Brief aan de raad Motie Stevig inzetten voor een Klimaatbestendig Nijmegen
Tekst van het document
Postadres Gemeente Nijmegen
Aan de gemeenteraad van Nijmegen
Postbus 9105 6500 HG Nijmegen Bezoekadres Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen T 14 024 nijmegen.nl
Datum Onderwerp
Contactpersoon Annemarie ter Schure a.ter.schure@nijmegen.nl T 024 – 329 0625721414
7 januari 2025 Beantwoording raadsmotie Stevig inzetten voor een klimaatbestendig Nijmegen
Ons kenmerk D241081590
Geachte leden van de raad, Op 31 oktober heeft het college de klimaatadaptatiestrategie vastgesteld, waarover u per brief bent geïnformeerd. Deze strategie voorziet in doelstellingen voor wateroverlast, droogte en hittestress en in een uitvoeringsagenda. Ook hebben we 10 prioritaire gebieden aangewezen. Tijdens de bespreking van de Contourennotitie Omgevingsvisie in de gemeenteraad op april 2024 heeft u de motie “Stevig inzetten voor een klimaatbestendig Nijmegen” aanvaard. In de motie roept u het College op om: 1. 2.
3.
Bijlage(n) Bijgevoegd: Ja
In de omgevingsvisie het ‘streven’ dat voor 2035 alle prioritaire gebieden klimaatbestendig zijn om te zetten naar een daadwerkelijke doelstelling; Te onderzoeken of de implementatie van een (strengere) groennorm voor nieuwe ontwikkelingen én de bestaande stad in de omgevingsvisie kan bijdragen aan het bereiken van deze doelstelling; De uitkomsten van de mogelijkheden voor groennormen terug te koppelen naar de raad voor de behandeling van de omgevingsvisie.
Met deze brief geven we u antwoord op deze vragen. We erkennen de noodzaak om stevig in te zetten op klimaatadaptatie. Om antwoord te kunnen geven op uw vragen, hebben we een adviesbureau opdracht gegeven om te onderzoeken in hoeverre het haalbaar is, dat de 10 prioritaire gebieden voor 2035 klimaatbestendig zijn ingericht. Deze verkenning heeft ons een beter inzicht gegeven in de benodigde maatregelen, de effectiviteit en de haalbaarheid en betaalbaarheid van de maatregelen. Eerst gaan we in op de uitkomsten van het onderzoek en de vraag of we het ‘streven’ om vóór 2035 alle prioritaire gebieden klimaatbestendig te maken om kunnen zetten naar een daadwerkelijke doelstelling in de omgevingsvisie. Vervolgens geven we aan hoe we de instrumenten van de omgevingswet optimaal willen inzetten, om gehoor te geven aan uw wens om stevig in te zetten op klimaatadaptatie. Hierbij beschrijven we ook hoe we hier een groennorm voor inzetten. Tot slot geven we inzicht in de financiële consequenties. In de klimaatadaptatiestrategie hebben we een klimaatadaptieve inrichting van Nijmegen gedefinieerd aan de hand van landelijk opgestelde beleidslijnen, handreikingen, de landelijke maatlat voor een Groene en Klimaatadaptieve Gebouwde Omgeving en het Gelders kader voor een Leefbare Verstedelijking. Dit houdt in dat we streven naar:
Gemeente Nijmegen
Pagina 1 van 7
-
40% groen in de wijken en 35% in het centrum; 40% schaduw op hoofdloop- en fietsroutes en verblijfplaatsen en 30% in de buurt, indien mogelijk door bomen Een (groene) koelteplek op maximaal 300 m loopafstand van elke woning; Het zo veel mogelijk verwerken van een hevige bui van 40-70 mm op de plek waar het valt, op het eigen perceel, in het plangebied of in het watersysteem
Deze streefdoelen en streefwaarden beschrijven een ideaalbeeld voor een klimaatadaptieve omgeving. In de Nationale Omgevingsvisie heeft het rijk de ambitie gesteld om Nederland in 2050 klimaatadaptief te hebben ingericht. In de Regionale Adaptatie Strategie van het Rijk van Maas en Waal, die wij en de andere regionale overheden in 2019 hebben ondertekend, is de ambitie uitgesproken om uiterlijk in 2050 als regio klimaatbestendig te zijn, en zoveel mogelijk al in 2035. In de Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen hebben we aangegeven de 10 prioritaire gebieden, die het verst van het streefbeeld zijn verwijderd, in 2035 klimaatadaptief willen hebben aangepakt. Onder ‘aangepakt’ verstaan we dat we onderzoeken of de risico’s daadwerkelijk aan de orde zijn en welke maatregelen, zowel fysiek als niet-fysiek, mogelijk zijn. Is een structurele oplossing niet haalbaar, dan nemen we een tijdelijke maatregel om de ernstige gevolgen die kunnen optreden bij niets doen te voorkomen.
