CConstaterende datnieuwkoop
Koppel je AI →
Document · PDF

Omgevingsvisie na vaststelling herziening omgevingsbeleid 2025 (service document)

Besluitvormende raadsvergadering 4 december 2025, gemeente nieuwkoopBij agendapunt: Raadsvoorstel Zienswijze herziening provinciaal omgevingsbeleid (2025-089)53.363 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 7

De biodiversiteit en kwaliteit van natuur, die is gekoppeld aan het natuurlijk ecosysteem als randvoorwaarde voor bijvoorbeeld economie en een gezonde leefomgeving, moeten op orde gebracht en hersteld worden. Hieronder valt ook de aanpak van drukfactoren, zoals stikstofdepositie, verdroging en onvoldoende waterkwaliteit. Het niet voldoen aan de stikstofnormen belemmert natuurherstel en zorgt voor minder groei in stedelijke functies (wonen, werken, mobiliteit). Het optimaliseren van de landbouw in de afgelopen decennia heeft geleid tot een hogere voedselproductie en een minder divers landschap. Om in een gezonde leefomgeving voldoende voedsel te produceren is het van belang om ruimte voor de landbouw te behouden. Zuid-Holland scoort landelijk het laagst als het gaat om levensverwachting in goed ervaren gezondheid en kent grote gezondheidsverschillen tussen verschillende subregio’s. Terwijl het aantal infectieziekten in de loop van de tijd dramatisch is afgenomen, is de zorgwekkende trend dat het aantal leefstijlziekten stijgt. Deze ziekten worden veroorzaakt door verschillende factoren, zoals ongezonde voeding, milieubelasting, onvoldoende beweging, een slecht slaapritme en middelengebruik. De verschillen tussen regio’s hangen samen met verschillende elementen, variërend van onderwijsniveau tot omgevingskenmerken.

Gezondheid wordt dus niet alleen bepaald door individuele kenmerken en afwegingen: ook de sociale omgeving en de inrichting van de fysieke leefomgeving heeft hier invloed op. Zuid-Holland scoort hierbij op veel plekken zeer slecht. Zo liggen in regio Rijnmond de drie steden met de minste sociale cohesie. De urgentie van het vraagstuk is groot: gezondheid is niet alleen van belang voor de persoon zelf, maar ook zijn de maatschappelijke kosten van ziekten hoog (zoals zorgkosten, ook de afname van vaccinatiegraad speelt hierbij een rol). Hoewel de luchtkwaliteit in Zuid-Holland afgelopen decennia geleidelijk is verbeterd en op dit moment aan de normen wordt voldaan, is er nog steeds sprake van gezondheidsschade door met name fijnstof en stikstofdioxide. Daarom gelden vanaf 2030 hiervoor strengere normen. Naar verwachting zullen deze niet direct in 2030 overal in Zuid-Holland worden gehaald. Overschrijding van de normen heeft consequenties voor bouwopgaven en andere ruimtelijke ontwikkelingen. Geluidshinder heeft negatieve effecten op de gezondheid van mensen. Geluidshinder neemt in Zuid-Holland toe door toename het aantal bronnen en kortere afstanden tussen geluidsbron en gehinderde. Denk hierbij aan toename van verkeer (op wegen, scheepvaart, vliegverkeer), bedrijfsactiviteiten en woningen.

27

Figuur 4: Milieugezondheidsrisico's in Zuid-Holland (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, 2020) Vanwege het grote aantal inwoners, een groot aantal bedrijven dat met gevaarlijke stoffen werkt, en grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen die door Zuid-Holland worden getransporteerd, vraagt het voorkómen van rampen met gevaarlijke stoffen bijzondere aandacht. Dit vraagt om sturing op risicovolle activiteiten en op de locaties waar deze activiteiten plaats kunnen vinden of waar (zeer) kwetsbare gebouwen zoals woningen gebouwd kunnen worden. Hierbij staat het minimaliseren van de kans dat grote groepen mensen slachtoffer kunnen worden van ongevallen met gevaarlijke stoffen centraal. Door groei van de bevolking en economie wordt het steeds drukker op wegen en fietspaden. Dit geldt zowel voor personenals goederenvervoer. Bovendien moet er de komende jaren veel onderhoud aan wegen en bruggen gedaan worden wat voor hinder gaat zorgen. Daarnaast vraagt klimaatverandering om duurzamere mobiliteit. De schaarste aan ruimte en middelen dwingt tot het optimaal benutten van bestaande infrastructuur om de bereikbaarheid op peil te houden. Naast de verkeersinfrastructuur loopt ook het energienetwerk in Zuid-Holland tegen de grenzen van zijn capaciteit aan. De netwerken bereiken hun maximale capaciteit, maar er is weinig ruimte voor uitbreiding.

Het gevolg is een reële kans op congestie of tekort. Een transitie naar duurzame energiesystemen is nodig. Dit voorkomt negatieve effecten van fossiele energie op de laag van de ondergrond. Beschikbaarheid van duurzame energie is randvoorwaardelijk om ontwikkelingen in de occupatielaag mogelijk te maken, dit vraagt om goede afstemming van vraag en aanbod in gebieden. Er wordt hard gewerkt en veel geïnvesteerd in het uitbreiden, verbeteren en verduurzamen hiervan. Tegelijkertijd neemt de vraag naar méér capaciteit toe ten gevolge van bijvoorbeeld elektrificeren van mobiliteit en bedrijvigheid. Het inpassen van de benodigde extra capaciteit, leidt nu al tot lastige afwegingen in relatie tot ruimtelijke ordening en ruimtelijke kwaliteit. Extra energie-infrastructuur, opweklocaties, reinigingsinstallaties voor afvalwater of logistieke hubs voor circulaire grondstoffen zijn lastig in te passen in het bestaand stedelijk gebied. Een aandachtspunt is de toenemende ondergrondse verdichting als gevolg van ondergrondse infrastructuur, met name in stedelijk gebied. Dit kan de benodigde sponswerking van de bodem en behoefte aan vergroening letterlijk in de weg zitten.

5. Koers van Zuid-Holland 5.1 Noodzaak tot verandering Tot nu toe is de hoge vraag naar ruimte en middelen vaak beantwoord met het bieden van extra ruimte voor wonen en economische activiteiten door landbouwgronden te transformeren en door nieuw land te realiseren zoals de Tweede Maasvlakte. Het wordt duidelijk dat we aanlopen tegen planetaire grenzen. Zuid-Holland staat voor grote opgaven om te voldoen aan de vastgestelde doelen voor de waterkwaliteit, stikstof en biodiversiteit. De kwaliteit van het water en de natuurgebieden is niet op orde, de biodiversiteit is sterk afgenomen en de uitstoot van broeikasgassen moet omlaag. De (inter)nationaal gestelde doelen van een circulaire economie, duurzame energie, biodiversiteit en klimaatadaptatie zijn niet haalbaar als

28

wordt doorgegaan op de huidige koers. Ook de financiële houdbaarheid van de ruimtelijke keuzes, nu en in de toekomst (denk aan aanpassing aan veranderend klimaat) komt nadrukkelijker naar voren. Daar komt de beperkte beschikbaarheid bij van elektriciteit, zoetwater en drinkwater en de mogelijkheden van het mobiliteitssysteem. De sturende principes geven mee dat de provincie gaat voor een toekomstbestendig Zuid-Holland. Dat dwingt tot keuzes: niet alles kan. De provincie wil meer prioriteit geven aan gezondheid, veiligheid en kwaliteit. Dit betekent dat meer ruimte nodig is voor waterveiligheid, beperken wateroverlast, energieen drinkwatervoorziening, biodiversiteit en een gezond voedselsysteem. De opgaven rond water en natuur vragen meer ruimte in zowel stedelijk als landelijk gebied, onder andere om klimaatadaptief te zijn en hittestress tegen te gaan. De geplande toevoeging van woningen en werklocaties maakt deze opgave alleen maar groter. De opgaven in het landelijk gebied hebben met name gevolgen voor de land- en tuinbouw: extensiveren en innovatieve maatregelen lijken op veel plekken noodzakelijk om stikstof- en natuurdoelen te kunnen halen op plekken waar meerdere doelen en maatregelen samenkomen (stikstof, methaan én vernatten van bodem én agrarische natuur). En ook de waterkwaliteitsdoelen vormen een grote uitdaging.

