CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Brief aan gemeenten over het beleidskader gemeentelijk standplaatsenbeleid

Besluitronde (raadsvergadering) 20 oktober 2021, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Evaluatie en aanvraag verlenging artikel 10 Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (88/2021) (DEBATSTUK), beslispunten 1 t/m 32.950 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ministerie van Binnenlandse Zaken en

Koninkrijksrelaties

> Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag Ministerie van

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018

2500 EA

DEN HAAG

Binnenlandse Zaken en

Koninkrijksrelaties Turfmarkt 147

Den Haag Postbus 20011

2500 EA Den Haag Kenmerk

2018-0000865108 Uw kenmerk

Datum Betreft

18 DEC 2018 Brief aan gemeenten over het beleidskader gemeentelijk standplaatsenbeleid

In het Algemeen Overleg van 18 oktober 2018 heb ik toegezegd een brief aan de gemeenten te sturen om enkele aspecten van het beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid te verduidelijken.

Hierbij bied ik u een afschrift van deze brief aan, die heden aan alle colleges van Burgemeester en Wethouders van de gemeenten in Nederland is verzonden. In het Verslag Algemeen Overleg van 14 november heb ik de motie van de leden

Koerhuis en Ronnes overgenomen (Kamerstukken II, 2018-2019, 32 847, nr. 445), die vraagt om een overzicht van de protest- en kraakacties, waar de knelpunten zitten en hoe die kunnen worden opgelost. Bijgaand treft u dit overzicht aan, dat logischerwijs deels achterhaald kan zijn op het moment dat u deze brief ontvangt, Voor de oplossingen van de knelpunten verwijs ik naar bijgevoegde brief. Om een einde te maken aan de actie ligt de oplossing naar mijn oordeel voor een belangrijk deel in het aangaan van het gesprek tussen gemeente en de woonwagenbewoners. In een flink aantal gemeenten zijn de protestacties beeindigd. In een aantal lopen ze nog.

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

drs. K.H. Olldngn

Pagina 1 van 4

Ministerie van

Binnenlandse Zaken en

Koninkrijksrelaties Kenmerk

2018-0000865108

Overzicht demonstrates en acties van

woonwagenbewoners stand van zaken 14 december 2018 Gemeente

Mill en Sint Hubert

Gebeurtenis

De Brabantse gemeente Mill en Sint Hubert heeft een kort geding aangespannen tegen een groep

woonwagenbewoners die sinds 23 September een stuk grond in Mill bezetten. De gemeente wil dat de woonwagenbewoners met hun caravans vertrekken. De woonwagenbewoners voeren actie omdat ze vinden dat er in de gemeente niet genoeg standplaatsen zijn. Inmiddels Nissewaard

is deze actie beeindigd. In Spijkenisse demonstreerde een aantal woonwagenbewoners door het claimen van een

groenstrook. Een caravan van deze woonwagenbewoners is in brand gestoken, waarna een bewoner met ademhalingsproblemen overgebracht moest worden naar het ziekenhuis.

Beek

Smallingerland

Buren

De woonwagenbewoners stopten met de demonstratie op 30-11-2018. In december bespreekt de gemeente met de woonwagenbewoners een plan van aanpak voor het tekort aan standplaatsen. De actie is gestaakt. De woonwagenbewoners die op een parkeerplaats in Beek bivakkeerden om aandacht te vragen voor het tekort aan standplaatsen (in de regio is er is een wachtlijst van 77 woonwagenbewoners), hebben na een gesprek met de wethouder op 9 november 2018 besloten terug te gaan naar hun oude plekken. Beek inventariseert in januari 2019 de hoeveelheid standplaatsen die nodig zijn specifiek in de gemeente Beek. De actie is opgeschort. Er was een demonstratie op het voormalig woonwagenkamp bij Drachstercompagnie. De actie is gestaakt. Sedert 12-10-2018 caravans op afgesloten terrein aan de Nieuwslagseweg, op voormalig woonwagenkamp, hier moest men op 25-10-2018 vertrekken (uitspraak rechter), nu heeft men de demonstratie verplaatst (zonder overleg met gemeente) naar een openbare parkeerplaats. De bewoners gaan in februari in gesprek met de gemeente Buren om in Ingen of Maurik een nieuwe permanente plek te vinden. De actie is opqeschort.

