Brief aan de raad Informatie debatstuk Visie op arbeidsmigratie
Tekst van het document
Postadres Gemeente Nijmegen ST20, Stadsontwikkeling (ST20) Postbus 9105
Aan de gemeenteraad van Nijmegen
6500 HG Nijmegen Bezoekadres Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen T 14 024 nijmegen.nl
Datum Onderwerp
3 september 2024 informatie debatstuk Visie op arbeidsmigratie
Contactpersoon Bas Böhm b.bohm@nijmegen.nl T 024 – 329 0652751639
Geachte leden van de raad,
Ons kenmerk D240750208
Op 21 augustus is het debatstuk Visie op arbeidsmigratie behandeld in de gespreksronde van de politieke avond. Bij deze bespreking is de toezegging gedaan u te informeren over de problematiek van arbeidsmigratie en de omvang daarvan in Nijmegen; en een overzicht te geven van beschikbare instrumenten hiervoor op landelijk, regionaal en lokaal niveau. Via deze brief informeren wij u hierover. We gaan in deze brief in op ontwikkelingen binnen de Groene Metropoolregio en ons economisch beleid. Daarnaast geven we een algemeen beeld over arbeidsmigranten in Nijmegen en informatie over de onderwerpen uit het debatstuk: 1) beter zicht op en contact met arbeidsmigranten, 2) goede woon- en werkomstandigheden, 3) toegang tot zorg en onderwijs en 4) meer zelfredzaamheid en perspectief. Ontwikkelingen Groene Metropoolregio In de GMR is eerder dit jaar gesproken over het rapport huisvesting arbeidsmigranten van Companen/Decisio. De uitkomst van dit overleg was om uit te gaan van het Regionaal Programma Werklocaties (RPW) met de aanname dat arbeidsmigranten gewenst zijn. Inzet is om bij het RPW aan te geven dat werkgevers meer verantwoordelijkheid moeten nemen voor de huisvesting van hun werknemers. Menswaardige huisvesting is gewenst en reguliere woningen moeten zoveel mogelijk beschikbaar blijven voor reguliere woningzoekenden.
Er is gekozen voor een pragmatische aanpak door te werken met een set basisafspraken in de regio met het onderzoek van Companen/Decisio als vertrekpunt, waarbij de kwaliteit van huisvesting goed geregeld is en de verantwoordelijkheid van werkgevers én werknemers duidelijk is. In het nieuwe RPW 2025-2028 zullen regionale afspraken over huisvesting voor arbeidsmigranten worden gemaakt. Er is binnen de GMR een kwartiermaker aangesteld voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Economische visie Nijmegen heeft een uitstekende ruimtelijke economische uitgangspositie. Mede dankzij de Radboud Universiteit, Hogeschool Arnhem Nijmegen en het ROC hebben stad en regio een
Versturen / sjab = Brief
Gemeente Nijmegen
Pagina 1 van 10
hoogwaardige kennisbasis en een opvallend jonge en groeiende bevolking met een creatieve inslag. De belangrijkste sectoren voor de stad zijn health & high tech, mkb/zakelijke dienstverlening en de logistiek. Een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor bedrijven is een cruciale randvoorwaarde voor een sterke economie. De gemeente Nijmegen biedt een divers palet aan werklocaties: traditionele werklocaties als bedrijventerreinen en kantoorlocaties, maar ook moderne vestigingsmilieus zoals campussen, creatieve broedplaatsen, bedrijfsverzamelgebouwen en gemengde woonwerkmilieus. Nijmegen is voor de logistieke sector gunstig gelegen en logistiek is belangrijk voor Nijmegen én de regio. Regionaal werken ruim 25.000 mensen in de logistiek en daaraan verwante sectoren. Logistiek is verweven in alle sectoren (enabler), aangezien geen enkele sector functioneert zonder een logistieke component. De afgelopen jaren is Bijsterhuizen succesvol ontwikkeld tot een logistiek bedrijventerrein, een belangrijke bron van werkgelegenheid (6.300 banen). In Overbetuwe is Park 15 in ontwikkeling (2.300 banen nu) en Nijmegen gaat op de Grift met duurzame logistiek aan de slag (groei van 1.300 banen). Sectoren met de meeste banen in Nijmegen Nijmegen heeft ruim 110.000 banen. 30% in de gezondheidszorg, 15% in het onderwijs en 12% in de zakelijke diensten.
