CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Handleiding inwonersinitiatieven warmte - 100% versie

Besluitronde (raadsvergadering) 11 maart 2026, gemeente NijmegenBij agendapunt: D14 d.d. 16 december 2025 over Handleiding inwonersinitiatieven warmte4.524 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Handleiding inwonersinitiatieven warmte Hoe gaan we als gemeente om met inwonersinitiatieven warmte? Toelichting De handleiding beschrijft hoe de gemeente omgaat met inwonersinitiatieven die aan de slag willen met warmte (het aardgasvrij maken van hun straat of buurt). De handleiding beschrijft het proces waar inwonersinitiatieven die in contact komen met de gemeente doorheen gaan. Ook beschrijft de handleiding wat inwonersinitiatieven van de gemeente kunnen verwachten en wat de gemeente van hen verwacht. Onder inwonersinitiatieven verstaan we een groepje inwoners (huurders en woningeigenaren) die samen met hun buren een plan willen maken voor het aardgasvrij maken van minimaal vijf huizen, een straat of een buurt. In het inwonersinitiatief kunnen ook ondernemers, maatschappelijke instellingen of woningbouwcorporaties betrokken worden. De handleiding is vertaald in een flyer en website die bedoeld zijn voor communicatie-doeleinden.

1

Inhoud 1. Inleiding ................................................................................................................................................................................................................................................................................................................3 2. Proces ....................................................................................................................................................................................................................................................................................................................5 3. Verwachting van inwonersinitiatief .....................................................................................................................................................................................................................................................................9 4. Wat kan inwonersinitiatief van gemeente verwachten ....................................................................................................................................................................................................................................12 5.

Benodigde beleidskaders...................................................................................................................................................................................................................................................................................13

2

1. Inleiding Aanleiding In de Warmtevisie 2024 is toegezegd om een handleiding voor inwonersinitiatieven te ontwikkelen: ‘Naast de overstap op een hybride warmtepomp, ondersteunen we lokale aardgasvrije initiatieven zoveel mogelijk, waarin bijvoorbeeld meerdere huizen, straten of een buurt gezamenlijk aan de slag willen. (...) Om deze initiatieven beter en op maat te helpen werken we een handleiding uit en voorwaarden die aan deze initiatieven worden gesteld voor ondersteuning.’ De handleiding speelt in op de behoefte van inwonersinitiatieven in Nijmegen die ambities hebben op warmte, maar zoekende zijn hoe en waar ze kunnen bijdragen. De gemeente heeft ook behoefte aan een proces, zodat zij goed kan inspelen op de energie in de stad en inwonersinitiatieven in staat worden gesteld om bij te dragen aan de gemeentelijke warmtedoelen. EnergieSamen, de landelijke koepel van energiecoöperaties, roept gemeenten op om duidelijkheid te geven over de voorwaarden waaronder inwonersinitiatieven kunnen bijdragen aan de warmtetransitie en wat initiatieven daarbij vanuit de gemeente kunnen verwachten1. De handleiding speelt in op deze oproep en beoogt inwonersinitiatieven en de gemeente houvast te geven.

Visie gemeente op rol inwonersinitiatieven in de warmtetransitie De gemeente Nijmegen wil vooroplopen in het aanjagen en meewerken aan inwonersinitiatieven warmte. We vinden initiatieven vanuit inwoners waardevol en willen eraan bijdragen om ze tot een succes te maken. De gemeente heeft als ambitie om in de periode 2026-2030 tot 2 à 3 aardgasvrije projecten te komen, die door inwonersinitiatieven aangejaagd of geïnitieerd zijn2. Hiermee leveren inwonersinitiatieven een substantiële bijdrage aan het bereiken van de gemeentelijke doelen in de warmtetransitie. Voor inwonersinitiatieven ziet de gemeente een rol als aanjager en eigenaar van het project voor zich. De gemeente ziet voor zichzelf ook een rol als medeverantwoordelijke van het project, tenzij het inwonersinitiatief de gemeente liever in een faciliterende rol ziet. We willen als gemeente nadrukkelijk volgend zijn aan de energie die vanuit het inwonersinitiatief komt, omdat we vanuit het PAW project in Hengstdal geleerd hebben dat een van bovenaf opgelegd project kan leiden tot te weinig eigenaarschap en vertrouwen bij inwoners. De reden om de gemeente toch een rol van medeverantwoordelijke te geven, heeft te maken met de pioniersfase en complexiteit van kleinschalige warmteprojecten. We denken dat samenwerking noodzakelijk is om in deze fase, waarin blauwdrukken nog ontbreken, tot succesvol resultaat te komen.

