CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 14 Verkennend bodemonderzoek Lankforst 4402 tm 4472

Besluitronde (raadsvergadering) 22 december 2021, gemeente NijmegenBij agendapunt: D5 d.d. 19 oktober 2021 inzake Ontwerp bestemmingsplan Nijmegen Dukenburg 202121.830 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

BOOT organiserend ingenieursburo bv. Alle opdrachten worden aanvaard en uitgevoerd overeenkomstig de AV-BOOT 2018.

Verkennend bodemonderzoek incl. asbest, cf. NEN 5740 en NEN 5707 LOCATIE

Lankforst 4402 t/m 4472 te Nijmegen KADASTRALE GEMEENTE

Hatert SECTIE N, NUMMER(S) 527

OPDRACHTGEVER

Stichting Woonwaarts Postbus 389 6500 AJ Nijmegen

DATUM

16 juni 2020

DOCUMENTNUMMER

P20-0278-011

OPGESTELD DOOR

dhr. T. Guijt

GEAUTORISEERD

ing. C.H.J. Prudon

PROJECTLEIDER

ing. C.H.J. Prudon

GEZIEN

BOOT organiserend ingenieursburo B.V. Plesmanstraat 5 3905 KZ Veenendaal WEBSITE

www.buroboot.nl

E-MAIL

info@buroboot.nl

Titelpagina Verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740

SOORT ONDERZOEK

Verkennend bodemonderzoek conform NEN 5707 Planlocatie Lankforst

ONDERZOEKSLOCATIE

Lankforst 4402-4472 Nijmegen Stichting Woonwaarts

OPDRACHTGEVER

Postbus 389 6500 AJ Nijmegen Telefoon: 024-3820100 Fax: 024-3820101 CONTACTPERSOON

dhr. M. de Wit

UITGEVOERD DOOR

BOOT organiserend ingenieursburo B.V. Plesmanstraat 5 3905 KZ Veenendaal

CONTACTPERSOON

ing. C.H.J. Prudon

DATUM VOORONDERZOEK

20 mei 2020

DATUM VELDWERK

26 mei 2020

DATUM PEILBUISBEMONSTERING

3 juni 2020

VELDWERK DOOR

dhr. T. Guijt dhr. J.H.J. ten Dam

2001/2002/2018

PROJECT DOCUMENTNUMMER

2 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Samenvatting Dit rapport beschrijft een verkennend bodemonderzoek, inclusief asbest en PFAS, die zijn uitgevoerd in opdracht van Stichting Woonwaarts ter plaatse van het flatgebouw aan de Lankforst nrs. 4402 t/m 4472 te Nijmegen. Aanleiding voor beide onderzoeken vormt de voorgenomen herinrichting. Doel is het vaststellen van de bodemkwaliteit op de onderzoekslocatie. Tabel 1.1 Hypothese en resultaten ONDERZOEKSLOCATIE/

STRATEGIE¹

DEELLOCATIE

RESULTATEN2 GROND

GRONDWATER

Planlocatie Lankforst (chemisch)

ONV-NL

PFAS (0,2-1,2 ug/kg)*

-

Planlocatie Lankforst (asbest)

VED-HE-AS

-

n.o.

1) ONV-NL

: onverdacht, niet lijnvormig, conform NEN 5740

VED-HE-AS : verdacht, diffuus belast heterogeen verdeeld, asbest, conform NEN 5707 2) (zie ook bijlage C)

n.o.

: niet onderzocht

-

: <= AW2000 grond of streefwaarde grondwater/detectiegrens

*

: > AW2000 grond of > streefwaarde grondwater

**

: >½(AW2000 grond+I)-waarde of >½(S grondwater+I)-waarde

***

: >Interventiewaarde grond of grondwater

Conclusie en aanbevelingen De licht verhoogde concentraties lood of zink in de bovengrond geven vanuit de Wet bodembescherming geen noodzaak voor het uitvoeren van nader onderzoek en/of het treffen van sanerende maatregelen; De aangetoonde concentraties PFAS in de bodem vormen in milieuhygiënische zin geen belemmering voor het toekomstig gebruik (nieuwbouwlocatie) en geven geen noodzaak voor het uitvoeren van nader onderzoek en/of het treffen van sanerende maatregelen. Ten aanzien van grondverzet op en van de onderzoekslocatie dient rekening te worden gehouden dat de vrijkomende grond op basis van PFOS en PFOA. Dit wordt indicatief ingedeeld in toepassingsklasse Landbouw/natuur en voor wat betreft de bovengrond ter plaatse van de groenstrook/grasveld als wonen/Industrie; Op en in de bodem is zowel visueel als analytisch geen asbest aangetoond. Vervolgonderzoek is niet noodzakelijk. De aangetoonde concentraties in de bodem vormen in milieuhygiënische zin geen belemmering voor het huidig of toekomstig gebruik, te weten wonen met tuin. Vervolgonderzoek is niet noodzakelijk;

PROJECT DOCUMENTNUMMER

3 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Inhoudsopgave 1

INLEIDING ............................................................................................................................................. 6 1.1

AANLEIDING.................................................................................................................... 6

1.2

DOELSTELLING ................................................................................................................ 6

1.3

AFBAKENING ................................................................................................................... 6

1.4

LEESWIJZER ..................................................................................................................... 7

2

MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK .............................................................................. 8 2.1

AANLEIDING EN ONDERZOEKSVRAGEN .................................................................................. 8

2.2

OMSCHRIJVING LOCATIE EN HUIDIGE SITUATIE ....................................................................... 8

2.3

TERREINVERKENNING ........................................................................................................ 8

2.4

BODEM EN GEOHYDROLOGIE .............................................................................................. 9

2.5

BESCHIKBARE DOSSIERINFORMATIE ONDERZOEKSLOCATIE ........................................................ 9

2.6

CONCLUSIES VOORONDERZOEK EN HYPOTHESE .................................................................... 10

3

VELDWERKZAAMHEDEN ............................................................................................................ 12 3.1

UITVOERING VELDWERK ................................................................................................... 12

3.2

LABORATORIUMONDERZOEK ............................................................................................ 12

3.3

NORMERING .................................................................................................................. 14

3.4

KWALITEITSBORGING ...................................................................................................... 14

4

ONDERZOEKSRESULTATEN VERKENNEND BODEMONDERZOEK ...................... 15 4.1

BODEMOPBOUW EN GRONDWATER ..................................................................................... 15

4.2

VELDONDERZOEK ........................................................................................................... 15

4.3

LABORATORIUMONDERZOEK EN TOETSING .......................................................................... 16

4.4

RESULTATEN LABORATORIUMONDERZOEK EN VELDWERKONDERZOEK ....................................... 19

4.5

TOETSING ONDERZOEKSHYPOTHESE................................................................................... 20

5

ONDERZOEKSRESULTATEN VERKENNEND BODEMONDERZOEK ASBEST .... 21 5.1

VELDONDERZOEK ........................................................................................................... 21

5.2

LABORATORIUMONDERZOEK EN TOETSING .......................................................................... 21

5.3

BEPALING ASBESTCONCENTRATIE EN TOETSING .................................................................... 22

5.4

RESULTATEN LABORATORIUMONDERZOEK EN VELDONDERZOEK ............................................... 22

5.5

TOETSING ONDERZOEKSHYPOTHESE................................................................................... 22

6

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ...................................................................................... 23 6.1

CONCLUSIES ................................................................................................................. 23

6.2

AANBEVELINGEN ............................................................................................................ 23

PROJECT DOCUMENTNUMMER

4 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

BIJLAGEN A

: Topografische ligging

B

: Beschrijving bodemopbouw

: Situatietekening

C

: Verklaring analysepakketten, analysecertificaten

D

: Analyse- en toetsresultaten

E

: Normering en certificering

F

: Verklaring onafhankelijkheid

G

: Gegevens vooronderzoek (milieuatlas Nijmegen, topotijdreis)

H

: Toetstabel Tijdelijk handelingskader PFAS

I

: Fotorapportage

PROJECT DOCUMENTNUMMER

5 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

1

Inleiding In opdracht van Stichting Woonwaarts is door BOOT organiserend ingenieursburo een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd, inclusief asbest en PFAS, rondom een flatgebouw aan de Lankforst 4402-4472 te Nijmegen. De onderzoekslocatie heeft een grootte van circa 2.060 m². Een overzicht van de locatie is weergegeven in bijlage A, blad 2. Het onderzoek is uitgevoerd in twee fasen. In de eerste fase is een vooronderzoek (conform NEN 5725) uitgevoerd. Aan de hand hiervan is de onderzoeksstrategie bepaald. In de tweede fase is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd conform NEN 5740 en NEN 5707. Het veldwerk is uitgevoerd onder erkenning van de BRL SIKB 2000. De laboratoriumanalyses zijn uitgevoerd conform AS 3000.

1.1

Aanleiding Aanleiding voor het verkennend onderzoek vormt de voorgenomen herinrichting van de locatie waarbij het huidige flatgebouw zal worden gesloopt en nieuwe woningen worden gerealiseerd. In het kader hiervan is het gewenst inzicht te krijgen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem.

1.2

Doelstelling Doel van het verkennend bodemonderzoek is na te gaan of de bodem (met betrekking tot milieuhygiënische kwaliteit van de bodem) geschikt is voor het huidig en/of toekomstig gebruik of dat mogelijk een bedreiging van de volksgezondheid kan optreden. Met het oog op de beoogde grondwerkzaamheden zijn grondmonsters genomen die aanvullend zijn geanalyseerd op Poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) met als doel het indicatief bepalen van de toepassingsklasse van de vrijkomende grond. Doel van het verkennend bodemonderzoek asbest is om met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op de onderzoekslocatie een bodemverontreiniging met asbest aanwezig is. Op basis van de berekende asbestconcentratie kan een indicatieve uitspraak worden gedaan over het asbestgehalte in de bodem.

