Beantwoording technische vragen Stadsrekening 2023
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen Stadsrekening 2023 Inhoud Programma Bestuur & Organisatie _________________________________________________________________ 2 Programma Veiligheid ____________________________________________________________________________ 4 Programma Economie en Toerisme_________________________________________________________________ 5 Programma Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg _______________________________________________________ 9 Programma Werk en Inkomen ____________________________________________________________________ 17 Programma Onderwijs __________________________________________________________________________ 19 Programma Bereikbaarheid ______________________________________________________________________ 22 Programma Wonen en stedelijke ontwikkeling ______________________________________________________ 25 Programma Openbare Ruimte ____________________________________________________________________ 27 Programma Cultuur en Cultureel erfgoed ___________________________________________________________ 29 Programma Sport ______________________________________________________________________________ 29 Programma Financiën ___________________________________________________________________________ 29 Indicatoren Duurzaamheid _______________________________________________________________________ 30 Paragrafen
____________________________________________________________________________________ 31 Balans ________________________________________________________________________________________ 34
Programma Bestuur & Organisatie Programma
Website
Bestuur en Organisatie
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 21
Vraag: 1. Is het functioneren van de informatievoorziening WOO op dezelfde manier bekeken als de informatievoorziening van de Rekenkamer? 2. Zijn daar bijvoorbeeld in stroomdiagrammen risico’s waargenomen? Aanvullende verduidelijking op de vraag: In het rapport Game Over is er uitgebreid gekeken naar de communicatie Rekenkamer - Ambtelijk apparaat en wat daar misging; waardoor kwam informatie niet op de plek waar de informatie zou moeten komen. Veel van de problemen die hier benoemd werden, zouden ook betrekking kunnen hebben op een Woo-verzoek. Nu staan er ook allerlei aanbevelingen in dat rapport, maar het rapport benoemt wel zaken die de rekenkamer anders zou moeten doen, iets dat we niet van onze burgers met een Woo-verzoek kunnen verwachten. Maar in hoeverre zijn de risico's in informatievoorziening rekenkamer dezelfde risico's bij een Woo-verzoek. Zijn er ook zaken aangepast in die informatievoorziening richting Woo-verzoek? Of loopt dit helemaal onafhankelijk van elkaar? Antwoord: De ambtelijke organisatie heeft wat te doen rond de informatiehuishouding. Dit is ook te lezen is in het Jaarverslag 2023 van de Rekenkamer. In tegenstelling tot de Wet open overheid (Woo) staat in de relatie met de Rekenkamer ook het samenspel met de ambtelijke organisatie centraal om in verschillende rollen en afgesproken werkwijze te komen tot een onderzoeksdossier.
Theoretisch kunnen er wel paralellen zijn met de behandeling van Woo verzoeken. De interventies die het college heeft aangekondigd (brief d.d. 30 januari 2024, E24.000496) naar aanleiding van het rapport Game Over, zullen ook ten goede komen aan de behandeling van Woo verzoeken. Indien mogelijk, nemen we verbeterpunten die worden doorgevoerd in dat kader, over bij de behandeling van Woo verzoeken.
Programma
Website
Bestuur en Organisatie
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 25
Vraag: Vanwaar de extra storting in de voorziening pensioenen wethouders en ex-wethouders en waarom was deze in eerste instantie niet begroot? Antwoord: Conform de wet- en regelgeving uit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) moet de gemeente voor de opgebouwde pensioenrechten van (oud) wethouders een voorziening vormen. De hoogte van deze benodigde voorziening om aan de toekomstige pensioenverplichtingen van (oud-)wethouders te kunnen voldoen dient elk jaar bij het samenstellen van de jaarrekening opnieuw vastgesteld te worden. Dit is een vereiste dat voortvloeit uit de regels voor de jaarrekening. Daarnaast is voorgeschreven dat de voorziening pensioen (oud-)wethouders conform een actuariële berekeningen wordt opgenomen. Dat houdt in dat je bij de berekening rekening moet houden met rente en sterfte. Deze complexe berekening worden uitgevoerd door een gerenommeerd bureau. Dit bureau is gespecialiseerd in de uitkeringen en pensioenen van (oud-)politieke ambtsdragers en voert deze berekeningen uit voor het overgrote gedeelte van de Nederlandse gemeenten. Het resultaat kan zijn dat er een extra dotatie (nadeel in de jaarrekening) nodig is omdat bijvoorbeeld de rekenrente is gedaald. Het kan ook zijn dat er een vrijval (voordeel) ontstaat omdat de rekenrente juist weer is gestegen of omdat
2
pensioenreserveringen vrij allen omdat deelnemers zijn overleden. De voorziening kan op grond van een aantal variabelen van het ene op het andere jaar wijzigen en is derhalve dus niet te begroten.
Programma
Website
Bestuur en Organisatie
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 26
Vraag: De externe inhuur is toegenomen naar 18,1%. Wat is daar de verklaring voor? Welke maatregelen worden genomen om de externe inhuur terug te dringen? Antwoord: Deels komt de groei van de inhuur in 2023 voort uit de opvang van vluchtelingen en werkzaamheden m.b.t. energietoeslagen. Die werkzaamheden zijn niet structureel. Daarnaast dwingt arbeidsmarktkrapte m.n. in het fysieke domein in combinatie met de realisatie van de vele ambities (bij veel grote gemeenten) tot noodgedwongen meer inhuur omdat werving niet altijd slaagt. Het uitgangspunt blijft dat we terughoudend blijven omgaan met externe inhuur. Er wordt altijd eerst naar interne mogelijkheden gekeken. Vanuit financieel bedrijfsvoeringsoogpunt worden voor a-structurele behoeften aan personele inzet geen structurele verplichtingen aangegaan.
Programma
Website
Bestuur en Organisatie
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 27
Vraag: Wat wordt er gedaan om de overige 23 website/apps van de gemeente digitaal toegankelijk te maken? Antwoord: Binnen een jaar voldoen alle websites aan de wet. Dit gebeurt in samenwerking met de leveranciers en/of de beheerders van de inhoud van de websites onder regie van Team Online. Ieder jaar worden de toegankelijkheidsverklaringen bijgewerkt en elk drie jaar vindt er voor elke website een nieuw onderzoek plaats naar digitale toegankelijkheid.
3
Programma Veiligheid Programma
Website
Veiligheid
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 29 t/m 30
Vraag: In onder andere de programma's Veiligheid en Openbare Ruimte zijn doelen benoemd waarbij vervolgens geen verantwoording wordt gegeven. Wat is de reden dat op verschillende doelen de toelichting op de voortgang ontbreekt? Antwoord: In onze jaarlijkse veiligheidsbrief rapporteren wij uitgebreid over de ontwikkelingen in het veiligheidsdomein en blikken daarbij onder andere terug op wat we in het afgelopen jaar hebben bereikt. In de stadsrekening geven wij enkel op hoofdlijnen een aantal resultaten weer.
Programma
Website
Veiligheid
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 29
Vraag: Op pagina 29 onder ‘we blijven werken … zorg en veiligheid’ Er staan veel maatregelen en interventies in deze paragraaf. Is er een cijfermatige onderbouwing van de tekst? Hoeveel meldingen van mensen met onbegrepen/verward gedrag zijn er gemaakt en hoe zijn deze mensen geholpen (los van de genoemde cijfers in de ‘indicatoren’)? Antwoord: Het aantal registraties overlast door personen met verward gedrag is tussen 2022 en 2023 verder gestegen met 8% (in 2022 2157 meldingen en in 2023 2339 meldingen). Overlast door personen met verward gedrag is in 2023 de meest voorkomende vorm van overlast in Nijmegen, met gemiddeld zes registraties per dag. Het gaat hierbij mogelijk om een onderschatting van de problematiek: wanneer personen met verward gedrag een strafbaar feit plegen, zoals een vernieling of bedreiging, dan wordt het incident geregistreerd onder de code van dat strafbare feit. Als we verder terugkijken zien we dat het aantal registraties overlast door persoon met verward gedrag al sinds 2012 toeneemt, van 39 registraties per 10.000 inwoners in 2012 naar 128 per 10.000 inwoners in 2023. Dit komt overeen met het landelijke beeld. Landelijk onderzoek heeft eerder laten zien dat een kleine groep verantwoordelijk lijkt te zijn voor een relatief hoog aantal meldingen.
