CConstaterende datnieuwkoop
Koppel je AI →
Document · PDF

Deel 2 - Set bijlagen (geanonimiseerd)

Besluitvormende raadsvergadering 25 september 2025, gemeente nieuwkoopBij agendapunt: Raadsvoorstel Instemmen met verklaring van geen bedenkingen voor aanleg natuur op een aantal agrarische percelen in noordelijk deel Polder Westveen te Woerdense Verlaat (2025-071)24.951 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

2.5

BODEMKWALITEITSKAART

De onderhavige onderzoekslocatie valt niet binnen een bodemkwaliteitskaart. De locatie is bestempeld als ‘toemaakdek’.

Hiervoor geldt gebiedsspecifiek beleid, Zie paragraaf

2.10 voor meer details. Voor

hergebruik binnen het plangebied zijn Lokale Maximale Waarden opgesteld voor PAK en 7 zware metalen® 26

HISTORISCHE

26.1

Bedrijfsactiviteiten

ACTIVITEITEN

In het plangebied zijn enkele kassen aanwezig geweest vanaf circa 1960. De kans bestaat dat hier asbest i toegepast, bijvoorbeeld in de vorm van asbesthoudende beglazingskit. Daarnaast kunnen organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB) zijn toegepast. De deelgebieden zullen daarom indicatief onderzocht worden op OCB's. 262

Slootdempingen

Uit de online informatiedienst van de provincie Zuid-Holland (bodematlas.nP) komt naar voren dat op de onderzoekslocatie sprake is van meerdere slootdempingen. De ligging van de slootdempingen zijn opgenomen in de bijlage 2. Het is niet bekend welk dempingsmateriaal is gebruikt voor dempingen waardoor de dempingen/ stortingen verdacht zijn voor verontreinigingen als gevolg van toepassing van bodemvreemd of

© Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Nieuwkoop houdende regels omtrent gebiedsspecifiek bodembeheer beleid (Bodembeheernota Omgevingsdienst West-Holland Deel 8 Gebiedsspecifiek beleid gemeente Nieuwkoop) (link} 7 Geraadpleegd op 11 opril 2019

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 4van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

gebiedsvreemd materiaal. De scope van het onderzoek richt zich op de toplaag en de achterblijvende bodem en niet op de laag waarin het dempingsmateriaal van slootdempingen zich bevindt. 26.3

Toemaakdek

Uit kaartmateriaal van de Omgevingsdienst West-Holland uit het rapport "Bodembeheernota, Deel 8* blijkt dat het onderzoeksgebied ligt in een gebied dat is aangeduid als ‘toemaakdek' (zie bijlage2) Een toemaakdek ontstaat doordat vanaf de middeleeuwen stadsvuil van de meest uiteenlopende soort, vermengd met zand, is opgebracht in met name veengebieden. turf (ontginning), dat als brandstof naar de stad werd vervoerd.

Vaak gebeurde dat als retourvracht van Voor de veengebieden was het een

welkome ophoging van laaggelegen en drassig gebied Het toemaakdek is vaak een combinatie van zand, mest, baggerspecie en stedelijk afval. In het algemeen te herkennen aan allerlei bijmenging (puin, scherven, stukjes ijzer, pijpenkoppen, kolengruis, dakpanresten) en verkleuringen in de bovenste laag van het veenpakket. Ten gevolge van de samenstelling van dit stadsvuil kennen deze gebieden vaak sterk verhoogde gehalten aan zware metalen en PAK.

27

ASBEST

Voor de bepaling of de locatie verdacht is voor bodemverontreiniging met asbest, wordt als uitgangspunt gehanteerd dat asbest grootschalig i toepast in de periode vanaf het einde van de Tweede Wereldoorlog tot circa

1995.

Op de te onderzoeken deellocaties zijn geen gebouwen aanwezig. Aangezien de onderzoekslocatie ligt in een gebied wat is aangeduid als toemaakdek, wordt in principe geen asbest verwacht in deze ophooglaag. Deze ophooglaag is namelijk aangebracht voor 1900. De laag wordt normaliter gekenmerkt door bijmenging van baksteen, stukjes ijzer, pijpenkoppen en scherven. In voorgaand onderzoek is vooral bijmenging met baksteen aangetroffen, maar zeer weinig historisch stedelijk afval zoals pijpenkoppen Het is niet geheel uitgesloten dat op lokaal niveau naoorlogse puin en of bouw- en sloopafval is toegepast. Dit om bijvoorbeeld sloten te dempen en of het aanbrengen van dammen. In het veld moet worden beoordeeld of de bijmenging van de omhoog gebrachte grond resten van de toemaakdek zijn of dat er sprake is van bouw- en sloopafval In algemene zin wordt gesteld dat puinlagen en/of grondlagen waarin bijmenging van puin en/of ander sloopafval voorkomt worden verdacht voor aanwezigheid van asbest. Mogelijk is sprake van verontreiniging met asbest, tenzij de betreffende lagen zijn toegepast voordat grootschalig met asbest werd gewerkt (en dit aantoonbaar kan worden gemaakt) en/of het tegendeel is bewezen.

Dit laatste is

alleen mogelijk door middel van asbestonderzoek conform NEN 5707 (grond) en/of NEN 5897 (bouw- en sloopafval en recyclingsgranulaat).

3 Omgevingsdienst West-Holland, Bodembeehernota Deel B, Gebiedsspecifiek beleid Gemeente Nieuwkoop, 6 februari 2015,

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 5van22

ATKB 28

voornatuur

n leefomgeving

VOORGAAND

BODEMONDERZOEK

Op 4 april 2019 is bij voorgaand vooronderzoek via de online informatiedienst en bodemrapportagemodule van Omgevingsdienst West-Holland informatie opgevraagd. Voor onderhavig onderzoek is een actualisatie uitgevoerd. Bij de actualisatie is geen nieuwe informatie gevonden. In onderstaand overzicht zijn relevante onderzoeken opgenomen, die binnen de straal (< 25 m) van de onderzoeklocatie liggen. *

Locatie ‘Uitweg 23; “Verkennend bodemonderzoek”, CSO, kenmerk: onbekend, d.d. 17-02-2010.

Een verontreiniging met asbest aanwezig boven de interventiewaarde. De omvang is 12 m. “Saneringsplan”, CSO, kenmerk: onbekend, d.d. 20-07-2010. Zeer waarschijnlijk een sanering van de bovengenoemde verontreiniging.