Leudal

In het centrum van Heythuysen hebben zo'n dertig woonwagenbewoners een stuk grond dat de gemeente te koop heeft gezet voor een aantal dagen bezet. Zij vroegen hiermee aandacht voor het tekort aan standplaatsen. Na

een toezegging van de gemeente dat zij medio 2019 in haar nieuwe woonwagenbeleid rekening gaat houden met de woonwensen van woonwagenbewoners, is de actie

Pagina 2 van 4

Ministerie van Binnenlandse Zaken en

Koninkrijksrelaties Kenmerk 2018-0000865108

Heerlen

Maastricht

Zoetermeer

Rijssen-Holten

Nuth

Alkmaar

Heerhugowaard Renkum

Overbetuwe

Papendrecht

opgeschort. Woonwagenbewoners voeren al sinds begin oktober actie voor meer standplaatsen door een terrein aan de Cronjestraat te bezetten. Heerlen heeft geen grote bezwaren tegen het uitbreiden van het aantal standplaatsen voor woonwagens, maar wil daar alleen onder bepaalde voorwaarden toe overgaan. De actie is opgeschort. Sinds 12 oktober demonstratie woonwagenbewoners op twee plekken in Maastricht vanwege uitsterfbeleid. De gemeente wilde de betoging verbieden omdat het in strijd zou zijn met het bestemmingsplan, maar de voorzieningsrechter wees dit af. In januari is er een gesprek voorzien tussen de bewoners en de gemeente. De actie loopt nog. Woonwagenbewoners uit Zoetermeer voeren actie tegen de volgens hen slechte behandeling door de gemeente. De bewoners vinden dat gemeenten meer standplaatsen moeten creeren. De actie is opgeschort. Op een woonwagenlocatie aan de Reigerstraat in Rijssen wordt actie gevoerd. Drie gezinnen, die er met caravans en een tent zijn neergestreken, willen er een standplaats. De actie loopt nog. In Nuth is de entree naar het vroegere kamp aan de Spoorstraat bezet. Zij wachten volgens een van de actievoerders al 21 jaar op nieuwe standplaatsen. Een tiental woonwagenbewoners demonstreerde voor meer standplaatsen.

Nadat de gemeente heeft zich positief heeft uitgesproken over een extra locatie voor de woonwagenbewoners en de woonwagenbewoners heeft uitgenodigd heeft voor een gesprek, is de demonstratie opgeschort. Woonwagenbewoners demonstreren om aandacht te vragen voor meer standplaatsen. Demonstratie met twee kampeerwagens en twee tenten door een groep van ca. 20 voormalige woonwagenbewoners die een gesprek met de burgemeester eisten. Dat gesprek heeft plaatsgevonden. De actie is opgeschort. Spijtoptanten willen een eigen kamp met zes standplaatsen. Om deze wens kracht bij te zetten reizen ze door het dorp. Uiteindelijk besliste de rechter dat de actie beeindigd moest worden. De actie is opgeschort. Demonstratie met spandoeken, de woonwagenbewoners wensen standplaatsen voor hun kinderen. De actie loopt nog.

