Gebiedsvisie Stationsdistrict
Tekst van het document
Gebiedsvisie Stationsdistrict Nijmegen augustus 2024
2
Gebiedsvisie
Begrenzing van het plangebied voor de gebiedsvisie Stationsdistrict
3
Inhoud 1. DEZE VISIE
8
Context9 Participatie9 Leeswijzer9
2. RUIMTELIJKE ANALYSE
10
3. TOEKOMSTBEELD
18
Een ambitieus, groen en eigenzinnig Stationsdistrict waar het prettig verblijven is
4. SPEERPUNTEN VOOR HET STATIONSDISTRICT
22
1. Het Stationsdistrict als onderdeel van het verbrede centrum
24
2. Hoogwaardige OV-knoop ‘reizen en verblijven’
30
3. Openbare ruimte als basis voor verbinding en verblijven
34
4. Erfgoed en landschap als identiteitsdragers
38
5. Toekomstbestendig gebied
42
5. CRUCIALE INGREPEN IN DE OPENBARE RUIMTE
46
Westentree station en vernieuwd Stationsplein
50
De Westentree
50
Het Stationsplein
50
Tunnelweg en omgeving
4
20
52
Tunnelweg
52
Nieuwe Marktstraat - Stieltjesstraat
56
19e-Eeuwse singels
58
Nassausingel - Quackplein
58
Van Schaeck Mathonsingel
60
Keizer Karelplein
62
Campusbaan en omgeving Van Diemerbroeckstraat en Arend Noorduijnstraat
64 64
Westerkwartier66 Nieuwe Westentree
66
Groene Corridor
66
6. ONTWIKKELSTRATEGIE
68
Lopende ontwikkelingen
70
Uitwerkingsagenda
70
Uitvoerbaarheid gebiedsvisie
72
Fasering, participatie en tijdelijkheid
74
BIJLAGEN
78
1. Opbrengst participatie Gebiedsvisie
80
2. Begrippenlijst Gebiedsvisie Stationsdistrict
86
3. Relevante documentatie
88
COLOFON90
5
6
Conceptschets Stationsdistrict: contrast tussen twee zijdes van het spoor
Gebiedsvisie
Visiekaart voor het Stationsdistrict
7
1. Deze visie
Ontwikkeldynamiek in het Stationsdistrict: lopende projecten, initiatieven en te verwachten initiatieven
Enkele projecten in ontwikkeling of aanbouw, van links naar rechts Duet (VanWonen), UWV-locatie (Neoo) en het nieuwe Metterswane (KondorWessels)
Het Stationsdistrict is volop in verandering. Het gebied kent inmiddels 28 deelprojecten. Zo’n grote opgave vraagt om een integrale visie. Deze visie is bedoeld als toekomstbeeld, als wenkend perspectief voor de ontwikkeling van het Stationsdistrict en heeft een horizon tot 2050. Het is geen blauwdruk voor de ontwikkeling van het Stationsdistrict, maar moet aanzetten tot beweging.
Context
Deze visie staat niet op zich, maar verhoudt zich tot landelijk, regionaal en lokaal beleid en tot uitvoeringsafspraken met verschillende partners. Hieronder noemen we er enkele.
Landelijk
• Nationale Omgevingsvisie (NOVI) • Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) • Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS)
Regionaal
• Woondeal regio Arnhem-Nijmegen
• • • • • • • • • •
Lokaal
Kader Ruimtelijke Kwaliteit (KRK) Omgevingsvisie gemeente Nijmegen Koers voor de binnenstad Nijmeegse Woonagenda 2024-2029 “Beter Benutten en betaalbaar bouwen” Cultuurhistorisch onderzoek, gebiedsanalyse Steenhuis-Meurs oktober 2022 (deel 1) Mobiliteitsbeleid Nijmegen Energietransitie Nijmegen Actieprogramma inclusie Klimaatadaptatiestrategie Erfgoedstrategie
Participatie
De inspiratie voor deze visie is opgehaald uit de stad. In verschillende themasessies en in levendige stadsgesprekken is met bewoners, gebruikers, professionals en initiatiefnemers over de toekomst van het Stationsdistrict nagedacht. Deze visie is hiervan de weerslag.
Leeswijzer
Met een ruimtelijke analyse (hoofdstuk 2) brengen we de huidige situatie in het Stationsdistrict in beeld. In hoofdstuk 3 schetsen we een toekomstbeeld. Dit werken we in hoofdstuk 4 uit in een aantal speerpunten met spelregels voor vervolguitwerkingen, plannen en initiatieven. Daarmee geeft de visie richting aan bewoners en gebruikers van dit gebied en aan investeerders en ontwikkelaars die zich nu of in de toekomst op dit Stationsdistrict willen richten. Hoofdstuk 5 omvat een aantal ingrepen in de openbare ruimte die alle ontwikkelingen in het gebied logisch met elkaar verbindt. De visie sluit af in hoofdstuk 6 met een ontwikkelstrategie die beschrijft hoe we omgaan met lopende en toekomstige projecten in het Stationsdistrict.
2. Ruimtelijke analyse
Het Stationsdistrict is geen lege bladzijde, maar is al 2000 jaar in ontwikkeling. Er zijn nog veel verschillende tijdslagen terug te vinden in het gebied. Dit is een enorme kwaliteit van het gebied, maar geeft soms ook een rommelig en versnipperd beeld. Hieronder beschrijven we een aantal opvallende bevindingen.
Verschillen in stadsbeeld: losse fragmenten en beperkte dichtheid
Het Stationsdistrict is ruimtelijk niet onder één noemer te vatten. Het is een verzameling van stadsfragmenten die onderling zeer verschillend zijn qua beeld en sfeer, maar die allemaal dichtbij het station liggen. Kenmerkend voor het Stationsdistrict zijn de verschillende soorten gebouwen: villa’s en rijtjeswoningen staan soms pal naast stevige woontorens. In het gebied liggen ook een aantal bouwterreinen. De dichtheid van de bebouwing rondom het station is lager dan men van een centraal gelegen stationsomgeving verwacht.
Verzameling van elementen uit diverse tijdslagen
Spoelzandwaaier en 19e-eeuwse stadsuitleg
Het Stationsdistrict ligt op de grens tussen de hooggelegen Nijmeegse binnenstad en 19e-eeuwse bebouwing, en de lagergelegen woonbuurten in Nijmegen West. Dat komt omdat het station is gebouwd op de spoelzandwaaier – de uitloper van de stuwwal. De spoorlijn en het station werden in de 19e eeuw buiten de stadsmuren op afstand van de binnenstad gebouwd. Na de afbraak van de stadsmuren ontwierp men een nieuw monumentaal stratenplan met onder meer de Van Schaeck Mathonsingel, Nassausingel, Oranjesingel en het Keizer Karelplein. Doel van dit plan was om kapitaalkracht naar de stad te halen door de bouw van grote stadsvilla’s en kwalitatief royale en goede openbare ruimte om te flaneren. De stad groeide daarmee naar het spoor toe, maar het spoor zelf werd een breuklijn tussen deze groots opgezette stadsontwikkeling en de eenvoudiger woonbuurten aan de westzijde.
Hoogtekaart: Stationsdistrict op de rand van de spoelzandwaaier
Stationsweg (later Van Schaeck Mathonsingel) in 1927
12
Gebiedsvisie
Gewijzigd Plan van uitleg Nijmegen, Brouwer 1878
Verwoesting door bombardement
Oorlogsschade in het stationsgebied, foto uit 1949
Het bombardement van 22 februari 1944 richtte enorme schade aan in het Stationsdistrict en de Nijmeegse binnenstad. Het station zelf en grote delen van de nabijgelegen 19e-eeuwse stadsuitbreiding werden verwoest. Er kwam een grotendeels nieuw station, soberder dan het oorspronkelijke, maar passend bij de wederopbouwperiode. Het gehele stationscomplex is in 2022 door de Gemeenteraad aangewezen als gemeentelijk monument. Juist de zichtbaarheid van de verschillende tijdslagen in dit station zijn een enorme kwaliteit. Aan de Van Schaeck Mathonsingel is in de wederopbouwtijd een relatief kleinschalige, maar onmiskenbaar modernistische invulling gegeven. De singel heeft daardoor een wat hybride karakter met enerzijds historische villa’s in grote tuinen en anderzijds appartementenblokjes in collectief groen.