De provincie heeft op 07-02-

2011 een definitief besluit gegeven met het kenmerk PZH-2011-251231565. Verder staan voor delen van het plangebied diverse onderzoeken geregistreerd in een straal groter dan 25 m, deze bodemonderzoeken zijn niet relevant voor de onderhavig onderzoek en zijn daarom niet opgenomen in de bovenstaande lijst van voorliggend rapportage. Deze onderzoeken zijn wel in beschouwing genomen bij het vooronderzoek (rapport “Vooronderzoek NENS717 Polder Westveen te Woerdens Verlaat”, ATKB, 20180747/rap01, d.d. 15 mei 2019).

29

ARCHEOLOGIE

EN

ONTPLOFBARE

OORLOGSRESTEN

Voor de onderzoek locatie bestaat geen verwachting van hoge archeologische waarden noch voor ontplofbare oorlogsresten, hierdoor wordt geen risico verwacht bij het uitvoeren van veldwerkzaamheden 2.10

PFAS

i hergebruik vangrond is onderzoek naar PFAS in grond verplicht gesteld in 2019.

Dit als aanvulling op het

standaard stoffen pakket. PFAS betreft de verzame|naam voor poly- en perfluoralkylverbindingen ; stoffen die breed zijn toegepast in industriële en huishoudelijke producten. De bekendste verbindingen betreffen PFOS (perfluoroctaansulfonzuur) en PFOA (perfluoroctaanzuur). De unieke oppervlakte-actieve eigenschappen maken deze stoffen, en dus de producten waarin ze verwerkt zijn, water- en olieafstotend en daarnaast zijn ze zeer bestendig tegen hoge temperaturen en zuren. Ze zijn dan ook toegepast als bijvoorbeeld vlekkenbeschermingsmiddelen, het waterafstotend maken van textiel, als antiaanbaklagen en als hulpstof in bepaalde soorten blusschuim.

Lopend onderzoek (sinds 2000) brengt de stofgroep steeds meer onder

de aandacht; PFAS blijkt persistent, bio-accumulatief en toxisch te zijn en komt daarnaast wijdverspreid in het milieu voor. Dit heeft in eerste instantie geleid tot een Tijdelijk handelingskader. Op 1 december 2019 is een 'geactualiseerd Tijdelijk Handelingskader PFAS’ gepubliceerd, aangevuld met ‘tijdelijke landelijke achtergrondwaarden in de landbodem en een ‘voorlopig herverontreinigingsniveau voor de waterbodem’ Op 1 juli 2020 is het Tijdelijk Handelingskader PFAS opnieuw geactualiseerd en in december 2021 is het Handelingskader PFAS gepubliceerd. Hierdoor is meer ruimte ontstaan voor grondverzet en baggerwerkzaamheden.

Door de unieke eigenschappen van PFAS dient voor uitvoering van

Verkennend bodemonderzoek

| Polder Westveen te Woerdense verlaat.

20231326/rap01

| versie 1 | 29 november 2023

| 6van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

bodemonderzoek rekeningte worden gehouden met specifieke onderzoeksstrategieën en bemonsteringsmethoden. Voor onderhavige locatie zijn geen activiteiten bekend die verontreiniging met PFAS hebben kunnen veroorzaken

TERREINVERKENNING

Op 4 september 2023 is door ATKB een verkenning van de deellocaties uitgevoerd.

Uit deze locatie

inspectie kwamen geen bijzonderheden naar voren. De toegang naar de locaties was vooraf afgestemd door de opdrachtgever afgestemd met de bewoners Foto's van de locatie en een locatietekening zijn opgenomen in bijlage 3 2.12

CONCLUSIES

VOORONDERZOEK

EN

ONDERZOEKSHYPOTHESE

Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek zijn de volgende conclusies getrokken: De dimensionering van de onderzoekslocatie is voldoende in beeld; Op de locatie is sprake van een heterogeen verontreinigingsbeeld, namelijk als gevolg van toemaakdek op de onderzoekslocatie; 3.

De locatie ligt in een toemaakdekgebied. Hiermee vervalt de onderzoeksoptie grootschalig onverdacht.

Er

is sprake van een verwachting op bodemverontreiniging met zware metalen en in mindere mate ook andere stoffen uit het standaardpakket voor landbodem; 4.

D bodem op de locatie (te plaggen deellocaties) is niet verdacht voor aanwezigheid van asbest.

5.

Voor het onderzoek is geen sprake van een bodemopbouw die naar verwachting van invloed kan zijn op het onderzoek.

Voor het aansluitend verkennend bodemonderzoek volgens NEN 5740 is de volgende onderzoekshypothese van toepassing: ©

De grond is maximaal matig verontreinigd met zware metalen en PAK;

©

De grond is maximaal licht verontreinigd met minerale olie, PFAS, OCB en PFAS;

e

Hetgrondwater ís maximaal licht verontreinigd met de stoffen uit het standaardpakket.

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 7van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

UITVOERING

31

OPZET

Het onderzoek is uitgevoerd volgens de niet-lijnvormige verdachte locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreinigende stofop schaal van monsterneming (strategie VED- HE-NL uit de NENS740). In de onderstaande tabel is de specifieke onderzoeksopzet weergegeven, die voor de onderzoeklocatie is gehanteerd. In onderstaande tabel wordt uitgaan van aaneengesloten gebieden voor het te plaggen areaal, waarbij watergangen niet worden gezien als onderbreking. Door de watergangen wordt het gebied wel opgedeeld in 8 visueel te onderscheiden eilanden/deelgebieden. Analyses worden zo veel mogelijk per deelgebied uitgevoerd. Op basis van de beoogde werkzaamheden moeten de ondiepe boringen tot 85 cm worden verricht (50 cm minus plagdiepte). De af te graven toplaag (0-30 cm-mv is representatief) wordt apart bemonsterd

Tabel2

_ Onderzoeksopzet (aanvullend) verkennend onderzoek

Oppervlakte (m:

oringen (BRL

SIKB

ï

Analyse:

2,0 memv i 47.900 m?

2

i

H 6

H H H

9xPakketA

i

2 x PFASII 3xOCBl! 12 xlood'2

H H H

grondwater 3xPakketA

|

6xPakkerB

H H H

£ 4 x zware metalen!!

