Bijlage 2 bodemrapport
Tekst van het document
Ingenieurs met een verhaal.
BOOT organiserend ingenieursburo bv
Alle opdrachten worden aanvaard en uitgevoerd overeenkomstig de AV-BOOT 2016.
Verkennend bodemonderzoek Conform NEN 5740 en NEN 5707 LOCATIE
Nijmegen - Bachstraat 29 KADASTRALE GEMEENTE
Hatert SECTIE H , NUMMERS 994, 1858
OPDRACHTGEVER
Joep Burghouts Beheer B.V. Bachstraat 29 6521 EH Nijmegen
DATUM
28 januari 2019
DOCUMENTNUMMER
P18-0771-009
OPGESTELD DOOR
ing. E. Janssen
GEAUTORISEERD
ing. E.A. van Dam
PROJECTLEIDER
ing. E.A. van Dam
GEZIEN
BOOT organiserend ingenieursburo B.V. Plesmanstraat 5 3905 KZ Veenendaal WEBSITE
www.buroboot.nl
info@buroboot.nl
Titelpagina Verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740
SOORT ONDERZOEK
Verkennend bodemonderzoek conform NEN 5707 ONDERZOEKSLOCATIE
Nijmegen - Bachstraat 29
OPDRACHTGEVER
Joep Burghouts Beheer B.V. Bachstraat 29 6521 EH Nijmegen Telefoon: 024 3778545
CONTACTPERSOON
de heer A.H.A. van Vuuren
UITGEVOERD DOOR
BOOT organiserend ingenieursburo B.V. Plesmanstraat 5 3905 KZ Veenendaal
CONTACTPERSOON
ing. E.A. van Dam
DATUM VOORONDERZOEK
december 2018/januari 2019
DATUM VELDWERK
18 december 2018
DATUM PEILBUISBEMONSTERING
n.v.t.
VELDWERK DOOR
de heer E. Mendels de heer J.H.J. Janssen van Doorn
2001/2018
PROJECT DOCUMENTNUMMER
2 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Samenvatting Dit rapport beschrijft een verkennend bodemonderzoek en verkennend bodemonderzoek asbest die zijn uitgevoerd in opdracht van Joep Burghouts Beheer B.V. aan de Bachstraat 29 te Nijmegen. Aanleiding voor beide onderzoeken vormt de voorgenomen herontwikkeling en nieuwbouw van appartementen. Doel is het vaststellen van de bodemkwaliteit op de onderzoekslocatie. Tabel 1.1 Hypothese en resultaten ONDERZOEKSLOCATIE
STRATEGIE¹
Verkennend onderzoek
NEN 5740,ONV-NL
Perceel H, nrs 994, 1858
RESULTATEN2 GROND (WBB GENERIEK)
GROND
Cadmium*, kobalt*,
Cadmium, lood, zink,
koper*, kwik*, lood**,
PAK-totaal >LMW
zink***, PAK-totaal*, PCB*, minerale olie* Verkennend onderzoek asbest
NEN 5707, VED-HE
Perceel H, nrs 994, 1858
Zowel zintuiglijk als
n.o.
analytisch geen asbest aangetoond
1) ONV-NL
: onverdacht, niet lijnvormig
VED-HE
: verdacht, diffuse bodembelasting heterogeen verdeeld
2) PAK = Polycyclische aromatische koolwaterstoffen, PCB = Polychloorbifenylen, zie ook bijlage C
n.o.
: niet onderzocht
-
: <= AW2000 grond of streefwaarde grondwater/detectiegrens
*
: > AW2000 grond of > streefwaarde grondwater
**
: >½(AW2000 grond+I)-waarde of >½(S grondwater+I)-waarde
***
: >Interventiewaarde grond of grondwater
>LMW
: groter dan Lokale Maximale Waarde voor deelgebied (1900 – 1945 (traject 1)
Conclusie en aanbevelingen De licht verhoogde gehalten ter plaatse van het overig terreindeel (zware metalen en PAK-totaal) overschrijden de Lokale Maximale Waarden (deelgebied 1900 – 1945, traject 1) niet en geven vanuit de Wet bodembescherming geen noodzaak voor het uitvoeren van nader onderzoek en/of het treffen van sanerende maatregelen; Ter plaatse van de oostelijke perceelsgrens zijn licht verhoogde gehalten cadmium, PAK-totaal en minerale olie aangetoond. De licht verhoogde gehalten overschrijden de Lokale Maximale Waarden; Ter plaatse van de oostelijke perceelsgrens is bij boring 103 een matig tot sterk verhoogd gehalte lood en een sterk verhoogd gehalte zink aangetoond in de bodemlaag 0 – 0,9 meter minus maaiveld; Op het maaiveld is visueel en in de bodem is zowel visueel als analytisch geen asbest aangetoond. Vervolgonderzoek ten aanzien van asbest in de bodem is niet noodzakelijk;
PROJECT DOCUMENTNUMMER
3 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
De aangetoonde licht tot sterk verhoogde gehalten ter plaatse van de oostelijke perceelsgrens maken deel uit van het geval van bodemverontreiniging op perceel “Van Beethovenstraat 6, locatiecode NM026801674”. Op dit perceel heeft in 2014 een bodemsanering plaatsgevonden waarbij sterk verhoogde gehalten met koper, zink, PAK en PCB zijn verwijderd en een isolatielaag (leeflaag, 1 meter dikte) is gerealiseerd die voldoet aan de Lokale Maximale Waarde; De aangetoonde concentraties in de bodem zijn groter dan interventiewaarden en de Lokale Maximale Waarden vormen in milieuhygiënische zin mogelijk een belemmering voor de toekomstig planvorming en grondverzet; Ter plaatse van de oostelijke perceelsgrens zijn gehalten aangetoond die de Lokale Maximale Waarden en/of de interventiewaarden overschrijden. Deze gehalten maken deel uit van het geval van bodemverontreiniging op perceel Van Beethovenstraat 6, locatiecode NM026801674. Geadviseerd wordt om nader onderzoek uit te voeren, waarbij de begrenzing van het geval van bodemverontreiniging in beeld wordt gebracht; Indien het niet mogelijk is om bij de ontwikkeling van de locatie met een gesloten grondbalans te werken, dient grond van de locatie afgevoerd te worden. Alvorens dit materiaal elders toegepast kan worden, dient een partijkeuring conform het Besluit bodemkwaliteit uitgevoerd te worden.
Mogelijk kan in overleg met de gemeente een toepassing worden gezocht in het kader van actief bodembeheer (bodembeheerplan en bodemkwaliteitskaart).
