CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

D27 d.d. 16 maart 2023 van Rekenkamer Nijmegen inzake Meta-analyse Jeugdhulp

Besluitronde (raadsvergadering) 5 april 2023, gemeente NijmegenBij agendapunt: Brieven van interne organen en adviescommissies ter kennisname (tenzij anders vermeld)1.633 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

De Rekenkamer neemt een onafhankelijke positie in binnen de gemeente Nijmegen.

Gemeenteraad Nijmegen

Postadres Gemeente Nijmegen BM60 Postbus 9105

In afschrift: fracties, college

6500 HG Nijmegen Bezoekadres Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen T 14 024 nijmegen.nl

Datum Betreft

16 maart 2023 Meta-analyse Jeugdhulp

Contactpersoon Jelly Smink j.smink@nijmegen.nl T 024 – 329 23 38 Ons kenmerk

Geachte leden van de gemeenteraad,

BM60/04/E23.000593

De Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR) maakt sinds enige tijd zogenaamde meta-dossiers voor onderwerpen die door veel rekenkamers zijn onderzocht. In zo’n meta-dossier worden rekenkamerrapporten over het betreffende onderwerp op een systematische manier ontsloten. Rekenkamers die dat onderwerp ook willen gaan onderzoeken, hebben daarmee een goed overzicht van mogelijke deelonderwerpen, onderzoeksvragen, aanpakken, normenkaders, conclusies en aanbevelingen. Ook aan anderen bieden deze meta-dossiers een schat aan informatie. Er zijn inmiddels meta-dossiers voor jeugdhulp, woonbeleid, informatiebeveiliging en schulphulpverlening. Deze zijn te vinden via: https://www.nvrr.nl/metadossiers/

Recent is op basis van het meta-dossier Jeugdhulp een meta-analyse opgesteld. In de bijlage bij deze brief hebben wij de aanbevelingen uit deze meta-analyse voor het jeugdhulpveld opgenomen1. Wij informeren u hierover, omdat wij denken dat deze – samen met de informatie uit onze brief van 23 december 2022 betreffende de Regiovisie Jeugdhulp - belangrijke informatie voor u bevat ter voorbereiding op de vaststelling van het regioprogramma jeugd. In zijn brief van dd. 7 maart 2023 betreffende de voortgang van het regioprogramma jeugd heeft het college aangekondigd dat het u deze voor de zomer van 2023 ter vaststelling voorlegt.

1

De gehele meta-analyse is te vinden via: https://metadossierjeugd.nvrr.nl/

Gemeentelijke Rekenkamer Nijmegen

Pagina 1 van 5

Wanneer u vragen heeft naar aanleiding van deze brief, dan kunt u contact opnemen met mevrouw J. Smink (secretaris van de Rekenkamer) via j.smink@nijmegen.nl of 024 – 329 23 38. Met vriendelijke groet,

G. Backus Voorzitter Rekenkamer Nijmegen

J. Smink Secretaris Rekenkamer Nijmegen

Bijlage: Aanbevelingen voor het jeugdhulpveld uit meta-analyse Jeugdhulp NVRR

Gemeente Nijmegen

Pagina 2 van 5

BIJLAGE: Aanbevelingen voor het jeugdhulpveld uit meta-analyse Jeugdhulp NVRR In deze bijlage zijn de aanbevelingen voor het jeugdhulpveld uit de meta-analyse Jeugdhulp van de NVRR opgenomen. Achtereenvolgens gaat het om:  De toelichting op de aanbevelingen  Aanbevelingen voor:  raden, colleges en regionale samenwerkingsverbanden deze aanbevelingen hebben wij in een rood kader opgenomen  aanbieders van jeugdhulp en inkooporganisaties  het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Toelichting op de aanbevelingen Vanuit de analyse van het metadossier Jeugdhulp kunnen lessen worden getrokken voor het jeugdhulpveld en de actoren die daarbinnen functioneren. In deze rapportage is daarvoor in het bijzonder gekeken naar de gevolgen van de invoering van de Wet verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen. Dit wetsvoorstel zal naar verwachting grote gevolgen hebben voor het jeugdveld. De belangrijkste wijzigingen zijn de verplichte regionale samenwerking en het opstellen van een regievisie hierin. Met name voor complexe en specialistische jeugdhulp dient de regionale samenwerking een aanpak te organiseren. Tegen deze achtergrond komen wij tot aanbevelingen voor de verschillende actoren in het jeugdhulpveld: (1) de raad, het college en de regionale samenwerkingsverbanden, (2) hulpaanbieders en (3) het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Daarbij worden adviezen geformuleerd op basis van deze nieuwe ontwikkelingen. Aanbevelingen voor raden, colleges en regionale samenwerkingsverbanden De analyse van het metadossier toont aan dat er onvoldoende aandacht is geweest voor het formuleren van concrete doelstellingen voor de jeugdhulp. De aandacht ging nadrukkelijker uit naar de organisatie en inrichting van de jeugdhulp.

