Halfjaarrapportage Wmo
Tekst van het document
Halfjaarrapportage Wmo – tot medio 2025 1.1 Inleiding Voor u ligt de halfjaarlijkse rapportage Wmo over tot en met medio 2025. Deze rapportage is opgesteld voor de raadsleden van de gemeente Nijmegen en biedt inzicht aan de hand van de belangrijkste bestuurlijke indicatoren van de Wmo met aanvullend hierbij een korte beleidsmatige toelichting. Met deze halfjaarrapportage stellen we de belangrijkste informatie over de uitvoering gebundeld ter beschikking. Gekoppeld aan de halfjaarlijkse rapportage is er een technische toelichting over de rapportage. Tijdens deze sessie wordt met raadsleden stilgestaan bij de inhoud en bij het format van de rapportage om deze verder te ontwikkelen. Deze rapportage is opgesteld om inzicht en overzicht te bieden en is daarom zo beknopt mogelijk. Het is daarmee geen rapportage met het doel om te detailleren. De Wmo in Nijmegen Gemeenten ondersteunen mensen die niet zelfredzaam zijn om zo lang mogelijk thuis te wonen. Dit staat in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Qua diensten gaat het onder andere om: hulp bij het huishouden, hulpmiddelen en woningaanpassingen, vervoer, begeleiding en dagbesteding, een beschermde woonomgeving en opvang in geval van huiselijk geweld en voor mensen die dakloos zijn. Iedere gemeente organiseert de ondersteuning op zijn eigen manier.
De gemeente Nijmegen heeft drie toegangsteams voor Wmo-hulp: de Buurtteams, de GGD Gelderland Zuid en de Wmo-consulenten bij de gemeente. Daarnaast is er een apart team van ouderenadviseurs dat ouderen informatie, advies en lichte ondersteuning biedt. Er zijn ook voorzieningen waar een inwoner zonder indicatie – dus zonder beschikking via één van de toegangspunten - gebruik van kan maken. De website Vraaghulp Nijmegen helpt inwoners de juiste plek te vinden.
Map = Schrijven algemeen / sjab = Nota, beleids- of projectplan ▪
▪
1
1.2 Leeswijzer In deze rapportage behandelen we achtereenvolgens de beleidsterreinen ‘Begeleiding en Buurtteams Volwassenen’ (paragraaf 2.1), ‘Hulpmiddelen, Hulp bij het Huishouden en vraagafhankelijk vervoer’ (paragraaf 2.2), ‘Beschermd Wonen’ (paragraaf 2.3) en ‘Maatschappelijke Opvang’ (paragraaf 2.4).
2
▪ ▪
2.1 Begeleiding en Buurtteams Volwassenen Wat zijn de doelen? • P&C. Inwoners kunnen zelfstandig hun leven leiden en meedoen doordat ze beschikken over voldoende zelfregie, zelfredzaamheid, veerkracht en samenredzaamheid in de vorm van sociale steun. Wanneer het nodig is, ondersteunen wij hen bij het verkrijgen of herwinnen hiervan. • Raadsvoorstellen die op 18 december 2019 en 8 juli 2020 zijn vastgesteld (samengevat): Een Breed Basisteam sluit aan bij de leidende principes die de gemeenteraad heeft opgesteld zoals: preventie voor curatie; één gezin-één plan-één regisseur; uitvoering dichtbij leefomgeving; vertrouwen en ruimte voor professionals en veiligheid als ondergrens. Hoe meten we of we aan de beleidsdoelen voldoen? • Buurtteams Volwassenen zijn digitaal, telefonisch en fysiek goed bereikbaar. In ieder stadsdeel zijn de Buurtteams Volwassenen vertegenwoordigd. • Maximaal 2 weken wachttijd voor het eerste gesprek met Buurtteams Volwassenen. • De Buurtteams Volwassenen pakken 80% van de begeleidingsvragen die zij krijgen zelf indicatievrij op. Voor de overige 20% wordt verwezen naar een andere aanbieder die aanvullende begeleiding biedt. • Een inwoner met een hulpvraag ervaart dat de ingezette dienstverlening bijdraagt aan het realiseren van de ontwikkeldoelen van de persoon. Jaarlijks CEO. Gaat zowel over Buurtteams als over geïndiceerde begeleiding.
Wat zagen we tot medio 2025 gebeuren?
