4. Participatieverslag Omgevingsvisie gemeente Nijmegen De Nabije Stad
Tekst van het document
Participatieverslag: Samen in gesprek over onze stad 24 juni 2025 Actualisatie Omgevingsvisie
Map = Schrijven algemeen / sjab = Nota, beleids- of projectplan ▪
▪
1
Inhoudsopgave Participatieverslag Samen in gesprek over onze stad Inhoudsopgave Inleiding Beleidskaders Participatieproces Doelen participatie Participatieonderdelen Stadspanel Stadsgesprekken Gesprekken met enkele specifieke stakeholders Stadsdeelgesprekken Verplichte participatie
2
1 2 3 3 8 8 8 8 12 19 19 24
▪ ▪
Inleiding De omgevingsvisie bevat een strategische integrale langetermijnvisie over de noodzakelijke en de gewenste ontwikkelingen van de fysieke leefomgeving in de gemeente Nijmegen richting 2050. We streven naar een visie waarin de belangen van Nijmegenaren terug te zien zijn in de keuzes die gemaakt zijn. Om de vele stemmen van de stad in de visie een plek te geven, zijn we met de stad in gesprek gegaan. Dat hebben we op verschillende manieren aangepakt in de periode van oktober 2023 tot december 2024. In dit participatieverslag beschrijven we de aanpak, participatievormen en uitkomsten van de gesprekken. Het participatieverslag is nu een bijlage bij de geactualiseerde omgevingsvisie. Hiermee voldoet de gemeente aan de vereiste uit de Omgevingswet. De inhoudelijke uitkomsten van het gesprek met de stad zijn, waar mogelijk, verwerkt in de ontwerp-omgevingsvisie in de uitwerking van de thematische ambities of de gebiedsuitwerkingen per stadsdeel.
Beleidskaders De ruimte in Nijmegen is beperkt: niet alles kan en niet alles past. Dit leidt tot dilemma’s die vragen om heldere belangenafwegingen, scherpere keuzes en prioriteiten. Bij het ontwikkelen van de visie hebben we ons op twee hoofddoelen gefocust: • •
Een goed functionerende omgevingsvisie voor Nijmegen, die handvatten biedt om samenhangende keuzes te maken in de fysieke leefomgeving. Een duurzame manier van samenwerken en in dialoog gaan over de toekomst van Nijmegen.
Om deze doelen te bereiken, werken we volgens twee kernprincipes: integraal en open. Hiermee handelen we in de geest van de Omgevingswet. Daarnaast past dit bij de Nijmeegse kijk op participatie en democratische vernieuwing. ‘Integraal’ betekent dat deelnemers met diverse belangen (professionele partijen, bewoners, gemeente) met elkaar in gesprek gaan en dat we aandacht hebben voor tegengeluiden en voor belangen van partijen die niet fysiek aan tafel zitten. ‘Open’ betekent dat we transparant zijn over resultaten van bijeenkomsten/gesprekken, dat we aansluiten bij lopende initiatieven en netwerken in de stad en de Groene Metropoolregio en dat uitleg gegeven wordt over de belangenafwegingen en de keuzes die gemaakt en de prioritering die bepaald worden in de visie.
Participatievisie gemeente Nijmegen In de participatievisie van Nijmegen ‘Ons samenwerken met de stad; Visie en koers voor participatie en democratische vernieuwing’ staat de volgende opdracht ten aanzien van participatie door en in de gemeente Nijmegen:
3
“Onze visie voor het onderwerp van participatie en democratische vernieuwing gaat over een sterke gemeenschap van stad en gemeente... In een sterke gemeenschap is gemeenschapszin en verbinding voelbaar, vinden waardevolle initiatieven vanuit de stad hun kracht en weg in de samenleving en staan we als gemeente naast de stad, zonder in te leveren op onze rol en verantwoordelijkheid als beheerder en beslisser… Als gemeente hebben we bovendien een belangrijke verbindende rol: we luisteren goed naar wat er speelt en nemen de onderliggende waarden en behoeften, van betrokken inwoners en partijen, mee in onze keuzes voor de stad. We kunnen deze keuzes ook begrijpelijk uitleggen, zodat inwoners zich gehoord, betrokken en deel van het geheel voelen.”
