CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

8. Bijlagen bij de regels Nijmegen Dijkversterking Wolferen-Sprok

Besluitronde (raadsvergadering) 28 april 2021, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling paraplubestemmingsplan Nijmegen Dijkversterking Wolferen - Sprok (27/2021) (STEMSTUK)8.239 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nijmegen Dijkversterking Wolferen-Sprok

bestemmingsplan Nijmegen Dijkversterking Wolferen-Sprok

Inhoudsopgave

Bijlagen bij de regels

3

Bijlage 1

Profiel van vrije ruimte (PVVR)

4

Bijlage 2

Compensatie GNN en GO

9

2

Inhoudsopgave (vastgesteld)

bestemmingsplan Nijmegen Dijkversterking Wolferen-Sprok

Bijlagen bij de regels

Bijlagen bij de regels (vastgesteld)

3

bestemmingsplan Nijmegen Dijkversterking Wolferen-Sprok

Bijlage 1 Profiel van vrije ruimte (PVVR)

4

Bijlagen bij de regels (vastgesteld)

1 2 3 4 5 6 7 8

11.36

11.04

10.37

21.51

27.77

31.04

18.47 18.46

11.65

14.35

15.94

2.89

8.98

15.94

1.20

15.94

15.94

-1.06 0.00

15.94

15.94

13.27

-2.31

-3.56

-11.57

21.83 21.90

15.98

11.52

5.48

0.00

-5.60

11.02 11.00

13.02

14.51

16.52

16.52

16.52

0

DWP-1

10.72

13.79 14.46

15.41

15.70 15.74 15.71

15.65

14.28 13.84

12.44

11.43

11.19 11.12 11.20 10.95 10.63

9.96 9.85

9.92

9.69 9.70

9.71

9.78 9.79

9.75

9.66

-16.11

-8.58 -6.94

-4.04

-1.65 0.00 1.57

3.70

6.89 8.04

11.44

13.68

15.80 17.05 18.67 20.29 21.54

25.45 26.87

31.86

37.34 38.79

41.02

9

51.54 52.70

55.35

60.00

50.37

35.61

26.22

18.97

14.22

7.90

3.72

2.47

0.00

-1.14

-2.27

-3.52

-12.09

11.17

10.20

38.93

12.17

12.59

13.02

14.76

16.52

16.52

16.52

36.02

33.02

24.53

16.02

10.79

5.52

0.00

-5.56

13.16

9 10

10

11

11

12

12

13

13

14

14

15

DD169.

15 DWP-1 0

9.73

11.20

12.14

12.51

12.74

14.55

15.74

15.74

15.74

15.74

15.74

15.74

12.89

-15.64

8 16

16

17

17

18

18

19

DWP

19

20

Q

Legenda:

R

20

21

H DWP

formaat

A0

21

22

schaal

1:1000, 1:200

fase

Planuitwerking

22

23

A A

B B

C C

D D

Dwarsprofiel DWP-10 Schaal 1:200

G

-11

J

Dwarsprofiel DWP-11 Schaal 1:200

M M

N N

Plan View 1:1000

P P

4.0 Legenda aangepast Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 22-9-2020

3.0 Opmaak aangepast Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 21-9-2020

2.0 Aanpassing PVVR binnen teenlijn Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 16-9-2020

1.0 Eerste uitgave Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 15-9-2020

versie omschrijving getekend gecontroleerd akkoord datum

omschrijving

Berekend PVVR DD166 - DD169 HaskoningDHV Nederland B.V. Water

documentstatus

Definitief

bladnr. van

1 1

23

documentversie

4.0

projectnummer / tekeningnummer

WOSRF-1672037726-407152

24

Q

opdrachtgever

Ontwerpteam de BetuwseWaard

project

PvvR (obv stabiliteit) DIJK ONTWERP BESTAAND

Dijkversterking Wolferen-Sprok

R

Filename : D:\Box\BF9812 DV WOS\BF9812 DV WOS Exchange\BIM en GIS\01 WIP\02 C3D\04 Corridors\02 Cases\04-05 Fort Beneden Lent en de Oversteek\04 PVVR\02 Export\WOS_WP2232_BEREKEND_PVVR_DD166-169_V1.0.dwg

11.57

18.74

10.26

11.87

13.28

60.00

14.75

6.49

10.40

15.88

3.90

54.12

15.94

1.10

10.29

15.92

0.00

52.83

15.85

-2.55

10.27

15.44

-4.44

48.18

13.88

-8.94

10.24

13.47

-10.03

45.48

13.04

-11.23

13.20

10.16

-25.42

7

10.29

12.00

-14.11

-15.55

Afstand dijk ontwerp -20.26

Hoogte dijk ontwerp

6

43.41

11.20

-16.31

Hoogte dijk ontwerp 10.93

9.98

-21.53

9.90

Afstand PVVR

5

10.31

10.88

-17.52

Afstand dijk ontwerp -18.59

10.01

-26.47

Hoogte PVVR

4

10.32

10.62

-23.41

Hoogte PVVR 9.90

10.02

Afstand bestaande situatie -27.69

3

34.91

10.58

Afstand bestaande situatie -22.35

Afstand PVVR -25.46

Hoogte bestaande situatie 10.03

F -30.00

2

33.88

10.38

L Hoogte bestaande situatie

-28.53

K

10.35

E

-30.00

1 24

DD170.

E

F

DD168. G

DD167.

H

-11

J

DD166.

K

L

DD165.

1 2 3 4 14.53 14.59

14.79 15.28 15.85

16.00

15.84 15.65

14.70 14.03 13.41

-11.47 -10.06

-7.50 -5.86 -4.06

0.00

3.37 4.79

7.43 9.05 10.39

5 6 7 8 10.38 10.34

10.42

10.43 10.49 9.97

33.28 34.32

37.73

39.97 41.08 42.20

9 10 9.14

9.27

11

11.42 11.11

10.94 10.89

10.32

10.13 10.06

9.80

9.51

9.29 8.95 9.73 9.60

17.78 19.61

22.28 23.86

31.11

34.49 35.61

39.33

44.35

46.54 47.65 49.38 50.00

09

11.74

15.71

20.63

13.25

11.04

13.15

12.69 12.21

17.74 19.57

10.45

12.99

16.60

26.30

14.85

11.01

Dwarsprofiel DWP-08 Schaal 1:200 -0

DW P

9

15.52

13.66 13.09

11.91 11.52

11.05

10.78

10.55

10.17 10.15

10.11

10.06

9.94

9.91 9.88 9.88

3.70

8.18 9.55

12.70 14.48

18.95

21.50

25.74

33.67 35.01

37.00

39.70

46.32

48.57 49.61 50.00

15.76 15.85 15.85 15.85 15.85 15.85 15.85

14.11

12.35

12.08

11.80

10.93

9.97

-2.40 -1.18 0.00 1.38 2.47 3.60 4.85

10.93

17.10

22.56

28.10

36.84

46.39

10.69

12.35

34.24

39.22

12.47

31.78

13.00

21.24

15.98

12.30

13.55

16.50

10.74

19.58

16.50

16.50

15.85

8.59

0.00

-2.07

11

P-

12.45

12.95

DW

13.42

10.21

16.49

6.10

15.60

0.00

15.47

-3.27

10 12

12

13

13

14

14

15

Dwarsprofiel DWP-07 Schaal 1:200

15

16

16

17

J

17

18

18

19

19

20

Legenda:

R

20

21

formaat

A0

21

22

schaal

1:1000, 1:200

fase

Planuitwerking

22

23

A A

B B

C C

D D

DD173.

