CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

47- Antwoorden aanvullende vragen Aantrekkelijke stad

Besluitronde (raadsvergadering) 22 juni 2022, gemeente NijmegenBij agendapunt: Initiatief-raadsvoorstel Coalitieakkoord 2022-2026 (50/2022)2.229 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen n.a.v. eerste thematafel aantrekkelijke stad: aanvullende antwoorden 02 Ambitiegestuurde vervangingsaanpak OR 1. In bijlage 3 is de koptekst grotendeels weggevallen. Wat staat daar, zodat de onderhandelaars de tabel kunnen begrijpen? 2. Kunnen we inzicht krijgen in de gevolgen van keuzes: a. wat zijn de kosten als we de OR tiptop 100% op orde maken b. wat zijn de kosten als we houden/wachten tot het uit elkaar valt? c. Welke bandbreedte is reëel? 3. Wat heeft prioriteit bij vervangingen in de OR? 4. Hoe worden die prioriteiten gesteld? 5. Wordt toegankelijkheid meegenomen bij vervangingen? 1.

Uitleg tabel 3 2023 Totaal per jaar € 10.706.261 €

Totaal Wijk (en jaar van aanleg) % aan te pakkenvan € 12.832.404 Altrade (1962) 75% 2023 € 9.887.438 Benedenstad (1970) 60% 2025 € 10.554.407 Bottendaal (1966) 80% 2023 € 16.949.995 Galgenveld (1950) 75% 2023 € 9.765.421 Groenewoud (1960) 75% 2023 € 15.398.523 Hengstdal (1966) 60% 2025 € 11.900.808 Hunnerberg (1965) 60% 2023 € 17.435.267 Stadscentrum (*) 25% 2025 € 11.256.551 Malvert (1966) 20% 2025 € 15.855.891 Brakkenstein (1964) 60% 2023 € 28.992.157 Hatert (1967) 60% 2023 € 11.705.086 Haterse Hei (1965) 60% 2023 € 15.364.109 Hazenkamp (1960) 60% 2023 € 9.582.288 Hees (1961) 50% 2023

