CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Evaluatie netwerk van ondergrondse containers in de binnenstad van Nijmegen

Besluitronde (raadsvergadering) 9 oktober 2024, gemeente NijmegenBij agendapunt: D3 d.d. 9 juli 2024 over Evaluatie ondergrondse containers binnenstad7.608 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Evaluatie

Netwerk van ondergrondse containers in de binnenstad van Nijmegen

28 juni 2024 v2 1

Inhoud 0

Afkortingen .................................................................................................................................................................3

1

Aanleiding ...................................................................................................................................................................4

2

Bestuurlijke besluitvorming ......................................................................................................................................5

3

OC-netwerk restafval binnenstad ............................................................................................................................6

4

Werkwijze ...................................................................................................................................................................8

5

6

4.1

Inzameling ........................................................................................................................................................8

4.2

Reiniging en onderhoud van de OC ...............................................................................................................8

4.3

Beheer rondom de OC’s .................................................................................................................................8

4.4

Kernteam..........................................................................................................................................................8

4.5

Handhaving ......................................................................................................................................................9

Gebruikscijfers .........................................................................................................................................................10 5.1

Inzamelcijfers ................................................................................................................................................10

5.2

Klachten en meldingen .................................................................................................................................10

5.3

Analyse en verbeter-opties ..........................................................................................................................12

Ervaringen van gebruikers .......................................................................................................................................14 6.1

Ervaringen van huishoudens ........................................................................................................................14

6.1.1

Welke voordelen ziet men? .....................................................................................................................14

6.1.2

Welke knelpunten ervaart men? .............................................................................................................15

6.1.3

Wil men doorgaan met het gebruik van de OC? ....................................................................................16

6.1.4

Tips en adviezen? .....................................................................................................................................17

6.2

Ervaringen van reinigingsrechtenklanten ...................................................................................................18

6.2.1

Welke voordelen ziet men? .....................................................................................................................18

6.2.2

Welke knelpunten ervaart men? .............................................................................................................19

6.2.3

Wil men doorgaan met het gebruik van de OC? ....................................................................................19

6.2.4

Tips en adviezen? .....................................................................................................................................20

7

Ervaringen van Dar en gemeente ...........................................................................................................................21

8

Bijplaatsingsproblematiek ......................................................................................................................................23

9

8.1

Algemeen .......................................................................................................................................................23

8.2

Situatie Nijmegen ..........................................................................................................................................23

8.3

Oplossingsrichting ........................................................................................................................................25

Conclusies en aanbevelingen ................................................................................................................................26

Bijlagen: rapportages O&S bewoners en ondernemers .................................................................................................28

2

0 Afkortingen OC Plastic+

Ondergrondse container Plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drankenkartons

3

1 Aanleiding De binnenstad kenmerkt zich als een gebied met een hoge dichtheid aan woningen, winkels en ondernemingen. Dit leidt tot een hoge druk op de openbare ruimte van bewoners, ondernemers en winkelend publiek, maar ook vanuit leveranciers van goederen en vanuit inzamelaars van de diverse huishoudelijke en bedrijfsmatige grondstof- en restafvalstromen. Op 20 juni 2017 heeft de gemeente Nijmegen daarom ingestemd met het plan ‘Afvalbeheer Centrum Nijmegen’ met als belangrijkste inzet het (huishoudelijke) restafval in de binnenstad met ondergrondse containers (OC’s) in te gaan zamelen. De redenen hiervoor waren voornamelijk: • het verminderen van het aantal vervoersbewegingen, • het verbeteren van de efficiency van afvalinzameling en afvalscheiding en • het realiseren van een fraaiere en schone binnenstad. Het netwerk aan ondergrondse containers voor restafval is eind 2019 opgeleverd en in gebruik genomen. Nu dit netwerk dus enkele jaren in gebruik is, willen wij weten hoe gebruikers het serviceniveau ervaren wanneer zij restafval naar een OC moeten brengen (brengsysteem) ten opzichte van de oude situatie waarbij de groene en rode tariefzakken met restafval aan huis op straat werden opgehaald (haalsysteem).

Hoe ervaren gebruikers de leefbaarheid in de binnenstad sinds de invoering van de OC’s voor restafval ten opzichte van de oude situatie? En wat zijn de ervaringen van Dar en gemeente; hoe ervaren zij het gebruik en beheer en welke effecten zien zij op de inzameling en de leefbaarheid in de openbare ruimte in de oude en nieuwe situatie? We willen nagaan welke positieve en negatieve effecten er zijn en welke verbeteringen mogelijk zijn. Tevens geeft deze evaluatie inzicht in hoeverre de gebruikers in de binnenstad dit “brengsysteem” prefereren boven het “haalsysteem” van zakken. Momenteel wordt ook gewerkt aan een nieuw afvalbeleidsplan dat in tweede helft van 2024 zal worden geschreven. Een belangrijk element hierin is hoe wij de inzameling van huishoudelijk restafval naar de toekomst willen inrichten. Een van de mogelijke opties is om stadsbreed over te gaan op de inzameling van restafval via ondergrondse containers. Hoewel een binnenstad qua gebiedstype niet vergelijkbaar en representatief is voor de meer reguliere woonwijken, kunnen waardevolle lessen worden geleerd uit de ervaringen met het OCnetwerk in de binnenstad. Deze evaluatie van het OC-netwerk in de binnenstad vormt dan ook één van de elementen voor de verdere ontwikkeling van het nieuwe afvalbeleidsplan.

4

2 Bestuurlijke besluitvorming Op 20 juni 2017 heeft het college ingestemd met het voorstel ‘Afvalbeheer Centrum Nijmegen’. Kern van het voorstel was om het huishoudelijke restafval in de binnenstad in te gaan zamelen met ondergrondse containers (brengsysteem) in plaats van de wekelijkse inzameling huis aan huis van groene en rode restafvalzakken (haalsysteem). Het projectplan voorzag daartoe in de plaatsing van 35 OC’s voor de inzameling van restafval naast de al 12 aanwezige OC’s1. Doel achter deze overgang was om zo bij te dragen aan de verbetering van: • Het straatbeeld en de leefbaarheid: Er staan geen restafval zakken meer op straat; deze worden gecentreerd verzameld in ondergrondse containers. • Een efficiëntere inzameling: Containers kunnen een groot volume aan en worden geledigd als ze vol zijn; dit scheelt inzamelacties en verkeersbewegingen van Dar. • De flexibiliteit: De ledigingsfrequentie van de containers kan worden afgestemd op het gebruik. • Het gebruiksgemak: Inwoners en deelnemers aan het reinigingsrecht kunnen hun restafval altijd kwijt. Er hoeft dus ook geen inzameldag richting bewoners gecommuniceerd te worden. • Stankoverlast en ongedierte: Het restafval wordt ondergronds, relatief koel, opgeslagen tot de lediging. Het afval blijft koeler en zal minder snel gaan stinken en ongedierte kan hier niet bij.

