B5 d.d. 30 december 2020 van de heer Rutten inzake Fietspad
Tekst van het document
Geachte raadsleden, Opnieuw moet ik in de pen klimmen, om u op de hoogte te brengen van onzalige plannen. De Gemeente wil weer knabbelen aan mijn/ onze leefomgeving. Het gaat weer over de groene buffer tussen de Graafseweg en Oude Graafseweg in . Nog niet zo lang geleden hebben bewoners u geattendeerd op de gevaarlijke oversteek ter hoogte van de Verbindingsweg. Daar heeft u op gereageerd met maatregelen( matrixborden en wegaanduidingen). De Graafseweg is een van de meest vervuilende wegen in ons land. Daarom zijn we blij, met wat er over is van voornoemde groene buffer. Mij moet van het hart dat daarvoor langjarig strijd is geleverd en inzet van bewoners om het te behouden. Nu is de gemeente van plan om een fietspad aan te leggen dwars door een bosgebied ( bestemmingsplan!). Er is een Bomen Expert Analyse gemaakt die heeft uitgewezen dat het een zeer kwetsbaar gebied betreft…Er zijn plannen om een flora en faunaonderzoek te doen. Bewoners en ook IVN zijn erbij betrokken… Vanaf 1987 woon ik aan de . Met veel plezier. Maar ik heb wel veel tijd moeten steken in het behouden van het voornoemde bosgebied. Dat begon in 1992 om af te wenden dat er gebouwd werd door de orde der augustijnen waarbij helaas toch 45 beeldbepalende beuken eiken en acacia s het loodje legden voor de bouw van slechts 6 villaatje en een binnentuin.
Inmiddels heeft Trebbe bouw op het naastgelegen perceel 18 reusachtige appartementen gebouwd waarbij nog meer verdween. Verderop zijn nog meer appartementen gebouwd maar ik werd daar niet als belanghebbende aangemerkt maar heb wel de andere bewoners gesteund… Een boom doet er ruim dertig jaar over om tot wasdom te komen. Ik woon 33 jaar … Langzaam heb ik het prachtige bosgebied zien slinken. Ter wille van woningbouw en parkeergebied. Nu de plannen voor een fietspad.. Mijn vrouw en ik hebben allebei kanker. Dat is een nare situatie. Dat vreet energie. Maar we gaan door met ons leven op de rit te houden en willen ons steentje blijven bijdragen onze wijk leefbaar te houden. Dat er een relatie bestaat tussen luchtvervuiling en kanker hoef ik u niet uit te leggen… Ik hoop dat ik voldoende heb uitgelegd dat actie nodig is van uw kant om deze teloorgang te stoppen Met groene groet Peter Rutten
BOMEN EFFECT ANALYSE BEA Graafseweg NIJMEGEN
BEA
Rapportnummer:
200532
Datum:
08-09-2020
BOOMTOTAALZORG
Inhoud Colofon
3
1
Inleiding
4
1.1
Aanleiding van het onderzoek
4
1.2
Doel van het onderzoek
4
1.3
Het onderzoek
4
2
3
4
5
6
Wijze van onderzoek
5
2.3
Analyse
7
Voorstudie
8
3.1
Uitganspunten project
8
3.2
Toetsing uitvraag
8
3.3
Functie of waarde boom
9
Veldonderzoek
10
4.1
Kwaliteit boom
10
4.2
Ruimtestudie
10
Analyse
11
5.1
11
Impact ruimtegebruik
Conclusie en advies
13
6.1
Eindoordeel effecten
13
6.2
Randvoorwaarden
14
6.3
Alternatieven
18
Bijlage I. Boomgegevens
19
Bijlage II. Meetresultaten bodemonderzoek
22
Bijlage III. Conditie
24
Bijlage IV. Effecten tracés
25
Bijlage V. Foto’s
27
Bijlage VI. Bomenposter
29
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
2 / 32
BOOMTOTAALZORG
Colofon Onderzoeksrapport:
200532
Project:
Inmeten bomen en BEA Graafseweg
Locatie:
NIJMEGEN
Opdrachtgever/eigenaar:
Gemeente Nijmegen Postbus 9105 6500 HG NIJMEGEN
Contactpersoon:
De heer Dibbits j.dibbits@nijmegen.nl
Opdrachtnemer
Boomtotaalzorg Lange Uitweg 27 3998 WD Schalkwijk 030-6011880 info@boomtotaalzorg.nl www.boomtotaalzorg.nl KvK 30098295 BTW 818691992
Auteur:
Ir. M. (Maarten) Debruyne (ETT) m.debruyne@boomtotaalzorg.nl
Controleur:
ing. A. van Eck (ETT) b.vaneck@boomtotaalzorg.nl
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
3 / 32
BOOMTOTAALZORG
1 Inleiding In opdracht van de heer J. Dibbits van Gemeente Nijmegen heeft Boomtotaalzorg alle bomen in kadastraal perceelnummer 3978 ingemeten en een Bomen Effect Analyse uitgevoerd.
1.1 Aanleiding van het onderzoek Aanleiding voor deze Bomen Effect Analyse is het voornemen om een fietsroute te verleggen van de Verbindingsweg naar een perceel iets zuidwestelijker (kadastraal perceelnummer 3978). De vraag is welke gevolgen de geplande activiteiten kunnen hebben voor het voortbestaan van de bomen. Deze Bomen Effect Analyse (BEA) moet uitwijzen wat de mogelijke nadelige effecten zijn op het duurzaam behoud van de bomen. Daarnaast maakt de BEA duidelijk of er maatregelen te treffen zijn, of dat er alternatieven voor handen zijn om de negatieve effecten tot een minimum te beperken. Alternatieve mogelijkheden voor zowel de aanleg als de uitvoering worden getoetst op haalbaarheid en wenselijkheid. Op basis van alle bevindingen, beoordelingen en gevolgtrekkingen volgt een advies over de opties die (kunnen) leiden tot het meest optimale eindresultaat, vanuit boomperspectief gezien.
1.2 Doel van het onderzoek Het doel van een BEA is om de boom, met de waarde en de functie die hij vertegenwoordigt, een evenwichtige plek te geven in de planvoorbereiding en besluitvorming bij activiteiten in de buitenruimte. In een BEA staan de verwachte effecten van de activiteiten op de boom objectief en onderbouwd beschreven.
1.3 Het onderzoek Onderliggende BEA is opgesteld conform richtlijn BEA. In deze richtlijn wordt een BEA opgesteld volgens twaalf bouwstenen die een uniform, compleet en helder gestructureerd onderzoek vormen van de activiteiten. De bouwstenen zijn onderverdeeld in enkele hoofdstukken, Voorstudie, Veldonderzoek, Analyse en Conclusie & advies.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
4 / 32
BOOMTOTAALZORG
2 Wijze van onderzoek De BEA bestaat uit verschillende onderdelen: bureauonderzoek, veldwerk, analyseren van de veldgegevens en vervolgens een advies voor het duurzaam behoud van de bomen. Per fase in het project, per ingreep en per handeling zijn de mogelijke effecten in beeld gebracht. Dat wil zeggen de effecten die een positieve dan wel een negatieve kunnen hebben op het voortbestaan van de bomen in het gebied. Op basis van deze analyse is gemotiveerd wat nodig is voor een blijvend behoud van de bomen. Als uit de analyse is gebleken dat een boom onder de gegeven omstandigheden niet te handhaven is, is het behoudsadvies negatief. Dit BEA advies levert een bijdrage aan de besluitvorming rond de bouw, aanleg en/of de wijze van uitvoering van het project. Daarbij zijn heldere randvoorwaarden omschreven waaraan voldaan moet worden voor blijvend behoud van de bomen, mits dit mogelijk is.
2.1 Voorstudie Tijdens de voorstudie is de locatie van het project geanalyseerd. Verder zijn de tekeningen die zijn aangeleverd en andere documenten goed bestudeerd om zo goed voorbereid het veldonderzoek uit te voeren.
2.2 Veldwerk
Binnen het perceel 3978, zijn alle bomen met een stamdiameter vanaf Circa 20cm ingemeten met een GPS. Aansluitend zijn alle bomen opgenomen en is een bewortelingsonderzoek uitgevoerd. Iedere boom heeft een uniek boomnummer gekregen. Per boom zijn de volgende boomgegevens geïnventariseerd:
Boomsoort (Wetenschappelijke benaming, inclusief variëteit indien van toepassing
Stamdiameter (gemeten in cm, op 1,30 m boven maaiveld)
Kroondiameter (geschat in m)
Huidige conditie (conform conditiebepaling van Dr. Roloff)
Toekomstverwachting (op basis van de boomsoort, leeftijd, omgevingsfactoren, aantastingen/verzwakkingen)
Kwaliteit boom (op basis van conditie, structurele opbouw en toekomstverwachting) Evt. boomgebreken (VTA kenmerken)
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
5 / 32
BOOMTOTAALZORG
Conditie De conditie is de huidige gezondheid waarin de boom verkeert. Deze is bepaald volgens de methode van beoordeling van de kroonstructuur van Dr. A. Roloff. Hierbij is gelet op het vertakkingspatroon, de scheutlengte ontwikkeling en vorming van dood hout. De conditie kent de volgende klassen:
Goed De conditie is goed. Het vertakkingspatroon is normaal voor deze soort, gezien de leeftijd van de boom.