Wederopbouwarchitectuur langs Van Schaeck Mathonsingel
13
Komst van de Tunnelweg
De aanleg van de Tunnelweg in 1966 paste bij het welvaartsdenken van die tijd: veel ruimte voor de auto en minder aandacht voor de kwaliteit van de openbare ruimte. De royale singels en het Keizer Karelplein werden aangepast om de auto de ruimte te bieden.
Beoogd tracé voor Tunnelweg, situatie in 1949
De aanleg van de Tunnelweg bracht ook schade toe aan het bijzondere 19e-eeuwse stratenplan vóór het station. Het profiel van de Tunnelweg past niet goed bij de vooroorlogse stad. Fietsers en voetgangers ervaren de Tunnelweg, de hoofdverbinding tussen West en het centrum, als een onaangename en onveilige route.
De Tunnelweg vlak na voltooiing, foto uit 1967 (J.F.M. Trum)
Tunnelweg in de huidige situatie
14
Gebiedsvisie
Hotel en ROC
Parkeerterrein aan westzijde spoor
Politiebureau, Doornroosje en snelbinder
Achterzijdes woningen tegen het spoortalud
Losse ontwikkelingen langs het spoor
Aan de centrumzijde liggen een aantal relatief nieuwe gebouwen; poppodium Doornroosje, het Mercurehotel, het ROC en het politiebureau. Deze bebouwing ligt min of meer geïsoleerd tussen spoor en stad en sluit niet aan bij het oorspronkelijke stratenplan.
Aan de westzijde is vooral het grote hoogteverschil opvallend. De aanwezigheid van de spoelzandwaaier is hier als landschappelijk fenomeen niet te missen. Nijmegen-West keert zich duidelijk af van het spoor en het station. Achterkanten van woningen en grote parkeerterreinen domineren hier het beeld. Met de komst van de nieuwe Westentree en nieuwbouw op de plekken van het voormalige UWV-kantoor en parkeerplaats Oude Stad bij de Nieuwe Hezelpoort lossen we dit deels op.
Versteend en onaantrekkelijk Stationsplein
Opvallend is dat zowel in de vooroorlogse als de naoorlogse situatie het station en het Stationsplein niet echt goed aansluiten op het monumentale stratenplan. Het huidige Stationsplein is functioneel ingericht om de reizigers stroom zo snel mogelijk af te wikkelen. Het is niet ingericht om te verblijven. Het plein is volledig versteend en er staan geen bomen. Daarom is het zeer gevoelig voor opwarming tijdens hitteperiodes.
Kale, versteende Stationsplein
15
Inpassen busstation
Om een betere en betrouwbaardere dienstregeling voor de bus mogelijk te maken ligt er een wens om het busstation uit te breiden. Dat past bij de opgave om de auto in de stad terug te dringen en het openbaar vervoer ruim baan te geven. De inpassing van een groter busstation met extra rijbanen en wachtplekken vraagt veel ruimte, terwijl we ook andere wensen hebben voor het Stationsplein, zoals het verbeteren van de verblijfskwaliteit.
Huidige situatie busstation
Inrichting openbare ruimte
Niet alleen op het Stationsplein, maar in het gehele Stationsdistrict is de kwaliteit van de openbare ruimte onvoldoende. Op veel plekken zijn de trottoirs en looproutes krap bemeten. De routes van het station naar de binnenstad zijn onaantrekkelijk en niet goed toegankelijk voor mensen met een beperking. De oversteekplaatsen direct voor het Stationsplein voelen onveilig door de vele voetgangers, fietsers en bussen die elkaar hier kruisen. De grote druk op de ruimte heeft geleid tot veel verharding op het Stationsplein en in de Tunnelweg. Tezamen vormt dit een vrijwel aaneengesloten verhard oppervlak dat ongeveer even groot is als het Kronenburgerpark. Een overmaat aan verharding treffen we ook aan langs het spoortalud. Zowel aan de Nieuwe Marktstraat als op het P+R-terrein aan de Eerste Oude Heselaan liggen veel onbenutte parkeerplaatsen. De Nieuwe Marktstraat toont door de aanwezigheid van een hekwerk halverwege en door de hekken rond het politiebureau bovendien niet als een uitnodigende straat. Door onvoldoende schaduw en weinig koele plekken is het gebied bovendien gevoelig voor hittestress. Langs de Van Schaeck Mathonsingel is de openbare ruimte beter ingericht, met laanbeplanting en een royale voetgangerszone in het midden. Alleen sluit deze voetgangerszone niet goed aan op het Stationsplein en het Keizer Karelplein. Het Keizer Karelplein is een unieke
16
Nauwelijks ruimte voor fietser en voetganger langs Schouwburg
Quackplein als barrière tussen station en binnenstad
Open ruimte rond station vergelijkbaar in schaal met Kronenburgerpark en Valkhofpark, maar voleldig verhard
Gebiedsvisie
Muur halverwege de Nieuwe Marktstraat
Grauwe en sleetse inrichting van het Keizer Karelplein
ruimte. In het midden ligt een park dat nog vrijwel identiek is aan de oorspronkelijke opzet. De buitenrand van het plein is echter sleets en veelvuldig aangepast om de verkeersstromen beter te kunnen afwikkelen. Van de oorspronkelijke lommerrijke grandeur is daardoor weinig over; de groenstructuur is hier fragmentarisch en het ontbreekt aan comfort voor fietsers en wandelaars.
Aansluiting van bebouwing op de openbare ruimte
Anonieme gevel van parkeerkelder langs de Hustinxstraat
Snelbinder scheidt politiebureau van de Nieuwe Marktstraat
Opvallend is dat er aan de centrumzijde in het Stationsdistrict vrijwel nergens een aangename samenhang tussen gebouwen en openbare ruimte aanwezig is. Daar waar in de Van Oldenbarneveltstraat en Vondelstraat op aantrekkelijke wijze de overgang openbaar-privé is vormgegeven, is dit niet overal in het gebied zo. Bij de villa’s aan de Van Schaeck Mathonsingel zijn voortuinen omgevormd tot parkeerterreinen. Bij de Schouwburg ontbreekt een trottoir aan de Nassausingel en wordt de voorruimte gedomineerd door een laad- en loszone. Voor de bankgebouwen aan het Keizer Karelplein hebben verharde vlaktes de plaats ingenomen van groene voorruimtes. Het belastingkantoor en het politiebureau sluiten niet goed aan op de straat. Het ROC is ingesnoerd tussen busbaan en spoor. Langs de Burgemeester Hustinxstraat, de Spoorstraat en het Stationsplein is evenmin een kwalitatieve aansluiting van bebouwing op de openbare ruimte aanwezig. Hoewel minder uitgesproken, speelt deze problematiek ook aan de westzijde. Langs de Eerste Oude Heselaan richten de woningen zich overtuigend op de straat. De woningen aan de Anjelierenweg (naast het spooremplacement) keren zich met de achterzijde naar het spoortalud. Ook Vissers Meubelen gaat nauwelijks een relatie aan met de Tunnelweg.
Meubelwinkel staat afzijdig langs Tunnelweg
17
3. Toekomstbeeld
Een ambitieus, groen en eigenzinnig Stationsdistrict waar het prettig verblijven is In 2050 is het Stationsdistrict zowel volwaardig onderdeel van het centrum als een bestemming op zich. Dé toegangspoort tot de stad waarin de kwaliteiten en de identiteit van de stad zichtbaar zijn. Een veelzijdig programma van wonen, werken, horeca en cultuur, levendigheid op de begane grond, aantrekkelijke verblijfsplekken in de openbare ruimte en ruimte voor evenementen. Dat draagt bij aan reuring gedurende de hele week van ’s ochtends tot ’s avonds en maakt dat de kenmerkende levendigheid van de Nijmeegse binnenstad doorloopt tot in het Stationsdistrict. De Nijmeegse old city- young vibe zie je hier terug.
beschutte en groene routes, geïnspireerd op de 19e-eeuwse singels. Groene koele plekken vormen stapstenen naar de binnenstad. Met de nieuwe Westentree richt het station, een moderne en goed functionerende ov-knoop, zich naar beide kanten van de stad. Aan de Westzijde vormt Groene Corridor een aangenaam buurtpark dat via bestaande en nieuwe groenstructuren uitwaaiert. Het groen verbindt zo de woonwijken en de Waal met de nieuwe Westentree van het station. De Tunnelweg ondergaat een gedaanteverwisseling. Van een brede, doodse autoweg verandert deze weg in een aantrekkelijke stadsstraat met aan weerszijden groen en de voorkant van gebouwen.