Ieder kan vanuit zijn eigen kwaliteiten bijdragen. Een inwonersinitiatief heeft over het algemeen – naast kwaliteiten die per inwonersinitiatief verschillen – de kwaliteit om goed aan te sluiten bij de leefwereld en voor draagvlak te zorgen in de buurt. De gemeente brengt ervaring mee met het vormgeven van processen.

Scope De handleiding richt zich op inwonersinitiatieven die aan de slag willen met warmte (het aardgasvrij maken van hun straat of buurt). Onder inwonersinitiatieven verstaan we een groepje inwoners die samen met hun buren een plan willen maken voor het aardgasvrij maken van minimaal vijf huizen, een straat of een buurt. Het gaat zowel om inwonersinitiatieven van woningeigenaren als van huurders. Huurders zullen bij het uitwerken van hun idee afhankelijk zijn van de bereidheid van de woningbouwcorporatie om mee te doen. In het inwonersinitiatief 1 2

EnergieSamen, 2025, Whitepaper warmteprogramma: Borg de samenwerking met initiatieven. Aanvullend op BWC Hengstdal, dit project loopt al. 3

kunnen ook ondernemers, maatschappelijke instellingen of woningbouwcorporaties betrokken worden. Als opwek- of bespaarinitiatieven ambities krijgen op het gebied van warmte, dan is deze handreiking nuttig voor hen. De handleiding is niet bedoeld voor eenvoudige projecten waarbij geen ondersteuning van de gemeente nodig is omdat er al een oplossing beschikbaar is in de markt. Dit gaat bijvoorbeeld om de gezamenlijke overstap van een drietal huizen op individuele lucht-warmtepompen. De handleiding is niet bruikbaar voor inwoners die alleen hun eigen huis aardgasvrij willen maken. De handleiding richt zich op de planvormingsfase. De uitvoerings- en exploitatiefase zijn niet uitgewerkt in deze handleiding. Eind 2026 evalueren we de aanpak uit de handleiding. Afhankelijk van de uitkomsten van de evaluatie, overwegen we de handleiding uit te breiden naar andere thema's binnen de energietransitie, zoals energiebesparing, duurzame stroom en energie delen.

Ondersteuning vanuit het Steunpunt Energietransitie In Nijmegen ondersteunt het Steunpunt Energietransitie inwonersinitiatieven met kennis en netwerk. Ook zorgt het Steunpunt Energietransitie dat de kennis die opgedaan wordt in buurten, beschikbaar komt voor andere inwonersinitiatieven in de stad. Het Steunpunt Energietransitie wordt aangehaakt bij de projecten vanuit inwonersinitiatieven die in het kader van deze handleiding opgestart worden, zodat zij deze ondersteuning kunnen bieden. Hierbij is een aandachtspunt dat het eigenaarschap in de buurt zelf moet blijven liggen.

4

2. Proces De drie planvormingsfases Ieder warmteproject gaat door drie planvormingsfases. In de opstartfase wordt een inwonersinitiatief gevormd en wordt een globale richting bepaald voor de wijze waarop het inwonersinitiatief voor aardasvrije woningen wil zorgen. Dit gaat in samenspraak met de gemeente en de buurt. In de haalbaarheidsfase wordt de definitieve keus voor een warmteoplossing gemaakt. Het draagvlak hiervoor is getoetst bij de buurt en het inwonersinitiatief wordt steeds professioneler. In de verdiepingsfase (ook wel ontwikkelfase genoemd) worden de plannen tot in detail uitgewerkt, zodat er zicht is op techniek, kosten, organisatie, juridische haalbaarheid en het draagvlak in de buurt. Aan het eind van de verdiepingsfase zijn alle contracten getekend, is financiering beschikbaar, hebben buren ingetekend om mee te doen en zijn de benodigde vergunningen toegekend. Deze mijlpaal noemen we financial close. Alles is dan klaar voor de uitvoeringfase. Deze stappen vormen geen blauwdruk. Ze zijn bedoeld om houvast te geven, maar er kan vanaf geweken worden als daar een reden voor is. Ook is het proces iteratief van aard, soms gaat een project een of meer stappen terug om een punt verder uit te werken. Verschillende typen inwonersinitiatieven Hoe omvangrijk de plannen per fase moeten zijn hangt sterk af van het type idee.