Redelijk De conditie is verminderd, maar nog wel voldoende. Het vertakkingspatroon aan de rand van de kroon is dunner.
Matig De
conditie
is
duidelijk
verminderd.
De
eindscheuten zijn korter dan normaal. Herstel van de boom is eventueel mogelijk.
Slecht De
conditie
van
de
boom
is
minimaal.
Kroondelen sterven af. De toestand van de boom is dusdanig slecht dat herstel van de boom niet of nauwelijks mogelijk is.
Kwaliteit De kwaliteit is gebaseerd op de huidige conditie, mechanische opbouw en stabiliteit van de boom. Ook de functievervulling van de boom speelt hierbij een rol. Aan een bosboom worden immers andere kwaliteitseisen gesteld dan aan een laanboom. De boom is rondom en in zijn geheel bekeken. Hierbij is gelet op mogelijke afwijkingen, aantastingen, verzwakkingen en andere (potentiële) problemen in opbouw/structuur van stam en kroon, die visueel zijn waar te nemen. De kwaliteit is ingedeeld in: Goed Redelijk Matig Slecht
De boom vertoont het beeld dat van de soort verwacht mag worden, gezien de leeftijd van de boom en de groeiplaatsomstandigheden. De boom vertoont een verminderd beeld, gelet op de leeftijd en de omstandigheden. De aangetroffen afwijking hoeft geen negatieve gevolgen te hebben voor de verdere ontwikkeling van de boom. De boom vertoont een sterk verminderd beeld. Negatieve gevolgen voor de verdere ontwikkeling van de boom zijn niet uit te sluiten. Indien mogelijk, zijn doeltreffende maatregelen voor herstel van de kwaliteit gewenst. De boom vertoont een beeld van aftakeling. Herstel van kwaliteit is niet (meer) mogelijk.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
6 / 32
BOOMTOTAALZORG
Toekomstverwachting De toekomstverwachting geeft aan wat de levensduur van de boom is, gegeven de boomsoort, leeftijd, omgevingsfactoren en mogelijke afwijkingen, aantastingen en/of verzwakkingen van de boom. De indeling in klassen is als volgt: Goed Redelijk Matig Slecht
De mechanische en/of fysiologische toestand van de boom is zodanig dat binnen een termijn van 15 jaar of meer geen problemen te verwachten zijn. De mechanische en/of fysiologische toestand van de boom zijn enigszins verminderd. Binnen een termijn van 10-15 jaar zijn echter geen problemen te verwachten. De mechanische en/of fysiologische toestand van de boom is duidelijk verminderd. Herstel is eventueel mogelijk door het treffen van adequate maatregelen. De mechanische en/of fysiologische toestand van de boom is minimaal of nihil. Herstel van de boom niet of nauwelijks mogelijk.
2.3 Analyse Beoordeling specifieke ingreep De invloed van een bepaalde ingreep en/of van werkzaamheden op het duurzaam voortbestaan van de boom is beoordeeld op grond van de huidige kwaliteit van de boom en een inschatting van de effecten van de ingreep en/of de werkzaamheden. De verwachte gevolgen zijn ingedeeld in: Geen
De maatregel zal niet of nauwelijks gevolgen hebben voor de kwaliteit en toekomstverwachting van de boom. Beperkt De maatregel heeft negatieve gevolgen voor de kwaliteit van de boom. Conditie afname wordt de eerste jaren verwacht. Voor de toekomstverwachting van de boom zal de ingreep geen tot mogelijk geringe gevolgen hebben. Aanzienlijk De maatregel heeft negatieve tot ernstige negatieve gevolgen voor de kwaliteit van de boom. De conditie en hiermee ook de toekomstverwachting van de boom zal (sterk) verminderen. Er is een reëel risico dat de boom vervroegd zal afsterven. Onhoudbaar De maatregel heeft zeer negatieve gevolgen voor de kwaliteit van de boom. De verwachting is dat de boom vervroegd (op korte termijn) zal afsterven.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
7 / 32
BOOMTOTAALZORG
3 Voorstudie 3.1 Uitganspunten project
Voor onderliggende BEA is gebruikt gemaakt van onderstaande tekening, die is ontvangen van de opdrachtgever:
Schets ontwerp, Concept. Tekeningnr. 558135 v7, d.d. 16-07-2020.
Deze BEA richt zich uitsluitend op de bomen binnen kadastraal perceel 3978. In de plannen zoals deze nu bekend zijn zullen de volgende werkzaamheden plaatsvinden:
Bouwrijp maken fietsroute (kappen bomen); Afgraven fietspad (30 cm); Aanleggen cunet fietspad (zand); Realiseren verharding fietspad (verharding 6 cm hoger als maaiveld).
Afbeelding 1. Detail uit Schetsontwerp (concept) (Tekeningnr 558135 v7, d.d. 16-07-2020).
3.2 Toetsing uitvraag Er is een advies gewenst over welke route het fietspad het beste kan volgen, op basis van zo min mogelijk verstoren van de natuur en sociale veiligheid (rechte lijn). Bij de Danielsweg zal de fietsroute bij voorkeur beginnen tegenover de Danielsweg. Aan de zijde van de Graafseweg is de voorkeur om zo veel mogelijk nabij de kruising met de Cavaljéweg uit te komen. Onderliggende BEA schetst dan ook duidelijke randvoorwaarden en mogelijke alternatieven voor een mogelijk tracé voor het aan te leggen fietspad. Het doel is een onafhankelijk onderzoek naar de mogelijkheden om zo veel mogelijk bomen duurzaam te behouden. Daarbij wordt ook gekeken naar de kansen die de herinrichting met zich mee brengt voor de verbetering van de groeiplaatsomstandigheden.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
8 / 32
BOOMTOTAALZORG
3.3 Functie of waarde boom Bij de afweging of een particuliere boom gekapt mag worden of niet, werkt de gemeente Nijmegen met een waarderingstabel. In de waarderingstabel wordt de maatschappelijke waarde van een boom op acht onderdelen beoordeeld. Een kapvergunning wordt niet afgegeven als de maatschappelijke waarde zwaarder weegt dan de reden waarom de boom gekapt moet worden. Scoort een boom hoger op de acht onderdelen in de tabel, dan is de kans kleiner dat hij gekapt of gerooid mag worden. De bomen in perceel 3978 liggen binnen de grens van de bebouwde kom en dus is de boswet niet van toepassing. De bomen langs de Oude Graafseweg en de Graafseweg zijn onderdeel van de hoofdboomstructuur van de gemeente Nijmegen. De bomen binnen perceel 3978 behoren niet tot deze hoofdboomstructuur, maar versterken het beeld van deze structuur wel. Een boom die in de hoofdboomstructuur staat levert volgens de gemeente Nijmegen een belangrijke bijdrage aan het imago of de identiteit van de stad. Hierdoor wordt de boom hoog gewaardeerd in de waarderingstabel bij de aanvraag van een kapvergunning. Conform bestemmingsplan ‘Nijmegen West’ heeft perceel 3978 de enkelbestemming ‘bos’ en de dubbelbestemming ‘archeologie’.
In een enkelbestemming bos is het verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegde gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, te doen of te laten uitvoeren: a.
het aanleggen van wegen, paden, parkeervoorzieningen en andere oppervlakteverhardingen met gezamenlijke oppervlakte van meer dan 25 m2;
b.
het veranderen van het huidige maaiveldniveau door ontginnen, bodem verlagen, egaliseren, afgraven of ophogen;
c.
het kappen van bomen en andere beplanting;
d.
het aanleggen van waterpartijen of vergraven, verruimen of dempen van waterpartijen.
