Landelijk Gebied Nieuwkoop regels.pdf
Tekst van het document
het aanleggen, verharden en/of verbreden van paden en/of het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; f. het aanbrengen van oeverbeschoeiing, aanlegsteigers en/of golfbrekers, voorzover deze geen bouwwerken zijn; g. het aanbrengen van dagrecreatieve voorzieningen; h. het aanleggen van ondergrondse en bovengrondse transport-, energie- en/of telecommunicatieleidingen. 10.6.2 Uitzonderingen op het verbod: Het in 10.6.1 genoemde verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden: a. die tot het normale onderhoud en beheer worden gerekend; b. die op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan in uitvoering waren of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend. 10.6.3 Weigeringsgronden De in 10.6.1 genoemde vergunning kan alleen worden verleend indien de in het eerste lid genoemde waarden alsmede de in artikel 31.5 genoemde landschapswaarden of ecologische verbindingsfunctie niet onevenredig worden aangetast.
49
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
10.6.4 Advisering Alvorens te beslissen omtrent een aanvraag voor het dempen, (ver)graven, verdiepen, waaronder baggeren, en/of verbreden van sloten en/of andere watergangen, wordt het bevoegde waterschap/hoogheemraadschap om advies gevraagd. 10.7 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen en de aanleg van een baggerspeciedepot voor de opslag van gebiedseigen bagger mogelijk maken.
50
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 11
Recreatie - Dagrecreatie
11.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Recreatie - Dagrecreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een perceel voor dagrecreatie met een tuinhuis; b. water- en waterhuishoudkundige voorzieningen, zoals sloten, greppels, watergangen, waterberging, bruggen en duikers; met daarbij behorende: c. bebouwing, terreinen, in- en uitritten, gronden en voorzieningen, waaronder begrepen parkeervoorzieningen. 11.2 Bouwregels Voor het bouwen ten behoeve van de in het eerste lid genoemde bestemmingsomschrijvingen gelden de volgende bouwregels: a. per bestemmingsvlak is maximaal 1 tuinhuis toegestaan, waarbij geldt dat indien een bouwvlak is opgenomen het tuinhuis uitsluitend binnen het bouwvlak is toegestaan; b. de oppervlakte van een tuinhuis mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte, waarbij geldt dat indien een bouwvlak is opgenomen een tuinhuis met een oppervlakte van maximaal 36 m2 is toegestaan; c. de goothoogte van een tuinhuis mag niet meer dan de bestaande goothoogte bedragen en de bouwhoogte niet meer dan de bestaande bouwhoogte; d. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 3 meter, met dien verstande dat het bouwperceel nooit voor meer dan 50% mag worden bebouwd.
11.3 Specifieke gebruiksregels Voor het gebruik op de voor recreatie gelden de volgende regels: Als gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval aangemerkt: a. het gebruik van een tuinhuis voor recreatief nachtverblijf; b. het gebruik van een tuinhuis voor beroeps- of bedrijfsactiviteiten.
51
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 12
Recreatie - Recreatiewoning
12.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Recreatie - Recreatiewoning' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een vrijstaande recreatiewoning met bijbehorende bouwwerken; met daarbij behorende: b. tuinen en erven, c. wateren groenvoorzieningen; d. wegen en paden; e. parkeervoorzieningen; f. nutsvoorzieningen; g. waterhuishoudkundige voorzieningen. 12.2 Bouwregels Voor het bouwen ten behoeve van de in het eerste lid genoemde bestemmingsomschrijvingen gelden de volgende bouwregels: 12.2.1 Algemeen a. Per bestemmingsvlak is maximaal 1 recreatiewoning toegestaan, tenzij op de verbeelding anders is aangeduid; b. in aanvulling op het bepaalde onder a is ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden', ten hoogste het aangeduide aantal recreatiewoningen toegestaan; 12.2.2 Recreatiewoning a. de oppervlakte van een recreatiewoning inclusief bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 60 m² bedragen en de inhoud niet meer dan 300 m³; b. de goothoogte van een recreatiewoning en bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 3 meter bedragen; c. de bouwhoogte van een recreatiewoning en bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 5,5 meter bedragen. 12.2.3 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen worden gebouwd binnen het bouwperceel; b.
de maximale bouwhoogte van terreinafscheidingen bedraagt maximaal 2 meter voor zover gelegen achter de voorgevelrooilijn; c. de maximale bouwhoogte van terreinafscheidingen bedraagt maximaal 1 meter voor zover gelegen vóór de voorgevelrooilijn; d. de maximale bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt 3 meter; e. het maximale bebouwingspercentage bedraagt 50%. 12.3 Specifieke gebruiksregels Als gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval aangemerkt het gebruik van een recreatiewoning voor beroeps- of bedrijfsactiviteiten aan huis.
52
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 13
Recreatie - Verblijfsrecreatie
13.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Recreatie - Verblijfsrecreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 1', een camping met een wijngaard, een dagrecreatieve voorziening met op de wijngaardcamping gerichte horeca en detailhandel (Westkanaalweg 123 Ter Aar) zoals nader beschreven in 13.2.2; b. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 2', logies met op dag- en verblijfsrecreatie gerichte horeca (Meije 70-74) zoals nader beschreven in 13.2.3; c. ter plaats van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 3', een recreatiepark met maximaal 45 waterkavels, inclusief ligplaats (Meije 164 Nieuwkoop) zoals nader beschreven in 13.2.4; d. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 4', een camping met standplaatsen voor toer- en stacaravans (Bosweg 8 Nieuwkoop) zoals nader beschreven in 13.2.5; e. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 5', een camping met standplaatsen voor toer- en stacaravans (Bosweg ongenummerd Nieuwkoop) zoals nader beschreven in 13.2.6; f.
ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 6', een caravanpark met standplaatsen voor stacaravans en chalets (Uitweg 30 Woerdense Verlaat) zoals nader beschreven in 13.2.7; g. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 7', een recreatiepark met standplaatsen voor toer- en stacaravans (Uitweg 38Z Woerdense Verlaat/Deelgebied A en B) zoals nader beschreven in 13.2.8; h. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 8', een Bed&Breakfast met sfeerstal (Hogendijk 5A Nieuwveen) zoals nader beschreven in 13.2.9; i. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 9' (De Meije 330), een camping met standplaatsen voor toer- en stacaravans zoals nader beschreven in 13.2.10; j. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 10', dag- en verblijfsrecreatieve voorzieningen en lichte horeca zoals nader beschreven in 13.2.11; k. ter plaatse van de aanduiding 'terras', een terras; l. het wonen ten behoeve van de hoofdfunctie, tenzij een bedrijfswoning ter plaatse is uitgesloten volgens deze regels; m.
al dan niet in combinatie met de uitoefening van een beroep aan huis in hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat het oppervlak ten behoeve van die activiteiten maximaal 30% van het vloeroppervlak per woning inclusief de bijbehorende bouwwerken bedraagt, met een maximum van 100 m²; n. mantelzorg, met dien verstande dat het oppervlak ten behoeve van mantelzorg maximaal 100 m² van het vloeroppervlak per bedrijfswoning inclusief de bijbehorende bouwwerken bedraagt; o. beheersgebouwen zoals omschreven in 13.2.14; p. water- en waterhuishoudkundige voorzieningen, zoals sloten, greppels, watergangen, waterberging, bruggen en duikers; met de daarbij behorende: q. bebouwing, terreinen, in- en uitritten, gronden en voorzieningen waaronder begrepen beheersgebouwen en -voorzieningen, parkeer- en groenvoorzieningen, spel- en sportvoorzieningen; r. nutsvoorzieningen. 13.2 Bouwregels Voor het bouwen ten behoeve van de in het eerste lid genoemde bestemmingsomschrijvingen gelden de volgende bouwregels: 13.2.1 Algemeen a. Per bestemmingsvlak zijn uitsluitend gebouwen en voorzieningen toegestaan ten behoeve van één recreatiebedrijf;
53
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
b. ter plaatse van de aanduiding 'relatie', dienen de aangeduide bouwvlakken te worden beschouwd als één bouwvlak. 13.2.2 Specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 1 (Westkanaalweg 123 Ter Aar/Wijngaardcamping) Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 1' , gelden de volgende bouwregels: a. maximaal 1 bedrijfswoning; b. maximaal 300 m² dagrecreatieve voorziening met horeca; c. detailhandel binnen de bestaande bebouwing; d. maximaal 3 trekkershutten; e. maximaal 6 hooiberghutten; f. maximaal 300 m² aan overige bedrijfsbebouwing; g. maximaal 30 toercaravans/kampeermiddelen; h. maximaal 1 recreatiewoning; één en ander volgens de overige bouwregels hierna. 13.2.3 Specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 2 (Meije 70-74 Nieuwkoop) Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 2' gelden de volgende bouwregels: a. maximaal 1 bedrijfswoning; b. recreatieve logiesverblijven en zaalruimte binnen de bestaande bebouwing; c. maximaal 1 stacaravan; d. maximaal 0 recreatiewoningen; e. maximaal 0 kampeermiddelen. één en ander volgens de overige bouwregels hierna. 13.2.4 Specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 3 (Meije 164 Nieuwkoop) Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 3' gelden de volgende bouwregels: a. maximaal 0 bedrijfswoning; b.
maximaal 32 schepen voor recreatief (nacht)verblijf; c. maximaal 1 schip voor recreatief (nacht)verblijf per recreatiekavel aan het water, met een maximale oppervlakte van 72 m², een maximale bouwhoogte van 3,5 meter gemeten vanaf de waterlijn; d. maximaal 32 bergingen op recreatiekavels aan het water, met een maximale oppervlakte van 25 m² per berging en een maximale bouwhoogte van 3,5 meter; e. maximaal 0 toer- en stacaravans/kampeermiddelen; f. maximaal 0 recreatiewoningen; g. maximaal 13 woonschepen voor permanente bewoning, uitsluitend op de woonschepenligplaatsen zoals aangegeven op de kaart 'CVJ de Meije Woonschepenligplaatsen' in Bijlage 4 en conform de bouwregels zoals opgenomen in 13.2.18; één en ander volgens de overige bouwregels hierna. 13.2.5 Specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 4 (Bosweg 8, Nieuwkoop) Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 4' gelden de volgende bouwregels: a. maximaal 0 bedrijfswoning; b. maximaal 20 sta- en toercaravans/kampeermiddelen; c. maximaal 0 recreatiewoningen; één en ander volgens de overige bouwregels hierna.
54
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
13.2.6 Specifieke vorm van recreatie-verblijfsrecreatie 5 (Bosweg ongenummerd) Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 5' gelden de volgende bouwregels: a. maximaal 1 bedrijfswoning; b. maximaal 11 sta- en toercaravans/kampeermiddelen; c. maximaal 0 recreatiewoningen; één en ander volgens de overige bouwregels hierna. 13.2.7 specifieke vorm van recreatie-verblijfsrecreatie 6 (Uitweg 30/31 Nieuwkoop, Caravanpark De Visotter) Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 6' gelden de volgende bouwregels: a. maximaal 1 bedrijfswoning; b. maximaal 145 sta- en toercaravans/kampeermiddelen; c. maximaal 5 chalets; d. maximaal 0 recreatiewoningen; één en ander volgens de overige bouwregels hierna. 13.2.8 Specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 7 (Uitweg 38Z Woerdense Verlaat) Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 7' gelden de volgende bouwregels: a. maximaal 0 bedrijfswoning; b. maximaal 76 toer- en stacaravans/kampeermiddelen b. maximaal 1 toer- of stacaravan /kampeermiddel per bestemmingsvlak, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 7b' in totaal maximaal 57 toer- of stacaravans /kampeermiddelen per bestemmingsvlak zijn toegestaan; c.
