Brief aan de adviescommissie JMG inzake actualisering Verordening Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp 2021
Tekst van het document
Postadres Gemeente Nijmegen MO00 Postbus 9105
Aan Adviescommissie JMG Mw. S. de Vries Postbus 9105 6500 HG NIJMEGEN
6500 HG Nijmegen Bezoekadres Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen T 14 024 nijmegen.nl
Datum Onderwerp
15 december 2020 Reactie op uw advies d.d. 26 november 2020 inzake Verordening Wmo en Jeugdhulp
Contactpersoon Daniëlle Leenders d.leenders@nijmegen.nl T 024 – 329 95 18 Ons kenmerk E20.005772
Geachte mw. De Vries, Wij hebben uw advies inzake Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2021 in goede orde ontvangen. Wij beseffen dat we gezien de korte gevraagde reactietijd een beroep op uw flexibiliteit hebben gedaan. Wij waarderen uw inspanningen in deze en danken u voor uw snelle reactie op dit collegevoorstel. Onderstaand gaan wij op uw overige vragen en opmerkingen in. 1.
Toevoegen pleegzorgcompliment in artikel 1 van de verordening en artikel 19.2 van bijlage 2.
Vraag 1. De commissie vraagt zich af of het mogelijk is de term “pleegouders” onder te brengen in artikel 20 van de verordening. De mantelzorgers, zoals die reeds zijn opgenomen in de huidige verordening, kunnen dan worden genoemd in artikel 20 lid 1 en de pleegouders in artikel 20 lid 2. Advies 1. Nu in de verordening, althans artikel 19 van Bijlage 2, mantelzorgers en pleegouders worden genoemd, en daarmee als “zorgers” worden benoemd nemen zij ten opzichte van elkaar een gelijkwaardige positie in. Daarmee is niets gezegd over de zwaarte van de zorg die zij verlenen en de impact die dat heeft op henzelf en hun omgeving. Tegen die achtergrond adviseert de commissie om de vergoeding voor deze “zorgers” gelijk te trekken en voor de pleegouders dus een vergoeding van € 200 per jaar beschikbaar te stellen. Wij nemen uw suggestie over om de term pleegouders op te nemen in artikel 20 van de verordening. Daarnaast kunnen wij ons vinden in uw advies om de vergoeding gelijk te trekken voor mantelzorgers en pleegouders. Dit nemen wij over in de verordening.
Gemeente Nijmegen
Pagina 1 van 3
2. Onduidelijkheid in artikel 14 over pgb-beheer. Vraag 2: Welke praktijkvoorbeelden hebben tot deze aanpassing geleid? De commissie zou graag uw reactie vernemen op de vraag betreffende artikel 14 lid 1 en de betreffende passage uit de aanbevelingen meerderjarigenbewind 2018 afzonderlijk en in onderlinge samenhang. Met deze aanpassing willen wij bereiken dat er volstrekte helderheid is dat ons uitgangspunt is dat regievoering op PGB bij de inwoner of diens directe familie ligt, ook als er sprake is van bewindvoering. Niets meer en niets minder. De door u meegestuurde bijlage geeft ons geen aanleiding om deze aanpassing niet of op andere wijze door te voeren. Vraag 3. A . Als het college van mening is dat in het geval een cliënt onvoldoende in staat is tot regievoering, de toekenning van een persoonsgebonden budget in principe niet tot de mogelijkheden behoort, wil de commissie graag weten wat er gebeurt met de bestaande persoonsgebonden budgetten?
De inwoner kan dan gebruik maken van Zorg in Natura. Daarmee is er per saldo geen sprake van een persoonsgebonden budget voor de betreffende inwoner. B. Wat wordt verstaan onder “onvoldoende regievoering”, en door wie wordt dat vastgesteld en aan de hand van welke criteria? Zijn dit bijvoorbeeld dezelfde criteria die de notaris hanteert bij de beantwoording van de vraag of iemand wel of niet wilsonbekwame is?
De toegang (GGD, Sociale wijkteams) heeft als taak om te bepalen of een inwoner voldoende bekwaam is om zelf regie te voeren. Wij verwijzen hiervoor naar het bepaalde in de verordening en beleidsregels. C. In geval van intrekking van een persoonsgebonden budget wegens onvoldoende in staat zijn tot regievoering dient de betrokkene tijdig van het voornemen daartoe in kennis te worden gesteld en gewezen te worden op andere mogelijkheden tot het zoeken en vinden van de benodigde zorg/hulp. De commissie wil graag geïnformeerd worden op welke wijze dit traject dan wordt uitgevoerd.
Wanneer deze situatie zich voordoet zal de toegang (GGD of sociaal wijkteam) in overleg met de inwoner zorgen dat de overstap naar zorg in natura wordt gemaakt. Aangezien er meerdere aanbieders zijn voor Wmo en Jeugdhulp is er sprake van keuzevrijheid voor de inwoner. Continuïteit van zorg is daarbij uiteraard het uitgangspunt. Advies 2. De commissie adviseert, tegen de achtergrond van de vragen 3A-C, vooralsnog om artikel 14 lid 6 alsnog op te nemen in de verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2021. Wij handhaven artikel 14 lid 6 zoals nu opgenomen in ons voorstel en zien op basis van onze reactie op deze vragen geen aanleiding dit aan te passen.
Gemeente Nijmegen
Pagina 2 van 3
Vraag: 4. In artikel 20 lid 3 van de verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2021 staat vermeld, dat na een melding van behoefte aan maatschappelijke ondersteuning of jeugdhulp, uiterlijk binnen zes weken na de melding, een onderzoek overeenkomstig het bepaalde in de verordening moet plaatsvinden. In het programma van eisen met betrekking tot het Brede Basisteam Jeugd en Gezin is in artikel 33 (pagina 18) en artikel 50 ( pagina 23) eveneens sprake van het afhandelen van een melding. Doelstelling daarvan is het bieden van een passende oplossing. Deze passende oplossing bestaat uit een of meerdere van onderstaande oplossingen: 1. het toeleiden naar een voorziening in de Sociale Basis; 2. het starten van basishulp; 3. het geven van een (positief of negatief) advies voor een indicatie voor Aanvullende Zorg aan Opdrachtgever; Met betrekking tot deze oplossingen worden termijnen genoemd voor wat betreft de afwerking van deze meldingen. De commissie wil graag weten of deze termijnen in overeenstemming zijn met de voorgestelde verordening. Indien deze overeenstemming er niet is dan verzoekt de commissie de verordening hierop aan te passen. In onze verordening hebben wij de wettelijke termijnen opgenomen. In het programma van eisen zijn wij verder gegaan, omdat we streven naar een kortere doorlooptijd voor onze inwoners.
Wij maken derhalve bewust onderscheid tussen het uitvoeren van de wet en de ambitie van het college richting haar opdrachtnemer. Wij kiezen er daarom voor dit onderscheid te handhaven. Hoogachtend, het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen
mr. drs. A.H. van Hout gemeentesecretaris
drs. H.M.F. Bruls burgemeester
Gemeente Nijmegen
Pagina 3 van 3