Bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Tekst van het document
Voor de Natura 2000 gebieden geldt tevens de externe werking. Ontwikkelingen in de nabijheid van deze gebieden mogen geen significante gevolgen hebben voor de aanwezige natuurwaarden in deze gebieden. Houd ook rekening met de stikstofdepositie. In de paragraaf luchtkwaliteit wordt hier in detail op in gegaan. Het plangebied heeft geen directe relatie met de beschermde natuurgebieden (Natura 2000) in de omgeving van Nijmegen, er is ook geen significante schade te verwachten.
30
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Beschermde soorten De soortenbescherming regelt de bescherming van dier- en plantensoorten. De Wet natuurbescherming kent drie aparte beschermingsregimes: Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn (Europees); Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn (Europees); en Beschermingsregime andere soorten (Nationaal). Elk van deze beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten voor vrijstelling of ontheffing van de verboden. De wet hanteert daarbij het "nee, tenzij principe". Alle schadelijke handelingen ten aanzien van beschermde planten- en diersoorten zijn in principe verboden. Dit betekent dat voor nieuwe ontwikkelingen waar negatieve effecten niet zijn uit te sluiten, een oriënterend onderzoek moet worden uitgevoerd: een quick scan 'flora en fauna' en zo nodig een vervolgonderzoek. Alleen onder strikte voorwaarden zijn afwijkingen van de verbodsbepalingen mogelijk. Hiertoe moet een Wet natuurbescherming ontheffing voor soorten bij de Provincie aangevraagd worden. Daarnaast is in de wet een zogenaamde 'algemene zorgplicht' opgenomen. De zorgplicht houdt in dat een ieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. Bij uitvoering van activiteiten moeten negatieve gevolgen zoveel mogelijk worden voorkomen dan wel beperkt of ongedaan gemaakt worden.
Op 24 maart 2020 heeft Bureau Waardenburg een actualisatie quick scan beschermde soorten uitgevoerd op Molukkenstraat 1. De eerdere quick-scan heeft datum 1 maart 2018 (180082/18.01056/AnKar). Uit de quick scan blijkt dat bij de uitvoering van de werkzaamheden rekening dient te worden gehouden met de aanwezigheid van vleermuizen in het schoolgebouw en broedende vogels om overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb te voorkomen. Er is ontheffing nodig van verbodsbepalingen van de Wnb voor gewone dwergvleermuis. Tijdelijke maatregelen voor vleermuizen zijn al gerealiseerd en in de nieuwbouw komen permanente verblijfplaatsen voor vleermuizen (natuurinclusief ontwerpen en bouwen). Voor andere beschermde soorten heeft het plangebied geen betekenis of zijn negatieve effecten van de voorgenomen ingreep uitgesloten. Een aanvullend onderzoek is eerder uitgevoerd dan de bovenstaande actualisatie van de quickscan. Uit het vervolgonderzoek 23 oktober 2018 (18-0082/18.08726/GerHo) komen de volgende conclusies: Het onderzoeksgebied wordt gebruikt door de gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger als foerageergebied. Het terrein van de school alleen door de gewone dwergvleermuis. Het schoolgebouw heeft een functie als paarverblijf voor twee gewone dwergvleermuizen. Vondst van een vleermuis vroeg in het jaar kan duiden op winterslapende vleermuizen in het schoolgebouw.
Aanwezigheid van winterslapende dieren kan noch worden aangetoond noch uitgesloten op basis van dit onderzoek. Op basis van het aanvullend onderzoek zijn tijdelijke vleermuisvoorzieningen opgehangen. In notitie Verslag plaatsing tijdelijke vleermuisvoorzieningen te Nijmegen van 30 augustus 2019 (180915/19.07273/DavVo) wordt inzichtelijk gemaakt wanneer en waar de 8 vleermuiskasten zijn opgehangen. Daarnaast worden tevens de functionaliteiten omschreven in het verslag. Op basis van bovenstaande bevindingen is ontheffing afgegeven door de provincie Gelderland onder het zaaknummer 2020-002989. Provinciale Omgevingsvisie Gelderland In de Omgevingsvisie Gelderland staan de hoofdlijnen van het provinciale beleid over onderwerpen als ruimte, water, mobiliteit, economie, natuur en landbouw.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
31
Gelders Natuurnetwerk In de Omgevingsverordening zijn de bijbehorende regels vastgelegd. Om de biodiversiteit nu en voor toekomstige generaties Gelderlanders veilig te stellen, beschermt de provincie het Gelders Natuurnetwerk (GNN). Dit is een samenhangend netwerk van bestaande en te ontwikkelen natuur van internationaal, nationaal en provinciaal belang. Dit Gelders Natuurnetwerk bestaat uit alle terreinen met een natuurbestemming binnen de voormalige Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Voor bestaande functies zijn er beperkte ontwikkelingsmogelijkheden, namelijk voor gevallen waarbij er geen reële alternatieven zijn voor verplaatsing van de functie naar een plek buiten het Gelders Natuurnetwerk. De provincie stelt bij een aantasting van de kernkwaliteiten steeds de voorwaarde dat er een compensatieplan gemaakt wordt waarbij de bestaande natuurwaarden worden versterkt. Groene ontwikkelingszone De Groene Ontwikkelingszone (GO) heeft een dubbele doelstelling. Er is ruimte voor verdere economische ontwikkeling in combinatie met een substantiële versterking van de samenhang tussen aangrenzende en inliggende natuurgebieden. De GO bestaat uit terreinen met een andere bestemming dan bos of natuur die ruimtelijk vervlochten zijn met het Gelders Natuurnetwerk (GNN).
De oude ecologische verbindingszones (evz's) maken deel uit van de GO, evenals weidevogelgebieden en ganzenfoerageergebieden.
Het plangebied ligt niet in het Gelders Natuurnetwerk (GNN) of de Groene Ontwikkelingszone (GO), de waardevolle natuurgebieden die in de Omgevingsvisie Gelderland opgenomen zijn. De Omgevingsvisie is wat dat betreft niet van toepassing.
32
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Gemeentelijk beleid Coalitieakkoord 2018- 2022, Nijmegen: samen vooruit Inwoners en toekomstige inwoners van Nijmegen stellen hogere eisen aan de kwaliteit van hun woon- en leefomgeving, mensen kiezen in toenemende mate hun woonplaats op grond van de kwaliteit van de leefomgeving en kijken van daaruit welke banen bereikbaar zijn. Een groene gemeente met goede voorzieningen en een aantrekkelijke stedelijke woon- en leefomgeving heeft de toekomst. De kwaliteit van de stedelijke omgeving is voor ons een prioriteit. Wij richten de woonstraten groen en duurzaam in. Parkjes en groenvoorzieningen blijven we aan de stad toevoegen. We hebben bij de inrichting hiervan oog voor het gebruik van het groen en voor de ecologische waarde. We willen een overheid zijn die inwoners en organisaties de ruimte biedt de eigen leefomgeving vorm te geven. Topindicator groen (2010) In 2010 heeft de raad voor groen de topindicator “binnen 300 meter van iedere woning 0,5 hectare aaneengesloten vlakgroen” vastgesteld. De topindicator refereert aan onderzoeken van Alterra waarin 300 meter als realistische loopafstand naar groen voor kinderen en ouderen wordt geadviseerd. De 0,5 hectare komt daarbij voort uit ervaringscijfers. Na nuancering en verfijning van de topindicator is in 2013 een overzicht gemaakt van gebieden waar de toevoeging van groen gewenst is.
