Bijlage Plan van aanpak collectief warmte initiatief Hengstdal
Tekst van het document
Plan van aanpak collectief warmte initiatief Hengstdal
Map = Schrijven algemeen / sjab = Nota, beleids- of projectplan ▪
▪
1
Inhoudsopgave Projectplan collectieve warmte initiatief Hengstdal Inhoudsopgave Samenvatting Inleiding Plan van aanpak Voorwaarden nieuw initiatief Ondersteuning nieuw initiatief Proces 8 Bijlage 1 Communicatie en proces
1 2 3 4 4 Error! Bookmark not defined. 7
11
2
▪ ▪
Samenvatting Met de vaststelling van de procesevaluatie BES Hengstdal is dat project stop gezet. Voor dit project is ruim 4,7 miljoen SPUK toegekend vanuit het Rijk. Hiervan resteert nog ruim 3,3 miljoen. Het is mogelijk om deze middelen opnieuw in te zetten om de onrendabele top van een nieuw project af te dekken mits het bevoegd gezag (ministerie VRO) akkoord gaat hiermee. Nijmegen moet hiervoor een wijziging aanvragen met een onderbouwing waaraan en aan welke partijen we het geld willen besteden. Naast de middelen uit het SPUK investeert de gemeente zelf ook in een vervolg. De investeringen moeten een bijdrage leveren aan de doelen om in 2050 aardgasvrij te zijn. In de warmtevisie ‘Oude stad, nieuwe warmte’ worden verschillende aanpakken benoemd richting een aardgasvrije stad. In een aantal wijken wordt ingezet op individuele en kleinschalige warmteoplossingen. Gemeente Nijmegen heeft weinig ervaring in kleinschalige warmteoplossingen. Daarnaast heeft de gemeente nog zeer weinig ervaring met bewonerscoöperaties of warmteschappen die het initiatief nemen om een dergelijke warmteoplossing te organiseren en beheren. Dit zijn voorwaarden waaronder een nieuw initiatief onder andere moet voldoen.
De gemeente zal nieuwe initiatieven zoeken en selecteren, en het geselecteerde initiatief ondersteunen en faciliteren door financiële middelen ter beschikking te stellen en ambtelijke capaciteit. Door communicatie zal een oproep geplaatst worden in de wijk Hengstdal. Met initiatiefnemers zullen we in gesprek gaan en vragen om voor een ontvankelijke inschrijving bepaalde informatie aan te leveren. Het initiatief dat aan de drie vereiste voorwaarden voldoet (plangebied, collectief warmtesysteem en bestaande of in oprichting zijnde bewonerscollectief) en het beste voldoet aan de andere voorwaarden wordt geselecteerd. Het initiatief krijgt de beschikking over maximaal € 75.000,- om een deugdelijk projectplan op te stellen. Dit projectplan wordt vervolgens door een expert beoordeeld. Wanneer het projectplan voldoende robuust wordt bevonden gaat gemeente een intentieovereenkomst (IOK) aan met het initiatief en bereidt samen een wezenlijke wijziging voor. De IOK en wezenlijke wijziging worden aan het college voorgelegd en bij akkoord ingediend bij het Ministerie van VRO. Het initiatief mag pas starten wanneer het Ministerie akkoord is gegaan. Verwacht wordt dat in het najaar van 2025 de wezenlijke wijziging gereed is.
