bijlage 2a Meerjarige prestatieafspraken 2026-2030
Tekst van het document
Het meerjarenplan is opgesteld door en voor de Nijmeegse Woningcorporaties, de huurdersorganisaties en de gemeente Nijmegen
Meerjarige Prestatieafspraken
2026-2030
1
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Inhoudsopgave. BETAALBAARHEID & BESCHIKBAARHEID Inleiding 5
Stip op de horizon 6 Meerjarige ambities
6
1. Voorraadontwikkeling & prijsgrenzen
7
2. Programmeren, versnellen en randvoorwaarden nieuwbouwopgave
9
3. Beter benutten van de bestaande
11
voorraad & woonruimteverdeling
Inleiding
23
Stip op de horizon 24 Meerjarige ambities 24 1. Energiebesparing 25 2. Warmtetransitie 26 3. Schone stroom en netcongestie
27
4. Klimaatadaptatie 28 5. Circulariteit en natuurinclusief bouwen 29
WONEN & ZORG SENIOREN
Stip op de horizon 14 Meerjarige ambities
DUURZAAMHEID
14
OVERIGE Inleiding
3
6. Schone mobiliteit 30
Bijlage 1: Kaders 37
LEEFBAARHEID
Nijmeegse Woonagenda 2024 - 2029
37
Nijmeegse Woonzorgvisie 2025 - 2030
37
Inleiding
31
Stip op de horizon 32
Omgevingsvisie Nijmegen: de Nabije Stad 2050
38
Woondeal 2.0 38
1. (Nieuwbouw) woningen die geschikt zijn
Meerjarige ambities 32
voor senioren 15
1. Opgave sociale basis 33
Nationale Prestatieafspraken 2025-2035 38
2. Doorstroming 17
2. Ontmoeten in de wijk 33
Landelijk Actieplan Studenten-
3. Veerkrachtige wijken
34
huisvesting 2022-2030 (LAS)
4. Aantrekkelijke en prettige woonomgeving
35
Wet Versterking Regie
WONEN & ZORG AANDACHTSGROEPEN Stip op de horizon
19
19
Meerjarige ambities 1. Aandachtsgroepen
20
38
5. Veilige leefomgeving 36
Volkshuisvesting (WVRV)
38
6. Samenwerking 36
Wet betaalbare huur
39
2. Nieuwe geclusterde woonvormen & spreiding 21
2
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
1
Inleiding.
Nijmegen groeit in aantal inwoners, banen en bezoekers. Steeds meer
mensen willen wonen, werken en ver blijven in de stad. Deze groei gebruikt
Nijmegen om te bouwen aan een mooie toekomst. De stad wil een nabije en rechtvaardige stad zijn. De gemeente
Nijmegen heeft deze ambitie vast gelegd
in
haar
De nabije stad 2050.
Omgevingsvisie
Ook de woningcorporaties kijken vooruit: naar wat huurders nu en in de toe
komst nodig hebben. Nieuwe ontwik kelingen op het gebied van wet- en
regelgeving, technologie en politiek
volgen elkaar in hoog tempo op. Tegelijkertijd veranderen de wensen en verwachtingen van huurders.
Steeds meer mensen willen wonen, werken en verblijven in de stad 3
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Inleiding.
De woningcorporaties, de huurdersorganisaties en de gemeente Nijmegen werken
Dit vraagt om transparantie en wederzijds vertrouwen binnen ons partnerschap.
we betaalbare woningen, levendige buurten en een leefbare stad, nu en in de toekomst.
We werken in een steeds veranderende context van wet en -regelgeving, politieke
Nijmegen is volop in beweging. De ontwikkelingen vragen van ons om een sterke en
om deze prestatieafspraken aanpasbaar en uitvoerbaar te houden. Bij nieuwe kansen
intensief samen aan prettig en betaalbaar wonen. Door onze krachten te bundelen, creëren
strategische partner te zijn, lokaal regionaal en soms ook landelijk. Daarbij speelt het
formuleren van meerjarige prestatieafspraken een cruciale rol. Deze afspraken zijn er niet alleen om de kwaliteit van leven en wonen voor inwoners te verbeteren, maar ook om
de samenwerking tussen gemeente, woningcorporaties, huurdersorganisaties en andere partners te versterken.
dynamiek en nieuwe wensen en inzichten op het gebied van wonen. We streven ernaar gaan we in gesprek en kijken vooruit naar toekomstige uitdagingen. Halverwege de
vijfjaarsperiode reflecteren en herijken we de meerjarige prestatieafspraken. Daarnaast monitoren we jaarlijks de voortgang.
“
De samenwerking met de corporaties en huurdersorganisaties was intensief, maar
Gelukkig staan corporaties, gemeente, zorg en welzijn in Nijmegen al jaren schouder aan
schouder. Daardoor kent Nijmegen weinig echt kwetsbare wijken: we bouwen niet alleen stenen, maar investeren samen in buurten waar mensen zich thuis voelen. En dat blijven we ook de komende jaren doen.
juist daardoor zijn we goed tot elkaar gekomen. We delen dezelfde ambitie: zorgen voor betaalbare, duurzame woningen in fijne wijken, met voldoende passende woningen voor iedereen. We weten ook dat niet alles tegelijk kan — gras groeit niet harder als je eraan trekt. Door samen keuzes te maken, houden we koers en blijven we bouwen aan een stad waar iedereen zich thuis voelt.”
In deze prestatieafspraken staat beschreven:
• wat de woningcorporaties bijdragen aan het woonbeleid van de gemeente,
• wat zij daarvoor van de gemeente aan randvoorwaarden nodig hebben en krijgen, • hoe de huurdersorganisatie bijdragen, en
• hoe we samen invulling geven aan deze onderlinge samenwerking.
WETHOUDER GRETE VISSER Het kaderdocument dat dit beschrijft, is een integraal onderdeel van onze afspraken.
We hebben geprobeerd met de prestatieafspraken het (abstracte) beleid te vertalen in duidelijke ambities en uitvoerbare acties. De prestatieafspraken geven zo inzicht in de
Dit zorgt voor een gezamenlijk commitment aan de doelstellingen.
samenwerking voor de komende jaren met oog voor een toekomstbestendige groei,
Alle partijen staan achter de ambities van deze meerjarige prestatieafspraken.
voor sociale samenhang en voor leefbaarheid.
Tegelijkertijd zien we dat er spanning bestaat tussen een duurzaam prestatiemodel bij
Beleidsmatige context
niet alle ambities altijd volledig en gelijktijdig worden ingevuld, met name bij projecten.
We hebben te maken met de volgende beleidskaders en wet- en regelgeving die
corporaties, toekomstige investeringen en de omvang van de ambities. Daardoor kunnen Gemeente en corporaties bekijken daarom bij de start van een project gezamenlijk welke ambities in praktijk haalbaar zijn. Zo houden we het realistisch en uitvoerbaar.
4
Het is belangrijk om te weten binnen welke context we prestatieafspraken maken. we in Bijlage 1 nader toelichten.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
1
Betaalbaarheid & beschikbaarheid De woningmarkt in Nederland staat voor grote uit
zoals de huisvesting van aandachtsgroepen, de ver
- huurders en kopers - problemen om passende en
van de leefbaarheid in de wijken zijn woningcorporaties
dagingen. Ook in Nijmegen hebben woningzoekenden
betaalbare huisvesting te vinden. De laatste jaren zoek
en partijen op de woningmarkt op verschillende schaal niveaus (landelijk, provinciaal, regionaal, lokaal) samen
De (sociale) woningproductie ligt hoog en er zitten veel plannen in de pijplijn
naar oplossingen. Verschillende visies, programma’s
duurzaming van de woningvoorraad en het bevorderen
voor de gemeente essentiële partners. De corporaties
zijn de belangrijkste partner bij het realiseren van de woonopgave voor sociale huur.
en afsprakenkaders helpen daarbij. Nijmegen timmert
De afspraken binnen dit thema richten zich op:
hoog en er zijn veel plannen in voorbereiding. Met deze
2. het programmeren en versnellen van de nieuw
flink aan de weg. De (sociale) woningproductie ligt prestatieafspraken zetten we deze lijn graag voort.
Die opgave gaat verder dan alleen het bouwen van
woningen. Door hun rol bij de realisatie van sociale huur-
woningen en de bredere bijdrage aan de woonopgave,
5
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
1. het toevoegen van nieuwe betaalbare woningen;
bouwopgave en het creëren van de juiste rand voorwaarden
voor
opgave te realiseren;
woningcorporaties
om
deze
3. het beter benutten van de bestaande woningvoorraad.