Een groepje huizen dat gelijktijdig overstapt op een individuele warmtepomp kan in enkele maanden door de drie fases heenlopen, terwijl dat bij een inwonersinitiatief dat een collectieve oplossing zoekt voor honderden huishoudens zomaar een paar jaar in beslag kan nemen. Om

opstartfase

• 1. Eerste contact en verkennend gesprek • 2. Plan van aanpak • 3. Evaluatie opstartfase

• 4. Inrichten organisatie haalbaarheidsfase • 5. Onderzoek naar haalbaarheid haalbaarheidsfas • 6. Evaluatie haalbaarheidsfase e

verdiepingsfase

• 7. Inrichten organisatie verdiepingsfase • 8. Uitwerken plannen technisch, financieel, organisatie, juridisch en sociaal (t/m contracten en vergunningen) • 9. Ophalen definitief commitment om deel te nemen bij buren • 10. Evaluatie verdiepingsfase

• Mijlpaal 'financial close'. financial close

• De uitvoerings- en exploitatiefase zijn niet uitgewerkt in deze handleiding uitvoering- en exploitatiefase

5

recht te doen aan dit verschil, is er verderop in de handleiding onderscheid gemaakt tussen initiatieven tot en met 50 huishoudens en meer dan 50 huishoudens. Voor de eerste groep zijn er lichtere verwachtingen in het proces. Evaluatiemomenten Aan het eind van iedere fase vindt een evaluatiemoment plaats. Er wordt bekeken of het project klaar is om naar de volgende fase te gaan. Gelet wordt op de volwassenheid van inwonersinitiatief, draagvlak, verschillende aspecten van haalbaarheid en rolverdeling (zie verderop voor details). Ook wordt de samenwerking tussen het inwonersinitiatief en de gemeente geëvalueerd. Als hieruit blijkt dat het project niet haalbaar blijkt, kan de ondersteuning van de gemeente stopgezet worden. Dit wordt aan de wethouder voorgelegd. Hierover vindt van tevoren overleg plaats met het inwonersinitiatief.

2a. Uitwerking per stap 1.

Eerste contact en verkennend gesprek Via de gemeentelijke website over inwonersinitiatieven energietransitie kunnen inwonersinitiatieven zich aanmelden. De gemeente neemt contact op met het inwonersinitiatief. In het gesprek wordt verhelderd welke vragen het inwonersinitiatief heeft. Indien het inwonersinitiatief aan de slag wil met warmte, wordt een verkennend gesprek ingepland. Het doel van het gesprek is kennismaken, zicht krijgen op (de status van) het inwonersinitiatief, wederzijdse ambities verkennen en bekijken of een op het eerste gezicht kansrijke vervolgrichting kan worden gevonden. De gemeente geeft uitleg over hoe het inwonersinitiatief kan bijdragen binnen de beleidskaders en wat we over en weer van elkaar kunnen verwachten in het vervolgproces. Als het inwonersinitiatief al zover is, kunnen ook eerste voor- en nadelen van technologische oplossingen verkend worden. Bij het inwonersinitiatief wordt geïnformeerd in hoeverre zij de intensiteit van het vervolgtraject overzien. De gemeente wil in het gesprek zicht krijgen op de volwassenheid van het inwonersinitiatief, het draagvlak in de buurt, een globale indruk van de haalbaarheid van het idee (technisch, juridisch, organisatorisch, financieel) en de beoogde samenwerking met de gemeente.

2.

Inwonersinitiatief maakt een plan van aanpak Het inwonersinitiatief schrijft kort op (richtlijn 2-3 pagina’s) wat hun idee is voor het aardgasvrij maken van hun straat/buurt. Het plan van aanpak gaat in op alle thema’s die genoemd zijn in de tabel bij de kolom ‘einde opstartfase’. Het is belangrijk om buren al in dit vroege stadium te betrekken, dit helpt in het creëren van draagvlak. Woningbouwcorporaties worden indien het plan hun bezit raakt betrokken. De gemeente denkt en werkt hier op verzoek aan mee.

3.

Evaluatiemoment opstartfase De gemeente toetst of in alle thema’s uit de kolom ‘einde opstartfase’ is voorzien en of het beeld is dat het project haalbaar is. Als dit het geval is, is het project rijp voor de volgende fase. Als dit niet het geval is kunnen het inwonersinitiatief en de gemeente bekijken welke aanpassingen nodig zijn om door te kunnen naar de volgende fase. Op basis hiervan en de ervaringen in de samenwerking, evalueren het inwonersinitiatief en de gemeente of ze door willen met het project en de samenwerking. 6

4.

Inrichten organisatie haalbaarheidsfase Er worden afspraken gemaakt over de samenwerking en de rol en verantwoordelijkheid van het inwonersinitiatief en de gemeente in de haalbaarheidsfase. Bij grotere projecten wordt een gezamenlijke projectorganisatie neergezet. Ook wordt afgesproken hoe het Steunpunt Energietransitie ondersteunt en worden andere partijen indien nodig betrokken. Samen wordt de scope van het project in de haalbaarheidsfase bepaald.

5.