Pakket A:

Voorbehandeling AS 3000, droge stof, organische stof, lutum, 9 zware metalen, polycyclische aromatische

Pakket B:

Voorbehandeling AS3000, 9 zware metalen, aromaten (BTEXN), vluchtige chloorhoudende oplosmiddelen

koolwaterstoffen (PAK[IOVROMI), polychloorbifenylen (PCB), minerale olie (VOCI), minerale olie

PFAS:

_

Pakket PFAS 28 stoffen (conform adviespakket Bodem+}

0C8:

_

Organochloor bestrijdingsmiddelen

zware metalen: II

_

[2]

_

_(9) zware metalen:

Cd, Cr, Cu, Fe, Hg, Ni, Mn, Pb, Zn

Het voorkomen van organochloor bestrijdingsmiddelen en PFAS in de toplaag is steekproefsgewijs ondergrond s steekproefsgewijs onderzocht

onderzocht.

Ook de

Naaraanleiding van verhoogd vastgesteld gehalten voor lood zijn 5 mengmonsters uitgesplitst en zijn de individuele grondmonsters aanvullend geanalyseerd op de parameters lood

B]

_ Aanvullend is de toplaag met bodemvreemde bijmenging onderzocht op zware metalen om inzichtelijk te maken of de

bijmenging de analyse resultaten negatief beïnvloeden oftewel verslechteren.

Er is geen onderzoek naar asbest (conform NEN 5707 en/of NEN 5897) uitgevoerd.

Hoewel er wel

antropogene bijmenging zijn aangetoond, was op basis van de gegevens uit het vooronderzoek geen directe noodzaak om het verkennend onderzoek uit te breiden met een onderzoek naar asbest in grond.

3.2 321

VELDWERK

Uitvoering De boorwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 4 t/m 6 september 2023. De positionering van de boringen is weergegeven op de situatietekening in bijlage 3. De boorbeschrijvingen zijn opgenomen in bijlage 4

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 8van22

ATKB / L] ‚en leefomgeving Er zijn in totaal 70 boringen (P101 t/m P1006) uitgevoerd tot een maximale diepte van 210 m-mv, waarbij zes boringen (boringen P102, P206, P304, P608, P810 en P1004) zijn afgewerkt met een peilbuis. De grondwaterstand is tijdens de boorwerkzaamheden vastgesteld op een gemiddelde diepte van 0,50 m-mv. Op 20 september 2023 is het grondwater uit de peilbuizen bemonsterd. Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden hebben verder geen afwijkingen plaatsgevonden die een negatieve invloed kunnen hebben op het onderzoeksresultaat. Voor dit project is voor de grondwatermonstername een biologisch afbreekbare peilbuis geplaatst. Deze peilbuis is tot maximaal drie maanden na plaatsing bruikbaar. 3.2.2

Resultaten

De bodem op de locatie bestaat van 0-0,30 m-mv uit veen, gevolgd door zeer lokaal klei traject (0,3-0,5 mmv) en veen.

In onderstaande tabellen zijn zintuiglijke afwijkingen aan bodemlagen en kenmerken van

peilbuizen en grondwatermetingen beschreven. Tabel3

_ Afwijkingen aan bodemlagen

P101

iresten baksteen

P106

resten baksteen

P107

iresten tegel

P201

!resten glas

P202

iresten

P203

iresten baksteen

P206

resten baksteen

P301

resten baksteen

P304

iresten baksteen

P306

Mogelijk gedempte

P309

‘resten baksteen

P402

iresten baksteen

P502

/resten baksteen

P505

iresten baksteen

P60S

/resten

P610

iresten baksteen

PBOI

iresten baksteen

P804

/resten baksteen

P805

isterk baksteenhoudend, zwak tot sterk betonhoudend

P806

iresten baksteen

P811

resten baksteen

PB12

/resten baksteen

P813

iresten baksteen

P902

/resten baksteen

P904

iresten dakpan

P905

iresten baksteen

P1004

Toelichting: resten tot zwakke bijmenging:

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

< 5%, matige bijmenging:

sloot

baksteen

/resten baksteen

< 15%, sterke bijmenging: < 30%

Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

baksteen

| 9van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

Op het maaiveld en in de opgeboorde grond is geen asbestverdacht materiaal waargenomen. In de opgeboorde grond zijn wel bijmengingen met bodemvreemd materiaal (resten baksteen, resten glas en/ of

tegels en/of beton waargenomen, maar hierbij is geen sprake van een verdenking op asbest

De bodemopbouw ter plaatse van de gedempte watergang (P303-P306-P805) wijkt niet af van de opbouw van de omliggende bodem. Vermoedelijk is de watergang met gebiedseigen grond gedempt.

Tabel4

_ Kenmerken peilbuizen en grondwater e}

velucht

!

_

‘belucht

P102

i

ee

P206

11,00-2,00

ee

9304

/100-2,00

ee

P608

,00-2,00

ee

P810

i1,00-2,00

ee

P1104

11,00-2,00

I

50

i51

inee

|

ee

Eris sprake van een belucht filter wanneer tijdens het voorpompen van de pelbuis het fkerdeel gehee! of gedeeltelijk drooggevallen is. Het grondwater is n contact gekomen met de lucht

[2]

Eris sprake van een belucht fiter wanneer een peilbuis tijdens de monsterneming snijdend staat met de grondwaterspiege. Het grondwater in het flter is aan de bovenkant in aanraking geweest met lucht, waardoor vluchtige stoffen kunnen

B]

verdwijnen. _ Eris sprake van een belucht monster indien luchtbellen worden aangezogen tijdensde bemonstering.

