Brief Veiligheidsberaad aan staatssecretaris JenV inzake Voortgang bestuurlijke afspraken doorstroom migratie
Tekst van het document
Veiligheidsberaad Postbus 7010 6801 HA Arnhem Kemperbergerweg 783, Arnhem www.veiligheidsberaad.nl info@veiligheidsberaad.nl 026 355 24 99
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid Vertrouwelijkheid
Afschrift aan: De leden van de Tweede Kamer der Staten Generaal
openbaar Ons kenmerk
V026-2022
Datum Onderwerp
19 oktober 2022 Voortgang bestuurlijke afspraken doorstroom migratie
Hooggeachte heer Van der Burg, Op 26 augustus j.l. ondertekende het Veiligheidsberaad de bestuurlijke afspraken doorstroom migratie om uit de opvangcrisis te komen en blijven. In die afspraken staat dat de veiligheidsregio’s zich inspannen om meer plekken crisisnoodopvang te realiseren en deze open te houden tot 1 januari 2023. In deze bestuurlijke afspraken zijn ook voorwaarden gesteld om perspectief te bieden op een lange termijn oplossing. Het Veiligheidsberaad constateert dat nog niet aan alle voorwaarden is voldaan. Spreidingswet is essentieel voor een structurele oplossing De enige wijze om voldoende, structurele opvangplekken voor asielzoekers te realiseren is als alle gemeenten hun verantwoordelijkheid nemen. Op dit moment zijn er zo’n 200 gemeenten die dit nog niet doen. Onderdeel van de bestuurlijke afspraken was dan ook het vóór 1 oktober aanbieden van de zogenaamde ‘spreidingswet’ aan de Tweede Kamer. Tot op heden is dit niet gebeurd. Het Veiligheidsberaad vraagt u met klem om deze wet zo snel mogelijk aan te bieden ter consultatie, en doet een beroep op de politiek om hiervoor brede steun uit te spreken. Het is van belang om gemeenten zo snel mogelijk duidelijkheid te bieden en helder te communiceren wat de nieuwe wet voor hen betekent.
Het gaat dan om inzicht geven in hoe gemeenten gestimuleerd en ondersteund worden bij het realiseren van opvang, en wat de gevolgen zijn als zij niet aan de wet voldoen. Dit gaat gemeenten aansporen om nu al in actie te komen in de aanloop naar de nieuwe wet. Naast het realiseren van voldoende opvang voor asielzoekers is het voor de doorstroom in de asielketen essentieel dat er versnelling komt in het huisvesten van statushouders. Duidelijk inzicht in de opgave Om de volledige opgave duidelijk in beeld te brengen vragen ik u om op korte termijn inzicht te geven in de taakstellingen per gemeente (inclusief eventuele achterstanden) voor de rest van 2022 en voor 2023. Het betreft dan alle vier de opvangsporen: asielzoekers, AMV’ers, statushouders en Oekraïnse ontheemden.
Pagina
2/3
Een realistisch transitieplan Het is vanuit humaan perspectief onwenselijk om asielzoekers langdurig in crisisnoodopvang van de veiligheidsregio’s op te vangen. Bovendien behoort opvang van asielzoekers niet tot de taken van de veiligheidsregio’s. Daarom is in de bestuurlijke afspraken vastgelegd dat alle crisisnoodopvang vóór 1 januari 2023 wordt overgedragen aan het COA, en dat de werkwijze hiertoe wordt vastgelegd in een transitieplan. Op 10 en 17 oktober j.l. heeft het Veiligheidsberaad met u gesproken over dit transitieplan. Het Veiligheidsberaad onderschrijft de beschreven richting in het transitieplan, maar is van mening dat hierbij een realistische planning hoort. Gezien de omvang van het aantal nog te realiseren opvangplekken en het personeelstekort bij COA en IND acht het Veiligheidsberaad een overdracht vóór 1 januari 2023 onhaalbaar. Ik vraag u daarom om de volgende meer realistische planning toe te passen. Deze brengt een fasering aan om stapsgewijs de voortgang te monitoren: ➢