PROJECT DOCUMENTNUMMER
4 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Inhoudsopgave 1
INLEIDING ............................................................................................................................................. 7 1.1
AANLEIDING.................................................................................................................... 7
1.2
DOELSTELLING ................................................................................................................ 7
1.3
AFBAKENING ................................................................................................................... 7
1.4
LEESWIJZER ..................................................................................................................... 8
2
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK .............................................................................. 9 2.1
AANLEIDING, DOELSTELLING EN ONDERZOEKSVRAGEN ............................................................. 9
2.2
LOCATIEGEGEVENS ......................................................................................................... 10
2.3
TERREINVERKENNING ...................................................................................................... 10
2.4
BODEM EN GEOHYDROLOGIE ............................................................................................ 10
2.5
BESCHIKBARE DOSSIERINFORMATIE ONDERZOEKSLOCATIE ...................................................... 11
2.6
BESCHIKBARE DOSSIERINFORMATIE DIRECTE OMGEVING ......................................................... 12
2.7
BRONVERMELDING ......................................................................................................... 13
2.8
CONCLUSIES VOORONDERZOEK EN ONDERZOEKSSTRATEGIE ................................................... 14
3
VELDWERKZAAMHEDEN ............................................................................................................ 16 3.1
UITVOERING VELDWERK ................................................................................................... 16
3.2
LABORATORIUMONDERZOEK ............................................................................................ 17
3.3
NORMERING .................................................................................................................. 18
3.4
KWALITEITSBORGING ...................................................................................................... 18
4
ONDERZOEKSRESULTATEN VERKENNEND BODEMONDERZOEK ...................... 19 4.1
BODEMOPBOUW EN GRONDWATER ..................................................................................... 19
4.2
VELDONDERZOEK ........................................................................................................... 19
4.3
LABORATORIUMONDERZOEK EN TOETSING .......................................................................... 20
4.4
RESULTATEN LABORATORIUMONDERZOEK EN VELDWERKONDERZOEK ....................................... 22
4.5
TOETSING ONDERZOEKSHYPOTHESE................................................................................... 22
5
ONDERZOEKSRESULTATEN VERKENNEND BODEMONDERZOEK ASBEST .... 23 5.1
VELDONDERZOEK ........................................................................................................... 23
5.2
LABORATORIUMONDERZOEK EN TOETSING .......................................................................... 23
5.3
BEPALING ASBESTCONCENTRATIE EN TOETSING .................................................................... 24
5.4
RESULTATEN LABORATORIUMONDERZOEK EN VELDONDERZOEK ............................................... 24
5.5
TOETSING ONDERZOEKSHYPOTHESE................................................................................... 24
6
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ...................................................................................... 25 6.1
CONCLUSIES ................................................................................................................. 25
6.2
AANBEVELINGEN ............................................................................................................ 25
PROJECT DOCUMENTNUMMER
5 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
BIJLAGEN A
: Topografische ligging : Situatietekening
B
: Beschrijving bodemopbouw
C
: Verklaring analysepakketten, analysecertificaten
D
: Analyse- en toetsresultaten
E
: Normering en certificering
F
: Verklaring onafhankelijkheid
G
: Gegevens historisch onderzoek
H
: Fotorapportage
PROJECT DOCUMENTNUMMER
6 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
1
Inleiding In opdracht van Joep Burghouts Beheer B.V. is door BOOT organiserend ingenieursburo een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd aan de Bachstraat 29 te Nijmegen. De onderzoekslocatie heeft een grootte van circa 3.154 m². Een overzicht van de locatie is weergegeven in bijlage A, blad 2. Het onderzoek is uitgevoerd in twee fasen. In de eerste fase is een vooronderzoek (conform NEN 5725) uitgevoerd. Aan de hand hiervan is de onderzoeksstrategie bepaald. In de tweede fase is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd conform NEN 5740 en NEN 5707. Het veldwerk is uitgevoerd onder erkenning van de BRL SIKB 2000. De laboratoriumanalyses zijn uitgevoerd conform AS 3000.
1.1
Aanleiding Aanleiding voor het verkennend onderzoek vormt de voorgenomen herontwikkeling van de onderzoekslocatie en nieuwbouw van appartementen (bestemmingsplanwijziging).
1.2
Doelstelling Doel van het verkennend bodemonderzoek is na te gaan of de bodem (met betrekking tot milieuhygiënische kwaliteit van de bodem) geschikt is voor het huidig en/of toekomstig gebruik of dat mogelijk een bedreiging van de volksgezondheid kan optreden. Doel van het verkennend bodemonderzoek asbest is om met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op de onderzoekslocatie een bodemverontreiniging met asbest aanwezig is. Op basis van de berekende asbestconcentratie kan een indicatieve uitspraak worden gedaan over het asbestgehalte in de bodem.
1.3
Afbakening Het uitgevoerde onderzoek betreft een verkennend bodemonderzoek en verkennend bodemonderzoek asbest. Bij een verkennend onderzoek wordt middels vooronderzoek, bestaande uit een historisch onderzoek en terreininspectie, in beeld gebracht of en zo ja waar verontreinigingen worden verwacht. Op basis hiervan wordt een strategie opgesteld voor het veldwerk. Het veldwerk bestaat uit een aantal boringen en asbestinspectiegaten, waarbij de visuele waarnemingen worden vastgelegd en een aantal representatieve mengmonsters worden samengesteld. Op basis van de resultaten wordt geconcludeerd of de verwachting uit het vooronderzoek juist is. Indien daartoe aanleiding is, dient aanvullend onderzoek te worden gedaan om vast te stellen of daadwerkelijk sprake is van een verontreiniging en wat de omvang daarvan is. Middels een verkennend onderzoek wordt beoordeeld of de bodem geschikt is voor het beoogde gebruik en/of een verontreiniging wordt verwacht. Het vaststellen van de bodemkwaliteitsklasse van de bodem voor toepassing elders maakt hiervan geen onderdeel uit.
PROJECT DOCUMENTNUMMER
7 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Het onderzoek is op een zorgvuldige wijze en door gekwalificeerd personeel uitgevoerd. De betrouwbaarheid van het onderzoek wordt hierbij beïnvloed door: Beschikbaarheid van historische informatie. Onvolledige historische informatie kan leiden tot een onjuiste onderzoeksstrategie; Het onderzoek wordt uitgevoerd conform een gestandaardiseerde methode. Op basis hiervan worden middels een steekproef, boringen geplaatst en asbestinspectiegaten gegraven en monsters genomen. Doordat de steekproefomvang afgeleid is van de norm wordt een betrouwbaar beeld van de bodemkwaliteit verkregen. Lokale afwijkingen van de bodemkwaliteit kunnen niet volledig worden uitgesloten; Het onderzoek betreft een momentopname. Eventuele toekomstige bodembedreigende activiteiten, calamiteiten (bijvoorbeeld brand of morsing van bodemvreemde vloeistoffen), sloopwerkzaamheden of bouwrijp maken en aanvoer van grond van elders kunnen de bodemkwaliteit (sterk) beïnvloeden. 1.4
Leeswijzer Hoofdstuk 2 beschrijft de resultaten van het vooronderzoek. De opzet van het veld- en laboratoriumonderzoek volgen in hoofdstuk 3. De resultaten van veldwerkzaamheden, laboratoriumonderzoek en de verontreinigingssituatie staan beschreven in hoofdstuk 4 en 5. In hoofdstuk 6 worden conclusies en eventuele aanbevelingen beschreven.
PROJECT DOCUMENTNUMMER
8 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
2
Milieuhygiënisch vooronderzoek In dit hoofdstuk wordt het kader van het vooronderzoek vastgesteld en relevante onderzoeksvragen voor zover als mogelijk beantwoord. Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5725:2017. Het vooronderzoek heeft betrekking op het deel van het perceel waar herontwikkeling is beoogd, gelegen aan de Bachstraat 29 te Nijmegen in het kader van bestemmingsplanwijziging.
2.1
Aanleiding, doelstelling en onderzoeksvragen De aanleiding en doelstelling voor het vooronderzoek wordt gevormd door het opstellen van de hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van het uitvoeren van een bodemonderzoek. Op basis van de aanleiding en de doelstelling van het vooronderzoek zijn een aantal onderzoeksvragen vastgesteld, conform de NEN 5725. De onderzoeksvragen dienen in het vooronderzoek zo goed als mogelijk te worden beantwoord. Wat is de afbakening van de locatie vooronderzoek en is deze voldoende? 1.
Is er sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn verdachte parameters?
2.
Is de bodem asbestverdacht?
3.
Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden?
4. 5.
Wat is de bodemopbouw en geohydrologie? Is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich?
6.
Is er sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar?
7.
Wordt op de locatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging vermoed? Zo ja, waar bevindt deze zich?
8.
Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk? Motiveer het antwoord.
9.
Welke hypothese en strategie zijn van toepassing bij de uitvoering van bodemonderzoek (inclusief de indeling van de onderzoekslocatie in deellocaties met verschillende hypotheses over de aard en verdeling van de verontreinigende stoffen)?
PROJECT DOCUMENTNUMMER
9 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
2.2
Locatiegegevens De onderzoekslocatie is gelegen in de wijk Altrade te Nijmegen op ongeveer 1 kilometer ten zuidoosten van het stadscentrum. De X-coördinaat op de Topografische Kaart van Nederland is voor de onderzoekslocatie 188.467 en de Y-coördinaat is 427.716. De topografische ligging is weergegeven in bijlage A, blad 1. De topografische ligging is weergegeven in bijlage A. Het terrein is in gebruik als bedrijfsruimte (klussenbedrijf / vastgoed onderhoud) met buitenterrein en parkeerplaatsen. Er zijn verhardingen aanwezig in de vorm van klinkers. Daarnaast is een halfverharding aanwezig in de vorm van puingranulaat. De locatie wordt omgeven door woningen en een park. In het verleden lijkt het terrein in gebruik geweest als landbouw of natuur. Vanaf de jaren ’50 is de huidige bebouwing aanwezig. In de jaren ’80 lijkt een kleine opstal te zijn gesloopt langs de noordelijke onderzoeksgrens op het terrein. Het oostelijk gelegen park is omstreeks 2013 - 2014 aangelegd, hiervoor is bebouwing gesloopt. Het voorgenomen toekomstige gebruik van de locatie is wonen (appartementen).