1.3

Afbakening Het uitgevoerde onderzoek betreft een verkennend bodemonderzoek en verkennend bodemonderzoek asbest. Bij een verkennend onderzoek wordt middels vooronderzoek, bestaande uit een historisch onderzoek en terreininspectie, in beeld gebracht of en zo ja waar verontreinigingen worden verwacht. Op basis hiervan wordt een strategie opgesteld voor het veldwerk. Het veldwerk bestaat uit een aantal boringen en asbestinspectiegaten, waarbij de visuele waarnemingen worden vastgelegd en een aantal representatieve mengmonsters worden samengesteld. Op basis van de resultaten wordt geconcludeerd of de verwachting uit het vooronderzoek juist is. Indien daartoe aanleiding is, dient aanvullend onderzoek te worden gedaan om vast te stellen of daadwerkelijk sprake is van een verontreiniging en wat de omvang daarvan is.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

6 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Middels een verkennend onderzoek wordt beoordeeld of de bodem geschikt is voor het beoogde gebruik en/of een verontreiniging wordt verwacht. Het vaststellen van de bodemkwaliteitsklasse van de bodem voor toepassing elders maakt hiervan geen onderdeel uit. Het onderzoek is op een zorgvuldige wijze en door gekwalificeerd personeel uitgevoerd. De betrouwbaarheid van het onderzoek wordt hierbij beïnvloed door: Beschikbaarheid van historische informatie. Onvolledige historische informatie kan leiden tot een onjuiste onderzoeksstrategie; Het onderzoek wordt uitgevoerd conform een gestandaardiseerde methode. Op basis hiervan worden middels een steekproef, boringen geplaatst en asbestinspectiegaten gegraven en monsters genomen. Doordat de steekproefomvang afgeleid is van de norm wordt een betrouwbaar beeld van de bodemkwaliteit verkregen. Lokale afwijkingen van de bodemkwaliteit kunnen niet volledig worden uitgesloten; Het onderzoek betreft een momentopname. Eventuele toekomstige bodembedreigende activiteiten, calamiteiten (bijvoorbeeld brand of morsing van bodemvreemde vloeistoffen), sloopwerkzaamheden of bouwrijp maken en aanvoer van grond van elders kunnen de bodemkwaliteit (sterk) beïnvloeden. 1.4

Leeswijzer Hoofdstuk 2 beschrijft de resultaten van het vooronderzoek. De opzet van het veld- en laboratoriumonderzoek volgen in hoofdstuk 3. De resultaten van veldwerkzaamheden, laboratoriumonderzoek en de verontreinigingssituatie staan beschreven in hoofdstuk 4 en 5. In hoofdstuk 6 worden conclusies en eventuele aanbevelingen beschreven.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

7 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

2

Milieuhygiënisch vooronderzoek In dit hoofdstuk wordt het kader van het vooronderzoek vastgesteld en relevante onderzoeksvragen voor zover als mogelijk beantwoord. Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5725:2017. Als eerste stap wordt de aanleiding van het vooronderzoek vastgesteld. Bij vervolgstappen volgt de afbakening van de onderzoekslocatie, het verzamelen van informatie en beantwoorden van relevante onderzoeksvragen en tot slot het trekken van conclusies en opstellen van een hypothese. Het vooronderzoek heeft betrekking op de gehele onderzoekslocatie, terrein rondom appartementencomplex 4402 t/m 4472 en de directe omgeving In bijlage G is de bronvermelding van de verzamelde informatie weergegeven.

2.1

Aanleiding en onderzoeksvragen In de NEN 5725 is een aantal standaard aanleidingen en onderzoeksvragen geformuleerd. De volgende aanleiding is voor onderhavig onderzoek van toepassing: het opstellen van de hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van het uitvoeren van een bodemonderzoek. Op basis van de aanleiding(en) van het vooronderzoek zijn voor deze aanleiding(en) een aantal onderzoeksvragen vastgesteld. De onderzoeksvragen zijn beschreven in de NEN 5725 en worden gebruikt als leidraad bij het vooronderzoek.

2.2

Omschrijving locatie en huidige situatie De onderzoekslocatie is gelegen binnen de bebouwde kom in de wijk Dukenburg op een afstand van circa 3,5 kilometer ten zuidwesten van het centrum van Nijmegen. De Xcoördinaat op de Topografische Kaart van Nederland is voor de onderzoekslocatie 184.031 en de Y-coördinaat is 425.295. De topografische ligging is weergegeven in bijlage A, blad 1. Huidig en toekomstig gebruik De onderzoekslocatie is in gebruik als woonwijk met flatgebouwen met er omheen groenstroken, trottoirs (tegels) en parkeerterreinen (klinkers). De toekomstige functie van de locatie wordt wonen met tuin. De voorgenomen werkzaamheden bestaan uit herinrichting van de locatie bestaande uit sloop van het flatgebouw en de realisatie van nieuwbouwwoningen.

2.3

Terreinverkenning De terreinverkenning is direct voorafgaand aan het veldwerk uitgevoerd op 26 mei 2020. De locatiegegevens zoals genoemd in paragraaf 2.2 is tijdens de terreinverkenning geverifieerd. Tijdens de terreinverkenning zijn geen verdachte bronlocaties aangetroffen.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

8 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

2.4

Bodem en geohydrologie Het freatisch grondwater bevindt zich op circa 2 meter beneden maaiveld. De regionale grondwaterstromingsrichting van het freatisch grondwater is oostelijk gericht. De lokale grondwaterstroming kan worden beïnvloed door de aanwezigheid van watergangen, kabel-, leiding en/of rioolsleuven en grondwateronttrekkingen in de directe omgeving. In onderstaande tabel is een weergave gegeven van de regionale bodemopbouw. Tabel 2.1 Schematische weergave van de regionale bodemopbouw

PAKKET

DIEPTE

(METER

SAMENSTELLING

T.O.V. NAP Formatie van Kreftenheye

+8,50 tot -11,0

Zand, matig grof tot uiterst grof (210 - 2000 µm), grijs

Formatie van Peize en Waalre

-11,0 tot -50,0

Zand, matig grof tot uiterst grof (210 - 2000 µm),

tot bruin, kalkhoudend, bont, grindhoudend

lichtgrijs tot wit, kalkloos, zwak tot matig grindig (fijn en matig grof ; 2 - 16 mm), in de fractie fijn grind zeer veel restkwarts. Zand, uiterst fijn tot uiterst grof (63 - 2000 µm), kalkloos tot kalkrijk, sporadisch schelphoudend, weinig tot matig glimmerhoudend, spoor tot weinig donkere korrels, grijs tot witgrijs, soms bruingrijs, in de grovere fractie met (rood)bonte componenten. Formatie van Oosterhout

-50,0 tot >65,0

Zand, zeer fijn tot zeer grof (105-420 µm), spoor tot weinig schelpgruis en schelpen, spoor glauconiet, grijs en grijsgroen

2.5

Beschikbare dossierinformatie onderzoekslocatie Hieronder is dossierinformatie weergegeven welke betrekking heeft op de onderzoekslocatie. Tabel 2.2 Verzamelde informatie Bron

Bijzonderheden

Informatie opdrachtgever

Voornemen is om het bestaande flatgebouw te slopen en ter plaatse 27 woningen te realiseren.

Bodematlas Prov.

Asbestdakenkaart: niet asbestverdacht (zie bijlage G)

Gelderland

Geen verdere informatie bekend

Bodemloket

Geen meldingen bekend

Topotijdreis

Op historisch kaartmateriaal is zichtbaar dat in de jaren “50 bebouwing aanwezig is geweest. Daarvoor was het weiland en een agrarisch gebruik. De bebouwing lijkt voor de jaren “60 gesloopt. In de jaren “70 is de bebouwing zichtbaar zoals op moment van onderzoek aanwezig is. Een kopie van het historisch kaartmateriaal is toegevoegd als bijlage G.

Milieuatlas Nijmegen

Bodemonderzoeken Geen uitgevoerd bodemonderzoek m.b.t. de onderzoekslocatie in archief aanwezig.

Verkennend bodemonderzoek, directe omgeving Locatie/adres: Lankforst 52e Ligging: Circa 50 meter ten westen van huidig onderzoeksgebied

PROJECT DOCUMENTNUMMER

9 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Bron

Bijzonderheden Door: Heidemij Advies Datum: 01-05-1989 Rapportnr.: 0060/634/16581/R004 Resultaten bovengrond: het PAK-gehalte overschrijdt de A-waarde en in de mengmonsters MM2 en MM3 overschrijdt het EOCl-gehalte eveneens de A-waarde. Resultaten ondergrond: Resultaten grondwater: de concentraties aan kwik, lood en somparameter EOCl (Extraheerbare Organische Chloorverbindingen) overschrijden de A-waarde en de zinkconcentratie overschrijdt de B-waarde 3.3 maal. Conclusies en aanbevelingen: de verhoogde zinkconcentratie vormt aanleiding voor enig nader onderzoek, dat zich in eerste instantie kan beperken tot een herbemonstering van peilbuis 11. Verder zijn er geen bezwaren tegen het in gebruik nemen van de locatie voor woonbebouwing.

