Bijlage 2 Naar representatie in participatie Een onderzoek naar participatie in Nijmegen dat iedereen bereik_Geredigeerd
Tekst van het document
Verder kunnen uitnodigingen prikkelend geschreven worden om emotie los te maken bij inwoners, waardoor inwoners wel gaan participeren (respondenten 4 en 10). 21
s1084582 Masterthesis Bestuurskunde
5. Discussie Dit onderzoek begon met het gegeven dat de gemeente Nijmegen meer mensen vanuit ondervertegenwoordigde groepen bij participatie bereid wil krijgen om te participeren. De onderzoeksvraag voor dit onderzoek is hoe de gemeente Nijmegen dat kan doen. Voor dit onderzoek is vervolgens naar de wetenschappelijke literatuur gekeken om te zien wat er al bekend is over het onderwerp. Deze informatie gold als achtergrondinformatie om de dataverzameling in te gaan. De dataverzameling bestond uit het houden van interviews. Deze interviews zijn geanalyseerd door middel van inductief coderen. Na het presenteren van de gevonden resultaten is nu het moment om te reflecteren op dit onderzoek. Dat gebeurt eerst door de bevindingen uit dit onderzoek te reflecteren ten opzichte van de huidige literatuur. Daarnaast staan in dit hoofdstuk als reflectie de beperkingen van dit onderzoek. Onderaan in dit hoofdstuk staan de conclusies op basis van de resultaten.
5.1.
Discussie
In deze paragraaf staat de reflectie van de bevindingen van dit onderzoek ten opzichte van de literatuur. Het concept “inwoners bedienen” is een concept dat niet in de wetenschappelijke literatuur terug te vinden is. Centraal bij dit concept staat dat gemeenten dienstbaar moeten zijn aan inwoners, meerdere methoden van uitnodigen moeten gebruiken, actief naar inwoners toe moeten gaan en dat gemeenten moeten tegemoetkomen aan de wensen van inwoners. Deze dienstbaarheid zorgt ervoor dat inwoners minder moeite hoeven te doen, wat de kans tot deelname aan participatie vergroot. Dit is daarmee een toevoeging aan de bestaande wetenschappelijke kennis. Een aspect uit dit concept is wel terug te zien in de literatuur, namelijk het gebruik van digitale vormen van. Hierop ligt dit onderzoek op een lijn met de onderzoeken van Agger (2012), Holum (2022) en Jäntti en Kurkela (2021). Anders dan de conclusies uit die onderzoeken geven de respondenten uit dit onderzoek gezamenlijk geen eenduidig beeld over wie het beste te bereiken is via digitale participatie. Verder wijzen de onderzoeken van Holum (2022), Jäntti en Kurkela (2021) en Lowndes et al. (2001) erop dat er vaak onwetendheid bij inwoners is over de participatiemogelijkheden. In paragraaf 2.4. van dit onderzoek is de suggestie gewekt om hier als gemeente op in te spelen door meer aan de informatievoorziening te doen.
Uit de interviews blijkt dat respondenten het gebruiken van meerdere methoden van uitnodigen relevant achten. Dit laat blijken dat de gemeente Nijmegen op deze onwetendheid in kan spelen. Centraal bij het tweede concept, “een-op-eencontact met inwoners”, staat het vinden van creatieve participatievormen om in gesprek te gaan, zoals het plaatsen van een koffiekar in de wijk, en het aanspreken van mensen. Dit directe contact zorgt ervoor dat inwoners eerder hun inbreng uiten. Dit concept en de bijbehorende voorbeelden van participatie-instrumenten waren niet in de literatuur terug te vinden. Derhalve is dit concept ook een toevoeging aan de huidige kennis.
22
s1084582 Masterthesis Bestuurskunde Ook het derde concept is een onbekende in de literatuur. Centraal bij dit concept, “gebruik externe ambassadeurs met positief imago”, staat het gebruiken van andere organisaties en inwoners als ambassadeurs voor een project van de gemeente en dat de participatie vanuit de inwoners zelf komt. Hierdoor vertellen andere mensen dan het gemeentepersoneel positieve verhalen door. Dit zorgt ervoor dat andere inwoners eerder aangestoken worden om te participeren dan als gemeentepersoneel positieve verhalen doorvertelt. In het resultatenhoofdstuk zijn meerdere manieren om dat te doen besproken. Het vierde concept, “laagdrempelig informeren en participeren”, heeft als belangrijke punten dat plannen concreet moeten zijn, de gemeente digitale participatie en informatie kan gebruiken, de gemeente inwoners analoog moet informeren en dat de taal binnen een uitnodiging laagdrempelig en prikkelend moet zijn. Het laagdrempelig taalgebruik is iets wat in de literatuur terug te vinden is. Hiermee komt dit onderzoek op dit gebied tot dezelfde conclusie als Falanga en Ferrão (2021, p. 9) dat eenvoudig taalgebruik de participatiegraad kan verhogen. Falanga en Ferrão (2021, p. 9) zeggen echter dat laagopgeleide mensen daardoor meer participeren. Op basis van dit onderzoek kan daar geen uitspraken over gedaan worden; dit onderzoek geeft geen specifieke doelgroep.
