Bestuursrapportage Q1 2025 Omgevingsdienst Regio Nijmegen.
Tekst van het document
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
1
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
Inhoudsopgave Inleiding ................................................................................................................................. 3 1.
Interne en externe ontwikkelingen ............................................................................... 4
2.
Bouwen en Milieu ......................................................................................................... 6
2.1. Bouwen ...........................................................................................................................................................7 2.2. Milieu ...............................................................................................................................................................8
3.
Bedrijfsvoering ............................................................................................................ 10
3.1. Personeel.......................................................................................................................................................11 3.2. Innovatie .......................................................................................................................................................13
4.
Financiën ..................................................................................................................... 15
4.1. Begroting, prognose en resultaatverwachting 2025 ..................................................................................16 4.2. Verklaring van afwijkingen tussen begroting en prognose ........................................................................19 4.3. Due diligence ................................................................................................................................................20 4.4. Financiële risico’s ..........................................................................................................................................21
2
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
Inleiding De eerste maanden van 2025 laten een organisatie zien die in transitie is naar verdere stabiliteit, professionalisering, innovatie en toekomstgerichtheid. De veranderingen die in 2024 in gang zijn gezet, waaronder de invoering van de Omgevingswet, het nieuwe zaaksysteem en de ontvlechting van de BRIKS-taken, vinden hun plek in de organisatie.
Versterking van personele basis en inzet op opleiding Binnen de organisatie ligt een sterke focus op personele ontwikkeling. In het eerste kwartaal is verder gewerkt aan het terugdringen van externe inhuur richting de beoogde 80/20-verhouding tussen vaste medewerkers en inhuur. Tegelijkertijd staat de productiviteit onder druk, mede door de inwerkperiode van nieuwe collega’s. Ook het opleidingsbeleid is geactualiseerd en begin 2025 van kracht geworden. Hiermee investeert ODRN gericht in de kwaliteit en duurzame inzetbaarheid van haar medewerkers, en wordt tevens voldaan aan de landelijke kwaliteitscriteria.
Versterking na visitatie en doorwerking verbeterplan De visitatie in 2024 vormde een belangrijk moment van reflectie. In het daaropvolgende verbeterplan zijn diverse organisatorische verbeteracties opgenomen, die begin 2025 zijn voortgezet en geborgd. De focus ligt op versterking van de interne organisatie, relatiemanagement, duidelijke verantwoordelijkheden en outcomegerichte sturing. De effecten van deze koers zijn zichtbaar in onder meer de nieuwe BRIKS-structuur, de inzet op teamsamenwerking en de integratie van projectmatig werken.
Robuustheidspositie onder druk maar koersvast Begin april 2025 heeft het ministerie van I&W een aangepast oordeel geveld over de voortgang op de robuustheidscriteria. Het eindoordeel – bijgesteld van groen naar oranje – leidde tot bestuurlijke teleurstelling en onbegrip, mede omdat er aantoonbare voortgang is geboekt in 2024. ODRN blijft koersvast werken aan de gestelde normen richting april 2026. Via aanvullende interne maatregelen, het benutten van subsidie en inzet op vaste formatie en informatiesystemen bouwen we aan een robuuste en toekomstgerichte organisatie.
Steve Kuils, algemeen directeur en Robert Kraan, adjunct-directeur
3
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
1. Interne en externe ontwikkelingen
4
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
Doorwerking van Omgevingswet en zaaksysteem De veranderingen met de komst van de Omgevingswet en het nieuwe zaaksysteem OpenWave per 1 januari 2024 zijn door de organisatie goed opgepakt. De ontwikkelingen werkten door in het begin van 2025. In de vergunningverlening en juridische advisering is het rustiger qua aanvragen, mede door kinderziekten in het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Tegelijkertijd boden deze omstandigheden ruimte om complexe zaken op te pakken en werkprocessen verder te optimaliseren.
Start uitvoering uitvoeringsprogramma VTH 2025–2026 Het nieuwe uitvoeringsprogramma voor Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) 2025–2026, dat in 2024 is opgesteld met de partnergemeenten, is in 2025 in werking getreden. We zijn op verschillende terreinen dit aan het doorontwikkelen. Dit programma vormt de inhoudelijke basis voor het werk van ODRN de komende jaren, met aandacht voor luchtkwaliteit, circulaire economie, ondermijning en ketentoezicht. Het programma wordt jaarlijks bijgesteld en sluit aan op strategische ambities van de regio.