Streven naar klimaatadaptieve prioritaire gebieden 2035 kan niet omgezet worden in daadwerkelijke doelstelling Met de motie verzoekt u het college om in de omgevingsvisie het streven naar klimaatadaptieve prioritaire gebieden in 2035 om te zetten in een concrete doelstelling. Om te onderzoeken of deze ambitie haalbaar is, hebben we het adviesbureau gevraagd de opgave voor de prioritaire gebieden in beeld te brengen. Voor een meer gedetailleerde beschrijving van de uitkomsten verwijzen we u naar de tabel in de bijlage. Op de vraag of in de omgevingsvisie het ‘streven' dat voor 2035 alle prioritaire gebieden om te zetten zijn naar een daadwerkelijke doelstelling is het antwoord dat we ons maximaal inspannen om voor 2035 de prioritaire gebieden te hebben aangepakt. Een realistische termijn om de doelen daadwerkelijk te halen is 2050. Hiermee blijven we de lijn van de Klimaatadaptatiestrategie uit 2023 volgen. Hierin staat aangegeven, dat voor de prioritaire gebieden geldt, dat deze vóór 2035 klimaatadaptief zijn aangepakt. Dit betekent dat we eerst onderzoeken of de risico’s daadwerkelijk aan de orde zijn en welke maatregelen, zowel fysiek als niet-fysiek, mogelijk zijn. Is een structurele oplossing niet haalbaar, dan nemen we een tijdelijke maatregel om de ernstige gevolgen die kunnen optreden bij niets doen te voorkomen.
De redenen waarom 2050 een realistische termijn is, zijn: -
De opgave om wateroverlast te beperken is groot en ingrijpend. Naast de aanleg van wadi’s en het verwijderen van zinloze verharding zijn ondergrondse (infiltratie)maatregelen en (groen/blauwe) afvoerstructuren noodzakelijk. Deze worden het meest doelmatig uitgevoerd bij rioolvervanging en andere ingrijpende renovaties in de openbare ruimte. De opgave is echter dermate groot en ingrijpend dat het realiseren van de doelstelling meer tijd vergt, voorbij 2035. 2050 is een meer realistische termijn.
Gemeente Nijmegen
Pagina 2 van 7
-
In veel straten zijn weliswaar bomen aanwezig, maar zien we dat deze niet het gewenste boomkroonvolume hebben. Dit komt doordat de groeiomstandigheden slecht zijn, of omdat er te weinig, te kleine of te smalle bomen zijn geplant.
-
In veel, maar niet alle prioritaire gebieden zijn er kansen om koelteplekken te realiseren. Door al bestaande groenvoorziening om te vormen tot koelteplek (van minimaal 200 m2 koelte), wordt met relatief weinig geld en tijd een grote slag geslagen. Doordat hierbij vaak ook terreinen van corporaties kansrijk zijn, moeten hiervoor nog wel afspraken gemaakt worden.
-
Bij het planten van bomen en de verwerking van hemelwater in de bodem, speelt de drukte in de ondergrond een grote rol. De ondergrond is inmiddels voorzien van vele kabels, leidingen en rioleringen en deze drukte neemt met door de energie- en warmtetransitie alleen maar toe. Kabels worden tegenwoordig zelfs onder bestaande bomen door geschoten, waardoor bij het vervangen van bomen soms zelfs geen nieuwe aanplant mogelijk is. Daarnaast kost het uiteraard veel tijd (20 tot 25 jaar) voordat boomkronen het gewenste volume hebben.