In Nijmegen zien we dat in 2023 11% van de registraties overlast door personen met verward gedrag gingen over een vijftal adressen binnen de gemeente Nijmegen. Personen woonachtig op deze adressen zijn in beeld bij zowel politie als gemeente. In Nijmegen worden de meest zorgwekkende en overlastgevende casussen besproken en behandeld binnen een persoonsgerichte aanpak. Interventies betreffen altijd maatwerk, waarbij uiteraard eerst wordt gekozen voor de minder ingrijpende interventies zoals vrijwillige begeleiding en/of behandeling. Indien een persoon met verward gedrag hierin ambivalent of zorgmijdend is en zorgt voor overlast dan wordt ofwel de route naar een zorgmachtiging (wvggz) al dan niet met verplichte medicatie ingezet ofwel er wordt beoordeeld welke interventiemogelijkheden er zijn binnen het strafrecht (bv. gedragsaanwijzing, verplichte klinische behandeling met reclasseringstoezicht danwel bestuursrechtelijke maatregelen zoals een last onder dwangsom bij ernstige vormen van woonoverlast.
4
Programma Economie en Toerisme Programma
Website
Economie en Toerisme
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 35
Vraag: Hoe is precies op de kansrijke sectoren ingezet? Antwoord: In de economische visie is een aantal kansrijke sectoren benoemd waar we als stad extra op inzetten. Het gaat om de sectoren health & hightech, logistiek en MKB. Jaarlijks voeren we een actieprogramma uit met meer dan 50 projecten. We ondersteunen startende en groeiende bedrijven in deze sectoren, zowel met brede, nietspecifieke maatregelen als met specifieke acties of programma’s. Voorbeelden van maatregelen die de brede economie en daarmee ook de kansrijke sectoren stimuleren zijn investeringen in het organiserend vermogen via het Ondernemersfonds, broedplaatsen en ondersteuning voor starters door bij te dragen aan StartUp Nijmegen. Voorbeelden van acties of programma’s die specifiek bedoeld zijn voor onze kansrijke sectoren zijn het Actieplan health & hightech 2023-2027, subsidie aan het CITC, onze bijdrage aan RvN@ als netwerk voor het MKB en onze bijdrage aan Logistics Valley.
Programma
Website
Economie en Toerisme
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 37
Vraag: Hier wordt gesproken over een gastvrije binnenstad. We zien veel cruiseschepen aanmeren de laatste tijd. Hoeveel cruiseschepen hebben er aangemeerd in 2023? En konden deze schepen allemaal volledig in hun behoeften worden voorzien met groene walstroom? Antwoord: In 2023 hebben 625 cruiseschepen aan de Waalkade gehad. 413 daarvan (66%) heeft wel aan de walstroom gelegen. Helaas kan niet ieder schip aan de Walstroom omdat we onvoldoende walstroom kasten hebben of de schepen meer vermogen vragen dan wij kunnen leveren.
Programma
Website
Economie en Toerisme
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 36, 41
Vraag: Vindt matching zoals bij Honk1 pas weer plaats als de regionale werkcentra gevormd zijn, of loopt dit door? Komt de toegenomen verhouding tussen horeca en winkels vooral door een toename van horeca of een afname van winkels? Antwoord: Honk 1 Matching loopt gewoon door via de huidige kanalen die dat nu ook doen, zoals WerkBedrijf en UWV WSP. Dit is niet gestopt met het opheffen van HONK1. Welke rol de werkcentra hier straks in gaan krijgen is op dit moment
5
nog niet bekend. Het wachten is nog op brief van het ministerie die eind april verwacht wordt. Uiteraard wordt de raad nader geïnformeerd zodra er meer bekend is over de vorming van de regionale werkcentra. Verhouding Horeca-Winkels De exacte verhouding tussen horeca en winkels blijft altijd een momentopname. Als een winkel stopt, wordt deze vaak snel weer ingevuld door nieuw aanbod (frictieleegstand). Een aantal locaties zijn echter aan transformatie onderhevig (bijvoorbeeld passage Molenpoort) en zullen een vermindering van commerciële meters met zich meebrengen. Dit zal op deze locatie dus een effect hebben op de mogelijkheden voor horeca en winkel aanbod.
Programma
Website
Economie en Toerisme
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 36
Vraag: Op pagina 36 van de Stadsrekening staat beschreven dat de pilot van Honk1 niet is verlengd. Dit was een zeer succesvolle pilot, van de in totaal 322 mensen die een intake hebben gehad zijn immers 130 mensen “gematcht” bij een werkgever. De belangrijkste leerpunten van de pilot werden meegenomen in de (doorontwikkeling van) de Regionale Mobiliteitsteams naar de zogenoemde Regionale Werkcentra. 1. In welke mate is de bedrijfsvoering of mate van procesbegeleiding van Honk1 (in de ruimste zin van het woord) overgenomen door de Regionale Werkcentra? 2. Levert deze invoering van de belangrijkste leerpunten van de pilot van Honk1 ook vergelijkbare (matchings)cijfers op? 3. Een van de belangrijkste leerpunten uit de pilot waren de laagdrempeligheid en het centraal stellen van de talenten van mensen. In hoeverre en welke mate is dit doorgevoerd in de Regionale Werkcentra? 4. In de Raadsbrief van 4 juli 2023 genaamd ‘Informeren over pilot Honk1’ werd gesteld dat ‘er uiteraard gezorgd wordt voor een zorgvuldige afbouw met de mensen die op dit moment nog in een traject zitten’. Dit waren op het moment van de Raadsbrief 135 mensen. Hoe heeft deze afbouw plaatsgevonden? Zijn deze mensen bijvoorbeeld doorverwezen naar de Regionale Werkcentra? Antwoord: 1. Regionale werkcentra zijn nog in ontwikkeling maar nog niet geeffectueerd.
De ontschotte samenwerking en het uitgaan van de vraag van de kandidaat (en niet de uitkeringssituatie) staan daarin centraal. Dat en ook de laagdrempelige inloop zijn de overeenkomsten met Honk1 worden als geleerde lessen meegenomen in het opzetten van het regionale werkcentrum. 2. Deze vraag is nog niet te beantwoorden omdat de regionale werkcentra zijn nog niet geëffectueerd. 3. Ook deze vraag is nog niet te beantwoorden omdat het werkcentrum er nog niet is. Zoals aangegeven in de raadsbrief van 4 juli 2023 worden de geleerde lessen meegenomen maar hoe dit eruit komt te zien is dus nog niet duidelijk. 4. Deze mensen zijn niet doorverwezen naar het werkcentrum omdat dit er nog niet is. Mensen die nog in trajecten zaten zijn via de op dit moment bestaande kanalen opgepakt (UWV WSP, WerkBedrijf en mobiliteitsteam).
6
Programma
Website
Economie en Toerisme
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 35
Vraag: Op pagina 35 van de Stadsrekening staat – onder het kopje doel: stimuleren ondernemerschap bij startende en groeiende bedrijven – dat er is met een bepaalde alertheid is gekeken om regels af te schaffen daar waar het kan. Over welke (bron van) regels wordt hier precies gesproken? Moet ik dan bijvoorbeeld denken het versimpelen van de aanvraag van gemeentelijke subsidies voor scale-ups? Of is het breder? Antwoord: Waar wij zien dat processen versimpeld en verbeterd kunnen worden, signaleren we dat en leggen we dat terug bij de collega’s of externe relaties die daar invloed op hebben. Met andere woorden we halen behoeftes op en leggen deze terug waar het opgelost kan worden. Verbeteringen: een van de zaken is bijvoorbeeld dat er een omgevingstafel is waarbij er voor de klant weer een echte mogelijkheid tot vooroverleg is. Niet alleen een schriftelijk vooroverleg. Verder is er weer een bouwloket van de ODRN waarbij ook ondernemers terecht kunnen met vragen. Zo wordt meer duidelijkheid geboden over de processen zodat gerichter een aanvraag ingediend kan worden. We blijven kijken of er kleine verbeteringen doorgevoerd kunnen worden. Zo is bijvoorbeeld het aanleveren van een VOG bij het aanvragen van een exploitatievergunning afgeschaft.
