CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

Besluitronde (raadsvergadering) 30 november 2022, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Hees - Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256) Herstelbesluit (96/2022)20.041 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256) Plan

Versie: vastgesteld

Colofon bestemmingsplan

Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256) IDN: NL.IMRO.0268.BP48W25-VG01

Gemeente Nijmegen

Bureau Ruimtelijke Planvorming Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen www.nijmegen.nl

Toelichting

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

3

4

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

Inhoudsopgave

Toelichting

3

Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4

Inleiding Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Vigerend bestemmingsplan Leeswijzer

7 7 7 8 9

Hoofdstuk 2 2.1 2.2

Planbeschrijving Beschrijving huidige situatie Beschrijving toekomstige situatie

11 11 11

Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3

Beleidskader Rijksbeleid Omgevingsvisie Gaaf Gelderland Relevant gemeentelijk beleid

13 13 15 16

Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14

Sectorale aspecten M.e.r.-beoordeling Economische zaken Bedrijven en milieuzonering Geluid Luchtkwaliteit Geur Externe veiligheid Bodem Water Flora en Fauna Cultuurhistorie Archeologie Verkeer en parkeren Duurzaamheid en klimaatadaptatie

19 19 19 20 20 20 22 22 22 23 26 33 37 39 40

Hoofdstuk 5 5.1 5.2

Juridische planbeschrijving Inleiding Systematiek van de planregels

45 45 45

Hoofdstuk 6 6.1

Economische uitvoerbaarheid Kostenverhaal

47 47

Hoofdstuk 7 7.1 7.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid Inspraak Overleg

49 49 49

Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

51 Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

53 53 67

5

Hoofdstuk 2 Artikel 3

Bestemmingsregels Maatschappelijk

71 71

Hoofdstuk 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene aanduidingsregels Algemene afwijkingsregels Overige regels

73 73 74 75 76 77 78

Hoofdstuk 4 Artikel 10 Artikel 11

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

79 79 81

Bijlagen bij toelichting Bijlage 1

Aeriusberekening Stikstof

Bijlage 2

Verkennend bodem- en asbestonderzoek

Bijlage 3

Quickscan Flora en Fauna

Bijlage 4

kansenkaart Flora en Fauna

Bijlage 5

Archeologisch onderzoek

6

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Met het plan wordt beoogd om de vergunde tijdelijke situatie te legaliseren en tevens een kantoor tbv de dagbesteding te realiseren.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het plangebied is gelegen aan De Wolfkuilseweg. Het plangebied wordt aan de oostzijde begrensd door het voedselbos en aan de westzijde door een braakliggend perceel aan de Energieweg. Aan de noord- en zuidzijde wordt de grens gevormd door de mbo school "Helicon" en door woningbouw aan de Bredestraat De gronden in het plangebied zijn kadastraal bekend als gemeente Neerbosch, sectie G, nr 1503. Het plangebied beslaat een oppervlakte van circa 1 ha2. Op onderstaande afbeelding is de ligging van het plangebied in de directe omgeving weergegeven. De exacte begrenzing van het plangebied is ingetekend op de verbeelding van dit bestemmingsplan.

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

7

Figuur 1: luchtfoto plangebied

1.3

Vigerend bestemmingsplan

Het vigerend bestemmingsplan betreft het bestemmingsplan Hees - Heseveld. Dit bestemmingsplan is door de raad vastgesteld en het plan is op 2 november 2010 onherroepelijk geworden . De beoogde ontwikkeling past niet in het vigerend bestemmingsplan, omdat het perceel de bestemming kwekerijen heeft. De gronden zijn bestemd voor kwekerijen met bijbehorende voorzieningen. Op het perceel komen o.a. een bijeenkomstgebouw en een werkplaats voor zorgboerderij "In het Westen". Het gebruik is strijdig met de geldende bestemming. Er is al een tijdelijke vergunning verleend voor een periode van 10 jaar op 15 februari 2019. Onderhavige bestemmingsplanherziening vormt vanwege deze strijdigheid met het vigerend bestemmingsplan het juridisch en planologisch kader voor de beoogde ontwikkeling.

8

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

1.4

Leeswijzer

Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding met bijbehorende planregels en gaat vergezeld van een toelichting. De planregels en de verbeelding vormen de juridisch bindende elementen van het bestemmingsplan. De toelichting bestaat uit een planbeschrijving met (separate) bijlagen. De toelichting van dit bestemmingsplan is opgebouwd uit zeven hoofdstukken. De opbouw van de hoofdstukken is zodanig dat er sprake is van een logische volgorde in vraagstelling (wat, waarom, waar, hoe, etc.).

Na dit inleidende hoofdstuk volgt hoofdstuk 2 'Planbeschrijving', dit gaat in op de beschrijving van de huidige situatie van het plangebied en directe omgeving. Daarnaast worden de ontwikkelingen die het plan mogelijk maakt op een rij gezet. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van het relevante beleid op Rijks, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau. Daarbij wordt bekeken of de voorgestane ontwikkeling in lijn is met dit beleid. In hoofdstuk 4 wordt de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan aangetoond. Vanuit de verschillende van invloed zijnde haalbaarheidsaspecten zoals externe veiligheid, luchtkwaliteit en water wordt in dit hoofdstuk beschreven waarom de ontwikkeling die voorliggend bestemmingplan mogelijk maakt, uitgevoerd kan worden. In hoofdstuk 5 wordt de juridische planopzet toegelicht. Er wordt een antwoord gegeven op de vraag hoe hetgeen in voorliggend plan is vastgelegd juridisch wordt geregeld. Hoofdstuk 6 geeft inzicht in de economische uitvoerbaarheid van het plan. In het laatste hoofdstuk van dit bestemmingsplan wordt verslag gedaan van het (voor)overleg en de zienswijzen.

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

9

10

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

Hoofdstuk 2 2.1

Planbeschrijving

Beschrijving huidige situatie

De planlocatie betreft het voormalige terrein van Breed, aan de Wolfskuilseweg 256, gelegen tussen de Energieweg, Wolfkuilseweg en de Bredestraat. Tot 2014 stonden er op de locatie meerdere gebouwen en een aanzienlijke oppervlakte aan kassen. Sinds deze zijn gesloopt ligt het terrein braak. De omgeving kenmerkt zich door de nabijgelegen Energieweg met zijn bedrijvigheid en industrie, maar vooral door de nog goed voelbare agrarische sfeer van het vroegere tuinbouwdorp Hees: naar de straat gerichte, vrijstaande (historische) bebouwing in een losse korrel en lage dichtheid, met daartussen grote, groene ruimten bestaande uit oude agrarische percelen, parken en (volks)tuinen. Dit alles herinnert aan de tijd dat het tuinbouwdorp Hees omringd werd door landerijen en buitenplaatsen. De planlocatie grenst aan het terrein van Helicon en aan Park West. Park West is sinds het begin van deze eeuw aangelegd met als doel de ruimtelijke kwaliteit in Nijmegen West te versterken door het versnipperde groen samen te voegen tot een kralensnoer van groen: grotere groengebieden die met elkaar verbonden zijn door een snoer van routes (groene fietsen wandelpaden). Park West vormt geen strak afgebakend park, maar is veeleer een verzameling van deelparken en verbindende groenzones die tussen de woonwijken en bedrijfskavels door vloeit.

Het park voorziet in verschillende functies zoals recreatie, sportvelden en volkstuintjes. Het totale gebied strekt zich globaal uit tussen het kanaal bij Neerbosch tot aan de Waal.