Bodemsanering Geen uitgevoerde bodemsanering m.b.t. de onderzoekslocatie in archief aanwezig.

(Ondergrondse) brandstoftanks Geen gegevens m.b.t. (voormalige) brandstoftanks in archief aanwezig

Bodemkwaliteitskaart

Deelgebied: 1965 – heden:

gemeente Nijmegen

Bodemfunctieklasse: Wonen

(Nota-Bodembeheer-

Bodemkwaliteitsklasse: Achtergrondwaarde

Gemeente-Nijmegen)

Toepassingseis voor de partij toe te passen grond: Achtergrondwaarde

Expertisecentrum PFAS

Op basis van de beschikbare onderzoeksgegevens ten aanzien van PFAS bestaat het vermoeden dat Nederland grofweg in drie soorten gebieden aangeduid kunnen worden: 1.

Niet belaste gebieden;

2.

Diffuus belaste gebieden, bestaande uit stedelijk gebied, industriële gebieden, land- en tuinbouw;

3.

Gebieden

beïnvloed

door

bronnen

PFAS,

waaronder

vliegvelden,

brandweeroefenterreinen, PFAS-verwerkende bedrijven en hun directe omgeving.

Ter plaatse van de onderzoekslocatie hebben geen activiteiten en/of calamiteiten plaatsgevonden die de bodem direct verdacht maken voor de aanwezigheid van PFAS. Als gevolg van diffuse belasting worden licht verhoogde gehalten in de bodem verwacht.

2.6

Conclusies vooronderzoek en hypothese Middels het uitgevoerde vooronderzoek zijn de onderzoeksvragen zoals genoemd in paragraaf 2.1 zo goed mogelijk beantwoord. De informatie welke van invloed is op de bepaling van de hypothese wordt hieronder weergegeven.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

10 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Uit het vooronderzoek is geen informatie naar voren gekomen waaruit blijkt dat activiteiten en/of calamiteiten hebben plaatsgevonden welke een negatieve invloed op de milieuhygiënische bodemkwaliteit ter plaatse hebben uitgeoefend. Voor de locatie is de hypothese ‘onverdacht’ conform de NEN 5725 van toepassing. De onderzoekslocatie is niet lijnvormig. Bij het verkennend onderzoek is ook PFAS opgenomen. Dit is gecombineerd uitgevoerd met het chemisch onderzoek volgens NEN 5740. Mogelijk worden licht verhoogde concentraties verwacht op grond van depositie. Voor PFAS wordt uitgegaan van een diffuus belast gebied, en wordt de NEN 5740 gevolgd wat betreft aantal boringen en analyses. De meeste verdachte bodemlaag is de (onverharde) bovengrond. De locatie is volgens de asbestdakenkaart van Gelderland ‘Niet verdacht’. Omdat geen verdere informatie bekend is met betrekking tot asbest in de bodem en omdat men voornemens is om ter plaatse woningen met tuin te realiseren is een verkennend bodemonderzoek asbest uitgevoerd. In onderstaande tabel is een overzicht weergegeven van de (deel)locaties, bijbehorende hypothese en verdachte parameters. Tabel 2.3 Overzicht deellocaties met onderzoeksstrategie DEELLOCATIE

OPPERVLAKTE

HYPOTHESE

STRATEGIE¹

(M²) A

Planlocatie Lankforst

2.060

(chemisch) B

PARAMETERS

Onverdacht,

ONV-NL

PFAS

ONV

-

kleinschalig

Planlocatie Lankforst (asbest)

2.060

Onverdachte kleinschalig

1) ONV-NL

: onverdacht, niet lijnvormig, conform NEN 5740

PROJECT DOCUMENTNUMMER

11 / 23

REVISIEDATUM

VERDACHTE

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

3

Veldwerkzaamheden In dit hoofdstuk worden de veldwerk- en laboratoriumresultaten gepresenteerd.

3.1

Uitvoering veldwerk Het veldwerk is uitgevoerd op 26 mei 2020. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn de volgende werkzaamheden verricht: een visuele beoordeling van de situatie ter plaatse (terreinverkenning); maaiveldinspectie (conform NEN 5707) op aanwezigheid asbestverdachte materialen; verrichten van twaalf handboringen waarvan één afgewerkt met een peilbuis (nrs 01 t/m 12); graven van twaalf asbestinspectiegaten van 0,3 x 0,3 meter tot minimaal 50 cm-mv (nrs. G001 t/m G012); doorboren drietal inspectiegaten (nrs. G001 t/m G003) met behulp van een grondboor met een diameter van 12 cm tot de ongeroerde bodem met een maximale diepte van 2,0 m-mv; systematische inspectie ontgraven materiaal op aanwezigheid van asbest met behulp van een zeef of hark (>20 mm); het zintuiglijk beoordelen van het bij de boringen vrijgekomen bodemmateriaal op eventuele aanwezigheid van verontreinigingen; bemonstering van het opgeboorde bodemmateriaal; samenstellen van grondmengmonsters van bodemmateriaal afkomstig van de meest verdachte bodemlaag (0 – 0,5 m-mv) ten behoeve van asbestanalyses; het inmeten van de bemonsteringslocaties middels GPS (RTK-GPS). Tabel 3.1 Deellocaties met boringen, gaten en peilbuizen DEELLOCATIE

A

Planlocatie Lankforst

B

Planlocatie Lankforst

BORING

BORING DIEP

BORING ONDIEP

GATEN

PEILBUIZEN¹

(CA. 2 M-MV)

(MIN. 0,5 M-MV)

(0,3*0,3M)

001

002, 003,

004 t/m 012

-

-

-

(chemisch) G001 t/m G012

(asbest) 1) Peilbuizen met bovenzijde filter vanaf 0,5 meter minus grondwater (standaard NEN/VEP).

De boorlocaties zijn weergegeven in bijlage A, blad 2. 3.2

Laboratoriumonderzoek Het laboratoriumonderzoek (chemisch onderzoek) is uitgevoerd door Eurofins Analytico B.V. Het laboratoriumonderzoek (asbest) is uitgevoerd door Eurofins Omegam B.V. Een overzicht van de samenstelling van de verschillende grond(meng)monsters inclusief dieptes en de bemonsterde peilbuis met bijbehorende chemische analyses is weergegeven in tabel 3.2 en tabel 3.3.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

12 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Tabel 3.2 Overzicht samenstelling grondmonsters en analyseparameters DL1

(MENG-)

BORINGNUMMER(S)

MM 001

ANALYSE2

REDEN MONSTERSELECTIE

Standaardpak-

Bovengrond, zand, zwak

ket grond incl.

baksteen en steen, ter

(M-MV)

MONSTER

A

DIEPTE

001, 003, 005, 006,

0,00 – 0,50

007, 008

plaatse van groenstrook/gras A

MM 002

002, 004, 009, 010,

0,05 – 0,57

011, 012

Standaardpak-

Cunetzand, visueel schoon,

ket grond incl.

zwak steenhoudend, ter plaatse van verharding

A

MM 003

002, 004, 009, 011,

0,30 – 0,60

012

Standaardpak-

Zwak baksteen, steen, beton

ket grond incl.

en kolengruis, zandlaag onder cunetzand t.p.v. verharding

A

MMP001

001, 003, 005, 006,

0,00 – 0,50

007, 008

A

MMP002

002, 004, 009, 010,

0,05 – 0,57

011, 012

A

MMP003

002, 004, 009, 011,

0,30 – 0,60

012

PFAS (28)

Bovengrond, zand, zwak

Handelingska-

baksteen en steen, ter

der

plaatse van groenstrook/gras

PFAS (28)

Cunetzand, visueel schoon,

Handelingska-

zwak steenhoudend, ter

der

plaatse van verharding

PFAS (28)

Zwak baksteen, steen, beton

Handelingska-

en kolengruis, zandlaag

der

onder cunetzand t.p.v. verharding

B

VE001.2

G002, 004, 009, 010,

0,35 – 0,60

011, 012

Asbest Grond

Zwak baksteen, steen, beton

NEN5898 2016

en kolengruis, zandlaag onder cunetzand t.p.v. verharding

B

VE002.1

G001, 003, 005, 006,

0,00 – 0,50

007, 008,

Asbest Grond

Bovengrond, zand, zwak

NEN5898 2016

baksteen en steen, ter plaatse van groenstrook/gras

1) Deellocatie A, planlocatie Lankforst - chemisch Deellocatie B, planlocatie Lankforst - asbest 2) zie bijlage C, incl. = inclusief organisch stof- en lutumgehalte

Tabel 3.3 Overzicht grondwatermonsters en analyseparameters DL 1

PEILBUIS/WATERMONSTER

FILTERSTELLING (M-MV)

ANALYSE2

A

001-1-1

2,70 – 3,70

Standaardpakket grondwater

1) Deellocatie A, planlocatie Lankforst - chemisch 2) zie bijlage C

PROJECT DOCUMENTNUMMER

13 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

3.3

Normering Het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd conform NEN 5740: Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond. Het verkennend onderzoek asbest is uitgevoerd conform NEN 5707: Bodem - Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond. Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000 (beoordelingsrichtlijn voor het SIKB procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek). De laboratoriumanalyses (chemische parameters) zijn uitgevoerd conform de AS3000. De laboratoriumanalyses (asbest) zijn uitgevoerd conform NEN 5898. Afwijkingen Tijdens het onderzoek is niet afgeweken van de geldende normen.