maximaal 0 recreatiewoningen; één en ander volgens de overige bouwregels hierna. 13.2.9 Specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 8 (Hogendijk 5A Nieuwveen) Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 8' gelden de volgende bouwregels: a. maximaal 1 bedrijfswoning; b. maximaal 590 m² bed&breakfast/logiesgebouw; c. maximaal 0 recreatiewoningen; d. maximaal 0 kampeermiddelen; één en ander volgens de overige bouwregels hierna. 13.2.10 Specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 9 (Meije 330, camping Balvert) Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 9', gelden de volgende bouwregels: a. maximaal 0 bedrijfswoning; b. maximaal 43 toer- en stacaravans/kampeermiddelen; c. maximaal 0 recreatiewoningen; één en ander volgens de overige bouwregels hierna. 13.2.11 Specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 10 (Hogedijk 3 - Zevenhoven)
55
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 10', gelden de volgende bouwregels: a. dagrecreatie (uitkijkpunt en informatiepunt) en koffie en theehuis (lichte horeca) voor circa 50 personen; b. maximaal 1 bedrijfswoning; c. maximaal 6 recreatie-appartementen met ontvangstruimte voor bed & breakfast in de bestaande stal achter het woonhuis; d. maximaal 1 sanitair-unit, met een oppervlakte van 50 m² en een bouwhoogte van 3 meter; e. maximaal 0 recreatiewoningen; f. maximaal 10 camper standplaatsen binnen het bestemmingsvlak; g. maximaal 30 kampeerplaatsen; één en ander volgens de overige bouwregels hierna. 13.2.12 Bedrijfswoning Voor de toegestane bedrijfswoningen gelden de volgende bouwregels: a. de inhoud van een bedrijfswoning mag niet meer dan 750 m³ bedragen (exclusief vrijstaande bijbehorende bouwwerken); b. de goothoogte van het hoofdgebouw van de bedrijfswoning mag niet meer dan 6 meter bedragen en de bouwhoogte niet meer dan 10 meter; c. bij een bestaande bedrijfswoning met een groter bouwvolume die rechtmatig is gebouwd, geldt dit grotere bouwvolume als het maximale bouwvolume dat bij herbouw ook mag worden terug gebouwd. 13.2.13 Bijbehorende bouwwerken bij de bedrijfswoning Voor de toegestane bedrijfswoningen gelden de volgende bouwregels: a.
bijbehorende bouwwerken bij de bedrijfswoning dienen ten minste 1 meter achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw te worden gebouwd; b. de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag per bedrijfswoning niet meer dan 80 m² bedragen ; c. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken bij een bedrijfswoning mag niet meer bedragen dan 3 meter en de bouwhoogte niet meer dan 5,5 meter. 13.2.14 Beheersgebouwen Voor de toegestane beheersgebouwen gelden de volgende bouwregels: a. de goot- en/of bouwhoogte van een beheersgebouw mag niet meer bedragen dan de bestaande goot- en/of bouwhoogte van het desbetreffende beheersgebouw; b. de oppervlakte van een beheersgebouw mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte van het desbetreffende beheersgebouw. 13.2.15 Stacaravans Voor de toegestane stacaravans gelden de volgende bouwregels: a. de oppervlakte van een stacaravan mag niet meer dan 50 m² bedragen, en de bouwhoogte niet meer dan 3.30 meter; b. per toer- of stacaravan is maximaal 1 berging toegestaan met een oppervlakte van maximaal 10 m² en een bouwhoogte van maximaal 3 meter. 13.2.16 Chalets Voor de toegestane chalets gelden de volgende bouwregels: a. oppervlakte van een chalets mag niet meer dan 55 m² bedragen (exclusief berging), de goothoogte niet meer dan 3 meter en de bouwhoogte niet meer dan 5,50 meter; b.
per chalets is maximaal 1 vrijstaande of inpandige berging toegestaan met een bouwhoogte van maximaal 3 meter en een oppervlakte van maximaal 6 m². 13.2.17 Recreatiewoningen Voor de toegestane recreatiewoningen gelden de volgende bouwregels: a. de oppervlakte van een recreatiewoning inclusief bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 60
56
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
m² bedragen en de inhoud niet meer dan 300 m³; b. de goothoogte van een recreatiewoning en bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 3 meter bedragen; c. de bouwhoogte van een recreatiewoning en bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 5,5 meter bedragen. 13.2.18 Woonschepen Voor woonschepen zoals bedoeld in 13.2.4 gelden de volgende bouwregels: a. per woonschepenligplaats zoals aangegeven in is maximaal 1 woonschip toegestaan; b. de maximale bouwhoogte van een woonschip bedraagt 4,5 meter, gemeten vanaf de waterlijn; c. de maximale breedte inclusief steigers en plankieren boven de waterspiegel bedraagt 5 meter; d. de maximale lengte inclusief steigers en plankieren boven de waterlijn, bedraagt 20 meter; e. bij uitbreiding van woonschepen in de breedte of de lengte dient de minimale afstand tussen woonschepen aan alle zijden 5 meter te zijn, tenzij in de bestaande situatie de afstand tussen de schepen minder is dan 5 meter. Dan mag door uitbreiding die afstand niet kleiner worden; f. bij het verleggen van het woonschip dient in de nieuwe situatie de minimale afstand tussen woonschepen 5 meter te bedragen, tenzij in de bestaande situatie de afstand tussen de schepen minder is dan 5 meter. Dan mag door verlegging deze afstand in ieder geval niet kleiner worden; g. per woonschip is maximaal 1 vrijstaand bijbehorend bouwwerk op de wal toegestaan; h.
de oppervlakte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer dan 10 m² bedragen; i. de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer dan 3 meter bedragen en de bouwhoogte niet meer dan 4,50 meter; j. de maximale bouwhoogte van beschoeiing, daaronder begrepen golfbrekers, bedraagt 0,3 meter, gemeten vanaf het waterpeil; k. de maximale bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt 2 meter. 13.2.19 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde De volgende bouwwerken geen gebouwen zijnde, zijn toegestaan: Bouwwerk, geen gebouw Hekwerken en andere terreinafscheidingen Spel- en sportvoorzieningen Verlichting Overkappingen
Andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Maximale bouwhoogte in meters en maximale oppervlakte in m² 2 meter 8 meter 4 meter 3 meter 20m² per bedrijfswoning/ recreatiewoning/ woonschip, met dien verstande dat het desbetreffende recreatieve kavel niet voor meer dan 50% mag worden bebouwd. 3 meter
13.3 Specifieke gebruiksregels Voor het gebruik gelden de volgende regels: 13.3.1 Strijdig gebruik Als gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval aangemerkt: a. het gebruik van een recreatiewoning voor permanente bewoning; b. het gebruik van een recreatiewoning voor beroeps- of bedrijfsactiviteiten aan huis; c. het gebruik van een bedrijfs- of recreatiewoning voor meer dan één woning, met dien verstande dat de (bedrijfs)woning met bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt voor mantelzorg; d. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning, met dien verstande dat de (bedrijfs)woning met bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt voor mantelzorg.