Voorbereiding fusie ODRA–ODRN De voorbereiding van een mogelijke fusie met ODRA kreeg in Q1 van 2025 verdere invulling. Op basis van de besluitvorming in december 2024 zijn inmiddels een concept-Gemeenschappelijke Regeling, bedrijfsplan en Due Diligence-rapport opgesteld en aangeboden aan het Dagelijks Bestuur. Dit proces vraagt in het eerste kwartaal veel bestuurlijke en ambtelijke aandacht.
Subsidieaanvraag voor robuustheid In januari 2025 is een subsidieaanvraag ingediend bij het ministerie van I&W. Deze is gericht op versterking van de personele capaciteit, kennisinfrastructuur en innovatiekracht. De aanvraag bouwt voort op het verbeterplan uit 2024 en vormt een essentieel onderdeel van de route naar een robuuste omgevingsdienst.
Implementatie van KPI's en datagedreven werken Eind 2024 werd binnen het kader van het Uniform Handhavingsstelsel (UHS) een vernieuwde set KPI’s vastgesteld. Begin 2025 startte de implementatie van deze set binnen ODRN, waarbij elke afdeling verantwoordelijk is voor monitoring en dataverzameling. Dit sluit aan bij het bredere streven naar datagedreven werken en verbeterde stuurinformatie.
Doorontwikkeling document management systeem ManualMaster en informatieveiligheid In januari is gestart met fase 2 van het ManualMaster-project. Hierin wordt ingezet op inhoudelijke actualisering van documenten, verbetering van het dashboard en het vergroten van gebruiksgemak. Daarnaast zijn de resultaten van een interne audit op de Wpg en informatieveiligheid gedeeld en besproken in Q1.
5
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
2. Bouwen en Milieu
6
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
2.1. Bouwen
7
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
2.2. Milieu 2.2.1. Vergunningverlening, toezicht en handhaving
8
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
2.2.2. Asbest
2.2.3. Seveso
9
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
3. Bedrijfsvoering
10
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
3.1. Personeel 3.1.1. Ziekteverzuim Er is sprake van een stijging van het ziekteverzuim ten opzichte van het eerste kwartaal van 2024 en het jaargemiddelde van 2024 (6,8%). Dit komt doordat een aantal langdurige verzuimdossiers nog doorliep. Effectief staan er nu 18 verzuimdossiers open, waarvan zes dossiers langer dan een jaar. Twee dossiers bereiken komende twee maanden de twee jaar en gaan uit dienst. Het ziekteverzuim uitgesplitst op verzuimduur. Q1 2025
Q1 2024
Kort (t/m 7 dagen)
1,1%
2,0%
Middel (8 t/m 42 dagen)
1,4%
2,1%
Lang (43 t/m 365 dagen)
3,4%
2,5%
Extra lang (> 365 dagen)
2,4%
1,0%
Totaal
8,3%
7,6%
3.1.2. De ontwikkeling van de personele bezetting De ontwikkeling van de personele bezetting (in fte) is als volgt: Q1 2025
Q1 2024
In dienst
158,4
160,4
Inhuur
46,7
70,4
Totaal
205,1
230,8
Percentage inhuur
22,8%
30,5%
Het gemiddelde personeelsbestand van de ODRN, inclusief inhuur, is tot en met maart 2025 met 25,7 fte gedaald ten opzichte van zowel het eerste kwartaal van 2024. Ook het inhuurpercentage is flink gedaald, tot en met maart is het 22,8%. In de begroting wordt uitgegaan van 25%. Het streven is om het aantal ingehuurde arbeidskrachten stap voor stap terug te dringen door: •
actief te investeren in de instroom, ontwikkeling en behoud van eigen medewerkers;
•
waar mogelijk vacatures intern in te vullen en doorstroom binnen de organisatie te stimuleren;
11
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
•
het inzichtelijk te maken van ambities van medewerkers met persoonlijke gesprekken en beoordelingsgesprekken;
•
onze zichtbaarheid op de arbeidsmarkt te verhogen;
•
ingehuurde arbeidskrachten een dienstverband bij ODRN aan te bieden.