In de handel en logistiek werkt 7% en in de industrie 6%. We zien dat het aandeel van handel en logistiek in Nijmegen in de totale werkgelegenheid ten opzichte van het aandeel werkgelegenheid in de gezondheidssector laag is. Evenals de industrie. De meeste arbeidsmigranten werken in de Groene Metropoolregio (volgens het onderzoek Companen/Decisio) in de handel en logistiek, industrie, (zakelijke) dienstverlening (schoonmaak), landbouw en in mindere mate de horeca. De meeste werkgelegenheid in handel en logistiek en industrie bevindt zich op onze bedrijventerreinen. Met name op Bijsterhuizen, TPN West en toekomstig de Grift. Locaties waar mogelijk veel arbeidsmigranten (komen te) werken Met de Grift wordt ruim 30 ha nieuw bedrijventerrein ontwikkeld. 15 ha hiervan is grootschalige logistiek (XXL). In de praktijk zal er sprake zijn van circa 3 grote logistieke dienstverleners. De Grift wordt via tenders uitgegeven. In deze tenders kunnen voorwaarden worden meegegeven op het gebied van werkgelegenheid. De overige 15 ha wordt uitgegeven aan klassiek gemengde bedrijven, lichte industriële bedrijven, stadsdistributie en kleinschalige bedrijvigheid. Op Bijsterhuizen zijn 6.300 banen, waarvan 3.200 in de logistiek en groothandel en 1.100 in de industrie. Op TPN West zijn 10.523 banen waarvan ruim 4.300 in de logistiek en groothandel en 2.400 in de industrie.
Regionaal Programma Werklocaties; regionaal beleid In het huidige RPW wordt al aandacht geschonken aan de huisvesting van arbeidsmigranten. Specifiek voor de ontwikkellocaties voor XXL logistiek wordt als
Gemeente Nijmegen
Pagina 2 van 10
voorwaarde opgenomen dat er aandacht moet zijn voor de huisvesting van arbeidsmigranten. In het nieuwe RPW 2025-2028 komt dit huisvestingsvraagstuk opnieuw terug. Het nieuwe RPW kiest een ander uitgangspunt met betrekking tot XXL logistiek: er wordt nog beperkt ingezet op ruimte voor (grootschalige) logistiek die ten dienste moet staan van de topsectoren Health, High Tech en Energy en Food en die past bij het regionale DNA. Deze ruimte moet gevonden worden binnen het bestaande logistieke clusters EMZ. Beeld van arbeidsmigranten in Nijmegen Nijmegen als woonplaats van arbeidsmigranten In het rapport van Companen/Decisio komt Nijmegen naar voren als een belangrijke woonplaats van arbeidsmigranten (gedefinieerd als mensen met een buitenlandse nationaliteit, en een inkomen uit werk onder een bepaalde inkomensgrens). In totaal wordt geschat dat uitgaande van 2.350 feitelijke inschrijvingen in de BRP en een geraamd inschrijvingspercentage van 50%, het gaat om 4.700 mensen. Het algemene beeld in de hele GMR is dat van de arbeidsmigranten tweederde afkomstig is uit Polen en Roemenië. Decisio/Companen gingen ervan uit dat deze verdeling ook in Nijmegen van toepassing zou zijn. Omdat dit niet strookt met het beeld dat de afdeling Onderzoek en Statistiek is Decisio gevraagd nog eens specifiek naar de gegevens voor Nijmegen te kijken.