De gemeten waarden van zuurgraad (pH) en elektrische geleidbaarheid (Ec) wijken niet af van de gebruikelijke waarden voor dit bodemtype. Op basis van de gemeten Ec is sprake van brak grondwater. Afwijkende waarden kunnen een indicatie zijn voor bodemverontreiniging. De gemeten waarden geven hier echter geen aanleiding toe

Er is sprake van een verhoogde NTU wanneer de meetwaarde boven de natuurlijke waarden (O - 10 NTU) is gelegen. Dit is van toepassing voor het grondwater uit alle bemonsterde peilbuizen. De verhoging is het

gevolg van een verhoogde concentratie aan emulsie en/of in suspensie zijnde vaste (grond)deeltjes. Wanneer bij een verhoogde NTU onvoorziene verontreiniging in het grondwater wordt gemeten kan dit resultaat worden geverifieerd door herbemonstering en -analyse van het grondwater. Hierbij dient een langere rusttijd (herstel van de bodembalans) in acht te worden genomen en/of een andere

bemonsteringstechniek (pompen met lager debiet van grondwater) te worden toegepast. Op basis van de behaalde analyseresultaten is er geen reden geweest om een verificatieonderzoek uit te voeren Opgemerkt wordt dat het filter van de peilbuis P810 tijdens de grondwatermonstername belucht is. Er is sprake van een slechtiopende peilbuis, vermoedelijk als gevolg van de bodemopbouw (venige grond). Een belucht filter kan als gevolg hebben dat vluchtige stoffen in lagere concentraties worden vastgesteld dan waarin deze in werkelijkheid aanwezig zijn

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 10van22

ATKB 3.3

voornatuur

n leefomgeving

ANALYSEPROGRAMMA

De analyses zijn (voor zover van toepassing) uitgevoerd onder AS3000-erkenning. is per onderdeel in deze paragraaf uitgewerkt. 3.3.1

Het analyseprogramma

Grond

Het laboratoriumonderzoek naar de kwaliteit van de grond is weergegeven in onderstaande tabel. Tabels

_ Analyseprogramma grond

Te plaggen toplaag

P1BG

iP101 (0,00 -0,30) ;P106 (0,00-0,30)

P101-1

'P101 (0,00-0,30)

P106-1

P106 (0,00-0,30}

P28G

P202 (0,00-0,30) 9203 (0,00-0,30)

P202-1

P202 (0,00-0,30)

P203-1

!P203 (0,00-0,30)

P206-1

:P206 (0,00-0,30)

P3BG

‘P301 (0,00-0,30) ‘P304 (0,00-0,30)

‘e plaggen toplaag met resten

P206 (0,00-0,30)

:P309 (0,00-0,30) P301-1

/P301 (0,00-0,30)

P304-1

:P304 (0,00-0,30)

P309-1

:P309 (0,00-0,30)

Jtsplitsing

P4BG

:Pa01 (0,00-0,30)

e plaggen toplaag (zintuigelijk

9403 (0,00-0,30)

hone veen)

Uitsplitsing

P404 (0,00-0,30) :P40S (0,00 -0,30) P5BG

‘P502 (0,00-0,30)

e plaggen toplaag (met resten

;PS05 (0,00 -0,30)

aksteen]

P502-1

itsplitsing

P505-1

i

itsplitsing

P6BG

!P601 (0,00 -0,30)

e plaggen toplaag (zintuigelijk

iP606 (0,00 -0,30)

hone veen}

iP611(0,00-0,30) iP612 (0,00 -0,30) P9BG

;P902 (0,00 -0,30)

e plaggen toplaag

met resten

;P905 (0,00 -0,30)

P902-1

‘P902 (0,00-0,30}

P905-1

'P905 (0,00 - 0,30)

PIOBG

‘P1001 (0,00-0,30}

iP1002 (0,00-0,30) iP1003 (0,00-0,30}

iP1006 (0,00 -0,30) Achterblijvende bodem

P60G

‘P602 (0,30 -0,80)

‘oekomstige bovengrond

!P608 (0,30 -0,80)

intuigelijk schone veen}

!P610 (0,30-0,80} iP612(0,30-0,80) Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

!

Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

H | 11van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

Monster-code

Pakket A+ OCB+

‘oekomstige bovengrond

802 (0,30 -0,50)

fwijkende Klei aag)

iP8o4 (0,30-0,50) iP811 (0,30-0,50)

P80G

,30-0,80

_ !P803 (0,30-0,80)

oekomstige bovengrond

iP806 (0,30-0,80) H

P810(0,30-0,80)

H

iP812(0,30-0,80) _ !P1001 (0,30-0,80)

P100G1

,30-0,80

intuigelijk schone veen) : H oekomstige bovengrond

iP1002 (0,30-0,80}

intuigelijk schone veen]

iP1003 (0,30-0,80}

iP1005 (0,30-0,80} P10062

,30-0,80

_ :P1004 (0,30-0,80)

oekomstige bovengrond (spotje t resten baksteen)

Aanvullend (indicatief) onderzoek

P4BG2_402_b

,00-0,30

!P402(0,00-0,30)

iZware metalen

e plaggen toplaag (met resten aksteen]

i P6BG2

,00-0,30

:P605{0,00-0,30) P610 (0,00 -0,30)

:Zware metalen

e plaggen toplaag (met resten aksteen)

P8BG2

,00-0,30

P801(0,00-0,30)

:Zware metalen

e plaggen toplaag (met resten

P804 (0,00 -0,30)

‚aksteen]

P806 (0,00 -0,30)

H

P8BG3 P805_bb

iP812(0,00-0,30)

! iTe plaggen toplaag (met zwak etonhoudend /en sterk

(0,00-0,30 _ iP805(0,00-0,30)

Ibaksteenhoudend Pakket A:

Standaardpakket grond (NEN 5740):

lutum, droge en organische stof, zware metalen, PAK, PCB en

minerale olie

OCB; PFASgr:

Organochloor bestrijdingsmiddelen PFAS(30 verbindingen)}: conform eisen uit de advieslijst PFAS (Handelingskader PFAS, december 2021}

Pb:

lood

zware metalen: _ (9) zware metalen: Cd, Cr, Cu, Fe, Hg, Ni, Mn, Pb, Zn

Aanvullend is de toplaag met bijmenging onderzocht, om inzichtelijk te maken of de bijmengingen de analyse resultaten negatief beïnvloeden oftewel verslechteren. Ook zijn de mengmonsters uitgesplitst waar er sterke verontreinigingen zijn vastgesteld. 332

Grondwater

Het laboratoriumonderzoek naar de kwaliteit van het grondwater is weergegeven in onderstaande tabel. Tabel6

_ Analyseprogramma grondwater

P102

'Pakket B

:P206

Pakket B

:Bepalen milieuhygiënische kwaliteit grondwater

:P304

:Pakket B

:Bepalen milieuhygiënische kwaliteit grondwater

'P1104

!Pakket B

!Bepalen milieuhygiënische kwaliteit grondwater

‘P608 'P810 Pakket B:

milieuhygiënische kwaliteit grondwater

PakketB __ :Bepalen milieuhygiënische kwaliteit grondwater Pakket B iepalen milieuhygiënische kwaliteit grondwater