G

H

DD171.

L

M M

N N

Plan View 1:1000

P P

Dwarsprofiel DWP-09 Schaal 1:200

3.0 Legenda aangepast Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 22-9-2020

2.0 Opmaak aangepast Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 21-9-2020

1.0 Eerste uitgave Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 15-9-2020

versie omschrijving getekend gecontroleerd akkoord datum

omschrijving

Berekend PVVR DD169 - DD174 HaskoningDHV Nederland B.V. Water

documentstatus

Definitief

bladnr. van

1 1

23

documentversie

3.0

projectnummer / tekeningnummer

WOSRF-1672037726-407153

24

Q

opdrachtgever

Ontwerpteam de BetuwseWaard

project

PvvR (obv stabiliteit) DIJK ONTWERP BESTAAND

Dijkversterking Wolferen-Sprok

R

Filename : D:\Box\BF9812 DV WOS\BF9812 DV WOS Exchange\BIM en GIS\01 WIP\02 C3D\04 Corridors\02 Cases\04-05 Fort Beneden Lent en de Oversteek\04 PVVR\02 Export\WOS_WP2232_BEREKEND_PVVR_DD169-174_V1.0.dwg

50.00

49.09

10.45

26.21

13.93

8.55

15.78

15.50

-2.66

Afstand dijk ontwerp

9.21

9.26

10.94

24.24

12.99

15.95

15.31

4.71

3.48

15.78

1.82

16.49

0.00

12.29

-12.49

Hoogte dijk ontwerp

47.73

45.43

10.82

15.00

9.91

15.73

3.32

15.78

0.00

15.78

-1.68

11.52

-14.75

9

9.38

10.39

32.00

21.37

16.49

5.45

15.77

0.00

15.68 15.78

-3.23 -2.93

11.11

-16.11

8

44.42

10.56

10.51

26.29

28.24

10.64

24.19

10.91

11.22

14.04

15.97

15.97

16.49

15.67

-3.72

16.49

-5.02

10.56

-18.15

7

20.67

19.54

11.12

10.12

3.38

2.13

0.00

14.85

-6.66

10.27

-20.73

Afstand PVVR

15.97

16.49

13.17

-10.90

13.05

Afstand PVVR -15.33

10.24

-22.50

Hoogte PVVR

0.00

-1.03

11.77

-14.26

Afstand dijk ontwerp

15.97

10.99

-16.53

Hoogte dijk ontwerp

-2.44

Hoogte dijk ontwerp 15.87 15.97

16.49

-5.68

10.60

-17.67

10.40

6

17.41

Afstand dijk ontwerp -3.97 -3.69

13.27

Afstand PVVR -15.33

10.45

-18.93

Hoogte PVVR

-23.29

10.30

-24.24

5

11.48

14.46

-18.23

10.12

-24.01

10.35

4

14.46

14.48

-19.66

10.40

10.35

Afstand bestaande situatie -30.00

3

12.25

14.55

-23.03

Hoogte PVVR

-23.95

10.09

Afstand bestaande situatie -26.19

Hoogte bestaande situatie

-29.04

2

12.95

14.52

-24.70

Afstand bestaande situatie 14.38

Hoogte bestaande situatie

-28.65

Q Hoogte bestaande situatie 10.09

K

-30.00

F

14.34

E

-30.00

1 24

DD174. PDW 07

E

-0

P DW 7

F

G

DD172. 8 -0 P DW

H

8 -0 P DW

J

DD170. K

L

DD169.

Afstand bestaande situatie

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18

110.78

109.76

108.36

10.33

10.31

10.35

10.29

10.31

19 20 21 22 23 24 25 26 27

11.42

10.20

10.07

9.83

88.97

159.48

162.06

166.95

9.02

9.09

9.30

9.50

9.53

9.65

9.87

9.91

10.05

10.08

10.23

10.26

10.30

10.33

10.36

10.36

10.37

10.32

10.32

10.31

10.27

10.32

10.25

10.23

11.07

9.20

54.83

148.00

10.83

10.34

10.18

9.98

9.82

9.62

9.55

9.52 9.53 9.53

9.53

9.53

9.53 9.53

9.50

9.51

9.50

9.54

9.49

9.45

9.46

9.45

9.48

9.47

9.43

9.42

9.41 9.42

9.18 9.09

8.50

9.07 9.32

9.65

9.67

21.38

25.57

28.14

31.47

35.38

43.04

46.70

49.07 50.48 51.74

53.63

57.11

59.28 60.63

92.13

105.10

108.05

116.83

124.59

136.81

147.10

153.62

160.94

163.44

168.40

174.40

178.09 179.86

182.16 183.95

187.34

191.13 192.41

196.37

200.00

11.80

11.58

10.26

10.20

9.93

9.10

28.41

45.37

155.65

160.28

165.75

182.36

16.55 16.08

13.92

13.05

12.39

12.10

11.44

11.00

9.20

10.78 12.18

18.66

21.28

34.50

40.28

42.26

62.96

148.00

9.67 9.40

9.23

8.92

8.59

8.98

9.36

9.52

9.50

9.48

9.51

9.56

9.56

9.52

9.55

9.55

9.49

9.47

9.46 9.47

73.02 74.29

77.00

79.05

81.09

84.23

88.75

93.56

96.42

99.08

105.12

109.26

112.61

119.33

125.83

132.25

144.01

151.94

154.91 156.25

9.81

40.50

9.69

10.02

32.05

61.79

10.09

30.86

9.68

10.36

25.72

60.64

10.82

22.00

9.65

10.89

20.43

58.70

11.04

18.55

9.67

11.27

16.48

47.70

11.42

13.69

9.71

11.77

11.79

9.70

12.82

9.24

45.01

13.56

7.46

43.99

15.46

3.81

15.86 15.86 15.47

12.36 12.29

11.76

11.53

11.44

11.41

11.11 11.10

11.06

10.12

9.50

3.58 4.83 6.17

17.08 18.39

29.08

48.84

57.03

59.75

84.79 85.86

89.59

94.34

97.51

11.44

42.30

89.59

9.20

10.36

12.10

40.32

59.64

12.67

28.87

14.75

16.23

13.05

15.86

12.89

21.32

16.55

16.55

10.82

4.11

16.55

27 28

P

28

29

29

30

D

30

31

31

32

32

33

33

34

Dwarsprofiel DWP-01 Schaal 1:200

N

Q

Dwarsprofiel DWP-04 Schaal 1:200

PvvR (obv stabiliteit) PvvR (obv stabiliteit en piping) DIJK ONTWERP BESTAAND

34

35

formaat

A0

35

36

DD176.

schaal

1:1000, 1:200

36

37

A

B

E

F

Dwarsprofiel DWP-02 Schaal 1:200

J

K

DD173.