Daarnaast vraagt het energienetwerk om meer ruimte, zowel in de vorm van het netwerk als voor opwek. Ook voor lopen/wandelen en fietsen, die bijdragen aan gezondheid, is meer ruimte nodig. Om internationaal concurrerend te blijven, is een economische transitie nodig. Voor een toekomstbestendige economie wordt gewerkt we aan de transitie naar nieuwe, duurzame en toekomstbestendige waardenketens ondersteund door een robuuste infrastructuur voor energie, bereikbaarheid en water. De transities vragen om aanpassing van de ruimtelijke inrichting: opbouw, ombouw en ook afbouw van ruimtegebruikers, evenals opnieuw clusteren. Dit is nodig om onder andere opwek, opslag en transport van energie en de cruciale ruimtelijke schakels van de nieuwe en circulaire economie ruimte te geven. Dit geldt ook voor de transitie naar een duurzaam volhoudbare landbouw. In een tijd waarin er niet alleen schaarste is aan ruimte, water en energie, maar vooral ook aan passend opgeleide mensen, vraagt dat om aandacht voor effecten van de keuzes op de leefomgeving. Een betere gezondheid, veiligheid, een inclusieve samenleving met bestaanszekerheid in een provincie met hoge ruimtelijke kwaliteit, goede bereikbaarheid van voorzieningen en werkplekken staan daarbij centraal.

Samen met het Rijk en samen met gemeenten, waterschappen en maatschappelijke partners gaat de provincie Zuid-Holland voor meer brede welvaart, met een meer toekomstbestendige economie en met lagere maatschappelijke kosten. De koers zet daarom nadrukkelijk in op een nieuwe balans tussen people, planet en profit. Een toekomstbestendig Zuid-Holland is uiteindelijk fossielvrij, klimaatadaptief, circulair, biodivers, veilig, beweegvriendelijk en gezond met een florerende economie binnen sociaal-maatschappelijke en ecologische grenzen.

5.2 Koers Zuid-Holland Vanuit de sturende principes heeft Provinciale Staten op 6 maart 2024 een koers voor Zuid-Holland vastgesteld: • Bij het maken van ruimtelijke keuzes prioriteert de provincie meer op gezondheid, kwaliteit en veiligheid van de leefomgeving. De provincie onderzoekt hoe er kan worden gestuurd op brede welvaart, inclusief welzijn en welbevinden. • Dit betekent dat water en bodem nog meer sturend worden gehanteerd als randvoorwaarde voor een veilige, toekomstbestendige ontwikkeling van Zuid-Holland. • En dit betekent dat er een toekomstbestendige economie wordt nagestreefd met een betere leefomgevingskwaliteit en gezondheid. Daarbij wordt voorrang gegeven aan een duurzame, digitale en inclusieve economie, met borging van maatschappelijke meerwaarde. Een duurzame economie richt zich op circulariteit, energietransitie en natuurinclusiviteit. Een inclusieve economie houdt rekening met het klein-, midden- en grootbedrijf, in alle regio’s en voor werkgevers en -nemers. Zo wordt ook het belang bewaakt om inwoners een eigen inkomen te laten verdienen, ook op de lange termijn. • Dit betekent bovendien dat ruimte beter zal worden beschermd om provinciale ambities, wettelijke verplichtingen en doelen te realiseren.

Daarom: • wordt een ondergrens gesteld aan (open) landschap dat beschikbaar blijft voor de transities die nodig zijn voor een toekomstbestendige landbouw, energievoorziening, water-, groen-, recreatie- en natuuropgaven. • wordt zorg gedragen voor voedselzekerheid en het beschikbaar blijven van maatschappelijke, culturele, sportieve en nutsvoorzieningen voor de inwoners van Zuid-Holland. • wordt de schaarse ruimte en infrastructuur effectiever en efficiënter gebruikt en blijvend ingezet op de volgende elementen van de integrale provinciale verstedelijkingsstrategie: beter benutten, verdichting en functiemenging combineren met goede bereikbaarheid en meer aandacht voor gezonde en klimaatadaptieve verstedelijking. • is als tegenhanger van het beschermen van de open ruimte gesteld dat zowel wonen als werken zich ontwikkelen binnen de ruimte die daarvoor al afgesproken is met uitzondering van ‘straatje erbij’. Waarbij ‘straatje erbij’ inmiddels is uitgewerkt en over drie jaar geëvalueerd.

29

De provincie zet in op kwaliteit en selectieve groei. Dat betekent dat niet meer vanzelfsprekend ruimtelijk wordt gefaciliteerd op basis van ramingen en prognoses. De koers beweegt zich binnen de grenzen van het systeem van water, bodem, energie, economie, natuur en biodiversiteit. Het welzijn van de inwoners in Zuid-Holland komt meer centraal te staan. De provincie benadrukt de noodzaak voor een meer uitgebreide en integrale set van instrumenten en samenwerking om hierop bewust te sturen. Hoe wordt het ruimtegebruik toekomstbestendig, ook met het oog op toekomstige generaties? Om een nog verdere extensivering van het ruimtegebruik te voorkomen, is sturing nodig op beter benutten en intensiveren van de bestaande voorraad en (gereserveerde) ruimte voor wonen en werken – net als keuzes waar de provincie welke economische activiteiten wenselijk acht en waar welke woningen belangrijk worden gevonden Oftewel: de provincie stuurt meer op afwegingen tussen en binnen functies. Hoewel Zuid-Holland met deze koers een andere weg inslaat, worden reeds gemaakte bestuurlijke afspraken - voor bijvoorbeeld wonen en werken - nagekomen. Dit betekent dat er op basis van de huidige afspraken nog ongeveer 3.300 hectare bebouwd gebied bijkomt. Dat is een gebied ter grootte van de stad Zoetermeer.

5.3 Ontwikkelen met oog voor kwaliteit van de leefomgeving en brede welvaart Bij de uitwerking van de koers vormen kwaliteit van de leefomgeving (waaronder ruimtelijke kwaliteit en erfgoed) en brede welvaart het kompas. Kwaliteit van de leefomgeving Belangrijk doel van het omgevingsbeleid is het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving. Daarbij streeft de provincie naar een optimale wisselwerking tussen gewenste ruimtelijke ontwikkelingen en een goede kwaliteit van de leefomgeving. Onder ‘kwaliteit van de leefomgeving’ verstaat de provincie het geheel aan kwaliteiten die de waarde van de fysieke leefomgeving bepalen. Vanuit het bestaande beleid gaat het hier om een samenvoeging van ruimtelijke kwaliteit (belevingswaarde, gebruikswaarde en toekomstwaarde) en milieukwaliteit (gezondheid en veiligheid). Om uitwerking te geven aan de kwaliteit van de leefomgeving heeft de provincie in haar kwaliteitskaart en bijbehorende gebiedsprofielen een beschrijving gemaakt van de unieke karakteristieken van de ZuidHollandse landschappen. Deze zijn vervolgens in de omgevingsverordening (§ 7.3.7, bijlage IX bij artikel 7.43a) uitgewerkt in ‘richtpunten ruimtelijke kwaliteit'. Brede welvaart Brede welvaart gaat over de kwaliteit van leven in het hier en nu, maar ook over de effecten op de welvaart van latere generaties of van die van mensen elders in de wereld.

De kwaliteit van leven wordt voor een groot deel bepaald door de sociale en fysieke leefomgeving. Het concept brede welvaart bestaat uit verschillende thema's die voor mensen van waarde zijn. De provincie sluit aan bij de thema-indeling van PON & Telos. Deze twaalf thema's zijn gebaseerd op de uitgebreide en landelijke monitor brede welvaart van het CBS, maar geënt op de provinciale bevoegdheden en invloedssfeer. De thema's worden hieronder beschreven.

30

Thema's

Omschrijving

Ecosystemen en biodiversiteit

De staat en veerkracht van ecosystemen en de aanwezigheid van verschillende plant- en diersoorten.