Uit die aanvullende analyse is naar voren gekomen dat de groep arbeidsmigranten in Nijmegen qua samenstelling flink afwijkt van het beeld in de GMR. In Nijmegen gaat het slechts om 12% (285 ingeschrevenen in de BRP) met een Poolse of Roemeense achtergrond in tegenstelling tot de tweederde in de regio als geheel. Onder de 2350 in Nijmegen ingeschreven arbeidsmigranten is sprake van een vrij grote spreiding over meer dan 40 herkomstlanden (zie bijlage tabel 1). De afdeling Onderzoek en Statistiek schat in dat een deel van deze “arbeidsmigranten” universiteit-gerelateerd is, b.v. internationale studenten met bijbaan, partners van werknemers. Deze andere achtergrond doet de afdeling Onderzoek en Statistiek ook twijfelen of het ervaringsgegeven, dat er voor iedere geregistreerde arbeidsmigrant een ongeregistreerde migrant is, in Nijmegen wel opgaat. Deze ervaring geldt immers voor de Poolse en Roemeense arbeidsmigranten. Bij de andere herkomsten zien zij minder aanleiding om daar ook een grote groep niet-ingeschrevenen te verwachten. Bij een verdubbeling van de groep Polen/Roemenen (van 285 naar 570) en een ingeschatte uitbreiding met 10% van de overige arbeidsmigranten kom je eerder op een geschat aantal van 3000 dan van 4700 arbeidsmigranten wonend in Nijmegen.
Algemeen beeld is dat er wel aardig wat BRP-geregistreerde arbeidsmigranten in Nijmegen wonen, maar dat slechts een klein deel voldoet aan het beeld van de traditionele arbeidsmigrant, afkomstig is uit Polen en Roemenië, die elders wel de grootste groep vormt.
Gemeente Nijmegen
Pagina 3 van 10
Nijmegen als werkplaats van arbeidsmigranten In absolute zin werken er in Nijmegen flink wat arbeidsmigranten (rond de 4000 schat Decisio/Companen), alhoewel daar deels ook de a-typische migranten die hiervoor beschreven zijn bij zullen zitten. In relatieve zin betreft het 4% van de arbeidsplaatsen in de gemeente, wat gemiddeld is voor de regio. Als gemeente weten we weinig van arbeidsmigranten die werken bij Nijmeegse bedrijven. Wel weten we dat veel arbeidsmigranten werken via uitzendbureaus (Decisio/Companen schatten 60%), waardoor ze in de zakelijke dienstverlening lijken te werken, terwijl ze ingeleend worden door bedrijven in andere sectoren. Binnen de groep uitzendkrachten zullen arbeidsmigranten naar verwachting daardoor wel een substantieel deel uitmaken. Dat maakt een nadere blik op uitzendarbeid in Nijmegen de moeite waard. Nijmeegse bedrijven hebben volgens de Provinciale Werkgelegenheidenquête Gelderland (PWE) 3820 uitzendkrachten in dienst (in 2023, zie bijlage tabel 2). Dat is 3,3% van het totaal aantal banen in de gemeente Nijmegen. Dat varieert van slechts 2% buiten bedrijventerreinen tot 18% op de klassieke bedrijventerreinen. Met name de kanaalhavens en Bijsterhuizen kennen een groot aandeel uitzendkrachten. Westkanaaldijk en Winkelsteeg kennen lagere aandelen, maar zijn in absolute aantallen ook grote werklocaties voor uitzendkrachten.
Buiten bedrijventerreinen komen uitzendkrachten procentueel minder voor, maar gaat het toch nog wel om 44% van het totaal. Naar sector bezien, is het aandeel uitzendkrachten het grootst in de overige zakelijke dienstverlening (zie bijlage tabel 3). Dat betreft vooral callcenters en in mindere mate het pakken en sorteren voor derden. In aantal gesorteerd ontstaat een iets ander beeld van de verdeling van uitzendkrachten (zie bijlage tabel 4). In sommige sectoren zijn de aandelen laag, maar door de massa van de sectoren, gaat het in absolute zin tot wel om veel uitzendkrachten. RNI Voor mensen die een relatie met Nederland hebben zonder daar vast te verblijven (bijvoorbeeld werkend in Nederland, wonend in het buitenland, of tijdelijk tot vier maanden werkend in Nederland) is er de Registratie Niet-Ingezetenen, waarin sinds kort ook een tijdelijk woonadres wordt vastgelegd. Deze informatie heeft zijn beperkingen (het is niet verplicht een tijdelijk woonadres op te geven, als iemand een ander adres krijgt wordt dat niet vastgelegd) maar het geeft toch enige kleuring aan deze groep. De laatste vier maanden (maart t/m juni) zijn er 203 mensen ingeschreven in de RNI met een tijdelijk adres in Nijmegen. Langer dan 4 maanden terugkijken heeft geen zin. Als iemand langer dan vier maanden blijft hoort deze persoon niet in de RNI maar in de BRP.