Het plangebied is 1 hectare groot en heeft nu nog de bestemming 'Kwekerij', met een ruim bouwvlak en een toegestaan bebouwingspercentage van 75%. Het bouwplan voorziet in het realiseren van een zorgboerderij. De beperkte bebouwing ten behoeve van de nieuwe functie betekent een aanzienlijke afname van de bebouwing op de locatie ten opzichte van de laatst vergunde situatie. In de eerste fase worden een kleine werkplaats (75m2) en een bijeenkomstgebouw (158m2) gerealiseerd. In fase twee kunnen daar een kantoorfunctie (250m2) en een kas (150m2) aan worden toegevoegd. Alle bebouwing ligt binnen het huidige bouwvlak. Er is op eigen terrein voldoende ruimte om te voorzien in de parkeerbehoefte en er wordt gebruik gemaakt van de bestaande inrit vanaf de Wolfskuilseweg. Met het starten van een zorgboerderij krijgt de locatie een nieuwe functie die goed past bij het agrarische karakter van de omgeving en de inrichting van Park West. De zorgboerderij kan daarbij een versterking zijn van de zichtbaarheid en beleving van dit deel van Park West in aansluiting op de Energieweg.

2.2

Beschrijving toekomstige situatie

De locatie (voormalig Breed-terrein) wordt in gebruik genomen door zorgboerderij In Het Westen. De beoogde activiteiten, zijnde dagbesteding voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt, passen niet helemaal binnen de huidige kwekerijbestemming. Het initiatief is goed inpasbaar in de omgeving, er worden op voorhand geen nadelige effecten door het bouwplan op de omgeving voorzien.

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

11

12

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

Hoofdstuk 3

Beleidskader

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte

In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) staan de plannen voor ruimte en mobiliteit tot 2040. Zo beschrijft het kabinet in de Structuurvisie in welke infrastructuurprojecten het de komende jaren wil investeren. Provincies en gemeentes krijgen meer bevoegdheden bij ruimtelijke ordening. De Rijksoverheid richt zich op nationale belangen, zoals verbetering van de bereikbaarheid. De SVIR laat een sterke focus zien op het herstel van de economie met prioriteit bij de ontwikkeling van de mainports Amsterdam en Rotterdam, de brainport Eindhoven en de greenports met bijbehorende achterlandverbindingen. Voor de topregio's heeft het Rijk een excellente ruimtelijk-economische structuur voor ogen, door een aantrekkelijk vestigingsklimaat in een goede internationale bereikbaarheid van de stedelijke regio's en concentratie van de topsectoren. Hiervoor moeten genoeg woningen, bedrijventerreinen en kantoren beschikbaar zijn. En deze moeten passen bij de wensen van bedrijven en hun werknemers. In Nijmegen bevindt zich een van deze topregio's: de Health Valley. Uitgaande van de verantwoordelijkheden van het Rijk zijn de ambities uitgewerkt in rijksdoelen tot 2028 en is aangegeven welke nationale belangen daarbij aan de orde zijn.

Het kabinet heeft in de SVIR 3 rijksdoelen geformuleerd: de concurrentiekracht vergroten door de ruimtelijk-economische structuur van Nederland te versterken. Dit betekent bijvoorbeeld een aantrekkelijk (internationaal) vestigingsklimaat; de bereikbaarheid verbeteren; zorgen voor een leefbare en veilige omgeving met unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden.

Hiervan zijn 13 onderwerpen van 'nationaal belang' afgeleid, waarvoor centrale sturing nodig wordt geacht en waarvoor het Rijk verantwoordelijk is en haar bevoegdheden wil inzetten. In vergelijking met eerder rijksbeleid wordt veel aan lagere overheden overgelaten. Planologische besluiten worden niet meer preventief getoetst op de naleving van nationale normen, tenzij het de directe belangen van Rijkswaterstaat, het ministerie van Defensie en het ministerie van EL&I inzake weg -en waterbeheer, defensieterreinen of Rijksinpassingsplannen voor energie-infrastructuur betreft.

3.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn rijksregels opgenomen ten aanzien van de ruimtelijke inrichting van Nederland. Deze zijn van belang voor de inhoud van bestemmingsplannen. Het kabinet heeft de keuze voor deze onderwerpen gemaakt in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). Deze structuurvisie bundelt het nationale ruimtelijke en infrastructuurbeleid in 13 nationale belangen. Met de uitbreiding van het Barro en het Bro (Besluit ruimtelijke ordening) is de juridische verankering van de SVIR nagenoeg compleet. Een deel van het Barro is gebaseerd is op eerdere planologische kernbeslissingen (pkb's) en

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

13

beleidsnota's die in de SVIR worden herbevestigd. Deze onderdelen volgen de nahangprocedure en kunnen vervolgens in werking treden. Het betreft de volgende onderdelen: Rijksvaarwegen; Project Mainportontwikkeling Rotterdam; Kustfundament; Grote rivieren; Waddenzee en waddengebied; Defensie; Hoofdwegen en hoofdspoorwegen; Elektriciteitsvoorziening; Buisleidingen van nationaal belang voor het vervoer van gevaarlijke stoffen; Natuurnetwerk Nederland; Primaire waterkeringen buiten het kustfundament; IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde; Ruimtereservering parallelle Kaagbaan.

3.1.3

Besluit ruimtelijke ordening

Met ingang van 1 januari 2012 is het gewijzigde Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in werking getreden. Aan het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de ladder voor duurzame verstedelijking toegevoegd. Daartoe is een artikellid ingevoegd op grond waarvan overheden nieuw te realiseren stedelijke ontwikkelingen dienen te motiveren. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Met de ladder voor duurzame verstedelijking wordt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten nagestreefd. Per 1 juli 2017 is de Ladder voor duurzame verstedelijking gewijzigd, met als doel deze te vereenvoudigen en de onderzoekslasten te beperken. Voorbeeld hiervan is de mogelijkheid om bij uitwerkings- en wijzigingsplannen de laddertoets pas uit te voeren bij de vaststelling van het uitwerkings- of wijzigingsplan. Met de gewijzigde ladder zijn de drie treden uit de vorige ladder komen te vervallen. De nieuwe ladder luidt als volgt (artikel 3.1.6 lid 2 Bro): "De toelichting van een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling.

Indien blijkt dat de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied kan worden voorzien, bevat de toelichting een motivering daarvan en een beschrijving van de mogelijkheid om in die behoefte te voorzien op de gekozen locatie buiten het bestaand stedelijk gebied." Conclusie Het betreft hier het aanpassen van het bestemmingsplan zodat de vergunde situatie juridisch wordt vertaald in een bestemmingsplan. De locatie is gelegen in bestaand stedelijk gebied. Daarmee is voldaan aan de ladder.

14

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

3.2

Omgevingsvisie Gaaf Gelderland

3.2.1

Provinciale Omgevingsvisie Gelderland

In de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland staan de hoofdlijnen van het provinciale beleid en ambities over thema's zoals ruimte, energie, klimaat, water, mobiliteit, economie, natuur en landbouw. De Omgevingsvisie is een 'plan' dat richting geeft (een gedeeld vergezicht), en ruimte biedt; geen plan met exacte antwoorden. De uitwerking van de Omgevingsvisie vindt plaats in sectorale of regionale programma's, waaronder de Regionale Energiestrategieën, Programma Mobiliteit, en Regionale Woonagenda's. De doelstelling van de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland is een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland. Hierbij ligt de focus op duurzaamheid, verbondenheid en een krachtige economie. De Omgevingsvisie omschrijft de doelstelling als volgt: Gezond: een gezonde leefomgeving, schone en frisse lucht, een schoon milieu, een niet vervuilde bodem, voldoende schoon en veilig (drink)water en de bescherming van onze flora en fauna Veilig: voorbereid zijn op klimaatverandering, zoals hitte, droogte, bosbranden en overstromingen.