57
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
13.3.2 Bed & breakfast Een bedrijfswoning met bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt voor een bed & breakfast, mits maximaal 30% van het vloeroppervlak van de bedrijfswoning en de daarbij behorende bouwwerken hiervoor wordt aangewend. 13.4 Afwijken van de gebruiksregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 13.1 ten behoeve van de uitoefening van een bedrijf aan huis in het hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat: a. de woonfunctie als hoofdfunctie van de (bedrijfs-) woning behouden blijft; b. bedoeld gebruik geen onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt; dit betekent onder meer dat: 1. een omgevingsvergunning wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid in de categorieën 1 of 2 als vermeld in de Lijst van bedrijfstypen aan huis' (bijlage 2 bij deze regels); 2. een omgevingsvergunning wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid niet behorende tot de categorieën 1 of 2 als vermeld in de Lijst van bedrijfstypen aan huis' (bijlage 2 bij deze regels), mits het desbetreffende gebruik door middel van het stellen van voorwaarden verantwoord is; 3. het gebruik naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn; 4.
het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten uitvoert, tevens de gebruiker van de (bedrijfs-) woning is; c. de agrarische bedrijven in de omgeving daardoor niet in hun bedrijfsvoering worden belemmerd; d. het niet betreft zodanig verkeersaantrekkende activiteiten die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimten; e. parkeren zoveel mogelijk op eigen terrein dient plaats te vinden; f. geen detailhandel plaatsvindt, uitgezonderd een beperkte verkoop in verband met bedrijfsmatige activiteiten in of bij de (bedrijfs-) woning; g. maximaal 30% van het vloeroppervlak van de (bedrijfs-) woning en de daarbij behorende bijgebouwen ten behoeve van aan bedrijf aan huis in gebruik mag zijn, zulks met een absoluut maximum van 100 m².
58
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 14
Sport
14.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Sport' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. ter plaatse van de aanduiding 'golfbaan', een golfbaan; b. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van sport - clubhuis' een clubhuis met restaurant; c. ter plaatse van de aanduiding 'sportveld', sportvelden; d. ter plaatse van de aanduiding 'zwembad', een zwembad; e. water- en waterhuishoudkundige voorzieningen, zoals sloten, greppels, watergangen, waterberging, bruggen en duikers; f. nutsvoorzieningen; met de daarbij behorende: g. bebouwing, terreinen, ballenvangers, in- en uitritten, parkeervoorzieningen en andere voorzieningen. 14.2 Bouwregels Voor het bouwen ten behoeve van de in het eerste lid genoemde bestemmingsomschrijvingen gelden de volgende bouwregels: 14.2.1 Bedrijfsgebouwen a. de gezamenlijke oppervlakte van de bestaande gebouwen mag binnen het bestemmingsvlak met maximaal 10% worden vergroot; b. de goothoogte van gebouwen mag niet meer dan de bestaande goothoogte bedragen en de bouwhoogte niet meer dan de bestaande bouwhoogte. 14.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde De volgende bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegestaan: Bouwwerken, geen gebouwen Erfafscheiding Overkappingen
Ballenvangers Verlichtingsmasten Overige bouwwerken geen gebouwen
Bouwhoogte in meters en bebouwingspercentage 2m 4m met dien verstande dat het bouwperceel niet voor meer dan 50% mag worden bebouwd. 5m 12 m 5m
59
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 15
Tuin - Onbebouwd
15.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Tuin - Onbebouwd' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuinen, die niet worden aangemerkt als achtererf in de zin van artikel 1 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht mogen worden gebruikt behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofgebouwen; b. met de daarbij behorende parkeervoorzieningen, in- en uitritten, groenvoorzieningen, waterlopen en waterpartijen, waterhuishoudkundige voorzieningen; alsmede voor: c. ter plaatse van de aanduiding 'terras', een terras; d. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - paardenbak', een paardenbak zonder verlichting.
15.2 Bouwregels Voor het bouwen ten behoeve van de in het eerste lid genoemde bestemmingsomschrijvingen gelden de volgende bouwregels: 15.2.1 Gebouwen Op de voor 'Tuin - Onbebouwd' aangewezen gronden zijn geen gebouwen toegestaan, met dien verstande dat uitsluitende ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen', in afwijking van het bepaalde onder 15.1, onder a, bijgebouwen in de tuin zijn toegestaan tot maximaal de bestaande oppervlakte en de bestaande bouwhoogte; 15.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Op de voor 'Tuin - Onbebouwd' aangewezen gronden zijn uitsluitend perceelafscheidingen toegestaan met een hoogte van maximaal 1 meter geen bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - paardenbak', uitsluitend een paardenbak is toegestaan, zonder verlichting.
60
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 16
Verkeer
16.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen, straten en paden met een verkeers- en/of verblijfsfunctie; met de daarbij behorende: b. gronden, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen en andere voorzieningen waaronder begrepen speelvoorzieningen, water- en waterhuishoudkundige voorzieningen, zoals sloten, greppels, watergangen, oppervlaktewaterberging, bruggen en duikers. c. nutsvoorzieningen. 16.2 Bouwregels Voor het bouwen ten behoeve van de in het eerste lid genoemde bestemmingsomschrijvingen gelden de volgende bouwregels: 16.2.1 Gebouwen Op de voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn uitsluitend gebouwen voor nutsvoorzieningen toelaatbaar, zoals brugwachtershuisjes, met een maximale bouwhoogte van 3 meter en een maximale oppervlakte van 15m². 16.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde De volgende bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegestaan: Bouwwerken, geen gebouwen Verlichtingsmasten Bruggen, viaducten, ecoducten en andere kunstwerken Overige bouwwerken geen gebouwen zijnde
Bouwhoogte in meters 8m 15 m 5m
61
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 17
Water
17.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. water; b. het behoud, herstel en de ontwikkeling van natuurlijke waarden; c. bruggen; d. extensief recreatief medegebruik; e. groenvoorzieningen; f. voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding en/of waterkering; g. bestaande steigers, bruggen; alsmede voor: h. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van water - boothuis', een boothuis. 17.2 Bouwregels Voor het bouwen ten behoeve van de in het eerste lid genoemde bestemmingsomschrijvingen gelden de volgende bouwregels: 17.2.1 Gebouwen Op de voor 'Water' aangewezen gronden zijn geen gebouwen toegestaan, met uitzondering van een boothuis ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van water - boothuis', met de bestaande oppervlakte en de bestaande bouwhoogte. 17.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. aanlegsteigers zijn uitsluitend toegestaan met een afwijkingsvergunning; b. bruggen zijn uitsluitend toegestaan met een afwijkingsvergunning; c. de maximale bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt 3 meter. 17.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegde gezag kan afwijken van het bepaalde in: a. 17.2.2, onder a, en de bouw van een aanlegsteiger toestaan, mits: 1.
