CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1c Wijzigingendokument (niet opgemaakt)

Besluitronde (raadsvergadering) 16 april 2025, gemeente NijmegenBij agendapunt: D33 d.d. 18 maart 2025 over Visie en Samenwerkingsagenda Rijk van Nijmegen8.498 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Samen sterk als Rijk van Nijmegen! Visie op de regio én op samenwerken

Visie en Samenwerkingsagenda Definitief concept - 17 februari 2025

Rijk van Nijmegen: Gemeente Berg en Dal Gemeente Beuningen Gemeente Druten Gemeente Heumen Gemeente Mook en Middelaar Gemeente Nijmegen Gemeente Wijchen

1

Voorwoord

Thuis in het Rijk van Nijmegen! Stel je voor: het is 2050. In het Rijk van Nijmegen bewegen onze bewoners zich moeiteloos tussen bruisende steden, charmante dorpen en een uitgestrekt groen rivierenlandschap. Voorzieningen zijn binnen handbereik, of het nu gaat om onderwijs, zorg, sport of cultuur. Iedereen is welkom en mag meedoen. Het is gemakkelijk om een aantrekkelijke plek te vinden om te wonen en te werken, passend bij de levensfase en wensen. Natuur is overal dichtbij, een oase van rust en ontspanning in een dynamische regio. In het Rijk van Nijmegen voelt iedereen zich thuis. Of je nu een jonge starter bent, een gezin met opgroeiende kinderen, een ambitieuze ondernemer, of iemand die gewoon rust zoekt: de regio biedt mogelijkheden op maat. Sociale betrokkenheid, innovatieve technologie en duurzame keuzes maken het leven hier niet alleen gemakkelijk, maar ook betekenisvol. Dit toekomstbeeld is geen utopie, maar het resultaat van een jarenlange, steeds hechtere samenwerking tussen de zeven gemeenten in het Rijk van Nijmegen. Samen opereren we als één samenhangende regio. Want de wereld verandert snel, en wij veranderen mee. Klimaatverandering, vergrijzing en digitalisering stellen ons voor nieuwe uitdagingen die gemeentegrenzen overstijgen. Door onze krachten te bundelen, zetten we stappen die écht impact maken.

We bouwen verder aan een regio waar stedelijke groei en een bloeiende arbeidsmarkt hand in hand gaan met leefbaarheid en sociale verbondenheid. Deze visie en samenwerkingsagenda is ons kompas en geeft de koers aan voor een sterker, dynamisch en aantrekkelijk Rijk van Nijmegen. Ons doel is niet méér, maar een betere samenwerking als regio. Het gaat om het benutten van kansen en versterken van wat al goed gaat, met een scherp oog voor wat onze regio uniek maakt. Van health and hightech bedrijven tot innovatieve 'makers', van een bruisende stad en smart mobility tot rustige dorpen en serene natuurgebieden: hier worden wensen werkelijkheid. De toekomst is hier. Wij zijn trots op wat we samen bereiken, en we nodigen iedereen uit om deze visie verder te brengen. Laten we gezamenlijk blijven bouwen aan een regio waar we nu én in 2050 met trots kunnen zeggen: Dit is ons thuis. Dit is het Rijk van Nijmegen! Mark Slinkman Burgemeester gemeente Berg en Dal

Daphne Bergman Burgemeester gemeente Beuningen

Sigrid Sengers Burgemeester gemeente Druten

Joerie Minses Burgemeester gemeente Heumen

Inge van Dijk Burgemeester gemeente Mook en Middelaar

Hubert Bruls Burgemeester gemeente Nijmegen

Renske Helmer-Englebert Burgemeester gemeente Wijchen 2

Inhoud

1. Visie op de regio Het Rijk van Nijmegen kent een rijke en roerige geschiedenis. Het gebied behoorde in vroeger eeuwen toe aan de vrije Rijksstad Nijmegen, waaraan het gebied zijn naam dankt. De regio heeft zich volop ontwikkeld in wonen, werken en landschap en staat voor een nieuwe schaalsprong in de komende jaren. Een schaalsprong gericht op Brede Welvaart. Wie zijn we als regio? 1.1 Het Rijk van Nijmegen Het rivierenlandschap dat ons bindt Het Rijk van Nijmegen kent een grote verscheidenheid aan landschappen als gevolg van een dynamisch rivierensysteem. Ten (zuid)oosten van Nijmegen vinden we de stuwwal met heuvelachtige bossen en natuurlijke uiterwaarden. In de omgeving van Beuningen, Druten en Wijchen vinden we de open komgronden met weidse uitzichten. De Waal en de Maas vormen door de eeuwen heen de dragers van dit contrastrijke, waardevolle landschap. Denk- en doekracht verenigen in onze regio Economisch gezien kent het Rijk van Nijmegen zeker niet minder variatie. Met hoogwaardige campussen op het gebied van health en hightech in relatie tot de Radboudumc, universiteit en de hogeschool. Maar ook met de 'doeners' en het MBO. Het MKB, de logistiek en de maakindustrie zijn volop in de regio vertegenwoordigd. Hier vindt veel innovatie plaats op het gebied van circulaire economie en het verduurzamen van productieprocessen en logistieke ketens.

We verenigen de denkkracht en doekracht in onze regio. Eén samenhangend systeem van stad en land Vanuit sociaal-maatschappelijk perspectief werkt het Rijk van Nijmegen als één coherent daily urban system. Het gebied kent een rijke variatie van stedelijke, suburbane en landelijke woonmilieus in en rond een historische centrumstad met vele voorzieningen. De dorpen en kleine kernen hebben directe relaties met de stad, maar kennen zelf ook basisvoorzieningen en plekken voor sport, bewegen en ontmoeten. Met sociale cohesie en saamhorigheid in de stadswijken en dorpen waar de kwaliteit van leven en leefomgeving bovengemiddeld is. Wat komt er op ons af? 1.2 Opgaven in samenhang aanpakken Nieuwe ontwikkelingen komen op onze regio af Deze welvaart in het Rijk van Nijmegen is echter niet vanzelfsprekend. Op dit moment is het Rijk van Nijmegen nationaal een lage 'middenmoter' op het gebied van Brede Welvaart. En als we 15 tot 20 jaar vooruitkijken, zien we nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen op de regio afkomen die de welvaart onder druk kunnen zetten. Belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen waarmee we ook in het Rijk van Nijmegen mee te maken hebben en krijgen: - Sociaal: vergrijzing en ontgroening - veel meer mensen leven langer hetgeen leidt tot een tekort aan arbeidskrachten, groeiende zorgbehoefte en leefbaarheidsproblemen. 3

-

-

Economie: flexibilisering en digitalisering - flexibilisering van de arbeidsmarkt (zzp) en sluipende revolutie in de maakindustrie, zorg en MKB door Artificial Intelligence (AI) en robotisering. Duurzaamheid: klimaatverandering - vaker droogte- en regenvalperioden met hogere temperaturen, met gevolgen voor landbouw, gezondheid en biodiversiteit. Ruimte: verstedelijking - groeiende ruimtedruk van wonen, werken, energie en mobiliteit op het landelijk gebied en op bestaande groen- en natuurgebieden in en buiten de stad.

Gemeenten zijn op elkaar aangewezen Deze maatschappelijke ontwikkelingen gelden in meer of mindere mate voor alle gemeenten binnen het Rijk van Nijmegen. Niemand kan zich onttrekken aan de grote maatschappelijke ontwikkelingen, zoals hiervoor benoemd. Aangezien het Rijk van Nijmegen fungeert als één daily urban system, is het zaak om over de gemeentegrenzen heen te kijken om de opgaven voor de toekomst aan te pakken. We willen sterker grensontkennend samenwerken. Stad, suburbs, dorpen en kleine kernen zijn afhankelijk van elkaar door de wederkerigheid in wonen, werken, mobiliteit, voorzieningen en recreatie. Nijmegen en de regiogemeenten zijn voor hun toekomstige ontwikkeling op elkaar aangewezen. Samen sterk! Waar willen we naartoe? 1.3 Inzet: werken aan brede welvaart Brede welvaart: welvaart en welzijn in evenwicht Als Rijk van Nijmegen kiezen we voor een kwaliteitssprong in de ontwikkeling van onze regio. Met de groei en ontwikkeling van het gebied investeren we in Brede Welvaart van het Rijk van Nijmegen. Brede Welvaart is het perspectief op de toekomst waarin welvaart en welzijn met elkaar in evenwicht zijn. Waarin materiële welvaart en immaterieel welzijn samen leiden tot een hoge kwaliteit van wonen, werken en leven in onze regio.