Onderzoek naar haalbaarheid uitvoeren Het inwonersinitiatief en de gemeente stellen samen vast welk onderzoek er nog moet plaatsvinden om de keus te maken voor één warmteoplossing. Dit kan technisch van aard zijn, maar ook financieel, juridisch, organisatorisch of sociaal. Ook het in beeld brengen van risico’s is van belang. Er wordt gekeken welke kennis landelijk al beschikbaar is. In gezamenlijkheid stellen ze de kaders op voor het vervolgonderzoek. De gemeente zet het onderzoek in overleg met het inwonersinitiatief uit bij een passend(e) onderzoeksbureau of expert. Het inwonersinitiatief zorgt voor betrokkenheid van de buurt gedurende en na afloop van het onderzoeksproces.

6.

Evaluatiemoment haalbaarheidsfase De gemeente toetst of in alle thema’s uit de kolom ‘einde haalbaarheidsfase’ is voorzien en of het beeld is dat het project haalbaar is. Hiermee is het project rijp voor de volgende fase. Op basis hiervan en van de resultaten van het onderzoek, het opgehaalde draagvlak in de buurt en de ervaringen in de samenwerking, evalueren het inwonersinitiatief en de gemeente of ze door willen met het project en de samenwerking.

7.

Inrichten organisatie verdiepingsfase Er worden afspraken gemaakt over de samenwerking en de rol en verantwoordelijkheid van het inwonersinitiatief en de gemeente in de verdiepingsfase. Bij grotere projecten wordt een gezamenlijke projectorganisatie neergezet. Ook wordt afgesproken hoe het Steunpunt Energietransitie ondersteunt en worden andere partijen indien nodig betrokken. Bij initiatieven groter dan 50 huishoudens wordt een samenwerkingsovereenkomst opgesteld. Voor kleinere projecten worden samenwerkingsafspraken gemaakt. Samen wordt de scope van het project in de verdiepingsfase bepaald.

8.

Uitwerken plannen technisch, financieel, organisatie, juridisch en sociaal Dit is een omvangrijke stap die veel tijd in beslag kan nemen. Het inwonersinitiatief en de gemeente stellen samen vast welke plannen uitgewerkt moeten worden om straks richting de uitvoeringsfase te kunnen gaan. Dit gaat in eerste instantie om het technische ontwerp, de business case, de organisatievorm, de juridische haalbaarheid en het creëren van draagvlak. Ook het in beeld brengen van risico’s is van belang. In tweede instantie gaat het over de voorbereiding richting de uitvoering: het regelen van financiering, vergunningen en het oprichten van een passende organisatie. Het inwonersinitiatief en de gemeente werken de benodigde plannen, met hulp van experts, uit. Voor kleine initiatieven kunnen dit eenvoudige plannen zijn, het is wel zinvol om over alle thema’s nagedacht te hebben. Voor grotere initiatieven zijn de plannen omvangrijker en gedetailleerder. Het inwonersinitiatief zorgt voor betrokkenheid van de buurt tijdens het uitwerken van de plannen. 7

9.

Ophalen definitief commitment om deel te nemen bij buren Het inwonersinitiatief haalt bij buurtbewoners het definitieve schriftelijke commitment op om over te stappen op het aardgasvrije alternatief. Dit is een sluitstuk van het draagvlakproces waar vanaf de allereerste planvormingsstap aan wordt gewerkt. Qua tijdsplanning kan deze stap gelijk oplopen met de vorige stap.

10. Evaluatiemoment verdiepingsfase De gemeente toetst of in alle thema’s uit de kolom ‘einde verdiepingsfase’ is voorzien en of uit de plannen blijkt dat het project haalbaar en uitvoerbaar is. Als de mijlpaal ‘financial close’ is bereikt is het project rijp voor de uitvoeringsfase. Op basis hiervan en van de gemaakte plannen, de commitmentronde in de buurt, de ervaringen in de samenwerking en de mogelijkheden van de gemeente om het project verder te faciliteren, evalueren het inwonersinitiatief en de gemeente of ze door willen met het project en de samenwerking.

8

3. Verwachting van inwonersinitiatief Rol: Het inwonersinitiatief is aanjager en eigenaar. Verantwoordelijkheden: In de tabel staan de verwachtingen genoemd waar het project aan moet voldoen aan het eind van iedere fase3. Van het inwonersinitiatief wordt verwacht dat zij als trekker optreedt voor de zaken uit de grijs gemarkeerde rijen en dat zij bijdraagt aan de wit gemarkeerde rijen. Typen initiatieven: Er is onderscheid gemaakt tussen inwonersinitiatieven die met een individuele warmteoplossing of collectieve warmteoplossing met minder dan 50 huishoudens aan de slag willen én inwonersinitiatieven die aan de slag gaan met een collectieve warmteoplossing van meer dan vijftig huishoudens. Voor de eerste categorie zijn de verwachtingen lichter.

