CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording schriftelijke vragen interpellatiedebat

Besluitronde (raadsvergadering) 22 december 2021, gemeente NijmegenBij agendapunt: Rapport Inventarisatie relevante bedrijven met luchtemissie West en Weurt4.744 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Postadres Gemeente Nijmegen

Aan de fractie van PvdA t.a.v. de heer Konijnenbelt

Postbus 9105 6500 HG Nijmegen Bezoekadres Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen T 14 024 nijmegen.nl

Datum Onderwerp

Contactpersoon Loes Emons l.emons@nijmegen.nl T 024 – 329 29 48

16 november 2021 Schriftelijke beantwoording vragen die zijn gesteld in het kader van het interpellatiedebat van 24 november 2021 over luchtkwaliteit

Ons kenmerk D211270157

Geachte heer Konijnenbelt, In de aanloop naar het door u geïnitieerde interpellatiedebat van 24 november 2021 heeft u meerdere vragen gesteld aan het college. Met deze brief geven we schriftelijk een beantwoording op de door u en de mede-indieners gestelde vragen. 1.

Is het college op de hoogte geweest van het niet op orde zijn van de vergunningen van de industriële bedrijven in Nijmegen-West? Zo nee, waarom niet? Voor ons als College geldt als uitgangspunt dat 80% van de omgevingsvergunningen milieu in het inrichtingenbestand actueel dient te zijn. Dit percentage is sinds de oprichting van de ODRN als indicator vastgelegd in de begroting van de omgevingsdienst, welke uw raad jaarlijks ontvangt voor zienswijzen. Daarnaast geldt dat vanaf 2016 de Nederlandse emissierichtlijn Lucht is opgegaan in het Activiteitenbesluit. Sindsdien zijn de wettelijke luchtemissievoorschriften rechtstreeks werkend voor gemeentelijke bedrijven. Het is voor gemeentelijke bedrijven type C dus niet nodig, en zelfs niet toegestaan, om de rechtstreekse werkende luchtvoorschriften uit het Activiteitenbesluit, als vergunningvoorschrift op te nemen. Op basis van het rapport ‘Inventarisatie relevante bedrijven met luchtemissie West en Weurt’ zien we tenslotte dat de vergunningen voor relevante bedrijven, waar wij als gemeente bevoegd gezag voor zijn op het gebied van luchtemissie, merendeels op orde zijn. Hierbij geldt wel als kanttekening dat ODRN sinds de oprichting geen verantwoording aflegt over het precieze percentage actuele omgevingsvergunningen milieu. Wij vinden dit wel van belang voor een goede monitoring en verantwoording.

Daarvoor is het nodig om een actualisatietoets uit te voeren voor de vergunningen, zodat er een geconsolideerd bestand ontstaat op basis waarvan kan worden geborgd dat er wordt voldaan aan het vastgestelde percentage. We zijn in gesprek met de ODRN om hiervoor een projectorganisatie op te zetten.

Gemeente Nijmegen

Pagina 1 van 10

2.

Kan het college de raad een minutieus en volledig feitenrelaas doen toekomen over hoe deze situatie - waarbij een derde van de vergunningen niet op orde is - tot stand is gekomen? Deze uitspraak hebben wij als College ook gelezen in een artikel in De Gelderlander. Wij weten niet waar deze uitspraak op is gebaseerd en dat maakt het lastig om te reageren. Wij herkennen ons voor de bedrijven waarvoor wij als gemeente bevoegd gezag zijn niet in deze uitspraak. Dit blijkt op het gebied van luchtemissies ook niet uit het rapport ‘Inventarisatie relevante bedrijven met luchtemissie West en Weurt’. Bovendien zijn - zoals benoemd bij het antwoord op de eerste vraag - de wettelijke luchtemissievoorschriften uit het landelijke Activiteitenbesluit rechtstreeks werkend voor gemeentelijke bedrijven. Die voorschriften gelden dus sowieso, los van de vergunning. Wel verdient het aanbeveling om de voorschriften duidelijker en uitgebreider in de toezichtdossiers van de bedrijven op te nemen en scherper te kijken naar de mogelijkheden van maatwerkvoorschriften. We geven de ODRN opdracht dat te doen. 3.