Milieu en klimaat

De kwaliteit van de leefomgeving en de mate waarin deze beïnvloed wordt door klimaatverandering en milieufactoren.

Veiligheid

De mate waarin mensen worden blootgesteld aan fysieke en sociale omgevingsrisico’s en hoe veilig zij zich voelen.

Welbevinden

De ervaren kwaliteit van leven, waaronder de tevredenheid over de woon-, werk- en recreatieomgeving.

Sociale samenhang en inclusie

De mate waarin mensen sociale verbindingen hebben en gelijke kansen krijgen om deel te nemen aan de samenleving.

Cultuur

De deelname aan en beschikbaarheid van kunst, cultuur en erfgoed binnen de samenleving.

Wonen

De toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid van woningen en de woonomgeving.

Gezondheid

De fysieke en mentale gesteldheid van mensen en de factoren die hierop van invloed zijn.

Mobiliteit en bereikbaarheid

De mate waarin mensen zich kunnen verplaatsen en toegang hebben tot werk en voorzieningen.

Arbeid en vrije tijd

De verdeling van tijd tussen werk en ontspanning en de kwaliteit van beide.

Onderwijs

De mogelijkheden voor mensen om kennis en vaardigheden te ontwikkelen.

Materiële welvaart

De verdeling van inkomen en economische middelen binnen de samenleving en de bredere economische structuur.

5.4 Uitwerking van de koers Een gezonde bodem en efficiënt gebruik van de ondergrond Een gezonde bodem is van wezenlijk belang voor het goed kunnen functioneren van het gewenste landgebruik. Het bodemleven is de biologische motor waardoor allerlei processen in de bodem actief bijdragen aan structuurverbetering, de beschikbaarheid van nutriënten (voor onder andere gewassen) en het vastleggen van koolstof. Daarnaast biedt de bodem waterbergingscapaciteit, ondergrondse opslagmogelijkheden van zoet (drink)water, energie en buisleidingen, een (stevige) basis voor gebouwen en infrastructuur, vruchtbare klei voor akkerbouw, en veen voor CO2-opslag. Deze functies zijn niet oneindig beschikbaar en vaak ook sterk locatiegebonden. De provincie ziet het als haar verantwoordelijkheid ervoor te zorgen dat deze basis ook voor toekomstige generaties in Zuid-Holland beschikbaar blijft. De provincie wil bodemdaling remmen en (zoveel mogelijk) proberen te stoppen. Vruchtbare grond voor de landbouw dient beschermd te worden tegen bebouwing. Bij verstedelijking en infrastructuur streeft de provincie naar zo efficiënt mogelijk gebruik van ruimte, zo min mogelijk afdekking van de bodem (ten behoeve van sponswerking) en herstel van de bodem waar mogelijk.

Bij alle opgaven rondom bodem en ondergrond is het van belang om rekening te houden met archeologische, cultuurhistorische, aardkundige en landschappelijke waarden. De provincie wil door middel van 4D-ordening de regie op de ondergrond versterken. De aanpak van bestaande en diffuse bodemverontreiniging wordt herijkt. Een toekomstbestendig watersysteem De uitgangspunten uit Water en Bodem Sturend moeten helpen het watersysteem toekomstbestendiger te maken. Afhankelijk van bodemsoort en -gesteldheid en aanwezige watersystemen vraagt dat gebiedsspecifiek maatwerk bij het uitwerken van oplossingen en kan het diverse schaalniveaus betreffen. De provincie wil meer ruimte voor waterberging reserveren (onder andere aan de randen van het stedelijk gebied): piekberging voor het opvangen van hevige neerslag (voorkomen wateroverlast) en mogelijke voorraadwaterberging voor gebruik tijdens droogte. De provincie wil ook voldoende schoon (drink)water en zoetwater veiligstellen. Tegelijkertijd is het nodig om te anticiperen op minder zoet oppervlaktewater en toenemende verzilting, omdat de aanvoer van extra (schaars) zoetwater van buiten het gebied niet altijd en overal kan worden gegarandeerd. Daarnaast is het van belang om in te zetten op minder watergebruik door industrie en consumenten. Verdergaande inspanning is nodig om de waterkwaliteit in de watersystemen te verbeteren.

Met het Rijk, waterschappen en stakeholders maakt de provincie nadere afspraken over het terugdringen van schadelijke stoffen en andere extra te nemen maatregelen om de doelen te realiseren. Voldoen aan de doelen voor waterkwaliteit in de Kaderrichtlijn Water is ook belangrijk voor het tegengaan van blauwalg in zwemwater. Natuurherstel Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en menselijke activiteiten kunnen een negatieve impact hebben op de in Zuid-Holland aanwezige natuur en biodiversiteit. In een tijd waarin de biodiversiteit in Zuid-Holland fors is afgenomen, ook als het gaat om de aanwezigheid van gangbare soorten, is dat niet wenselijk. De juridische en economische druk om rekening te houden met aanwezige natuur en biodiversiteit neemt bovendien toe. De provincie zet overal in op basiskwaliteit natuur. Basiskwaliteit natuur gaat over de minimale kwaliteitseisen voor de in dat landschap of stedelijk gebied algemeen voorkomende soorten. Zuid-Holland zet natuurinclusief werken daarom in als één van de leidende principes bij het ontwikkelen van ruimtelijke en maatschappelijke opgaven.

31

Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) in Zuid-Holland is in 2027 afgerond. Voor het behalen van de KRWdoelen en de Natura 2000-doelen wil Zuid-Holland aspecten die de natuur negatief beïnvloeden (zogenaamde 'drukfactoren’) aanpakken, onder andere door bronmaatregelen gericht op verlaging van stikstofoxiden, ammoniak en nitraat. Ook wil Zuid-Holland het oppervlak (agrarische) natuur met eventueel dubbelgebruik voor landbouwproductie en natuurdoelen uitbreiden, zoals boerenlandvogels. Bovendien wil Zuid-Holland 10% groenblauwe dooradering realiseren en rondom Natura 2000-gebieden maatregelen nemen om drukfactoren op deze natuurgebieden te verminderen, met waar nuttig en noodzakelijk overgangszones. De provincie wil ook meer bos en bomen realiseren, onder andere in bestaande natuur- en recreatiegebieden. Omdat het niet gelukt is om het verlies aan biodiversiteit een halt toe te roepen en om te zorgen voor veerkracht tegen klimaatverandering is een andere aanpak nodig. Vanuit de Europese natuurherstelverordening moet september 2026 een nationaal herstelplan (natuurplan) zijn ingediend.

Toereikende infrastructuur voor mobiliteit, energie, drinkwater en afvalwater Robuuste, houdbare en optimaal functionerende netwerken voor mobiliteit (personen- en goederenvervoer), nutsvoorzieningen zoals energie en drinkwater en de logistiek van grondstoffen en materialen zijn noodzakelijke randvoorwaarden voor het gezond en veilig kunnen wonen, werken en recreëren in ZuidHolland. De netwerken zijn daarbovenop sterk bepalend voor een toekomstbestendige en dus circulaire, digitale, klimaatneutrale en inclusieve economie. Zuid-Holland is in een groot deel van deze netwerken bovendien een belangrijk logistiek knooppunt voor Nederland en Europa en wil dat blijven. En die rol wordt in een Europa dat inzet op strategische autonomie op het wereldtoneel, alleen maar belangrijker. Dit vraagt om een bewuste sturing en het gericht inzetten van instrumentarium. Omdat de huidige capaciteit en robuustheid van onze netwerken niet toereikend is om alle huidige en toekomstige opgaven te faciliteren, zijn naast stevige investeringen keuzes onvermijdelijk. Het meewegen van het beschikbare energienetwerk, de capaciteit en de daardoor aanwezige elektriciteit hiervan worden een belangrijk onderdeel in toekomstige ruimtelijke ontwikkeling.

