1. Uitnodiging subsidieaanvraag Bindkracht10 2026-2028
Tekst van het document
Uitnodiging subsidieaanvraag Bindkracht10 2026 t/m 2028 7 november 2025
Inleiding Voor u ligt de subsidie uitnodiging voor Bindkracht10 voor de periode 2026 tot en met 2028. Deze subsidie uitnodiging is anders dan de voorgaande jaren. Dit hangt samen met een gezamenlijk proces van gemeente en maatschappelijke organisaties om in deze tijden van transitie in het sociale domein verandering aan te brengen op het gebied van sturen en richten (sturingsinnovatie). Uitgangspunt daarbij is het bestaande anders te doen en vooral om dat met elkaar anders te doen. Waarbij de maatschappelijke organisaties elkaar opzoeken om samen impact maken. Veranderen in tijden van maatschappelijke transitie vergt een proces van samen leren en samen experimenteren. In deze context vragen wij Bindkracht10 in de subsidieaanvraag te reflecteren op een aantal leidende principes, op de gemeentelijke ambities & doelen en de ontwikkelingen op de verschillende beleidsdomeinen. Deze inhoudelijke onderdelen worden gepresenteerd in de hoofdstukken 1 t/m 3. In hoofdstuk 4 geven we het financiële kader en de financiële spelregels voor de subsidieverlening voor de periode 2026 t/m 2028. We vragen Bindkracht10 voor de reflectie op deze onderdelen in de subsidieaanvraag gebruik te maken van het format in de bijlage. We ontvangen uw conceptaanvraag graag uiterlijk maandag 1 september 2025. Hierna zullen wij ambtelijk met u in gesprek gaan over uw subsidieaanvraag.
De definitieve aanvraag ontvangen we graag uiterlijk maandag 6 oktober 2025.
Hoofdstuk 1 – Leidende principes We vragen Bindkracht10 te werken volgens een zestal leidende principes voor het sociaal domein. We zien deze leidende principes als vuistregels die richting geven aan ons gezamenlijk beleid en de uitvoering daarvan. De leidende principes zijn geen doel op zich maar geven eerder antwoord op de hoe-vraag. Ze helpen bij het bij het maken van fundamentele (financiële) keuzes. In de aanvraag van Bindkracht10 zien we graag een reflectie terug op het werken volgens deze leidende principes en de gevolgen hiervan. Welke keuzes zijn gemaakt op basis van het werken volgens onderstaande leidende principes? 1. Sociale basis is het fundament van het sociaal domein Een sterke sociale basis is belangrijk voor het welzijn en de gezondheid van mensen en de kansengelijkheid voor iedere Nijmegenaar. De sociale basis is overal in de stad te vinden. Bijvoorbeeld in alle wijken waar mensen met elkaar samenleven. We willen dat de sociale basis een stevig fundament is voor iedereen. Daarom investeren we als gemeente in de sociale basis.
1
De sociale basis bestaat uit mensen, plekken en initiatieven dichtbij huis – van hulp voor de buren tot ontmoetingsplekken, van vrijwilligersorganisaties tot informele zorg. Dit is een belangrijke waarde van de sociale basis op zichzelf. Daarnaast veronderstellen we dat een sterke sociale basis kan voorkomen dat problemen ontstaan of verergeren en draagt daarmee bij aan een meer preventieve aanpak in het sociaal domein.
Figuur 1 Vanuit de institutionele sociale basis willen we de gemeenschappelijke sociale basis versterken (Movisie)
We zetten in op een sterke collectieve basis, waarin bewoners elkaar ontmoeten, ondersteunen, respecteren en samen activiteiten ondernemen. Dit is niet alleen effectiever, maar ook duurzamer dan het individueel ondersteunen van elk probleem. Wanneer een inwoner enkel geholpen kan worden of beter geholpen is met een individueel traject dan blijft dit mogelijk. Uitgangspunt is: zorg en ondersteuning is collectief, tenzij een individueel traject passender (of noodzakelijk) is. 2. Ongelijk investeren in gelijke kansen We investeren waar het hardste nodig is om de ongelijkheid in de stad tegen te gaan. Dit doen we op basis van kwalitatieve en kwantitatieve data over inwoners, de stad en haar gebieden. Wie? We investeren meer in inwoners en groepen inwoners die extra ondersteuning/aandacht nodig hebben om zo een gelijk speelveld te creëren. Dit betekent dat niet iedereen in Nijmegen op eenzelfde manier gefaciliteerd en ondersteund wordt. Maar dat de inwoners die dit het meest nodig hebben, meer gefaciliteerd worden of ondersteuning krijgen om de ongelijkheid in de stad te verkleinen. Dit betekent bijvoorbeeld dat er meer geïnvesteerd wordt in activiteiten die gericht zijn op het verkleinen van (gezondheids)verschillen.