Kan het college een gedetailleerd overzicht geven van de metingen over het afgelopen jaar voor alle bedrijven gevestigd in Nijmegen west. Hierbij inzage gevend in de meetmomenten, de meetresultaten en de (indien) genomen handhavingsstappen. Is het college op de hoogte geweest Voor we hier antwoord op geven, willen we eerst ingaan op de verdeling van verantwoordelijkheden. Het is de verantwoordelijkheid van de bedrijven zelf om aan de landelijke milieuregelgeving te voldoen. De overheid moet er vervolgens risicogestuurd op toezien dat bedrijven deze milieuregelgeving naleven. Dat doet de ODRN in opdracht van de gemeente Nijmegen op basis van ons in 2018 vastgestelde gemeentelijke VTH-beleid. Hierin is die risico-gestuurde aanpak uitgangspunt. Dit houdt in dat niet elke vergunningaanvraag of melding leidt tot een inspectie en niet elke toezichtsactiviteit leidt tot een handhavingstraject. Hierbij wordt onderscheid gemaakt qua type inrichting. Type C is de zwaarste categorie: voor deze milieu-inrichtingen geldt dat ze een omgevingsvergunning milieu nodig hebben. De type C-inrichtingen, die vallen onder het bevoegd gezag van de gemeente Nijmegen, worden jaarlijks gecontroleerd door ODRN. Deze jaarlijkse controles worden uitgevoerd op basis van wettelijke kaders en standaardrapportages.

Er wordt gekeken naar de diverse milieuaspecten, waaronder externe veiligheid, bodem, afvalstoffen, lucht, afvalwater en geur. Hoe de jaarlijkse controle precies wordt ingevuld is maatwerk per bedrijf. Dit wordt ingevuld door de ODRN op basis van hun expertise, klachten, etc. De relevante bedrijven met luchtemissies, waarvoor wij als gemeente het bevoegd gezag zijn hebben we in Nijmegen West en Weurt in beeld. Voor deze bedrijven geeft het rapport ‘Inventarisatie relevante bedrijven met luchtemissie West en Weurt’ aan welke controles en metingen er de afgelopen vijf jaar hebben plaatsgevonden en in hoeverre aan de luchtvoorschriften wordt voldaan. Daar koppelen we na december de provinciale bedrijven in het gebied Nijmegen-West en Weurt aan in samenwerking met de gemeente Beuningen en de provincie Gelderland.

Gemeente Nijmegen

Pagina 2 van 10

Ten aanzien van deze metingen van luchtemissies geldt dat de meetverplichting (door een geaccrediteerde meetinstantie), monitoringsverplichting en de aantoonplicht bij de bedrijven zelf liggen. Dit is in landelijke regelgeving vastgelegd. Een bedrijf moet de resultaten van emissiemetingen vastleggen in een rapport. De rol van het toezichthoudende bevoegd gezag is dus in beginsel niet om zelf metingen uit te voeren, maar om er risicogestuurd op toe te zien dat het bedrijf de voorgeschreven metingen volgens de juiste frequentie uitvoert en indien nodig ingrijpt bij overschrijding van de normen. Als er luchtemissienormen gelden voor een bedrijf, dan betekent dat overigens niet altijd dat een bedrijf metingen moet uitvoeren: het kan ook zijn dat een bedrijf zogenaamde erkende maatregelen toepast (bijvoorbeeld een filtrerende afscheider) of dat het bedrijf de emissierelevante parameters (ERP's) moet bewaken. ERP's zijn meetbare of berekenbare grootheden die in directe of indirecte relatie staan met de te beoordelen emissies. 4.

Wanneer vergunningen aan de voorkant niet op orde zijn, en er lang niet of nauwelijks door de ODRN is gecontroleerd op de uitstoot van een groot aantal stoffen, is de veiligheid van de leefomgeving niet geborgd: o Hoe duidt het college een situatie waarbij de veiligheid van leefomgeving van inwoners milieu ontegenzeglijk niet gewaarborgd is? o In het artikel in de Gelderlander wordt gesproken over grote bedrijven maar wij willen graag van alle bedrijven gevestigd in Nijmegen-West weten of de vergunningen daar op orde zijn. o Hoe duidt het college de capaciteit van de ODRN om (tijdig en juist) vergunningen te kunnen verlenen, te kunnen controleren en te handhaven? o Heeft de ODRN het college proactief geïnformeerd in een van de hierboven opgesomde situaties? Zo ja, waarom heeft het college de raad en omgeving niet proactief op de hoogte gebracht? o Welke stappen zet het college - samen met andere bevoegd gezagen - om de vergunningen van alle vergunningsplichtige ondernemers alsnog op orde te krijgen? o Is het college bereid om alle vervuilende bedrijven in Nijmegen West binnen 3 maanden te toetsen op uitstoot en vergunningen en deze uitkomsten met de raad en openbaar te delen? Als college werken we aan een veilige en gezonde leefomgeving voor onze inwoners. Luchtkwaliteit is daarbij een belangrijk thema, zeker in Nijmegen-West.