De volgende tabel laat het aantal fte (stand maart 2025) van de afdelingen zien. De bouwafdeling zit op 39,7% inhuur en is de grootste veroorzaker van de overschrijding van de inhuurnorm. Dit komt vooral door de ontvlechting van de bouwtaken van gemeente Nijmegen.
Afdelingen
Fte inhuur
Totaal fte
Aandeel inhuur
VTH bouwen (OD80)
15,2
38,3
39,7%
VTH milieu (OD30 en OD50)
23,9
114,1
21%
Interne Dienstverlening en juridisch advies (OD10 en OD60)
6,8
54,5
12,5%
Totaal
45,9
206,9
22,2%
3.1.3. Productiviteit In het eerste kwartaal lag de productiviteit van ons vaste personeel op 71,8%, ten opzichte van 73,1% in dezelfde periode vorig jaar. Voor ingehuurd personeel was de productiviteit 97,3%, vergeleken met 94,9% in dezelfde periode in 2024. De productiviteit van ons vaste personeel blijft ten opzichte van vorig jaar 1,3% achter, echter is de norm in 2025 ook met 2% verlaagd naar 70%.
3.1.4. Opleidingsplannen Er is een nieuw meerjarig opleidingsbeleid opgesteld, gericht op onze missie om van een uitvoeringsorganisatie met kennis te ontwikkelen naar een kennisorganisatie die uitvoert. Op basis hiervan is een opleidingsplan 2025 opgesteld, er zijn een aantal organisatiebrede kosten die van het centrale opleidingsbudget gaan: traineeproject, Leerplein Omgevingsrecht en voldoen aan kwaliteitscriteria, vitaliteitsprogramma, bijdrage ODNL Academie en tot slot (incompany) opleidingen die via de ODNL Academie op basis van de inventarisatie in het najaar van 2024 georganiseerd worden. Het resterende opleidingsbudget is verdeeld over de afdelingen naar rato van het aantal medewerkers.
3.1.5. Kwaliteitscriteria Met ingang van 1 januari 2025 is de nieuwe versie van de Kwaliteitscriteria (KC 3.0) van kracht. In deze versie zijn grote wijzigingen doorgevoerd: sommige criteria en deskundigheidsgebieden zijn vervallen, andere zijn herformuleerd of nieuw. Om organisatiebreed inzicht te krijgen in de actuele status van deskundigheid, hebben medewerkers tot en met 30 april 2025 de tijd om hun portfolio bij te werken aan de hand van de KC-APK-checklist in het Leerplein Omgevingsrecht. Het KennisCentrum VTH zorgt voor de actualisatie van de status van deskundigheid/robuustheid op. Momenteel wordt er niet beoordeeld op de competenties van de Kwaliteitscriteria 3.0. In het tweede kwartaal van 2025 starten we met een plan van aanpak.
12
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
3.2. Innovatie In lijn met de koers om ODRN als kennisorganisatie te positioneren, heeft de organisatie de Innovatieagenda 2024–2029 ontwikkeld. Deze agenda biedt een gestructureerde aanpak om innovatie duurzaam in te bedden, wat essentieel is gezien de voortdurende uitdagingen in ons werkveld – denk aan de energietransitie, klimaatadaptatie en andere maatschappelijke opgaven. Dit versterkt enerzijds onze positie in kennisnetwerken, anderzijds vergroten we onze innovatiekracht. Medewerkers worden actief betrokken bij innovatieprocessen en gestimuleerd om eigen ideeën aan te dragen.
3.2.1. Effectgericht werken Op basis van de stappen in 2024 is begin 2025 het programma Effectgericht werken en rapporteren (ook wel outcomegericht werken genoemd) van start gegaan. In de eerste fase passen we deze werkwijze toe in vier projecten, waarbij we in nauw overleg met opdrachtgevers bepalen hoe we (meer) effectgericht kunnen werken in deze projecten, waaronder welke effecten precies gemonitord en gerapporteerd (kunnen) worden. Tijdens dit iteratieve proces verfijnen we de methode en bereiden we de opschaling naar overige onderwerpen en werkzaamheden de reguliere vergunningverlening voor, zodat over twee jaar enkele jaren meer projecten organisatie breed volgens deze standaard werken én rapporteren.