Plan View 1:1000

© 2020 Microsoft Corporation © 2020 DigitalGlobe ©CNES (2020) Distribution Airbus DS

Berekend PVVR Klimaatdijk De Oversteek DD174 - DD179 documentstatus

Definitief

fase

Planuitwerking

bladnr. van

1 1

37

P

3.0 Legenda aangepast Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 22-9-2020

2.0 Aangepast/maatwerk PVVR ingevoegd en opmaak aangepast Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 21-9-2020

1.0 Eerste uitgave Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 15-9-2020

versie omschrijving getekend gecontroleerd akkoord datum

omschrijving

HaskoningDHV Nederland B.V. Water

documentversie

3.0

projectnummer / tekeningnummer

WOSRF-1672037726-407151

38

Q

opdrachtgever

Ontwerpteam de BetuwseWaard

project

Dijkversterking Wolferen-Sprok

Legenda:

R

Filename : D:\Box\BF9812 DV WOS\BF9812 DV WOS Exchange\BIM en GIS\01 WIP\02 C3D\04 Corridors\02 Cases\04-05 Fort Beneden Lent en de Oversteek\04 PVVR\02 Export\WOS_WP2232_BEREKEND_PVVR_DD174-179_V1.0.dwg

200.00

198.57

11.52

83.26 10.43

10.38

10.91

10.77

11.44

36.67

11.00

18.67

12.54

16.40

16.55

7.35

15.59

2.65

15.86

1.33

0.00

15.86 16.13

26

195.23

190.83

11.67

74.24

11.37

12.35

33.94

11.34

17.54

15.87

4.68

15.67

1.15

15.86

0.00

-2.20 -1.41

25

188.13

11.75

69.62

12.48

12.78

14.02

14.49

13.14

13.35

13.79

13.78

13.41

13.11

12.94

13.16

11.40

14.82

15.87

3.39

15.66

0.00

15.86

-2.03

24

181.58

12.37

33.79

12.97

11.74

12.54

15.87

1.14

16.55

Afstand PVVR 0.00

15.63

-1.86

23

169.16

12.94

31.79

12.63

9.91

15.87

0.00

15.87

22

166.74

147.48

13.02

30.57

13.05

12.60

28.92

15.43

4.03

15.87

-1.01

Hoogte PVVR

-2.20

15.42 15.46

-3.48 -3.35

21

145.40

13.05

29.04

13.06

13.09

15.59

2.53

15.87

Afstand dijk ontwerp -2.26

15.44

-3.31

20

137.58

131.76

13.12

26.39

15.65

0.00

15.49

15.04

-4.68

19

127.08

13.20

22.94

13.20

13.00

20.94

15.63

-1.44

Hoogte dijk ontwerp

-3.41

13.75

-8.92

18

117.51

112.93

111.92

110.11

103.30

13.40

21.94

14.11

17.74

15.52

-2.79

13.07

-10.90

17

105.40

103.72

101.57

14.48

17.61

14.87

15.87

12.32

14.22

-7.27

12.41

-13.03

Afstand dijk ontwerp

10.46

100.00

15.87

12.10

16.50

10.44

13.45

-9.60

11.48

-15.49

Hoogte dijk ontwerp

100.38

10.39

10.46

93.22

91.59

89.36

87.11

83.50

81.83

79.32

15.87

10.98

15.69

16.50

6.21

12.94

-11.30

11.18

-16.75

16

97.81

94.66

10.49

10.44

10.44

76.66

15.87

5.37

12.75

-14.84

10.86

-18.29

15

88.70

81.04

79.28

10.46

71.24

65.88

64.39

58.88

55.97

53.51

51.31

46.83

42.44

38.05

36.10

34.63

33.02

31.97

30.36

28.70

27.41

15.87

1.15

15.65

16.50

0.00

12.34

-16.78

10.69

-21.13

14

75.00

10.44

10.45

10.42

10.49

10.50

11.54

12.35

12.65

22.94

15.87

0.00

15.65

16.26

Afstand PVVR -1.18

11.07

-20.04

10.58

-22.66

13

64.95

61.64

58.01

10.42

10.48

40.68

39.38

36.24

33.77

27.77

13.00

14.01

15.12

11.10

1.42

0.00

15.87

10.20

-23.48

12

55.75

53.02

10.39

10.49

10.52

10.52

11.05

11.51

11.78

12.16

12.35

12.92

20.62

17.54

16.05

16.50

16.50

16.50

15.87

-1.10

Hoogte PVVR

-2.31

10.05

-25.75

11

47.54

43.60

39.55

10.62

37.86

33.23

10.75 10.70

30.80

11.10

29.39

27.69

23.85

21.85

15.21

11.36

9.99

7.15

0.00

15.87

-2.35

10.07

-27.01

10.12

-30.18

10

35.78

34.33

33.23

30.64

11.39

11.89

12.92

13.54

15.35

15.38

15.52

15.64

15.85

15.85

16.50

15.59

-3.21

15.59

10.04

-28.34

9.74

-38.19

9

24.93

23.36

20.37

14.23

14.77

15.30

12.03

10.66

5.69

4.19

2.01

0.00

-1.03

-3.21

9.80

-33.95

9.66

-40.04

8

17.08

15.52

13.57

15.38

15.53

15.57

15.57

15.56

15.85

15.81 15.97

9.72

-35.76

9.54

-43.83

7

11.08

5.07

2.44

1.09

0.00

-1.26

-3.10 -2.62

14.77

9.38

-42.43

9.52

-45.72

Afstand PVVR

15.54

15.85

-5.65

9.59

9.94

9.67

9.62

9.45

9.29

9.33

-43.66

9.55

Afstand bestaande situatie -46.82

Hoogte PVVR

-2.07

-2.77

Hoogte dijk ontwerp 15.54

Afstand PVVR

15.55

Afstand dijk ontwerp -4.02

Hoogte PVVR

-3.25

15.26

13.57

Afstand dijk ontwerp

8.87

9.34

Afstand bestaande situatie -47.02

9.56

6

-4.84

-9.10

11.65

10.80

10.27

-21.75

-25.36

-29.26

-30.73

Hoogte dijk ontwerp

8.81

Hoogte bestaande situatie

-50.00

5

-14.38

-17.25

-20.51

10.11

10.10

-33.29

-35.38

-45.42

-47.93

9.26 9.27

4

-23.90

Hoogte bestaande situatie

3

-32.77

Afstand bestaande situatie

10.10

R

2

-34.00

M

10.14

Hoogte bestaande situatie

-48.37

L Hoogte bestaande situatie

-50.00 -49.75

H

8.02

G

-50.00

D

10.15

C

-50.00

1 38

A

DD179. B

01

DWP-

C

DD178.

1 WP-0

D

DWP02

E

DD177.

DWP02

F

G

03 DWP-

H

0 DWP3

J

P-0 DW 4

DD175.

K

Dwarsprofiel DWP-03 Schaal 1:200

L

DD174.

