CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

B2 d.d. 9 februari 2024 van de Gedeputeerde Staten van Gelderland over Zienswijze Nationaal Programma Ruimte voor Defensie

Besluitronde (raadsvergadering) 27 maart 2024, gemeente NijmegenBij agendapunt: Brieven ter kennisgeving aan te nemen3.681 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

9 februari 2024 Zaaknummer

2023-015819 Onderwerp

Zienswijze Nationaal Programma Ruimte voor Defensie

Staatssecretaris van Defensie De heer C.A. van der Maat Postbus 20701 2500 ES DEN HAAG

Inlichtingen bij

Provincieloket 026 359 99 99 post@gelderland.nl Blad

1 van 9

Geachte heer Van der Maat, Op 15 december 2023 heeft u de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) Nationaal Programma Ruimte voor Defensie vastgesteld. In deze notitie beschrijft u de behoeften van Defensie om te transformeren naar een toekomstgerichte krijgsmacht. Ook beschrijft u op welke manier u de gevolgen voor de leefomgeving gaat onderzoeken. Wij maken graag gebruik van de gelegenheid om een zienswijze in te dienen. 1. Impact op Gelderland U beschrijft 13 behoeften met betrekking tot ruimte, waarbij een bovenregionale afweging nodig is om geschikte locaties te selecteren. Meer dan de helft van deze behoeften heeft invloed op de provincie Gelderland, omdat één of meerdere alternatieve locaties binnen onze provincie worden overwogen. Voorbeelden hiervan zijn het zoeken naar een nieuw terrein voor het oefenen en trainen met explosieven, laagvlieggebieden voor helikopters, en het aanwijzen van een extra locatie voor grootschalige munitieopslag. Daarnaast beschrijft u 44 behoeften met een ruimtevraag waarvoor slechts één specifieke locatie geschikt is. Van deze behoeften worden er 9 in Gelderland voorzien. Voorbeelden hiervan zijn de uitbreiding van raccordement 't Harde, de vergroting van de milieu- en gebruiksruimte voor het Infanterie Schietkamp in Harskamp en het uitbreiden van helikopteractiviteiten op Deelen om vliegbasis Gilze Rijen te ontlasten.

Ondanks verschillen in aard en omvang, zal de impact van deze plannen op Gelderland en haar gemeenten groot zijn. Dit brengt zowel uitdagingen als kansen met zich mee. Terecht schrijft u dat de ruimte schaars is en er meerdere maatschappelijke belangen zijn die om ruimte vragen, bijvoorbeeld in het kader van de woningbouwopgave, de energietransitie en natuurherstel.

Datum

9 februari 2024 Zaaknummer

2023-015819 Blad

2 van 9

2. Participatie De impact van uw plannen is aanzienlijk, zowel voor de provincie Gelderland als voor diverse Gelderse gemeenten. We waarderen het feit dat u dit erkent en dat u ons betrekt bij de ontwikkeling van uw plannen, zoals blijkt uit uw Participatieplan en het gesprek dat ons college met u heeft gevoerd. We blijven graag in gesprek over uw plannen en de mogelijke gevolgen daarvan voor Gelderland. Het voortzetten van deze gesprekken is van belang om uiteindelijk weloverwogen beslissingen te kunnen nemen. Ook omdat we de gevolgen en impact van uw plannen op dit moment nog niet volledig kunnen overzien. Hierin trekken we gezamenlijk op met de Gelderse gemeenten. Om die reden hebben we op 12 januari 2024 vertegenwoordigers van uw ministerie en bestuurders van gemeenten uitgenodigd op het Huis der Provincie in Arnhem. Tijdens deze Defensiedag heeft uw ministerie een toelichting gegeven op de plannen, waarbij bestuurders van veel gemeenten aanwezig waren. Samen met alle Gelderse gemeenten willen we het volgende benadrukken: “de provincie Gelderland en haar gemeenten koesteren de van oudsher nauwe banden met Defensie, die diepgeworteld zijn in onze geschiedenis. Met trots kijken wij terug op de historische relatie die wij met Defensie heeft opgebouwd. Uw aanwezigheid zorgt voor onze veiligheid en is een stimulans voor de lokale leefbaarheid. Dit waarderen wij.