2.3
Terreinverkenning Voorafgaand aan het bodemonderzoek is op 18 december 2018 een terreinverkenning uitgevoerd. De onderzoekslocatie is in gebruik als bedrijfsruimte (klussenbedrijf / vastgoed onderhoud). De buitenruimte wordt gebruikt als stalling van aanhangers, schaftketen, bouwsteigers en als parkeerterrein. De terreinverharding bestaat grotendeels uit betonklinkers, daarnaast zijn gebakken klinkers, beton, stelconplaten, tegels en puingranulaat aanwezig. Een klein deel is onverhard en in gebruik als groenstrook/braakliggend terreindeel. De locatie wordt omgeven door woningen en een park. Tijdens de terreinverkenning zijn geen waarnemingen gedaan of aanvullende verdachte bronlocaties waargenomen die aanleiding geven om de opzet van het bodemonderzoek te veranderen. Tevens zijn tijdens de terreinverkenning geen aanwijzingen gevonden voor de aanwezigheid van asbestverdacht materiaal op het maaiveld ter plaatse van de onderzoekslocatie.
2.4
Bodem en geohydrologie De bodem ter plaatse bestaat uit zand met grind. Het freatisch grondwater bevindt zich op circa 30 meter beneden maaiveld. De regionale grondwaterstromingsrichting van het freatisch grondwater is noordwestelijk gericht. De lokale grondwaterstroming kan worden beïnvloed door de aanwezigheid van watergangen, rioolsleuven en grondwateronttrekkingen in de directe omgeving. In tabel 2.1 is een weergave gegeven van de regionale bodemopbouw.
PROJECT DOCUMENTNUMMER
10 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Tabel 2.1 Schematische weergave van de regionale bodemopbouw
PAKKET
DIEPTE (M -MV)
SAMENSTELLING
Formatie van Boxtel
0 - 0,3
Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, met weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind
Formatie van Drenthe
0,3 - 41
Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit grof en midden zand, met weinig zandige klei, fijn zand en grind en een spoor klei
Bron: TNO Dinoloket, december 2018
2.5
Beschikbare dossierinformatie onderzoekslocatie Hieronder is dossierinformatie weergegeven welke betrekking heeft op de onderzoekslocatie. Bodemloket Geen bijzonderheden Gemeente Nijmegen Verkennend bodemonderzoek Door: Oranjewoud Datum: januari 1996 Rapportnr.: 15009-82468 Ter plaatse van: huidige onderzoekslocatie Bijmenging: (iets)puin, enkele kooldeeltjes Resultaten verdachte locaties: opslag voorstrijkmiddelen: geen verhoogde waarden carboleumvat: licht verhoogd gehalte aan minerale olie olievlek op betonvloer in berging: geen verhoogde waarden voormalige wasplaats: licht verhoogde waarden PAK en metalen opslag van verf: licht verhoogde waarden metalen terreindeel met puinverharding: licht verhoogde waarden PAK en metalen voormalige bovengrondse huisbrandolietank (3.000l): geen verhoogde waarden Conclusie: Vanuit milieuhygiënisch oogpunt geen belemmeringen voor het gebruik als bedrijfsterrein. Verdachte bodemlocaties Activiteiten: onbekend bedrijf, C.M.S. Nijmegen B.V., start onbekend burgerlijk- en utiliteitsbouwbedrijf, CMS Nijmegen BV, start onbekend autoparkeer- en -stallingsbedrijf, Melkerij Lent / coop Nijmeegs, start 1977 autoreparatiebedrijf, Melkerij Lent / coop Nijmeegs, start 1977 timmerwerkplaats, C.H.M. Arts, start 1931
Bodemkwaliteitskaart / Bodemnota De locatie is gelegen in deelgebied 1900 - 1945: Bodemfuncieklasse: Wonen
PROJECT DOCUMENTNUMMER
11 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Bodemkwaliteitsklasse: Wonen Toepassingseis voor de partij toe te passen grond: Wonen
Bovengrondse opslagtank In het hierboven beschreven bodemonderzoek (Oranjewoud) staat een voormalige bovengrondse HBO-tank vermeld (3.000 liter). 2.6
Beschikbare dossierinformatie directe omgeving Hieronder is dossierinformatie weergegeven welke betrekking heeft op de directe omgeving van de onderzoekslocatie. Bodemloket Geen bijzonderheden Gemeente Nijmegen Bodemsanering Ter plaatse van het oostelijk gelegen park (Beethovenstraat 6) heeft in het verleden een bodemsanering plaatsgevonden in verband met sterke verontreinigingen met metalen, PAK en PCB in de bovengrond tot 0,7 meter beneden maaiveld. De volgende documenten liggen hier aan te grondslag: Verkennend en nader bodemonderzoek door Envita, september 2012 Aanvullend bodemonderzoek door Envita, februari 2013 Saneringsplan door Envita, april 2013 De evaluatie is opgesteld door Envita op 12 mei 2014 met kenmerk 202138-12/R03. Op de locatie is sprake van een leeflaagconstructie. Er is tevens sprake van een restverontreiniging (>Lokale Maximale Waarde) welke aan de Bachstraat 29 grenst. Verdachte bodemlocaties Noordelijk gelegen terrein, Groesbeeksedwarsweg 185: benzinepompinstallatie, start 1961 benzinetank ondergronds, start 1961 brandstofpomp, start onbekend benzinepompinstallatie, start 1961 schoenenfabriek, start 1954 schoenenfabriek, start 1961 schoenenfabriek, start 1972 Bodemonderzoeken: Verkennend en nader bodemonderzoek door Envita, september 2012 Aanvullend bodemonderzoek door Envita, februari 2013
PROJECT DOCUMENTNUMMER
12 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Opslagtanks Uit de lijst verdachte bodemlocaties blijkt dat aan de Groesbeeksedwarsweg 185 sprake is geweest van een ondergrondse benzine tank met pompinstallatie. Uit historische tekeningen is op te maken dat deze aan de zijde van de Groesbeeksedwarsweg was gesitueerd. Aangezien de situering niet direct aan de onderzoekslocatie grenst en voor wat betreft grondwater stroomafwaarts is gelegen wordt een verontreiniging afkomstig van dit gebruik niet verwacht. Onbekend is of de situatie inmiddels is gewijzigd. 2.7
Bronvermelding In tabel 2.2 is de bronvermelding weergegeven. De informatie is verder uitgewerkt in de volgende paragraven. Tabel 2.2 Bronvermelding ONDERZOEKSASPECTEN
BRON
Locatiegegevens
Terreininrichting
§2.3
(verharding / bebouwing)
Opdrachtgever
Gebruik (verleden, huidig,
Kadaster
toekomst)
Google Maps en Streetview
(Topografische) ligging en
Topotijdreis
omgeving Terrein
Terreininspectie Terreinverkenning
§2.4 Bodemopbouw
Bodemopbouw Dinoloket
en geohydrologie
Geohydrologie
Grondwatertools isohypsen
§2.5 Verwachting ten
Antropogene lagen in de
aanzien van de
bodem
bodemkwaliteit.
Geval van ernstige bodemverontreiniging?
Gebruik en
Kwaliteit op basis van
beïnvloeding van
Bodemkwaliteitskaart
de locatie,
Kwaliteit op basis van
verdachte
uitgevoerde
situatie,
bodemonderzoeken
activiteiten,
Gebiedsgerichte kwaliteit /
ongewoon
beleid
voorval.
Verdachte bronlocaties
§2.6
Restverontreiniging bodemsanering Asbestverdacht?