4 P-0 DW

M

N

1 2 3 8.93 9.02

9.20 9.52

10.52 10.99

12.13

13.18 13.51

14.61

15.43

15.54 15.55 15.55 15.51 15.32

14.57 14.09

13.15

12.05 11.53 11.24 11.17 11.15

10.15 9.89 9.83

9.65

9.54

9.54

9.62

9.61

Afstand bestaande situatie -25.98

-22.78 -21.57

-18.01 -16.87

-13.46

-10.22 -9.17

-6.14

-3.43

-1.35 0.00 1.18 2.39 4.03

6.01 7.19

9.40

11.74 13.50 15.34 16.51 17.82

23.72 25.24 26.29

31.66

38.13

41.48

47.02

50.00

Afstand dijk ontwerp

Hoogte dijk ontwerp

4 5 6 7 15.81 15.81

2.25 3.50

8 9 10 10.65

9.58

35.00

11.66

14.80

13.05

12.60

12.15

10.87

9.60

10.72

15.96

24.99

33.96

37.80

41.61

11.73 12.52 12.43

12.30 12.86

14.12

15.44 15.58

15.64

15.52

13.64 13.19 12.50 12.04 11.45

11.16 11.15 10.57 10.52

10.27 10.05

9.58

9.32 9.40 9.38

9.45 9.42

9.43

8.73 8.75 9.44 9.68

9.78

-17.95 -16.87 -15.06

-13.11 -11.45

-7.64

-3.59 -2.16

0.00

3.24

7.31 8.47 9.87 11.00 12.75

15.10 16.57 17.92 19.27

22.49 23.87

28.12

32.72 34.15 35.33

37.37 38.51

41.94

44.19 45.36 47.01 48.05

50.00

Hoogte dijk ontwerp 10.29

11.48

15.94 15.94 15.94 15.94 15.94 15.94

14.48

12.44

12.19

11.84

10.32

9.23

Afstand dijk ontwerp -19.54

-15.98

-2.60 -1.35 0.00 1.83 3.15 4.40

9.50

16.65

21.64

28.65

36.76

42.59

12.71

16.55

16.55

16.55

14.45

13.05

12.68

12.10

11.29

9.90

Afstand PVVR -16.09

-4.55

0.00

6.35

12.64

16.85

24.18

35.85

38.27

42.45

9

31.79

28.75

11.98

16.55

5.46

11.46

-19.92

9.70

8

22.25

12.31

16.55

0.00

10.88

-21.30

Hoogte PVVR

-25.10

7

15.75

14.06

15.81

1.13

9.63

15.81

15.81

0.00

-1.12

15.81

-2.25

16.55

-5.46

10.26

-24.88

6

15.81

13.07

Afstand PVVR -15.90

10.38

-27.61

5

-3.50

12.49

9.17

9.60

10.96

4

-13.45

-23.42

Hoogte PVVR

-26.31

10.58

3 10 11

11

12

12

13

13

14

N

14

15

15

16

J

16

17

17

18

Dwarsprofiel DWP-05 Schaal 1:200 0 DWP-

Dwarsprofiel DWP-06 Schaal 1:200

18

19

19

20

Q

Legenda:

R

20

21

formaat

A0

21

22

schaal

1:1000, 1:200

fase

Planuitwerking

22

23

A A

B B

C C

D

G

H

05

DWP-

L

M

Plan View 1:1000

P P

3.0 Legenda aangepast Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 22-9-2020

2.0 Aanpassing opmaak Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 21-9-2020

1.0 Eerste uitgave Hidde Plönes Berry Hol Berry Hol 15-9-2020

versie omschrijving getekend gecontroleerd akkoord datum

omschrijving

Berekend PVVR DD179 - DD182 HaskoningDHV Nederland B.V. Water

documentstatus

Definitief

bladnr. van

1 1

23

documentversie

3.0

projectnummer / tekeningnummer

WOSRF-1672037726-407154

24

Q

opdrachtgever

Ontwerpteam de BetuwseWaard

project

PvvR (obv stabiliteit) DIJK ONTWERP BESTAAND

Dijkversterking Wolferen-Sprok

R

Filename : D:\Box\BF9812 DV WOS\BF9812 DV WOS Exchange\BIM en GIS\01 WIP\02 C3D\04 Corridors\02 Cases\04-05 Fort Beneden Lent en de Oversteek\04 PVVR\02 Export\WOS_WP2232_BEREKEND_PVVR_DD179-182_V1.0.dwg

Hoogte bestaande situatie

-27.25

K Afstand bestaande situatie -28.99

F Hoogte bestaande situatie

-30.00

E

8.78

2

-30.00

1 24

DD183. DD182. D

6

E

DWP06

DD181.

F

G

DD180. H

05 DWP-

J

DD179.

K

L

DD178.

M

N

bestemmingsplan Nijmegen Dijkversterking Wolferen-Sprok

Bijlage 2 Compensatie GNN en GO

Bijlagen bij de regels (vastgesteld)

9

Datum:

Referentie:

21 december 2020 Auteur:

WOSRF-1560311142-411 Controle:

mw. A. Esmeijer-Liu Bestemd voor:

J. Hassing

Titel: Compensatieplan GNN en GO

8.7.2.3. Compensatieopgave Compensatie komt voort uit aantasting van natuurtypen of leefgebied van beschermde soorten. Natuurtypen In paragraaf 8.6.1.1 en 8.6.1.2 van de natuurtoets is beschreven dat de dijkversterking tot ruimtebeslag op natuurtypen leidt. Per natuurtype staat het ruimtebeslag in tabel 8.7 opgenomen. Voor het ruimtebeslag op kruiden- en faunarijk grasland en rivier- en moeraslandschap geldt dat dit in de huidige situatie op het dijktalud ligt, en dat dit in de toekomstige situatie weer terug kan komen. Om te borgen dat een kwalitatief vergelijkbaar kruiden- en faunarijkgrasland zo snel mogelijk weer op de dijk terug komt, wordt de afgegraven toplaag per dijksectie en dijkzijde in depot gezet en hergebruikt wanneer de dijk weer ingezaaid wordt. Tabel 8.7 Samenvatting te compenseren oppervlakte per natuurtype Natuurtype

oppervlak te compenseren (m2)

N01.03 rivier- en moeraslandschap

68684

(grasland) N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland N14.03 Haagbeuken- en essenbos totaal

oppervlak te compenseren (ha)

6,87 150671

15,07

1194 0,12 220548

22,06

Volgens de omgevingsverordening Gelderland moet verlies van areaal van een natuurtype gecompenseerd worden. Dit kan in fysieke of financiële vorm (art. 2.39 lid 5 Omgevingsverordening Gelderland). De provincie geeft in de toelichting over financiële compensatie aan dat dit vooral een middel is om bij kleinere ingrepen de uitvoerbaarheid te vergroten. Dijkversterking Wolferen-Sprok valt hier niet onder, en dus is fysieke compensatie aan de orde. De omvang van de fysieke natuurcompensatie is in principe één-op-één, maar wordt afhankelijk van de ontwikkeltijd vermeerderd volgens de volgende bepaling (art. 2.43 Omgevingsverordening Gelderland): - 1/3 deel van het oppervlak en de gekapitaliseerde kosten van het ontwikkelingsbeheer bij natuur met een ontwikkeltijd tussen 5 en 25 jaar; - 2/3 deel van het oppervlak en de gekapitaliseerde kosten van het ontwikkelingsbeheer bij natuur met een ontwikkeltijd tussen 25 en 100 jaar; - een door Gedeputeerde Staten te bepalen oppervlak en bedrag voor kosten van het ontwikkelingsbeheer bij natuur met een ontwikkelingstijd van meer dan 100 jaar. De provincie heeft de ontwikkeltijden van de natuurtypen vastgelegd in bijlage 7 van de Omgevingsverordening Gelderland. In tabel 8.8 zijn de compensatietoeslagen en de totale compensatieopgaven weergegeven voor de natuurtypen waar het in dit project om gaat.