• Arbo-omstandigheden: Het personeel van Dar hoeft geen zware restafval zakken meer te tillen, het inzamelvoertuig tilt de containers. De beoogde gebruikers van dit OC-netwerk voor restafval bestaan uit twee doelgroepen in de binnenstad, te weten: - De huishoudens en - De deelnemers aan het Reinigingsrechtsysteem2.

Tevens voorzag het projectplan in een enkele verzamelcontainer voor oud papier en karton en plastic+. Op grond van de Verordening Reinigingsheffingen kunnen bedrijven met een beperkte hoeveelheid afval deelnemen aan de inzamelstructuur van huishoudelijk afval. Deelnemers aan het Reinigingsrecht betalen hiervoor een vast tarief reinigingsrecht én de kosten per groene/rode restafvalzak dan wel het gebruik van een restafval–OC zoals in de binnenstad. 1

2

5

3 OC-netwerk restafval binnenstad Ontwikkeling

Na de besluitvorming in juni 2017 is de realisatie van het containernetwerk door Dar opgepakt. In een uitgebreid voortraject heeft een inventarisatie en screening plaatsgevonden van mogelijk geschikte locaties voor de OC’s in de openbare ruimte. Bij de locatiekeuze is onder meer rekening gehouden met: • een evenwichtige spreiding over de binnenstad met als uitgangspunt dat er op loopafstand altijd een container beschikbaar is; • inzamel-logistieke aspecten om containers te kunnen plaatsen en/of ledigen; • de ruimtelijke inpasbaarheid in de bebouwde omgeving; • de positionering ten opzichte van monumentale objecten; • de aanwezigheid van ondergrondse infrastructuur en archeologische artefacten. Alle bewoners en bedrijven in de binnenstad zijn per brief geïnformeerd over de plannen van het ondergronds container netwerk en in het bijzonder over de beoogde locaties in de eigen directe omgeving. In een informatieavond is gelegenheid gegeven om vragen te stellen. Dit heeft geleid tot een enkele bijstelling van een paar locaties. Het locatieplan is aansluitend ter inzage gelegd en daarna vastgesteld. Naar aanleiding van de inspraakprocedure is één locatie verplaatst en één nieuwe locatie gerealiseerd. Ook deze beide locaties zijn na een eigen inspraakprocedure vastgesteld.

Huidige situatie

Eind 2019 is het project afgerond en in de staat zoals we die nu kennen. Het OC-netwerk voor restafval omvat 49 OC’s3 op 37 locaties. Op 26 van de 37 locaties staat één OC, op 10 locaties staan twee OC’s en op 1 locatie staan drie OC’s. Het verzorgingsgebied van het OC-netwerk bevindt zich binnen de singels, de Waal en het spoor. Hiertoe behoort ook de strook tussen de Tunnelweg, Kronenburgersingel en Veemarkt. Het omvat de wijken ‘benedenstad’ en ‘centrum’ en is nagenoeg congruent met postcodegebied 6511.

3

Voor de volledigheid: De verzamelcontainer bij de Waalkader is niet ondergronds maar bovengronds. Dit heeft te maken dat deze container verplaatsbaar moet zijn in geval van hoog water.

6

Beschikbaarheid: van ‘een hoofdcontainer en een uitwijk-container’ naar ‘alle containers’ De OC’s voor restafval in de binnenstad zijn alleen te openen met een perceelsgebonden afvalpas in bezit van huishoudens en deelnemers aan het Reinigingsrecht in de binnenstad. Bij de start van de OC’s in de binnenstad is gecommuniceerd dat men toegang had tot 2 containers: een hoofdcontainer en een uitwijkcontainer. De reden hiervoor was de wens om (zeker in het begin) goed te kunnen monitoren hoe het restafvalaanbod per container zich zou ontwikkelen en zo te voorkomen dat bepaalde containers zouden overlopen. Na verloop van tijd is deze beperking losgelaten. Daarmee zijn uiteindelijk alle OC’s in de binnenstad toegankelijk en beschikbaar geworden voor alle gebruikers uit de binnenstad, zodat er altijd een alternatief beschikbaar is. Uit de onderzoeken onder beide gebruikersgroepen (zie hoofdstuk 6) blijkt evenwel dat veel gebruikers er niet mee bekend zijn dat alle OC’s in de binnenstad voor hen toegankelijk zijn. Naar de toekomst toe moeten we dit beter onder de aandacht brengen van de gebruikers.

7

4 Werkwijze 4.1

Inzameling

Voor de lediging van de OC’s waren er drie vaste dagen: dinsdag, woensdag en donderdag. Sinds medio 2024 zijn dat dinsdag en vrijdag. Daarbij worden steeds alleen die containers geleegd die op basis van de vulgraad vol zitten. In de basis wordt zo iedere container éénmaal per week geleegd. Op basis van de vulgraad wordt beoordeeld of een container een extra keer moet worden geleegd. De vulgraad wordt bepaald aan de hand van het aantal keren dat een pas wordt aangeboden.

4.2

Reiniging en onderhoud van de OC

Reiniging van de OC’s vindt één of twee keer per jaar plaats waarbij in 2022 is afgesproken dat de OC één keer volledig (binnen- en buitenkant, containerput) wordt gereinigd. De 2e keer wordt de zuil aan de buitenkant gereinigd. Vanaf 2023 worden de OC’s ook jaarlijks gekeurd en waar nodig levensverlengende maatregelen uitgevoerd.

4.3

Beheer rondom de OC’s

De reiniging van de omgeving, het ophalen van bijplaatsingen en het verwijderen van zwerfafval, gebeurt meerdere keren per week. Voordat de ondergrondse containers worden geleegd worden de eventuele bijplaatsingen apart opgehaald zodat de container geleegd kan worden. De andere bijplaatsingen worden verwijderd na melding. Dit gebeurt over het algemeen dezelfde dag behalve in het weekend. Het schoonhouden van de stad en het verwijderen van zwerfafval gebeurt elke dag waarbij in de ochtend alle afvalbakken worden geleegd en de straten schoongemaakt. De rest van de dag wordt zwerfafval opgeruimd (ook op basis van meldingen).

4.4

Kernteam

In de aanpak van onjuist/ongewenst aanbiedgedrag bij OC’s speelt het kernteam een cruciale rol. Dit team bestaat uit medewerkers van verschillende disciplines, zoals Dar, Toezicht en Handhaving, groenbeheer en grijsbeheer en staat onder leiding van de wijkregisseur. Doel van het kernteam is om voorkomende overlast/casuïstiek integraal te bespreken en aan te pakken. Binnen de mogelijkheden van dit kernteam worden lichte interventies toegepast om het ongewenste gedrag positief te beïnvloeden. Deze lichte interventies variëren van een fysieke aanpassing van de openbare ruimte, optimaliseren van de inzameling en/of afvalvoorzieningen tot aan (meer) inzet van Toezicht & Handhaving. Wanneer het kernteam in de aanpak van de overlast zelf geen of onvoldoende mogelijkheden ziet, kan zij ondersteuning krijgen van het team Dumpingen & Bijplaatsingen. Dit team, bestaande uit medewerkers van Dar en de gemeente, heeft meer (communicatieve) middelen ter beschikking, waaronder berichtgeving in (wijk)kranten/-bladen, info-borden, gronduitingen en de inzet van afvalcoaches. Ook kan dit team een meer structurele inzet van handhaving organiseren. Aandachtspunt bij bovenstaande werkwijze is de signalerende functie die de deelnemende partijen in het kernteam hebben.