Individueel of collectief < 50

Eind Opstartfase

Volwassenheid inwonersinitiatief

▪ ▪ ▪

Draagvlak

Bereid tijd te investeren Affiniteit met onderwerp Interesse bij min. 10 buren opgehaald met handtekeningen

Eind Haalbaarheidsfase ▪ ▪ ▪ ▪

Haalbaarheid technisch

▪

Haalbaarheid financieel

▪

▪

Haalbaarheid maatschappelijk/ organisatorisch/juridisch

▪ ▪ ▪

Zicht op voorkeursoplossing(en), globale voor- en nadelen en of deze passen bij type woningen Eerste indruk prijsklasse van de technologie voor de eindgebruiker (hoog-midden-laag) Eerste indruk financierbaarheid en subsidiemogelijkheden Past binnen beleidskaders warmtevisie Herhaalbaar in andere buurten Scope project gedefinieerd

▪

▪ ▪

▪ ▪

Eind Verdiepingsfase

Eigenaarschap getoond Commitment richting verdiepingsfase Uitkomsten haalbaarheidsfase gedeeld met alle buren Interesse om door te gaan getoetst bij alle buren met handtekeningen Zicht op voorkeursoplossing, voor- en nadelen en onderbouwing voorkeur

▪ ▪ ▪

Eigenaarschap getoond Commitment richting uitvoeringsfase Definitief commitment deelname bij alle buren opgehaald met handtekeningen

▪

Uitgewerkt plan per woning en eventueel ontwerp voor het collectieve systeem

Globaal zicht op investerings- en eindgebruikerskosten Globaal zicht op financierbaarheid en subsidiemogelijkheden voorkeursoplossing Globaal zicht op organisatorische, juridische en uitvoering implicaties Scope en risico’s project verdiepingsfase gedefinieerd

▪ ▪

Uitgewerkte eindgebruikerskosten Uitgewerkt plan financierbaarheid en benodigde subsidies + schriftelijke toezegging financiers

▪

Uitgewerkt plan hoe uitvoering wordt aangepakt + vergunningen geregeld Voor collectief systeem: benodigde juridische organisatievorm aanwezig Voor collectief systeem: uitgewerkt plan hoe voorzien wordt in vereisten Wet collectie warmte voor kleine warmteleveranciers

▪ ▪

3

De verwachtingen zijn gebaseerd op het afwegingskader dat ontwikkeld is door RVO en Energie Samen en te vinden is via: Samenwerken met bewonersinitiatieven | NPLW 9

Rolverdeling

▪ ▪

▪

▪

Eerste indruk stakeholderveld Indien van toepassing woningbouwcorporaties, bedrijven, instellingen betrokken Duidelijk welke taken inwonersinitiatief oppakt en wat zij van andere partijen verwacht in haalbaarheidsfase, waaronder Steunpunt Energietransitie Wethouder akkoord

▪ ▪

▪ ▪

Zicht op stakeholderveld Duidelijk welke taken inwonersinitiatief oppakt en wat zij van andere partijen verwacht in verdiepingsfase, waaronder Steunpunt Energietransitie Samenwerkingsafspraken met gemeente voor verdiepingsfase Wethouder akkoord

▪ ▪

▪

Plan voor risicobeheersing Duidelijk welke taken inwonersinitiatief oppakt en wat zij van andere partijen verwacht in de uitvoering- en exploitatiefase. Wethouder akkoord

10

Collectief > 50

Eind Opstartfase

Volwassenheid inwonersinitiatief

▪ ▪

Draagvlak

▪ ▪ ▪

Haalbaarheid technisch

▪ ▪

Haalbaarheid financieel

▪ ▪

Haalbaarheid maatschappelijk/ organisatorisch/juridisch

▪ ▪ ▪

Rolverdeling

▪ ▪

▪

▪

Eind Haalbaarheidsfase

Goed georganiseerd en bestuur aanwezig Diverse skills aanwezig: technisch, financieel, communicatie Ontwikkelambities zijn helder Draagvlak met handtekeningen opgehaald bij minimaal 10% plangebied Plan betrekken buurt in haalbaarheidsfase aanwezig Buurt is bekend met inwonersinitiatief Zicht op voorkeursoplossing(en), globale voor- en nadelen en of deze passen bij type woningen Eerste indruk prijsklasse van de technologie voor de eindgebruiker (hoog-midden-laag) Eerste indruk financierbaarheid en subsidiemogelijkheden

▪

Past binnen beleidskaders warmtevisie Schaalbaar naar of herhaalbaar in andere buurten Scope project gedefinieerd

▪

Eerste indruk stakeholderveld Indien van toepassing woningbouwcorporaties, bedrijven, instellingen betrokken Duidelijk welke taken inwonersinitiatief oppakt en wat zij van andere partijen verwacht in haalbaarheidsfase, o.a. rol Steunpunt Energietransitie Wethouder akkoord