We passen de topindicator toe bij veel plannen en beleidsstukken. Bijvoorbeeld in de nota 'Samen gezond verder. Lokaal gezondheidsbeleid Nijmegen 2013-2016' wordt het belang van groen genoemd en is de topindicator onderdeel van het beleid. De indicator is nuttig om gebieden te identificeren waar een groentekort is. Het is zaak om nieuwe woongebieden dusdanig in te richten dat aan de topindicator groen wordt voldaan en dat er voldoende groen op loopafstand beschikbaar is. Het ontwikkelgebied dient voldoende openbaar toegankelijk groen te bevatten met een diversiteit aan structuur en hoogtes (gras/struiklaag/boomlaag) wat zowel de biodiversiteit als de belevings- en gebruikswaarde bevorderd. Groenplan De groene draad (2007) Het groenbeleid is vastgelegd in "De groene draad - kansen voor het Nijmeegse groen" en heeft als doelstelling: inzicht te geven in het totaal van groene ontwikkelingen in en om de stad en hun onderlinge samenhang; een sturingsinstrument voor het bestuur te zijn voor groene ontwikkelingen in de stad; vanuit een groen toekomstperspectief een gids of leidraad te zijn voor toekomstige stedelijke ontwikkelingen; de groene ambities te benoemen voor de komende jaren die vertaald worden in een uitvoeringsprogramma. De hoofdgroenstructuur is de basis van het groen in Nijmegen en opgebouwd uit groene vlakken (parken en groengebieden) en de hoofdboomstructuur.
De hoofdboomstructuur bestaat uit lijnen (bomen langs wegen en cultuurhistorische lijnen) en punten (bijzondere en monumentale bomen en boomgroepen). We streven er naar om de hoofdgroenstructuur in stand te houden en de ambities te verwezenlijken. In bestemmingsplannen gaat het dan om de bestemmingen Groen, Natuur en Bos. Daarnaast kennen ook andere plekken een groene bestemming bijvoorbeeld kleinere groenplekken op wijkniveau.
Binnen het plangebied is geen groene hoofdstructuur aanwezig. Handboek stadsbomen (2009) Het Handboek Stadsbomen is een uitwerking van het Groenplan “De Groene draad, kansen voor het Nijmeegse groen'. Het Handboek Stadsbomen vormt het kader voor inrichtingsplannen en beheerplannen voor de openbare ruimte waar het bomen betreft. Het handboek is daarnaast te definiëren als toetsingskader voor ruimtelijke plannen en initiatieven en biedt inzicht in de beleidsuitgangspunten ten aanzien van bescherming, aanplant, beheer en kap van bomen.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
33
De hoofddoelstelling van het Handboek Stadsbomen is het waarborgen van de duurzame instandhouding van het Nijmeegse bomenbestand door middel van behoud èn ontwikkeling. De volgende uitgangspunten staan daarbij centraal: •
Optimale inzet van middelen.
•
Waarborgen van een vitaal bomenbestand.
•
Zorgen voor draagvlak; zorgvuldig afwegen, bewust besluiten en tijdig communiceren.
•
Meer bomen en meer kronen. Inzet op kwantiteit en kwaliteit.
Het Handboek Stadsbomen heeft betrekking op alle bomen binnen de gemeentegrenzen. Dat zijn dus niet alleen de park-, laan- en straatbomen, maar ook bomen in tuinen en op particuliere terreinen. Voor bosopstanden, bosplantsoen en bomen in natuurgebieden gelden andere beleidskaders en wet- en regelgeving. Hoofdboomstructuur In het Handboek Stadsbomen is de hoofdbomenstructuur opgenomen en is onderdeel van de hoofdgroenstructuur. De hoofdbomenstructuur leggen we niet vast in bestemmingsplannen maar wordt wel beschreven in de toelichting en speelt daarmee wel een rol in bestemmingsplannen. Binnen het plangebied is geen hoofdbomenstructuur aanwezig. Bijzondere bomen Monumentale bomen weerspiegelen net als monumentale gebouwen de geschiedenis van de stad. Om de cultuurhistorische betekenis van het groen in de stad te waarborgen, zijn de monumentale bomen geïnventariseerd. Van de gemeentelijke bomen zijn alle monumentale, bijzondere en waardevolle bomen opgenomen. Monumentale en waardevolle bomen zijn minstens 50 jaar oud, hebben een cultuurhistorische betekenis en hebben een goede levensverwachting. De waardebepaling van monumentale bomen ligt hoger dan bij de waardevolle bomen. Daarnaast zijn er een aantal bijzondere bomen aan de lijst toegevoegd. Dit zijn de bomen die een bijzondere betekenis hebben of een geplant zijn vanwege een bijzondere gebeurtenis zoals o.a.
de Wilhelminaboom, Julianaboom, Beatrixboom. Alleen de, vanaf openbaar terrein, zichtbare monumentale bomen op particulier grondgebied zijn opgenomen. Alle bijzondere bomen vallen onder het regime van de omgevingsvergunning, het kappen van houtopstanden. Binnen het plangebied zijn geen bijzondere of monumentale bomen aanwezig. Overige bomen Binnen het plangebied zijn een klein aantal bestaande bomen aanwezig. Op basis van omvang en soort is voor 4 bomen een BEA uitgevoerd. Uit de BEA is naar voren gekomen dat de vitaliteit van boom 1 goed is en voor de bomen 2,3 en 4 op het achterterrein van de school matig tot slecht is. Boom 1 staat momenteel tegen de gevel aan en zal gesnoeid moeten worden om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren. Voor de overige kap van de overige bomen moet een compensatieplan worden opgesteld. Ecologie van de stad De bijzondere ligging van Nijmegen op een kruispunt van het rivierengebied, de hogere zandgronden en het stuwwallencomplex zorgt ervoor dat niet alleen rondom Nijmegen, maar ook binnen de stadsgrenzen een verscheidenheid aan leefmilieus voor planten en diersoorten aanwezig is. Grootschalige natuurgebieden om de stad, zoals de Gelderse Poort, de uiterwaarden van de Waal, De Ooypolder, het Hatertse Vennengebied, Heumensoord fungeren hierbij als brongebied voor natuurwaarden in de stad.
34
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
We hebben de ecologische structuren, de ecologische hotspots en de ecologische waardevolle wijkspots in de wijk in Nijmegen in kaart gebracht. Ecologische structuren laten de relaties zien tussen natuurwaarden in de stad en natuurwaarden om de stad. Soorten kunnen zich hierlangs verplaatsen en hebben zo een gevarieerd leefgebied tot hun beschikking. Ecologische hotspots zijn waardevolle gebieden die, in relatie met de gebieden om de stad, een functie vervullen voor algemene en zeldzame soorten. Hier stemmen we het beheer af op de natuurwaarden en wordt het gebruik van die gebieden voor recreatie meer gereguleerd en gestuurd wordt. Tevens waken we bij deze hotspots voor versnippering, aantasting en doorsnijding. De ecologische waardevolle wijkspots vervullen een rol op wijkniveau en maken het mogelijk om natuur dichtbij huis te beleven.