Niet alle signalen en constateringen van afvalproblematiek worden door de deelnemende partijen (Dar, Toezicht, Groenbeheer en Grijsbeheer) in het 8

kernteam ingebracht om daar integraal te worden besproken. Daardoor acteert het kernteam nu nog teveel op ingekomen meldingen & klachten.

4.5

Handhaving

De aanpak van afvaloverlast vanuit het kernteam kent een glijdende schaal. Pas wanneer de interventies vanuit het kernteam tot onvoldoende resultaat leiden, vindt inzet plaats vanuit bureau Toezicht & Handhaving. Zij kunnen in voorkomende gevallen overgaan tot het uitschrijven van boetes. De uitvoeringspraktijk is echter weerbarstiger, omdat de capaciteit, kennis en ervaring bij bureau Toezicht en Handhaving ontoereikend was en het om integrale toezichthouders gaat die voor diverse taakvelden worden ingezet. De inzet voor afvalbeheer en de aanpak van overlastsituaties in de stad heeft de laatste jaren hieronder geleden. Verkeerd aanbiedgedrag dat niet gecorrigeerd wordt, kan zo verworden tot een hardnekkig vast gedragspatroon. Om in elk geval tijdelijk enige inzet te kunnen plegen op afvalbeheer zijn er tijdelijk 2 afvalboa’s ingehuurd. In de afgelopen periode zijn deze ingehuurde afvalboa’s ingezet om repressief toezicht te houden op de voorkomende afval-hotspots, waaronder de ondergrondse containers waar zich afvaloverlast voordoet. Inmiddels is de door hen opgedane kennis en ervaring overgedragen aan de andere, integrale toezichthouders van bureau Toezicht & Handhaving. Dit traject is echter nog bij lange na niet afgerond en het vergt ook een lange adem om gedrag te kunnen veranderen.

Omdat handhaving een onontbeerlijk deel van het afvalbeheer is (niet alleen in de binnenstad maar stadsbreed) is het van belang om de handhavingscapaciteit voor afvalbeheer op een zodanig niveau te brengen dat we adequaat op overlast-situaties in de (binnen)stad te kunnen acteren.

9

5 Gebruikscijfers 5.1

Inzamelcijfers

Aantal gebruikers

In de binnenstad zijn 5.708 huishoudens en 737 deelnemers aan het Reinigingsrechtsysteem die gebruik kunnen maken van het aanwezige OC-netwerk voor restafval (data 2023). Het aantal dat hier daadwerkelijk gebruik van maakt, ligt met ca. 70% beduidend lager. Stadsbreed bezien ligt dat percentage op 80%. Dit fenomeen is overigens niet specifiek voor Nijmegen. Ook in Druten, Beuningen en andere meer stedelijke gemeenten waar restafval met OC’s wordt ingezameld, is het een herkenbaar beeld dat ca. 15% tot 20% van de mogelijke gebruikers in de praktijk geen gebruik maakt van de aanwezige OC’s.

Aanbod van ‘actieve’ gebruikers

Van de actieve gebruikers maakt een huishouden in de binnenstad gemiddeld 0,6 keer per week gebruik van een OC. Dit correspondeert bij een gemiddeld gewicht per zak van 6,8 kg 4 met een hoeveelheid van 219 kilo fijn restafval per huishouden per jaar (data 2023). De deelnemers aan het reinigingsrecht die gebruik maken van het OC-netwerk, doen dat gemiddeld 1,2 keer per week. Dat komt overeen met 426 kilo fijn restafval per jaar (gegevens 2023).

5.2

Klachten en meldingen

Meldingen die inwoners en bedrijven doen geven een beeld hoe men het gebruik van de OC’s ervaart. Tegelijk geeft het aan waar de gemeente en Dar mogelijk meer aandacht aan moeten geven.

Aantallen storingen en meldingen Het aantal storingen5 per container is gemiddeld 4 per jaar (2022). Dit aantal is de afgelopen jaren redelijk stabiel gebleven. Het gemiddeld aantal storingen wordt negatief beïnvloed door enkele locaties die tot 18 à 32 storingen hebben. Oorzaak van de storingen is veelal een verklemming (vastlopen OC door aanbieden van een te grote of te zware zak) of een container die op basis van de vulgraad “vol” zit. De storingen worden 2 keer per dag op basis van de informatie van de container inzichtelijk gemaakt. Als er een verstoring is dan wordt die dezelfde dag nog opgelost behalve in het weekend. Op dit moment is het voor een gebruiker bij de OC (nog) niet te zien of deze in storing of vol is.

Het gemiddeld gewicht is bepaald door het gewicht van alle OC routes in Nijmegen te delen door het totaal aantal ingeworpen zakken (klepopeningen), met een kleine foutmarge. 5 Definitie storing; situaties bij OC die er mogelijk voor zorgen dat de container niet goed werkt. Bijvoorbeeld verklemming, “vol” (lees; op basis van vulgraad waarschijnlijk vol) of een technisch probleem. 4

10

Storingen OC Rest 300 250 200 150 100 50 2017

2018

2019

2020

Aantal containers geplaatst (rest)

2021

2022

0

Aantal verstoringen

Het aantal meldingen6 over “afval naast de container” neemt over de jaren toe. In hoofdstuk 8 gaan we dieper in op deze bijplaatsingsproblematiek en welke verbetermaatregelen wij daarvoor zien. Daarnaast valt op dat er in 2020 nog veel problemen waren met afvalpassen die niet goed functioneerden. Nadat Dar hier specifiek aandacht aan heeft besteed, is dit in de jaren daarna sterk afgenomen. Het aantal meldingen van inwoners over een “volle” OC is afgelopen jaren relatief hoog maar neemt wel wat af. Een melding van een inwoner over een “volle” OC kan overigens betrekking hebben op een situatie waarin er een verklemming is óf dat de container echt vol zit óf dat verondersteld wordt dat de container vol is, omdat er zakken naast staan die daar echter bewust zijn achtergelaten (i.e. ontwijkgedrag). In alle situaties is de beleving van de inwoner dezelfde; de container doet het niet en het lijkt alsof er niets meer bij kan. En dat betekent weer dat de inwoner naar een andere container moet gaan, het weer naar huis mee moet nemen of wordt verleid om het naast de container neer te zetten. Een dilemma dat we ook terugzien bij het onderzoek naar de ervaringen van de gebruikers (zie hoofdstuk 6).