3.4

Kwaliteitsborging Het procescertificaat van BOOT organiserend ingenieursburo (nr. VB-007) en het hierbij behorende keurmerk (BRL SIKB 2000) zijn van toepassing op de activiteiten inzake het milieukundig veldwerk, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, en de overdracht van de monsters aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. Het onderzoek is op een zorgvuldige werkwijze en door gekwalificeerd personeel uitgevoerd. Om de onafhankelijkheid van het onderzoek te waarborgen, verklaart BOOT organiserend ingenieursburo onafhankelijk te zijn ten aanzien van opdrachtgever en projectlocatie.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

14 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

4

Onderzoeksresultaten verkennend bodemonderzoek In dit hoofdstuk worden de resultaten voortvloeiend uit het veldwerk en chemische analyse inclusief toetsing gepresenteerd. Voor een verdere uitwerking voor asbest wordt verwezen naar het volgende hoofdstuk.

4.1

Bodemopbouw en grondwater Bodemgesteldheid In tabel 4.1 is een overzicht van de aangetroffen bodemopbouw weergegeven. De bodembeschrijving per boring is weergegeven in bijlage B. Tabel 4.1 Bodemopbouw BODEMLAAG

BODEMTYPE

(M-MV) 0,00 – 0,50

Zand, matig fijn, zwak humeus, matig grind

0,05 – 0,30

Verharding: Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig (cunetzand)

0,30 – 0,60

Zand, matig fijn/grof, zwak siltig, matig grindig, zwak humeus

0,50 – 1,10

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, matig grindig

1,10 – 1,50

Zand, matig grof, zwak siltig, matig grof

1,50 – 2,10

Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak grindig

2,10 – 2,60

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindig

2,60 – 3,30

Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig

3,30 – 3,60

Zand, zeer grof, zwak siltig, matig grindig (grindlaagjes)

Het grondwater bevindt zich op circa 2,20 meter beneden maaiveld. De hoogte van het maaiveld op de onderzoekslocatie varieert is circa 8,50 m+NAP. 4.2

Veldonderzoek Grond Tijdens uitvoering van de veldwerkzaamheden is op diverse plaatsen bodemvreemd materiaal in de bodem aangetroffen. Een overzicht hiervan is weergegeven in tabel 4.2. Tabel 4.2 Zintuiglijke waarneming DEELLOCATIE ¹

BORING

TRAJECT (M-MV)

BIJZONDERHEDEN

A/B

(G)001

0,00 – 0,55

sporen baksteen

A/B

(G)002

0,35 – 0,60

zwak betonhoudend

A/B

(G)003

0,00 – 0,50

sporen baksteen

A/B

(G)004

0,40 – 0,60

zwak betonhoudend

A/B

(G)005

0,00 – 0,50

zwak baksteenhoudend

A/B

(G)006

0,00 – 0,50

sporen baksteen

A/B

(G)007

0,00 – 0,50

sporen baksteen

A/B

(G)008

0,00 – 0,50

sporen baksteen

A/B

(G)009

0,30 – 0,60

sporen kolengruis en baksteen

A/B

(G)011

0,30 – 0,60

resten klinkers, zwak betonhoudend

A/B

(G)012

0,35 – 0,60

zwak betonhoudend

1)

PROJECT DOCUMENTNUMMER

15 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Deellocatie A, planlocatie Lankforst - chemisch Deellocatie B, planlocatie Lankforst - asbest

De zintuiglijke waarneming geeft geen aanleiding de onderzoeksstrategie aan te passen. Omdat slechts lichte hoeveelheden puin zijn aangetroffen zijn de betreffende grondmonsters niet separaat geanalyseerd. Wel is rekening gehouden in de mengmonstersamenstelling met het zintuiglijk aangetroffen bodemvreemd materiaal. De mengmonsters zijn samengesteld uit grondmonsters met gelijkwaardige bijmengingen. Grondwater In tabel 4.3 zijn de gemeten grondwaterstanden en de tijdens peilbuisbemonstering gemeten waarden voor temperatuur, zuurgraad, elektrisch geleidingsvermogen, zuurstof en troebelheid weergegeven. De in het veld bepaalde pH, Ec en O2 wijken niet af van datgene wat van nature in de bodem voorkomt. Bemonstering van het grondwater heeft plaatsgevonden na stabilisatie van de waarden opgelost zuurstofgehalte en elektrisch geleidingsvermogen. Tabel 4.3 Gegevens grondwater tijdens bemonstering PEILBUIS

001-1-1

DATUM

GWS¹ (METER

TEMP¹

MONSTERNAME

T.O.V. MAAIVELD)

( °C)

03-06-2020

2,08

14.08

PH¹

5.47

EC¹

O2 ¹

(µS/CM)

(MG/L)

537

-

NTU²

BELUCHT³

3.66

nee

1) BKPB

: bovenkant peilbuis

GWS

: grondwaterstand

TEMP

: temperatuur

pH

: zuurgraad

Ec

: elektrisch geleidingsvermogen

O2

: zuurstof

NTU

: troebelheid (Nephelometric Turbidity Units)

2) De in het veld gemeten troebelheid valt binnen de vastgestelde waarden voor grondwater met een natuurlijke troebelheid (0 – 10 NTU). 3) Indien tijdens het voorpompen en/of grondwatermonstername de verlaging van het waterniveau in de peilbuis groter is dan 50 cm, waarbij het filterdeel gedeeltelijk droog is komen te staan, wordt gesproken van een belucht grondwatermonster.

4.3

Laboratoriumonderzoek en toetsing Toetsing Wet bodembescherming (Wbb) De analysecertificaten van het laboratorium zijn weergegeven in bijlage C, evenals een verklaring van de analysepakketten.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

16 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

De gemeten waarden worden gecorrigeerd op basis van het gehalte lutum en organische stof. De gecorrigeerde waarde wordt de gestandaardiseerde meetwaarden (=GSSD) genoemd. De gestandaardiseerde meetwaarde wordt getoetst aan de achtergrondwaarde grond (AW2000 grond), streefwaarde grondwater en interventiewaarden, zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. De toetsingswaarden zijn als volgt gedefinieerd: Tabel 4.4 Toetsingswaarden TOETSINGSWAARDEN1

TOELICHTING

Achtergrondwaarde (AW)

Bodem ijkpunt voor de milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van verwaarloosbare risico’s voor het ecosysteem.

Streefwaarde (S)

Grondwater ijkpunt voor milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van verwaarloosbare risico’s voor het ecosysteem.

Interventiewaarde (I)

Het gehalte aan een stof waarbij de functionele eigenschappen voor de mens, dier en plant ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd.

1) In de praktijk wordt vaak het rekenkundig gemiddelde van de achtergrondwaarde (of streefwaarde) en interventiewaarde gebruikt als toetswaarden waarvoor aanvullend en/of nader bodemonderzoek noodzakelijk wordt geacht. Dit rekenkundig gemiddelde wordt de tussenwaarde genoemd.

Bij toetsing van de grond- en grondwatermonsters is voor sommige (som)parameters de streef- / achtergrondwaarde hoger dan de vereiste rapportagegrens AS3000. In voornoemd geval wordt conform bijlage G van de Regeling bodemkwaliteit en conform bijlage 1 van de Circulaire bodemsanering de rapportagegrens als Achtergrondwaarde grond / Streefwaarde grondwater aangehouden. Bij somparameters geldt dit alleen als de waarden waarmee gerekend wordt lager zijn dan de rapportagegrens. Toetsing PFAS Voor PFAS zijn tijdelijke toepassingsnormen vastgesteld voor het toepassen van grond en baggerspecie. Deze normen staan opgenomen in het zogenaamde “Tijdelijk Handelingskader voor hergebruik van PFAS houdende grond en bagger” (ministerie van I&W, 29 november 2019) en is toegevoegd in bijlage H. De toepassingsnormen zijn vastgesteld voor de bodemfunctieklassen Landbouw/natuur en Wonen/industrie. Voor locaties gelegen in grondwaterbeschermingsgebieden geldt een ondergrens van 0,1 µg/kg ds. Toetsresultaten grond In tabel 4.5 zijn de verhoogde parameters na toetsing van de geanalyseerde grondmonsters weergegeven. Tabel 4.5 Overzicht toetsresultaten grond(meng)monsters DL1

(MENG-)

BORINGNUMMER(S)

DIEPTE

TOETSING²

(M-MV)

MONSTER

A

MM 001

001, 003, 005, 006, 007, 008

0,00 – 0,50

lood*

A

MM 002

002, 004, 009, 010, 011, 012

0,05 – 0,57

zink*

A

MM 003

002, 004, 009, 011, 012

0,30 – 0,60

-

1)

PROJECT DOCUMENTNUMMER

17 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Deellocatie A, planlocatie Lankforst - chemisch Deellocatie B, planlocatie Lankforst - asbest 2) (zie ook bijlage C)

-

: <= detectiegrens/achtergrondwaarde

*

: > achtergrondwaarde

**

: > tussenwaarde

***

: > interventiewaarde

Toetsresultaten PFAS In tabel 4.6 zijn de parameters na toetsing van de geanalyseerde grondmonsters weergegeven. Tabel 4.6 Overzicht toetsresultaten grond(meng)monsters DL1

(MENG-)

BORINGNUMMER(S)

A

MMP001

DIEPTE

TOETSING TOEPASSINGSNORM²

(M-MV)

MONSTER

001, 003, 005, 006, 007, 008

0,00 – 0,50

PFOS (1,2): Wonen/industrie PFOA (0,6): Landbouw/natuur PFBA (0,3): Landbouw/Natuur