In het gemeentelijke VTH-beleid uit 2018 is vastgelegd op welke manier we risicogestuurd de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving invullen. Dit wordt elk jaar door ODRN uitgewerkt in een werkplan. Het werkplan wordt vastgesteld door ons college en gedeeld met uw raad. De ODRN rapporteert hier drie keer per jaar over aan College en Raad in de vorm van bestuursrapportages en een jaarverslag. Door middel van die rapportages informeert ODRN ons regelmatig - voornamelijk kwantitatief - over de voortgang en eventuele knelpunten. Zoals ook door ons beantwoord bij vraag 1, geldt als uitgangspunt de afspraak dat 80% van de milieuvergunningen actueel moet zijn.

Gemeente Nijmegen

Pagina 3 van 10

Daarnaast worden – conform ons gemeentelijke VTH-beleid – alle type C milieuinrichtingen jaarlijks door ODRN gecontroleerd. In diverse wet- en regelgeving staan voorschriften die hierbij van belang zijn. De belangrijkste is het Activiteitenbesluit. Sinds 2016 zijn de luchtemissievoorschriften uit het Activiteitenbesluit rechtstreeks werkend voor bedrijven. Per bron en voor iedere stof gelden daarnaast verschillende wettelijke eisen, maatregelen meet- en onderhoudsverplichtingen. Dit betekent dat bij het uitvoeren van het toezicht maatwerk nodig is per bedrijf. We zien als college dat er op onderdelen verbeteringen mogelijk en noodzakelijk zijn. We gaan hierover graag nader met u in gesprek tijdens het interpellatiedebat van 24 november aanstaande. Onderstaand overzicht laat zien welke acties we in gang hebben gezet en wat we de komende tijd nog meer gaan doen: Asfaltcentrale APN Er is door ODRN een brief aan APN opgesteld met concrete maatregelen. De ODRN gaat door met het meten op PAKs en het asfaltgranulaat wordt onderzocht We meten niet alleen PAKs bij de productie van gerecycled asfalt, maar gaan ook meten als er ‘schoon’ asfalt geproduceerd wordt om een totaalbeeld te krijgen. Het vertrekpunt is om onaangekondigd te meten. Vanwege de opbouw van de meetapparatuur door de omgevingsdienst is er echter een bepaald tonnage productie nodig.

We gaan nu ook aangekondigd meten als dat mogelijk is, zodat we de meetapparatuur eerder kunnen opbouwen. Er is dan minder tonnage aan productie nodig om een volwaardige, correcte meting uit te voeren. De gesprekken met APN zijn geïntensiveerd. We spreken het bedrijf continu ambtelijk en bestuurlijk aan op haar eigen verantwoordelijkheid. Het bedrijf zegt hier zeker gehoor aan te geven en al op korte(re) termijn aanvullende maatregelen te treffen. Die stappen vinden we belangrijk en zullen we nauwgezet volgen. In deze gesprekken kijken we naar de beste manieren van meten van de uitstoot bij het bedrijf en de communicatie en transparantie van het bedrijf zelf hierin. Dit doen we samen met de ODRN. De ODRN heeft een feitenrelaas opgeleverd over het toezicht en handhaving bij de asfaltcentrale de laatste jaren en de rol van de ODRN in de landelijke werkgroepen over luchtemissies bij asfaltcentrales. De ODRN heeft geen taakstelling voor verruimingsbeleid, maar werkt vanuit de verantwoordelijkheid voor een duurzame en veilige leefomgeving. Met de ODRN is afgesproken om pro-actiever met geurmeldingen om te gaan en ook regelmatig in de fabriek (APN) of de wijk te zijn op bij de ODRN bekende productiemomenten. De GGD heeft een rapport gemaakt over de mogelijke gezondheidseffecten van de uitstoot bij APN.