Bij de invoering van de nieuwe wet verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen bestaat het risico dat het formuleren van beleid en concrete doelstellingen voor de jeugdhulp wederom onvoldoende aandacht krijgt in de raad en het college. Daarmee loopt de raad het risico dat het zijn kaderstellende rol en controlerende rol vanaf de start onvoldoende invult. Daarom wordt geadviseerd om de kaderstellende rol van de raad in de vorming van de regiovisie zorgvuldig in te vullen. Het is de verantwoordelijkheid van de raad om zich een mening te vormen over de regiovisie. De voornaamste les uit dit metaonderzoek is dat het inrichten van de lokale jeugdhulp is gerealiseerd, maar dat daarbij de kaders voor uitvoering door het college vaak onvoldoende geconcretiseerd zijn. Voor de verplichte regionalisering van jeugdhulp zijn inrichting en kaderstelling beide van belang. In dat opzicht kunnen raden en colleges op drie manieren hun positie in de nieuwe regiovisie bepalen, waarbij ook kan worden onderzocht welke niet-verplichte zaken door de regio kunnen worden uitgevoerd.

Gemeente Nijmegen

Pagina 3 van 5

1.

Starten vanuit de raad Iedere lokale raad in de regio kan zijn eigen visie en kaders meegeven aan zijn college, voordat het college in een regionaal overleg de visie vaststelt. Dit heeft als risico dat het een moeilijke mix wordt van verschillende lokale belangen met een lang besluitvormingsproces tot gevolg. 2. Starten vanuit de regio De tweede manier is starten vanuit de regio, waarbij bijvoorbeeld via regionale werkgroepen een gezamenlijk visie wordt gevormd. Vervolgens is het aan de lokale raden hierop te reageren. Hierbij bestaat het risico dat de raad zijn rol onduidelijk vindt bij de vorming van de regiovisie. Tevens toont het metadossier aan dat raden vaak het gevoel hebben pas op het laatste moment bij het beleid betrokken te worden en te weinig ‘echte’ opties te krijgen van het college. Indien de regionale visie op deze manier tot stand komt, dienen op voorhand duidelijke afspraken te worden gemaakt tussen college en raad. 3. Instellen van een regioraad Tot slot is de derde manier om een regiovisie op jeugdhulp te ontwikkelen het instellen van een regioraad. In dat geval zijn de lokale raden rechtstreeks bij de vorming van de regiovisie betrokken via hun deelnemer(s) in de regioraad. Elk van de bovengenoemde manieren voor het ontwikkelen van de regiovisie op jeugdhulp vraagt om een gecoördineerd proces.

Het gaat om lokale verkenningen, regionale analyse, gezamenlijke uitwerking, het bepalen van een integrale visie en tot slot besluitvorming op lokaal en regionaal niveau. Dit metaonderzoek toont daarbij het belang aan van het concretiseren van doelen en het vaststellen van indicatoren, zowel kwalitatief als kwantitatief, voor monitoring en verantwoording op twee niveaus: van de regio als geheel, maar ook van de individuele gemeenten. Voor de visievorming en kaderstelling voor de samenwerkende gemeenten kan overigens ook gebruik worden gemaakt van de standaarden die hiervoor door de VNG zijn ontwikkeld2. Aanbevelingen voor aanbieders van jeugdhulp en inkooporganisaties Op grond van dit metaonderzoek kunnen ook aanbevelingen voor aanbieders van jeugdhulp en inkooporganisaties worden geformuleerd. Sinds 1 januari 2022 moeten nieuwe aanbieders van jeugdhulp voldoen aan de meldplicht uit de Wet Toetreding Zorgaanbieders (Wtza)3. Daarmee zijn zij bekend bij de Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd. Bestaande aanbieders van jeugdhulp hebben de tijd zich te melden tot 1 juli 2022 4. In de Wtza is de openbaarmakingsplicht van de jaarverantwoording door de aanbieders van jeugdhulp opgenomen. De zogeheten niet solistische jeugdhulpaanbieders leggen daarmee jaarlijks openbaar (financiële) verantwoording af over de bestedingen en