Meldingen OC Rest 2019-2022 250 200 150 100 50 0

2019

2020

2021

2022

Afval naast de verzamelcontainer Verzamelcontainer openen met Afvalpas kapot Verzamelcontainer vol

6

Definitie melding; situaties waarbij door inwoners, gemeente of door Dar zelf aangegeven wordt dat er iets met de OC of de omgeving daarvan aan de hand is

11

5.3

Analyse en verbeter-opties

Vergelijk vóór en ná introductie OC-netwerk

Het is moeilijk om aan de hand van meldingen een vergelijking te maken tussen de situatie vóór en ná realisatie van het OC-netwerk. Zo spitsen de weergegeven ingekomen ‘storingen’ en ‘meldingen’ zich specifiek toe op de OC’s en hun directe omgeving, terwijl de meldingen voor de intrede van het OC-netwerk een breder scala aan overlast-situaties beslaan in de hele binnenstad7; De vraag of de introductie van het OC-netwerk in de binnenstad heeft geleid tot minder of juist meer overlast in de openbare ruimte als gevolg van (grof) restafval en andere stromen, is op basis van de ingekomen ‘storingen’ en ‘meldingen’ kwantitatief dan ook niet goed te beantwoorden. De kwalitatieve indruk is zonder meer wel dat de overlast een andere vorm heeft gekregen. Waar voorheen de overlast van (grof) restafval, oud papier en plastic+-zakken zich verspreid over de hele binnenstad manifesteerde, is de perceptie dat deze stromen nu bij uitstek bij OC’s worden geplaatst; dit waarschijnlijk vanuit de gedachte dat Dar daar toch komt (zie ook hoofdstuk 7).

Eenduidigheid van type meldingen en storingen

De typering van wat nu als melding of storing wordt geregistreerd is niet eenduidig en specifiek. Zo bestaat zowel onder de categorie ‘storingen’ als onder de categorie ‘meldingen’ een typering “vol” die qua definities deels overlappen. Daarbij is er nu ook onvoldoende inzicht wat nu de feitelijke oorzaak is van een registratie als “vol”. Was de container echt vol? Of was er sprake van een verklemming of een technische of software-matige storing? Of was de container gewoon operationeel, maar is deze door een onwonende of gebruiker als vol gemeld bij Dar, omdat er afval naast stond?

Verbeter-opties

Hoofdstuk 8 gaat uitgebreider in op de bijplaatsingsproblematiek, maar op basis van bovenstaande komt al een aantal mogelijke verbeter-opties naar voren: •

Informatie over beschikbaarheid van OC’s Gebruikers van het OC-netwerk kunnen op dit moment niet achterhalen of een OC in storing of vol is; noch ter plekke van de OC-locatie zelf noch vanuit de thuissituatie. Het zou van meerwaarde zijn als hij ter plekke bij een OC en zo mogelijk ook thuis al via een dashboard-app kan achterhalen of een OC in storing of niet is en zo ja, hoeveel ruimte er nog beschikbaar is in de OC (i.e. aantal beschikbare openingen). Het stelt een gebruiker in staat om te bepalen naar welke OC hij zijn restafval kan wegbrengen. Het is te onderzoeken wat de mogelijkheden hiertoe zijn.

•

Eenduidige specifieke registratie, monitoring en analyse van data Juist omdat problemen bij OC’s kunnen leiden tot bijplaatsingen en daarmee overlastsituaties, is het van belang om gericht te kunnen sturen en acteren op de problemen die zich bij OC’s voordoen. Daartoe is het van belang om de aard van de problematiek bij OC’s scherp in beeld te krijgen. Dat begint met een eenduidige en specifieke registratie van de inkomende meldingen/storingen door gebruikers of omwonenden over een OC. Omdat de

Denk daarbij onder meer aan dumpingen van zakken of grof vuil, te vroeg buiten geplaatst afval, zwerfafval, afval uit (bedrijfs)containers, afval rondom horeca-zaken. 7

12

feitelijke oorzaak uiteindelijk anders kan blijken te zijn dan zoals die is aangemeld, is het ook van belang dat meldingen worden bijgewerkt na afhandeling ervan. In het verlengde van een goede registratie van inkomende meldingen en de afhandeling ervan is het van belang om alle OC’s op structurele wijze te monitoren op bijplaatsingen en al deze data ook te analyseren. Daardoor kan een gerichtere en pro-actievere inzet plaatsvinden door Dar en waar nodig door medewerkers van Bureau Toezicht en Handhaving. •

Problemen oppakken in het weekend? Storingen en bijplaatsingen doen zich in de weekenden voor. In de huidige werkwijze worden die pas op maandag opgepakt. Een situatie die zich (worst-case) vrijdagavond voordoet, blijft zo ruim 2 dagen onopgelost en leidt in het geval van bijplaatsingen tot een groeiende overlastsituatie. Het is te onderzoeken of het oppakken van storingen en opruimen van vervuiling rondom de OC’s in het weekend wenselijk en haalbaar is en wat de (financiële) consequenties daarvan zijn. Daarbij is ook van belang om de juiste balans te vinden tussen enerzijds het belang van een schone openbare ruimte door het afval op te ruimen en anderzijds het belonen / bevestigen van (mogelijk) verkeerd aanbiedgedrag.

13

6 Ervaringen van gebruikers Eind 2022 is door de gemeente een onderzoek gedaan naar de ervaringen van huishoudens en de deelnemers Reinigingsrecht met de OC’s voor restafval in de binnenstad van Nijmegen. Bij beide gebruikersgroepen is het onderzoek erop gericht inzicht te krijgen in de vragen: • Hoe ervaart men het gebruik van de containers en welke voordelen en knelpunten ziet men • Geeft men de voorkeur aan het brengsysteem met OC’s of het haalsysteem met groene zakken. Dit onderzoek heeft geresulteerd in twee aparte rapportages die als bijlagen zijn toegevoegd. De volgende paragrafen geven de belangrijkste uitkomsten van het onderzoek weer.

6.1

Ervaringen van huishoudens

6.1.1

Welke voordelen ziet men?

In onderstaande afbeelding is af te lezen dat inwoners met name (heel) tevreden zijn over: • Loopafstand (75%) • Toegankelijkheid (74%) • Gebruiksgemak (68%)

Met name over het punt ‘kwijt kunnen van restafval’ zijn de meningen meer verdeeld. Denk hierbij aan de beschikbaarheid van de containers die weleens vol kan zijn of door een storing niet werkt. Hierover is 44% tevreden en 41% ontevreden.