Utrecht

Bewoners in onder andere IJsselstein en Utrecht hadden

gedemonstreerd. Daarmee pleitten ze voor meer

Pagina 3 van 4

Ministerie van Binnenlandse Zaken en

Koninkrijksrelaties Kenmerk 2018-0000865108

Best

Zwolle

Peel en Maas

woonwagenplaatsen, omdat volgens de vereniging duizenden mensen wachten op een standplaats. Na overleg met de gemeente is de demonstratie opgeschort. Demonstratie met spandoeken voor het gemeentehuis door tientallen boze Sinti. Aanleiding was het recent afzetten van twee ontruimde vakken terwijl er onvoldoende vakken zijn. Zij hebben een gesprek gehad met burgemeester, die verwacht dat de behoefte in januari duidelijk is. Daama wordt gekeken wat men kan doen in regionaal verband. De actievoerders verblijven op een parkeerplaats bij een volkstuinencomplex en zeggen pas weg te gaan als er in Zwolle meer standplaatsen komen. Op korte termijn 250 staanplaatsen nodig op basis van inventarisatie woonwagenbewoners. De actie loopt nog. Er werd gedemonstreerd omdat de gemeente weigert standplaatsen aan te leggen. De woonwagenbewoners staakten hun demonstratie nadat de gemeente dreigde met boetes.

Haarlem

Capelle aan den IJssel

Boxmeer

Harderwijk

Stein

In navolging van acties bij tal van woonwagenkampen elders in het land zijn ook bewoners aan de Oorkondelaan in de Haarlemse Slachthuisbuurt een protest begonnen voor meer standplaatsen. Woonwagenbewoners hebben caravans op de lege plaatsen gezet om zo aandacht te vragen voor bewoners die graag op het kamp willen wonen maar geen toestemming kregen van de gemeente en woningcorporatie Havensteder. Na een akkoord bereikt tussen de actievoerders, de gemeente Capelle en woningcorporatie Havensteder is de actie beeindigd. Woonwagenbewoners in Boxmeer hebben hun actie gestaakt. Dat gebeurde na de toezegging van de gemeente Boxmeer naar een geschikte locatie voor een woonwagenkamp te zoeken. Er werd gedemonstreerd met spandoeken omdat de woonwagenbewoners meer staanplaatsen willen. Gemeente gaat onderzoeken hoeveel standplaatsen er nodig zijn. Een amendement met betrekking tot het opnemen in de Woonvisie van de behoefte aan woonwagenstandplaatsen is unaniem aangenomen in de Raadsvergadering. Ook hier voeren Sinti actie. In Stein bezetten ongeveer 50 Sinti een parkeerplaats vlakbij het gemeentehuis. Vanwege het tekort aan standplaatsen staan veel kinderen van Sinti illegaal, men verlangt standplaatsen en legalisatie door de gemeenten. Er is op 8 november een gesprek geweest.

Stein beoogt een integrale aanpak van de problematiek van de Sinti en heeft recent besloten deze aanpak in 2019 door te zetten.

Pagina 4 van 4

AFSCHRIFT

Ministerie van Binnenlandse Zaken en

Koninkrijksrelaties

Aan de colleges van Burgemeester en Wethouders

Directoraat-Generaal Bestuur en Wonen

Directie Woningmarkt Contactpersoon Frenk Wiersma T

0621702452

frenk.wiersma@minbzk.nl

Kenmerk

2018-0000865258 Uw kenmerk

Datum

18 DEC 2018

Betreft

Toelichting op het Beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid

Geacht college van Burgemeester en Wethouders,

Op 23 juli 2018 heeft mijn ministerie het Beleidskader gemeentelijk woonwagenen standplaatsenbeleid aan u gestuurd1. Dit beleidskader reikt gemeenten het mensenrechtelijke kader aan waarmee zij het lokale woonwagenbeleid kunnen ontwikkelen. Daarbij is u verzocht te bezien in hoeverre uw beleid in

overeenstemming is met de mensenrechten die moeten worden gerespecteerd bij het vaststellen van het gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid.