In deze samenwerking schuilt een wederzijds respect voor elkaars rol en verantwoordelijkheden, waarbij het evident is dat we elkaar nodig hebben. Op 12 januari 2024 hebben wij u uitgenodigd om uw plannen toe te lichten op het provinciehuis in Arnhem. Op deze dag waren de bestuurders van de provincie en verschillende gemeenten aanwezig.1 Wij waarderen het zeer dat u uw plannen hier hebt toegelicht. Wij hebben begrip voor de plannen die u hebt gepresenteerd. De effecten voor de provincie en Gelderse gemeenten kunnen groot zijn. Participatie Het is van cruciaal belang dat de impact op lokale gemeenschappen zorgvuldig wordt overwogen voor maatschappelijk draagvlak. Juist de Gelderse gemeenten en provincie kennen het gebied en weten waar de kansen en risico’s liggen van uw plannen. Daarnaast is het van belang om rekening te houden met opgaven die wij zelf hebben. Ook beschikken wij over veel deskundigheid op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling. Wij kunnen de effecten op deze korte termijn nog niet volledig overzien. Het is waardevol en noodzakelijk dat Defensie gebruik maakt van onze lokale kennis en expertise om de plannen verder te ontwikkelen. Na uw toelichting hebben wij met instemming van de deelnemers een bestuurlijke kopgroep gevormd om blijvend met u in gesprek te gaan.

Deze groep bestaat uit bestuurders van de gemeenten Ede, Apeldoorn, Ermelo, Barneveld, Arnhem, Zevenaar en Oldebroek en de provincie Gelderland. Wij maken binnenkort graag concrete afspraken met u over de wijze waarop wij kunnen meedoen met de ontwikkeling van uw plannen. De termijn om een zienswijze in te dienen is te kort om uw plannen met de gemeenteraden en Provinciale Staten te bespreken. Daarom kunt u van ons mogelijk een aanvulling op onze zienswijze verwachten nadat wij uw plannen met de volksvertegenwoordigers hebben besproken. Wij denken hiervoor drie maanden nodig te hebben.

1 Wageningen, Wijchen, Doetinchem, Westervoort, Putten, Ermelo, Oldebroek, Berg en Dal, Maasdriel, Nijkerk, Harderwijk, Apeldoorn, Elburg, Barneveld, Scherpenzeel, Epe, Ede, Arnhem, Overbetuwe en Zevenaar.

Datum

9 februari 2024 Zaaknummer

2023-015819 Blad

3 van 9

Uitgangspunten Wij vinden het belangrijk dat u de volgende uitgangspunten meeneemt:  Onderzoek eerst de mogelijkheden om bestaande locaties maximaal te benutten. Inbreiding heeft onze voorkeur boven uitbreiding, en uitbreiding van een bestaande locatie heeft onze voorkeur boven een geheel nieuwe locatie.  Laat het lokale karakter en de leefbaarheid van de omgeving een belangrijke rol innemen in uw keuzes. Want alleen met lokaal draagvlak kunt u uw plannen uitvoeren.  Zoeken naar slimme combinaties en onderzoek of schaarse grond voor meerdere functies kan worden gebruikt. In dat kader verzoeken wij ook te onderzoeken of het mogelijk is Lelystad Airport voor militaire doeleinden te gebruiken als alternatief in plaats van of naast de in uw plan gepresenteerde uitbreidingen bij de (Gelderse) vliegbases.  Met name de laagvlieggebieden hebben grote impact op onze inwoners. Uw plannen maken nog niet duidelijk of de laagvlieggebieden jaarrond gebruikt gaan worden of periodiek. Wij verzoeken u dit duidelijk te maken, waarbij periodiek onze voorkeur heeft.” In deze gesprekken zullen wij, als provincie Gelderland, aangeven welke plannen en ambities wij hebben op het gebied van woningbouw, werklocaties, landbouw, leefbaarheid, recreatie, economische ontwikkeling, energietransitie en natuurbescherming.