A

MMP002

002, 004, 009, 010, 011, 012

0,00 – 0,57

A

MMP003

002, 004, 009, 011, 012

0,30 – 0,60

PFOS (0,7): Landbouw/natuur PFOA (0,2): Landbouw/natuur PFOS (0,8): Landbouw/natuur PFOA (0,4): Landbouw/natuur PFBA (0,1): Landbouw/Natuur

1) Deellocatie A, planlocatie Lankforst - chemisch Deellocatie B, planlocatie Lankforst - asbest 2) Conform Toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie op de landbodem

De overige parameters PFAS waarop de grondmonsters zijn onderzocht, zijn niet met verhoogde concentraties ten opzichte van de toepassingsnorm Landbouw/natuur aangetroffen. Toetsresultaten grondwater In tabel 4.7 zijn de verhoogde parameters na toetsing van de geanalyseerde grondwatermonsters weergegeven.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

18 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Tabel 4.7 Toetsresultaten grondwatermonsters DL1

PEILBUIS/WATERMONSTER

FILTERSTELLING (M-MV)

TOETSING2

A

001-1-1

2,70 – 3,70

-

1) Deellocatie A, planlocatie Lankforst - chemisch 2) (zie ook bijlage C) -

: <= detectiegrens/streefwaarde

*

: > streefwaarde

**

: > tussenwaarde

***

: > interventiewaarde

In bijlage D zijn de gemeten concentraties, de toetswaarden en de toetsresultaten weergegeven. 4.4

Resultaten laboratoriumonderzoek en veldwerkonderzoek Bovengrond In de zwak geroerde bovengrond ter plaatse van groenstrook/gras (MM 001) overschrijdt de concentratie lood de achtergrondwaarde. De verhoogde concentratie is te relateren aan de bodemvreemde bijmengingen. In het mengmonster samengesteld van het visueel schone cunetzand ter plaatse van de aanwezige verhardingen (MM 002) overschrijdt zink de achtergrondwaarde. Een directe oorzaak is niet aan te geven. De concentratie PFOS (MMP01) overschrijdt de achtergrondwaarde Landbouw/Natuur en de concentratie PFOA en PFBA blijft beneden de achtergrondwaarden voor Landbouw/Natuur. Hierdoor voldoet de bovengrond ter plaatse van het zuidelijk deel van de planlocatie ter hoogte van de groenstrook/gras aan de toepassingsnorm Wonen/Industrie. De verhoogde concentraties zijn te relateren aan atmosferische depositie. De concentraties PFOS/PFOA blijven beneden de achtergrondwaarden Landbouw/Natuur (MMP002). Hierdoor voldoet de bovengrond (cunetzand) ter plaatse van het noordelijk deel van de planlocatie ter hoogte van de aanwezige verharding aan de toepassingsnorm Landbouw/Natuur. Ondergrond In het mengmonster wat is samengesteld van de zwak geroerde zandlaag (MM 003) direct onder het cunetzand (0,30 – 0,60 m-mv) overschrijdt geen van de onderzochte parameters de achtergrondwaarden.

In deze bodemlaag overschrijden PFOS, PFOA en PFBA de achtergrondwaarden Landbouw/Natuur niet (MMP003). Hierdoor voldoet de bodemlaag direct onder het aanwezige cunetzand aan toepassingsnorm Landbouw/Natuur. Grondwater In het grondwater overschrijdt geen van de onderzochte parameters de streefwaarden.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

19 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

4.5

Toetsing onderzoekshypothese De gevolgde onderzoeksstrategie “onverdachte locatie” blijkt formeel gezien onjuist te zijn, omdat lichte verontreinigingen zijn aangetroffen. Het uitvoeren van een onderzoek met een opzet gericht op een verdachte locatie wordt weinig zinvol geacht. De resultaten van een dergelijk onderzoek zullen naar alle waarschijnlijkheid geen belangrijke verschillen vertonen ten opzichte van de huidige resultaten.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

20 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

5

Onderzoeksresultaten verkennend bodemonderzoek asbest In dit hoofdstuk worden de resultaten voortvloeiend uit het veldwerk en asbestanalyses inclusief toetsing gepresenteerd.

5.1

Veldonderzoek Maaiveldinspectie Voorafgaand aan de graafwerkzaamheden is een maaiveldinspectie uitgevoerd. Op basis van de maaiveldinspectie wordt de onderzoeklocatie opgedeeld in homogene deellocaties, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen verdachte en onverdachte deellocaties. Doel van de maaiveldinspectie is om de oppervlakte van de verdachte locaties zoveel mogelijk in te perken. Vanwege begroeiing/vegetatie (bestaande uit struiken, gras etc.) en de aanwezigheid van /verhardingen/afdeklagen/bebouwing kon het grootste deel van het te onderzoeken maaiveld voor minder dan 50% worden geïnspecteerd. Uitgangspunt in de NEN 5707 is dat bij een inspectie-efficiëntie lager dan 50 % de waarde van een maaiveldinspectie onvoldoende is om een kwantitatieve uitspraak te doen over het asbestgehalte in de toplaag. Op het geïnspecteerde deel van het maaiveld is visueel geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Inspectie en monsterneming bodem De asbestinspectiegaten zijn gelijkmatig over de onderzoekslocatie verdeeld en zijn handmatig gegraven in de verdachte bodemlaag tot op de onverdachte ondergrond. Ter plaatse van de bebouwing zijn geen asbestinspectiegaten gegraven. Tijdens uitvoering van de veldwerkzaamheden is in de bodem geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. De inspectie-efficiëntie van het vrijkomende bodemmateriaal bedraagt 100%.

5.2

Laboratoriumonderzoek en toetsing De analysecertificaten van het laboratorium zijn weergegeven in bijlage C. De landelijke norm voor asbest in grond, bodem en puingranulaat is vastgesteld op 100 mg/kg gewogen (serpentijnconcentratie vermeerderd met tienmaal de amfibool concentratie). De interventiewaarde voor asbest (100 mg/kg ds) is opgenomen in bijlage 1 van de Circulaire bodemsanering 2009, zoals gewijzigd per 1 juli 2013. In NEN 5707 wordt onderscheidt gemaakt tussen asbest op maaiveld en asbest in de bodem. De gewogen waarden voor asbest op maaiveld en in de bodem worden separaat getoetst aan de interventiewaarde. In het stadium van een verkennend bodemonderzoek wordt de berekende asbestconcentratie gezien als een indicatief gehalte per te onderscheiden (deel)locatie. Indien het gewogen gehalte aan asbest kleiner is dan de helft van de interventiewaarde is verder onderzoek niet noodzakelijk en is het statistisch aannemelijk dat de interventiewaarde ook in een nader onderzoekstraject niet zal worden overschreden.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

21 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Zowel op maaiveld als in de vrijkomende grond is visueel geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Analytisch is geen asbesthoudend materiaal in de aangeleverde grondmonsters aangetoond. De analysecertificaten met de bepaalde asbestconcentraties zijn weergegeven in bijlage C. 5.3

Bepaling asbestconcentratie en toetsing Resultaten asbestberekening maaiveld Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Hierdoor is een berekening van het asbestgehalte van het maaiveld niet nodig. Verdachte bodemlaag (0 – 0,50 m-mv) In de meest verdachte bodemlagen is zowel visueel als analytisch geen asbestverdacht materiaal aangetoond. Een berekening van het asbestgehalte in de bodem is hierdoor niet nodig.

5.4

Resultaten laboratoriumonderzoek en veldonderzoek Maaiveld Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Verdachte bodemlaag (0,00 – ,50 m-mv) In de meest verdachte bodemlagen is zowel visueel als analytisch (VE001.2 en VE 002.1) geen asbestverdacht materiaal aangetoond.

5.5

Toetsing onderzoekshypothese De gehanteerde onderzoekshypothese “onverdachte locatie” wordt hiermee aangenomen.

PROJECT DOCUMENTNUMMER

22 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

6

Conclusies en aanbevelingen In dit hoofdstuk zijn de conclusies en aanbevelingen opgenomen.

6.1

Conclusies Uit het uitgevoerd bodemonderzoek kan het volgende worden geconcludeerd: Op de onderzoekslocatie is de bodem onderzocht op chemische parameters, inclusief asbest en PFAS. In de bovengrond zijn zwakke bijmengingen aan bodemvreemd materiaal waargenomen. De licht verhoogde concentraties lood of zink in de bovengrond geven vanuit de Wet bodembescherming geen noodzaak voor het uitvoeren van nader onderzoek en/of het treffen van sanerende maatregelen; De aangetoonde concentraties PFAS in de bodem vormen in milieuhygiënische zin geen belemmering voor het toekomstig gebruik (nieuwbouwlocatie) en geven geen noodzaak voor het uitvoeren van nader onderzoek en/of het treffen van sanerende maatregelen. Ten aanzien van grondverzet op en van de onderzoekslocatie dient rekening te worden gehouden dat de vrijkomende grond op basis van PFOS en PFOA. Dit wordt indicatief ingedeeld in toepassingsklasse Landbouw/natuur en voor wat betreft de bovengrond ter plaatse van de groenstrook/grasveld als wonen/Industrie; Op en in de bodem is zowel visueel als analytisch geen asbest aangetoond. Vervolgonderzoek is niet noodzakelijk. De aangetoonde concentraties in de bodem vormen in milieuhygiënische zin geen belemmering voor het huidig of toekomstig gebruik, te weten wonen met tuin. Vervolgonderzoek is niet noodzakelijk;