3.2.2. Regiobrede AI-innovaties In zowel landelijk als regionaal verband – onder andere binnen Seveso 6 en samen met collega OD’s (ODRA, ODDV) en de provincie – nemen we een voortrekkersrol in de ontwikkeling van AI toepassingen. Zo werken we aan ‘ZekerGezegd’, een tool waarmee toezichthouders op locatie automatisch een concept constateringenbrief in het juiste sjabloon gereed krijgen. Daarnaast ontwikkelen we drie andere AI toepassingen, met als doel een gezamenlijke, veilige adoptie van AI binnen de overheid te bevorderen.
3.2.3. Pilot FastLane Milieu We passen de FastLane-methodiek inmiddels toe bij milieuvergunningen. Dit zorgt ervoor dat we doorlooptijden verkorten en de efficiëntie verhogen. Hoewel de methodiek inmiddels regulier draait, hebben we dit jaar processchema’s opgesteld, scopebepalingen aangescherpt en de planning voor specialisteninzet verder geoptimaliseerd.
3.2.4. Circulaire economie in vergunningverlening en handhaving Dit project integreert circulaire economiebenaderingen in onze VTH-processen. Door grondstoffen en materialen hernieuwbaar in te zetten, dragen we direct bij aan een duurzamere en gezondere leefomgeving.
3.2.5. Digitaal Voortouw: AI-pilots vooruit Er zijn verschillende kleinschalige AI-pilots uitgevoerd om praktische toepassingen te testen en te evalueren. De bevindingen delen we intern zodat de gehele organisatie profiteert van de opgedane inzichten. Zo bouwen we niet alleen aan kortetermijn-projecten, maar creëren we ook de cultuur en het netwerk om onze organisatie toekomstbestendig te maken.
13
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
3.2.6. Kennisorganisatie Vanuit onze visie een kennisgerichte organisatie te zijn hebben we het eerste kwartaal meer aandacht besteed aan opleiden van medewerkers en deelnemen aan de landelijke ontwikkelingen via Omgevingsdienst NL. Onderdeel van kennisontwikkeling landelijk is het aantrekken van een kennismakelaar voor elke omgevingsdienst. Wij gaan deze in het tweede kwartaal aantrekken
14
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
4. Financiën
15
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
De eerste rapportage van 2025 schetst een positief beeld en wordt nu geprognosticeerd op een resultaat van € 591.000 positief (met een bandbreedte van € 300.000). Door de toegenomen vraag ligt ODRN momenteel voor op de werkplannen voor dit jaar. Desondanks is het nog te vroeg om optimistisch te zijn. Hoewel de productiviteit in de eerste maanden is gestegen, worden er voor de rest van 2025 ook verschillende uitdagingen verwacht. Het jaar 2025 staat voor ODRN in het teken van de voorbereiding op de fusie met ODRA. De kosten van fase 1 kunnen op dit moment nog worden opgevangen binnen de begroting. De daaropvolgende fase zal worden bekostigd met behulp van subsidies. Er blijft echter sprake van een risico op budgetoverschrijding, al is momenteel nog niet te voorzien of dit zich daadwerkelijk zal voordoen. Daarnaast kan het fusietraject leiden tot een lagere productiviteit, aangezien dit een brede inzet van de gehele organisatie vergt. Vooralsnog wordt uitgegaan van een daling van de productiviteit, waarbij voor 2025 een norm van 70% wordt gehanteerd. ODRN beschikt momenteel nog niet over een nieuwe cao. Een mogelijk cao-akkoord in 2025 zal naar verwachting leiden tot een stijging van de loonkosten. Gezien de huidige financiële situatie lijkt deze toename voorlopig binnen het geprognosticeerde resultaat te kunnen worden opgevangen.
4.1. Begroting, prognose en resultaatverwachting 2025 In de volgende tabel staat de begroting van 2025, de prognose op basis van de cijfers tot en met maart 2025 en de verschillen tussen de begroting en de prognose. Voor een vergelijking met vorig jaar is ook de realisatie van 2024 te zien. De verschillen worden toegelicht in paragraaf 4.2.