Na de publicatie van het beleidskader heb ik van verschillende gemeenten vragen gekregen over de status en reikwijdte hiervan. Nadat zich enkele voorvallen en

acties hebben voorgedaan, is de aandacht voor het beleidskader toegenomen en daarmee ook het aantal vragen. Met deze brief ga ik op deze vragen in. Aanleiding voor een nieuw beleidskader

Het vorige (inmiddels vervallen) kader voor dat rijksbeleid was vastgelegd in diverse Kamerstukken, brochures en handreikingen. Aan gemeenten werden meerdere beleidsopties aangereikt waaruit, afhankelijk van de lokale omstandigheden, gekozen kon worden. Een van de beleidsopties die werd aangegeven was de mogelijkheid van een nuloptie, die bekend staat als uitsterfbeleid2.

Uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, oordelen en advies van het College voor de Rechten van de Mens, de erkenning van de woonwagencultuur als immaterieel cultureel erfgoed en uiteraard ook het rapport

van de Nationale ombudsman3 hebben geleid tot het inzicht dat het woonwagenen standplaatsenbeleid zoals dat tot dan toe werd gevoerd, op rijksniveau en vaak ook op lokaal niveau, onvoldoende rekening houdt met het mensenrechtelijk kader en dat een herziening van het woonwagen- en standplaatsenbeleid op dit

1 Brief 23 juli 2018, kenmerk 2018-0000644451 2 Betreft de handreiking van ministerie van VROM: Werken aan woonwagenlocaties, 2006.

3 Rapport NOM 'Woonwagenbewoner zoekt standplaats', 17 mei 2017. Pagina 1 van 4

Directoraat-Generaal Bestuur en Wonen

Directie Woningmarkt Kenmerk

vlak noodzakelijk was. Dit richt zich in elk geval op het uitsterfbeleid als

2018-0000865258

hierboven benoemd.

Consequenties voor beleid

Het nieuwe beleidskader van juli 2018 beschrijft de mensenrechtelijke kaders die gerespecteerd dienen te worden voor met name de woonbehoefte en woonvorm

van woonwagenbewoners. Het is niet het beleidskader dat vraagt om een eventuele herziening van het lokale beleid, maar het zijn de mensenrechten van woonwagenbewoners die in het beleidskader zijn beschreven en die nopen tot een

herziening van dat beleid. Het beleidskader gaat niet in op de mogelijke inzet en bevoegdheden van gemeenten op andere beleidsterreinen dan het

huisvestingsbeleid van woonwagenbewoners, zoals de door een aantal gemeenten genoemde bestrijding van ondermijnende activiteiten en criminaliteit. Het

beleidskader staat dat ook niet in de weg. Ook laat het beleidskader ruimte om te sturen op locatie en omvang van woonwagenlocaties.

Met het beleidskader kunnen gemeenten toetsen of hun lokale beleid in lijn is met het mensenrechtelijk kader. Alleen van de gemeenten die strijdigheid in het beleid vaststellen, worden aanpassingen verwacht. Dit betreft in elk geval gemeenten die een uitsterfbeleid voerden.

Het beleidskader geeft in geen geval een grondslag om zich standplaatsen zonder toestemming en de benodigde vergunningen toe te eigenen. Ik betreur de situatie die in sommige gemeenten is ontstaan, waarbij gemeenten en woonwagenbewoners naar aanleiding van acties van woonwagenbewoners tegenover elkaar zijn komen te staan. Acties, zoals het bezetten van gemeentelijke gronden of kraken van standplaatsen, helpen niet om de constructieve dialoog tussen woonwagenbewoners en gemeenten verder te brengen. Dat geldt in versterkte mate in die situaties waarbij demonstranten

gemeentelijke grond claimen. Mijn ministerie kan de gemeenten waar dit speelt ondersteunen.

