kunnen opkomen; Dat ze weten wat de meedenkruimte is; Dat ze zich betrokken voelen; Dat ze begrijpen wat de afwegingen zijn; Dat ze begrijpen welke besluiten worden genomen.
9.2. We gaan uit van de volgende strategische uitgangspunten • • • • • •
Communicatie ondersteunt belangenmanagement en participatie; Waar mogelijk digitaal; Hard op de feiten, zacht op de emoties; Kernboodschap centraal; Media & social media analyse – informatie van buiten naar binnen brengen en omgekeerd; Afstemmen van de boodschap en de inzet van type middelen op de ontvanger.
9.3. Communicatiemiddelen Voor het communiceren van boodschappen kun je verschillende media inzetten. Soms voldoet een enkel medium, maar vaak is een combinatie nodig om er zeker van te zijn dat de doelgroep bereikt wordt en de boodschap overkomt. De te kiezen communicatiemiddelen hangen af van de media die de doelgroepen gebruiken om informatie te vinden. Voor een succesvolle communicatie moet je dit vaak eerst onderzoeken. Waar haalt je doelgroep zijn informatie vandaan? Welke websites, kranten en tijdschriften leest deze? En bij welke netwerken zijn ze aangesloten? We zorgen voor maatwerk bij de communicatie richting de doelgroepen. We realiseren ons dat we niet iedereen kunnen bereiken maar zullen wel inzetten op het betrekken van zoveel mogelijk belanghebbenden.
15
Actualisatie Omgevingsvisie
10. Planning op hoofdlijnen Onderstaande tabel laat de planning op hoofdlijnen zien. Zoals eerder beschreven geeft dit houvast, maar kan gedurende het actualisatieproces veranderen.
Figuur 1: planning actualisatie omgevingsvisie
10.1 planning participatie in de komende periode In de komende maanden gaan we met de stad, op de verschillende thema’s en gebiedsontwikkelingen, in gesprek. We sluiten zoveel als mogelijk aan bij de diverse thema’s en de daardoor is dit participatieplan een groeiproces.
De volgende bijeenkomsten staan (voorlopig) gepland: • • • • • • • • • • •
Gesprek cliëntenraden en de omgevingsvisie; 26 oktober, Toekomst van je wijk/straat (mobiliteit); 1e helft november: Naoorlogs erfgoed; 2e helft november: Verdichting/ follow up wonen; 2e helft november/1e helft december: Energietransitie/warmtevisie; Nader te bepalen: Kimaatadaptatie; Nader te bepalen: Stationsgebied; Nader te bepalen: Circulariteit; Q1 en Q2 gebiedsgesprekken adhv de 4 opgaven en 8 uitgangspunten; Actualisatie omgevingsvisie ……
Mochten er in de komende periode nog wijzigingen in de bovenstaande planning komen óf de data bekend zijn zullen we dit communiceren met de verschillende belanghebbenden. Daarnaast zullen we ook per thema bekijken of het stadspanel gericht kan worden bevraagd. Zo ook de mogelijke andere belanghebbenden die we gaan benaderen per thema. Daarnaast gaan we in Q1 en Q2 van 2024 een aantal gesprekken per gebied organiseren. Juist om de verschillende belangen naast elkaar te leggen en te bekijken wat de belanghebbenden ons mee kunnen geven. We gaan dit doen aan de hand van de vier opgaven en de acht uitgangspunten. Dit om de keuzes zo goed mogelijk te kunnen afwegen zodat een zo goed mogelijk besluit kan worden genomen.
11. Evaluatie We proberen de kwaliteit van de participatie te bevorderen, door beoordeling van het proces niet alleen achteraf maar ook vooraf en tussentijds te laten plaatsvinden. Dat betekent dat we na een stadsgesprek de deelnemers
16
Actualisatie Omgevingsvisie
vragen om een reactie op de sessie met een online tool of vragenformulier. We koppelen de evaluatie van deelnemers aan de interne adviseurs die betrokken zijn bij het desbetreffende stadsgesprek en met de kerngroep.
17