Omschrijving in € * 1.000 Baten Deelnemersbijdragen Bovenregionale taken Subsidies en overige baten Bijdrage projectkosten ontvlechting BRIKS Bijdrage frictie inhuur BRIKS Bijdrage frictie overhead Rentebaten Totaal baten
16
werkelijk 2024
25.763 1.686 959 385 200 238 29.231
begroting 2025
prognose 2025
Verschil prognose begroting
I
II
II - I
21.258 2.163 490
22.116 1.981 374
858 -182 -116
780 100 24.791
780 100 25.351
560
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
Omschrijving
werkelijk 2024
begroting 2025
prognose 2025
Verschil prognose begroting
I
II
II - I -48 24 3
in € * 1.000 Lasten Salarissen en sociale lasten Overige personele lasten Inhuur Opleidingskosten
14.418 425 9.012 364
15.277 425 5.092 458
15.229 340 5.095 458
Huisvestingslasten ICT en informatiebeheer Kapitaallasten Materiele kosten t.b.v. opdrachtgevers Overige materiele kosten Bijdrage regionaal stelsel Projecten ODRN Projectkosten ontvlechting BRIKS Totaal lasten
866 1.617 107 282 288 312 747 440 28.878
813 1.675 125 276 297 462
813 1.640 125 276 322 462
24.791
24.760
-31
353
0
591
591
Resultaat 1
-35
25
4.1.1. Uitgangspunten prognose De prognose van de deelnemersbijdragen, de bijdragen bovenregionale taken en van subsidies en overige baten zijn gebaseerd op extrapolatie van de omzet tot en met maart echter is hierbij wel uitgegaan naar een dalend productiviteitspercentage van 70%. De prognose van de lasten is grotendeels gebaseerd op de begroting 2025. Het gaat om de geactualiseerde begroting 2025, inclusief een wijziging waarover het Algemeen Bestuur op 28 augustus 2025 besluit. Omdat dit een geactualiseerde begroting is, geeft deze voor de meeste posten een actueel beeld van de kosten. De prognose van de loonsom is gebaseerd op extrapolatie van de betaalde salarissen tot en met maart 2025 en hierbij is nog geen rekening gehouden met de effecten van een nog aan te passen cao. Bij de prognose van de inhuurkosten zijn is uitgegaan van de geschreven uren tot en met maart 2025.
1 Er is hierbij nog geen rekening gehouden met een vernieuwde cao en fusiekosten uit fase 2.
17
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
4.1.2. Aansluiting begroting 2025 op werkplannen In deze tabel is de aansluiting van de begroting op de werkplannen te zien.
In € * 1.000
Begroting
Werkplan
Bijstellingen
Deelnemersbijdragen
I 21.258
II 21.264
II - I 6
Bovenregionale taken
2.163
2.171
8
490
500
10
23.911
23.935
24
Subsidies en overige baten Subtotaal Bijdrage projectkosten ontvlechting BRIKS
780
Rentebaten
100
Totaal begrote baten
24.791
De kolom Bijstellingen laat de verschillen tussen de begroting en de werkplannen zien. In totaal gaat het om een relatief kleine bijstelling van € 24.000. De begroting 2025 sluit dus nagenoeg aan. In volgende tabel is de realisatie tot en met maart 2025 te zien, uitgesplitst naar domein en vakgebied. In € * 1.000
BRIKS
Milieu
Realisatie tm maart 2025
Werkplan
Voortgang
1.737
6.459
27%
Vergunningverlening
866
3.011
29%
Toezicht & Handhaving
598
2.611
23%
Juridische diensten
100
288
35%
Specialistisch Advies
173
527
33%
Totaal
3.168
11.621
27%
Vergunningverlening
1.648
5.604
29%
Toezicht & Handhaving
1.080
4.101
26%
150
597
25%
Totaal
Juridische diensten Specialistisch Advies Projecten Totaal
290
1.319
22%
1.361
5.855
23%
6.266
23.935
26%
Uit de bovenstaande tabel blijkt dat de realisatie op zowel de bouwtaken als de milieutaken met 27% iets voorloopt op de werkplannen. De realisatie op projecten, waaronder subsidies, blijft met 23% achter. Dit heeft de aandacht van de organisatie, met als doel te beoordelen of de betreffende projecten in 2025 alsnog gerealiseerd kunnen worden.