In het streven naar Brede Welvaart zoeken we naar een toekomstbestendige combinatie van fysiek-ruimtelijke, economische en sociaal-maatschappelijke ontwikkelingen met een evenwichtige balans tussen economie en ecologie, tussen mens en natuur. Vanuit deze visie op Brede Welvaart kiest het Rijk van Nijmegen voor drie centrale opgaven in ieder van de drie domeinen; ruimtelijk, economisch en sociaal. Door de combinatie van de drie domeinen en deze met elkaar in balans te brengen, investeren we in Brede Welvaart. We zien de volgende opgaven: Ruimtelijk domein - Opgave: slim omgaan met de verstedelijkingsdruk - Probleemdefinitie: groeiende druk op de ruimte voor wonen, werken, recreëren en voorzieningen en ruimte voor duurzame energie, natuur, klimaat, mobiliteit en voedsel. - Opgave: gebiedsuitwerking van de verstedelijkingsstrategie: zorgvuldig en meervoudig ruimtegebruik voor wonen, werken, mobiliteit, energie, landbouw en landschap. Economisch domein - Opgave: werken aan profilering en arbeidsmarkt - Probleemdefinitie: onduidelijk economisch profiel en beperkte capaciteit en kwaliteit van arbeid (krapte) met mismatch tussen onderwijs en de vraag van het bedrijfsleven. 4

-

Opgave: versterken van de economische profilering en betere aansluiting tussen vraag en aanbod in de arbeidsmarkt, talenten vasthouden en inzet van onbenut arbeidspotentieel.

Sociaal domein - Opgave: versterken van de sociale basis en leefbaarheid - Probleemdefinitie: toenemende sociale ongelijkheid in welvaart, kansen en gezondheid, hetgeen leidt tot meer druk op voorzieningen, zorgverlening en leefbaarheid in wijken. - Opgave: versterken van de sociale basis en leefbaarheid in kwetsbare wijken en dorpen en verminderen van kansenongelijkheid en gezondheidsverschillen tussen doelgroepen. In de volgende hoofdstukken werken we deze opgaven uit in verschillende speerpunten. We volgen hierbij de volgende indeling: 1) Urgentie: wat is er aan de hand? 2) Visie: welke kansen zien we voor samenwerking? 3) Aanpak: hoe gaan we regionaal samenwerken? en 4) Agenda: wat gaan we samen doen? Langs deze vierdeling werken we de drie centrale opgaven uit. De speerpunten en acties worden praktisch geconcretiseerd in een separaat werkprogramma voor 2025-2026 in concrete opdrachten, bemensing en beoogd resultaat. In het laatste hoofdstuk schetsen we mogelijkheden om met een verschillende intensiteit aan deze opgaven samen te werken. Niet iedere gemeente hoeft dat in dezelfde mate of op dezelfde manier te doen. We geven hiermee ruimte aan ieders belang en mogelijkheden. We werken binnen het bestaande mandaat: er vindt geen overdracht van bevoegdheden plaats tot de nieuwe bestuursperiode.

Besluitvorming over deze Visie en Samenwerkingsagenda zal in lijn liggen van de samenwerking. Met deze Visie en Samenwerkingsagenda verkennen we het nader aanscherpen van het mandaat voor grensontkennend samenwerken.

5

Ruimtelijk domein

2. Opgave: slim omgaan met de verstedelijkingsdruk De eerste opgave voor het Rijk van het Nijmegen ligt in het ruimtelijke domein. Het gaat om de groeiende druk op de leefomgeving en natuur vanuit ambities voor woningbouw, economie, energie, landbouw en mobiliteit. Dit vraagt om afstemming van ruimteclaims en slimme combinaties van functies en ruimtevragers binnen het Rijk van Nijmegen. Wat is er aan de hand in de regio? 2.1 Urgentie: druk op de kwaliteit van de leefomgeving Groei van ruimteclaims in de regio Door de maatschappelijke vraag naar wonen, werken, recreatie en mobiliteit groeit het aantal ruimteclaims binnen de regio. De ruimtelijke ontwikkeling zorgt voor een groeiende druk op ruimte, terwijl de fysiek beschikbare ruimte beperkt is. Onze regio kent bijzondere waardevolle natuurlijke landschappen die we willen behouden en beschermen. Ook in de open, landelijke gebieden is die ruimte beperkt en lopen we tegen de grenzen aan van bereikbaarheid, voorzieningen en energienetwerken. Met effecten op wonen, mobiliteit en natuur De groeiende ruimtedruk zien we zowel binnen bestaand bebouwd gebied als erbuiten, zowel in omvang als in kwaliteit. Zo kampen we in onze regio met een groeiend tekort aan betaalbare woningen met name voor jongeren, starters en senioren. Als gevolg van de vergrijzing groeit ook de behoefte aan nieuwe combinaties van wonen en zorg.

Met de druk van verstedelijking groeien ook de bereikbaarheidsproblemen in de regio, terwijl het lokale openbaar vervoer al onder druk staat en in diverse kernen ontbreekt. De automobiliteit zorgt voor extra ruimtebeslag en toename van de milieubelasting. Bovendien hebben onze natuurgebieden het bijzonder moeilijk: door de toegenomen uitstoot in de regio zien we verder verlies van biodiversiteit. De kwaliteit van natuur en landschap vraagt om een stevige impuls. Welke kansen zien we voor samenwerken? 2.2 Visie: regionaal afstemmen van ruimteclaims en -gebruik Afstemmen van de verstedelijkingsopgaven Rijk van Nijmegen ziet het zorgvuldig afstemmen van het ruimtegebruik in het stedelijke en landelijke gebied als een belangrijke opgave. Dit vraagt om regiospecifieke oplossingen voor het onderling afstemmen en combineren van functies en ruimtevragers in de regio. De verstedelijkingsopgave vraagt om nadere afstemming in de regio als het gaat om locaties, aantallen, segmentering, doelgroepen en fasering. Het Rijk van Nijmegen fungeert als één woningmarkt en alle gemeenten hebben baat bij duidelijke gezamenlijke afspraken om verdringing op de markt te voorkomen. Dit vraagt om meer dan alleen afstemming met een individuele buurgemeente, zoals we nu vaak reactief doen. Het vergt een integrale blik op de totale verstedelijkingsopgave in de regio.

6

Ook afstemming van mobiliteit en energie is vereist Hetzelfde geldt voor de condities voor de verstedelijking. Stedelijke ontwikkelingen in de ene gemeente kunnen gevolgen hebben voor andere gemeenten. Op het gebied van mobiliteit en bereikbaarheid vraagt de transitie naar actieve en duurzame mobiliteit ook regionaal om oplossingen. De inzet op meer lopen, fietsen en OV binnen de kernen vraagt om opvang van de auto aan de randen, soms in andere gemeenten. Ook het overbelaste energienetwerk kan de mogelijkheden voor wonen en werken beperken. Is dit het probleem van individuele gemeenten of zien we meerwaarde in gezamenlijke afspraken met energieproviders en netwerkbeheerders? Met gezamenlijke afspraken komen we tegemoet aan deze partners. En een groenblauw raamwerk in de regio Eenzelfde regionale afstemming is ook nodig voor de groeiende druk van recreatie op groen, natuur en landschap, zowel binnen de stad als in de natuur. En over de kwetsbare relatie tussen landbouw, woningbouw, bedrijventerreinen en energieopwekking enerzijds en natuur, landschap en verlies van biodiversiteit anderzijds. Het afwentelen op elkaar kunnen we voorkomen door heldere regionale afspraken over het groenblauwe raamwerk in de regio. Een samenhangend raamwerk van groene en blauwe verbindingen in, om en rond de stedelijke kernen.