Het gaat daarbij niet alleen om de plannen die wij op korte termijn voorzien, maar ook om plannen op lange termijn. Dit staat en wordt beschreven in het Ruimtelijk voorstel Gelderland, het programma Vitaal Landelijk Gebied Gelderland, onze zeven regio arrangementen en de regionale energiestrategieën. Wij zijn met name bezorgd over een mogelijke hindercontour of uitbreiding daarvan als gevolg van uw voorgenomen activiteiten. Wij vrezen dat in een zone rondom voorgenomen activiteiten, onze ambities (zoals woningbouw) niet of moeilijker gerealiseerd kunnen worden. Wilt u hier rekening mee houden in de uitwerking van uw plannen door per voornemen aan te geven of een dergelijke contour aan de orde is, welke juridische werking ervan uitgaat, welke activiteiten erbinnen nog mogelijk zijn en te zoeken naar mogelijkheden om bepaalde activiteiten in zo’n contour toe te staan? De ruimte is schaars en het inpassen van uw plannen is een grote uitdaging. In het Provinciaal startpakket fysieke leefomgeving dat wij eind 2022 ontvingen, hanteert de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening een aantal uitgangspunten en principes. Wij verzoeken u ook deze uitgangspunten toe te passen in uw verdere planvorming. Ten slotte merken wij op dat uw planvorming samenvalt met een groot aantal andere ruimtelijke trajecten, waaronder het Ruimtelijk Voorstel.

Het is voor ons ingewikkeld om al deze trajecten in samenhang vorm te geven.

3. Gevolgen voor de leefomgeving In de NRD beschrijft u op welke manier u de gevolgen voor de fysieke leefomgeving van uw verschillende behoeften onderzoekt. In het milieueffectrapport wordt op die manier duidelijk wat de gevolgen zijn, zodat u een transparante en goed overwogen keuze kunt maken. Wij waarderen deze opzet. Wij vinden het van groot belang dat de impact van deze maatregelen goed in beeld wordt gebracht.

Datum

9 februari 2024 Zaaknummer

2023-015819 Blad

4 van 9

Hierbij vragen we nadrukkelijk aandacht voor de gevolgen van de voorkeurslocatie voor een nieuwe kazerne in Zeewolde. Dit zorgt voor mobiliteitstoename op weg en spoor en gevolgen voor wonen en economie over de gemeente- en provinciegrenzen heen. Het is nodig de gevolgen voor Gelderland integraal te beoordelen en na te gaan of dit te koppelen is aan de gebiedsdoelen voor de Gelderse Regio’s Foodvalley, Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde (Flevoland) en de Kop van de Veluwe. Ook vragen we nadrukkelijk uw aandacht voor de gevolgen van de (laag)vlieggebieden van helikopters, vliegtuigen en drones. Wij voorzien hier grote gevolgen voor onze inwoners. Zoals in de gezamenlijk afgestemde tekst al aangegeven, is het ons nog niet duidelijk wat de frequentie is van het gebruik van deze gebieden. In de bijlage bij deze zienswijze hebben we nog meer opmerkingen gemaakt over de door u te onderzoeken effecten op de leefomgeving. Wij verzoeken u dit mee te nemen in het maken van het milieueffectrapport. Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Gelderland

Henri Lenferink Commissaris van de Koning

Frederik van Ardenne Secretaris

Dit document is zowel aangetekend als via de reguliere post verzonden. Eventuele bijlagen worden alleen meegezonden met de aangetekende verzending