Groen en gezondheid Groen heeft niet alleen een ecologische waarde, het draagt bij aan de gezondheid van mensen, het zorgt voor een aantrekkelijke omgeving voor wonen, werken en recreëren. Groen bevordert de gezondheid, het nodigt uit om te bewegen en patiënten herstellen sneller in een groene omgeving. Voor kinderen is het belangrijk om juist al op jonge leeftijd in contact te komen met een groene leefomgeving. Bij de inrichting van de (school-)omgeving is dit nadrukkelijk een aspect om rekening mee te houden. Met Nijmegen: Groen, gezond en in beweging (vastgesteld door het college op 14 maart 2017 en ook opgenomen in de gezondheidsagenda) werkt de gemeente aan gezonde inwoners in een gezonde omgeving. Stad en Natuur: klimaatadaptatie en natuurinclusief bouwen Nijmegen is een van de groenste steden van Nederland. Niet alleen door de aanwezigheid van veel groen, maar ook vanwege de groene bestuurlijke ambities. Bij nieuwe ontwikkelingen zoals dit plangebied ontstaan kansen voor de natuur in de stad. Op 14 november 2018 heeft de gemeenteraad de motie Natuurinclusief bouwen aangenomen. Voor Waalfront en Waalsprong: In deze motie staat expliciet genoemd dat in de transformatiegebieden de Waalsprong en het Waalfront plannen zodanig kunnen worden ontwikkeld/ aangepast dat ze natuurinclusief zijn.
Natuurinclusief bouwen is een verzamelterm voor tal van maatregelen en manieren om natuur te integreren bij de bouw van woningen, kantoren en andere gebouwen. Door natuurinclusieve maatregelen wordt de leefomgeving voor gebouwbewonende diersoorten verbeterd en de biodiversiteit bevorderd. Ook hebben de maatregelen effect als anti-mug en anti-stress en geven belevingswaarden. Daarnaast verhoogt het de geluidsisolatie, luchtzuivering, waterbergingscapaciteit en warmteregulering in het stedelijk gebied. Dit verhoogt uiteindelijk de
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
35
leefkwaliteit van de stad en biedt verschillende soorten een plek in de stad. Onderdeel van natuurinclusief bouwen is ook de toepassing van kruidendaken op de platte daken van nieuwbouw. Een groen dak heeft duidelijk meer waarde voor de biodiversiteit en de leefbaarheid. En tevens heeft het een functie voor de waterberging bij piekbuien, verbetert het de luchtkwaliteit en brengt het koelte in de stad en de woning. Een bijkomend voordeel is dat groene daken een communicatiemiddel is om het bewustzijn van bewoners te vergroten voor de klimaatverandering. Nijmegen is aangesloten bij de landelijke campagne Operatie Steenbreek. Het doel van deze campagne is om bewoners te enthousiasmeren om hun tuin te vergroenen. De negatieve gevolgen van verstening zoals wateroverlast en ook droogte, hittestress en minder biodiversiteit worden daarbij onder de aandacht gebracht. Beter is nog dat bij de ontwikkeling van dit plangebied groene (binnen)tuinen, groene daken en gevelgroen mee wordt ontworpen zodat verstening van de tuinen vanaf het begin zoveel mogelijk wordt voorkomen. Door de klimaatsveranderingen ontstaan er steeds meer milieuproblemen in de stedelijke omgeving. Door overmatige regenval ontstaat wateroverlast; de temperatuurstijging veroorzaakt hitte eilanden in overmatig stenige omgevingen en door het fijnstof probleem krijgen steeds meer mensen gezondheidsklachten.
Groen kan ingezet worden om deze milieuproblemen te verzachten. Hemelwater kan opgevangen worden in groengebieden en door het vergroenen van stenige pleinen zal de temperatuur iets afnemen en diverse planten nemen fijnstof op uit de lucht. Groen kan op deze wijze bijdragen aan een beter en gezonder leefklimaat. Vanwege de onlosmakelijke relatie tussen groen/natuur en water zal een deel van de waterberging in de groene ruimte worden gezocht. We streven naar een goed evenwicht tussen beide functies zodat het resultaat een impuls oplevert voor natuurwaarden en natuurontwikkeling.
4.12 Cultuurhistorie Cultuurhistorie Rijksbeleid Cultuurhistorie speelt een belangrijke rol bij de ruimtelijke inrichting van ons land. De uiterlijke verschijningsvorm van de stad weerspiegelt haar ontwikkelingsgeschiedenis en bepaalt mede de identiteit van een gebied. Archeologische vondsten en historische bebouwing vormen het fysieke archief van de stad. De grond, waarop we staan is laag voor laag opgebouwd, waarbij iedere laag iets vertelt over een bepaalde periode uit de geschiedenis van de stad. Om deze redenen heeft het Rijk de beleidslijn ingezet om cultuurhistorie onderdeel te laten zijn van het afwegingskader bij het opstellen van bestemmingsplannen. Deze beleidslijn is verwoord in de beleidsbrief Modernisering Monumentenzorg uit 2009 en heeft geleid tot wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) sinds 1 januari 2012. Met het gewijzigde Bro zijn gemeenten wettelijk verplicht cultuurhistorie deel uit te laten maken van het afwegingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het Rijk vraagt hiermee aan gemeenten om bij het opstellen van bestemmingsplannen, projectafwijkingsbesluiten en beheersverordeningen gebouwen, objecten en structuren met cultuurhistorische waarde te inventariseren en daaraan conclusies te verbinden en in het bestemmingsplan te verankeren. De Monumentenwet 1988 vormt de basis voor de monumentenzorg.
Rijksmonumenten worden op basis van deze wet aangewezen, evenals rijksbeschermde stadsgezichten. Rijksmonumenten komen in het plangebied niet voor en ook niet in de nabije omgeving. Er lopen geen procedures om te komen tot aanwijzing van rijksmonumenten. Voor het gebied is geen procedure voor aanwijzing als rijksbeschermd stadsgezicht in voorbereiding.
36
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Gemeentelijk beleid Het gedachtengoed uit de beleidsbrief Modernisering Monumentenzorg en het gewijzigde Besluit ruimtelijke ordening is aanleiding geweest om ook het gemeentelijk erfgoedbeleid te actualiseren. Dit heeft geresulteerd in de Nota Cultureel Erfgoed, die op 15 mei 2013 door de raad is vastgesteld. Deze nota beschrijft op welke manier erfgoed kan bijdragen aan de ambitie van de gemeente Nijmegen om de identiteit van de stad te behouden en te versterken. Hiervoor worden drie strategieën ingezet: duurzame ruimtelijke ontwikkeling, kennis & inspiratie en bescherming & instandhouding. De strategie duurzame ruimtelijke ontwikkeling heeft betrekking op een toekomstbestendige stad, waar erfgoed ingezet wordt om bij gebiedsontwikkelingen de eigen identiteit van de locatie te behouden of te versterken. De verplichtingen vanuit het Besluit ruimtelijke ordening en de daaruit voortvloeiende beleidsvrijheid die we als gemeente hebben, zetten we in om deze ambitie te kunnen realiseren. Erfgoed is namelijk een factor die kwaliteit geeft aan de ruimte en daarmee ruimtelijke ontwikkelingen kan verrijken. De cultuurhistorische elementen die onderdeel zijn van de identiteit van de stad kan men niet allemaal als beschermd monument of gezicht aanwijzen, maar zijn wel onderdeel van de manier waarop we onze stad beleven, inrichten en gebruiken.