6.2

Aanbevelingen Het onderzoek naar PFAS kan ter indicatie worden gebruikt voor grondverzet binnen de onderzoekslocatie. Bij toepassingen buiten de onderzoekslocatie dient een partijkeuring te worden uitgevoerd, aangevuld met onderzoek naar PFAS. Dit bepaald de definitieve indeling in de bodemkwaliteitsklasse en mogelijkheden tot hergebruik. Vanwege het voorkomen van licht verhoogde concentraties PFAS in de grond dient bij hergebruik buiten de locatie rekening te worden gehouden dat dit niet zonder meer toegepast kan worden. Aanbevolen wordt om de grond met hogere concentraties PFAS zoveel mogelijk te hergebruiken op de onderzoekslocatie en de grond met lagere concentraties af te voeren; Indien het niet mogelijk is om bij de ontwikkeling van de locatie met een gesloten grondbalans te werken, dient grond van de locatie afgevoerd te worden. Alvorens dit materiaal elders toegepast kan worden, dient een partijkeuring conform het Besluit Bodemkwaliteit uitgevoerd te worden. Mogelijk kan in overleg met de gemeente een toepassing worden gezocht in het kader van actief bodembeheer (bodembeheerplan en bodemkwaliteitskaart);

PROJECT DOCUMENTNUMMER

23 / 23

REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Bijlage A blad 1: blad 2:

PROJECT DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM

Topografische ligging Situatietekening en monsterpunten

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

TOPOGRAFISCHE LIGGING Bijlage: A Blad: 1

PROJECT DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM

Van: 2

Opdrachtgever

: Stichting Woonwaarts

Projectnaam

: Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472)

Projectnummer

: P20-0278-A1

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) Datum : 16 juni 2020 P20-0278-011 16 juni 2020

Bijlage B Beschrijving bodemopbouw

PROJECT DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Legenda (conform NEN 5104)

PROJECT DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

!218  #$%&'(

!218 9

)*+,+)-)-

-

-

0. .

234567%3448 9$6:;<'$%=2<>=?6;<@A$8<7=B%=2;<@A$8<C&'5&7; '$%=2<23=6:=2;<@A$8<7%556C4&:56:;<7D4356 E$87%556;<65&%3$$B<E5=25E3&=6; F:5B'$6E443

#$%&'(

)*+,+)-)-

-

J

0. . /,

,-

,,

9$6:;<'$%=2<>=?6;<@A$8<7=B%=2;<@A$8<C&'5&7; '$%=2<23=6:=2;<@A$8<7%556C4&:56:;<:46853 E5=25E3&=6;<F:5B'$6E443

,-

0) ) *-

0) /

8B=6853 I4BB5:=2<8B=68537;<F:5B'$6E443 9$6:;<'$%=2<234>;<@A$8<7=B%=2;<'$%=2 23=6:=2;<@A$8<7%556C4&:56:;<65&%3$$B 255B43$6?5;<F:5B'$6E443 9$6:;<'$%=2<>=?6;<@A$8<7=B%=2;<@A$8<C&'5&7; '$%=2<23=6:=2;<@A$8<7%556C4&:56:;<@A$8 E5%46C4&:56:;<65&%3$$B<23=?7E3&=6; F:5B'$6E443 9$6:;<'$%=2<>=?6;<@A$8<7=B%=2;<'$%=2 23=6:=2;<@A$8<7%556C4&:56:;<B=GC% E3&=623=?7;<F:5B'$6E443

0/ /

.--

.-..-

9$6:;<'$%=2<234>;<@A$8<7=B%=2;<'$%=2 23=6:=2;<65&%3$$B<E3&=643$6?5;<F:5B'$6E443

0/ , .,-

01 1 .,-

9$6:;<@553<>=?6;<'$%=2<7=B%=2;<@A$8<23=6:=2; B=GC%<G35'523=?7;<F:5B'$6E443

.,.*-

0, ,

01 *

.K-

)--

)-).-

9$6:;<'$%=2<>=?6;<'$%=2<7=B%=2;<@A$8 23=6:=2;<B=GC%<23=?743$6?5;<F:5B'$6E443

),)*-

9$6:;<'$%=2<234>;<@A$8<7=B%=2;<'$%=2 23=6:=2;<@A$8<7%556C4&:56:;<B=GC% G35'523=?7;<F:5B'$6E443

/--

//-

/,-

9$6:;<@553<234>;<@A$8<7=B%=2;<'$%=2 23=6:=2;<@A$8<7%556C4&:56:;<B$$2?57 23=6:;<B=GC%<23=?743$6?5;<F:5B'$6E443

/H-

741 418!221"4513 71564418 01234568344216 01234565274809 9 0 77 9 9

)--

9$6:;<'$%=2<>=?6;<7%538<7=B%=2;<'$%=2 C&'5&7;<@A$8<23=6:=2;<:46853<E5=25E3&=6; F:5B'$6E443 9$6:;<'$%=2<>=?6;<@A$8<7=B%=2;<@A$8<23=6:=2; B=GC%<E5=25255B;<F:5B'$6E443

!218 # $%&'()

!218 K

*+,-,*.*.

.

.

345678&4559 :%7;<=(%&>3=?>@7<=AB%9=8>C&>3<=AB%9=D'(6'8< (%&>3=34>7;>3<=AB%9=8&667D5';67;<=8E5467 F%98&667<=76'&4%%C=34>@8F4'>7<=G;6C(%7F554

$%&'()

*+,-,*.*.

.

. -

0/ /

0/ /

2.

-.

-.

:%7;<=(%&>3=?>@7<=AB%9=8>C&>3<=AB%9=D'(6'8< AB%9=34>7;>3<=76'&4%%CF4'>7<=G;6C(%7F554

0* *

-.

+.

&636C L5CC6;>3=&636C<=G;6C(%7F554 :%7;<=(%&>3=345?<=AB%9=8>C&>3<=8&649 34>7;>3<=(%&>3=8&667D5';67;<=76'&4%%C 366C54%7@6<=G;6C(%7F554 :%7;<=(%&>3=?>@7<=AB%9=8>C&>3<=AB%9=D'(6'8< (%&>3=34>7;>3<=AB%9=8&667D5';67;<=AB%9 F6&57D5';67;<=76'&4%%C=34>@8F4'>7< G;6C(%7F554

0* * H.

/..

:%7;<=(%&>3=?>@7<=AB%9=8>C&>3<=AB%9=34>7;>3< C>ID&=F6>3654%7@6<=G;6C(%7F554

01 1 /2.

/-. 02 2

:%7;<=A664=345?<=AB%9=8>C&>3<=8&649=34>7;>3< AB%9=8&667D5';67;<=C%%3@68=34>7;<=C>ID& 34>@854%7@6<=G;6C(%7F554

/J.

!218 M $%&'()

!218 

*+,-,*.*.

.

.

0-N/ / -.

-.

345678&4559 :%7;<=(%&>3=?>@7<=AB%9=8>C&>3<=AB%9=D'(6'8< (%&>3=34>7;>3<=(%&>3=8&667D5';67;<=AB%9 F%98&667D5';67;<=AB%9=96>67<=76'&4%%C 34>@8F4'>7<=G;6C(%7F554<=8&'9@6=EOI

$%&'()

*+,-,*.*.

.

.

0/ / -.

741 418!221"4513 71564418 01234568344216 01234565274809 9 0# 77 9 9

-.

345678&4559 :%7;<=(%&>3=?>@7<=AB%9=8>C&>3<=AB%9=D'(6'8< (%&>3=34>7;>3<=AB%9=8&667D5';67;<=8E5467 F%98&667<=76'&4%%C=34>@8F4'>7<=G;6C(%7F554

!218 $%&'()

!218

*+,-,*.*.

.

.

123456&2337 8%59:;(%&<1;=<>5:;?@%7;6<A&<1:;?@%7;B'(4'6: (%&<1;12<59<1:;?@%7;6&445B3'9459:;6C3245 D%76&445:;54'&2%%A;12<>6D2'<5:;E94A(%5D332

$%&'()

*+,-,*.*.

.

.

0/ / -.

0/ / -.

-.

!218 F

$%&'() *+,-,*.*. GC(427<51) H23<&&3<2

.

-.

!218  . -

0IJ/ / L.

-.

123456&2337 8%59:;(%&<1;=<>5:;?@%7;6<A&<1:;?@%7;B'(4'6: (%&<1;12<59<1:;?@%7;6&445B3'9459:;6C3245 D%76&445:;54'&2%%A;12<>6D2'<5:;E94A(%5D332

0IJ* *

&414A K3AA49<1;&414A:;E94A(%5D332 8%59:;(%&<1;=<>5:;?@%7;6<A&<1:;?@%7;12<59<1: ?@%7;6&445B3'9459:;54'&2%%A;D4<1432%5>4: E94A(%5D332 8%59:;(%&<1;=<>5:;?@%7;6<A&<1:;?@%7;B'(4'6: (%&<1;12<59<1:;?@%7;6&445B3'9459:;?@%7 D%76&445B3'9459:;6C3245;73A4512'<6: 935742;D4<14D2'<5:;E94A(%5D332

$%&'()

*+,-,*.*.

.

. M

0/ / -.

+.

741 418!221"4513 71564418 01234568344216 01234565274809 9 09# 77 9 9

-M

7A<5742 K3AA49<1;7A<57426:;E94A(%5D332 8%59:;(%&<1;=<>5:;?@%7;6<A&<1:;?@%7;12<59<1: 54'&2%%A;144A32%5>4:;E94A(%5D332

!218  $%&'()

!218 9

*+,-,*.*.