Datum

9 februari 2024 Zaaknummer

2023-015819 Blad

5 van 9

Bijlage: effecten op de leefomgeving per thema Algemeen  Ons valt op dat de autonome ontwikkelingen ten behoeve van de referentiesituatie nog niet is uitgewerkt in de NRD. Wij gaan ervan uit dat dit in het milieueffectrapport zal worden uitgewerkt.  Wij vragen ons af of de alternatieven worden beoordeeld met of zonder mitigerende maatregelen.  Wilt u in het milieueffectrapport duidelijk maken hoe en met welke procedure de alternatieven worden doorontwikkeld tot een voorkeursalternatief?  Het is ons niet duidelijk welke milieuaspecten u onderzoekt bij de behoeften per locatie, zoals weergegeven en toegelicht in bijlage 2 van de NRD. Thema luchtvaart Wij zien dat u plaatselijke effecten van uw activiteiten in kaart brengt. We gaan er van uit dat u ook de effecten van het daarmee samenhangende luchtruimgebruik in kaart brengt. In veel gebieden kan sprake zijn van bestaande of geplande activiteiten zoals nieuwe vliegroutes (programma Luchtruimherziening) of verkeersgeluid. We gaan er van uit dat u in deze gevallen ook de gecumuleerde effecten in kaart brengt. We zien dat veel van uw activiteiten kunnen leiden tot meer drukte en/of beperkingen in het lagere luchtruim. We gaan er van uit dat u ook effecten daarvan in kaart brengt en afstemt met exploitanten en gebruikers van luchtvaartterreinen in Gelderland.

Met betrekking tot de bovenregionale behoeften hebben wij de volgende opmerkingen:  Toename gebruik jachtvliegtuigcapacitieit U bent van plan om meer ruimte te maken op vliegbases in Zuid-Nederland. Uw oefengebied voor jachtvliegtuigen ligt boven het noorden van Nederland. We zien graag dat u ook de effecten van deze toename op het transit verkeer tussen de luchtmachtbases en oefengebieden in beeld brengt. 

Stationering en corridors drones voor cargo U geeft aan dat u (nog) geen fysieke aanpassingen voorziet op de oefengebieden die u wilt bereiken met onbemande luchtvaartuigen. Wij schatten in dat de kans groot is dat dit wel nodig is. Al zijn uw aanpassingen klein, de meeste oefengebieden liggen in of nabij beschermde natuurgebieden, waardoor de effecten alsnog groot kunnen zijn. We bevelen u aan om ook de effecten deze aanpassingen mee te nemen in uw milieueffectrapport. U opereert met drones op hoogtes in het luchtruim die ook gebruikt worden door de general aviation. In uw zoekgebied ligt het Nationaal Zweefvliegcentrum Terlet, de luchthaven Teuge en enkele civiele helikopterhavens. We gaan er van uit dat u met de exploitanten van deze luchtvaartterreinen in gesprek bent of gaat en met hen onderzoekt of en hoe uw plannen effect hebben op hun vliegoperaties. U geeft aan dat u ook ontwikkelkansen ziet voor het delen van kennis en innovatie. Wij vinden dit een positieve insteek. Wij vragen ons daarbij ook af of u mogelijkheden ziet om ook fysieke locaties te delen met andere (maatschappelijke) partijen zoals de hulpdiensten of bedrijven, bij voorbeeld zoals eerder gebeurde op vliegbasis Deelen (Staatscourant 2022, 21252).

Datum

9 februari 2024 Zaaknummer

2023-015819 Blad

6 van 9

Laagvlieggebieden voor helikopters U spreekt van een strenger planologisch regime voor ruimtelijke ontwikkelingen in huidige laagvlieggebieden. Wij zijn benieuwd naar de definitie hiervan. Een aantal van uw zoekgebieden of gebieden waar u activiteiten mogelijk intensiveert voor laagvliegen heeft overlap met zoekgebieden die samenhangen met het programma Luchtruimherziening. Hoewel u wellicht vanuit luchtvaart technische redenen (hoogte separatie) geen samenloop ziet, maken onze inwoners zich zorgen over de gecombineerde effecten op hun woonomgeving als gevolg van het inrichten van zowel een vierde naderingspunt voor de Schiphol regio (VKB Luchtruimherziening) als de geluidsbelasting van laagvliegen (NPRD). We zien graag dat u dergelijke gecumuleerde effecten in kaart brengt.

Helikopterlandingsplaatsen Wij gaan er van uit dat u niet alleen de lokale effecten van een helikopterlandingsplaats in kaart brengt, maar ook de effecten van het vliegverkeer van en naar de helikopterlandingsplaatsen. Wij zijn benieuwd of u ook mogelijkheden ziet voor mede gebruik van een nieuwe (of bestaande) helikopterlandingsplaats, bij voorbeeld door hulpdiensten of bedrijven.