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪

▪

▪

▪ ▪

▪ ▪

Eerste stappen richting benodigde juridische organisatievorm zijn gezet Eigenaarschap getoond Uitkomsten haalbaarheidsfase gedeeld Draagvlak met handtekeningen, volledig plangebied aangeschreven Plan betrekken buurt in verdiepingsfase aanwezig Zicht op voorkeursoplossing, voor- en nadelen en onderbouwing voorkeur Globaal zicht op investerings- en eindgebruikerskosten en financieringsopties Globaal zicht op financierbaarheid en subsidiemogelijkheden voorkeursoplossing Globaal zicht op organisatorische, juridische en uitvoering implicaties Scope en risico’s project verdiepingsfase gedefinieerd

Betrokkenheid stakeholderveld geregeld Duidelijk welke taken inwonersinitiatief oppakt en wat zij van andere partijen verwacht in verdiepingsfase, o.a. rol Steunpunt Energietransitie Samenwerkingsovereenkomst met gemeente verdiepingsfase aanwezig Wethouder akkoord

Eind Verdiepingsfase ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Besluitvormingsstructuur aanwezig Voldoende capaciteit en skills aanwezig voor uitvoering- en exploitatiefase Eigenaarschap getoond Getekende deelnameovereenkomsten buurt aanwezig, volledig plangebied aangeschreven Plan hoe buurt betrokken wordt in uitvoeringfase aanwezig

▪

Technisch ontwerp op woning- en systeemniveau aanwezig

▪

Business case en aanbod richting eindgebruikers uitgewerkt Uitgewerkt plan financierbaarheid, benodigde subsidies en investeringsplan + benodigde handtekeningen financiers

▪

▪

▪ ▪ ▪

▪ ▪

Uitvoeringsplan, plan hoe wordt voldaan aan vereisten warmteleverancier Wet collectieve warmte, juridische toets en plan risicobeheersing aanwezig Benodigde juridisch organisatievorm aanwezig Locatie bron en vergunning toegekend Er zijn afspraken over de rol en taken van het inwonersinitiatief en van andere partijen in de uitvoering- en exploitatiefase Bestuurlijk commitment samenwerkingspartners Wethouder akkoord

11

4. Wat kan inwonersinitiatief van gemeente verwachten Rol:

De gemeente is medeverantwoordelijk voor de planfase. Dit past bij het pioniersstadium waarin inwonersinitiatieven opgroeiruimte nodig hebben en samen leren en ontwikkelen centraal staat. Als inwonersinitiatieven zelf volledig eigenaar willen blijven, kan de gemeente ook een faciliterende rol op zich nemen. Verder is de gemeente als bevoegd gezag verantwoordelijk voor omgevingsvergunningen (installaties werken in de openbare ruimte), opstalrecht (als eigenaar van gronden), bepalen van warmteoplossing voor een gebied en het inzetten van de aanwijsbevoegdheid (op grond van Wgiw en Bgiw). Verantwoordelijkheden: Van de gemeente mag het inwonersinitiatief onderstaande zaken verwachten. De beschikbare ambtelijke ondersteuning en middelen zijn begrensd voor de periode 2026-2030. Voor de haalbaarheidsfase heeft de gemeente ambtelijke ondersteuning en middelen voor 10 onderzoeken. Voor de verdiepingsfase heeft de gemeente ambtelijke ondersteuning en middelen voor maximaal drie projecten. De gemeente is opdrachtgever richting advies- en onderzoeksdiensten, de middelen blijven daarmee in het beheer van de gemeente. De ambtelijke ondersteuning draagt bij aan het behalen van de resultaten zoals die in de tabellen hiervoor geformuleerd staan voor iedere fase.

Ondersteuning

Opstartfase

Ambtelijke ondersteuning

▪ ▪

Één aanspreekpunt Uitzetten van vragen die niet al te veel tijd kosten bij andere afdelingen

Financiële ondersteuning

▪

Subsidie aanjaagfonds maximaal 4x €5000,-

Haalbaarheidsfase ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪ ▪

Overige ondersteuning

▪ ▪ ▪ ▪

Beschikbaarheid wijkcentra voor bijeenkomsten Communicatieadvies Wijkregisseur weet veel over wat leeft in de wijk Startpakket, training en netwerkborrel Steunpunt

▪

Één aanspreekpunt Initiatieven < 50: 4u/week ambtelijke ondersteuning Initiatieven > 50: 8u/week ambtelijke ondersteuning Opdrachtverlening energieadviseur/onderzoeksbureau Betrekken interne en externe partners Financiering (volgens gemeente noodzakelijk) energieadvies of haalbaarheidsonderzoek voor tien projecten Vrijwilligersvergoeding Subsidie aanjaagfonds maximaal 4x €5000,- of €25.000,- bij coöperatie/vereniging/stichting Inzet expertise gemeente op relevante thema’s

