Gebiedsuitwerking omgevingsvisie: opbrengst stap 3 actualisatie omgevingsvisie
Tekst van het document
Gebiedsuitwerking 29 oktober 2024
1
Een nieuwe stedelijke structuur
02
2
Stad verdeeld in 8 stadskarakters
07
3
Gebiedsgerichte uitwerking per stadsdeel 21 3.1
Nijmegen-Centrum
22
3.2
Nijmegen-Noord
30
3.3
Nijmegen-Nieuw-West
38
3.4
Nijmegen-Oud-West
46
3.5
Nijmegen-Midden
54
3.6
Dukenburg
62
3.7
Lindenholt
70
3.8
Nijmegen-Zuid
76
3.9
Nijmegen-Oost
84
In de gebiedsuitwerking beschrijft Nijmegen het plan voor de stad op stadsdeelniveau. Dit zijn grote gebieden die bestaan uit verschillende wijken. We hebben gekeken naar de eerder vastgestelde contourennotitie en hebben deze aangevuld met kennis uit de stad. Nijmegen heeft de stad naast de stadsdelen ook opgedeeld in verschillende soorten stadskarakters. Deze laten de stedenbouwkundige uitstraling zien. Voorbeeld hiervan zijn de gemengde gebieden en werklocaties. Verderop leggen we uit waarom we dit hebben gedaan. Kortom: •
Per stadskarakter laten we zien wat wij een goede ontwikkeling vinden. Bijvoorbeeld hoe stedelijk een gebied kan zijn en wat slimme oplossingen om te vergroenen kunnen zijn.
•
Voor elk stadsdeel hebben we opgeschreven wat we willen doen en welke keuzes er zijn. Deze laten we ook op kaart zien. Wat we doen in de stadsdelen baseren we op de brede welvaartsgedachte. Dit wordt duidelijk in de aandacht voor het welzijn van inwoners, gezondheid, wonen, werken, vrije tijd en het milieu.
Dit document wordt straks opgenomen in de geactualiseerde omgevingsvisie. Het kan nog aangepast worden. Waarom dit zo is, leggen we verderop in dit document uit. Voorafgaand aan dit hoofdstuk zijn er straks in de uiteindelijk omgevingsvisie hoofdstukken over de visie richting 2050 en beleidsthema’s. Na de gebiedsuitwerking volgt een hoofdstuk over hoe we de visie uitvoeren.
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
1
1. Een nieuwe stedelijke structuur Alle stadsdelen samen vormen een beeld van de toekomstige ruimtelijk structuur van Nijmegen. We leggen hieronder uit wat dat beeld is. Nabije stad Op stadsdeelniveau hebben we ervoor gekozen om meer ruimte te maken waar wonen, werken en ontspannen bij elkaar komen. Hiermee zorgen we ervoor dat inwoners dichtbij waar ze wonen, gebruik kunnen maken van voorzieningen. Een voorbeeld hiervan is het idee voor een ‘hart voor Lindenholt’ waar verschillende functies samenkomen. In Nijmegen-Noord onderzoeken we bijvoorbeeld of meer voorzieningen nodig zijn. In alle stadsdelen vinden we het belangrijk dat er plekken zijn waar mensen elkaar kunnen ontmoeten. We willen dat deze plekken groen en koel zijn. Zo wordt het prettiger voor mensen om samen te komen. Bij de Nabije Stad hoort ook elkaar de ruimte geven, eigen verantwoordelijkheid nemen en plek bieden aan mensen die ondersteuning nodig hebben. We willen hiermee uitstralen dat Nijmegen een nabije gemoedelijke stad is.
Rechtvaardige stad Bij bespreking van de contourennotitie door de gemeenteraad zijn stadsdelen genoemd die extra aandacht nodig hebben. Voor de stadsdelen Lindenholt, Dukenburg en Nijmegen-Zuid hebben we extra maatregelen opgenomen. Zo zetten we in op verbindingen met de rest van de stad en op plekken waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten. Ook zijn dit de stadsdelen waar we de komende jaren plannen maken voor nieuwe woningen
Brede welvaart Bij de gebiedsuitwerkingen is nagedacht hoe we het idee van de brede welvaart goed kunnen toepassen. Dit wordt duidelijk in de aandacht voor een goede balans tussen hier en nu en elders en later en:
2
•
• •
• • •
Welzijn: plekken om te ontmoeten te ontspannen en te bewegen, toevoegen van woningen en inzetten op werkgelegenheid. Gezondheid: groene gebieden, plekken om te bewegen en maken van groene buffers. Ruimtelijke samenhang en kwaliteit: veel aandacht voor cultuurhistorie, een toekomstbestendige en goede ruimtelijke kwaliteit met voldoende woningen. Economisch kapitaal: behouden van bedrijventerreinen en inzetten op een duurzame economische toekomst. Natuurlijk kapitaal: veel inzet op een duurzame toekomst, groen en klimaatadaptatie. Sociaal kapitaal: helderheid geven aan inwoners door in te zetten op een leesbare ‘navigeerbare’ toekomst door concreet te beschrijven welke visie Nijmegen heeft.
Gezonde stad en sociale stad We willen overal gezond gedrag makkelijk maken en aan het leefmilieu werken. In de stadsdelen hebben we enkele locatie specifieke gezondheidsthema’s opgenomen. Het gaat hierbij om de maatregelen voor een klimaatadaptieve stad en een groene buffer tussen TPN-West en de omliggende wijken. Omdat we een beweegvriendelijke stad belangrijk vinden, heeft de uitvoering van het kader Bewegen, Ontmoeten, Spelen en Sporten (BOSS) een belangrijke plek gekregen. In de gebiedsuitwerkingen zijn specifieke locaties genoemd voor bovenwijkse beweegnetwerken en groene sociale knooppunten.
Aantrekkelijke stad In de stadsdelen is gekeken op welke plekken woningbouw mogelijk is en hoe we omgaan met de mobiliteitstransitie. Ook hebben we veel aandacht voor de cultuurhistorische waarde van de verschillende stadsdelen. In de stadsdelen is gekeken op welke plekken, in aanvulling op de huidige plannen, woningbouw mogelijk is. Dit hebben
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
we gedaan omdat de stad, volgens de laatste voorspellingen zeker tot en met 2040 doorgroeit in aantal inwoners. Hoeveel woningen nodig zijn (de woonbehoefte), is steeds moeilijker voorspelbaar. Dat komt doordat het steeds meer wordt bepaald door migratie en minder door geboortes. Op basis van de laatste voorspelling groeit Nijmegen tot en met 2030 sterk (met circa 12.000 woningen), tot 2040 is er sprake van een gematigde groei (5.000 tot 10.000 woningen) en is de ontwikkeling na 2040 nog onzeker. De volgende beleidsmatige keuzes zijn toegepast: • We houden vast aan woningbouwgebieden uit de vorige omgevingsvisie en de aantallen woningen zoals opgenomen in de woonagenda. Dit betekent 10.000 tot 12.000 woningen van 2024 tot en met 2030. We ontwikkelen in lijn met de omgevingsvisie uit 2020 vooral op een aantal grote woningbouwlocaties: het Stationsgebied (inclusief Waalfront en de Binnenstad) en de Kanaalzone-Zuid (Winkelsteeg, Dukenburg, Lindenholt, Neerbosch-Oost en Hatert) behoren tot de landelijke grootschalige NOVEX-woningbouwlocaties. De komende jaren vindt ook nog veel woningbouwontwikkeling plaats in de Waalsprong. Op campus Heijendaal zetten we in op meer functiemenging en toevoeging van woonruimte. Daarnaast zijn er diverse ontwikkellocaties in de rest van de stad.