Standaardpakket grondwater (NEN 5740):

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

epalen

| Polder

zware metalen, BTEXN, VOCI en minerale olie

Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 12van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

Omdat zowel op het maaiveld als in het opgeboorde (bodem) materiaal geen asbestverdacht materiaal s aangetroffen, zijn geen asbest(materiaal)analyses uitgevoerd. 3.4

ANALYSERESULTATEN

De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 5. Voor een volledig toetsingsoverzicht wordt verwezen naar bijlage 6. In hoofdstuk 4 worden de resultaten geïnterpreteerd. Op één van de analysecertificaten is de onderstaande disclaimer ©

vermeld:

PCB 138 kan positief beïnvloed worden door PCB 163; dit is van toepassing op het monster P100G1. De kwaliteit van het monster P100G1 is hierdoor niet negatief beïnvloed, omdat PCB geen klasse bepalende parameter Ís

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

Westveen te Woerdense verlaat. |

| versie 1 | 29 november 2023

13van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

TOETSING

EN

TOETSINGSKADER

INTERPRETATIE

GENERIEK

De analyseresultaten zijn getoetst aan de normwaarden uit de Circulaire bodemsanering (streef- en interventiewaarden) en de Regeling bodemkwaliteit (achtergrondwaarden).

Voor de toetsing is

gebruikgemaakt van de Bodem Toets en Validatieservice (BoToVa). BoToVa is een instrument dat het toetsen aan bodemnormen uniformeert. Scope is de toetsing aan normen voor land- en waterbodem, grond en baggerspecie, grondwater en bouwstoffen uit het Besluit bodemkwaliteit en de Circulaire bodemsanering. Voor grond is de toetsing aan de achtergrond- (AW) en interventiewaarden (I} uitgevoerd door de vastgestelde gehalten om te rekenen naar standaardbodem (10% organische stof en 25% lutum) en vervolgens te toetsen aan de normwaarden voor standaardbodem. Voor de berekening van de ocatiespecifieke gehalten (bij standaardbodem) is gebruikgemaakt van de door het laboratorium vastgestelde percentages lutum en organische stof. Voor grondwaterconcentraties vindt geen correctie plaats en wordt direct getoetst aan de streef- (S) en interventiewaarden (!). Naast toetsing aan de normwaarden wordt de ‘bodemindex' per parameter berekend.

Deze index geeft de

mate van overschrijding van de referentiewaarden weer en wordt als volgt berekend: Bodemindex = (BoToVa-gecorrigeerd resultaat - AW of S) / (1-AW of ). De index geeft inzicht in de mate van overschrijding van de normwaarden. De beschrijving van een verontreiniging in relatie tot het vastgestelde gehalte (grond) of de vastgestelde concentratie (grondwater) en de hiervoor berekende bodemindex (BoToVa) is in onderstaande tabel uiteengezet

Tabel7

Toetsingskader mindex

< AW

<o

>AWens1

>Oen<0,5

>AWensl

i>0Sens1

-1

i1

schrijving van verontr

Hierbij wordt opgemerkt dat matige verontreiniging (bodemindex: > 0,5 en < 1} geen wettelijke grondslag heeft, maar overschrijding van deze waarde wel aanleiding vormt voor de afweging of nader onderzoek noodzakelijk is. Uitvoering van nader onderzoek is onder andere afhankelijk van de locatiespecifieke omstandigheden (aard, mate en verdeling van verontreiniging), de bekende achtergrondkwaliteit (bodemkwaliteitskaart) en onderzoeksdoelstelling en specifieke eisen vanuit de bevoegde instantie (in het kader van de Wet bodembescherming en het Besluit bodemkwaliteit). Wanneer van toepassing dan zijn voor het project de uitvoeringsklassen bepaald op basis van CROWpublicatie 400. Hierbij is rekening gehouden met kwalitatief te onderscheiden bodemlagen. Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

Het is

| 14van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

uiteindelijk de verantwoordelijkheid van de aannemer van de werkzaamheden om de veiligheidsklassen definitief vast te (\aten) stellen. Wanneer geen sprake is van uitvoeringsklassen dan dient altijd rekening te worden gehouden met Basishygiëne ($ 4.2 van de CROW:publicatie 400). Bij de uitvoerenden dient een basiskennisniveau aanwezig te zijn over werken met verontreinigde grond, zodat eventuele afwijkingen van de verwachte omstandigheden tijdig kunnen worden herkend.

42

TOETSINGSKADER

PFAS

GENERIEK

Voor PFAS zijn (nog) geen normwaarden opgesteld in de Circulaire bodemsanering en de Regeling bodemkwaliteit. In bijlage 6 van de Circulaire bodemsanering zijn richtlijnen voor het omgaan met niet genormeerde stoffen opgenomen. Indien een stof niet van nature in de bodem en/of grondwater aanwezig is en er is geen streefwaarde beschikbaar, dan kan de bepalingsgrens als achtergrondwaarde

voor grond/grondwater worden gebruikt. Uit onderzoek blijkt dat PFAS (en in mindere mate GenX) diffuus verspreid voorkomt in de bodem en wordt op veel plaatsen in gehalten boven de bepalingsgrens in de grond aangetroffen. De huidige regelgeving voorziet nog niet volledig in het hergebruik en verwerking van PFAS-houdende grond. Per 8 juli 2019 is een Tijdelijk Handelingskader PFAS (ThP) van kracht geworden, vooruitlopend op de wijziging van Regeling bodemkwaliteit In dt tijdelijk handelingskader zijn toepassingsnormen opgenomen voor hergebruik van grond met betrekking tot PFAS en GenX.

De toepassingsnormen zijn sinds 1 juli 2020 aangepast.

Bij de

acceptatie van niet toepasbare grond door verwerkers wordt vooralsnog getoetst aan de maximale toepassingsnormen voor PFAS en GenX.