2

De VNG heeft, naast standaarden voor het elektronisch berichtenverkeer tussen gemeenten en

jeugdhulpaanbieders, ook standaarden ontwikkeld voor contracten en controleprotocollen. Ook heeft de VNG de Norm voor Opdrachtgeverschap Jeugd opgesteld. De VNG en het programma Zorg voor de Jeugd ondersteunen samenwerkende gemeenten in de Jeugdregio. 3

Dit geldt ook voor solisten en ZZP-ers.

4

Voor organisaties die alleen jeugdhulp (dat wil zeggen geen jeugdzorg) aanbieden, geld geen

vergunningplicht en de plicht over een interne toezichthouder te beschikken.

Gemeente Nijmegen

Pagina 4 van 5

prestaties volgens een wettelijk voorgeschreven format (Ministerie van VWS, 2022)5. Dit onderzoek toont aan dat de jaarverantwoording van aanbieders van jeugdhulp vaak niet overeenkomt met de informatiebehoefte van de raad. Dit betekent dat aangeleverde informatie met voornamelijk financiële verantwoording mogelijk wel voldoet aan de letter van de wet, maar niet aan de informatiebehoefte die de raad nodig heeft om zijn kaderstellende en controlerende taak uit te voeren. De raad wordt daarom geadviseerd zijn informatiebehoefte duidelijk kenbaar te maken, waarbij de gemeente afspraken kan maken met de individuele aanbieders en organisaties om hieraan te voldoen. Aanbevelingen aan het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Het Ministerie van VWS is, samen met het Ministerie van Justitie en Veiligheid, ‘systeemverantwoordelijk’ voor het gedecentraliseerde stelsel van jeugdhulp (Ministerie van VWS, 2021). Hierbij is de minister van VWS verantwoordelijk voor:  Regisseren van het wettelijk kader De Jeugdwet bevat regels waaraan gemeenten, aanbieders van jeugdhulp en andere partijen moeten voldoen op het gebied van toegang, kwaliteit en beleidsinformatie. Naast het toezicht door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd op de aanbieders van jeugdhulp, is het Ministerie van VWS verantwoordelijk voor monitoring en evaluatie van de jeugdhulp.

 Financieren Het Ministerie van VWS financiert de gemeenten via het Gemeentefonds voor de uitvoering van de jeugdhulp.  Stimuleren Onder andere via een landelijke kennisinfrastructuur wil het Ministerie van VWS stimuleren dat de actoren in het jeugdhulpveld de jeugdhulp merkbaar en meetbaar beter maken voor de cliënt. Dit metaonderzoek toont aan dat de informatie die landelijk over jeugdhulp wordt verzameld, zoals bijvoorbeeld de monitor Jeugd van het CBS, nog niet wordt gebruikt voor de beoordeling van de effectiviteit en efficiency van de jeugdhulp op lokaal niveau. Mede in het licht van de verplichte regionale samenwerking van de jeugdhulp, op grond van de verwachte invoering van de Wet verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen, geven wij het Ministerie van VWS in overweging de landelijk te verzamelen informatie over de jeugdhulp op lokaal niveau aan te vullen met meer ‘beleidsrijke’ gegevens. Onder beleidsrijke gegevens verstaan wij informatie die een oordeel over effectiviteit en efficiency van de uitvoering van het jeugdbeleid mogelijk maakt. Wellicht kan hierbij een verbinding worden gelegd met het verbeteren van ‘beleidsrijke’ informatie in het wettelijk voorgeschreven format voor de jaarverantwoording door aanbieders van jeugdhulp.

5

Dit zijn alle bedrijfsmatige jeugdhulpaanbieders, behoudens ZZP-ers.

Gemeente Nijmegen

Pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=504220a1-2f23-4b3e-aab9-31ee03510e5a