Waardentransport naoorlogs erfgoed, 28 oktober 2023
4
▪ ▪
We werken mét de stad aan de opgaven in de fysieke leefomgeving. Dat passen we ook toe bij de actualisatie van de omgevingsvisie. We werken samen met inwoners, bedrijven, instellingen en medeoverheden.
Participatie in de Omgevingswet De Omgevingswet brengt veranderingen met zich mee in de manier waarop besluiten tot stand komen die betrekking hebben op veranderingen in het ruimtelijk domein. Zo gaan we werken met één omgevingsvisie. Het ruimtelijke instrumentarium wordt aangepast en de wet verwacht meer van betrokkenen, waaronder gemeenten, op het gebied van participatie. Met participatie bedoelt de Omgevingswet het volgende: “Het in vroegtijdig stadium betrekken van belanghebbende burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden bij het proces van besluitvorming over een project of activiteit om tijdig belangen, meningen en creativiteit op tafel te krijgen.” Belanghebbenden moet de kans geboden worden te participeren voordat formele besluitvorming van start gaat. Zodat inwoners in staat worden gesteld mee te denken aan nog te maken keuzes voor de toekomst van de stad. De Omgevingswet vraagt een manier van werken in lijn met de kernprincipes van vroegtijdige participatie, transparantie en integraliteit. Een werkwijze waarmee belanghebbenden vroegtijdig en proactief betrokken worden. De werkwijze vraagt om een gemeente die bij het maken van noodzakelijke keuzes diverse belangen zorgvuldig afweegt, transparant is over zwaarwegende belangen en daarmee de legitimiteit van de besluitvorming versterkt.
5
Participatiebeleid voor het ruimtelijk domein In oktober 2022 is het participatiebeleid voor het ruimtelijk domein vastgesteld met drie doelstellingen die relevant zijn voor het participatieproces voor de actualisatie van de omgevingsvisie: 1. De betrokkenheid van inwoners bij de besluitvorming verbeteren: Daarnaast groeit de betrokkenheid van inwoners en organisaties in de stad als we meer contact met hen hebben over initiatieven en besluitvorming. Om signalen op te halen, plannen te verrijken, belangen bespreekbaar te maken en een plek te geven, alternatieven op te halen en/of mee te bewegen bij een particulier initiatief. 2. De manier waarop participatie verloopt transparant te laten zijn voor iedereen: Proces en inhoud van initiatieven zijn helder, begrijpelijk en zichtbaar. We zijn niet alleen duidelijk over wanneer een participatietraject start, maar ook transparant over wat er gebeurt met de inbreng van betrokkenen. 3. De inhoudelijke kwaliteit van de besluiten verbeteren: Als belangen vroegtijdig en breed worden meegewogen, meer perspectieven worden ingebracht en meer gebruik wordt gemaakt van de kennis en de creativiteit van de stad, dan wordt de inhoudelijke kwaliteit van besluiten hoger. Dat vraagt om beleid waarin inwoners de gelegenheid krijgen om actief te participeren.
Goed participatiebeleid kan een positief effect hebben op de versnelling van de woningbouwopgave. Als mensen in vroeg stadium mogen meedenken, -praten en/of beslissen, zal de kwaliteit van het besluit beter zijn. Ook zullen belanghebbenden beter kunnen begrijpen waarom een bepaald besluit genomen wordt. Daarmee wordt de kans kleiner dat er juridische procedures ontstaan. Omdat de Omgevingswet in de toekomst meer ruimte gaat geven aan initiatiefnemers, willen we dat initiatiefnemers zich conformeren aan het participatiebeleid van de gemeente.