Nijmegen is een gastvrije stad en dat geldt ook voor het Stationsdistrict. Bezoekers aan de stad voelen zich hier welkom zodra ze de groene Stationspleinen oplopen. De Stationspleinen nodigen je uit om af te spreken of even rustig te zitten met een koffie of een broodje in afwachting op je bus of trein. Aantrekkelijke beschutte looproutes nodigen uit om richting binnenstad of Waal te wandelen. Als een rode loper (maar dan groen) word je vanzelf de goede richting op geleid, zonder hinder van kruisend busverkeer. Aantrekkelijke functies rondom de Stationspleinen en langs de routes sluiten aan bij de uitstraling van de binnenstad: Nijmegen als levendige en historische stad. Gezellig, hip en sociaal. Een gemoedelijke woonen studentenstad waar veel te beleven is op het gebied van cultuur, met een rijk uitgaansleven. In plaats van een hinderlijke onderbreking, vormt het Stationsdistrict een aangename verbindende schakel tussen binnenstad en Nijmegen West en tussen de woonbuurten, de parken en de Waal. De stedenbouwkundige opzet is logisch en leesbaar. Binnen het Stationsdistrict zijn verschillende sferen te vinden met een gevarieerd stadsbeeld, maar met een duidelijke Nijmeegse schaal en identiteit. De centrumzijde kent
20
Conceptschets Stationsdistrict: contrast tussen twee zijdes van het spoor
Gebiedsvisie
foto: Clement Guillaume
foto: Clement Guillaume Sfeerreferenties voor het Stationsdistrict
21
4. Speerpunten voor het Stationsdistrict
Om dit toekomstbeeld van een ambitieus, groen en eigenzinnig Stationsdistrict waar te maken is een integrale aanpak nodig. We zetten in op 5 speerpunten voor de ontwikkeling en nieuwe inrichting van het Stationsdistrict. Elk speerpunt heeft eigen spelregels.
1. Het Stationsdistrict als onderdeel van het verbrede centrum
24
Gebiedsvisie
Na de realisatie van het Waalfront wordt, met de ontwikkeling van het Stationsdistrict, het stadscentrum van Nijmegen verder verbreed. Met het oog op duurzame bereikbaarheid levert de stationsomgeving een aanzienlijke bijdrage aan het opvangen van de groei van de stad. Er zijn 2000 nieuwe woningen voorzien in het Stationsdistrict. Dit is een flinke verdichtingsopgave. Om hier goed richting aan te kunnen geven is het belangrijk om goede richtlijnen vast te leggen ten aanzien van de benodigde toevoeging van programma. We bouwen aan de stad waarin gewoond, gewerkt en gerecreeërd wordt. Daarbij zoeken we vooral aansluiting bij doelgroepen die profiteren van de nabijheid van het station.
voor het Stationsdistrict een grote transformatie in het verschiet.
Die ruimte is ook aanwezig in het gebied. Namelijk op de plekken van het voormalige UWV-gebouw, parkeerplaats Oude Stad en het terrein achter Het Nieuwe Metterswane, en later ook bij het Belastingkantoor, het Politiebureau, Vissers Meubelen, de P+R-locatie, langs de Van Schaeck Mathonsingel en het Mercure-hotel. Daarmee ligt
Voor de woningbouw zetten we in op een- en tweepersoonshuishoudens uit diverse leeftijds- en inkomensklassen. Tenminste 2/3 van de nieuwe woningen is betaalbaar, waarvan minimaal 30% sociale huurwoningen. Daarmee geven we op gebiedsniveau uitvoering aan de Nijmeegse woonagenda.
Combineren van functies
Centrumgebieden zijn succesvol als sprake is van zoveel mogelijk menging van functies. We voegen 2000 nieuwe woningen toe en zorgen dat de werkplekken en voorzieningen meegroeien. Binnen deze functies is zoveel mogelijk variatie. Dit betekent variatie in woningplattegronden en doelgroepen, in soorten bedrijven, in oude en nieuwe gebouwen, in hoge en lage huren, in kleine en grote gebouwen: alles zo veel mogelijk door en naast elkaar.
Wonen
Stationsdistrict als eigenzinnig onderdeel van het centrum, aanvullend op de oude binnenstad. Beeld uit ‘Koers voor de binnenstad’
25
Referentie compact wonen in hoge dichtheid, maar met goede gedeelde voorzieningen
Referentie nieuwbouw voor cultuur & educatie: de Rozet, Arnhem, Neutelings Riedijk Architecten
De nieuwe bewoners waarderen de nabijheid van het ov, de voorzieningen en de levendigheid. Het gaat dan bijvoorbeeld om studenten, netafgestudeerden, young professionals, emptynesters en senioren. Met deze laatste twee groepen wordt ook gemikt op het bevorderen van doorstroming. Het programma zal een brede variatie woningen bevatten, van studio’s tot ruime en luxe appartementen. Voor de leefbaarheid in het Stationsdistrict is deze variatie in woningen van belang, omdat voldoende keuze kan bijdragen aan hechting van bewoners aan het gebied.
Werken
Als economische veerkrachtige stad zet Nijmegen in op een groei van 1000 banen per jaar. Het aantal werkplekken in het Stationsdistrict moet met deze doelstelling meegroeien. Daarbij zetten we vooral in op kantoren. Uit onderzoek blijkt dat er nu een kwalitatieve mismatch is tussen vraag en aanbod van kantoren. Op de meest gewilde plekken is geen aanbod. De omgeving van het station is een gewilde plek voor kantoren vanwege de nabijheid van het ov, de binnenstad, voorzieningen zoals cultuur en horeca die in combinatie met een goede kwaliteit van de openbare ruimte zorgen voor een goed vestigingsklimaat. Om te voldoen aan de vraag en om te zorgen voor een goede mix willen we tussen 6.000m2 tot 10.000m2 aan nieuwe kantoorruimte realiseren in
26
het Stationsdistrict. Het is daarbij wenselijk om kantoren voor verschillende soorten bedrijven te realiseren. Er is vooral behoefte aan ruimte voor kleinschalige gebruikers (250 m2 tot 1000 m2) en voor grotere bedrijven in het topsegment.
Voorzieningen
Als er meer woon- en werkruimte komt, is er ook behoefte aan meer commerciële - en maatschappelijke voorzieningen voor bijvoorbeeld boodschappen, zorg, onderwijs, sporten en spelen. Maar we kunnen ook denken aan extra ruimte voor vergaderen, congressen of debat. Omdat het Stationsdistrict onderdeel is van het verbrede centrum gaat het om voorzieningen die het gebied laten bruisen en de moeite waard maken om te bezoeken en te verblijven, zowel voor bezoekers uit de stad als uit de regio. Dat betekent meer cultuur, kunst, horeca, leisure en evenementen. Een belangrijke factor in het levendig maken van het gebied is het toevoegen van verblijfskwaliteit. Dit doen we ook in de openbare ruimte. Deze moet toegankelijk zijn en bijdragen aan een prettig leefklimaat en uitnodigen tot ontmoeten en bewegen voor iedereen. Winkelen blijft voorbehouden aan de binnenstad van Nijmegen en zal dus niet worden toegevoegd in het toekomstige Stationsdistrict.
Gebiedsvisie
foto: Nanda Sluijsmans
Referentiebeelden beoogde stedelijkheid met een veelzijdige mix aan programma in hoge dichtheid, maar met een aantrekkelijke, groene openbare ruimte en actieve plinten en daken
27
Hoogbouwkaart
Hoogbouw
Al deze ambities vragen ruimte. Daarom gaan we op sommige plekken in het Stationsdistrict de hoogte in. De hoogbouwkaart laat zien dat door slimme toevoeging van hoogbouw een compositie van hoge gebouwen ontstaat in de directe omgeving van het station. De Nimbustoren en de geplande hoogbouw van Metterswane en UWV zijn daardoor niet meer opzichzelfstaand maar vormen een samenhangend geheel. Het is daarbij belangrijk dat de hoogbouw een uitstekende kwaliteit heeft en iets toevoegt aan de stad. Dit gaat niet alleen over de gewenste slankheid en de mooie beëindiging van de hoogbouw maar ook over een goede uitwerking van de begane grondverdiepingen (de
28
Inspiratie voor (middel-)hoogbouw uit eigen stad
plint). De plint is immers voor voetgangers het meest in het zicht. Aantrekkelijke functies (ook s’avonds) in de plint, en een rijke materialisatie, zijn belangrijke voorwaarden voor een aangenaam en levendig straatbeeld. In het Stationsdistrict zijn er ook plekken, buiten de hoogbouwzone, waar we nadrukkelijk niet kiezen voor hoogbouw. Op deze plekken is verdichting wel mogelijk en wenselijk. Dit doen we niet direct aan de straat, maar altijd verder naar achter, in de tweede lijn. Bovendien met een maximale hoogte van 25-30 meter. Daardoor is het effect op de straat, en daarmee op de voetganger, relatief bescheiden.
Gebiedsvisie
foto: Nanda Sluijsmans Materialen die uitnodigen tot aanraken, ook hout is mogelijk
Hoogbouw met stedelijke voorgrond en groene verblijfsruimte op wandelafstand
foto: Nanda Sluijsmans Hoge kwaliteit in de plinten
Geleding in de massa en hechting aan de openbare ruimte
Spelregels
1. Substantiële toevoeging van programma dat bijdraagt aan centrumkarakter. 2. Stationsdistrict krijgt hoogbouwcluster: compositie van hoogbouw. 3. Centrumkarakter versterken door zo veel mogelijk mix van functies. Ook aandacht voor avond- en nachtfuncties. 4. Geen abstracte blokken, maar herkenbare gebouwen. 5. Zorg voor vergroten betrokkenheid buurt door divers woningaanbod. 6. De plint (begane grond) van gebouwen heeft een hoge kwaliteit. Zowel in materiaalgebruik als invulling.
29
2. Hoogwaardige OVknoop ‘reizen en verblijven’
30
Gebiedsvisie
Het station en omgeving blijven op de eerste plaats een belangrijk ov-knooppunt van regionale betekenis. Het goed functioneren hiervan is van vitaal belang voor de stad en randvoorwaarde om een gezonde groei van de stad mogelijk te maken en bij te dragen aan de mobiliteitstransitie.
Nieuwe entree westzijde
Het verbeteren van de kwaliteit van het Stationsdistrict als ov-hub voor zowel de centrumzijde als voor het Westerkwartier is al in gang gezet. De meest ingrijpende ontwikkeling is de nieuwe entree met een grote gebouwde fietsenstalling en voorzieningen aan de Westzijde. Deze Westentree zal het Stationsdistrict ingrijpend veranderen. Een achterkant wordt een voorkant met nieuwe routes van en naar het station voor voetgangers, fietsers en ov. Dit zorgt voor nieuwe dynamiek en nieuwe kansen voor een groot gebied. De barrière van het spoor wordt gevoelsmatig kleiner.
Fijn overstappen aan de centrumzijde
De afgelopen jaren heeft de gemeente samen met de Provincie, het ministerie van I&W, ProRail en NS een plan gemaakt voor het verbeteren van de centrumzijde, met een nieuw stationsgebouw, een nieuwe fietsenkelder en een vernieuwd busstation. Ook het Stationsplein zelf ondergaat een
Impressie Westentree station Nijmegen (Office Winhov)
metamorfose. We verbeteren de routes voor voetgangers en fietsers. Op het Stationsplein en de busperrons komen zoveel mogelijk bomen en een groene inrichting voor een aangename aankomst en overstap. De beleving van de reiziger komt op de eerste plaats. Met de vernieuwing van het busstation, de busbuffer, het netwerk en de routes door het gebied is het bussysteem voorbereid op de toekomst. In en rondom het Stationsdistrict willen we inzetten op betrouwbaarheid van het netwerk. Daarbij hoort ook het bestuursakkoord dat de Provincie Gelderland in 2016 heeft getekend, waarin staat dat het regionaal busvervoer in 2030 volledig emissievrij moet zijn.
Balans tussen voetganger, fiets en bus
Door in te zetten op logische, veilige en aangename loop- en fietsroutes ontstaat meer balans tussen de verschillende soorten reizigers in het gebied. Er komen duidelijke oversteekplaatsen voor voetgangers. Hierdoor, en door aanpassingen aan de busroutes, zijn er straks minder conflicten tussen bus, fiets en voetganger en ontstaan logische wandelroutes. Zo vinden voetgangers beter hun weg in het Stationsdistrict. We zorgen voor perfecte fietsenstallingen waar ook ruimte is voor bakfietsen en fietsen van afwijkend formaat.
31
In de verder weggelegen toekomst zetten we in op het nog verkeersluwer maken van het Stationsplein door veel minder en liefst helemaal geen bussen meer voorlangs te laten rijden. Door het vele groen ontstaat een betere verblijfsfunctie in het gebied. Kleine groene parken markeren duidelijke entrees van het verblijfsgebied. Door het ontwerp en materiaalgebruik transformeert de fietssnelweg voor het station tot een aangename route voor fietsers met aandacht voor andere weggebruikers.
Het Stationsdistrict als aanjager van de Nijmeegse mobiliteitstransitie
Om de verdichting van het Stationsdistrict gelijk op te laten gaan met vergroening en verduurzaming richten we dit gebied veel minder in op automobiliteit. Daarmee zetten we in op een autoluw gebied. Dit sluit aan op de mobiliteitstransitie en de Koers voor de Binnenstad. Een restrictief parkeerbeleid
Spelregels
hoort daarbij. Dit betekent dat we geen nieuwe parkeervergunningen uitgeven in de directe omgeving van het station. Deelmobiliteit wordt een belangrijke schakel in de bereikbaarheid van het Stationsdistrict. Dit gaat om de beschikbaarheid, vindbaarheid en betaalbaarheid van deelauto’s maar ook om deelfietsen en deelbakfietsen. Als we minder ruimte bieden aan de privéauto moeten we meer aandacht hebben voor logistiek. Pakketbezorgers, verhuis- of klusbedrijven moeten een plek hebben waar zij kunnen laden en lossen. Hierover maken we duidelijke afspraken bij (vastgoed)ontwikkelingen. Er komen in Nijmegen vanaf 2025 drie zero-emissiezones voor stadslogistiek. Het Stationsdistrict valt nog niet binnen de zeroemissiezone van de binnenstad, maar ook hier willen we de logistiek zo duurzaam mogelijk regelen. Daarom zetten we in op afspraken met partijen in het gebied.
1. Looproutes zijn duidelijk en toegankelijk; wachtvoorzieningen zijn van hoge kwaliteit. 2. Heldere busrouting, de busbuffer wordt verplaatst en beter ingepast. 3. De fietsroute voor het station wordt ingericht met oog voor veiligheid voor voetgangers, in plaats van snelheid voor fietsers. 4. Goed inpandig fietsparkeren met aandacht voor bijzondere fietsen (afwijkende maten). 5. Minder ruimte voor de auto en meer ruimte voor voetgangers, fietsers. 6. Aandacht voor laden, lossen en bezorgen.
32
Gebiedsvisie
Referentie bushalte met comfort voor de reiziger, station Tilburg. Foto: Cepezed, Lucas van der Wee
Referentie groen Stationsplein, Amsterdam-Zuid. Foto: Nanda Sluijsmans
Referentie balans tussen voetganger, fietser en auto, station Rotterdam Centraal. Foto: Nanda Sluijsmans
Referentie hoogwaardige fietsenstalling, station Zwolle. Foto: Aiste Rakauskaite
Referentie groen en beschaduwd busstation, Franklin Rooseveltplaats Antwerpen
33
3. Openbare ruimte als basis voor verbinding en verblijven
34
Gebiedsvisie
Conceptschets Stationsdistrict: contrast tussen twee zijdes van het spoor
In het Stationsdistrict komt veel bij elkaar. Het landschap, verschillende tijdslagen in de bebouwing en infrastructuur. De openbare ruimte is de plek waar alles samen komt en verbonden wordt. Daarom krijgt de openbare ruimte de aandacht die nodig is om historische structuren en routes te herstellen en nieuwe aantrekkelijke routes en verblijfplaatsen aan te leggen. Het Stationsdistrict vormt straks een aangename verbindende schakel tussen binnenstad, woonbuurten, parken en de Waal. De inrichting is klimaatadaptief, natuurinclusief en circulair. Daarmee maken we het Stationsdistrict duurzaam, gezond en sociaal. Het landschap en de 19e-eeuwse stadsstructuur bieden hiervoor alle kansen. Op het Stationsplein en langs de Tunnelweg hebben we werk te doen. Hier willen we de hoeveelheid verharding beperken en bomen planten waar dat mogelijk is.
Groenconcept: sterk contrast tussen centrum en west
Het Stationsdistrict heeft twee kanten die sterk van elkaar verschillen: de centrumzijde op de spoelzandwaaier, de uitloper van de stuwwal, en de westzijde aan de voet daarvan, twaalf meter lager. Aan de centrumzijde is het groen vooral klassiek en formeel, geïnspireerd op de 19e-eeuwse singels. We werken aan een hoogwaardig netwerk van schaduwrijke en groene routes en verblijfplekken van allure. Aan de westzijde zet de Groene Corridor, de doorgaande groene route tussen Waal en de bossen bij Heumensoord, de toon. Dit natuurlijke en ecologisch ingerichte spoorpark, vormt de ruggengraat in het gebied van waaruit groene vingers zich uitstrekken tot in de omliggende straatjes. Een aangenaam buurtpark voor het Westerkwartier, dat de bestaande groenstructuren en de Waal met de nieuwe Westentree van het station verbindt.
35
Inspiratie uit eigen stad: (gelaagd) groene openbare ruimte met verblijfskwaliteit
Natuurinclusief Stationsdistrict
De biodiversiteit in ons land verschraalt. De gevolgen van klimaatverandering en toename van stikstof hebben hun negatieve weerslag op biodiversiteit. Om die reden ontstaat er een steeds grotere urgentie om natuurinclusief te ontwikkelen en bouwen, om bij te dragen aan een robuuster ecosysteem voor flora en fauna. In stedelijk gebied is de ontwikkeling van groen-blauwe netwerken daarbij een belangrijk middel waarin ook aandacht is voor diversiteit aan plantensoorten met voldoende nestgelegenheid en voedsel voor dieren. Ook gebouwen spelen een rol in die netwerken. Het aanbrengen van verbonden en hoogwaardig groen op daken en collectieve tuinen en privé-groen versterkt de mogelijkheden voor vogels, egels en andere diersoorten.
36
Gezonde leefomgeving
Een groene leefomgeving draagt bij aan de gezondheid van bewoners en gebruikers. In het Stationsdistrict is dit punt van aandacht, net als het creëren van condities voor een gezonde en actieve levensstijl. Naast ‘levendigheid’ is ‘rust’ een belangrijke randvoorwaarde. Steeds meer is sprake van eenpersoonshuishoudens. Om vereenzaming tegen te gaan is het wenselijk om ontmoeting tussen mensen te stimuleren door het gedetailleerd vormgeven van de voorruimten van woningen, zodat er bijvoorbeeld plek is voor een bankje waar je de buurman ontmoet. Ook gemeenschappelijke ruimten in gebouwen en collectieve binnentuinen versterken het gemeenschapsgevoel.
Gebiedsvisie
foto: Nanda Sluijsmans
Referentiebeelden groene openbare ruimte voor verbinding en ontmoeten
Spelregels
1. Inzet op verbonden groen: ecologie, klimaat en recreatief gebruik. 2. Inrichtingsprincipe: groen tenzij… 3. Zorgdragen voor gelaagdheid in groen: boomlaag, struiklaag en plantlaag. 4. Groen betekent volle grond. 5. Inzet op gezonde leefomgeving die uitnodigt tot ontmoeting, bewegen en rondjes-om.
37
4. Erfgoed en landschap als identiteitsdragers
38
Gebiedsvisie
We bouwen voort op de unieke bestaande kwaliteiten in het gebied. De ligging op de rand van de spoelzandwaaier, wat de officiële benaming van de uitloper van de stuwwal is, maakt dat het gebied zowel ‘boven’ als ‘beneden’ ligt. Het reliëf van de spoelzandwaaier in combinatie met het grootse spoortalud dat naar de Waalbrug voert is een scheidslijn tussen gebieden met verschillende karakteristieken. Deze verschillen koesteren we door het hoogteverschil zichtbaar te maken in de uitwerking van de Groene Corridor.
Cultuurhistorie
Aan de centrumzijde vormt het beschermd stadsgezicht van de 19e-eeuwse stadsuitleg een belangrijke inspiratie voor de ruimtelijke visie. De monumentale singels en het Keizer Karelplein bieden een unieke krachtige stadsstructuur die als basis dient voor de doorontwikkeling van het Stationsdistrict. De plekken waar die 19e-eeuwse structuur gehavend is worden met zorg aangepakt, om deze unieke Nijmeegse erfenis een nieuwe toekomst te geven.
Beschermd stadsgezicht Rijksmonument Gemeentelijk monument Beeldbepalend
Kaart met beschermde objecten en stadsgezichten
Het Stationsdistrict ligt voor een deel in het Beschermd Stadsgezicht van de 19e-eeuwse stadsuitleg. Ook zijn er een aantal gemeentelijke monumenten aanwezig zoals het station, het kantoor aan het Stationsplein 26 en het stedelijk gymnasium aan de Kronenburgersingel. De Stadsschouwburg heeft zelfs de status van rijksmonument. Daarbij wordt ook het voormalige ABN-Amrokantoor aan het Keizer Karelplein beschouwd als waardevol Post 65 gebouw. Dit vormt bij elkaar een bijzonder combinatie van een beschermde vooroorlogse stadsstructuur met beeldbepalende panden en enkele naoorlogse monumenten. Tegelijkertijd hebben naoorlogse stedenbouwkundige ingrepen zich vooral gericht op de moderne autogerichte stad, waardoor de breuklijnen en contrasten heel zichtbaar zijn.
Rijkheid aan karakteristieke gebouwen uit verschillende tijdslagen, foto: SteenhuisMeurs
39
Kronenburgersingel als prachtig voorbeeld
Te vergroenen voortuinen
Herstellen stadsstructuur
In deze gebiedsvisie zetten we in op het herwaarderen en herstellen van de 19e-eeuwse structuur, zoals bedoeld in het cultuurhistorisch onderzoek van Steenhuis-Meurs (oktober 2022). Het herstellen van de groene omarming van straten, pleinen en gebouwen. Het royale groene karakter ervan biedt namelijk een perfect passend antwoord op de actuele vraag naar verblijfsklimaat met een gezonde en klimaat adaptieve inrichting. De ruimte die de auto en later ook de fiets hebben ingenomen op de singels binnen het Stationsdistrict en het Keizer Karelplein, heeft op diverse plekken geleid tot een verschraling van het oorspronkelijke groene beeld of is ten koste gegaan van de ruimte voor voetgangers. Met de inzet op royaal groen en herstellen van historische routes wordt een deel van deze ruimte teruggegeven. Dit hangt sterk samen met de mobiliteitstransitie waarin we vervoer anders organiseren.
Stadsbeeld
40
Het stadsbeeld langs de singels in het Stationsdistrict en het Keizer Karelplein is zeer divers, net als de kwaliteit van de architectuur. Het is belangrijk om samenhang te bereiken in de uitstraling van het gebied, zonder een bepaalde
Te behouden architectuur
architectuur voor te schrijven. Dat doen we door regie te houden op de grootte en vorm van nieuwe gebouwen. Zo krijgen diverse generaties van gebouwen een gelijkwaardige positie. Een tweede manier om samenhang te bereiken is door consequent te werken aan groene voortuinen langs het Keizer Karelplein en de singels in het Stationsdistrict. Dit is een wezenlijk kenmerk van dit stadsdeel dat sterk bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit en het karakter van het gebied. Bij nieuwbouw sturen we hier actief op. Bij de bestaande bouw is het van belang de voortuinen te vergroenen en te ontdoen van parkeerplaatsen.
Rijke architectuur
Bij nieuwe ontwikkelingen besteden we veel aandacht aan de architectonische uitwerking, zeker van de onderste vijf verdiepingen. Het gebruik van kwalitatief goede materialen en detaillering van de onderste gebouwlagen sluiten aan bij de 19e-eeuwse traditie (het zogenoemde ‘uitbundige repertoire’), maar ook bij de wens om in het hele Stationsdistrict gebouwen toe te voegen die aantrekkelijk zijn vanaf de straat. Gevels met diepte en bijzondere details, zo mooi, dat ze ons verleiden om aan te raken.
Gebiedsvisie
Landschap
Het fenomenale hoogteverschil tussen de westzijde en centrumzijde zal de basis vormen voor een grootse groenstructuur die parallel aan het spoor vorm moet krijgen. Deze groene ruimte biedt in de te verdichten omgeving een belangrijke plek voor koelte, bewegen en ontmoeten. Deze ‘Groene Corridor’ vormt ook de overgang tussen de bijna binnenstedelijke centrumzijde en de woonwijken in Nijmegen West. Door weerszijden van het spoortalud te vergroenen ontstaat een waardevolle landschappelijke koppeling met de Waalhaven en de Waal.
Spectaculair hoogteverschil tussen spoor en westzijde
Voor deze gehele zone willen we de hekken langs het spoor en de dienstweg verplaatsen en op zorgvuldige en op compacte wijze integreren in het landschapsontwerp. Daarmee kunnen we ook de ecologische kansen langs het spoor maximaal benutten.
Spelregels
1. Hoogteverschillen stuwwal worden beleefbaar. 2. Aan de centrumzijde vormt de 19e-eeuwse stadsuitleg de inspiratiebron bij ontwikkeling en verdichting. 3. Rijke materialisatie en detaillering van de onderste vijf gebouwlagen. 4. We herstellen de gehavende delen van de singelstructuur en het Keizer Karelplein. 5. We verkleinen de negatieve impact van de Tunnelweg. 6. Transformatie van bestaande gebouwen is eerste keuze.
41
5. Toekomst bestendig gebied
42
Gebiedsvisie
Nijmegen is uiterlijk in 2050 een klimaatadaptieve stad (hittebestendig, droogtebestendig en waterrobuust). Daarvoor vergroenen we het Stationsdistrict rigoureus. Dat draagt bij aan biodiversiteit en zorgt voor een aangename plek om aan te komen, te passeren en te verblijven.
Referentie Groene Corridor als ontmoetingsplaats
Goed woon- en leefklimaat
We willen een gezond Stationsdistrict met beleefbaar groen dat bijdraagt aan welzijn. Een omgeving die uitnodigt om actief te bewegen (wandelen, fietsen, spelen en sporten) en bewust te leven. De Groene Corridor versterkt niet alleen de ecologie, maar is tevens een belangrijke sociale ontmoetingsplaats voor het Westerkwartier. Er is aandacht voor windoverlast. Bij bebouwing hoger dan 25 meter vragen we al in de schetsfase om een windhinderonderzoek. Bezonning van de gevels van woningen en van de openbare ruimte is een tweede belangrijk punt van onderzoek.
Referentie park langs het spoor met ruimte voor natuur en waterberging, Essenburgpark Rotterdam
Klimaatadaptief
Klimaatverandering is éen van de grootste en urgente opgaven van deze tijd. De toename van hevige buien, temperaturen en langere periodes van droogte hebben een grote impact op onze leefomgeving en welzijn. Vooral in de stad zijn deze effecten elk jaar beter merkbaar. Hevige buien kunnen wateroverlast en overstromingen veroorzaken, en langere perioden van hoge temperaturen zorgen voor hittestress. Dit heeft negatieve gevolgen voor de gezondheid en biodiversiteit. Ook de langere perioden van droogte hebben invloed op bijvoorbeeld de beschikbaarheid van drinkwater en verzakking van de bodem. De keuzes die we in de stad en in het Stationsdistrict maken, moeten ervoor zorgen dat het gebied weerbaar wordt voor de gevolgen van klimaatverandering. Gebouwen en openbare ruimten in het Stationsdistrict moeten bijdragen aan de waterhuishouding van het gebied en water zoveel mogelijk vasthouden en afvoeren via
Vergroening van de openbare ruimte draagt bij aan klimaatadaptiviteit
privaat terrein, door waterberging op daken of op binnenterreinen. Opwarming in gebouwen willen we zoveel mogelijk voorkomen. Dat kan door vormgeving en oriëntatie van het gebouw, door het aanbrengen van zonwering en door het gebruik van lichtgekleurde materialen in de gevel. Buitenruimtes zijn ook in warme periode aangenaam omdat ze zijn ontworpen met schaduwplekken en groen.
43
Minimale ecologische voetprint
In de regio is een programma Conceptueel Circulair Bouwen vastgesteld waarin richting wordt gegeven aan deze wijze van bouwen. De openbare ruimte en gebouwen in het Stationsdistrict worden zoveel mogelijk circulair ingericht en gebouwd. Slopen en nieuw bouwen is niet meer de vanzelfsprekende keuze. We willen zuinig omgaan met uitputbare bronnen en dat doen we door hergebruik van bestaande gebouwen of casco’s, en zó bouwen dat materialen een tweede leven kunnen krijgen. Om gebouwen lang mee te laten gaan wordt bij het ontwerp al gevraagd om na te denken over eventueel ander gebruik in de toekomst. Dit kan bijvoorbeeld een reden zijn om de begane grond extra hoog te maken. Ook is het belangrijk om na te denken over multifunctioneel ruimtegebruik. Dit kan bijvoorbeeld zijn het creëren van een collectief dakterras op een gebouw.
Spelregels
Toekomstbestendig energiesysteem
Het energiesysteem van het Stationsdistrict is toekomstbestendig en efficiënt ingepast in de openbare ruimte. Met dit systeem kunnen gebruikers hun gebouwen duurzaam verwarmen en duurzaam koelen. Daarbij maken we zoveel mogelijk gebruik van lokale bronnen. Het gebruik van elektriciteit voor de warmte- en koudevoorziening beperken we waar dat kan. Zeker op piekmomenten drukt de warmte- en koudevoorziening niet onnodig op het elektriciteitsnet, door gebruik te maken van buffering van energie in bijvoorbeeld bodemenergiesystemen. Het energiesysteem levert niet alleen warmte en koude aan de ontwikkelingen in Stationsdistrict, maar is verbonden met omliggende delen van de stad. De levering van duurzame energie aan de nieuwbouw vormt een vliegwiel voor de verduurzaming van bestaande bouw in en rondom het gebied.
1. Aandacht voor bezonning en windhinder. 2. Geen dak onbenut: energie en/of groen en ontmoeting. 3. Realiseren van 100 % regenwateropvang op locatie, uitgaande van 70mm bui. 4. Aantoonbaar duurzaam, circulair bouwen en transformatie waar mogelijk.
44
Gebiedsvisie
foto: Nanda Sluijsmans Duurzame architectuur, Hortus Ludi Nijmegen
Compact wonen rond gedeelde groene binnentuinen
Waterelementen bieden verkoeling
Daken inzetten voor groen en ontmoeting
Speelruimte die ook dient als waterberging
45
5. Cruciale ingrepen in de openbare ruimte
De openbare ruimte is de verbinder van verschillende tijdlagen en ontwikkelingen in het Stationsdistrict. Daarmee is de openbare ruimte een belangrijk sturingsinstrument om de ambities uit deze visie te realiseren. Een krachtig openbare ruimte-raamwerk zorgt voor een hechte samenhang in het plangebied met ruimte voor vergroening. Daarmee biedt de openbare ruimte een kwalitatieve basis voor bouwplannen. Aan de centrumzijde van het spoor zetten we vooral in op het verbeteren van de bestaande stadsstructuur als basis voor een stevige verdichting en programmatische verrijking. Aan de westzijde ligt de focus op het ontwikkelen van een aanvullende route- en groenstructuur. Een aantal ingrepen in de openbare ruimte zijn in het bijzonder van belang voor het in gang zetten van de gewenste ontwikkeling van het Stationsdistrict. In dit hoofdstuk beschrijven we die ingrepen.
Conceptschets Stationsdistrict: contrast tussen twee zijdes van het spoor
48
Schematische doorsnede van het Stationsdistrict; aan de zijde van de binnenstad bindt het monumentale stratenplan met karkateristieke groene inrichting het Stationsdistrict samen, aan de westzijde staat het beleefbaar maken van het landschap voorop.
Gebiedsvisie
Raamwerkkaart van openbare ruimte
49
Westentree station en vernieuwd Stationsplein De Westentree
Aan de westzijde van het spoor wordt al een groot aantal jaren gewerkt aan de Westentree. Hiermee krijgt de westzijde van de stad een eigen entree van het station, met een aantrekkelijk groen voorplein, met een gebouwde fietsenstalling van circa 3000 plekken, en met spoorse voorzieningen zoals een Kiss&Ride en taxi’s. Naast de Westentree komt een nieuw gebouw met op de begane grond diverse functies, waaronder horeca. De nieuwe entree zal een boost geven aan de westkant van de stad en zal de centrumkant en de westkant van de stad beter met elkaar verbinden.
Het Stationsplein
Het Stationsplein nu
Het bestaande Stationsplein aan de centrumzijde, is op dit moment geen visitekaartje voor de stad. Het is een chaotisch ingerichte ruimte die tegelijkertijd krap en wijdlopig aanvoelt. Krap omdat je als wandelaar steeds op je hoede moet zijn voor bussen en fietsers en het ontbreekt aan logische looproutes. Wijdlopig omdat het plein samen met de ruimte van de Tunnelweg zich als een grote vrijwel boomloze vlakte voor je uitstrekt. De aanstaande nieuwbouw van Metterswane zal dit deels verhelpen, maar het blijft een onaangenaam
Impressie Westentree station Nijmegen (Office Winhov)
50
langgerekt plein zonder duidelijke verbinding met de stad. Vanuit ruimtelijke kwaliteit beschouwen we het busstation, de busbuffer en de busbaan als grootste knelpunten. De busbaan en de snelfietsroute vormen barrières voor voetgangers om veilig en comfortabel over te steken. De fietsenstalling naast hotel Mercure blokkeert op haar beurt logische wandelroutes richting Van Diemerbroeckstraat en het ROC.
Het Stationsplein straks
Het Stationsplein aan de centrumzijde wordt -in samenwerking met ProRail, NS, Ministerie IenW, en Provincie Gelderland- vanaf 2027/2028 ingrijpend aangepakt. Er komt een ruime entreehal die het station op fraaie wijze markeert en die, anders dan nu, aansluit bij het cultuurhistorisch waardevolle stationsgebouw. De entreehal zal royaal ruimte bieden aan de reizigers. De verschillende tijdslagen in het station (van respectievelijk architect C.H. Peters (1894) en architect Sybold van Ravensteyn (1954)) worden beter zichtbaar; de bestaande stationshal en de perronkappen worden in oude luister teruggebracht. De huidige winkels krijgen een nieuwe plek.
Huidige situatie
Huidige situatie Gebiedsvisie
Situatie in het Basisalternatief, maar vergelijkbaar in het Plusalternatief
Situatie in het Basisalternatief, maar ve
26
e, e oed
en e
Verbeelding mogelijke inrichting nieuwe Stationsplein, beelden door Ziegler | Branderhorst
Stationsplein Basisalternatief: door de ondiepere hal onstaat er een ruim voorplein, waarvandaan er een goede orientatie mogelijk is tussen het zuidelijk en noordelijk plein.
Het bestaande busstation naast Doornroosje zal geheel worden vernieuwd. En aan de andere kant van het Stationsplein komen twee volwaardige nieuwe bushaltes èn een keerlus voor onder andere de belangrijke lijn 10 naar de campus. Hierdoor hoeven, in de toekomst, niet meer alle bussen vóór het station langs te rijden. Vóór het station komt een gebruiksvriendelijke, grote ondergrondse fietsenstalling van circa 7000 plekken. Voldoende plekken om het gehele Stationsplein fietsvrij te maken. Hiermee ontstaat ruimte om het plein aantrekkelijker en veel groener in te richten. Stationsplein stationshal dieper is onstaat er een statiosnplein die meer is Vanuit dePlusalternatief: stationshaldoordat wijzendestraks twee heldere opgedeeld in een zuiden noordzijde voetgangerroutes de weg naar de binnenstad: één
via de Burgemeester Hustinxstraat en één via de van Schaeck Mathonsingel.
51
Tunnelweg en omgeving
Tunnelweg
Tunnelweg nu
De Tunnelweg vormt een breuklijn in het Stationsdistrict. Zowel door de breedte als door de verdiepte ligging is het een grote barrière. Een dergelijk brede verkeersdoorbraak voor auto’s past niet meer in het toekomstbeeld van mobiliteit in de stad. De Tunnelweg ligt op de meest logische route voor wandelaars en fietsers tussen station en binnenstad, maar is door de grote breedte en het vele verkeer ook de minst aangename route. De Burgemeester Hustinxstraat en de Spoorstraat worden druk gebruikt als busroute en busbuffer. Dat maakt de Tunnelweg nog breder en ontoegankelijker.
Busrouting
Met de huidige busrouting rijden de meeste bussen vanaf de noordzijde vóór het station langs naar de Campusbaan aan de zuidzijde. Deze voorlangs-route zorgt voor een onveilige oversteeksituatie op het Stationsplein
Tunnelweg straks Busrouting
De route van de bussen tussen station en het Quackplein verandert op termijn. Bussen rijden dan in een zo compact mogelijke lus rond de locatie van het huidige belastingkantoor en niet meer over de Burgemeester Hustinxstraat en de Spoorstraat. Naast de Campusbaan aan de zuidzijde van het Stationsplein wordt zo ook aan de noordzijde van het Stationsplein een korte busbaan gemaakt. Met deze nieuwe routing gaan de bussen op termijn niet langer voor het station langs. Hiermee transfomeert het Stationsplein in een échte verblijfsruimte met veilige voetgangersroutes. De busbuffer komt dan op een andere locatie, bijvoorbeeld onder de nieuwbouw op de plek van het belastingkantoor. De Burgemeester Hustinxstraat wordt dan de meest logische fietsroute in twee richtingen tussen Stationsplein en Quackplein. Om busbewegingen over het Stationsplein zoveel mogelijk te beperken zullen we ook aan de kant van het ROC naar een busbuffer zoeken.
52
Gebiedsvisie
Overzicht van beoogde bus-, fiets- en wandelroutes in het Stationdistrict
Busroutes in de huidige situatie
Gewenste toekomstige situatie busroutes
53
Transformatie van de Tunnelweg in profiel: van vier naar drie tunnelbuizen, toevoegen van flankerende bebouwing en vergroening
Van vier naar drie tunnelbuizen
De Tunnelweg wordt op termijn omgevormd naar een normale stadsstraat met waar mogelijk aangrenzende bebouwing en ogen op straat. Dit is mogelijk als er één tunnelbuis wordt geschrapt voor auto's en bussen. Voor fietsers en voetgangers blijft er aan beide zijden een buis bestaan. Door die extra ruimte kunnen we de burgemeester Hustinxstraat vergroenen en de hinder van de Tunnelweg verder terugdringen. Als het Belastingkantoor wordt herontwikkeld, kunnen we de Spoorstraat verleggen en laten aansluiten op de Nieuwe Marktstraat.
54
Een stedelijker variant is om in de ruimte tussen Burgemeester Hustinxstraat en Tunnelweg te bebouwen. Daarmee krijgt de straat een compact binnenstadprofiel en wordt ze gescheiden van de Tunnelweg. Hiermee wordt het vooroorlogse stratenpatroon tot op zekere hoogte hersteld en het Stationsplein meer ingekaderd. Het Stationsplein wordt daarmee een duidelijker begrensde en daardoor prettigere ruimte.
Gebiedsvisie
Impressie van de transformatie van de omgeving Tunnelweg met aan de Hustinxstraat een bijzonder gebouw of, eventueel in tijdelijke situatie, groen.
55
Nieuwe Marktstraat - Stieltjesstraat Nieuwe Marktstraat-StieltjesstraatVredestraat nu
Deze straten liggen wat terzijde van het station en vormen ook een minder herkenbaar onderdeel van de 19e-eeuwse monumentale stadsuitleg. Toch zijn het in potentie waardevolle routes tussen binnenstad-Joris Ivensplein-Kronenburgerpark en het Stationsplein. Met een aantal aanpassingen in het gebied zijn deze straten te verbeteren waardoor ze onderdeel vormen van een netwerk van routes door het gebied.
Nieuwe Marktstraat-StieltjesstraatVredestraat straks
Als het belastingkantoor wordt gesloopt kan er bij nieuwbouw een betere verbinding komen tussen de Nieuwe Marktstraat, Stieltjesstraat en Vredestraat. Dit kan bijvoorbeeld een buurtplantsoen en koelteplek zijn, als onderdeel
56
Vogelvluchtschets huidige situatie Stieltjestraat
Vogelvluchtschets mogelijk toekomstige situatie Stieltjestraat
Gebiedsvisie
van de route tussen station en binnenstad. Daarmee ontstaat een extra groene stapsteen naar de binnenstad. De Snelbinder, die nu nog samenvalt met de Nieuwe Marktstraat, kan een nieuw beginpunt krijgen tussen Doornroosje en het te transformeren politiebureau. Dat levert een logischer verbinding met de stalling onder Doornroosje op; de niveauverschillen zijn beperkter en het politiebureau kan bij herontwikkeling aan de Nieuwe Marktstraat en aan het nieuwe parkje aan de Stieltjesstraat een volwaardige straatgevel krijgen. De Nieuwe Marktstraat kan een vitale route langs het spoortalud worden als deze een vriendelijkere inrichting krijgt. Dat kan door de parkeerplaatsen onderaan het spoortalud te schrappen en deze ruimte groen in te richten. Aanvullend moet het hek dwars op de straat verdwijnen.
Huidige situatie Nieuwe Marktstraat
Impressie Nieuwe Marktstraat met het verleggen van de landing van de snelbinder, transformatie van het politiebureau en vervanging van parkeerplaatsen voor groen
57
19e-Eeuwse singels
Nassausingel - Quackplein
Nassausingel-Quackplein nu
De verkeersstroom die door de Tunnelweg gaat, passeert ook de Nassausingel en het Quackplein. En ook hier is de ruimte die de auto inneemt ten koste gegaan van comfort voor voetgangers. Aan de zijde van de Stadsschouwburg ontbreekt een doorgaand voetpad en de voor wandelaars ingerichte middenberm is lastig bereikbaar. Helaas is de doorgaande Nassausingel als verbinding tussen Kronenburgerpark en Keizer Karelplein ter hoogte van het Quackplein verloren gegaan. De dominante verkeersstroom gaat hier haaks de hoek om. Het monument en het plein zijn daardoor geen bijzonder onderdeel meer van de Nassausingel, maar eerder een obstakel in de dominante verkeersstroom. Van de vroegere schoonheid is weinig meer over.
Plantsoen in het midden van de Nassausingel
58
Nassausingel-Quackplein straks
Het zou een verbetering zijn als we aan de kant van de Stadsschouwburg een rijbaan voor autoverkeer schrappen. Dat biedt ruimte om - met behoud van een eigen baan voor busverkeer- langs deze zijde een voetpad aan te leggen waardoor de Stadsschouwburg beter bereikbaar is. Verdere verbeteringen zijn mogelijk als we het doorgaande autoverkeer sterker terugdringen. We hebben de wens om de fraaie middenberm van de Nassausingel beter bereikbaar en bruikbaar te maken. Dan wordt ook het Quackmonument weer onderdeel van de singelstructuur.
Gebiedsvisie
Huidige situatie Nassausingel: nauwelijks ruimte voor fietsers en wandelaars voorlangs de Schouwburg
Impressie Nassausingel met het meer ruimte voor fietsers en voetgangers en het vergroenen van het terrein rond deSchouwburg
59
Van Schaeck Mathonsingel
Van Schaeck Mathonsingel nu
Deze singel is de meest monumentale route naar het station. In zijn huidige vorm ligt de singel er wat verloren bij. Dit komt deels door de braakliggende terreinen nabij het Stationsplein, maar ook de wél aanwezige bebouwing draagt niet bij aan de stedelijkheid die hier passend zou zijn. Daarbij komt dat de inrichting van de singel ook niet helpt om ‘de loop erin te krijgen’. De Ramblas-achtige opzet met ruimte voor voetgangers in het midden heeft als nadeel dat deze op de uiteinden niet goed aansluit op het Stationsplein en Keizer Karelplein.
Van Schaeck Mathonsingel straks
Het voorstel is om de voetgangersstromen naar de randen te verplaatsen door daar ruimere, schaduwrijke voetpaden aan te leggen.
60
De parkeerterreinen in de karakteristieke voortuinen van de historische villa’s verdwijnen en de tuinen worden groen. Waar mogelijk komen er op de begane grond functies zoals horeca of culturele voorzieningen. De middenruimte krijgt een beter programma: hier kunnen we ruimte maken voor bijvoorbeeld een speelplek voor jonge kinderen, voor skaters, voor een mobiele koffiewagen of ijscoman, en voor regelmatige kleine evenementen. Bij het ontwikkelen van nieuwe bebouwing zouden we ook de kans moeten benutten om de Vondelstraat te herstellen. Deze is in de naoorlogse periode geblokkeerd geraakt en loopt nu dood op de achterzijde van de bebouwing aan de Van Schaeck Mathonsingel.
Gebiedsvisie
Huidige profiel van de Van Schaeck Mathonsingel
Mogelijk toekomstig profiel van de Van Schaeck Mathonsingel: meer ruimte voor wandelaars aan de flanken; auto’s delen de rijbaan met fietsers, groene en actief gebruikte voortuinen
Voortuinen inzetten als terras
61
Keizer Karelplein
Keizer Karelplein nu
Het Keizer Karelplein ligt aan de rand van het gebied waarover deze gebiedsvisie uitspraken doet, maar het is nadrukkelijk één van de centrale ruimtes die een verbinding vormt tussen binnenstad en het Stationsdistrict. Oude foto’s laten goed de 19e-eeuwse grandeur zien. Van de oorspronkelijke aanleg is het midden nog het meest herkenbaar. De opzet van het parkje is nauwelijks veranderd en zelfs de waterpartij heeft dezelfde vorm als anderhalve eeuw geleden. Het grote verschil is dat dit parkje nauwelijks meer te bereiken is door de grote hoeveelheid auto’s die er tegenwoordig rondom rijden.
62
Keizer Karelplein straks
De grootste veranderingen in de inrichting vonden plaats in de buitenranden van het plein. Veel gebouwen zijn vervangen waarbij ook de karakteristieke groene voorruimtes vaak zijn veranderd in versteende vlaktes. Maar ook de komst van de fiets in combinatie met de sterke groei van het autoverkeer heeft geleid tot de aanleg van fietspaden en de plaatsing van verkeerslichten. Daardoor is de schoonheid van het plein minder zichtbaar en is het comfort voor wandelaars sterk teruggelopen. Ook ontbreekt het in de buitenrand aan een samenhangende groenstructuur.
We willen de inrichting van het plein aanpassen om de stad verder te vergroenen en voor wandelaars comfortabelere looproutes te bieden. Tegelijkertijd blijft het Keizer Karelplein een belangrijk knooppunt in het verkeersnetwerk van de stad. Aan de buitenkant van het Keizer Karelplein wordt de oorspronkelijke wandelroute teruggebracht, geflankeerd door een dubbele bomenrij. Dat betekent dat we een bomenrij toevoegen. De fietspaden worden verplaatst naar binnen om ruimte te maken aan de buitenrand. In een nadere uitwerking moeten we bekijken hoe we de fietsers van de auto’s moeten scheiden. Dit is mede afhankelijk van de toekomstige verkeersdrukte. De oorspronkelijke groene voorruimten voor de gebouwen aan het Keizer Karelplein komen er zoveel mogelijk terug.
Keizer Karelplein in de jaren ‘30, Regionaal Archief Nijmegen
Koesteren van het iconische beeld van het centrale plantsoen
Schouwburg
ch va
nS
eg
ae
ew
ck
af s
Ma
th
Gra
on
sin
ge
l
Gebiedsvisie
Na s s au
traat
ho
sin nje
sc pH am
Ora
Bis
ge
l
Sint Annas
singel
er st ra at Verbeelding van mogelijk nieuwe inrichting Keizer Karelplein: meer ruimte aan de buitenrand voor wandelaars en extra bomen
63
Campusbaan en omgeving
Van Diemerbroeckstraat en Arend Noorduijnstraat Situatie nu
Situatie straks
Voor het ROC liggen naast elkaar drie rijbanen, namelijk: de vrijliggende busbaan (de Campusbaan), de vrijliggende fietsroute, en de ventweg (de Van Diemerbroeckstraat). Een brede bundel infrastructuur die weinig tot geen ruimte meer biedt voor groen (in de vorm van laanbeplanting) en verblijfskwaliteit. Het groene parkje ligt er wat eenzaam bij want het is omgeven door verharding. Oversteken naar de parkeerkeerterreinen van het ROC en van het Mercurehotel is met name voor vrachtwagens en busjes problematisch.
We willen ruimte maken voor een aantrekkelijk en groen wegprofiel en om de veiligheidssituatie voor overstekend verkeer op dit deeltraject te verbeteren. Daarom maken we één fietsstraat van de huidige ventweg en het fietspad. Dit doen we naar voorbeeld van de Van Oldenbarneveltstraat.
De Arend Noorduijnstraat is voor het beperkte gebruik te zeer ingericht als een doorgaande route en te weinig als een straat met verblijfskwaliteit.
Het huidige parkje krijgt een groenere omgeving en komt door een betere verbinding met de omliggende bebouwing beter tot zijn recht.
De fietsroute richting de Campus blijft de doorgaande beweging, maar de Arend Noorduijnstraat richting de Graafseweg wordt tegelijkertijd ingericht als fietsstraat met meer verblijfskwaliteit.
We onderzoeken of aan de zuidzijde van het ROC voldoende ruimte is om nog een stevig gebouw te ontwikkelen. Dit is wenselijk om het gebied en het park op een prettige manier te begrenzen.
Huidige situatie Van Diemerbroeckstraat (links) en Arend Noorduijnstraat (rechts)
64
Gebiedsvisie
Van Oldenbarneveltstraat als voorbeeld voor leefstraten in het Stationsdistrict