Programma
Website
Economie en Toerisme
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 35
Vraag: Wat is de reden dat er minder subsidies (totaal €0.3 miljoen) zijn verstrekt ten behoeve van Human Capital? Hadden deze ‘bespaarde’ gelden ook eventueel aan de voortzetting of doorstart van bijvoorbeeld de pilot van Honk1 kunnen worden ingezet? Antwoord: Financiën waren niet de voornaamste reden om te stoppen met HONK1, zoals ook is aangegeven in de raadsbrief van 4 juli 2023. Reden die wel van invloed waren zijn: 1. Het in 2021 opgericht mobiliteitsteam waar vergelijkbare dienstverlening wordt aangeboden. 2. Het feit dat op dat moment al duidelijk was dat het ministerie aan had gegeven juist terug te willen naar minder loketten, dan meer. Met HONK1 zou er juist wéér een extra loket gecreëerd worden. 3. De bezetting van HONK1 was een probleem. Het huurcontract liep af en er moest een keuze gemaakt worden om te verlengen en gelet op bovenstaande punten is er besloten niet te verlengen.
Programma
Website
Economie en Toerisme
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 35
Vraag: “Ten slotte bleven we ook dit jaar alert op mogelijkheden om regels af te schaffen daar waar het kan.” Welke regels voor ondernemers hebben we afgeschaft?
7
Antwoord: Waar wij zien dat processen versimpeld en verbeterd kunnen worden, signaleren we dat en leggen we dat terug bij de collega’s of externe relaties die daar invloed op hebben. Met andere woorden we halen behoeftes op en leggen deze terug waar het opgelost kan worden. Verbeteringen: een van de zaken is bijvoorbeeld dat er een omgevingstafel is waarbij er voor de klant weer een echte mogelijkheid tot vooroverleg is. Niet alleen een schriftelijk vooroverleg. Verder is er weer een bouwloket van de ODRN waarbij ook ondernemers terecht kunnen met vragen. Zo wordt meer duidelijkheid geboden over de processen zodat gerichter een aanvraag ingediend kan worden. We blijven kijken of er kleine verbeteringen doorgevoerd kunnen worden. Zo is bijvoorbeeld het aanleveren van een VOG bij het aanvragen van een exploitatievergunning afgeschaft.
Programma
Website
Economie en Toerisme
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 36
Vraag: Honk1. De belangrijkste leerpunten van de pilot werden meegenomen in de (doorontwikkeling van) de Regionale Mobiliteitsteams naar de zogenoemde Regionale Werkcentra. Het werkcentrum is nog in ontwikkelen. 1. Hoe wordt de concrete resultaten van Honk1 geborgd bij het Regionaal Werkcentrum? 2. Een van de belangrijkste leerpunten uit de pilot waren de laagdrempeligheid en het centraal stellen van de talenten van mensen. In hoeverre en welke mate is dit doorgevoerd in de Regionale Werkcentra? 3. In de Raadsbrief van 4 juli 2023 genaamd ‘Informeren over pilot Honk1’ werd gesteld dat ‘er uiteraard gezorgd wordt voor een zorgvuldige afbouw met de mensen die op dit moment nog in een traject zitten’. Dit waren op het moment van de Raadsbrief 135 mensen. Hoe heeft deze afbouw plaatsgevonden? Zijn deze mensen bijvoorbeeld doorverwezen naar de Regionale Werkcentra? Antwoord: 1. Dit wordt gedaan door de geleerde lessen mee te nemen in de ontwikkeling van het werkcentrum. Door de belangrijkste succesfactoren daar waar mogelijk te implementeren kan dit bijdragen aan het behalen van resultaten van het nog te vormen werkcentrum. 2. Deze vraag is nog niet te beantwoorden omdat het werkcentrum er nog niet is. Zoals aangegeven in de raadsbrief van 4 juli 2023 worden de geleerde lessen meegenomen in deze doorontwikkeling, maar hoe dit eruit komt te zien is dus nog niet geheel duidelijk. 3.
Deze mensen zijn niet doorverwezen naar het werkcentrum omdat dit er nog niet is. Mensen die nog in trajecten zaten zijn via de op dit moment bestaande kanalen opgepakt (UWV WSP, WerkBedrijf en mobiliteitsteam).
8
Programma Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg Programma WWZ
Website
Inleiding
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 5
Vraag: (Rond minder doorverwijzen) Is de verwijzingstijd naar specialistische hulp als deze echt noodzakelijk blijkt, gestegen? Duurt het dan langer dan in de voorafgaande jaren? Of is deze tijd gelijk gebleven? Antwoord: De verwijzingstijd naar aanvullende zorg wordt niet gemonitord. Dit is in het verleden ook niet gebeurd. De vraag is daardoor niet te beantwoorden. Registratie en monitoring daarvan is ook niet direct zinvol. We monitoren al onder meer welk percentage van de gezinnen binnen 2 weken na aanmelding een kwalitatief intakegesprek krijg en of er binnen 6 weken een gezinsplan wordt opgesteld. De snelheid waarmee gezinnen aanvullende zorg krijgen is bovendien niet alleen afhankelijk van de verwijssnelheid, maar vooral van de toegankelijkheid van zorgaanbieders (handelingssnelheid, wachtlijsten, etc.).
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 45
Vraag: Op pagina 45 onder ‘we ontwikkelen op … Gezin verder door’ Er wordt een uitleg gegeven over budgetplafonds. Tijdens de behandeling van het Regioprogramma jeugd kwamen budgetplafonds ook ter sprake. Ik begreep toen dat deze alleen worden ingezet wanneer een zorgaanbieder dezelfde zorg aanbiedt als de buurtteams dezelfde zorg aanbieden. Klopt dit dan niet? Wanneer krijgen zorgaanbieders budgetplafonds opgelegd? Antwoord: Alle begeleidingsaanbieders krijgen budgetplafonds, echter alleen de plafonds van aanbieders die zorg leveren die in principe overneembaar is door de Buurtteams Jeugd en Gezin worden bij overschrijding gehandhaafd middels een toeleidingsstop. Voor de overige aanbieders geldt het plafond als een richtlijn die wordt gemonitord. De werkwijze bij toeleidingsstops is als volgt. Zorgaanbieders die 80% van hun bestedingsplafond bereiken worden door het contractmanagement uitgenodigd voor een analysegesprek. Daarin wordt onder meer gevraagd aan de aanbieder om een plan van aanpak op te stellen om zo veel mogelijk binnen de resterende bestedingsruimte te blijven. Wanneer bijna 100% van deze ruimte is bereikt wordt een toeleidingsstop opgelegd. Aangezien de zorg overneembaar is door de Buurtteams kunnen bewoners daar dan terecht. Lopende trajecten mogen altijd worden afgerond.
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 46
Vraag: Op pagina 46 onder ‘we voeren de … in op verbreding’ Er wordt gesproken over de doorbraakteams. Ik zie dat er 162 aanmeldingen zijn gedaan in 2023. Er zijn 60 maatwerkplannen gemaakt. Hoeveel van deze casussen wachten nog op een aanpak of op een coach? Hoelang is de wachttijd tot iemand kan worden geholpen door het team?
9
Antwoord: Er is maar een doorbraakteam (2,5 Fte). Vanuit de Doorbraakaanpak zetten we in op de verbreding van de doorbraakmethode en het gedachtegoed naar de partners in de stad. Van de 162 aanmeldingen in 2023 zijn er 60 casussen opgepakt met een maatwerkplan. De overige casussen zijn opgepakt middels een korte interventie vanuit het doorbraakteam of een advies waardoor de casus daarna weer verder kon in het reguliere proces. Ook met deze interventies en adviezen lost het doorbraakteam stagnaties op. Of er een (uitgebreid) maatwerkplan gemaakt wordt is afhankelijk van de omvang van de vraag. De Doorbraakaanpak heeft géén wachttijd. Alle casuïstiek wordt snel opgepakt middels een maatwerkplan, korte interventie of advies. Het aantal maatwerkplannen wordt specifiek genoemd omdat hierin een kosten-baten-analyse gemaakt wordt en we hiermee de besparingen inzichtelijk maken.