De PAK-berekening op het niveau van de leefomgeving laat volgens de GGD zien dat o.b.v. de huidige meting de hoeveelheid polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAKs) in de rook uit de schoorsteen niet zal leiden tot kanker of andere ernstige ziektes bij omwonenden. Ook niet als APN deze hoeveelheid PAKs al jarenlang uitstoot. Dat laat onverlet dat we de onverwachte uitkomst van de meting moeten aangrijpen om iets te doen aan de uitstoot. Nijmegen-West Het meetplan luchtkwaliteit Nijmegen West is vastgesteld, de voorbereiding opgepakt. Nu de stadsbegroting is vastgesteld kunnen we de aanvullende maatregelen gaan uitvoeren in overleg met wijkbewoners.

Gemeente Nijmegen

Pagina 4 van 10

De inventarisatie van luchtemissies bij relevante bedrijven in Nijmegen-West is afgerond. Het inventarisatierapport en bijbehorende overzicht met acties is op 16 november vastgesteld door het college. We hebben geïnvesteerd in het omgevingsmanagement om de communicatie en participatie met bewoners te verbeteren. Bij de GGD is de vraag uitgezet of en op welke manier een gezondheidsonderzoek – in welke vorm dan ook - helderheid kan verschaffen over een mogelijk oorzakelijke relatie tussen voorkomende ziektes in Nijmegen-West/Weurt en de uitstoot van voor de gezondheid gevaarlijke stoffen en de bronnen daarvan. De stadsadvocaat onderzoekt op basis van de door uw raad op 22 september 2021 ingediende moties over luchtkwaliteit in Nijmegen-West de juridische mogelijkheden om deze uit te voeren. Communicatie We zijn eind september gestart met bewonersavonden en een bedrijvenavond over luchtkwaliteit en gezondheid; daar gaan we mee door. Uiteraard in afstemming met de wijkvertegenwoordiging, die onlangs nog met de wethouder heeft gesproken. Samen met ODRN, wijkvertegenwoordigers en bedrijven is een communicatieprotocol afgesproken, dat we gebruiken om bewoners tijdig te informeren als er zaken spelen. Ondanks dat protocol, hebben we net als u geconstateerd dat de communicatie beter moet. Daarvoor zijn acties vastgelegd in het kader van het meetplan luchtkwaliteit.

Zoals bekend zijn we met bewonersorganisaties in gesprek over een structuur/platform waar gesproken kan worden met stakeholders in het gebied. De website West & Weurt is in vergevorderd stadium (in samenspraak met bewoners). Landelijke lobby We trekken samen met andere gemeenten op om van elkaar te leren en landelijk zaken aan te kaarten. In de regio werken we samen met de gemeente Beuningen. We zijn in gesprek met externe deskundigen zoals Johan Vollenbroek We hebben een brief gestuurd aan de Staatssecretaris namens Nijmegen, Den Bosch en Eindhoven. In een brief met beantwoording van Kamervragen van maandag 8 november jl. geeft de staatsecretaris aan dat hij de regels voor asfaltcentrales nog eens onder de loep neemt. ODRN Sinds 2019 werken we aan een verbeterde werkwijze tussen opdrachtgevers, ODRN en bestuur via een gezamenlijke Ontwikkelagenda. We hebben het besluit genomen om de werkprocessen en governance bij ODRN extern te onderzoeken met betrekking tot de VTH-taken bij milieu-inrichtingen type C. Hiervoor is een opdracht vastgesteld. We gaan met ODRN in gesprek over het uitvoeren van een actualisatietoets van de milieuvergunningen en maken afspraken over de prioritaire thema’s bij de jaarlijkse controles van type C bedrijven.

We overwegen om ODRN opdracht te geven om aan te sluiten bij de programmatische aanpak die samen met de provincie wordt opgezet voor de VTH-taken bij complexe bedrijven. We volgen de landelijke ontwikkelingen n.a.v. de rapportage ‘Om de leefomgeving’ (maart 2021) van de Commissie Van Aartsen waarin o.a. het volgende is opgenomen: “De commissie is van oordeel dat het stelsel niet goed functioneert en niet voldoet aan de oorspronkelijke bedoeling van de commissie-Mans. De verbeteringen in de toepassing en uitvoering van het omgevingsrecht

Gemeente Nijmegen

Pagina 5 van 10

sinds de commissie-Mans leveren onvoldoende resultaat op. Het stelsel wordt nog steeds gekenmerkt door fragmentatie en vrijblijvendheid. Het belangrijkste gevolg is dat omgevingsdiensten hun rol niet kunnen invullen zoals de bedoeling is.” 5.