de landschappelijke kernkwaliteiten van het ter plaatse aanwezige landschapstype, zoals genoemd in artikel 31.5 daardoor niet onevenredig worden aangetast; 2. de ter plaatse aanwezige natuurwaarden daardoor niet onevenredig worden aangetast; 3. de maximale oppervlakte van een aanlegsteiger of aanleggelegenheid bedraagt 5 m2; 4. de maximale bouwhoogte van een aanlegsteiger of aanleggelegenheid bedraagt 0,5 meter, gemeten vanaf het waterpeil; 5. per aangrenzend perceel is slechts één particuliere aanlegsteiger toegestaan ten behoeve van dat perceel. b. 17.2.2, onder b, en de bouw van een brug toestaan, mits: 1. de landschappelijke kernkwaliteiten van het ter plaatse aanwezige landschapstype, zoals genoemd in artikel 31.5 daardoor niet onevenredig worden aangetast; 2. de ter plaatse aanwezige natuurwaarden daardoor niet onevenredig worden aangetast; 3. de maximale bouwhoogte van een brug bedraagt 3 meter gemeten vanaf waterpeil.
62
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 18
Wonen
18.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. al dan niet in combinatie met de uitoefening van een beroep aan huis in hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat het oppervlak ten behoeve van die activiteiten maximaal 30% van het vloeroppervlak per woning inclusief de bijbehorende bouwwerken bedraagt, met een maximum van 100 m²; c. mantelzorg, met dien verstande dat het oppervlak ten behoeve van mantelzorg maximaal 100 m² van het vloeroppervlak per woning inclusief de bijbehorende bouwwerken bedraagt; d. met de daarbij behorende tuinen en erven, parkeervoorzieningen, in- en uitwegen, groenvoorzieningen, waterlopen en waterpartijen, steigers en plankieren; alsmede voor: e. ter plaatse van de aanduiding 'maatschappelijk', een hersteloord; f. ter plaatse van de aanduiding 'recreatie', is recreatie toegestaan zoals nader beschreven in 18.4.2; g. ter plaatse van de aanduiding 'bed & breakfast', een bed & breakfast; h. ter plaatse van de aanduiding 'kas', een kas; i. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - stalling', een caravanstalling; j. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - paardenbak', een paardenbak zonder verlichting; met dien verstande dat: k. ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen', uitsluitend bijbehorende bouwwerken zijn toegestaan en geen woning.
18.2 Bouwregels Voor het bouwen ten behoeve van de in het eerste lid genoemde bestemmingsomschrijvingen gelden de volgende bouwregels: 18.2.1 Algemeen a. per bestemmingsvlak is maximaal 1 woning toegestaan, tenzij op de verbeelding anders is aangeduid; b. in aanvulling op het bepaalde onder a is ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden', ten hoogste het aangeduide aantal woningen toegestaan; c. ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' mogen uitsluitend bijbehorende bouwwerken worden gebouwd en geen hoofdgebouw; d. ter plaatse van de aanduiding 'relatie', dienen de aangeduide relatievlakken te worden beschouwd als één bestemmingsvlak. 18.2.2 Hoofdgebouwen a. de inhoud van een woning mag niet meer dan 750 m³ bedragen (exclusief vrijstaande bijbehorende bouwwerken); b. de goothoogte van het hoofdgebouw mag niet meer dan 6 meter bedragen en de bouwhoogte niet meer dan 10 meter; c. bij een bestaande woning met een groter bouwvolume die rechtmatig is gebouwd geldt dit grotere bouwvolume als het maximale bouwvolume, dat bij herbouw ook mag worden terug gebouwd. 18.2.3 Bijbehorende bouwwerken a. bijbehorende bouwwerken bij de woning dienen ten minste 1 meter achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw te worden gebouwd; b.
de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag per woning niet meer dan 80m² bedragen, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen -
63
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
voormalig agrarisch bedrijf' gebruik kan worden gemaakt van een sloop/bonus-regeling en afwijkende oppervlakten mogelijk zijn; c. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken bij een woning mag niet meer bedragen dan 3 meter en de bouwhoogte niet meer dan 5,5 meter; d. ter plaatse van de aanduiding 'kas' is een kas toegestaan in de bestaande omvang. 18.2.4 Voormalig agrarisch bedrijf Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voormalig agrarisch bedrijf' kan gebruik worden gemaakt van een sloop/bonus-regeling om de hoeveelheid gebouwen te reduceren en de ruimtelijke kwaliteit te verbeteren, onder de volgende voorwaarden: a. de bestaande bebouwing die de reguliere hoeveelheid bijbehorende bouwwerken van 80 m² te boven gaat, kan vervangen worden door nieuwbouw in een verhouding sloop : nieuwbouw = 2:1 (bebouwd oppervlak); b. na gebruik van de 'sloop/bonus-regeling' is ter plaatse het resterende oppervlak aan bijbehorende bouwwerken toegestaan; c. van deze 'sloop/bonus-regeling' kan geen gebruik worden gemaakt wanneer bij de herbestemming van het desbetreffende agrarische bouwvlak ook al met gebruik van de ruime voor ruimte-regeling een compensatiewoning wordt gebouwd, waarbij alle overtollige voormalige agrarische bedrijfsgebouwen moeten worden gesloopt.