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 47
Vraag: Op pagina 47 onder ‘We zorgen dat … in de samenleving’ Onder twee subdoelen staat geen uitleg. Is hier wel tekst van ergens? Wat is de status van het jongerenperspectieffonds en welke resultaten zijn hierop geboekt? Antwoord: Subdoel: We voeren de Wet verplichte GGZ in nauwe samenwerking met ketenpartners en regiogemeenten in Gelderland-Zuid uit. Er is inderdaad geen uitleg op een andere plek. Dus hierbij de uitleg: op 1 januari 2020 is de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg in werking getreden. Deze wet regelt de verplichte zorg die van wege psychische problemen ernstig nadeel veroorzaken voor zichzelf of omgeving. Gemeente Nijmegen heeft in samenwerking met de gemeenten van Gelderland-Zuid een werkwijze ontwikkeld waarin o.a. de invulling van de crisismaatregel en het verkennend onderzoek zijn ingeregeld. Deze manier van werken is nog steeds operationeel. Een aantal keer per jaar is er bestuurlijke afstemming over hoe de werkwijze verder te ontwikkelen. Subdoel: We starten met een Jongerenperspectieffonds voor jongeren met (problematische) schulden Hier is iets fout gegaan, het Jongerenperspectieffonds staat toegelicht onder het programma werk en inkomen, pagina 65 van de Stadsrekening. Het Jongerenperspectieffonds is in november van 2023 gelanceerd. De eerste trajecten zijn in het voorjaar van 2024 ingegaan.
De trajecten lopen twee jaar en elke zes maanden meten we de voortgang van de jongere en het traject.
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 48
Vraag: Op pagina 48 onder ‘we realiseren en … zorg en ondersteuning Wat is de benchmark voor housing first-trajecten met andere steden? (benchmark op basis van de steden zoals meermaals aangehaald in de rekening.) Antwoord: Op dit onderdeel vindt (nog) geen benchmarking plaats. Hierdoor is deze vraag niet te beantwoorden.
10
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 49
Vraag: Op pagina 49 onder ‘we gaan in …transformatie van gezinshuizen’ Er wordt gesproken over landelijk en bovenregionale ontwikkelingen. Op welke ontwikkelingen slaat deze passage precies? SG Antwoord: De landelijke en bovenregionale ontwikkelingen gaan over de wens van VWS, Justitie en VNG om voor kinderen met een complexe hulpvraag betere jeugdhulp te organiseren. Het gaat onder andere om kinderen die nu gesloten worden geplaatst. Het Rijk heeft eerder een vastgoedtransitie gefaciliteerd waarbij zorgaanbieders de huidige groepen konden verbouwen naar kleinschalig verblijf. In 2023 vonden er pilots Kleinschalig Verblijf plaats. Ook zijn er veldnormen gekomen voor het terugdringen van vrijheidsbeperkende maatregelen.
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 43
Vraag: Onder het doel: We stimuleren zelfstandigheid en zelfredzaamheid van onze (wijk)bewoners Er is een aantal acties ingezet om te zorgen voor betere dienstverlening rondom welzijn bij ouderen. Zijn er cijfers bekend over hoeveel extra ouderen er door de interventies bereikt zijn? En is er bekend wat de meest succesvolle actie is geweest? Antwoord: De diverse acties die zijn ingezet betreffen het Ouderenadvies en Langer Thuis van Sterker, Club Goud, Dierenbuddy en de pilot Sociaal arrangeren. Conform afspraken leveren organisaties uiterlijk 1 juni 2024 de (inhoudelijke en financiële) verantwoording aan over de subsidie uit 2023. Hierdoor beschikken we momenteel (nog) niet over alle bereikcijfers. Aanstaande 14 mei ligt een voorstel rond Sociaal Arrangeren in het college van B&W waarbij ook meer informatie wordt gegeven over de resultaten van deze pilot. Hieronder geven we inzicht in de gegevens die we momenteel beschikbaar hebben: 1. Via de Kwartaalbrief Toegang Wmo Q4 2023 (kenmerk E24.001377) heeft u recentelijk informatie ontvangen over onder andere de ouderenadviseurs van Sterker ouderenwerk. In 2023 was er bij de ouderenadviseurs duidelijk meer productie dan in 2022. In 2023 hebben de ouderenadviseurs 693 nieuwe cliënten geholpen (tegenover 545 cliënten in 2022) en zijn 657 trajecten afgesloten (tegenover 402 trajecten in 2022). 2.
In 2023 zijn door Dierenbuddy 14 hulpvragers ondersteund. Hieruit kunnen we niet filteren hoeveel ouderen dit betrof. Daarnaast was dit een nieuw project en is een vergelijking met 2022 niet mogelijk. Kwantitatief kunnen we pas in Q3/Q4 zeggen welke inzet tot het grootste bereik van ouderen heeft geleid. Kwalitatief laten de acties zich niet goed met elkaar vergelijken omdat ze erg verschillend van aard, omvang en doel zijn.
11
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 44
Vraag: Doel: We versterken het opvoedklimaat rond gezinnen, in wijken en scholen Is er bekend hoeveel jongeren zich op dit moment melden met problemen m.b.t. mentaal welzijn? En zijn deze aantallen toegenomen? Wat betekent dit voor de begroting? En in hoeverre worden interventies gericht op het verbeteren van mentaal welzijn individueel of in groepsverband al opgepakt? Antwoord: Jongeren met problemen m.b.t. mentaal welzijn kunnen zich op diverse plekken melden zoals bij de huisarts, POH, op school, jongerenwerk, bij de Buurtteams enz. Op deze manier kunnen jongeren laagdrempelig en dichtbij hun eigen leefomgeving terecht met vragen. Tegelijkertijd hebben we door deze verschillende vormen van laagdrempelige toegang geen totaaloverzicht waarin we kunnen zien hoeveel jongeren zich melden met problemen m.b.t. mentaal welzijn. We weten wel dat het aantal unieke cliënten met een GGZ-indicatie redelijk gelijk is gebleven (2.688 in 2022 en 2.669 in 2023). Dit zegt echter niet veel over het aantal aanmeldingen, omdat het aantal cliënten door meerdere factoren wordt bepaald, zoals de maximale GGZ capaciteit (tekort behandelaren en lange wachttijden). Ondanks dat het aantal cliënten in de GGZ redelijk gelijk blijft zien we wel een stijging in de kosten per traject in de GGZ, door langere (complexere) trajecten en stijgende kosten van professionals.
Dit maakt dat in de begroting dus rekening gehouden moet worden met deze stijgende kosten. Ook bij de POH lijkt geen sterke toename in het aantal aanmeldingen, maar is ook de capaciteit van de POH niet gestegen. Waardoor evenals bij de GGZ het aantal aanmeldingen niet voldoende zegt over de zorgbehoefte. Er zijn diverse interventies gericht op het verbeteren van mentaal welzijn. Zo hebben investeren we in de STORM aanpak, jongerenwerk op het VO, en kansengelijkheid.
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 49
Vraag: Onder: We werken op bovenregionaal niveau aan verschillende ontwikkelingen in de specialistische jeugdhulp. Er wordt beschreven dat er planvorming was omdat het residentieel onderwijs herzien wordt en de verantwoordelijkheid voor het onderwijs aan deze jongeren straks bij de samenwerkingsverbanden komt te liggen. Zijn hierbij ook afspraken gemaakt over het niveau waarop kinderen onderwijs kunnen volgen? Is het mogelijk voor kinderen om binnen het samenwerkingsverband ook op VWO-niveau onderwijs te ontvangen? Merk op: Als deze vraag niet past bij de stadsrekening, dan kan deze hier worden genegeerd en stellen we deze later als losse technische vraag via de griffie. Antwoord: Een aantal samenwerkingsverbanden passend onderwijs en scholen aangesloten bij JeugdzorgPlusinstellingen is geconfronteerd met de gevolgen van de transitie van de JeugdzorgPlus, waarbij het aantal opnamen in deze instellingen fors wordt teruggebracht en jeugdigen ambulant begeleid worden of behandeld worden in woonvoorzieningen voor kleine groepen. Daarom heeft het Rijk gevraagd (geformuleerd in januari 2023) om tot regionale planvorming te komen voor herinrichting van het onderwijs aan jeugdigen in de nieuwe (meer kleinschalige) vormen van JeugdzorgPlus. Het ministerie van OCW heeft in de zomer van 2023 een nieuwe subsidieregeling ‘onderwijscoalities af- en ombouw gesloten jeugdhulp’ gepubliceerd.
