CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Debatstuk Kansengelijkheid III - Wonen wijk en meedoen

Besluitronde (raadsvergadering) 14 juli 2021, gemeente NijmegenBij agendapunt: Debatstuk D66 Kansengelijkheid III, Wonen, wijk en meedoen (DEBATSTUK)2.552 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kansengelijkheid III Wonen, wijken en meedoen

Inleiding Kansengelijkheid bleek in onze vorige notities nauw verbonden met onze ideeën over onderwijs en gezondheid. Hoe de mens zich ontwikkelt tot de mens die hij kan zijn en hoe iedereen daarin dezelfde kansen kan krijgen, is het begin van ons politiek handelen.

Waarom is dit zo belangrijk voor D66? Even een stuk filosofie in gewone taal. D66 is een sociaal-liberale partij. Dat betekent in een notendop het volgende: We vinden dat de overheid een afspraak is tussen mensen. Er is geen hoger gezag, of ‘heilig’ doel: de overheid is er voor en door ons. We vinden dat die overheid ons onder omstandigheden vrijheden af mag nemen. Vrijheden zijn eindeloos, totdat ze een ander schaden. Daarom hebben we rode stoplichten, keurmerken op speelgoed en vinden we dat slechts de overheid geweld mag gebruiken. Vrijheden zijn er om dingen te mogen, maar ook om dingen te kunnen: We mogen zaken doen met wie we willen, en tegelijk hebben we de vrijheid om te leren, zodat we met onze hersens en handen kunnen worden, wie we kunnen zijn. Die vrijheid kent voor ons een hele belangrijke voorwaarde: Vrijheid is pas rechtvaardig, als mensen er gelijkwaardig gebruik van kunnen maken. Als je school niet kunt betalen, is die school geen rechtvaardige vrijheid. Maar als de overheid zorgt dat onderwijs voor iedereen toegankelijk is, dan is dat daarentegen een uitstekend voorbeeld van de rechtvaardige vrijheid. Er is een ongrijpbaar deel aan die kansengelijkheid. Het blijkt dat als je kinderen met een gelijk IQ, op dezelfde school zet, ze toch een significant andere kans hebben op een bepaald uitstroomniveau.

Het blijkt ook dat, ondanks eenzelfde opleiding, er een verschil is tussen kansen op een stage. En het blijkt ook dat als je in sommige wijken woont, het veel moeilijker is om een hogere opleiding dan je ouders te gaan doen. Terwijl dat in andere wijken eigenlijk best vaak voorkomt. Je wijk. Je vrienden. Je gewenste werkgever. Allemaal stukjes maatschappij waar je deel vanuit maakt. En waar je soms ook gewoon klaar mee bent, doordat je je ongelijk behandeld voelt. Dan kan het van kwaad tot erger worden; als je klaar bent met de maatschappij, is die maatschappij nog lang niet klaar met jou. En al deze factoren maken dat je omgeving een cruciaal onderdeel is van onze ideeën over kansengelijkheid. Gelijkwaardigheid als enige rechtvaardigheid is niet alleen iets waar we de gemeente direct iets in kan veranderen. Het gaat vaak over alles in de omgeving van de mens. Maar we gaan toch beginnen om acht voorstellen te doen.

Kansengelijkheid I, II en III Deze notitie (de derde in de rij) focust op Kansengelijkheid in relatie tot de omgeving waarin je opgroeit. Of beter gezegd, een van de grote pijlers waarop kansengelijkheid steunt: hoe kan het dat in een wereld waar veel dingen best goed geregeld zijn voor iedereen het toch zo bepalend is waar je vandaan komt? Elk van deze notities zal gepaard gaan met een aantal voorstellen aan de gemeenteraad. Meestal in de vorm van concrete moties. Kansenongelijkheid begint na de laatste schoolbel, zei D66-kamerlid Van Meenen er eens over. De verschillen in sociaal-economische status tussen kinderen op school wordt nog actief verkleind, maar na de laatste schoolbel mag de een naar vioolles en de ander mag het uitzoeken. De een hangt uren op straat rond, terwijl een ander kind wordt meegenomen naar cultuur en de bibliotheek. En deze verschillen hebben vaak te maken met de achtergrond en omgeving waar we mee te maken hebben. ‘Meedoen’ wordt ook vaak ingegeven door het gevoel mee te kúnnen doen. Behandelt de overheid je net als iedereen? Hoe is je kans op een baan, als je achternaam niet “De Vries” is? We proberen in de notitie (zelfs nog minder dan in de vorige twee), te doen alsof we dit probleem integraal kunnen veranderen door gemeentelijk beleid.