Op 2 juli 2020 is een (tweede) geactualiseerde versie van het Tijdelijk Handelingskader PFAS gepubliceerd Op basis van onderzoeken uitgevoerd door RIVM (landbodem) en Deltares (diepe plassen) is het tijdelijk handelingskader aangevuld met tijdelijke landelijke achtergrondwaarden in de landbodem en een voorlopig herverontreinigingsniveau voor de waterbodem. In december 2021 is het Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie gepubliceerd, waarin de aatste inzichten van de gevolgen van het voorkomen van PFAS in het milieu zijn verwerkt

De analyseresultaten voor PFAS zijn getoetst aan de tijdelijke landelijke achtergrondwaarden en

toepassingsnormen (maximale waarden per functieklasse) uit het Handelingskader PFAS. Een overzicht van de normen is opgenomen in tabel 10. Tabel8

_ Toepassingsnormen voor PFAS

Landbouw/Natuur

i<19

i<14

Wonen

70

30

Industrie

70

30

Niet toepasbaar

>7,0

30

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

<

| Polder Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

30

| 15van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

Voor PFAS in grondwater wordt overeenkomstig bijlage 6 van de Circulaire bodemsanering de bepalingsgrens als streefwaarde aangehouden. Interventiewaarden zijn vooralsnog niet beschikbaar.

Voor

normwaarden voor overige toepassingsnormen wordt verwezen naar het Handelingskader PFAS. 43

TOETSINGSKADER

LOKALE

MAXIMALE

WAARDEN

Hergebruik binnen de regio is mogelijk op basis van het lokaal beleid?. Voor hergebruik binnen de regio moet de kwaliteit van de grond voldoen aan de Lokale Maximale Waarden (LMW).

Voor PAK en 7 zware

metalen (barium, cadmium, koper, kwik, molybdeen, lood en zink)!? zijn verhoogde maximale waarden opgesteld, voor andere stoffen geldt de achtergrondwaarde uit de Regeling bodemkwaliteit. Er zijn geen toetsingsregels opgenomen. Derhalve geldt dat bij overschrijding van één van de Lokale Maximale Waarden de grond moet worden beoordeeld als ‘niet toepasbaar’

Er is in het beleidsdocument niet aangegeven of dit LMW's voor Klasse Landbouw/Natuur, Wonen of Industrie betreft; het gaat hierbij om de gebiedsgebonden hergebruik

44

RESULTATEN

GROND

In de onderstaande tabellen zijn de relevante toetsingsresultaten voor grond weergegeven. Voor een volledig toetsingsoverzicht inclusief het eindoordeel van de toetsing aan de lokale maximale waarden is weergegeven in bijlage 6 Voor de monsters P502-1 en P505-1 was er niet voldoende materiaal aanwezig voor de heranalyse van organische stof en Iutum.

Bij de toetsing s voor de monsters P502-1 en P505-1 voor de bodemtype

correcties gebruik gemaakt van de utum en organische stof zoals vastgesteld in het mengmonster PSBG Voor het overzicht zijn overschrijdingen van de bodemindex van 0,5 (>lichte verontreiniging) vetgedrukt weergegeven in onderstaande tabel. Hierbij is mogelijk sprake van sterke verontreiniging in één of meer van de deelmonsters. Van mengmonsters met matige of sterke verontreiniging zijn de deelmonsters apart geanalyseerd (“uitsplitsing”) op de desbetreffende verdachte stoffen

2 Omgevingsdienst West-Holland, Bodembeefiernota Deel B, Gebiedsspecifiek beleid Gemeente Nieuwkoop, 6 februari 2015.

“ Bes{uit van de gemeenteraad van de gemeente Nieuwkoop houdende regels omtrent gebiedsspecifiek bodembeheer beleid (Bodembeheernota Omgevingsdienst West-Holland Deel B Gebiedsspecifiek beleid gemeente Nieuwkoop) (link) Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 16van22

ATKB Tabel 9

voornatuur

n leefomgeving

Toetsingsresultaat grond

Te plaggen toplaag P18G

0,00-0,3

101 (0,00-0,30)

Veen

iKoper (0,44)

106 (0,00-0,30)

iZink (0,26) iMolybdeen (}

iKwik (0,04) H

iLood (0,8)

P101-1

:Uitsplitsing

P106-1

tUitsplitsing

P28G

Lood (1,05)

‘Lood (0,93)

e plaggen toplaag (met

'Koper (0,41)

esten baksteen)

iZink (0,14)

iMolybdeen (} iKwik (0,07)

iLood (0,97) 'PAK (0,01) 202 (0,00 -0,30)

‚Lood (1,76)

203 (0,00 —0,30)

ILood (0,73)

206 (0,00

iLood (0,59)

—0,30)

301 (0,00 -0,30)

e plaggen toplaag (met esten baksteen)

-0,30)

‘Kobalt (} Nikkel (0,03) Koper

(0,49)

Zink (0,14} Molybdeen (} Kwik (0,05) P301-1

200-0,30;P301 (0,00-0,30}

93041

:0,00-0,3

P309-1

:0,00-0,30:P309 (0,00 - 0,30}

P48G

,00-0,3

H

{Uitsplitsing !Uitsplitsing

304 (0,00 —0,30)

:Uitsplitsing

401 (0,00 -0,30)

e plaggen toplaag intuigelijk schone veen)

‘Lood (0,86)

£ i

'Lood (0,71)

Kobalt (0,06) iNikkel (0,01) Koper

(0,13)

Zink (0,01) Molybdeen (} Kwik (0,03) Lood P5BG

,00-0,3

502 (0,00 -0,30)

505 (0,00

e plaggen toplaag (met esten baksteen)

-0,30)

(0,43)

Kobalt (0,04) Koper (0,18) Kwik

(0,03}

Lood

(0,56)

P5021

'0,00-0,3

502 (0,00-0,30)

\Veen

‘Uitsplitsing

'Lood (0,24)

P505-1

10,00-0,30;P505 (0,00 -0,30)

iVeen

:0,00-0,3

iUitsplitsing

iLood (0,34)

P6BG

Veen

601 (0,00-0,30} 606 (0,00 -0,30)

611 (0,00

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

Te plaggen toplaag intuigelijk schone veen)

-0,30)

Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

‘Koper (0,13) iKwik (0,03) iLood (0,43}

| 17van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

Aotivatie

Te plaggen toplaag P9BG

10,00-0,30;P902(0,00-0,30)

!Veen

ITe plaggentoplaag(met

iKobalt

i

i

esten baksteen)

iNikkel (0,23)

i

!

iKoper (0,44)

i

H

iZink (0,34)

H

i

iMolybdeen (0,01)

|

H H H !

iCadmium (-) 'Kwik (0,05) 'Lood (0,9) {PAK (0,01)

H H H H

905 (0,00-

(}

a

P902-1

902 (0,00-0,30)

tVeen

s

s

P905-1

905 (0,00—0,30)

iVeen

E

'Lood (1,42)

P108G

1001 (0,00 -0,30) iVeen 1002 (0,00 -0,30) !

e plaggen toplaag 'Koper (0,81) intuigelijk schone veen) ‘Zink (0,28)

1003 (0,00 -0,30) i 1006 (0,00 -0,30) i P60G

PBOG k

P100G1

_

FToekomstige bovengrond

H

iKobalt

a

ÎVeen

|

610(030-0,80)

!