En aandacht voor verkeersveiligheid en veilige bedrijvigheid Schoon: het tegengaan van schadelijke uitstoot, afval en uitputting van grondstoffen en het investeren in nieuwe, alternatieve vormen van energie Welvarend: een dynamisch, duurzaam en aantrekkelijk woon-, werk- en ondernemersklimaat, goed bereikbaar en met een goed functionerende arbeidsmarkt en dito kennis- en onderwijsinstellingen Duurzaamheid, verbondenheid en een krachtige economie worden in onderlinge samenhang bekeken. Dit resulteert in ambities op het gebied van de energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, vestigingsklimaat en de woon- en leefomgeving. Deze ambities zijn gerelateerd aan de kerntaken van de provincie. Elke ambitie kent zijn eigen doelstellingen en aanpak. Voor de uitvoering hanteert de provincie vier 'doe-principes': Doen: De provincie kijkt breed met focus en zoekt actief ruimte. Laten: De provincie stimuleert niets buiten haar visie. Zelf: De provincie neemt zelf verantwoordelijkheid en geeft het goede voorbeeld. Samen: De provincie werkt samen met partners en stimuleert innovatie en kennisdeling.

Sinds 2014 zijn vijf wettelijke verplichte planfiguren opgenomen in de Omgevingsvisie. Het gaat om ruimtelijk beleid, waterbeleid, milieubeleid, natuur- en landschapsbeleid en verkeers- en vervoersbeleid. Bij het ruimtelijke beleid is het provinciaal belang het vergroten van de ruimtelijke kwaliteit, het vergroten van klimaatbestendigheid en behoud van natuur- en landschappelijke kwaliteit. De kwantitatieve regionale opgave bij wonen en werklocaties is eveneens van provinciaal belang. Hiervoor zijn er provinciale kaders voor het terugdringen van leegstand en overcapaciteit in gemeentelijke plannen. Voor een zorgvuldige locatie-afweging op regionaal niveau wordt de ladder duurzame verstedelijking ingezet. Als juridische basis gebruikt de provincie de ladder voor duurzame verstedelijking die het Rijk heeft vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro).

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

15

3.2.2

Omgevingsverordening Gelderland

De doelstellingen uit de Omgevingsvisie zijn juridisch vertaald in de Omgevingsverordening Gelderland (december 2018). De verordening wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de Provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch gewaarborgd is. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, mobiliteit en bodem. In hoofdstuk 4 wordt op de verschillende aspecten ingegaan.

3.2.3

Conclusie

De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met dit beleid.

3.3

Relevant gemeentelijk beleid

3.3.1

Omgevingsvisie Nijmegen 2020-2040 Stad in beweging

In de Omgevingsvisie 'Nijmegen Stad in Beweging' beschrijft de gemeente haar visie op de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van de stad tot 2040. De Omgevingsvisie gaat om meer dan alleen ruimtelijke aspecten, zo beschrijft de visie hoe de inrichting van de fysieke leefomgeving kan bijdragen aan sociale, maatschappelijke en economische doelen. De Omgevingsvisie vervangt de sectorale beleidsvisie voor thema's die in de Omgevingsvisie zijn opgenomen. Hiermee biedt de Omgevingsvisie één integraal document met de kaders voor het ruimtelijk beleid van Nijmegen. De Omgevingsvisie bouwt o.a. voort op bestaand beleid, het coalitieakkoord 2018-2022 en de structuurvisie uit 2013. In oktober 2020 is de Omgevingsvisie vastgesteld door de gemeenteraad. Door actualisatie blijft de Omgevingsvisie actueel.

De Omgevingsvisie dient 4 doelen: 1. 2. 3. 4.

Een kader en inspiratie bieden voor initiatiefnemers uit de stad Het geven van spelregels voor afstemming met de omgeving bij ontwikkelingen Het in samenhang presenteren van de Nijmeegse ambities, als uitgangspunt bij het werk van medewerkers van de gemeente Te gebruiken als sturingsinstrument voor het college van B&W en de gemeenteraad bij ruimtelijke ontwikkelingen en investeringen

Uitgangspunt: Groei binnen de bestaande stad De Omgevingsvisie constateert dat Nijmegen tot 2040 blijft groeien in aantal inwoners,

16

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

werknemers en bezoekers. Het streven om die toekomstige groei te accommoderen binnen de bestaande grenzen van de stad is een belangrijk uitgangspunt van de Omgevingsvisie. Zo blijft het aantrekkelijke landschap rondom de stad intact en bovendien helpt verdichting om het draagvlak voor voorzieningen in stand te houden. Ruimte voor nieuwe woningen en werkgelegenheid wordt dus gezocht binnen de bestaande stadsgrenzen, waarbij de focus ligt op de volgende gebieden: Waalsprong, Waalfront, centrum/stationsomgeving, Kanaalzone/Winkelsteeg en campus Heyendaal.

Opgaven en ruimtelijke keuzes 4 opgaven en 8 richtinggevende keuzes staat centraal in de Omgevingsvisie (zie figuren). Nieuwe ruimtelijke initiatieven dienen altijd bij te dragen aan de 4 grote opgaven uit de Omgevingsvisie en bij voorkeur aan meer dan één tegelijkertijd.

Figuur 2: 4 opgaven en 8 richtinggevende keuzes

4 opgaven De Economisch veerkrachtige stad, Sociale en gezonde stad, Aantrekkelijke stad, en Duurzame stad zijn de vier opgaven die de basis vormen van het bestuursakkoord (2018-2022) en de Omgevingsvisie. Van hieruit wordt de ontwikkeling van de stad bekeken en worden ambities geformuleerd. 1. Economisch veerkrachtige stad We gaan onze economische kansen beter benutten. We willen dat de banengroei in onze stad zich gaat verhouden tot de bevolkingsgroei en mobiliseren ons onbenutte potentieel. Dit doen we met de stad én met de regio, die de motor is van onze economische groei. We hebben economisch sterke sectoren in de stad, maar we hebben ook dringend behoefte aan meer werkgelegenheid, zowel voor hooggeschoolden als voor praktisch werkenden. 2. Sociale en gezonde stad Nijmegen is en blijft een sociale stad. We werken aan gevarieerde, gemengde wijken en willen sociale tegenstellingen en maatschappelijke onvrede verkleinen. 3. Aantrekkelijke stad Nijmegen is een prachtige stad en dat blijven we. De kwaliteit van de stedelijke omgeving is voor ons een prioriteit. We willen onze sterke identiteit als stad met historie in een groene omgeving behouden en uitdragen. Nijmegen staat landelijk in de top drie van steden met het hoogste percentage woningtekort. We blijven groeien. Het aantal ouderen neemt toe, maar er

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

17

vestigen zich ook meer jongeren. Deze voor Nederland bijzondere dubbele groei vraagt veel van onze stedelijke voorzieningen. 4. Duurzame stad Nijmegen loopt voorop in de uitvoering van de duurzaamheidsopgaven voor Nederland. We hebben de ambitie en de potentie om samen met de regio koploper op het gebied van duurzaamheid en circulariteit te blijven. De oplossingen die we samen met de stad en regio uitwerken voor de energietransitie, duurzame mobiliteit, klimaatadaptatie en circulaire economie zijn ook voor de rest van het land van belang. Conclusie Het bestemmingsplan voldoet aan en versterken opgaven 1, 2 en 4.

18

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

Hoofdstuk 4 4.1

Sectorale aspecten

M.e.r.-beoordeling

Het voorkomen van aantasting van het milieu is van groot maatschappelijk belang. Het is daarom zaak om het milieubelang volwaardig in de besluitvorming te betrekken. Om hier in de praktijk vorm aan te geven is het instrument milieueffectrapportage of te wel m.e.r. ontwikkeld. De m.e.r.-beoordeling is een instrument met als hoofddoel het milieubelang volwaardig te laten meewegen bij de voorbereiding en vaststelling van plannen en besluiten. De voorgenomen ontwikkeling is opgenomen in eerste kolom van de zogenaamde D-lijst van het Besluit milieueffectrapportage. De realisatie van een poppodium wordt aangemerkt als een stedelijk ontwikkelingsproject, maar blijft ruim onder de drempelwaarde van 100 hectare dan wel een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2. Dit neemt niet weg dat in dit geval een vormvrije m.e.r.-beoordeling dient plaats te vinden. Dit dient plaats te vinden aan de hand van drie criteria: Kenmerken van het project; Plaats van het project; Kenmerken van het potentiële effect. In het kader van de voorgenomen ontwikkeling zijn verderop in dit hoofdstuk diverse milieuaspecten zorgvuldig afgewogen. Per aspect is bepaald of de ontwikkeling gevolgen heeft voor de (milieu)aspecten bedrijven- en milieuzonering, geluid, luchtkwaliteit, externe veiligheid, bodemgeschiktheid, flora en fauna, water, archeologie, cultuurhistorie, verkeer en parkeren.