18.2.5 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen en andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag voor de voorgevel van de woning niet meer dan 1 meter bedragen; b. de bouwhoogte van terreinafscheidingen mag achter de voorgevel van de woning niet meer dan 2 meter bedragen; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag achter de voorgevel van de woning niet meer dan 5 meter bedragen; d. de oppervlakte van overkappingen mag niet meer dan 20 m² per woning bedragen met dien verstande dat het bouwperceel niet voor meer dan 50% wordt bebouwd; e. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - paardenbak', is een paardenbak toegestaan, zonder verlichting. 18.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan in de omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 18.2.3, onder b, en een gezamenlijke oppervlakte van 100 m² aan bijbehorende bouwwerken toestaan, mits: a. de vergroting noodzakelijk is voor hobbymatige agrarische activiteiten of landschapsbeheer; b. het woon- en leefklimaat van derden daardoor niet onevenredig wordt aangetast. 18.4 Specifieke gebruiksregels Voor het gebruik gelden de volgende regels: 18.4.1 Strijdig gebruik Als gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval aangemerkt: a.
het gebruik van een woonhuis voor meer dan één woning, waaronder ook wordt verstaan kamergewijze bewoning, met dien verstande dat de (bedrijfs)woning met bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt voor mantelzorg; b. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning, met dien verstande dat de (bedrijfs)woning met bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt voor mantelzorg; c. het medegebruik van de woning in het kader van een kleinschalige bedrijfsactiviteiten aan huis in de vorm van een seksinrichting, prostitutie, een coffeeshop, growshop, smartshop of daarmee vergelijkbaar bedrijf, opslag en verkoop van (consumenten)vuurwerk. 18.4.2 Recreatie (Langeraarseweg 270) Ter plaatse van de aanduiding 'recreatie' is verblijfsrecreatie toegestaan in de vorm van: a. 3 logiesverblijven voor maximaal 4 personen;
64
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
b. 2 logiesbedrijven logiesverblijven voor maximaal 6 personen. 18.4.3 Bed & breakfast Een woning met bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt voor een bed & breakfast, mits maximaal 30% van het vloeroppervlak van de bedrijfswoning en de daarbij behorende bouwwerken hiervoor wordt aangewend. 18.5 Afwijken van de gebruiksregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 18.1 ten behoeve van de uitoefening van een bedrijf aan huis in het hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat: a. de woonfunctie als hoofdfunctie van de woning behouden blijft; b. bedoeld gebruik geen onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt; dit betekent onder meer dat: 1. een omgevingsvergunning wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid in de categorieën 1 of 2 als vermeld in de Lijst van bedrijfstypen aan huis' (bijlage 2 bij deze regels); 2. een omgevingsvergunning wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid niet behorende tot de categorieën 1 of 2 als vermeld in de Lijst van bedrijfstypen aan huis' (bijlage 2 bij deze regels), mits het desbetreffende gebruik door middel van het stellen van voorwaarden verantwoord is; 3. het gebruik naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn; 4.
het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten uitvoert, tevens de gebruiker van de woning is; c. de agrarische bedrijven in de omgeving daardoor niet in hun bedrijfsvoering worden belemmerd; d. het niet betreft zodanig verkeersaantrekkende activiteiten die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimten; e. parkeren zoveel mogelijk op eigen terrein dient plaats te vinden; f. geen detailhandel plaatsvindt, uitgezonderd een beperkte verkoop in verband met bedrijfsmatige activiteiten in of bij de woning; g. maximaal 30% van het vloeroppervlak van de woning en de daarbij behorende bijgebouwen ten behoeve van aan bedrijf aan huis in gebruik mag zijn, zulks met een absoluut maximum van 100 m².
65
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 19
Wonen - Woonschepenligplaats
19.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen - Woonschepenligplaats' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. ligplaatsen voor woonschepen; b. wonen; c. al dan niet in combinatie met de uitoefening van een beroep aan huis in hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat het oppervlak ten behoeve van die activiteiten maximaal 30% van het vloeroppervlak per woning inclusief de bijbehorende bouwwerken bedraagt, met een maximum van 100 m²; d. mantelzorg, met dien verstande dat het oppervlak ten behoeve van mantelzorg maximaal 100 m² van het vloeroppervlak per woning inclusief de bijbehorende bouwwerken bedraagt; e. water; f. tuinen en erven met bijbehorende bouwwerken op de wal; met de daarbij behorende: g. waterhuishoudkundige voorzieningen; h. groen- en parkeervoorzieningen; i. ontsluitingswegen en paden; j. plankieren; k. steigers; l. nutsvoorzieningen. 19.2
Bouwregels
19.2.1 Woonschepen Voor het bouwen van woonschepen gelden de volgende regels: a. ter plaatste van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' mag het aangeduide aantal wooneenheden niet worden overschreden; b. de maximale bouwhoogte van een woonschip bedraagt 4,5 meter, gemeten vanaf de waterlijn; c. de maximale breedte inclusief steigers en plankieren boven de waterspiegel bedraagt 5 meter; d. de maximale lengte inclusief steigers en plankieren boven de waterlijn, bedraagt 20 meter; e. bij uitbreiding van woonschepen in de breedte of de lengte dient de minimale afstand tussen woonschepen aan alle zijden 5 meter te zijn, tenzij in de bestaande situatie de afstand tussen de schepen minder is dan 5 meter. Dan mag door uitbreiding die afstand niet kleiner worden; f. bij het verleggen van het woonschip dient in de nieuwe situatie de minimale afstand tussen woonschepen 5 meter te bedragen, tenzij in de bestaande situatie de afstand tussen de schepen minder is dan 5 meter. Dan mag door verlegging deze afstand in ieder geval niet kleiner worden; g. door het verleggen van het woonschip mogen de agrarische bedrijven in de omgeving niet in hun bedrijfsvoering worden belemeerd, althans niet meer dan in de huidige situatie; h.
bij een bestaand woonschip met een groter bouwvolume dat rechtmatig is gebouwd, geldt dit grotere bouwvolume als het maximale bouwvolume, die bij herbouw ook mag worden terug gebouwd. 19.2.2 Bijbehorende bouwwerken bij een woonschip a. per woonschip is maximaal 1 vrijstaand bijbehorend bouwwerk op de wal toegestaan; b. de oppervlakte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer dan 10m² bedragen; c. de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer dan 3 meter bedragen en de bouwhoogte niet meer dan 4,50 meter.