Daarnaast zijn in bestemming ‘bos’ bovenstaande werken of werkzaamheden slechts toelaatbaar voor zover het bos hierdoor niet onevenredig wordt geschaad.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
9 / 32
BOOMTOTAALZORG
4 Veldonderzoek 4.1 Kwaliteit boom In perceel 3978 staan 62 bomen. Het betreft de zes soorten zomereik, Noorse esdoorn, Amerikaanse eik, gewone beuk, Hollandse linde, en robinia. Ten behoeve van de BEA zijn alle bomen geïnventariseerd en is de kwaliteit van de bomen opgenomen. In bijlage I zijn de specifieke gegevens van de bomen weergegeven. De conditie, kwaliteit en toekomstverwachting van de bomen is gemiddeld redelijk (tabel 1). Tabel 1. Gegevens kwaliteit. Conditie
Kwaliteit
Toekomst-
(#)
(#)
verwachting (#)
Dood
1
1
1
Redelijk
26
54
27
Matig
31
5
31
Slecht
2
2
1
Zeer slecht
2
-
2
Totaal
62
62
62
4.2 Ruimtestudie In afbeelding 2 zijn de geplande activiteiten schematisch afgebeeld. Naast de kwaliteit van de bomen zijn ook verschillende kenmerken van de groeiplaatsen onderzocht. De bomen staan in een bos wat langs de Oude Graafseweg en de Graafseweg is begrensd door een hekwerk. Het hekwerk langs de westzijde bestaat uit bouwhekken en is mogelijk recentelijk aangebracht. Ondanks dat het terrein wel bereikbaar is geweest zal de betreding ervan door bezoekers beperkt zijn geweest. Dat heeft tot gevolg dat de bosbodem relatief ongestoord is en weinig verdichting toont. Daardoor is een mooi eiken-beukenbos ontstaan met een groot aantal volwassen en halfwas bomen waar ook verjonging en ondergroei aanwezig is. De bomen staan in een open zandgrond zonder verharding en bomen hebben voldoende doorwortelbaar volume tot hun beschikking. Door de recentelijke droge jaren was de bodem uiterst droog en hebben de bomen, met name de beuken, zichtbaar last van verdroging. Dit is te zien aan conditieverlies en afstervende takken in de kroon.
Bodemopbouw Volgens de gegevens van AHN ligt het maaiveld zo’n 21 meter boven het NAP (Bron: AHN Viewer). Het is niet bekend hoe diep het grondwater zit ter hoogte van het plangebied. Gezien de hoge ligging van dit deel van Nijmegen, is er sprake van een hangwaterprofiel. In een bodemonderzoek uit 1988 (Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Son B.V.) is in een vergelijkbare terrein ten westen van het plangebied tot de eerste vijf meter diepte geen grondwater aangetroffen. Om de bodemopbouw en de bewortelingsstructuur bij de bomen te onderzoeken zijn twee proefsleuven gegraven en is één grondboring uitgevoerd. In bijlage 3 zijn de specifieke gegevens van het bodemonderzoek weergegeven. De bodem bestaat in het algemeen uit een bosbodem met een strooisellaag en een gefragmenteerde strooisellaag, met daaronder een afnemende humeuze grove zandlaag. Er is in het algemeen een relatief diepe intensieve beworteling aanwezig waarin de meeste beworteling in de eerste 50 cm-mv zit.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
10 / 32
BOOMTOTAALZORG
5 Analyse 5.1 Impact ruimtegebruik Vanaf de Daniëlsweg zal een fietspad worden aangelegd door perceel 3978 naar de Cavaljéweg. Het fietspad zal circa 3 meter breed worden. Er wordt 30cm bosbodem afgegraven en vervangen door straatzand. De tegelverharding zal tot circa 6cm boven het maaiveld worden aangelegd. Het tracé van het fietspad is nog niet bekend en zal worden bepaald aan de hand van de minste verstoring op de bomen en de bodem. Ongeacht het tracé van het fietspad zal in de kwetsbare zone van verschillende bomen worden gewerkt. Hierdoor is een impact te verwachten. In de eerste plaats zullen alle bomen binnen de contouren van het fietspad, moeten worden gerooid. Ook de bomen waarbij graafwerkzaamheden binnen de minimale graafafstand worden uitgevoerd, moeten worden gerooid doordat nadien een risico op instabiliteit kan ontstaan. Daarnaast is nog een impact te verwachten voor alle bomen waar binnen de kwetsbare zone wordt gewerkt. Enerzijds wordt gewerkt met zware machines. Dit kan voor verdichting van de bodem zorgen waardoor de water- en zuurstofhuishouding wordt verstoord en de indringingsweerstand wordt verhoogd. De groei van de wortels van de naastgelegen bomen zal hierdoor worden geremd en/of onmogelijk worden. Anderzijds zal door graafwerkzaamheden een deel (30 cm) van het wortelpakket mee worden afgegraven.
Afhankelijk van de afstand tot de bomen zal dit tot (tijdelijke) conditie afname en/of het vervroegd afsterven van de bomen zorgen. Voor alle bomen waar niet wordt gewerkt binnen de kwetsbare zone wordt geen impact verwacht n.a.v. de realisatie van het fietspad. Echter wordt n.a.v. het gebruik van het fietspad mogelijk ook een impact verwacht. Bij gladheidsbestrijding in de winter wordt bijvoorbeeld mogelijk zout gestrooid op het fietspad. Dit zout kan zowel via de lucht (verwaaien) op de boom terecht komen als via het met zout beladen smeltwater (uitspoeling) bij de groeiplaatsen van omliggende bomen. Zout dat door verwaaiing op de stam en takken terecht komt, dringt de bast, knoppen en wintergroene bladeren binnen en onttrekt water aan de levende cellen. Daardoor ontstaat verdroging en afsterving van de cellen waardoor de bast los laat, de knoppen niet meer uitlopen en de twijgen en/of hele takken afsterven. Het zoute smeltwater kan daarnaast de volgende impact veroorzaken:
Stijging osmotische waarde bodemwater waardoor de boom het moeilijker kan opnemen (effect van korte duur door aanpassing van boom aan deze fysiologische droogte).
Verdringing voedingselementen (calcium-, kalium- en magnesiumionen) waardoor tekorten kunnen ontstaan.
Remming nitraat- en fosfaatopname (vaak niet merkbaar in de praktijk).
Stijging pH.
Beïnvloeding bodemflora en-fauna.
Groeiafname.
Bladverwelking, -verkleuring, -afsterving.
Een andere impact die valt te verwachten na de realisatie van een fietspad door het bos, is het noodzakelijke beheer. Door de zorgplicht is de gemeente verplicht t.a.v. de veiligheid om het nodige beheer toe te passen op de bomen rondom het fietspad. Dat wil zeggen dat zieke en/of instabiele bomen, die in een bos nog lang kunnen blijven staan en ook een positieve functie vervullen, binnen valafstand van het fietspad een risico kunnen vormen voor fietsers en zullen worden verwijderd. Ook dood hout, afscheurende takken en andere probleemtakken moeten worden verwijderd en kronen moeten worden gesnoeid binnen deze valafstand. In afbeelding 2 is als illustratie een valafstand van 3,5 meter aan weerszijden van het fietspad
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
11 / 32
BOOMTOTAALZORG
aangehouden. Dit alles betekent ecologische gezien een degradatie van het bos. Als bosperceel hebben alle bomen samen een grote biodiversiteitswaarde en zorgen ook voor een groene uitstraling van het gebied. In het bosperceel staan verschillende soorten bomen met een grote variatie in conditie, leeftijd en kwaliteit. De dode of kwijnende bomen zorgen voor natuurlijke verjonging en een gezond ecosysteem doordat deze allerlei insecten en zwammen aantrekken. De aanleg van een fietspad door het bos zal voor een serieuze impact zorgen op dit ecosysteem. Dit effect kan mogelijk ook tot buiten perceel 3978 een impact veroorzaken afhankelijk van de afstand van het fietspad tot de perceelsgrenzen. Deze effecten zijn in dat geval niet meegenomen in onderliggende BEA aangezien de aangrenzende bomen niet zijn opgenomen. Indien effecten buiten de perceelsgrenzen ontoelaatbaar zijn, moet het fietspad recht door het midden van het perceel worden aangelegd. Daarnaast zal een fietspad mogelijk tot meer betreding en zwerfafval zorgen in het bos. Tenslotte is er een aanzienlijk verschil in hoogte van het maaiveld tussen de oude Graafseweg en het bosperceel (circa 50 cm). Dit maaiveldverschil zal moeten worden overbrugd voor de aanleg van het fietspad. Als het maaiveld van het bos wordt verlaagd door de bodem af te graven zal dit ernstige wortelschade tot gevolg hebben.