Het toekomstperspectief van sommige economische sectoren op de lange termijn wordt bepaald door systeemkeuzes die nationaal en in de provincie Zuid-Holland gemaakt worden. Met name zeer energie-intensieve sectoren hebben een transitieopgave. Waterintensieve bedrijvigheid en zoetwaterafhankelijke teelten anticiperen op veranderende beschikbaarheid van (zoet)water. Waterbeschikbaarheid wordt expliciet meegewogen in de ruimtelijke inrichting/ bij de toekenning van ruimtelijke functies. Stedelijke groei vraagt forse uitbreiding van onze drinkwater- en afvalwatersystemen. Een kwalitatieve toekomstbestendige groei met zo minimaal mogelijk gebruik van energie, ruimte en grondstoffen en met een zo groot mogelijke bijdrage aan maatschappelijke toegevoegde waarde staat centraal. De wegen blijven zwaar belast en de fietspaden worden steeds drukker. Het onderhoud van wegen en bruggen gaat de komende jaren voor hinder en extra kosten zorgen en er zijn uitdagingen waar het gaat om stikstofuitstoot en luchtvervuiling. Dat vraagt om slimmere, veiligere en duurzamere mobiliteit, waarbij rekening gehouden moet worden met toenemende vraag naar mobiliteit. De provincie streeft daarmee naar een toekomstbestendige leefomgeving. De provincie gaat woningbouw en bereikbaarheid in samenhang ontwikkelen en zet in op lopen, fietsen, openbaar vervoer, deelmobiliteit én de personenauto.

Voor goederen stimuleren we vervoer over water en spoor als alternatief voor vrachtverkeer over de weg, waarbij voor gevaarlijke stoffen zoveel mogelijk de Havenspoorlijn en de Betuweroute gebruikt worden. Een duurzaam en robuust energiesysteem In de Regionale Energie Strategieën (RES’en) zijn zoekgebieden benoemd voor zonne- en windenergie, waarop we onze ambitie voor duurzame opwek willen realiseren. De provincie heeft de ambitie voor zoveel mogelijk zon op dak bij zowel woningen, bedrijfsvestigingen en andere gebouwen. Daarnaast werkt zij aan windenergielocaties volgens de doelstelling in de RES’en. In de provinciale aanpak voor de energietransitie is de energie-infrastructuur de slagader van het toekomstige duurzame energiesysteem. Via onder meer het provinciale Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (pMIEK) wordt ingezet op versnelling, ontwikkeling en ruimtelijke inpassing van elektriciteits- en warmtenetten, en op infrastructuur voor duurzame gassen. Tot 2030 wordt energie-infrastructuur verzwaring en uitbreiding voorzien, waar ruimte voor nodig is en die ruimtelijk ingepast moet worden.

Binnen het ‘Toekomstbeeld Energiesysteem Zuid-Holland’ (energievisie) ontwikkelt de provincie een toekomstbeeld voor het energiesysteem van Zuid-Holland op de (middel)lange termijn (tot 2050) in relatie tot maatschappelijke opgaven en ambities, waarin op basis van prognoses van energievraag- en

32

aanbod de benodigde energie-infrastructuur in kaart wordt gebracht inclusief een inschatting van de benodigde ruimte hiervoor. De provincie beoogt robuustheid en dus diversiteit aan energiedragers met meer decentrale opwek, opslag en distributie (en besparing) van elektriciteit en warmte. Samen met de netbeheerders en in afstemming met gemeenten stelt zij een tweejaarlijkse actualisatie van het pMIEK op, waarin de energie-infraprojecten in de regio worden geprioriteerd. Een volhoudbaar land- en tuinbouwsysteem Om ruimte te bieden aan voedselproductie en de noodzakelijke extensivering van de landbouw, wil de provincie de ruimte voor landbouw beter beschermen tegen bebouwing. Land- en tuinbouw en natuur worden beter in balans gebracht, door onder andere schadelijke uitstoot naar bodem, lucht en water terug te dringen. Zo wil de provincie komen tot een toekomstbestendige landbouw, die duurzaam economisch rendabel is binnen de planetaire grenzen. Voor die toekomstbestendigheid anticiperen land- en tuinbouw ook op toenemende weersextremen en veranderende beschikbaarheid van zoetwater. De greenport is meer dan een economisch cluster: het is één van de identiteitsdragers van de regio, broedplaats voor innovatie en draagt al decennialang bij aan grote maatschappelijke vraagstukken zoals voedselzekerheid, werkgelegenheid en de energietransitie.

Daarnaast is het een voorbeeld waar er de afgelopen decennia steeds meer is geïntensiveerd op dezelfde vierkante kilometers. Om zowel de innovatie- als agglomeratiekracht van de sector te behouden maar ook aan de wettelijke verplichtingen op het gebied van onder andere water (Kaderrichtlijn Water) te voldoen en hiermee bij te dragen aan gezondheid van mens en natuur, wil de provincie een betere balans tussen de glas- en tuinbouw en de natuur. De glas- en tuinbouw dient in 2040 zowel klimaatneutraal als economisch rendabel is en zijn (inter)nationale koploperspositie te behouden. Dit provincie werkt hieraan door perspectief op o.a. het gebied van de versnelde energietransitie te bieden en de juiste ruimtelijk-economische randvoorwaarden voor het goed functioneren van de greenport keten in de bredere omgeving te faciliteren. Er wordt efficiënter omgegaan met de ruimte die er is, door bijvoorbeeld greenportgerelateerde functies te combineren of meerlaags te telen en te verpakken. Toekomstbestendige woningbouw Een woning is belangrijk, maar een huis is nog geen thuis. Betaalbaarheid en passendheid van woningen is belangrijk. Daarnaast is ook brede welvaart, waaronder voorzieningen, gezondheid en klimaatbestendigheid van belang. Het gaat hier over de integrale (woning)bouwopgave.

Zuid-Holland realiseert het in de Woondeals in 2023 afgesproken aantal woningen van 247.896 woningen als door het Rijk invulling wordt gegeven aan de gestelde randvoorwaarden. Deze nieuwe woningen zullen zoveel mogelijk worden gebouwd binnen het bestaande bebouwde gebied. In de provinciale integrale verstedelijkingsstrategie zijn verdichting en functiemenging, in combinatie met goede bereikbaarheid en meer aandacht voor gezonde en klimaatadaptieve verstedelijking, al centrale elementen. De al vastgestelde 3 ha-locaties voor woonlocaties zijn in principe de maximaal beschikbare hectaren voor nieuwe uitleg, mogelijk aangevuld met Gnephoek en Sliedrecht-Noord. De binnen- en buitenstedelijke locaties bieden voldoende plekken voor de afgesproken woningbouwaantallen. Bij locaties is de bereikbaarheid van belang en moet rekening worden gehouden met toenemende mobiliteit. Woningbouw wordt gebruikt als katalysator voor maatschappelijke opgaven zoals klimaatbestendigheid, gezondheid en veiligheid van de bestaande steden en dorpen. Hiermee wordt rekening gehouden bij het toevoegen van woningen in de voorraad die passen bij de woningzoekenden, ook op langere termijn. Groeikernen en naoorlogse wijken hebben een opgave als het gaat om de ruimtelijke kwaliteit van de leefomgeving. Deze gebieden hebben ook gemiddeld een zwakker sociaaleconomisch profiel.