19.2.3 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de maximale bouwhoogte van beschoeiing, daaronder begrepen golfbrekers, bedraagt 0,3 meter,
66
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
gemeten vanaf het waterpeil; b. de maximale bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt 2 meter; c. de maximale oppervlakte van overkappingen bedraagt 20 m² per woonschip. 19.3
Specifieke gebruiksregels
19.3.1 Strijdig gebruik Als gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval aangemerkt: a. het gebruik van een woonschip voor meer dan één woning, waaronder ook wordt verstaan kamergewijze bewoning, met dien verstande dat de (bedrijfs)woning met bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt voor mantelzorg; b. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning, met dien verstande dat de (bedrijfs)woning met bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt voor mantelzorg. 19.3.2 Bed & breakfast Een woning met bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt voor een bed & breakfast, mits maximaal 30% van het vloeroppervlak van de bedrijfswoning en de daarbij behorende bouwwerken hiervoor wordt aangewend. 19.4 Afwijken van de gebruiksregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 19.1 ten behoeve van de uitoefening van een bedrijf aan huis in het hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat: a. de woonfunctie als hoofdfunctie van het woonschip behouden blijft; b. bedoeld gebruik geen onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt; dit betekent onder meer dat: 1.
een omgevingsvergunning wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid in de categorieën 1 of 2 als vermeld in de Lijst van bedrijfstypen aan huis' (bijlage 2 bij deze regels); 2. een omgevingsvergunning wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid niet behorende tot de categorieën 1 of 2 als vermeld in de 'Lijst van bedrijfstypen aan huis' (bijlage 2 bij deze regels), mits het desbetreffende gebruik door middel van het stellen van voorwaarden verantwoord is; 3. het gebruik naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn; 4. het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten uitvoert, tevens de gebruiker van het woonschip is; c. de agrarische bedrijven in de omgeving daardoor niet in hun bedrijfsvoering worden belemmerd; d. het niet betreft zodanig verkeersaantrekkende activiteiten die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimten; e. parkeren zoveel mogelijk op eigen terrein dient plaats te vinden; f. geen detailhandel plaatsvindt, uitgezonderd een beperkte verkoop in verband met bedrijfsmatige activiteiten in of bij het woonschip; g.
maximaal 30% van het vloeroppervlak van het woonschip en de daarbij behorende bijgebouwen ten behoeve van aan bedrijf aan huis in gebruik mag zijn, zulks met een absoluut maximum van 100 m². 19.5 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om het plan te wijzigen ten behoeve van de verplaatsing van een woonschip, waarbij een nieuwe ligplaats wordt toegewezen onder de voorwaarde dat de te verlaten ligplaats wordt geschrapt, mits: a. een onderlinge afstand tussen woonschepen wordt aangehouden van ten minste 5 meter; b. op de nieuwe ligplaats een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gerealiseerd; c. kan worden voldaan aan het bepaalde in de Wet geluidhinder; d. de aanwezig agrarische bedrijven daardoor niet in hun bedrijfsvoering worden belemmerd, althans niet meer dan in de huidige situatie.
67
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 20
Leiding - Gas
20.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een hoge druk aardgastransportleiding met de daarbij behorende beschermingszone, waarbij de bestemming 'Leiding - Gas' voorrang heeft op de andere daar voorkomende enkelbestemmingen. 20.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: 20.2.1 Verbod Het is verboden om te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Leiding - Gas' mede bestemde gronden. 20.2.2 Uitzonderingen Het onder 20.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op bebouwing (met een maximale bouwhoogte van 4 meter) ten behoeve van de hoge druk aardgastransportleiding. 20.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan in de omgevingsvergunning afwijken van het verbod in 20.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits: a. geen kwetsbare objecten worden toegestaan; b. de bouw verenigbaar is met de belangen van de betreffende leiding; c. de veiligheid van de leiding niet wordt geschaad; d. de leidingbeheerder daarover om advies is gevraagd.
20.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 20.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden de volgende werken en/of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning: a. het afgraven of ophogen van gronden; b. het egaliseren van gronden; c. het beplanten met diepwortelende beplanting; d. aanleggen van onder- en/of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen, en de daarmee verband houdende constructies en/of installaties; e. het aanleggen van wegen en paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; f. het indrijven van voorwerpen in de bodem, zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair; g. het aanleggen, vergraven verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren. 20.4.2 Uitzonderingen Het in 20.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden: a. die tot het normale beheer en onderhoud van de gronden en desbetreffende leiding worden gerekend; b. die noodzakelijk zijn voor de realisering van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend; c. die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerking treding van dit plan of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend.
20.4.3 Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan alleen worden verleend indien door uitvoering van de werken of werkzaamheden geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan een doelmatig en veilig functioneren van de betreffende leiding, en de leidingbeheerder daarover vooraf om advies is gevraagd.
68
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 21
Leiding - Hoogspanning
21.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Hoogspanning' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een ondergrondse hoogspanningsleiding met de bijbehorende beschermingszone, veiligheidszone en andere bouwwerken, waarbij de bestemming 'Leiding Hoogspanning voorrang heeft op de andere daar voorkomende enkelbestemmingen. 21.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: 21.2.1 Verbod In afwijking van het bepaalde voor de andere daar voorkomende bestemmingen is het verboden om te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Leiding - Hoogspanning' mede bestemde gronden 21.2.2 Uitzonderingen Het in lid 21.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op bebouwing (met een maximale bouwhoogte van 4 meter) ten behoeve van de ondergrondse hoogspanningsleiding. 21.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan in de omgevingsvergunning afwijken van het verbod in lid 21.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits: a. de bouw verenigbaar is met de belangen van de betreffende leiding; b. de veiligheid van de leiding niet wordt geschaad; c. de leidingbeheerder daarover om advies is gevraagd.
21.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 21.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Leiding - Hoogspanning' aangewezen gronden de volgende werken en/of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning: a. het afgraven of ophogen van gronden; b. het egaliseren van gronden; c. het beplanten met diepwortelende beplanting; d. aanleggen van onder- en/of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen, en de daarmee verband houdende constructies en/of installaties; e. het aanleggen van wegen en paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; f. het indrijven van voorwerpen in de bodem, zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair; g. het aanleggen, vergraven verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren. 21.4.2 Uitzonderingen Het in lid 21.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden: a. die tot het normale beheer en onderhoud van de gronden en desbetreffende leiding worden gerekend; b. die noodzakelijk zijn voor de realisering van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor bouwen is verleend; c. die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan of waarvoor op dat tijdstip reds een vergunning was verleend.
21.4.3 Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan alleen worden verleend indien door uitvoering van de werken of werkzaamheden geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan een doelmatig en veilig functioneren van de betreffende leiding, en de leidingbeheerder daarover vooraf om advies is gevraagd.