Voor kruiden- en faunarijkgrasland is de ontwikkeltijd afhankelijk van de huidige kwaliteit. In overleg met de beheerder van de dijk is bepaald dat de kwaliteit van het kruiden- en faunarijk grasland op de dijk tussen Wolferen en

pagina 1 van 14

Sprok op dit moment matig tot goed is. Dit heeft volgens bijlage 7 van de Omgevingsverordening een ontwikkeltijd van 5-25 jaar. Tabel 8.8 Compensatietoeslag en compensatieopgave per natuurtype Natuurtype

ontwikkeltijd

compensatie toeslagfactor

compensatietoeslag

compensatieopgave incl. toeslag (ha)

N01.03 rivier- en

niet bepaald

geen

moeraslandschap (grasland) N12.02 Kruiden- en faunarijk

5-25

100+

6,87

5,02

20,09

0,00

0,12

1/3

grasland N14.03 Haagbeuken- en

0,00

geen

essenbos totaal

27,08

Leefgebied In paragraaf 8.6.1.3 van de natuurtoets is beschreven dat de dijkversterking tot ruimtebeslag op het leefgebied van gewone dwergvleermuis leidt. Nabij Waaldijk 42/43 wordt een huis gesloopt waarin een paarverblijf aanwezig is. Ter compensatie van dit paarverblijf worden vier tijdelijke vleermuiskasten opgehangen. Deze blijven hangen tot er op het perceel een nieuw huis gebouwd wordt, wanneer dit gebeurt worden er vier permanente kasten voor vleermuizen ingebouwd in de gevel.

8.7.3 Compensatieplan Natuurtypen Compensatie van GNN-natuurtypen mag in de vorm van gelijkwaardige natuur plaatsvinden (art. 2.39 Omgevingsverordening Gelderland). Dit betekent dat een natuurtype niet per se als hetzelfde natuurtype gecompenseerd hoeft te worden. Welke natuurtypen gelijkwaardig zijn is in bijlage 8 ‘Gelijkwaardige natuurtypen’ bij de Omgevingsverordening bepaald. Voor de te compenseren natuurtypen is in tabel 8.9 weergegeven welke gelijkwaardige natuurtypen gelden. Tabel 8.9 Gelijkwaardige natuurtypen voor de te compenseren natuurtypen Natuurtype N01.03 Rivier- en moeraslandschap (grasland)

N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland N14.03 Haagbeuken- en essenbos

Gelijkwaardige natuurtypen op basis van Omgevingsverordening kruiden- faunarijk grasland, wintergastenweide, droge heide, glanshaverhooiland, kruiden- faunarijke akker, zandverstuiving, droog schraalland, bloemdijk, ruigteveld kruiden- faunarijk grasland, wintergastenweide, droge heide, glanshaverhooiland, kruiden- faunarijke akker, zandverstuiving, droog schraalland, bloemdijk, ruigteveld haagbeuk-essenbos, hoog- en laagveenbos, vochtig hakhout en middenbos

Locatie, aanplantplan en onderhoudsplan Compensatie van GNN-natuurtypen moet plaatsvinden in de Groene Ontwikkelingszone, of in ieder geval nabij het GNN. Bij voorkeur vindt de compensatie plaats in de nabijheid van de ingreep. Compensatie dient te leiden tot een duurzame situatie. De realisatie van de hierna beschreven GNN compensatie wordt ruimtelijk geborgd middels nieuwe bestemmingsplannen waarin de bestemming Natuur met gebiedsaanduiding ‘overige zone - Natuurnetwerk

pagina 2 van 14

Nederland’ wordt toegekend aan de gronden. Deze worden tegelijkertijd met het Projectplan Waterwet in procedure gebracht. Op deze manier wordt de zekerheid voor realisatie van de compensatie geborgd. Na realisatie van de compensatie dient herbegrenzing van het GNN/GO door de provincie plaats te vinden. Zoals uit het plan hierna blijkt wordt de GNN compensatie uitgevoerd op eigen gronden van het waterschap. N01.03 rivier- en moeraslandschap (grasland) Voor N01.03 rivier- en moeraslandschap (grasland) geldt geen compensatietoeslag en dit type kan op de oorspronkelijke locatie teruggebracht worden. Hier hoeft dus geen locatie voor gezocht te worden. Het gaat om 6,87 ha. Volgens de beschrijving van N01.03 Rivier- en moeraslandschap van Bij12 is natuurlijke successie en een variatie aan levensgemeenschappen kenmerkend voor dit type. Er is geen samenstelling van begroeiing vereist. In de huidige situatie is grasland aanwezig op de plaatsen van dit natuurtype. Om te zorgen dat het grasland zich zo snel mogelijk kan herstellen, wordt het bestaande grasland voorafgaand aan de werkzaamheden verhakseld. Vervolgens wordt de oude teellaag inclusief het verhakselde materiaal (dat zaden en wortels van de oorspronkelijke begroeiing bevat) per dijksectie en per dijkzijde in depot gezet.

Na realisatie van de dijkversterking wordt de teellaag uit het depot zo nodig aangevuld en aangebracht als nieuwe teellaag. De gronden worden vervolgens ingezaaid met een zogenaamd ‘dijkenmengsel’ om een erosiebestendige grasmat te realiseren. Het ‘dijkenmengsel’ bestaat uit inheemse grassoorten: Engels raaigras, veldbeemdgras en roodzwenkgras. Deze werkwijze resulteert in een erosiebestendige grasmat gecombineerd met de oorspronkelijke begroeiing. Het beheer van kruiden- en faunarijk grasland is door BIJ12 uitgebreid beschreven. Aangezien voor N01.03 rivier- en moeraslandschap niet apart beheerrichtlijnen zijn geschreven door BIJ12 en tot 2019 de betreffende gebieden nog aangewezen waren als N12.02 kruiden- en faunarijk grasland, kan het beheer van N01.03 rivier- en moeraslandschap (grasland) hierbij aansluiten. Het beheer van kruiden- en faunarijk grasland bestaat over het algemeen uit vrij extensief beweiden, en soms uit hooien met na-weiden. Bij beweiden is de kans op een meer gevarieerde structuur groter dan bij maaien [lit. 13]. Een meer uitgebreide beschrijving van het beheer van grasland staat onder ‘N12.02 kruiden- en faunarijk grasland’. N14.03 haagbeuken- en essenbos Er is voor type N14.03 haagbeuken- en essenbos een compensatieopgave van 0,12 ha.

