Bijlage 12. Advies veiligheidsregio Gelderland Zuid
Tekst van het document
Nijmegen t.a.v. De heer Postbus 9105 6500 HG NIJMEGEN
Sector Brandweer Team Omgevingsveiligheid Postbus 1120 6501 BC Nijmegen
Datum: Betreft
Contactpersoon
10 april 2025 Advies BOPA Hoge Bongerd Nijmegen
Kenmerk SWF Zaaknummer: Externe referentie
Z2025-00001189
Bijlage(n)
1
Geachte heer
,
U heeft ons om een advies gevraagd over een aanvraag over een BOPA Hoge Bongerd te Nijmegen. In deze brief treft u ons advies aan. De inhoud mag u lezen als een advies voor een optimalisering van veiligheidsaspecten. Daar waar harde wettelijke normen in het geding zijn, zal daar expliciet op worden gewezen. Het betreft de voorgenomen ontwikkeling van woningbouw in een voormalig tuindersgebied in Nijmegen. Het plan Het plan omvat de realisatie van circa 250 woningen in woongebouwen en 2825 m2 aan culturele voorzieningen, variërend in bouwhoogte en met mogelijk het toepassen van groene daken. Daarnaast is men voornemens een parkeergarage onder een van de appartementencomplexen te realiseren die grenst aan de dijk. Beoordeling We hebben voor dit plan de aspecten externe veiligheid, bereikbaarheid voor hulpverleningsdiensten en bluswatervoorziening nader beschouwd. Hieronder treft u per aspect een nadere uitwerking aan. Externe Veiligheid In de nabijheid van de planlocatie zijn de volgende relevante risicobronnen aanwezig (bron: Atlas leefomgeving). De planlocatie ligt: • •
In het invloedsgebied van een basisnetroute spoor, het spoortracé Nijmegen-Ressen; In het invloedsgebied van een gemeentelijke routeringsroute vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg, de Prins Mauritssingel (A325);
In de conceptmotivering is het aspect externe veiligheid in paragraaf 7.7. nader beschouwd. Daarbij worden zeer kwetsbare en kwetsbare bouwwerken en locaties uitgesloten binnen de Pr 10-6 risicocontour.
Voor de gifwolkaandachtsgebieden van respectievelijk het spoor en de routeringsroute wordt centraal afschakelbare ventilatie toegepast conform de regels uit het Besluit Bouwwerken leefomgeving. Voor de verantwoording van het groepsrisico heeft de initiatiefnemer een groepsrisicoberekening uitgevoerd waarbij geconstateerd is dat het groepsrisico ruim onder de oriëntatiewaarde blijft. De Veiligheidsregio Gelderland-Zuid heeft geen verdere opmerking over de uitwerking van het aspect externe veiligheid. Bluswatervoorziening en bereikbaarheid voor hulpverleningsdiensten Wettelijk kader Voor de uitwerking van dit advies hebben wij gebruik gemaakt van de volgende wet- en regelgeving: • Omgevingsplan gemeente Nijmegen, artikel 22.13 Bluswatervoorziening; • Omgevingsplan gemeente Nijmegen, artikel 22.14 Bereikbaarheid bouwwerk voor hulpverleningsdiensten; • Omgevingsplan gemeente Nijmegen, artikel 22.15 Opstelplaatsen voor brandweervoertuigen. Daarnaast hebben wij gebruik gemaakt van onderstaande documentatie: • Regionale Handreiking Bluswater en Bereikbaarheid V1.1 (VRGZ, 2024). Bluswatervoorziening Een bouwwerk moet een toereikende bluswatervoorziening hebben. Deze bluswatervoorziening moet ten alle tijden bereikbaar zijn. Op basis van het omgevingsplan dient deze binnen 40 meter tot de toegang van een bouwwerk aanwezig te zijn.
Regionaal beleid is dat, in geval van een ondergrondse brandkraan, deze afstand 60 meter kan bedragen (binnen 20 meter van een opstelplaats). Het minimaal te leveren debiet van de bluswatervoorziening voor (nieuwbouw)woningen is 30 m3 /u. Dit op basis van het maatgevend scenario voor grondgebonden woningen zoals beschreven in de handreiking bluswater en bereikbaarheid (2024). Voor utiliteitsbouwwerken zoals horeca, of overige gebruiksfuncties gaat het maatgevend scenario uit van 60 m3 /u. Omdat in dit plan woningen én een of meerdere utiliteitsbouwwerken zijn opgenomen dient een strategische bluswatervoorziening aanwezig te zijn binnen 150 meter van de toegang tot de bouwwerken. Deze voorziening dient een debiet van 90 m3 /u ofwel 1.500 l/min te kunnen leveren. Dit kan in de vorm van open water/ een geboorde put of een andere voorziening die betrouwbaar is en voldoende water kan leveren. In geval van open water of een geboorde put moet binnen 8 meter van de kant een opstelplaats voor een brandweervoertuig zijn opgenomen. Bovenstaande afstanden worden berekend door middel van de daadwerkelijk af te leggen route. Andere situaties zoals parkeergarages vereisen maatwerk.