Afhankelijk van de afstand tot de bomen zal dit tot (tijdelijke) conditie afname en/of het vervroegd afsterven van de bomen zorgen. Dit effect is niet meegenomen in onderliggende BEA (afbeelding 2). De totale impact op de bomen individueel, en op het ecosysteem gezamenlijk, kan door de aanhoudende droogte van de afgelopen jaren een groter of langer gevolg hebben dan normaal het geval zou zijn.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
12 / 32
BOOMTOTAALZORG
6 Conclusie en advies 6.1 Eindoordeel effecten Wanneer de plannen zoals die nu bekend zijn worden uitgevoerd, wordt de impact als volgt ingeschat:
Bomen waar binnen de minimale graafafstand wordt gewerkt
onhoudbaar
Bomen waar binnen de kwetsbare zone wordt gewerkt
aanzienlijk tot onhoudbaar
Bomen die op valafstand staan van het fietspad
beperkt tot onhoudbaar
Wanneer het fietspad echter wordt aangelegd op een alternatieve manier, m.b.v. een krattensysteem bijvoorbeeld (zie hoodstuk 6.3), zal het effect minder groot zijn:
Bomen waar binnen de minimale graafafstand wordt gewerkt
aanzienlijk tot onhoudbaar
Bomen waar binnen de kwetsbare zone wordt gewerkt
beperkt tot aanzienlijk
Bomen die op valafstand staan van het fietspad
beperkt tot onhoudbaar
Hieronder is het effect van 2 voorbeeldracés (oost- en westzijde) weergegeven voor zowel een traditioneel fietspad (zoals beschreven in hoofdstuk 3.1) als voor een alternatief fietspad (zoals beschreven in 6.3). Beide voorbeelden betreffen een fietspad van 3 meter breed. Tracé Oostzijde Tabel 2. Effect op bomen van tracé oostzijde. Boom id
Reden
Effect
Aantal (#)
Advies
Traditioneel
Effect alternatief fietspad (kratjes)
fietspad 6, 11, 13, 14, 31,
Beperkt/ Aanzienlijk/ Onhoudbaar
13
Werkzaamheden binnen de kwetsbare zone
Aanzienlijk/ Onhoudbaar
15
Onhoudbaar
14
43, 48, 60
Werkzaamheden binnen de minimale graafafstand
Overige
Geen
Geen
20
Onbekend
Onbekend
Onbekend
36, 37, 39, 40, 41,
Bomen staan binnen valafstand van fietspad
54, 55, 56 2, 3, 8, 10, 12, 17, 18, 19, 20, 21, 28, 30, 32, 38, 47 4, 5, 7, 9, 24, 25, 26, 27, 29, 33, 42,
Bomen
buiten
Alternatieve
Beperkt/ Aanzienlijk/
werkwijze
Onhoudbaar
(zie 6.3) Alternatieve
Beperkt/ Aanzienlijk
werkwijze (zie 6.3) Alternatieve
Aanzienlijk/ Onhoudbaar
werkwijze (zie 6.3)
perceel
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
Alternatieve werkwijze (zie 6.3) Alternatieve werkwijze (zie 6.3)
Geen
Onbekend
13 / 32
BOOMTOTAALZORG
Tracé Westzijde Tabel 3. Effect op bomen van tracé westzijde. Boom id
Reden
Effect
Aantal
Advies
(#) 31, 61
alternatief
fietspad (kratjes)
Bomen staan binnen
Beperkt/
Alternatieve
Beperkt/
valafstand
Aanzienlijk/
werkwijze
Onhoudbaar
fietspad
Onhoudbaar
(zie 6.3)
1, 2, 6, 7, 22, 8, 10,
Werkzaamheden
Aanzienlijk/
12, 13, 14, 36, 34,
binnen de kwetsbare
Onhoudbaar
35, 37, 38, 27, 28,
zone
van
2
Effect
24
Alternatieve
Aanzienlijk/
Beperkt/ Aanzienlijk
werkwijze (zie 6.3)
41, 49, 50, 56, 57, 58, 59, 17, 23, 39, 40, 51,
Werkzaamheden
52, 53, 54, 55, 62 Overige
Alternatieve
Aanzienlijk/
binnen de minimale
werkwijze
Onhoudbaar
graafafstand
(zie 6.3)
Geen
Onhoudbaar
Geen
10
26
Alternatieve
Geen
werkwijze (zie 6.3) Bomen
buiten
Onbekend
Onbekend
perceel
Onbeken
Alternatieve
d
werkwijze
Onbekend
(zie 6.3)
De vraag is of de aanleg van het fietspad, met de geplande ‘traditionele’ werkwijze, het bos niet onevenredig schaadt. Dat is immers een voorwaarde om in een enkelbestemming ‘bos’ een vergunning te kunnen aanvragen voor de kap van bomen. Als slechts 20 (oostzijde) of 26 (westzijde) van de 62 bomen geen effect ondervinden van de werkzaamheden is mogelijk sprake van onevenredige schade aan het bos. Het toepassen van een alternatieve werkwijze (hoofdstuk 6.3) kan wellicht het effect ombuigen van onevenredig naar aanvaardbaar. In dat geval heeft het tracé langs de westzijde nog het minste effect op de bomen.
6.2 Randvoorwaarden Het werken rond bomen gaat gepaard met een aantal noodzakelijke randvoorwaarden:
Preventieve stambescherming aan de bomen aanbrengen.
Niet graven binnen de minimale graafafstand.
Geen materiaal of materieel opslaan binnen het leefgebied van de bomen e/o in de kwetsbare zone.
Voorkomen van grondverdichting binnen het leefgebied van de te behouden bomen
Het maaiveld rond de bomen niet afgraven of verhogen.
Voorkom takschade als gevolg van stootschade door de giek van de mobiele kraan.
Uitvoeren van de werkzaamheden onder toezicht van een boomdeskundige.
Zie hiervoor ook de bomenposter in bijlage VI.
Stambescherming Deze maatregel wordt geadviseerd voor alle te behouden bomen binnen het plangebied of er net buiten (alle te behouden bomen die zijn geïnventariseerd). Stambescherming moet bestaan uit verticaal aangebrachte latten, onderling op meerder plaatsen met elkaar verbonden, om de stam. Minimale latlengte: 4m. tussen de latten en stam afstandhouders plaatsen zodat er een dempende werking is tussen de latten en schors van de stam zoals onderstaand is weergegeven.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
14 / 32
BOOMTOTAALZORG
Afbeelding 3. Voorbeeld van stambescherming
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
15 / 32
BOOMTOTAALZORG
Kwetsbare zone Werkzaamheden binnen de kwetsbare zone kunnen negatief van invloed zijn op de boom. De kwetsbare zone is het grondvlak ter grootte van de kroonomvang plus 1,5 meter. Het opslaan van materieel en materiaal in deze zone kan leiden tot grondverdichting, waardoor de beluchting naar de wortels in de bodem afneemt. Verder wordt het ook ten sterkste afgeraden om binnen deze zone met machines te rijden. Is dit onvermijdelijk, dan wordt aangeraden om rijplaten neer te leggen. Binnen deze wordt ook afgeraden om het maaiveld te ontgraven. Ophogen kan alleen onder strikte randvoorwaarden gebeuren.
Afbeelding 4. Schematische weergave van de kwetsbare zone
Om bomen duurzaam te behouden zal een minimale te respecteren afstand tussen de bomen en grondverzet en graafwerkzaamheden moeten worden aangehouden. Deze is in principe gelijk aan de ruimte van de kwetsbare zone, zoals bovenstaand is weergegeven. Indien, incidenteel op kleinere afstand van bomen gegraven moet worden, zal de minimale graafafstand aangehouden moeten worden zoals weergegeven in figuur 4.
Minimale graafafstand De minimale graafafstand is de afstand vanuit de boom dat minimaal aangehouden moet worden bij graafwerkzaamheden. Binnen deze zone zitten het overgrote gedeelte van de beworteling. Bij graafwerkzaamheden binnen deze zone wordt het wortelpakket ernstig beschadigd wat de stabiliteit en de conditie van de boom negatief beïnvloed.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
16 / 32
BOOMTOTAALZORG
Afbeelding 5. Schematische weergave voor de minimale graafafstand
Afbeelding 6. Schematische weergave voor het werken rond bomen
Wanneer tijdens de graafwerkzaamheden wortels dikker dan 2,5cm worden aangetroffen, dan mogen deze alleen haaks op de groeirichting worden doorgezaagd of doorgeknipt. Wortels mogen niet worden kapotgetrokken. Wortels dikker dan 5cm mogen niet of bij hoge uitzondering en alleen onder toezicht en toestemming van een boomtechnisch adviseur worden doorgezaagd. Door de werkzaamheden uit te laten onder toezicht van een boomdeskundige met een ETT (European Tree Technician) certificaat, kan ernstige schade aan de bomen voorkomen worden. Een boomdeskundige moet de werkzaamheden kunnen stopzetten als een boom door de werkzaamheden ernstig dreigt te beschadigen. Verder kan een boomdeskundige ter plekke meedenken in oplossingen en alternatieven.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
17 / 32
BOOMTOTAALZORG
6.3 Alternatieven Om de impact van de werkzaamheden op de te behouden bomen te beperken, kan misschien gedacht worden aan een fietspad dat rechtstreeks op een zandbodem kan worden aangelegd. Zo kan een alternatief fietspad worden gerealiseerd m.b.v. een kratsysteem (afbeelding 7). Om het effect op zowel de verdichting van de bodem als de zuurstofhuishouding en de wortelschade (graafschade) te beperken kan een druk verdelende laag (kratsysteem) onder het fietspad worden aangelegd. Een ‘kratsysteem’ bestaat uit een harde kunststof constructie
die onder een wegconstructie geplaatst kan
worden om negatieve effecten van bodem ophoging en/of toename van druk te neutraliseren. Als de strooisellaag wordt verwijderd, en eventueel een kleine bodemlaag van maximaal 5 cm wordt afgegraven dient eerst een laagje zand, bij voorkeur bomenzand, te worden aangebracht. Daarop kunnen kratten worden aangebracht waarop een verharding t.b.v. het fietspad kan worden aangebracht. In afbeelding 5 is een principetekening weergegeven. Het fietspad zal dan wel verhoogd, op het huidige maaiveld moeten worden aangelegd. Naast een alternatieve werkwijze kan ook onderzocht worden of een beheerplan kan bijdragen aan het behoud en het versterken van het bos en het ecosysteem op lange termijn.