De cultuurhistorische beleidskaart is de basis voor de cultuurhistorische inbreng bij het opstellen van ruimtelijke plannen. De beleidskaart onderscheid vier gebiedstypen: 1. Gebieden waar alleen ingezet zal worden op behoud van historische structuren. 2. Gebieden waar het hoofdzakelijk gaat om de samenhang tussen structuur en bebouwing. 3. Gebieden met een rijke cultuurhistorische gelaagdheid. 4. Beschermde gebieden. Gebiedstype 4 Het bestemmingsplangebied aan de Molukkenstraat, dat wordt begrensd door Molukkenstraat, Archipelstraat en Padangstraat is gelegen in het gemeentelijk beschermde stadsbeeld Indische Buurt en valt geheel binnen gebiedstype 4 van de cultuurhistorische beleidskaart. In beschermde gebieden is cultuurhistorie de bepalende factor bij het opstellen van ruimtelijke plannen. Er is in deze gebieden sprake van een bijzonder karakter met een samenhang tussen het stedenbouwkundig plan, het bebouwingsbeeld, de architectuur van de bebouwing en eventueel het aanwezige groen. De cultuurhistorische waarden liggen ten grondslag aan de bescherming en zijn daarom geïnventariseerd en veelal bekend.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
37
38
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Uitgangspunt is de bestaande situatie zoveel mogelijk te handhaven of te versterken en ontwikkelingsmogelijkheden af te stemmen op de cultuurhistorische waarden en karakteristieken. Er is gedetailleerde aandacht voor cultuurhistorie. In bestemmingsplannen zorgen planregels en passende functies voor behoud van de cultuurhistorische waarden. Er is in deze gebieden sprake van overwegend conserverende bestemmingsplannen. Ten behoeve van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen zal van de initiatiefnemer een cultuurhistorisch onderzoek gevraagd worden, waarin de kansen en beperkingen met betrekking tot cultuurhistorie zijn benoemd en wordt aangegeven op welke wijze deze in de plannen kunnen worden ingepast. Aan deze voorwaarde is voldaan. De volgende onderzoeken zijn beschikbaar: - 'Indische buurt, Galgenveld-Nijmegen, Atlas beschermd stadsbeeld deel I en II' door Rein Geurtsen & partners (Nijmegen 2009) - 'Gemeente Nijmegen Schoolgebouwen 1945-1968, waardestellende quickscan' door Van Meijel adviseurs in cultuurhistorie (Nijmegen 2019) De Monumentenverordening is de juridische basis om monumenten en gebieden te kunnen beschermen. De aanwijzing tot gemeentelijk monument wordt ingezet voor objecten en gebouwen die dusdanig belangrijk en karakteristiek zijn voor Nijmegen dat ongewenste wijzigingen en sloop op voorhand voorkomen moeten worden.
Niet alle cultuurhistorisch waardevolle objecten zijn beschermd. Daarom heeft de gemeente ter completering van het monumentenbestand een aandachtslijst in voorbereiding, die in 2015 is vastgesteld. Op de aandachtslijst staan alle gebouwen, objecten en terreinen die in aanmerking komen voor plaatsing op de gemeentelijk monumentenlijst, als gemeentelijk of archeologisch monument of als identiteitsbepalend object. De aanwijzing tot gemeentelijk beschermd stadsbeeld wordt ingezet voor (delen van) buurten/ wijken met een bijzondere verkaveling, een vanuit cultuurhistorisch belangwekkend stratenplan of stedenbouwkundige structuur. Onder de bescherming kunnen onder meer voor- en zijgevels vallen, erfafscheidingen, straatprofielen en straatmeubilair. Het plangebied kent geen gemeentelijke monumenten, maar is wel gelegen binnen het gemeentelijk beschermde gebied Indische Buurt (zie kaart).
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
39
Beschermd Stadsbeeldobject Gemeentelijk monument Rijksmonument
Het stedenbouwkundig plan van de Indische buurt is in 3 fasen tot stand gekomen:
40
Plan Graadt van Roggen 1904-1906 Uitbreidingsplan J.J. Weve 1918-1923 Algemeen Uitbreidingsplan A. Siebers 1934
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Ook de bebouwing is in drie hoofdperiodes tot stand gekomen en vertoont bijbehorende stijlkenmerken: Eclecticisme, Interbellum en Wederopbouw. De voormalige Nutsschool is in de wederopbouwperiode gebouwd en maakt deel uit van het stedenbouwkundig plan van Siebers. De voormalige Nutsschool Molukkenstraat 1 Het schoolgebouw bevindt zich in de wijk Galgenveld, aan de rand van het beschermd stadsbeeld Indische Buurt. Binnen die begrenzing zijn vrijwel alle gebouwen – ook enkele naoorlogse aangemerkt als gemeentelijk monument of beschermd stadsbeeldobject. Dat geldt niet voor de Nutsschool. De zuidoostelijke 'zoom' van jaren vijftig gebouwen is slechts zeer ten dele gewaardeerd (zie kaart). De school maakt deel uit van deze strook met middelhoge vroegnaoorlogse bebouwing aan de zuidoostelijke flank van een vooroorlogs stedenbouwkundig stratenplan met overwegend laagbouw. Het vrijstaande, op de zon georiënteerde schoolgebouw staat evenwijdig aan de Molukkenstraat, zodat beide langsgevels met grote klaslokaalramen optimaal profiteren van de inval van daglicht. Samen met de portiekflat aan de overzijde vormt het schoolgebouw een symmetrisch straatprofiel: bebouwing | voortuin | haag | trottoir | rijbaan | trottoir | haag | voortuin | bebouwing.
De beide kopgevels van het schoolgebouw liggen aan de doorgaande Archipelstraat (zuidzijde) en de veelsprong met plantsoen van de Borneostraat (noordzijde). Beide koppen hebben geen uitgesproken front of representatief motief. De toegangen liggen aan de achterzijde als onderdeel van een deels bestraat schoolplein en deels beplant speelterrein. Het geringe niveauverschil in het terrein is zowel buiten als binnen opvangen met trappen en keermuurtjes. typering Tweelaags gebouw op langgerekt rechthoekig grondplan met bakstenen gevels (geel), houten ramen in betonnen kaders en lessenaarsdak met opgewipt overstek. Twee uitpandige portieken met trappenhuizen en aangrenzende garderobes en toiletten ontsluiten acht doorzon-leslokalen. De personeelsvertrekken (bg) en een handenarbeidlokaal (verd) op de kop worden ontsloten via een flankerende hal. De Nutsschool is in 1958-1959 in opdracht van de gemeente Nijmegen gebouwd naar ontwerp van architect F.M. Oswald, en sindsdien niet noemenswaardig verbouwd of gemoderniseerd. Wel is in 1985 een gymzaal in afwijkende architectuur toegevoegd. Er is geen gebouwgebonden kunst. Het gebouw zal worden herbestemd. waardering Het gebouw is van groot cultuurhistorisch belang vanwege de belevings- en herinneringswaarde voor grote groepen kinderen die hier zijn gevormd en NUTS onderwijs hebben genoten.
Daarnaast is het van belang als herinnering aan de verzuilde vroeg-naoorlogse samenleving met eigen voorzieningen voor elke (geloofs)overtuiging en als toonbeeld van de verzorgingsstaat in opbouw waarin voorzieningen voor basisonderwijs gelijke tred moesten houden met de ongekende groei van de bevolking en sterke uitbreiding van de stad. Het gebouw is van architectuurhistorisch belang als goed en herkenbaar voorbeeld van een portiekschool, uitgevoerd in een vrij uitzonderlijke en goeddeels gaaf behouden frivole shake handsarchitectuur van architect Oswald. Het gebouw is van stedenbouwkundig belang vanwege de ligging binnen het beschermd stadsbeeld Indische buurt. Het stedenbouwkundige ruimtebeeld in de Molukkenstraat is sterk: twee jaren vijftig portiekgebouwen met omhaagde voortuinen aan weerszijden van de straat. Teleurstellend is de stedenbouwkundige uitwerking en het ruimtebeeld aan de doorgaande Archipelstraat en aan de veelsprong met plantsoen in de Borneostraat. Op deze stedenbouwkundig markante plekken zijn alleen blinde kopgevels en een rommelig inkijkje op het desolate speelterrein. Enkel vanuit het gebouw en de bezonning beredeneerd is de oplossing met blinde kopgevels begrijpelijk, maar vanuit de stedenbouwkundige context bezien schiet het ontwerp hier tekort.