Zoals de Groene Mantel rond Nijmegen waarbij 10% van het omringende agrarisch gebied in vijf gemeenten ingezet wordt voor groenblauwe dooradering. Dit alles vraagt speciale aandacht voor de transitie in het landelijk gebied, met een duurzaam toekomstperspectief voor de landbouw. Hoe gaan we regionaal samenwerken? 2.3 Aanpak: effectiever samenwerken met commitment Kader: lopend Gebiedsprogramma voor de verstedelijkingsopgave Er lopen op regionaal niveau al diverse beleidsprocessen op het gebied van verstedelijking, duurzame energie en landschapsontwikkeling. De Verstedelijkingsstrategie 'Meer landschap, meer stad' voor de regio’s Arnhem-Nijmegen en Foodvalley is een belangrijk kader voor het omgaan met de ruimtedruk. In dat verband werken de subregio's - ook Rijk van Nijmegen aan het gebiedsprogramma voor hun eigen regio. Dit programma is een regiospecifieke uitwerking van de Verstedelijkingsstrategie en het Regio Arrangement, met aandacht voor wonen en werken, duurzame mobiliteit, ruimte voor het energienetwerk en ruimteclaims in het landelijk gebied. Als Rijk van Nijmegen willen we beter gezamenlijk opereren binnen de GMR en samen optrekken. Tevens willen we samen effectief uitvoering geven aan opgaven en afspraken die we in het kader van de GMR maken.

Bestuurlijke overleggen met mandaat en commitment Het gebiedsprogramma biedt het ruimtelijk-bestuurlijk kader voor het Rijk van Nijmegen. Dit programma wordt begeleid door een eigen portefeuillehoudersoverleg, maar hiernaast zijn er ook separate bestuurlijke gremia voor bijvoorbeeld mobiliteit. Veel van deze bestuurlijke overleggen zijn inhoudelijk en soms informeel, maar in de praktijk nog te vrijblijvend. We spreken elkaar ook niet aan op het nakomen van afspraken. Ons voornemen is om de uitvoeringskracht van de bestuurlijke overleggen te vergroten met een duidelijk mandaat, heldere besluitvorming, vastleggen van het commitment en monitoring van de afspraken. De 7

onderlinge 'schuurpunten' moeten expliciet op tafel komen. Dit versterkt de focus en het maken van duidelijke keuzen, ook in wat we wel of niet samen willen doen. Wederkerigheid: balans tussen geven en nemen In dit verband zoeken we naar een goede wederkerigheid in de afspraken: het 'zoet' en het 'zuur' moeten in balans zijn. Een goede balans tussen geven en nemen is van belang om iedere gemeente ook lokaal meerwaarde te bieden van de regionale samenwerking. Dit vergt ook dialoog en medewerking van de gemeenteraden. De raden hebben veelal een lokale oriëntatie op de eigen gemeente: de regio voelt 'ver weg'. Dit vraagt om een wenkend perspectief voor de gemeenteraden: regionale samenwerking levert ook meerwaarde op voor de eigen gemeente. Hierbij is het zaak om de regionale afspraken ook lokaal beter te verankeren en te borgen in de Omgevingsvisies, beleidsplannen en lokale uitvoeringsprogramma's. Wat gaan we samen doen? 2.4 Agenda: samen versterken van onze uitvoeringskracht Aanscherpen en formaliseren van bestuurlijke afspraken Als regio willen we concrete acties verbinden aan onze opgaven en procesambities. In het ruimtelijk domein is de verstedelijkingsopgave dominant met alle consequenties op het gebied van mobiliteit, economie, energie en landschap.

Ten eerste willen we besluitvorming over het gebiedsprogramma verstevigen met heldere bestuurlijke afspraken, commitment van de raden en monitoring van de gemaakte afspraken. We werken nader uit welk type regionale afspraken nuttig en wenselijk zijn (over locaties, aantal woningen, segmentering, doelgroepen, fasering en de voorwaarden vanuit mobiliteit, energie, groen, milieu, etc.). Samen uitvoeren van het mobiliteitsplan als start In regionaal verband willen we de voorwaarden voor de verstedelijkingsopgave versterken. Gemeenten werken zelf aan hun lokale gebiedsontwikkeling of woningbouw, maar zijn sterk van elkaar afhankelijk op gebied van mobiliteit, energie en groen. Zo willen we starten met de uitvoering van het Regionaal Mobiliteitsplan van de GMR voor onze eigen regio. Het gaat om gezamenlijke uitvoeringsafspraken over maatregelen, inpassing en investeringen in actieve en duurzame mobiliteit in de regio. Dit is een belangrijke pilot om mee te beginnen. De uitvoeringsafspraken over duurzame energie, groen en recreatie kunnen verdere vervolgacties zijn op basis van de lessen en ervaringen met het uitvoeringsplan mobiliteit. Effectieve en productieve manier van werken De uitvoering van onze inhoudelijke opgaven vergt ook een meer effectieve en productieve manier van werken.

Zo willen in het ruimtelijk domein een vaste, effectieve werkwijze van besluitvorming en afspraken ontwikkelen voor de diverse portefeuillehoudersoverleggen. Ook gaan we in 2025 de gemeenteraden beter betrekken in de regionale samenwerking en de raden een wenkend perspectief schetsen van de meerwaarde ervan. We zoeken nader uit op welke grondslag alle gemeenten naar rato kunnen bijdragen, qua capaciteit en financieel. We kijken naar het samen invullen van gedeelde vacatures (waarbij experts voor twee of meer gemeenten werkzaam zijn) of het tijdelijk uitwisselen van medewerkers. Het is ook 8

denkbaar dat vanuit de GMR met personeel wordt bijgedragen aan een regionaal uitvoeringsteam voor het Rijk van Nijmegen.

Samenwerkingsagenda - ruimtelijk domein Kernopgave: Slim omgaan met de druk op de ruimte voor verstedelijking, mobiliteit, energie, recreatie waarbij alle gemeenten in de regio samen optrekken en grensontkennend samenwerken. Speerpunten: 1. Schaalsprong: verstedelijking rond OV-knooppunten en MaasWaalkanaal Regionale schaalsprong in verstedelijkingsopgave door verdichting rond OV-knopen en herontwikkeling van gebieden rond het MaasWaalkanaal met betrokken gemeenten. --> Actie: bestuurlijke afspraken en monitoring (in kader van Gebiedsprogramma) Aanscherpen van bestuurlijke afspraken over de verstedelijking in de regio (locaties, aantallen, segmentering, voorwaarden) met alle gemeenten. Borgen van commitment. 2. Condities: mobiliteit, energie en groen als voorwaarde voor verstedelijking Gezamenlijk optimaliseren van condities voor verstedelijking voor actieve en duurzame mobiliteit, duurzame energievoorziening en klimaatadaptief en recreatief groen. --> Actie: start met uitvoeringsplan mobiliteit, en daarna energie en groen Pilot mobiliteit: gezamenlijk uitvoeren van het Regionaal Mobiliteitsplan GMR voor onze regio met intergemeentelijke afspraken over concrete maatregelen en investeringen. 3. Landschap: realiseren van het groenblauwe raamwerk, incl.

Groene Mantel Regionale aanpak voor een samenhangend raamwerk van water en natuurgebieden in de regio met een 'Groene Mantel' rond Nijmegen, gekoppeld aan de verstedelijking. --> Actie: regionaal uitvoeringsprogramma groenblauw raamwerk Regionaal uitvoeringsprogramma en afsprakenkader voor maatregelen en investeringen in versterking van natuur en landschap en ecologische verbindingen in het bijzonder.