Afbeelding 7. Principedoorsnede kratsysteem (Permavoid 85 mm).
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
18 / 32
BOOMTOTAALZORG
Bijlage I. Boomgegevens Stamdiameter (cm)
minimale
Kroondiameter (m)
Boom-hoogte (m)
Redelijk
40
1.5
10
12-15
Onevenredige kroon
verwachting
Matig
Kwijnende boom
Toekomst-
Redelijk
Dood hout
Kwaliteit
Noorse
graafafstand (m)
Conditie
1
Boomsoort
Id
esdoorn 2
Zomereik
Redelijk
Matig
Redelijk
50
1.63
10
15-18
3
Zomereik
Redelijk
Matig
Redelijk
60
1.75
14
15-18
4
Noorse
Redelijk
Matig
Redelijk
20
1.25
6
x x
9-12
x
esdoorn 5
Robinia
Redelijk
Matig
Redelijk
20
1.25
6
9-12
x
6
Zomereik
Redelijk
Matig
Redelijk
50
1.63
12
18-24
x
7
Zomereik
Redelijk
Matig
Redelijk
50
1.63
12
18-24
x
8
Zomereik
Redelijk
Matig
Redelijk
35
1.5
10
18-24
x
9
Zomereik
Slecht
Matig
Slecht
50
1.63
12
18-24
x
10
Zomereik
Redelijk
Matig
Redelijk
50
1.63
14
18-24
11
Gewone
Redelijk
Matig
Redelijk
20
1.25
10
9-12
beuk
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
x
x
Effect tracé
Effect tracé
Effect tracé
Effect tracé
oost
oost (kratjes)
west
west (kratjes)
Geen
Geen
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Onhoudbaar Onhoudbaar
Onhoudbaar Aanzienlijk/ Onhoudbaar
Beperkt/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
x
Aanzienlijk/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Onhoudbaar
Aanzienlijk/ Onhoudbaar
Aanzienlijk/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Beperkt/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Geen
Geen
19 / 32
BOOMTOTAALZORG
Kroondiameter (m)
Boom-hoogte (m)
70
2.0
20
18-24
Matig
Matig
Matig
50
1.63
18
18-24
x
x
Matig
Matig
Matig
40
1.5
18
18-24
x
x
Matig
Matig
Matig
20
1.25
6
6-9
Onevenredige kroon
minimale
Matig
Kwijnende boom
Stamdiameter (cm)
Matig
Dood hout
Toekomst-
Matig
graafafstand (m)
Kwaliteit
Gewone
verwachting
Conditie
12
Boomsoort
Id
x
beuk 13
Gewone beuk
14
Gewone beuk
15
Gewone beuk
Effect tracé
Effect tracé
Effect tracé
Effect tracé
oost
oost (kratjes)
west
west (kratjes)
Aanzienlijk/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Beperkt/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Beperkt/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
16
Zomereik
Redelijk
Matig
Redelijk
30
1.35
6
15-18
x
Geen
Geen
17
Zomereik
Dood
Dood
Dood
50
1.63
14
15-18
x
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Geen
Geen
18 19
Zomereik Hollands
Redelijk Matig
Matig Matig
Redelijk Matig
35 30
1.5 1.35
8 16
15-18
x
x
18-24
e linde 20 21
Zomereik Zomereik
Matig Zeer
Matig Slecht
slecht 22
Amerikaa
Redelijk
Matig Zeer
24
Zomereik Zomereik
40
1.5 1.5
8 16
15-18 15-18
x
x
x
slecht Redelijk
Redelijk
nse eik 23
40
10
2.5
26
18-24
x
0 Redelijk Redelijk
Matig Matig
Redelijk Redelijk
20 35
1.25 1.5
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
6 8
12-15 18-24
x x
x
Onhoudbaar
Aanzienlijk/ Onhoudbaar
20 / 32
Onhoudbaar
Aanzienlijk/ Onhoudbaar
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Onhoudbaar Geen
Aanzienlijk/ Onhoudbaar Geen
BOOMTOTAALZORG
1.25
8
9-12
Onevenredige kroon
minimale
20
Kwijnende boom
Stamdiameter (cm)
Redelijk
Dood hout
verwachting
Redelijk
Boom-hoogte (m)
Toekomst-
Redelijk
Kroondiameter (m)
Kwaliteit
Gewone
graafafstand (m)
Conditie
25
Boomsoort
Id
27
Zomereik Gewone
Redelijk
Matig
Redelijk
40
1.5
16
18-24
x
Matig
Matig
50
1.63
18
18-24
x
x x
Zomereik
Redelijk
Matig
Redelijk
60
1.75
18
18-24
x
29
Robinia
Redelijk
Matig
Redelijk
20
1.25
4
9-12
x
Matig
Matig
Matig
30
1.35
10
x
15-18
beuk 31
32 33
Gewone
Zeer
beuk
slecht
Zomereik Gewone
Redelijk Redelijk
Slecht
Zeer
30
1.35
8
15-18
x
slecht Matig Matig
Redelijk Redelijk
40 30
1.5 1.35
12 10
18-24 15-18
x x
beuk 34 35 36
Zomereik Zomereik Zomereik
Redelijk Redelijk Redelijk
Matig Matig Matig
Redelijk Redelijk Redelijk
40 40 40
1.5 1.5 1.5
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
16 12 10
18-24 18-24 18-24
Effect tracé
oost
oost (kratjes)
west
west (kratjes)
Geen
Geen
Geen
Geen
Aanzienlijk/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
beuk
Gewone
Effect tracé
Onhoudbaar
Matig
28
30
Effect tracé
Onhoudbaar
beuk 26
Effect tracé
x x x
x
Aanzienlijk/ Onhoudbaar Aanzienlijk/ Onhoudbaar Onhoudbaar
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Geen
Geen
Beperkt/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Aanzienlijk/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Geen
Geen
Geen
Geen
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Onhoudbaar
Aanzienlijk/ Onhoudbaar
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Beperkt/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Onhoudbaar
Aanzienlijk/ Onhoudbaar
Geen
Geen
Geen
Geen
Beperkt/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Aanzienlijk
21 / 32
BOOMTOTAALZORG
verwachting
Stamdiameter (cm)
minimale
Kroondiameter (m)
Boom-hoogte (m)
Matig
Redelijk
40
1.5
12
18-24
x
38
Gewone
Slecht
Matig
Matig
50
1.63
16
18-24
x
x
Matig
Matig
Matig
35
1.5
12
15-18
x
x
Matig
Matig
Matig
35
1.5
12
15-18
x
x
Onevenredige kroon
Toekomst-
Redelijk
Kwijnende boom
Kwaliteit
Zomereik
Dood hout
Conditie
37
graafafstand (m)
Boomsoort
Id
beuk 39
Gewone beuk
40
Gewone beuk
41
Zomereik
Redelijk
Matig
Redelijk
35
1.5
8
15-18
42
Gewone
Matig
Matig
Matig
40
1.5
12
15-18
x x
44
Robinia Gewone
Redelijk
Matig
Redelijk
30
1.35
8
12-15
x
Matig
Matig
Matig
35
1.5
12
18-24
x
x
Matig
Matig
Matig
30
1.35
10
18-24
x
x
Redelijk
Redelijk
Redelijk
20
1.25
6
9-12
Matig
Matig
Matig
35
1.5
12
18-24
beuk 45
Gewone beuk
46
Gewone beuk
47
Gewone
x
x
beuk 48
Gewone
Matig
Matig
Matig
35
1.5
12
18-24
x
x
beuk 49
Gewone
Matig
Matig
Matig
40
1.5
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
12
18-24
x
x
Effect tracé
Effect tracé
Effect tracé
oost
oost (kratjes)
west
west (kratjes)
Beperkt/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Beperkt/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Beperkt/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Beperkt/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Geen
Geen
Onhoudbaar
beuk 43
Effect tracé
Onhoudbaar
Aanzienlijk/ Onhoudbaar Aanzienlijk/ Onhoudbaar
Onhoudbaar Onhoudbaar
Aanzienlijk/ Onhoudbaar Aanzienlijk/ Onhoudbaar
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Geen
Geen
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar Geen
Aanzienlijk/ Onhoudbaar Geen
22 / 32
BOOMTOTAALZORG
Onevenredige kroon
Kwijnende boom
Dood hout
Boom-hoogte (m)
Kroondiameter (m)
graafafstand (m)
minimale
Stamdiameter (cm)
verwachting
Toekomst-
Kwaliteit
Conditie
Boomsoort
Id
Effect tracé
Effect tracé
Effect tracé
Effect tracé
oost
oost (kratjes)
west
west (kratjes)
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
beuk 50
Gewone