Uit de afweging is gebleken dat er geen negatieve milieueffecten zijn te verwachten, waardoor het uitvoeren van een m.e.r.-beoordeling of MER niet zinvol wordt geacht.

4.2

Economische zaken

Voor deze planontwikkeling zijn geen bezwaren. Het gaat hierbij om een klein kantoor (250m2) en kas bij een zorgboerderij. Kantoren In regionaal verband zijn afspraken gemaakt voor het toestaan van grootschalige kantoorontwikkelingen (RPW). Conform deze afspraken zijn er in Nijmegen alleen grote kantoorunits toegestaan in de directe omgeving van het Centraal Station en Station Lent. Daarnaast is enige kleinschalige kantoorontwikkeling langs verkeersradialen toegestaan. Het gaat dan om kantoren met een maximale omvang tot 1.000 m². Verder kan de kantoorfunctie ook terugkomen in de wijk o.a. als woon-werkpanden (tot max. 500 m2).

Ondersteunende detailhandel is toegestaan mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: Mag geen verstorend effect hebben op de regionale structuur van reguliere detailhandel. Voorwaarde is verder dat er zoveel mogelijk eigen producten verkocht worden, aangevuld met andere lokale en streekproducten. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat de detailhandel ondergeschikt is aan de reguliere agrarische activiteiten, zowel naar omzet als in oppervlakte.

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

19

Tot een maximum van 50 tot 100 m² wvo.

4.3

Bedrijven en milieuzonering

In deze verantwoording zal de toelaatbaarheid van bedrijven en bedrijfsactiviteiten worden getoetst aan de ruimtelijk relevante milieuaspecten waaronder geluid, geur, stof en gevaar. Daarnaast zijn verkeer en visuele aspecten van belang en mogelijk andere hinderaspecten. Uitgangspunt hierbij is de systematiek van de VNG publicatie “Bedrijven en milieuzonering”. Daarnaast wordt getoetst of kan worden voldaan aan de goede ruimtelijke ordening waarbij uitgangspunt is dat sprake moet zijn van een goed woon- en leefklimaat met het zoveel als mogelijk in stand houden van bestaande rechten van bedrijven. Deze afweging is breder dan alleen het toepassen van de VNG publicatie en betreft ook de afweging van mogelijke hinder van bijvoorbeeld licht, spuitzones, elektromagnetische velden, etc. Op de locatie is sprake van de ontwikkeling van een zorgboerderij. Uitgangspunt hierbij is dat er een inrichting wordt gerealiseerd voor het op kleine schaal houden van onder andere landbouwhuisdieren. Dit is ongeveer te vergelijken met een categorie 3.1 activiteit waarbij een richtafstand van 50 meter geldt voor geurhinder en 30 meter voor stof en geluid. De dichtstbijzijnde gevel van woningen liggen echter op grotere afstand. Het woon- leefmilieu van omwonenden wordt derhalve niet aangetast. Bij de zorgboerderij is sprake van dagbesteding en is er dus geen sprake van een woon en slaapfunctie.

Derhalve is er ook geen sprake van een geluidgevoelig object. Dit is van belang aangezien de planlocatie in de geluidzone ligt van het industrie terrein Kanaalhavens. Omliggende bedrijven worden dan niet gehinderd in hun ontwikkelingsmogelijkheden door de komst van de zorgboerderij. Er is geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.

4.4

Geluid

Het plan maakt geen nieuwe geluidgevoelige bestemmingen en ook geen nieuwe gezoneerde geluidbron mogelijk. Het plan hoeft dus niet te worden getoetst aan de normen van de Wet geluidhinder.

4.5

Luchtkwaliteit

Bij toetsing van een ruimtelijk plan op luchtkwaliteit moet conform regelgeving gelet worden op de volgende 2 aspecten: a. Het plan als veroorzaker van verkeer en daardoor bron van slechte luchtkwaliteit. b. Het plan als te beschermen object tegen slechte luchtkwaliteit.

Ad a. Het plan als veroorzaker van verkeer en daardoor bron van slechte luchtkwaliteit. In de Wet milieubeheer titel 5.2 ('Wet luchtkwaliteit') zijn luchtkwaliteiteisen opgenomen. Deze betreffen de stoffen: zwaveldioxide, stikstofdioxide (NO2), stikstofoxiden, fijn stof (PM10), koolmonoxide, benzeen, benzo(a)pyreen, lood en ozon. In Nederland worden over het algemeen alleen overschrijdingen geconstateerd voor de stoffen NO2 en PM10. Het luchtkwaliteitonderzoek beperkt zich dan ook tot deze twee stoffen. De grenswaarden voor

20

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

NO2 en PM10 uit de Wet luchtkwaliteit zijn weergegeven in onderstaande tabel. De regelgeving met betrekking tot luchtkwaliteitseisen is verder uitgewerkt in AMvB's en Ministeriële regelingen. Bij het faciliteren van ruimtelijke plannen moet volgens de Nederlandse wetgeving de verandering van de luchtkwaliteit door het plan worden getoetst.

Jaargemiddelde grenswaarde NO2

norm 40 ìg/m3

ingangsdatum 1 januari 2015

Jaargemiddelde grenswaarde PM10

40 ìg/m3

1 juni 2011

Daggemiddelde grenswaarde PM10

max. 35 dagen/jaar > 50 ìg/m3

1 juni 2011

Figuur 3: Tabel: luchtkwaliteit Een ruimtelijke ontwikkeling kan doorgang vinden indien aannemelijk kan worden gemaakt dat: de ruimtelijke ontwikkeling, al dan niet in combinatie met aan het project verbonden maatregelen, niet in betekende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit, of; de luchtkwaliteit door de ruimtelijke ontwikkeling, al dan niet in combinatie met aan het project verbonden maatregelen, per saldo verbetert of tenminste gelijk blijft (Wm artikel 5.16.1.b.1°), of; bij een beperkte verslechtering van de luchtkwaliteit vanwege de ruimtelijke ontwikkeling, de luchtkwaliteit in een gebied rondom het project per saldo verbetert (Wm artikel 5.16.1.b.2°). De verbetering en verslechtering zullen beide moeten gelden voor overschrijdingssituaties en dienen te worden betrokken op de concentraties van NO2 en/of PM10, of; De ruimtelijke ontwikkeling is beschreven in, past binnen, of is in elk geval niet strijdig met een vastgesteld programma zoals het NSL (Wm artikel 5.16.1.d), of; er geen grenswaarden worden overschreden door de ruimtelijke ontwikkeling.

Wat betreft de bijdrage van een plan aan de luchtkwaliteit is het Besluit Niet In Betekenende Mate Bijdragen (Luchtkwaliteitseisen) van belang, die gelijk met de wetswijziging van kracht is geworden. Plannen die niet meer dan 3% bijdragen aan een verslechtering van de luchtkwaliteit, hoeven niet getoetst te worden aan de luchtkwaliteitseisen in de Wet Milieubeheer, hoofdstuk 5. Gevraagd is de mogelijkheid een zorgboerderij te realiseren waar momenteel een kwekerij bestemd is. De nieuwe bestemming gaat geen grootschalige agrarische activiteiten ontplooien. Ten opzichte van de bestaande bestemming gaat de nieuwe bestemming geen toename van meer dan 3% veroorzaken. Het plan is daarom NIBM.