Sociale en ruimtelijke opgaven stapelen zich hier op. In deze gebieden liggen grote kansen om te intensiveren en zo de kwaliteit te verbeteren. Dat geldt voor wonen, werken, recreatie en voorzieningen. De bestaande woningvoorraad moet worden aangepast met het oog op betaalbaarheid, vergrijzing, en met meer aandacht voor bereikbaarheid en beweegvriendelijkheid, flora en fauna, klimaatbestendigheid (zoals hittestress) en de transitie naar klimaatneutraliteit bij alle sectoren. Het gaat niet alleen om voldoende woningen maar ook om de juiste woningen in het licht van de demografische ontwikkeling en rijksopgaven. Toekomstbestendige bedrijvigheid Een van de opgaven is om ruimte op werklocaties beter te benutten, zodat de uitleg van werklocaties tot de afgesproken 900 ha kan worden beperkt en zo optimaal mogelijk gebruik te maken van de ruimte. De al vastgestelde 3 ha-locaties voor werklocaties zijn in principe de maximaal beschikbare hectaren voor

33

nieuwe uitleg en bieden dus ruimte voor de transitieopgaven. Het is van belang dat de ruimte voor bedrijvigheid beschermd wordt. Waar mogelijk past de provincie meervoudig ruimtegebruik en functiemenging toe. Daarbij moet rekening worden gehouden met mogelijk toenemende mobiliteit. Waar sprake is van een lage milieucategorie, kunnen bedrijven worden gemengd met woningbouw en waar mogelijk natuur en recreatie. De (nieuwe) ruimtevraag voor werklocaties richt zich op dit moment op bedrijventerreinen: van gemengd stedelijk, tot bedrijven met een hoge milieucategorie (HMC) en watergebonden terreinen. Gezien de waarschijnlijk grote vraag naar (tijdelijke) ruimte vanuit de transitieopgaven circulair en energie is aandacht nodig voor strategische transitieruimte binnen deze functie. De provincie ziet de noodzaak en de kans om de logistieke kennis, onze netwerken en onze clusters te richten op een circulair ZuidHolland. Winst in ruimte, netwerkcapaciteit of minder gebruik van grondstoffen worden prioritair benut voor een toekomstbestendig Zuid-Holland en niet voor meer van hetzelfde, met meer gebruik van grondstoffen. Zuid-Holland bundelt grootschalige logistiek in het Haven Industrieel Complex, de tuinbouwgebieden (greenports) en langs de Oost en Zuid-corridors.

Voor de nationale en internationale goederenlogistiek zet de provincie verder in op bestaande samenwerking in corridorverband. Het Rotterdamse havengebied kent een grote opgave wat betreft de energietransitie en de circulaire transitie, met oog voor balans met andere opgaven zoals een veilige en gezonde leefomgeving en wonen. De begrenzing van de capaciteit die de netwerken kunnen leveren, maken dat voor het toekomstperspectief van sommige sectoren extra inzet nodig is om de transitie te laten slagen. Dit geldt bijvoorbeeld voor zeer energie-intensieve (denk aan de chemische industrie) en waterintensieve bedrijvigheid (zoals industrie, chemie en voedingsmiddelenindustrie) en voor zoetwaterafhankelijke teelten. Innovatie kan hierbij kansen bieden. Een gezonde en veilige leefomgeving De fysieke leefomgeving gaat over groen in en om de stad, milieuaspecten zoals luchtkwaliteit, gezondheid, (maatschappelijke) voorzieningen, algemene natuur en het toekomstbestendig inrichten van bedrijventerreinen. De provincie geeft meer prioriteit aan welzijn, welbevinden en gezondheid in haar ruimtelijke keuzes voor de toekomst en in de bestaande omgeving. De provincie wil een schone, veilige en gezonde leefomgeving voor haar inwoners en onderzoekt hoe gestuurd kan worden op brede welvaart.

Van oudsher heeft de provincie een rol heeft bij het beschermen van gezondheid in de fysieke leefomgeving, zoals bij de milieutaken en in het veiligheidsbeleid. Er is onder meer een schone luchtakkoord afgesloten en er wordt gewerkt aan geluidproductieplafonds voor provinciale wegen. Deze gezondheidsbeschermende kant is in het reguliere provinciale beleid en de organisatie op basis van wettelijke normen voldoende geborgd, maar leidt nog steeds tot gezondheidsschade. Daarnaast zijn er voor de provincie ook volop kansen voor het bevorderen van gezondheid, bijvoorbeeld in relatie tot voedsel, natuurbeleid en de inrichting van de leefomgeving. Dit hangt nauw samen met brede welvaart. De mogelijkheden voor de provincie om de luchtkwaliteit vanuit haar eigen verantwoordelijkheden verder te verbeteren zijn vrijwel uitgeput. De meeste winst valt te behalen in maatregelen op landelijk en internationaal niveau. De overheid probeert de geluidshinder te beperken met onder andere actieplannen geluid voor het wegverkeer, toezicht op bedrijven en andere maatregelen. Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met geluidshinder bijvoorbeeld door de inrichting van een gebied zo te kiezen dat geluidshinder wordt voorkomen. Ook kunnen de kosten van te bouwen woningen toenemen vanwege geluidsisolerende maatregelen.

Met name in gebieden waar veel functies bij elkaar komen is het een grote uitdaging om verantwoord om te gaan met geluidshinder. Daarbij is niet alleen sprake van een teveel aan geluid op basis van wettelijke normen, maar is ook sprake van ervaren geluidhinder, die leidt tot maatschappelijke weerstand. De provincie bevordert zowel het clusteren en verantwoord combineren van risicovolle activiteiten met bestaande en nieuwe bebouwing, als het gebruik van veiligheid als ontwerpprincipe. Daarnaast richt de provincie zich op het reduceren van risico's bij bedrijven waarvoor Gedeputeerde Staten vergunningen verleent, toezicht op houdt en waar nodig handhaaft. Met de nieuwbouwopgave wordt ook ingezet om werkplekken, groen, water en voorzieningen mee te laten groeien, ook in relatie tot de intensivering van de steden. De provincie wil een gezonde en veilige inrichting van de leefomgeving door beweging en sport mogelijk te maken, binnen steden en dorpen maar ook via recreatieroutes daarbuiten. Aangezien niet alleen in natuurgebieden, maar ook in stedelijke en landbouwgebieden de algemene soorten afnemen, is de opgave om dit tij te keren. Beleefbaar erfgoed De provincie ziet zorgvuldig omgaan met cultuurhistorisch erfgoed als een belangrijk element bij het werken aan een toekomstbestendige leefomgeving. Erfgoed vormt een integraal onderdeel van de plan-

34

vorming en uitvoering van nationale en provinciale opgaven. De geschiedenis van Zuid-Holland ligt besloten in het landschap en haar steden. Het geeft een gebied eigen identiteit. Ook met de grote opgaven waar we in Zuid-Holland voor staan, wil de provincie ontwikkelen met kwaliteit door het versterken van cultuurhistorische kenmerken en identiteit en benutten als inspiratie voor nieuwe ontwikkelingen. Recreatie, toerisme en sport in balans met de leefomgeving Zuid-Holland heeft aantrekkelijke landschappen, mooie routes en toeristische attracties. Van boerenlandpaden en recreatieve fietsroutes, het strand, de kust en duinen, ommetjes in de buurt en zwemlocaties tot en met toeristische topattracties zoals Kinderdijk en de oud-Hollandse binnensteden. De opgave is om bij een groter wordende bevolking, meer vrije tijd en de groter wordende groep bezoekers van buiten Zuid-Holland het recreatief gebruik en toerisme in balans te houden met de omgeving. Veel landschap, met name aan stadsranden, bedrijventerreinen en overgangen is nog weinig beleefbaar, de opgave is om hier meer recreatie mogelijk te maken. Daar zouden met een nieuwe impuls toevoegingen gedaan kunnen worden. De financiële opgave ligt vooral in de uitdaging voor beheer en onderhoud.

6. Ambities van Zuid-Holland Ambitie 1. Samenwerken aan Zuid-Holland Een slagvaardig bestuur De provincie vervult diverse rollen en taken als bestuurslaag midden tussen Europa, Rijk en gemeenten. De provincie is de bestuurslaag bij uitstek om bovenregionale vraagstukken op te pakken. Bijvoorbeeld op het gebied van milieu, recreatie en vervoer en voor alles wat de verbinding brengt tussen dorp en stad. De provincie is ook bij uitstek in staat om afstemming en verbinding tussen gemeenten te stimuleren. De provincie heeft vanuit haar bovenregionale rol overzicht op maatschappelijke vraagstukken en de onderlinge verbanden, trends en best practices. De opgaven waar het openbaar bestuur voor gesteld staat, werden de afgelopen jaren onmiskenbaar complexer. Vooral de transitieopgaven (bijv. energietransitie, landbouw en klimaatadaptatie) vragen om meer integraliteit en samenwerking tussen overheden en met de samenleving. Men vraagt naar oplossingen, terwijl tegelijkertijd het probleem zich nog ontvouwt. Achteraf kan de provincie pas vaststellen wat werkte en wat niet. Met de verspreiding van taken (decentralisaties sociaal domein en Omgevingswet) gingen opgaven en bevoegdheden bovendien naar het lokale niveau. De (financiële) verantwoordelijkheid van gemeenten nam hierdoor fors toe.