De totale emancipatie van bevolkingsgroepen, het meedoen aan de maatschappij en de keuzes die individuen maken: het verandert niet in een paar jaar en zeker niet op last van een gemeentelijke overheid. Maar er zijn opmerkelijk veel kleine dingen die we wel kunnen doen.

Meedoen voor iedereen In de vorige notities over kansengelijkheid ging het vaak over tastbare en concrete problemen. Problemen die een onrechtvaardigheid in zich hadden, omdat ze lieten zien hoe groepen mensen ongelijkwaardig in een bestaande situatie bevoor- of benadeeld. Heel vaak is het niet zwart-wit. Mensen nemen minder deel aan de maatschappij, vanuit een verbittering of een gevoelde onrechtvaardige behandeling. Hun wereld kan kleiner worden en de mate waarin het logisch voelt om mee te doen aan het werkzame of maatschappelijke leven verdwijnt. De politiek kan niet op persoonlijk niveau oordelen of dit gevoel terecht is. Ook is het moeilijk om in algemene zin uitspraken te doen over of mensen mee moeten doen, of dat keuzevrijheid minstens zo belangrijk is. Wat de politiek wel kan is zorgen dat vertrouwen blijft bestaan. Vertrouwen dat de overheid je als partner met je omgaat. En vertrouwen dat er geen moeras zo diep kan worden, dat de overheid je er niet uit zou kunnen willen helpen.

Water als ondergrens Als gevolg van betalingsproblemen worden jaarlijks bij zo’n 5 -25 huishoudens het water afgesloten. Er is gelukkig een regeling waardoor getroffen huishoudens dan water in losse bewaarmiddelen krijgen. Dat is zo’n 12 liter per persoon per dag. Daar moet men van drinken, koken en zich wassen. Het is aanmerkelijk minder dan de minimale 50 liter die de WHO als absoluut minimum stelt om gezondheidsproblemen te voorkomen. En zelfs deze regeling is lang niet altijd bekend bij de getroffen huishoudens. De concrete actie die wij voorstellen: 1. Huishoudens als gemeente Nijmegen te informeren over de mogelijkheid tot het aanvragen van bewaarmiddelen bij afsluiting op basis van de ‘Regeling afsluitbeleid voor kleinverbruikers van drinkwater’ of op andere vormen van ondersteuning wijst. 2.

Een onderzoek te starten over de effecten en kosten van het verhogen van de hoeveelheid aangeboden water te verhogen van 12 naar 50 liter per persoon per dag. Bij dit onderzoek dienen ook de effecten en kosten in kaart gebracht te worden van de optie tot het niet afsluiten van huishoudens.

3.

De resultaten van dit onderzoek zo snel mogelijk, maar uiterlijk op 1 oktober 2021 voor te leggen aan de raad.

Meedoen kan, en kan beter We kennen in Nijmegen vele minimaregelingen. Denk in ieder geval aan bijstand, bijzondere bijstand, Meedoen-regelingen en stichting Leergeld. Enorm waardevolle regelingen, omdat ze niet alleen gaan over kunnen blijven eten of slapen, maar ook juist omdat ze tot doel hebben om mensen mee te laten doen. Het dient niemand om mensen weg te laten zakken in een moeras van armoede, om vervolgens een stukje van hun leven (inkomen) te repareren. Veel beter is het om mensen deel te laten nemen aan de maatschappij, en tegelijk te werken aan eventuele onderliggende problemen. Daarbij zijn kinderen van een extra groot belang: zoals in Kansengelijkheid I reeds gesteld, zijn zij niet alleen slachtoffer van de acute armoede, maar moeten zijn door brede, rijke ontwikkeling ook behoed worden voor het automatisch erven van de kansen en problemen van hun ouders.

