CJM van Zuylen – van Blokland - Bestemmingsplan Nijmegen Midden_Geredigeerd.pdf
Tekst van het document
Aan de raad van de gemeente Nijmegen griffie@nijmegen.nl
Betreft:
Inspraakreactie mevr CJM van Zuylen – van Blokland inzake raadsvoorstel bestemmingsplan Nijmegen Midden 2015-7 (Vossenlaan 44) IDN: NL.IMRO.0268.BPa2007-VG01
Nijmegen, 7 januari 2022 Geachte leden van de Raad,
Ik ben er voorstander van dat het terrein aan de Vossenlaan 44 een bestemming krijgt voor bewoning met daarnaast een maatschappelijke zorgfunctie. Toch heb ik bezwaren tegen dit nieuwe bestemmingsplan.
Motivatie bezwaar Voor de bezwaren die ik tegen dit plan heb, sluit ik mij volledig aan bij de bezwarenbrief zoals deze ook bij u is ingediend door de Stichting Hart voor de Hazenkamp d.d. 5 januari 2022. (zie bijlage 1). Tevens verwijs ik u opnieuw naar mijn zienswijze brief van 19 april 2021 die ik onvoldoende weerlegd vind in uw reactie van 16 dec 2021.
Graag verneem ik uw reactie op bovenstaande bezwaren. Hoogachtend,
Mevr. CJM van Zuylen – van Blokland
Aan de leden van de Raad van de Gemeente Nijmegen Betreft: Reactie op het Collegevoorstel inzake het bestemmingsplan Nijmegen-Midden 2015 - 7 (Vossenlaan 44) IDN: NL.IMRO.0268.BPa2007-VG01 Nijmegen, 5 januari 2022 Geachte leden van de Raad, Eind december ontvingen wij het raadsvoorstel met betrekking tot het gewijzigd vast te stellen bestemmingsplan Nijmegen-Midden 2015 - 7 over de ontwikkeling van het terrein bekend als Vossenlaan 44. Wij zijn over dit voorstel zeer teleurgesteld en willen in het bijzonder de aandacht van uw Raad vragen voor een aantal ons inziens ernstige tekortkomingen, waardoor u met betrekking tot uw besluitvorming op het verkeerde been wordt gezet. •
Bij het opstellen van het bestemmingsplan heeft de koopovereenkomst met de planontwikkelaar duidelijk geprevaleerd boven ruimtelijke uitgangspunten, zoals het principe van een goede ruimtelijke ordening dat vereist. Dit wordt onder meer bevestigd door de bepaling in de overeenkomst dat voor elke woning die er minder gebouwd kan worden, de gemeente een bedrag aan de ontwikkelaar is verschuldigd.
•
De koopovereenkomst heeft bovendien geen deel uitgemaakt van een openbare aanbesteding, waarbij ook andere dan deze planontwikkelaar waren betrokken. Een dergelijke voorrangsbehandeling, waardoor andere planontwikkelaars geen open en eerlijke kans hebben gekregen, is volgens een recente uitspraak van de Hoge Raad (26 november 2021) niet toegestaan.
•
In de beantwoording van de zienswijzen wordt verwezen naar de met de planontwikkelaar gesloten overeenkomst. Daarmee zou de financiële haalbaarheid van het bestemmingsplan geborgd zijn. De inhoud van de koopovereenkomst is echter niet openbaar gemaakt en in de financiële paragraaf van het plan wordt geen enkel inzicht in dit aspect geboden. In zijn algemeenheid is dan ook voor belanghebbenden niet duidelijk of het bestemmingsplan ook daadwerkelijk uitvoerbaar is. Daarnaast is geen antwoord gegeven op onze zienswijze of rekening is gehouden met in de toekomst in te dienen planschadeclaims en of met betrekking tot dit aspect een planschaderisicoanalyse is verricht. Dit aspect is mede bepalend voor de financiële haalbaarheid van het bestemmingsplan.