Matig
Matig
Matig
25
1.25
6
6-9
x
beuk 51
Gewone
Matig
Matig
Matig
30
1.35
8
15-18
x
x
beuk 52
Gewone
Redelijk
Matig
Redelijk
20
1.25
4
12-15
beuk 53
Gewone
Matig
Matig
Matig
35
1.5
12
15-18
x
x
beuk 54
Gewone
Matig
Matig
Matig
35
1.5
12
15-18
x
x
beuk 55
Gewone
Matig
Matig
Matig
15
1.25
6
6-9
beuk 56 57 58
Robinia Robinia Gewone
Redelijk Redelijk Matig
Redelijk Redelijk Matig
Redelijk Redelijk Matig
20 20 20
1.25 1.25 1.25
6 6 6
9-12 9-12 6-9
x x x
beuk 59
Gewone
Matig
Matig
Matig
15
1.25
6
6-9
beuk 60
Gewone
Matig
Matig
Matig
15
1.25
6
6-9
beuk 61
Gewone
Matig
Matig
Matig
15
1.25
beuk
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
6
6-9
x
Geen
Geen
Geen
Geen
Onhoudbaar
Geen
Geen
Onhoudbaar
Geen
Geen
Onhoudbaar
Beperkt/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Beperkt/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Beperkt/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Aanzienlijk/
Beperkt/
Onhoudbaar
Aanzienlijk
Geen
Geen
Beperkt/
Beperkt/
Aanzienlijk/
Aanzienlijk/
Onhoudbaar Geen
Aanzienlijk/ Onhoudbaar Geen
23 / 32
Onhoudbaar Onhoudbaar
Aanzienlijk/ Onhoudbaar Aanzienlijk/ Onhoudbaar Aanzienlijk/ Onhoudbaar Aanzienlijk/ Onhoudbaar Aanzienlijk/ Onhoudbaar
BOOMTOTAALZORG
62
Gewone
Matig
Matig
Matig
15
1.25
beuk
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
6
6-9
Onevenredige kroon
Kwijnende boom
Dood hout
Boom-hoogte (m)
Kroondiameter (m)
graafafstand (m)
minimale
Stamdiameter (cm)
verwachting
Toekomst-
Kwaliteit
Conditie
Boomsoort
Id
Effect tracé
Effect tracé
Effect tracé
Effect tracé
oost
oost (kratjes)
west
west (kratjes)
Onhoudbaar
Onhoudbaar
Geen
Geen
24 / 32
Onhoudbaar
Aanzienlijk/ Onhoudbaar
BOOMTOTAALZORG
Bijlage II. Meetresultaten bodemonderzoek Tabel 3. Bodemopbouw proefsleuf 1. P1 Diepte (cm)
Bodemlaag/horizon
Beworteling
0–5
Onverteerde strooisellaag
-
5 – 10
Gefragmenteerde strooisellaag
Intensief / fijn
10 – 20
Humeus donker zand
Intensief / fijn & grof
20 – 55
Matig humeus geel zand
Intensief / fijn & grof (op 40cm Ø 3 cm)
55 - 85
Humeusloos wit zand
Intensief / fijn
Afbeelding 8. Proefsleuf 1
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
25 / 32
BOOMTOTAALZORG
Tabel 4. Bodemopbouw proefsleuf 2. P1 Diepte (cm)
Bodemlaag/horizon
Beworteling
0–5
Onverteerde strooisellaag
-
5 – 10
Gefragmenteerde strooisellaag
Intensief / fijn
10 – 20
Humeus donker zand
Intensief / fijn & grof
20 – 55
Matig humeus geel zand
Intensief / fijn & grof
55 - 85
Humeusloos wit zand
Intensief / fijn
Afbeelding 9. Proefsleuf 2. Tabel 5. Bodemopbouw grondboring 1. B1 Diepte (cm)
Bodemlaag/horizon
Beworteling
0–5
Onverteerde strooisellaag
-
5 – 10
Gefragmenteerde strooisellaag
Beworteld
10 – 25
Humeus donker zand
Beworteld
25 – 100
Matig humeus gelig zand
Beworteld
Afbeelding 10. Grondboring 1.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
26 / 32
BOOMTOTAALZORG
Bijlage III. Conditie
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
27 / 32
BOOMTOTAALZORG
Bijlage IV. Effecten tracés Tracé Oostzijde (traditioneel)
Tracé Oostzijde (Kratjes)
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
28 / 32
BOOMTOTAALZORG
Tracé Westzijde (traditioneel)
Tracé Westzijde (Kratjes)
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
29 / 32
BOOMTOTAALZORG
Bijlage V. Foto’s
Afbeelding 11. Overzichtsfoto bosperceel.
Afbeelding 12. Overzichtsfoto bosperceel.
Afbeelding 13. Overzichtsfoto bosperceel.
Afbeelding 14. Overzichtsfoto bosperceel.
Afbeelding 15. Stamvoet bosbodem.
Afbeelding 16. Dode boom.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
30 / 32
BOOMTOTAALZORG
Afbeelding 17. Dode boom.
Afbeelding 18. Daslook.
Afbeelding 19. Kronen met droogtestress en dood hout.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
31 / 32
BOOMTOTAALZORG
Bijlage VI. Bomenposter
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
32 / 32
BOMEN EFFECT ANALYSE BEA Graafseweg NIJMEGEN
BEA
Rapportnummer:
200532
Datum:
08-09-2020
BOOMTOTAALZORG
Inhoud Colofon
3
1
Inleiding
4
1.1
Aanleiding van het onderzoek
4
1.2
Doel van het onderzoek
4
1.3
Het onderzoek
4
2
3
4
5
6
Wijze van onderzoek
5
2.3
Analyse
7
Voorstudie
8
3.1
Uitganspunten project
8
3.2
Toetsing uitvraag
8
3.3
Functie of waarde boom
9
Veldonderzoek
10
4.1
Kwaliteit boom
10
4.2
Ruimtestudie
10
Analyse
11
5.1
11
Impact ruimtegebruik
Conclusie en advies
13
6.1
Eindoordeel effecten
13
6.2
Randvoorwaarden
14
6.3
Alternatieven
18
Bijlage I. Boomgegevens
19
Bijlage II. Meetresultaten bodemonderzoek
22
Bijlage III. Conditie
24
Bijlage IV. Effecten tracés
25
Bijlage V. Foto’s
27
Bijlage VI. Bomenposter
29
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
2 / 32
BOOMTOTAALZORG
Colofon Onderzoeksrapport:
200532
Project:
Inmeten bomen en BEA Graafseweg
Locatie:
NIJMEGEN
Opdrachtgever/eigenaar:
Gemeente Nijmegen Postbus 9105 6500 HG NIJMEGEN
Contactpersoon:
De heer Dibbits j.dibbits@nijmegen.nl
Opdrachtnemer
Boomtotaalzorg Lange Uitweg 27 3998 WD Schalkwijk 030-6011880 info@boomtotaalzorg.nl www.boomtotaalzorg.nl KvK 30098295 BTW 818691992
Auteur:
Ir. M. (Maarten) Debruyne (ETT) m.debruyne@boomtotaalzorg.nl
Controleur:
ing. A. van Eck (ETT) b.vaneck@boomtotaalzorg.nl
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
3 / 32
BOOMTOTAALZORG
1 Inleiding In opdracht van de heer J. Dibbits van Gemeente Nijmegen heeft Boomtotaalzorg alle bomen in kadastraal perceelnummer 3978 ingemeten en een Bomen Effect Analyse uitgevoerd.
1.1 Aanleiding van het onderzoek Aanleiding voor deze Bomen Effect Analyse is het voornemen om een fietsroute te verleggen van de Verbindingsweg naar een perceel iets zuidwestelijker (kadastraal perceelnummer 3978). De vraag is welke gevolgen de geplande activiteiten kunnen hebben voor het voortbestaan van de bomen. Deze Bomen Effect Analyse (BEA) moet uitwijzen wat de mogelijke nadelige effecten zijn op het duurzaam behoud van de bomen. Daarnaast maakt de BEA duidelijk of er maatregelen te treffen zijn, of dat er alternatieven voor handen zijn om de negatieve effecten tot een minimum te beperken. Alternatieve mogelijkheden voor zowel de aanleg als de uitvoering worden getoetst op haalbaarheid en wenselijkheid. Op basis van alle bevindingen, beoordelingen en gevolgtrekkingen volgt een advies over de opties die (kunnen) leiden tot het meest optimale eindresultaat, vanuit boomperspectief gezien.
1.2 Doel van het onderzoek Het doel van een BEA is om de boom, met de waarde en de functie die hij vertegenwoordigt, een evenwichtige plek te geven in de planvoorbereiding en besluitvorming bij activiteiten in de buitenruimte. In een BEA staan de verwachte effecten van de activiteiten op de boom objectief en onderbouwd beschreven.