Inwoners met een lage sociaaleconomische positie leven gemiddeld 5 jaar korter en krijgen ruim 14 jaar eerder te maken met een slechtere gezondheid dan mensen met een hoge sociaaleconomische positie. We hebben aandacht voor inwoners voor wie meedoen om wie ze zijn minder vanzelfsprekend is.
2
Waar? Op basis van kwalitatieve en kwantitatieve data blijkt bijvoorbeeld dat er verschillen bestaan tussen de diverse stadsdelen. Inwoners van deze stadsdelen hebben vaker te maken met onder meer taalachterstanden op jonge leeftijd, een lagere sociaaleconomische positie, meer dan gemiddeld een andere moedertaal, een slechtere gezondheid en lagere schooladviezen. Talent zit in iedereen, evenals de behoefte om mee te doen, maar de kansen om erbij te horen en tot ontplooiing te komen zijn verschillend. We zetten ons in om die verschillen te verkleinen. De inzet in de stad en keuzes m.b.t. ongelijk investeren worden onderbouwd en in samenspraak met de partners in de sociale basis gemaakt. 3. Samenwerken in de sociale basis en keten Goede samenwerking in de sociale basis is essentieel om inwoners tijdig en passend te ondersteunen. We zetten in op lerend samenwerken: een proces dat tijd, afstemming en wederzijds vertrouwen vergt. We nemen als gemeente en gesubsidieerde partners hierin het voortouw binnen de opgave Sturen op een sterke sociale basis. Gelijktijdig bouwen we in stadsdelen en in de stad aan stevige netwerken waarin inwoners, vrijwilligers, professionals en de gemeente samen optrekken. Dit doen we stapsgewijs, met ruimte voor lokale verschillen en maatwerk.
Met de ambitie om tot een aanpak te komen die past bij de thema’s die spelen in de wijk (bijvoorbeeld via stadsdeelprogrammeren). Samenwerken in de sociale basis en de keten vraagt ook om afstemming van elkaars taken en verantwoordelijkheden. Op deze manier gebruiken we de (beperkte) middelen zo efficiënt mogelijk. Het creëert ook kansen om op gezamenlijke thema’s de krachten te bundelen en zo een grotere meerwaarde voor de stad te betekenen. Samenwerken in de sociale basis is onlosmakelijke verbonden met een goed functionerende keten in het brede sociaal domein. Om inwoners effectief en duurzaam te ondersteunen is het belangrijk dat partners in de hele keten met elkaar verbonden zijn en samenwerken op basis van een gedeelde verantwoordelijkheid en gemeenschappelijk belang. Denk hierbij aan de welzijnsorganisaties, GGD-en, zorgaanbieders, de buurtteams, woningcorporaties, onderwijs, politie, veiligheidspartners, etc. In de keten is aandacht voor preventie, (vroeg)signalering en (specialistische) hulp. 4. Met en voor de stad Als gemeente kunnen en willen we het niet alleen. Het cement in onze stad vormen we samen met netwerken en organisaties, of dat nu vrijwilligers, bedrijven of instellingen zijn. Onze ambitie is dat al deze organisaties in de stad solidair zijn met elkaar, elkaar weten te vinden en initiatieven samen oppakken en dat de gemeente dit faciliteert.
Dan ontstaan er programma overstijgende plannen die het verschil kunnen maken. Tegelijkertijd zien we dat veel kracht en initiatief van inwoners zelf komt. Groepen, informele netwerken en actieve buurtbewoners zetten zich dagelijks in voor hun buurt en omgeving. Organisaties in de stad zijn hierin aanvullend, waar nodig ondersteunen of versterken ze het inwonersinitiatief met kennis of uitvoeringskracht. We bouwen voort op wat er al is en waarderen het initiatief van onderaf.