Deze subsidie kan worden aangevraagd door een coalitie van samenwerkingsverbanden, scholen, mbo-instellingen, 12
gemeenten en jeugdzorginstellingen. Onderwijscoalitie Midden-Oost bestaat uit Arnhem, Nijmegen, Rivierenland, Instelling voor gesloten jeugdzorg: Pactum Zetten en Residentiële school: Meforta college, Zetten. Eén van de doelen is uitbreiding van het onderwijsaanbod t.b.v. diplomering voor alle leerroutes; inclusief VWO.
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 278
Vraag: Is de 17 miljoen voordeel incl. of excl. de kosten die er zijn gemaakt voor extra voorzieningen (bijvoorbeeld: onderwijs, zorgkosten, onderdak, personeelskosten en overhead enz.)? Zijn deze kosten weggeschreven op andere posten? Wat is er van de 17 miljoen voordeel toe te schrijven in percentage voor opvang ontheemden Oekraïne en percentage voor crisis noodopvang? Antwoord: Het voordeel dat is behaald bij de opvang van ontheemden heeft bij de crisis noodopvang (Winkelsteeg) betrekking op kosten voor alle voorzieningen (inclusief). Bij de opvang ontheemden Oekraïne zijn de kosten van extra voorzieningen – zoals zorgkosten en onderwijs - binnen de desbetreffende programma’s opgenomen (exclusief). Uitgaande van een voordeel van 17 miljoen is 20% toe te schrijven bij de opvang ontheemden uit Oekraïne en 80% bij de crisis noodopvang.
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 278
Vraag: Waarom is er rekening gehouden in de begroting van 2023 met een wel zeer optimistische daling van 80%. Wat waren de signalen om dat te doen? Antwoord: Het ingroeipad is benoemd in het ‘koepelvoorstel Brede Basisteams Volwassenen’ dat door college en raad is vastgesteld in 2020. Hierin is het volgende benoemd. ‘Het tempo waarin we 60% bereiken, bepalen we in het kader van het inkooptraject; de Brede basisteams bedienen niet meteen bij aanvang 80% van de cliënten. Het ingroeitempo wordt met name bepaald door de instroom van nieuwe cliënten.’ De ambitie dat Buurtteams 80% van de begeleidingsvragen zelf (indicatievrij) oppakt is, vervolgens neergelegd in de ‘Offerteaanvraag Breed Basisteam Volwassenen’ als ambitie en prestatieafspraak voor inschrijvers en is gekoppeld aan een ingroeipad van 3 jaar. Deze afspraak is vervolgens budgettair verwerkt binnen de begroting van de gemeente Nijmegen.
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 61
Vraag: Wat is er in 2023 bereikt op het gebied van het ondersteunen van vrijwilligerswerk? Antwoord: In 2023 hebben we onder andere de volgende acties uitgevoerd: Subsidie aan de Vrijwilligerscentrale De Vrijwilligerscentrale ontvangt jaarlijks een subsidie voor de uitvoering van het vrijwilligerswerkbeleid: het bemiddelen van vrijwilligers, het ondersteunen van vrijwilligers in hun vrijwilligerswerk, het ondersteunen van 13
organisaties bij de werving naar vrijwilligers en het aanbieden/ondersteuning bieden van scholingsactiviteiten aan zowel vrijwilligers als organisaties. In 2023 heeft de Vrijwilligerscentrale de nieuwe website gelanceerd. Hiermee kunnen vrijwilligers en organisaties nog makkelijker gebruik maken van de vacaturebank en andere diensten en info over vrijwilligerswerk vinden. Daarnaast heeft de Vrijwilligerscentrale een kort onderzoekje gedaan onder maatschappelijke organisaties om de dienstverlening nog beter op deze organisaties af te stemmen. (Link: https://www.vwc-nijmegen.nl/onderzoek-organisaties) Lokaal Compliment 2023 Jaarlijks organiseert de Vrijwilligerscentrale het Lokaal Compliment. Op 15 september 2023 vond het Lokaal Compliment weer plaats in de Lindenberg met ruim 300 bezoekers. Tijdens deze avond worden vrijwilligers van Nijmegen door de gemeente Nijmegen in het zonnetje gezet. Hier is traditioneel ook het Lokaal Compliment uitgereikt door de wethouder aan een vrijwilliger als blijk van waardering voor de waardevolle inzet als vrijwilliger. Vrijwilligersfonds Vrijwilligersorganisaties en –initiatieven zonder winstoogmerk en met weinig budget kunnen subsidie krijgen uit het Vrijwilligersfonds. Bijvoorbeeld voor de kosten van werving, scholing en waardering van vrijwilligers, een Verklaring Omtrent Gedrag of certificaat.
De subsidie bedroeg in 2023 maximaal €500 per organisatie. In 2023 hebben 55 organisaties een bijdrage ontvangen uit dit vrijwilligersfonds. Daarnaast hebben we in 2023 verder vormgegeven aan de ambitie uit het coalitieakkoord om de bijdrage uit het vrijwilligersfonds met ingang van 1 januari 2024 te verhogen naar €600 per organisatie. Overige subsidies Daarnaast verlenen we diverse subsidies aan verschillende soorten organisaties die gebruik maken van vrijwillige inzet. Voorbeelden hiervan zijn subsidies aan bewonersinitiatieven in de verschillende stadsdelen, zoals wijkraden en (redacties van) wijkmedia. Daarnaast ontvangen ook professionele organisaties subsidie waarmee zij vrijwilligerswerk ondersteunen zoals bijvoorbeeld Stichting Present, Stichting Hulpdienst en maatjesprojecten van o.a. Sterker & Bindkracht10.
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 46
Vraag: 1. Hoe vaak is er, sinds de invoering van de budgetplafonds, al een toeleidingsstop opgelegd aan een zorgaanbieder? 2. Hoe vaak heeft de Commissie Passende Verwijzing, sinds de invoering van de budgetplafonds, al toestemming gegeven voor een doorverwijzing door een aanbieder met toeleidingsstop? Antwoord: 1. In 2023 is aan 7 zorgaanbieders een toeleidingsstop opgelegd. In totaal zijn er 19 gecontracteerde zorgaanbieders (hoofdaannemers). In 2024 is aan 4 zorgaanbieders een toeleidingsstop opgelegd. In totaal zijn er 19 gecontracteerde zorgaanbieders (hoofdaannemers). 2. Er is tot nu toe 35 keer een beroep gedaan op de commissie, met de volgende resultaten: 18 keer akkoord zonder aanpassingen 8 keer akkoord met advies tot aanpassingen (duur en/of volume) 9 keer inhoudelijk afgewezen (mogelijkheid tot zelf begeleiden door Buurtteams, mogelijkheden bij een aanbieder zonder toeleidingsstop) of procedureel afgewezen (commissie niet het juiste orgaan omdat het de Wmo betreft of er is geen sprake meer van een toeleidingsstop)
14
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 49
Vraag: Wordt er iets gedaan om de cultuuromslag bij medewerkers na de implementatie van nieuwe veldnormen te versnellen en/of te bevorderen? Antwoord: Het terugdringen van vrijheidsbeperkende maatregelen vergt van jeugdzorgwerkers een bejegeningstijl die gericht is op stimuleren en ontwikkeling van jongeren. Van de organisatie wordt een doorlopende aandacht verwacht voor een lerende cultuur, met voldoende ruimte voor reflectie. Medewerkers krijgen tijd en faciliteiten (methodiek en begeleiding) om structureel intervisie/supervisie uit te oefenen. Helaas hebben Jeugdzorg Plus aanbieders te maken met veel personeelstekort. En staat teambuilding onder druk. Dit is en blijft een gespreksonderwerp .
Programma
Website
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 56
Vraag: Is er een specifieke verklaring voor de benodigde extra uitvoeringscapaciteit in de huishoudelijke hulp? Antwoord: Ja, door vergrijzing en krapte op de arbeidsmarkt is het aantal Wmo-aanvragen hoger dan dat het team Wmoconsulenten kon verwerken. Dit heeft in 2022 en 2023 gezorgd voor toenemende wachttijden, extra druk en onderbezetting bij de Wmo-consulenten. Er is 0,3 miljoen besteed om extra capaciteit bij de Wmo-consulenten aan te trekken, hiermee hebben we het gat tussen instroom en uitstroom kunnen verkleinen en geven we kwalitatief betere indicaties af. Ondanks extra inzet is door de stijgende vergrijzing zien we dat het complex is om wachtlijsten volledig weg te werken. De meeste aanbieders kunnen op dit moment op tijd leveren. Echter, de druk bij de aanbieders zal toenemen wanneer de wachtlijst wordt verkleind/verkort bij de Wmoconsulenten.
Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg Website
Papier/PDF
Paragraaf Weerstandsvermogen & risicobeheersing Webpagina / bladzijde: 166
Vraag: Vanwege de verwachte kostenstijging op Jeugdhulp (p.166, eerste blok van de tabel risico's gemeentelijke activiteiten exclusief planexploitatierisico's) zijn er interventies ingezet om de kosten zoveel mogelijk te drukken (regioprogramma jeugd en het lokaal plan jeugd) In de risicoanalyse komt naar voren dat er toch verwacht wordt dat de kosten zullen toenemen, niet alleen door onzekerheid van het rijk maar ook omdat het onzeker is wat de genomen interventies/maatregelen gaan opleveren. 1.
Wat is de meest recente financiële prognose ten aanzien van het regioprogramma jeugd en het lokaal plan jeugd?
15
2. 3.
Dient de afgegeven verwachting uit de laatste behandeling van deze stukken (2023) al te worden bijgesteld? Het totale risico wordt ingeschat op € 20.200.000,-, welk aandeel daarvan is afkomstig uit de onzekerheid over de genomen interventies? Kan ik de berekening ontvangen waaruit blijkt hoe die 20,2 miljoen is opgebouwd?
Antwoord: 1. De meest recente prognose voor de kosten van de jeugdhulp: 2024: 93,1 miljoen 2025: 93,5 miljoen 2026: 94,4 miljoen 2027 en 2028 conform 2026 voor nu: € 94,4 miljoen. 2. Met oog op het koersdocument en het ambtelijk advies in dit stuk is het mogelijk om het risico bij te stellen. Een opsplitsing door de jaren heen is dan relevant: 2024: 10 miljoen 2025: 16,1 miljoen (waarvan 6,6 miljoen zeker voor rekening en risico van het rijk is) hierdoor kan het risico worden verlaagd naar 9,5 miljoen 2026: 23,2 miljoen (waarvan 6,6 miljoen zeker voor rekening en risico van het rijk is). Van de taakstelling commissie van wijze (€ 7 miljoen verlagen we met 20%). Hierdoor kan het risico worden verlaagd naar € 15,2 miljoen. 3. De berekening van het risico is als volgt: totaal is het risico voor 2026 23,2 miljoen. Dit risico is op te bouwen in 3 onderdelen: Groei (€ 9,6 miljoen) Taakstelling aanvullend Rutte IV (€ 6,6 miljoen) en taakstelling commissie van wijzen (€ 7 miljoen). Van deze laatste twee componenten kan een “positief” risico worden opgenomen: het Rijk komt deels tegemoet in de jeugdzorg kosten. Hiervoor is 20% gehanteerd. (dit is € 3 miljoen afgerond). Hierdoor is het risico dus opgenomen op € 20,2 miljoen. Het aandeel dat dus afkomstig is uit de onzekerheid over de genomen interventies is € 10,6 miljoen.
16
Programma Werk en Inkomen Programma
Website
Werk en Inkomen
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 69
Vraag: Is de hogere rijksbijdrage BUIG structureel? Antwoord: De hoogte van de rijksbijdrage BUIG is nooit structureel. De hoogte van de rijksbijdrage die de gemeente Nijmegen ontvangt, is afhankelijk van de hoogte van het landelijke macrobudget BUIG en ons budgetaandeel hieruit. Het landelijke macrobudget is afhankelijk van het totaal aantal bijstandsuitkeringen in Nederland, de uitkeringsbedragen en de inzet van de loonkostensubsidies. Het macrobudget wordt voor gemeenten >100.000 inwoners verdeeld, volgens een objectieve verdeelsystematiek die jaarlijks fluctueert, omdat de objectieve maatstaven en maatstafaantallen (kunnen) wijzigen. Daarom wijzigt het budgetaandeel (aandeel van Nijmegen in het macrobudget) in de praktijk jaarlijks. Het budgetaandeel staat gedurende 1 jaar vast en wijzigt tussentijds niet.
Programma
Website
Werk en Inkomen
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 61 en 62
Vraag: “Er zijn circa 200 kandidaten 62 gesproken, 6 kandidaten zijn gestart in een bemiddelingstraject, er zijn 3 proefplaatsingen gerealiseerd en uiteindelijk heeft dit geresulteerd in 1 maatwerkbaan. Er is daarnaast ingezet op het werven van nieuwe kandidaten”. 1. 2. 3.
4.
Wat heeft het werven van nieuwe kandidaten opgeleverd? Welke maatregelen worden genomen om de drempels tot een maatwerkbaan te verkleinen? “We hebben 100 Transitievouchers uitgegeven in 2023 waardoor mensen zich hebben kunnen omscholen naar een ander beroep.” Wie maken gebruik van deze vouchers? Alleen uitkeringsgerechtigden of ook werkenden? “Dit jaar hebben we de afspraken met de Financieel Experts in de Wijk vernieuwd, aansluitend op het beleidsplan Schuldhulpverlening” Welke afspraken zijn gemaakt?
Antwoord: 1. De werving heeft opgeleverd dat we nu plm. 60 kandidaten beschikbaar lijken te hebben voor een maatwerkbaan. Deze kandidaten worden uitgebreid gesproken door WerkBedrijf, zodat we goed kunnen beoordelen of een maatwerkbaan passend en haalbaar is. 2. Sinds maart dit jaar is de uitvoering van de maatwerkbanen bij WerkBedrijf belegd (door capaciteitstekort is dit vertraagd op gang gekomen). We onderzoeken als eerste of de huidige subsidieregeling aantrekkelijk genoeg is. We subsidiëren volgens de regeling 100% van het WML, terwijl veel organisaties gebonden zijn aan een CAO, waarin de lonen hoger kunnen zijn dan het WML. Daardoor moeten sommige werkgevers een deel van de loonkosten zelf bekostigen. Als tweede wordt de mogelijke toepassing van de no-risk polis bij de maatwerkbanen onderzocht. Die vrijwaart werkgevers van loondoorbetaling bij ziekte. Tot slot willen we bekijken of toepassing van de cao ‘Aan de slag’ bij de maatwerkbanen mogelijk is en zou helpen om werkgevers bereid te vinden. Daarmee
17
3.
4.
verkleinen we de werkgeversrisico’s voor organisaties, omdat in dat geval WerkBedrijf optreedt als formeel werkgever en kandidaten in dienst kan nemen. Voor de zomer verwachten we op alle onderdelen meer inzicht te hebben. De vouchers zijn ingezet voor werkenden en ZZP’ers en waren bedoeld om overstappen naar een andere baan of sector mogelijk te maken. Het kon gaan om omscholing, bijscholing, in combinatie met instrumenten als loopbaangesprekken en verschillende tests, zoals een vaardighedentest en een capaciteitentest. De meeste afspraken stonden al langer vast. Er zijn een aantal vernieuwde afspraken gemaakt. Deze afspraken zijn in lijn met doelstellingen in het beleidsplan schuldhulpverlening. De nieuwe afspraken gaan over: Het oppakken van vroegsignalen uit experimenten; De kwalitatieve doorontwikkeling van de FEW (meer integraal samenwerken, meer fysieke vindplaatsen in de wijk) Succespercentages en doorlooptijden; Deskundigheid van medewerkers.
Programma
Website
Werk en Inkomen
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 68
Vraag: Een van de redenen dat er een onderbesteding op Schuldhulpverlening is “Ook door de krappe arbeidsmarkt kon hier niet eerder invulling aan worden gegeven.” Zijn de personeelsproblemen inmiddels opgelost? Of hebben we nog steeds te maken met capaciteitsgebrek? Antwoord: Ja. Op dit moment zijn alle beschikbare plekken binnen de uitvoering van schuldhulpverlening ingevuld. Gezien de arbeidsmarkt blijft het een risico om de formatie op orde te houden.