Korte smalle onverharde landingsbaan tactisch luchttransport Wij kunnen ons nu nog moeilijk een voorstelling maken van de effecten van het gebruik van een dergelijke landingsbaan op vliegbasis Deelen. We gaan er dan echter wel vanuit dat u niet alleen de effecten van de inrichting van de baan en bijbehorende voorzieningen in kaart brengt, maar ook de effecten als gevolg van het gebruik van een dergelijke baan, inclusief de effecten van de luchtvaartuigbewegingen (opstijgen/landen) op een voor deze specifieke operatie representatieve wijze.

Wij kunnen ons nu nog geen goede voorstelling maken van de milieueffecten van het gebruik van onbemande luchtvaartuigen (XI), het gebruik van een korte onverharde landingsbaan (XIII, dirt strip) of andere veranderingen. Mogelijk beschikt u al over informatie op basis van pilot-projecten of gelijksoortige activiteiten op andere luchtvaartterreinen. We laten ons op deze ontwikkelingen graag nader door u informeren en zullen dan ook onze standpunten aan u kenbaar kunnen maken.

Met betrekking tot de locatie specifieke behoeften wilt u het beperkingengebied rond vliegbasis Deelen (outer horizontal surface) vergroten om meer ruimte te creëren voor uw plannen. Dit betekent dat er meer beperkingen komen voor de bouw van hoge objecten. We zien graag dat u de effecten daarvan op bestaande bebouwing en geplande ontwikkelingen in kaart brengt. Thema natuur Wij gaan ervan uit dat u bij de onderzoeken alle voor de Omgevingswet (en onderliggende besluiten) relevante aspecten beoordeelt en zich in de uitvoering hierin houdt. Wij verzoeken in het beoordelingskader (tabel 5-1) en de specifieke beoordelingskaders van de verschillende behoefte met bovenregionale afweging bij het thema ‘Natuur’ ook de aspecten houtopstanden, Rode lijstsoorten en provinciale beschermingsregimes uit de Omgevingsverordening Gelderland (Groene ontwikkelingszone, weidevogelgebieden, ganzenrustgebieden en oude bosgroeiplaatsen) te betrekken.

Datum

9 februari 2024 Zaaknummer

2023-015819 Blad

7 van 9

Daarnaast wijzen wij op de relevantie van de Natura 2000-beheerplannen, de systeemanalyses en natuurdoelanalyses van Natura 2000-gebieden. In het kader van het milieueffectrapport dienen ook de stikstofgevolgen voor natuur buiten Natura 2000-gebieden in beeld te worden gebracht. Thema mobiliteit U geeft aan dat niet bij elke ruimtebehoefte elk thema uit de tabel 5-1 relevant is. In de bijlage is daarom per ruimtebehoefte aangegeven welke thema’s wel en niet behandeld worden. Mobiliteit wordt wel benoemd in tabel 5-1, maar niet in de tabellen bij de bovenregionale afwegingen in de bijlage bij: • Extra locatie grootschalige munitieopslag. • Nieuw terrein voor oefenen en trainen met explosieven (springterrein). • Stationering en corridors drones voor cargo. • Helikopterlandingsplaatsen. • Korte/smalle onverharde landingsbaan tactisch luchttransport. Wij verwachten wel extra verkeersbewegingen op de (provinciale) wegen door bovenstaande aspecten. Dit kan gaan over goederen of het verplaatsen van personen over de weg. Wij verzoeken u daarom bij de bovengenoemde behoeften mobiliteit ook mee te nemen in het milieueffectrapport, dan wel in het milieueffectrapport te onderbouwen waarom dit niet aan de orde is. Voor de Locatie-specifieke behoeften is mobiliteit ook een relevant onderwerp. Het is ons niet duidelijk of mobiliteit hierin wordt meegenomen.