Ad b. Het plan als te beschermen object tegen slechte luchtkwaliteit. Op 16 januari 2009 is het Besluit “gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen)” in werking getreden. Met deze amvb wordt de bouw van zogenaamde gevoelige bestemmingen in de nabijheid van (snel)wegen beperkt. Het besluit heeft als doel het beschermen van mensen met een verhoogde gevoeligheid voor fijn stof (PM10) en stikstofdioxide (NO2), met name kinderen, ouderen en zieken. Over gemeentelijke wegen zegt het besluit niets en is derhalve geen beperking voor het plan. De volgende gebouwen met de bijbehorende terreinen zijn aangemerkt als gevoelige bestemming: scholen, kinderdagverblijven en verzorgings-, verpleegen bejaardentehuizen. Ziekenhuizen, woningen, sportaccommodaties en horeca worden dus

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

21

niet als gevoelige bestemming gezien. De toegestaande functies zijn geen gevoelige bestemmingen. Er zijn daarom geen bezwaren voor het plan wat betreft luchtkwaliteit.

4.6

Geur

Op 1 januari 2007 is de Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) in werking getreden. Deze wet vormt het toetsingskader voor vergunningen op grond van de Wet milieubeheer, waar het gaat om stank veroorzaakt door het houden van dieren. Daarnaast is de wet van belang in verband met de zogenoemde 'omgekeerde werking' in het kader van de ruimtelijke ordening. De Wgv kent een aantal standaardnormen. Daarnaast hebben gemeenten de mogelijkheid gekregen om binnen een wettelijk bepaalde bandbreedte van deze standaardnormen af te wijken. Op deze wijze kan de gemeente een geurhinderbeleid vaststellen, dat is afgestemd op de plaatselijke situatie. Doorwerking plangebied In en nabij het plangebied bevindt zich geen belemmerende agrarische bedrijvigheid.

4.7

Externe veiligheid

De gemeente heeft de wettelijke plicht externe veiligheid mee te wegen in de besluitvorming over ruimtelijke ontwikkelingen. In deze afweging is het van belang de risico's te beschouwen die ontstaan door inrichtingen vallend onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) en door risicovolle transportroutes. Voor het plaatsgebonden risico (PR) zijn grenswaarden voor kwetsbare objecten aangegeven en richtwaarden voor beperkt kwetsbare objecten. Het groepsrisico (GR) dient verantwoord te worden. In de directe omgeving van het plangebied zijn geen risicobronnen aanwezig. Op grotere afstand van het plangebied liggen het spoor van Nijmegen naar Den Bosch, de Waal en het Maas Waalkanaal. In zeer uitzonderlijke gevallen kan er een incident plaatsvinden op deze vervoerassen waardoor een giftige wolk ontstaat die het plangebied kan bereiken. Op pagina 34 van de 'Beleidsvisie externe veiligheid' van de gemeente Nijmegen uit 2014 staat een standaard verantwoording voor het groepsrisico in gevallen van een planontwikkeling op grote afstand van deze risicobronnen (zone 3). Op grond van externe veiligheid is er geen belemmering voor de planontwikkeling.

4.8

Bodem

Uitgevoerd bodemonderzoek Verkennend bodem- en asbestonderzoek Wolfskuilseweg 270 te Nijmegen, Bioclear earth b.v., kenmerk 20185363/11616, d.d. 3 mei 2018. Belangrijkste conclusies bodemonderzoek In de bovengrond (0-0,5 meter diep) zijn lichte verontreinigingen met metalen en bestrijdingsmiddelen gemeten. In de ondergrond (0,5-2 meter diep) zijn geen verontreinigingen aangetoond; In het grondwater zijn lichte verontreinigingen met metalen aanwezig; Op de locatie is geen asbest aangetroffen.

22

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

De aangetoonde lichte verontreinigingen vormen geen risico voor het beoogde gebruik van de locatie als zorgboerderij. Bij het realiseren van de gewijzigde bestemming verwachten we zodoende geen maatschappelijke en financiële belemmeringen ten gevolge van een bodemverontreiniging. Het is echter wel aan te bevelen om bij de inrichting van het terrein rekening te houden met de bodemkwaliteit. Op het terreindeel met de lichte verontreiniging met bestrijdingsmiddelen (m.n. zuidelijke helft van het perceel) zal het gebruik als weide/grasveld een meer optimale situatie geven dan land- of tuinbouw (waar meer contact met de grond kan plaatsvinden). Op met name de zuidelijke helft van de locatie zijn gehalten aan bestrijdingsmiddelen gemeten die de lokale maximale waarde overschrijden. Dit heeft gevolgen voor de hergebruiksmogelijkheden van de grond. Op de locatie vrijkomende grond kan niet zonder meer op een andere locatie binnen (of buiten) Nijmegen worden hergebruikt.

4.9

Water

4.9.1

De watertoets

Voor de ruimtelijke aspecten heeft het Nationaal Waterplan de status van structuurvisie. Hierin zijn water en ruimtelijke ontwikkelingen geïntegreerd, conform de nieuwe Wet ruimtelijke ordening, de Woningwet, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, het Bouwbesluit 2012 en de Waterwet. Binnen het Besluit ruimtelijke ordening (21 april 2008) is de watertoets verankerd.

4.9.2

Algemeen

Het plan behelst het realiseren van een kantoorpand (met een bouwvlak van circa 500m2) ten behoeve van een zorgboerderij. Op eigen terrein wordt het parkeren ten behoeve van het kantoor gerealiseerd. Er wordt gebruik gemaakt van de bestaande inrit vanaf de Wolfskuilseweg. Het plangebied ligt in de wijk Hees en maakt deel uit van de waterhuishoudkundige inrichting van het hoofdbemalingsgebied De Biezen. Voor dit gebied zijn het Gemeentelijk Rioleringsplan Nijmegen 2017 tot en met 2023 en de nota 'Afkoppelen en infiltreren hemelwaterafvoer' (2013) relevant. Er vinden wijzingen plaats als gevolg van de voorgenomen bestemming. Het beleid van het waterschap Rivierenland is beschreven in het waterbeheerprogramma 2016-2021 Koers houden, kansen benutten. Daarnaast beschikt het waterschap over een verordening, de Keur voor waterkeringen en wateren. Daarin staan de geboden en verboden die betrekking hebben op waterkeringen en watergangen. Voor het uitvoeren van werkzaamheden in of nabij waterkeringen of watergangen kan een vergunning nodig zijn. De werkzaamheden worden getoetst aan de beleidsregels.

4.9.3

Oppervlaktewater

In of in de directe omgeving van het plangebied is geen oppervlaktewater aanwezig.

4.9.4

Grondwater

Het plangebied bevindt grondwaterbeschermingsgebied.

zich

niet

in

een

grondwaterwingebied

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

of

23

Het uitgangspunt bij stedelijke uitbreidingen is grondwaterneutraal bouwen. Dat wil zeggen dat de oorspronkelijke grondwaterstanden en stromen in de omgeving niet wijzigen. Dit kan bereikt worden door het treffen van maatregelen tijdens bouwrijp maken en bouw, bijvoorbeeld ophogen, goede structuur van het oppervlaktewatersysteem, voorkomen verdichting bodemstructuur en een waterbestendig bouwkundig ontwerp van woningen en gebouwen zoals kruipruimteloos bouwen. Om grondwateroverlast in bestaand stedelijk gebied te beperken zet de gemeente in eerste instantie in op bouwkundige maatregelen. Pas als die onvoldoende soelaas bieden, komen drainerende of onttrekkende oplossingen in beeld. Dit sluit ondergronds bouwen niet uit. Dat is mogelijk mits voldoende technische maatregelen worden getroffen zodat de bouw waterdicht is. In de Waterwet is naast de gemeentelijke zorgplicht voor regenwater ook een zorgplicht voor grondwater opgenomen. Gelet op de verantwoordelijkheden van particulieren strekt deze zorgplicht niet zover dat gemeenten ook gehouden zijn (ter voorkoming van grondwateroverlast) maatregelen te nemen op percelen die in particulier eigendom zijn. Eigenaren moeten zelf zorgen voor een goede staat van de bij hen in eigendom zijnde percelen en gebouwen. Zij moeten in dat kader zelf bouwkundige maatregelen treffen. Dit speelt vooral bij ondergronds bouwen.