Betaalbaarheid & beschikbaarheid
MEERJARIGE AMBITIES Nr.
Stip op de horizon
Voorraadontwikkeling en prijsgrenzen
We willen voorzien in de woonbehoefte van huidige en
toekomstige bewoners door een gevarieerd woonaanbod
in toekomstbestendige, gemengde en inclusieve wijken te
1.
om trots op te zijn. We zetten ons hierbij extra in voor de doelgroepen van wie de positie op de woningmarkt onder druk
middeninkomens, huurders, koopstarters, studenten, senioren
We streven naar voldoende sociale huurwoningen. We streven naar voldoende woonruimte voor studenten, die zo goed mogelijk aansluiten op de behoefte. Het marktaandeel van corporatieve middeldure huurwoningen blijft minimaal gelijk, om een gezonde mix en menging op buurt- en complexniveau te behouden.
bieden. We werken aan wijken met woningen en woonruimtes
staat. Het gaat in de huidige woningmarkt vooral om lage- en
Ambitie
Programmeren, versnellen en randvoorwaarden nieuwbouwopgave 2.
en aandachtsgroepen.
We zorgen voor een betere aansluiting van de huurprijsgrenzen binnen het sociale huurwoningaanbod op de behoefte van de verschillende inkomensgroepen. Beter benutten van de bestaande voorraad en woonruimteverdeling
3.
6
We benutten de bestaande woningvoorraad beter om zo bij te dragen aan een groter aanbod van woonruimten binnen de sociale huursector.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Betaalbaarheid & beschikbaarheid
1. Voorraadontwikkeling & prijsgrenzen
(LMS) en een duiding daarvan door de onderwijsinstellingen. Waar nodig wordt deze
Afspraak 1.1: Groei sociale woningvoorraad t/m 2030
woonbehoefteonderzoek worden de uitkomsten van de LMS meegenomen.
opgave bijgesteld tijdens de midtermreview van de prestatieafspraken. Ook in het
a) Een netto groei van de sociale huurvoorraad van de woningcorporaties
tot 31.750 woningen per 31 december 2030, in lijn met de Woonagenda, het
1. Gemeente en corporaties zetten zich in om het deel van de studentenhuisvestings
tot en met 31 december 2030 bedraagt de resterende opgave hiervoor
hiervoor in door:
woonbehoefteonderzoek en de Woondeal 2.0. Voor de periode 1 januari 2025 2.000 woningen.
opgave te realiseren dat niet door SSH& kan worden uitgevoerd. De gemeente zet zich 1.1 De uitvoering van de acties zoals opgenomen bij afspraak 1.20 en verder (bestaande voorraad), die kunnen bijdragen aan het realiseren van onzelfstandige woonruimten
Deze aantallen zijn exclusief de woningvoorraad van SSH& en bestaan
en studentenhuisvesting.
grotendeels uit zelfstandige, en in mindere mate uit, onzelfstandige woningen.
1.2 Het voeren van gesprekken met ontwikkelende partijen en particuliere verhuurders
b) De uitbreidingsopgave van corporaties - voor zowel nieuwbouw als bestaande
1.3 Sturing op doorstroming via het woonprogramma uit de Nijmeegse Woonagenda,
voorraad - gericht op wonen en zorg die geschikt is voor senioren voor de periode
1 januari 2022 tot en met 31 december 2030 is opgenomen onder het thema Wonen
en Zorg Senioren (hoofdstuk 2). De toevoegingen onder 1a en 2.1 zijn het resultaat van verschillende soorten toevoegingen en onttrekkingen. In deze prestatieafspraken is een afspraak gemaakt over het resultaat in de netto groei van de woningvoorraad.
De onderliggende toevoegingen en onttrekkingen worden jaarlijks via de monitoring in kaart gebracht (zie 1.7).
over het toevoegen van woonruimte voor studenten.
dat voor belangrijk deel gericht is op starters en daarmee bijdraagt aan de door stroming van studenten.
2. Corporaties zetten zich hiervoor in door:
2.1 SSH& verkent samen met onder andere de Nijmeegse corporaties de mogelijkheden om een rol te spelen in de realisatie van studentenhuisvesting, mocht de gewenste
netto toevoeging niet worden gehaald door druk op de financiële positie van SSH&.
2.2 Om talent aan de stad te binden, gaan corporaties in overleg over de inzet van de
Afspraak 1.2: Groei voorraad studentenhuisvesting
In de Woonagenda is de ambitie vastgelegd om tussen 1 januari 2024 en 31 december
woningvoorraad voor kleine huishoudens, waaronder voormalige studenten.
2030 een netto groei van circa 2.500 zelfstandige en onzelfstandige studentenwoningen
Afspraak 1.3: Groei middenhuur woningvoorraad t/m 2030
gevoegd. Van deze opgave zijn in 2024 al 230 eenheden netto gerealiseerd.
400 woningen te laten groeien in de periode van 1 januari 2024 tot en met 31 december
te realiseren. Minimaal 50% hiervan wordt door SSH& in eigendom of beheer toe-
SSH& voegt minimaal 800 eenheden toe in de periode 2025 tot en met 2030, en nog eens 800 eenheden in de periode 2031 tot en met 2035, waarmee het totaal uitkomt op 1.600 nieuwe studentenwoningen. Jaarlijks wordt de opgave voor studenten
De reguliere corporaties streven ernaar de middeldure huurwoningvoorraad met netto
2030. Het gaat hierbij om de woningvoorraad van Talis, Portaal, Woonwaarts, Woonzorg Nederland en Mooiland, exclusief de voorraad van SSH&.
huisvestingen gemonitord op basis van de Landelijke Monitor Studentenhuisvesting
7
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Betaalbaarheid & beschikbaarheid
“
We hebben het afgelopen jaar intensief en constructief
Afspraak 1.4: Groei woningvoorraad na 2030
• Deze prestatieafspraken gelden tot en met 2030, waarin we afspraken maken
Afspraak 1.7: Monitoring voorraadontwikkeling
• De prognoses laten zien dat ook na 2030 een groeiopgave blijft bestaan:
de sociale huurwoning-
over de netto groei van de woningvoorraad.
Om de ontwikkeling van
5.000 - 10.000 woningen (totaal, inclusief sociale huur) voor periode 2031-2040
voorraad (inclusief
(bron: ABF Primos-prognoses).
• In de periode 2026 tot en met 2030 bereiden we ons hierop voor, zodat we
ook na 2030 kunnen blijven sturen op een continue lijn in de programmering
en productie van sociale huurwoningen. De intentie is daarbij om ook minimaal
samengewerkt met de gemeente en de woningcorporaties om heldereen realistische plannen voor de komende 5 jaar te maken.”
NIJMEEGSE HUURDERSORGANISATIES M.B.T. HET MPA
studentenwoningen) en de
middeldure huurwoningvoorraad te monitoren, brengen de corporaties - zowel
per corporatie als in totaal - jaarlijks, conform de bestaande werkwijze, en inclusief de onderliggende toevoegingen en onttrekkingen1, het volgende in beeld:
30% sociale huur te realiseren.
a) De gerealiseerde netto ontwikkeling van de sociale huurwoningvoorraad in
studentenhuisvesting om de opgave na 2030 te bepalen.
b) De verwachte netto ontwikkeling van de sociale huurwoningvoorraad voor
• Voor de studentenhuisvesting volgen we jaarlijks de Landelijke monitor
Afspraak 1.5: Woonbehoefteonderzoek
de vijf daaropvolgende jaren.
uitkomsten kan het nodig zijn om bij te sturen
“
wordt in het kader van de prestatieafspraken
NIJMEEGSE HUURDERS
Elke drie jaar voeren de gemeente en de
woningcorporaties gezamenlijk een woon behoefteonderzoek uit. Op basis van de
het afgelopen kalenderjaar;
De huurdersorganisaties
Hierbij wordt onderscheid gemaakt naar:
• Zelfstandige en onzelfstandige woonruimte;
staan voor de belangen van
• Wettelijke huurprijsklassen binnen de sociale huursector: tot kwaliteitskortingsgrens,
de huidige en toekomstige
lage (eerste) aftoppingsgrens (1 en 2 persoonshuishoudens), hoge (tweede)
bewoners in Nijmegen.”
aftoppingsgrens (3+ persoons- huishoudens), en DAEB-huurgrens;
op de ontwikkeling van de woningvoorraad. Dit besproken tijdens de midtermreview.