Vermoedelijk is dit ook de reden waarom de Nutsschool geen status heeft gekregen binnen het beschermd stadsbeeld. Ontwikkeling Relevant in dit verband is of de ontwikkeling die door de wijziging van het bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt de cultuurhistorische waarde van gebouw en het aanzien van de directe omgeving in de beschermde Indische buurt in stand houdt.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
41
Het plan gaat uit van het behoud van het schoolgebouw met uitzondering van trappen aan de achterzijde en de later toegevoegde, zeer detonerende gymzaal. Het behoud en de herbestemming van deze bijzondere school is toe te juichen vanuit cultuurhistorie en het oogpunt van duurzaamheid. Het nieuwe bestemmingplan biedt de kans om de stedenbouwkundig onbevredigende situatie aan de Archipelstraat en het pleintje op de veelsprong sterk te verbeteren door het toevoegen van bebouwing. De voorgestelde footprint en massa van de bebouwing op deze locaties draagt bij aan de aanheling en vervolmaking van de gevelwanden binnen het beschermde stadsbeeld en wordt daarom vanuit cultuurhistorisch oogpunt als een positieve ontwikkeling beschouwd. Het plan houdt de cultuurhistorische waarde van het gebied niet alleen in stand, maar versterkt deze zelfs.
voorgevel aan de Molukkenstraat
42
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Schoolgebouw vanuit de Borneostraat, de later gebouwde gymzaal is een dissonant
Achterzijde met markante portieken met trappenhuizen. Het is vanuit cultuurhistorisch oogpunt aan te bevelen om er minstens een van te behouden.
4.13 Archeologie Rijksbeleid Met de ondertekening van het Verdrag van Valletta (Malta) in 1992 is in Nederland de beleidsmatige zorg voor het archeologisch bodemarchief aanzienlijk toegenomen. In het verdrag staat: Archeologische waarden dienen als onvervangbaar onderdeel van het culturele erfgoed te worden meegenomen en te worden ontzien bij de ontwikkeling en besluitvorming van ruimtelijke plannen. Mocht bescherming onvoldoende mogelijk zijn dan dient, volgens dit verdrag, de informatie te worden onttrokken aan de bodem via archeologisch onderzoek. Uitgangspunt hierbij is dat de initiatiefnemer van de verstoring van het bodemarchief de kosten van het onderzoek en de eventuele op te leggen maatregelen dient te dragen. Inmiddels zijn de uitgangspunten van het Verdrag in de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd in de (voormalige) Monumentenwet 1988 via de Wijzigingswet Wet op de Archeologische Monumentenzorg (WAMz, 1-9-2007). Met het in werking treden van de Erfgoedwet op 1-7-2016 is de Monumentenwet 1988 grotendeels vervallen. Tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn de hoofdstukken II, paragrafen 2 en 3, IV, V, paragrafen 1 en 9, en VI van de Monumentenwet 1988, zoals die luidden voor inwerkingtreding van deze wet, nog van toepassing. Hoofdstuk V regelt de Archeologische Monumentenzorg.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
43
Het Besluit ruimtelijke ordening Artikel 3.1.6, lid 5 regelt de omgang van het bestemmings- plan met de in een gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten. Dit wordt straks onderdeel van de Omgevingswet. Dit komt er op neer dat tenzij dit reeds in een milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer is vastgelegd, er ten minste in het bestemmingsplan wordt aangegeven hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. Gemeentelijke beleid Het archeologiebeleid van de gemeente Nijmegen is er, in overeenstemming met Malta en de Erfgoedwet, op gericht om het bodemarchief zoveel mogelijk te ontzien. Indien dat niet mogelijk is, wordt voorafgaande aan de bodemverstoring archeologisch onderzoek verricht. De wijze van onderzoek wordt bepaald op basis van de vast te stellen archeologische waarden en de aard en omvang van de bodemingrepen. De archeologische (in bredere zin: cultuurhistorische) kennis die hierbij wordt vergaard, levert informatie op die mede als inspiratiebron kan dienen voor het ontwerp van een gebouw of bij het inrichten van de openbare ruimte. Zo kan het 'verhaal van de plek' ook door toekomstige generaties nog worden gelezen.
De Structuurvisie voor Nijmegen uit 2013 legt nadrukkelijk een koppeling tussen archeologie en lokale identiteit, en als bron of inspirator voor toerisme, een economisch belangrijke factor in de economie van de gemeente Nijmegen. Het zal duidelijk zijn dat een betere bescherming van het bodemarchief en vooral ook het tijdig meewegen van de archeologische belangen vraagt om een zo goed mogelijk inzicht in de verwachte ligging, verspreiding en aard van het bodemarchief. Om deze reden heeft de gemeente Nijmegen een archeologische beleidskaart ontwikkeld (ABAK), waarop de belangrijkste archeologische vindplaatsen en zones en hun waardering zijn aangegeven. Deze kaart is onderdeel van de Nota Nieuw Beleid (2013) en in een bijgewerkte vorm van het facetbestemmingsplan archeologie (2014). De op de kaart aangeduide waarden vormen de basis voor nieuwe bestemmingsplannen, waar nodig aangevuld met nieuw onderzoek. Het streven van de gemeente Nijmegen is in eerste instantie gericht op behoud in situ. Planaanpassingen kunnen de kosten voor archeologisch onderzoek overbodig maken of sterk beperken. Initiatiefnemers wordt dan ook aangeraden in een vroeg stadium met de gemeente in overleg te gaan inzake de mogelijkheden om te kijken naar de best mogelijke opties.
Het kan daarbij gaan om adviezen voor de soort van archeologisch onderzoek die het beste gekozen kan worden of om de mogelijkheden van archeologie sparend bouwen te bekijken. Bestaande archeologische waarden in het plangebied Het plangebied Molukkenstraat 1 lag voor deze bestemmingsplanwijziging in een gebied met de wetgevingszone waarde 1. Een waarde 1 is toegekend aan gebieden waar we of geen data hebben om een waarde te kunnen bepalen, of als er sprake is van een lage of middelhoge verwachting. Met relatief weinig archeologisch onderzoek in de directe omgeving speelt hier met name het eerste een rol. Onderzoeken en aangepaste waarde dubbelbestemming in het plangebied Begin 2020 is een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd. In dit onderzoek is een verwachtingsmodel opgenomen. Dit gaat uit van een middelhoge verwachting op het aantreffen van resten uit de Romeinse tijd en de nieuwe tijd, en een lage verwachting op resten uit andere perioden. Het advies was om nader onderzoek uit te voeren, voorafgaand of gelijk op met de voorgenomen sloop in het plangebied.