Wij verzoeken dit wel mee te nemen. Thema externe veiligheid In tabel 5-1 benoemt u bij het thema externe veiligheid dat u de impact van plaatsgebonden risico, groepsrisico en vice versa bijvoorbeeld door opslag of transport van gevaarlijke stoffen gaat onderzoeken. Wij merken op dat opslag en transport ook tegelijk van toepassing kunnen zijn bij een locatie. In tabel 5-2 bij het selectiecriterium Vitale infrastructuur missen wij de buisleidingen. Zowel de leidingen van Defensie zelf (figuur 3.1: pijpleidingennetwerk DPO vliegtuigbrandstoffen) als de aardgaspijpleidingenleidingen en buisleidingen voor andere (gevaarlijke) stoffen. Ook bij buisleidingen moet een risicocontour in acht worden genomen. Wij verzoeken hier rekening mee te houden bij het zoeken naar locaties en alternatieven. Dit mist dus bij alle ‘onderbouwing van de totstandkoming alternatieven’ in de lijst met behoeften. In de overzichten van zowel de bovenregionale als de locatie-specifieke behoeften wordt bij Externe Veiligheid wel de impact van plaatsgebonden risico (PR) en groepsrisico (GR) van de ontwikkeling genoemd, maar niet transport naar of van de locatie van gevaarlijke stoffen. Op welke manier wordt dit meegenomen? Dit mist dus bij alle ‘beoordelingskader voor het planMER’ in de lijst met behoeften.

Voor de Behoeften met een bovenregionale afweging verzoeken wij, aanvullend aan bovenstaande, bij behoefte Helikopterlandingsplaatsen externe veiligheid toe te voegen, net als de impact van plaatsgebonden risico en groepsrisico bij landen en opstijgen.

Datum

9 februari 2024 Zaaknummer

2023-015819 Blad

8 van 9

Voor de locatie specifieke behoeften verzoeken wij bij behoefte 17 Uitbreiding raccordement ’t Harde te verduidelijken of het gaat om vervoer van materieel of ook van gevaarlijke stoffen zoals explosieven en brandstoffen. Bij behoefte 27 Extra ruimte helikopter activiteiten op MTL Deelen verzoeken wij om externe veiligheid mee te nemen, net als de impact van plaatsgevonden risico en groepsrisico op landen en opstijgen. Thema grondwater Wij verzoeken u rekening te houden met drinkwaterreserveringsgebieden. Dit geldt bijvoorbeeld voor de behoefte ‘Extra locatie grootschalige munitieopslag’ (twee van de alternatieve locaties bevinden zich in een drinkwaterreserveringsgebied) en de behoefte ‘Nieuw terrein voor oefenen en trainen met explosieven (springterrein)’. Binnen die gebieden gelden beperkingen voor activiteiten die een risico kunnen vormen voor het grondwater ten behoeve van het drinkwater. Thema Archeologie Wij verzoeken archeologie mee te nemen, dan wel te onderbouwen waarom dit geen relevant thema is, bij de volgende behoeften met een bovenregionale afweging: Stationering en corridors onbemande drones voor cargo. Helikopterlandingsplaatsen. Korte/smalle onverharde landingsbaan met tactisch luchttransport. Ditzelfde geldt voor de volgende locatie specifieke behoeften: Uitbreiding raccordement ’t Harde.

Uitbreiden Artillerie Schietkamp (ASK) (brede strook, Wezeperberg en Z-zijde). Artillerie Schietklamp (ASK) uitbreiden met 120 mm mortierschieten. Huisvestingen incl. faciliteiten Militaire Politie Koninklijke Marechaussee, Apeldoorn. Uitbreiden life firing mogelijkheden door helikopters op schietkamp (ISK) voor niveau 3 en 4-oefeningen CLAS, Ede. Oefenterreinen met graafmogelijkheden, (graven niet overal vergund). Thema energietransitie - In het beoordelingskader van tabel 5-1 wordt gekeken naar “Kansen voor duurzame energieopwekking bij de ontwikkeling”. Wij verzoeken u ook de bedreigingen voor duurzame opwekambities te onderzoeken. Wij verzoeken u bij de invulling van het criterium Duurzame energieopwekking in Tabel 5-2 aan te sluiten bij de RES. U kunt uw voordeel doen met de lopende of afgeronde milieueffectrapportages voor de landelijke milieunormen windturbines van het Rijk, het Gelders milieuonderzoek wind, zon en warmte, Groene Metropoolregio Arnhem Nijmegen en het Gelders milieuonderzoek windenergie Veluwe. Dit geeft een objectief beeld van gebieden die op basis van verschillende parameters meer of minder geschikt zijn voor windenergie. Thema bodem Met betrekking tot tabel 5-1 hebben wij de volgende opmerkingen: 1. Kunt u definiëren wat u bedoelt met de beschouwde aspect ‘impact op de bodemsoort’ en ‘impact op bodemdaling’? 2.