• Voor de periode 2031 – 2040 zoeken we voor de woonbehoefte van 5.000 tot 10.000 woningen, met name locaties in het gebied Kanaalzone Zuid. Het gaat dan om de doorontwikkeling van Winkelsteeg, de verdere transformatie van Dukenburg en de andere wijken rondom het Maas-Waalkanaal: Hatert, Neerbosch Oost en Lindenholt. Daarnaast kijken we voor deze periode ook naar het Stationsdistrict, campus Heijendaal en het beter benutten van de bestaande bouw. • Hoeveel woningen na 2040 nodig zijn, is nog onzeker. Daarom benoemen we geen nieuwe locaties, maar houden we vast aan de volgende uitgangspunten: Nijmegen blijft groeien binnen de grenzen van de stad, ruimte voor nieuwe woningen vinden we met slim ruimtegebruik en door transformatie van bestaande wijken. • We maken beter gebruik van de bestaande
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
•
woningvoorraad door inbreiding (door gebruik van open ruimte), of door intensivering (meer bewoners per woning/ gebouw). We maken wel verschil per wijk. Sommige wijken zijn al erg intensief bebouwd en daar zien we dan ook meer nut in het klimaatadaptief maken van deze wijken dan deze te verdichten. Dit zijn de wijken waar we de ambitie van 40% groen niet halen. In principe is extra inbreiding in deze wijken niet gewenst. In andere wijken kan onder voorwaarden verder verdicht en geïntensiveerd worden. Per stadsdeel beschrijven we deze. Het toevoegen van voldoende betaalbare woningen met kwaliteit is primair onderdeel van het woonbeleid. Onderdeel hiervan is het toevoegen van woningen die geschikt zijn voor inwoners die ondersteuning, begeleiding of zorg nodig hebben bij het zo gewoon mogelijk zelfstandig wonen als ze ouder worden. Uit de woonzorgvisie volgt dat een deel van de woningbouwopgave geschikt moet zijn voor deze doelgroep. Dit betekent ongeveer 3.000 levensloopgeschikte woningen, ongeveer 600 geclusterde woningen en ongeveer 350 zorggeschikte woningen.
Bij de bouw van nieuwe woningen houden we expliciet rekening met de mobiliteitstransitie. Dit beteken: lage parkeernormen, veel ruimte voor de fiets en voetgangers en deelmobiliteit voor bewoners die geen eigen auto hebben en/of geen beschikking over een parkeerplaats hebben. We willen de verschillen tussen bestaande wijken en nieuwe wijken niet te groot laten zijn. Iedereen draagt een steentje bij aan de mobiliteitstransitie. Daarom zetten we in de bestaande stad ook in op de mobiliteitstransitie. We willen een goede infrastructuur die Nijmegen aantrekkelijk houdt. Ook moet het de groei van de stad goed ondersteunen. Het is daarbij belangrijk dat mensen en bedrijven slim nadenken over hoe ze reizen. Het kunnen bereiken van werk, vrienden, sport en voorzieningen heeft invloed op de kansen die mensen krijgen in het leven. Voor verschillende mensen geldt dat ze zich niet kunnen verplaatsen zoals ze zelf zouden wensen, omdat ze dit bijvoorbeeld niet kunnen betalen, de systemen niet begrijpen of er geen vervoersopties zijn. Dit noemen we mobiliteitsongelijkheid. Het is onze ambitie om alle Nijmegenaren
3
voldoende mogelijkheden te bieden om zich te verplaatsen, zodat zij volwaardig mee kunnen doen aan de maatschappij. Het OV draagt in belangrijke mate bij aan het tegengaan van mobiliteitsongelijkheid. Op de stedelijk hoofdwegen wil Nijmegen, vanuit de ‘Agenda Versnelling Mobiliteitstransitie’ maatregelen nemen om de betrouwbaarheid van het OV te verbeteren. Denk aan het doseren van autoverkeer aan de rand van de stad en voorsorteerstroken voor de bus of meer vrij liggende businfrastructuur op plekken waar de bus de stad binnenkomt en op plekken waar het OV mogelijk vertraging oploopt vanwege wachtrijen.
Economisch veerkrachtige stad We hebben extra aandacht besteed aan de verschillende werklocaties van Nijmegen: Campus Heijendaal en Noviotech Campus en de bedrijventerreinen: TPN-West, De Winkelsteeg, Bijsterhuizen, De Grift/Rietgraaf en Brabantse Poort. Omdat deze belangrijk zijn voor de werkgelegenheid in onze stad, zetten we in op het behouden en versterken van onze werklocaties. TPN-West heeft de potentie om een nog grotere bijdrage te leveren aan de circulaire economie en de energietransitie. Daarom kiezen we voor het behoud van TPN-West als circulair industrieterrein.
Duurzame stad Per stadsdeel is het toekomstige energiesysteem beschreven. Daarnaast is veel aandacht besteed aan het klimaatadaptief maken van de verschillende stadsdelen. Tegelijkertijd zien we het klimaatadaptief maken van de stad, nog onzeker is en veel vraagt van de stadsdelen en invloed heeft op andere ambities. In de omgevingsvisie nemen we het water- en bodemsysteem als uitgangspunt voor de ontwikkeling van de stad.
Beleidsagenda
Kanttekeningen bij dit document
Sommige onderwerpen moeten nog verder uitgewerkt worden. Deze onderwerpen zullen in een toekomstige actualisatie van de omgevingsvisie worden opgenomen, of in een ander nog te ontwikkelen beleidsstuk. Hierbij gaat het om onderwerpen waar nog vragen over zijn, waarvan de toekomst onduidelijk is, algemeen en niet locatie gebonden zijn, en of nog niet ver genoeg ontwikkeld zijn. Voorbeeld zijn:
We hebben ons best gedaan om veel verschillende ambities, beleidsdocumenten en toekomstvisies te combineren in de gebiedsuitwerkingen. Met de uitwerkingen is een ruimtelijke puzzel op stadsdeelniveau gelegd. Deze nemen we op in de bijgewerkte omgevingsvisie als apart hoofdstuk. Hierbij kunnen de uitwerkingen nog worden aangepast. Misschien veranderen omstandigheden nog en als de komende maanden aanvullend sectoraal beleid wordt vastgesteld, verwerken we dat nog. De gemeenteraad neemt uiteindelijk een beslissing over de hele omgevingsvisie. De uitwerkingen zijn van kracht als de gemeenteraad de omgevingsvisie vaststelt.
•
• •
•
•
•
•
• •
We willen het verleden beter zichtbaar en beleefbaar maken. Hiervoor zal een visualisatievisie worden opgesteld. We doen onderzoek naar de cultuurhistorische waarde van de naoorlogse wijken. De circulaire economie op het industrieterrein TPNWest is duidelijk, maar andere plekken nog niet. Het bevorderen van gezondheid. Hierbij gaat het vaak om algemene maatregelen die overal in de stad plaatsvinden, zoals het stimuleren van gezonder aanbod van eten. Het beschermen van gezondheid via normen. Deze normen willen we overal toepassen. In toekomstige actualisaties onderzoeken we of het wenselijk is hier per stadsdeeluitwerking beleid over op te nemen. Op dit moment werken we met de WHO-advieswaarden (2005) voor luchtkwaliteit. Dit zijn de huidige doelen van het schone lucht akkoord. We moeten gaan voldoen aan de strengere wettelijke grenswaarden als deze geïmplementeerd zijn. Dit kan gevolgen hebben voor verschillende stadsdelen en ruimtelijke plannen. Regels voor het verdichten en intensiveren van de bestaande woningvoorraad en locaties voor de woonbehoefte na 2040. De opgave wonen en zorg is op stadsniveau uitgewerkt en bekend. Deze opgave moet op wijk/stadsdeelniveau nader worden uitgewerkt. We werken de mogelijkheden en voorwaarden nader uit waaronder (tijdelijk) mantelzorgwoningen gerealiseerd kunnen worden. Beleid over het gewenste voorzieningenniveau per stadsdeel.
In het Water en rioleringsprogramma en het onderliggende Meerjarenplanning worden vervangingen en
Niet elke gebiedsuitwerking is even ver uitgewerkt. Soms is meer onderzoek nodig, zoals het voorzieningenniveau en het beter benutten van de bestaande woningvoorraad. Dat is normaal voor een omgevingsvisie. We hebben plannen voor de toekomst en in de loop van de tijd zullen we deze verder uitwerken. In komende actualisaties wordt dit dan gedaan, of verdwijnen juist onderwerpen omdat ze bijvoorbeeld uitgevoerd zijn. Het kaartmateriaal is op hoofdlijnen en laat een visie zien. Dat betekent dat niet alles op detailniveau is ingetekend. Grenzen tussen gebieden zijn daarmee niet hard. Het zijn daarmee geen juridisch bindende kaarten. Het uiteindelijke juridisch bindende kaartmateriaal wordt opgenomen in het omgevingsplan. In de gebiedsuitwerking hebben we veel ambities opgenomen. Maar de gemeente kan deze niet in haar eentje waarmaken, is niet voor alles verantwoordelijk en het moet betaalbaar zijn. We moeten de ambities dus samen met inwoners, bedrijven en instellingen waarmaken.
aanpassingen van het stelsel verder uitgewerkt.