PROJECT DOCUMENTNUMMER
13 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Gemeente Nijmegen Bodemloket
2.8
Conclusies vooronderzoek en onderzoeksstrategie Middels het uitgevoerde vooronderzoek zijn de onderzoeksvragen zoals genoemd in paragraaf 2.1 zo goed als mogelijk beantwoord. De informatie welke van invloed is op de bepaling van de hypothese en onderzoeksstrategieën wordt hieronder weergegeven. - In het verleden (1996) is door Oranjewoud een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd onderzoek op het terrein. Daarbij zijn diverse verdachte activiteiten onderzocht. Van een aantal daarvan is niet bekend of de onderzochte verdachte activiteit is beëindigd voorafgaand aan het destijds uitgevoerde bodemonderzoek. De betreffende locaties, opslag voorstrijkmiddel, verfopslag, wasplaats en het carbolineum, worden geactualiseerd. De inspanning wordt gecombineerd uitgevoerd met de inspanning voor het overige terrein. - Ter plekke van de ontwikkelingslocatie zijn in het verleden bodemvreemde bijmengingen aangetroffen in de bodem, bestaande uit kolengruis en puin (tot ongeveer 110 cm beneden maaiveld). Daarnaast zijn licht verhoogde gehalten met zware metalen, minerale olie en PAK aangetroffen. Derhalve wordt het gehele terrein onderzocht volgens de strategie van een verdachte locatie met een heterogeen verspreidingsbeeld, niet lijnvormig, conform de NEN 5740 (VED-HE-NL) en NEN 5707 (VED-HE). - Op delen van het maaiveld is een halfverharding van puingranulaat aanwezig, aangelegd na 2000.
Verdere gegevens ontbreken en/of zijn niet meer aanwezig (bron: opdrachtgever). Het halfverhardingsmateriaal maakt geen deel uit van de bodem en wordt niet onderzocht. Zonder kwaliteitsgegevens is het halfverhardingsmateriaal verdacht ten aanzien van asbest; - Op het oostelijk gelegen aangrenzend terrein heeft in het verleden (2014) een bodemsanering plaatsgevonden. Hierbij zijn restverontreinigingen met PAK, PCB, koper en zink achtergebleven tegen de oostelijke perceelgrens. De concentraties bevinden zich globaal in de bodemlaag van 0 - 70 cm beneden maaiveld en overschrijden de LMW (Lokale Maximale Waarde). Om na te gaan of de restverontreinigingen perceelgrensoverschrijdend zijn wordt de verdachte strook langs de perceelgrens onderzocht volgens de strategie van een verdachte locatie met een heterogeen verspreidingsbeeld, niet lijnvormig, conform de NEN 5740 (VED-HE-NL). Uit het vooronderzoek blijkt dat ter plaatse van de onderzoekslocatie een mogelijk heterogeen verdeelde verontreiniging met zware metalen, PAK-totaal, PCB, minerale olie en/of asbest aanwezig is. De heterogeen verdeelde verontreiniging bevindt zich in de geroerde bodemlaag tot circa 1,0 meter minus maaiveld. Op het oostelijk gelegen terrein heeft in het verleden (2014) een bodemsanering plaatsgevonden.
Hierbij zijn restverontreinigingen met PAK, PCB, koper en zink achtergebleven tegen de oostelijke perceelgrens. De concentraties bevinden zich globaal in de bodemlaag van 0 – 0,7 meter minus maaiveld. Het grondwater bevindt zich op een diepte van circa 30 meter minus maaiveld. Voor de locatie is de hypothese ‘diffuse bodembelasting’ van toepassing. De onderzoekslocatie is niet lijnvormig. In tabel 2.3 is een overzicht weergegeven van de (deel)locaties, bijbehorende hypothese en verdachte parameters.
PROJECT DOCUMENTNUMMER
14 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Tabel 2.3 Overzicht deellocaties DEELLOCATIE
OPPERVLAKTE
HYPOTHESE
STRATEGIE¹
(M²) A
B
Perceel H, nrs. 994 en 1858
Perceel H, nrs. 994 en 1858
3.154
3.154
VERDACHTE PARAMETERS
verdacht
verdacht
NEN 5740
Zware metalen,
VED-HE-NL
minerale olie en PAK
NEN 5707
Asbest
VED-HE B
Verdachte strook oostelijke
110
verdacht
perceelsgrens
NEN 5740
PAK, PCB, koper en
VED-HE-NL
zink >LMW
1) ONV-NL
: onverdacht, niet lijnvormig, conform NEN 5740
VED-HE-AS : verdacht, diffuus belast heterogeen verdeeld, asbest, conform NEN 5707
PROJECT DOCUMENTNUMMER
15 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
3
Veldwerkzaamheden In dit hoofdstuk worden de veldwerk- en laboratoriumresultaten gepresenteerd.
3.1
Uitvoering veldwerk Het veldwerk is uitgevoerd op 18 december 2018. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn de volgende werkzaamheden verricht: een visuele beoordeling van de situatie ter plaatse (terreinverkenning); maaiveldinspectie (conform NEN 5707) op aanwezigheid asbestverdachte materialen; verrichten van twintig handboringen onder OCE begeleiding/vrijgave; graven van twaalf asbestinspectiegaten van 0,3 x 0,3 meter tot minimaal 100 cm-mv (nrs. G001 t/m G012) onder OCE begeleiding/vrijgave; doorboren tweetal inspectiegaten (nrs. G003 en G005) met behulp van een grondboor met een diameter van 12 cm tot de ongeroerde bodem met een maximale diepte van 2,0 m-mv; systematische inspectie ontgraven materiaal op aanwezigheid van asbest met behulp van een zeef of hark (>20 mm); het zintuiglijk beoordelen van het bij de boringen vrijgekomen bodemmateriaal op eventuele aanwezigheid van verontreinigingen; bemonstering van het opgeboorde bodemmateriaal; samenstellen van grondmengmonsters van bodemmateriaal afkomstig van de verdachte bodemlaag (0 – 0,5 m-mv) ten behoeve van asbestanalyses; het inmeten van de bemonsteringslocaties middels GPS (RTK-GPS) of handmatig. Tabel 3.1 Deellocaties met boringen en asbestinspectiegaten DEELLOCATIE
NUMMERING MONSTERPUNTEN BORING MET PEILBUIS
1
BORING
BORING
ASBESTINSPECTIE
DIEP
ONDIEP
GATEN
A
Geheel perceel
-
001 t/m 003
004 t/m
-
B
Geheel perceel, asbest
-
G02 t/m G04
-
G01 t/m G06
C
Oostelijk perceelgrens
-
101 t/m 105
-
-
015
De boorlocaties zijn weergegeven in bijlage A, blad 2. Het grondwater is niet bemonsterd, vanwege het voorkomen op een diepte van meer dan 5,0 m-mv. Informatie met betrekking tot diepte grondwaterspiegel is afkomstig uit het vooronderzoek.
PROJECT DOCUMENTNUMMER
16 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
3.2
Laboratoriumonderzoek Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd door Eurofins Analytico B.V. Een overzicht van de samenstelling van de verschillende grond(meng)monsters inclusief dieptes met bijbehorende chemische analyses is weergegeven in tabel 3.2. Tabel 3.2 Overzicht samenstelling grondmonsters en analyseparameters DL1
(MENG-)
BORINGNUMMER(S)
MM001
ANALYSE2
REDEN MONSTERSELECTIE
Standaardpakket
Verdachte bodemlaag met
grond, incl.
zwak/sporen/resten
(CM-MV)
MONSTER
A
DIEPTE
001, 006, 007, 009
15 - 65
bijmenging bodemvreemd materiaal A
MM002
002, 011
25 - 100
Standaardpakket
Verdachte bodemlaag met
grond, incl.
sterke bijmenging
Standaardpakket
Verdachte bodemlaag met
grond, incl.
zwak/sporen/resten
bodemvreemd materiaal A
MM003
003, 012, 015
40 - 80
bijmenging bodemvreemd materiaal A
MM004
003, 006, 007, 008,
60 - 140
009, 012, 013, 014,
Standaardpakket
Zand, matig grof, zwak
grond, incl.
siltig zonder bodemvreemd
015 A
M004.1
004
materiaal 4 - 40
Standaardpakket
Verdachte bodemlaag met
grond, incl.
zwakke bijmenging slakken, kolengruis en overig bodemvreemd materiaal
B
VE001
G001, G003, G004,
4 - 80
Asbest in grond
B
VE002
NEN 5898
t.a.v. asbest
G002
25 - 40
Asbest in grond
Verdachte bodemlaag
B
NEN 5898
t.a.v. asbest
VE003
G005, G006, G008,
15 - 70
Asbest in grond
Verdachte bodemlaag
NEN 5898
t.a.v. asbest
B
VE004
G011
75 - 100
Asbest in grond
Verdachte bodemlaag
NEN 5898
t.a.v. asbest
C
MM101
102, 104, 105
0 - 50
Standaardpakket
Verdachte bodemlaag met
grond, incl.
zwak/resten bijmenging
G007, G012
G009, G010
Verdachte bodemlaag
bodemvreemd materiaal C
MM102
103
0 - 90
Standaardpakket
Verdachte bodemlaag met
grond, incl.
zwakke bijmenging slakken, kolengruis en baksteen
C
M103.1
103
0 - 50
Lood, zink
Uitsplitsing MM102
C
M103.2
103
50 - 90
Lood, zink
Uitsplitsing MM102
C
M103.3
103
90 - 120
Lood, zink, incl.