Verdiepingsfase ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪

Één aanspreekpunt Initiatieven < 50: 8u/week ambtelijke ondersteuning Initiatieven > 50: 16u/week ambtelijke ondersteuning Opdrachtverlening adviseur/onderzoeksbureau Betrekken interne en externe partners Financiering (volgens gemeente noodzakelijk) onderzoek- en advieskosten voor drie projecten Vrijwilligersvergoeding Subsidie aanjaagfonds maximaal 4x €5000,- of €25.000,- bij coöperatie/vereniging/stichting Inzet expertise gemeente op relevante thema’s

12

5. Benodigde beleidskaders Voorwaarden om als inwonersinitiatief in aanmerking te komen voor ondersteuning vanuit de gemeente Selectiefase Een plan waarin op hoofdlijnen het idee van het inwonersinitiatief wordt geschetst, wordt ontvankelijk verklaard als: o Een intake gesprek met de gemeente heeft plaatsgevonden. o Het ingaat op hoe een groep huishoudens (minimaal vijf) gezamenlijk de overstap kan maken naar een aardgasvrij alternatief of een alternatief dat substantieel minder aardgas verbruikt. o Het op het eerste gezicht haalbaar lijkt. Er wordt gekeken naar technische, sociale, financiële, organisatorische en juridische haalbaarheid. Dit wordt aan de wethouder voorgelegd. o Er nog geen pasklaar aanbod in de markt of vanuit de gemeente is waar het inwonersinitiatief gebruik van kan maken om het plan te realiseren. o Het eigenaarschap voor het plan in de buurt zelf ligt en een kerngroep van buren zich eraan heeft verbonden. o Het de realisatie van een gepland grootschalig warmtenet niet onder druk zet. Indien een plan ontvankelijk verklaard is, gaat selectie volgens de volgorde van indiening van het plan tot het maximum aantal is bereikt. In de periode 2026-2030 is er ruimte om maximaal tien inwonersinitiatieven te ondersteunen tijdens de haalbaarheidsfase en drie tijdens de verdiepingsfase.

Tijdens looptijd project De planvormingsfase kent een opstart-, haalbaarheids- en verdiepingsfase. Na afloop van iedere fase evalueren het inwonersinitiatief en de gemeente het project. Er wordt gekeken naar technische, sociale, financiële, organisatorische en juridische haalbaarheid. Als hieruit blijkt dat het project niet haalbaar blijkt, kan de ondersteuning van de gemeente stopgezet worden. Dit wordt aan de wethouder voorgelegd. Hierover vindt van tevoren overleg plaats met het inwonersinitiatief.

Kaders Warmtevisie 2024: in welke gebieden kunnen inwonersinitiatieven op welke manier bijdragen Op basis van de Warmtevisie 2024 kunnen inwonersinitiatieven in een groot deel van de stad bijdragen door een eigen aardgasvrije oplossing voor hun straat of buurt te ontwikkelen, zie: Document Nijmegen - Warmtevisie 2024 - iBabs Publieksportaal. Voor gebieden waar een warmtenet voorzien of gepland is, ligt dit iets anders. Tot het moment dat er zicht is op de aansluiting op het warmtenet (binnen 4 jaar komt er een aanbod), kunnen inwonersinitiatieven in dit gebied bijdragen door een eigen aardgasvrije oplossing te ontwikkelen. Als er binnen vier jaar een aanbod voor een warmtenet komt, moeten we in het intakegesprek de mogelijkheden verkennen. Een door een inwonersinitiatief eigen ontwikkelde aardgasvrije oplossing lijkt in deze fase niet logisch.

13

Welke projecten vinden wij als gemeente interessant? Initiatieven kunnen zelf ideeën aandragen op welke manier zij hun buurt aardgasvrij willen maken. Als initiatieven aan de gemeente vragen waarin zij geïnteresseerd is, dan wil de gemeente graag ervaring opdoen met verschillende bronnen/systemen, schaalniveaus, financieringsconstructies en eigendomsvarianten. De interesse van de gemeente gaat uit naar: • Een warmtenet met aquathermie als bron • Een straat/buurt die gelijktijdig overstapt op individuele warmtepompen (bodem of lucht); • Een groepje huizen dat gebruik maakt van een gezamenlijke bron (bodemlussen, PVT) • Een collectief systeem met ondiepe geothermie als bron • Een ZLT-net • Een collectief systeem waar een VVE eigenaar is • Gebruik van sportvelden (zonthermie) • Een bestaand collectief net met gas als bron dat overstapt naar een duurzame bron Uit eerder onderzoek is gebleken dat systemen op basis van diepe geothermie, biomassa en waterstof onvoldoende duurzaam zijn of onvoldoende potentie hebben voor de bestaande bouw in Nijmegen. Als inwonersinitiatieven met deze bronnen aan de slag willen, wordt dit eerst voorgelegd aan de wethouder.