9

Economisch domein

3. Opgave: werken aan profilering en arbeidsmarkt Tweede belangrijke opgave voor samenwerking ligt in het economisch domein: omgaan met de krapte in de arbeidsmarkt. Primaire opgave: een heldere, economische profilering en een vitale regionale arbeidsmarkt. Dit vraagt om stimuleren van ondernemerschap, het vasthouden van talent en aanspreken van onbenut arbeidspotentieel in de regio. Wat is er aan de hand in de regio? 3.1 Urgentie: groeiende krapte op de arbeidsmarkt Een krimpende beroepsbevolking De arbeidsmarkt van onze regio komt steeds meer onder druk te staan. Het vinden van voldoende en goed gekwalificeerde arbeidskrachten is voor veel bedrijven en instellingen een grote opgave geworden. Onvoldoende (gekwalificeerd) personeel is nu al merkbaar in bepaalde sectoren. Op lange termijn verwachten we een sterk groeiende krapte op de arbeidsmarkt als gevolg van vergrijzing en ontgroening en hiermee een krimpende beroepsbevolking. Het aandeel 65-plussers zal nationaal sterk stijgen van 19% naar 25%. Deze groep wordt niet alleen groter, maar gemiddeld ook steeds ouder. Gemiddeld met een levensverwachting van 80 jaar naar 86 jaar in 2040. Dat speelt zich ook in onze regio af. Impact van nieuwe technologieën Ook de invloed van digitale technologieën op onze economie en arbeidsmarkt neemt een grote vlucht.

Zo beginnen robots en AI als systeemtechnologie een grote impact te krijgen op economie en samenleving. Ook biotechnologie is een belangrijke technologische revolutie met impact op de arbeidsmarkt van zorg, farmacie en voedsel. De invloed van nieuwe technologieën zien we niet alleen in hightech sectoren, maar evenzeer in de handel, logistiek en maakindustrie. Het MKB in de regio heeft moeite om het tempo en de aard van alle technologische innovaties bij te benen en hiervoor personeel te werven. Teveel werkzoekenden aan de kant We zien ook dat lang niet iedereen meekan in de snelle technologische veranderingen en de flexibilisering van de arbeidsmarkt met meer zzp’ers. Teveel werkzoekenden in onze regio blijven aan de kant staan, en dit zullen er in de toekomst alleen maar méér worden. Er is groot onbenut arbeidspotentieel dat via opleiding, begeleiding en talentontwikkeling de krappe arbeidsmarkt kan verlichten. Naast hoogopgeleide kenniswerkers moeten we vooral Mbo’ers in onze regio behouden en perspectief bieden op wonen, voorzieningen en een goed leven. De 'markt' lost deze knelpunten niet op en bedrijven zoeken op korte termijn naar de gemakkelijkste weg. Voor de lange termijn moeten we voorsorteren op maatregelen om onze arbeidsmarkt vitaal te houden en ons economisch vestigingsklimaat blijvend aantrekkelijk te maken.

Een sterk en onderscheidend economisch profiel draagt hieraan bij. Welke kansen zien we voor samenwerken? 3.2 Visie: vitale en aantrekkelijke arbeidsmarkt

10

Health and hightech laten doorsijpelen Rijk van Nijmegen ziet het aantrekkelijk en vitaal houden van economie en arbeidsmarkt als een belangrijke opgave binnen het economisch domein. Dit vraagt om een heldere, zichtbare economische profilering en een betere matching tussen vraag en aanbod in de arbeidsmarkt. We zetten in op versterking van ons regionaal economisch profiel van 'health and hightech'. We willen dit profiel laten 'doorsijpelen' door de gehele economische samenwerkingsketen. Van high end producenten tot kleinschalige maakindustrie en toeleverende bedrijven in het MKB. Innovatie en technologie speelt in die gehele keten een stuwende rol, met name gericht op ons profiel van gezondheid, zorg en techniek. Hier zien we grote kansen voor de toekomst. Profiel koppelen aan arbeid en onderwijs We willen en moeten ons economisch profiel sterk koppelen aan arbeidsmarkt en onderwijs. Er is grote vraag naar ervaren en hooggekwalificeerd technisch personeel en die behoefte zal in de toekomst alleen maar toenemen in de vergrijzende arbeidsmarkt. Hetzelfde geldt voor de praktische 'makers' vanuit het MBO en LBO. Het onderwijs dient betere aansluiting te vinden bij die vraag vanuit het bedrijfsleven, en educatie moet integraal deel uitmaken van werk: een leven lang ontwikkelen.

Het arbeidsmarktbeleid moeten we beter richten op gezondheid, zorg en techniek, en dit ook vertalen in onderwijsprogramma's. Met landelijke bezuinigingen op het onderwijs is het verstandig om in triple helix-verband een gelijke focus te houden op de programmering van het onderwijs. Vasthouden van onze talenten Het gaat ook om het vasthouden van talenten in kennis, zorg en maakindustrie en het beter benutten van arbeidspotentieel in de regio. Op alle niveaus: van universitair niveau tot aan MBO-2 niveau, en alles wat ertussen zit. Naast hightech- en zakelijke dienstverlening verwachten we in de zorgverlening, energietransitie, bouw en circulaire economie een aanhoudende vraag naar voldoende en goed gekwalificeerde arbeidskrachten. Er is veel perspectief op werk in de verduurzaming van onze regio, juist voor praktisch geschoolden op MBO-niveau. Hierbij moeten we ook meer aandacht geven aan arbeidsmigranten en groepen die moeilijk aan werk kunnen komen. Economie en Werk & Inkomen koppelen Beleidsmatig hebben we sterke behoefte aan een 'doorlopende lijn' tussen de beleidsvelden Economie en Werk & Inkomen. Bij gemeenten richt economisch beleid zich sterk op het faciliteren van het bedrijfsleven en het stimuleren van ondernemerschap. Werk & Inkomen richt zich vooral op het ondersteunen en begeleiden van werkzoekenden naar arbeid.

Dit wordt primair georganiseerd vanuit het sociaal beleid. We willen het 'gat' tussen beide domeinen dichten en een gezamenlijke visie ontwikkelen op een betere integratie van economie, werk en inkomen, zowel inhoudelijk als qua organisatie. Dit vraagt ook om het in beeld brengen van onze wettelijke taken in de hervorming van arbeidsmarktinfrastructuur. Hoe gaan we regionaal samenwerken? 3.3 Aanpak: integratie van Economie en Werk & Inkomen Inzicht in de gehele samenwerkingsketen 11

Op regionaal niveau hebben we nog onvoldoende zicht op de gehele samenwerkingsketen in het economisch domein. We zien een lappendeken van beleids- en uitvoeringsorganisaties in de economische keten: The Economic Board, GMR - Productieve Regio, Het Werkbedrijf RvN, een nieuw Regionaal Werkcentrum (samen met UWV), RvN@/Lifeport@ naast een Regionale Tafel Arbeidsmarkt, een Portefeuillehouderoverleg Economie en separaat over Werk & Inkomen. Het is zaak om beter inzicht te krijgen in opdracht en mandaat van iedere organisatie en te verkennen waar we de slagkracht en efficiency kunnen vergroten. Publiek opdrachtgeverschap verbeteren Ieder van deze organisaties en overleggremia heeft z'n eigen doelen, focus en legitimiteit. Er zijn relatief veel organisaties die 'verbinden' en 'aanjagen' centraal stellen, maar zelf weinig praktische uitvoering leveren of niet zelf initiatieven realiseren. Een sterke uitvoeringskracht en impact in het economisch domein is nodig. Soms is het onduidelijk hoe we als gemeenten diverse organisaties aansturen op hun opdracht en mandaat. Een sterk verbeterd publiek opdrachtgeverschap vanuit de gemeenten is nodig om de uitvoeringskracht te vergroten. Uitvoeringskracht organiseren Uitvoeringskracht begint met een meer en sterke directe verbindingen tussen bedrijfsleven en onderwijsinstellingen.

Lokaal zijn er allerlei interessante initiatieven, maar over het algemeen weten bedrijven en onderwijsinstanties elkaar moeilijk te vinden. Met name het MKB ontbeert de maat en schaal om zelf veel te doen aan opleiden en talentontwikkeling, en onderwijsprogramma's zijn nog te weinig toegesneden op de praktijk. We willen als regio verkennen in hoeverre we een triple helix-aanpak kunnen ontwikkelen op niveau van het Rijk van Nijmegen. Hiervoor kunnen we ook de werkgeversorganisaties (zoals VNO-NCW, Metaalunie of Bouwend NL) beter benutten, naast de koepelorganisaties van regionale onderwijsinstellingen. Hierbij is het nog de vraag óf en in hoeverre we als gemeenten - naast het stellen van kaders - actief de triple helix moeten of willen faciliteren. Wat gaan we samen doen? 3.4 Agenda: gezamenlijk economisch programma voor de regio Gezamenlijk economisch programma We willen een gezamenlijk programma ontwikkelen voor de economische ontwikkeling van het Rijk van Nijmegen in de toekomst. Dat begint met een grondige analyse van de gehele economische samenwerkingsketen. Zowel op inhoudelijke focus en opdracht van diverse gremia als op het krachtenveld in de regio. Een regionaal programma waarin we sturen op een stevige integratie van de beleidsvelden Economie en Werk & Inkomen.