18
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
In de volgende tabel wordt de realisatie per opdrachtgever inzichtelijk gemaakt. In € * 1.000
Realisatie tm maart 2025
Werkplan
Voortgang
BERG EN DAL BEUNINGEN DRUTEN GELDERLAND HEUMEN NIJMEGEN WIJCHEN
891 519 164 2.692 320 806 273
2.946 2.113 705 9.663 1.179 3.664 994
30% 25% 23% 28% 27% 22% 27%
Deelnemers OD IJSSELLAND OD TWENTE ODA ODDV ODR ODRA ODV OVERIJSSEL Arnhem
5.665 0 2 14 1 0 94 32 362 0
21.264
27%
14 11 48 9 15 406 97 1.564 7
0% 18% 29% 11% 0% 23% 33% 23% 0%
505
2.171
23%
0 35 61
121 236 143
0% 15% 43%
96
500
19%
6.266
23.935
26%
Bovenregionaal DCMR MINISTERIE VAN EZK ODNL Subsidie en overig Totaal
4.2. Verklaring van afwijkingen tussen begroting en prognose 4.2.1. Baten Op basis van de eerste drie maanden van 2025 wordt een prognose afgegeven van € 25,4 miljoen aan baten. Dit betekent een positieve afwijking van € 0,5 miljoen ten opzichte van de begroting, oftewel 2%. De producten bij de deelnemers laten op basis van de eerste maanden een hogere productie zien dan begroot. De bovenregionale taken, subsidies en overige taken blijven daarentegen iets achter op de planning. De hogere productie wordt verklaard door zowel een toegenomen vraag als een hogere productiviteit dan begroot. Na drie maanden ligt de productiviteit 1,7% boven de norm van 70%.
19
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
De onderstaande grafiek toont de omzetontwikkeling tot en met maart 2025 en laat zien dat de productie in de maanden januari tot en met maart 2025 iets boven het maandelijkse gemiddelde ligt (zie groene balk).
In de prognose zijn tevens de bijdragen opgenomen met betrekking tot de frictiekosten in de overhead, die zijn ontstaan na het terugnemen van de BRIKS-taken door de gemeente Nijmegen. Over deze compensatie hebben ODRN en gemeente Nijmegen in 2024 overeenstemming bereikt. Op basis van de eerste maanden van 2025 is de verwachting dat ODRN de begrote rentebaten zal ontvangen.
4.2.2. Lasten Op dit moment laten de lasten geen grote afwijkingen zien en worden naar verwachting € 31.000 lager dan begroot. Voor de salariskosten van vaste medewerkers wordt een lichte onderschrijding verwacht, met een verschil van circa € 48.000. Daartegenover staan iets hogere prognoses voor de overige personeelskosten. De inhuur blijft naar verwachting binnen de begroting en bedraagt 25% van de personeelslasten in euro’s. Wat betreft de kosten voor ICT en informatiebeheer wordt op dit moment uitgegaan van een onderschrijding van circa € 35.000 ten opzichte van de begroting. De materiële kosten vallen naar verwachting € 25.000 hoger uit, mede als gevolg van hogere advieskosten in fase 1 van het fusietraject.
4.3. Due diligence In april 2025 is een due diligence-rapport uitgebracht. In de eerste bestuursrapportage van het jaar worden de conclusies en bevindingen uit dit rapport geactualiseerd.
20
Bestuursrapportage januari t/m maart 2025
De frictie die is ontstaan door het terugnemen van de BRIKS-taken door gemeente Nijmegen krijgt in 2025 al deels opvolging. Door het afstoten van een verdieping verwacht ODRN de huisvestingslasten in het lopende jaar te kunnen verlagen. Ten opzichte van december 2024 is het personeelsbestand gewijzigd. Sinds het terugnemen van de BRIKS-taken is het percentage inhuur aanzienlijk afgenomen: van 30,4% in december 2024 naar 22,2% eind maart 2025. Daarbij moet worden opgemerkt dat de inhuur binnen de BRIKSafdeling nog steeds relatief hoog is. De organisatie hanteert echter een planmatige aanpak om dit percentage in de loop van 2025 verder te verlagen.
4.4. Financiële risico’s De prognose over 2025 kent nog een paar onzekerheden welke nog niet in de financiële cijfers zijn opgenomen. Half april heeft de VNG een eindbod gedaan voor een nieuwe CAO. Deze omvat een loonstijging per 1 april 2025 van 2% en een loonstijging van 1,85% per 1 oktober 2025. In juni zal naar verwachting de CAO definitief worden. Op dit moment is niet duidelijk of de kosten van de fusie in fase 2 binnen budget blijven. Zodra fase 2 is opgestart zullen wij dit blijven monitoren en in onze volgende bestuursrapportage hierover rapporteren.
21