• Huurprijsklasssen middeldure huur, tot de liberalisatiegrens;
• Woonruimte in het kader van de woonzorg opgave: levensloopgeschikt,
ORGANISATIES M.B.T. HET MPA
geclusterd (nieuwbouw), zorggeschikt, rolstoelgeschikt;
Afspraak 1.6: Huurprijsklassen
• Toevoegingen en onttrekkingen als gevolg van beter benutten van de bestaande voorraad (zoals woningdelen).
• De woningcorporaties streven naar een passende samenstelling van de
sociale huurvoorraad voor de verschillende inkomens- en doelgroepen.
• De corporaties zorgen ervoor dat tot en met 31 december 2030 minimaal
Als tijdens de looptijd van de prestatieafspraken blijkt dat sturing op een betaalbaarheids-
aftoppingsgrens (€ 731,93; prijspeil 1 januari 2025) van de huurtoeslag.
gesprek. De gemeente vindt het belangrijk de doelen van het woonbeleid ten aanzien van
80% van de sociale DAEB-voorraad een huurprijs heeft van maximaal de hoge
• Deze afspraak is inclusief de zelfstandige woningen van SSH&.
grens, in aanvulling op de wettelijke prijsgrenzen, gewenst is, gaan partijen daarover in
middeldure huur te blijven volgen, en de doelstelling voor de kwaliteitskortingsgrens en eerste aftoppingsgrens na te streven. 1
8
Aankoop, verkoop, nieuwbouw, sloop, liberalisatie, deliberalisatie, woningdelen
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Betaalbaarheid & beschikbaarheid
Afspraak 1.8: Verkoop sociale huurwoningen • Uitgangspunt bij verkoop van sociale huurwoningen is dat dit past binnen de gemaakte afspraken over de omvang van de sociale woningvoorraad en bijdraagt aan toekomstbestendige, gevarieerde wijken die aansluiten op de woningbehoefte. • De gemeente staat verkoop van sociale huurwoningen toe - ook wanneer de hiervoor op grond van een privaatrechtelijke overeenkomst toestemming vereist is - onder de volgende voorwaarden:
huursomberekening. De inkomsten worden gebruikt om te kunnen investeren in het verbeteren van bestaand bezit en om nieuwbouw en verduurzaming te kunnen financieren. Een deel van de corporaties wil ook in de komende jaren, net als in voorgaande jaren, gebruikmaken van deze mogelijkheid.
b) VvE-constructies beperken de invloed op verduurzaming. Daarom zetten we op
Afspraak 1.12: Maatwerk Corporaties maken gebruik van de mogelijkheid om 7,5 % + 7,5 % extra (totaal 15%) van de vrijkomende woningen vrij toe te kunnen wijzen, ook aan huishoudens met een inkomen boven de DAEB-inkomensgrens. Hiermee kunnen zij, waar nodig, maatwerk bieden en bijdragen aan een betere spreiding van doelgroepen in de stad.
niet-groen energielabel (D of slechter). Zo wordt bij verkoop rekening gehouden met
Afspraak 1.13 Betaalbare (woon)lasten
warmtetransitie. Door middel van monitoring houden we de ontwikkelingen in de gaten;
van inwoners. Een aantal maatregelen die bijdragen aan de betaalbaarheid van het
a) Er wordt voldaan aan de afspraken over de omvang van de sociale woningvoorraad en aan de doelstelling uit de Nijmeegse Woonagenda 2024-2029;
stedelijk niveau in op het niet laten groeien van het aantal VvE’s in complexen met een de benodigde mogelijkheden voor verduurzaming en met bestaande plannen voor de
De gemeente werkt op verschillende manieren aan de financiële bestaanszekerheid
c) Huurders van sociale huurwoningen (zelfstandig en onzelfstandig) binnen het werk
wonen in Nijmegen zijn:
gebied van de Nijmeegse corporaties - de gemeenten Nijmegen, Wijchen, Beuningen en Druten - krijgen voorrang bij aankoop van een sociale huurwoning;
d) De toekomstige eigenaar wordt (bij individuele verkoop) tevens bewoner van de woning. Afspraak 1.9: Woonwagens Op basis van het nieuwe woonbehoefteonderzoek verkennen gemeente en corporaties hoe zij samen invulling geven aan de woonbehoefte. Afspraak 1.10: Jaarlijkse huuraanpassing Elk jaar besluiten de corporaties of zij per 1 juli de huren aanpassen. Dit gebeurt volgens wettelijke regels en op basis van hun opgaven en financiële middelen. Afspraak 1.11: Inkomensafhankelijke huuraanpassing Corporaties kunnen - in overleg met hun huurdersorganisaties - besluiten gebruik te maken van de wettelijke mogelijkheden voor een inkomensafhankelijke huuraanpassing. De inkomsten van de inkomensafhankelijke huurverhoging vallen in Nijmegen buiten de
9
a) De gemeente stelt bijzondere bijstand beschikbaar voor inwoners met een laag inkomen (tot 110% van de bijstandsnorm) en hoge energiekosten.
b) De gemeente volgt signalen van betalingsachterstanden op bij woningcorporaties,
om bewoners te helpen bij het betalen van hun vaste lasten. c) In 2025 en 2026 zet de gemeente energiecoaches in die bewoners helpen bewuster met hun energieverbruik om te gaan.
2. Programmeren, versnellen en randvoorwaarden nieuwbouwopgave Afspraak 1.14 Programmering Bij nieuwbouw geldt als uitgangspunt dat er minimaal 130% van de woonbehoefte aan plancapaciteit beschikbaar is. Zo blijft er voldoende ruimte en flexibiliteit in de programmering om aan de totale opgave te voldoen. De gemeente brengt daarom in beeld of er voldoende locaties beschikbaar zijn en hoe de fasering van de plancapaciteit eruitziet.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Betaalbaarheid & beschikbaarheid
Afspraak 1.15: Gezamenlijke sturing op programmering en realisatie De gemeente is verantwoordelijk voor de regie op de totale programmering van de woningbouwopgave. Corporaties en gemeente zetten zich samen in voor een vlotte voortgang van de woonopgave van de corporaties. Daarvoor voeren zij periodiek overleg over de programmering, de voortgang en de realisatie van projecten, en bespreken zij mogelijkheden tot verbetering voor de toekomst. In dit overleg kunnen onder meer de volgende onderwerpen besproken worden: • Het in beeld brengen van voldoende locaties en de fasering van de beschikbare plancapaciteit (zie afspraak 1.14); • Het versnellen van de uitvoering, bijvoorbeeld door innovatieve werkwijzen, zoals parallel programmeren en een slimme inzet van mensen en middelen; • Het anticiperen op (externe) factoren, zoals netcongestie, stikstofproblematiek, stijgende grondstoffenprijzen; • Het aantrekken van fondsen en subsidies. Afspraak 1.16: Omgaan met ambities We staan achter de ambities van deze meerjarige prestatieafspraken. Tegelijkertijd zien we dat er spanning zit op een duurzaam prestatiemodel bij corporaties, toekomstige investeringen en de hoeveelheid ambities van de gemeente. Dat maakt dat soms niet alle ambities (volledig en tegelijkertijd) kunnen worden ingevuld; dit speelt met name bij projecten.
Om te kunnen blijven bouwen (ook voor de toekomstige woningzoekende) werken corporaties aan een duurzaam prestatiemodel. Corporaties en gemeente spreken hiervoor af: • Gemeente ondersteunt de lobby van de corporaties op het gebied van de afschaffing van de VPB en ATAD, • Gemeente en corporaties kijken gezamenlijk bij de start van een project wat de mogelijkheden qua ambities (en subsidie) in de praktijk zijn en ontwikkelen hiervoor een werkproces (zie afspraak 1.17). Het gaat dan om ambities zoals inpandige afvalopslag, inpandige transformatorstation, fietsparkeren etc.