We verkennen samen de kansen en mogelijkheden om tot een geïntegreerde aanpak te komen van het economisch profiel gericht op 'health and hightech' en de vertaling hiervan in het regionaal arbeidsmarktbeleid en de programmering van het onderwijs op verschillende niveaus. Tripartite overleg Rijk van Nijmegen Dit vraagt om een directe dialoog en samenwerking met het bedrijfsleven en het onderwijs. Op niveau van Rijk van Nijmegen willen we als gemeenten een brede dialoog aangaan met werkgevers-, werknemers- en onderwijsorganisaties over het gezamenlijk ontwikkelen van het arbeidsmarktbeleid. We zien dat bedrijven en onderwijsinstanties elkaar in de praktijk 12

nog niet gemakkelijk vinden. Lifeport@ en The Economic Board hebben in de afgelopen jaren al gezorgd voor een sterkere samenhang tussen ondernemers, onderwijs, onderzoek en overheden. We dragen als gemeenten (financieel en met ambtelijke en bestuurlijke inzet) bij aan Lifeport@ en The Economic Board. We participeren hierin met ondernemers en onderwijsinstellingen. Wij willen onze rol 'als marktmeester' binnen deze netwerkorganisaties verder ontwikkelen en verstevigen als verbindende factor. Naast het stellen van kaders, faciliteren en stimuleren we de alliantievorming tussen bedrijfsleven, onderwijs én overheid tot productieve triple helix-verbanden. Effectiever aansturen van de uitvoering In het verlengde hiervan gaan we werken aan het versterken van de uitvoeringskracht binnen het economische domein. We buigen ons over opdracht en mandaat van de uitvoeringsinstanties en verkennen het vergroten van de slagkracht en efficiency. Hierbij kijken we ook nadrukkelijk naar de manier waarop we dit als gemeenten aansturen en hoe we effectiever kunnen optreden als publieke opdrachtgever. Zo verkennen we de kansen en mogelijkheden van het nieuw op te richten Regionaal Werkcentrum, tezamen met het UWV.

13

Samenwerkingsagenda - economisch domein: Kernopgave: Versterken van ons gezamenlijk economische profiel 'health and hightech' gericht op een aantrekkelijk vestigingsklimaat en een vitale arbeidsmarkt met een goede aansluiting van onderwijs op zorg en techniek op alle onderwijsniveaus (incl. MBO-2). Speerpunten: 1. Het profiel 'health and hightech' versterken in de gehele economische keten Ons regionaal economische profiel op gezondheid, zorg en technologie versterken in de gehele keten van kennisinstellingen, producenten en toeleverende bedrijven (incl. MKB). --> Actie: gezamenlijk economisch programma ontwikkelen Ontwikkelen van een gezamenlijk regionaal programma waarin het economisch profiel wordt gekoppeld aan het versterken van de arbeidsmarkt en de relatie met het onderwijs. 2. Aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt verbeteren Verbeteren van de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt door betere benutting van arbeidspotentieel, talentontwikkeling (in MKB) en gerichte onderwijsprogrammering. --> Actie: in dialoog sturen van het arbeidsmarktbeleid Op regionaal niveau in dialoog met werkgevers-, werknemers- en onderwijsorganisaties voor een sterkere sturing op het arbeidsmarktbeleid van bedrijven en onderwijs. 3.

Uitvoeringskracht vergroten in het economisch domein Versterken van de impact en realisatie van beleid door de uitvoeringsorganisaties in het economische domein door versterking van publieke aansturing en opdrachtgeverschap. --> Actie: aansturing van uitvoeringsorganisatie verbeteren Betere positionering en aansturing van uitvoeringsorganisaties vanuit de gemeenten gezamenlijk, zoals het Regionaal Werkcentrum, The Economic Board en Lifeport@.

14

Sociaal domein

4. Opgave: versterken van de sociale basis en leefbaarheid De derde opgave voor samenwerking in het Rijk van Nijmegen richt zich op het versterken van sociale voorzieningen en leefbaarheid in het sociaal domein. We zien de ongelijkheid in voorzieningen, gezondheid en leefbaarheid groeien. Met onze samenwerking dragen we bij aan versterking van de sociale basis en leefbaarheid in kwetsbare wijken en dorpen. Wat is er aan de hand in de regio? 4.1 Urgentie: sociale ongelijkheid neemt toe Sociale verschillen nemen toe In ons land nemen de sociaal-economische en maatschappelijke verschillen tussen groepen toe. Dat zien we bijvoorbeeld terug in groeiende armoede. Zo'n 800.000 Nederlanders leven in armoede, naast 200.000 kinderen die opgroeien in armoede. Bijna driekwart van alle bijstandsgerechtigden leeft onder de armoedegrens. De cijfers voor het Rijk van Nijmegen laten eenzelfde beeld zien. Uitgaande van zo'n 325.000 inwoners in het Rijk van Nijmegen leeft circa 3,1% onder de armoedegrens, hetgeen uitkomt op meer dan 10.000 inwoners. We zien dat het aantal bijstandsuitkeringen weer toeneemt. De gemiddelde vaste lasten voor veel huishoudens zijn gestegen, waardoor ook de druk op de groep werkenden met middeninkomens toeneemt. Ook kansenongelijkheid in het onderwijs is een zorgpunt, met name voor kinderen met minder opgeleide ouders of met een migratieachtergrond.

Grote verschillen in gezondheid We zien de sociale ongelijkheid ook terug in verschillen in gezondheid. Zo leven mensen met een hoger opleidingsniveau 14 jaar langer in goede gezondheid dan mensen met een lager opleidingsniveau. Als gevolg van verdere vergrijzing en ontgroening zien we de zorgbehoefte toenemen, terwijl de omvang en spreiding van zorgvoorzieningen afneemt. Het verschralen van de (zorg)voorzieningen in de nabijheid is een belangrijke kwestie op lange termijn, met name in landelijke gebieden. De verschillen in gezondheid en welvaart hebben een langdurig karakter en we zien dat brede welvaart niet automatisch bij iedereen terechtkomt. Druk op zorgvoorzieningen en zorgpersoneel Dit alles leidt tot een groeiende zorgbehoefte in brede lagen van de bevolking. Niet alleen van kwetsbare groepen. De druk op de zorgvoorzieningen en het zorgpersoneel in de regio zal in de toekomst verder toenemen. Tegelijkertijd is er nu al een flink tekort aan goed gekwalificeerd zorgpersoneel en dit tekort zal op termijn (nog) meer voelbaar worden. Ook de kosten voor aanleg, onderhoud en exploitatie van sociale (zorg)voorzieningen lopen voor gemeenten steeds hoger op. Het reguliere zorgsysteem is steeds minder 'volhoudbaar' en we zullen ook als gemeenten tot vernieuwingen in het sociale domein moeten komen.

Welke kansen zien we voor samenwerken? 4.2 Visie: versterken van sociale basis en leefbaarheid Gelijke kansen voor iedereen 15

Als Rijk van Nijmegen zien we een belangrijke opgave in het vergroten van de leefbaarheid, voorzieningen en zorg in het licht van de groeiende sociale ongelijkheid. We moeten ons inzetten om de kansenongelijkheid tussen groepen te verminderen op de woning- en arbeidsmarkt, en in het onderwijs. Hiernaast staan we samen ook voor de opgave om vluchtelingen op een goede manier op te vangen in onze regio. Het versterken van gelijke kansen voor iedereen verdient onze volle aandacht. Iedereen mag meedoen! Versterken van de sociale basis Onze inzet moeten we richten op het versterken van de sociale basis in wijken, dorpen en kleine kernen. Een goede sociale basis gaat over het (aan)bieden van vrij toegankelijke voorzieningen en activiteiten, gericht op het (persoonlijk) ontplooien, ontwikkelen en ontmoeten. De sociale basis vergroot de zelfredzaamheid van (kwetsbare) mensen en stimuleert eenieder om actief mee te doen in onze samenleving. Hierin schuiven we het accent van zorgverlening naar preventie. We stimuleren allerlei vormen van preventieve gezondheid, juist voor ouderen, jongeren en lager opgeleiden: stimuleren van actief leven en bewegen in een gezonde leefomgeving, om zo op termijn ook de zorgvraag en zorgkosten te verlichten.