Opvallend hoog in vergelijking tot de omvang van de gemeente zijn de aantallen in Lingewaard, Montferland, en Zevenaar (zie bijlage tabel 5). Bovendien is daar sprake van een beperkt aantal adressen waarop deze mensen staan ingeschreven, wat leidt tot een hoog aantal personen per adres.
Gemeente Nijmegen
Pagina 4 van 10
Beter zicht op en contact met arbeidsmigranten Bij het RNI-loket vormen wij een van de weinige contactmomenten die arbeidsmigranten mogelijk met de Nederlandse overheid hebben. Mensen die zich inschrijven in de RNI ontvangen op deze manier een Burgerservicenummer (BSN). Een gedeelte van de arbeidsmigranten dat zich in Nederland registreert, doet dit bij het RNI-loket in Nijmegen. Inschrijving in de BRP (/RNI) In het debatstuk wordt aangegeven dat het inschrijven van arbeidsmigranten in de Basisregistratie Personen (BRP) belangrijk is voor een volledig beeld van de problematiek rondom arbeidsmigratie, en het kunnen verstrekken van informatie. Inschrijving in de RNI wordt als minder wenselijk bestempeld. De RNI is echter onderdeel van de BRP, en specifiek bedoeld voor niet-ingezetenen die een relatie hebben met de Nederlandse overheid of korter dan vier maanden in Nederland verblijven. Het is dan ook onjuist om arbeidsmigranten die korter dan vier maanden in Nederland denken te gaan verblijven (aan te moedigen om) in te schrijven in de BRP. Deze inrichting van onze basisregistratie is landelijk bepaald en vastgelegd in de Wet BRP. Wij hebben hier als gemeente geen keuze in. Vervuiling van de BRP Bij een inschrijving in de RNI worden minder gegevens geregistreerd; onder andere geen verblijfadres (in Nederland).
Het doel van een aparte registratie van niet-ingezetenen (RNI) is ten eerste het actueel en correct bij kunnen houden van de BRP (specifiek voor ingezetenen). Het actueel en correct bijhouden van de gegevens van niet-ingezetenen is lastig voor gemeenten, omdat niet-ingezetenen vaak kort op een adres verblijven, en verhuizingen in veel gevallen niet doorgeven. Dit heeft als gevolg een vervuilde BRP. Ons college is verantwoordelijk voor een correcte en actuele BRP, en middels de jaarlijkse zelfevaluatie Basisregistratie Personen worden wij hier als gemeente op gecontroleerd. Daarnaast is de RNI in het leven geroepen om de administratieve lasten voor werkgevers te beperken, en daarmee het in dienst nemen van arbeidsmigranten te stimuleren. Dit maakt het voor werkgevers mogelijk wel aantrekkelijker om te werken met kortlopende contracten. Binnen het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), meer specifiek de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG), lopen gesprekken over de werking van de RNI in relatie tot de BRP. De problematiek, zoals weinig zicht op het aantal arbeidsmigranten, wordt erkend. Verder heeft de RvIG het onlangs mogelijk gemaakt om een tijdelijk verblijfadres in Nederland op te nemen in de RNI. Dit is niet verplicht. Het verplicht maken van dit veld zou bijdragen aan meer zicht op het aantal arbeidsmigranten.
Het is al wel mogelijk om een lijst met geregistreerde tijdelijke verblijfadressen in Nijmegen op te vragen bij de RvIG. Daarnaast wordt er onderzocht of communicatie met arbeidsmigranten via opgegeven contactgegevens kan worden gerealiseerd, en of een wijzigingsportaal voor arbeidsmigranten om gegevens bij te houden mogelijk is.