Welke bronnen/systemen zijn passend voor verschillende schaalgroottes? Hieronder staat aangegeven welke bronnen/systemen passen bij verschillende schaalgroottes van kleinschalige warmteprojecten volgens Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW): • Individuele systemen die tegelijkertijd met hele straat/buurt worden aangelegd: o Lucht- of bodemwarmtepomp o Zonthermie (PVT) • Miniwarmtenetten tot 50 woningen: o Aquathermie (oppervlaktewater, drinkwater, rioolwater) o Gedeelde bodemlussen al dan niet met ringnet o Zonthermie (PVT) o Collectieve luchtwarmtepomp o ZLT-net • Kleinschalige warmtenetten tussen de 50-1.500 woningen: o WKO o Aquathermie of zonthermie o Restwarmte 14

Verdiepingsfase: business case, uitvoeringsplan en investeringsplan Voor het inwonersinitiatief in Hengstdal heeft de gemeente vrij uitgebreid opgeschreven wat zij verwacht van de business case en het uitvoeringsplan. Dit biedt al een goede richting van wat de gemeente verwacht van plannen in de verdiepingsfase. Met de lessen die de komende periode in Hengstdal worden opgedaan wordt dit op termijn verder aangescherpt.

Rol gemeente in uitvoering- en exploitatiefase In de projecten kunnen vragen ontstaan over de rol van de gemeente en NijmegenWarmte (waar de gemeente aandeelhouder is) in de uitvoering- en exploitatiefase. Dit kan bijvoorbeeld gaan over de volgende rollen: mede-eigenaarschap van het warmtesysteem, mede-investeerder, risico’s dragen (bijv. via garantiefonds), vergunningen en leges vereenvoudigen of de aanwijsbevoegdheid inzetten. Dit zijn vragen waar nu nog geen antwoord op is. De gemeente gaat komend jaar inzichtelijk maken aan welke rol(len) van de gemeente en NijmegenWarmte behoefte is vanuit inwonersinitiatieven. Daarover gaan we het het gesprek aan met NijmegenWarmte en we bekijken andere alternatieven. Zoals de mogelijkheid om als gemeente garant te staan.

Vrijwilligersvergoeding • • • • • •

Inwoners die actief zijn in een inwonersinitiatief dat in het kader van deze handleiding ondersteuning ontvangt vanuit de gemeente, ontvangen een vrijwilligersvergoeding. Met een vrijwilligersvergoeding stralen we erkenning uit naar inwoners, laten we zien dat we hun inzet zien en waarderen en creëren we meer gelijkheid omdat iedereen aan tafel een vergoeding krijgt voor zijn/haar inzet. We sluiten aan bij de vergoedingen Belastingdienst. Dit betekent €5,60 per uur en maximaal 2100 euro/jaar per persoon. We hoeven hier als gemeente geen belasting over te betalen. Aan het begin van de haalbaarheidsfase (als iets een serieus project wordt) maken we afspraken over de vrijwilligersvergoeding. Alle gemaakte uren die te relateren zijn aan de scope van het project, die aan het begin van de haalbaarheids- en verdiepingsfase in gezamenlijkheid tussen het inwonersinitiatief en de gemeente worden vastgesteld, komen in aanmerking voor vergoeding. We evalueren als gemeente aan het begin – tussentijds – en einde van het project wat dit voor inwoners betekent en hoe wij dit als gemeente ervaren.

Subsidie voor inwonersinitiatieven •

•

Inwonersinitiatieven die eigenaar zijn van een warmteproject krijgen te maken met kosten. Die kosten hebben te maken met het ontwikkelen en professionaliseren van zichzelf als organisatie, het creëren van draagvlak in de buurt en ontwikkelkosten die gemaakt worden om plannen steeds concreter te krijgen (van de laatstgenoemde ontwikkelkosten neemt de gemeente het merendeel voor haar rekening). Het is wenselijk dat inwonersinitiatieven hier middelen voor tot hun beschikking hebben. De subsidieregeling Uitvoeringsregeling Aanjaagfonds Energietransitie Nijmegen 2020 voor bedrijven en burgerinitiatieven kan hierin voorzien. In eerste instantie is er maximaal 4x €5000,beschikbaar vanuit het hoofdstuk bewonersinitiatieven. In tweede instantie, als deze route niet meer toereikend is en het inwonersinitiatief een rechtsvorm heeft, is er maximaal €25000,beschikbaar vanuit het hoofdstuk bedrijven. Hoewel de titel suggereert dat alleen bedrijven voor de tweede route in aanmerking komen, komen ook coöperaties, stichtingen en verenigingen in aanmerking. 15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=c8f16606-8131-4748-a3eb-4b4f493bdf32