Jäntti en Kurkela (2021, pp. 37-39) stellen dat participatiemethoden easy-to-use en easy-to-access moeten zijn. Het gebruik van digitale participatie als een vorm van laagdrempelig participeren geldt ook volgens Jäntti en Kurkela (2021, p. 34) als een participatiemethode die easy-to-use is. Hier sluit dit onderzoek dus aan op die van Jäntti en Kurkela (2021). Er is daarmee een theorie die wel in de literatuur bekend is maar niet echt in dit onderzoek terugkomt en dat is de bevinding van Barrett en Brunton-Smith (2014, p. 23) dat door het opwekken van politieke interesse meer mensen gaan participeren. Een respondent vertelde dat dit werkt, maar de rest van de respondenten herkenden zich hier niet in. Daarom kan dit onderzoek de werking van die bevinding bevestigen noch ontkennen.
5.2.
De beperkingen
In deze paragraaf staan de beperkingen van dit onderzoek. De eerste beperking van het onderzoek is in hoeverre gemeenten echt iedereen bereiken op basis van de resultaten van dit onderzoek. Voor dit onderzoek hebben medewerkers van de gemeente Nijmegen in de interviews verteld welke manieren zij geschikt achten om meer mensen te betrekken bij inwonerparticipatie. Het risico dat hieruit volgt is dat zij alsnog een bepaalde groep mensen missen en derhalve niet bereiken. Zij bereiken wel veel mensen uit verschillende groepen, maar het risico bestaat dat zij groepen mensen missen zonder dat ze het zelf weten. Ofwel, er is een blind spot. Vervolgonderzoek zou kunnen onderzoeken of alle mensen die niet bereikt worden dat met deze instrumenten wel worden door te kijken welke groepen mensen er allemaal zijn en bij henzelf controleren of ze bereikt worden. Desalniettemin zullen de opbrengsten van dit onderzoek bijdragen aan het representatiever maken van inwonerparticipatie. Dit onderzoek heeft gekeken welke instrumenten geschikt zijn om meer mensen te betrekken bij inwonerparticipatie, maar niet duidelijk uit dit onderzoek blijkt welk instrument het best geschikt is 23
s1084582 Masterthesis Bestuurskunde bij welke doelgroep. Voorbeelden hiervan zijn hierboven besproken bij de digitale vormen van participatie en het laagdrempelig taalgebruik. Maar ook interessant is om te bekijken welke doelgroep het best wordt bereikt met het plaatsen van een koffiekar in de wijk en welke bij het langs de deuren gaan. Vervolgonderzoek zou bij alle instrumenten kunnen vaststellen voor welke doelgroep welk instrument het efficiëntst is en hoe de instrumenten het meest effectief vorm te geven zijn. Het advies voor de praktijk is om wel gebruik te maken van de bevindingen uit dit onderzoek, aangezien de respondenten uit dit onderzoek wel aangeven dat deze instrumenten werken. Specifiek gericht op gemeente Nijmegen kan de gemeente de strategische concepten uit dit onderzoek verwerken in beleid, zodat het gehele gemeenteapparaat deze concepten gaat toepassen in de praktijk. Andere gemeenten kunnen dit ook gaan doen.
5.3.