18
Programma Onderwijs Programma
Website
Onderwijs
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 12
Vraag: Over de ambitie ‘Goede en toegankelijke onderwijsvoorzieningen PO, (V)SO, VO’ wordt geschreven dat er bij onderwijshuisvesting de indexering van de Doordecentralisatie-overeenkomsten fors hoger is dan de gemeentelijke indexering. Hoe komt dit? Antwoord: De Doordecentralisatie-overeenkomst kent een ander peilmoment dan de gemeentelijke indexering. Dat kan tot incidentele verschillen leiden zoals in 2023, meerjarig worden de verschillen ingelopen. De Doordecentralisatie (DDC)-overeenkomsten wordt, conform afspraak, geïndexeerd op basis van de CBS afgeleide jaarmutatie peildatum 1 oktober gezinsconsumpties. Die was in oktober 2022 16,9%. De begroting van de gemeente Nijmegen op de DDC is geïndexeerd met 5,3% structureel en incidenteel met 1,6% voor 2023 op basis van peildatum 1 januari.
Programma
Website
Onderwijs
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 73
Vraag: Wat houdt de Jonge Kindgroepen in? Antwoord: Een Jonge Kindgroep is een onderbouwgroep binnen het regulier onderwijs waarin kinderen (max 15) geplaatst kunnen worden in de leeftijd van 4 tot 7 jaar. Deze kinderen hebben een boost in hun ontwikkeling nodig waarbij de inschatting is dat zij zodanige groei kunnen doormaken dat zij op termijn binnen regulier onderwijs kunnen instromen. De benodigde periode om dit te bereiken ligt tussen de 6 en 12 maanden, met een incidentele uitloop naar maximaal 18 maanden. Deze kinderen krijgen extra ondersteuning in o.a. hun taalspraakontwikkeling door logopedie en ergotherapie. Er is een Jonge Kindgroep op basisscholen De Driemaster en De Dukendonck.
Programma
Website
Onderwijs
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 71
Vraag: Zowel het rode kruis als het Jeugdeducatiefonds helpen bij het verstrekken van maaltijden voor scholen bij een bepaalde NHC-grens. Scholen mogen daarbij zelf kiezen welke van de twee zij gebruiken. Als gemeente verstrekken wij ook schoolmaaltijden in de vorm van ontbijttassen. 1. Maken scholen in Nijmegen die daarvoor in aanmerking komen ook allemaal gebruik van het Jeugdeducatiefonds of het rode kruis? Naar welke scholen gaan de ontbijttassen nu en wat is er te zeggen voer de NHC-grens van die scholen? 2. Vanuit het Jeugdeducatiefonds hebben we begrepen dat in Nijmegen relatief weinig scholen gebruik maken van het aanbod vanuit het Jeugdeducatiefonds en het Rode Kruis (in vergelijking met vergelijkbare gemeenten). Klopt dit beeld? Antwoord: Als gemeente verstrekken wij geen schoolmaaltijden in de vorm van ontbijttassen. Wel hebben we -in
19
afwachting van een landelijke regeling- tot aan de zomervakantie 2023 ontbijttassen voor gezinnen in armoede verstrekt. De communicatie hierover verliep via voornamelijk via het onderwijs. In 2023 is er een landelijke regeling gekomen. Scholen die meer dan 30% leerlingen hebben uit een huishouden met een laag inkomen én scholen voor speciaal (basis of voortgezet) onderwijs, kunnen een beroep doen op deze landelijke regeling en kiezen voor het organiseren van een schoolmaaltijd (via het Jeugdeducatiefonds) óf voor het verstrekken van een boodschappenkaart (via het Rode Kruis) aan ouders. Uit navraag bij Nijmeegse schoolbesturen blijkt dat een aantal scholen, waaronder SBO De Windroos, De Klumpert, Vossenburcht, Talita Koemi, Pontem College, Het Rijks en het Mondial College een beroep heeft gedaan op de regeling van de schoolmaaltijden. De meeste scholen hebben voor de optie boodschappenkaarten gekozen. De landelijke regeling ‘Schoolmaaltijden’ loopt tot eind december 2024. De komende periode volgt een evaluatie van het programma. Of er na 2024 een vervolg komt, is op dit moment nog niet bekend.
Programma
Website
Onderwijs
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 71-87
Vraag: Komen er weer nieuwe Rijksmiddelen voor de regio voor vsv-ers? Antwoord: Ja. Het huidige regionaal programma jongeren naar school of werk loopt is verlengd tot 1 augustus 2025 (oorspronkelijk tot 31 december 2024). Vanaf 1 augustus 2025 starten we met een nieuw 4 jarig regionaal programma vsv en jeugdwerkgelegenheid met bijbehorende rijksmiddelen.
Programma
Website
Onderwijs
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 72
Vraag: Zijn er extra maatregelen genomen voor het omgaan met de taalbarrière bij de doorstroom van Oekraïense kinderen van het nieuwkomersonderwijs naar het regulier onderwijs? Antwoord: De extra maatregelen zitten standaard in het curriculum van het nieuwkomersonderwijs, waarvoor schoolbesturen verantwoordelijk zijn. Het Nieuwkomersonderwijs is opgezet en ingericht om onderwijs te bieden aan leerlingen die uit het buitenland komen en de Nederlandse taal nog niet beheersen. Zo ook aan gevluchte Oekraïners. Kinderen en jongeren worden ondergedompeld in de Nederlandse taal, zodat zij ook kunnen doorstromen naar het reguliere onderwijs. Vervolgens krijgen zij binnen het reguliere onderwijs, ook Oekraïense leerlingen, waar nodig taalondersteuning. Zodat de taal geen barrière meer hoeft te zijn om regulier onderwijs te volgen en succesvol af te ronden.
Programma
Website
Onderwijs
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 73
Vraag: Is er een specifieke reden voor het steeds grotere tekort aan chauffeurs in het leerlingenvervoer (of past dit binnen de brede trend van krapte op de arbeidsmarkt)?
20
Antwoord: Het steeds groter wordende tekort aan chauffeurs in het leerlingenvervoer is inderdaad te verklaren door de personeelstekorten bij vervoersbedrijven.
Programma
Website
Onderwijs
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 77
Vraag: Is er een specifieke reden dat de uitvoeringskosten hoger zijn uitgevallen dan verwacht? Antwoord: De uitvoeringskosten van het programma Onderwijs zijn in realisatie juist 1 ton lager uitgevallen dan geraamd. In de jaarrekening is verder bij de toelichting op de begroting(-s-ontwikkeling) van het programma aangegeven dat de begrote uitvoeringskosten zijn afgenomen.
Programma
Website
Onderwijs
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 78
Vraag: Is er een verklaring voor het feit dat er teveel subsidie Peuterwerk 2022 is verstrekt en wanneer is deze terugvordering terugbetaald? Antwoord: De hoogte van de subsidie voor het aankomend jaar wordt ingeschat met een telmoment: 1 oktober (lopend jaar). Dit telmoment is de basis van de bevoorschotting. Bij de vaststelling van de subsidies wordt uitgegaan van het daadwerkelijk aantal peuters. Het verschil moet wordt teruggevorderd (of aangevuld). Het aantal peuters blijkt op 1 oktober 2021 hoger dan het (gemiddeld) aantal peuters dat in 2022 heeft deelgenomen: circa 13% meer. De organisaties moeten uiterlijk 1 juni hun verantwoording van het vorig jaar toesturen. In oktober ontvangen ze de definitieve vaststelling van de subsidie. Organisaties hebben vervolgens een termijn van 6 weken om het bedrag terug te betalen.
21
Programma Bereikbaarheid Programma
Website
Bereikbaarheid
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 83
Vraag: Op deze pagina wordt gerept over een tweetal proeven/pilots, te weten het laden bij de lantaarnpaal en het gebruik van kabelgoten. Wat zijn hiervan de resultaten? Antwoord: De afgelopen tijd is er gekeken naar de mogelijkheden rondom laden in combinatie met lichtmasten. Er is een onderzoek uitgevoerd door een derde partij. Hierover moet nog een definitief advies worden uitgebracht. Momenteel hebben er nog geen pilots plaats gevonden. Wel heeft er een pilot gelopen van private laadinfrastructuur in de openbare ruimte. Hierbij konden bewoners kabelgoten gebruiken voor het laadsnoer over het trottoir. Deze pilot wordt momenteel geëvalueerd. Uit de pilot komt naar voren dat er kritisch moet worden gekeken naar de voor- en nadelen van private laadvoorzieningen in de openbare ruimte.