Gemeente Nijmegen
Pagina 5 van 10
Proces RNI-loket (probleemschets) In Nijmegen is één van de 19 RNI-loketten gevestigd. Als gemeente Nijmegen voeren wij hier werkzaamheden uit in naam van het Ministerie van BZK, en onder verantwoordelijkheid van de minister. De RvIG beheert de persoonsgegevens van nietingezetenen in de RNI. Iedereen kan terecht bij alle 19 loketten. Arbeidsmigranten die zich in Nijmegen inschrijven hebben dus niet noodzakelijk een relatie met Nijmegen. Bij het RNI-loket in Nijmegen ontvangen we veel arbeidsmigranten die de taal niet machtig zijn, en communiceren geregeld middels contactpersonen van uitzendbureaus/werkgevers. De taalbarrière en de korte tijd aan de balie maken dat het informeren van arbeidsmigranten over rechten en plichten op het gebied van wonen, werken en leven in Nederland beperkt mogelijk is. Alhoewel dit moment aan een RNI-loket vaak één van de weinige contactmomenten tussen arbeidsmigranten en de Nederlandse overheid is. Zoals eerder aangegeven, wordt er in de RNI niet standaard een verblijfadres geregistreerd. Het inschrijven in de RNI is over het algemeen een vrij kort en eenvoudig proces voor zowel werkgever/uitzendbureau als arbeidsmigrant. Wij zijn ons bewust van het belang van de contactmomenten bij het RNI-loket.
In dit kader zijn de volgende maatregelen reeds genomen: • Er worden folders in verschillende talen uitgedeeld met informatie over wonen, werken en leven in Nederland. Deze folders zijn ook voorzien van QR-codes met aanvullende informatie in verschillende talen. • Op de schermen in de wachtruimte wordt een deel van bovenstaande informatie en de QR-code getoond. • Sinds 1 juni 2024 is het op dezelfde locatie als het RNI-loket ook mogelijk om een DigiD aan te vragen voor mensen die in het buitenland wonen. Met een DigiD kan een arbeidsmigrant zelfstandiger (en meer zelfredzaam) zaken regelen zoals het doorgeven van belastingaangifte. Ook hiervoor zijn folders in verschillende talen beschikbaar. Informatiepunt arbeidsmigranten In het debatstuk wordt geschreven over de noodzaak van een betere informatievoorziening aan arbeidsmigranten in Nijmegen. Wij zijn ons, zoals eerder aangegeven, bewust van het feit dat de inschrijving bij het RNI-loket vaak het enige contactmoment tussen arbeidsmigranten en de Nederlandse overheid is. En daarom is het een uitgelezen moment om arbeidsmigranten van informatie te voorzien (in de eigen taal). Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) is gestart met het landelijke Work in NL (WIN) project, met als doel landelijk dekkende informatievoorziening, hulp en dienstverlening aan (EU)-arbeidsmigranten.
Hier wordt aan gewerkt door fysieke, mobiele en digitale informatiepunten in elke arbeidsmarktregio te realiseren. Via deze landelijke aanpak is er communicatiemateriaal beschikbaar. Ook trainingen, hulp bij het opzetten en een netwerk van specialistische hulp komen beschikbaar. Op dit moment worden zowel intern als met het Ministerie van SZW verkennende gesprekken gevoerd over desbetreffende informatievoorziening in Nijmegen (idealiter bij het RNI-loket). Door een
Gemeente Nijmegen
Pagina 6 van 10
informatiepunt bij ons RNI-loket te vestigen vormen we een herkenbaar punt voor arbeidsmigranten in onze arbeidsmarktregio. Het bieden van toegankelijke informatievoorziening, hulp en dienstverlening kan breed worden ingestoken en dient vooral aan te sluiten bij de vraag in de desbetreffende arbeidsmarktregio. Verder werkt het Ministerie aan specialistische hulp (bijvoorbeeld via het Juridisch Loket of Stichting Barka) toegespitst op arbeidsmigranten met complexere vraagstukken. Goede woon- en werkomstandigheden In het debatstuk wordt gesproken over het toepassen van het ‘geen bed, geen business’ principe bij nieuwe bedrijvigheid met behulp van bedrijfseffectrapportage. Het ‘geen bed, geen business’ principe houdt in dat werkgevers die (meer) arbeidsmigranten in dienst willen nemen, ook zelf verantwoordelijk zijn voor de huisvesting van deze arbeidsmigranten. Het ‘geen bed, geen business’ principe is in lijn met het landelijke Hoofdlijnenakkoord 2024-2028: “Werkgevers van arbeidsmigranten (niet Nederlandse ingezetenen) worden verantwoordelijk voor overlast en kosten van arbeidsmigranten zonder reguliere huisvesting (shortstay en midstay). Zij moeten daarvoor afspraken maken met gemeenten waarin hun werknemers short- en midstay worden gehuisvest.
