CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 13 Evaluatie- en selectierapport archeologie

Besluitronde (raadsvergadering) 22 december 2021, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling Bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld -7 (Van Slichtenhorststraat 91-93) (129/2021)3.001 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Assist Exlore Archeologie Evaluatie- en selectierapport Een archeologisch proefsleuvenonderzoek: Van Slichtenhorststraat 91-93 te Nijmegen (plangebied Piushove)

Datum CIS-code Projectcode Rapporteur Versie Goedkeuring senior-archeoloog (Assist Explore bv) Goedkeuring opdrachtgever (Claver Real Estate bv)

27-11-2020 4920420100 NIJP01 L.M. Flokstra Concept

Drs. M. Smit Datum: Handtekening:

Goedkeuring bevoegd Gezag archeologie (gemeente Nijmegen)

Datum: Handtekening:

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

Colofon Opdrachtgever: Claver Real Estate BV Titel: Van Slichtenhorststraat 91-93 te Nijmegen (plangebied Piushove) Status: concept Datum: 27-11-2020 Auteur: L.M. Flokstra Projectcode: NIJP01 Bestandsnaam: S2020-073 Projectleider: L.M. Flokstra Projectmedewerker: R. Nillesen (RAAP) ARCHIS-vondstmeldingsnummer: nog te verlenen ARCHIS-waarnemingsnummer: nog te verlenen ARCHIS-onderzoeksmeldingsnummer: 4920420100 Autorisatie: Senior KNA archeoloog Drs. M. Smit Bevoegde overheid: gemeente Nijmegen ISSN: 2543-0661 Assist Explore b.v. Oosteinde 115 7671 AV Vriezenveen

telefoon: 0546-559500 website: www.assistexplore.nl

Postbus 161 7670 AD Vriezenveen © Assist Explore b.v., 2020 Assist Explore b.v. aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit het gebruik van de resultaten van dit onderzoek of de toepassing van de adviezen.

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

Inhoudsopgave Projectgegevens 1 Algemeen 1.1 Aanleiding voor het onderzoek 1.2 Administratieve gegevens 1.3 Doel van het onderzoek en vraagstellingen 1.4 Werkwijze 2 Voorlopige resultaten veldwerk 2.1 Gaafheid van de vindplaats 2.1.1 Bodemopbouw 2.1.2 Verstoringen 2.2 Sporen en structuren 2.3 Vondstmateriaal en monsters 3 Potentie voor het beantwoorden van de onderzoeksvragen 3.1 Sporen 3.2 Vondsten 3.3 Monsters 3.4 Opgave te deponeren materiaal 4 Selectie ten behoeve van uitwerking 4.1 Vondsten 4.2 Monsters 4.3 Voorstel conservering 4.4 Voorstel deselectie en verwijdering

Literatuur Bijlage(n)

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

Projectgegevens

Projectnaam

Van Slichtenhorststraat 91-93 te Nijmegen

Projectnummer

S2020-073

Projectcode

NIJP01

ARCHIS-onderzoeksmeldingsnummer

4719152100

Beheer en plaats van documentatie

Assist Explore bv, Apeldoorn

Projectleider Contact

Dhr. L.M. Flokstra (Assist Explore bv) l.flokstra@assistexplore.nl

Opdrachtgever Contact

Claver Real Estate bv Dhr. C. Klijssen (OWN-projects, namens opdrachtgever) coen@ownprojects.nl