10
Afspraak 1.17: Werkwijze ambities in projecten Gemeente en corporaties kijken gezamenlijk bij de start van een project wat de mogelijk heden qua ambities zijn. Als het niet mogelijk blijkt te zijn om de ambities in het project te realiseren, gaan gemeente en corporaties na hoe ver zij kunnen komen en maken zij zo nodig keuzes. De optelsom van de projecten bepaalt of de partijen op koers liggen voor de totale ambities van de prestatieafspraken en of de eventuele keuzes ten koste van bepaalde ambities voldoende ‘verspreid’ worden over de stad. Dat monitoren de partijen jaarlijks. Gemeente en corporaties ontwikkelen een werkwijze hoe dit gesprek per project gevoerd kan worden. Afspraak 1.18: Partnerschap Vanwege de realisatie van sociale huurwoningen en de bredere inspanningen voor de woonopgave, zoals onder meer de huisvesting van aandachtsgroepen, verduurzaming van de woningvoorraad en inspanningen voor leefbaarheid in de wijken, zijn woningcorporaties voor de gemeente essentiële partners voor de invulling van de woonopgave voor sociale huur. Corporaties geven aan dat zij door de beperkingen, verplichtingen en prestaties waarmee zij te maken hebben, een andere uitgangspositie hebben bij projecten op locaties van derden. In een verdichtende stad, met minder eigen grondposities vanuit corporaties en gemeente, levert dit vragen op rondom positionering van de corporaties.
Gemeente en corporaties werken daarom verder aan een premium partnerschap om de sociale huuropgave gezamenlijk optimaal vorm te geven. Zij voeren hiertoe het gesprek over de positie van corporaties bij het realiseren van sociale huur. Tijdens de looptijd van de vorige meerjarige prestatieafspraken (tot en met 2025) zijn corporaties en gemeente al gestart met de ontwikkeling van premium partnerschap, onder andere met een pilot (Laskwartier). Dit werken zij verder uit en dat doen zij stapsgewijs, met daarbij het doel om in de eerste helft van in 2026 al zoveel mogelijk concrete stappen te bestendigen. Corporaties willen in de uitwerking graag met de gemeente in gesprek over bepaalde concrete elementen zoals: de preferente positie van corporaties, maatwerk in projecten, spreiding van sociale huur over de stad en binnen wijken en buurten, uitneem condities en (sociale) grondprijs. En ook meer procesmatige elementen, zoals een innovatieve werkwijze zoals een Bouwstroom, structuur van besluitvorming binnen projecten en vroeg tijdige aanhaking bij planontwikkeling.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Betaalbaarheid & beschikbaarheid
3. Beter benutten van de bestaande voorraad en woonruimteverdeling Afspraak 1.19: Ambitie corporaties voor woningdelen a) Corporaties streven ernaar dat een grotere bijdrage (dan op dit moment) aan de groei van hun woningvoorraad voortkomt uit het beter benutten van de ruimte in de bestaande woningvoorraad. Zij doen dit onder andere door: • Het onder de aandacht brengen van de mogelijkheden van hospitaverhuur voor huurders (zie afspraak 1.23); • De inzet van een verhuiscoach voor senioren (bij voorkeur in de eigen wijk) te stimuleren (van groot naar beter); • Ruime woningen te delen, zodat meerdere huishoudens achter één voordeur kunnen wonen. Dat doen corporaties nu vooral met grondgebonden woningen. Corporaties onderzoeken of ook andere woningtypen geschikt zijn. • Andere vormen van woningdelen te onderzoeken om zo meer huishoudens een betaalbare woning te kunnen bieden.
AB
Corporaties streven ernaar in totaal 50 woningen per jaar te delen. Zij zijn hierbij afhankelijk van mutaties en de inzet van de gemeente (zie afspraak 1.20). Het delen van woningen voor de primaire doelgroep (= huishoudens met inkomen behorend tot de 2e aftoppingsgrens) staat voorop.
Afspraak 1.20: Ambitie gemeente voor beter benutten van de bestaande voorraad Naast nieuwbouw zet de gemeente ook in op het beter benutten van de bestaande woningvoorraad om de woonbehoefte te vervullen. In Nijmegen gebeurt dit al op verschillende manieren. Aanvullend op de bestaande instrumenten, wil de gemeente met onderstaande acties verder bijdragen aan het beter benutten van de bestaande voorraad: a) Het versoepelen van de vergunningsvrije drempel van twee naar drie kamers. Streefdatum voor inwerkingtreding: voorjaar 2026. b) Het opzetten van een communicatiecampagne om de mogelijkheden voor het beter benutten van de bestaande woningvoorraad breder onder de aandacht te brengen. c) Optoppen is één van de manieren om de bestaande voorraad beter te benutten. De gemeente wil daarom de mogelijkheden hiervoor onderzoeken. In 2025 is door de gemeenteraad de geactualiseerde Omgevingsvisie gemeente Nijmegen vastgesteld. In deze visie is opgenomen hoe Nijmegen richting 2040 wil groeien in het aantal woningen. Om dit concreet te maken, onderzoekt het college de verdere intensivering van Nijmegen, waarbij ook optoppen wordt meegenomen. Dit onderzoek wordt uitgevoerd in overleg met onder meer de corporaties. Vanuit dit perspectief kijkt de gemeente bij nieuwe initiatieven steeds naar de kansen voor optoppen.
d) Om het streven van de corporaties om 50 woningen per jaar te delen, mogelijk te maken, zet de gemeente zich in voor het volgende: • De gemeente zoekt de juridische ruimte die de Participatiewet biedt, om de kostendelersnorm in de situatie van woningdelen niet toe te passen, zodat woningdelen geen gevolgen heeft voor de bijstandsuitkering; • De gemeente trekt samen met de corporatie op in de lobby richting Rijk/belastingdienst voor het behoud van huurtoeslag en AOW. Afspraak 1.21: Monitoring van beter benutten van de bestaande voorraad In de jaarlijkse monitoring wordt aangegeven welk deel van de gerealiseerde netto toevoeging tot stand is gekomen door beter benutten van de bestaande voorraad.
delen
11
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Betaalbaarheid & beschikbaarheid
“
De MPA zijn het vertrekpunt naar een stip aan de horizon. Een horizon die alle huurders een fijne woning in onze prachtige stad beloofd.”
“
NIJMEEGSE HUURDERSORGANISATIES M.B.T. HET MPA
Bij dit proces stond het belang van een goede en betaalbare sociale huurwoning centraal, in de wetenschap dat niet altijd aan alle wensen kan worden voldaan.”
NIJMEEGSE HUURDERSORGANISATIES M.B.T. HET MPA
Afspraak 1.22: Verkenning doelgroepen, gebieden, huurprijs, leefbaarheid,
doorstroming Corporaties en gemeenten overleggen structureel om samen inzichten, kansen en knelpunten te verkennen voor het beter benutten van de bestaande woningvoorraad. In dit overleg komen de volgende onderwerpen aan bod: • Aankomende initiatieven van corporaties voor het beter benutten van de woningvoorraad; • Ervaringen van bestaande initiatieven van corporaties; • Beoogde doelgroepen en gebieden binnen de stad; • Huurprijzen en leefbaarheidsaspecten; • De relatie met doorstroming; • De gewenste spreiding; • De verhouding tussen zelfstandige en onzelfstandige woningen in relatie tot de doelgroep. Afspraak 1.23: Hospitaverhuur a) Gemeente zet in op een toename van hospitaverhuur in de stad. Door vraag en aanbod beter bij elkaar te brengen, streeft de gemeente ernaar om voor 2027 400 extra woonruimten toe te voegen. b) Gemeente ondersteunt de organisaties Hospi Housing en Kamers met Aandacht. • Hospi Housing helpt zowel kamerzoekers als mensen die een kamer willen verhuren.
12
• Kamers met Aandacht zoekt kamers bij particulieren voor jongeren tussen de 18 en 23 jaar die uitstromen uit jeugdzorg. Naast ambulante begeleiding ontvangen deze jongeren ook informele steun, bijvoorbeeld van huisgenoten of betrokken buren. Kamers met aandacht werkt, naast de gemeente Nijmegen, ook voor enkele regio gemeenten. Jaarlijks wordt besloten over de opdracht aan Kamers met Aandacht. Als de resultaten goed blijven, onderzoeken we de mogelijkheid om een opdracht voor meerdere jaren te verstrekken. c) Gemeente en corporaties willen huurders meer mogelijkheden bieden om hospitaverhuur toe te passen en zo bij te dragen aan de gemeentelijke ambitie. Corporaties stemmen hierover af met de gemeente en zullen: •e enduidig communiceren en informatie actief delen met hun huurders; •d rempels wegnemen en voorlichting geven over de kansen en risico’s van hospitaverhuur; •p assende ondersteuning bieden bij het opstellen van huurcontracten en het vaststellen van een passende huurprijs. d) Gemeente en corporaties onderzoeken of hospitaverhuur middels Hospi Housing ook kan worden ingezet voor huurders die hun woning (dreigen te) verliezen door persoonlijke of financiële omstandigheden. Daarbij kan worden gedacht aan situaties zoals een relatiebreuk, het aflopen van een tijdelijk huurcontract of het verlies van werk.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
1
De vergrijzing in Nijmegen vraagt om
een toekomstgerichte woonzorgaanpak
waarin senioren prettig en zelfstandig
kunnen wonen. In lijn met de Nijmeegse Woonzorgvisie
zetten
gemeente
en
corporaties in op het realiseren van vol
doende passende woningen. De inzet is om senioren te ondersteunen bij het vinden van een woning die aansluit bij hun levensfase. Binnen
dit
hoofdstuk
richten
meerjarige prestatieafspraken zich op:
de
• het toevoegen van geschikte woningen met de juiste randvoorwaarden,
Wonen & zorg senioren
• het faciliteren van mantelzorg,
• het bevorderen van doorstroming, en
• het verbeteren van de beschikbaarheid van rolstoelgeschikte woningen.
Gemeente en corporaties zetten in op samenwerking met zorg- en welzijns partijen, zodat senioren in elke levensfase
een woonplek met passende zorg en ondersteuning kunnen vinden.
13
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Wonen & zorg senioren
Stip op de horizon
Ons doel is dat senioren prettig en passend kunnen wonen.
MEERJARIGE AMBITIES
Dit bereiken we door voldoende geschikte woningen te
Nr.
kunnen ontmoeten en ondersteunen. We zetten in op nieuw-
1.
(Nieuwbouw) woningen die geschikt zijn voor senioren
realiseren in een inclusieve leefomgeving waar mensen elkaar bouw die aansluit bij de wensen en behoeften van senioren en maken bestaande woningen levensloopgeschikter bij
een toegankelijke en veilige woonomgeving waarin senioren zich vrij kunnen bewegen en zich thuis voelen. We streven
afgestemd op hun dagelijkse behoeften. Zo zorgen we ervoor
Er worden voldoende sociale huurwoningen toegevoegd - zowel binnen de bestaande voorraad als via nieuwbouw - die geschikt zijn voor senioren. Doorstroming
natuurlijke renovatiemomenten. Daarnaast werken we aan
naar zorg- en welzijnsvoorzieningen die zoveel mogelijk zijn
Ambitie
2.
We ondersteunen senioren bij het vinden van een passende en toegankelijke woning die aansluit bij hun woonwensen en levensfase. Dit vergroot hun wooncomfort en zelfstandigheid. Door de verhuisbeweging op gang te brengen, stimuleren we de doorstroming: eengezinswoningen komen vrij voor gezinnen. Ook starters en jongeren profiteren van de extra beweging op de woningmarkt.
dat iedereen - ongeacht leeftijd of levensfase - een passende woonplek kan vinden.
14
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Wonen & zorg senioren
1. (Nieuwbouw) woningen die geschikt zijn voor senioren Het uitgangspunt bij nieuwbouw is dat zo veel mogelijk woningen levensloopgeschikt worden gerealiseerd. De gemeente onderzoekt samen met de corporaties de mogelijkheden om levensloopgeschikte woningen te realiseren. De ambitie voor de uitbreidingsopgave is 785 levensloopgeschikte woningen. De gemeente zorgt ervoor dat de omgeving en het voorzieningenniveau hierbij goed aansluiten. Afspraak 2.1: Uitbreidingsopgave De uitbreidingsopgave van corporaties - zowel van nieuwbouw als binnen de bestaande voorraad - voor wonen en zorg geschikt voor ouderen betreft voor de periode 1 januari 2022 tot en met 31 december 2030 minimaal: • 295 geclusterde woonruimten • 175 zorggeschikte woonruimten, en • 50 rolstoelgeschikte woonruimten. De voortgang en monitoring van deze uitbreidingsopgave zijn beschreven in het hoofdstuk Betaalbaarheid en beschikbaarheid.
Daarbij kijken we naar de werkwijze voor de toewijzing van rolstoelgeschikte woningen, zodat deze blijvend aansluit bij de actuele behoefte en praktijk. Voor zorggeschikte woningen betrekken we zorg- en welzijnspartijen actief bij de planvorming. Daarbij beoordelen we: • de geschiktheid van de locatie; • de aanwezigheid van benodigde voorzieningen, en • de daadwerkelijke behoefte van dit type woningen. We verkennen hoe wonen, zorg en welzijn op een integrale manier binnen één complex kunnen worden gecombineerd. Daarbij streven we naar een evenwichtige bewonersmix die bijdraagt aan leefbaarheid, sociale samenhang en passende ondersteuning. Afspraak 2.2: Programma levensloop, geclusterde en zorggeschikte woningen Gemeenten en corporaties onderzoeken hoe ze beter kunnen programmeren op basis van de behoefte aan woningen voor senioren. Het gaat daarbij om levensloopgeschikte, geclusterde en zorggeschikte woningen. We sluiten aan bij de strategische koers voor ontmoeting (beschreven in Afspraak 5.4, zie thema Leefbaarheid), en richten ons op locaties rondom bestaande voorzieningen - onder andere 4A’s - in de directe omgeving.
Bij natuurlijke renovatiemomenten van de bestaande voorraad maken de corporaties de afweging om woningen levensloopgeschikt te maken. De gemeente zet zich in om de omgeving en het voorzieningenniveau hierop aan te sluiten. Bij die afweging wordt ook gekeken naar de 4A’s1 en de behoefte in de wijk. De uitbreiding van rolstoelgeschikte woningen draagt bij aan de beschikbaarheid van woningen voor mensen met een fysieke beperking die afhankelijk zijn van een rolstoel. In de nieuwbouw voegen we daarom gericht rolstoelgeschikte woningen toe. Uit onderzoek blijkt dat de grootste behoefte ligt bij: • woningen voor mensen met een grote elektrische rolstoel; • gezinnen met een gezinslid dat een rolstoel gebruikt.
1
Autobus (OV), Albert Hein (Supermarkt), Arts (Huisarts) en Apotheek
15
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Wonen & zorg senioren
Afspraak 2.3: Randvoorwaarden bij ontwikkelingen Bij nieuwe woonontwikkelingen voor senioren maken we aan de voorkant afspraken met partners, zoals zorg- en welzijnsorganisaties, bewonerscommissies, ontwikkelaars, gemeente en corporaties. • Leefomgeving Gemeente maakt de leefomgeving geschikter voor ouderen. Daarbij is er aandacht voor ontmoeting, voorzieningen (onder andere de 4A’s) en de inrichting van de (dementievriendelijke) openbare ruimte in de brede zin. • Ontmoetingsruimten Samen met partners wordt bekeken hoe ontmoetingsruimten (op langere termijn) duurzaam kunnen worden gefinancierd en beheerd. We maken zoveel mogelijk gebruik van bestaande ontmoetings- mogelijkheden en netwerken. Er wordt gekeken naar: · de noodzaak voor een ontmoetingsruimte (inclusief exploitatie en beheer); · de aansluiting op bestaande netwerken; · de manier waarop de zorg- en ondersteuningsvraag wordt ingevuld. Zie ook de ambities ten aanzien van ‘Ontmoeten in de wijk’, zoals beschreven in hoofdstuk 5 Leefbaarheid. In 2027 evalueren we de werkwijze waarmee we ontmoeting mogelijk maken binnen nieuwbouwprojecten. Daarbij betrekken we de inbreng van de zorgpartijen. Vanuit de gemeente komt in de periode 2026 - 2028 een subsidie beschikbaar voor Bindkacht en Sterker voor het stimuleren van gemeenschapsvorming bij nieuwbouw projecten.
Deze subsidie moet als vliegwiel bijdragen aan het opzetten van een structuur waarin gemeenschap kunnen aansluiten bij de bredere buurt – of wijkstructuur. Jaarlijks bepalen de gemeente, corporaties en Nonna gezamenlijk bij welke ontwikkelingen de subsidie kan worden ingezet. •B uurtverbinders We onderzoeken hoe professionele en vrijwillige inzet op de lange termijn kan worden ingezet om sociale cohesie en leefbaarheid te verbeteren.
16
Dit is vooral van belang in buurten waar de leefbaarheid onder druk staat en sociale netwerken niet vanzelf ontstaan. • Scootmobiel ruimte In zowel bestaande woningen als nieuwbouw zien we een toename aan scoot mobielen en elektrische fietsen. In bestaande gebouwen zijn daarnaast maatregelen nodig op het gebied van brandveiligheid, netcongestie en toegankelijkheid (zoals elektrische deuropeners) als gevolg van het groeiende bezit van scootmobielen. Gemeente en corporaties werken samen aan oplossingen voor deze vraagstukken. Afspraak 2.4: Mantelzorgers Gemeente en corporatie brengen de mogelijkheden voor mantelzorgers in beeld, zoals tijdelijke mantelzorgwoningen of het laten inwonen van mantelzorgers zonder financieel nadeel, en zijn bereid om dit te faciliteren. Daarnaast informeren we sleutelorganisaties over mantelzorg als urgentiecategorie bij de toewijzing van sociale huurwoningen. We brengen dit in ieder geval onder de aandacht bij Mantelzorg Nijmegen, Sterker ouderenwerk, de STIPS en bijvoorbeeld NEO Huisartsenzorg. Afspraak 2.5: Ontwikkeling en toekenning rolstoelwoningen We zien een mismatch tussen de signalen van bewoners en de ervaring uit de verhuur van rolstoelgeschikte woningen.
Om invulling te geven aan de ambitie voor het realiseren van nieuwe rolstoelwoningen onderzoekt de gemeente waar bestaande rolstoelwoningen zich bevinden en hoe de ambitie verder kan worden ingevuld – oftewel: hoeveel, waar en welk type rolstoelgeschikte woningen moeten worden toegevoegd. Daarnaast evalueren we de huidige werkwijze voor toewijzing van rolstoelgeschikte sociale huurwoningen via de Regionale Toewijzingscommissie (RTC). Doel is om knelpunten en verbeterkansen in beeld te brengen, zodat vraag en aanbod beter op elkaar aansluiten.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Wonen & zorg senioren
“
Wij werken aan veerkrachtige wijken en buurten waar bewoners naar elkaar omkijken en zich thuis voelen. En dat doen we niet alleen. Dat doen we samen. Met onze bewoners, gemeenten en onze partners in de wijk. Een fijn thuis begint met een betaalbare, goede en duurzame woning. Maar wij denken verder dan alleen de stenen en bouwen aan duurzame en vitale leefgemeen-
Afspraak 2.6: Pilot dementievriendelijk Gemeente en corporaties starten een pilot voor een dementievriendelijke woon- en leefomgeving. Afspraak 2.7: Scootmobielen We onderzoeken de oplossingsmogelijkheden voor de problematiek rondom scootmobielruimtes. Hiervoor stellen we een meerjarige aanpak op waarin verschillende opties worden onderzocht • (verplichte) deelmobiliteit; • het beschikbaar stellen van gemeentelijke grond voor opslag; • flexbergingen via de WMO, en • handhaving. Afspraak 2.8 Communicatiecampagnes De gemeente ontwikkelt en voert de regie op communicatiecampagnes gericht op senioren. Samen geven we invulling aan een campagne voor bewustwording en activatie van senioren. Daarnaast zorgen we voor goede informatievoorziening over de mogelijkheden. Deze campagne richt zich op twee doelgroepen: • Ten eerste op senioren zelf. Doelgroep bestaat uit 55+ers (bij Sterker ligt de focus op 65+) • Ten tweede op het intermediaire netwerk, zoals zorgpartijen, welzijnspartners, STIPS en WMO-consulenten Het doel is een blijvende campagne met structurele zichtbaarheid en duidelijke informatie over wie waarvoor in aanmerking komt en welke ondersteuning waar
17
beschikbaar is. Huurders organisaties kunnen via de website een rol spelen in de campagne en als ambassadeur fungeren.
schappen. Voor nu én in de toekomst”. PLATFORM NIJMEEGSE WONINGCORPORATIES, MAIKE HETTERSCHEID, VOORZITTER 2025
2. Doorstroming Afspraak 2.9: Doorstroming We ondersteunen senioren bij het vinden van een passende en toegankelijke woning die aansluit bij hun woonwensen en levensfase. Dit doen we door middel van bewustwording en ondersteuning bij een eventuele verhuizing. De verhuiscoach wordt voortgezet. Corporaties zetten daarnaast het label ‘Van groot naar beter’ in om de doorstroming te bevorderen. Vanuit Sterker ouderenadvies zet de gemeente in op een verhuiscoach (voor nietcorporatiehuurders) en op vrijwillige verhuismaatjes (zowel voor corporatiehuurders als niet-corporatiehuurders). Afspraak 2.10: locaties woningbouw De gemeente werkt uit hoe de corporaties betrokken kunnen worden bij de plan ontwikkeling voor de huisvesting van senioren. Hiervoor brengt de gemeente kansen en locaties in beeld. Op basis van deze kanskaart worden corporaties in positie gebracht – als premium partners - bij locaties die geschikt zijn voor woningen voor senioren.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
1
Wonen & zorg aandachtsgroepen
De huisvesting van aandachtsgroepen vraagt om een zorgvuldige balans tussen individuele woonbehoeften en de draagkracht van wijken.
In Nijmegen worden aandachtsgroepen – zoals statushouders, jongeren uit de zorg, mensen
met onbegrepen gedrag en dak- en thuislozen – zoveel mogelijk gehuisvest in een passende omgeving met de juiste begeleiding.
De afspraken in dit hoofdstuk zijn gebaseerd op de uitgangspunten van de Nijmeegse Woonzorgvisie en sluiten aan bij landelijke en regionale kaders.
Binnen Wonen en zorg aandachtsgroepen richten de meerjarige prestatieafspraken zich
op het samen werken aan een integrale aanpak waarin woonruimte, begeleiding en leefbaarheid een plek krijgen. Daarbij is er aandacht voor
spreiding over de stad, zodat veerkracht en draaglast binnen wijken, buurten en de stad als geheel in balans zijn.
Wonen & zorg aandachtsgroepen 18
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Verder is er aandacht voor gemeenschaps vorming, signalering van onbegrepen gedrag en
het duurzaam invullen van de zorgvraag. Door
samenwerking tussen wonen, zorg, welzijn en de buurt ontstaat een woonomgeving waarin aandachtgroepen veilig kunnen landen en bijdragen aan een veerkrachtige wijk.
Wonen & zorg aandachtsgroepen
MEERJARIGE AMBITIES Nr.
Ambitie Landen in de wijk
Stip op de horizon
We dragen bij aan buurten waarin iedereen fijn kan wonen, zowel voor
de huidige bewoners als de aandachtsgroepen die er wonen of komen
1.
wonen. Waar nodig bieden we ondersteuning, begeleiding of zorg.
De aandachtsgroepen zijn vastgesteld in wetgeving en nader omschreven in de woonzorgvisie, de kaders van de Groene Metropool Regio en de
Taakstelling Statushouders
Wet versterking regie op de volkshuisvesting. Deze uitgangspunten zijn uitgewerkt in de lokale huisvestingsverordening.
In Nijmegen worden veel aandachtsgroepen bemiddeld door de
2.
Werkgroep Bijzondere Bemiddeling (WBB). Daarbij hebben we
aandacht voor draagkracht van wijken en diversiteit van vastgoed en
De ambitie is om statushouders zo snel mogelijk passend te huisvesten, met aandacht voor een goede landing in de wijk. Zo voelen zij zich sneller thuis in hun nieuwe leef situatie en kunnen daarmee beter integreren en bijdragen aan een fijne buurt. Spreiding en schaalgrootte
bewoners. Zo kan zelf-en samenredzaamheid bijdragen aan veer-
krachtige wijken en buurten. Niet alle individuen binnen de aandachts-
groepen vragen om extra aandacht of leggen druk op de leefbaarheid.
We willen dat aandachtsgroepen, waaronder ook statushouders vallen, prettig landen in een wijk. Waar nodig faciliteren we om dit goed te laten verlopen. Gemeente, corporaties en huurdersorganisaties communiceren open en transparant over wat we wel én niet doen. Zo werken we aan een positieve beeldvorming rondom de huisvesting en integratie van aandachtsgroepen. Daarnaast streven we ernaar, naast het huisvesten van aandachtsgroepen in reguliere huurwoningen, ook alternatieven te onderzoeken en uit te breiden om de druk op de reguliere huurvoorraad te verminderen.
3.
Hierom is maatwerk belangrijk. We zetten in op passende woonruimte voor aandachtsgroepen in de hele stad en matchen deze aandachtsgroepen aan een geschikte woonomgeving.
Voor het behoud of verbetering van de leefbaarheid streven we ernaar dat er een evenwichtige verdeling van aandachtgroepen is over de stad en binnen de stadsdelen. Daarbij is het belangrijk om sociale huurwoningen toe te voegen in wijken waar de leefbaarheid goed is. Ook bij woningtoewijzing is het belangrijk om rekening te houden met een evenwichtige verdeling. Soms betekent dat keuzes maken op straat- of complexniveau, wanneer het behouden of verbeteren van de leefbaarheid in een specifiek gebied daarom vraagt. Percentage nieuwbouw
4.