Is het college het met ons eens dat bij bedrijven waarvan de vergunning niet op orde is direct hun vergunning moet worden ingetrokken? Zo nee, waarom niet? Het proces waarmee een milieuvergunning wordt verleend en de sancties die er zijn om te sturen op het handhaven van de voorwaarden is gebonden aan landelijk vastgelegde regels, die onder andere zijn vastgelegd in de Landelijke Handhavingsstrategie (LHS). De LHS is een instrument voor alle overheden om eenduidig te interveniëren naar aanleiding van tijdens het toezicht gedane bevindingen. Als bedrijven hun vergunning niet op orde hebben, moet per geval bekeken worden wat de consequenties zijn. In de meeste gevallen kunnen wij niet direct de vergunning intrekken, maar krijgt een bedrijf de kans om de situatie te herstellen. Een vergunning intrekken wordt gezien als een laatste mogelijkheid. Ook volgens de ‘Handleiding luchtemissies bij bedrijven’, zoals opgesteld in opdracht van het ministerie. We zullen wel zo maximaal mogelijk druk zetten en alle juridische mogelijkheden verkennen. Wij willen offensiever opereren om de luchtemissies verder terug te dringen. Onze maatregelen zullen per casus verschillen. 6.

Is het college het met ons eens dat bij een bedrijf waarvan de vergunning niet op orde is, het bedrijfsproces waarvoor vergunning ontbreekt of niet op orde is, direct moet worden stilgelegd. Als bedrijven hun vergunning niet op orde hebben geldt dat wij – zoals hierboven geformuleerd – per geval moeten beoordelen wat de mogelijke consequenties zijn binnen de wettelijk vastgelegde kaders. In het ene geval kan direct worden ingegrepen, afhankelijk van de ernst, in andere gevallen wordt een redelijke termijn gesteld om het orde te krijgen. 7.

In de Bestuursrapportage 2021 Omgevingsdienst Regio Nijmegen (ODRN), Q1 2021, staat een positief verhaal waarbij de financiën op orde zijn (p. 3), de vergunningsverlening op schema ligt (p. 8), bij de realisatie van toezicht milieu loopt de ODRN zelfs iets voor de op de jaarplanning (p. 8) en het overzicht bedrijfsemissies Nijmegen-West-Weurt met spoed wordt uitgevoerd, realisatie op 1 april 45%, afronding verwacht op 1 mei 2021. Hoe kijkt het college naar deze rapportage in het licht van de incidenten en berichten in de media de afgelopen maanden? Hoe verklaart het college het grote verschil in toonzetting tussen deze eerste bestuursrapportage en de bestuursrapportage die inmiddels (2 november) verschenen is? De bestuurlijke rapportages zijn belangrijke instrumenten om bij te sturen in de P&C-cyclus als dat nodig is. Hiermee rapporteren we aan de raad over de kwantitatieve prestaties, die zijn geleverd door ODRN. Inhoudelijke knelpunten of casuïstiek maken geen deel van uit deze rapportages. We hebben besloten om opdracht te geven voor een extern onderzoek naar de governance en werkprocessen, zoals deze zijn afgesproken door gemeente Nijmegen en ODRN. Daar zullen we dit punt in meenemen. Daarnaast willen we graag vaker met uw raad in gesprek over deze rapportages. We komen hier bij de beantwoording van vraag 13 op terug.

Gemeente Nijmegen

Pagina 6 van 10

8.