Een sterke sociale basis in het hele Rijk van Nijmegen is essentieel om de sociale leefbaarheid te versterken alsmede om de toename van zorgkosten te beperken. Samenwerken op sociale voorzieningen Een sterke sociale basis impliceert ook een goede regionale samenwerking in diverse sociale voorzieningen op gebied van zorg, welzijn, sport, cultuur en recreatie. Het gaat hier om het slimmer samen programmeren en exploiteren van grotere maatschappelijke voorzieningen. Denk aan zwembaden, sportcomplexen of theaters die voor individuele gemeenten steeds moeilijker zijn te bekostigen. Dit vraagt om een gerichte regionale samenwerking op aanleg, exploitatie en beheer van sociale voorzieningen. Met een goede complementariteit, programmering en bereikbaarheid van voorzieningen kunnen we de sociale basis en leefbaarheid in wijken en kernen behouden. Veiligheid is hiervoor wél de basisvoorwaarde: aanpak van criminaliteit en ondermijning in kwetsbare buurten vraagt evenzeer om stevig regionaal samenwerken. Met verschillende intensiteiten samenwerken Het versterken van de regionale samenwerking is geen 'must' voor iedere gemeente op alle vraagstukken. We verkennen mogelijkheden voor flexibele vormen van samenwerking, waar gemeenten ook de meerwaarde ervan ervaren. De basis is wél een stevige solidariteit in de regio over nut en noodzaak van de opgaven in het sociale domein.

In praktijk kunnen (kleinere) gemeenten met verschillende intensiteiten samenwerken, afhankelijk van urgentie, capaciteit of middelen. 'Samen sterk' staat echter voorop! Hoe willen we regionaal samenwerken? 4.3 Aanpak: gedeelde visie én effectieve organisatie Gemeenschappelijk beeld van de sociale basis Een versterkte regionale samenwerking begint met een gemeenschappelijk beeld van de sociale basis voor iedere gemeente. Een goede sociale basis bestaat uit inwoners die zich persoonlijk ontwikkelen, hun talenten benutten en zelfredzaam zijn. Het gaat om het 16

ervaren van zingeving en zorg hebben voor elkaar. Er leven tussen gemeenten verschillende beelden op dit thema. Het is zaak om de sociale basis en de beschikbaarheid en kwaliteit van voorzieningen op gelijkwaardig niveau te brengen. In praktijk zijn veel voorzieningen op zorgverlening gericht, en relatief weinig op preventie en vergroten van welzijn (met name van kwetsbare groepen). In een aantal gemeenten zijn welzijnsinstellingen relatief kwetsbaar (m.n. in omvang en kwaliteit van personeel). Tevens zijn grote verschillen in kwaliteit en tarieven van zorg in de regio. De samenwerking gaan we benutten om een meer gelijkwaardige sociale basis te ontwikkelen in iedere gemeente. Samen delen van grote voorzieningen In het verlengde hiervan zien we kansen om samen te werken op de grote maatschappelijke voorzieningen op gebied van zorg, sport en cultuur. Op termijn zal het voor individuele gemeenten steeds moeilijker worden om grote voorzieningen, zoals een zwembad of theater, overeind te houden. Samenwerking kan ertoe leiden dat gemeenten dergelijke voorzieningen gaan delen, en gezamenlijk zorgdragen voor beheer en exploitatie ervan. Samenwerken aan opvang van vluchtelingen De opvang en huisvesting van vluchtelingen is een relatief nieuwe opgave in onze regionale samenwerking. We willen deze startende samenwerking verder versterken.

Hierbij denken we aan een gezamenlijk expertiseteam. Vanuit een regionaal partnerschap met het COA en de ministeries willen we onze slagkracht en daadkracht kunnen versterken. Meer focus en effectiviteit in de samenwerking Ook de organisatie van onze regionale samenwerking gaan we tegen het licht houden. De huidige overlegstructuren zijn sterk gefragmenteerd. Zo functioneren nu zes verschillende bestuurlijke gremia die ieder een deel van de opgave bestrijken: PFO Welzijn en zorg, PFO Onderwijs en Jeugd, PFO Beschermd wonen en maatschappelijke opvang, PFO Sport en cultuur, PFO Wonen en een Bestuurlijk Overleg Vluchtelingenopvang. We verkennen een betere integratie van zorg, sport en cultuur in onze samenwerking, waarbij we meer aandacht geven aan preventie en welzijn. Ook zijn de taken en bevoegdheden van de huidige overleggen niet altijd helder. Meer focus en effectiviteit in formele besluitvorming is nodig. Het samenvoegen en meer effectief maken van bestuurlijke overleggen leidt ook tot meer efficiëntie in de ambtelijke voorbereidingen. De capaciteit en energie wordt nu verspreid over verschillende afstemmingsoverleggen. Ook actieve kennisdeling en uitwisseling van experts tussen gemeenten draagt bij aan de kwaliteit van de regionale samenwerking. Een regionale expertpool of netwerkteam leidt tot meer bundeling en focus van de inzet.

Wat gaan we samen doen? 4.4 Agenda: gezamenlijke visie, voorzieningen en inkoop Regionale visie op sociale basis Op strategisch niveau zien we meerwaarde om samen een regionale visie te ontwikkelen op een gelijkwaardige sociale basis in alle gemeenten binnen het Rijk van Nijmegen. Doel is het versterken van de sociale leefbaarheid en de beschikbaarheid en kwaliteit van voorzieningen 17

op lange termijn. Dit vraagt om een gemeenschappelijk beeld hoe we de gevolgen van de vergrijzing, de groeiende zorgbehoefte en het tekort aan zorgpersoneel willen opvangen. Verkennen van gezamenlijke inkoop We kunnen de samenwerking uitbreiden naar een gezamenlijke inkoop en contractering van welzijnsinstellingen die mede zorgdragen voor een gemeenschappelijke sociale basis. We willen de praktische (on)mogelijkheden van gezamenlijke inkoop verkennen door te starten met een concrete gelegenheidscoalitie tussen Wijchen, Druten en Beuningen op basis van bestaande knelpunten binnen welzijn. Gezamenlijk grote voorzieningen delen Op gebied van sociaal-maatschappelijke voorzieningen gaan we nader verkennen óf en op welke wijze grote voorzieningen op termijn gemeenschappelijk zijn te delen en te exploiteren. Dit begint met het in beeld brengen van elkaars meerjarenplanningen voor beheer, onderhoud en exploitatie van die voorzieningen. Het gaat hierbij zowel om de huidige voorzieningen als om de toekomstige vervanging. Dit kan aanleiding zijn om tot gezamenlijke aanbesteding/inkoop te komen van beheer en exploitatie van bijvoorbeeld multifunctionele centra, culturele voorzieningen en sportcomplexen. Zo denken we bijvoorbeeld over het samen delen van één zwembad door meerdere gemeenten.

Slimmer samenwerken aan vluchtelingenopvang Ook voor het opvangen van vluchtelingen in onze regio zien we concrete mogelijkheden om samen te werken. We willen als gemeenten meer gezamenlijk optrekken als het gaat om de keuze voor locaties, aanbesteden van voorzieningen, expertise voor de participatie met bewoners, delen van services voor veiligheid en zorgverlening. We verkennen nut en noodzaak van een regionaal expertiseteam die gemeenten kan ondersteunen bij deze taken.