•
In de bij het raadsvoorstel gevoegde aanbiedingsbrief wordt ten onrechte de indruk gewekt dat dit plan in samenspraak met de omwonenden tot stand is gekomen; dat dus sprake zou zijn geweest van een vorm van participatie. Gedurende het gehele planproces hebben de buurtbewoners en wij als Stichting Hart voor Hazenkamp geen samenspraak ervaren. Dat voor de participatie het zogenaamde stappenplan ter zake is doorlopen, zoals in de beantwoording van de zienswijzen wordt gesteld, doet daaraan niet af. De stichting ontvangt een bijdrage uit het budget wijkactiviteiten/bewonersinitiatieven van de gemeente Nijmegen
•
De suggestie dat dit plan aansluit op de behoefte in de wijk aan doorstroming naar kleinere woningen, laat misleidend ongenoemd dat die behoefte heel duidelijk vraagt om kleinere KOOP-woningen. Uit recent landelijk onderzoek blijkt dit te gelden voor de meeste Nederlandse gemeenten. De planontwikkeling gaat daarentegen uit van enkel, grotendeels kleine, huurwoningen.
•
In de beantwoording van de zienswijzen wordt gesteld, dat het bestemmingsplan bijdraagt aan de gemeentelijke ambities gericht op de realisering van woningen voor onder andere één- en tweepersoonshuishoudens, starters en senioren. In het bestemmingsplan zijn echter enkel de maximale aantallen woningen genoemd: 41 zorgwoningen een 111 appartementen voor (beschut) wonen. De gewenste nadere woningtypering/-categorisering, zoals sociale woningen, is niet in het bestemmingsplan geregeld en dus niet gewaarborgd. Voor een bouwaanvraag die voorziet in andere dan de gewenste woningtypen/-categorieën (nu of later) kan dus de omgevingsvergunning niet worden geweigerd. Voor zover bekend is een en ander ook niet vastgelegd in de koopovereenkomst.
•
De cijfers met betrekking tot luchtkwaliteit, waaruit zou blijken dat geen sprake is van een verslechtering, zijn misleidend, omdat deze bepaald worden met betrekking tot het gehele gebied. In het geheel is echter geen rekening gehouden met de concentratie van de condities op één specifiek punt, zoals de (deels verdiepte) toegang tot de parkeergarage.
•
Gesteld wordt dat de volume-overschrijding (bestaand schoolgebouw – geplande nieuwbouw) met 1.026 m3 marginaal en daardoor aanvaardbaar is. Het gaat hier echter in wezen om de oppervlakte van een hele woonlaag van 12 appartementen met een gemiddelde oppervlakte van 32 m2. Dit is zeker geen marginale overschrijding.
•
In de zienwijzennota wordt niet ingegaan op de beperking van de leefruimte voor de bewoners, zowel de nieuwe als de bestaande. Deze leefruimte zal door de planontwikkeling veel kleiner worden dan bij vergelijkbare appartementengebouwen in de omgeving.
•
Onze vrees voor geluidweerkaatsing en dus -overlast van geluid tussen de gebouwen wordt in de zienswijzennota erkend, maar met voldoende reliëf in de gevels en absorberende materialen op de bodem tussen de gebouwen kan dat worden tegengegaan, zo wordt gesteld. Deze geluidbeperkende maatregelen zijn echter niet geregeld in het bestemmingsplan en een huidig schetsplan biedt geen garantie, dat deze uiteindelijk ook worden uitgevoerd.
Uit dit voorstel van het College blijkt dat van burgerparticipatie in Nijmegen - ondanks eerder gedane toezeggingen - nog steeds geen sprake is. Wij verzoeken u dit vaststellingsvoorstel niet over te nemen en het College van Burgemeester en Wethouders opdracht te geven om het bestemmingsplan zodanig aan te passen dat daarin rekening wordt gehouden met de wensen van de omwonenden van Vossenlaan 44. Met vriendelijke groeten,
A.Schattenberg, secretaris, namens de stichting Hart voor Hazenkamp.
De stichting ontvangt een bijdrage uit het budget wijkactiviteiten/bewonersinitiatieven van de gemeente Nijmegen