4
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
5
2. Stad verdeeld in 8 stadskarakters We hebben de stad opgedeeld in 8 gebieden: historisch centrum, hoogstedelijk, gemengde gebieden, woongebieden, campussen, werklocaties, industrie en buitengebied. We laten zien hoe deze gebieden zich kunnen ontwikkelen richting 2050. We leggen uit waarom we ze gemaakt hebben en wat we hopen te bereiken. Vervolgens geven we van elk type een uitleg. Op de kaart hiernaast laten we de gebieden zien.
Waarom hebben we de stadskarakters gemaakt? Nijmegen wil groeien, maar wel binnen de stadsgrenzen. Dit betekent dat we in een beperkte ruimte groene gebieden, nieuwe woningen, werkplekken en andere functies moeten maken. We moeten dit dus op een slimme manier doen. In elk deel van de stad doen we dit op een andere manier. Elk deel heeft namelijk een andere identiteit. De gebieden zijn een eenvoudige weergave van de verschillende soorten wijken en bedrijventerreinen in Nijmegen. Ze zijn verschillend in de hoeveelheid bebouwing en in hoeverre wonen, werken en andere functies zijn gemengd. Daarom hebben we tekeningen gemaakt om te laten zien hoe we dit doen. Het liefst laten we dit per stadsdeel als geheel zien, maar ook elk stadsdeel bestaat bijvoorbeeld uit verschillende type karakters.
Wat willen we bereiken met de stadskarakters? We streven per gebied een andere stedelijke ontwikkeling en ruimtelijke kwaliteit na. Met de tekeningen willen we voornamelijk laten zien wat mogelijk is. Ze geven een beeld van de identiteit en van de ruimtelijke kwaliteit die we nastreven. Ze geven niet letterlijk weer hoe een gebied moet ontwikkelen. De tekeningen zijn in de eerste plaats bedoeld om te inspireren. Daarnaast kunnen ze gebruikt worden als gespreksstof aan de omgevingstafel. Door bijvoorbeeld samen met een initiatiefnemer te kijken naar (on)mogelijkheden van een initiatief. Bij het gebruik van stadskarakters zijn ook kanttekeningen te maken. Hele specifieke nuances per gebied zijn niet te maken. Als voorbeeld: voor een plek als Winkelsteeg streven we een gemengd woon-werkgebied na. Met de stadskarakters kan het zijn dat dat minder goed ervaren wordt.
Legenda
6
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
Hoogbouw en ruimtelijke kwaliteit Bouwen in een beperkte ruimte vraagt ook om uitgangspunten voor hoogbouw. Hoe we de stad dichter bebouwen (intensiveren), is belangrijk voor een goed leef- en werkklimaat. Hoogbouw kan daarbij een rol spelen. Maar het is niet de enige manier om de stad compacter te maken. Dat kan ook door extra verdiepingen toe te voegen aan bestaande gebouwen, het beter benutten van bestaande gebieden, of door lagere gebouwen te vervangen door hogere, zorgt dat er ruimte op maaiveld overblijft voor bijvoorbeeld voldoende groen. Er zijn specifieke redenen om voor hoogbouw te kiezen: 1. Hogere Dichtheid: Hoogbouw maakt het mogelijk om meer mensen te huisvesten op een beperkte ruimte en het maaiveld zo min mogelijk te belasten. Dit kan bijdragen aan een levendige stedelijke omgeving. 2. Diversiteit in Woon- en Werkmilieus: Hoogbouw zorgt voor nieuwe leef- en werkplekken die aantrekkelijk zijn voor verschillende doelgroepen. Bijvoorbeeld: jonge professionals en studenten. Hierdoor wordt de stad aantrekkelijker voor een breder publiek. 3. Oriëntatie in de Stad: Hoogbouw kan de stad overzichtelijker maken door belangrijke plekken, zoals nieuwe centra of stations, te markeren.
Hoogbouw en de Menselijke Maat Hoogbouw roept soms zorgen op over het verlies van de menselijke maat in een compacte stad. Maar goed ingepaste hoogbouw kan juist zorgen voor levendige buurten met veel mogelijkheden voor ontmoeting. Belangrijk is dat het ontwerp van gebouwen en de omgeving gericht is op de gebruikers. Dit betekent aandacht voor veilige en toegankelijke openbare ruimtes, praktische voorzieningen zoals fietsenstallingen, en een architectuur die bijdraagt aan een overzichtelijke stad. Hoewel hoogbouw uitdagingen met zich meebrengt, zoals windhinder en verminderde sociale controle, kunnen deze worden aangepakt door hoge gebouwen goed te integreren met de omgeving. Als torens onderdeel zijn van een groter bouwblok en zijn voorzien van winkels en een overzichtelijke entree aan de straat, dragen ze bij aan een prettige, mensgerichte buurt. Ook dragen compacte, hoge, gebouwen bij aan efficiënter energie gebruik en blijft er meer openbare ruimte over voor bijvoorbeeld klimaatadaptatie.
7
Waar kan hoogbouw in Nijmegen? 1. Hoogbouw bij ov-knooppunten: De hoogste gebouwen willen we concentreren rond belangrijke openbaar vervoer-knooppunten. Hier kunnen we stedelijke wijken maken met bouwblokken van bijvoorbeeld zes verdiepingen, waarin torens subtiel geïntegreerd worden in een clustervorm en bouwblokkenstructuur. Dit zorgt voor levendige straten zonder dat hoogbouw te dominant wordt. Deze aanpak helpt ook om de stad overzichtelijk te houden. In gebieden zoals het Waalfront-Stationsgebied, Winkelsteeg-Kanaalzone en rond station Lent kunnen torens van 70 meter en hoger worden gebouwd. Rond station Heijendaal is een maximale hoogte van 55 meter toegestaan.
Voorwaarden voor hoogbouw 1.
2.
3.
2. Langs de kanaaloevers Aan de oevers van het Maas-Waalkanaal willen we losstaande elementen of hoogbouw als onderdeel van bouwblokken. Hier draait het niet om maximale dichtheid en hoogte, maar om het creëren van unieke woonomgevingen die bijdragen aan de zichtbaarheid van de wijken langs het kanaal. In Winkelsteeg zijn al hoogtes tussen de 55 en 110 meter toegestaan. Voor andere gebieden geldt dat er onderzoek gedaan moet worden naar de relatie tussen zichtbaarheid, ruimtelijke kwaliteit een aansluiting op bestaande wijken en structuren.
4.
Uitmuntend Ontwerp: Hoogbouw moet goed ontworpen zijn en iets toevoegen aan de stad. De gebouwen moeten duurzaam en mooi zijn. Levendige Begane Grond: De onderste verdieping moet levendig zijn, met winkels of andere functies die de interactie met de straat bevorderen. Leefbaarheid en Menselijke Maat: Hoogbouw moet prettig zijn om in te wonen en werken, met een menselijke schaal ondanks de hoogte. Gemeenschappelijke ruimtes zoals dakterrassen en ontmoetingsplekken zijn essentieel om anonimiteit en eenzaamheid te voorkomen. Geen Windhinder en Goede Zon: Bij het ontwerp moet rekening worden gehouden met wind en zonlicht om problemen later te voorkomen. Setbacks kunnen helpen om de menselijke maat te behouden en windhinder te verminderen.
3. Hoger bouwen in andere delen van de stad, <45m: In beschermde stadsgezichten is hoogbouw in principe niet gewenst, waarbij we ruimte bieden voor maatwerk. In de rest van de stad kan in uitzonderlijke gevallen met behoud van cultuurhistorische waarden hoger gebouwd worden, afhankelijk van de gemiddelde bouwhoogte in de wijk en wat de wijk nodig heeft. Belangrijk is dat hoogbouw hier altijd onderdeel is van een bouwblokkenstructuur. De maximale hoogte verschilt per wijk; in een wijk met voornamelijk lage huizen kan een gebouw van 15 meter al hoog zijn, terwijl in een andere wijk 30 meter goed denkbaar is.
Legenda
8
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
9
Inpassen van hoogbouw Cluster: Een cluster is een groep gebouwen die dicht bij elkaar staan. De gebouwen zijn hoog, maar verschillen in hoogte. Ze zijn onderdeel van een bouwblok waarvan een enkele vrijstaand kan zijn.