6
▪ ▪
Waardentransport naoorlogs erfgoed, 28 oktober 2023
Stadsgesprek Circulariteit, 11 januari 2024
Stadsgesprek Wonen en verdichting, 22 juni 2023
Stadsgesprek Mobiliteit, 2 november 2023
7
Participatieproces Voor de actualisatie van de omgevingsvisie is het participatieplan ‘Samen in gesprek over onze stad’ op 19 september 2023 door het College vastgesteld en op 1 november 2023 ter informatie aangeboden aan de raad. Voor de stadsdeelgesprekken (uitwerking van het participatieplan) is een aanvulling gedaan op het oorspronkelijke plan. De raad is met een raadsbrief op 29 oktober 2024 over de uitkomsten van de stadsdeelgesprekken geïnformeerd.
Doelen participatie • • • •
Belanghebbenden een stem geven: we geven belanghebbenden de kans om aan te geven wat vanuit hun perspectief belangrijk is voor de stad en hoe zijn kijken naar de dilemma’s waar we voor staan. Plannen beter maken: veel kennis over de stad zit bij inwoners, bedrijven en organisaties. Door goed te luisteren naar de belangen, wensen, ideeën en zorgen van belanghebbenden, kunnen we betere plannen en visies maken. Creativiteit en uitvoeringskracht aanboren: vele stakeholders onderschrijven de uitgangspunten uit de omgevingsvisie en willen bijdragen aan de uitvoering ervan. Inhoudelijke kwaliteit van besluitvorming verbeteren: Samen maken we de stad. Als belangen vroegtijdig en breed worden meegewogen, meer perspectieven worden ingebracht en meer gebruik wordt gemaakt van de kennis en de creativiteit van de stad, dan wordt de inhoudelijke kwaliteit van besluiten hoger. Als we belanghebbenden vanaf het begin meenemen in de actualisatie, groeit het inzicht en begrip voor belangen van anderen en ook voor de dilemma’s waar we als stad voor staan. Een grotere gedragenheid helpt bij het vervolgproces en de besluitvorming die plaats gaat vinden aan het eind van dit proces.
Participatieonderdelen Er wonen ongeveer 189.000 mensen in Nijmegen. Met iedereen in gesprek gaan is niet mogelijk. Wel vindt de gemeente Nijmegen het wenselijk dat de omgevingsvisie zo veel mogelijk aansluit bij de taal en het perspectief van bewoners uit de stadsdelen. Uit ervaring weten we dat maar een beperkt deel van de inwoners participeren in beleidsprocessen. Dat is niet alleen in Nijmegen zo, maar ook landelijk. We hebben er rekening mee gehouden dat we niet alle belanghebbenden zullen horen. We zien dat niet als een gegeven en zetten daarom extra in om verschillende groepen te bereiken. Bovendien wil niet iedere stakeholder op dezelfde wijze betrokken worden. Vandaar dat we op verschillende manieren contact gelegd hebben.
Stadspanel Voor de actualisatie van de omgevingsvisie hebben we meermaals het Nijmeegse stadspanel ingezet in de verkenningsfase.
8
▪ ▪
Groeien binnen de bestaande stad In oktober 2023 is de peiling ‘Groeien binnen de bestaande stad?’ uitgezet onder de panelleden van het stadspanel om antwoord te krijgen op de onderzoeksvragen: • Als het gaat om groeien (en bouwen) binnen de grenzen van de stad denkt het stadsbestuur aan een eigen aanpak in verschillende gebieden. Welke prioriteiten geven inwoners in welke specifieke gebieden? • Welke inhoudelijke keuzes qua ruimtelijke ontwikkeling zijn passend en belangrijk voor welk gebied? Met een respons van 32% leverde het onderzoek geen volledig representatief beeld op voor de Nijmeegse bevolking, maar wel inhoudelijk waardevolle resultaten en een goede spreiding over de stad. Het algemene beeld is dat inwoners een veelheid aan keuzes in ruimtelijke ontwikkeling passend en belangrijk vinden voor de diverse gebieden, zowel over openbare ruimte-thema’s (groen, hitte, water), levendigheid versus rust, cultuur en ontmoeting als beweegmogelijkheden en het verminderen van de impact van auto’s. Uitzondering op deze regel is het minder grote draagvlak voor het bouwen van extra woningen binnen de bestaande stad, voor het bieden van ruimte aan bedrijvigheid en voor het geven van meer aandacht bereikbaarheid per auto. Voor specifieke gebieden is er wat meer steun voor deze perspectieven.