612(0,30-0,80)

|

801 (0,30-0,50)

Veen

802(0,30-0,50)

|

804 (0,30-0,50)

!

iZink (0,06)

i

H

iKwik

(0,02)

H

iLood (0,36)

:

i

i

foekomstige bovengrond

iNikkel (0,01}

-

fwijkendekleilaag)

iKoper (0,18}

_

H

'Veen |

!Toekomstige bovengrond intuigelijk schone veen)

810(0,30-0,80)

|

i

812(0,30-0,80)

|

i

Veen

1004 (0,30 -0,80)

!-

foekomstige bovengrond ;Minerale olie (0,42} intuigelijk schone veen)

1003 (0,30 - 0,80) -0,80)

i

i

803(0,30-0,80) 806(0,30-0,80)

1005 (0,30

(0,01)

intuigelijk schone veen) iKwik (}

1002 (0,30 -0,80)

Aanvullend

i

iKwik (0,08)

608(0,30-0,80)

1001 (0,30 -0,80)

P10062

iMolybdeen (}

'602(0,30-0,80)

H P8OG

H

Lood (1,62) i

Kwik

(0,02}

iLood

(0,27)

foekomstige bovengrond

;Koper

(0,2)

potje met resten

iKwik (0,04)

i iVeen

'Koper (0,1}

H

ibaksteen )

iLood

(0,75)

H H

!Veen H H

iTe plaggen toplaag (met _ iKobalt (0,02) iKoper (0,24) iKwik (0,04)

i

i

:0,00-0,30:P605{0,00-0,30)

iVeen

(i

PaBG2 402 b

P6BG2

10,00-0,30;P402 (0,00-0,30)

610(0,00-0,30)

i

iLood (0,91) _

iTeplaggentoplaag(met

Kobalt

#

iKoper (0,27]} Kwik

i

PBBGZ

(0,01) (0,06)

H

iLood (0,53)

‘Te plaggen toplaag (met resten baksteen)

'Kobalt (} iNikkel (0,09)

ood (1,08)

'Koper (0,46) iZink (0,26)

H

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

iKwik (0,18)

Westveen te Woerdense verlaat. |

| versie 1 | 29 november 2023

18van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

Te plaggen toplaag P8BG3_P805_bb

!0,00-0,30:P805 (0,00-0,30)

!Veen

H

H

!Te plaggen toplaag (met

!Koper

(0,16)

wak betonhoudend /en _ [Zink (0,17}

terk baksteenhoudend _ jKwik (0,02) :

iLood

(0,43)

In zowel de puin houdende als zintuiglijk schone boven- en ondergrond zijn lichte en matige verontreinigingen vastgesteld met zware metalen, en soms ook lichte verontreiniging met PAK, minerale olie en/of PCB. Bij het uitsplitsen van matig verontreinigde mengmonsters is bij in totaal 5 grondmonsters sterke verontreiniging met lood vastgesteld, Ter plaatse van de deelgebieden 8 en 10 is in de bovengrond een sterk verhoogde gehalte voor lood aangetoond. Ter plaatse van deelgebied 8 is door het gefaseerd analyseren (analyse van de afwijkende klei laag, gevolgd door de analyse van de verschillende type bijmengingen (resten baksteen en sterk baksteen en beton) voldoende inzicht verkregen in het verontreinigingsbeeld ter plaatse van deellocatie 8. De vastgestelde verontreinigingen zijn zeer waarschijnlijk te relateren aan de toemaakdek met bodemvreemde bijmengingen, hierdoor werd het niet noodzakelijk geacht het sterk verontreinigd mengmonster ter plaatse van deelgebied 8 uit te splitsen.

In zowel de zintuiglijk schone toekomstige venige bovengrond als de toekomstige bovengrond met bijmenging is overwegend lichte verontreiniging met zware metalen vastgesteld, uitgezonderd van deelgebied P8, waar er geen verontreinigingen zijn vastgesteld in de achterblijvende venige bovengrond en deelgebied P10, waar in de ondergrond een lichte verontreiniging met minerale olie en een matige verontreiniging met lood is vastgesteld ter plaatse van de zeer |okale spot met baksteen bijmenging Voor het overzicht van de (indicatieve) hergebruiksmogelijkheden worden verwezen naar de kaarten in bijlage 7. Hierop zijn een indicatie van de kwaliteit (conform toetsingsresultaten Bbk in bijlage 6) en de hergebruiksmogelijkheden op basis van de LMW (voor lokaal hergebruik op basis van onderhavig onderzoek) weergegeven. De resultaten van de reeds onderzochte natuurvriendelijke oevers en gerapporteerd in voorgaand onderzoek liggen n lijn met de resultaten van de onderzochte deelgebieden. De eerder onderzochte oevers zijn matig verontreinigd met lood, waarbij in de onderzochte deelgebieden matige tot sterke verontreinigingen met lood zijn vastgesteld.

In onderzochte deelgebied P10 is de sterke verontreiniging niet uitgesplitst, omdat het vastgestelde verontreinigingsbeeld in deelgebied P10 overeenkomt met de vastgestelde sterke verontreiniging in de oeverranden (N11) (gerapporteerd middels kenmerk 20221297_rap01, dd 5 oktober 2023). In het naderonderzoek gerapporteerd middels kenmerk 20231326_ rapO2, worden de vastgestelde resultaten van deelgebied P10 verder belicht.

441

PFAS

Circa 10% van de mengmonsters is onderzocht op PFAS. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in onderstaande

tabel.

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 19van22

ATKB Tabel10

voornatuur

n leefomgeving

Toetsingsresultaat grond PFAS ngsresultaat

Monst:

/een [een

e plaggen toplaag

imet resten baksteen]

!Toekomstige

!