In overleg met landschapsarchitecten is een gebied geïdentificeerd waar de compensatie plaats gaat vinden (vlak 12 in afbeelding 8.14). Het perceel is in eigendom van het Waterschap en wordt verhuurd aan de gemeente Overbetuwe. Op een deel van het perceel is een depot gelegen. In vlak 12 is de aanplant van 0,18 ha bos mogelijk, en dit vlak wordt via het nieuwe bestemmingsplan toegekend aan de bestemming Natuur met gebiedsaanduiding ‘overige zone - Natuurnetwerk Nederland’. Op het perceel zijn al enkele houtopstanden aanwezig. Deze bestaan voornamelijk uit schietwilg, maar ook zwarte els en populier komen voor. Vlak 13 en enkele andere delen van dit gebied dienen ter compensatie van houtopstanden (zie paragraaf 6.6.1). Hier komt dus ook bos, maar wordt niet aangewezen als GNN. De realisatie van de compensatie wordt geborgd middels vast te stellen bestemmingsplannen waarin de functie ‘GNN’ wordt toegekend aan de gronden. Na realisatie van de compensatie dient herbegrenzing van het GNN/GO door de provincie plaats te vinden.

pagina 3 van 14

Afbeelding 8.14 Ligging compensatiegebied (vlak 12) ten opzichte van de dijk en het GNN (natuurtypen) en GO

In tabel 8.10 is weergegeven hoeveel oppervlakte beschikbaar is voor compensatie. Tabel 8.10 Details van compensatiezoekgebied voor N14.03 haagbeuken- en essenbos Identificatie

Oppervlakte (circa, ha)

Huidig natuurtype

Eigendom

Opmerking

Depot Waterschap

0,18 (vlak 12)

geen

Waterschap Rivierenland

Door het vullen van het vlak ontstaat een robuuster bosgebied

Beplantingsplan

Onderstaand beplantingsplan geldt voor het hele perceel. Het enige onderscheid is dat vlak 12 in afbeelding 8.14 (vlak 2 in afbeelding 8.15) als GNN wordt aangewezen om als GNN-compensatie te dienen. In het nieuwe ontwerp voor deze aanplantlocatie komt een kavelgrens die bestaat uit wilgen. Tussen de bestaande beplanting worden nieuwe boomvlakken aangelegd op het perceel. De herplant op het perceel wordt qua soortensamenstelling afgestemd op de reeds aanwezige beplanting; wilg, zwarte els, veldesdoorn en populier.

pagina 4 van 14

Deze soorten passen binnen natuurtype N14.03 haagbeuken- en essenbos en hiermee is zeker gesteld dat de bodem- en omgevingscondities voor de ontwikkeling van deze soorten geschikt is [lit. 13]. De bomen kunnen vanaf het najaar tot en met het voorjaar aangeplant worden. Hoe later de bomen geplant worden, hoe groter de kans op uitval is. Dit heeft te maken in de geringe neerslag in maart tot en met mei. Een schets van het beplantingsplan voor het perceel bij het depot is weergegeven in afbeelding 8.15. Voor de compensatie vanuit het GNN dient enkel vlak 2 op afbeelding 8.15. Details over de inrichting van dit herplantvlak is uiteengezet in tabel 8.11.

Afbeelding 8.15 Beplantingsplan voor herplantlocatie bij het depot

pagina 5 van 14

Tabel 8.11 Uiteenzetting herplantvlak 2 depot nummer op

te ontwikkelen

Latijnse benaming

kaart

Nederlandse

plant maat

plant-

Aantal

oppervlak

Beheer/O

benaming

bomen

afstand

bomen ≥

te totaal

pmerking

14/16 2

en 1800m2

Bosplantsoen -

10% Populus, 20% Acer

populier,

1,5mx

kern

pseudoplatanus, 25%

gewone esdoorn,

1,5m

Bosplants oen

Quercus robur, 20%

europese eik,

wildver

uitdunnen

Alnus glutinosa, 15%

zwarte els, es,

band

1x in 7

Fraxinus excelsior, 5%

wilde appel,

Malus sylvestris, 5%

ruwe iep, berk

jaar

Ulmus glabra, 5% Betulus pendula * In wildverband (afbeelding 22).

De aan te planten boomvlakken worden in wildverband aangepland, zie afbeelding 8.16 [lit. 3].

Afbeelding 8.16 Beplantingsplan wildverband

Onderhoudsplan

Na het inplanten van herplantvlak 2 (afbeelding 8.15) is het nodig om de eerste jaren aan mechanisme onkruidbestrijding te doen [lit. 4]. Dit om te voorkomen dat de aangeplante bomen overwoekerd worden door bijvoorbeeld bramenstruiken. Na enkele jaren raken de kronen van de jonge bomen elkaar en krijgt onkruid minder kans. Onkruidbestrijding is dan niet meer nodig. Als er veel bomen doodgaan is het nodig om deze te vervangen. Dit wordt inboeten genoemd. Wanneer het merendeel van de bomen op 2/5 van de verwachtte eindhoogte zitten moet de houtopstand voor zover nodig uitgedund worden. Hierbij worden

pagina 6 van 14

onderdrukte bomen weggehaald, zodat de overgebleven bomen meer ruimte hebben om uit te groeien en een grote kroon op te bouwen. Wanneer het natuurtype in ‘gunstige staat’ verkeert, is beheer in principe weinig of niet meer nodig. Verval en verjonging van het boombestand houden elkaar dan in evenwicht. Een ‘gunstige staat’ wil zeggen dat de samenstelling van de vegetatie, de aanwezigheid van structuurelementen, het voorkomen van kwalificerende soorten fauna en de abiotische omstandigheden voldoen aan de omschrijving ‘goed’ in de Kwaliteitsmaatlat voor dit type [lit. 25]. N12.02 kruiden- en faunarijk grasland Voor de compensatie van N12.02 kruiden- en faunarijk grasland geldt dat dit na afloop van de werkzaamheden op het dijktalud gecompenseerd kan worden. Het gaat hierbij, zonder compensatietoeslag, om 15,07 ha. Voor deze oppervlakte hoeft dus geen compensatiezoekgebied gezocht te worden. Bij de dijkverlegging in dijksectie 17 geldt dat een deel van het kruiden- en faunarijk grasland wat op het noordelijk talud lag, na de dijkverlegging op het zuidelijk talud en deels buitendijks komt terug te liggen (afbeelding 8.17). De oude dijk wordt afgegraven en de grond wordt vlak gemaakt. Hier kan na afloop van de werkzaamheden kruiden- en faunarijk grasland ontwikkelen. Afbeelding 8.17 Locatie dijkverlegging met kruiden- en faunarijkgrasland.

Deels komt dit na de dijkversterking buitendijks te liggen

Voor N12.02 kruiden- en faunarijk grasland geldt een compensatietoeslag van 1/3. Het gaat om 5,02 ha dat extra gerealiseerd moet worden. Compensatie dient plaats te vinden in GO-gebied, idealiter nabij de ingreep. Compensatie van kruiden- en faunarijk grasland levert het meest robuuste resultaat op

pagina 7 van 14

wanneer het nabij of grenzend aan bestaand N12.02 kruiden- en faunarijk grasland of N01.03 rivier- en moeraslandschap (grasland) gerealiseerd wordt. Op de taluds van de dijk is 5,7 ha aan gronden geïdentificeerd die in GO-gebied liggen en aangrenzend of nabij bestaand kruiden- en faunarijk grasland liggen. Deze gebieden zijn in eigendom van Waterschap Rivierenland. De gebieden zijn weergegeven in afbeelding 8.18. Deze gronden worden aangewezen als GNN N12.02 kruiden- en faunarijk grasland voor de compensatietoeslag.