Het bodeminformatiesysteem van de Gelderse overheden biedt informatie over verontreinigde bodemlocaties. U kunt hier gebruik van maken bij het opstellen van het milieueffectrapport. 3. Wilt u in het milieueffectrapport duidelijk maken in hoeverre u van plan bent de diepere ondergrond te gebruiken, voor bijvoorbeeld opslag?

Datum

9 februari 2024 Zaaknummer

2023-015819 Blad

9 van 9

Thema klimaat(adaptatie) Wij verzoeken u naast de genoemde beschouwde aspecten ook andere aspecten van klimaatadaptatie te onderzoeken, zoals ruimte maken voor water of bijvoorbeeld grondwaterstandsverhoging waardoor terreinen een langere tijd van het jaar minder draagkrachtig zijn. U geeft aan dat u effecten van klimaat(verandering) op uw plannen in kaart brengt. Wij verzoeken dat u ook de effecten met betrekking tot klimaat van uw plannen in kaart brengt, bijvoorbeeld CO2 en andere broeikasgassen uitstoot. Thema landschap Wij missen landschap als onderdeel van de leefomgevingsfoto in paragraaf 5.2.2 van het NRD. Bij het inventariseren van landschappelijke waarden van een alternatief binnen de provincie Gelderland kan gebruik gemaakt worden van de Streekgidsen. Hierin worden per deelgebied kernkwaliteiten benoemd én handvatten hoe met deze kwaliteiten om te gaan en te versterken. Zie hiervoor: https://www.gelderland.nl/themas/wonen-en-leven/samen-leven-ingelderland/gelderse-streekgidsen In tabel 5-1 wordt landschap (impact op landschappelijke waarden) terecht als te beschouwen aspect benoemd. Wij adviseren in het milieueffectrapport dit als volgt in te vullen c.q. hierbij duidelijk te maken: Op welk(e) schaalniveau(s) wordt onderzocht? Hoe het uitgangspunt (huidige situatie) en de alternatieven worden beoordeeld en op welke aspecten/onderdelen dit een uitwerking krijgt.

Op welke wijze de landschappelijke waarden van de alternatieven in beeld worden gebracht (expert judgement, bureaustudie, etc.) Welke beoordelingsschaal wordt gehanteerd. Wanneer scoort een locatie of maatregel negatieve impact of positieve impact op landschap, is dit kwantitatief of kwalitatief? Onze voorkeur heeft om beide in beeld te brengen. Wij adviseren om in tabel 5-1 (en de tabellen bij de diverse behoeften, voor zover relevant) het thema ‘Ruimtelijke kwaliteit’ (belevingswaarde, toekomstwaarde, gebruikswaarde) toe te voegen aan het hoofdthema ‘Natuur, landschap en cultureel erfgoed’ voor de nieuwe ontwikkeling om naast impact op het landschap breder naar ruimtelijke kwaliteit te kijken. Hierdoor kunnen de alternatieven niet op hoger abstractieniveau mogelijk breder beoordeeld op kwaliteit. Met betrekking tot behoefte 13 (korte smalle onverharde landingsplaats) verzoeken wij landschap als beoordelingsaspect toe te voegen vanwege fysieke ruimtelijke ingrepen die bij deze landingsplaats nodig zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=4183fc5c-eb27-4f93-b3c4-6314bda08db2