3
Inleiding Eind 2020 heeft de gemeente Nijmegen een specifieke uitkering van 4.735.000 euro toegekend gekregen om uit het programma aardgasvrije wijken voor de ontwikkeling van een kleinschalige collectieve warmteoplossing voor 500 woningen in de Bomenbuurt-Oost in Hengstdal. Samen met woningcorporatie Woonwaarts en Alliander is een samenwerkingsovereenkomst aangegaan om te onderzoeken of een Buurt Energie Systeem (BES) - die uiteindelijk in eigendom zou komen van de bewoners - hiervoor geschikt zou zijn. Daarna zijn er bewoners uit het plangebied betrokken bij het project. In juni 2023 is aan de hand van een draagvlakmeting in het plangebied vastgesteld dat er onvoldoende bewoners instemmen met het BES en is uiteindelijk besloten het project on-hold te zetten. Inmiddels is het project geëvalueerd en hebben we inzicht in de redenen waarom deze collectieve warmteoplossing met de beoogde organisatiestructuur niet geschikt is gebleken voor de Bomenbuurt-Oost. Van de specifieke uitkering resteert echter nog circa 3.350.000 euro (incl btw). Het is mogelijk om deze middelen opnieuw in te zetten om de onrendabele top van een nieuw project af te dekken, mits het bevoegd gezag (Ministerie van VRO) akkoord gaat met een wezenlijke wijziging van de beschikking van deze specifieke uitkering. Een wezenlijke wijziging moet goed onderbouwd worden en bestuurlijk draagvlak hebben.
Het Ministerie laat zich hierbij adviseren door het NPLW. Het NPLW adviseert de gemeente dichtbij de oorspronkelijke aanvraag te blijven, dit betekent: in de wijk Hengstdal, met een hoge mate van uitvoeringsgereedheid, met een coöperatief karakter, en een collectieve technische oplossing richting aardgasvrij/-ready woningen. Naast de inzet van de middelen uit deze uitkering vraagt een nieuw initiatief ook een bijdrage van de gemeente Nijmegen. Het BES-traject in de Bomenbuurt-Oost heeft naar schatting de gemeente 1 miljoen euro aan onder andere ambtelijke capaciteit gekost. Het aangaan van een nieuw project moet bijdragen aan de ambitie om te komen tot een aardgasvrije stad. Tot slot is het heel belangrijk dat geleerde lessen uit het BES-traject in de Bomenbuurt-Oost worden meegenomen in een vervolg.
Plan van aanpak Dit Plan van Aanpak beoogt het vaststellen van de voorwaarden die gemeente Nijmegen stelt en de ondersteuning die de gemeente biedt aan een nieuw initiatief. Daarnaast zal het proces tot een selectie van het initiatief worden uiteengezet.
4
▪ ▪
Voorwaarden nieuw initiatief De gemeente gaat op zoek naar een nieuw initiatief. Om als initiatief in aanmerking te komen voor de middelen uit de PAW-uitkering stellen we enkele harde voorwaarden en enkele voorwaarden waar het initiatief bij voorkeur aan moet voldoen. Op basis van de onlangs vastgestelde warmtevisie, de evaluatie BES Hengstdal, het Wijkwarmteplan Hengstdal en de adviezen van het Ministerie van VRO worden de volgende voorwaarden geformuleerd.
1. Plangebied Hengstdal Het plangebied van de oorspronkelijke aanvraag is Hengstdal. In 2018 is Hengstdal aangemerkt als een van de wijken waar we als eerste starten met het proces richting aardgasvrij waarvoor ook een wijkwarmteplan eind 2020 is vastgesteld. De aanvraag voor een proeftuin in de wijk was destijds ook ingegeven dat gestart moest worden met pilots zoals het BES in de zoektocht naar aardgasvrije alternatieven in de wijk. Deze opgave is onveranderd. Daarnaast blijft de gemeente met het aanmerken van de wijk Hengstdal ook dichtbij de oorspronkelijke beschikking van de PAW-aanvraag. Voorwaarden nieuw initiatief: Het plangebied blijft Hengstdal (harde voorwaarde), de buurt daarin is open.