Het panel ziet de woningbouwopgave vooral graag in Nijmegen-Noord gerealiseerd, en veel minder in het Nijmegen ten zuiden van de Waal. Ambities voor de werkgebieden spitsen zich vooral toe op het bieden van ruimte voor bedrijvigheid, op autobereikbaarheid en op het verblijfsklimaat voor werkenden. Op het oog tegenstrijdige belangen worden in de breedte gesteund. De keuze bijvoorbeeld voor een gemengde invulling en een levendig gebied wordt door veel panelleden aantrekkelijk gevonden. Tegelijkertijd wordt extra aandacht gevraagd voor geluidsoverlast en luchtkwaliteit. En pleit een aanzienlijk deel van het panel ervoor rustige plekken in de wijk te behouden. De overige conclusies staan opgenomen in de bijlage “Groeien binnen de bestaande stad? Actualisering omgevingsvisie, peiling Nijmeegs stadspanel”.
9
Gezonde leefomgeving In oktober 2023 is ook de stadpeiling ‘Gezonde leefomgeving’ in het kader van de actualisatie van de omgevingsvisie uitgezet om antwoord te krijgen op de onderzoeksvragen: • • •
Wat verstaan Nijmegenaren onder een gezonde leefomgeving: wat is het burgerperspectief en de bijbehorende scope? Wat zijn in de ogen van burgers belangrijke onderdelen van een gezonde stad en buurt, die de komende jaren meer aandacht moeten krijgen? Welke aspecten die te maken hebben met de inrichting van Nijmegen helpen om gezonder te kunnen leven?
De bijdragen van ruim 1.200 panelleden, goed gespreid over de stad, leveren inhoudelijk waardevolle resultaten op. Uitgangspunten voor een gezonde leefomgeving die door een zeer groot deel van het panel (70-90%) zijn benoemd: ruimte voor parken, bomen, planten en dieren; schone lucht; ruimte voor bewegen en spelen; ruimte voor voetgangers en fietsers; schone straten en pleinen; een gevoel van veiligheid in buurt en stad; een rustige, geluidsarme omgeving. De aspecten waarvoor meer op stedelijke schaal extra aandacht voor gevraagd is, zijn: schone lucht; het voorbereiden op extremer weer; ruimte voor parken, bomen, planten en dieren; het niet tekort doen van de toekomst van mens en dier; ruimte voor voetgangers en fietsers. De belangrijke inrichtingselementen ‘meer plekken met groen (71%)’ en ‘een gevoel van veiligheid in buurt en stad (61%)’ helpen volgens het panel om gezonder te leven. Voor interventies rond gezond eten in de nabijheid van scholen, de verkeersinrichting, extra groenvoorzieningen en rookvrije openbare ruimtes lijkt veel draagvlak te zijn. Ook de keuze om wijken met de grootste gezondheidsproblemen prioriteit te geven qua leefomgeving krijgt van een groot deel van het panel steun (67%). Naar verhouding is weinig steun voor het gebruiken van de beschikbare ruimte in de stad voor woningen (24% eens, 38% oneens).
De overige conclusies staan opgenomen in de bijlage “Gezonde leefomgeving. Actualisering omgevingsvisie, peiling Nijmeegs stadspanel”.
10
▪ ▪
Energietransitie: wonen zonder aardgas De peiling ‘Energietransitie: wonen zonder aardgas’ is in februari 2024 uitgezet onder 4.888 panelleden en de respons van 51,9% ingevulde vragenlijsten is voldoende om bruikbare uitspraken voor de stad en deelgroepen te doen en om deelgebieden (stadsdelen) te onderscheiden. Met de peiling zijn inzichten verzameld op de vragen: • Welk belang hechten Nijmegenaren aan de energietransitie? • Welke houding tonen (verschillende groepen) inwoners ten aanzien van (na)isolatie, aardgasvrij wonen, energie opwekken, opslag van energie en kostenonzekerheid/betaalbaarheid? • Wat hebben eigenaar-bewoners en huurders nodig, wat is helpend, hoe kan de gemeente ontzorgen? • Welk draagvlak tonen inwoners voor gemeentelijke maatregelen, ook in relatie tot eventuele drang en dwang? Voor de energietransitie en aardgasvrij wonen is er bij grote groepen algemeen draagvlak zichtbaar. Dissatifiers zijn vooral burgerbetrokkenheid/participatie en kosten en betaalbaarheid van de benodigde investeringen. Er komen op dit vlak diverse verschillen naar deelgebieden en woonsituatie naar voren. Zo zien we in Dukenburg en Lindenholt dat een meerderheid steun geeft, maar ook dat bovengemiddeld grote groepen het er niet mee eens is. In Nijmegen-Noord en bij particuliere huurders is de algehele steun juist bovenmatig sterk.
De genoemde stadsdelen Dukenburg en Lindenholt en als tegenpool Nijmegen-Noord zijn ook opvallend als het gaat om kostenonzekerheid en zorgen over de betaalbaarheid. In het grotendeels aardgasvrije Nijmegen-Noord geeft bijna 80% aan dat het stoppen met aardgas voor verwarmen en koken niet zorgt voor minder wooncomfort. Desgevraagd toont ruim de helft van de panelleden intrinsieke motivatie om met een verwarming zonder gasverbruik klimaatveranderingen tegen te gaan. Momenteel heeft echter een minderheid van de groep die nu verwarmt op aardgas of hout heeft belangstelling voor gasloze verwarmingssystemen. Dat geldt voor zowel een hybride systeem in de woning, een eigen verwarmingssysteem op elektriciteit als aansluiting op een warmtenet samen met de buurt. Een deel van de ondervraagden is bang dat een gasloze verwarming de woning niet warm krijgt en/of dat een gasloze verwarming duurder uitpakt. De opmars van het elektrisch koken is ook in Nijmegen zichtbaar, bijna de helft van het stadspanel heeft al een inductiekookplaat in gebruik. Van de groep die momenteel op gas kookt toont 74% belangstelling voor een overstap naar een inductiekookplaat. Huurders van corporatiewoningen zijn bovenmatig geïnteresseerd in inductie-koken. Uit
11
toelichtingen van panelleden komt onder andere naar voren dat er zorgen zijn over de aanleg en financiering van de techniek. En dat veel mensen de overstap timen en bijvoorbeeld laten samenvallen met een keukenrenovatie. Naast een opmars van elektrisch koken is ook de toename van zonnepanelen in Nijmegen zichtbaar: meer dan de helft van het stadspanel heeft zonnepanelen in gebruik. Van de groep die momenteel geen zonnepanelen in gebruik heeft zou een deel de woning graag uitrusten met zonnepanelen. Er zijn ook beperkingen naar voren gekomen: ongeveer de helft van de groep zonder panelen en zonneboiler heeft naar eigen zeggen niet de mogelijkheid deze voorzieningen aan te (laten) leggen. Een kleiner deel heeft niet de mogelijkheid om een accu om opgewekte stroom op te slaan in de woning te plaatsen. De overige conclusies staan opgenomen in de bijlage “Energietransitie: wonen zonder aardgas?, peiling Nijmeegs stadspanel”.
Stadsgesprekken In de maanden juni 2023 tot en met maart 2024 zijn verspreid over de stad stadsgesprekken gevoerd over zeven inhoudelijke thema’s. Bij deze gesprekken zijn stedelijke partijen (woningcorporaties, bouwers, architecten, wijkraden, zorgpartners, kennisinstellingen etc.) uitgenodigd. • • • • • • •
Op 22 juni 2023 is de gemeente in gesprek gegaan over wonen in de stad. In deze bijeenkomst is het woonbehoeftenonderzoek besproken. Op 2 november 2023 hebben we gesproken over de plek van mobiliteit in onze prettige leefomgeving. Op 13 november is het thema bouwen binnen de grenzen van de stad besproken. Op 28 november zijn we in gesprek gegaan over ons naoorlogse erfgoed. Op 11 januari 2024 hebben we gesproken over de impact van de circulaire economie. Op 12 maart 2024 zijn we in gesprek gegaan over wonen in Zorg. Op 25 maart 2024 zijn we met elkaar in gesprek gegaan over de impact van de energietransitie op Nijmegen.
Van ieder gesprek is een verslag en een infographic (behalve van het stadsgesprek over zorg) met de belangrijkste onderwerpen gemaakt. De verslagen zijn toegevoegd als bijlage. De gesprekken en de uitkomsten hebben niet alleen waardevolle informatie opgeleverd voor de omgevingsvisie, maar ook voor de afzonderlijke beleidstrajecten.
12
▪ ▪
13
14
▪ ▪
15
16
▪ ▪
17
18
▪ ▪
Gesprekken met enkele specifieke stakeholders We zijn in gesprek gegaan met een aantal specifieke stakeholders/stakeholdergroepen. De actualisatie van de omgevingsvisie van Nijmegen heeft op de agenda gestaan bij de cliënten- en adviesraden, de regiogemeenten en de woningbouwcorporaties. Met hen is besproken hoe zij kijken naar de stad en de thema’s die hier in de komende jaren aan de orde zijn. Tijdens de formele participatie (inspraak) worden voor deze specifieke stakeholders/stakeholdergroepen presentaties verzorgd zodat ze zich goed kunnen voorbereiden op eventuele inspraakreacties.
Stadsdeelgesprekken Onze gekozen aanpak heeft zich in de fase van het maken van de gebiedsuitwerkingen gericht op het scherp(er) krijgen van het bewonersperspectief. Hiertoe zijn stadsdeelgesprekken georganiseerd om zoveel mogelijk van de onderliggende belangen die bewoners hebben met betrekking tot de ruimtelijke opgaven in de stad in kaart te brengen.
Aanpak Ruim 40 bewoners zijn uitgenodigd voor een belangengesprek. Dit type gesprek is bedoeld om duidelijkheid te verschaffen over de belangen die spelen en gemeentelijke aannames te toetsen. De focus lag niet op standpunten en mogelijke oplossingen, maar op de bewonersbelangen en de dieperliggende motivaties en redenen achter deze belangen. De onafhankelijk gespreksleider heeft met een open houding vooral actief geluisterd en doorgevraagd om de belangen zo grondig mogelijk te begrijpen en in kaart te brengen. Bij (bijna alle) belangengesprekken was er naast de gespreksleider een wijkregisseur van de gemeente Nijmegen aanwezig, evenals een lid van het kernteam dat verantwoordelijk is voor het schrijven van de gebiedsuitwerkingen. Dit had twee doelen: ten eerste konden de ambtenaren uit eerste hand waardevolle kennis en informatie verzamelen voor de gebiedsuitwerkingen, en ten tweede kon de relatie worden versterkt tussen de gemeente en bewoners. Iets wat de gemeente ook op langere termijn ambieert. De gesprekken zijn gevoerd als informatief gesprek en niet in de vorm van een dialoog of discussie. De gemeente heeft deelgenomen aan de gesprekken om te luisteren en niet om beleidskeuzes toe te lichten of te vertegenwoordigen. Er zijn in de gesprekken geen keuzes of afspraken gemaakt.
Representativiteit In ieder stadsdeel, behalve in stadsdeel Centrum, is met bewoners gesproken die zijn aangedragen door de wijkregisseurs op basis van de contacten die zij in de stadsdelen hebben met de wijkraden. De bewoners met betrokkenheid bij de wijkraad kennen de wijken en de omstandigheden in de stadsdelen en hebben een goed beeld wat er leeft in de wijk. De gesprekspartners verschillen in leeftijd, afkomst, opleidingsniveau en beroep, maar delen allemaal een diepgaande betrokkenheid bij de stad Nijmegen. De gesprekken hebben plaatsgevonden op persoonlijke titel zonder dat de gesprekspartners alle bewoners hoefden te vertegenwoordigen.