Afbeelding 8.18 Ligging gronden in eigendom van Waterschap rivierenland, binnen het GO op de taluds van de dijk. Hier vindt compensatie van N12.02 kruiden- en faunarijk grasland plaats die voortkomt uit de compensatietoeslag. Het overige kruiden- en faunarijk grasland wordt op de oorspronkelijke locatie gecompenseerd

pagina 8 van 14

Kruiden- en faunarijk grasland wordt vernietigd doordat er ter plaatse grondwerkzaamheden plaatsvinden, of doordat ter plaatse rijplaten geplaatst worden om te dienen als transportroute of depot. Hierdoor kan de bodem verdichten wat vernietiging van de grasmat tot gevolg heeft. In dit geval wordt de grasmat hersteld door nadat de rijplaten zijn weggehaald de ondergrond los te woelen en daarna door te zaaien zodat de grasmat zich herstelt (zie ook paragraaf 2.3). Om te zorgen dat het kruiden- en faunarijk grasland zich zo snel mogelijk kan herstellen op de dijk of ontwikkelen op de nieuwe gebieden, wordt het bestaande kruiden- en faunarijk grasland voorafgaand aan de werkzaamheden verhakseld. Vervolgens wordt de oude teellaag inclusief het verhakselde materiaal (dat zaden en wortels van de oorspronkelijke begroeiing bevat) per dijksectie en per dijkzijde in depot gezet. Na realisatie van de dijkversterking wordt de teellaag uit het depot zo nodig aangevuld en aangebracht als nieuwe teellaag. De gronden worden vervolgens ingezaaid met een zogenaamd ‘dijkenmengsel’ om een erosiebestendige grasmat te realiseren. Het ‘dijkenmengsel’ bestaat uit inheemse grassoorten: Engels raaigras, veldbeemdgras en roodzwenkgras. Deze werkwijze resulteert in een erosiebestendige grasmat gecombineerd met de oorspronkelijke begroeiing.

Het beheer van kruiden- en faunarijk grasland is door BIJ12 uitgebreid beschreven. Het beheer van kruidenen faunarijk grasland bestaat over het algemeen uit vrij extensief beweiden, en soms uit hooien met naweiden. Bij beweiden is de kans op een meer gevarieerde structuur groter dan bij maaien. Het betreft matig voedselrijke vegetaties, die doorgaans niet bemest hoeven te worden. Als de omstandigheden te voedselarm worden kan incidenteel, bij uitzondering (al dan niet pleksgewijs), licht bemest worden met ruige stalmest. Vanuit de instandhouding van het natuurtype bezien gaat het hierbij om heel kleine hoeveelheden. Om verzuring tegen te gaan kan, bij uitzondering, ook bekalking toegepast worden [lit. 13].

pagina 9 van 14

De doelen van het beheer zijn: - zorgen voor een kruidenrijke vegetatie en tegengaan van strooiselophoping, verruiging en verbossing; - zorgen voor kleinschalige structuurvariatie, om ruimte te bieden aan allerlei diergroepen (dagvlinders en andere insecten, reptielen, vogels e.d.); - in gebieden die belangrijk zijn voor weidevogels zorgen voor een gunstige vegetatiestructuur en voldoende voedselaanbod voor deze groep. Door specifieke lokale omstandigheden kan echter een aangepast beheer noodzakelijk zijn om deze doelen te dienen. Ook hiervoor zijn via BIJ12 uitgebreide beschrijvingen beschikbaar.

Leefgebied Gewone dwergvleermuis De woning op het perceel van Waaldijk 42/43 wordt gesloopt, waardoor een paarverblijfplaats van gewone dwergvleermuis vernietigd wordt. Het vernietigen van een verblijfplaats van gewone dwergvleermuis is een overtreding van artikel 3.5 lid 4 van de Wnb. Vernietiging is niet te mitigeren, waardoor de vernietigde verblijfplaats gecompenseerd wordt. Voorafgaand aan het slopen van het huis wordt de oorspronkelijke verblijfplaats ongeschikt gemaakt.

Ongeschikt maken oorspronkelijke verblijfplaats

Deze paragraaf is opgesteld conform het kennisdocument gewone dwergvleermuis lit. 1]. Voorafgaand aan het slopen van het huis en de verblijfplaats, wordt de verblijfplaats ongeschikt gemaakt, om te voorkomen dat de verblijfplaats bewoond is ten tijde van de werkzaamheden. De basis van het ongeschikt maken van de verblijfplaats is het verstoren van het microklimaat door het creëren van tocht; dit kan gedaan worden op een aantal verschillende manieren: - in alle gevallen moet een vleermuisdeskundige worden ingeschakeld om de best passende methode en het beste moment te bepalen, uit te voeren en te controleren; - het ongeschikt maken van de verblijfplaats moet plaatsvinden in het actieve seizoen van de gewone dwergvleermuis en buiten de kwetsbare perioden (half mei-half juni en half augustus-half september); - het ongeschikt maken van de verblijfplaats begint minimaal 6 maanden nadat de vervangende verblijfplaatsen gerealiseerd zijn (gewenningsperiode), echter kan in de laatste maand van de gewenningsperiode aangevangen worden met het langzamerhand ongeschikt maken van de oorspronkelijke verblijfplaats; - als in gebouwen die gesloopt gaan worden gewone dwergvleermuizen aanwezig zijn, is de beste manier om een spouw ongeschikt te maken het eerst over de volledige hoogte van de muur of verdieping verwijderen van de hoeken van een gebouw, waardoor er in de spouw een flinke tocht

ontstaat en licht diep in de spouw kan doordringen. Het in een muur creëren van openingen van bijvoorbeeld 30 x 30 of 50 x 50 centimeter als middel om een gebouw ongeschikt te maken voor aanwezige vleermuizen, is vaak onvoldoende omdat hierdoor vaak geen tocht door de spouw ontstaat. Het slopen mag plaatsvinden als alle gewone dwergvleermuizen de verblijfplaatsen in het gebouw verlaten hebben. Onder minder gunstige weersomstandigheden (bijvoorbeeld avonden met lage temperaturen, neerslag of veel wind) duurt het langer voordat de dieren de verblijfplaats succesvol kunnen verlaten. Bij de planning en uitvoering van de werkzaamheden kan hier rekening mee gehouden worden. Ook in het geval van verblijfplaatsen met meer dan 10 exemplaren kan rekening worden gehouden met een langere periode voordat met de sloop begonnen kan worden;