2. Collectief warmtesysteem Nijmegen heeft in december 2024 de nieuwe warmtevisie vastgesteld. De visie geeft een duidelijke aanpak om de komende tien jaar stappen te zetten richting een aardgasvrije stad. Het geeft ook een doorkijk naar de eindsituatie: een aardgasvrije gebouwde omgeving in 2050. In de warmtevisie worden verschillende aanpakken benoemd. De komende tien jaar zet de stad in op de ontwikkeling van warmtenetten, op verschillende schaalniveaus. Daarnaast zullen inwoners en bedrijven van verschillende wijken met individuele hybride of kleinschalige collectieve warmteoplossingen hun vastgoed aardgasvrij moeten maken, waaronder in de wijk Hengstdal. Het aardgasvrij maken van deze wijken is een grote opgave voor de stad. Een opgave waar de gemeente ook in hoge mate afhankelijk is van het organisatievermogen van individuele huiseigenaren, bedrijven en verhuurders. De beperkte beschikbaarheid van het elektriciteitsnet vraagt om innovatie onder andere in kleinschalige collectieve oplossingen. In het in 2020 vastgestelde wijkwarmteplan Hengstdal geven de participanten aan dat een duurzaam, betaalbaar, betrouwbaar en inpasbaar alternatief voor aardgas belangrijk wordt gevonden. Inpasbaar betekent: ruimtelijk in te passen en met zo min mogelijk overlast. Bewoners hebben het liefst een collectief systeem.
Het belang van de ontwikkeling van kleinschalige collectieve warmteoplossingen is groot om het doel Nijmegen aardgasvrij 2050 te halen. Daarnaast blijft de gemeente met het ondersteunen van een initiatief op het gebied van een collectieve warmteoplossing ook dichtbij de oorspronkelijke beschikking van de PAW-aanvraag. Voorwaarden nieuw initiatief: Initiatief behelst een kleinschalig collectief warmtesysteem (harde voorwaarde). Het collectieve warmtesysteem dient bij voorkeur voor minimaal 100 aansluitingen een alternatieve duurzame(re) warmtebron te bieden. Initiatief dient bij voorkeur in de toekomst een voorbeeld te zijn voor andere buurten (schaalbaar/herhaalbaar).
3. Bewonerscollectief Woningen, bedrijven en instellingen in verschillende wijken zullen onder andere met individuele hybride of kleinschalige collectieve warmteoplossingen in de toekomst aardgasvrij moeten worden gemaakt. Gemeente Nijmegen heeft nog geen ervaring met een collectief warmtesysteem dat (gedeeltelijk) in eigendom en beheer is van de bewoners/gebruikers zelf en wil dit soort initiatieven graag ondersteunen. De evaluatie van het BES uit de Bomenbuurt-Oost geeft belangrijke lessen die we hierin meenemen. Dit zijn:
5
1. Bewonerscoöperatie alleen succesvol als het vanuit bewoners zelf komt Het initiatief (en daarmee behoefte) moet bij bewoners zelf ontstaan waarmee het project vanaf de start draagvlak heeft in de buurt of wijk. 2. Vertrouwen is net zo belangrijk als techniek Een representatieve bewonersgroep met een stevige basis in de wijk is noodzakelijk om voldoende vertrouwen bij bewoners te hebben en houden om tot een nieuwe warmte-oplossing te komen die in eigendom en beheer komt van de gebruikers. Daarbij is het belangrijk is dat er voldoende wordt geïnvesteerd in de organisatie en professionalisering van de beoogde bewonerscoöperatie. 3. Heldere keuzes, met duidelijke gevolgen Bewoners moeten duidelijk en transparant geïnformeerd worden over de plannen. Dit behelst onder andere heldere informatie over de voor- maar ook nadelen van het beoogde systeem inclusief mogelijke alternatieve systemen. Het plan moet goed onderbouwd zijn en een zo compleet mogelijk voorstel bevatten dat herkenbaar is voor de bewoners met een aanbod. Benoem mogelijke onzekerheden en dek ze af met garanties. 4. Een flexibel meebewegende overheid vergroot kans op succes De gemeente moet voor een succesvol verloop zich flexibel opstellen in de ondersteuning en rol richting een bewonerscollectief. De behoeften en vragen vanuit de bewoners zijn immers lastig vooraf te voorspellen.
Hoe de lessen op het gebied van ondersteuning aan een nieuw initiatief worden meegenomen volgt in de volgende paragraaf. Voorwaarden nieuw initiatief Initiatief wordt o.a. ingediend door een in oprichting zijnde of bestaande coöperatie/warmtegemeenschap met aantoonbaar draagvlak ((aspirant)-leden) (harde voorwaarde). Initiatief wordt ingediend met een beschrijving van de communicatiestrategie en met welke middelen en op welke manier bewoners worden betrokken bij het initiatief. Initiatief streeft dat (een gedeelte van) het eigendom en beheer ligt bij de bewoners/gebruikers.