3
5. Hoogwaardig, toegankelijk en vindbaar aanbod In Nijmegen is een groot aanbod aan activiteiten gericht op meedoen, ontmoeting, gemeenschapsvorming, talentontwikkeling, gezond leven, (zelf)ontplooiing en zelfregie. Dit aanbod is soms echter versnipperd, niet goed vindbaar of niet voor iedereen toegankelijk. Om alle Nijmegenaren een kans te bieden om mee te doen is het van belang om te investeren in aanbod dat over domeinen heen gaat, van hoge kwaliteit is en dat vindbaar en afgestemd is voor de diverse doelgroepen. Iedereen moet de kans hebben om dichtbij hieraan mee te kunnen doen. 6. Van individueel naar collectief aanbod De arbeidsmarkt staat onder druk: in tal van sectoren, en zeker ook in de zorg, is sprake van een structureel tekort aan personeel. Deze krapte heeft gevolgen voor de kwaliteit en continuïteit van dienstverlening. Tegelijkertijd staan de beschikbare budgetten onder druk. In de zorgsector zijn de financiële middelen beperkt, en binnen het welzijns- en gezondheidsdomein is zelfs sprake van een expliciete bezuinigingstaakstelling. Deze ontwikkelingen maken het noodzakelijk om anders te kijken naar hoe ondersteuning wordt georganiseerd. Waar voorheen vooral werd ingezet op individuele ondersteuning, groeit het besef dat een verschuiving richting meer collectieve vormen van aanbod noodzakelijk is.
Door in te zetten op collectieve voorzieningen kunnen we beschikbare capaciteit efficiënter inzetten, samenwerking versterken en inwoners op een meer duurzame manier ondersteunen.
Hoofdstuk 2 – Gemeentelijke ambities De gemeente Nijmegen heeft een aantal ambities geformuleerd. Onderstaande ambities sluiten (gedeeltelijk) aan bij de subsidieverlening aan Bindkracht10. We vragen Bindkracht10 om in de aanvraag te reflecteren op deze gemeentelijke ambities en op welke onderdelen zij een bijdrage leveren. In hoofdstuk 3 worden de gemeentelijke ambities verder door vertaald in de gemeentelijke doelen per beleidsterrein. Ambitie 1 (Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg) Inwoners voeren eigen regie over hun leven, gezin en gezondheid en kunnen actief deelnemen aan de maatschappij. Men heeft respect voor elkaar en ondersteunt elkaar. Ambitie 2 (Werk en Inkomen) Alle Nijmegenaren beschikken over financiële bestaanszekerheid Ambitie 3 (Onderwijs) Alle inwoners hebben gelijkwaardige participatiekansen en optimale ontwikkelingsmogelijkheden
Hoofdstuk 3 – Ontwikkelingen per domein De sociale basis en de afzonderlijke beleidsterreinen zijn sterk in ontwikkelingen. Hieronder schetsen we de belangrijkste ontwikkelingen. We vragen van Bindkracht10 om in de aanvraag te reflecteren op deze ontwikkelingen en aan te geven op welke manier hierop (al dan niet) aansluiting wordt gevonden.
4
1. Algemene ontwikkelingen De sociale basis en de afzonderlijke beleidsterreinen zijn sterk in ontwikkelingen. Hieronder schetsen we over de inhoudelijke blokken de belangrijkste ontwikkelingen. We vragen Bindkracht10 om in de aanvraag te reflecteren op de belangrijkste ontwikkelingen en aan te geven op welke manier ze hierop (al dan niet) aansluiten. Ontwikkelingen & uitgangspunten: We richten ons steeds meer op de gezamenlijke impact in een gebied of opgave en ons gezamenlijke handelen daarnaar, in plaats van de output die we genereren. Het draait om het maatschappelijk rendement dat we met de inzet willen bereiken. Hiervoor gaan we een meerjarig proces aan als kernpartners in de sociale basis en de gemeente, samen met andere partners in de stad waaronder inwoners en initiatieven. We zorgen hierbij dat data van de verschillende organisaties toegankelijk is zodat we hetzelfde beeld kunnen vormen om zo onze impact te richten. De doorontwikkeling en verdere uitrol van (varianten van) het stadsdeelprogrammeren over de stad voor jeugd en volwassenen. Steeds in samenspraak met de betrokken (gebiedsgerichte) organisaties en inwoners. De opgave Sturen op een sterke sociale basis is een beweging waarin we gezamenlijk blijven leren door te doen. We blijven samen leren, reflecteren en innoveren in de sociale basis. Experimenteren met financieel ontschotten.