Uitsplitsing MM102
PROJECT DOCUMENTNUMMER
17 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
1) Deellocatie A, geheel onderzoekslocatie Deellocatie B, geheel onderzoekslocatie, asbest Deellocatie C, oostelijk perceelsgrens 2) zie bijlage C, incl. = inclusief organisch stof- en lutumgehalte
3.3
Normering Het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd conform NEN 5740: Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond. Het verkennend onderzoek asbest is uitgevoerd conform NEN 5707: Bodem - Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond. Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000 (beoordelingsrichtlijn voor het SIKB procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek). De laboratoriumanalyses (chemische parameters) zijn uitgevoerd conform de AS3000. De laboratoriumanalyses (asbest) zijn uitgevoerd conform NEN 5898.
3.4
Kwaliteitsborging Het procescertificaat van BOOT organiserend ingenieursburo (nr. VB-007) en het hierbij behorende keurmerk (BRL SIKB 2000) zijn van toepassing op de activiteiten inzake het milieukundig veldwerk, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, en de overdracht van de monsters aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. Het onderzoek is op een zorgvuldige werkwijze en door gekwalificeerd personeel uitgevoerd. Om de onafhankelijkheid van het onderzoek te waarborgen, verklaart BOOT organiserend ingenieursburo onafhankelijk te zijn ten aanzien van opdrachtgever en projectlocatie.
PROJECT DOCUMENTNUMMER
18 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
4
Onderzoeksresultaten verkennend bodemonderzoek In dit hoofdstuk worden de resultaten voortvloeiend uit het veldwerk en chemische analyse inclusief toetsing gepresenteerd. Voor een verdere uitwerking voor asbest wordt verwezen naar het volgende hoofdstuk.
4.1
Bodemopbouw en grondwater Bodemgesteldheid In tabel 4.1 is een overzicht van de aangetroffen bodemopbouw weergegeven. De bodembeschrijving per boring is weergegeven in bijlage B. Tabel 4.1 Bodemopbouw BODEMLAAG
BODEMTYPE
(CM-MV)
4.2
0 – 40
Verharding en cunetlaag
40 – 100
Zand, matig grof, zwak tot matig grindig met bodemvreemde bijmengingen
100 – 140
Zand, uiterst grof, zwak grindig
Veldonderzoek Grond Tijdens uitvoering van de veldwerkzaamheden is op diverse plaatsen bodemvreemd materiaal in de bodem aangetroffen. Een overzicht hiervan is weergegeven in tabel 4.2. Tabel 4.2 Zintuiglijke waarnemingen DL ¹
BORING
TRAJECT (CM-MV)
BIJZONDERHEDEN
A/B
001/G001
0 - 20
volledig menggranulaat
A/B
001/G001
20 - 30
sporen baksteen
A/B
001/G001
30 - 50
zwak baksteen, sporen beton, resten slakken
A/B
002/G002
25 - 40
sterk baksteen, resten beton, resten ijzer, zwak metselpuin
A/B
002/G002
40 - 50
sporen baksteen, resten beton, sporen metselpuin
A/B
002/G002
50 - 100
sporen kalk, zwak keien
A/B
003/G003
40 - 80
zwak baksteen, resten leisteen
A/B
004/G004
4 - 40
zwak baksteen, resten beton, zwak kolengruis, zwak slakken
A/B
005/G005
15 - 50
sporen baksteen
A/B
005/G005
50 - 80
sporen baksteen, resten leisteen
A/B
006/G006
20 - 40
sporen baksteen, sporen kolengruis
A/B
007/G007
0 - 15
volledig menggranulaat
A/B
007/G007
15 - 65
zwak baksteen, sporen kolengruis
A/B
008/G008
0 - 30
matig grind, uiterst menggranulaat
A/B
008/G008
30 - 65
sporen baksteen
A/B
009/G009
40 - 60
sporen baksteen, zwak keien, sporen kolengruis
A/B
010/G010
20 - 50
resten baksteen, resten hout, resten ijzer
A/B
010/G010
50 - 70
resten aardewerk, sporen baksteen
A/B
011/G011
0 - 15
sporen baksteen
A/B
011/G011
50 - 75
resten slakken
A/B
011/G011
75 - 100
zwak baksteen, brokken beton, sterk metselpuin
PROJECT DOCUMENTNUMMER
19 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
DL ¹
BORING
TRAJECT (CM-MV)
BIJZONDERHEDEN
A/B
012/G012
40 - 50
zwak baksteen, matig leisteen
A/B
012/G012
50 - 80
sporen baksteen
A
013
0-9
volledig beton
A
013
9 - 20
resten metselpuin
A
013
20 - 50
sporen baksteen, resten bot
A
014
0 - 23
volledig beton
A
014
23 - 50
resten baksteen, zwak keien, resten leisteen
A
015
0 - 9,5
volledig beton
A
015
9,5 - 50
resten aardewerk, sporen baksteen
A
015
50 - 80
zwak baksteen
C
102
10 - 50
zwak baksteen, resten beton
C
103
0 - 90
resten baksteen, sporen kolengruis, zwak slakken
C
104
0 - 20
zwak baksteen
C
104
20 - 30
zwak baksteen
C
105
10 - 50
zwak baksteen, resten beton, resten glas
1) Deellocatie A, geheel onderzoekslocatie Deellocatie B, geheel onderzoekslocatie, asbest Deellocatie C, oostelijk perceelsgrens
De zintuiglijke waarnemingen hebben geen aanleiding gegeven de onderzoeksstrategie aan te passen. Wel is rekening gehouden in de mengmonstersamenstelling met het zintuiglijk aangetroffen bodemvreemd materiaal. De mengmonsters zijn samengesteld uit grondmonsters met gelijkwaardige bijmengingen. 4.3
Laboratoriumonderzoek en toetsing Toetsing Wet bodembescherming (Wbb) De analysecertificaten van het laboratorium zijn weergegeven in bijlage C, evenals een verklaring van de analysepakketten. De gemeten waarden worden gecorrigeerd op basis van het gehalte lutum en organische stof. De gecorrigeerde waarde wordt de gestandaardiseerde meetwaarden (=GSSD) genoemd. De gestandaardiseerde meetwaarde wordt getoetst aan de achtergrondwaarde grond (AW2000 grond) en interventiewaarden, zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. De toetsingswaarden zijn als volgt gedefinieerd: Tabel 4.3 Toetsingswaarden TOETSINGSWAARDEN1
TOELICHTING
Achtergrondwaarde (AW)
Bodem ijkpunt voor de milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande
Interventiewaarde (I)
Het gehalte aan een stof waarbij de functionele eigenschappen voor de
van verwaarloosbare risico’s voor het ecosysteem.
mens, dier en plant ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd. 1)
PROJECT DOCUMENTNUMMER
20 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
In de praktijk wordt vaak het rekenkundig gemiddelde van de achtergrondwaarde en interventiewaarde gebruikt als toetswaarden waarvoor aanvullend en/of nader bodemonderzoek noodzakelijk wordt geacht. Dit rekenkundig gemiddelde wordt de tussenwaarde genoemd.