Bevoegd Gezag archeologie Contact

Gemeente Nijmegen Dhr. P. Franzen p.franzen@nijmegen.nl

Bevoegd Gezag OCE Contact

Gemeente Nijmegen Mevr. R. Duic r.duic@nijmegen.nl

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

1 Algemeen 1.1 Aanleiding voor het onderzoek In opdracht van Claver Real Estate bv heeft Assist Explore bv op 23 en 24 november 2020 een proefsleuvenonderzoek (IVO-P) uitgevoerd in het plangebied “Piushove” aan de Van Slichtenhorststraat 91-93 te Nijmegen (zie bijlage 1). In het plangebied wordt nieuwbouw gerealiseerd in de vorm van een aanbouw en onderliggende parkeerkelder. Eerder uitgevoerd bureau- en inventariserend veldonderzoek d.m.v. verkennende boringen (Tunker & Van de Geer, 2020) heeft echter niet tot voldoende informatie geleid om een selectiebesluit te kunnen nemen (mededeling Dhr. P. Franzen, Bevoegd Gezag Archeologie gemeente Nijmegen). Het terrein staat volgens de archeologische beleidsadvieskaart (ABAK) van de gemeente Nijmegen geregistreerd als “Waarde-1: terrein met een nader te onderzoeken belang”. Het terrein is volgens de Archeologische Beleidskaart van de gemeente Nijmegen gelegen in een zone met een nader te onderzoeken belang. Het perceel is volgens de Milieu-atlas van Nijmegen (www.milieuatlasnijmegen.nl) ook verdacht op de aanwezigheid van geschutmunitie en in de nabije omgeving ook van afwerpmunitie en dumpmunitie uit de Tweede Wereldoorlog. De proefsleuven zijn gegraven onder NGE begeleiding van een explosieven opsporingsbedrijf Leemans Speciaalwerken bv uit Vriezenveen. 1.2 Administratieve gegevens Projectnaam

Van Slichtenhorststraat 91-93

Provincie

Gelderland

Gemeente

Nijmegen

Plaats

Nijmegen

Toponiem

Piushove

Kaartbladnummer

40C

X, Y-coördinaten

(X) 187.960 – (Y) 427.742

CMA/AMK-status

geen

ARCHIS-monumentnummer

geen

ARCHIS-

geen

waarnemingsnummer

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

Oppervlakte plangebied

2847 m2

Oppervlakte

2050 m2

onderzoeksgebied

Huidig grondgebruik

90 m2 proefsleuven Tuin, bebouwing

1.2 Doel van het onderzoek Voor de voorziene aanbouw en parkeergarage in het plangebied is een bestemmingsplanwijziging nodig. In verband hiermee was onderhavig onderzoek noodzakelijk om archeologische gegevens te verzamelen op basis waarvan een verplichte deelbijdrage archeologie voor het bestemmingsplan kan worden opgesteld. Het Bevoegd Gezag archeologie van de gemeente Nijmegen, Dhr. P. Franzen, heeft besloten om een aanvullend proefsleuvenonderzoek uit te laten voeren in het plangebied. Hiermee kan een indruk verkregen worden of archeologische grondsporen in het plangebied aanwezig zijn en van welke aard en datering deze bestaan. Daarbij diende ook aanvullend inzicht te worden verkregen in de vormeenheden van het natuurlijke landschap en de aanwezigheid en diepteligging van de voor bewoning geschikte niveaus in het aanwezige bodemprofiel. Het resultaat van het proefsleuvenonderzoek is een standaardrapport IVO-P met een gespecificeerde verwachting en een inhoudelijk (selectie-)advies voor vrijgave of mogelijke doorstart naar een Definitieve Opgraving (DO). Voor het uitvoeren van dit proefsleuvenonderzoek is een PvE en PvA opgesteld (Flokstra, 2020a: S2020-073). Omdat het terrein ook onder NGE-begeleiding moest plaatsvinden is een NGE-projectplan opgesteld (Flokstra, 2020b: S2020-012) dat door het Bevoegd Gezag OCE is goedgekeurd.

1.3 Onderzoeksvragen De onderzoeksvragen kunnen na afloop van het proefsleuvenonderzoek slechts beperkt beantwoord worden vanwege het ontbreken van een archeologische vindplaats. De aangetroffen losse vondsten geven geen eenduidig antwoord op de onderzoeksvragen. In het opgestelde PvE (Flokstra, 2020a) zijn de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: 1. Zijn er in het onderzoeksgebied archeologische resten aanwezig in de vorm van grondsporen en/of vondsten? 2. Hoe ziet de bodemopbouw in het onderzoeksgebied eruit en in hoeverre is deze intact? 3. Zijn er sporen aanwezig uit de Tweede Wereldoorlog het onderzoeksgebied? 4. Wat is de aard, diepteligging, samenhang en spreiding van de aanwezige archeologische resten, grondsporen en structuren (horizontaal en verticaal)? 5. Wat is de datering van de archeologische resten op basis van (chrono-)stratigrafie en typochronologie? En in hoeverre is er sprake van (dis-)continuïteit in gebruik/bewoning?