Bereikbaarheid gebouwen Voor een brandweerinzet in grondgebonden eengezinswoningen zal een aanvalsslang van 20 meter binnen de woning toereikend zijn, hierbij kan de opstelplaats op 40 meter afstand van een toegang gesitueerd zijn. Voor andere bouwwerktypen zoals appartementen, horeca, etc. wordt uitgegaan van maximaal 10 meter afstand tussen opstelplaats en ingang. Hiermee blijft er 50 meter over aan inzetdiepte. Uitgangspunt is dat inpandig deze 50 meter vanaf de toegang voldoende is om alle ruimten (middelpunt) te bereiken. Als dit niet het geval is dient een aanvullende/alternatieve ingang of een aanvullende voorziening (zoals een droge blus-/stijgleiding) gerealiseerd te worden. Opstelplaatsen voor tankautospuit Met het oog op het waarborgen van de veiligheid zijn, bij een bouwwerk voor het verblijven van personen, zodanige opstelplaatsen voor brandweervoertuigen dat een doeltreffende verbinding tussen die voertuigen en de bluswatervoorziening kan worden gelegd. Voor een opstelplaats kunnen de volgende afmetingen worden aangehouden: • Een breedte van 4,5 meter; • Een lengte van 10 meter; • Een vrije doorgangshoogte van 4,2 meter; • Bestand tegen een aslast van 11,5 ton;
• Bestand tegen het maatgevende totaalgewicht van de basisvoertuigen van minimaal 30 ton (verkeersklasse 30). Opstelplaatsen voor redvoertuig Bij portiekwoningen, afhijsen van patiënten en het blussen van hoogte is een hoogwerker noodzakelijk, als dit niet op de openbare weg mogelijk is dan is het wenselijk om een opstelplaats voor een hoogwerker in te richten. Aan deze opstelplaats worden de volgende voorwaarden gesteld. • Een breedte van 5 meter; • Een lengte van 10 meter; • Bestand tegen een aslast van 11,5 ton; • Bestand tegen een totaalgewicht van 30 ton (verkeersklasse 30); • Bestand tegen een stempeldruk van 50 ton per vierkante meter; • Maximale hellingshoek van 7% In beide gevallen kan een opstelplaats samenvallen met de openbare weg. Wanneer dit niet toereikend is dient een opstelplaats op eigen terrein beschikbaar te zijn. Eisen aan de weg Een erftoegangsweg is alleen door hulpdienstvoertuigen te gebruiken wanneer deze recht doet aan de specifieke kenmerken van die hulpdienstvoertuigen. Hiervoor is een brandweervoertuig maatgevend. In de afbeelding hieronder zijn de eisen aan afstanden, gewichtsbelasting en bochtstralen weergegeven.
Mochten er in het plan doodlopende wegen worden gerealiseerd dan adviseren wij rekening te houden met onderstaande:
Situatie 1 Dit is geen doodlopende route. De bereikbaarheid is voldoende mits de vrije wegbreedte minimaal 3,5 meter is in het geval van een eenrichtingsweg en minimaal 4,5 meter in geval van een tweerichtingsweg.
Situatie 2 Deze situatie is toegestaan, mits de wegbreedte minimaal 4,5 meter bedraagt, er een keermogelijkheid aanwezig is en de doodlopende weg maximaal 80 meter lang is. De afmeting van de keermogelijkheid dient te passen bij de afmetingen van de hulpdienstvoertuigen zoals beschreven bij de eerste eis. Situatie 3 Bestaat er geen keermogelijkheid zoals in situatie 3, dan is er minimaal 5 meter wegbreedte nodig en mag de weg maximaal 80 meter lang zijn. Situatie 4 Zijn de bovengenoemde wegbreedtes niet beschikbaar, dan kan de maximale lengte van de doodlopende weg 40 meter zijn (vierde eis). In dat geval wordt een blusvoertuig op de kop van de doodlopende weg opgesteld en is 40 meter inzetdiepte beschikbaar. Situatie 5 Een doodlopende weg met vertakkingen is qua bereikbaarheid onvoldoende. Uitwerking bluswatervoorziening In dit advies hebben wij richtlijnen opgenomen ten aanzien van bluswatervoorziening. In de uitwerking van de daadwerkelijke plannen worden wij graag betrokken. Wij adviseren u de aanvrager hiervoor een adviesverzoek in te laten dienen via het bevoegd gezag of via oiv@vrgz.nl. Conclusie Het aspect externe veiligheid is in de conceptmotivering voldoende uitgewerkt en het groepsrisico blijft onder de oriëntatiewaarde. De Veiligheidsregio Gelderland-Zuid heeft geen opmerkingen over deze nadere uitwerking.
Voor de aspecten bereikbaarheid voor hulpverleningsdiensten en bluswatervoorziening zijn in dit advies de richtlijnen opgenomen. Bij een nadere uitwerking / schetspontwerp verzoeken wij dit opnieuw door ons te laten beoordelen via oiv@vrgz.nl Daarnaast is in de stukken opgenomen dat er groene gevels / daken worden toegepast. Dit zal bij een bouwaanvraag voor de afzonderlijke bouwwerken nader uitgewerkt moeten worden. Toepassing van groene gevels en/of daken nemen afzonderlijke (brand)veiligheidsrisico’s met zich mee die nader uitgewerkt dienen te worden. Zie hiervoor ook: 20220926-NIPV-Invloed-duurzaam-energiezuinig-circulair-bouwen-brandveiligheidgebouwen.pdf
Vragen of informatie? Heeft u vragen over deze brief? Neem dan gerust contact op met de bovenvermelde contactpersoon en vermeld het zaaknummer: Z2025-00001189. Met vriendelijke groet,
Namens het bestuur van de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid, Deze brief is digitaal aangemaakt en daarom niet persoonlijk ondertekend. Deze brief is digitaal aangemaakt en daarom niet persoonlijk ondertekend.
Overzicht beoordeelde documenten