Conclusie De gemeente gaat op zoek naar een bewonersinitiatief in Hengstdal dat een collectieve warmte-oplossing voor hun buurt wil organiseren.
6
▪ ▪
Ondersteuning nieuw initiatief In het project BES heeft de gemeente een faciliterende rol aangenomen. We beogen ook in een nieuw project een faciliterende rol te nemen. In Nederland is nog maar weinig ervaring in het realiseren van een collectieve warmtevoorziening waarin het initiatief en uiteindelijke eigendom en beheer bij bewoners komt te liggen. De getrokken lessen uit de BESevaluatie geeft aan dat voor een succesvol verloop het noodzakelijk is dat een bewonersorganisatie over de juiste middelen beschikt om zich te professionaliseren en de juiste expertise in te huren. Daarnaast is het belangrijk dat de overheid zich flexibel op stelt in de ondersteuning en rol richting een bewonerscollectief. De behoeften en vragen vanuit de bewoners zijn immers lastig vooraf te voorspellen. Uit andere proeftuinen in Nederland blijkt dat de gemeente kan ondersteunen door bijvoorbeeld deel uit te maken van een beoogde organisatiestructuur of het bieden van bepaalde garanties.
1. Ambtelijke ondersteuning Bij een nieuw initiatief voor een collectieve warmtevoorziening zullen naar verwachting uiteenlopende vragen bij de gemeente terechtkomen. Bureau Energietransitie zorgt voor een gemeentelijke facilitator. De gemeentelijke facilitator draagt zorg voor de relatie en de formele afspraken met het NPLW en het Rijk als het gaat over de proeftuin. Denk hierbij aan de voorwaarden uit de beschikking zoals de financiële verantwoording (Sisa) en deelnemen aan voortgangsbesprekingen en-bijeenkomsten met het NPLW. Daarnaast is hij/zij/hen het aanspreekpunt voor het initiatief en stemt de benodigde ondersteuning af. Deze afspraken moeten worden geformaliseerd in bijvoorbeeld een intentieovereenkomst.
2. Financiële ondersteuning projectplan Om het eigenaarschap vanaf de start te borgen bij een bewonerscollectief is het belangrijk dat de bewonersorganisatie kennis in kan huren om de juiste stappen te kunnen zetten. Een goed projectplan, waarin ook de techniek en financiën goed zijn uitgewerkt, is bijvoorbeeld nodig voor de gemeente om te kunnen beoordelen of het initiatief voldoende robuust is om de resterende PAW-middelen aan toe te kennen. Een bewonerscollectief heeft meestal onvoldoende kennis in huis om een dergelijk plan op te stellen. Om die reden wordt voorgesteld vooruitlopend op een akkoord van het Rijk van een wezenlijke wijziging een bedrag tot maximaal € 75.000,- ter beschikking te stellen voor het opstellen van een deugdelijk projectplan. NPLW heeft aangegeven dat het mogelijk is om vooruitlopend op een akkoord van de wezenlijke wijziging dit bedrag uit de proeftuinmiddelen te bekostigen.
3. Financiële ondersteuning onrendabele top Voor het nieuwe project zijn er PAW-middelen beschikbaar voor het dekken van de onrendabele top. Daarnaast zijn er op rijksniveau middelen beschikbaar om warmnetprojecten te stimuleren, zoals de “Warmtenetten Investeringssubsidie”. Beide subsidies kunnen worden gecombineerd. Het Rijk heeft € 4.375.000,- toegekend aan de gemeente voor de proeftuin Hengstdal voor het BES. Naar verwachting is na afronding van de lopende projectevaluatie van het BES nog ongeveer € 3.350.000,- (incl. btw) over. Wat er precies over is, weten we zodra de eindafrekening is opgemaakt. Dit doen we na afronding van de projectevaluatie, begin 2025.