1.3 Het onderzoek Onderliggende BEA is opgesteld conform richtlijn BEA. In deze richtlijn wordt een BEA opgesteld volgens twaalf bouwstenen die een uniform, compleet en helder gestructureerd onderzoek vormen van de activiteiten. De bouwstenen zijn onderverdeeld in enkele hoofdstukken, Voorstudie, Veldonderzoek, Analyse en Conclusie & advies.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
4 / 32
BOOMTOTAALZORG
2 Wijze van onderzoek De BEA bestaat uit verschillende onderdelen: bureauonderzoek, veldwerk, analyseren van de veldgegevens en vervolgens een advies voor het duurzaam behoud van de bomen. Per fase in het project, per ingreep en per handeling zijn de mogelijke effecten in beeld gebracht. Dat wil zeggen de effecten die een positieve dan wel een negatieve kunnen hebben op het voortbestaan van de bomen in het gebied. Op basis van deze analyse is gemotiveerd wat nodig is voor een blijvend behoud van de bomen. Als uit de analyse is gebleken dat een boom onder de gegeven omstandigheden niet te handhaven is, is het behoudsadvies negatief. Dit BEA advies levert een bijdrage aan de besluitvorming rond de bouw, aanleg en/of de wijze van uitvoering van het project. Daarbij zijn heldere randvoorwaarden omschreven waaraan voldaan moet worden voor blijvend behoud van de bomen, mits dit mogelijk is.
2.1 Voorstudie Tijdens de voorstudie is de locatie van het project geanalyseerd. Verder zijn de tekeningen die zijn aangeleverd en andere documenten goed bestudeerd om zo goed voorbereid het veldonderzoek uit te voeren.
2.2 Veldwerk
Binnen het perceel 3978, zijn alle bomen met een stamdiameter vanaf Circa 20cm ingemeten met een GPS. Aansluitend zijn alle bomen opgenomen en is een bewortelingsonderzoek uitgevoerd. Iedere boom heeft een uniek boomnummer gekregen. Per boom zijn de volgende boomgegevens geïnventariseerd:
Boomsoort (Wetenschappelijke benaming, inclusief variëteit indien van toepassing
Stamdiameter (gemeten in cm, op 1,30 m boven maaiveld)
Kroondiameter (geschat in m)
Huidige conditie (conform conditiebepaling van Dr. Roloff)
Toekomstverwachting (op basis van de boomsoort, leeftijd, omgevingsfactoren, aantastingen/verzwakkingen)
Kwaliteit boom (op basis van conditie, structurele opbouw en toekomstverwachting) Evt. boomgebreken (VTA kenmerken)
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
5 / 32
BOOMTOTAALZORG
Conditie De conditie is de huidige gezondheid waarin de boom verkeert. Deze is bepaald volgens de methode van beoordeling van de kroonstructuur van Dr. A. Roloff. Hierbij is gelet op het vertakkingspatroon, de scheutlengte ontwikkeling en vorming van dood hout. De conditie kent de volgende klassen:
Goed De conditie is goed. Het vertakkingspatroon is normaal voor deze soort, gezien de leeftijd van de boom.
Redelijk De conditie is verminderd, maar nog wel voldoende. Het vertakkingspatroon aan de rand van de kroon is dunner.
Matig De
conditie
is
duidelijk
verminderd.
De
eindscheuten zijn korter dan normaal. Herstel van de boom is eventueel mogelijk.
Slecht De
conditie
van
de
boom
is
minimaal.
Kroondelen sterven af. De toestand van de boom is dusdanig slecht dat herstel van de boom niet of nauwelijks mogelijk is.
Kwaliteit De kwaliteit is gebaseerd op de huidige conditie, mechanische opbouw en stabiliteit van de boom. Ook de functievervulling van de boom speelt hierbij een rol. Aan een bosboom worden immers andere kwaliteitseisen gesteld dan aan een laanboom. De boom is rondom en in zijn geheel bekeken. Hierbij is gelet op mogelijke afwijkingen, aantastingen, verzwakkingen en andere (potentiële) problemen in opbouw/structuur van stam en kroon, die visueel zijn waar te nemen. De kwaliteit is ingedeeld in: Goed Redelijk Matig Slecht
De boom vertoont het beeld dat van de soort verwacht mag worden, gezien de leeftijd van de boom en de groeiplaatsomstandigheden. De boom vertoont een verminderd beeld, gelet op de leeftijd en de omstandigheden. De aangetroffen afwijking hoeft geen negatieve gevolgen te hebben voor de verdere ontwikkeling van de boom. De boom vertoont een sterk verminderd beeld. Negatieve gevolgen voor de verdere ontwikkeling van de boom zijn niet uit te sluiten. Indien mogelijk, zijn doeltreffende maatregelen voor herstel van de kwaliteit gewenst. De boom vertoont een beeld van aftakeling. Herstel van kwaliteit is niet (meer) mogelijk.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
6 / 32
BOOMTOTAALZORG
Toekomstverwachting De toekomstverwachting geeft aan wat de levensduur van de boom is, gegeven de boomsoort, leeftijd, omgevingsfactoren en mogelijke afwijkingen, aantastingen en/of verzwakkingen van de boom. De indeling in klassen is als volgt: Goed Redelijk Matig Slecht
De mechanische en/of fysiologische toestand van de boom is zodanig dat binnen een termijn van 15 jaar of meer geen problemen te verwachten zijn. De mechanische en/of fysiologische toestand van de boom zijn enigszins verminderd. Binnen een termijn van 10-15 jaar zijn echter geen problemen te verwachten. De mechanische en/of fysiologische toestand van de boom is duidelijk verminderd. Herstel is eventueel mogelijk door het treffen van adequate maatregelen. De mechanische en/of fysiologische toestand van de boom is minimaal of nihil. Herstel van de boom niet of nauwelijks mogelijk.
2.3 Analyse Beoordeling specifieke ingreep De invloed van een bepaalde ingreep en/of van werkzaamheden op het duurzaam voortbestaan van de boom is beoordeeld op grond van de huidige kwaliteit van de boom en een inschatting van de effecten van de ingreep en/of de werkzaamheden. De verwachte gevolgen zijn ingedeeld in: Geen
De maatregel zal niet of nauwelijks gevolgen hebben voor de kwaliteit en toekomstverwachting van de boom. Beperkt De maatregel heeft negatieve gevolgen voor de kwaliteit van de boom. Conditie afname wordt de eerste jaren verwacht. Voor de toekomstverwachting van de boom zal de ingreep geen tot mogelijk geringe gevolgen hebben. Aanzienlijk De maatregel heeft negatieve tot ernstige negatieve gevolgen voor de kwaliteit van de boom. De conditie en hiermee ook de toekomstverwachting van de boom zal (sterk) verminderen. Er is een reëel risico dat de boom vervroegd zal afsterven. Onhoudbaar De maatregel heeft zeer negatieve gevolgen voor de kwaliteit van de boom. De verwachting is dat de boom vervroegd (op korte termijn) zal afsterven.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
7 / 32
BOOMTOTAALZORG
3 Voorstudie 3.1 Uitganspunten project
Voor onderliggende BEA is gebruikt gemaakt van onderstaande tekening, die is ontvangen van de opdrachtgever:
Schets ontwerp, Concept. Tekeningnr. 558135 v7, d.d. 16-07-2020.
Deze BEA richt zich uitsluitend op de bomen binnen kadastraal perceel 3978. In de plannen zoals deze nu bekend zijn zullen de volgende werkzaamheden plaatsvinden:
Bouwrijp maken fietsroute (kappen bomen); Afgraven fietspad (30 cm); Aanleggen cunet fietspad (zand); Realiseren verharding fietspad (verharding 6 cm hoger als maaiveld).
Afbeelding 1. Detail uit Schetsontwerp (concept) (Tekeningnr 558135 v7, d.d. 16-07-2020).
3.2 Toetsing uitvraag Er is een advies gewenst over welke route het fietspad het beste kan volgen, op basis van zo min mogelijk verstoren van de natuur en sociale veiligheid (rechte lijn). Bij de Danielsweg zal de fietsroute bij voorkeur beginnen tegenover de Danielsweg. Aan de zijde van de Graafseweg is de voorkeur om zo veel mogelijk nabij de kruising met de Cavaljéweg uit te komen. Onderliggende BEA schetst dan ook duidelijke randvoorwaarden en mogelijke alternatieven voor een mogelijk tracé voor het aan te leggen fietspad. Het doel is een onafhankelijk onderzoek naar de mogelijkheden om zo veel mogelijk bomen duurzaam te behouden. Daarbij wordt ook gekeken naar de kansen die de herinrichting met zich mee brengt voor de verbetering van de groeiplaatsomstandigheden.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
8 / 32
BOOMTOTAALZORG
3.3 Functie of waarde boom Bij de afweging of een particuliere boom gekapt mag worden of niet, werkt de gemeente Nijmegen met een waarderingstabel. In de waarderingstabel wordt de maatschappelijke waarde van een boom op acht onderdelen beoordeeld. Een kapvergunning wordt niet afgegeven als de maatschappelijke waarde zwaarder weegt dan de reden waarom de boom gekapt moet worden. Scoort een boom hoger op de acht onderdelen in de tabel, dan is de kans kleiner dat hij gekapt of gerooid mag worden. De bomen in perceel 3978 liggen binnen de grens van de bebouwde kom en dus is de boswet niet van toepassing. De bomen langs de Oude Graafseweg en de Graafseweg zijn onderdeel van de hoofdboomstructuur van de gemeente Nijmegen. De bomen binnen perceel 3978 behoren niet tot deze hoofdboomstructuur, maar versterken het beeld van deze structuur wel. Een boom die in de hoofdboomstructuur staat levert volgens de gemeente Nijmegen een belangrijke bijdrage aan het imago of de identiteit van de stad. Hierdoor wordt de boom hoog gewaardeerd in de waarderingstabel bij de aanvraag van een kapvergunning. Conform bestemmingsplan ‘Nijmegen West’ heeft perceel 3978 de enkelbestemming ‘bos’ en de dubbelbestemming ‘archeologie’.