Dit vraagt ook op lokaal niveau om meer kennis, expertise, betrokkenheid van de samenleving en een stevige financiële huishouding. Om zo een bijdrage te kunnen leveren aan de maatschappelijke opgaven. Zonder een goed functionerende democratie en bestuur - en sterke gemeenten die hun taken goed kunnen uitvoeren - gaat het niet lukken om de grote maatschappelijke opgaven aan te pakken. De provincie investeert in het behoud en de verbetering van de kwaliteit van het openbaar bestuur en de democratie. Zuid-Holland streeft ernaar dat het vertrouwen van inwoners in het openbaar bestuur groeit of op zijn minst gelijk blijft. Een goed openbaar bestuur begint bij de bestuursorganen zelf. Zuid-Holland staat voor effectief eigen bestuur, waarbij effectieve samenwerking op alle niveaus (met collega-overheden, maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen, inwoners, Provinciale Staten-Gedeputeerde Staten, regionaal, landelijk en Europees) het uitgangspunt is. Het is een kwestie van samen de identiteit van ZuidHolland vormgeven: veelzijdig, inclusief en vernieuwend. De provincie vindt het belangrijk om sneller tot uitvoering en resultaat te komen. De opgaven zijn vaak complex. Daarom betrekt Zuid-Holland inwoners, organisaties en bedrijfsleven vroegtijdig bij besluitvorming.

De provincie stelt zich open en met vertrouwen op voor initiatieven vanuit de samenleving en maakt ruimte voor verschil, experimenten en maatwerk. Participatie verschilt per onderwerp en rol die de provincie heeft. Zuid-Holland is constructief, maar ook duidelijk als iets niet kan. De provincie durft verbonden partijen een spiegel voor te houden, ook als dingen niet goed gaan. De volksvertegenwoordiging blijft het laatste woord houden.

Ambitie 2. Bereikbaar Zuid-Holland Zuid-Holland streeft naar een vitale provincie, met goed bereikbare steden en dorpscentra waar het fijn wonen, werken, leren en recreëren is. Waar mensen en goederen op een makkelijke, veilige en duurzame manier hun bestemming kunnen bereiken. De provincie richt zich op de toekomst. Dat betekent dat zij gezondheid, kwaliteit en veiligheid van de leefomgeving nadrukkelijk meeweegt in haar beleid. Zuid-Holland beschikt over uitstekende infrastructuur voor personen- en goederenvervoer, waaronder de grootste haven van Europa. De provincie beheert honderden kilometers wegen, vaarwegen en fietspaden met bijna 500 bruggen, viaducten, tunnels en sluizen. Om deze infrastructuur in goede staat te houden

35

voeren we onderhoud en renovatie uit. De provincie verzorgt het bedienen van bruggen en sluizen, toezicht en handhaving op de weg en het water- en incidentmanagement. Daarbij stuurt ze op vlotte doorstroming en op zo min mogelijk hinder door calamiteiten en onderhoud. De provincie zorgt ook voor een goed aanbod van regionaal openbaar vervoer. De provincie is opdrachtgever voor vijf ov-concessies en contracten van bus, trein en waterbus. Samen met andere overheden zorgt de provincie zo voor aantrekkelijk openbaar vervoer dat snel, frequent, betrouwbaar en betaalbaar is, dat goed op elkaar aansluit en waar ook ander (deel)vervoer onderdeel van uitmaakt. Er zijn ook grote uitdagingen: in Zuid-Holland worden de komende jaren veel woningen bijgebouwd. Bevolkingsgroei en groeiende economie zorgen voor toenemende drukte. Dit geldt zowel voor personenals goederenvervoer. Wegen en fietspaden worden steeds drukker en het openbaar vervoer komt verder onder druk, dat vraagt om extra infrastructuur en dat zal beslag leggen op de schaarse ruimte. Het onderhoud van wegen en bruggen gaat de komende jaren voor hinder en extra kosten zorgen, terwijl klimaatverandering en stikstofuitstoot vragen om duurzamere mobiliteit. Tegelijk ontbreken het geld en de ruimte om veel nieuwe wegen, ov-verbindingen en fietspaden aan te leggen.

Deze schaarste dwingt om heldere keuzes te maken en om de bestaande verbindingen nog beter te benutten. Dat vraagt om slimmere, veiligere en duurzamere mobiliteit, waarbij woningbouw en bereikbaarheid in samenhang worden ontwikkeld. De provincie zet in op voorzieningen dichtbij, lopen, fietsen, openbaar vervoer, deelmobiliteit én de personenauto. Het optimaal benutten van alle vervoerswijzen zorgt voor ruimte op de weg en beperkt files. De provincie stimuleert ook vervoer over spoor en het water als alternatief voor vrachtverkeer over de weg. Zij zorgt er bij woningbouw voor dat de nieuwe bewoners vanaf het begin voldoende opties voor vervoer hebben. Door de veranderingen op het gebied van mobiliteit, wonen, energie en werken dienen zich kansen aan voor veilige, gezonde, slimme en duurzame mobiliteit die de provincie samen met andere overheden en maatschappelijke partners graag benut.

Ambitie 3. Schone energie voor iedereen De provincie wil af van fossiele energiebronnen en energie onafhankelijker worden. Klimaatscenario’s lijken steeds negatiever uit te vallen dan eerder is voorspeld. Broeikasgassen dragen in grote mate bij aan de stijging van de temperatuur op aarde. Daarom is afgesproken de uitstoot van broeikasgassen substantieel te verminderen in Zuid-Holland, aansluitend op internationale doelen van het klimaatakkoord van Parijs en op Europees niveau via de Green Deal. Landelijk sluit de provincie aan op het Klimaatakkoord en de Klimaatwet. De energietransitie richt de provincie op het stimuleren van energiebesparing, investeren in de opwekking van duurzame elektriciteit, (collectief) gebruik maken van warmtebronnen, vormen van opslag en onderzoek naar de potentie van kleine modulaire kernreactoren. Zuid-Holland is één van de meest energie intensieve regio’s van Europa en ook de meest dichtbevolkte regio van Nederland. Dat komt door de unieke industriële en stedelijke structuur, met de haven, glastuinbouw, petrochemie en logistiek. Dit maakt Zuid-Holland extra afhankelijk van de beschikbaarheid van brand- en grondstoffen. Daarmee is de transitie van fossiele brand- en grondstoffen naar duurzame bronnen een grote opgave voor de industrie, glastuinbouw en gebouwde omgeving. Dit brengt ook nieuwe kansen met zich mee.

Zo beschikt onze regio over een groot aanbod van restwarmte die gebruikt kan worden in steden en de glastuinbouw. Verder heeft Zuid-Holland veel potentie voor warmte uit de bodem: geothermie. De provincie werkt toe naar een duurzame en circulaire economie waarin de focus ligt op besparen en het vervangen van fossiele bronnen door hernieuwbare bronnen, die efficiënt worden benut. Het benutten van duurzame energiebronnen en hernieuwbare opwek brengt nieuwe verdienmodellen, nieuwe exportproducten en nieuwe banen met zich mee. De provincie vindt het belangrijk dat de energietransitie in Zuid-Holland van en voor iedereen is. Het streven daarbij is eerlijk, haalbaar en betaalbaar.

Ambitie 4. Een welvarend Zuid-Holland De provincie Zuid-Holland heeft een rijke en unieke geschiedenis. Op de wereld zijn er weinig plekken waar je in een kwartiertje fietsen 20 eeuwen geschiedenis tegenkomt. Resten van Romeinse forten, een eeuwenoud polderlandschap, trekvaarten, kunstig aangelegde landgoederen, boerderijen, molens, historische steden, vestingen, bunkers, pakhuizen en kerken. De weerslag van eeuwen van menselijke bedrijvigheid. Zuid-Holland is al eeuwenlang een centrum van handel, kennis en wetenschap. Een van de meest concurrerende en innovatieve regio’s van Europa. Een kracht die onze provincie ontleent aan de diversiteit van de economie, het aanwezige potentieel van talentvolle mensen en het unieke deltalandschap.