Bevorderd wordt dat medeoverheden meer ruimte laten voor huisvesting op het eigen terrein van de werkgever.” Vanuit goede huisvesting geredeneerd onderschrijven wij dit principe in de basis. Dit om situaties zoals rondom het Kaapseplein in Den Haag te voorkomen. In deze regio plukt het Westland de economische vruchten en zit Den Haag vast aan de huisvestingslasten. Andersom geldt uiteraard ook dat bedrijven in Nijmegen die veel gebruik maken van arbeidsmigranten ook de verantwoordelijkheid moeten hebben om zelf of eventueel in samenwerking met de gemeente voor de huisvesting te zorgen. Bijkomend voordeel is dat, wanneer arbeidslocatie en woonlocatie van de arbeidsmigrant zo dicht mogelijk bij elkaar gevestigd zijn, dit een extra sociale druk legt op de werkgever om het ‘goed te regelen’. Er kan in die zin moeilijker worden weggekeken van de (huisvestings)lasten. Toepassing van het principe vraagt wel om regionale afstemming. Ook vanuit economische oogpunten vinden wij dat het vestigen van arbeidsmigranten gecontroleerd moet worden. Als er logistieke bedrijven in Nijmegen (De Grift) komen en deze hebben arbeidsmigranten nodig dan wonen deze veelal niet in Nijmegen.
Als werkgevers echter wel huisvesting voor hen gaan organiseren in Nijmegen is het de maatschappelijke verantwoordelijkheid mee te werken aan het mogelijk maken van een verblijf binnen de hiervoor geldende beleidskaders en conform de kwaliteitseisen uit het rapport Roemer en het regionaal beleidskader. We zetten daarbij in op sectoren die toegevoegde waarde hebben voor de economie/het ecosysteem en het lokale DNA van Nijmegen. Dit is dus maatwerk.
Gemeente Nijmegen
Pagina 7 van 10
De bedrijfseffectrapportage ofwel de ‘effectrapportage bij nieuwe bedrijvigheid’ is een nieuwe handreiking die dit jaar door de VNG is uitgebracht. Het uitgangspunt van deze handreiking is dat gemeenten bij besluitvorming over nieuwe bedrijvigheid de huisvestingsvraag voor arbeidsmigranten die daarmee gepaard gaat onderdeel maken van het vestigingsbeleid. Hierdoor wordt het ook duidelijk of het realiseren van extra huisvesting voor arbeidsmigranten binnen de eigen gemeente of de regio haalbaar is. Dit betekent dat gemeenten zelf aan de slag kunnen om deze effecten inzichtelijk te krijgen en onderdeel te maken van een bewuste belangenafweging. Ter ondersteuning daarvan is de handreiking ‘effectrapportage bij nieuwe bedrijvigheid’ opgesteld. Met de regionale kwartiermaker hebben wij afgesproken om een workshop hierover met de VNG voor te bereiden met verschillende stakeholders uit de regio. Woonomstandigheden In het debatstuk wordt gesproken over kwaliteit van huisvesting, de regels van goed verhuurderschap en wordt overwogen een vergunningplicht in te stellen voor de verhuur van verblijfsruimte aan arbeidsmigranten. Op dit moment doet het team Adreskwaliteit (Publiekszaken) regelmatig adresonderzoeken en komt hiermee af en toe ook slechte woon- en leefomstandigheden bij arbeidsmigranten tegen.