18

Samenwerkingsagenda - sociaal domein: Kernopgave: Versterken van een gelijkwaardige sociale basis in de regio door complementariteit van sociaal-maatschappelijke voorzieningen voor zorg, sport en cultuur en versterking van de sociale leefbaarheid in wijken, dorpen en kleine kernen. Speerpunten: 1. Welzijn: gelijkwaardige sociale basis in de regio ontwikkelen Ontwikkelen van een gelijkwaardige sociale basis van (zorg)voorzieningen in alle gemeenten, gericht op het versterken van de sociale leefbaarheid in wijken, dorpen en kleine kernen. --> Actie: regionale visie op sociale basis en leefbaarheid Ontwikkelen van een gezamenlijke regionale visie op een brede, gelijkwaardige sociale basis in de regio in het licht van de toenemende vergrijzing en groeiende zorgbehoeften. 2. Complementariteit tussen sociale voorzieningen organiseren Regionaal afstemmen van sociaal-maatschappelijke voorzieningen op zorg, sport en cultuur tussen stad, dorpen en kernen, gericht op toegankelijkheid, bereikbaarheid en efficiency. --> Actie: verkennen van gedeelde maatschappelijke voorzieningen Samenwerking tussen gemeenten op inkoop/aanbesteding van beheer, onderhoud en exploitatie van grote maatschappelijke voorzieningen, gericht op gemeenschappelijk gebruik. 3.

Samenwerken aan de opvang van vluchtelingen in de regio Versterking van de samenwerking voor het opvangen van vluchtelingen door regionale afstemming van locaties, aanbesteding van voorzieningen en onderlinge kennisuitwisseling. --> Actie: actief delen van kennis, ervaringen en experts; regionaal expertiseteam Gezamenlijk optrekken van gemeenten voor de opvang van vluchtelingen door het actief delen kennis, ervaringen en capaciteit in aanbesteding van voorzieningen, participatie, etc.

19

Proces

5. Visie op samenwerken Als Rijk van Nijmegen willen we de samenwerking tussen de zeven gemeenten versterken. Met meer impact en effectiviteit: niet méér regio, maar een meer effectieve regio. Slim, slagvaardig en adaptief samenwerken binnen GMR, Gelderland-Zuid en de provincie. Onze inzet is het regiospecifiek vertalen van de opgaven vanuit een duidelijke rolopvatting. Hoe werken we nu samen? 5.1 Over onze samenwerking als regio Bestuurlijke samenwerking is logisch Het Rijk van Nijmegen heeft al een lange geschiedenis van samenwerking tussen stad en omringende gemeenten. Van oudsher kent het gebied een sterke ruimtelijk-functionele samenhang. Het is één landschappelijk systeem van rivieren, komgronden en oever- en stuwwallen. Dit maakt ook het gezamenlijk bestuur van oudsher een logisch geheel. Het Rijk van Nijmegen is - bestuurlijk gezien - een subregio tussen de GMR en de regio Gelderland-Zuid (in het sociaal domein) enerzijds en de lokale gemeenten anderzijds. Overkoepelend speelt de provincie Gelderland een belangrijke rol, terwijl ook de provincie Limburg relevant is omdat de gemeente Mook en Middelaar in deze provincie ligt. Alle zeven gemeenten samen maken van het Rijk van Nijmegen een logisch geheel tussen Waal en Maas, waarvoor onderlinge samenwerking nodig en nuttig is.

We werken al veel samen in allerlei verbanden Op allerlei vlakken werken de gemeenten al samen als Rijk van Nijmegen. Zo werkt de regio al vanaf 2016 samen op arbeidsbemiddeling in de vorm van een Werkbedrijf en op ICTvoorzieningen voor de gemeenten op basis van een Modulaire Gemeenschappelijke Regeling. Hiernaast is het samenwerkingsverband een platform voor samenwerking en afstemming tussen de gemeenten in het gebied. Naast het delen van uitvoeringstaken werken gemeentebesturen samen in informele bestuurlijke overleggen (pfo's). De regio is verlengd lokaal bestuur en kent geen eigen regiobureau of uitvoeringsorganisatie. Wat is onze gezamenlijke inzet? 5.2 Inzet: meer impact en meer efficiency Focus op zaken die ertoe doen Binnen het Rijk van Nijmegen groeit de behoefte om samen beleid af te stemmen zonder zaken dubbel te doen ten opzichte van de GMR of Gelderland-Zuid. Als regio willen we het goede van de huidige samenwerking behouden, maar ook scherper focus leggen op zaken die er écht toe doen. Er zijn veel informele overleggen en ontmoetingen - vaak tijdelijk of incidenteel - waarvan we de impact en effectiviteit willen verhogen. De inzet is gericht op meer realisatiekracht, meer efficiency met een evenredige inzet van alle zeven gemeenten. Uitgangspunten voor samenwerken 20

Er is veel draagvlak voor het versterken van de bestuurlijke samenwerking binnen het Rijk van Nijmegen. Dat heeft ook alles te maken met de goede bestuurlijke verhoudingen in onze regio. De onderlinge persoonlijke contacten zijn gegroeid en we weten elkaar goed te vinden. Deze informele contacten en goede relaties tussen gemeenten zijn een belangrijke voorwaarde voor een goede samenwerking. Onderzoek van Berenschot en Universiteit Groningen heeft laten zien dat er volop kansen liggen om optimaal hiervan te profiteren. Enerzijds door gericht te werken aan urgente, gedeelde opgaven. En anderzijds door de samenwerking beter te structureren en te verzakelijken. Die combinatie versterkt onze samenwerking als het Rijk van Nijmegen.

Op basis hiervan hebben we de uitgangspunten voor samenwerken benoemd: - niet méér regio, maar een meer effectieve regio met meer impact - samenwerking meer structuur en focus geven op basis van gedeelde opgaven - zoeken naar evenredigheid: iedereen levert naar rato, niet teveel leunen op de stad - opdrachtgeverschap professionaliseren en samenwerking meer verzakelijken - uitvoeringskracht van gemeente beter organiseren - meer kennisopbouw en uitwisseling Hoe willen we samenwerken? 5.3 Samenwerken vanuit solidariteit Samenwerken vanuit gedeelde solidariteit Voor een krachtige samenwerking willen we meer opgavegericht gaan werken, met duidelijke speerpunten. Wat doen we wel en wat doen we niet als Rijk van Nijmegen? Dat begint met solidariteit: als zeven gemeenten zijn we samen solidair over de drie opgaven uit deze visie en samenwerkingsagenda. Solidariteit betekent niet dat iedere gemeente met alle opgaven of met eenzelfde inzet van capaciteit of middelen moet samenwerken. We willen samenwerken met verschillende intensiteiten vanuit een gedeeld solidariteitsbeginsel. Dat staat niet gelijk aan gelegenheidscoalities of 'coalition of the willing'. In principe delen alle zeven gemeenten de drie genoemde opgaven, maar investeren ongelijk in de opgaven naar rato van capaciteit, middelen en mogelijkheden.

Samenwerken met verschillende intensiteiten Regionaal samenwerken aan de drie centrale opgaven doen we met verschillende mate van intensiteit. Dat is niet vrijblijvend, maar vraagt om afspraken over het gewenste niveau van intensiteit. Hiervoor introduceren wij een 'ladder' voor regionaal samenwerken met een oplopende intensiteit van samenwerking. Een ladder met vijf treden in de samenwerking: -

-

-

Trede 1: informeren - samen weten We informeren elkaar actief over en weer over onze lokale ambities, besluiten en plannen. Gevraagd en ongevraagd. We weten van elkaar wat er speelt in de gemeenten. Trede 2: afstemmen - samen overleggen We consulteren elkaar regelmatig en stemmen onze plannen en besluiten op elkaar af. We nemen regionale overwegingen mee in onze lokale besluitvorming. Trede 3: besluitvorming - samen beslissen 21

-

-

We beslissen samen over regionale opgaven die de lokale schaal ontstijgen of waar we regionaal meerwaarde zien. We nemen integrale besluiten die we lokaal doorvertalen. Trede 4: co-productie - samen werken We werken samen aan voorbereiding van beleid en besluitvorming door uitwisseling van expertise en personeel en regionale teams die in meerdere gemeenten inzetbaar zijn. Trede 5: uitvoeren - samen investeren We organiseren (de aansturing van) uitvoeringsprocessen zoals gezamenlijke inkoop, aanbestedingen of uitvoering van regionale projecten, waarin we samen investeren.