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

6. Welke categorieën vondstmateriaal zijn aanwezig en in welke mate (ook in relatie tot elkaar)? 7. Wat zegt de aard en mate van voorkomen van het vondstmateriaal over het gebruik van het plangebied in het verleden? 8. Welke depositionele en post-depositionele processen zijn te onderscheiden en in hoeverre hebben deze invloed gehad op de bewoningsgeschiedenis en vondstcontexten? 9. Hoe verhouden de onderzoeksresultaten zich tot de resultaten uit het vooronderzoek? 10. Wat is de relatie met omliggende historische/archeologische resten? 11. Wat is de fysieke en inhoudelijke kwaliteit van de aangetroffen archeologische resten (gaafheid en conserveringsgraad)? Is sprake van (een) behoudenswaardige archeologische vindplaats(en)? (volgens de KNA-waarderingssystematiek). 12. Kan op basis van de resultaten een advies geformuleerd worden t.a.v. het vervolg in de archeologische monumentenzorg (vrijgeven/behoud in situ/opgraven). Zo ja, hoe luidt deze? 13. Zijn er vanuit de toestand van de archeologische resten, bodemcondities en toekomstig gebruik mogelijkheden voor behoud in situ? 14. Bij afwezigheid van een vindplaats; wat is hier de verklaring voor (verstoord, ander landschap dan verwacht, e.d.)?

1.4 Werkwijze

Er zijn twee archeologische proefsleuven aangelegd met een beveiligde graafmachine: werkput 1 (3 m x 20 m, oost-west oriëntatie) en werkput 2 (3 m x 10 m, noord-zuid oriëntatie). Deze werkputten zijn middels een 06-GPS uitgezet. Alle werkzaamheden zijn conform KNA-protocol 4004 uitgevoerd. De bereikbaarheid naar het onderzoeksgebied werd sterk bemoeilijkt door een smalle steeg, trap en tuinmuur/-poort. Voor de toegang van de graafmachine diende de tuinpoort gedemonteerd te worden en de tuinmuur deels te worden afgebroken. Er is tenminste 1 leesbaar vlak aangelegd in de top van de aanwezige BC/Chorizont. De ontgraving heeft laagsgewijs plaatsgevonden. Bij elke haal van de graafmachinebak is het ontstane vlak eerst gedetecteerd door een Sr-OCEdeskundige op de aanwezigheid van NGE-gerelateerde objecten en daarna door de KNA-archeoloog gecontroleerd op de aanwezigheid archeologische vondsten en grondsporen. De aanwezige grondsporen en vondsten zijn ingemeten met een 06GPS en vervolgens gedocumenteerd (tekenen, beschrijven, gecoupeerd en afgewerkt). Er zijn maaiveld- en vlakhoogtes bepaald. Er zijn in totaal 5 kolomopnames uitgevoerd waarbij de stratigrafische opbouw gedocumenteerd kon worden (tekenen, beschrijven, fotograferen).

Bij het graven van werkput 2 tijdens de NGE-werkzaamheden werd aan de oostzijde een onbekende olieleiding of gasleiding gedetecteerd (diepte 50 cm -Mv); de werkput is daarom 1 meter verplaatst naar het westen om leidingschade te voorkomen. De verplaatsing is niet van invloed geweest op de resultaten van het onderzoek. Na afloop zijn de werkputten weer gedicht.