19
Het uitgangspunt is dat per initiatief minimaal 30% van de nieuwbouw bestaat uit sociale huurwoningen. Bij nieuwbouw van sociale huurwoningen in geschikte (veerkrachtige) nieuwbouwwijken streven gemeente, zorgpartijen en corporaties ernaar om 30% van die nieuwbouw van sociale huurwoningen in te zetten voor huisvesting van aandachtsgroepen. Een structurele inzet van de gemeente op het vormen van een gemeenschap is hierbij een randvoorwaarde. Bovenstaande afwegingen nemen we mee bij het bepalen van de haalbaarheid van het aandeel aandachtsgroepen in een nieuwbouwcomplex of wijk.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Wonen & zorg aandachtsgroepen
1. Aandachtsgroepen Afspraak 3.1: Doelgroepen • We brengen in kaart welke doelgroepen, op welke wijze en door wie, worden gehuisvest. Daarbij nemen we als uitgangspunt de doelgroepen zoals geformuleerd in de Nijmeegse Woonzorgvisie. We nemen hierin ook het wetsvoorstel Versterken regie op volkshuisvesting en nieuwe ambities mee. • We geven extra prioriteit aan (jonge) dak- en thuislozen, jongeren die uitstromen uit een intramurale instelling en statushouders. • Tenminste 25% van de beschikbare sociale huurwoningen wordt toegewezen aan deze doelgroepen. Wanneer het aandeel toewijzingen aan deze doelgroepen boven de signaalwaarde van 30% uitkomt, gaan gemeente en corporaties met elkaar in overleg over het aantal en de werkwijze rond de toekenning aan doelgroepen. Afspraak 3.2: (jonge) dak- en thuislozen Jongvolwassenen dak- en thuislozen • Gemeente en corporaties zetten zich samen in voor (dreigend) dak- en thuisloze jong volwassenen. Deze doelgroepen willen we huisvesten volgens de Wonen Eerst principes. • De corporaties stellen hiervoor 50 woningen per jaar beschikbaar. In 2026 starten we met het huisvesten van 50 dak- en thuisloze jongvolwassenen. • De gemeente zorgt voor voldoende inkomensondersteuning, zodat tot de eerste aftoppingsgrens kunnen worden toegewezen.
• Daarnaast faciliteert de gemeente, samen met zorg- en welzijnspartijen, een passend ondersteunings-en zorgaanbod, variërend van lichte (woon)begeleiding tot intensievere zorg met 24-uurs beschikbaarheid bij noodgevallen. Regionaal actieplan dak- en thuislozen Gelderland Zuid • De gemeente voert de regie over de consequenties en opgaven die voortkomen uit het Regionaal actieplan dak- en thuisloosheid Gelderland Zuid. • De corporaties zijn betrokken bij het regionale proces en worden ook betrokken bij de lokale uitwerking.
20
Afspraak 3.3: Statushouders • De taakstelling is een opdracht aan de gemeente, waaraan corporaties uitvoering geven. • We zetten onze lobby voort om rijksgelden voor de huisvesting van statushouders breder te kunnen inzetten -bijvoorbeeld voor het aftoppen van dure huurwoningen en woningen voor grote gezinnen. Daarnaast kijkt de gemeente welke middelen zij zelf beschikbaar kan stellen of al via het Rijk ontvangt voor aftoppen en huisvesten van grote gezinnen. • De gemeente formuleert de ambitie voor doorstroomlocaties van alleenstaande. Samen met betrokken partijen wordt bepaald hoe en wie wat bijdraagt aan een soepele overgang naar reguliere huisvesting na gezinshereniging. Afspraak 3.4: Studerende jongeren • SSH& huisvest jaarlijks 15 studerende jongeren met zorg en begeleiding via Tussen Wal en Schip. De werkafspraken die SSH& en gemeente hierover hebben gemaakt, worden voortgezet en geëvalueerd. In deze afspraken is ook vastgelegd wat de achtervangpositie van de reguliere woningcorporaties is. Op basis van deze evaluatie bekijken we of aanvullende inzet van SSH& gewenst is. • Daarnaast huisvest SSH& studerende statushouders die in Nijmegen landen, zonder vooraf vastgesteld maximum. De voorkeurslocatie hiervoor is het complex Urban aan de NDW21.Ook de werkafspraken die SSH& en gemeente hierover hebben gemaakt, worden voortgezet en geëvalueerd.
SSH& heeft een uitzonderingspositie binnen de huisvestingsverordening en werkt met een eigen urgentieregeling en Commissie van Toewijzing. Afspraak 3.5: Werkgroep Bijzondere Bemiddeling (WBB) • We blijven ons inzetten om WBB-deelnemers na aanmelding binnen afzienbare tijd te huisvesten. Daarbij houden we rekening met een evenwichtige spreiding over de stad, een geschikte plek om succesvol te landen en de betaalbaarheid voor aandachtsgroepen. • De gemeente stemt periodiek af met een afvaardiging uit gemeenten Rijk van Nijmegen, bespreekt knelpunten in de ketensamenwerking en monitort de voortgang van WBB-aanmeldingen en plaatsingen.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Wonen & zorg aandachtsgroepen
• Daarnaast draagt de gemeente zorg voor (de inkoop van) de benodigde begeleiding en zorg na uitstroom. De corporaties zorgen voor een goede verdeling en passende huisvesting van de aandachtsgroepen. • Door ontwikkelingen in zorg en welzijn en door regionale en lokale beleidsambities sluiten de huidige voorwaarden van de WBB onvoldoende aan bij de doelgroep en de bijbehorende ondersteuning. Begin 2026 worden de uitgangspunten geëvalueerd en opnieuw vastgesteld. Afspraak 3.6: Signalering onbegrepen/ ongewenst gedrag • Wanneer de landing en begeleiding in de wijk niet goed verlopen en er sprake is van overlast, een onveilig gevoel of onbegrepen gedrag, moet het voor bewoners én betrokken organisaties helder zijn waar signalen thuishoren, wie welke rol heeft en hoe kan worden opgeschaald. • Corporaties, zorgpartijen en gemeente brengen dit samen in beeld voor huurders en sociale partners, zoals welzijn partners, GGZ en de GGD. Ze ontwikkelen en implementeren hiertoe een signalenkaart voor onbegrepen gedrag. Afspraak 3.7: Subsidie Vanuit de gemeente wordt in de jaren 2026 - 2028 een subsidie beschikbaar gesteld voor Bindkacht en Sterker voor het stimuleren van gemeenschapsvorming bij nieuwbouwprojecten. Deze subsidie moet als vliegwiel bijdragen aan het opzetten van een structuur waarin de gemeenschap kan aansluiten bij de bredere buurt- of wijkstructuur.
Gemeente, corporaties en zorgpartijen bepalen jaarlijks bij welke ontwikkelingen gebruik kan worden gemaakt van deze subsidie.
2. Nieuwe geclusterde woonvormen en spreiding Afspraak 3.8: Betaalbare sociale huur in nieuwe projecten De corporaties en gemeente streven naar een evenwichtige verdeling van aandachtsgroepen over de hele stad. De spreiding van betaalbare sociale huurwoningen (tot eerste aftoppingsgrens) is hierbij van belang.
21
Wanneer de gemeente bij nieuwbouwprojecten in de positie is om te sturen - met name in veerkrachtige wijken- zal deze een deel van het project aanwijzen voor de ontwikkeling van betaalbare sociale huurwoningen voor aandachtsgroepen, bij voorkeur door een toegelaten instelling. Afspraak 3.9: Zorg Bij ontwikkelingen voor aandachtsgroepen maken we aan de voorkant afspraken met partners over hoe de zorg en ondersteuningsvraag duurzaam wordt ingevuld. Het gaat hierbij om zorgpartijen, welzijnsorganisaties, ontwikkelaars, woningbouwcorporaties, bewonerscommissies en gemeente. De afspraken gaan onder andere over de aansluiting op bestaande netwerken, het vormen van een gemeenschap, de noodzaak voor een ontmoetingsruimte (inclusief exploitatie en beheer) en de wijze van uitvoering. Afspraak 3.10: Gemeentelijk Vastgoed Waar de gemeente in positie is, worden corporaties in positie gebracht om de ontwikkeling van sociale huur mogelijk te maken. Waar mogelijk maakt de gemeente afspraken met zorgpartijen zodat vrijgekomen zorgvastgoed door corporaties kan worden herontwikkeld. Afspraak 3.11: Woningdelen We onderzoeken of en hoe en onder welke randvoorwaarden - zoals huurtoeslag en artikel 18 van de participatiewet - we woningdelen kunnen inzetten voor de huisvesting van aandachtsgroepen en een evenwichtige verdeling over wijken.