-
Ook bovengronds is de drukte groot. Er is een toenemende druk op de woningmarkt en ook de energie- en warmtetransitie hebben ruimte nodig. Zelfs bij kansrijke vergroeningslocaties blijkt verharding toch vaak noodzakelijk voor onder andere toegankelijkheid, het stallen van fietsen, het plaatsen van afval of evenementen die er moeten plaatsvinden.
-
In bepaalde wijken is er onvoldoende openbare ruimte aanwezig. Om de doelstellingen te bereiken is dan een forsere inzet op de terreinen van derden nodig. We verwachten daarom dat het op termijn nodig zal zijn om verplichtende maatregelen te treffen als we de doelstellingen willen bereiken.
-
Het realiseren van de doelstellingen vergt veel capaciteit van de organisatie, met name in uitvoeringskracht. Het vergt tijd om de organisatie op kracht te brengen. Dit is een uitdaging, omdat het in de huidige arbeidsmarkt niet eenvoudig is om aan gekwalificeerd personeel te komen.
-
Veel maatregelen vergen een grote financiële investering, met name het verwerken en afvoeren van hemelwater. Deze middelen moeten de komende jaren worden geprogrammeerd.
We stellen ons ten doel om de prioritaire gebieden voor 2035 klimaatadaptief te hebben aangepakt, binnen de ruimte en de mogelijkheden die er zijn. Onze maximale inspanning bestaat uit de volgende maatregelen: -
In de prioritaire gebieden zetten we actief in op het vergroten van de waterberging en waterafvoer, het verwijderen van overbodige verharding en het vergroten van boomkroonvolumes.
-
We benutten kansen bij andere transities zoals de mobiliteitstransitie en de energieen warmte transitie. Brede wegen bieden vaak ruimte voor (waterbergende) vergroening, met name wanneer de snelheid wordt teruggebracht van 50 naar 30 km per uur. Ook het vrijkomen van parkeerplaatsen en het vergroenen van parkeerplaatsen biedt mogelijkheden. De energietransitie biedt mogelijkheden bij de
Gemeente Nijmegen
Pagina 3 van 7
aanleg van warmtenetten en het benaderen van inwoners voor het nemen van duurzame maatregelen in en om de woning. -
We liften mee op de vernieuwingsgolf, rioolrenovaties en andere ingrepen in de openbare ruimte. Voorbeelden zijn de Spoorbuurt en de Kanunnikenbuurt. In de grootschalige gebiedsontwikkelingen als Winkelsteeg en Stationsgebied is klimaatadaptatie als ontwerpprincipe opgenomen.
-
Met het bomenplan worden alle geschikte locaties voor het planten van bomen in de wijken bepaald. Hierbij zetten we waar mogelijk in op het verdiepen van de groeiplaats voor het verwerken van hemelwater. Ook verwijderen we waar mogelijk verharding rondom de bomen en zetten we in op groeiplaatsverbetering. Bij nieuwe aanplant kiezen we voor klimaatbomen, die optimaal bijdragen aan de verbetering van de biodiversiteit. We onderzoeken de mogelijkheden om bomen te planten boven kabels en leidingen.
-
Door bestaande groenvoorzieningen van een koelteplek te voorzien (van minimaal 200 m2 schaduw door bomen) wordt er met relatief weinig geld en tijd toch veel bereikt.
-
Om bewoners en bedrijven te stimuleren, intensiveren we de huidige inzet op campagnes, subsidies en het faciliteren van maatregelen. Indien op termijn blijkt dat stimulering niet de gewenste resultaten oplevert, overwegen we voor de prioritaire gebieden om voor de bestaande bouw op termijn een verplichtende maatregel in te voeren.
-
We werken actief samen met de woningcorporaties. Voor de structurele maatregelen wordt toegewerkt naar prestatieafspraken en klimaatadaptieve reconstructies. We starten alvast met het inzetten op campagnes voor de bewoners.
-
We werken nauw samen met de bedrijventerreinen. De Novio Tech Campus heeft de status van Ambassadeursterrein gekregen, het vergroeningsinitiatief ontvangt 50% cofinanciering vanuit de regeling Werklandschappen van de Toekomst. Ook met TPN West werken we samen aan klimaatadaptieve inrichting van het bedrijventerrein.