tot

2023

2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

10.706.261 €

13.784.955 €

13.784.955 €

12.659.300 €

11.271.676 €

11.271.676 €

11.271.676 €

11.271.676 €

11.271.676

2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2032

€

962.430 €

962.430 €

962.430 €

962.430 €

962.430 €

962.430 €

962.430 €

962.430 €

962.430 €

962.430

2034

€

-

-

593.246 €

593.246 €

593.246 €

593.246 €

593.246 €

593.246 €

593.246 €

593.246

2032

€

844.353 €

844.353 €

844.353 €

844.353 €

844.353 €

844.353 €

844.353 €

844.353 €

844.353 €

844.353

2032

€

1.271.250 €

1.271.250 €

1.271.250 €

1.271.250 €

1.271.250 €

1.271.250 €

1.271.250 €

1.271.250 €

1.271.250 €

1.271.250

2032

€

732.407 €

732.407 €

732.407 €

732.407 €

732.407 €

732.407 €

732.407 €

732.407 €

732.407 €

732.407

2034

€

-

-

923.911 €

923.911 €

923.911 €

923.911 €

923.911 €

923.911 €

923.911 €

923.911

2032

€

714.048 €

714.048 €

714.048 €

714.048 €

714.048 €

714.048 €

714.048 €

714.048 €

714.048 €

714.048

2034

€

-

€

-

€

435.882 €

435.882 €

435.882 €

435.882 €

435.882 €

435.882 €

435.882 €

435.882

2026

€

-

€

-

€

1.125.655 €

1.125.655 €

-

2032

€

951.353 €

951.353 €

951.353 €

951.353 €

951.353 €

951.353 €

951.353 €

951.353 €

951.353 €

951.353

2032

€

1.739.529 €

1.739.529 €

1.739.529 €

1.739.529 €

1.739.529 €

1.739.529 €

1.739.529 €

1.739.529 €

1.739.529 €

1.739.529

2032

€

702.305 €

702.305 €

702.305 €

702.305 €

702.305 €

702.305 €

702.305 €

702.305 €

702.305 €

702.305

2032

€

921.847 €

921.847 €

921.847 €

921.847 €

921.847 €

921.847 €

921.847 €

921.847 €

921.847 €

921.847

2032

€

479.114 €

479.114 €

479.114 €

479.114 €

479.114 €

479.114 €

479.114 €

479.114 €

479.114 €

479.114

€

€

€

€

€

-

€

-

€

-

€

-

In bijlage 3 is een overzicht opgenomen voor de benodigde investeringen voor de komende 10 jaar (2023 t/m 2032). Het gaat hierbij om investeringen tussen de € 10,7 en 13,8 mln/jaar (gemiddeld 11 mln/jaar). In het overzicht zijn tevens de 14 meest urgente wijken opgenomen. In deze wijken is in het verleden al een deel vervangen waardoor deze niet 100% hoeven te worden vervangen. In de 3de kolom is indicatief het percentage van de te vervangen openbare ruimte per wijk aangegeven. Deze fluctueert tussen de 80% en 20% . In de eerste kolom is de totale investering per wijk aangegeven. 2.

Kunnen we inzicht krijgen in de gevolgen van keuzes: a. wat zijn de kosten als we de OR tiptop 100% op orde maken b. wat zijn de kosten als we houden/wachten tot het uit elkaar valt? c. welke bandbreedte is reëel?

Om deze vragen goed te kunnen beantwoorden, is onderstaande context nodig. Staat van onderhoud Door ontoereikende budgetten en een lange termijn van bezuinigingen waren we als gemeente Nijmegen niet in staat om onze assets zoals, wegen, groen, openbare verlichting e.d. op aantrekkelijk niveau te onderhouden en tijdig te vervangen. Een belangrijk deel van onze assets zoals asfaltwegen in de wijken, de openbare verlichting (met name kabels en leidingen en masten) hebben thans een dusdanig niveau bereikt dat regulier dagelijks onderhoud ontoereikend is en daarom moet worden vervangen. De verkeersveiligheid van de wegen kunnen we niet langer overal meer garanderen. En bij de openbare verlichting lopen we een steeds groter risico op storingen en disfunctioneren. Langer uitstel is derhalve niet mogelijk. De gemiddelde kwaliteit in de jaren ’60 tot ’80 wijken kan worden omschreven als slecht tot onvoldoende. En de jaren ’80 tot ’00 wijken als sober.

€

-

Noodzakelijke vervanging in relatie tot grote opgaven Met de ambitie-gestuurde vervangingsopgave willen we de noodzakelijke vervanging van de naoorlogse wijken integraal combineren met de grote opgaven zoals aardgasvrij maken van de wijken, klimaatbestendig maken, duurzaamheid en circulariteit, biodiversiteit, een gezonde leefomgeving en een toegankelijke openbare ruimte. Daarmee maken we – samen met de wensen van de bewoners - de wijken weer toekomstbestendig en aantrekkelijk. De vervangingsopgave van de openbare ruimte kan daarmee een katalysator zijn voor de realisatie van de grote opgaven. De vervanging van de openbare ruimte is een continue en terugkerend proces. Om de openbare ruimte voor de lange termijn op niveau te houden, zal de openbare ruimte iedere 40 jaar moeten worden gerehabiliteerd. De volgorde waarin we dit willen doen, is op basis van de leeftijd van de wijken en urgentie. Stadsbeheer heeft het afgelopen jaar samen met RoyalHaskoningDHV een programmeringstool ontwikkeld waarmee alle opgaven binnen het fysiek domein kunnen worden samen gebracht en daarmee integraal worden geprogrammeerd. Daarbij worden tevens de benodigde investeringen in beeld gebracht. In de programmering willen we nadrukkelijk ook andere planningen betrekken zoals nutsbedrijven, woningbouwcorporaties en de opgaven vanuit de sociale domein en domein veiligheid.