Afspraak 3.12: Spreiding We streven ernaar om woningen in draagkrachtige wijken beschikbaar te maken voor aandachtsgroepen. Daarvoor moeten deze woningen betaalbaar worden gemaakt, bijvoorbeeld door aftoppen. We onderzoeken of en hoe gemeente en corporaties hier financieel aan kunnen bijdragen.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Wonen & zorg aandachtsgroepen
Afspraak 3.13: Alternatieve woonvormen Gemeente en corporaties zetten ook in op alternatieve woonvormen voor de huisvesting van aandachtsgroepen. Hierover worden op projectniveau afspraken gemaakt. Afspraak 3.14: Subsidies en kennis We zetten ons gezamenlijk in om beschikbare middelen en kennis vanuit het Rijk en/of de Provincie Gelderland naar Nijmegen te halen voor het realiseren van onze plannen. Daarnaast verdiepen we de samenwerking, onder andere door gezamenlijke kennissessies met zorgpartijen en welzijnsorganisaties. Afspraak 3.15: Kansen betaalbare sociale huur • Om bij te dragen aan de evenwichtige verdeling van aandachtsgroepen maakt de gemeente inzichtelijk waar binnen de looptijd van deze prestatieafspraken kansen zijn voor de ontwikkeling van betaalbare sociale huurwoningen. • Daarnaast werkt de gemeente uit hoe de corporaties betrokken kunnen worden bij de planontwikkeling voor de huisvesting van aandachtsgroepen.
te hu
ur
22
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
1
Duurzaamheid.
Als samenleving werken we hard aan
een duurzamere wereld. Ook in de toe
Duurzaamheid.
komst willen we verantwoord met de
aarde omgaan. Dit doen we binnen de kaders van verschillende rijksprogram
ma’s en afsprakenkaders. Belangrijk is
in ieder geval het Klimaatakkoord, dat door gemeenten en corporaties onder tekend is. Dit akkoord is voor de corpo
raties landelijk doorvertaald in Nationale Prestatieafspraken.
Deze
afspraken
geven richting aan de werkzaamheden
van corporaties, bijvoorbeeld op het
gebied van isolatie en de warmte transitie. Alleen wanneer dat nodig was, zijn deze afspraken verbijzonderd
naar de Nijmeegse context. De focus van deze meerjarige prestatieafspraken ligt op gebieden waar geen nationale prestatieafspraken over gemaakt zijn.
Duurzaamheid is verder een divers
begrip. Voor deze prestatieafspraken is duurzaamheid uitgesplitst naar de thema’s
transitie,
Energiebesparing, Schone
stroom
Warmte
en
net
Als samenleving werken we hard aan een duurzamere wereld. Ook in de toekomst willen we verantwoord met de aarde omgaan.
congestie, Klimaatadaptatie, Circulariteit
en natuurinclusief bouwen, en Schone mobiliteit.
23
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Duurzaamheid. MEERJARIGE AMBITIES Nr.
Ambitie Energiebesparing
1.
• In 2030 zijn er in Nijmegen geen zelfstandige woningen meer met een energielabel E, F of G en is het aantal koopwoningen met label D gehalveerd. • Conform de nationale prestatieafspraken 2025 -2035 hebben woningcorporaties eind 2028 geen zelfstandige woningen met label E, F en G meer, met uitzondering van monumenten, VvE’s en de voor sloop aangemerkte woningen. • Corporaties en gemeente zetten zich gezamenlijk in om VvE’s en gespikkeld bezit te verduurzamen. Warmtetransitie
2.
Stip op de horizon
Nijmegen is in 2050 CO2-neutraal. Dat betekent voor de
woningvoorraad dat de gezamenlijke netto CO2-uitstoot van
• Om in 2050 aardgasvrij te kunnen zijn, werken corporaties en gemeente aan de warmtetransitie. • De gemeente onderzoekt de haalbaarheid van warmtenetten en corporaties sluiten waar mogelijk hun bezit hierop aan. • Bij de warmtetransitie hanteren we de leidende principes duurzaam, betaalbaar voor de eindgebruiker, uitvoerbaar, duidelijk en inclusief en in samenhang. Schone stroom en netcongestie
alle woningen op nul staat. Oftewel: er komt geen CO2 meer
3.
vrij door energie- en warmtegebruik van woningen, ervanuitgaande dat in 2050 100% van de elektriciteit en alternatieve warmtebronnen CO2 vrij is.
• We beperken netcongestie en voorkomen vertraging van de bouw en verduurzaming van woningen. • We beperken de onnodige verzwaring van de infrastructuur voor elektriciteit. Klimaatadaptatie
4.
• De gemeente streeft naar een volledig klimaatbestendige stad in 2050. • De gemeente streeft ernaar om uiterlijk in 2035 de prioritaire wijken voor klimaatadaptatie te hebben aangepakt. Corporaties overwegen om klimaatadaptieve maatregelen toe te passen in de prioritaire wijken zoals genoemd in de klimaatadaptatiestrategie van de gemeente (2023) wanneer de gemeente aan de slag gaat met het nemen van klimaatadaptieve maatregelen in de openbare ruimte. Circulariteit en natuurinclusief bouwen
5.
• Het landelijke, regionale en gemeentelijke doel is om in 2050 volledig circulair te zijn en in 2030 50% circulaire nieuwbouw te realiseren. • Corporaties en gemeente leveren hier ieder op hun eigen manier een bijdrage aan op basis van wet- en regelgeving. • Behoud en vergroten van de biodiversiteit in de stad door bescherming van dier- en plantensoorten. Schone mobiliteit
6.
24
• Gemeente en corporaties evalueren het mobiliteitsbeleid en deelmobiliteitsbeleid.
MEERJARIGE PRESTATIEAFSPRAKEN NIJMEGEN 2026-2030
Duurzaamheid.
1. Energiebesparing Energiebesparing is belangrijk om de CO2-uitstoot terug te dringen. Daarnaast zorgt het besparen van energie, bijvoorbeeld door isolatie van woningen, voor lagere woonlasten voor bewoners. Dat is in tijden van hoge energieprijzen extra relevant. Voor de werkzaamheden van corporaties op het gebied van isolatie gelden de Nationale Prestatieafspraken als uitgangspunt. Hierin is afgesproken dat corporaties eind 2028 geen zelfstandige woningen met een energielabel E, F of G meer in bezit hebben. De gemiddelde warmtevraag van de totale corporatievoorraad in Nederland moet daarbij dalen van 108 kWh/m² naar 94 kWh/m² in 2030. Over dit onderwerp zijn binnen deze prestatieafspraken geen aanvullende afspraken gemaakt. Afspraak 4.1: Lokale beweging • De gemeente verkent samen met het Steunpunt energietransitie, energiecoöperatie WPN en Huis voor Compassie de mogelijkheden voor een lokale uitvoerings organisatie voor en door bewoners. Afhankelijk van de uitkomst van deze verkenning wordt de samenwerking met de woningcorporaties vormgegeven. Afspraak 4.2: Isolatieaanpak en energiearmoede • De woningcorporaties (m.u.v. SSH&) en de gemeente onderzoeken samen met het Huis voor Compassie hoe zij huishoudens met energiearmoede beter kunnen bereiken.
De inzet van de gemeente verschuift van het bevorderen van kleine maatregelen en gedragsverandering via energiefixers en coaches naar grotere isolatiemaatregelen voor kopers. • De gemeente gaat eigenaren van een woning met slechte isolatie en een lage WOZwaarde (< € 429.300,-) de komende jaren intensiever ondersteunen met adviezen op maat en gemeentelijke subsidie (bovenop landelijke subsidies) bij het isoleren van woningen, met een focus in 2026 op Nijmegen-West. • Corporaties en gemeente kijken waar de gemeentelijke isolatie-aanpak voor kopers en geplande renovaties van corporaties elkaar kunnen versterken, bijvoorbeeld in straten waar verduurzaming door versnipperd bezit van corporaties moeilijker is. •O ok lokale (bewoners)organisaties worden betrokken bij de (wijkgerichte) isolatieaanpak.