36

De Zuid-Hollandse economie wordt gekenmerkt door een unieke structuur. Het herbergt het grootste haven-industriële complex van Europa, met een sterk proces- en petrochemisch, logistiek en maritiem cluster. In de directe nabijheid van dit complex bevindt zich het grootste glastuinbouwcluster van de wereld en vruchtbare landbouwgronden: belangrijke spelers in de wereldwijde voedselketen. Verder kent onze provincie een meerkernig stedelijk netwerk met talrijke kennis-, onderwijs- en onderzoeksinstellingen, die tot de top in hun vakgebied behoren. Rond deze instellingen ontstonden kennisintensieve clusters zoals de bio-lifescience, ruimtevaart, duurzame energie en quantumtechnologie. Het behouden van deze toppositie en ons welvaartsniveau vereist dat de Zuid-Hollandse economie zich blijft vernieuwen en zich aanpast aan een veranderende omgeving. Verschillen in rijkdom en gezondheid tussen mensen, regio’s en wijken nemen toe. Ook in onze provincie. Ondertussen verandert de economie van structuur door de digitalisering van onze werk- en leefomgeving. Daarnaast staat de ruimte voor met name zwaardere bedrijfsactiviteiten onder druk. Een dynamiek die erom vraagt om ons leven, wonen en werken opnieuw in te richten. De provincie wil een economie die een bijdrage levert aan de brede welvaart voor alle Zuid-Hollanders. Ondernemerschap is belangrijk voor de economie.

Ondernemers creëren de banen en bieden werkgelegenheid aan inwoners. Dit geldt zowel voor groot- midden- en kleinbedrijf. De provincie wil een economie die groeit in termen van kwaliteit en niet alleen in volume. Om dat te bereiken kiest de provincie voor een economie die: • Duurzaam is; die uiteindelijk niks uitstoot en gebaseerd is op een circulair energie- en grondstoffensysteem (onder andere voor stroom, warmte, CO2 en waterstof). • Innovatief is; met een gezond en aantrekkelijk vestigingsklimaat dat ruimte biedt aan ondernemerschap. • Inclusief is; met gelijke kansen voor iedereen, waarin iedereen en elke regio meetelt, meedoet en op een prettige en gezonde manier kan leven. De ontwikkeling naar een duurzame, innovatieve en inclusieve economie kan alleen als er sprake is van een goed vestigingsklimaat, met voldoende, passende en goed benutte ruimte voor bedrijvigheid. Een toekomstbeeld met grote gevolgen voor de energie- en kennisintensieve Zuid-Hollandse economie. En onze provincie heeft alles in huis om deze slag te slaan: talent, creativiteit, ondernemerskracht. In een tijd die grote kansen biedt voor mensen die op zoek zijn naar een baan of opleiding. Ook het actief of passief aan cultuur meedoen, draagt in belangrijke mate bij aan het welbevinden en stimuleert de creativiteit die de provincie zo hard nodig heeft voor een innovatieve economie.

In ZuidHolland is de deelname aan culturele voorzieningen relatief laag. De provincie wil de deelname aan cultuurvoorzieningen door kinderen en jongeren in Zuid-Holland stimuleren. Daarnaast werkt de provincie samen met vele vrijwilligers, medeoverheden, maatschappelijk middenveld en ondernemers aan het behoud en beleefbaar maken van het provinciaal erfgoed en archeologie. Zo bewaart de provincie de identiteit van dorpen en streken, en wordt Zuid-Holland steeds aantrekkelijker.

Ambitie 5. Naar vitale balans water, natuur en landbouw Zuid-Holland ambieert een gevarieerde, gezonde en aantrekkelijke leefomgeving; in de stad en in het landelijk gebied. Daarom zorgen we voor de instandhouding van de unieke landschappen als veenweiden, de kust en de duinen en het delta- en getijdengebied, en het behouden van de unieke en aantrekkelijke steden. De provincie helpt plekken te creëren waar wonen, werken, ondernemen en recreëren in balans zijn met water, bodem en natuur. Brede welvaart voor iedereen is de basis, binnen de beschikbare ruimte in de provincie, effectieve werking van het water- en bodemsysteem én binnen de volhoudbare grenzen van het ecosysteem. En dit laatste vraagt de aandacht, want een nieuwe balans in het systeem is essentieel. De uitdaging is om economische ontwikkeling, maatschappelijke opgaven en de zorg voor het landschap hand in hand te laten gaan. Dat betekent dat de provincie investeert in de beschikbaarheid van voldoende en schoon water en in de biodiversiteit, zowel in stedelijke als landelijke gebieden. Want een gezonde natuur zorgt bijvoorbeeld voor vruchtbare bodems, schone lucht en ruimte om te recreëren. Hierbij houdt de provincie rekening met de gevolgen van klimaatverandering, zeespiegelstijging en weersextremen zoals droogte, hitte, storm of piekbuien.

Samenhangende aanpak nodig Water, bodem, klimaat, natuur, landbouw en stikstof zijn als thema’s onlosmakelijk met elkaar verbonden. Maar zijn ook verbonden met opgaven op het gebied van bijvoorbeeld woningbouw, infrastructuur en

37

economische ontwikkeling. Deze opgaven hebben alleen kans van slagen wanneer ze zoveel mogelijk in samenhang met elkaar worden opgelost. Dit helpt ook om ruimte te maken voor investeringen in nieuwe bedrijvigheid en woningbouw. Stikstofreductie en het wegnemen van diverse drukfactoren - die de kwaliteitsverbetering van natuur, water en klimaat belemmeren zowel in het landelijk gebied als in de stad- zijn daarbij cruciale randvoorwaarden. De provincie zoekt naar slimme samenwerkingsverbanden met economische sectoren als verkeer, luchtvaart, industrie en in het bijzonder landbouw als onderdeel van de identiteit van Zuid-Holland en beheerder van grote delen van haar cultuurlandschap. Landelijk gebied In het landelijk gebied komt de samenhangende aanpak op de doelen tot uiting in het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied. Hierin werkt de provincie gebiedsgericht aan een vitale leefomgeving, samen met partners zoals gemeenten, waterschappen, landbouworganisaties, natuurbeheerders en ondernemers. De provincie bouwt aan perspectief voor de toekomst en voert concrete projecten uit die bijdragen aan de kwaliteit van de natuur, de bodem en het watersysteem. De landbouw draagt hier in belangrijke mate aan bij. Agrariërs produceren voedsel en grondstoffen, beheren het landschap en de boerennatuur en zijn daardoor de ruggengraat van een vitaal platteland.

De provincie ziet de grote maatschappelijke waarde van de landbouw in een vitaal platteland: werkgelegenheid, leefbaarheid, sociale cohesie, gezondheid en binding met de voedselproductie. De provincie streeft naar een toekomstbestendige landbouw. Dit is een veerkrachtige landbouw met bedrijven die economisch gedragen, sociaal rechtvaardig ondernemen en leidend zijn op het vlak van efficiency en duurzaamheid. Een landbouw die ook in de toekomst een belangrijke rol speelt in het voedsel- en grondstoffensysteem en in het behoud van karakteristieke landschappen. Stedelijk gebied Ook in het stedelijk gebied gaat het om het creëren van een gezonde leefomgeving, voldoende en schoon (drink-)water, maatregelen tegen hittestress, natuurinclusieve ruimtelijke ontwikkeling en betere aansluiting van groenblauwe structuren tussen het stedelijk en landelijk gebied in relatie tot recreatie, natuurbeleving, welzijn en gezondheid. Zo werkt Zuid-Holland aan een provincie waar haar inwoners ook in de toekomst goed kunnen leven, in een provincie waar natuur en bodem gezond zijn, het water schoon is en inwoners kunnen rekenen op bescherming tegen het water. Zo bereikt de provincie een vitale balans tussen maatschappelijke opgaven en economie voor een krachtig en leefbaar Zuid-Holland.