Conclusie De gemeente neemt een faciliterende rol aan en stelt het gekozen initiatief tot een maximum van € 75.000,- euro uit de proeftuinmiddelen ter beschikking om een deugdelijk projectplan op te stellen. Met dit projectplan is het mogelijk een wezenlijke wijziging aan te vragen bij het Rijk.
7
Proces De voorwaarden en ondersteuning is inzichtelijk gemaakt. De volgende stappen gaan in op de wijze waarop we op zoek gaan naar een nieuw initiatief.
Stap 1: Oproep aan bewonersinitiatieven Voor de zoektocht naar een nieuw initiatief doen we een oproep (zie bijlage 1 communicatie) in de wijk Hengstdal. We roepen bewonersinitiatieven op om zich kenbaar te maken bij de gemeente. In de oproep worden de voorwaarden benoemd waar een nieuw project aan zou moeten voldoen om in aanmerking te komen voor (een gedeelte van) de proeftuinmiddelen. De initiatiefnemers worden vervolgens uitgenodigd voor een gesprek en krijgen een toelichting welke informatie aangeleverd moet worden om de volgende fase van de selectie in te gaan. Hierbij is het belangrijk het volgende reeds bestaande initiatief en signaal uit de wijk te benoemen: Buurt Warmte Coöperatie Hengstdal (BWC Hengstdal) Nadat het BES in de Bomenbuurt-Oost on-hold is gezet zijn een aantal woningeigenaren uit de nabij gelegen buurt geïnspireerd geraakt om een doorstart te maken met hetzelfde technische concept. Er zijn inmiddels bijeenkomsten geweest, werkgroepen ingericht, drie nieuwsbrieven verzonden en eind vorig jaar is een coöperatie opgericht. BWC Hengstdal is ook in overleg gegaan met de gemeente met onder andere de vraag op welke wijze beroep gedaan kan worden op de resterende PAW-gelden. Bewoner Bomenbuurt-Oost Daarnaast heeft de gemeente een oproep ontvangen van een bewoner uit de Bomenbuurt-Oost om de PAWmiddelen voor de Bomenbuurt-Oost te behouden.
In de oproep werd onder andere aangegeven deze middelen in te zetten voor isolatie en zonnepanelen. In de oproep zullen we benoemen dat de gemeente al op de hoogte is van een initiatief BWC Hengstdal maar dat de gemeente vraagt of er nog andere dergelijke initiatieven in opbloei zijn in de wijk.
Stap 2 In gesprek met initiatieven Mochten initiatieven zich melden, dan nodigen we de initiatiefnemers uit en bespreken welke algemene informatie zij moeten aanleveren om in aanmerking te kunnen komen voor een ontvankelijke inschrijving.
Stap 3 Selectie initiatief Er wordt een initiatief geselecteerd door Bureau Energietransitie. Het initiatief dat het beste aan de gestelde voorwaarden voldoet komt in aanmerking voor een startbudget van maximaal € 75.000,- om een projectplan te schrijven. In het plan dient het technische concept (schetsontwerp), de businesscase, risico’s inclusief mitigerende maatregelen en ook de communicatie richting de buurt goed te worden uitgewerkt. De hoogte van het resterende PAW-budget laat het vermoedelijk niet toe om meerdere grotere initiatieven met minimaal 100 huishoudens voor een collectieve warmtevoorziening te selecteren. Initiatieven die niet worden geselecteerd, kunnen afhankelijk van de inhoud van het initiatief, verder worden geholpen (zie box 1). Wanneer geen enkel initiatief aan gestelde voorwaarden voldoet zal de besteding van de resterende PAWmiddelen opnieuw worden herzien. Box 1. Elk initiatief wordt verder geholpen Initiatiefnemers die zich melden om met meerdere huishoudens een collectieve warmtevoorziening te organiseren kunnen rekenen op de volgende ondersteuning:
8
▪ ▪