14

Op de vraag wat men doet met de restafvalzak als een container vol is of een storing heeft, dan8: • neemt bijna de helft van de huishoudens de zak weer mee naar huis (46%), • gaat ruim een derde naar een andere container (37%) en • zet een kwart de zak naast de container neer (i.e. bijplaatsing) (26%).

ik neem de zak mee terug naar huis en probeer het later opnieuw

46%

ik ga naar tweede container waar ik met pasje gebruik van mag maken

37%

ik meld bij Dar dat de container een storing heeft of vol is

31%

ik zet de zak naast de container (bijplaatsen)

26%

ik ga naar de milieustraat om de zak in te leveren

2% 8%

anders 0%

6.1.2

10%

20%

30%

40%

50%

Welke knelpunten ervaart men?

Naast de in 6.1.1 genoemde aspecten is er een groep van knelpunten die meer vallen in de context van ‘overlast’. Onderstaande afbeelding laat zien dat de inwoners met name overlast ervaren ten aanzien van: • • • • •

8

Bijplaatsingen (zakken restafval) Bijplaatsingen (grofvuil) Zwerfafval (afval dat zich verspreidt na dumping of bijplaatsing) Oranje zakken met plastic+ Stank

Er waren meerdere antwoorden mogelijk. 15

Van de huishoudens ervaart 28% ‘nooit’ of ‘minder dan 1 keer per maand’ overlast hiervan, 30% ‘maandelijks’ en 42% ‘wekelijks of dagelijks’. De vraag of men sinds de overgang van het haalsysteem met groene zakken naar het brengsysteem met OC’s meer of minder overlast ervaart in “de eigen staat bij de woning” en “in het hele centrum” geeft het volgende beeld:

overlast in straat bij woning

27%

26%

40%

overlast in Nijmegen-Centrum

25%

34%

26%

0%

20%

40%

60%

meer

hetzelfde gebleven

minder

7%

15% 80%

100%

weet niet

Ondanks de toch breed geconstateerde overlastsituaties geeft 40% aan minder overlast te ervaren in de eigen straat tegen 27% meer. Kijkend naar de hele binnenstad ervaren ongeveer even veel huishoudens minder overlast (26%) als meer overlast (25%).

6.1.3

Wil men doorgaan met het gebruik van de OC?

Uit het onderzoek blijkt dat een duidelijke voorkeur voor het brengsysteem (het systeem waarbij de inwoner zelf de zak met restafval naar een OC brengt), waardoor geconcludeerd kan worden dat men wil doorgaan met het gebruik van de OC.

16

Daarvoor werden de volgende argumenten genoemd:

6.1.4

Tips en adviezen?

Desgevraagd hebben de inwoners nog de volgende opmerkingen gemaakt: • Er lijken soms toch kosten gerekend te worden, als men de zak niet in de container kwijt kan (als na het scannen van de pas blijkt dat er een storing is of als na het (half) openen van de klep blijkt dat de container vol is). • Het openen met de afvalpas gaat moeizaam. • Het gebruik van de containers zou gratis moeten zijn. • Betalen naar gewicht is beter dan op basis van het aantal keer dat men de container opent. • Het komt te vaak voor dat de container vol is of dat er een storing is. • Bijplaatsen van afval komt te vaak voor. • Complimenten voor Dar voor het weghalen van bijgeplaatst afval. • Druk op brengsysteem en overlast bij containers door het grote aantal studenten dat in Nijmegen-Centrum woont. • Meer controle nodig op bijplaatsen van afval; camera’s plaatsen om te kunnen handhaven; meer boetes uitdelen. • Het zou mooi zijn als er ook voor plastic+ afval en oud papier OC’s zouden komen. 17

6.2

Ervaringen van reinigingsrechtenklanten

In het onderzoek is ook onder de deelnemers aan het Reinigingsrechtsysteem onderzoek gedaan naar hun ervaringen met de OC’s voor restafval in de binnenstad van Nijmegen. Het aantal respondenten bedroeg 46, waarvan 37 ook gebruik maken van de OC’s en 9 niet. De bedrijven en instellingen onder de 46 respondenten behoren tot de volgende sectoren: • • • • • •

Detailhandel (11) Horeca (10) Zakelijke dienstverlening (7) Vrije tijd (cultuur/sport/recreatie) (3) Zorg (2) Anders (7)

6.2.1

Welke voordelen ziet men?

De ondernemers zijn met (heel) positief over de volgende aspecten: • de loopafstand tot de container (86%) • de toegankelijkheid (75%) • het gebruiksgemak (64%)

Over het ‘kwijt kunnen van restafval’ en ‘de mate waarin de containers schoon zijn’ zijn de meningen meer verdeeld; blijkbaar wordt dit verschillend ervaren door de gebruikers. Voor beide gebruiksaspecten geldt dat van 28 respondenten hier 11 (heel) tevreden over zijn en 8 (heel) ontevreden. Over de andere gebruiksaspecten is het beeld vrij neutraal.

18

Op de vraag wat men doet met de restafvalzak als een container vol is of een storing heeft, dan9: • neemt bijna driekwart van de ondernemers de zak weer mee terug (71%), • gaat ruim een kwart naar een andere container (25%) en • zet een kwart de zak naast de container neer (i.e. bijplaatsing) (25%). 6.2.2

Welke knelpunten ervaart men?

Ten aanzien van overlast wordt gerapporteerd: •

Van de 46 respondenten ervaren er 10 maandelijks en 12 wekelijks of dagelijks overlast rondom de ondergrondse containers die men gebruikt. Anderzijds ervaren 16 respondenten nooit overlast en 8 minder dan 1 keer per maand.

•

De meest genoemde vorm van overlast van de containers is het bijplaatsen van restafvalzakken. Ook zwerfafval, oranje zakken met plastic+ afval bij de containers die op het verkeerde moment worden aangeboden, het bijplaatsen van grofvuil en stank zijn relatief veel genoemde vormen van overlast van de containers.

•

De ervaren overlast rondom de ondergrondse containers heeft niet altijd een negatieve invloed op de beleving van de bedrijfsomgeving. Van de 30 respondenten die overlast ervaren, geven 9 respondenten geven aan dat dat wel het geval is en 12 niet.

•

Ook hier is gevraagd of men meer of minder overlast ervaart sinds de overgang van het haalsysteem met groene zakken naar het brengsysteem met OC’s. De uitkomst hiervan is dat: o in “de eigen straat bij de bedrijfslocatie” 10 respondenten vinden dat de overlast is afgenomen tegenover 6 dat deze is toegenomen en o “in het hele centrum” 7 respondenten vinden dat deze is afgenomen tegenover 4 dat deze is toegenomen.

6.2.3

Wil men doorgaan met het gebruik van de OC?

Van de 40 respondenten geven 25 de voorkeur aan het brengsysteem en 11 aan het haalsysteem.

9

Er waren meerdere antwoorden mogelijk. 19

Geconcludeerd kan worden dat de bedrijven een duidelijke voorkeur geven aan het gebruik van de OC’s en daarmee willen doorgaan. Als argumenten worden daarvoor gegeven:

6.2.4

Tips en adviezen?