.

. -

0/ / F.

-.

0* *

&1213 453316728&121398:613(%;<55= >%;698(%&728?7@;98AB%C8D73&7298AB%C82=7;6729 AB%C8D&11;E5'61;698;1'&=%%38<17215=%;@19 :613(%;<55= >%;698(%&728?7@;98AB%C8D73&7298D&1=C82=7;6729 =1D&1;8C37;C1=D98AB%C8<1&5;E5'61;698(%&72 D&11;E5'61;69837GE&8<1721<='7;9 :613(%;<55=

$%&'()

*+,-,*.*.

.

. H

0/ / F-

-.

+.

0* * +.

741 418!221"4513 71564418 01234568344216 01234565274809 9 0## 77 9 9

C37;C1= 453316728C37;C1=D98:613(%;<55= >%;698(%&7282=5?98AB%C8D73&7298AB%C 2=7;67298AB%C8D&11;E5'61;698;1'&=%%3 <17215=%;@198:613(%;<55= >%;698(%&728?7@;98AB%C8D73&7298(%&72 2=7;67298(%&728D&11;E5'61;698AB%C <1&5;E5'61;69837GE&82=7@D<='7;9 :613(%;<55=

$6%&4'(8 $  )*+,-.

/0121/3/3

3

3

@A33/B? 23

22

?33

??3

?23

?23

/33

3

9=C68D+=CCE F*8>:G-*+H9G7HI8:GJK*EGDH5+H9:GJK*EGL,-6,D: -*+H9G9=H8>H9:GJK*EGD+668LC,>68>:GDMC=68 <*ED+668:G86,+=**5G<6H96<=,H8:G4NL6M

/0121/3/3

3

@A33/B?

$6%&4'(8 $ 9 )*+,-.

/0121/3/3

3

3 O

@A33?B? ;2

F*8>:G-*+H9G7HI8:GJK*EGDH5+H9:GJK*EGL,-6,D: -*+H9G9=H8>H9:GJK*EGD+668LC,>68>:G>C8E6= <6H96<=,H8:GA>65-*8<CC=

@A33/B/

23

03

23

P3

?33

?R3

?23

E5H8E6= @C556>H9GE5H8E6=D:G4NL6M F*8>:G-*+H9G9=C7:GJK*EGDH5+H9:G-*+H9 9=H8>H9:GJK*EGD+668LC,>68>:G86,+=**5 9665C=*8I6:G4NL6M:GP39=Q/3-F*8>:G-*+H9G7HI8:GJK*EGDH5+H9:GJK*EGL,-6,D: -*+H9G9=H8>H9:GJK*EGD+668LC,>68>:GJK*E <6+C8LC,>68>:G86,+=**5G9=HID<=,H8:G4NL6M: ?R39=Q/3-F*8>:G-*+H9G7HI8:GJK*EGDH5+H9:G-*+H9 9=H8>H9:GJK*EGD+668LC,>68>:G5HNL+ <=,H89=HID:GA>65-*8<CC=

F*8>:G-*+H9G9=C7:GJK*EGDH5+H9:G-*+H9 9=H8>H9:G86,+=**5G<=,H8C=*8I6:GA>65-*8<CC= F*8>:GJ66=G7HI8:G-*+H9GDH5+H9:GJK*EG9=H8>H9: 5HNL+GN=6-69=HID:GA>65-*8<CC=

?23

?03

?P3 /33

/33

456,75689+6. 3:;3 456,7<=66>+6. 3:;3 9=C68D+=CCE F*8>:G-*+H9G7HI8:GJK*EGDH5+H9:GJK*EGL,-6,D: -*+H9G9=H8>H9:GJK*EGD+668LC,>68>:GDMC=68 <*ED+668:G86,+=**5G9=HID<=,H8:G4NL6M: ?R39=Q/3--

$6%&4'(8 $ T )*+,-.

/0121/3/3

3

3 2

@A33?B? R3

23

456,75689+6. 3:;3 456,7<=66>+6. 3:;3

?33

/?3

$6%&4'(8 $ # )*+,-.

456,75689+6. 3:;3 456,7<=66>+6. 3:;3

F*8>:G-*+H9G7HI8:GJK*EGDH5+H9:GJK*EGL,-6,D: JK*EG9=H8>H9:G86,+=**5<=,H8:GA>65-*8<CC=

23

F*8>:G-*+H9G7HI8:GJK*EGDH5+H9:GJK*EG9=H8>H9: 5HNL+G<6H96C=*8I6:GA>65-*8<CC=

F*8>:GJ66=G9=C7:GJK*EGDH5+H9:GD+6=EG9=H8>H9: JK*EGD+668LC,>68>:G5**9I6DG9=H8>:G5HNL+ 9=HIDC=*8I6:GA>65-*8<CC=

?S3

741 418!221"4513 71564418 01234568344216 01234565274809 9 0# 77 9 9

@A33?B/

03

F*8>:G-*+H9G7HI8:GD+6=EGDH5+H9:G-*+H9 L,-6,D:GJK*EG9=H8>H9:G>C8E6=G<6H96<=,H8: A>65-*8<CC= F*8>:G-*+H9G7HI8:GJK*EGDH5+H9:GJK*EG9=H8>H9: 5HNL+G<6H969665:GA>65-*8<CC=

456,75689+6. 3:;3 456,7<=66>+6. 3:;3 +6965 @C556>H9G+6965:G4NL6M F*8>:G-*+H9G9=C7:GJK*EGDH5+H9:GD+6=E 9=H8>H9:G-*+H9GD+668LC,>68>:G86,+=**5 9665C=*8I6:G4NL6M:G209=Q/3-F*8>:G-*+H9G7HI8:GJK*EGDH5+H9:GJK*EGL,-6,D: -*+H9G9=H8>H9:GJK*EGD+668LC,>68>:GJK*E <6+C8LC,>68>:G86,+=**5G9=HID<=,H8:G4NL6M: P09=Q/3--

$6%&4'(8 $ ) *+,-./

012320404

4

4

@A440BC 34

4

012320404

4

34

$6%&4'(8 $  *+,-./

012320404

4

4

@A440BC 34

567-8679:,7/ 4;<4 567-8=>77?,7/ 4;<4

@A440BC 34

:>D79E,>DDF G+9?;H.+,I:H8IJ9;HKL+FHEI6,I:;HKL+FHM-.7-E; .+,I:H:>I9?I:;H.+,I:HE,779MD-?79?;HKL+F =+FE,779MD-?79?;HKL+FHF7I79;H97-,>++6 :>IJE=>-I9;H5NM7O;HE,-FJ7HOPNBH0C4:>Q04..

34

$6%&4'(8 $ *+,-./

567-8679:,7/ 4;<4 567-8=>77?,7/ 4;<4

:>D79E,>DDF G+9?;H.+,I:H8IJ9;HKL+FHEI6,I:;HKL+FHM-.7-E; .+,I:H:>I9?I:;HKL+FHE,779MD-?79?;HEOD>79 =+FE,779;H97-,>++6H:>IJE=>-I9;H5NM7O; C04:>Q04..

:>D79E,>DDF G+9?;H.+,I:H8IJ9;HKL+FHEI6,I:;HKL+FHM-.7-E; .+,I:H:>I9?I:;HKL+FHE,779MD-?79?;HEOD>79 =+FE,779;H97-,>++6H:>IJE=>-I9;H5NM7O; C1R:>Q04..

34

$6%&4'(8 $ *+,-./

567-8679:,7/ 4;<4 567-8=>77?,7/ 4;<4

012320404

4

567-8679:,7/ 4;<4 567-8=>77?,7/ 4;<4 4

@A440BC 34

741 418!221"4513 71564418 01234568344216 01234565274809 9 09# 77 9 9

34

:>D79E,>DDF G+9?;H.+,I:H8IJ9;HKL+FHEI6,I:;HKL+FHM-.7-E; .+,I:H:>I9?I:;HKL+FHE,779MD-?79?;HEOD>79 =+FE,779;H97-,>++6H:>IJE=>-I9;H5NM7O; 0<4:>Q04..

$6%&4'(8 $ ) *+,-./ 012320404 56.789:;</ =8>:,,>:8 4

4 3

FG44HIH C4

34

FG44HI0 14

$6%&4'(8 $  *+,-./ 4

012320404

4 3

FG44HIH C4

34

FG44HI0 14

?@7-A@7;<,7/ 4BC4 ?@7-AD877E,7/ 4BC4 ,7<7@ F>@@7E:<J,7<7@BJ?KL76 M+;EBJ.+,:<JA:N;BJOP+9JQ:@,:<BJOP+9J<8:;E:<B OP+9JQ,77;L>-E7;EBJ;7-,8++@JD7:<7>8+;N7B ?KL76BJRS<8T04.. M+;EBJ.+,:<JA:N;BJOP+9JQ:@,:<BJOP+9JL-.7-QB .+,:<J<8:;E:<BJOP+9JQ,77;L>-E7;EBJOP+9 D+9Q,77;L>-E7;EBJQ6>87;J9>@7;<8-:QB E>;978JD7:<7D8-:;BJ?KL76BJHU0<8T04..