Wanneer de ODRN door gebrek aan capaciteit en/of inhoudelijke kennis niet in staat is fatsoenlijk vergunningen te verlenen, welke directe gevolgen heeft dit voor die vergunningverlening binnen het Rijk van Nijmegen en welke oplossing heeft het college hier voor ogen? Voorafgaand aan elk kalenderjaar wordt, in een zorgvuldig proces op basis van het gemeentelijke VTH-beleid, kengetallen uit het voorgaande jaar en trends en ontwikkelingen, een werkplan opgesteld door ODRN, dat wordt vastgesteld door het college. Hierin staan alle werkzaamheden genoemd die ODRN uitvoert in opdracht van de gemeente Nijmegen. Eventuele knelpunten in capaciteit en/of inhoudelijke kennis kunnen op dat moment geadresseerd te worden. Maar ook gedurende het jaar kunnen er natuurlijk wijzigingen zijn in de beschikbare capaciteit, of kunnen zich specifieke thema’s voordoen in onze gemeente of in de regio die daar invloed op hebben. Als college hebben we hier, net als de ODRN, een rol in. Omdat we op dit onderdeel nog geen scherp beeld hebben van de actuele situatie, geven we als college opdracht voor een extern onderzoek naar de governance en werkprocessen zoals deze zijn afgesproken door gemeente Nijmegen en ODRN.

We willen met dit onderzoek onder andere achterhalen of gemeente en ODRN voldoende zijn toegerust om hun rol waar te maken en concrete aanbevelingen krijgen om hier op bij te sturen als dat nodig is. Dit doen we vooruitlopend op de stappen die landelijk zullen worden gezet naar aanleiding van het rapport van de Commissie Van Aartsen van maart 2021, waarin is geconcludeerd dat het VTH-stelsel milieu niet goed genoeg functioneert. En waarbij onder meer is geadviseerd om de omgevingsdiensten op milieugebied robuuster te maken en om de kwaliteit te verbeteren 9.

Op welke wijze heeft het college de afgelopen jaren de sturing aan de ODRN vanuit DB en AB concreet invulling gegeven? De ODRN werkt op basis van de in 2019 vastgestelde planning & controlcyclus. Het AB heeft daarbij een rol als opdrachtgever en het DB als eigenaar van de ODRN. We constateren dat in die cyclus de afgelopen jaren een aantal dilemma’s en ontwikkelingen is benoemd. Zo wordt de krapte in de arbeidsmarkt als risico benoemd, wordt al een aantal jaren op een rij geconstateerd dat er geen geactualiseerd vergunningenoverzicht is en wordt niet gerapporteerd op het percentage actuele vergunningen. Uit deze rapportages zijn ons inziens vooralsnog geen duidelijke knelpunten naar voren gekomen, die leiden tot de conclusie dat de sturing niet op orde is. We laten de governance en werkprocessen onderzoeken door een extern bureau. Daarnaast willen we deze rapportages graag vaker met uw raad bespreken. We komen hier bij de beantwoording van vraag 13 op terug. 10.

Begin 2021 zijn er twee moties aangenomen (olv PvdA en SP) die hebben geleid tot een intensivering van controle op uitstoot en op verleende vergunningen, met gemeten normoverschrijding en constatering van ernstige tekortkoming in de vergunningverlening als resultaat. Hoe reflecteert het college op zijn sturing op de ODRN en wat gaat het college nav de ontstane situatie concreet in de sturing veranderen?

Gemeente Nijmegen

Pagina 7 van 10

Zie onze antwoorden op vraag 8 en 9. We gaan hierover tijdens het interpellatiedebat graag met u in gesprek 11.

Vinden de metingen plaats in het kader van het uitvoeren van eerder aangenomen moties van PvdA en SP die vroegen om structureel meten en wanneer komen die metingen naar de raad en naar de inwoners? Zowel bij APN als NIJG zijn forse normoverschrijdingen aangetroffen, die eerst via de openbaarheid en media tot inwoners komt. Dit leidt tot grote zorg in de samenleving, hoe kijkt het college hiernaar? De motie gaat onder andere over het in kaart brengen van de bronnen en heeft geresulteerd in een inventarisatie van relevante bedrijven met luchtemissie in NijmegenWest en Weurt. In het inventarisatierapport wordt de meest actuele informatie op de volgende onderdelen gebundeld: emissie-eisen, emissiemetingen, emissie ZZS, vergunning situatie op het onderdeel lucht en de resultaten van milieucontroles in de afgelopen vijf jaar. Hiervoor zijn geen metingen uitgevoerd, met uitzondering van de indicatieve meting van PAKs bij APN d.d. 28 juni 2021. De meting bij NIJG is door de provincie gedaan in het kader van een aanpassing van de vergunning. Wij betreuren het dat in geval van APN informatie vroegtijdig naar buiten is gekomen. In het geval van NIJG is er geen sprake van dat informatie vroegtijdig naar buiten is gekomen. Deze is gelijktijdig aan uw raad en andere betrokkenen verstrekt. 12.