In een enkelbestemming bos is het verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegde gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, te doen of te laten uitvoeren: a.
het aanleggen van wegen, paden, parkeervoorzieningen en andere oppervlakteverhardingen met gezamenlijke oppervlakte van meer dan 25 m2;
b.
het veranderen van het huidige maaiveldniveau door ontginnen, bodem verlagen, egaliseren, afgraven of ophogen;
c.
het kappen van bomen en andere beplanting;
d.
het aanleggen van waterpartijen of vergraven, verruimen of dempen van waterpartijen.
Daarnaast zijn in bestemming ‘bos’ bovenstaande werken of werkzaamheden slechts toelaatbaar voor zover het bos hierdoor niet onevenredig wordt geschaad.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
9 / 32
BOOMTOTAALZORG
4 Veldonderzoek 4.1 Kwaliteit boom In perceel 3978 staan 62 bomen. Het betreft de zes soorten zomereik, Noorse esdoorn, Amerikaanse eik, gewone beuk, Hollandse linde, en robinia. Ten behoeve van de BEA zijn alle bomen geïnventariseerd en is de kwaliteit van de bomen opgenomen. In bijlage I zijn de specifieke gegevens van de bomen weergegeven. De conditie, kwaliteit en toekomstverwachting van de bomen is gemiddeld redelijk (tabel 1). Tabel 1. Gegevens kwaliteit. Conditie
Kwaliteit
Toekomst-
(#)
(#)
verwachting (#)
Dood
1
1
1
Redelijk
26
54
27
Matig
31
5
31
Slecht
2
2
1
Zeer slecht
2
-
2
Totaal
62
62
62
4.2 Ruimtestudie In afbeelding 2 zijn de geplande activiteiten schematisch afgebeeld. Naast de kwaliteit van de bomen zijn ook verschillende kenmerken van de groeiplaatsen onderzocht. De bomen staan in een bos wat langs de Oude Graafseweg en de Graafseweg is begrensd door een hekwerk. Het hekwerk langs de westzijde bestaat uit bouwhekken en is mogelijk recentelijk aangebracht. Ondanks dat het terrein wel bereikbaar is geweest zal de betreding ervan door bezoekers beperkt zijn geweest. Dat heeft tot gevolg dat de bosbodem relatief ongestoord is en weinig verdichting toont. Daardoor is een mooi eiken-beukenbos ontstaan met een groot aantal volwassen en halfwas bomen waar ook verjonging en ondergroei aanwezig is. De bomen staan in een open zandgrond zonder verharding en bomen hebben voldoende doorwortelbaar volume tot hun beschikking. Door de recentelijke droge jaren was de bodem uiterst droog en hebben de bomen, met name de beuken, zichtbaar last van verdroging. Dit is te zien aan conditieverlies en afstervende takken in de kroon.
Bodemopbouw Volgens de gegevens van AHN ligt het maaiveld zo’n 21 meter boven het NAP (Bron: AHN Viewer). Het is niet bekend hoe diep het grondwater zit ter hoogte van het plangebied. Gezien de hoge ligging van dit deel van Nijmegen, is er sprake van een hangwaterprofiel. In een bodemonderzoek uit 1988 (Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Son B.V.) is in een vergelijkbare terrein ten westen van het plangebied tot de eerste vijf meter diepte geen grondwater aangetroffen. Om de bodemopbouw en de bewortelingsstructuur bij de bomen te onderzoeken zijn twee proefsleuven gegraven en is één grondboring uitgevoerd. In bijlage 3 zijn de specifieke gegevens van het bodemonderzoek weergegeven. De bodem bestaat in het algemeen uit een bosbodem met een strooisellaag en een gefragmenteerde strooisellaag, met daaronder een afnemende humeuze grove zandlaag. Er is in het algemeen een relatief diepe intensieve beworteling aanwezig waarin de meeste beworteling in de eerste 50 cm-mv zit.
BEA 200532 - GEMEENTE NIJMEGEN, INMETEN BOMEN EN BEA GRAAFSEWEG
10 / 32
BOOMTOTAALZORG
5 Analyse 5.1 Impact ruimtegebruik Vanaf de Daniëlsweg zal een fietspad worden aangelegd door perceel 3978 naar de Cavaljéweg. Het fietspad zal circa 3 meter breed worden. Er wordt 30cm bosbodem afgegraven en vervangen door straatzand. De tegelverharding zal tot circa 6cm boven het maaiveld worden aangelegd. Het tracé van het fietspad is nog niet bekend en zal worden bepaald aan de hand van de minste verstoring op de bomen en de bodem. Ongeacht het tracé van het fietspad zal in de kwetsbare zone van verschillende bomen worden gewerkt. Hierdoor is een impact te verwachten. In de eerste plaats zullen alle bomen binnen de contouren van het fietspad, moeten worden gerooid. Ook de bomen waarbij graafwerkzaamheden binnen de minimale graafafstand worden uitgevoerd, moeten worden gerooid doordat nadien een risico op instabiliteit kan ontstaan. Daarnaast is nog een impact te verwachten voor alle bomen waar binnen de kwetsbare zone wordt gewerkt. Enerzijds wordt gewerkt met zware machines. Dit kan voor verdichting van de bodem zorgen waardoor de water- en zuurstofhuishouding wordt verstoord en de indringingsweerstand wordt verhoogd. De groei van de wortels van de naastgelegen bomen zal hierdoor worden geremd en/of onmogelijk worden. Anderzijds zal door graafwerkzaamheden een deel (30 cm) van het wortelpakket mee worden afgegraven.
Afhankelijk van de afstand tot de bomen zal dit tot (tijdelijke) conditie afname en/of het vervroegd afsterven van de bomen zorgen. Voor alle bomen waar niet wordt gewerkt binnen de kwetsbare zone wordt geen impact verwacht n.a.v. de realisatie van het fietspad. Echter wordt n.a.v. het gebruik van het fietspad mogelijk ook een impact verwacht. Bij gladheidsbestrijding in de winter wordt bijvoorbeeld mogelijk zout gestrooid op het fietspad. Dit zout kan zowel via de lucht (verwaaien) op de boom terecht komen als via het met zout beladen smeltwater (uitspoeling) bij de groeiplaatsen van omliggende bomen. Zout dat door verwaaiing op de stam en takken terecht komt, dringt de bast, knoppen en wintergroene bladeren binnen en onttrekt water aan de levende cellen. Daardoor ontstaat verdroging en afsterving van de cellen waardoor de bast los laat, de knoppen niet meer uitlopen en de twijgen en/of hele takken afsterven. Het zoute smeltwater kan daarnaast de volgende impact veroorzaken:
Stijging osmotische waarde bodemwater waardoor de boom het moeilijker kan opnemen (effect van korte duur door aanpassing van boom aan deze fysiologische droogte).
Verdringing voedingselementen (calcium-, kalium- en magnesiumionen) waardoor tekorten kunnen ontstaan.
Remming nitraat- en fosfaatopname (vaak niet merkbaar in de praktijk).
Stijging pH.
Beïnvloeding bodemflora en-fauna.
Groeiafname.
Bladverwelking, -verkleuring, -afsterving.
Een andere impact die valt te verwachten na de realisatie van een fietspad door het bos, is het noodzakelijke beheer. Door de zorgplicht is de gemeente verplicht t.a.v. de veiligheid om het nodige beheer toe te passen op de bomen rondom het fietspad. Dat wil zeggen dat zieke en/of instabiele bomen, die in een bos nog lang kunnen blijven staan en ook een positieve functie vervullen, binnen valafstand van het fietspad een risico kunnen vormen voor fietsers en zullen worden verwijderd. Ook dood hout, afscheurende takken en andere probleemtakken moeten worden verwijderd en kronen moeten worden gesnoeid binnen deze valafstand. In afbeelding 2 is als illustratie een valafstand van 3,5 meter aan weerszijden van het fietspad