Conclusie
In deze paragraaf staat de conclusie van dit onderzoek. Het antwoord op de onderzoeksvraag bestaat uit vier op strategisch niveau geformuleerde concepten die inductief gevonden zijn in dit onderzoek. Ten eerste zal de gemeente Nijmegen ervoor moeten zorgen dat inwoners zo weinig mogelijk inspanning hoeven te leveren en dat de gemeente dienend is aan inwoners. Ten tweede is het belangrijk dat de ambtenaren een-op-eencontact met inwoners hebben. Ofwel, dat de beambten in gesprek gaan met inwoners. Ten derde dient de gemeente Nijmegen ervoor te zorgen dat organisaties en/of inwoners positieve verhalen over gemeenteplannen en de participatie doorvertellen aan andere inwoners. Ten vierde dienen de ambtenaren inwoners laagdrempelig te informeren en de participatie laagdrempelig te maken. Ofwel, de gemeente Nijmegen dient ervoor te zorgen dat het voor iedereen begrijpelijk toegankelijk is en dat het onderwerp aansluit bij de leefwereld van mensen. Bij het uitvoeren van participatie waarbij beambten deze vier concepten in acht nemen, zullen de beambten meer ondervertegenwoordigde mensen bereid krijgen om te participeren. Anders dan alleen de usual suspects die participeren, krijgen gemeenten hierdoor een inclusievere participatie. Deze concepten geven dus antwoord op hoe de gemeente Nijmegen ondervertegenwoordigde groepen bereid kan krijgen om deel te nemen aan inwonerparticipatie.
Ze zijn voornamelijk op strategisch niveau beschreven, omdat participatie immers maatwerk blijft volgens Agger (2012, p. 41). Dit onderzoek geeft in de resultatensectie wel meerdere concrete voorbeelden die de respondenten vertelden. Op naar meer representatie in participatie.
24
s1084582 Masterthesis Bestuurskunde
Literatuur Abas, A., Arifin, K., Ali, M. A. M., & Khairil, M. (2023). A systematic literature review on public participation in decision-making for local authority planning: A decade of progress and challenges. Environmental Development, 46, 1-12. https://doi.org/10.1016/j.envdev.2023.100853 Agger, A. (2012). Towards tailor-made participation: how to involve different types of citizens in participatory governance. Town Planning Review, 83(1), 29-46. https://doi.org/10.3828/tpr.2012.2 Amnå, E., & Ekman, J. (2014). Standby citizens: diverse faces of political passivity. European Political Science Review, 6(2), 261-281. https://doi.org/10.1017/S175577391300009X Barrett, M., & Brunton-Smith, I. (2014). Political and Civic Engagement and Participation: Towards an Integrative Perspective. Journal of Civil Society, 10(1), 5-28. https://doi.org/10.1080/17448689.2013.871911 Berg, A. C. van den, Giest, S. N., Groeneveld, S. M., & Kraaij, W. (2020), Inclusivity in Online Platforms: Recruitment Strategies for Improving Participation of Diverse Sociodemographic Groups. Public Administration Review, 80, 989-1000. https://doi.org/10.1111/puar.13215 Bleijenbergh, I., Lansu, M., & Engen, M. van. (2023). Qualitative research in organizations. Radboud University. Bowen, G. A. (2006). Grounded Theory and Sensitizing Concepts. International Journal of Qualitative Methods, 5(3), 12-23.
https://doi.org/10.1177/160940690600500304 Burby, R. J. (2003). Making Plans that Matter: Citizen Involvement and Government Action. Journal of the American Planning Association, 69(1), 33-49. https://doi.org/10.1080/01944360308976292 Callahan, K. (2007). Citizen Participation: Models and Methods. International Journal of Public Administration, 30(11), 1179-1196. https://doi.org/10.1080/01900690701225366 Dworkin, S. L. (2012). Sample Size Policy for Qualitative Studies Using In-Depth Interviews. Archives of Sexual Behavior, 41(6), 1319-1320. https://doi.org/10.1007/s10508-012-0016-6 Edwards, R., & Holland, J. (2013). What forms can qualitative interviews take? In R. Edwards & J. Holland (Eds.), What is Qualitative Interviewing? (pp. 29-42). London: Bloomsbury Academic. https://library.oapen.org/handle/20.500.12657/58752 Eijk, C. van. (2014). Growing Access to Local Decision-Making? Explaining Variation among Dutch Municipalities in the Institutional Measures to Promote Citizen Participation. Journal of Urban Affairs, 36(2), 256-275. https://doi.org/10.1111/juaf.12033 Falanga, R., & Ferrão, J. (2021). The evaluation of citizen participation in policymaking: Insights from Portugal. Evaluation and Program Planning, 84, 101895. https://doi.org/10.1016/j.evalprogplan.2020.101895 25
s1084582 Masterthesis Bestuurskunde García-Espín, P. (2025). Can participatory democracy become “inclusive”? Class, mobilization and voice in participatory institutions. European Political Science Review, 17(2), 169-184. https://doi.org/10.1017/S1755773924000262 García-Espín, P., & Lancha-Hernández, E. (2025). The Professionalisation of Participatory Democracy: Class and Cultural Biases in Citizen Advisory Councils. Political Studies, 0(0), 123. https://doi-org.ru.idm.oclc.org/10.1177/00323217251319065 Gemeente Nijmegen. (2024). Ons samenwerken met de stad – Actieprogramma. Gemeenteraad Nijmegen Besluitvormende raadsvergadering 9 oktober 2024, agendapunt 4.7. https://nijmegen.bestuurlijkeinformatie.nl/Calendar Geurtz, C., & Wijdeven, T. van de. (2010). Making Citizen Participation Work: The Challenging Search for New Forms of Local Democracy in The Netherlands. Local Government Studies, 36(4), 531-549. https://doi.org/10.1080/03003930.2010.494110 Gherghina, S., & Geissel, B. (2018). An Alternative to Representation: Explaining Preferences for Citizens as Political Decision-Makers. Political Studies Review, 17(3), 224238. https://doi.org/10.1177/1478929918807713 Gray, D. E. (2018). Doing research in the real world (4th ed.). SAGE Publications. Hirschman, A. O. (1970). Exit, voice, and loyalty: responses to decline in firms, organizations, and states. Harvard University Press.
https://hdl.handle.net/2027/heb04043.0001.001 Holum, M. (2022). Citizen Participation: Linking Government Efforts, Actual Participation, and Trust in Local Politicians. International Journal of Public Administration, 46(13), 915–925. https://doi.org/10.1080/01900692.2022.2048667 Ianniello, M., Iacuzzi, S., Fedele, P., & Brusati, L. (2019). Obstacles and solutions on the ladder of citizen participation: a systematic review. Public Management Review, 21(1), 21-46. https://doi.org/10.1080/14719037.2018.1438499 Irvin, R. A., & Stansbury, J. (2004). Citizen Participation in Decision Making: Is It Worth the Effort? Public Administration Review, 64(1), 55-65. https://doi.org/10.1111/j.1540-6210.2004.00346.x Jäntti, A., & Kurkela, K. (2021). How Municipalities Can Enhance Citizen Participation? – Exploring the Views of Participants and Non-Participants. Scandinavian Journal of Public Administration, 25(1), 23-42. https://doi.org/10.58235/sjpa.v25i1.7126 Jeroense, T., & Spierings, N. (2022). Political participation profiles. West European Politics, 46(1), 123. https://doi.org/10.1080/01402382.2021.2017612 John, P. (2009). Can Citizen Governance Redress the Representative Bias of Political Participation? Public Administration Review, 69(3), 494-503. https://doi.org/10.1111/j.1540-6210.2009.01995.x
26
s1084582 Masterthesis Bestuurskunde Kern, A., & Hooghe, M. (2018). The effect of direct democracy on the social stratification of political participation: Inequality in democratic fatigue? Comparative European Politics 16(4), 724744. https://doi.org/10.1057/s41295-017-0093-y Klijn, E. H. (2008). Governance and Governance Networks in Europe: An assessment of ten years of research on the theme. Public Management Review, 10(4), 505-525. https://doi.org/10.1080/14719030802263954 Lowndes, V., Pratchett, L., & Stoker, G. (2001). Trends in Public Participation: Part 2 – Citizens' Perspectives. Public Administration, 79(2), 445-455. https://doi.org/10.1111/1467-9299.00264 Michels, A. (2011). Innovations in democratic governance: how does citizen participation contribute to a better democracy? International Review of Administrative Sciences, 77(2), 275-293. https://doi.org/10.1177/0020852311399851 Michels, A. (2012). Citizen Participation in Local Policy Making: Design and Democracy. International Journal of Public Administration, 35(4), 285-292. https://doi.org/10.1080/01900692.2012.661301 Michels, A., & Graaf, L. de. (2010). Examining Citizen Participation: Local Participatory Policy Making and Democracy. Local Government Studies, 36(4), 477-491. https://doi.org/10.1080/03003930.2010.494101 Nair, L. B., Gibbert, M., & Hoorani, B. H. (2023).