44
M.Y. van Kooten, Bureauonderzoek Molukkenstraat 1, Archeologische Berichten Nijmegen – Briefrapport 292, Nijmegen 2020; M.Y. van Kooten, Evaluatie- en selectierapport Molukkenstraat 1, gemeente Nijmegen. Inventariserend Veldonderzoek, proefsleuven (IVO-P), Nijmegen 2020.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Uit het uitgevoerde onderzoek blijkt dat er binnen het plangebied sprake is van twee archeologische vindplaatsen. In het evaluatie- en selectierapport kon al een advies worden opgenomen. Dit luidt dat beide vindplaatsen, uit de nieuwe tijd en de Tweede Wereldoorlog, niet behoudenswaardig zijn. Op basis van deze conclusie kan het plangebied afgewaardeerd worden naar de waarde Archeologie 0: er is geen sprake (meer) van archeologische resten die beschermd zouden moeten worden. Door deze toegekende waarde is er voortaan bij bodemverstorende ingrepen geen omgevingsvergunning nodig vanwege archeologie. Wat wel blijft gelden is de wettelijke meldingsplicht uit de Erfgoedwet betreffende zogenaamde toevalsvondsten. Bestemmingsplanregels Voor het hele bestemmingsplangebied geldt dat er geen planologische bescherming meer vanwege archeologie op rust. Er zijn dus geen regels nodig die dit aspect regelen. Benodigd onderzoek In een gebied dat de waarde 0 heeft (in de codering van de gemeentelijke beleidskaart) is geen onderzoek gericht op het aantonen of beschermen van archeologische waarden nodig. Meldingsplicht art. 5.10 en 5.11 Erfgoedwet Archeologische vondsten dan wel waarnemingen gedaan bij niet-archeologisch onderzoek moeten gemeld worden op basis van de artikelen 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet. Dit soort vondsten wordt aangeduid als toevalsvondst.
Om het documenteren van toevalsvondsten en waarnemingen mogelijk te maken, verdient het aanbeveling de volgende standaardtekst bij de vergunningverlening op te nemen, die refereert aan de wettelijke meldingsplicht van archeologische waarden (ex artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet): Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, meldt dit zo spoedig mogelijk bij Onze minister (artikel 5.10). Degene die bij het opsporen van archeologische monumenten, zonder het verrichten van een opgraving, waarnemingen doet, waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat die waarnemingen van belang zijn voor de archeologische monumentenzorg, meldt die waarnemingen zo spoedig mogelijk bij Onze minister (artikel 5.11). Deze melding kan in de praktijk worden gedaan bij het bevoegd gezag archeologie van de gemeente Nijmegen.
4.14 Verkeer en parkeren Bereikbaarheid Gemotoriseerd verkeer: Het plangebied ligt aan de Molukkenstraat, Palembangstraat en de Archipelstraat en wordt voor het gemotoriseerd verkeer via deze wegen ontsloten. Deze wegen functioneren als erftoegangswegen binnen een 30km/u zone. Langzaam verkeer: Het plangebied kan vanuit de Molukkenstraat, Palembangstraat en de Archipelstraat worden ontsloten door fiets en voetganger.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
45
Openbaar vervoer: Voor gebruik van het openbaar vervoer is het plangebied aanwezen op de haltevoorzieningen van de Groesbeekseweg en de Sint Annastraat. Deze bevinden zich op ca. 700 meter loopafstand. Expeditie Het expeditieverkeer ontsluit op dezelfde wijze als het overige gemotoriseerde verkeer. Parkeren Het aantal parkeerplaatsen wordt berekend aan de hand van de beleidsregels parkeren. Dit is een uitwerking van de door Burgemeester en Wethouders vastgestelde nota “Parkeren in Nijmegen, auto en fiets, 2020 - 2030” en “Beleidsregels Parkeren Nijmegen, Parkeernormen Auto en Fiets”. De gemeente Nijmegen heeft een stedelijkheidsgraad 'sterk stedelijke” het plangebied Molukkenstraat valt in gebied "schil / overloopgebied". Verkeersveiligheid Om de verkeersveiligheid te vergroten richten we onze wegen, waar mogelijk en wenselijk, in als 30 km/uur straten, belangrijke voorwaarde hierbij is dat de auto-intensiteit voldoende laag is. Dit is verwoord in het Ambitiedocument mobiliteit 2019-2030 'Nijmegen Goed op Weg'. Op de wegen binnen de bebouwde kom geldt voor de GOW-plus, GOW-basis en de industrieterreinen een maximum snelheid van 50 km/h. Voor de overige wegen binnen bebouwde kom geldt 30 km/h. Het plangebied ligt aan een erftoegangsweg, binnen bebouwde kom, hiervoor geldt een maximumsnelheid van 30 km/h.
4.15 Niet Gesprongen Explosieven (NGE) Het plangebied is verdacht op de volgende categorieën: - Afwerpmunitie - Geschutsmunitie - Dumpmunitie De verticale afbakening voor afwerpmunitie is door het ontbreken van sonderingsgegevens in de nabijheid van het plangebied niet vast te stellen en daarom hanteren we een maximale diepte van 7 meter beneden maaiveld. Voor zowel geschutsmunitie als dumpmunitie hanteren we een diepte van 2,5 meter beneden maaiveld.
46
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Mate van verdachtheid is gebaseerd op de beschikbare historische bronnen. Er is melding van inkomend granaatvuur op 10 maart 1945. Luchtfoto's uit september 1944 tonen aan dat er in het plangebied sprake was van diverse stellingen en dat stellingen net ten zuiden van het plangebied zijn gebombardeerd, zichtbaar op een luchtfoto van 18 september van dat jaar.
Op basis van deze gegevens wordt geadviseerd om de werkzaamheden* in het plangebied voorafgaand te laten onderzoeken op CE. Daar waar dat niet mogelijk is omdat er nog bebouwing staat dienen de ondergrondse sloopwerkzaamheden begeleid te worden door een opsporingsbedrijf. Onder de funderingen dient dit plaats te vinden vanaf waar geroerde grond eindigt tot op maximaal 7 meter beneden maaiveld. Daar waar alleen in na de oorlog geroerde grond wordt gewerkt kunnen werkzaamheden uitgevoerd worden zonder OCE-begeleiding. Het is de verantwoording van de initiatiefnemer/opdrachtgever (in het kader van Arbowetgeving) om hieraan gevolg te geven.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
47
*inclusief werkzaamheden t.b.v. archeologie en bodemonderzoek
4.16 Kabels en leidingen Kabels en rioolleidingen vormen voor de planontwikkeling geen belemmering.
4.17 Duurzaamheid en Klimaat Duurzaamheidsagenda en ambities De hoofdambities van Nijmegen voor duurzaamheid richten zich op de energietransitie (streven energieneutraal in 2045), stimulering van circulaire economie (streven circulaire regio in 2050) en klimaatadaptatie (streven volledig klimaatneutrale stad in 2050). De Gemeenteraad van Nijmegen heeft haar visie op deze onderwerpen vastgelegd in de Kadernotitie Klimaat en de nota Duurzaamheid in Uitvoering. Klimaatadaptatie Ons klimaat verandert. De regionale stresstesten die zijn uitgevoerd hebben laten zien dat de regio gevoelig is voor alle klimaateffecten: te nat, te droog, te heet en overstroming. Een te veel aan verstening en het ontbreken van voldoende groen verergeren de problemen van te nat, te droog en te heet. In 2018 heeft de regio deze kwetsbaarheden digitaal in kaart gebracht in een regionale klimaateffectatlas, de storymap. Deze regionale klimaateffectatlas geeft een overzicht van de huidige stand van zaken van kennis en informatie over de potentiële klimaatkwetsbaarheden van de regio. https://climadapserv.maps.arcgis.com/apps/MapSeries/index.html?appid=141dc8934ba849cfb1 dac8e8da5a94e3 In het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2017-2023 ligt accent op klimaatadaptatie en op de visie om als stad klimaatbestendig te zijn in 2050.
