Bijlage 4 Documenten Woo-verzoek APN
Tekst van het document
Meting 28 juni 2021 Uit het meetrapport van de op 28 juni 2021 uitgevoerde meting, waarbij asfaltgranulaat / gerecycled asfalt (PR) werd gebruikt, volgt dat de emissie van PAK/naftaleen de (emissie)norm uit het Activiteitenbesluit in ruime mate overschrijdt. Uit het meetrapport volgt ook dat de concentratie op leefniveau voor PAK/naftaleen de (immissie)norm niet overschrijdt. Wij hebben u naar aanleiding hiervan bij brief van 29 juli 2021 een handhavingsvoornemen gestuurd.
Omgevingsdienst Regio Nijmegen Afdeling Handhaving
Landelijke aanname In de Activiteitenregeling milieubeheer is bepaald dat ervan uit wordt gegaan dat aan de PAKemissienorm wordt voldaan als de acceptatieprocedure oud asfalt wordt toegepast (art. 5.37 Activiteitenregeling). Ofwel als aan de kwaliteitseisen voor asfalt en asfaltgranulaat volgens de BRL 9320 wordt voldaan. Dit is een landelijke aanname en een zogenaamde erkende maatregel. Voor zover wij kunnen nagaan, voldoet u hieraan. U bent gecertificeerd door het KIWA in het kader van deze BRL.
Op 24 september 2021 hebben wij zekerheidshalve het door u op die dag gebruikte granulaat bemonsterd. Uit de bemonsteringsresultaten blijkt dat ruimschoots aan de PAK-norm voor het asfaltgranulaat wordt voldaan. Inmiddels staat de landelijke aanname / erkende maatregel ter discussie. In haar brief van 19 augustus 2021 heeft het Gezamenlijk College van Deskundigen Asfalt van KIWA aan het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat kenbaar gemaakt dat zij ernstig twijfelt of (het voldoen aan) de BRL 9320 wel het juiste instrument is om aan te tonen of aan de PAK-norm uit het Activiteitenbesluit wordt voldaan.
Ondertussen heeft de staatssecretaris op 8 november 2021 een brief aan de Tweede Kamer gestuurd. De staatssecretaris overweegt de regeling met de landelijke aanname aan te passen als blijkt dat de aanname onjuist is.
Vervolqmetinqen door geaccrediteerde meetinstantie, in opdracht van u en van ons Voor het uitvoeren van een representatieve vervolgmeting met PR is het noodzakelijk dat deze in drievoud wordt uitgevoerd en daarvoor moet sprake zijn van voldoende productie vanwege de doorlooptijd van een drievoudige meting. Wij hebben u daarom gevraagd om ons van informatie over de dagelijkse productiehoeveelheden te voorzien, zodat wij desgewenst onaangekondigd metingen kunnen uitvoeren. Die informatie stuurt u ons wekelijks toe.
Op 24 september 2021 hebben wij uw inrichting tegen 05.30 uur bezocht voor het uitvoeren van een meting omdat op die dag en de daarop volgende woensdag voldoende productie met PR werd gedraaid. Ter plaatse bleek echter dat in uw opdracht reeds een meetopstelling was geplaatst. Het bleek toen voor ons niet meer mogelijk een meting uit te voeren. De verwijdering van de opstelling en het vervolgens opbouwen van onze eigen meetopstelling zou namelijk dermate veel tijd kosten dat nauwelijks meettijd meer zou overblijven om een representatieve meting te kunnen uitvoeren.
U heeft aangegeven dat u meerdere modificaties aan de installatie heeft doorgevoerd met als doel om de PAK-emissie te beperken en dat uw eigen meting noodzakelijk was om dat bevestigd te krijgen. Op 10 november 2021 heeft u ons het meetrapport van de meting van 24 september 2021 toegestuurd. Dit meetrapport wordt door onze luchtspecialisten beoordeeld. Het is de verantwoordelijkheid van u als bedrijf om aan de normen te voldoen. Wij gaan ervan uit dat u de benodigde maatregelen zal treffen en u ook metingen blijft laten uitvoeren door een geaccrediteerde meetinstantie.
Wij willen dat ook nog steeds zelf doen bij voldoende productie. Tot op heden is echter geen productie met PR meer gedraaid van voldoende omvang. Daardoor is het voor ons tot op heden niet mogelijk gebleken om representatieve metingen uit te kunnen voeren. We vinden dat dat ons er niet van mag weerhouden om regelmatig te meten. Daarom gaan we nu ook aangekondigd meten als dat mogelijk is, zodat we de meetapparatuur tijdig op kunnen te bouwen. Er is dan minder productie nodig om tot een correcte en volwaardige meting te komen.
Omgevingsdienst Regio Nijmegen Afdeling Handhaving
U heeft ons ook laten weten dat de productie op de locatie Nijmegen lager is, omdat u de productie deels heeft verplaatst naar een andere centrale. En dat de productie de komende periode lager zal blijven vanwege de lagere vraag naar asfalt in de herfst- en winterperiode. Vervolg voornemen last onder dwangsom PAK Na het beschikbaar komen van nieuwe meetresultaten en beoordeling daarvan zullen wij u laten weten hoe wij verder gaan naar aanleiding van het handhavingsvoornemen tot oplegging van een last onder dwangsom.
Opleggen meetverplichting voor PAK en benzeen Ondanks het voorgaande willen we zekerheidshalve via maatwerkvoorschriften ook een meetverplichting voor PAK en benzeen aan u opleggen, met een gepaste meetfrequentie. Wij bereiden daarom een maatwerkbesluit voor. Conform de Handleiding Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS), zoals die door InfoMil in opdracht van het ministerie van Infrastructuur & Waterstaat is opgesteld, is het wenselijk dat een bedrijf bij ZZS-emissies het zwaarste controleregime (4) toepast (conform art 2.8 van het Activiteitenbesluit). Voor de goede orde wordt hier opgemerkt dat 5.1.2.e namens MOB in zijn verzoek tot handhaving en actualisatie vraagt om het opleggen van een wekelijkse meetverplichting voor PAK en benzeen.
Minimalisatieverplichting ZZS Naast emissienormen voor stoffen geldt voor uw bedrijf een minimalisatieverplichting voor ZZS (Zeer Zorgwekkende Stoffen). Het gaat dan o.a. om benzeen en naftaleen. De minimalisatieverplichting is een continu streven naar vermindering van de emissie. En dat houdt in dat een bedrijf emissies van ZZS moet voorkomen of, als dat niet mogelijk is, deze in ieder geval tot een minimum moet beperken. Daarbij geldt een vijfjaarlijkse informatieplicht en onderzoeksplicht, met een vermijdings- en reductieprogramma. De minimalisatieverplichting geldt ook als het bedrijf de Beste Beschikbare Technieken (BBT) toepast en ook als de immissieconcentratie voor een stof onder het maximaal toelaatbaar risiconiveau (MTR) ligt. Minimalisatie van de emissie kan op meerdere manieren plaatsvinden, o.a. door procesgeïntegreerde en nageschakelde technieken.
Tijdens een controle op 10 maart 2021 constateerden wij dat u niet had voldaan aan de verplichting om voor 1 januari 2021 te rapporteren over de emissie en minimalisatie van ZZS. Vervolgens heeft u op 7 juni 2021 alsnog een rapportage bij ons ingediend. Wij hebben de rapportage inmiddels beoordeeld en u ontvangt binnenkort in een separate brief een uitgebreide reactie. Vooruitlopend daarop wijzen wij u er hierbij alvast op dat het onderzoek naar ZZS en naar procesgeïntegreerde en nageschakelde technieken tekortschiet en dat ten onrechte niet is ingegaan op de emissie van PAK. Ook ontbreekt een vermijdings- en reductieprogramma nu duidelijk is dat ZZS-stoffen worden geëmitteerd. In de rapportage is ook geen rekening gehouden met het gebruik van gemodificeerd bitumen. Voor de volledigheid wijzen wij er hier op dat in het verzoek tot handhaving en actualisatie van 5.1.2.e namens MOB wordt gevraagd om handhavend op te treden met betrekking tot de minimalisatieverplichting.