De minimaregelingen in Nijmegen zijn divers. En voor de doelgroep die wellicht al moeite heeft om aan te kloppen bij een ander, kan dit oerwoud wel eens te veel zijn:

Daarbij speelt een rol, dat sommige regelingen niet door de gemeente zelf worden uitgevoerd. En dat sommige regelingen ook weer op een andere grondslag kijken wie er deel aan mag nemen. Wij menen dat menig raadslid de vraag ‘waar kan ik terecht als mijn kind wil hockeyen en ik €1900 per maand verdien’ niet meteen kan beantwoorden, en dat na bezoek aan bovenstaande site er nog vele vragen open staan. De concrete actie die wij voorstellen: 1. Te komen tot één webapp, die na enkele inleidende vragen kan laten zien welke regeling op de aanvrager van toepassing zijn. In deze app wordt uitgegaan van de gewenste activiteit en in ieder geval de minimaregelingen betrokken die hierboven zijn genoemd

Gelijkwaardig stagelopen Stage lopen is in veel middelbaar en hoger onderwijs onderdeel van het verplicht curriculum. Toch geven studenten met een Marokkaanse achtergrond aan bijna twee keer zo vaak ‘heel veel moeite’ te hebben met het vinden van een stage als studenten met een autochtone achtergrond (15,9% tegenover 8,9%). Dat discriminatie op de arbeidsmarkt bestaat is in zichzelf al erg, maar dat studenten in hun ontwikkel- en onderwijspad deze onrechtvaardige drempel ervaren is een regelrechte scheefgroei van levens. Zeker nu in 2018 door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap werd geconcludeerd dat signalen van stagediscriminatie vaker niet dan wel worden gemeld door studenten, stagebegeleiders en mbo-scholen. De concrete actie die wij voorstellen: 1. Naar voorbeeld van Amsterdam en Utrecht, ‘mystery guests’ in te zetten om stagediscriminatie op te sporen.

Overheid als gesprekspartner Artikel 12 van het Internationaal Verdrag Inzake de Rechten van het Kind stelt dat kinderen het recht hebben om mee te denken en te praten over onderwerpen die ook hun leven aangaan. Dat lijkt ook D66 Nijmegen in alle bescheidenheid niet meer dan logisch. Nijmegen heeft een waardevolle kinderraad, maar die gaat niet verder dan groep 6 van het basisonderwijs. De concrete actie die wij voorstellen: 1. Te starten met een jongerenvragenuur waar jongeren tot en met 18 jaar met een zelfgekozen vraag in de raadzaal in gesprek gaan met leden van het college van B&W. Deze vraag is voorafgaand ingestuurd en kan individueel tot stand komen, maar is bij voorkeur een voortvloeisel van een klassikale discussie over dit onderwerp op bijv. het basis- voortgezet, middelbaar beroeps- of speciaal onderwijs. 2. In overleg te treden met Stichting Leergeld Nijmegen en het JongerenLab om samen een voorstel uit te werken voor het invoeren van een jongerenvragenuur vanaf 2022.

Overheid als verstaanbare partner Integratie begint met taal. De verwachtingen en wensen die D66 heeft ten aanzien van taalontwikkeling bij nieuwkomers zijn dan ook niet laag. Maar tot je de taal machtig bent, mogen de kansen die je in onze maatschappij hebt, niet zo veel ingeperkt worden, dat een onherstelbare scheefgroei ontstaat. Dit voorkomt extra drempels en problemen, en rekent ook af met de kip- en ei-dsicussie: Wat is er eerst, de deelname aan de taalcursus, of het begrip van het inschrijfformulier van de taalcursus.

Ook de EU is het met ons eens: in 2018 is al een voorstel in Brussel is besproken waarin is neergelegd dat alle gemeenten hun online diensten moeten vertalen in ten minste één andere Europese taal. Dat wil zeggen: voor alle eigen burgers en ondernemers moet beschikbare diensten worden aangeboden in ten minste één andere officiële Europese taal. Het doel hierachter is dat de producten en diensten van gemeenten toegankelijk worden voor burgers en ondernemers uit andere EU-lidstaten. De concrete actie die wij voorstellen 1. Bij het aanbieden van informatie van gemeentelijke producten en diensten wordt deze informatie (naast de Nederlandse taal) ook aangeboden in de meest gebruikte niet-Nederlandse talen, in ieder geval informatie die te maken heeft met gemeentelijke financiële ondersteuning en verkiezingen.