Uiterlijk 1 januari 2023 ligt er een plan per veiligheidsregio, met daarin omschreven per inliggende gemeente én voor de gehele veiligheidsregio: • Welke bestaande crisisnoodopvang (CNO) van de veiligheidsregio’s na 1 januari 2023 geschikt en beschikbaar is om door het COA te transformeren naar (tijdelijke) noodopvang of reguliere opvang. Daarbij hoort een uitwerking van hoe en wanneer het COA de coördinatie en bemensing kan organiseren en overnemen, met go/no-go momenten. Hiervoor is het noodzakelijk dat het Rijk schriftelijk aan de veiligheidsregio’s een duidelijke definitie geeft wanneer opvanglocaties meetellen voor de regionale opgave en wanneer zij vallen onder de landelijke opgave. • Voor alle vier de opvangsporen (asielzoekers, AMV’ers, statushouders, en Oekraïense ontheemden) overzicht van de volledig te realiseren taakstelling en hoeveel plekken men tekort komt ná overdracht van de crisisnoodopvang van de veiligheidsregio’s aan het COA. • Een uitwerking hoe COA en gemeenten de opgave per opvangspoor vóór 1 juli 2023 gaan realiseren. Het is voor regio’s mogelijk om meer in te zetten op huisvesting statushouders dan op het realiseren van noodopvang, mits daarmee aan de totale opgave voor de regio wordt voldaan. Het COA levert hier dan een actieve bijdrage aan. • Een beschrijving van de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor de opgave op de vier opvangsporen.
Het uitgangspunt is dat de verantwoordelijkheid ligt bij het lokaal gezag (college en gemeenteraad) conform de nieuwe spreidingswet en wettelijke taak in het huisvesten van statushouders. Het plan beschrijft ook wat de gewenste rol is van de Provinciale Regietafel. Dit kan in elke regio anders zijn, afhankelijk van de regionale situatie en opgave. Bij het uitwerken van het plan hebben veiligheidsregio’s de ruimte om te bepalen met wie en in welk construct ze het plan maken. Dat kan binnen alleen de eigen veiligheidsregio’s maar ook met meerdere regio’s samen.
Pagina
3/3
➢
Uiterlijk 1 april 2023 houdt de crisisnoodopvang op, en vallen alle opvanglocaties onder coördinatie en verantwoordelijkheid van het COA. Dit betekent dat: • Op deze datum alle crisisnoodopvang van de veiligheidsregio’s is beëindigd of door het COA is omgezet naar (tijdelijke) noodopvang of reguliere opvang, conform hierboven genoemde regioplan. Met de overdracht van geschikte locaties aan het COA wordt al vóór 1 januari 2023 gestart. • Het COA aan zet is om tijdig voldoende noodopvang of reguliere opvang te realiseren om aan de totale opgave te voldoen. Van veiligheidsregio’s wordt niét verwacht dat zij alternatieve plekken aanbieden ter vervanging van crisisnoodopvang die niet kan worden overgedragen. • Het COA vanaf 1 april de coördinatie en verantwoordelijkheid heeft over alle opvanglocaties. De veiligheidsregio’s hebben dan slechts een rol indien in het COA in de desbetreffende regio een specifieke ondersteuningsvraag heeft. Die ondersteuningsvraag kan niet zijn het coördineren van een opvanglocatie.
➢
Uiterlijk 1 juli 2023 hoeven veiligheidsregio’s geen enkele vorm van ondersteuning meer te bieden aan het COA.
Het Veiligheidsberaad blijft graag met u in gesprek om de voortgang van deze stappen te volgen. Tot slot merk ik op dat het voor het realiseren van dit tijdspad cruciaal is dat aan de voorwaarden uit de bestuurlijke afspraken wordt voldaan. Het gaat dan onder meer om de structurele versterking van COA en IND, de realisatie van vier gemeenschappelijke vreemdelingen locaties, uitvoering van de politieke keuzes, en uiteraard het realiseren van de eerdergenoemde ‘spreidingswet’. De opgave die voor ons ligt blijft groot. Maar als we daadkrachtig uitvoering geven aan de gemaakte afspraken, heeft het Veiligheidsberaad er alle vertrouwen in dat we uit deze crisis komen en blijven. Met vriendelijke groet,
H.M.F. Bruls Voorzitter Veiligheidsberaad