Door enerzijds het investeringsfonds ten behoeve van een drietal ontwikkelingen/gebieden. We gaan hierbij leren om financiële en maatschappelijke baten in kaart te brengen van gezamenlijke voorstellen. Anderzijds door het project stadsdeelbudgetten waarin budget in het stadsdeel wordt verdeeld in samenspraak met professionals en inwoners. 2. Jeugd Op dit onderdeel zijn de volgende doelen van toepassing: We hebben een stevig opvoedklimaat rond gezinnen, in wijken en scholen; Samen met schoolbesturen, samenwerkingsverbanden passend onderwijs, kinderopvang en andere betrokken partners kansengelijkheid, taal- en talentontwikkeling en welbevinden bevorderen. Ontwikkelingen & uitgangspunten: Doorontwikkeling brede scholen (dit onderdeel loopt niet mee in deze meerjarensubsidie). Dit betreft de programmacoördinatoren binnen de brede scholen aanpak. Het reguliere kinderwerk is wel onderdeel van de meerjarensubsidie en zal wijkgericht inzet leveren met als doel het versterken van de pedagogische basis in de wijk in samenhang met de preventieplatforms en brede school aanpak. Nieuwe opdracht jongerenwerk en bijbehorend implementatieplan (oplevering Q4 2025). We vragen van Bindkracht10 zich hiertoe te verhouden. Binnen het jongerenwerk zijn wij als gemeente dichter betrokken bij de uitvoering en dragen we als gemeente en Bindkracht10 gezamenlijk de
5
-
-
-
verantwoordelijkheid. Dit heeft invloed op de bijbehorende sturing en onderliggende werkwijze voor het jongerenwerk. Kansengelijkheid in het onderwijs: de coalitiemiddelen stoppen na 2026, met een gedeeltelijke afbouw in 2025. Voor 2026 is er een bedrag van € 500.000,- begroot bedoeld voor de inzet van het jongerenwerk op het primair en voortgezet onderwijs, het kinderwerk in Noord en de Nimma Academie. Deze inzet met bijbehorende verantwoordingseisen zijn opgenomen in het uitvoeringsplan kansengelijkheid en eveluatieplan kansengelijkheid, die seperaat zijn toegezonden. Wij vragen Bindkracht10 zich te verhouden tot deze stukken betreffende inzet van deze middelen. Preventie met gezag (nieuwe aanvraag loopt): o Onderdeel hiervan is het convenant Samen sterk voor jeugd en veiligheid. Vanuit combinatie asiel & integratie en veiligheid volgt aanvullende opdracht rondom jonge statushouders / inburgeraars. Dit blijft buiten de meerjarensubsidie.
3. Volwassenen & ouderen Op dit onderdeel zijn de volgende doelen van toepassing: Inwoners nemen actief deel en dragen bij aan de samenleving; De gezondheidsverschillen in Nijmegen worden kleiner doordat we mensen met verhoogde gezondheidsrisico's extra ondersteunen; Inwoners kunnen zelfstandig hun leven leiden en meedoen doordat ze beschikking over voldoende zelfregie/- zelfredzaamheid; Versterking van de mentale weerbaarheid en mentale gezondheid (GALA). Ontwikkelingen & uitgangspunten: Ontwikkeling: Het bestaan van 10 jaar Stip in Nijmegen evalueren en kijken of er nieuwe uitgangspunten of werkwijzen nodig zijn om de beoogde doelen van de Stips te kunnen blijven realiseren. Doorontwikkeling van Welzijn op Recept en borgen in het reguliere welzijnswerk. Verder vormgeven samenwerking Bindkracht10 met kleinere welzijnspartijen die werkzaam zijn in de wijken/ stadsdelen 4. Inclusie Op dit onderdeel is het volgende doel van toepassing: Inwoners van Nijmegen kunnen (vrij) zichzelf zijn en worden hierin geaccepteerd. Ontwikkelingen & uitgangspunten: • We vragen aandacht voor Nijmegenaren met een beperking, een migratieachtergrond en LHBTIQ+ personen, aan de hand van twee uitvoeringsprogramma’s - de Regenboogagenda 2021-2024 en het Actieprogramma Inclusie VN verdrag 2021-2024 - en met een subsidieverordening
6
• •