Daarom zal extra aandacht aan duurzame stedelijke ontwikkeling worden gegeven, die rekening houdt met meer groen in de stad om hittestress tegen te gaan en minder verharding om beter met hevige regenval om te kunnen gaan. Zie paragraaf water voor nadere uitwerking. Natuurinclusief bouwen Natuurinclusief bouwen zet Nijmegen in om natuur te integreren bij zowel de bouw van woningen, kantoren en andere gebouwen als de directe omgeving. Dit zijn maatregelen die helpen om de negatieve effecten van de klimaatverandering te verminderen zoals hittestress, wateroverlast en droogte en om de biodiversiteit te vergroten. Klimaatadaptieve maatregelen Naast natuurinclusief bouwen kunnen nog meer maatregelen genomen worden om ons aan te passen aan de gewijzigde omstandigheden door de klimaatverandering. Denk bijvoorbeeld aan:
48
Zoveel mogelijk groen in de gezamenlijke buitenruimte. Dit zorgt naast een aantrekkelijke omgeving voor een natuurlijke piekberging voor neerslag en voor minder hittestress en droogte. Pas waar mogelijk de bestaande bomen in vanwege de hoeveelheid schaduw die ze direct geven in vergelijking met nieuwe bomen. En ook vanwege de biodiversiteit die al in de bestaande bomen aanwezig is. Gevelgroen en groendaken dragen bij aan een betere waterberging en terugdringen van hittestress. Overstekken en geïntegreerde zonneweringen in de appartementengebouwen verlagen de hittestress
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Energie Nijmegen heeft het doel om in 2045 energieneutraal te zijn. Dit is uitgewerkt in de nota Duurzaamheid in Uitvoering. De gebouwde omgeving is verantwoordelijk voor ongeveer de helft van het energieverbruik en kan daarmee een grote bijdrage leveren aan de doelstelling. De kansen zitten in het beperken van de energiebehoefte, het opwekken van hernieuwbare energie en in aardgasvrij bouwen. Het instrument GPR kan de energieprestaties van een gebouw in beeld brengen. De gemeente Nijmegen stelt dit instrument kosteloos ter beschikking aan planontwikkelaars binnen de gemeentegrenzen. Energiebehoefte beperken De energiebehoefte van een gebouw bestaat uit de warmte- en koudevraag en kan in kaart worden gebracht met een energiescan. De energiebehoefte wordt bepaald door een samenspel van factoren, zoals de verhouding glas ten opzichte van dichte gevel, de mate van isolatie, de mate van kierdichting, de aanwezigheid van koudebruggen, de vorm (geometrie), de ligging en de bezonning van een gebouw. Hierbij kan ook onderzocht worden of oververhitting in een gebouw een probleem kan zijn en hoe de ventilatie geoptimaliseerd kan worden. De huidige regelgeving stelt eisen aan de energiezuinigheid van nieuwe woningen. Vanaf 1 januari 2021 wordt voor nieuwbouw bijna energie neutrale bouw (BENG) de norm.
Ook voor verbouwing en renovatie staan er wettelijke eisen over de energieprestatie in het Bouwbesluit. Hernieuwbare energie opwekken De resterende energiebehoefte kan (deels) worden opgewekt met zonne-energie. Nijmegen heeft de ambitie dat alle geschikte daken vol liggen met zonnepanelen. Naast de standaard zonnepanelen komen er steeds meer opties op de markt, denk aan geïntegreerde zonnedaken en -gevels en zonnedakpannen. Aardgasvrij bouwen Per 1 juli 2018 moeten nieuwbouwwoningen aardgasvrij zijn. Het gaat om alle nieuwbouwwoningen die op of na 1 juli 2018 worden ingediend voor een omgevingsvergunning. Alternatieven voor verwarmen met aardgas zijn aansluiten op het warmtenet (indien mogelijk) of verwarmen met een warmtepomp. Het gebied is onder voorwaarden geschikt voor een WarmteKoude opslagsysteem. Voor het bepalen van deze voorwaarden zal afstemming gezocht moeten worden met eventuele nabijgelegen andere gebruikers van bodemwarmte en zal de milieu hygiënische situatie van de bodem in ogenschouw genomen moeten worden. Circulair en biobased bouwen Het gebruik van grondstoffen zorgt voor uitputting van de aarde en de uitstoot van CO2. Het is daarom van belang om het gebruik van grondstoffen zoveel mogelijk te beperken.
Het circulair slopen van de bestaande sporthal kan hieraan bijdragen door de vrijkomende materialen zo hoogwaardig mogelijk te hergebruiken, bij voorkeur op de locatie zelf. Daarnaast zijn biobased materialen, zoals hout, stro en vlas, een goed alternatief. Voordelen ten opzichte van steen en beton zijn comfort en gezondheid (vanwege positieve effecten geluiddemping, luchtvochtigheid en binnenluchtkwaliteit), opslag van CO2 en natuurlijke afbreekbaarheid. Ook kan in het ontwerp rekening worden gehouden met de flexibiliteit van het gebouw voor verschillende toepassingen en/of doelgroepen en met de mogelijkheid om de materialen later te hergebruiken. Het gebruik van een materialenpaspoort helpt hierbij.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
49
50
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Hoofdstuk 5 Juridische planbeschrijving 5.1
Inleiding
Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding (met legenda) en planregels, vergezeld van een toelichting. De verbeelding en de planregels vormen het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan. De verbeelding heeft de rol van visualisering van de bestemmingen. De planregels regelen de gebruiksmogelijkheden van de gronden, de bouwmogelijkheden en de gebruiksmogelijkheden van de aanwezige en/of op te richten bebouwing. De toelichting heeft weliswaar geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de weergave en onderbouwing van het bestemmingsplan en bij de uitleg van de verbeelding en planregels.
5.2
Systematiek van de planregels
Voor het bestemmingplan wordt gebruik gemaakt van het Standaard bestemmingsplan van de gemeente Nijmegen. Het Standaard bestemmingsplan is gebaseerd de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP 2012) waarin landelijke standaarden voor planregels en verbeelding zijn geformuleerd. De standaardisatie maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op een vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op eenzelfde manier worden verbeeld. Het bestemmingsplan wordt zowel in analoge als digitale vorm opgesteld. Bij interpretatieverschillen heeft het digitale bestemmingsplan voorrang. De planregels van het bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat) bestaan uit vier hoofdstukken, waarin achtereenvolgens de inleidende regels, de bestemmingsplanregels, de algemene regels en de overgangs- en slotregels aan de orde komen.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
51
52
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Hoofdstuk 6 Economische uitvoerbaarheid Het perceel maakt deel uit van de grondexploitatie Onderwijshuisvesting, deelplan Molukkenstraat 1, welke op 29 maart 2017 door de gemeenteraad van Nijmegen is vastgesteld. Het plangebied is gelegen in de wijk Bottendaal Galgenveld. De grondexploitatie bevat de aankoop en verkoop van grond en gebouwen, sloop- en grondwerk en de gemeentelijke plankosten. De totale investering van de grondexploitatie bedraagt circa €2 mln. Dekking vindt plaats door verkoop van grond voor appartementen/woningen en de grondexploitatie Onderwijshuisvesting. Derhalve kan gesteld worden dat de bestemmingswijziging financieel-economisch uitvoerbaar is. Via beschikbare budgetten en grondverkoop is het kostenverhaal verzekerd en hoeft bij de vaststelling van het bestemmingsplan geen exploitatieplan vastgesteld te worden.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
53
54
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Hoofdstuk 7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 7.1
Inspraak
Voor dit bestemmingsplan is op 9 juni 2021 een vooraankondiging gepubliceerd. Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende zes weken van donderdag 1 juli 2021 tot en met woensdag 11 augustus 2021 ter visie gelegen. De tervisielegging is gepubliceerd op woensdag 30 juni 2021. Gedurende deze periode zijn er geen zienswijzen ingekomen.