Voor indicatieve informatie over de grondwaterstanden wordt verwezen naar de milieuatlas van de gemeente Nijmegen die te vinden is via http://kaart.nijmegen.nl/milieu/. De grondwaterstand is van belang voor de eventuele bouw van een kelder of een verdiepte parkeervoorziening en het (tijdelijk) lozen van het bronneringswater. Op de milieuatlas is ook informatie te vinden over (resultaten en onderzoek naar) de waterdoorlatendheid van de bodem.

4.9.5

Riolering/ hemelwater

De riooltechnische ontsluiting van het plangebied bevindt zich aan de Bredestraat, ter plaatse van huisnummer 82. De riolering is uitgevoerd als gemengd stelsel. Vanuit het bouwbesluit 2012 geldt de verplichting om afvalwater en hemelwater op verantwoorde wijze te verwerken. Afvalwater moet verplicht op de openbare riolering aangesloten worden. Hemelwater moet op eigen terrein verwerkt worden. De gemeente Nijmegen hanteert bij de duurzame omgang met hemelwater de nota 'Afkoppelen en infiltreren hemelwaterafvoer'.

24

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

Figuur 4: Overzicht riolering

Bij de infiltratie van hemelwater dient waar mogelijk conform het convenant 'Duurzaam bouwen in het KAN' (2000) gebruik te worden gemaakt van duurzame bouwmaterialen. Het niet toepassen van uitlogende materialen is een voorbeeld. Het convenant is in 2013 geactualiseerd als 'Het groene akkoord'. Voor plannen waarbij hemelwater in de bodem geïnfiltreerd wordt, moet een waterhuishoudkundig plan bij de gemeente worden ingediend. Bij de aanvraag van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen moet een goedgekeurd waterhuishoudkundig plan gevoegd zijn. De nota 'Afkoppelen en infiltreren hemelwaterafvoer' geeft de inhoud van een dergelijk plan weer. Hiertoe is onderzoek naar bodemgesteldheid en grondwaterstanden nodig. Geen bijgevoegd goedgekeurd plan betekent een niet-ontvankelijke bouwaanvraag. Voor plannen met meer dan 500 m2 verhard oppervlak en directe lozing op het oppervlaktewater moet een waterhuishoudkundig plan bij het waterschap worden ingediend. Omdat bij dit plan geen sprake is van directe lozing op oppervlaktewater, hoeft geen waterhuishoudkundig plan bij het waterschap ingediend te worden. Voor plannen met extra verharding in het natte gedeelte van het stedelijk gebied is compenserende waterberging nodig. Omdat dit plan in het droge gedeelte van het stedelijk gebied ligt, is bij toename van het verharde oppervlak geen compenserende waterberging nodig.

De conclusie is dat het plan geen negatieve effecten heeft op het rioleringsstelsel of (indirect) het oppervlaktewatersysteem. Voor de werkzaamheden is geen watervergunning nodig. Het afvalwater van de ontwikkelingen in het plangebied dient te worden aangesloten op de openbare riolering. De huidige bebouwing binnen het plangebied voert het afvalwater middels

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

25

een pomp met persleiding af naar het gemengde vrijverval rioolstelsel van de gemeente gelegen in de Bredestraat, ter plaatse van huisnummer 82. De nieuwe ontwikkeling zal haar afvalwater gescheiden op de erfgrens aanbieden middels de bestaande persleiding gelegen op eigen terrein en eveneens afwateren naar het gemengde vrijverval rioolstelsel van de gemeente gelegen in de Bredestraat, ter plaatse van huisnummer 82.Het is niet uitgesloten dat van bestaande aansluitingen gebruik gemaakt kan worden. Voor het maken van nieuwe aansluitingen op de riolering in de openbare ruimte vanaf de perceelgrens tot aan de riolering moet een aanvraag worden ingediend bij Kwaliteitsbeheer Riolering (zie www.nijmegen.nl > Diensten > Bouwen en wonen > Rioolaansluiting aanvragen). Op grond van de 'Verordening éénmalig rioolaansluitrecht' worden de kosten voor het maken van deze aansluiting op de aanvrager verhaald. Indien voor de afvoer van bestaande aansluitingen gebruik gemaakt kan worden, zijn geen kosten verschuldigd. Voorzieningen voor de afvoer van afvalwater en hemelwater dienen op particulier terrein te liggen. In alle voorzieningen moet op particulier terrein een controleput geplaatst worden. Inpandige controleputten zijn toegestaan.

4.10 Flora en Fauna 4.10.1 Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming is 1 januari 2017 inwerking getreden. Deze wet staat in het teken van de verbinding tussen ecologie en economie en bescherming van natuur. Het uitgangspunt van de wet is dat geen schade mag worden gedaan aan beschermde dieren of planten, tenzij dit uitdrukkelijk is toegestaan. Onder de Wet natuurbescherming geldt, dat onderzocht moet worden of (ruimtelijke) ingrepen effect hebben op beschermde gebieden, beschermde soorten en beschermde bosopstanden.

4.10.2 Beschermde gebieden (Natura 2000 gebieden) Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden en vormt daarmee de basis voor het beleid van de EU voor behoud en herstel van biodiversiteit. Natura 2000 is niet enkel ter bescherming van gebieden maar draagt ook bij aan soortenbescherming. Het Natura 2000 netwerk omvat alle gebieden die zijn beschermd op grond van de Vogelrichtlijn van 1979 en de Habitatrichtlijn van 1992. Per Natura 2000-gebied zijn instandhoudingsdoelen (voor soorten en vegetatietypen) opgesteld. Iedereen die handelingen uitvoert met eventuele nadelige gevolgen voor een Natura 2000-gebied is verplicht deze handelingen achterwege te laten of te beperken. Het bevoegd gezag kan schadelijke activiteiten beperken en eisen dat een vergunning Natuurbeschermingswet wordt aangevraagd. Deze vergunning moet bij de provincie aangevraagd worden. Regulier beheer en bestaand gebruik zijn (of worden) opgenomen in Natura 2000-beheerplannen. Na vaststelling van deze beheerplannen hoeft daarvoor geen vergunning aangevraagd te worden. Voor de Natura 2000 gebieden geldt tevens de externe werking. Ontwikkelingen in de nabijheid van deze gebieden mogen geen significante gevolgen hebben voor de aanwezige natuurwaarden in deze gebieden.

De afstand van het plangebied tot het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied 'Rijntakken' – ten noorden van het plangebied - bedraagt circa 1,6 kilometer. De ligging van het Natura 2000-gebied ten opzichte van het plangebied is weergegeven in navolgende afbeelding.

26

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

Figuur 5: Uitsnede programma Aerius Calculator met daarop het plangebied weergegeven ten opzichte van Natura 2000-gebied 'Rijntakken' Eind mei 2019 heeft de Raad van State een belangrijke uitspraak gedaan over het Programma Aanpak Stikstof (PAS). De Raad van State heeft een streep gezet door het PAS. Iets specifieker: de Raad van State heeft geoordeeld dat het PAS niet meer gebruikt mag worden voor het geven van toestemming voor activiteiten die leiden tot een toename van de stikstofdepositie ter plaatse van stikstofgevoelige habitattypen in een Natura 2000-gebied. Er moet per geval een stikstofbeoordeling worden gemaakt om in beeld te brengen of wordt voldaan aan de Wet natuurbescherming (Wnb). Volgens de stikstofstukken is de stikstofdepositietoename van deze ontwikkeling niet groter dan 0,00 mol/ha/jr (zie bijlage). Significant negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied (Rijntakken e.a.) zijn op voorhand uit te sluiten. De Wnb staat dus niet aan de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan in de weg.