Bij dergelijke constatering wordt de afdeling Veiligheid op de hoogte gebracht, en is er goede samenwerking met zowel de ODRN en handhaving als de Nederlandse Arbeidsinspectie. Bij onder andere de wijkregisseurs, ODRN en Stichting Huurteams Nijmegen zijn geen signalen bekend van misstanden bij de huisvesting van arbeidsmigranten van dien aard dat dit vraagt om aanvullend ingrijpen op de al bestaande handhavingsprocessen. Illegale huisvesting van arbeidsmigranten kan ook worden tegengegaan op grond van het facetbestemmingsplan kamerverhuur. Wanneer er drie of meer arbeidsmigranten in een woning zijn gehuisvest is er sprake van kamerverhuur. Zij vormen immers geen duurzaam gemeenschappelijk huishouden. Hiervoor is dan in ieder geval een omgevingsvergunning benodigd.1 Ontbreekt die of wordt niet voldaan aan de vergunningsvoorwaarden, dan handhaven we daar al adequaat op. Dit vloeit ook voort uit het feit dat illegale kamerverhuur op grond van het risico-gestuurde VTH-beleid de kwalificatie hoog risico heeft, wat betekent dat alle onderdelen grondig worden getoetst op de gestelde normen. Dit geldt eveneens voor de situatie wanneer niet-toegestane bewoning plaatsvindt in andere gebouwen dan woningen. Een aanvullende vergunningplicht op grond van de Wet goed verhuurderschap achten wij om die reden op dit moment niet noodzakelijk.
Bovendien zien rijksmiddelen voor uitvoering van de Wet goed verhuurderschap niet op de invoering en toezicht/handhaving van een vergunningstelsel. Dekking moet dus gevonden worden binnen de gemeentelijke begroting.
1
Afhankelijk van de WOZ-waarde kan ook een omzettingsvergunning op grond van de huisvestingsverordening vereist zijn.
Gemeente Nijmegen
Pagina 8 van 10
Het debatstuk raakt ook de maatschappelijke opvang. Dakloze arbeidsmigranten staan hoog op de agenda. Er wordt gewerkt aan een nieuwe visie maatschappelijke ontwikkeling waarin dit een thema wordt verwerkt. Daarbij houden wij ook de landelijke richtlijnen in de gaten. Wij zien, bij de opvang en de dak- en thuislozen (op straat), een nadrukkelijke toestroom van arbeidsmigranten. Mensen die na een tijdje werken, zonder werk en huisvesting komen te zitten en vervolgens steeds kwetsbaarder worden en met regelmaat op straat zijn en/of naar de opvang willen. Dikwijls ontstaat door het ontbreken van een inkomen, een woonplek en vaak ook alcoholgebruik, overlast op straat. Het aantal meldingen van overlast door onder meer dak- en thuislozen, personen met verward gedrag en arbeidsmigranten neemt fors toe. De politie en toezicht, maar ook de regisseur veiligheid krijgen veel klachten en meldingen met name in het centrum/binnenstad. Toegang tot zorg en onderwijs en meer zelfredzaamheid en perspectief Deze punten hebben overlap met ‘Beter zicht op en contact met arbeidsmigranten’. Aanvullend op de informatie bij dat punt geven wij u relevante informatie vanuit taal, zorg en onderwijs mee. Taallessen via volwasseneducatie vanuit de WEB (Wet Educatie en Beroepsponderwijs) middelen zijn bij het ROC beschikbaar voor mensen die niet inburgeringsplichtig (meer) zijn.