Hoe reflecteert het college op de eigen communicatie richting inwoners en raad? Is het college van mening dat inwoners en raad rechtstreeks geïnformeerd moeten worden ipv dat de informatie uit de krant gelezen wordt? Zoja, waarom is er sinds de bewonersbijeenkomsten van 22 en 23 september 2021 geen communicatie meer richting inwoners geweest? Samen met ODRN en wijkvertegenwoordigers is een communicatieprotocol afgesproken, dat we gebruiken om bewoners tijdig te informeren als er zaken spelen. Ondanks dat protocol, hebben we net als u geconstateerd dat de communicatie beter moet. Daarvoor zijn acties vastgelegd in het kader van het meetplan luchtkwaliteit, waaronder de organisatie van bewonersbijeenkomsten en het inrichten van een website met actuele informatie. Verder hebben we een team ingericht met omgevingsmanagers. Aanvullend vraagt u naar de communicatie die sinds 23 september heeft plaatsgevonden. Sinds die datum hebben we alle vragen die gesteld zijn tijdens de bewonersavonden beantwoord, we hebben de gemeentelijke website gebruikt om te communiceren over bijvoorbeeld de advisering van de GGD in aansluiting op de resultaten van de PAK meting van 28 juni en het (provinciale) handhavingstraject bij het bedrijf NIJG. Met input van bewoners wordt gewerkt aan de vernieuwde website West & Weurt.

Daarnaast proberen wij ook rechtstreeks en zo snel mogelijk onze communicatie te delen met de wijkvertegenwoordiging op de eerder genoemde thema’s. Ook heeft de wethouder afgesproken regelmatig contact te hebben met de wijkvertegenwoordiging. Het laatste overleg was op 2 november jl. en er zijn vervolgafspraken gemaakt.

Gemeente Nijmegen

Pagina 8 van 10

13.

De bestuursrapportages ODRN, de werkplannen ODRN, de PC-stukken en monitoring rondom het meetplan hebben vooralsnog niet voorkomen dat er bij raad en inwoners een constante achterstand in de informatievoorziening is. Welke stappen neemt het college om inwoners en raad in het vervolg beter te informeren? Luchtkwaliteit en het toezicht daarop is complexe materie. Wij willen graag duidelijke en structurele afspraken met u maken over de informatievoorziening aan de gemeenteraad. Ons voorstel is om hierin te voorzien door elk kwartaal – of zoveel vaker als wenselijk is een technische of thematische toelichting te verzorgen, waarin de op dat moment relevante aspecten en actuele ontwikkelingen toegelicht kunnen worden. En u in de gelegenheid wordt gesteld om daarover met ons college, ODRN en/of externe deskundigen in gesprek te gaan. Wij kunnen ons voorstellen dat in ieder geval de volgende thema’s in aanmerking komen voor een technische toelichting: het inventarisatierapport van relevante gemeentelijke bedrijven met luchtemissies, het systeem van milieuvergunningen en milieutoezicht, de communicatie met inwoners, de uitkomsten van het onderzoek naar de governance en werkprocessen bij de ODRN. Met bewonersorganisaties wordt – zoals bekend bij uw raad - gesproken over mogelijkheden om een goed informatieproces op te zetten.

Ook zetten we digitale middelen (speciale website) in om bewoners goed op de hoogte te houden. In voorgaande vragen is hier nader op ingegaan. 14.