Bij toetsing van de grondmonsters is voor sommige (som)parameters de achtergrondwaarde hoger dan de vereiste rapportagegrens AS3000. In voornoemd geval wordt conform bijlage G van de Regeling bodemkwaliteit en conform bijlage 1 van de Circulaire bodemsanering de rapportagegrens als Achtergrondwaarde grond aangehouden. Bij somparameters geldt dit alleen als de waarden waarmee gerekend wordt lager zijn dan de rapportagegrens. Grond In tabel 4.4 zijn de verhoogde parameters na toetsing van de geanalyseerde grondmonsters weergegeven. Tabel 4.4 Overzicht toetsresultaten grond(meng)monsters DL1
(MENG-)
BORINGNUMMER(S)
MONSTER
A
MM001
001, 006, 007, 009
DIEPTE
TOETSING²
TOETSING
(CM-MV)
WBB
LMW
15 - 65
koper (57)*, kwik (0,43)*, lood
-
(196)* A
MM002
002, 011
25 - 100
koper (40)*, kwik (0,3)*, lood
-
(129)*, zink (190)*, PAK-totaal (2,8)* A
MM003
003, 012, 015
40 - 80
koper (56)*, kwik (0,6)*, lood
-
A
MM004
003, 006, 007, 008,
60 - 140
-
-
4 - 40
kwik (0,46)*, lood (284)*, PAK-
-
(242)*, PAK-totaal (2,4)*
009, 012, 013, 014, 015 A
M004.1
004
totaal (4,2)* C
MM101
102, 104, 105
0 - 50
kobalt (17,2)*, koper (46)*,
PAK-totaal >LMW
kwik (0,44)*, lood (251)*, zink (401)*, minerale olie (1023)*, PAK-totaal (17)* C
MM102
103
0 - 90
cadmium (1,8)*, koper (51)*,
Cadmium, zink,
kwik (0,44)*, lood (353)**, zink
PAK-totaal >LMW
(825)***, minerale olie (210)*, PAK-totaal (20)*, PCB (0,024)* C
M103.1
103
0 - 50
Lood (2777)***, zink (1371)***
Lood, zink >LMW
C
M103.2
103
50 - 90
Lood (355)**, zink (1326)***
Zink >LMW
C
M103.3
103
90 - 120
Lood (34)-, zink (144)*
-
1) Deellocatie A, geheel onderzoekslocatie Deellocatie B, geheel onderzoekslocatie, asbest Deellocatie C, oostelijk perceelsgrens 2) PAK = Polycyclische aromatische koolwaterstoffen, PCB = Polychloorbifenylen, zie ook bijlage C
PROJECT DOCUMENTNUMMER
21 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
-
: <= detectiegrens/achtergrondwaarde
*
: > achtergrondwaarde
**
: > tussenwaarde
***
: > interventiewaarde
De overige parameters, waarop de grondmonsters zijn onderzocht, zijn niet met verhoogde concentraties ten opzichte van de achtergrondwaarden grond aangetroffen. In bijlage D zijn de gemeten concentraties, de toetswaarden en de toetsresultaten weergegeven. 4.4
Resultaten laboratoriumonderzoek en veldwerkonderzoek Verdachte bodemlaag, geheel perceel In de verdachte bodemlaag op het perceel overschrijden enkele zware metalen en PAKtotaal de achtergrondwaarden. De verhoogde achtergrondwaarden (generiek kader, Wbb) overschrijden de Lokale Maximale Waarden (LMW) voor deelgebied 1900 – 1945, traject 1) niet. Verdachte bodemlaag, oostelijk perceelsgrens In de verdachte bodemlaag ter plaatse van de oostelijke perceelsgrens overschrijden enkele zware metalen en PAK-totaal de achtergrondwaarden. In mengmonster MM102 is lood matig en zink sterk verhoogd aangetroffen. De matig tot sterk verhoogde gehalten hebben aanleiding gegeven om de deelmonsters uit mengmonster MM102, separaat te analyseren. In deelmonster M103.1 zijn de concentraties lood en zink sterk verhoogd aangetoond. In deelmonster M103.2 is lood matig en zink sterk verhoogd aangetroffen. In deelmonster M103.3 is alleen zink licht verhoogd aangetoond. De licht verhoogde achtergrondwaarden (generiek kader, Wbb) cadmium en PAK-totaal uit mengmonster MM101 en MM102 overschrijden de Lokale Maximale Waarden (LMW) voor deelgebied 1900 – 1945, traject 1). De sterk verhoogde gehalten in de separate deelmonsters overschrijden de Lokale Maximale Waarden. Ondergrond In de ondergrond (MM004) overschrijden geen van de onderzochte parameters de achtergrondwaarden en/of Lokale Maximale Waarden.
4.5
Toetsing onderzoekshypothese De gehanteerde onderzoekshypothese “verdachte locatie” wordt hiermee aangenomen.
PROJECT DOCUMENTNUMMER
22 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
5
Onderzoeksresultaten verkennend bodemonderzoek asbest In dit hoofdstuk worden de resultaten voortvloeiend uit het veldwerk en asbestanalyses inclusief toetsing gepresenteerd.
5.1
Veldonderzoek Maaiveldinspectie Voorafgaand aan de graafwerkzaamheden is een maaiveldinspectie uitgevoerd. Op basis van de maaiveldinspectie kan de onderzoeklocatie worden opgedeeld in homogene deellocaties, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen verdachte en onverdachte deellocaties. Doel van de maaiveldinspectie is om de oppervlakte van de verdachte locaties zoveel mogelijk in te perken. Vanwege inspectiebelemmerende bebouwing en verhardingen kon het maaiveld voor minder dan 50% worden geïnspecteerd. Uitgangspunt in de NEN 5707 is dat bij een inspectie-efficiëntie lager dan 50% de waarde van een maaiveldinspectie onvoldoende is om een kwantitatieve uitspraak te doen over het asbestgehalte in de toplaag. Derhalve blijft het maaiveld van de onderzoekslocatie als verdacht aangemerkt. Op het te inspecteren terreindeel is visueel echter geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Inspectie en monsterneming bodem De asbestinspectiegaten zijn gelijkmatig over de onderzoekslocatie verdeeld en zijn handmatig gegraven in de verdachte bodemlaag tot op de onverdachte ondergrond. Ter plaatse van de bebouwing en gesloten verhardingen zijn geen asbestinspectiegaten gegraven. Tijdens uitvoering van de veldwerkzaamheden is in de bodem geen asbestverdacht materiaal in de bodem aangetroffen. De inspectie-efficiëntie van het vrijkomende bodemmateriaal bedraagt 100%.
5.2
Laboratoriumonderzoek en toetsing De landelijke norm voor asbest in grond, bodem en puingranulaat is vastgesteld op 100 mg/kg gewogen (serpentijnconcentratie vermeerderd met tienmaal de amfibool concentratie). De interventiewaarde voor asbest (100 mg/kg ds) is opgenomen in bijlage 1 van de Circulaire bodemsanering 2009, zoals gewijzigd per 1 juli 2013. In NEN 5707 wordt onderscheidt gemaakt tussen asbest op maaiveld en asbest in de bodem. De gewogen waarden voor asbest op maaiveld en in de bodem worden separaat getoetst aan de interventiewaarde. In het stadium van een verkennend bodemonderzoek wordt de berekende asbestconcentratie gezien als een indicatief gehalte per te onderscheiden (deel)locatie. Indien het gewogen gehalte aan asbest kleiner is dan de helft van de interventiewaarde is verder onderzoek niet noodzakelijk en is het statistisch aannemelijk dat de interventiewaarde ook in een nader onderzoekstraject niet zal worden overschreden.
PROJECT DOCUMENTNUMMER
23 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Zowel op maaiveld als in de vrijkomende grond is visueel geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Analytisch is geen asbesthoudend materiaal in de aangeleverde grondmonsters aangetoond. De analysecertificaten met de bepaalde asbestconcentraties zijn weergegeven in bijlage C. 5.3
Bepaling asbestconcentratie en toetsing Resultaten asbestberekening maaiveld Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Hierdoor is een berekening van het asbestgehalte van het maaiveld niet nodig. Verdachte bodemlaag (0 – 0,50 m-mv) Het berekenen van de asbestconcentratie in deze onderzoeksfase (verkennend onderzoek) heeft als doel het vaststellen of voortzetting naar een nader onderzoek asbest noodzakelijk is. In de verdachte bodemlagen is zowel visueel als analytisch geen asbestverdacht materiaal aangetoond. Een berekening van het asbestgehalte in de bodem is hierdoor niet nodig. Tabel 5.1 Gewogen asbestconcentratie en toetsing in de bodem (MENG-)
INSPECTIEGAT
MONSTER
TRAJECT
GEWOGEN CONCENTRATIE
GEWOGEN
(CM-MV)
(MG/KG D.S.)
GEHALTE
> ½ INTERVENTIEWAARDE?