Gemeentelijk aanjaagfonds Initiatieven met minimaal 5 huishoudens kunnen via het gemeentelijk aanjaagfonds een subsidie van maximaal € 5.000,- aanvragen om de plannen verder uit te werken. Handleiding ondersteuning bewonersinitiatieven In de onlangs vastgestelde warmtevisie staat opgenomen dat wijken waar geen warmtenet is voorzien tot 2035, huishoudens en bedrijven worden gestimuleerd over te stappen op een hybride warmtepomp of deel te nemen aan kleinschalige collectieve warmtevoorzieningen. Hiervoor kunnen initiatieven zich altijd melden bij de gemeente om te kijken hoe we elkaar kunnen versterken. Om deze initiatieven beter en op maat te helpen wordt medio 2025 een handleiding uitgewerkt op welke wijze deze initiatieven verder worden ondersteund. Subsidieregelingen Nederland en gemeente Nijmegen kent veel verschillende subsidieregelingen of financieringsregelingen voor verduurzaming van vastgoed of het realiseren van (collectieve) duurzame warmtevoorzieningen of elektriciteitsproductie. Zowel in de realisatie van de concrete maatregelen als in ondersteuning van het proces. Initiatieven worden verder op weg geholpen door middel van advies voor welke regelingen ze in aanmerking kunnen komen. De adviseurs Duurzaam wonen van het energieloket hebben daarin een adviserende rol. Daarnaast worden initiatiefnemers ook gekoppeld aan het bewonerssteunpunt Energietransitie.
Stap 4 Beoordeling projectplan door gemeente Het door de initiatiefnemers opgestelde projectplan wordt vervolgens beoordeeld door een expert. De beoordeling richt zich onder andere op haalbaarheid van het technische concept, de businesscase en de risico’s. De expert kijkt behalve naar de inhoudelijke onderbouwing ook naar de hoogte van het gevraagde subsidiebedrag. Hierbij worden andere landelijke subsidieregelingen waarvan gebruik gemaakt kan worden meegewogen. Wanneer het projectplan voldoende robuust bevonden wordt gaat het initiatief naar de volgende fase. Mocht het gevraagde subsidiebedrag lager liggen dan het resterende PAW-budget zullen we in overleg met NPLW treden of dit budget besteed mag worden aan een mogelijk ander initiatief dat zich heeft aangediend.
Stap 5 Wezenlijke wijziging Om de resterende PAW middelen te behouden en in te zetten voor een nieuw initiatief dient er een wezenlijke wijziging in te worden gediend bij het Ministerie van VRO. Samen met het initiatief wordt de wijziging voorbereid. Het aangaan van een intentieovereenkomst (IOK) maakt hiervan ook onderdeel uit. In de IOK komen we onder andere het doel van de samenwerking, ieders intenties, de rolverdeling en samenwerking met elkaar overeen. De IOK en voorstel tot wezenlijke wijziging wordt ten slotte aan het college voorgelegd en bij akkoord dient het college dit in bij het ministerie van VRO. NPLW heeft aangegeven dat het nieuwe project mag pas starten met het werk als het ministerie heeft ingestemd met de wezenlijke wijziging.
9
Planning Om de processtappen te doorlopen en het bewonersinitiatief ook voldoende ruimte te geven om tot een gedegen projectplan te komen verwachten we dat we de wezenlijke wijziging in te kunnen dienen in het najaar van 2025.
Vaststelling projectplan - college - raadsinformatiebrief - SOK-partners - betrekken NPLW
Oproep plaatsen & kennismaking - gesprek initiatieven - verspreiden inschrijvingsformulier
Maart ’24
Projectplan - indienen bij gemeentelijke projectleider
April’25
Beoordeling - expert - betrekken NPLW
Augustus‘25
Selectie - Selectie initiatief - Subsidieverstrekking collegebesluit middelen voor projectplan door initiatiefnemers
Mei ‘25
Wezenlijke wijziging - IOK - projectplan - College B&W besluit en dient in
September‘25
Oktober ‘25
Conclusie Met dit voorgestelde proces beogen we te komen tot een gedegen selectie van een bewonersinitiatief voor een kleinschalige collectieve duurzame(re) warmteoplossing.