-
We richten een dashboard in om de voortgang te monitoren. Hierin houden we de ontwikkelingen en het creëren van waterberging bij. Wij houden u hiervan jaarlijks op de hoogte.
Optimale inzet van klimaatadaptatie in de omgevingsvisie, omgevingsplan en omgevingsprogramma’s en de rol van de groennorm hierin We geven graag gehoor aan uw verzoek om klimaatadaptatie zo stevig mogelijk te verankeren in de omgevingsvisie, maar ook in de andere instrumenten die de omgevingswet biedt. Zo stellen we de komende periode twee omgevingsprogramma’s op en zetten ook het omgevingsplan in. Hieronder beschrijven we hoe we dit doen en welke rol we hierin zien voor een groennorm. Daarbij is het goed om u te realiseren dat ‘de groennorm’ niet bestaat. We beschouwen elke vorm van vergroening met enige vorm van bindende werking als een groennorm. Dit is vergelijkbaar met hoe andere gemeenten de groennorm hanteren.
Gemeente Nijmegen
Pagina 4 van 7
Groennorm in de omgevingsvisie In de klimaatadaptatiestrategie hebben we streefdoelen met bijbehorende percentages (streefwaarden) benoemd. Deze staan in het begin van deze brief beschreven. Deze klimaatadaptieve streefwaarden beschouwen we als groennorm, omdat ze de benodigde hoeveelheid groen beschrijven voor een klimaatbestendige stad. Gebruikelijk is dat een omgevingsvisie vooral kwalitatieve doelen voor de lange termijn omschrijft. In dit geval in termen als ‘meer bomen’ en ‘voldoende schaduw en koelteplekken'. We merken echter dat dit bij ruimtelijke ontwikkelingen onvoldoende houvast biedt om de klimaatadaptieve maatregelen overeind te houden ten opzichte van de andere ruimteclaims. Uw vraag of een groennorm hierbij behulpzaam is, geven we dus vorm door de klimaatadaptieve streefdoelen, inclusief de streefwaarden expliciet in de omgevingsvisie op te nemen. Hiermee ontstaat aan de start van de ruimtelijke ontwikkeling het gesprek over de inpassing van de klimaatadaptieve maatregelen. Doordat de omgevingsvisie een beleidsmatige status heeft met een inspanningsverplichting, mag hiervan gemotiveerd worden afgeweken. Voor ruimtelijke plannen en inrichting van de openbare ruimte gelden dus “ontwerpprincipes”, waarvan mag worden afgeweken, als er sprake is van andere belangrijke ruimteclaims of drukte in de ondergrond. Voor deze afweging stellen we een helder kader op.
Omgevingsplan Conform het landelijk beleid stellen we voor nieuwbouw en reconstructies verplichtende regels op voor het verwerken van hemelwater, zowel voor onze eigen openbare ruimte, als voor terreinen van derden. Reden hiervoor is dat de verantwoordelijkheid voor de verwerking van het hemelwater en grondwater in het Burgerlijk Wetboek en in de omgevingswet bij de perceeleigenaren ligt, tenzij dit redelijkerwijs niet van hen gevraagd kan worden. Gemeenten dienen in hun beleid vast te leggen wat zij onder redelijkerwijs verstaan. Hiertoe stellen we een goede omschrijving van wat redelijkerwijs gevraagd kan worden, op. Aangezien waterberging bovengronds in groenperken en wadi’s het meest robuust en financieel voordelig is, sturen we hiermee indirect ook aan op meer groen. Omgevingsprogramma's Voor het realiseren van de beleidsdoelen zetten we in op twee omgevingsprogramma's: een Water- en rioleringsprogramma en een programma Klimaatadaptatie en groen. Hierin formuleren we concrete en haalbare doelstellingen voor een termijn van circa 4 jaar. Water en rioleringsprogramma De watergerelateerde maatregelen nemen we op in het Water- en rioleringsprogramma. Dit programma wordt nu opgesteld. Hierin kijken we stadsbreed naar de mogelijkheden om bij de rioolvervangingen, de vernieuwingsgolf en andere renovaties direct te kiezen voor structurele oplossingen.