Reele verwachtingen

Met gemeenten stel ik vast dat het tijd kost om de benodigde wijzigingen in het

beleid doorte voeren. De zorgvuldigheid vraagt dat ook. Lokale situaties zijn verschillend. Specifiek als het gaat om met elkaar de woonruimteverdeling, huurvormen en woonvormen beter af te stemmen op de woonbehoefte. Ook zal in voorkomende gevallen de gemeenteraad betrokken moeten worden bij de vaststelling van bijvoorbeeld een bestemmingsplan en het beschikbaar stellen van

budgettaire middelen. Daarnaast staat in het Interbestuurlijk Programma dat provincies worden betrokken bij het standplaatsenbeleid. Dit alles vraagt om een gecodrdineerde interbestuurlijke aanpak.

Zoals ook bij het ontwikkelen van woningen het geval is zullen de voorbereidingen de nodige tijd kosten om tot een zorgvuldige en rechtmatige inpassing te komen. Ook kunnen beperkingen in de ruimte die beschikbaar is het realiseren van

voldoende aanbod belemmeren. Net als op de rest van de woningmarkt kunnen daardoor (tijdelijke) tekorten ontstaan waardoor gewacht moet worden totdat geschikte woonruimte beschikbaar komt. Daar staat tegenover dat er zich lokaal Pagina 2 van 4

Directoraat-Generaal Bestuur en Wonen

Directie Woningmarkt Kenmerk

ook mogelijkheden voor kunnen doen waardoor op kortere termijn extra aanbod gerealiseerd kan worden. Bijvoorbeeld als er standplaatsen niet gebruikt worden en er toewijzingsbeleid is op basis waarvan de plekken in gebruik kunnen worden

2018-0000865258

genomen. Door de grote verscheidenheid in de lokale situaties dient lokaal te

worden beoordeeld wat redelijke termijnen zijn. Gesprekken gemeenten en woonwagenbewoners

Ik meen dat een goede ontwikkeling van het gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid in uw gemeente gebaat is met een constructieve dialoog tussen gemeente, woningcorporatie(s) en woonwagenbewoners. Voor deze

dialoog is inzet van alle partijen nodig. De opzet van een dergelijke dialoog, maar ook de beleidsontwikkeling en -uitvoering vragen tijd en slagen alleen bij wederzijds vertrouwen. In dat licht betreur ik, zoals al opgemerkt, dat in sommige gemeenten, gemeenten en woonwagenbewoners door de acties van

woonwagenbewoners tegenover elkaar zijn komen te staan.

Op 24 oktober 2018 hebben vertegenwoordigers van mijn ministerie gesproken met vertegenwoordigers van 20 gemeenten. Deze gemeenten gaven aan dat zij met het beleidskader aan de slag gaan en wezen erop dat de uitwerking van het beleidskader in het algemeen op lokaal/regionaal niveau tijd vergt en afstemming vraagt tussen onder andere woningcorporaties, politie, brandweer, buurtbewoners en de woonwagenbewoners zelf. De gemeenten vroegen verder aandacht voor (ondermijnende) criminaliteit die ook plaatsvindt op bepaalde woonwagenlocaties. Hierop ga ik hieronder nader in. Ook gaven de gemeenten aan zich ongemakkelijk te voelen bij de acties van woonwagenbewoners en dat zij daarvan veel hinder ondervinden.

Op 25 oktober 2018 is door vertegenwoordigers van mijn ministerie gesproken met vertegenwoordigers van de woonwagenbewoners. De vertegenwoordigers van de woonwagenbewoners gaven aan zelf niet aan deze acties deel te nemen, dan wel hiertoe te hebben opgeroepen, maar ze ook niet te willen veroordelen. De vertegenwoordigers wezen op het recht op demonstratie, maar hebben wel

herhaald geadviseerd aan hun achterban de demonstraties ordelijk en zonder hinder te laten verlopen. De woonwagenbewoners vroegen wel begrip te hebben voor het ongeduld van de woonwagenbewoners met het oog op een groot tekort aan standplaatsen en de vele jaren dat zij reeds strijden voor een herziening van het beleid. Zij pleitten ervoor dat gemeenten het gesprek aangaan met de woonwagenbewoners om toe te lichten hoe de gemeente het beleidskader zal implementeren.