Programma
Website
Bereikbaarheid
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 86
Vraag: Hier worden de aantallen personenauto’s van particulieren per 1000 inwoners genoemd. Is er een reden te noemen dat dit zo dicht bij het benchmark gemiddelde ligt ondanks het ontmoedigingsbeleid? Antwoord: De afgelopen 10 jaar was het gemiddelde autobezit in Nijmegen ongeveer vergelijkbaar met het autobezit in de benchmark-steden. Ook is te zien dat het gemiddelde autobezit zowel in Nijmegen als in de benchmark-steden licht is toegenomen. Dat is ondanks het ontmoedigingsbeleid in zowel Nijmegen als andere steden. Hoewel de auto-afhankelijkheid in steden relatief beperkt is, is dat in landelijke gebieden juist toegenomen; dat zorgt ervoor dat ook stedelijke bewoners vasthouden aan hun auto. Verder is door de coronaperiode het OV-gebruik gedaald en het autogebruik en –bezit toegenomen. Deze omstandigheden waren voor Nijmegen en de benchmarksteden vrijwel gelijk. Bijkomende reden voor de lichte toename in Nijmegen is dat we de afgelopen 10 jaar vooral woningbouw hebben ontwikkeld in de Waalsprong, waarbij het vooral ging om grondgebonden woningen met relatief hoge parkeernorm. In Nijmegen-Noord zijn er dus veel auto's bij gekomen, terwijl dat in de rest van Nijmegen niet het geval was (mede door ons beleid); met per saldo een lichte toename voor heel Nijmegen.
Programma
Website
Bereikbaarheid
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 87
Vraag: Er wordt hier uitgelegd dat auto’s van leasemaatschappijen niet meetellen in stad van vestiging, maar tellen ze wel mee in de woonplaats van de gebruiker/ lessee? Antwoord: Leaseauto’s staan ingeschreven op de adressen van de leasemaatschappij en dus niet op het adres van de gebruiker. De gemeente heeft geen inzicht in hoeveel leaseauto’s er in Nijmegen zijn.
22
Programma
Website
Bereikbaarheid
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 85
Vraag: 1. Onder de lastenzijde van de veilig bereikbare stad (laatste bulletpoint) staat dat de exploitatiebudgetten van openbare verlichting niet volledig zijn benut. Ziet dit budget enkel op bijvoorbeeld onderhoud, of zijn er ook andere factoren in dit exploitatiebudget betrokken? En waarom is dit budget niet volledig benut? 2. Tevens staat onder de lastenzijde van de veilig bereikbare stad (2e bulletpoint) dat op de uitvoeringskosten een nadeel is ontstaan van €0,6 miljoen. Over welke vormen van ‘uitvoering’ gaat dit? 3. In het verlengde van de voorgaande vraag. De oorzaak van het nadeel van €0,6 miljoen is het achterblijven van de realisatie van rendabele uren bij de uitvoerende afdeling. Door wie geschiedt deze uitvoering? Wordt de uitvoering uitbesteed of doet de Gemeente de uitvoering zelf? Wie de uitvoering ook uitvoert: waarom is de realisatie van de rendabele uren niet gelukt? Antwoord: 1. Bij een aantal projecten is vorig jaar rekening gehouden met mogelijk extra kosten. Deze kosten zijn uiteindelijk niet gemaakt. Er was geen tijd meer om de budgetten toen op andere projecten/nieuwe opdrachten in te zetten. 2. Antwoord: het gaat hier om kapitaalsopzichters die bij projecten toezicht houden op werkzaamheden. Omdat zij ten behoeve van projecten werkzaam zijn, kunnen de uren ten laste komen van het project.
In het verleden is besloten om de formatie en bezetting van de kapitaalsopzichters als bezuiniging af te romen. De begroting op de baten is echter per abuis op dezelfde hoogte blijven staan. Hierdoor is er een gat in de begroting. Onderwijl merken we dat de eerdere bezuinigingen te stringent zijn toegepast waardoor we soms te weinig toezicht kunnen houden. Er wordt nu ambtelijk een onderzoek uitgevoerd om te zien wat een goede balans van toezicht is in relatie tot de werkzaamheden. 3. De werkzaamheden worden uitgevoerd door kapitaalsopzichters; ambtenaren of ingehuurde medewerkers van gemeente Nijmegen. Er zijn te weinig kapitaalsopzichters om toezicht te houden en daarmee te weinig rendabele werkzaamheden verricht voor de projecten.
Programma
Website
Bereikbaarheid
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 83
Vraag: Zijn er al resultaten bekend van het High Five project – na de eerste test op de Vossenburcht – op basisscholen De Klumpert (Hatert) en de Verbinding (Lent)? Antwoord: Ja er zijn resultaten bekend: Wat betreft de Vossenburcht: 1. 98 % van de kinderen in de Vossenburcht werd geregistreerd als deelnemer High five 2. De Vossenburcht verzamelde 3530 high-fives dit schooljaar (waarvan 37,25 % met de fiets en 62,75% al lopend). Een high five is een registratie van een kind dat te voet of met de fiets naar school komt. 3. Ten opzichte van de nulmeting zagen we een daling van 27% auto’s. 4. 30% van de ouders die we bevraagd hebben geven aan dat ze vroeger dichtbij de school parkeerden, maar nu verderop parkeren.
23
5.
59% van de ouders die we bevraagd hebben geven aan dat ze merken dat het autoverkeer en foutparkeren minder is sinds de start van High-Five.
Van de Klumpert en de Verbinding is het volgende bekend. 1. 64 % van de kinderen werd geregistreerd als deelnemer High five 2. 4.392 high fives 3. 34% van de kinderen lopend of fietsend naar school gekomen t.o.v. nulmeting Vanuit de provincie is weer geld beschikbaar gesteld om ook in 2024/25 met het initiatief door te gaan.
24
Programma Wonen en stedelijke ontwikkeling Programma
Website
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 88
Vraag: Er wordt hier genoemd dat er in 2023 panden zijn verkocht á €525.000,- ; zou u kunnen specificeren welke dat zijn geweest? Antwoord: In 2023 zijn de woningen aan de Hatertseweg 280 en 292 verkocht. Het bedrag ad. € 525.000,- betreft de netto verkoopopbrengst d.w.z. na aftrek van boekwaarde en kosten verkoop.
Programma
Website
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 96
Vraag: Op deze pagina staat een overzicht van investeringen, wat is de reden dat museum het Valkhof valt onder het doel: ‘We behouden en versterken de ruimtelijke kwaliteit van de stad, door zorg te dragen voor een goede ruimtelijke ordening.’? Antwoord: De verbouwing en uitstraling van het museum draagt bij aan de ruimtelijke kwaliteit van de stad en Kelfkensbos; daarbij zijn en blijven wij een aantrekkelijke stad om te wonen, met goede werklocaties, openbare ruimtes en voorzieningen (als ambitie geformuleerd in dezelfde tabel). Een deel van het krediet Verbouwing Valkhof is overigens door een administratieve fout per abuis is opgenomen onder het Programma Wonen en stedelijke ontwikkeling. Bij de 1ste VM 2024 wordt dit hersteld.
Programma
Website
Papier/PDF
Webpagina / bladzijde: 124
Vraag: 1. Wat wordt er verstaan onder voldoende goede woonruimte voor studenten en is dit inclusief of exclusief voor studenten van buiten Europa? 2. Wat wordt er met goede menging in de wijken bedoeld en wordt hierin meegenomen de verhuur van kamers in particuliere woningen aan studenten in de wijken? Antwoord: 1. Dit doel hoort bij de ambitie om een stad te zijn met gemengde wijken en een gevarieerd woningaanbod dat aansluit bij de vraag van alle nieuwe en bestaande bewoners. Voldoende goede woonruimte voor studenten betekent dat er wordt voorzien in de behoefte; dat we zoveel als mogelijk een plek in de stad kunnen bieden aan studenten die hier ook gedurende hun studie willen wonen. De behoefte van internationale studenten maakt hier onderdeel van uit. De definitie van goede woonruimte kan verschillen per project. Dit wordt o.a. bepaald door de doelgroep, de locatie en de (al dan niet gedeelde) voorzieningen bij de woonruimte. Van belang is dat de kwaliteit van deze woningen niet ondermaats is (gebrekkig onderhoud) en ze ook niet geconfronteerd worden met andere ongewenste verhuurpraktijken. 2. Dit doel hoort bij de ambitie om een stad te zijn met gemengde wijken en een gevarieerd woningaanbod dat aansluit bij de vraag van alle nieuwe en bestaande bewoners. Een goede menging