Hierover is vanuit deze groep niet gerapporteerd.

20

7 Ervaringen van Dar en gemeente Algemeen

In het algemeen kan gesteld worden dat zowel Dar als de gemeente positief zijn over de ondergrondse containers. Zowel de voor- als nadelen zijn niet uniek, maar conform landelijk beeld. Dar is voorstander van ondergrondse afvalinzameling en noemt als belangrijkste voordelen: • 24/7 beschikbaarheid van inzamelmiddel voor inwoners in hoog stedelijk en dichtbevolkt gebied • Lagere arbeidsbelasting voor inzamelend personeel • Verminderde personeelsdruk • Eenheid in inzamelmethodiek en -voertuigen De belangrijkste knel- en aandachtspunten zijn: • Bijplaatsingen • Het ontbreken van een structurele aanpak op het gebruik en beheer van het OC-netwerk • Onvoldoende beschikbare capaciteit voor toezicht en handhaving. Als oorzaken voor bijplaatsingen worden genoemd: • Volle container • Defecte container • Kopieergedrag • Bewust ontwijkgedrag • Gemakzucht De ledigingsfrequentie van de OC’s dient daarom optimaal te zijn; en storingen dienen zoveel mogelijk te worden voorkomen en zo snel mogelijk te worden opgelost als ze zich voordoen. In geval van een volle of defecte container wordt van gebruikers feitelijk gevraagd om hun zak restafval aan te bieden bij een andere OC in de binnenstad. Een deel zal echter in de verleiding komen om de zak toch ter plekke achter te laten. En zodra er één zak naast staat is de drempel voor de volgende gebruiker al lager om ook zijn zak achter te laten (i.e.

kopieergedrag). Door gerichte communicatie en zo mogelijk op termijn via informatie op de OC-locatie zelf en/of via een dashboard (zie 5.3) zullen gebruikers sneller de keuze maken om inderdaad naar een andere OC te gaan. Daarnaast vindt ook bewust ontwijkgedrag plaats en worden de OC’s ook als de plek bij uitstek gezien om daar andere afvalstromen zoals grof afval, oud papier en/of plastic+-zakken achter te laten (gemakzucht). Het bijsturen van dit gedrag is ongrijpbaarder en een taaie kwestie. Kortom: Dar en gemeente kunnen sturen op een deel van de onderliggende oorzaken voor de bijplaatsingen en zo een verbeterslag tot stand brengen; voor een ander deel gaat het om gedrag van bewoners en bedrijven. Door communicatie, toezicht en handhaving kunnen Dar en gemeente dit gedrag wel enigszins beïnvloeden, maar het gaat veelal om ingesleten patronen. Het vergt een lange adem om ongewenst aanbiedgedrag substantieel bij te sturen. Het is dan ook niet realistisch te verwachten dat het fenomeen van bijplaatsingen volledig is op te lossen; dat is in geen enkele stedelijke gemeente met OC’s het geval. De inzet moet zijn om de problematiek zoveel mogelijk terug te dringen zodat de mate van de overlast beperkt is. 21

Specifieke bevindingen en ervaringen •

Vaak hangen plastic+-zakken aan haken van de OC voor restafval. Die haken zijn daar niet voor bedoeld, maar inwoners zien het als een goede gelegenheid voor de ‘opslag’ van plastic+-zakken. Het bemoeilijkt de lediging van de ondergrondse containers en het verslechtert het straatbeeld, niet alleen als de zakken er hangen maar ook door aantrekken van en kapot maken door ongedierte en vogels. Door kopieergedrag wordt dit verergerd omdat men de indruk krijgt dat het ‘hoort’. Op een aantal plekken is echt overlast geweest. Er is nog geen specifieke communicatie op dit thema gericht geweest.

•

De wijkvegers van Dar komen in principe eens per dag, ook in het weekend, langs om vervuilde plekken op te ruimen en schoon te vegen. De bijplaatsingen worden dan meegenomen. Dar is van plan dit vaker te gaan doen. Voordeel is dat de wijkvegers de hotspots leren kennen en zich daar specifiek op kunnen richten. Nadeel is dat bewoners zien dat er wordt opgeruimd en ‘fout’ gedrag dus wordt beloond.

•

Op enkele plaatsen wordt aanhoudend overlast gemeld (stank en ongedierte door bijplaatsingen). Er is een kernteam waar diverse zaken worden besproken. Dar richt zich met name op uitvoering en preventie; toezicht en handhaving ligt bij de gemeente. De tijd die toezichthouders hieraan kunnen besteden is onvoldoende om een ‘afschrikeffect’ te hebben op inwoners.

•

Bijplaatsingen kunnen alle afvalstromen zijn, maar overwegend wordt ‘normaal’ en grof huishoudelijk afval en bedrijfsmatig afval aangetroffen. Ook, maar in mindere mate, oud papier en karton.

•

Bijplaatsingsproblematiek wordt niet cijfermatig gemonitord. Hotspots zijn wel in zicht bij het team Dumping en bijplaatsingen. Er is behoefte om beter in beeld te krijgen wat de feitelijke situatie is qua bijplaatsingen bij elke OC in de binnenstad en dat ook door de tijd te monitoren.

•

In het verleden was er ook sprake van dat zakken en ander afval gedurende de week aan de straat werd gezet en overlast gaf. De perceptie van het personeel van Dar is dat de plekken van bijplaatsing/vervuiling zich nu meer concentreren rond de OC’s en dat de hoeveelheid de afgelopen jaren is toegenomen. Een opmerking die daarover wordt gemaakt, is dat de OC schijnbaar door inwoners/ondernemingen wordt gezien als een plek waar het afval het beste bijgezet kan worden omdat Dar dat wel ziet en ophaalt.

•

Volgens het uitvoerende personeel van Dar hebben ook de volgende zaken bijgedragen aan de toegenomen hoeveelheid bijplaatsingen; • Corona; de mentaliteit van de inwoners lijkt hierdoor veranderd te zijn waardoor er minder aandacht is voor de omgeving; • Afschaffen van gratis ophaalmogelijkheid grof afval. Door het herinvoeren van deze mogelijkheid is het aantal afspraken duidelijk toegenomen. Het beeld is echter dat dit in de binnenstad niet heeft geleid tot een vermindering van dumping van grof afval. • Handhaving; de beperkte inzet op handhaving om inwoners en ondernemers aan te spreken op verkeerd aanbiedgedrag, wordt als een gemis ervaren.

22

8 Bijplaatsingsproblematiek 8.1

Algemeen

Bijplaatsing van afval bij de inwerpzuilen van ondergrondse containers is inmiddels een landelijk bekend verschijnsel. En daarmee ook het meest gebruikte argument door tegenstanders van ondergrondse inzameling. De ironie van ondergrondse afvalinzameling is dat het in de basis juist beoogt het straatbeeld te verbeteren, terwijl dat beeld door de bijplaatsingen omkeert en ook kan leiden tot andere ongemakken zoals ongedierte, stankoverlast en zwerfvuil. De situatie in Nijmegen is niet anders dan in andere (grotere) Nederlandse steden. Het rapport van de benchmark van de NVRD10 geeft aan dat bijna alle gemeenten (96%) die hebben deelgenomen aan de benchmark te kampen hebben met bijplaatsingen. De gemeenten die geen last hebben van bijplaatsingen zijn overwegend landelijk van karakter. Dit kan zijn omdat ze nauwelijks verzamelcontainers hebben of dat het aanbiedgedrag gewoonweg beter is (meer sociale controle). Gemiddeld bij 20% van de verzamelcontainers wordt structureel afval bijgeplaatst. Bij de meeste gemeenten (77%) wordt het bijgeplaatste afval direct na constatering en/of melding weggehaald, om meer bijplaatsingen te voorkomen. De overige 23% van de gemeenten verwijdert het afval op een vaste dag in de week of op de eerstvolgende ledigingsdag.

Om een duidelijk signaal af te geven dat het bijplaatsen van afval- en grondstoffen niet is toegestaan, kan de inzet van handhaving effectief zijn. Iets meer dan de helft van de gemeenten (53%) sturen hun handhavers alleen af op buitensporige bijplaatsingen (omvangrijk, gevaarlijk afval, verkeersonveilige plek). Bij 19% van de gemeenten gaan de handhavers nog wel af op iedere bijplaatsing. 16% van de gemeenten zetten nauwelijks tot geen handhaving in voor bijplaatsingen. Hier zitten logischerwijs ook de gemeenten bij die nauwelijks tot geen last hebben van bijplaatsingen (6%).

8.2

Situatie Nijmegen

Van de 37 OC-locaties in de binnenstad worden er 14 gezien als locaties waar bijna wekelijks bijplaatsingen zijn. Dit is onderzocht door stichting Goclean in augustus 2022. Van de overige 23 OC-locaties is een aantal locaties (ca 10-15) waar praktisch nooit bijplaatsingen zijn. Bij de andere komt het sporadisch (1 keer per maand) voor. Op de 14 locaties met veel bijplaatsingen is een maand lang gemonitord op het karakter en de hoeveelheid bijplaatsingen. De uitkomsten van het onderzoek vormen wellicht geen representatief beeld, maar geven wel interessante informatie. Deze paragraaf geeft het algemene beeld dat tijdens de monitoring is ontstaan. Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar: • • •

10

De aard van de bijplaatsing De staat van de container De staat van de directe omgeving

Benchmark huishoudelijk afval, Analyse peiljaar 2022

23

8.2.1 Aard van de bijplaatsing Plastic+ De meest aangetroffen bijplaatsing zijn zakken met plastic+ (252 zakken). Inwoners wachten niet tot de inzameldag, maar hangen de zakken veelal op aan de haken van de OC’s alsof ze daar ook voor bedoeld zijn. Mogelijk verkeert men in zelfs in de veronderstelling het zo ‘goed te doen’.

Zakken met restafval Verder waren er bijplaatsingen van 81 rode/groene zakken en 173 ‘andere’ zakken. Aan deze vorm van bijplaatsing kunnen diverse oorzaken ten grondslag liggen. In de eerste plaats kan het het gevolg zijn van technische storing (de container opent niet) of een volle container. Al is het de bedoeling dat men dan een nabijgelegen container gebruikt óf de zak weer mee naar huis neemt; kennelijk heeft een aantal inwoners daar niet zoveel zin in. Een andere oorzaak is minder ‘onschuldig’ en dat betreft het bewust willen vermijden van kosten. Logischerwijs geldt dit waarschijnlijk vooral voor de ‘andere’ zakken; de rode en groene zijn immers al betaald.

Andersoortig afval: grof afval en oud papier/karton

Bij de overige bijplaatsingen ging het met name om grof huishoudelijk afval/meubels en oud papier/karton. Ook werd een grote hoeveelheid ‘glazen voorwerpen’ geregistreerd; mogelijk gaat het niet alleen om flessenglas en heeft men getwijfeld of dit wel in de glasbak thuishoort.

Zwerfafval

Ten slotte is nog gerapporteerd over zwerfafval. Dit bleek over het algemeen genomen vrij weinig voor te komen rondom de OC’s, met uitzondering van een aantal specifieke locaties (Eerste Walstraat, van Welderenstraat). Een enkele keer is ook gerapporteerd dat er wel afval lag, ‘maar waarschijnlijk van opengereten zakken’. 8.2.2 Staat van de container Over de staat van de container is gerapporteerd in 3 klassen: goed, ok en slecht. Het algemene beeld is dat de staat van de containers veelal als goed en ok wordt beoordeeld. Het oordeel ‘slecht’ komt sporadisch voor en heeft vooral betrekking op roest en besmeuring met afvalresten. Dit is een belangrijk gegeven omdat een in slechte staat verkerende container eerder aanleiding geeft tot bijplaatsing. 8.2.3 Staat van de directe omgeving Ook de staat van de directe omgeving is een factor van invloed als het gaat om bijplaatsingen. Ook hier is het algemene oordeel veelal ok en goed, hoewel de laagste beoordeling hier wel wat 24

vaker voorkomt dan bij de containers zelf. Specifiek is dat het geval bij de Eerste Walstraat, van Welderenstraat, maar dat hangt vanzelfsprekend samen met de eerdere opmerkingen met betrekking tot zwerfafval. 8.2.4 Conclusies Uit dit beperkte onderzoek lijkt geconcludeerd te kunnen worden: • Als het gaat om bijplaatsingen moet vooral aandacht worden geschonken aan oplossingen voor plastic+ zakken en restafvalzakken. Waarschijnlijk ligt het grootste deel van de oplossing in communicatie en handhaving. • Er moet een continue monitoring plaatsvinden om een representatief beeld per locatie te ontwikkelen en daar beleid op te maken.

8.3

Oplossingsrichting

Bijplaatsingen horen bij ondergrondse inzameling. Dat lijkt een gegeven. De relevante vraag is niet hoe het verschijnsel volledig voorkomen kan worden, maar zoveel mogelijk vermeden en aan te pakken indien het zich voordoet. De hoofdlijnen voor een oplossingsrichting moeten worden gevonden in: - meer inzicht in en betere sturing op (meldingen van) storingen en volle containers en - het intensiever sturen op gedrag middels gerichte communicatie(-middelen) én een intensievere inzet van toezicht en handhaving. Beide hoofdlijnen grijpen op elkaar in en kunnen niet zonder elkaar. Dit moet zich vertalen in een samenhangende en duidelijke aanpak hoe om te gaan met bijplaatsingen. Vanzelfsprekend zijn er veel gemeenten die in hun specifieke situaties de meest effectieve aanpak reeds hebben gevonden. Wij zullen dan ook diverse gemeenten consulteren op dit thema. Van belang is ons vooral te richten op gemeenten die dezelfde kenmerken hebben als gemeente Nijmegen. Daarnaast kunnen we gebruik maken van de ‘handreiking voorkomen bijplaatsingen’ die is opgesteld door Rijkswaterstaat, Nederland Schoon en de NVRD. In de handreiking wordt in beginsel het belang van samenwerking benadrukt tussen: • Afvalinzameling • Reiniging • Handhaving • Beheer • Communicatie • Wijkzaken/wijkcoördinator

25

9 Conclusies en aanbevelingen Afvalinzameling in ondergrondse containers brengt duidelijke voordelen met zich mee. Die voordelen worden ervaren door de belangrijkste stakeholders de gebruikers: inwoners en ondernemingen. Met name worden genoemd loopafstand, toegankelijkheid, gebruiksgemak en het (24/7) kwijt kunnen van het afval. Het overgrote deel van beide populaties is voorstander van het doorgaan met ondergrondse afvalinzameling. Ook Dar is tevreden met en een groot voorstander van ondergrondse afvalinzameling. Vanzelfsprekend onderschrijft zij de voordelen voor inwoners, maar heeft natuurlijk ook meer bedrijfsmatige argumenten die van belang zijn voor een inzamelaar: lagere arbeidsbelasting voor inzamelend personeel, verminderde personeelsdruk en eenheid in inzamelmethodiek en voertuigen. Echter, net als in veel andere grotere Nederlandse gemeenten, brengt ondergrondse afvalinzameling een groot nadeel met zich mee: bijplaatsingen, die naast het onaangename straatbeeld vervolgens kunnen leiden tot overlast zoals stank, ongedierte en zwerfafval.

Na 5 jaar ervaring met ondergrondse afvalinzameling in de binnenstad van Nijmegen kan geconcludeerd worden dat het systeem functioneert en overwegend tot tevredenheid leidt, maar dat er ook zaken verbeterd moeten worden om meer grip en sturing te krijgen op de bijplaatsingen; dat ook in het besef dat deze problematiek niet volledig oplosbaar is. De verbeteringen moeten samenkomen in een duidelijke aanpak hoe om te gaan met bijplaatsingen. Die verbeteringen richten zich op 3 hoofdzaken: 1. Technische optimalisatie: voorkomen en oplossen van storingen en volle containers 2. Registratie, monitoring en analyse: waar komen welke klachten voor en welke acties passen daarbij? 3. Communicatie en handhaving om te sturen op het aanbiedgedrag Niet-uitputtend wordt een aantal specifieke actiepunten genoemd in de context van verbetering: Technische optimalisatie De technische optimalisatie is er vooral op gericht dat storingen en het “vol” zijn van een OC zich zo weinig mogelijk voordoen en in voorkomende gevallen spoedig worden opgelost.

Daarbij valt onder meer te denken aan: • (technische) haalbaarheid dat bij elke OC de status informatie inzichtelijk is voor de gebruiker over de status van de OC (storing, vol, x beschikbare ledigingen) • De ontwikkeling van een dashboard-app zodat gebruikers thuis kunnen achterhalen wat de status van de OC’s is en welke OC beschikbaar is en ruimte heeft • Onderzoek of het oppakken van storingen en opruimen van vervuiling rondom de OC’s in het weekend wenselijk en realiseerbaar is • De toepassing van sensors in de OC’s om de vulgraad te monitoren, hetgeen een accurater beeld geeft over hoe vol een OC is en leidt tot een optimalisatie van de inzamelroutes; • Onderzoek van de mogelijkheden om een OC ook te kunnen openen met een smartphone

26

Registratie, monitoring en analyse Problemen bij OC’s kunnen leiden tot bijplaatsingen en daarmee overlast-situaties. Daarom is het van belang om inzicht te hebben welke type problemen zich hoe vaak voordoen bij elke OC. Daarmee kan gerichter acties worden ingezet én kunnen de effecten daarvan ook meetbaar worden gemaakt. Daarin passen de volgende elementen: • een eenduidige en specifieke registratie van de inkomende meldingen/storingen door gebruikers of omwonenden over een OC en de afhandeling ervan • Een structurele monitoringsystematiek van de aard en omvang van voorkomende bijplaatsingen bij elke OC (analoog aan de analyse van Goclean) • Analyse van alle data om de aard en omvang van overlast per OC inzichtelijk te maken • Komen tot een coherente aanpak van overlast-situaties (bv technisch, communicatief, handhaving) • Afspraken over normen en inspanningsverplichtingen De hoofdlijnen voor een oplossingsrichting moeten worden gevonden in: - meer inzicht in en betere sturing op (meldingen van) storingen en volle containers en - het intensiever sturen op gedrag middels gerichte communicatie(-middelen) én een intensievere inzet van toezicht en handhaving. Beide hoofdlijnen grijpen op elkaar in en kunnen niet zonder elkaar. Communicatie en voorlichting: De communicatie naar en van gebruikers is tot op heden vooral projectmatig van aard geweest.

Omdat communicatie een belangrijke bijdrage kan leveren aan het juiste aanbiedgedrag en het terugdringen van overlast-situaties, is het zaak om op meer structurele basis met de gebruikers in gesprek te gaan, Welk middel wanneer het beste kan worden ingezet wordt mede bepaald door de mate van overlast ter plekke en kan dus verschillen per OC; denk aan de inzet van push-berichten op de Dar-app of de inzet van afvalcoaches. Aandachtspunten zijn in elk geval: • Communicatie op het juiste gebruik van de OC’s om verklemmingen te voorkomen. • Informatie aan bewoners dat alle OC’s in het netwerk gebruikt kunnen worden. • Communicatie gericht op het verkrijgen van (meer) draagvlak en medewerking voor het juiste gebruik van een ondergrondse container door te wijzen op de voordelen en de gevolgen bij verkeerd aanbiedgedrag (straatbeeld, stank, ongedierte). • Gerichte communicatie over inzameldag Plastic+ • Aanstellen coördinator Binnenstad (integraal verantwoordelijk voor de frisheid van de binnenstad en communiceert met inwoners, bedrijven, afac, private inzamelaars, enzovoorts) Toezicht en handhaving: Om te kunnen sturen op een correct aanbiedgedrag is handhaving een onontbeerlijke schakel. Niet alleen in de binnenstad maar stadsbreed. Bewust verkeerd aanbiedgedrag kan anders niet worden gecorrigeerd en leidt tot het voortduren van overlast-situaties.

De afgelopen jaren was de beschikbare capaciteit, kennis en ervaring ontoereikend. Daarom is het van belang om de handhavingscapaciteit voor afvalbeheer structureel te vergroten zodat we adequaat op overlastsituaties in de (binnen)stad kunnen acteren.

27

Bijlagen: rapportages O&S bewoners en ondernemers Apart bijgevoegd.

28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=2e84fd11-872f-4375-a513-a61d778fe641