Het is goed denkbaar om per speerpunt of per actie samen te bepalen op welk niveau van intensiteit we als zeven gemeenten willen samenwerken. En dat hoeft niet voor iedere gemeente hetzelfde niveau te zijn. Zo is het goed werkbaar dat bijvoorbeeld drie of vier gemeenten op trede 3 samenwerken en andere gemeenten op trede 1 of 2 deelnemen aan de samenwerking. Iedere gemeente neemt deel aan de samenwerking, zij het met een ongelijke intensiteit al naar gelang urgentie, belangen, capaciteit en middelen. Hoe organiseren we de samenwerking? 5.4 Herijken en verstevigen van de organisatie Meer effectiviteit en uitvoeringkracht Deze visie en de opgaven zijn geen rigoureuze verandering van koers. Dat is ook niet nodig want veel bestaande processen lopen goed, maar kunnen we nog verder verbeteren. Alle drie opgaven agenderen het beter organiseren van de samenwerking en de uitvoering. Dit begint met meer inzicht in (de aansturing van) de samenwerkingsketen van organisaties in het betreffende domein. Wat zijn de doelen, opdrachten en mandaten van verschillende uitvoeringsorganisaties? Hoe worden zij aangestuurd op effectiviteit en resultaat? In iedere opgave is sprake van een lappendeken van organisaties met ieder hun eigen legitimiteit. Hier past de vraag in hoeverre we de uitvoeringskracht op regionaal niveau kunnen versterken.

Aanscherpen en formaliseren van besluitvorming Naast het versterken van de uitvoeringskracht gaat het evenzeer om de effectiviteit van de verschillende bestuurlijke overleggen in de domeinen te vergroten. Het gaat hier om het aanscherpen van de formele besluitvorming, het mandaat en de wijze van commitment en het borgen van de gemaakte afspraken in lokale plannen en programma's. In ieder van de drie opgaven speelt de vraag voor meer efficiency: kunnen we bestuurlijke overleggen meer integreren, besluitvorming eenduidiger maken en ambtelijke capaciteit efficiënt inzetten. Ook gaat het om professionaliseren van het publieke opdrachtgeverschap van gemeenten voor het aansturen van uitvoeringsorganisaties, uitvoering van aanbestedingen en inkoop of het richtinggevend sturen van exploitatie en beheer van voorzieningen en diensten. Bewaken van de samenhang tussen de opgaven Deze visie en samenwerkingsagenda kent ook doorwerking naar de uitvoering in de vorm van een werkprogramma 2025-2026. Hierin vertalen we onze samenwerkingsagenda in concrete acties en benoemen we de organisatie en uitvoering van onze opgaven. Hierbij sluiten we zoveel mogelijk aan bij - herijkte - regionale portefeuillehoudersoverleggen. De inhoudelijke aansturing van de uitvoering willen we bij de passende bestuurlijke overleggen 22

beleggen. Voor het bewaken van de samenhang tussen het ruimtelijk, economisch en sociaal domein verkennen we of de klankbordgroep van zeven burgemeesters een structurele rol als opdrachtgever kunnen krijgen. Om zodoende over de domeinen heen synergie- en spanningspunten te kunnen agenderen. ------------------Deze visie en samenwerkingsagenda met de drie centrale opgaven is een belangrijke stap voorwaarts in het proces naar een versterkte samenwerking. Het legt de basis voor onze samenwerking maar vraagt verdere uitwerking in een concreet werkprogramma. In het separate werkprogramma voor 2025-2026 gaat het om herijking van de governance en werken we de opgaven en speerpunten uit in concrete uitvoeringsacties.

23

Bijlage: procesverantwoording Grafisch: tijdlijn maken? ja Ambtelijke Werkplaats - 12 maart 2024 Collegeontmoeting Colleges van B&W - 9 april 2024 Colleges van B&W - juni 2024 Behandeling discussienotitie Bestuurlijke Opgaventeams - Opgaventeam Ruimte - 3 oktober 2024 - Opgaventeam Economie - 23 september en 28 oktober 2024 - Opgaventeam Sociaal - 2 oktober 2024 Bestuurlijke werksessie Colleges van B&W - 19 november 2024 Stuurgroep Klankbordgroep

24

Colofon Deze visie en samenwerkingsagenda voor het Rijk van Nijmegen is het resultaat van een intensief proces van bestuurlijke consultaties. Doel: verdere versterking van de regionale samenwerking tussen de 7 gemeenten van het Rijk van Nijmegen. In deze visie staan drie regionale opgaven centraal die vorm en inhoud geven aan onze samenwerking. Als regio geven we samen concreet uitvoering aan de genoemde speerpunten en acties. Stuurgroep: Daphne Bergman Renske Helmer-Englebert Astrid van de Klift-Buijs

Burgemeester gemeente Beuningen Burgemeester gemeente Wijchen (voorzitter) Gemeentesecretaris gemeente Nijmegen

Klankbordgroep: Daphne Bergman Hubert Bruls Inge van Dijk Renske Helmer-Englebert Astrid van de Klift-Buijs Joerie Minses Sigrid Sengers Mark Slinkman

Burgemeester gemeente Beuningen Burgemeester gemeente Nijmegen Burgemeester gemeente Mook en Middelaar Burgemeester gemeente Wijchen Gemeentesecretaris gemeente Nijmegen (voorzitter) Burgemeester gemeente Heumen Burgemeester gemeente Druten Burgemeester gemeente Berg en Dal

Bestuurlijk opgaventeam Ruimte: Willy Brink Wethouder gemeente Druten Pascal Cobussen Wethouder gemeente Beuningen Ton Herings Wethouder gemeente Mook en Middelaar Noël Vergunst Wethouder gemeente Nijmegen Alex ten Westeneind Wethouder gemeente Berg en Dal Bestuurlijk opgaventeam Economie: Pepijn Baneke Wethouder gemeente Heumen John Brom Wethouder gemeente Nijmegen Martijn Derks Wethouder gemeente Wijchen Irma van de Scheur Wethouder gemeente Berg en Dal Ronald Thoonen Wethouder gemeente Druten Bestuurlijk opgaventeam Sociaal: Frans Houben Wethouder gemeente Beuningen Bea Schouten Wethouder gemeente Wijchen Wim Wink Wethouder gemeente Heumen Werkgroep: Edwin Teurlincx Mark Wijnen

Werkorganisatie Druten-Wijchen (projectleider) Regiocoördinator gemeente Berg en Dal 25

Ricco Kokshoorn Richard van Loosbroek

Regiocoördinator gemeente Nijmegen Strateeg gemeente Nijmegen

Met medewerking van: Wai wah Man Siri Nouws Ruben Hurenkamp Miranda Thijssen

Ruimte - Werkorganisatie Druten-Wijchen Werk & Inkomen - gemeente Nijmegen Economie - gemeente Beuningen Sociaal domein - Werkorganisatie Druten-Wijchen

Begeleiding en uitvoering: Edwin van Uum UUM | Unlimited Urban Management Bij vragen of voor nadere informatie kunt u contact opnemen met: Edwin Teurlincx - projectleider VSA Rijk van Nijmegen Werkorganisatie Druten-Wijchen Via tel. 06 - 46030426 of via e.teurlincx@drutenwijchen.nl Disclaimer Bij het opstellen van dit document is de grootst mogelijke zorgvuldigheid nagestreefd. Toch kan de informatie in deze uitgave niet juist of onvolledig zijn. De gemeenten van het Rijk van Nijmegen en het ondersteunend bureau zijn hiervoor niet aansprakelijk. Als u van mening bent dat er beeldmateriaal is gebruikt waarover u het beeldrecht heeft, neem dan contact op met projectleider Edwin Teurlincx via bovenstaande gegevens. Bronvermelding foto's: p.m.

Tekst en redactie: Edwin van Uum - UUM Foto's: zie bronvermelding Kaartbeelden: Mathijs Dielissen - UUM Vormgeving: Mathijs Dielissen - UUM Rijk van Nijmegen, februari 2025

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=b1c73808-33c4-488f-8489-7e6bce92e62a