10
▪ ▪
Bijlage 1 Communicatie & Proces Stap 1: Oproep aan bewonersinitiatieven Gemeente Nijmegen zoekt naar bewonerscollectief in Hengstdal voor een collectieve warmteoplossing De afgelopen jaren is in de Bomenbuurt-Oost onderzocht of een kleinschalig warmtenet met een buurtwarmtepomp geschikt zou zijn voor de verwarming van de woningen en het verwarmen van water. Dit plan kreeg onvoldoende steun vanuit de buurt en is toen gestopt. Gemeente Nijmegen is nu op zoek naar een groep buurtbewoners uit Hengstdal die alsnog graag samen willen werken aan een soortgelijk kleinschalig collectief warmtesysteem. De gemeente wil in 2050 geen aardgas meer gebruiken dus dit soort gezamenlijke warmteoplossingen zijn hard nodig. We zoeken bij voorkeur naar een initiatief waarbij minimaal 100 huishoudens enthousiast zijn om dit te gaan organiseren. De gemeente heeft een subsidie van het Rijk ontvangen om een kansrijk initiatief op weg te helpen. Vandaar deze oproep: zijn er initiatieven die willen werken aan nieuwe warmte voor een grote groep bewoners van Hengstdal? Bent u geïnteresseerd om samen met buren aan een systeem te werken voor nieuwe warmte, en wil je graag meer informatie hierover? Neem dan contact op met projectleider Hengstdal <naam, telefoon, email>. Nb.
Na het stoppen van het project in de Bomenbuurt-Oost zijn enkele betrokken bewoners verder gegaan met onderzoeken of er toch mogelijkheden waren om door te gaan met en voor enthousiaste bewoners. Dat heeft inmiddels geresulteerd in de Buurt Warmte Coöperatie Hengstdal. Zij hebben de gemeente laten weten dat ze interesse hebben in een nieuw project, ondersteund door de gemeente. Voor de oproep maken we gebruik van de volgende communicatiekanalen. Hierbij leggen we de focus op de wijk Hengstdal. Steunpunt Energietransitie; Wijkkrant Oost; Gemeentelijke social media (facebook, instagram) Huis-aan-huisblad De Brug Digitale nieuwsbrieven van de gemeente Nijmegen en Aardgasvrij Hengstdal Nijmegen.nl
Stap 2 In gesprek met initiatieven Wij nodigen de initiatieven die zich melden uit Hengstdal uit voor een gesprek. Hierin lopen we met de initiateven enkele onderwerpen langs, denk hierbij aan: Motivatie; Locatie en omvang; Beschrijving van het concept; De organisatie (partijen, rollen en verantwoordelijkheden); Stakeholders; Participatie en communicatie; Planning en aanpak. De initiatieven krijgen de opdracht om informatie aan te leveren voor een ontvankelijke inschrijving.
Stap 3 Selectie initiatief Bureau Energietransitie beoordeelt de inzendingen tegen de gestelde voorwaarden. We gaan verder met het initiatief dat aan de drie vereiste voorwaarden voldoet (plangebied, collectief warmtesysteem en bestaande op in oprichting zijnde bewonerscollectief) en het beste voldoet aan de overige voorwaarden. Bij de beoordeling betrekt de gemeentelijk facilitator het NPLW. Het geselecteerde initiatief krijgt vervolgens de opdracht een projectplan op te stellen waarin onder andere het technische concept, de businesscase en communicatieplan is uitgewerkt. Ook
11
de risico’s moeten worden benoemd en welke mitigerende maatregelen daarvoor genomen kunnen worden. De initiatiefnemers hebben de beschikking over middelen (maximaal € 75.000,-) om hiervoor expertise in te huren.
Stap 4 Beoordeling projectplan door gemeente De gemeente laat het Plan van Aanpak toetsen door een expert. Naast de inhoudelijke toetsing wordt ook de hoogte van het gevraagde subsidiebedrag beoordeeld.
Stap 5 Wezenlijke wijziging Met het gekozen initiatief werken we toe naar de wezenlijke wijziging dat aan het college wordt voorgelegd en bij akkoord wordt ingediend bij het Ministerie van VRO.
12
▪ ▪