CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Bijlagen bij de toelichting MER bijlage 2.2 Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

Besluitronde (raadsvergadering) 31 januari 2024, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling Chw-bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens -7 (Waal Energie) (128/2023)3.662 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MER Waal Energie Bijlage 2.2 - Beantwoording voorlopig toetsingsadvies (10 pagina’s)

Rev.

Datum

Locatie Centrale Gelderland Hollandiaweg 11 6541 BL Nijmegen

Status

Auteur Referentienr.

Goedgekeurd door

Waal Energie Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

1.0

03-04-2023

Definitief

P.Verstappen

K. Baijens

Rev.

Datum

Status

Auteur

Collegiale toets

Locatie Centrale Gelderland Hollandiaweg 11 6541 BL Nijmegen

Referentienr.

pagina 1 van 10

MER Waal Energie Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

Inhoudsopgave 1 2

2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7

03-04-2023

Inleiding ........................................................................................................................................................ 3 Beantwoording ............................................................................................................................................. 3 Alternatieven en varianten ........................................................................................................................... 3 Beoordeling doelbereik en effecten ............................................................................................................. 7 Bereikbaarheid en mobiliteit ........................................................................................................................ 8 Geluid ............................................................................................................................................................ 8 Natuur ........................................................................................................................................................... 9 Water ............................................................................................................................................................

9 Duurzaamheid en circulariteit ...................................................................................................................... 9

pagina 2 van 10

MER Waal Energie Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

1

Inleiding

Het MER voor de beoogde ontwikkeling van plangebied Waal Energie is door de Commissie voor de milieueffectrapportage beoordeeld en heeft op 1 december 2022 een voorlopig toetsingsadvies gegeven. In dit document wordt toegelicht hoe de adviezen in het MER zijn overgenomen en/of verwerkt.

2

Beantwoording

2.1 Alternatieven en varianten De Commissie adviseert om in een aanvulling op het MER: • het uitgangspunt ten aanzien van grootschalige energieopwekking voor de ontwikkeling van het basisalternatief en de varianten A en B te verduidelijken; • een nadere beschouwing op te nemen van de mogelijkheden om ambities uit de gebiedsvisie te realiseren en de milieugebruiksruimte te verkleinen, met en zonder grootschalige energieopwekking. Leeswijzer: het uitgangspunt ten aanzien van grootschalige energieopwekking voor de ontwikkeling van het basisalternatief en de varianten A en B te verduidelijken; • De in de termen alternatief en varianten zijn gewijzigd en in het aangepaste MER uniform gemaakt. De term ‘basisalternatief’ is nu de ‘voorkeursvariant’ genoemd. ‘Varianten A en B’ zijn nu de ‘locatievariant A en B’ genoemd. • In het aangepaste MER is de naamgeving van de situaties en varianten eenduidig gebruikt. In het MER wordt nu eenduidige gesproken over: Referentiesituatie De referentiesituatie is gelijk aan de autonome ontwikkeling waarbij de activiteiten die aanwezig zijn in 2021 zijn vertaald naar een toekomstige situatie waarbij de activiteiten conform de huidige wetgeving operationeel zijn, maar zonder de realisatie van de beoogde ontwikkeling.

Situatie 2021 Voor de situatie van het voor publiek afgesloten plangebied Waal Energie in 2021 wordt uitgegaan van de aanwezigheid van een zonnepark, een containerterminal en de twee windturbines. De kolen en biomassa gestookte energiecentrale is uit bedrijf genomen en wordt geamoveerd. Autonome ontwikkeling De doorvertaling van de uitgangspunten voor de autonome ontwikkeling op basis van de situatie in 2021 is dat binnen het voor het publiek afgesloten plangebied Waal Energie de kolen en biomassa gestookte energiecentrale volledig is geamoveerd en de aanwezigheid van een zonnepark, een containerterminal en twee windturbines. Tevens blijft de bestaande reservering voor grootschalige energieopwekking die ziet op het gehele plangebied Waal Energie behouden en zijn andere ontwikkelingen in het plangebied Waal Energie uitgesloten. In de referentiesituatie zijn de onderstaande operationele activiteiten en kenmerken te benoemen: • verkeersbewegingen van en naar het plangebied Waal Energie, bestaande uit verkeer van en naar het terrein van de containerterminal en Centrale Gelderland en de scheepsbewegingen van en naar de containerterminal; • de containerterminal is met de overslagkranen en de gestapelde containers over het algemeen ook zeer goed zichtbaar en beeld bepalend; 03-04-2023

pagina 3 van 10

MER Waal Energie Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

• de operationele inzet van verreikers op het terrein van de containerterminal; • de twee windturbines zijn als operationele activiteit te beschouwen en met een hoogte van 170 meter beeldbepalend; • het bestaande zonnepark (circa 8.000 panelen) van ongeveer 3 ha groot aan de oostzijde van het plangebied Waal Energie; Daarnaast is de door de Gasunie “afgedopte” hogedruk gastransportleiding aan de rand van het plangebied als niet operationele activiteit te benoemen. Situatie 2015 Voor de situatie van het voor publiek afgesloten plangebied Waal Energie in 2015 wordt uitgegaan van de aanwezigheid van een kolen en biomassa gestookte energiecentrale, een zonnepark en een containerterminal. En de planologische reservering voor grootschalige energieopwekking die ziet op het gehele plangebied Waal Energie.

In de situatie 2015 zijn de onderstaande operationele activiteiten en kenmerken te benoemen: • verkeersbewegingen van en naar het plangebied Waal Energie, bestaande uit verkeer van en naar het terrein van de containerterminal en Centrale Gelderland en de scheepsbewegingen van en naar de haven van de kolen en biomassa gestookte energiecentrale en de containerterminal; • de containerterminal is met de overslagkranen en de gestapelde containers over het algemeen ook zeer goed zichtbaar en beeld bepalend; • de operationele inzet van verreikers op het terrein van de containerterminal; • de kolen en biomassa gestookte energiecentrale met een hoogte van 85 meter, een schoorsteen van 150 meter hoogte en de daaraan gekoppelde gebouwen zijn prominent in het plangebied Waal Energie aanwezig; • de ondersteunende activiteiten die horen bij de exploitatie van de kolen en biomassa gestookte energiecentrale zoals, koelwaterlozing, de hogedruk gastransportleiding, de propaantank en het gasdruk- en meetstation; • het bestaande zonnepark (circa 8.000 panelen) van ongeveer 3 ha groot aan de oostzijde van het plangebied Waal Energie. Beoogde ontwikkeling De beoogde ontwikkeling betreft een gebiedsontwikkeling voor het gehele terrein van Waal Energie, bestaande uit het terrein van de containerterminal en Centrale Gelderland.

Binnen het plangebied Waal Energie wordt voortgebouwd op de geschiedenis van het terrein door het een nieuwe flexibele bestemming te geven die het mogelijk maakt om het energielandschap te vernieuwen. Het plangebied Waal Energie ligt strategisch met ideale aansluitingen op water- en energie infrastructuur, aan de kop van een groot binnenstedelijk industriegebied en te midden van een dichtbevolkte regio. Dit biedt goede kansen voor ‘harde’ installatie gebonden functies als energieopwekking, energieopslag, energieoverslag en energiedistributie, maar ook ‘zachte’ mens gebonden functies als ontwikkeling en levering van energiediensten, energieonderzoek & –innovatie en educatie. Voorwaarde voor de beoogde ontwikkeling is dat binnen het plangebied Waal Energie op grond van het Barro de strategische reservering voor grootschalige energieopwekking van minimaal 500 MW beschikbaar moet blijven . Door het verkleinen van het oppervlakte voor de reservering voor grootschalige energieopwekking, biedt het plangebied Waal Energie ruimte voor de beoogde ontwikkeling. Het plangebied Waal Energie is decennialang afgesloten geweest voor de omwonenden.

De beoogde ontwikkeling biedt de mogelijkheid om het plangebied Waal Energie deels openbaar toegankelijk te maken met een groene, parkachtige uitstraling waar ook iedereen van kan genieten, zodat het gebied geen barrière meer vormt tussen Nijmegen-West en Weurt, maar juist een verbindende schakel wordt (ENGIE gebiedsvisie, 2019). In de beoogde ontwikkeling is het verbranden van kolen en/of verbranden en/of bijmengen van biomassa voor energie opwekking niet toegestaan. Eveneens is de activiteit vergisting binnen plangebied Waal Energie niet toegestaan.

03-04-2023

pagina 4 van 10

MER Waal Energie Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

De verplichting om binnen het plangebied Waal Energie een reservering voor grootschalig energie opwekking in de vorm van een energiecentrale van minimaal 500 MW in stand te moeten houden, heeft een grote invloed op de mogelijkheden voor de indeling van het planbied Waal Energie In de beoogde ontwikkeling zijn de onderstaande operationele activiteiten en kenmerken te benoemen: • verkeersbewegingen van en naar het plangebied Waal Energie, bestaande uit verkeer van en naar het terrein van de containerterminal en Centrale Gelderland en de scheepsbewegingen van en naar de havens in het plangebied van Waal Energie; • de containerterminal is met de overslagkranen en de gestapelde containers over het algemeen ook zeer goed zichtbaar en beeld bepalend; • de operationele inzet van verreikers op het terrein van de containerterminal; • het bestaande zonnepark (circa 8.000 panelen) van ongeveer 3 ha groot aan de oostzijde van het plangebied Waal Energie.

De panelen worden (op termijn en indien mogelijk) verplaatst naar daken en gevels van nieuwe gebouwen in het plangebied Waal Energie; • de twee windturbines zijn met een hoogte van 170 meter eveneens beeldbepalend; • diverse activiteiten die verband houden met/of gerelateerd zijn aan (opwekking van) duurzame energie, watergebonden bedrijvigheid en duurzame logistiek; waaronder reeds te benoemen zijn: • een waterstof tankstation; • een snel laadpunt voor elektrisch wegvervoer; • batterij elektrische laadpunt voor scheepvaart; • grootschalige energieopslag in de vorm van een batterij; • verzorgen van emissieloos vervoer van en naar de binnenstad van Nijmegen; • aquathermie voor het opwekken van warmte uit de Waal; • de reservering voor grootschalige energieopwekking in de vorm van een energiecentrale van minimaal 500MW en de daaraan gekoppelde gebouwen activiteiten zoals een gasdrukregel- en meetstation; een gasleiding aangesloten op het Nederlandse transportnet waterstof, lozing van koelwater zal ook beeldbepalend zijn. Vanuit de regels van het Barro mag voor de reservering voor grootschalige energieopwekking geen hoogte beperking in het bestemmingsplan worden opgenomen. Varianten Op basis van bovenstaande bevindingen is besloten om in de beoogde ontwikkeling voor de reservering voor grootschalige energieopwekking dan ook twee locatievarianten uit te werken.

Een variant zonder energiecentrale is op grond van de Barro aanwijzing niet mogelijk. Locatie varianten Locatie variant A: betreft de reservering voor grootschalige energie opwekking op de footprint van de voormalige kolen en biomassa gestookte energiecentrale. Locatie variant B: betreft de reservering voor grootschalige energie opwekking aan de Waalzijde. Naast de locatievariant zijn als dat voor een milieuaspect toegevoegde waarde heeft ook nog de onderstaande varianten beschouwd om daarmee tot een voorkeursvariant te komen. Gebiedsverdelingsvariant Voor het beoordelen van het milieuaspect geluid is naast de reservering van geluidsruimte voor een energiecentrale voor het overige deel van het plangebied Waal Energie dat ziet op het terrein van Centrale Gelderland een drietal gebiedsverdelingen voor geluidruimte onderzocht. Brandstofvariant In Nederland zijn een aantal brandstoffen beschikbaar die kunnen worden ingezet voor grootschalige energieopwekking en worden nader toegelicht. Type installatie variant 03-04-2023

pagina 5 van 10

MER Waal Energie Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

De beoogde energiecentrale heeft naar verwachting de meeste impact op de omgeving en om de laagimpactvariant te kunnen bepalen is voor het type energiecentrale een tweetal types uitgewerkt. Waarbij type variant 1 een energiecentrale is zonder een zogenaamde DeNOx installatie en type variant 2 een energiecentrale met een DeNOx installatie is. Laagimpactvariant Bij de uitgangspunten voor de beoogde ontwikkeling er al rekening is gehouden met de best beschikbare technieken en een lagere milieucategorie (1-3) voor de bedrijven die in het plangebied zijn toegestaan (5). Dit maakt dat voor verkeer en luchtemissies minder milieuruimte beschikbaar is. De verplichte reservering voor grootschalige energie opwekking in de vorm van een energiecentrale van minimaal 500 MW is bepalend voor het benutten van de beschikbare milieuruimte. Voor de beoogde energiecentrale is uitgegaan van de best beschikbare technieken om te kunnen voldoen aan de onderkant van de wettelijke emissie eisen. Voor het toevoeren van brandstof aan de energiecentrale zal worden aangesloten op het Nederlandse hoofdtransportnetwerk Waterstof en alle gassen en/of mengsels van die gassen kunnen verstoken. Daarmee is voor de beoogde energiecentrale ook geen lagere impact te behalen. Ten aanzien van stikstofemissies kan worden vermeld dat het verbranden van waterstof leidt tot hogere emissies dan verbranden van aardgas.

Met het uitgangspunt voor de beoogde energiecentrale op basis van aardgas kan voor de stikstof emissies dan ook worden gezien als laagimpactvariant worden aangemerkt. Voor de inrichting van het plangebied Waal Energie zal het Stedenbouwkundig raamwerk (zie bijlage 11.2a,b) en beeldkwaliteit de basis vormen en is daarmee dus ook als laagimpact te beschouwen. Alleen door in de beoogde ontwikkeling uitsluiten van geur, geluid belastende en of risicovolle activiteiten is het mogelijk om een nog lagere impact op de omgeving te verkrijgen. Echter kan dan niet meer worden voldaan aan de uitgangspunten voor de beoogde ontwikkeling van het plangebied. Voorkeursvariant Door de resultaten van de varianten onderling te vergelijken, kunnen keuzes worden onderbouwd ten aanzien van de milieugebruiksruimte in de beoogde ontwikkeling. Bij die keuzes kan desgewenst aanvullend de situatie 2015 (van hoe het plangebied Waal Energie ooit was) worden betrokken. Dit biedt naast het inzicht in de effecten ten opzichte van de referentiesituatie de mogelijkheid om te laten zien hoe de beoogde ontwikkelingssituatie eruitziet ten opzichte van het plangebied Waal Energie waarbij jarenlang een kolen en biomassa gestookte energiecentrale werd geëxploiteerd.

Bij de voorkeursvariant is de locatie van de reservering voor grootschalige energie opwekking gelijk aan locatievariant A, waarbij de reservering voor grootschalige energie opwekking is voorzien op de footprint van de voormalige kolen en biomassa gestookte energiecentrale. Uit onderzoek naar de inzet van de benodigde brandstoffen blijkt dat alleen gasvormige brandstof beschikbaar is. De beoogde energiecentrale zal via een rechtstreekse aansluiting op het Nederlandse transportnet waterstof functioneren. Het gas in dit netwerk zal van 100% aardgas nu in de toekomst worden bijgemengd met biogas, syngas en/of waterstof. Met het uiteindelijke doel om volledig CO2 vrij te worden. De beoogde energiecentrale zal vanaf de bouw direct geschikt zijn om alle gassen of mengsels daarvan uit het transportnet waterstof te kunnen verstoken. De energiecentrale zal op moment van bouwen worden gebaseerd op de best beschikbare techniek om daarmee als de meest efficiënte energiecentrale te kunnen worden aangeduid. Om te kunnen voldoen aan de eisen uit de Wet natuurbescherming dient voor de energiecentrale in de beoogde ontwikkeling rekening te worden gehouden met een energiecentrale voorzien van een DeNOx installatie.

Voor het milieuaspect geluid bestaat de voorkeursvariant uit de locatievariant waarbij de geluidsruimte die voor de overige beoogde ontwikkelingen beschikbaar is gedifferentieerd wordt verdeeld over het plangebied Waal Energie. Op basis van de effectenstudie is de voorkeursvariant geformuleerd, welke in dit MER nader wordt onderbouwd en opgenomen in het te wijzigen bestemmingsplan met verbrede reikwijdte. 03-04-2023

pagina 6 van 10

MER Waal Energie Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

Een exacte invulling van het plangebied Waal Energie is nog niet bekend vanwege de gewenste flexibiliteit, maar de ambities uit de gebiedsvisie zijn wel van toepassing voor de overige invulling. Dit betekent dat er in ieder geval bedrijven op het gebied van energietransitie, circulariteit, duurzaamheid en havengebondenheid terecht moeten kunnen komen. Hierbij kan onder andere worden gedacht aan de volgende type bedrijven: waterstoftankstation, transport/logistiek, recycling van papier en metaal, omzetting van afvalstoffen, overslag nieuwe energiedragers. Allemaal bedrijven die passen bij de ambities van het gebied. een nadere beschouwing op te nemen van de mogelijkheden om ambities uit de gebiedsvisie te realiseren en de milieugebruiksruimte te verkleinen, met en zonder grootschalige energieopwekking.. • Aan de hand van de Gebiedsvisie Waal Energie voor het plangebied Waal Energie, is een Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD, 2019) opgesteld in voorbereiding op de m.e.r.-procedure. Het MER is noodzakelijk omdat het bestemmingsplan een kader schept voor de toekomstige ontwikkeling van een installatie voor de grootschalige opwekking van elektriciteit.

In de NRD is per maatgevend thema voor het milieueffectrapport (MER ) een beschrijving gegeven van de mogelijke ontwikkeling varianten voor het plangebied Waal Energie en is aangegeven welke (milieu)aspecten daarbij relevant zijn. Gedurende de procedure en overgangsfase van Notitie Reikwijdte en Detailniveau naar het MER ontstond er op nationaal niveau, maatschappelijk en politiek, een discussie over de stikstofaanpak in het Nederlands ruimtelijke ontwikkelingsprogramma. Er is sindsdien onderzoek gedaan naar de manier waarop stikstofdepositie als een van de deelonderzoeken in de ontwikkeling van Waal Energie kan worden ingepast. In hoofdstuk 3 van het MER wordt nader ingegaan op de rol die het onderzoek naar stikstofdepositie heeft gespeeld bij de totstandkoming van de inrichting van het plangebied Waal Energie. Op basis van de gebiedsvisie en de stikstofberekeningen zijn twee locatievarianten vastgesteld om invulling te kunnen geven aan de verplichte reservering voor grootschalige energieopwekking in de vorm van een energiecentrale van minimaal 500 MW. Daarmee is bij de verdere uitwerking dit direct als laagimpact te beschouwen. Per milieuaspect is vervolgens beschouwd of nog extra technisch of planologisch maatregelen mogelijk zijn om de impact nog verder te verlagen.

Op basis van de onderzochte locatievarianten en eventuele extra maatregelen is de voorkeursvariant bepaald en beschouwd. • Binnen het plangebied dient op grond van het Barro om een reservering voor grootschalige energieopwekking in de vorm van een energiecentrale van minimaal 500 MW ruimtelijk mogelijk te blijven. Door de rijksoverheid is ook aangegeven dat de genoemde reservering op deze locatie behouden dient te blijven. Het uitwerken van een variant zonder de reservering voor grootschalige energieopwekking in de vorm van een energiecentrale van minimaal 500 MW voldoet niet aan de uitgangspunten die op het plangebied van toepassing zijn. Wel is ter informatie behoeve van de overgangsfase naar de realisatie van de beoogde energiecentrale het milieueffect voor verkeer geluid, luchtkwaliteit, natuur en extreme veiligheid beschouwd en als bijlage 3.1 aan het MER toegevoegd.

2.2 Beoordeling doelbereik en effecten De Commissie adviseert om in een aanvulling op het MER aangepaste scoretabellen op te nemen, waarin: • effecten en doelbereik duidelijk van elkaar worden onderscheiden; • effecten consequent en eenduidig worden vergeleken met de referentiesituatie; • duidelijker wordt aangegeven aan welke doelen en indicatoren wordt getoetst; • de overige aanbevelingen uit paragraaf 2.1 en 2.3. t/m 2.7 van dit advies zijn verwerkt. Leeswijzer:

03-04-2023

pagina 7 van 10

MER Waal Energie Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

• op basis van het bovenstaande advies is het gehele MER herschreven door voor de deelonderzoeken eenzelfde opbouw te hanteren en te beschouwen ten aanzien van de referentie situatie en de situatie 2015. Per deel onderzoek bestaat de opbouw uit: • Inleiding • Wetgeving en beleid • Methode • Effectbeoordeling • Referentie situatie • Situatie 2015 • Beoogde ontwikkeling – Varianten • Beoogde ontwikkeling – Laagimpactvariant • Beoogde ontwikkeling – Voorkeurvariant • Conclusie

2.3 Bereikbaarheid en mobiliteit Bereikbaarheid De Commissie adviseert om in een aanvulling op het MER te onderzoeken of de bestaande wegenstructuur toereikend is wanneer calamiteiten optreden. Geef vervolgens een navolgbare onderbouwing van de kwaliteit van de verkeersafwikkeling op het wegennet binnen het plangebied en de aansluitingen op de omgeving. Maak hierbij inzichtelijk welke kengetallen, uitgangspunten en keuzes in de berekeningen zijn gebruikt. Leeswijzer: • Het bovenstaande advies is meegenomen bij het herschrijven van MER deel 2 Hoofdstuk 4 Verkeer. • Aan het MER is bijlage 11.2a het Stedenbouwkundig raamwerk en beeldkwaliteitsplan toegevoegd. Overige modaliteiten en parkeren De Commissie adviseert om in een aanvulling op het MER te beschrijven op welke mogelijkheden er zijn om ‘duurzame mobiliteit’ in het plan voor de herontwikkeling vorm te geven en wat dit betekent voor de vervoerwijzen fiets en openbaar vervoer en voor de parkeeropgave in het gebied. Geef inzicht in aard en omvang van het parkeren in de toekomst. Geef daarnaast een beschrijving van de ontwikkeling van het scheepvaartverkeer en de effecten daarvan. Leeswijzer: • Het bovenstaande advies is meegenomen bij het herschrijven van MER deel 2 Hoofdstuk 4 Verkeer. • Voor de invulling van duurzame mobiliteit wordt verwezen naar het MER deel 2 hoofdstuk 13 Duurzaamheid, circulariteit en klimaat.

• Aan het MER is bijlage 11.2a het Stedenbouwkundig raamwerk en beeldkwaliteitsplan toegevoegd. • Voor de ontwikkeling van de scheepsvaart is enkel vanuit de planopgave beschouwd om een bijdrage te leveren aan duurzaamheid (emissieloze scheepvaart).

2.4 Geluid De Commissie adviseert om in een aanvulling op het MER: • de uitgangspunten van het akoestische onderzoek (inclusief de informatie die uit eerder onderzoek is verkregen) helder samen te vatten; • op basis daarvan inzichtelijk te maken hoe de verdeling van de ‘geluidruimte’ er uit ziet in de referentiesituatie en in de toekomstige situatie; • welke mogelijkheden er zijn om de geluidruimte te beperken, als invulling van de in paragraaf 2.1 genoemde beschouwing. 03-04-2023

pagina 8 van 10

MER Waal Energie Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

Leeswijzer: de uitgangspunten van het akoestische onderzoek (inclusief de informatie die uit eerder onderzoek is verkregen) helder samen te vatten; op basis daarvan inzichtelijk te maken hoe de verdeling van de ‘geluidruimte’ er uit ziet in de referentiesituatie en in de toekomstige situatie; • Het bovenstaande advies is meegenomen bij het herschrijven van MER deel 2 Hoofdstuk 5 Geluid en de daaraan gekoppelde bijlage 5.1 welke mogelijkheden er zijn om de geluidruimte te beperken, als invulling van de in paragraaf 2.1 genoemde beschouwing. • Bij het herschrijven van het MER deel 2 hoofdstuk 5 geluid, in paragraaf 5.4.4 ingegaan op de mogelijkheden om geluid verder te beperken.

2.5 Natuur Effecten ten opzichte van de referentiesituatie De Commissie adviseert om in een aanvulling op het MER de effecten van het voornemen op Natura 2000-gebieden en NNN ten opzichte van de referentiesituatie (huidige legale situatie en autonome ontwikkeling) te beschrijven en te beoordelen, los van mitigerende maatregelen of saldering. Geef vervolgens aan welke maatregelen mogelijk zijn om gevolgen van stikstofdepositie te beperken. Leeswijzer: • Bij het herschrijven van MER deel 2 Hoofdstuk 7 Natuur is bovenstaande advies is overgenomen en is ook het effect op de NNN beschouwd Passende beoordeling De Commissie adviseert om in een aanvulling op het MER de uitgangspunten voor de stikstofdepositie- en geluidberekeningen die gebruikt zijn voor de Passende beoordeling te verduidelijken en waar nodig te corrigeren en daarbij ook aandacht te besteden aan de effecten in de realisatiefase. Leeswijzer: • De passende beoordeling welke als bijlage 7.6 aan het MER is toegevoegd is mede op basis van bovenstaande advies herschreven • De bouw- en aanlegfase wordt in deel 1 van het MER in paragraaf 3.3.4 en 5.2.3 en in deel 2 van het MER wordt in hoofdstuk 4 Vekeer de aanlegfase ook beschouwd

2.6 Water De Commissie adviseert om in een aanvulling op het MER een beschouwing op te nemen over de effecten van de inname en lozing van koelwater (en eventuele andere lozingen) op de (chemische en ecologische) waterkwaliteit. Geef daarbij aan of er een kans is op een (tijdelijke) verslechtering van de waterkwaliteit. Leeswijzer: • Bij het herschrijven van MER deel 2 Hoofdstuk 10 Bodem en Water is zoals geadviseerd een beschouwing op het gebruik van koelwater opgenomen.

2.7 Duurzaamheid en circulariteit 03-04-2023

pagina 9 van 10

MER Waal Energie Beantwoording voorlopig toetsingsadvies

De Commissie adviseert om in een aanvulling op het MER: • de ambities voor duurzaamheid en circulariteit concreter te formuleren; • de effecten van de varianten op basis hiervan te beoordelen en te onderbouwen; • een beschouwing te geven van mogelijkheden die het voornemen biedt om maximaal bij te dragen aan de duurzaamheidsambities (bijvoorbeeld als invulling van de in paragraaf 2.1 genoemde beschouwing). Leeswijzer: • Het bovenstaande advies is gebruikt om in MER deel 2, Hoofdstuk 13 duurzaamheid, circulariteit en klimaat te herschrijven • Ook wordt in dit hoofdstuk een link gelegd met het stedenbouwkunidg raamwerk en Beeldkwaliteit data ls bijlage 11.2a aan het MER is toegevoegd.

03-04-2023

pagina 10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=63e89a3b-d4cb-4c14-a27e-4e14ce104137