Blokkenstructuur: Als onderdeel van een bouwblokkenstructuur is hoogbouw een hoogteaccent passend bij het totale bouwvolume. Het geeft hiermee identiteit en herkenbaarheid aan de omgeving. Het kan gaan om een enkel bouwblok. Bij meer bouwblokken moet een combinatie gemaakt worden met blokken met een lager hoogteaccent.
Losstaand element: Een losstaand element is een landmark die in relatie tot andere gebouwen staat en samen een prettige openbare ruimte vormt. De plinten zijn transparant en vormen een leefklimaat. Hierdoor is geen ruimte voor autoparkeren.
Optoppen: Het optoppen van woningen is ook een vorm van inbreiding. Voor deze vorm van inbreiding geldt dat de optopping moet passen bij de uitstraling van het bouwwerk. De bouwhoogte moet passen bij de omgeving. Bij optoppen mag het bestaand aantal bouwlagen niet worden verdubbeld. Er mag geen schaduwhinder voor de buren ontstaan. De entrees op de begane grond moeten passend en duidelijk zijn. In alle gevallen moet er een aangename openbare ruimte ontstaan. De parkeerdruk mag niet toenemen en er moet voldoende ruimte zijn voor berging en het stallen van fietsen. Voor het Wederopbouwcentrum willen we de mogelijkheden voor optoppen nader onderzoeken, waarbij behoud van de stedenbouwkundige en architectonische waarden van het gebied uitgangspunt is.
10
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
11
Hoogbouw + optoppen + verdichten
Evenementen
Mobiliteitstrasitie aanjagen door gebruik OV (stations mobiliteitshubs) Behoud diversiteit voorzieningen + ontmoetingen faciliteren
Auto vrij
Verbeteren kwaliteit routes fietsers en wandelaars binnen groene corridors
Tegengaan hitte-stress door verminderen verharding en ontwerpen schaduwplekken
Goed vestigingsklimaat.
2.1 Historisch centrum
2.2 Hoogstedelijke gebieden Hoogstedelijke gebieden liggen rondom ov-knooppunten. De voetganger en de fietser staan in deze gebieden op de eerste plaats. In deze gebieden zijn wonen, werken en voorzieningen gemengd. De bebouwingsdichtheid is hoog. Er is ruimte voor inbreiding, hoogbouw en optoppen van gebouwen. Door menging van functies ontstaat kruisbestuiving met een goed vestigingsklimaat voor kantoren en andere kleinere economische functies. De gebouwen verschillen van elkaar en de openbare ruimte is hoogwaardig. Om deze openbare ruimte te versterken is vergroening belangrijk. Om het leefklimaat goed te houden zijn koelteplekken wenselijk.
Het historisch centrum is een belangrijk deel van Nijmegen, omdat er veel dingen samenkomen en gebeuren in een dynamisch vestigingsklimaat. Het karakter moet herkenbaar en behouden blijven door de historische gebouwen en plekken te versterken. Nergens anders is de lange geschiedenis van Nijmegen zo goed zichtbaar en voelbaar als in het historisch centrum. Hoogbouw mag maar in zeer beperkte mate, waarbij ruimte is voor maatwerk en rekening gehouden moet worden met de impact hiervan op straatniveau. Het historisch centrum wordt ingericht op voetgangers en het moet een fijne plek zijn om te ontspannen en te verblijven. Omdat het in de zomer warm wordt, is het belangrijk om meer schaduw en groen te maken. Een manier om meer te vergroenen is met kleine parkjes.
12
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
13
Behoud gevarieerd voorzieningenaanbod Energietransitie als onderdeel van de stad
Aanpak van hittestress gebieden
Ontwikkeling van horeca en cultuursector
Sociale cohesie i.r.t. verdichting
Verbeteren kwaliteit routes fietsers en wandelaars binnen groene corridors Minder parkeerplaatsen en versmallen van 50km/h wegen naar 30km/h wegen
Ruimte voor verdichting
14
2.3 Gemengde gebieden
2.4 Woongebieden
In gemengde gebieden streven we meer functiemenging en verschillende voorzieningen na. Het zijn gebieden waar wonen, werken en voorzieningen gemengd zijn. Dit zijn dynamische gebieden met meer reuring, waar ook ruimte is voor meer woningbouw. We vinden het belangrijk dat actieve mobiliteit (meer beweging en minder uitstoot) gestimuleerd wordt, doordat voorzieningen op loop- of fietsafstand in de wijk aanwezig zijn. Zo ontstaan ook inclusieve gebieden, waar bewoners elkaar ontmoeten. Bij ingrepen in de wijk proberen we zoveel mogelijk opgaven te combineren, zoals klimaatadaptatie en gezondheid. Cultuurhistorische waarden en identiteiten behouden we.
In de woongebieden streven we naar rustigere wijken waar voornamelijk gewoond wordt. Woongebieden bestaan voor het grootste deel uit laagbouwwoningen. Economische functies aan huis, of in woonstraten zijn mogelijk. Andere functies zien we liever bij centrale ontmoetingsplekken en voorzieningen op wijkniveau, waar ruimte is om elkaar te ontmoeten. In woongebieden is het onder voorwaarden mogelijk om woningen toe te voegen. Het streven is dat in woonbuurten maximaal 30km/u wordt gereden. We vinden het belangrijk de kwaliteit van de routes voor fietsers en wandelaars te verbeteren. Schaduwrijke fiets- en wandelpaden kunnen hierbij helpen. We behouden cultuurhistorische waarden en identiteiten en stemmen ontwikkelingen hierop af.
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
15
Betere match banen en beroepsbevolking regio voor praktisch opgeleiden
Kruisbestuiving stimuleren
Maken groene ontmoetingsplekken + sportparken integreren Ruimte voor kruisbestuiving tussen bedrijven
Bereikbaarheid OV
Kwalitatief een goede gezonde leefomgeving Onderdeel van de stad, menselijke maat en schaal
Klimaatadaptieve campus
16
2.5 Campus
2.6 Werklocaties
Op de campussen staat kennisontwikkeling en werken centraal. Hier is ruimte voor innovatieve bedrijvigheid. Hier vinden we het belangrijk dat de levendigheid en het verblijfsklimaat verbetert. Zodat mensen elkaar op de verschillende campussen kunnen ontmoeten. Aantrekkelijke loop en fietsroutes vinden we belangrijk. We willen dat de samenhang en de verbinding met de rest van de stad sterker wordt. Bij voorkeur wordt ingezet op duurzame mobiliteit.
Nijmegen heeft verschillende werklocaties met een eigen economisch profiel. Zo verschillen ze in de ruimte voor kantoren, of andere werkfuncties. Deze diversiteit is een belangrijke kracht van Nijmegen. De werklocaties zijn in eerste instantie bedoeld voor economische functies. Het zijn plekken waar gewerkt wordt. Omdat de vraag naar werklocaties groter is dan het aanbod, zet Nijmegen in op slim ruimtegebruik waarbij we de ruimte die er is optimaal willen benutten. Ook willen we strategische ruimte benutten voor de circulaire economie en energietransitie. We streven ook naar het toevoegen van meer groen. Nijmegen zet ook in op het versterken van de kwaliteit (boven)regionale logistieke knooppuntfunctie.
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
17
Voldoende beweegroutes die stedelijke groen verbinden met landschappelijk groen Grondstoffenhubs (grondstoffen, materialen, afvalstromen) Circulariteit bevorderen van materialen en reststromen Behouden en versterken aanbod evenementen
Bij ingrepen in de wijk de combinatie zoeken met klimaatadaptatie en energietransitie
Bereikbaarheid van grotere natuurgebieden en sportparken
Bevorderen van gezondheid door faciliteren fietser en wandelaar (routes)
18
2.7 Industrie
2.8 Buitengebied
Nijmegen heeft een industriegebied. Dit is TPN-West. De bedrijven op dit terrein hebben een grotere milieuruimte, omdat er bijvoorbeeld grondstoffen worden verwerkt. We werken we aan een zo slim mogelijke inrichting om zuinig om te gaan met de schaarse fysieke en milieuruimte. Daarbij streven we naar vermindering van de milieudruk op de leefomgeving en gaat TPN-West voor duurzaam transport en mobiliteit over weg en water. Vermindering van milieudruk betreft zowel het terugdringen van de uitstoot van schadelijke stoffen (zoals NOx en Zeer Zorgwekkende Stoffen) naar lucht, water en bodem als hinder van geur, geluid en trillingen. We vinden een prettig werk- en verblijfsklimaat belangrijk. Daarom zetten we in op groen om hittestress te verminderen. Ook vinden we het belangrijk dat de ruimte benut wordt voor de energietransitie. Bijvoorbeeld met smart energy hubs en zonnepanelen op de daken.