pagina 10 van 14

- bij verblijfplaatsen in of bij het dak kunnen daklijsten of een aantal dakpannen worden verwijderd of er kunnen openingen worden gecreëerd in de gevelbetimmering; - invliegopeningen kunnen overdadig aangelicht of beschenen worden met bijvoorbeeld bouwlampen. Deze verlichting kan pas aangezet worden als er zekerheid is dat de aanwezige vleermuizen vertrokken zijn en de dieren mogen nog niet teruggekeerd zijn. De na-nacht, zo rond twee uur voor zonsopkomst is dan waarschijnlijk het meest veilige moment om de verlichting aan te zetten. Vleermuizen zullen onder minder gunstige weersomstandigheden en in het najaar eerder naar hun verblijfplaats terugkeren; - er kunnen zogenaamde ‘exclusion flaps’ gebruikt worden waardoor de gewone dwergvleermuizen wel kunnen uitvliegen maar niet in staat zijn om opnieuw in te vliegen. De exclusion flap moet de opening hermetisch afsluiten. Controle op functioneren is nodig gedurende de periode dat de flap aanwezig is; - werkzaamheden kunnen het best zo snel mogelijk na het verlaten van de verblijfplaatsen worden uitgevoerd. Als tijdens de uiteindelijke werkzaamheden toch vleermuizen worden aangetroffen moeten de werkzaamheden onmiddellijk stopgezet worden en moet direct de vleermuisdeskundige ingeschakeld worden. Gewacht moet worden tot dat de vleermuizen uit zichzelf zijn vertrokken. In geen geval mogen ze worden gevangen en verplaatst.

Realiseren vervangende verblijfplaatsen

Deze paragraaf is opgesteld conform het kennisdocument gewone dwergvleermuis, lit. 1]. De verblijfplaats in de woning van Waaldijk 42/43 is een paarverblijfplaats voor gewone dwergvleermuis. Tijdens de onderzoeken is hier één individu waargenomen. Het vernietigen van de verblijfplaats zorgt mogelijk voor het verbreken van het netwerk aan verblijfplaatsen. Om dit te voorkomen worden vier vervangende verblijfplaatsen gerealiseerd (voorwaarde kennisdocument gewone dwergvleermuis BIJ12, 2017). De vervangende verblijfplaatsen worden bij voorkeur zo dicht mogelijk, maar altijd binnen 100 á 200 meter van de oorspronkelijke verblijfplaats geplaatst, en altijd binnen het leefgebied van de soort. De alternatieve verblijfplaatsen worden voor minimaal eenzelfde aantal gewone dwergvleermuizen dezelfde functie kunnen vervullen als de oorspronkelijke verblijfplaats die verdwijnt. In dit geval dus één dwergvleermuis. Het realiseren van de alternatieve verblijfplaatsen en de verblijfplaatsen zelf voldoet aan een aantal punten: - de alternatieve verblijfplaats is bij voorkeur een kleine kast (50 centimeter hoog, 20-30 centimeter breed, 1-2 compartimenten) (geschikte kasten staan in het kennisdocument); - een gewenningsperiode van minimaal 6 maanden voorafgaand aan de start van het paarseizoen kennen.

Dit betekent dat vervangende paarverblijfplaatsen uiterlijk half februari aanwezig moeten zijn; - de alternatieve verblijfplaatsen worden buiten de invloedsfeer van de werkzaamheden gerealiseerd te worden, dit betekent op minimaal 50 meter van de te plaatsen damwand af, zodat er geen effecten van trilling op de in- en uitvliegende vleermuizen zijn; - de vervangende verblijfplaatsen worden op minimaal 4 en maximaal 6 meter hoogte opgehangen, met voldoende veilige ruimte voor en onder de kast, er dienen geentakken of bladeren vlak bij de in- en uitvliegopening te hangen. Daarnaast dienen er onder de kast geen takken aanwezig te zijn waarop predatoren kunnen gaan zitten wacht op in- en uitvliegende vleermuizen; - de vervangende verblijfplaatsen dienen niet direct aan de boom opgehangen te worden, maar met behulp van een tussenliggende ophanglat; - de ophanglocatie is zo donker mogelijk om verstoring door licht te voorkomen; - de vervangende verblijfplaatsen dienen op verschillende kompasrichtingen aangeboden te worden om de bezettingsgraad te verhogen. Om aan deze punten te voldoen is gezocht naar een geschikt gebied waarin de alternatieve verblijfplaatsen gerealiseerd kunnen worden. In afbeelding 8.19 is een buffer van 50 meter om de damwand aangegeven waar de verblijfplaatsen niet geplaatst worden om effecten van trilling door het plaatsen van deze

pagina 11 van 14

damwand te voorkomen. Vervolgens dienen de verblijfplaatsen binnen 100 meter van de oorspronkelijke verblijfplaats gerealiseerd te worden. Binnen de blauwe lijn zijn bomen aanwezig waaraan de vervangende verblijfplaatsen opgehangen kunnen worden, zonder dat deze effecten ondervinden van de werkzaamheden. De verblijfplaatsen worden hier permanent opgehangen. De kasten worden opgehangen aan bomen op een particulier perceel, maar deze mogen niet zomaar verwijderd worden. Afbeelding 8.19 Zoekgebied voor compensatie verblijfplaatsen vleermuis incl de buffers van trilling door de damwand en de 100 m buffer vanaf de oorspronkelijke verblijfplaats waarbinnen compensatie plaatvindt

Op het perceel van Waaldijk 42 en 43 zijn bomen aanwezig welke geschikt zijn voor het ophangen van tijdelijke vleermuiskasten (afbeelding 8.20). Deze bomen vallen binnen het zoekgebied, maar buiten de invloedssfeer van de werkzaamheden.

pagina 12 van 14

Afbeelding 8.20 Geschikte bomen voor het ophangen van tijdelijke vleermuiskasten op de percelen van Waaldijk 42 en 43

pagina 13 van 14

Wanneer een nieuw huis op dit perceel gebouwd wordt, wordt in het koopcontract opgenomen dat er in het huis vier permanente paarverblijven ingebouwd worden. Dit wordt gedaan door middel van inbouwstenen als afgebeeld op afbeelding 8.21. Bij het inbouwen van vier stenen wordt voldaan aan de volgende punten: - de inbouwstenen zijn minimaal 6 maanden aanwezig voordat de vleermuiskasten verwijderd worden; - de inbouwstenen worden op een rustige plek met weinig verstoring ingebouwd, waar geen licht direct op de ingang schijnt; - de stenen worden ingebouwd met de voorzijde naar het zonlicht, richting het zuiden of zuidwesten; - de stenen worden ingebouwd in de luwte op minimaal 3 meter hoogte met voldoende veilige ruimte voor en onder de ingang, er dienen geen takken of bladeren vlak bij de in- en uitvliegopening te hangen. Daarnaast dienen er onder de ingang geen takken aanwezig te zijn waarop predatoren kunnen gaan zitten wachtend op in- en uitvliegende vleermuizen. Afbeelding 8.21 Inbouwsteen Vivara Pro IB VL01

Buiten deze compensatie is ook mitigatie van verstoring door de werkzaamheden nodig. Zie hiervoor paragraaf 8.7.1 van de natuurtoets.

pagina 14 van 14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=f7cdb582-1e98-44d0-b7d1-fb9569c9ab55