69
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 22
Leiding - Riool
22.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Riool' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een rioolpersleiding met de daarbij behorende beschermingszone, waarbij de bestemming 'Leiding - Riool' voorrang heeft op de andere daar voorkomende enkelbestemmingen. 22.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: 22.2.1 Verbod Het is verboden om te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Leiding - Riool' mede bestemde gronden. 22.2.2 Uitzonderingen Het onder 22.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op bebouwing (met een maximale bouwhoogte van 4 meter) ten behoeve van de ondergrondse hoogspanningsleiding. 22.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan in de omgevingsvergunning afwijken van het verbod in 22.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits: a. de bouw verenigbaar is met de belangen van de betreffende leiding; b. de veiligheid van de leiding niet wordt geschaad; c. de leidingbeheerder daarover om advies is gevraagd. 22.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 22.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Leiding - Riool' aangewezen gronden de volgende werken en/of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning: a. het afgraven of ophogen van gronden; b.
het egaliseren van gronden; c. het beplanten met diepwortelende beplanting; d. aanleggen van onder- en/of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen, en de daarmee verband houdende constructies en/of installaties; e. het aanleggen van wegen en paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; f. het indrijven van voorwerpen in de bodem, zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair; g. het aanleggen, vergraven verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren. 22.4.2 Uitzonderingen Het in 22.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden: a. die tot het normale beheer en onderhoud van de gronden en desbetreffende leiding worden gerekend; b. die noodzakelijk zijn voor de realisering van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor bouwen is verleend; c. die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan of waarvoor op dat tijdstip reds een vergunning was verleend. 22.4.3 Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan alleen worden verleend indien door uitvoering van de werken of werkzaamheden geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan een doelmatig en veilig functioneren van de betreffende leiding, en de leidingbeheerder daarover vooraf om advies is gevraagd.
70
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 23
Leiding - Water
23.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Water' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een waterleiding met de daarbij behorende beschermingszone, waarbij de bestemming 'Leiding - Water' voorrang heeft op de andere daar voorkomende enkelbestemmingen. 23.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: 23.2.1 Verbod Het is verboden om te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Leiding - Water' mede bestemde gronden. 23.2.2 Uitzonderingen Het onder 23.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op bebouwing (met een maximale bouwhoogte van 4 meter) ten behoeve van de waterleiding. 23.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan in de omgevingsvergunning afwijken van het verbod in 23.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits: d. de bouw verenigbaar is met de belangen van de betreffende leiding; e. de veiligheid van de leiding niet wordt geschaad; f. de leidingbeheerder daarover om advies is gevraagd. 23.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 23.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Leiding - Water' aangewezen gronden de volgende werken en/of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning: a. het afgraven of ophogen van gronden; b.
het egaliseren van gronden; c. het beplanten met diepwortelende beplanting; d. aanleggen van onder- en/of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen, en de daarmee verband houdende constructies en/of installaties; e. het aanleggen van wegen en paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; f. het indrijven van voorwerpen in de bodem, zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair; g. het aanleggen, vergraven verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren. 23.4.2 Uitzonderingen Het in 23.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden die: a. die tot het normale beheer en onderhoud van de gronden en desbetreffende leiding worden gerekend; b. die noodzakelijk zijn voor de realisering van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor bouwen is verleend; c. die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan of waarvoor op dat tijdstip reds een vergunning was verleend. 23.4.3 Toetsingscriteria De omgevingsvergunning kan alleen worden verleend indien door uitvoering van de werken of werkzaamheden geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan een doelmatig en veilig functioneren van de betreffende leiding, en de leidingbeheerder daarover vooraf om advies is gevraagd.
71
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 24
Waarde - Archeologie 1
24.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie 1' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende andere bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en de bescherming van archeologische waarden, waarbij de bestemming 'Waarde - Archeologie 1' voorrang heeft op de andere daar voorkomende enkelbestemmingen. 24.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: 24.2.1 Verbod Het is verboden om te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Waarde - Archeologie 1' mede bestemde gronden. 24.2.2 Uitzonderingen Het onder 24.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op: a. bebouwing (met een maximale bouwhoogte van 5 meter) die nodig is voor het archeologisch onderzoek, of; b. bebouwing waarvan de ondergrondse bouwdiepte niet meer bedraagt dan 50 centimeter en, of bebouwing waarvan de totale oppervlakte niet meer bedraagt dan 100 m², of; c. de verbouwing en/of sloop- en nieuwbouw van bestaande bebouwing krachtens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits: 1. de bestaande fundering wordt gebruikt; 2. de bestaande oppervlakte niet wordt uitgebreid. 24.3
Afwijken van de bouwregels
24.3.1 Afwijken Het bevoegd kan in de omgevingsvergunning afwijken van het verbod in 24.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits: a. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet worden verstoord, of; b. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden afdoende kunnen worden beschermd middels het verbinden van voorschriften aan de vergunning. 24.3.2 Advies Alvorens het bevoegd gezag beslist over een afwijking, winnen zij schriftelijk advies in bij een archeologisch deskundige omtrent de vraag of door het verlenen van de afwijking archeologische waarden (kunnen) worden aangetast, en welke voorschriften in de omgevingsvergunning moeten worden opgenomen. 24.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 24.4.1 Omgevingsvergunning a. Het is verboden op of in de gronden met de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning (voorheen archeologische aanlegvergunning) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, dieper dan 50 cm en over een (totale) oppervlakte groter dan 100 m². 1.
grondwerkzaamheden, waartoe wordt gerekend het ophogen, afgraven, verwijderen van oude funderingen, woelen en mengen, diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden alsmede het vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren en het aanleggen van drainage; 2. het aanleggen of rooien van bomen en diepwortelende struiken waarbij stobben worden
72
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
verwijderd; 3. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie-, of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; 4. het heien van palen en slaan van damwanden; b. De aanvrager van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, dient bij het indienen van de aanvraag een archeologisch rapport over te leggen waarin de archeologische waarde van het terrein, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders, in voldoende mate is vastgesteld. c. De werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden als bedoeld onder a t/m f zijn slechts toelaatbaar, indien en voor zover deze door die werken of werkzaamheden geen afbreuk doen aan het behoud en de bescherming van de archeologische waarden in de desbetreffende gronden. 24.4.2 Uitzonderingen Het verbod zoals bedoeld in artikel 24.4 is niet van toepassing indien: a. het gaat om onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplanting en werkzaamheden binnen bestaande tracés van kabels en leidingen; b. de werken of werkzaamheden: 1. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; 2. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevingsvergunning of ontgrondingenvergunning.
24.5 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen door de dubbelbestemming 'Waarde Archeologie 1' geheel of gedeeltelijk te doen vervallen, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn.
73
bestemmingsplan Landelijk gebied Nieuwkoop, 1e herziening (ontwerp)
Artikel 25
Waarde - Archeologie 2