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

2 Voorlopige resultaten veldwerk 2.1 Gaafheid van de vindplaats In het onderzoeksgebied zijn omvangrijke verstoringen vastgesteld. Ook is in het verleden een ophogingspakket aangebracht en zijn door agrarische activiteiten delen van het intacte bodemprofiel verstoord. Door (sub)recente ingravingen zijn delen van het onderzoeksgebied verstoord. 2.1.1 Bodemopbouw De bodemopbouw in het plangebied kan als volgt worden beschreven: Er is een rommelige ophogingslaag (egalisatiepakket) aanwezig met een dikte tussen 60-80 cm -Mv (S999). Dit bruingrijs pakket bestaat uit humeus matig grof zand met een losse consistentie. In het pakket komt veel recent bouwpuin voor en grof grind. Ook zijn recente kuilen met verbrandingsas, slakmateriaal en glas ingegraven. In het ophogingspakket is aan de basis deels een subrecente bouwvoor opgenomen; donker bruingrijs, sterk humeus en eveneens met een losse consistentie. Deze subrecente bouwvoor heeft een resterende dikte van ongeveer 20-60 cm (S1001, S2001). Onder deze laag bevindt zich een homogene oude bouwvoor: donker bruingrijs van kleur, sterk humeus met grind (S1002, S2002). Deze compacte(re) laag heeft een dikte tussen 20-40 cm. Alleen in WP2 is in het oostelijk profiel (P2204) een goed ontwikkelde B-horizont waargenomen (S2003). Deze gebioturbeerde inspoelingslaag is bruin van kleur en heeft een maximale dikte van 30 cm.

Er heeft in het plangebied een bodemvorming (podzolering) plaatsgevonden. In alle profielen is een dunne B/BC-horizont aanwezig: lichtbruin van kleur en donkerbruin gebioturbeerd (S1004, S2004). De maximale dikte bedraagt 15-20 cm. Het natuurlijke vlak, de “C-horizont”, bestaat uit licht (bruin) geel zand met hierin grind(clusters). Deze natuurlijke grofzandige bodemlaag kan worden beschreven als grindige stuwwalafzettingen. In het vlak zijn veel bioturbatie- (verstoring door bodemleven, wortelwerking) en cryoturbatieverschijnselen (ijswerking) zichtbaar. 2.1.2 Verstoringen Aan de zuidzijde van werkput 2 loopt dwars door de werkput een zwaar gefundeerde tuinmuur die bij de aanleg een flinke bodemverstoring veroorzaakt heeft. De fundatie bestaat uit een trapeziumvormige betonnen voet. Deze is tot 60 cm -Mv ingegraven met een fundatielaag van vulzand tot zeker 100 cm -Mv. De Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

opbouw bestaat uit machinale baksteen. De lage tuinmuur heeft een 20 e eeuwse datering. Tussen werkput 1 en 2 is een omvangrijke rechthoekige kuil aanwezig (S2) met een omvang van zeker 30 m2. De kuil is vanuit de verstoorde bovenlaag (S999) ingegraven. De kuil is opgevuld met recent machinaal baksteenpuin en plastic. Ook zijn veel mortelresten en ongeblust kalk aanwezig. Vermoedelijk is het bouwafval gedumpt na de laatste uitbreiding van Piushove in de jaren ’60-’70 van de 20e eeuw. 2.2 Sporen en structuren In werkput 1 zijn geen bodemsporen of structuren aangetroffen. In werkput 2 zijn drie grondsporen aangetroffen die als grote kuilen geïnterpreteerd kunnen worden (S2, S3 en S5). De kuilen hebben een rechthoekige omvang van 1.70-2.10 m en hebben een lemige, rommelige vulling. Aan de noordzijde van werkput 2 loopt S5 buiten de werkput door. In profiel 2204 werd duidelijk dat deze kuil ingegraven is vanuit de bovenste oude akkerlaag (S2001) en heeft een subrecente datering uit de 19e-20e eeuw. De aangetroffen grondsporen in werkput 2 worden doorsneden door S2 met hierin recent bouwpuin en mortel. 2.3 Vondstmateriaal en monsters Er zijn tijdens het onderzoek opvallend weinig vondsten gedaan. Er zijn geen monsters genomen. De vondsten die zijn verzameld, zijn allen ingemeten (X-, Y- en Z waarden) en stratigrafisch gekoppeld aan bodemlaag of grondspoor.