4.10.3 Beschermde soorten De soortenbescherming regelt de bescherming van dier- en plantensoorten. De Wet natuurbescherming kent drie aparte beschermingsregimes: Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn (Europees); Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn (Europees); en Beschermingsregime andere soorten (Nationaal). Elk van deze beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten voor vrijstelling of ontheffing van de verboden. De wet hanteert daarbij het "nee, tenzij principe". Alle schadelijke handelingen ten aanzien van beschermde planten- en diersoorten zijn in principe verboden. Dit betekent dat voor nieuwe ontwikkelingen waar negatieve effecten niet zijn uit te sluiten, een oriënterend onderzoek moet worden uitgevoerd: een quick scan 'flora en fauna' en zo nodig een vervolgonderzoek.

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

27

Alleen onder strikte voorwaarden zijn afwijkingen van de verbodsbepalingen mogelijk. Hiertoe moet een Wet natuurbescherming ontheffing voor soorten bij de Provincie aangevraagd worden. Daarnaast is in de wet een zogenaamde 'algemene zorgplicht' opgenomen. De zorgplicht houdt in dat een ieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. Bij uitvoering van activiteiten moeten negatieve gevolgen zoveel mogelijk worden voorkomen dan wel beperkt of ongedaan gemaakt worden. Op 5 oktober heeft Bureau Waardenburg een quick scan beschermde soorten uitgevoerd aan de Wolfskuilseweg 256 te Nijmegen (notitie met kenmerk 21-0769/21.08473/GerHo). Uit de quick scan blijkt dat het plangebied geschikt is als leefgebied voor verschillende algemene soorten vogels. Bij de planning en uitvoering van de werkzaamheden dient rekening te worden gehouden met de aanwezigheid van broedende vogels om negatieve effecten op deze soorten (en daarmee overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb) te voorkomen. In het kader van de zorgplicht wordt geadviseerd schuilplaatsen van amfibieën, muizen en egels in het werkgebied te inspecteren op aanwezige dieren. De dieren moeten worden verplaatst naar een veilige locatie in het plangebied voordat de werkzaamheden starten.

Voor andere beschermde soorten heeft het plangebied geen betekenis of zijn negatieve effecten van de voorgenomen ingreep uitgesloten. Effecten op beschermde gebieden en houtopstanden zijn uitgesloten (beoordeling stikstofdepositie is geen onderdeel van deze notitie). Er is geen nader onderzoek nodig om de effectbeoordeling Wnb te maken voor dit project.

4.10.4 Provinciale Omgevingsvisie Gelderland In de Omgevingsvisie Gelderland staan de hoofdlijnen van het provinciale beleid over onderwerpen als ruimte, water, mobiliteit, economie, natuur en landbouw. In de omgevingsvisie zijn de waardevolle natuurgebieden opgenomen: het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Groene Ontwikkelingszone (GO). Gelders Natuurnetwerk In de Omgevingsverordening zijn de bijbehorende regels vastgelegd. Om de biodiversiteit nu en voor toekomstige generaties Gelderlanders veilig te stellen, beschermt de provincie het Gelders Natuurnetwerk (GNN). Dit is een samenhangend netwerk van bestaande en te ontwikkelen natuur van internationaal, nationaal en provinciaal belang. Dit Gelders Natuurnetwerk bestaat uit alle terreinen met een natuurbestemming binnen de voormalige Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Voor bestaande functies zijn er beperkte ontwikkelingsmogelijkheden, namelijk voor gevallen waarbij er geen reële alternatieven zijn voor verplaatsing van de functie naar een plek buiten het Gelders Natuurnetwerk. De provincie stelt bij een aantasting van de kernkwaliteiten steeds de voorwaarde dat er een compensatieplan gemaakt wordt waarbij de bestaande natuurwaarden worden versterkt. Groene ontwikkelingszone De Groene Ontwikkelingszone (GO) heeft een dubbele doelstelling.

Er is ruimte voor verdere economische ontwikkeling in combinatie met een substantiële versterking van de samenhang tussen aangrenzende en inliggende natuurgebieden. De GO bestaat uit terreinen met een andere bestemming dan bos of natuur die ruimtelijk vervlochten zijn met het Gelders

28

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

Natuurnetwerk (GNN). De oude ecologische verbindingszones (evz's) maken deel uit van de GO, evenals weidevogelgebieden en ganzenfoerageergebieden. Het plangebied ligt niet in het Gelders Natuurnetwerk (GNN) of de Groene Ontwikkelingszone (GO), de waardevolle natuurgebieden die in de Omgevingsvisie Gelderland opgenomen zijn. De Omgevingsvisie is wat dat betreft niet van toepassing.

4.10.5 Gemeentelijk beleid Coalitieakkoord 2018- 2022, Nijmegen: samen vooruit Inwoners en toekomstige inwoners van Nijmegen stellen hogere eisen aan de kwaliteit van hun woon- en leefomgeving, mensen kiezen in toenemende mate hun woonplaats op grond van de kwaliteit van de leefomgeving en kijken van daaruit welke banen bereikbaar zijn. Een groene gemeente met goede voorzieningen en een aantrekkelijke stedelijke woon- en leefomgeving heeft de toekomst. De kwaliteit van de stedelijke omgeving is voor ons een prioriteit. Wij richten de woonstraten groen en duurzaam in. Parkjes en groenvoorzieningen blijven we aan de stad toevoegen. We hebben bij de inrichting hiervan oog voor het gebruik van het groen en voor de ecologische waarde. We willen een overheid zijn die inwoners en organisaties de ruimte biedt de eigen leefomgeving vorm te geven. Topindicator groen (2010) In 2010 heeft de raad voor groen de topindicator “binnen 300 meter van iedere woning 0,5 hectare aaneengesloten vlakgroen” vastgesteld. De topindicator refereert aan onderzoeken van Alterra waarin 300 meter als realistische loopafstand naar groen voor kinderen en ouderen wordt geadviseerd. De 0,5 hectare komt daarbij voort uit ervaringscijfers. Na nuancering en verfijning van de topindicator is in 2013 een overzicht gemaakt van gebieden waar de toevoeging van groen gewenst is.

We passen de topindicator toe bij veel plannen en beleidsstukken. Bijvoorbeeld in de nota 'Samen gezond verder. Lokaal gezondheidsbeleid Nijmegen 2013-2016' wordt het belang van groen genoemd en is de topindicator onderdeel van het beleid. De indicator is nuttig om gebieden te identificeren waar een groentekort is. Het is zaak om nieuwe woongebieden dusdanig in te richten dat aan de topindicator groen wordt voldaan en dat er voldoende groen op loopafstand beschikbaar is. Het plangebied dient voldoende openbaar toegankelijk groen te bevatten met een diversiteit aan structuur en hoogtes (gras/struiklaag/boomlaag) wat zowel de biodiversiteit als de belevings- en gebruikswaarde bevordert. Voorliggend plan maakt geen nieuwe woningen mogelijk. Daarnaast is het plangebied aan beide zijden omgeven door groen met een oppervlakte van meer dan 0,5 hectare. De ontwikkeling zorgt er zodoende niet voor dat bestaande woningen in de omgeving van het plangebied in de toekomstige situatie niet meer voldoen aan de norm.