Zoals eerder aangegeven is het belangrijk om u te realiseren dat de opgave groot is. De organisatie moet ‘opgebouwd’ worden om ‘op stoom te komen’. We werken daarom toe naar een groeimodel waarbij, in het komende Water- en rioleringsprogramma, realistische maatregelen worden gepland en we geleidelijk opschalen naar een grootschalige uitvoering. Dit betekent ook een geleidelijke stijging van de rioolheffing. Programma Klimaatadaptatie en groen De vergroeningsmaatregelen nemen we op in ander programma. We zetten in op boomkroonvolume, waterberging en het verwijderen van verharding. Bij het opstellen van de maatregelen houden we rekening met de integrale afwegingen en benutten we meekoppelkansen met andere maatregelen in de stad, zoals de mobiliteitstransitie. Het benodigde budget wordt bij het Koersdocument opgevoerd. Na afronding van de huidige
Gemeente Nijmegen
Pagina 5 van 7
uitvoeringsagenda van het Bomenplan zijn de relatief ‘eenvoudige’ plantlocaties op. We zouden het liefst bomen willen planten op plekken waar dit het meest nodig is. Versteende straten zonder bomen of met heel weinig bomen. Maar dat vergt veel onderzoek en de ingrepen zijn veelal prijziger. Consequenties van een stevige inzet op klimaatadaptatie Financiële consequenties In de verkenning van het onderzoeksbureau komt naar voren dat voor de kosten voor de voorgestelde maatregelen de openbare ruimte in de prioritaire gebieden voor de periode tot 2035 rond de 55 miljoen euro liggen. Hierin zijn de kosten voor grootschalige infiltratievoorzieningen in de prioritaire gebieden nog niet meegenomen. Daar komt bij dat het onderzoeksbureau er van uit gaat dat de opgave een investering van 15-30 miljoen vraagt vanuit private partijen. Het is belangrijk om te vermelden dat wanneer we als stad niet aanpassen aan het veranderde klimaat dit ook financiële consequenties heeft. De ‘klimaatadaptatieschatter’ geeft aan dat de potentiële schade tot en met 2050 op kan lopen tot 350-700 miljoen euro, afhankelijk van de mate van klimaatverandering. De watergerelateerde kosten worden deels gedekt via het Water- en rioleringsprogramma, dat momenteel wordt opgesteld.
Hierdoor zal de rioolheffing omhoog gaan, waarvan bij het raadsvoorstel Financiering en Toerekening Gemeentelijke Watertaken melding is gedaan. In het Water en rioleringsprogramma wordt voor de vervanging van rioleringen rekening gehouden met meerkosten voor klimaatadaptatie. Op basis van kentallen wordt gerekend met 12% meerkosten. Hierin zijn de kosten voor grootschalige infiltratievoorzieningen om de doelstellingen voor de prioritaire gebieden te realiseren nog niet opgenomen. Het exacte benodigde bedrag zal in het Koersdocument onderbouwd aan u worden voorgelegd. Capaciteit van de organisatie De komende jaren is extra capaciteit noodzakelijk om de ambities te kunnen realiseren. In het Water en rioleringsprogramma wordt ingezet op 5 fte extra. Ook in het groenprogramma is 5 fte extra nodig. Ruimtelijke afwegingen Bij ruimtelijke ontwikkelingen worden de streefdoelen als inspanningsverplichting meegenomen. In ieder project moet een afweging worden gemaakt tegenover andere ruimtelijke belangen. Privaat terrein Indien de inzet op campagnes, subsidies en het faciliteren van inwoners niet voldoende blijkt te zijn om de doelstellingen te kunnen halen, overwegen we om verplichtende regels op te stellen in het omgevingsplan. Vervolg Bij de oplading van het Koersdocument komen wij met voorstellen voor de meerjarige begroting.
In 2025 vinden concrete uitwerkingen plaats in twee omgevingsprogramma's: het Wateren Rioleringsprogramma en een omgevingsprogramma Groen en Klimaatadaptatie.
Gemeente Nijmegen
Pagina 6 van 7
In 2025 werken wij een dashboard uit waarin de voortgang van de maatregelen kunnen worden gevolgd. We hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd voor de behandeling van de omgevingsvisie.
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen
A.P.W. van de Klift Gemeentesecretaris
H.M.F. Bruls Burgemeester
Gemeente Nijmegen
Pagina 7 van 7