Er zijn twee vondstcategorieën aangetroffen: keramiek en archeologisch metaal. Werkput Spoornummer vondstnummer materiaalcategorie beschrijving 1 1001 1 MCU munt 2 2001 2 MPB kogel 2 2002 3 KER pijpenkop 1 1001 4 MPB kogel 1 1001 5 MPB kogel 1 1001 6 KER deksel 2 5 7 MCU haak 1 1002 8 KER 1 1001 9 KER Totaal

#aantal 1 1 1 1 1 1 1 2 2 11

Tabel 1. Verzameld vondstmateriaal

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

3 Potentie voor het beantwoorden van de onderzoeksvragen 3.1 Sporen en structuren De onderzoeksvragen kunnen niet geheel beantwoord worden, aangezien slechts 3 grondsporen zijn aangetroffen. Alleen uit grondspoor 5 kon een metaalvondst geborgen worden. De onderzoeksvraag over de Tweede Wereldoorlog kan niet worden beantwoord omdat geen aanwijzingen zijn vastgesteld voor de aanwezigheid van NGEgerelateerde objecten uit deze periode. Werkput

Laagnummer

grind

humus

gri ndi g

humeus

oxidatie

consistentie

Interpretatie

vorm nvt

vondstnummers

1, 2

S999

Zs1 MG/GZ

1

S1000

Zs 1

1

S1001

Zs 2 MG/GZ

gri ndi g

1

S1002

Zs 2 MG/GZ

gri ndi g

1

S1003

Zs 2 MG/GZ

gri ndi g

1

S1004

Zs 2 MG/GZ

gri ndi g

2

S2000

Zs 1

compa ct

na tuurl ijk vla k C

nvt

2

S2001

Zs 2 MG/GZ

gri ndi g

humeus

l os

oude a kkerl a ag1 Ap/Bv

nvt

2

2

S2002

Zs 2 MG/GZ

gri ndi g

sterk humeus

l os

oude a kkerl aa g 2 Ap/Bv

nvt

3

2

S2003

Zs 2 MG/GZ

gri ndi g

bi oturbati e

B ins poel ing

nvt

2

S2004

Zs 2 MG/GZ

gri ndi g

bi oturbati e

BC inspoel ing

nvt

2

1

X

nvt

2

2

Zs 3

x

2

3

Zs 2

2

4

X

2

5

Zs 3

GZ

GZ

l os

ega li sa ti el a ag

compa ct

na tuurl ijk vla k C

nvt

humeus

l os

oude a kkerl a ag1 Ap/Bv

nvt

1, 4, 5, 6, 9

sterk humeus

l os

oude a kkerl aa g 2 Ap/Bv

nvt

8

bi oturbati e

B ins poel ing

nvt

bi oturbati e

BC inspoel ing

nvt

s terk gri ndi g

fe2

s terk gri ndi g

fe2

fe3

gri ndi g gri ndi g

fe1

bi ot-/cryoturba ti e

bi ot-/cryoturba ti e

compa ct

sterk humeus

nvt gri ndi g

humeus

compa ct

tuinmuur

la ngwerpi g

kui l

rechthoekig

kui l

rechthoekig

kuil bouwpuin

rechthoekig

kui l

rechthoekig

Tabel 2. Spoor- en laagbeschrijving 3.2 Vondsten Alle vondsten die zijn gedaan, zijn verzameld tijdens de graafwerkzaamheden voor het NGE-onderzoek en tijdens het laagsgewijs verdiepen naar een leesbaar vlak. Dit is in overleg gedaan met de aanwezige Sr-OCE-deskundige Dhr. J. Schippers (Leemans Speciaalwerken bv). De vondsten zijn ingemeten en gekoppeld aan de bodemlaag waarin de betreffende vondst aangetroffen is. Alleen uit S5 kon een vondst geborgen worden (V7: koperen gordijnhaak). 3.3 Monsters Tijdens het proefsleuvenonderzoek is geen aanleiding gezien om (bodem)monsters te nemen. 3.4 Opgave te deponeren materiaal Alle verzamelde vondsten dienen uiteindelijk te worden gedeponeerd bij DBGN (Depot voor Bodemvondsten van de gemeente Nijmegen) onder de geldende depoteisen voor aanlevering. .