Combining Case Study Designs for Theory Building: A New Sourcebook for Rigorous Social Science Researchers. Cambridge University Press. https://doi-org.ru.idm.oclc.org/10.1017/9781009023283 Rusbult, C. E., Zembrodt, I. M., & Gunn, L. K. (1982). Exit, voice, loyalty, and neglect: Responses to dissatisfaction in romantic involvements. Journal of Personality and Social Psychology, 43(6), 1230-1242. https://doi.org/10.1037/0022-3514.43.6.1230 Sharp, E. B. (1984). "Exit, Voice, and Loyalty" in the Context of Local Government Problems. Western Political Quarterly, 37(1), 67-83. https://doi.org/10.1177/106591298403700106 Smaling, A. (2009). Generaliseerbaarheid in kwalitatief onderzoek. KWALON, 14(3), 5-12. https://doi.org/10.5117/2009.014.003.002 Tadili, J., & Fasly, H. (2019). Citizen participation in smart cities: a survey. SCA '19: Proceedings of the 4th International Conference on Smart City Applications, 10, 1-6. https://doi.org/10.1145/3368756.3368976 Thiel, S. van. (2014). Research Methods in Public Administration and Public Management: An Introduction (1st ed.). Routledge. https://doi.org/10.4324/9780203078525 Turnhout, E., Bommel, S. van, & Aarts, N. (2010). How participation creates citizens: participatory governance as performative practice. Ecology and Society, 15(4), 26. https://www.ecologyandsociety.org/vol15/iss4/art26/
27
s1084582 Masterthesis Bestuurskunde
28
s1084582 Masterthesis Bestuurskunde
Bijlage 1 Interviewguide
Kunt u wat over uzelf en uw werk vertellen?
Hoe heeft u binnen uw werk met participatie te maken gehad?
Zijn er mensen die volgens u ondervertegenwoordigd zijn bij inwonerparticipatie? o
Indien ja: welke type mensen zijn dat?
Wat zijn voor die mensen de redenen om niet te participeren?
Hoe denkt u dat de participatiedeelname verhoogd kan worden, vooral bij ondervertegenwoordigde groepen?
Heeft u digitale vormen van participatie gebruikt? o
Soms kan het inhoudelijke onderwerp van participatie best ingewikkeld zijn. Herkent u dat? o
Hoe gaat u daarmee om?
Heeft u het idee dat mensen die politiek geïnteresseerd zijn veel vaker bij participatie aanwezig zijn? o
Hoe is het gebruik van digitale vormen voor participatie?
Denkt u dat het opwekken van politieke interesse de participatiedeelname kan verhogen?
Wilt u zelf nog iets vertellen wat niet aan de orde is gekomen? Heb ik iets niet gevraagd wat ik wel had moeten vragen?
29
s1084582 Masterthesis Bestuurskunde
Bijlage 2 Tabel 1 De codeboom volgende uit de data-analyse Open code Aanpassen aan andermans contact Afspraken nakomen Betrouwbaarheid Eenvoud en duidelijkheid Eerlijkheid Gebruik digitale vormen Het belang in laten zien Laagdrempelig Laten voelen dat ze inspraak hebben Luisteren naar inwoners Meebewegen met inwoners Ondersteuning bieden Positief zijn Terugkoppeling Vertrouwen kweken Diversiteit aan manieren Meerdere communicatiemiddelen Toereikende communicatiemiddelen Langs de deuren Mensen opzoeken waar ze zijn Netwerken waar ze zich in bevinden Andere dingen oplossen Financiële tegemoetkoming Flexibiliteit Iets tegenover zetten Kinderopvang regelen Kortere verbintenis Risico’s wegnemen Subsidies Zekerheid Aanhaken op iets anders Activiteit aanbieden Een bankje neerzetten Een wijkkar Iets ludieks Inwonersavond in carrousel Met koffiekar staan en met mensen praten Springkussen neerzetten Direct contact In gesprek gaan Mensen bellen Persoonlijk contact Jongerenwerkers Organisaties uitnodigen Samenwerken met andere organisaties
Axiale code Dienstbaarheid richting inwoners
Selectieve code Inwoners bedienen
Gebruik meerdere vormen van uitnodigen Naar de mensen gaan Tegemoetkomen aan inwoners
Creatieve vormen om in gesprek te gaan
Een-op-eencontact met inwoners
Mensen aanspreken
Gebruik andere organisaties
Gebruik externe ambassadeurs met positief imago
30
s1084582 Masterthesis Bestuurskunde Ambassadeurs Positieve verhalen doorvertellen door inwoners Sleutelfiguur Vanuit inwoners zelf komen Zelforganisatie faciliteren Concrete plannen Klein onderdeel Op kleinere schaalgrote Projecten opdelen Gebruik Facebook Gebruik Instagram Gebruik LinkedIn Gebruik sociale media Gebruik TikTok Gebruik website Gebruik Werken in Gelderland Vragenlijst Bekendheid vergroten Brief aan huis Flyeren Gebruik krant Mensen informeren Communicatielijn Een prikkelende uitnodiging Schrijfstijl Taalgebruik
Gebruik inwoners als ambassadeurs Participatie vanuit de inwoners Concretiseren plannen
Laagdrempelig informeren en participeren
Digitale participatie en informatie
Mensen analoog informeren
Taal uitnodiging
31