Door te kiezen voor een integrale planning en uitvoering voorkomen we versnippering en kan de overlast voor de omgeving worden geminimaliseerd. Onderhoudsniveau Na de vervanging stellen we voor te kiezen voor een standaard onderhoudsniveau (CROW-B) die gebruikelijk is in beherend Nederland. Het gaat daarbij om een doelmatig en kostenefficiënt onderhoudsniveau. Desgewenst kan ook gekozen worden voor een hoger (CROW-A) of lager kwaliteitsniveau (CROW-C). Met een hoger kwaliteitsniveau nemen de onderhoudskosten echter fors toe. Bij een lager (en daarmee) sober onderhoudsniveau zijn de onderhoudskosten nauwelijks lager dan bij het standaardniveau. Het standaard onderhoudsniveau (CROW-B) is daarmee meer passend voor de zorg van een voor fijne woonomgeving, een prettig vestigingsklimaat en een aantrekkelijke stad. Later dit jaar zal aan de Raad de Nota Kapitaalgoederen worden aangeboden. In de Nota zal nader worden ingegaan op de noodzakelijke vervangingen, benodigde investeringen en financiële gevolgen. Vanuit een nader op te stellen financiële strategie willen we nadrukkelijk kijken of tijdig investeren kan leiden tot een structureel lagere exploitatie. Prijsonzekerheid Door het tekort aan bouwmaterialen en de hoge inflatie is er een grote mate van prijsonzekerheid.

Vanuit deze context kunnen we de vragen beantwoorden: a) Wat zijn de kosten als we de OR tiptop 100% op orde maken? De kosten bedragen € 11 miljoen per jaar, gedurende 10 jaren. Bij een eerdere inschatting hadden we gerekend met € 10 miljoen. Dat blijkt nu met nadere berekeningen € 11 miljoen te worden. Voor 2023 en 2024 schatten we in dat we niet het volledige bedrag voorbereid kunnen krijgen. De benodigde middelen voor 2023 bedragen € 3 miljoen en voor 2024 € 5 miljoen. b)

Wat zijn de kosten als we houden/wachten tot het uit elkaar valt? Voor een aantal assets, met name wegen, geldt al dat vervanging strikt noodzakelijk is. Door achterstallig onderhoud zijn sommige wegen niet meer veilig en moet het wegdek dringend worden vervangen..

c.

Welke bandbreedte is reëel?

We gaan, gelet op de levenscyclus van de wijken, met een gemiddeld snelheid van één wijk per jaar in de naoorlogse wijken rehabiliteren. We willen per wijk de integrale benadering. Bij de keuze van het onderhoudsniveau van de wijken (exploitatie) is er een keuze in de mate waarin we het onderhoud willen uitvoeren (van sober naar standaard-hoog). Voor Nijmegen past standaard-hoog bij de ambitie aantrekkelijke wijken. In de nota kapitaalgoederen, die nog door de raad wordt vastgesteld, wordt nader ingegaan op de verschillende kwaliteitsniveaus. 3.

Wat heeft prioriteit bij vervangingen in de OR? Asfaltwegen in de woonstraten, kabels en leiding van de openbare verlichting

4.

Hoe worden die prioriteiten gesteld? Op basis van de actuele technisch kwaliteit worden de prioriteiten gesteld. We kijken naar veiligheid en functioneren. Dit is gebaseerd op jaarlijkse inspecties.

5.

Wordt toegankelijkheid meegenomen bij vervangingen? De toegankelijkheid wordt bij de integrale benadering meegenomen.

Kristiaan Laumen 11 Kamerverhuurbeleid: Zijn er voorbeelden van gemeenten met algemeen meldpunt over verhuurders? Hoe werkt dat? Antwoord: Ja, er zijn voorbeelden van gemeenten met een meldpunt specifiek over verhuurders. Daarnaast zijn er gemeenten die een algemeen meldpunt hebben. Daar kunnen verschillende meldingen worden gedaan en dus niet uitsluitend over verhuurders. Daarnaast zijn er meldpunten gericht op (toeristische) verhuur en specifiek over onderhoud van panden, zoals respectievelijk in Amsterdam en Rotterdam. Voorbeelden meldpunt verhuurders Bij de inventarisatie van gemeenten met een meldpunt over verhuurders is gekeken naar de gemeenten waar Nijmegen zich vaker mee vergelijkt. Specifieke voorbeelden van meldpunten over verhuurders zijn: Groningen heeft een specifieke meldpunt over verhuurgedrag van verhuurders. Dit is een initiatief van de Groningen Studentenbond samen met de gemeente. Na contact met de gemeente Groningen blijkt dat in eerste instantie het meldpunt meer gericht was op studenten, maar iedereen mag nu melding maken. Via het meldpunt komen enkele meldingen per week binnen. De gemeente heeft met campagnes de bekendheid van het meldpunt proberen te vergroten. Vaak gaan meldingen over huurcontracten (privaatrechtelijk), de melders hiervan worden doorverwezen naar het huurteam van Groningen. De gemeente heeft hier geen rol in.