Op 29 november 2018 heeft een vertegenwoordiger van mijn ministerie gesproken met ambtenaren van een groot deel van de Limburgse gemeenten. Daar kwamen vooral praktische vragen rond het opstellen en uitvoeren van een nieuw woonwagenbeleid aan de orde. Een vergelijkbaar gesprek met de gemeenten in Twente is voorzien voor begin 2019.

Er zijn meerdere voorbeelden waarbij gemeenten en woonwagenbewoners in gezamenlijkheid zoeken naar mogelijkheden om invulling te geven aan een woonwagen- en standplaatsenbeleid dat past binnen de mensenrechtelijke Pagina 3 van 4

Directoraat-Generaal Bestuur en Wonen

Directie Woningmarkt Kenmerk

kaders. Dit biedt de kans om elkaar mee te nemen in de wensen, verwachtingen, voorwaarden en beperkingen die er over en weer zijn. Dit zal naast het nodige

2018-0000865258

geduld vooral vragen om wederzijds vertrouwen. (Ondermijnende) criminaliteit

Uit een aantal gemeenten komen signalen dat het beleidskader de aanpak van ondermijnende activiteiten en criminaliteit, die zich voor een deel kan afspelen op woonwagenlocaties, zou kunnen bemoeilijken. Zoals gezegd gaat het beleidskader alleen over de mensenrechten met betrekking tot de huisvesting van woonwagenbewoners. Dit staat dus volledig los van de gemeentelijke aanpak van (ondermijnende) criminaliteit. De aanpak van criminaliteit in algemene zin geldt niet specifiek voor een bepaalde bevolkingsgroep. Mijn collega van Justitie en Veiligheid en ik denken, vanuit onze verantwoordelijkheid voor de bestrijding van ondermijning, dat het van belang is om met elkaar te bekijken waar dergelijke risico's zich concreet voordoen en hoe deze vorm van criminaliteit het best kan

worden voorkomen en aangepakt. In het Strategisch Beraad Veiligheid hebben wij, samen met onder andere vertegenwoordigers van gemeenten, het onderwerp besproken. Daarnaast zijn wij graag bereid met gemeenten die op dit punt problemen ondervinden in gesprek te gaan. Uiteindelijk gaat het erom daar waar dit speelt een goede balans te vinden tussen beide doelstellingen: het respecteren van de mensenrechten van woonwagenbewoners en een adequate bestrijding van (ondermijnende) criminaliteit.

Ook met de vertegenwoordigers van de woonwagenbewoners is herhaaldelijk over dit onderwerp gesproken. De vertegenwoordigers delen de opvatting dat criminaliteit op woonwagenlocaties dient te worden aangepakt. Zij bepleitten dat het onderzoek specifiek gericht moet zijn op degenen die hierbij betrokken zijn. Ondersteuning

Sinds het verschijnen van het beleidskader is er vanuit het ministerie op verschillende wijze ondersteuning geboden aan gemeenten om het beleidskader nader te duiden. Hiervoor hebben onder andere gesprekken in het land plaatsgevonden, als hierboven beschreven. De komende tijd zal mijn ministerie dit voortzetten als daar behoefte aan is.

Het is inmiddels gebleken dat er daarnaast tal van uitvoeringsvragen naar voren komen. Ik wil de gemeenten graag helpen met de beantwoording van deze vragen en daarom onderzoek ik de mogelijkheden om een informatie- en expertisepunt op het terrein van woonwagen- en standplaatsenbeleid in te richten. Hierover wordt u nog nader gemformeerd. De Tweede Kamer stuur ik een afschrift van deze brief.

Hoogachtend, De minister van

3innenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

drs. K.H. Oil

Pagina 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=8d2a1849-7d7b-4a42-a473-4ab4146794c7