19
Onderwerpen In de meeste stadsdeelgesprekken zijn niet alleen de consequenties van het ruimtelijk beleid van de gemeente ten aanzien van woningbouw, milieu/duurzaamheid en transities ten aanzien van warmte, energie en mobiliteit onderwerpen van gesprek geweest. Ook de wijze waarop de gemeente Nijmegen de bewoners betrekt bij het maken van beleid, het uitvoeren van projecten en het oplossen van problemen in de leefomgeving is aan bod gekomen.
Belangenverslagen Van ieder gesprek en per stadsdeel is een belangenverslag gemaakt, een verslag van het gesprek waarmee we toetsen of de bewonersbelangen goed geformuleerd zijn. In onderstaande opsomming van de belangen is per stadsdeel een onderscheid gemaakt tussen belangen die bewoners hebben ten aanzien van participatie en belangen bij de ruimtelijke onderwerpen van de omgevingsvisie. Het rapport “Bewonersbelangen stadsgesprekken omgevingsvisie Nijmegen” is als bijlage toegevoegd. Stadsdeel Lindenholt
Belangen
Participatie Ruimtelijk beleid
Een wijkregisseur met mandaat die zorgt voor een integrale aanpak van initiatieven en problemen in de wijk Een voorzieningenhart+ met ruimte voor bewoners waarmee ontmoeting wordt gefaciliteerd Aanbod ouderhuisvesting past bij de toenemende vraag Gemengd woningaanbod (ouderen en jongeren) voor levendigheid en gemeenschapszin Verbetering van de waterkwaliteit Een gezonde leefomgeving met gemeenschappelijk groen in de hofjes Auto parkeren vindt plaats op het eigen terrein De IJpenbroekweg wordt afgewaardeerd voor een betere verbinding tussen westelijk en oostelijk deel Lindenholt Openbaar vervoer sluit aan op de vervoersbehoefte Consistent beleid ten aanzien van de energietransitie
Stadsdeel Dukenburg
Belangen
Participatie
Belang van bewoners prevaleert in het beleid Wijkmanager met mandaat en netwerk die tijdig, respectvol en transparant met bewoners praat Door gemeente gemaakte keuzes worden goed uitgelegd Dukenburgers willen weer trots kunnen zijn op hun stadsdeel Groen in Dukenburg heeft verschillende functies Bewoners worden ontzorgd Verloedering van openbare ruimte tegengaan met afvalbeleid wat past bij bewonersgroep Sociale problematiek aanpakken door de concentratie sociale huurwoningen te verminderen
Ruimtelijk beleid
20
▪ ▪
Betaalbare geschikte woningen toevoegen Kleinschalige voorzieningen in wijken Openbare ruimte die uitnodigt om auto te laten staan Dukenburg verbinden aan de rest van Nijmegen met voetgangs-/fiets- én OV-verbindingen Stadsdeel Nijmegen Nieuw-West
Belangen
Participatie
Verrijk gemeentelijke plannen samen met bewoners Aansluiten bij de leefwereld van de bewoners Open karakter van Hees behouden Groen als bufferzone Ecologische waarde van groen versterken Blijven wonen in Hees Voorzieningen passen bij schaal van wijken Voorzieningen toevoegen voor vergrijzende bewonersgroep Neerbosch-Oost Leefbaarheid verbeteren door woningmix Woningvoorraad sluit aan bij de woonvraag Openbare ruimte daagt uit tot bewegen Geïsoleerde ligging van stadsdeel Nieuw West verminderen Beter benutten bestaande voorraad Doorstroming stimuleren
Ruimtelijk beleid
Stadsdeel Nijmegen Oud-West
Belangen
Participatie