3
Aanvullende toelichting • Sinds de start van de pilot indicatievrije dagbesteding in 2021 zien we een daling in het aantal verzilverde cliënten die dagbesteding met indicatie hebben. Het aantal was in Q3 en Q4 2024 stabiel en lag rond de 40 cliënten per maand. In het eerste halfjaar van 2025 zien we echter een lichte stijging naar 56 cliënten in juni 2025. In de pilot indicatievrije dagbesteding zaten in juni 2025 414 unieke cliënten. Dit is een daling van 19 cliënten ten opzichte van december 2024 (433 cliënten in de pilot). De lichte stijging in geïndiceerde dagbesteding en daling binnen de pilot maken dat het totaal aantal cliënten dagbesteding redelijk stabiel is. • De nieuwe contracten Wmo dagbesteding gaan in per 2026. Daarom is gekozen om ook de pilot indicatievrije dagbesteding te verlengen tot 2026.
4
▪ ▪
•
•
Het contract voor ambulante Wmo begeleiding is per 2025 ingegaan. De rapportage over het eerste halfjaar van 2025 laat een afwijking in de trendlijn van het aantal cliënten laten zien vanwege het stoppen van oude aanbieders en toetreden van nieuwe. De wachttijd tot het eerste gesprek bij de ouderenadviseurs is in Q4 van 2024 iets afgenomen ten opzichte van de eerste drie kwartalen van 2024: van 5,6 weken naar 5,1 weken in Q4. In het eerste halfjaar van 2025 was de wachttijd 5 weken. Ook de doorlooptijd van de dienstverlening van de ouderenadviseurs was iets in Q4 korter dan de rest van 2024: van 16,3 naar 15,1 in Q4. In de eerste helft van 2025 was deze 17,2 weken. Na afsluiting door de ouderenadviseur is het bedoeling dat in samenwerking met de persoon met de hulpvraag en het netwerk zorg is ingeregeld, is toegeleid naar de sociale basis of een andere beantwoording van de hulpvraag heeft plaatsgevonden.
5
2.2 Hulpmiddelen, Hulp bij het Huishouden en vraagafhankelijk vervoer Wat zijn de doelen? • Inwoners kunnen zelfstandig wonen in een schone en geschikte woning. Ze kunnen zich in en om het huis verplaatsen en daardoor deelnemen aan de samenleving en hun sociale omgeving. Dit doen ze met voldoende eigen kracht, zelfredzaamheid en samenredzaamheid in de vorm van sociale steun. Wanneer het nodig is, ondersteunen wij hen bij het verkrijgen of herwinnen hiervan. • We zetten in op goede kwaliteit van de ondersteuning vanuit de gemeente. Hoe meten we of we aan de beleidsdoelen voldoen? • Tijdigheid. Wachtlijst, gemiddelde wachttijd en doorlooptijd vanaf het moment van de melding tot aan het onderzoek van de consulent en start zorg. • Relevante aantallen zoals ‘aantal in zorg'. • Ervaring van de inwoner in het clïentervaringsonderzoek: Een inwoner met een hulpvraag ervaart dat dat de ingezette dienstverlening bijdraagt aan het realiseren van de doelen achter de hulpvraag. • In structurele overleggen stellen we vast wat opvalt/afwijkt en hierop rapporteren we. Wat zagen we tot medio 2025 gebeuren?
6
▪ ▪
7
Aanvullende toelichting • Er waren 438 wachtenden in juni 2025 (peildatum 30 juni 2025). Dit aantal ligt lager dan in oktober 2024. Toen waren er 814 wachtenden. • De wettelijke termijn voor het behandelen van een aanvraag door de gemeente, inclusief het besluit, is 8 weken. Er wordt hierbij 6 weken gerekend voor het onderzoek door de Wmo-consulent, en 2 weken voor het besluit. Per 2025 is data beschikbaar over de wachttijd tot aan het onderzoek door de Wmo-consulent in categorieën per 4 weken. 81% van de meldingen werd binnen 8 weken opgepakt/onderzocht door de Wmo-consulent (peildatum 30 juni 2025). Meer dan de helft heeft zelfs minder dan 4 weken gewacht op het onderzoek. In het najaar van 2025 hebben we de weekcategorieën zo aangepast dat we kunnen zien bij welk percentage de onderzoeken door de consulent binnen 6 weken hebben plaatsgevonden, aansluitend op de wettelijke termijn. In de aankomende halfjaarrapportage nemen we dit mee. De wettelijke termijn was in het laatste halfjaar van 2024 in geen van de casussen gehaald, met uitzondering van de spoedprocessen en verkorte werkprocessen zoals enkelvoudige AVAN-aanvragen. Er is dus een verbetering in de eerste helft van 2025 ten opzichte van 2024.