Meedoen is ontmoeten Ontmoeting tussen Nijmegenaren mag gerust een doel op zich worden genoemd. Luisteren, praten, begrijpen en leren. Over een succesvolle ontmoeting kan in zichzelf een boek worden geschreven, maar voor nu zouden wij graag de constatering willen doen dat ontmoetingen in Nijmegen zich vaak langs bestaande sociale lijnen aftekenen. De bestaande buurt, de sportclub of het terras van de wijnbar zorgen voor prettige en waardevolle ontmoetingen, maar ze slechten niet de grote sociaal-economische barrières in de stad. Activiteiten van Sterker, School’s Cool: er zijn gelukkig meerdere initiatieven om deze stedelijke scheidslijnen te doorbreken. Maar de bekendheid is niet groot en de drempels om bij de ‘best passende’ ontmoeting te komen zijn groot. De concrete actie die wij voorstellen 1. Een pilot te starten waarbij door middel van QR-codes op drukke plekken aangeboden wordt om tot ontmoeting te komen met een andere Nijmegenaar. Na aan laagdrempelige registratie wordt de aanmelder op de hoogte gebracht van de bestaande activiteiten in de stad om mensen met elkaar in gesprek te brengen. En, indien gewenst, vervolgens gekoppeld aan een ontmoeting.

Meebewegen in de wijk In 2020 was – middenin de pandemie- Vakantiewijksport een groot succes. Het zorgt voor voornoemde ontmoeting, het zorgt voor beweging en het was er voor iedereen. Helaas zag het voornamelijk op kinderen en jongeren. De concrete actie die wij voorstellen 1. In overleg te gaan met Bindkracht 10, de buurtsportcoaches en Sterker om een aanbod in de zomer van 2021 te creëren à la Vakantiewijksport voor alle leeftijdsgroepen

Een meebewegende wijk Tot slot een zware dobber. De ontwikkeling van mensen verloopt vaak langs wijkgrenzen. In Nijmegen zijn nog veel wijken die betrekkelijk veel sociale huurwoningen kennen (50-60% sociale huur). Deze wijken kennen weinig menging. Sociaal economische status is daar gemiddeld laag. De mensen die klimmen op de ladder van opleiding en inkomen verlaten de wijk. Dat klinkt als winst, maar de wijk blijft even kansarm achter als dat hij was. Omgang door kinderen met vriendjes uit andere sociaal economische achtergrond komt weinig voor. De sociale mobiliteit is zeer beperkt. De kaders voor deze omstandigheden zijn veelvormig en geen van allen op zichzelf verantwoordelijk voor deze lagere-kansenfuik. Maar in een vogelvlucht: Vroeger woonden in de volkshuisvesting vele

inkomensgroepen: Van niet-geschoolde fabrieksmedewerker tot en met de zich ontwikkelende arbeider die meewerkend voorman was geworden. Al deze diverse groepen spraken met elkaar in hun culturele leven, zuil of in de wijk. Tegenwoordig zijn er veel factoren die de bedoelde wijken gelijker hebben gemaakt: verhuurdersheffing (die leidde tot hogere huren én hogere huurstoeslag, dus meer lagere inkomens in de sociale voorraad), passend toewijzen (die corporaties dwong om deze lagere inkomens voorrang te geven in bepaalde wijken als gevolg van de daar beschikbare woningen) en het probleem dat er in de betrokken wijken niet geïnvesteerd kon worden voor inkomens tussen de huurtoeslaggrens en €38k per jaar. Althans niet door de corporaties, en de vrije markt is er niet in geïnteresseerd. Daarmee ontstaat een probleem dat naar de mening van D66 Nijmegen te weinig besproken wordt: Niet de eenvoudige hoeveelheid sociale huurwoningen is de kern van het probleem, maar de gemengdheid van woonomgevingen en het soort woningen dat er staat. Differentiatie binnen het sociaal segment, de nabijheid van middenhuur en andere woningen is belangrijker dan ‘veel goedkope huizen’. De concrete actie die wij voorstellen 1.

Voor de behandeling van de volgende Huisvestingsverordening of Woonvisie als raad het gesprek met experts aan te gaan over de kansenongelijkheid in de Nijmeegse wijken over in ieder geval de rol die woningcorporaties daarin spelen. 2. Als raad uit te spreken dat er meer middeldure huur in portefeuille moet komen bij de corporaties, in die wijken die baat hebben bij diversiteit.

Hoe verder? Deze notitie sturen wij aan de gemeenteraad, die over alle aspecten en voorgestelde acties kan debatteren. Wij hebben bij alle voorgestelde concrete acties moties voorbereid, maar zijn zeer zeker bereid nav het debat hier nog wijzigingen op aan te brengen. De meeste voorstellen zouden ons inziens op een brede steun kunnen rekenen, dwars door partij-ideologieën heen. Die brede steun is ons meer waard dan onze partijnaam boven een motie. We zien uit naar het debat over deze voorstellen, en houden ons aanbevolen voor verbetersuggesties!

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=87593618-1af4-4a71-a0e7-10f22e9006e9