FRACTIE
FRACTIE
<20MM
>20MM
TOTAAL¹
VE001
G001, G003, G004, G007, G012
4 - 80
<0,1
0
<0,1
Nee
VE002
G002
25 - 40
<0,1
0
<0,1
Nee
VE003
G005, G006, G008, G009, G010
15 - 70
<0,9
0
<0,9
Nee
VE004
G011
75 - 100
<0,1
0
<0,1
Nee
1)
5.4
-
: geen asbest gemeten
*
: tussen 0 en 50 mg/kg ds
***
: groter dan 50 mg/kg ds (overschrijding grenswaarde NEN 5897/ ½ x interventiewaarde NEN 5707)
Resultaten laboratoriumonderzoek en veldonderzoek Maaiveld Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Verdachte bodemlaag In de verdachte bodemlagen is zowel visueel als analytisch geen asbestverdacht materiaal aangetoond.
5.5
Toetsing onderzoekshypothese De gehanteerde onderzoekshypothese “verdachte locatie” wordt hiermee verworpen.
PROJECT DOCUMENTNUMMER
24 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
6
Conclusies en aanbevelingen In dit hoofdstuk zijn de conclusies en aanbevelingen opgenomen.
6.1
Conclusies Uit het uitgevoerd bodemonderzoek kan het volgende worden geconcludeerd: De licht verhoogde gehalten ter plaatse van het overig terreindeel (zware metalen en PAK-totaal) overschrijden de Lokale Maximale Waarden (deelgebied 1900 – 1945, traject 1) niet en geven vanuit de Wet bodembescherming geen noodzaak voor het uitvoeren van nader onderzoek en/of het treffen van sanerende maatregelen; Op het maaiveld is visueel en in de bodem is zowel visueel als analytisch geen asbest aangetoond. Vervolgonderzoek ten aanzien van asbest in de bodem is niet noodzakelijk; Ter plaatse van de oostelijke perceelsgrens zijn licht verhoogde gehalten cadmium, PAK-totaal en minerale olie aangetoond. De licht verhoogde gehalten overschrijden de Lokale Maximale Waarden; Ter plaatse van de oostelijke perceelsgrens is bij boring 103 een matig tot sterk verhoogd gehalte lood en een sterk verhoogd gehalte zink aangetoond in de bodemlaag 0 – 0,9 meter minus maaiveld; De aangetoonde licht tot sterk verhoogde gehalten ter plaatse van de oostelijke perceelsgrens maken deel uit van het geval van bodemverontreiniging op perceel “Van Beethovenstraat 6, locatiecode NM026801674”.
Op dit perceel heeft in 2014 een bodemsanering plaatsgevonden waarbij sterk verhoogde gehalten met koper, zink, PAK en PCB zijn verwijderd en een isolatielaag (leeflaag, 1 meter dikte) is gerealiseerd die voldoet aan de Lokale Maximale Waarde; De aangetoonde concentraties in de bodem zijn groter dan interventiewaarden en de Lokale Maximale Waarden vormen in milieuhygiënische zin mogelijk een belemmering voor de toekomstig planvorming en grondverzet.
6.2
Aanbevelingen Ter plaatse van de oostelijke perceelsgrens zijn gehalten aangetoond die de Lokale Maximale Waarden en/of de interventiewaarden overschrijden. Deze gehalten maken deel uit van het geval van bodemverontreiniging op perceel Van Beethovenstraat 6, locatiecode NM026801674. Geadviseerd wordt om nader onderzoek uit te voeren, waarbij de begrenzing van het geval van bodemverontreiniging in beeld wordt gebracht; Op delen van het maaiveld is een halfverharding van puingranulaat aanwezig, aangelegd na 2000. Verdere gegevens ontbreken en/of zijn niet meer aanwezig (bron: opdrachtgever). Het halfverhardingsmateriaal maakt geen deel uit van de bodem en wordt niet onderzocht. Zonder kwaliteitsgegevens is het halfverhardingsmateriaal verdacht ten aanzien van asbest. Bij voorgenomen werkzaamheden ter plaatse van het halfverhardingsmateriaal en/of hergebruik/afvoer wordt geadviseerd onderzoek uit te voeren naar het gehalte asbest in het materiaal
PROJECT DOCUMENTNUMMER
25 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Indien het niet mogelijk is om bij de ontwikkeling van de locatie met een gesloten grondbalans te werken, dient grond van de locatie afgevoerd te worden. Alvorens dit materiaal elders toegepast kan worden, dient een partijkeuring conform het Besluit bodemkwaliteit uitgevoerd te worden. Mogelijk kan in overleg met de gemeente een toepassing worden gezocht in het kader van actief bodembeheer (bodembeheerplan en bodemkwaliteitskaart).
PROJECT DOCUMENTNUMMER
26 / 26
REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Bijlage A blad 1: blad 2:
PROJECT DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Topografische ligging Situatietekening en monsterpunten
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
TOPOGRAFISCHE LIGGING Bijlage: A Blad: 1
PROJECT DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Van: 3
Opdrachtgever
: Joep Burghouts Beheer B.V.
Projectnaam
: Nijmegen, Bachstraat 29
Projectnummer
: P18-0771
Nijmegen, Bachstraat 29 Datum P18-0771-009 28 januari 2019
: 28 januari 2019
Bijlage B Beschrijving bodemopbouw
PROJECT DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM
Nijmegen, Bachstraat 29 P18-0771-009 28 januari 2019
Boring: 001-
Boring: 002-
Boring: 003-
Datum:
Datum:
Datum:
18-12-2018
0
0 1
puin Volledig menggranulaat, Schep
30
3 50
50
0
0
6
1
20
2
18-12-2018
25
Zand, matig grof, zwak siltig, sporen baksteen, licht grijsbeige, Edelmanboor Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, resten slakken, zwak baksteenhoudend, sporen beton, donkerbruin, Edelmanboor, gestaakt op keien
2 40
50
3
50
Zand, zeer grof, matig grindig, zwak siltig, licht geelbeige, Edelmanboor Zand, zeer grof, sterk grindig, zwak humeus, zwak siltig, sterk baksteenhoudend, resten beton, zwak metselpuinhoudend, resten ijzer, neutraalbruin, Edelmanboor
100
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sporen kalk, zwak keien, donker geelbruin, Edelmanboor
0
0
7
40
2 80
100
100
Boring: 005-
Boring: 006-
Datum:
Datum:
0 4
0
1 40
50
2
50
1
Zand, matig grof, matig grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak slakhoudend, zwak kolengruishoudend, resten beton, zwak baksteenhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor
100
0
0
9 15
2 50
50 3
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak wortelhoudend, zwak keien, neutraalbruin, Edelmanboor
3
100
tegel Volledig tegel
80
4 100
Onderwerp: Boorbeschrijving Opdrachtgever: Joep Burghouts Beheer B.V. Projectnaam: Nijmegen - Bachstraat 29 Projectcode: P18-0771 Pagina 1 van 4 d.d. 18-12-2018
100
klinker Volledig klinkers
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak siltig, licht geelbeige, Edelmanboor
3
Datum:
18-12-2018
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, zwak keien, resten leisteen, donkerbruin, Edelmanboor
50
Boring: 00418-12-2018
klinker Volledig klinkers Zand, zeer grof, matig grindig, zwak siltig, zwak keien, neutraalbeige, Schep
1
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sporen baksteen, resten beton, sporen metselpuin, neutraalbruin, Edelmanboor
4
100
klinker Volledig klinkers
18-12-2018
18-12-2018
0
0
8
Zand, zeer grof, zwak siltig, neutraal beigegeel, Edelmanboor
1
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, resten dakpan, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor
2
20
40
50
3 60
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sporen baksteen, resten leisteen, donkerbruin, Edelmanboor
4
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak siltig, donkergeel, Edelmanboor 100
klinker Volledig klinkers Zand, uiterst grof, zwak grindig, zwak siltig, donkerbeige, Edelmanboor Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sporen baksteen, sporen kolengruis, zwak keien, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, zeer grof, zwak grindig, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor
100
Boring: 007-
Boring: 008-
Boring: 009-
Datum:
Datum:
Datum:
18-12-2018
0
0 1
puin Volledig menggranulaat, Schep
1
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, sporen kolengruis, donkerbruin, Edelmanboor
2
0
0
15
50
18-12-2018
puin Uiterst menggranulaat houdend, matig grindhoudend, zwak zandhoudend, grijsbruin, Edelmanboor
8
40
50
2 60
65
65
Zand, zeer grof, zwak grindig, zwak siltig, neutraal bruingeel, Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak grindig, zwak siltig, sporen roest, licht geelbeige, Edelmanboor
3
klinker Volledig klinkers Zand, zeer grof, sterk grindig, zwak siltig, lichtbeige, Edelmanboor
1 Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor
2
0
0
30
50
18-12-2018
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sporen kolengruis, sporen baksteen, zwak keien, donkerbruin, Edelmanboor Zand, zeer grof, zwak grindig, zwak siltig, neutraal geelbeige, Edelmanboor
3
3 100
100
100
100
100 115
4 140
Zand, uiterst grof, zwak grindig, zwak siltig, resten keien, neutraalgeel, Edelmanboor, gestaakt op onbekend harde laag.