Bewonersbelangen wegen zwaar in belangenafweging Leefwereld van bewoners eerder betrekken Wijkraden hebben langdurig een vast aanspreekpunt Bewonersinitiatieven komen makkelijk van de grond Praktische en realistische plannen voor de wijk Leefbare wijken met plekken die gemeenschapszin/-gevoel bevorderen In de wijken blijft plek voor de oorspronkelijke bewoners (arbeiders) In de wijk zijn voldoende faciliteiten voor oudere bewoners Doorstromingsmogelijkheden voor ouderen in de wijk
Ruimtelijk beleid
21
Stadsdeel Nijmegen Midden
Belangen
Participatie
Participatie die aansluit bij de belevingswereld van bewoners Representatieve participatie Keuzes van de gemeente worden goed uitgelegd in de omgevingsvisie De groene longen in de wijk blijven bewaard Beperkte ruimte in de wijk wordt beter benutten door functiemening en meervoudig ruimtegebruik De juiste functies op de juiste plek Bewonersinitiatieven worden gefaciliteerd met ruimte en ondersteuning Maatregelen voor een betere leefomgeving prioriteit geven in de omgevingsvisie Maatregelen moeten aansluiten bij de belevingswereld van de wijkbewoners Winkelsteeg wordt een verbindende plek in stadsdeel Midden Aandacht voor levendigheid van stadsdeel Midden
Ruimtelijk beleid
Stadsdeel Nijmegen Zuid
Belangen
Participatie
Gemeente maakt keuzes en pakt daarop door Gemeente moet bewoners ontzorgen Bewoners denken op tijd mee over initiatieven in de wijk Bestaande faciliteiten worden beter benut Nieuwe ontmoetingsplekken worden gecreëerd in de wijk Zorgvuldige mix van doelgroepen in woonwijken Verkeeraders worden ingericht ten gunste van fietsers en voetgangers In het plan van de universiteit wordt rekening gehouden met de (negatieve) effecten op de omliggende woonwijken
Ruimtelijk beleid
Stadsdeel Nijmegen Noord
Belangen
Participatie Ruimtelijk beleid
Behoud Oosterhout als een buitenwijk van Nijmegen Proactieve visie op mobiliteitsontwikkeling in de wijk Mobiliteitsconcepten passen bij inwoners Gedifferentieerd woningaanbod realiseren
22
▪ ▪
Flexibiliteit in plannen Voorzieningen op orde voor jeugd/jong volwassenen Ontmoetingsplekken mogelijk maken in het omgevingsplan
Stadsdeel Nijmegen Oost
Belangen
Participatie Ruimtelijk beleid
Participatie bewoners wordt serieus genomen Meer aandacht voor leefbaarheid in wijken dichtbij stadscentrum Zeggenschap over groene ruimte Beter benutten van bestaande voorraad onder kwalitatieve voorwaarden Bewoners worden ontzorgd Kleinschalige voorzieningen voor en door de wijk
Gebiedsuitwerkingen Met de gesprekken heeft de gemeente een beter beeld gekregen van het perspectief van de bewoners uit de stadsdelen en de ruimtelijke, sociale en maatschappelijke verschillen tussen de stadsdelen. In de gebiedsuitwerkingen zijn inhoudelijke onderwerpen aangescherpt en witte vlekken ingevuld. De gesprekken hebben geholpen om de belangenafweging voor het stadsdeel zorgvuldig en integraal te kunnen maken.
23
Verplichte participatie Het college heeft de ontwerp-omgevingsvisie vrijgeven voor de ter inzagelegging. Gedurende 6 weken heeft iedere belanghebbende een zienswijze kunnen indienen. Twee weken na de vrijgave van het college is de ontwerp-omgevingsvisie tijdens een inloopbijeenkomst toegelicht aan geïnteresseerden. Het doel van de bijeenkomst is om bewoners en andere geïnteresseerden in staat te stellen om alle informatie te verzamelen die ze nodig hebben om een eventuele zienswijze in te kunnen dienen. Van de zienswijzen en de beantwoording daarvan is een zienswijzenota gemaakt.
24
▪ ▪