voor migrantenorganisaties gericht op participatie en integratie. De beide uitvoeringsprogramma’s lopen af en krijgen vanaf 2026 een vervolg. We stellen in 2025 een overkoepelend beleidskader inclusie op. Op basis van het coalitieakkoord werken wij aan een uitvoeringsagenda antidiscriminatie (2026)
5. Asiel & Integratie Asiel en Integratie is geen onderdeel van deze meerjarensubsidie maar wel een belangrijke uitdaging in de stad en raakt daarmee ook aan de inzet van Bindkracht10. Ontwikkelingen en uitgangspunten: Jongvolwassen statushouders voelen zich welkom, kunnen hun talenten ontwikkelen en gezond en vitaal integreren in de samenleving. We creëren duurzame verbindingen en vergroten de kans op succesvolle participatie op alle leefgebieden. We zetten in op een stevige integrale samenwerking. Door samen te werken met taalscholen, het zorg- en welzijnsnetwerk en partners die zich inzetten voor leefbaarheid in de wijk, kunnen we jongvolwassenen statushouders beter begeleiden tijdens hun inburgeringsproces. Deze groep heeft baat bij een warme, integrale benadering die hen niet alleen helpt bij het leren van de taal, maar ook bij het opbouwen van een sociaal netwerk, het versterken van hun mentale en fysieke gezondheid, en het vinden van hun plek in de wijk. 6. Hulp bij geldzaken Op dit onderdeel zijn de volgende doelen van toepassing: Het voorkomen van problematische schulden Duurzaam uit de schulden Ontwikkelingen & uitgangspunten: Vanuit de vier lijnen uit het beleidsplan schuldhulpverlening ondersteunen we Nijmegenaren met geldzorgen. Hierbij 1. Is de mens het middelpunt van de aanpak; 2. Besteden we meer aandacht aan preventie en vroegsignalering; 3.
Verbeteren we de laagdrempelige en duidelijke toegang tot hulp; 4. Kiezen we voor effectieve dienstverlening en hulp aan doelgroepen. Het beleidsplan loopt tot en met 2026. Subsidie vanaf 2027 zal in lijn met het nieuwe beleidsplan vanaf 2027 plaatsvinden. Enkele ontwikkelingen die hierin meegenomen worden zijn: De positionering van de Financieel Expert in de Wijk. De Basisdienstverlening Schuldhulpverlening Begeleiding binnen de schuldhulpverlening De wijzigingen die er gedurende de looptijd van het beleidsplan hebben plaatsgevonden, onder andere de verkorte looptijd van een schuldregeling en de inzet van nul-voorstellen.
7
Hoofdstuk 4 – Financiën & verantwoording We vragen Bindkracht10 om volgens onderstaande financiële verdeling de aanvraag in te dienen. Deze financiële paragraaf is kaderstellend: we vragen de organisatie zich te houden aan de financiële verdeling zoals hieronder weergegeven binnen de 3 onderdelen (Jeugd, Volwassenen/ouderen/inclusie en Hulp bij geldzaken). De organisatie mag binnen elk specifiek onderdeel met budget schuiven. de mogelijkheden van het schuiven van budget tussen de 3 onderdelen zijn beperkt. Bindkracht10 mag een inhoudelijk onderbouwd voorstel doen voor het schuiven van budget tussen de 3 onderdelen. Mocht er een voorstel worden gedaan, dan is het een bestuurlijke keuze of deze verschuiving wordt toegestaan. Bindkracht 10
Budget 2025
Jeugd
€5.682.491
Wijzigingen ten opzichte van 2025
-
-
Volwassenen, ouderen, inclusie
€4.292.602
-
-
Hulp bij Geldzaken
€1.809.709
-
-
Totaal
€11.784.802
Verwacht budget 2026 (incl. indexering)
Verwacht budget 2027 (excl. indexering)
Verwacht budget 2028 (excl. indexering)
Plus Budget Spel aan Huis1 Collectief werken Sterker staan/sterker dan je bibbers2 Minus (aflopende) coalitiemiddelen jongerenwerk3 Uitvoeringsplan kansengelijkheid 20264
€ 6.454.343
€ 5.876.643
€ 5.851.048
Bezuiniging van €122.7005 Extra budget €50.000 Woonzorgvisie voor gemeenschapsvorming i.s.m. Bindkracht106 Extra budget €10.000 voor uitvoering projecten GOW7
€ 4.375.601
€ 4.375.601
€ 4.375.601
Eenjarig (Budget voor 2027 en 2028 wordt in 2026 bepaald)8 Toevoegingen aan de basissubsidie: In de Wijk9, Outreachende aanpak FEW10 en Ervaringsdeskundige11
€ 2.341.192
p.m.
p.m.