Boring: 010-
Boring: 011-
Boring: 012-
Datum:
Datum:
Datum:
18-12-2018
0
0
8
1
20
2 50
50 3
70
klinker Volledig klinkers
18-12-2018
0
0 1
15
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, resten hout, resten ijzer, zwak keien, resten baksteen, donkerbruin, Edelmanboor
2 50
50
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sporen baksteen, resten aardewerk, neutraal geelbruin, Edelmanboor, gestaakt op keien
3 75
4 100
Onderwerp: Boorbeschrijving Opdrachtgever: Joep Burghouts Beheer B.V. Projectnaam: Nijmegen - Bachstraat 29 Projectcode: P18-0771 Pagina 2 van 4 d.d. 18-12-2018
100
groenstrook Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sterk wortelhoudend, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig grof, zwak grindig, zwak siltig, zwak keien, neutraalbeige, Edelmanboor
0
0
7
klinker Volledig klinkers Zand, zeer grof, zwak grindig, zwak siltig, donkerbeige, Edelmanboor
1 40
50
Zand, matig grof, matig grindig, zwak siltig, zwak keien, resten slakken, lichtbruin, Edelmanboor Zand, matig grof, zwak grindig, zwak siltig, sterk metselpuinhoudend, zwak baksteenhoudend, brokken beton, lichtbruin, Edelmanboor, gestaakt op bijmengingen
18-12-2018
2
50
3 80
4 100
100
Zand, matig fijn, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, matig leisteenhoudend, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sporen baksteen, zwak keien, donkerbruin, Edelmanboor Zand, zeer grof, zwak grindig, zwak siltig, donkerbeige, Edelmanboor
Boring: 013-
Boring: 014-
Boring: 015-
Datum:
Datum:
Datum:
18-12-2018
0
0
9
1
20
2 50
50 3
85
100
beton Volledig beton, Kernboor
1 50
50
0
0
9
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, resten leisteen, resten baksteen, zwak keien, donkerbruin, Edelmanboor
50
50 2
80
80
Zand, matig grof, matig grindig, zwak siltig, lichtbruin, River
3 100
100
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak siltig, neutraal bruinbeige, River, gestaakt op onbekend hard materiaal.
4 Zand, zeer grof, zwak grindig, zwak siltig, sporen roest, licht geelbeige, Edelmanboor
100
beton Volledig beton, Kernboor Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, resten aardewerk, sporen baksteen, zwak keien, donkerbruin, Edelmanboor
1
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak keien, donkerbruin, Edelmanboor
2
120
5
beton Volledig beton, Kernboor
18-12-2018
23
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig grof, zwak grindig, zwak siltig, donker bruingeel, Edelmanboor
4
0
0
Zand, zeer grof, matig grindig, zwak humeus, zwak siltig, resten metselpuin, donker beigebruin, Edelmanboor, geroerde laag humus en humusloos zand Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sporen baksteen, resten bot, resten keien, donkerbruin, Edelmanboor
18-12-2018
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, zwak keien, donkerbruin, Edelmanboor Zand, zeer grof, zwak grindig, zwak siltig, zwak keien, neutraal bruinbeige, River, gestaakt op keien
3
130
130
150
150
Zand, zeer grof, zwak grindig, zwak siltig, lichtbeige, Edelmanboor 6
200
200
Boring: 101-
Boring: 102-
Boring: 103-
Datum:
Datum:
Datum:
18-12-2018
0
0 1
20
2 50
50
groenstrook Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak keien, sterk wortelhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak wortelhoudend, zwak keien, lichtbruin, Edelmanboor
0
18-12-2018
0
1
10
2
50
50
groenstrook Zand, matig fijn, matig humeus, zwak siltig, zwak wortelhoudend, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, resten beton, neutraalbruin, Edelmanboor
18-12-2018
0
0
1
groenstrook Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, resten wortels, sporen kolengruis, resten baksteen, zwak slakhoudend, donkerbruin, Edelmanboor, resten aardenwerk beton resten
50
2 90
100
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak siltig, donkergeel, Edelmanboor
3 120
Zand, zeer grof, sterk grindig, zwak siltig, licht geelbeige, Edelmanboor
4 150
5
Onderwerp: Boorbeschrijving Opdrachtgever: Joep Burghouts Beheer B.V. Projectnaam: Nijmegen - Bachstraat 29 Projectcode: P18-0771 Pagina 3 van 4 d.d. 18-12-2018
200
200
Boring: 104-
Boring: 105-
Datum:
Datum:
18-12-2018
0
0 1
20
2
30
groenstrook Zand, matig fijn, matig humeus, zwak siltig, zwak wortelhoudend, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, lichtbruin, Edelmanboor, gestaakt op baksteen
0
18-12-2018
0
1
10
2
50
Onderwerp: Boorbeschrijving Opdrachtgever: Joep Burghouts Beheer B.V. Projectnaam: Nijmegen - Bachstraat 29 Projectcode: P18-0771 Pagina 4 van 4 d.d. 18-12-2018
50
groenstrook Zand, matig fijn, matig humeus, zwak siltig, zwak wortelhoudend, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, resten beton, resten glas, neutraalbruin, Edelmanboor, resten touw
Boring: G001Datum:
Boring: G002-
18-12-2018
Sleuflengte: Sleufbreedte:
0
0
0,30 0,30
puin Volledig menggranulaat, Schep, grove fractie: 6,7 kg fijne fractie: 12,2 kg
Datum:
Boring: G003-
18-12-2018
Sleuflengte: Sleufbreedte:
6
klinker Volledig klinkers
25
Zand, zeer grof, matig grindig, zwak siltig, licht geelbeige, Schep, grove fractie: 0 gram fijne fractie: 22,6 kg.
0
0
20 30
50
50
Zand, matig grof, zwak siltig, sporen baksteen, licht grijsbeige, Schep, grove fractie: 0 gram fijne fractie: 8,4 kg. Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, resten slakken, zwak baksteenhoudend, sporen beton, donkerbruin, Schep, gestaakt op keien. grove fractie: 211 gram fijne fractie: 28,5 kg. VE001
40 50
50
Datum:
0
Sleuflengte: Sleufbreedte:
0 4
40
50
50
0,30 0,30
tegel Volledig tegel
100
Datum:
0
100
0
15
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak wortelhoudend, zwak keien, neutraalbruin, Edelmanboor
100
0 7
Zand, zeer grof, sterk grindig, zwak humeus, zwak siltig, sterk baksteenhoudend, resten beton, zwak metselpuinhoudend, resten ijzer, neutraalbruin, Schep, 890 gram fijne fractie: 19 kg VE002
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, sporen kalk, zwak keien, donker geelbruin, Edelmanboor
Sleuflengte: Sleufbreedte:
9
50
Sleuflengte: Sleufbreedte:
50
80
Onderwerp: Boorbeschrijving Opdrachtgever: Joep Burghouts Beheer B.V. Projectnaam: Nijmegen - Bachstraat 29 Projectcode: P18-0771 Pagina 1 van 2 d.d. 14-01-2019
klinker Volledig klinkers Zand, zeer grof, matig grindig, zwak siltig, zwak keien, neutraalbeige, Schep, grove fractie: 330 gram fijne fractie: 35 kg
40
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, zwak keien, resten leisteen, donkerbruin, Edelmanboor, grove fractie: 409 gram fijne fractie: 20,3 kg. VE001
50
80
Zand, matig grof, zwak grindig, zwak siltig, licht geelbeige, Edelmanboor 100
100
0,30 0,30
klinker Volledig klinkers
Datum:
0
Sleuflengte: Sleufbreedte:
0 8
Zand, zeer grof, zwak siltig, neutraal beigegeel, Schep, grove fractie: 0 gram fijne fractie: 5,2 kg Zand, matig grof, zwak grindig, zwak humeus, zwak siltig, resten dakpan, sporen baksteen, donkerbruin, Schep, grove fractie: 80 gram fijne fractie: 32,7 kg VE003