Ambitie 6. Sterke steden en dorpen in Zuid-Holland De provincie wil dat haar inwoners met plezier wonen, werken en recreëren in een aantrekkelijke, groene en gezonde omgeving. Samen met andere partijen werkt de provincie aan een klimaatadaptieve, gezonde en veilige leefomgeving. De vitaliteit en kwaliteit van de leefomgeving staat echter onder druk door conflicterende ruimteclaims. Dat dwingt de provincie tot keuzes: niet alles kan in Zuid-Holland. Het is niet langer mogelijk om alle opgaven als vanzelfsprekend ruimtelijk te accommoderen. Zuid-Holland wil voorbereid zijn op de toekomst en staat in de komende decennia voor een groot aantal opgaven. Er is ruimte nodig voor de woningbouwopgave, de transitie naar een circulaire economie en een duurzame land- en tuinbouw, het verduurzamen van de energievoorziening, klimaatadaptatie, natuurherstel, gezondheid en leefbaarheid. De provincie stuurt op de juiste ontwikkeling op de juiste plek en wil daarvoor integrale ruimtelijke keuzes maken die bijdragen aan de vitaliteit van de steden en dorpen en het vergroten van de brede welvaart in gebieden. De provincie wil dat alle inwoners een passende en betaalbare woning kunnen vinden en zich thuis voelen in hun omgeving en gemeenschap. Daarvoor moeten er voldoende woningen van de juiste kwaliteit op de juiste plek zijn.

De provincie wil de bouw van passende en betaalbare (sociale huur)woningen versnellen, met waarborg voor kwaliteit en met passende (mobiliteits-)voorzieningen. De provincie vindt het van belang dat het bebouwd gebied klimaatadaptief wordt ingericht. Daarbij kiest zij primair voor bouwen in bestaand bebouwd gebied en nabij knooppunten van hoogwaardig openbaar vervoer. Voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen maken we een integrale afweging tussen ruimte voor stedelijke ontwikkelingen en ruimte voor andere opgaven zoals landbouw, natuur, recreatie, energie, water, klimaat en groen, het landschappelijk belang en de gewenste leefomgevingskwaliteit.

Ambitie 7. Gezond en veilig Zuid-Holland De druk op de gezondheid van de bevolking is groot. De gezondheidsverschillen tussen groepen inwoners groeien. Dit komt onder andere door veel verstedelijking, veel verkeer, en de uitstoot van het Haven In-

38

dustrieel Complex. De provincie is kwetsbaar voor de gevolgen van klimaatverandering. Dit zorgt ervoor dat zij extra aandacht (moet) hebben voor veiligheid en gezondheid van de leefomgeving. De provinciale taken die invloed hebben op gezondheid en veiligheid, liggen voor een belangrijk deel op het terrein van de leefomgeving. Zuid-Holland besteedt aandacht aan gezondheid binnen alle beleidssectoren. Dit vraagt om een vernieuwende en samenhangende beleidsaanpak, en om extra inzet binnen bestaande provinciale taken. De provincie wil graag haar inwoners een gezonde en veilige leefomgeving bieden. Dit betekent het veilig kunnen gebruiken van de leefomgeving en een leefomgeving die uitnodigt tot gezond gedrag. De provincie beschermt inwoners tegen negatieve invloeden en verminderen deze waar mogelijk, zoals luchtvervuiling, bodemverontreiniging, veiligheidsrisico’s, geluidsoverlast, nestgeluid, en hittestress. Hierdoor wordt de kans dat mensen ziek worden door hun omgeving kleiner en is het risico op ongelukken met gevaarlijke stoffen zo laag mogelijk. Bedrijven in Zuid-Holland behoren tot de meest vernieuwende ter wereld. Ze zijn belangrijk voor de werkgelegenheid, maar moeten ook veilig zijn, met zo min mogelijk uitstoot van gevaarlijke stoffen. De provincie zorgt in haar rol als toezichthouder dat complexe bedrijven zich aan de regels houden.

Daarbij wil Zuid-Holland dat bedrijven hun vernieuwingskracht inzetten voor de gezondheid en veiligheid van de inwoners. Daarnaast moeten mensen de mogelijkheid hebben om te kunnen recreëren in de natuur en in de openbare ruimte in het algemeen. Een groot aantal factoren bepaalt of een leefomgeving gezond, schoon en veilig is: de milieukwaliteit, veiligheid, bereikbaarheid en beleefbaarheid van natuur, water en landschap, en waterkwaliteit. Maar ook deelname aan sport en recreatie, keuzes bij vervoer en economische activiteiten, gezond voedsel, en de inrichting van de openbare ruimte. De provincie verwacht meer extreem weer en hogere temperaturen. Dit brengt de gezondheid en veiligheid van bewoners in gevaar. De provincie wil zich beter voorbereiden op zaken als hittestress, of wateroverlast na hevige stortbuien. De provincie wil weerbaar zijn tegen de gevolgen van klimaatverandering. Op de lange termijn wil de provincie niet dat extra kosten die door klimaatverandering worden veroorzaakt, doorschuiven naar toekomstige generaties. Ook recreatie, sport en bewegen leveren een belangrijke bijdrage aan de gezondheid en welzijn van de bewoners en bezoekers. De provincie moedigt de ontwikkeling aan van een beweegvriendelijke omgeving.

Met hierbij een aantrekkelijk recreatief aanbod voor ontspanning, onderwijs en ontmoeting met onder andere sterke, toekomstbestendige recreatienetwerken (waaronder voor fiets, varen en paardrijden). Maar ook voldoende toegankelijk groen en water. Daarmee wil de provincie mensen aanmoedigen meer te bewegen, sporten of juist lekker te ontspannen. Het is belangrijk dat toerisme en recreatie in balans zijn en blijven met het toeristisch-recreatief aanbod. En dat dit aanbod duurzaam is en past bij het karakter van het gebied en het gebied niet te veel belast. Dit zodat recreatie en toerisme een zo groot mogelijk voordeel opleveren voor haar inwoners en omgeving.

7. Beleidsdoelen en beleidskeuzes Beleidsdoel 1.1 Krachtig openbaar bestuur 1.1 Krachtig openbaar bestuur De provincie Zuid-Holland wil de kwaliteit van het openbaar bestuur bevorderen met als doel een krachtig decentraal bestuur. Een krachtig decentraal bestuur is effectief en presterend, responsief en verbonden, robuust en integer, lerend en innoverend. Sterke decentrale overheden zijn essentieel voor het uitvoeren van wettelijke taken en het bereiken van (gezamenlijke) doelen voor de leefomgeving. Daarom werkt de provincie Zuid-Holland samen met andere overheden aan het behoud en de versterking van de kwaliteit van het openbaar bestuur. Een goed openbaar bestuur begint ook bij de provincie zelf. Het bestuur en de provinciale organisatie is weerbaar, betrouwbaar, transparant, legitiem en handelt integer. De kwaliteit van beleid en de taakuitvoeringen zijn structureel op orde, het bestuur is weerbaar tegen ondermijning en oneigenlijke druk en er wordt gebruik gemaakt van de mogelijkheden van digitalisering. Het omgevingsbeleid en participatie worden vormgegeven en uitgevoerd. Zuid-Holland staat voor effectief eigen bestuur, waarbij effectieve samenwerking op alle niveaus (met collega-overheden, maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen, inwoners, PS-GS, regionaal, landelijk en Europees) wordt gezocht.

Provincie Zuid-Holland realiseert ambities op diverse niveaus (van Den Haag tot Brussel) voor een structurele, efficiënte en integrale lobby om haar belangen tijdig en op de juist plek voor het voetlicht te brengen.

39

Beleidskeuzes van 1.1 Krachtig openbaar bestuur 1.1.1 Sterke decentrale overheden Wat wil de provincie bereiken? Sterke decentrale overheden zijn essentieel voor het uitvoeren van wettelijke taken en het bereiken van (gezamenlijke) doelen voor de leefomgeving. Daarom werkt de provincie Zuid-Holland samen met andere overheden aan het behoud en de versterking van de kwaliteit van het openbaar bestuur. De provincie zet daarvoor een mix van maatregelen in: (financieel) toezicht op gemeenten en gemeenschappelijke regelingen, begeleiden bij schaalvergroting en/ of herindeling, versterken van gemeenten, netwerken en regio’s, faciliteren van onderzoek en kennisdeling.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwkoop&id=3d253563-87f6-4ac2-a5f0-a311c9327250