€ 13.171.136
€ 10.252.244
€ 10.226.649
8
Toelichting op financiële tabel 1. Dit budget is bestemd voor Spel Aan Huis en liep voorheen via de subsidiestroom van de brede scholen. Per 2026 wordt dit budget structureel toegevoegd aan de meerjarensubsidie. 2. Collectief werken Sterker staan/Sterker dan je bibbers. Er wordt voor 2026 & 2027 een extra budget van €25.595 toegevoegd aan de basissubsidie voor de uitvoering van collectieve trainingen rond Sterker Staan en Sterker dan je bibbers. Deze trainingen werden voorheen door de Buurtteams Jeugd en Gezin gedaan. Bindkracht10 neemt deze taak en bijbehorend budget over. 3. Sinds 2023 ontvangt Bindkracht10 extra budget voor het rechttrekken van de inzet jongerenwerk over de stad. Voor 2026 is dit budget afgenomen met €9.310 ten opzichte van 2025. Deze middelen zijn afkomstig uit het coalitieakkoord en lopen daarmee af per eind 2026. Deze aflopende budgetten zijn reeds verwerk in de tabel (kolom verwacht budget 2027 en verwacht budget 2028). In 2026 hebben we meer duidelijkheid over de toekomst van deze middelen en mogelijk extra inzet rond het jongerenwerk. 4. Het budget voor het uitvoeringsplan kansengelijkheid is onderdeel van deze basissubsidie.
Het beschikbare budget bedraagt voor 2026: • € 300.000 jongerenwerk VO • € 115.000 jongerenwerk PO • € 70.000 kinderwerk in Noord • € 15.000 Nimma academie Het uitvoeringsplan kansengelijkheid heeft een looptijd tot en met 2026 en zal hierna stoppen. We verkennen de mogelijkheden om een gedeelte van deze middelen te borgen voor inzet in 2027 en verder. We informeren Bindkracht10 hier pro-actief over. 5. Op 18 april 2025 is er een brief gestuurd over de aankondiging van de bezuiniging binnen welzijn. Het college heeft in juni 2025 het standpunt ingenomen om deze bezuiniging maar voor 50% door te voeren. Dit betekent een structurele bezuiniging van €122.700. De halvering van deze bezuiniging is nog onder voorbehoud van vaststelling van de stadsbegroting door de gemeenteraad. Vooralsnog gaan we ervan uit dat dit wordt gehalveerd. Het budget is reeds verwerkt in de tabel. Nb. De teruggedraaide bezuiniging wordt niet geïndexeerd. 6. Extra budget Woonzorgvisie voor gemeenschapsvorming. Voor Bindkracht10 en Sterker is gezamenlijk €100.000 per jaar beschikbaar. De organisaties ontvangen €50.000 per organisatie. Het beschikbare budget is uitsluitend bestemd voor de projecten binnen dit onderdeel. 7. Budget is bedoeld voor de actieve deelname aan de uitvoering van projecten uit het uitvoeringsplan Gezond Ouder Worden 2026-2028.
De deelname aan de netwerkoverleggen Gezond Ouder Worden zijn reeds geborgd in de basissubsidie. 8. Hulp bij Geldzaken loopt voor 2026 mee in de meerjarensubsidie. We spreken de intentie uit om ook voor 2027 en 2028 subsidie te verlenen maar de inhoudelijk opdracht & bijbehorend budget worden in de loop van 2026/2027 gezamenlijk verder ingevuld. Dit heeft te maken met het aflopen van het huidige beleidsplan Schuldhulpverlening rond Hulp bij Geldzaken. Daarnaast wordt er momenteel gewerkt aan een visie Financiële Bestaanszekerheid . Beiden leiden mogelijk tot 9
nieuwe speerpunten en verandering in beleid. Mogelijk heeft deze nieuwe visie gevolgen voor onze opdracht aan Bindkracht10 en de onderdelen rond Hulp bij Geldzaken. We blijven gedurende deze periode actief in gesprek met Bindkracht10 en zullen tijdig communiceren over eventuele veranderingen in de gevraagde prestaties rond Hulp bij Geldzaken en het bijbehorende budget. 9. Sinds 2024 ontvangt Bindkracht10 een subsidie voor de outreachende aanpak In de Wijk waarbij kwetsbare bewoners worden ondersteund bij inkomen, welzijn en participatie. De huidige subsidie is toegekend tot en met april 2026. Vanaf mei 2026 wordt dit onderdeel opgenomen in de basissubsidie. Voor 2026 gaat het om een bedrag van € 214.519,-. 10. Sinds 2024 ontvangt Bindkracht10 een aanvullende subsidie voor de uitbreiding van de outreachende aanpak van de FEW. In twee wijken, Heseveld en Biezen, hebben de FEW meer tijd om netwerken aan te leggen en samen te werken in de wijk. De huidige subsidie is toegekend tot en met februari 2026. Vanaf maart 2026 wordt dit onderdeel opgenomen in de basissubsidie. Voor 2026 gaat het om een bedrag van €178.766,-. 11. Sinds eind 2024 werkt een ervaringsdeskundige op het snijvlak van geldzorgen en gezondheid. Deze ervaringsdeskundige is op basis van een projectsubsidie van Pharos gestart bij Bindkracht10.
De inzet daarvan is zeer waardevol en helpt inwoners met geldzorgen en gezondheidsproblemen om verder te komen. Daarom wordt dit onderdeel vanaf 1 januari 2026 opgenomen in de basissubsidie. Voor 2026 gaat het om een bedrag van €73.058,-. Aanvullend De doorontwikkeling rond de brede scholen valt buiten deze meerjarensubsidie. Bindkracht10 en de gemeente Nijmegen hebben een afspraak rond de inzet van publieksvoorlichters. Indien een formatieplaats behorend bij de functie publieksvoorlichter vrijvalt, gaat de vacature publieksvoorlichter over naar Bindkracht10. Indien zich dit voordoet zullen we dit (waar mogelijk) toevoegen aan deze meerjarensubsidie. Subsidie definitief vaststellen Het definitieve subsidiebedrag wordt na afloop van de gehele subsidieperiode vastgesteld op basis van de gerealiseerde prestatie in de periode 2026-2028 en de totale werkelijke uitgaven en inkomsten gedurende de periode 2026-2028, waarbij rekening gehouden wordt met de hoogte van het EV. We verwachten hierbij wel jaarlijks een financiële verantwoording. Indexering Het hierboven genoemde maximale budget is inclusief de indexering voor 2026. De budgetten voor 2026 worden door de raad definitief vastgesteld bij de stadsbegroting 2026-2029, dus de bedragen zijn onder voorbehoud van vaststelling van de stadsbegroting.
De subsidie 2026 wordt voor de vervolgjaren geïndexeerd met het jaarlijks door de raad vast te stellen indexeringspercentage voor subsidies.
10
Eigen vermogen & bestemmingsreserve Het Eigen Vermogen bedraagt maximaal 10% van de totale lasten van de laatste vastgestelde jaarrekening. Indien het EV hoger is dan de toegestane 10% wordt de subsidie voor 2026 lager verleend. Wij zijn voornemens aan het college voor te leggen dat uw organisatie naast het Eigen Vermogen een bestemmingsreserve kan vormen voor de Ontwikkelingen Sociale Basis, welke wij buiten beschouwing zullen laten bij de berekening van het Eigen Vermogen (en de 10%). De voorgenomen hoogte van deze bestemmingsreserve bedraagt €375.000. Een eventueel overschot op de basissubsidie kan worden toegevoegd aan de Algemene Reserve. Als het EV boven de 10% van de uitgaven komt dient het resterende budget toegevoegd te worden aan de bestemmingsreserve Ontwikkelingen Sociale Basis (tot het maximum bedrag van €375.000). Indien er nog steeds sprake is van een overschot, wordt dat deel van de subsidie teruggevorderd. Verantwoording Een andere manier van sturing op de sociale basis vraagt ook op een andere manier van verantwoorden. Het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van partners in de sociale basis (waaronder Bindkracht10 en de gemeente Nijmegen) om deze nieuwe manier van verantwoorden met elkaar vorm te geven.
De komende jaren gaan wij dit traject gezamenlijk aan, waarbij we inzetten op de volgende thema’s: • Sturen op impact • Ontschotten tussen de verschillende beleidsdomeinen • Duidelijke financiële kaders die passen bij de transformatie van de sociale basis Het uitgangspunt bij de nieuwe manier van verantwoorden is dat we met de verschillende partners samenwerken en experimenteren in wat er mogelijk en passend is. We sluiten hierbij ook aan bij de uitkomsten van het proces waarin met de gemeenteraad verkend wordt wat ‘sturen op impact’ betekent voor de gemeente Nijmegen. In de gezamenlijke verkenning naar een nieuwe manier van verantwoorden voeren we ook met elkaar het gesprek over hoe er gedurende het proces op een passende manier verantwoord kan worden (zowel financieel als inhoudelijk). We maken hier duidelijke afspraken over. Het uitgangspunt is dat er, naast de reguliere accountgesprekken, ook 2x per jaar een gezamenlijk overleg plaatsvindt over de gezamenlijke impact van (een deel van) de gesubsidieerde kernpartners in de sociale basis en de gemeente. Overheadkosten Bij aanvullende subsidieaanvragen bij de gemeente Nijmegen mag de organisatie de gebruikelijke overheadkosten rekenen (conform reguliere overhead). Controleverklaring Bij een totaal aan subsidies boven € 100.000,00 per jaar moet u bij de verantwoording een controleverklaring voegen.
Hierin geeft de accountant een oordeel over: • De nauwkeurigheid van de lasten en de volledigheid van de baten ▪ hoe u de Nijmeegse Kaderverordening Subsidies 2019 heeft nageleefd; 11
▪ ▪
hoe u de nadere voorschriften en aanwijzingen van de subsidiebeschikking heeft nageleefd; of u de subsidie heeft besteed voor het doel waarvoor deze is verleend.
Indien uw organisatie meerdere subsidies van meer dan € 100.000 ontvangt is het mogelijk om de controleverklaring hiervan te combineren, door in de jaarrekening van de organisatie per project een bijlage op te nemen met de baten en lasten van dit project . In de controleverklaring bij de jaarrekening van Bindkracht10 moet in dat geval dit project specifiek vermeld worden.
12
Format bij subsidieaanvraag Onderstaand elementen komen terug in de aanvraag voor de volgende onderdelen 1. Algemene ontwikkelingen 2. Jeugd 3. Volwassenen & ouderen 4. Inclusie 5. Hulp bij geldzaken Welke ambities en doelen heb je op [onderdeel 1 t/m 5] Hoe vertaal je de gemeentelijke ambities en doelen naar de inzet op dit domein? Toelichting Bindkracht10 • Wat is de impact die je wilt behalen en hoe draag je daaraan bij? • Geef o.a. inzicht in (personele) inzet en/of fte en de kosten voor dit onderdeel Hoe sluit je aan bij de ontwikkelingen rond [onderdeel 1 t/m 5] Toelichting Bindkracht10
Welke keuzes maak je op basis van de leidende principes m.b.t. [onderdeel 1 t/m 5] Toelichting Bindkracht10 – per leidend principe • Voorbeeld Ongelijk investeren: effecten voor gebied, doelgroep, aanbod, inzet, etc. • Voorbeeld: Samenwerken in de sociale basis/keten
Hoe ga je verantwoorden op het onderdeel [onderdeel 1 t/m 5] Toelichting Bindkracht10 • Redeneer vanuit de ‘Impact’ • Kwalitatief & kwantitatief • Resultaten • Benoem indicatoren
13
Bijlage 1 – Begrippenkader •
•
•
•
Output: o Beslaat de concrete activiteiten die zijn uitgevoerd. Dit kan doorgaans in cijfers (kwantitatief) meetbaar worden gemaakt. Outcome o Outcome verwijst naar het resultaat of de uitkomst van een bepaalde interventie. Hierbij gaat het om de bredere uitkomsten van de interventie; bijvoorbeeld veranderingen die plaatsvinden bij de deelnemers of in de gemeenschap. Impact: o Impact is het maatschappelijke rendement van een interventie. Dit wordt doorgaans gemeten aan de hand van kwantitatieve en kwalitatieve data. Leidende principes: o Vuistregels die richting geven aan beleid en uitvoering o Bieden handelingsperspectief voor professionals o Geven antwoord op de hoe-vraag, maar zijn geen doel op zich o Kunnen gaan over transformatiedoelen of over waarden en identiteit o Helpen bij het maken van fundamentele (financiële) keuzes o Zijn onderdeel van een beleidstheorie
14