?@7-A@7;<,7/ 4BC4 ?@7-AD877E,7/ 4BC4 ,7<7@ F>@@7E:<J,7<7@BJ?KL76 M+;EBJ.+,:<JA:N;BJOP+9JQ:@,:<BJOP+9J<8:;E:<B OP+9JQ,77;L>-E7;EBJ;7-,8++@JD7:<7>8+;N7B ?KL76BJHHS<8T04.. M+;EBJ.+,:<JA:N;BJOP+9JQ:@,:<BJQ,789J<8:;E:<B 87Q,7;J9@:;978QBJOP+9JD7,>;L>-E7;EBJ.+,:< Q,77;L>-E7;EBJ@:KL,JD7:<7D8-:;BJ?KL76B RW4<8T04..

$6%&4'(8 $  *+,-./ 012320404 56.789:;</ V+89778,7887:; 4

4 R

?@7-A@7;<,7/ 4BC4 ?@7-AD877E,7/ 4BC4 9@:;978 F>@@7E:<J9@:;978QBJ?KL76 M+;EBJ.+,:<JA:N;BJOP+9JQ:@,:<BJOP+9J<8:;E:<B ;7-,8++@J<77@>8+;N7BJ?KL76BJH0U<8T04..

FG44HIH 34

3R

$6%&4'(8 $ 9 *+,-./

012320404

4

4 R

FG44HIH C3

34

741 418!221"4513 71564418 01234568344216 01234565274809 9 0## 77 9 9

FG44HI0 14

?@7-A@7;<,7/ 4BC4 ?@7-AD877E,7/ 4BC4 9@:;978 F>@@7E:<J9@:;978QBJ?KL76 M+;EBJ.+,:<J<8>ABJOP+9JQ:@,:<BJOP+9 <8:;E:<BJOP+9JQ,77;L>-E7;EBJ;7-,8++@ D7:<7>8+;N7BJ?KL76BJR3<8T04.. M+;EBJ.+,:<JA:N;BJOP+9JQ:@,:<BJ.+,:< <8:;E:<BJ.+,:<JQ,77;L>-E7;EBJOP+9 D7,>;L>-E7;EBJ@:KL,J<8:NQD8-:;BJ?KL76B H04<8T04..

Bijlage C Verklaring analysepakketten, analysecertificaten

PROJECT DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

Bijlage C Analysepakketten grond en grondwater Standaardpakket grond - fysische bepalingen bepaling drogestof gehalte (indamprest); - metalen: barium (Ba), cadmium (Cd), kobalt (Co), koper (Cu), nikkel (Ni), lood (Pb), zink (Zn), kwik (Hg), molybdeen (Mo); - polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK): PAK-totaal (VROM 10; naftaleen, fenanthreen, anthraceen, fluorantheen, benzo(a)anthraceen, chryseen, benzo(k)fluorantheen, benzo(a)pyreen, benzo(ghi)peryleen, indeno(123-cd)pyreen); - gechloreerde koolwaterstoffen: polychloorbifenylen (som 7; PCB 28, PCB 52, PCB 101, PCB 118, PCB 138, PCB 153, PCB 180); - minerale olie (GC).

Standaardpakket grondwater - metalen: barium (Ba), cadmium (Cd), kobalt (Co), koper (Cu), nikkel (Ni), lood (Pb), zink (Zn), kwik (Hg), molybdeen (Mo); - aromaten: benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, naftaleen, som vluchtige aromaten (BTEXN), styreen (vinylbenzeen) - gechloreerde koolwaterstoffen: som vluchtige koolwaterstoffen (vinylchloride, dichloormethaan, trichloormethaan, tetrachloormethaan, trichlooretheen, tetrachlooretheen, 1,1-dichloorethaan, 1,2-dichloorethaan, 1,1- dichlooretheen 1,1,1-trichloorethaan, 1,1,2-trichloorethaan) , cis 1,2-dichlooretheen; trans 1,2-dichlooretheen, som 1,2dichlooretheen, 1,1- dichloorpropaan, 1,2- dichloorpropaan, 1,3-dichloorpropaan; - minerale olie (GC). - bromoform (tribroommethaan)

PROJECT DOCUMENTNUMMER REVISIEDATUM

Nijmegen, Planlocatie Lankforst (nrs. 4402 t/m 4472) P20-0278-011 16 juni 2020

#$$0$ 71%7989  6 01213156789 2 9 2 6 

&'()*+,-,./010-((/ 2  ! ""

89 826327993293249236379 9326 26 8 6 9 56961 D9 8E8:22 9 ;9 89 ""@CA;A " ">@ 789 629:;39 327 9 82 979B2646  789 629:22 786 9  9 " ">@ A A 69 <=63279 "> 2? "" 8:9 8E8:22 278389 858279499386 979 99 6 :99 1 9223?9932949923399996687694999 69E 9629:1 97 6 69 86 96F896922 63279822 9829 69 6"89692 2 63271G6 9 9799 8:486 99 69 2 892E79369 1 % 899 69 3279 9822 89993823939 56969882789H9 9322 89 3826A89 6 27366 2E3669 3292 22 9822 99 86 96 9 969 226996 9 9166 966932493279 982 9 32 69 39 8825988222 99 823821 #982 96 2 

22 

2 96987

I8239 6899 69869 2:4489 9922 39 82:4879499879369 B 6:4722 2239887328 223?9:9 8E8:2267327949939 569698827:62:6999 9 992E 93879 66699 3891 9389 9382697 69B  6E823?8:6#11 %711934859 09:48:232279

JK.L10'+M&'()*/0-LMNOPO Q839897F" FC >>A##2 9393 1$1#6HF >>#2 9393

 6E823?8:6#118%U$AFA"A79:9 8E8:99 66 0W 0931RA<=F"F"C #2 82U11"">"F" 99 69 66 49322 9Q989<$9991$ 79387=B S2HRA<=F"F"C %#>A#"">"F" 49# 939Q989<#%=B49I2239Q989<Q5 $I=  2838E6 93T9 6E813#%D#" 966 9639 49832H9  7<=1 U8988819 6E813 V3V;D6D61@@C" #0I;061@F1AF1@@1#A

!"#$%&'&()*+*'"")

/01 24234456334  0123454679 6  /01 2426 3  /0546334 12 6 646434 6 643 1@  65A=7,B !"#$%& FGG(H&;"!<&#*!I

>? 54463 446=7,

JG<&KLM!<*I&N"!"#$%&%

>41D12 6334E414 7 5 3 8 11  545 3 912454  516

:&!;&*<







/1543 45 /1543 45 /1543 45 /1543 45

6 4463O3P O4 4461444345444 A 5B 7 U 54 D SA33B 7 W5 612 4 D SA33B5 SA33B5 4414 7 P 445 4VX3A93B SA33B5

QR  Q T,

QTR V QQ 

QR  QQ R

7 9 13A9 B 7 > 5313A>5B 7 P O 4A> B 7 P 14A>B 7 P01AZ5B 7 6 4?O5446A6 B 7 01 44A01B 7 9 5AOB 7 [16 A[6B

35 55 35 55 35 55 35 55 35 55 35 55 35 55 35 55 35 55

 V V, C RR VR C T T,

V V V, C VR VR R V 

V V V, VR VR VR R , C

6164 44414A>>B 6164 44414A>>CB 6164 44414A>C>B 6164 44414A>>,B 6164 44414A>,>,RB 6164 44414A>,R>TB 7 6164 44414  4A>>TB

35 55 35 55 35 55 35 55 35 55 35 55 35 55

V, VR VR V R VC V,R

V, VR VR V VR VC V,R

V, VR VR V VR VC V,R

7 >9 7 >9R

35 55 V 35 55 V

V V

V V

Y&)"#&!

Y*!&("#&NG#*&

\G#$';#GG(H*+&!$#&!]N\^J

i(_ YG!%)&(GK%';(*fg*!I

v")MKNKG!%)&(!"K& YG!%)&(N!(_

 66  66 , 66,

:M(G+*!%N!"#$)*'GNJ_F_

C, 6 ? ,-6., =797> 

C6 ? C6 ? C6 ?

,RQC ,RQ ,RQ

h.5 83=54 2245144543412 165 =.=T4 46543412 165 7.=77dP94 46543412 165 E.E9=8b94 46543412 165

U1241D12 3 514146516u12654 4440 5465441 52445 1454045TTC 44`,AB,TTC, 90 1O 7=QTRR b D16=6 4?12 9E1d7WT.R54241D124455 pE ,099 643445 a @`,AB,TTC,QQ d9=0.0990=QTRR 464 4655 4E4 34404AWE=646U41W3543165B7 W9 @TRQ b3 1416D 463c4 D1664 9d>.90=09= 49444404A9d6B74e 44404AU80bWeUB P3P> >0 QC, ,=99 64344509 7140004 D1664 465 5434 4153 69@43O5A6bEB 9eE=0 09T,T,9

qrsqrt jklmnon

!"#$%&'&()*+*'"")

/01 24234456334  0123454679 6  /01 2426 3  /0546334 12 6 646434 6 643 1@  65A=7,B !"#$%&

:&!;&*<

>41D12 6334E414 7 5 3 8 11  545 3 912454  516 





7 >9 7 >9 7 >9, 7 >9G, 7 >9 7 >9A 3BAD 2 7B

35 55 F 35 55 F 35 55 F 35 55 F 35 55 F 35 55 HI B

F F F F F HI B

F F F F F HI B

7 0 D 4446 7 Q46 6 446 7 =6  2446 7 Q4  6 446 7 946R A B 6  2446 7 > ?446 7 946R A BD4  6 446 7 946R A B1?446 7 946R A5 1B14?4446 7 S6546 A,25B1?446 7 =TE8U6ABAD 2 7B

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=f69303e2-f630-4fa8-b8ab-3450793c9537