Groenplan De groene draad (2007) Het groenbeleid is vastgelegd in "De groene draad - kansen voor het Nijmeegse groen" en heeft als doelstelling: inzicht te geven in het totaal van groene ontwikkelingen in en om de stad en hun onderlinge samenhang; een sturingsinstrument voor het bestuur te zijn voor groene ontwikkelingen in de stad; vanuit een groen toekomstperspectief een gids of leidraad te zijn voor toekomstige stedelijke ontwikkelingen; de groene ambities te benoemen voor de komende jaren die vertaald worden in een uitvoeringsprogramma. De hoofdgroenstructuur is de basis van het groen in Nijmegen en opgebouwd uit groene

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

29

vlakken (parken en groengebieden) en de hoofdboomstructuur. De hoofdboomstructuur bestaat uit lijnen (bomen langs wegen en cultuurhistorische lijnen) en punten (bijzondere en monumentale bomen en boomgroepen). We streven er naar om de hoofdgroenstructuur in stand te houden en de ambities te verwezenlijken. In bestemmingsplannen gaat het dan om de bestemmingen Groen, Natuur en Bos. Daarnaast kennen ook andere plekken een groene bestemming bijvoorbeeld kleinere groenplekken op wijkniveau. Het plangebied ligt aan de noordkant van Hees. Hees ligt aan de westzijde van Nijmegen en is gebouwd rondom een gave, oude dorpskern met mooie, statige panden en een aantrekkelijke groenstructuur. De wijk is opgebouwd langs de oude wegen en heeft een lage bebouwingsdichtheid. Er bevinden zich diverse karakteristieke straten, zoals de Bredestraat, de Korte Bredestraat, de Kerkstraat, de Dennenstraat en de Schependomlaan. Langs de Bredestraat zijn nog een paar oude boerderijen die herinneren aan het voormalige tuindersdorp Hees. Het open karakter van deze straat met de verspreid staande woningen en boerderijen is karakteristiek. Het pleintje met de kerk aan de Schependomlaan vormt het hart van Hees, een deel van de monumentale bomen is vervangen door nieuwe bomen.

De laanbeplanting langs het oude stratenpatroon, de veelal grote particuliere tuinen, de kloostertuinen, het groen langs de Neerbosscheweg en de delen van Park West vormen het belangrijkste groen in Hees. Park West bestaat uit een stelsel van wegen en paden dat kleine en grotere groengebieden met elkaar verbind. In grote lijnen strekt dit groengebied zich uit vanaf het kanaal bij Neerbosch- Oost, via de Ambachtsweg en groengebieden in Hees en de Biezen tot aan de Kanaalstraat. Bij de ontwikkeling van Koers West zal dit groengebied verder uitgebreid worden tot aan de Waal. In Hees liggen twee grote parken als onderdeel van Park West: het Dorpspark Hees en het Distelpark. Beide parken zijn recent gerenoveerd en in de tweede fase is de omgeving van de Dorpsstraat ingericht waarbij enkele nieuwe schakels zijn aangebracht. Bij alle ontwikkelingen in Nijmegen West worden de mogelijkheden benut om het raamwerk van Park West verder uit te bouwen. Particuliere tuinen en terreinen kunnen een onderdeel zijn van het park.

Figuur 6: Uitsnede kaart groenstructuur bij het Groenplan met globale aanduiding plangebied (rode cirkel)

30

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

Hees is een op zichzelf staande eenheid en daarom is de dorpse sfeer uitgangspunt bij verdere ontwikkelingen. In de directe omgeving van het plangebied ligt vlakgroen stedelijk niveau (zie bovenstaande afbeelding van de groenstructuur). Het voorliggende plan heeft geen invloed op het bestaande vlakgroen in de omgeving. In het geldende bestemmingsplan is het plangebied bestemd voor een kwekerij. In de toekomstige situatie wordt een zorgboerderij met beperkte bebouwing mogelijk gemaakt. Hiermee blijft het groene karakter van de locatie behouden en draagt het plan bij aan behoud van de dorpse sfeer. Handboek stadsbomen (2009) Het Handboek Stadsbomen is een uitwerking van het Groenplan “De Groene draad, kansen voor het Nijmeegse groen'. Het Handboek Stadsbomen vormt het kader voor inrichtingsplannen en beheerplannen voor de openbare ruimte waar het bomen betreft. Het handboek is daarnaast te definiëren als toetsingskader voor ruimtelijke plannen en initiatieven en biedt inzicht in de beleidsuitgangspunten ten aanzien van bescherming, aanplant, beheer en kap van bomen. De hoofddoelstelling van het Handboek Stadsbomen is het waarborgen van de duurzame instandhouding van het Nijmeegs bomenbestand door middel van behoud én ontwikkeling. Het Handboek Stadsbomen heeft betrekking op alle bomen binnen de gemeentegrenzen.

Dat zijn dus niet alleen de park-, laan- en straatbomen, maar ook bomen in tuinen en op particuliere terreinen. Voor bosopstanden, bosplantsoen en bomen in natuurgebieden gelden andere beleidskaders en wet- en regelgeving. Hoofdboomstructuur In het Handboek Stadsbomen is de hoofdbomenstructuur opgenomen en is onderdeel van de hoofdgroenstructuur. De hoofdbomenstructuur leggen we niet vast in bestemmingsplannen maar wordt wel beschreven in de toelichting en speelt daarmee wel een rol in bestemmingsplannen. In het plangebied is geen sprake van een hoofdbomenstructuur. Ecologie van de stad De bijzondere ligging van Nijmegen op een kruispunt van het rivierengebied, de hogere zandgronden en het stuwwallencomplex zorgt ervoor dat niet alleen rondom Nijmegen, maar ook binnen de stadsgrenzen een verscheidenheid aan leefmilieus voor planten en diersoorten aanwezig is. Grootschalige natuurgebieden om de stad, zoals de Gelderse Poort, de uiterwaarden van de Waal, De Ooypolder, het Hatertse Vennengebied, Heumensoord fungeren hierbij als brongebied voor natuurwaarden in de stad. We hebben de ecologische structuren, de ecologische hotspots en de ecologische waardevolle wijkspots in de wijk in Nijmegen in kaart gebracht. Ecologische structuren laten de relaties zien tussen natuurwaarden in de stad en natuurwaarden om de stad.

Soorten kunnen zich hierlangs verplaatsen en hebben zo een gevarieerd leefgebied tot hun beschikking. Ecologische hotspots zijn waardevolle gebieden die, in relatie met de gebieden om de stad, een functie vervullen voor algemene en zeldzame soorten. Hier stemmen we het beheer af op de natuurwaarden en wordt het gebruik van die gebieden voor recreatie meer gereguleerd en gestuurd. Tevens waken we bij deze hotspots voor versnippering, aantasting en doorsnijding. De ecologische waardevolle wijkspots vervullen een rol op wijkniveau en maken het mogelijk om natuur dichtbij huis te beleven.

vastgesteld bestemmingsplan Hees-Heseveld - 25 (Wolfkuilseweg 256)

31

Figuur 7: Uitsnede kaart ecologie van de stad met globale aanduiding plangebied (rode cirkel)

In bovenstaande afbeelding is globaal de ligging van het plangebied weergegeven. Het plangebied ligt in een gebied met gemiddelde natuurwaarden. In de directe omgeving van het plangebied zijn geen ecologische hotspots of structuren aanwezig. Het beleid voor de ecologie in de stad heeft hierdoor geen gevolgen voor de ontwikkelingen in het plangebied. Groen en gezondheid Groen heeft niet alleen een ecologische waarde, het draagt bij aan de gezondheid van mensen, het zorgt voor een aantrekkelijke omgeving voor wonen, werken en recreëren. Groen bevordert de gezondheid, het nodigt uit om te bewegen en patiënten herstellen sneller in een groene omgeving. Voor kinderen is het belangrijk om juist al op jonge leeftijd in contact te komen met een groene leefomgeving. Bij de inrichting van de (school-)omgeving is dit nadrukkelijk een aspect om rekening mee te houden. Met 'Nijmegen: Groen, gezond en in beweging' (vastgesteld door het College op 14 maart 2017 en ook opgenomen in de gezondheidsagenda) werkt de gemeente aan gezonde inwoners in een gezonde omgeving. Met voorliggend plan wordt een zorgboerderij mogelijk gemaakt. Deze ontwikkeling draagt zodoende bij aan de gezondheid van de gebruikers van de zorgboerderij. De ontwikkeling gaat niet ten koste van de groene omgeving die mensen kunnen beleven en welke bijdraagt aan de gezondheid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=6a181cec-6f79-4e1e-9104-0b2377b18121