7.2
Overleg
Er spelen geen rijks-, provinciale dan wel waterschapbelangen. Er heeft geen vooroverleg op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening plaatsgevonden.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
55
56
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Bijlagen bij toelichting
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
57
Bijlage 1 Stikstofrapport
58
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Bijlage 2 Advies Veiligheidsregio
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
59
Bijlage 3 Handreiking bluswatervoorziening en bereikbaarheid
60
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Bijlage 4 Verkennend bodemonderzoek
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
61
Bijlage 5 Verkennend bodem- en asbestonderzoek
62
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Bijlage 6 Quick Scan Flora en Fauna
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
63
Bijlage 7 Vervolgonderzoek Flora en Fauna
64
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Bijlage 8 Actualisatie Quickscan Flora en Fauna
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
65
Bijlage 9 Verslag plaatsing tijdelijke vleermuisvoorzieningen
66
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Bijlage 10 Ontwerpbesluit Ontheffing
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
67
Bijlage 11 Definitief besluit Ontheffing
68
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Bijlage 12 Boom Effect Analyse
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
69
Bijlage 13 Deel 1 Atlas Indische buurt
70
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Bijlage 14 Deel 2 Atlas Indische buurt
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
71
Bijlage 15 Scholenrapport (quickscan)
72
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Bijlage 16 Archeologie Bureauonderzoek Molukkenstraat 1
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
73
Bijlage 17 Archeologie - Evaluatie- en selectierapport Molukkenstraat 1
74
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Regels
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
75
76
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Begrippen
plan:
het bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat) identificatienummer NL.IMRO.0268.BP7006-VG01 van de gemeente Nijmegen.
1.2
met
bestemmingsplan:
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.
1.3
aanbouw
een aan een hoofdgebouw aangebouwd gebouw, dat op de grond staat, dat in bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw en dat een aparte ruimte vormt die al dan niet vanuit het hoofdgebouw bereikbaar is.
1.4
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
1.5
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.
1.6
aangebouwd bijgebouw
een bijgebouw dat direct grenst aan een aan- of uitbouw en niet tevens aan het hoofdgebouw. Voor een aangebouwd bijgebouw geldt de definitie van een bijgebouw, met uitzondering van de eis van vrijstaandheid. Wanneer een aangebouwd bijgebouw wordt gebruikt ten behoeve van aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteiten of huisvesting in verband met mantelzorg, dan is de eis van functionele ondergeschiktheid niet van toepassing.
1.7
aan huis verbonden beroepsactiviteiten
een dienstverlenend beroep, dat op kleine schaal in of bij een woning wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en de desbetreffende beroepsuitoefening een ruimtelijke uitstraling heeft die in overeenstemming is met de woonfunctie. Prostitutie is uitgesloten.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
77
1.8
aan huis verbonden bedrijfsactiviteiten het verlenen van diensten en/of; het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid (geheel of overwegend door middel van handwerk uit te oefenen) en/of; het voeren van de administratie van bedrijfsactiviteiten die (behoudens genoemde administratieve werkzaamheden) niet ter plaatse worden uitgeoefend; het verstrekken van logies en ontbijt (bed and breakfast);
waarvan de aard, omvang en uitstraling zodanig zijn dat de activiteit in of bij de woning met behoud van de woonfunctie ter plaatse kan worden uitgeoefend. Een seksbedrijf is uitgesloten.
1.9
achtergevel
de bestaande achtergevel van het hoofdgebouw.
1.10
achtergevellijn
de achterste grens van het bouwvlak en het verlengde daarvan.
1.11
archeologisch deskundige
de gemeentelijk (beleids)archeoloog of een andere door het College van Burgemeester en Wethouders aan te wijzen deskundige op het gebied van de archeologie.
1.12
archeologische waarden
Onder archeologische waarden kunnen worden verstaan:
archeologische verwachtingswaarden; vastgestelde archeologische waarden of resten.
1.13
archeologische verwachtingswaarde
de kans op archeologische vondsten of informatie.
1.14
archeologisch onderzoek
onderzoek (bureauonderzoek en/of boren en/of geofysisch onderzoek en/of graven en/of begeleiden) verricht door een dienst, bedrijf of instelling beschikkend over een certificaat conform de Erfgoedwet.
1.15
bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.
1.16
bed and breakfast
een overnachtingsmogelijkheid gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een toeristisch en veelal kortdurend verblijf met het serveren van ontbijt. Een bed and breakfast heeft maximaal 4 kamers en 8 slaapplaatsen.
78
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
1.17
beperkt kwetsbaar object
Onder beperkt kwetsbaar object wordt verstaan:
verspreid liggende woningen, woonschepen en woonwagens van derden met een dichtheid van maximaal twee woningen/woonschepen/woonwagens per hectare, en dienst- en bedrijfswoningen van derden; kantoorgebouwen, voor zover zij niet als kwetsbaar object kunnen worden aangemerkt. hotels en restaurants, voor zover zij niet als kwetsbaar object kunnen worden aangemerkt; winkels, voor zover zij niet als kwetsbaar object kunnen worden aangemerkt. sporthallen, zwembaden en kampeerterreinen; sport- en kampeerterreinen en terreinen voor recreatieve doeleinden, voor zover zij niet als kwetsbaar object kunnen worden aangemerkt; bedrijfsgebouwen, voorzover zij niet als kwetsbaar object kunnen worden aangemerkt; objecten die met bovenstaande gelijkgesteld kunnen worden uit hoofde van de gemiddelde tijd per dag gedurende welke personen daar verblijven, het aantal personen dat daarin doorgaans aanwezig is en de mogelijkheden voor zelfredzaamheid bij een ongeval, voor zover die objecten geen kwetsbare objecten zijn; objecten met een hoge infrastructurele waarde, zoals een telefoon- of electriciteitscentrale of een gebouw met vluchtleidingsapparatuur, voorzover die objecten wegens de aard van de gevaarlijke stoffen die bij een ongeval kunnen vrijkomen, bescherming verdienen tegen dat ongeval.
1.18
beschermd stadsbeeld
stadsbeelden die overeenkomstig de bepalingen van de gemeentelijke monumentenverordening zijn aangewezen als beschermde stadsbeelden en waarvan een kaart met daarop aangegeven de begrenzing van het te beschermen gebied is opgenomen in het gemeentelijk monumentenregister Nijmegen.
1.19
beschermd stadsgezicht
stadgezicht dat ingevolge artikel 9.1 Erfgoedwet jo. artikel 35 van de Monumentenwet 1988 is aangewezen, met ingang van de datum van publicatie van die aanwijzing in de Nederlandse Staatscourant.
1.20 a.
b.
bestaand
bestaande bouwwerken: een legaal bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning; bestaand gebruik: het legale gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan.
1.21
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak.
1.22
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.
bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld - 6 (Molukkenstraat)
79
1.23
BEVI-bedrijf
bedrijf vallend onder de werkingssfeer van artikel 2, lid 1 a tot en met f van het Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen.
1.24
bevoegd gezag
bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning.
1.25
bijgebouw
een, vrijstaand, in functioneel en bouwkundig opzicht aan het hoofdgebouw ondergeschikt gebouw op hetzelfde bouwperceel, dat op de grond staat. Onder een functioneel ondergeschikt gebouw wordt verstaan een gebouw dat bedoeld en ingericht is ten behoeve van (huishoudelijke) berging, hobby- en/of stallingsruimte. Als een vrijstaand bijgebouw wordt gebruikt ten behoeve van aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteiten of huisvesting in verband met mantelzorg, dan is de eis van functionele ondergeschiktheid niet van toepassing.
1.26
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats.