Bijlage 3 Samenvatting participatieproces
Tekst van het document
Samenvatting participatieproces Participatie algemeen Met participatie wordt in de Omgevingswet bedoeld ‘het in vroegtijdig stadium betrekken van belanghebbenden (burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden) bij het proces van besluitvorming of een project of activiteit om tijdig belangen, meningen en creativiteit op tafel te krijgen’. Het gaat nadrukkelijk om het betrekken van partijen bij het besluitvormingsproces voordat formele besluitvorming van start gaat. Vroegtijdige participatie moet mensen in staat stellen mee te denken aan een nog te maken keuze voor de toekomst van een gebied of locatie. Participatie hoeft niet te leiden tot overeenstemming. Participatie is maatwerk en de vorm is afhankelijk van het initiatief. Participatie project spoorstraat De bopa Spoorstraat vormt een herijking van het plan dat is vastgelegd in het bestemmingsplan “Dorp Lent - 14 (Spoorstraat)”. Het nieuwe plan vormt een meer compacte opzet van het oorspronkelijke plan. In het kader van het oorspronkelijke bestemmingsplan heeft een informatieavond plaatsgevonden en is een zienswijzeprocedure doorlopen. Voor de herontwikkeling van het gebied rond de Spoorstraat koopt de gemeente de eigenaren van de panden aan de Spoorstraat uit. De gemeente heeft de eigenaren van de woningen aan de Spoorstraat nummers 1-21 en 25-29 uitgekocht.
Deze woningen zijn inmiddels in bezit van de gemeente. Met de eigenaar van de Spoorstraat 23 en 23a lopen gesprekken, die in een vergevorderd stadium zijn. Met het oog op de planning en het bouwrijp maken van het terrein, is de gemeente gestart met de gefaseerde sloop van de bestaande panden. Spoorstraat nr. 7-21 en 2529 worden in het vierde kwartaal van 2025 gesloopt, de overige panden in het eerste kwartaal van 2026. Na de vaststelling van het bestemmingsplan “Dorp Lent - 14 (Spoorstraat)” is de participatie in verschillende vormen voortgezet. Dit is afhankelijk van de doelgroepen en belanghebbenden. Belangrijke partijen in het gebied rond de Spoorstraat zijn Prorail (spoorbeheerder), het Citadelcollege en de brandweer. Beschrijving van de wijze van participatie Voor dit project zijn verschillende vormen van participatie ingezet, afhankelijk van de doelgroep en de rol van de stakeholders: • Directe omgeving/stakeholders: Belangrijkste partijen in de directe omgeving: de brandweer (kazerne Lent), het Citadel College, ProRail (station Lent), Living-Inn en Van der Valk Hotel Lent en de Sporthal, zijn actief op de hoogte gehouden via persoonlijke gesprekken, mails of telefoontjes. Ook worden bewoners in de omgeving op de hoogte gehouden. • Jongeren en studenten: Jongeren uit de wijk en studenten van SSH& zijn betrokken via klankbordgroepen.
Een eerste sessie met jongeren is georganiseerd door Bindkracht 10; daaruit wordt een structurele klankbordgroep gevormd. Ook met SSH& worden mogelijkheden verkend om een studentenklankbordgroep op te zetten via het huurdersplatform SPH. • Maatschappelijke partners: Organisaties die zich inzetten voor hergebruik van materialen (o.a. Stichting Wereldwijd, Gered Gereedschap, Overal en De Groene Vos) zijn persoonlijk benaderd in verband met vrijkomende materialen uit de sloop. Keuze voor deze vorm van participatie De gekozen aanpak sluit aan bij de specifieke rol van de betrokken partijen: • Voor de directe omgeving/stakeholders is maatwerk geleverd. Sommige partijen gaven de voorkeur aan schriftelijke updates per mail, anderen aan een persoonlijk overleg. Hier is op afgestemd. Voor stakeholders en omwonenden wordt tijdens bepaalde stappen een informatieavond georganiseerd om updates te geven over plannen en voortgang. • Voor jongeren en studenten is gekozen voor klankbordgroepen, omdat zij als belangrijke gebruikers van de openbare ruimte direct hun wensen en ideeën kunnen inbrengen. De gemeente wil hiermee invulling geven aan de behoefte aan meer ruimte en voorzieningen voor jongeren. • Voor de maatschappelijke partners was de eenmalige situatie rondom de sloop en hergebruik van materialen bepalend. Persoonlijk contact was de meest passende en efficiënte vorm.
Contact met partijen In de afgelopen periode is contact geweest met verschillende stakeholders
• • • •
•
Van der Valk Hotel: Heeft geen behoefte aan verdere participatie, wil alleen per mail geïnformeerd worden. Geen zorgen over de plannen. LivingInn: We hebben het bestuur gesproken; ook hier is informeren voldoende. Zij maken zich geen zorgen over de plannen. NB: de bewoners zelf heb ik niet gesproken. Brandweer/VRGZ: Zoals omschreven. We zijn direct met hen in gesprek en houden waar mogelijk rekening met hun wensen, binnen redelijke grenzen en de projectscope. Citadel College: We hebben een goed gesprek gehad over de plannen en hun wensen. De parkontwerpen zijn met hen gedeeld en zij hebben bij de laatste stap aan Hilde laten weten geen aanvullingen meer te hebben en het ontwerp te steunen. Dit kunnen we mogelijk nog expliciet toevoegen aan de alinea over participatie. Sporthal: Zij zijn gesproken en zien geen grote parkeerproblemen, omdat hun piekmomenten in de avond vallen wanneer het terrein grotendeels leeg is.
Uitkomsten en bijdrage aan het project • Directe omgeving/stakeholders: Er lopen gesprekken met de brandweer over de toekomstige verkeersen bereikbaarheidssituatie. De wensen van de brandweer worden meegenomen en afgestemd met verkeersdeskundigen. Er is een bewonersavond geweest, ook in de toekomst zal er weer een dergelijke avond gepland worden als we weer verder zijn met het project. • Jongeren en studenten: Tijdens de eerste sessie met jongeren zijn verschillende wensen voor de inrichting van de openbare ruimte opgehaald. Deze input wordt meegenomen bij de verdere planvorming en krijgt vervolg in de nog te vormen klankbordgroep. • Maatschappelijke partners: De partners zijn geïnformeerd en betrokken bij het hergebruik van vrijkomende materialen, maar dit had vooral een uitvoerend karakter. Over het algemeen zijn de belanghebbenden positief over het gewijzigde plan voor de Spoorstraat dat met de bopa Spoorstraat wordt mogelijk gemaakt. Met name de toevoeging van het groene pocketpark wordt gewaardeerd. Aandachtspunten zijn de invoering van betaald parkeren in het besluitgebied en de ontsluiting van de brandweerpost Lent. Met name het Citadelcollege en de brandweer zien door invoering van betaald parkeren knelpunten met betrekking tot het personeel. Dit punt lijkt niet onoverkomelijk.
De brandweer vindt de ontsluiting van de brandweerpost via de Spoorstraat een veiligheidsrisico voor de vrijwilligers bij een calamiteit of uitruk. Met de brandweer wordt gekeken naar de mogelijkheid om een extra inrit te realiseren, die gebruikt kan worden in het geval van een calamiteit of uitruk. Verder is er contact met formele instanties. • Veiligheidsregio Gelderland-Zuid: afstemming heeft plaatsgevonden op 21 oktober 2025 • GGD Gelderland-Zuid: afstemming heeft plaatsgevonden op 14 oktober 2025 • Provincie Gelderland: afstemming heeft plaatsgevonden op 24 september 2025 • Waterschap Rivierenland: er is per mail contact gezocht met het waterschap. Het waterschap zal deze motivering schriftelijke ontvangen. • ProRail: afstemming heeft plaatsgevonden op 6 november 2025 De formele reacties van deze partijen worden in de motivering bij de bopa verwerkt. Samenvatting overleggen Spoorstraat (t.b.v. BOPA) 1. Brandweer (18-09-2025) • Bereikbaarheid: zorgen over verkeersdruk bij uitruk; gemeente onderzoekt alternatieven met verkeerskundige. • Parkeren: Brandweer wens is min. 8 vaste plekken. Gemeente rekent op betaald parkeren en autoluw complex, dus voldoende parkeerplekken. • Fietsroute: fietspad voor kazerne onveilig vindt brandweer; mogelijke oplossing: signaleringspalen. • Bluswater: brandkranen en droge leiding moeten nieuwe plek krijgen. 1a.
Tweede overleg brandweer (23-10-2025) • Aangepast voorstel met groter terrein en 26 parkeerplaatsen. • Verzoek voor extra poort wordt redelijk gevonden door gemeente; mits deze niet als reguliere uitrit gebruikt wordt.
• Aanpassingen aan middenberm en mogelijk lichtmast nodig; brengt extra kosten met zich mee. • Provincie terughoudend m.b.t. extra oversteekbewegingen door snelfietsroute; brandweer benadrukt bestaande onveilige uitruksituatie. • Gemeente vraagt brandweer onderscheid te maken tussen noodzakelijke en wenselijke maatregelen. • Mogelijke maatregelen: wegmarkeringen, LED-borden en aanpassingen verkeerslichten. • Acties: onderzoek extra poort, herberekening parkeerplekken, inzicht in onveilige punten richting provincie, onderzoek brandweer wensen en noodzaak. 2. Jongerenbijeenkomst (02-09-2025) • 12–15 jaar: wens voor voetbalveldje, visvijver, JOPs/bankjes, drinkwaterpunten. • 15–17 jaar: vooral Cruijff Court, plus waterpunten, oplaadplekken, eetvoorzieningen. • 18+: betere JOPs (schoon, beschut, met verlichting), meer prullenbakken, avondwinkel. 3. Citadel College / SSH& / Gemeente (09-09-2025) • Sloop & bouw: afstemming met school i.v.m. roosters; start bouw voorzien in 2027. • Openbare ruimte: afstemming schoolplein–campus–park om samenhangend gebied te maken. • Mobiliteit: autovrij complex kansrijk; betaald parkeren cruciaal. Van 87 naar 103 plekken (mogelijk minder bij behoud groen). • Verkeer: bouwweg achter kazerne gewenst; zorgen over fietspad → mogelijke signalering. • Participatie: jongerenwensen sluiten aan bij Citadel-leerlingen; verdere afstemming volgt. 4.
Sporthal De Triangel (22-09-2025) • Gebruik: school overdag, sportverenigingen ’s avonds/weekend. • Impact: weinig overlap verwacht; wel zorgen over parkeren en betaald parkeerregime. • Afstemming: sporthal wil tijdig geïnformeerd worden over planning en parkeerregels. • Acties: gemeente deelt planning en parkeermoment/regime.
Samenvatting vooroverleg ketenpartners Met het oog op een zorgvuldige besluitvorming zijn de volgende ketenpartners benaderd: • Veiligheidsregio Gelderland-Zuid: afstemming heeft plaatsgevonden op 21 oktober 2025 • GGD Gelderland-Zuid: afstemming heeft plaatsgevonden op 14 oktober 2025 • Provincie Gelderland: afstemming heeft plaatsgevonden op 24 september 2025 • Waterschap Rivierenland: het waterschap heeft schriftelijk gereageerd op het plan. • ProRail: afstemming heeft plaatsgevonden op 6 november 2025 De ketenpartners hebben ook schriftelijk gereageerd op de plannen. Onderstaand zijn de adviezen samengevat en voorzien van een gemeentelijke reactie. ProRail ProRail heeft een reactie gegeven op de onderwerpen trillingen, geluid en beperkingengebieden voor hoofdspoorwegen. Trillingen Een van de voorschriften bij de bopa stelt dat door toepassing van steenachtige materialen/beton voldaan wordt aan de streefwaarde uit Richtlijn SBR B. ProRail merkt terecht op dat toepassing van steenachtige materialen/beton niet automatisch betekent dat aan de streefwaarde wordt voldaan. Dit moet altijd eerst met een berekening worden aangetoond. Op advies van ProRail worden de volgende voorschriften geschrapt: 22. Aan deze richtlijn wordt voldaan door toepassing van zware bouwmethoden zoals de toepassing van steenachtige materialen/beton. 23.
Wordt van het voorgaande afgeweken dan dient met een berekening te worden aangetoond dat er in de verblijfsruimtes aan deze richtlijn wordt voldaan. Geluid ProRail merkt op dat de beoordeling van de te nemen maatregelen om het geluid op de gevels te verlagen in de motivering niet volgens § 5.1.4.2a.4 uit het Besluit kwaliteit leefomgeving is aangepakt. In de motivering moeten geluidbeperkende maatregelen worden opgenomen waarmee de overschrijding van de standaardwaarde voor
geluid zoveel mogelijk wordt beperkt. Van geluidbeperkende maatregelen kan alleen worden afgezien als die financieel niet doelmatig zijn of als er overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of technische aard bestaan. ProRail verzoekt daarbij te onderbouwen dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat voor alle woningen in het gebied, als wordt afgezien van het treffen van geluidbeperkende maatregelen. De motivering is aangepast op deze opmerkingen van ProRail. In paragraaf 7.2.1.2 Toetsing geluid door (spoor)wegen wordt de volgende tekst toegevoegd: Geluid boven de standaardwaarde kan worden toegestaan als er geen maatregelen kunnen worden getroffen om het geluid te verlagen. Bronmaatregelen Wegverkeer Voor wegverkeer zijn de maatgevende wegen de Graaf Alardsingel en de Prins Mauritssingel. Deze wegen zijn al voorzien van een geluidreducerend wegdek (met uitzondering van de kruispunten en de in- en uitvoegstroken waar geen stil asfalt kan worden toegepast). Het is daarom niet mogelijk om de geluidsbelasting van deze wegen te verminderen door het asfalt te vervangen. De wegen zijn onderdeel van de hoofdwegenstructuur, daarom is het niet wenselijk om de rijsnelheid te verlagen. Er zijn dus geen doelmatige maatregelen mogelijk om het geluid door de gemeentewegen te verlagen.
Bronmaatregelen railverkeer Het spoor van langs plangebied wordt uitgerust met raildempers. De schermen en raildempers zijn al verwerkt in de geluidberekeningen. Overdrachtsmaatregelen wegverkeer De plaatsing van een scherm langs de onderzochte wegen is vanuit verkeerskundig en stedenbouwkundig opzicht niet wenselijk. Bovendien zijn geluidschermen niet effectief voor de hoogbouw. Overdrachtsmaatregelen railverkeer Langs het spoor staan al geluidschermen met een hoogte van 1,5 m vanaf bovenkant spoor. Een hoger scherm is niet doelmatig in relatie tot de kosten en zal ook niet effectief zijn voor de hogere bouwlagen. Gemeente Nijmegen heeft geluidbeleid opgesteld waarin staat onder welke voorwaarden geluid boven de standaardwaarde kan worden toegestaan. De geluidluwe gevel wordt als element in dit beleid betrokken. In paragraaf 7.2.1.3 Conclusie (spoor)wegen wordt de volgende tekst toegevoegd: Op deze locatie is sprake van een goed woon- en leefklimaat. Rond het wooncomplex wordt op maaiveldniveau een gezamenlijke groene buitenruimte gerealiseerd, bedoeld voor ontmoeten en ontspanning. Door de overdrachtsmaatregelen rond het spoor, in de vorm van een geluidsscherm en door de ligging tussen de gebouwen, is deze buitenruimte geluidsluw. Daarnaast wordt in het meest zuidelijke gebouw een gemeenschappelijke ontmoetingsruimte van ongeveer 200 m2 gecreëerd.
Ook wordt er naast het complex een pocketpark aangelegd, met voorzieningen voor sport en spel. Verder zijn er rond de locatie voldoende mogelijkheden voor verplaatsing aanwezig (openbaar vervoer, fiets- en wandelpaden) en voldoende makkelijk te bereiken voorzieningen. Ook het centrum van Nijmegen is makkelijk (per fiets en openbaar vervoer) te bereiken. De doelgroep van het wooncomplex (studenten) is zeer mobiel en kan zich makkelijk naar andere locaties verplaatsen. Beperkingengebied hoofdspoorweg In het besluitgebied moet rekening worden gehouden met het beperkingengebied voor het spoor. Het is voor ProRail onduidelijk of dit is gebeurd. Dit onderwerp wordt in de motivering verduidelijkt. Onderstaande tekst wordt in de motivering (onder paragraaf 5.2.2.) opgenomen. In het Omgevingsbesluit is in Artikel 3.5 het beperkingengebied hoofdspoorweginfrastructuur aangewezen. Dit beperkingengebied bestaat uit de hoofdspoorweg en een omliggend gebied. Als het gebied op een talud ligt, geldt het beperkingengebied in een gebied dat 6 meter van de teen van het talud ligt. Als het gebied bij een viaduct ligt, geldt het beperkingengebied in een gebied dat 30 meter van de buitenste rand van de constructie ligt. Binnen het
beperkingengebied hoofdspoorweg is het verboden om zonder omgevingsvergunning een beperkingengebiedactiviteit te verrichten. Deze vergunning is nodig om nadelige gevolgen van activiteiten rond een spoorweg tegen te kunnen gaan. Het beperkingengebied hoofdspoorweg ligt over het besluitgebied. Dit betekent dat bij de aanleg- en bouwactiviteiten, in de nabijheid van het spoor, een omgevingsvergunning voor beperkingengebiedactiviteiten moet worden aangevraagd bij ProRail. Waterschap Rivierenland Het waterschap ziet geen strijdigheden met zijn waterhuishoudkundige belangen. Wel adviseert het waterschap om, in het kader van de zorgplicht wateroverlast, regels te stellen aan het waterdicht maken van ondergrondse verblijfruimten. Het Besluit bouwwerken leefomgeving verplicht het waterdicht maken van ondergrondse verblijfsruimten. Het is niet nodig om in dit verband extra regels te stellen. In het plan zijn geen ondergrondse verblijfsruimten voorzien. Provincie Gelderland De Provincie geeft aan dat in de bopa de provinciale belangen goed zijn meegewogen. Wel vindt de provincie het belangrijk dat in het gebied rond het station Nijmegen Lent ruimte is voor de ontwikkeling van 5.000 m2 kantoorruimte. Hierover zijn afspraken gemaakt in het Regionaal Programma Werklocaties.
In het tijdelijk deel van het omgevingsplan Bestemmingsplan ‘Nijmegen Hof van Holland – Centrumgebied’ is 5.000 m2 aan kantoren voorzien. Dit betekent dat aan de Spoorstraat geen extra ruimte voor kantoorlocaties nodig is. Veiligheidsregio Gelderland-Zuid De veiligheidsregio heeft gereageerd op het aspect externe veiligheid. De veiligheidsregio heeft geen opmerkingen over de paragraaf externe veiligheid. Daarnaast heeft de veiligheidsregio een advies gegeven over de uitgangspunten voor de bluswatervoorziening en de bereikbaarheid van het wooncomplex voor hulpverleningsdiensten. Bij de concrete uitwerking van de inrichtingsplannen voor het besluitgebied zal aan de uitgangspunten worden voldaan. GGD Gelderland-Zuid De GGD heeft een advies gegeven over de bopa. Daarbij is de GGD ingegaan op de onderwerpen geluid, lucht, boden, trillingen, hitte en groen en sociale veiligheid. Bij de planvorming en plan uitwerking wordt zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij het doel van de adviezen van de GGD, namelijk het realiseren van een zo gezond mogelijke leefomgeving. Geluid De GGD geeft aan dat de studentenwoningen worden gerealiseerd op een locatie met een hoge geluidbelasting door zowel wegverkeer als spoorverkeer. Vanuit gezondheidsperspectief zijn lagere geluidsniveaus wenselijk dan de wettelijke normen, omdat geluid kan leiden tot hinder, slaapverstoring en gezondheidsklachten.
De GGD adviseert om, waar mogelijk, afstand tot de bronnen te vergroten, woningen slim te positioneren en te zorgen voor een goede oriëntatie van verblijfsruimten en slaapkamers aan stillere zijden, aangevuld met adequate gevelmaatregelen zonder het toepassen van dove gevels. Het is niet mogelijk om de afstand van de gebouwen tot de geluidsbronnen te reduceren. Daarom is gekozen voor een gebouwgerichte aanpak, waarbij gevels worden uitgevoerd met voldoende geluidwering. In de gevels wordt geluidsisolatie toegepast met te openen geveldelen, die worden voorzien van geluidwerende lamellenroosters. Daarnaast wordt een geluidsluwe buitenruimte gerealiseerd. Luchtkwaliteit De GGD benadrukt dat luchtverontreiniging een belangrijk gezondheidsaspect is. De afstand tot de drukke Graaf Alardsingel wordt nipt gehaald, waardoor het plan net aan de eisen voldoet. De GGD adviseert om ventilatielucht aan te zuigen aan de minst belaste zijde van de gebouwen. Het grootste deel van de te realiseren gebouwen komt op meer dan 25 meter van de Graaf Alardsingel. De situering van de bebouwing voldoet aan het gemeentelijk beleid om gevoelige functies niet binnen 25 meter van drukke
wegen te realiseren. Bij de verdere technische uitwerking wordt bij de positionering van ventilatiesystemen rekening gehouden met luchtkwaliteit. Bodem De GGD adviseert bij de beoordeling van lood in de bodem niet uit te gaan van de lokale maximale waarden, maar van de gezondheidskundige risicowaarde. Uit bodemonderzoek blijkt dat deze waarde op meerdere plekken wordt overschreden. Lood kan gezondheidsrisico’s opleveren, met name voor jonge kinderen en zwangere vrouwen. De ontwikkeling is gericht op studentenhuisvesting zonder tuinen. Hierdoor is direct contact met de bodem beperkt en zijn ook de gezondheidsrisico’s beperkt. Trillingen De GGD wijst erop dat trillingen, met name door spoorverkeer, kunnen leiden tot hinder en stress. Er bestaan geen gezondheidskundige normen. Vanuit voorzorg adviseert de GGD om afstand tot het spoor te houden of maatregelen te treffen aan bron, overdracht of gebouw. In de verdere uitwerking van het bouwplan worden constructieve maatregelen toegepast om trillingshinder tegen te gaan. Hitte en groen De GGD geeft aan dat hittestress kan leiden tot gezondheidsklachten en dat het voorkomen van zoninstraling essentieel is, ook wanneer actieve koeling wordt toegepast. In het plan is aandacht voor klimaatadaptatie. Daarom wordt er een groen ingerichte buitenruimte gerealiseerd met schaduw en verkoeling.
Zonwerende maatregelen maken onderdeel uit van de verdere uitwerking. Sociale veiligheid Vanwege de doelgroep studenten, vraagt sociale veiligheid in de omgeving van het wooncomplex extra aandacht. De fysieke inrichting van de openbare ruimte speelt hierbij een belangrijke rol. Sociale veiligheid is een expliciet uitgangspunt in het stedenbouwkundig en landschappelijk ontwerp. Ter vergroting van de sociale veiligheid wordt ingezet op goede zichtlijnen, overzichtelijke routes, voldoende verlichting en een levendig centraal gebied.