• Het stabiel blijven van het aantal geïndiceerde cliënten hulpmiddelen en verzilverde cliënten huishoudelijke hulp kan deels komen doordat er nog een wachtlijst is bij de Wmo-consulenten met 438 meldingen. Ten opzichte van de vorige halfjaarrapportage is een groot deel van de wachtlijst echter weggewerkt. Het valt op dat ook met het wegwerken van een deel van de wachtlijst, er niet zo een hoge stijging in indicaties wordt waargenomen als volgens het voorspelmodel verwacht. • De gemiddelde wachttijd tot aan het gesprek met de consulent was 34 dagen voor inwoners die op 30 juni 2025 een Wmo-aanvraag deden bij de toeleidingspoort Wmoconsulenten. De langst wachtende was toen 2 maanden en 4 weken. Een verbetering
8
▪ ▪
•
• •
•
•
ten opzichte van de vorige halfjaarrapportage. Toen was de langst wachtende 5 maanden. Voor 2025 zijn er sturingsmogelijkheden ingezet om de wachttijd en wachtlijst te verminderen. Hierover bent u geïnformeerd op 10 december 2024 door middel van een raadsbrief. Er is 4 Fte extra inhuur voor de duur van een jaar, meer telefonisch onderzoeken waar de kwaliteit geborgd kan blijven en er zijn extra trainingen ingezet voor de Wmo-consulenten. De uitkomst van deze sturingsinzet zien we terug in o.a. de dalende wachtlijst en wachttijd ten opzichte van de vorige halfjaarrapportage. Het percentage Wmo-consulenten inhuur was in juni 2025 17,5 procent. Aanbieders hulp bij het huishouden zijn contractueel verplicht om 2 weken nadat zij van de backoffice de opdracht ontvangen te starten met de hulp. In Q1 en Q2 2025 voldeden aanbieders aan deze eis. Waar er niet binnen 2 weken na ontvangen van de opdracht gestart kan worden met de ondersteuning, is de afspraak dat de aanbieder contact opneemt met de contractmanager om te zoeken naar een passende oplossing. De data over levertermijnen vanuit Welzorg zullen in de volgende halfjaarrapportage weer worden geüpdatet. Doordat Welzorg in april 2025 overgegaan is op een ander systeem, komt deze data voor de halfjaarrapportage naar verwachting op een later moment beschikbaar.
In de eerste helft van 2025 hebben Wmo-consulenten meegewerkt aan verschillende projecten zoals de pilot was- en strijkservice en de aanbesteding hulpmiddelen. De aanbesteding hulpmiddelen loopt op het moment nog steeds. De pilot was- en strijkservice liep tot en met 31 juli. Het streven is om in Q4 2025 de evaluatie van de pilot vast te stellen en in het voorjaar van 2026 aan de hand van deze evaluatie scenario’s uit te werken voor de toekomst.
9
2.3 Beschermd Wonen Wat zijn de doelen? • Inwoners die als gevolg van psychische kwetsbaarheid of jongvolwassenen, die als gevolg van Licht Verstandelijke Beperking, (nog) niet in staat zijn om zelfstandig te wonen kunnen in een beschermde (woon-) omgeving zich ontwikkelen richting zelfstandig wonen en participeren. Hoe meten we of we aan de beleidsdoelen voldoen? • De gemiddelde wachttijd voor intramurale zorg is niet langer dan een jaar. • Alle inwoners met een indicatie Beschermd Wonen die op de wachtlijst staan krijgen Wachtzorg (overbruggingszorg in de vorm van Beschermd Thuis). • Het aandeel inwoners dat Beschermd Thuis krijgt op het totaal aantal inwoners met een Beschermd Wonen indicatie is minimaal 40%. • Minimaal 70% van de Beschermd Wonen cliënten geeft in het cliënttevredenheidsonderzoek (CEO) aan heel tevreden of tevreden te zijn. Wat zagen we tot medio 2025 gebeuren?