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

7

3.5 Gedeselecteerd materiaal Er is geen materiaal gedeselecteerd.

4 Selectie ten behoeve van uitwerking 4.1 Vondsten Er zijn 9 vondstnummers uitgedeeld en 11 artefacten verzameld; deze zijn gekoppeld aan bodemlagen. Alle vondsten zijn ingemeten met een 06-GPS waarbij X-, Y- en Z- waarde zijn bepaald. Tot dusver heeft geen deselectie van de vondsten plaatsgevonden. 4.2 Monsters Niet van toepassing: tijdens het proefsleuvenonderzoek is geen aanleiding gezien om monsters te nemen. 4.3 Uitwerkingsvoorstel Alle metaalvondsten (5 stuks) dienen te worden geconserveerd door een conserverings-/restauratieatelier alvorens deze worden gedeponeerd aan het archeologisch depot. Alle overige vondsten zullen worden gereinigd, beschreven en gedeponeerd. Het evaluatie- en selectierapport wordt aangeleverd aan de opdrachtgever, ter goedkeuring voorgelegd aan het depot, en getoetst door de bevoegde overheid. Op basis van dit evaluatierapport (conform Protocol 4004 – Opgraven, OS12 Evaluatierapport) worden keuzes gemaakt t.a.v. de (concept-)rapportage en de uit te werken sporen, vondsten en monsters. De rapportage wordt voorzien met aanvullende figuren en foto’s. 4.3 Selectieadvies Op basis van de onderzoeksresultaten van onderhavig proefsleuvenonderzoek en het inventariserend veldonderzoek d.m.v. verkennende boringen, wordt door Assist Explore bv geen aanbeveling gedaan voor het uitvoeren van een archeologisch vervolgonderzoek.

Assist Explore bv geeft als aanbeveling aan om het plangebied vrij te geven voor archeologie. In het onderzoeksgebied zijn geen aanwijzingen vastgesteld voor de aanwezigheid van een archeologische vindplaats of in de directe nabijheid. Daarnaast zijn omvangrijke verstoringen vastgesteld in het plangebied. Dit selectieadvies wordt voorgelegd aan de bevoegde overheid archeologie van gemeente Nijmegen, die uiteindelijk een selectiebesluit zal nemen. Het selectiebesluit en de te nemen maatregel (opgraven, fysiek beschermen of vrijgeven) is alleen voorbehouden aan de bevoegde overheid

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

Literatuur Flokstra, L.M., 2020a. PvE proefsleuvenonderzoek Van Slichtenhorststraat 91-93 te Nijmegen (plangebied Piushove). S2020-073. Assist Explore bv, Vriezenveen Flokstra, L.M., 2020b. Projectplan Laagsgewijs ontgraven van twee archeologische proefsleuven onder OCE-condities (realtime) Van Slichtenhorststraat 91-93 te Nijmegen (plangebied Piushove). S2020-012. Leemans Speciaalwerken bv, Vriezenveen Tunker, B. & P. van de Geer, 2020. Bureauonderzoek en verkennend booronderzoek aan de Van Slichtenhorststraat 91-93 (Piushove), gemeente Nijmegen. Archeologische Berichten Nijmegen – Briefrapport 307. Bureau Archeologie en Bodemkwaliteit, gemeente Nijmegen

Figuurbijlagen Figuur 1. Alle sporenkaart Figuur 2. Werkputten met profielen en hoogtes Figuur 3. Kolomopnames

Evaluatie- en selectierapport 07-D91/07-D92

187970

187980

187990

187960

187970

187980

187990

427770

427770

187960

427760

427760

427750

427750

427740

427740

legenda Vondst

Sporen en lagen Kuil Muur Natuurlijke laag Stortlaag

NAP 36,50

Profiel 1305

Profiel 1302

Profiel 1301

36,00

35,50

35,00

34,50

34,00

33,50

Afstand in meters

NAP 36,50

Profiel 2204

Profiel 2403

36,00

35,50

35,00

34,50

34,00

33,50

Afstand in meters Ophogingslaag (s999) Muur (s1) Recente verstoring (s999) Kuil (s5) Egalisatiepakket (s1001) Begraven bouwvoor (s1002) B-horizont, lichte bioturbatie (s2004) BC-horizont, gebioturbeerd (s1004) C-horizont (s1000)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=fa5a713c-c9df-453d-95b2-7c8effea1bd7