VERZOEK TOT HANDHAVING EN ACTUALISATIE Tot slot citeren wij voor het overzicht het volgende uit het verzoek tot handhaving en actualisatie van 5.1.2.e namens MOB van 1 oktober 2021: "Verzoek tot handhaving Hierbij verzoeken wij u om over te gaan tot handhaving van het Activiteitenbesluit met betrekking tot de minimalisatie verplichting voor Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) als benzeen en PAK's in alle asfaltcentrales van Gelderland, waaronder:
Omgevingsdienst Regio Nijmegen Afdeling Handhaving
1. Asfalt Produktie Nijmegen (A.P.N.) B.V., Nijmegen (...) Zie met name artikel 2.4 van het Activiteitenbesluit en de normering van PAK's en benzeen daarin, waarbij we aantekenen dat de emissies van beide kankerverwekkende stoffen tot onder de wettelijke norm (en zo mogelijk naar nul) dienen te worden teruggebracht. Dat kan middels proces geïntegreerde en/of nageschakelde technieken. Als de bedrijven hiertoe niet bereid zijn dienen ze te worden gesloten. Verzoek tot actualisatie Indien verplaatsing geen optie is dient u APN te dwingen om de schoorsteen op zo kort mogelijke termijn te verhogen van nu 30 m tot minimaal 60 m, beter nog 70 m. Het bedrijf dient te worden verplicht om met onmiddellijke ingang wekelijks benzeen en PAK's metingen te laten uitvoeren door een onafhankelijke instantie. In plaats van actualisatie van de vigerende vergunning komt intrekking van de vergunning ook uitdrukkelijk in beeld."
WOB-VERZOEKEN Wij hebben ook diverse verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur ontvangen met betrekking tot stukken over uw bedrijf. In dat kader zijn met name documenten verstrekt die betrekking hebben op de in de afgelopen jaren uitgevoerde milieucontroles. VERVOLGSTAPPEN
Wij verzoeken u de hiervoor genoemde maatregelen te treffen dan wel de gevraagde acties te ondernemen. Wij zullen u over een aantal van de hierboven genoemde zaken in afzonderlijke brieven ook nader informeren.
Vragen Heeft u nog vragen naar aanleiding van deze brief? Neem dan contact op met de heer 5.1.2.e e-mail 5.1.2.e en telefoonnummer 5.1.2.e
Hoogachtend, Het College van Burgemeester en Wethouders van Nijmegen, namens deze:
5.1.2.e
Directeur Omgevingsdienst Regio Nijmegen Deze brief is digitaal aangemaakt en daarom niet ondertekend.
Opdrachtgever Opdrachtgever: 5.1.2.e
5.1.2.e
(A.P.N.) B.V. en Gemeente Nijmegen
Asfalt Produktie Nijmegen (A.P.N.) B.V. Contactpersoon: 5.1.2.e Adres: Energieweg 28 Postcode/Plaats: 6541 CX Nijmegen Telefoon: 5.1.2.e Email: 5.1.2.e @duravermeer.nl
Gemeente Nijmegen Contactpersoon: 5.1.2.e Adres: Korte Nieuwstraat 6 Postcode/Plaats: 6500 HG Nijmegen Telefoon: 5.1.2.e / 5.1.2.e E-mail: 5.1.2.e @nijmegen Doel taxatie
De taxatie is bedoeld voor het verkrijgen van inzicht in de waarde van het object in verband met een aankoop/verkoop beslissing.
Object taxatie Het te taxeren object betreft:
Adres: Energieweg 28 Postcode/Plaats: 6541 CX Nijmegen Type Vastgoed: Asfaltcentrale Belang: volle eigendom Kadastraal bekend: Gemeente: Neerbosch Sectie: G Nummers: 532 en 621 Groot respectievelijk: 14.420 m2 en 5.998 m2 Gezamenlijk groot: 20.418 m2 Basis van waarde
De waardebepaling van het object vindt plaats op basis van:
Marktwaarde Marktwaarde van het object in de huidige staat Marktwaarde met de fictie dat het perceel ontdaan is van alle opstallen, geschikt voor het gebruik binnen de huidige bestemming (Bouwkavel).
Onteigening Definitie marktwaarde: hetgeschatte bedrag waartegen een object tussen een bereidwillige koper en een bereidwillige verkoper na behoorlijke marketing in een zakelijke transactie zou worden overgedragen op de taxatiedatum, waarbij de partijen met kennis van zaken, prudent en niet onder dwang zouden hebben gehandeld. Definitie onteigening: hetgeschatte bedrag waartegen een object tussen de overheid en een eigenaar na een onteigeningsprocedure zou worden overgedragen.
Taxatiedatum De taxatiedatum wordt vastgesteld op de datum van de inspectie van het object