Is het college het met ons eens dat deze tweede normoverschrijdingen en het ontbreken van juiste vergunningen pijnlijk blootleggen dat er in het verleden te weinig is gecontroleerd, er onvoldoende of onzorgvuldig vergunning is verleend, dat het vertrouwen in de tot nu gehanteerde systematiek van meten en handhaven faalt en er zo snel mogelijk een sluitend plan moet komen voor vergunningverlening, activiteitenbesluiten, monitoring en handhaving. Zo ja, hoe ziet dit plan er uit? De casus van de asfaltcentrale APN kent een geheel eigen dynamiek. Daarop hebben we geacteerd. Bij een meting bij de Nijmeegsche IJzergieterij (die onder bevoegd gezag van de provincie Gelderland valt) was er eveneens sprake van een te hoge uitstoot van PAK’s. Wij begrijpen dat hierdoor het gevoel ontstaat dat we niet in control zijn in het realiseren van een veilige en gezonde leefomgeving voor onze inwoners. Het leidt ook tot de vraag hoe het VTH-beleidskader, het proces van opdrachtverlening en -verantwoording, de beschikbare middelen, de uitvoering en de governance zich tot elkaar verstaan en functioneren. Uiteindelijk gaat het daarbij niet om de eerder genoemde twee inrichtingen, maar om het totaal voor de inwoners van onze stad (en omliggende gebieden). We willen lessen trekken naar de toekomst en concrete stappen zetten om verbetering aan te brengen.

We geven daarom een extern bureau opdracht om hier onderzoek naar te doen en aanbevelingen te doen die pragmatisch, toepasbaar en hanteerbaar zijn binnen de bestaande (wettelijke) mogelijkheden die wij als gemeente en ODRN hebben. 15.

Hoe gaat het college ervoor zorgen dat de gezondheid van inwoners goed in beeld is en hoe wordt dat in dit soort trajecten geprioriteerd? Komt er alsnog een gezondheidsonderzoek naar de gevolgen van mogelijk langdurige blootstelling aan te

Gemeente Nijmegen

Pagina 9 van 10

hoge percentages zorgwekkende en gevaarlijke stoffen voor Nijmegen west en omstreken? Naar aanleiding van recente metingen naar de uitstoot van bedrijven in Nijmegen-West en berichtgeving hierover in de media, zijn er zorgen bij de bewoners in Nijmegen-West en Weurt over de mogelijke gevolgen van in de lucht aanwezige stoffen voor hun gezondheid en veiligheid. De gemeenten Nijmegen en Beuningen begrijpen deze zorg. Samen met onder andere de Provincie Gelderland en de Omgevingsdienst Regio Nijmegen (ODRN) ondernemen we al diverse acties om het probleem rond vergunningverlening, toezicht en handhaving in kaart te brengen en op te lossen. We hebben een adviesvraag neergelegd bij de GGD of en op welke manier een gezondheidsonderzoek – in welke vorm dan ook helderheid kan verschaffen over een mogelijk oorzakelijke relatie tussen voorkomende ziektes in Nijmegen-West/Weurt en de uitstoot van voor de gezondheid gevaarlijke stoffen en de bronnen daarvan. 16.

Deelt het college de zorg van de PvdA dat dergelijk uitstoot wellicht jarenlang ongecontroleerd heeft plaatsgevonden en zo ja, welke acties verbindt het college aan deze conclusie? In ons VTH-beleid gaan we uit van de eigen verantwoordelijkheid van bedrijven. We gaan ervan uit dat zij zich houden aan de wettelijk vastgelegde normen en volgen hierin de Landelijke Handhavingsstrategie. Voor de zogenaamde type C-bedrijven geldt dat deze jaarlijks worden gecontroleerd door de ODRN. Omdat bij deze jaarlijkse controles niet standaard de luchtemissie gemeten wordt en/of meetgegevens worden opgevraagd, kan niet worden vastgesteld of er de afgelopen jaren meer of juist minder gevaarlijke stoffen zijn uitgestoten dan wettelijk is toegestaan. Net als u vinden wij het van groot belang dat dit wordt voorkomen. Om dat te bereiken gaan we in het werkplan vastleggen dat ODRN bij de relevante bedrijven die vallen onder ons bevoegd gezag jaarlijks controleert op luchtemissies. Daarnaast willen we waar nodig en/of mogelijk de werkprocessen verbeteren. Daarvoor wordt op korte termijn een extern onderzoek uitgevoerd. Tenslotte hebben we nieuwe regionale en landelijke afspraken nodig. Dit pakken we op in het kader van het nieuwe VTH-beleid.

Tenslotte trekken we samen met andere gemeenten op richting rijksoverheid om de regels voor asfaltcentrales te onderzoeken en te herzien, zodat er meer grip op de uitstoot aan de schoorsteen ontstaat. Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen

mr. drs. A.H. van Hout gemeentesecretaris

drs. H.M.F. Bruls burgemeester

Gemeente Nijmegen

Pagina 10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=97e69fcc-6d5d-429b-868c-ca21f02c7431