Nijmegen is vrijwel tot aan de stadsgrenzen bebouwd. Toch heeft Nijmegen gebieden die we zien als buitengebied. Deze gebieden zijn belangrijk voor de (nieuwe) natuur, klimaatadaptatie en worden gebruikt om te recreëren en voor evenementen. Deze gebieden bieden ook kansen voor lokale voedselproductie.
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
Regionale voedselproductie (low food miles)
19
3. Gebiedsgerichte uitwerking per stadsdeel Legenda
Nu volgt de beschrijving van het beleid per stadsdeel. Nijmegen heeft negen stadsdelen: Nijmegen-Centrum, Nijmegen-Noord, Nijmegen-Nieuw-West, Nijmegen-Oud-West, Nijmegen-Midden, Dukenburg, Lindenholt, Nijmegen-Zuid en Nijmegen-Oost. Bewust is gekozen om de beschrijvingen zo concreet mogelijk te maken. Het gevolg is wel dat ze meer over de nabije toekomst gaan, dan over de verre toekomst in 2050. Dat is geen probleem, want we blijven de omgevingsvisie actualiseren. Ook zal de omgevingsvisie straks meer algemene visie- en beleidshoofdstukken hebben. De beschrijvingen worden met elke actualisatie concreter gemaakt, aangevuld, of aangepast. Ook kan het beleid veranderen. Dat kan doordat we bijvoorbeeld ervaringen opdoen aan de omgevingstafel, waar de beschrijvingen gebruikt worden. Ook wordt het beleid vertaald naar het omgevingsplan. Ervaringen die we daar opdoen gebruiken we ook om de beschrijvingen aan te passen. Op de kaart hiernaast zijn de negen stadsdelen ingetekend. De verschillende kleuren komen overeen met de verschillende stadskarakters. Zo is duidelijk te zien dat elk stadsdeel uit verschillende stadskarakters bestaat. De legenda beschrijft verder wat op de kaart is te zien. De beschrijvingen per stadsdeel hebben ongeveer dezelfde opbouw.
Eerst wordt het stadsdeel in algemene zin beschreven, daarna volgt een beschrijving van het beleid, de prioriteiten komen daarna en we sluiten af met een kaart waarop concrete acties staan.
20
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
21
3.1 Nijmegen-Centrum Vergezicht 2050 Voor het vergezicht van het stadsdeel Nijmegen-Centrum is gebruik gemaakt van de gebiedsvisies Koers voor de Binnenstad en het Stationsdistrict. Deze gebiedsvisies hebben beide een ander eindjaar. Voor het stadscentrum is dat 2035 en voor het Stationsdistrict is dat 2050. In 2035 is het stadscentrum als wijk van het centrum een plek waar iedereen zich thuis voelt. Waar ruimte nog meer dan elders samen gedeeld wordt; voor ontmoeten, werken, wonen, winkelen, eten, drinken en cultuur. De auto maakt ruimte voor een groene, bruisende binnenstad waar je nú en in de toekomst prettig kunt verblijven. In 2050 is het Stationsdistrict zowel volwaardig onderdeel van het centrum als een bestemming op zich. Het is dé toegangspoort tot de stad waarin de kwaliteiten en de identiteit van de stad zichtbaar zijn. Een veelzijdig programma van wonen, werken, horeca en cultuur, levendigheid op de begane grond, aantrekkelijke verblijfsplekken in de openbare ruimte en ruimte voor evenementen.
Kwaliteiten en kenmerken Centrum Nijmegen-Centrum bestaat uit de wijken stadscentrum en benedenstad. Onderdeel hiervan zijn de binnenstad en het Stationsdistrict. De binnenstad valt in het geheel en het Stationsdistrict valt voor een groot deel in het stadscentrum.
Typering stadscentrum en benedenstad In het stadscentrum en de benedenstad wonen in 2024 12.732 inwoners. Het stadscentrum heeft een uniek karakter waar gewinkeld, gewerkt en gewoond wordt. We beschouwen de benedenstad als een gebied met een nadrukkelijke woonfunctie.
Leefbaarheid binnenstad en benedenstad De waardering voor het woon- en leefklimaat (gemiddeld rapportcijfer voor de buurt als plek om te wonen en te leven) is hier ruim voldoende tot goed. Eventuele negatieve impact van de uitgaans- en centrumfuncties van het stadscentrum blijkt voor veel studenten en jongvolwassenen acceptabel.
22
Leefbaarometer.nl toont geen risicogebieden en beoordeelt de leefbaarheid als ruim voldoende. Aandachtspunt is wel het sociaal klimaat in de wijk stadscentrum, waar inwoners de saamhorigheid naar verhouding laag waarderen.
Erfgoed In Nijmegen-Centrum zijn twee Rijksbeschermde stadsgezichten: de benedenstad en een deel van de negentiende-eeuwse stadsuitleg. Het Wederopbouwcentrum is door de Rijksoverheid benoemd tot Nationaal Wederopbouwgebied. Verder heeft het stadscentrum veel monumenten, waaronder archeologische rijksmonumenten en Unesco werelderfgoed. De historische binnenstad en voorzieningen als Stevenskerk, Valkhofmuseum en de Bastei zijn belangrijke publiekstrekkers. Het Valkhofpark en het Kronenburgerpark zijn geliefde ontmoetings- en verblijfsplekken voor inwoners.
Water en bodem Het Centrum ligt op een spoelzandwaaier. De bodem bestaat uit een samenstelling van zand, grind, löss en leem en is goed doorlaatbaar. Kenmerkend zijn de zeer diepe grondwaterstanden, met uitzondering van de gebieden dicht bij de Waal waar het grondwater meer fluctueert. De Waalkade en omgeving ligt deels buitendijks. Het Centrum is grotendeels voorzien van een gemengd rioolstelsel met overstorten op de Waal en op enkele plaatsen zijn infiltratieriolen aangelegd. Er liggen ook transportriolen die het afvalwater van een groot deel van de stad en buurgemeente naar de zuivering transporteert. Het gemiddelde aanlegjaar voor het riool in de binnenstad is 1972. Het oudste riool stamt uit 1879.
Kwaliteiten die we willen behouden • • • •
Ons waardevolle erfgoed Waardevolle elementen van het wederopbouwcentrum Bruisende karakter van het stadscentrum Het Stationsdistrict als belangrijk ov-knooppunt.
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
23
Opgaves voor de binnenstad richting 2035 De opgaven voor het stadscentrum zijn overgenomen uit de Koers voor de Binnenstad. Dit document geeft de koers tot en met 2035 weer. In dit document wordt de term binnenstad gebruikt. Met de binnenstad bedoelen we het gebied binnen de singels.
Groene binnenstad We kiezen voor een toekomstbestendige binnenstad met een krachtige groenstructuur. Dat doen we op verschillende manieren. We planten extra bomen, bloemen en struiken voor het verhogen van de verblijfsvriendelijkheid. De beleving van groen wordt als zeer prettig ervaren en het brengt ons verkoeling in een stenige binnenstad. Vergroenen maakt ons beter bestand tegen klimaatverandering en het brengt ons noodzakelijke biodiversiteit.
Bruisende binnenstad De binnenstad is een van de hoogstedelijke gebieden in Nijmegen. In 2035 is dit de plek waar hét gebeurt en waar het verleden van Nijmegen zichtbaar is. Zo onderscheidt onze binnenstad zich van andere binnensteden. Het is een plek voor evenementen en andere vormen van recreatie, maar we beschermen het Hunnerpark en het Valkhofpark beter. In de binnenstad is ruimte voor sport en bewegen. De Waalkade en de parken zijn populaire plekken om te sporten in de openbare ruimte.
Ondernemende binnenstad Beleven en ontmoeten worden steeds belangrijker in de binnenstad; winkelmeters nemen af. In 2035 is de binnenstad daarom nog meer een place to meet. Het is een van de belangrijkste economische motoren van Nijmegen. Er is een gevarieerd aanbod, daar investeren we in. Het aantal mogelijkheden voor horeca is in verhouding met de leefbaarheid (onder meer overlast en veiligheid), dit is zowel voor bewoners als bezoekers prettig. Door extra kantoormeters is de werkfunctie van het stadscentrum versterkt. De warenmarkt heeft het stadscentrum als locatie.
24
Inclusieve binnenstad In 2035 is de binnenstad een inclusieve, schone en veilige plek waar iedereen zich thuis voelt. We tolereren in Nijmegen geen enkele vorm van discriminatie en uitsluiting, dus ook niet in de binnenstad. Er wonen en bezoeken meer mensen het stadscentrum, daarom investeren we in de leefbaarheid en maken we ruimte voor groene ontmoetingsplekken zodat de bewoners van het stadscentrum zich thuis voelen en bezoekers prettig kunnen verblijven.
Verbonden binnenstad We leggen nieuwe en verbeterde verbindingen met de directe omgeving van het centrum, zoals Veur-Lent en het stationsgebied, waardoor het centrumgebied groter wordt. De looproutes vanuit het station naar het stadscentrum zijn duidelijk en prettig. In het Stationsdistrict zijn functies toegevoegd: wonen, werken, horeca, cultuur, levendige plinten en aantrekkelijke openbare ruimte, ook voor evenementen. In plaats van een doorgangsgebied is het Stationsdistrict een volwaardig onderdeel van het centrum. De voetganger en de fietser hebben prioriteit in een autoluwe binnenstad. De verkeersstromen zijn goed ingericht zodat het verblijf aangenaam is.
We willen tussen 6.000m2 tot 10.000m2 aan nieuwe kantoorruimte realiseren in het Stationsdistrict om te voldoen aan de vraag en om te zorgen voor een goede mix van functies. Het Stationsdistrict krijgt een hoogbouwcluster met uitstekende kwaliteit.
Hoogwaardige ov-knoop ‘reizen en verblijven’ Het station en omgeving blijven op de eerste plaats een belangrijk ov-knooppunt van regionale betekenis. Het verbeteren van de kwaliteit van het Stationsdistrict als ovhub voor zowel de centrumzijde als voor het Westerkwartier is al in gang gezet. De meest ingrijpende ontwikkeling is de nieuwe entree met een grote gebouwde fietsenstalling en voorzieningen aan de Westzijde. Deze Westentree zal het Stationsdistrict ingrijpend veranderen. Een achterkant wordt een voorkant met nieuwe routes van en naar het station voor voetgangers, fietsers en ov. Dit zorgt voor nieuwe dynamiek en nieuwe kansen voor een groot gebied. De barrière van het spoor wordt gevoelsmatig kleiner.
Openbare ruimte als basis voor verbinding en verblijven
Voor het Stationsdistrict werken we aan verschillende speerpunten. Hiermee geven we richting aan de verdere ontwikkeling van het district. Dit geeft duidelijkheid aan bewoners, gebruikers, investeerders en ontwikkelaars.
Het Stationsdistrict vormt straks een aangename verbindende schakel tussen binnenstad, woonbuurten, parken en de Waal. De inrichting is klimaatadaptief, natuurinclusief en circulair.
Het Stationsdistrict als onderdeel van het verbrede centrum
Een groene leefomgeving draagt bij aan de gezondheid van bewoners en gebruikers. In het Stationsdistrict is dit punt van aandacht, net als het creëren van condities voor een gezonde en actieve levensstijl. Naast ‘levendigheid’ is ‘rust’ een belangrijke randvoorwaarde.
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
We bouwen voort op de unieke bestaande kwaliteiten in het gebied. Aan de centrumzijde vormt het beschermd stadsgezicht van de 19e-eeuwse stadsuitleg een belangrijke inspiratie voor de ruimtelijke visie. De monumentale singels en het Keizer Karelplein bieden een unieke krachtige stadsstructuur die als basis dient voor de doorontwikkeling van het Stationsdistrict. We zetten in op het herwaarderen en herstellen van de 19e-eeuwse structuur.
Toekomstbestendig gebied We vergroenen het Stationsdistrict rigoureus. Dat draagt bij aan biodiversiteit en zorgt voor een aangename plek om aan te komen, te passeren en te verblijven.
Door in te zetten op logische, veilige en aangename loop- en fietsroutes ontstaat meer balans tussen de verschillende soorten reizigers in het gebied.
Speerpunten voor het Stationsdistrict
Na de realisatie van het Waalfront wordt, met de ontwikkeling van het Stationsdistrict, het stadscentrum van Nijmegen verder verbreed. We voegen 2000 nieuwe woningen toe en zorgen dat de werkplekken en voorzieningen meegroeien. Binnen deze functies is zoveel mogelijk variatie. Dit betekent variatie in woningplattegronden en doelgroepen, in soorten bedrijven, in oude en nieuwe gebouwen, in hoge en lage huren, in kleine en grote gebouwen: alles zo veel mogelijk door en naast elkaar.
Erfgoed en landschap als identiteitsdragers
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
25
Duurzame stad Energie
Prioriteiten Centrum
In het stadscentrum is een publiek warmtenet kansrijk. We onderzoeken nog of dit echt zo is. We geven binnen vijf jaar meer duidelijkheid over de kansrijkheid van een warmtenet in het stadscentrum.
•
Creëren van een groter centrumgebied
•
Vergroenen binnenstad en Stationsdistrict
•
Transformatie Stationsdistrict
•
Toevoegen woningen in het kader van de Novex-locatie
Klimaatadaptatie
•
Ruimte voor voetgangers
Door de dichte bebouwing en het intensieve ruimtegebruik is de bodem behoorlijk verhard. Door het hoogteverschil ontstaat er een stroom water richting het centrum, waardoor er en in de binnenstad wateroverlast kan ontstaan. Om de wateroverlast en verdroging te beperken, moet bij nieuwbouw en reconstructie op eigen perceel voldoende regen opgevangen kunnen worden, in het plangebied of in het oppervlaktewater worden verwerkt, behalve als dit redelijkerwijs niet gevraagd kan worden. We willen regels maken om te voorkomen dat er schade optreedt bij zware regenval. Deze leggen we vast in het omgevingsplan. Het Centrum geldt als prioritair gebied om hittestress tegen te gaan. We maken nog een masterplan om hiervoor oplossingen te bedenken. Hieruit zal blijken welke ambities uit de klimaatadaptatiestrategie we als concrete doelstellingen kunnen formuleren en hoe we deze gaan realiseren. Te denken valt aan het verwijderen van overbodige verharding, het planten van groen en schaduwrijke bomen en eventueel een groennorm voor nieuwe ontwikkelingen. Indien nodig, stellen we hiervoor regels op in het omgevingsplan.
26
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
27
Nijmegen-Centrum 1
Ontwikkeling Molenpoortpassage.
2
We vergroenen het stadscentrum, om te zorgen voor een prettig verblijfsgebied.
3
4
12 3
13
3
12 2
9 8 6 4
5
5
1
3
10
6
11
7
7
8
9
Legenda 10
11
12 13
28
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
Entree binnenstad gericht op fietsenstallingen verblijfsklimaat (Bischop Hamerstraat, Smetiusstraat, Van Schevichavenstraat, Lange Hezelstraat en Kelfkensbos). Westentree Stationsdistrict. Aan de westzijde van het spoor wordt al een groot aantal jaren gewerkt aan de Westentree. Hiermee krijgt de westzijde van de stad een eigen entree van het station, met een aantrekkelijk groen voorplein, met een gebouwde fietsenstalling van ongeveer 3000 plekken, en met spoorse voorzieningen zoals een Kiss&Ride en taxi’s. Naast de Westentree komt een nieuw gebouw met op de begane grond diverse functies, waaronder horeca. De nieuwe entree zal een boost geven aan de westkant van de stad en zal de centrumkant en de westkant van de stad beter met elkaar verbinden. Het Stationsplein aan de centrumzijde wordt -in samenwerking met ProRail, NS, Ministerie IenW, en Provincie Gelderland- vanaf 2027/2028 ingrijpend aangepakt: Er komt een ruime entreehal die het station op fraaie wijze markeert en die, anders dan nu, aansluit bij het cultuurhistorisch waardevolle stationsgebouw. De entreehal zal royaal ruimte bieden aan de reizigers. Het bestaande busstation naast Doorroosje zal geheel worden vernieuwd. En aan de andere kant van het Stationsplein komen twee volwaardige nieuwe bushaltes en een keerlus voor onder andere de belangrijke lijn 10 naar de campus.
Hierdoor hoeven, in de toekomst, niet meer alle bussen vóór het station langs te rijden. Vóór het station komt een gebruiksvriendelijke, grote ondergrondse fietsenstalling van ongeveer 7000 plekken. Voldoende plekken om het gehele Stationsplein fietsvrij te maken. Hiermee ontstaat ruimte om het plein aantrekkelijker en veel groener in te richten. De Tunnelweg wordt op termijn omgevormd naar een normale stadsstraat met waar mogelijk aangrenzende bebouwing en ogen op straat. Als het belastingkantoor wordt gesloopt kan er bij nieuwbouw een betere verbinding komen tussen de Nieuwe Marktstraat, Stieltjesstraat en Vredestraat. Dit kan bijvoorbeeld een buurtplantsoen en koelteplek zijn, als onderdeel van de route tussen station en binnenstad. Daarmee ontstaat een extra looproute naar het stadscentrum. De Snelbinder, die nu nog samenvalt met de Nieuwe Marktstraat, kan een nieuw beginpunt krijgen tussen Doornroosje en het te transformeren politiebureau. Het zou een verbetering zijn als we aan de kant van de Stadsschouwburg een rijbaan voor autoverkeer schrappen. Dat biedt ruimte om - met behoud van een eigen baan voor busverkeer- langs deze zijde een voetpad aan te leggen waardoor de Stadsschouwburg beter bereikbaar is. We willen de inrichting van het plein aanpassen om de stad verder te vergroenen en voor wandelaars comfortabelere looproutes te bieden.
Tegelijkertijd blijft het Keizer Karelplein een belangrijk knooppunt in het verkeersnetwerk van de stad. Aan de buitenkant van het Keizer Karelplein wordt de oorspronkelijke wandelroute teruggebracht, geflankeerd door een dubbele bomenrij. We realiseren groene sociale knooppunten voor Bewegen Ontmoeten Spelen en Sporten (BOSS). Ontwikkeling van Duet.
29
3.2 Nijmegen-Noord Vergezicht 2050 Nijmegen-Noord is in 2050 een aantrekkelijk woongebied met een levendig winkelhart en goede voorzieningen in de wijken (winkels en werken, ontmoetingsplekken, functiemenging) met aan de noordrand een duurzame toekomstbestendige werklocatie. Het groene karakter van Nijmegen-Noord is versterkt en er is volop ruimte voor recreatie en ontmoeten. Nijmegen-Noord is een klimaatadaptieve wijk, met voldoende schaduw, stabiel waterpeil en weinig hittestress.
Kwaliteiten en kenmerken Nijmegen-Noord Nijmegen-Noord is een VINEX-locatie ten noorden van de rivier de Waal. In Nijmegen-Noord kom je vanuit het noorden Nijmegen binnen. De dorpen Lent, Ressen en Oosterhout horen bij Nijmegen-Noord. Het bestaat overwegend uit grondgebonden woningen. Nijmegen-Noord is relatief groen, maar er zijn grote verschillen tussen de wijken.
Geschiedenis en ruimtelijke opbouw Nijmegen-Noord kent al een lange bewoningsgeschiedenis. In de prehistorie woonden hier al mensen en ook in de Romeinse tijd waren hier belangrijke nederzettingen. Een aantal van deze prehistorische nederzettingslocaties zijn beschermd als archeologisch rijksmonument. Rond 1610 werd de Grift, de trekvaart tussen Nijmegen en Arnhem, aangelegd, wat een impuls gaf aan de verdere ontwikkeling van Lent. Nadat de Grift niet meer in gebruik was, ontwikkelde de weg langs de vaart, de Griftdijk, zich als belangrijke route. Vanwege de rijke kleigrond was Nijmegen-Noord een belangrijk agrarisch gebied. De vruchtbare grond zorgde ook voor de ontwikkeling van rijke boerenbedrijven en grote landgoederen. Ook strategisch gezien was het een belangrijke plek. Langs de noordkant van de Waal bevinden zich meerdere verdedigingswerken.
30
Vanaf het begin van de 20e eeuw kwam Lent in de greep van de verbouw van groente, fruit, bloemen en potplanten en nam de kassenbouw een enorme vlucht, met als gevolg dat het beeld van Lent werd gedomineerd door ontelbare, veelal tegen elkaar gebouwde, tuinbouwkassen. In de jaren negentig vond een oriëntatie plaats waar men de gewenste uitbreiding van Nijmegen kon realiseren. De grenzen van de stad waren immers bereikt met de stadsdelen Dukenburg en Lindenholt. De uitbreiding van Nijmegen moest plaatsvinden ten noorden van de Waal. Voor een programmatische invulling en vertaling van de behoeften op het punt van wonen: werken, mobiliteit, natuur, recreatie en voorzieningen ging er specifieke aandacht uit naar de bestaande situatie en de veranderingen in c.q. nabij de kernen Lent, Oosterhout en Ressen, inclusief de relatie met de bestaande stad. Voor de hele Waalsprong is een ruimtelijk raamwerk bepaald op basis van groen, grijs en blauwe structuren. Eind jaren negentig is gestart met de woonwijken Oosterhout en Visveld. Het planconcept van de Waalsprong is op verschillende punten aangepast door belangrijke momenten in de nog maar recente geschiedenis van deze gebiedsontwikkeling. In 2000 is bepaald dat er ter voorkomen van hoogwaterproblemen een nevengeul moest komen aan de zuidkant van het dorp Lent.
Enkele jaren later is er in 2003 besloten het centrumgebied van de Waalsprong te verplaatsen naar de locatie die nu Hof van Holland heet. De afgelopen periode is gebouwd aan de Waalsprong. Tot ongeveer 2030 staat in het teken van de afronding van de woningbouwontwikkeling en ontwikkeling van de andere voorzieningen.
Bevolking, leefbaarheid, wonen Nijmegen-Noord kent een gunstig woon- en leefklimaat. Er zijn veel eengezinswoningen. Er wonen veel gezinnen met jonge en inmiddels oudere kinderen. Met de komst van Hof van Holland in Waalsprong in 2021 heeft Nijmegen-Noord een levendig woon- en winkelhart. Door de nieuwbouwprojecten blijft de bevolking van Nijmegen-Noord aankomende jaren groeien.
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
31
Water en bodem Nijmegen-Noord ligt in het rivierenlandschap van de Betuwe en is aan de zuidzijde langs de Waal geheel bedijkt. Een opvallend kenmerk voor Nijmegen-Noord is dat het hemelwater voornamelijk binnen het plangebied blijft. Het gebied is onder te verdelen in twee watersystemen. Het centrale watersysteem met plassen en singels en in het noorden het in ontwikkeling zijnde droogvallende watersysteem de Grift. Het hemelwater wordt gescheiden afgevoerd voor de opvang, zuivering en infiltratie. Het overtollige water wordt bij hevige neerslag afgevoerd via de singels naar de Linge. Het gebied kent relatief hoge grondwaterstanden die, net als het peil van het oppervlaktewater sterk door het waterpeil van de Waal worden beïnvloed. Het gemiddelde aanlegjaar van de riolering is 1990. Waterschap Rivierenland is verantwoordelijk voor het peilbeheer van het oppervlaktewater en stelt een streefpeilenplan op, op basis van flexibel peilbeheer. In natte perioden zijn de peilen hoger, zodat het watersysteem over een grotere watervoorraad beschikt om periodes van droogte beter te doorstaan. Dit flexibel peilbeheer wordt de laatste jaren al in de praktijk toegepast. Voor extreme weersomstandigheden kunnen deze streefpeil niet worden gegarandeerd en geldt het beleid van het waterschap.
Werken Aan de noordelijke rand van het gebied, dat tegen de A15 aan ligt, zijn bedrijven gevestigd. De werklocatie de Grift is samen met het naastgelegen Park15 aantrekkelijk vanwege de gunstige ligging op de goederencorridor en de nabijheid van de Nijmeegse binnenhaven. Er worden verkeersmaatregelen uitgevoerd via het project Afslag 38 om de doorstroom van het verkeer via het viaduct A15 beter te laten verlopen met aandacht voor een comfortabele route voor fietsers.
Kwaliteiten die we willen behouden: • •
•
32
Uniek met zijn recreatieplassen, watersingels en het rivierenpark met ruime mogelijkheden voor watersport. Plek voor in hoofdzaak gezinnen vanwege relatief veel grondgebonden woningen en voorzieningen (school en sport). Logistiek aantrekkelijk gezien de goede autobereikbaarheid via A15 en N325.
•
• • • • • • •
Behoud van de groenstructuur ten bate van biodiversiteit, recreatie en klimaatadaptatie en gezonde leefomgeving. Historische tuin Warmoes als aantrekkingskracht en rustgebied. Landgoed Oosterhout ten behoeve van cultuurhistorisch erfgoed, biodiversiteit en recreatie. Karakteristieke historische boomgaarden. Beschermde monumenten en waardevolle cultuurhistorische structuren. Goede verbindingen met het aangrenzend Park Lingezegen. Warmtenet in nieuwbouwwijken. Voldoende en goede voorzieningen en ruimte voor het mengen van wonen en werken
Opgaves voor Noord tot 2050 Belangrijkste opgaven Nijmegen-Noord ontwikkelt zich tot een levendig en gemengd woongebied met een stedelijk hart Hof van Holland, waar wonen, werken en winkels zijn. Met daar omheen rustige woonwijken en op korte afstand diverse vormen van recreatie in natuur en groen. • Zorgdragen voor goed beheer en behoud van de kwaliteiten die al aanwezig zijn. • Aansluiten bij de voorzieningenbehoefte voor het groeiende stadsdeel Nijmegen-Noord en ruimte voor het mengen van wonen en werken. • In- en doorzetten van de mobiliteitstransitie om bij te dragen aan het rustige karakter van de woonwijken en tegenhouden van te grote parkeerdruk. • Behoud maar ook versterking van het groen, dat in sommige wijken nog te marginaal is. • Flexibiliteit en multifunctionaliteit in bouw om blijvende druk op openbare ruimte en verandering in vraag te kunnen opvangen.
Sociale en gezonde stad Ontmoeten en voorzieningen in Nijmegen-Noord We verkennen de structuur en behoefte aan (maatschappelijk) voorzieningenniveau in het groeiende stadsdeel, zodat er een goede mix ontstaan van wonen en diverse functies. Laatste jaren zijn al diverse voorzieningen gerealiseerd of worden op korte termijn gerealiseerd. Maar op een aantal onderdelen missen we voorzieningen. Een aandachtspunt is het faciliteren van ontmoetingsplekken voor (oudere) jongeren en senioren. We breiden het aantal jongerenontmoetingsplekken (JOP’s) uit en gaan op zoek naar mogelijkheden voor het realiseren van meer formele ontmoetplekken voor jongeren. We realiseren en optimaliseren groene sociale knooppunten met aanbod voor bewoners voor 0 tot 99 jaar. In Zuiderveld en in Hof van Holland komen basisscholen. Bij de basisschool in Zuiderveld-Oost realiseren we een park met een groen sociaal knooppunt. Op cultureel gebied is Nijmegen-Noord een zoeklocatie voor ateliers, creatieve makers en broedplaatsen. Voor toerisme en vrijetijd liggen kansen om de rijke geschiedenis van het gebied beter te verbeelden en benutten. Denk hierbij aan het landgoed Oosterhout en het fort Beneden-Lent en de archeologische locaties zoals opgenomen in het Handboek Erfgoedbeleving Waalsprong en de Waalsprong als icoongebied vanuit Masterplan Romeins Verleden.
Beweegvriendelijke omgeving We hebben de ambitie dat Nijmegen-Noord een beweegvriendelijke omgeving is, met een gevarieerd sportaanbod. We dragen zorg voor het behouden van o.a. Veur Lent als bovenwijkse beweegnetwerk. We onderzoeken mogelijkheden voor buitensportaccommodaties voor het groeiend aantal inwoners. We gaan daarnaast op zoek naar mogelijkheden voor het realiseren van meer plekken om te sporten voor bijvoorbeeld jongeren. We realiseren een multifunctioneel sportveld in Koudenhoek en een Urban Fit Track in Hof van Holland, Woenderskamp en Koudenhoek, waar zowel jong als oud kan bewegen, spelen en ontmoeten. Voor de Vossenpels onderzoeken we
Omgevingsvisie 2050 | De Nabije Stad
Gebiedsuitwerking Omgevingsvisie
de mogelijkheden voor het realiseren van een groen sociaal knooppunt. Een deel van Ressen wordt parkachtig ingericht, aansluitend op Park Lingezegen. We kijken hoe ontmoeten en bewegen hierin een plek kan krijgen. We behouden het recreatieve karakter van het rivierenpark met aandacht voor groen en biodiversiteit.
Aantrekkelijke stad Ontwikkelprincipes Hof van Holland is een hoogstedelijk milieu naast Station Nijmegen Lent met verschillende (dagelijkse) functies: een centrumgebied met onder andere supermarkt, verswinkels en horeca, een bibliotheek, een sporthal, een gezondheidscentrum en werkfuncties zoals kantoren. De wijken om Hof van Holland zijn woongebieden met beperkte functiemenging. Om te voorkomen dat relatief grootschalige, eenvormige gebieden ontstaan, wordt gestreefd naar een kleinschalig en verspreid voorzieningenniveau en het mengen van functies. Een mix van wonen, werken en recreëren (horeca en evenementen) vergroot de leefbaarheid van de wijken. Hiermee wordt ingespeeld op behoefte van ZZP’ers en kleinschalige dienstverlening (kapper etc.). Nieuwe woningbouwontwikkelingen dragen bij aan de leefbaarheid en het voorzieningenniveau. Blijvende aansluiting van het woningaanbod op de behoefte vraagt dit om een nadere visie voor 2050. Met de demografische ontwikkeling bestaat mogelijkheid dat meer oudere Nijmegenaren willen verhuizen binnen Nijmegen-Noord.
Aandacht voor fietsen, wandelen, openbaar vervoer en deelmobiliteit Nijmegen-Noord wordt gekarakteriseerd door goede wandelroutes en een uitstekend fietsnetwerk. Hierdoor is voor de meeste ritten wandelen of fietsen de snelste en handigste keuze. Onze wandelroutes zijn toegankelijk en veilig. Het fietsnetwerk wordt verder uitgebreid en verbeterd. Voor langere afstanden is het openbaar vervoer een goed alternatief. Vrij liggende busbanen zorgen op meerdere plaatsen ervoor dat de bus stilstaand autoverkeer voorbij kan rijden.
33
Voor die ritten waarvoor geen alternatief bestaat, blijft het mogelijk om met de auto de bestemming te bereiken. Dit zal niet altijd de snelste route zijn. Het autoverkeer wordt zoveel mogelijk via de hoofdwegenstructuur geleid. In Nijmegen-Noord zijn dit de Prins Mauritssingel, de Keizer Hendrik VI-Singel, de Graaf Allardsingel en de Margareta van Mechelenweg. Deze wegen houden een maximumsnelheid van 50 km/u. Op de meeste andere wegen gaat de maximumsnelheid terug naar 30 km/u, zodat het veiliger wordt voor iedereen. De afgelopen jaren hebben we onderzocht hoe we de Griftdijk beter en veiliger kunnen inrichten. Hiervoor is een voorstel uitgewerkt en we gaan hier verder mee aan de slag tot een ontwerp op detailniveau. Ook in Nijmegen-Noord zorgt inbreiding voor schaarse ruimte in de stad. Dit betekent dat in verschillende wijken minder ruimte is voor het parkeren van auto’s, zoals in het centrumgebied van de Waalsprong. Bewoners zullen eraan moeten wennen dat ze in een centrumgebied wonen. Op plaatsen waar de hoeveelheid ruimte en parkeergelegenheid beperkt is, wordt het steeds gebruikelijker dat voor het parkeren in de openbare ruimte betaald moet worden. Ook kan het soms zijn dat er geen ruimte beschikbaar is voor een (tweede) auto. Op veel locaties worden deelauto’s aangeboden als alternatief voor het eigen autobezit.
Economisch veerkrachtige stad Ontwikkelen bedrijventerrein de Grift De komende jaren zetten we in op de uitbreiding van het bedrijventerrein de Grift tot groene en goed bereikbare locatie voor bedrijven en werknemers. Dit zal banen opleveren voor de bewoners uit Nijmegen-Noord en omgeving. De energievoorziening van de nieuwe Grift gaan we zo netneutraal mogelijk aanleggen. We verkennen of we vraag en aanbod lokaal bij elkaar kunnen brengen door gebruik te maken van de wind en zon van de nabijgelegen wind- en zonparken en door het warmtenet uit te breiden. In aansluiting hierop faciliteren we duurzaam vervoer met behulp van zogenaamde clean energy hubs. We werken een energievisie uit voor de Grift. Het bestaande bedrijventerrein (Stationsstraat en de Rietgraaf) ondergaat een kwaliteitsimpuls, zodat dit goed aansluit bij het nieuwe bedrijventerrein de Grift en wordt meegenomen in de energievisie.