Utrecht heeft een meldpunt huisjesmelkers. Het gaat hierbij om een te hoge huur, (brand)onveilige situatie, of intimidatie. Het is niet gelukt om meer duiding vanuit de gemeente te krijgen. Beleid Nijmegen Nijmegen kent ook een algemeen meldpunt via Meld&Herstel. Over het type meldingen dat hier binnenkomt wordt u ieder halfjaar met een rapportage geïnformeerd. Daarnaast subsidiëren we de Stichting Huurteams Nijmegen, deze stichting komt op voor de belangen van huurders.

16 Groene, gezonde leefomgeving Marieke van Kan Welke mogelijkheden zijn er om meer recreatieplekken voor kinderen en jongeren Marie Louise Verschure te realiseren? En waar dan? En wat kan nog meer in de binnenstad op dit gebied als je die autoluw of autovrij maakt? Antwoord: Oudere Kinderen ( vanaf ca 8 jaar) vinden de bestaande speelplekjes vaak te saai. We zijn, conform de omgevingsvisie, in een aantal wijken begonnen om in overleg met bewoners, enkele speelplekken uit te breiden naar grote plekken waar spelen, bewegen en ontmoeten mogelijk is voor 0 tot 100 jaar . Zo is er op die locaties veel meer keuze in aanbod en komen er meer kinderen om samen te spelen. Een voorbeeld hiervan is de locatie rond de waterplas in Lindenholt. Elke wijk heeft kansrijke locaties om een centraal liggende speelplek uit te breiden tot zo’n groen sociaal knooppunt . We gebruiken dan het hele park of grasveld om in te richten in plaats van slechts een klein percentage. Ook het inrichten van de openbare ruimte met populaire Urban sports zoals een pumptrack , goede skatevoorzieningen, freerunning, calisthenics levert meer mogelijkheden voor de jeugd om ongeorganiseerd buiten te bewegen en hun sportieve grenzen te verleggen .Ook daarvoor zien we vanuit verschillende programma’s per wijk fysieke mogelijkheden om ,in overleg met de jeugd , vorm aan te geven.

Op dit moment zijn er echter onvoldoende middelen beschikbaar om bovengenoemde plannen in heel Nijmegen te realiseren. Als de binnenstad autoluw of autovrij gemaakt wordt kunnen er veel aantrekkelijke plekken ontstaan voor speelaanleidingen zoals het speelkleed op het Marienburgplein of met elementen om op te balanceren of te springen in het straatwerk .

Cultuur: Wat is realistische raming voor meegroei van het cultuurbudget met het inwoneraantal? Antwoord: In onze begroting staat een benchmark per taakveld. Nijmegen wordt hier vergeleken met 7 andere gemeenten. Er zijn 3 taakvelden die de uitgaven van cultuur bevatten: Cultuurpresentatie/cultuurproductie, Musea en Media. Musea en Media zijn specifiek en daar zitten ook andere elementen in zoals archeologie, het archief en media. Daarom is Cultuurpresentatie/productie een goede graadmeter. Voor 2022 lijkt het alsof Nijmegen prima voldoet aan de benchmark namelijk het gemiddelde van € 83 per inwoner, maar in 2022 zitten bijna € 2 miljoen aan tijdelijke middelen (€ 1.6 miljoen voor Corona en € 350.000 voor dekking kapitaallasten museum) in de begroting. Om het bedrag van € 83 per inwoner te continueren betekent dat een toevoeging van structureel € 2 miljoen aan het taakveld cultuurpresentatie en productie vanaf 2023. Daarmee lopen we weer in de pas. Dat kan bij iedere nieuwe coalitie aangepast worden aan het aantal inwoners. Uit de stadsbegroting 2022-2025 (https://nijmegen.begroting-2022.nl/p51509/5-3-cultuurpresentatiecultuurprod): Taakveld Cultuurpresentatie en productie

Naast meegroei van het budget zijn er nog dossiers zoals De Bastei, Bibliotheek en Lindenberg die extra structurele middelen nodig hebben.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=105349ea-8d86-4e4a-a694-c77df6647fd5