Dat betekent dat arbeidsmigranten gebruik kunnen maken van dit taalaanbod via het ROC. De eigen bijdrage die deelnemers moeten betalen hiervoor is 50 euro. Inmiddels is bekend dat volwasseneneducatie aan Oekraïners en EU-arbeidsmigranten vanaf 2025 onder de WEB zal gaan vallen. Of deze plannen daadwerkelijk doorgaan en hoe dat er precies uit komt te zien in de uitvoering is nog niet bekend. Momenteel verloopt de Rijksfinanciering van de WEB voor gemeenten via een SPUK uitkering. Het kabinet Schoof heeft aangekondigd SPUK-financieringen af te willen schaffen. Arbeidsmigranten kunnen verder gebruik maken van andere (informeel) taalonderwijs in Nijmegen zoals bij STEP of Radboud in’to languages. Voor dakloze arbeidsmigranten zijn er in Nijmegen een aantal stichtingen actief. De landelijke stichting Barka ondersteunt dakloze arbeidsmigranten uit Oost en Midden Europa met maatschappelijke activiteiten. Ook is er Stichting Kruispunt, een laagdrempelige inloopvoorziening voor alle dakloze mensen, waaronder dakloze arbeidsmigranten. Vanuit bijzondere zorg is er een team van straatartsen waar mensen die op straat leven terecht kunnen met fysieke problemen. Dit is niet specifiek voor arbeidsmigranten, maar dakloze mensen, dus ook dakloze arbeidsmigranten kunnen daar terecht.
In het debatstuk wordt gesteld dat kinderen van arbeidsmigranten zich in een kwetsbare positie bevinden en veelal de weg naar bestaande voorzieningen onvoldoende weten te vinden. We hebben geen gegevens die specifiek gaan over het aantal kinderen van arbeidsmigranten, maar we weten wel de nationaliteit van de in Nijmegen ingeschreven kinderen. Er staan 84 kinderen met een Poolse/Roemeense nationaliteit, de groep waaruit de traditionele Oost-Europese arbeidsmigranten komen, in de BRP ingeschreven (tussen de 2 en 17, daarnaast ook nog 33 Bulgaarse kinderen, zie bijlage tabel 6).
Gemeente Nijmegen
Pagina 9 van 10
Hoe groot de groep is die niet is ingeschreven in de BRP weten we natuurlijk niet, maar we hebben geen reden om aan te nemen dat dit een substantieel aantal is. Hoe bereiken we deze kinderen? Alle kinderen die zijn ingeschreven in het BRP worden opgeroepen voor een gezondheidscheck op het Consultatiebureau, of het basis- of voortgezet onderwijs. Als geen gehoor wordt gegeven aan deze oproep zal een kind voor de tweede keer worden opgeroepen. Na twee keer niet verschijnen zonder bericht wordt bij kinderen onder de vier jaar een huisbezoek gepland. Als er niemand thuis wordt aangetroffen wordt er een brief in de brievenbus gedaan dat ouders zelf contact op kunnen nemen met de GGD. En de jeugdverpleegkundige zal contact opnemen met de huisarts. Bij kinderen van 4+ wordt er na twee keer niet verschijnen zonder bericht contact opgenomen met de school om het contact te leggen. Op deze manier wordt dus heel actief ingezet om alle kinderen te bereiken met de jeugdgezondheidszorg. Het consultatiebureau verzorgt ook de indicaties voor VVE, dus daarmee is ook de bekendheid van en toegang tot voorschools aanbod voor deze kinderen geregeld. Er zijn geen signalen dat de buurtteams deze kinderen onvoldoende bereiken. De buurtteams zijn op alle scholen aanwezig en op scholen waar zich veel kwetsbare kinderen bevinden zetten we waar nodig en in overleg met de school extra in.
Cultuursensitief werken In het debatstuk wordt de noodzaak van cultuursensitief werken benadrukt. Dit is en blijft altijd een vraagstuk. Dit geldt overigens niet specifiek voor de kinderen van arbeidsmigranten, maar het gaat veel breder om de vraag hoe de buurtteams goed kunnen aansluiten bij de diversiteit in de samenleving. Dat is altijd al een opdracht voor de buurtteams en daar wordt dus ook actief op ingezet. We gaan ervan uit u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Hoogachtend, het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen
A.P.W. van de Klift gemeentesecretaris
H.M.F. Bruls burgemeester
Gemeente Nijmegen
Pagina 10 van 10