Aanvullende toelichting • Het aantal inwoners met verzilverde zorg in natura Beschermd Wonen stijgt. Dit komt door een combinatie van het volgende: de stijging van het aantal aanmeldingen voor Beschermd Wonen, de nieuwe inkoop Beschermd Wonen vanaf 1-1-2025 met meer gecontracteerd zorgaanbod en door afname van PGB Beschermd Wonen. Het aandeel Beschermd Thuis is m.i.v. 1 januari 2025 gedaald. Dit heeft te maken met het nieuwe product BW trainingshuis dat tot 1-1-2025 nog onder Beschermd Thuis viel. In 2024
10
▪ ▪
•
•
•
•
had 52% van de cliënten met indicatie Beschermd Wonen (ZIN en PGB samen) Beschermd Thuis, in het 1ste half jaar 2025 is dat 51%. Zie grafiek 1. De wachtlijst voor intramurale Beschermd Wonen bestond eind 2024 uit 63 inwoners en is eind van de eerste helft van 2025 teruggelopen naar 25. De afname is een resultaat van de nieuwe inkoop met een groter aanbod Beschermd Wonen. De wachttijd voor intramurale Beschermd Wonen is in Q2 2025 gedaald van 160 dagen (in Q4 2024) naar 120 dagen. De wachttijd bij de toegang beschermd wonen, is in het tweede kwartaal 2025 vanwege drukte en tijdelijke onderbezetting opgelopen naar 10 weken. Inmiddels (oktober) is dit weer korter dan 7 weken. Het gemiddeld aantal maanden dat inwoners in een Beschermd Wonen traject zitten is per 1/7/2025 23 maanden. Dat is niet anders dan in het voorgaande jaar. Zie grafiek 2. De gemiddelde duur dat inwoners in Beschermd Wonen hebben gezeten bij uitstroom is overigens 3 jaar. Een hogere respons (verdubbeling) in het client ervaringsonderzoek voor Beschermd Wonen cliënten en tevens een hogere waardering van de tevredenheid: 88% van de respondenten is (zeer) tevreden. Zie grafiek 3.
Ontwikkelingen • Vanaf 1-1-2025 zijn de nieuwe contracten voor Beschermd Wonen ingegaan. Hiermee is een groter gecontracteerd aanbod Beschermd Wonen gerealiseerd. Ook is er een nieuw (hybride) product Trainingshuis dat voorheen onder Beschermd Thuis viel. Met dit nieuwe product hebben we nu scherper inzicht wanneer sprake is van Beschermd Thuis, waarin wonen en zorg gescheiden zijn. Daarnaast is de doelgroep LVB 18+ toegevoegd aan Beschermd Wonen. • Met ingang van 1-7-2025 starten we met een pilot Beschermd Wonen voor inwoners met een zorgvraag Beschermd Wonen (24/7 onplanbare zorg), maar die (nog) niet kunnen beschikken over een diagnose van een ernstige psychiatrische aandoening.
11
2.4 Maatschappelijke Opvang Wat zijn de doelen? • We voorkomen huisuitzettingen, leiden toe naar zorg, werken aan het perspectief van multi-probleemhuishoudens en beperken de overlast als gevolg van dakloosheid en psychiatrische en/of psychosociale problematiek. • Dak- en thuisloze mensen krijgen tijdelijk opvang en een perspectief op zelfstandig participeren en (zelfstandig) wonen. Hoe meten we of we aan de beleidsdoelen voldoen? • Het aantal opvang plekken is afgestemd op het aantal meldingen bij CTMO. • Alle opgevangen daklozen krijgen perspectief op herstel aangeboden (begeleiding) Wat zagen we tot medio 2025 gebeuren?
Aanvullende toelichting • In de eerste tabel staan cijfers van de Centrale Toegang Maatschappelijke Opvang. Zij houden bij hoeveel unieke klanten zich melden voor een plek in de maatschappelijke opvang. Er is een toename van het aantal dak- en thuisloze mensen dat zich bij CTMO meldt. Daarvan kennen we niet de precieze oorzaak. Het is deels te verklaren uit een toenemend aantal EU migranten. • Via de verslaglegging door Iriszorg hebben we inzicht in de inspanningen voor herstelgerichte zorg voor de dak- en thuisloze mensen die in de maatschappelijke opvang verblijven. De mate van doorstroom, bijvoorbeeld naar een maatwerkvoorziening of (beschermd) wonen, zegt iets over de mate waarin we daarin succesvol zijn. Ook de mate waarin bewoners tevreden zijn over de maatschappelijke opvang zegt iets over de inspanningen die door Iriszorg en de RIBW worden geleverd voor herstel.
12
▪ ▪