E

ovengrond (afwijkende klei laag)

In de geanalyseerde monsters is de aanwezigheid van PFAS (hier: PFOA en PFOS) boven de bepalingsgrens

vastgesteld (0,3 ug/kg d.s.). In zowel de bovengrond als de ondergrond worden de achtergrondwaarden voor PFAS niet overschreden.

45

RESULTATEN

GRONDWATER

In onderstaande tabel zijn de relevante toetsingsresultaten voor grondwater weergegeven. Voor een volledig toetsingsoverzicht wordt verwezen naar bijlage 6. Tabel11

Toetsingsresultaat grondwater

P102-11

epalen milieuhygiënische

P206-11

{Barium (0,1)

‘kwaliteit grondwater

iXvlenen (som)(}

:Bepalen milieuhygiënische

;Barium

_Ì

(}

waliteit grondwater

P304-11

epalen milieuhygënische

iBarium (0,08)

waliteit grondwater P608-11T

PB10-11 P1004-

epalen milieuhygiënische

:Barium (0,16)

waliteit grondwater

lenen (som) (}

epalen milieuhygenische

:Barlum (0,75)

waliteit grondwater

lenen (som) (}

epalen milieuhygiënische

arim

(0,08)

waliteit grondwater

In het grondwatermonster afkomstig uit peilbuizen is voor barium en xylenen een concentratie boven de streefwaarde vastgesteld. In peilbuis P810-1 is een matige concentratie voor barium vastgesteld. De verhoogde concentraties voor barium is waarschijnlijk een natuurlijk verhoogde achtergrondwaarde.

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder

Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 20van22

ATKB 5

voornatuur

n leefomgeving

CONCLUSIES *

De bodem op de |ocatie bestaat tot de maximale boordiepte uit veen met zeer lokaal (deellocatie 8) een laagje klei (traject 0,3-0,8 m-mv). De stijghoogte van het grondwater is vastgesteld op 0,38 m-mv. In de bodem is sprake van bijmenging met resten puin (baksteen, resten tegel, resten glas, resten dakpan en beton). De herkomst wordt toegewezen aan de aanwezigheid van ‘Toemaakdek'

*

Op het maaiveld is geen asbestverdacht materiaal waargenomen. In het opgeboorde materiaal s wel (een bijmenging met bodemvreemd materiaal (resten baksteen, resten glas, tegel, dakpan en beton) vastgesteld. Bodemvreemd materiaal (met name puin en ander sloopafval) kan duiden op aanwezigheid

van asbest(verontreiniging).

Op basis van het vooronderzoek is er echter geen verdenking op asbest. De

bijmenging wordt toegeschreven aan ‘Toemaakdek’ welke voor 1900 is aangebracht.

Om aan- of

afwezigheid van asbest in grond met enige zekerheid vast te stellen, is een onderzoek conform NEN 5707 (grond) of NEN 5897 (puin) altijd noodzakelijk. *

De te plaggen toplaag is heterogeen licht tot sterk verontreinigd zware metalen en zeer lokaal met PAK, met een hogere verontreinigingsgraad bij puinhoudende bodem,

De vastgestelde verontreinigingen zijn

zeer waarschijnlijk te relateren aan de toemaakdek met bodemvreemde bijmenging. Voor lood en koper zijn matige tot sterke verontreinigingen vastgesteld. Het gaat doorgaans om een enkele boring waar in de rest van het gebied lichte en/of matige verontreiniging is aangetoond. Dit wordt gezien als gebiedseigen heterogeniteit, vermoedelijk in relatie tot de aangetoonde puinbijmenging. e

De venige ondergrond (toekomstige bovengrond) is voornamelijk licht verontreinigd met zware metalen

*

en zeer lokaal met

minerale

olie

Het grondwater is licht verontreinigd met xylenen en licht tot matig verontreinigd met barium.

De

verontreiniging met barium is vermoedelijk een verhoogde achtergrondconcentratie *

De gehanteerde onderzoekshypothese “De landbodem is ten hoogste matig verontreinigd met zware metalen en ten hoogste licht verontreinigd met OCB en PFAS is deels bevestigd. In de onderzochte deelgebieden is geen verontreiniging met organochloor bestrijdingsmiddelen vastgesteld en is de onderzochte boven- en ondergrond vrij toepasbaar voor PFAS.

*

Nader onderzoek wordt in het kader van de doelstelling van het onderzoek niet noodzakelijk geacht.

*

Op basis van de verkregen resultaten na toetsing aan de Lokale maximale waarden wordt de bodemkwaliteit op de deellocaties niet geschikt geacht voor het hergebruik binnen het plangebied. De vrijgekomen grond dient te worden afgevoerd en elders te worden toegepast

*

Op basis van het uitgevoerde onderzoek kan voor vrijkomende grond alleen indicatief een uitspraak worden gedaan over de toepassingsmogelijkheden.

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 21van22

ATKB 6

voornatuur

n leefomgeving

BETROUWBAARHEID

ONDERZOEK

ATKB is in het bezit van een kwaliteitssysteem volgens NEN-EN-ISO9001:2015, een veiligheidsmanagementsysteem conform VCA** en trede 3 van de SCL (light) en is gecertificeerd volgens trede 3 van de CO>-Prestatieladder. Tevens is ATKB lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer.

De werkzaamheden zijn uitgevoerd door ATKB (tenzij anders vermeld). ATKB is geen eigenaar van de onderzochte locatie en is onafhankelijk van de opdrachtgever, locatiegebruiker en -eigenaar. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd onder het procescertificaat van ATKB te Zoetermeer voor de BRL SIKB 2000 (Veldwerk bij Milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek); Protocol 2001 (Plaatsen van handboringen, peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen) en Protocol 2002 (Het nemen van grondwatermonsters), Bemonstering ten behoeve van onderzoek naar PFAS is uitgevoerd volgens de Handreiking PFAS bemonsteren - versie 1.0 d.d. 25 juni 2020. Het veldwerk onder certificaat is uitgevoerd door: .

(geanonimiseerd)

De analyses zijn uitgevoerd door een RvA-geaccrediteerd laboratorium

De certificaten van ATKB zijn n te zien via https://www.at-kb.nl/kwaliteit. website van RWS Leefomgeving.

Erkenningen zijn in te zien via de

Het onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht, door het steekproefsgewijs bemonsteren van bodemlagen, volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Hoewel ATKB de grootste zorgvuldigheid betracht bij het uitvoeren van bodemonderzoek is het, juist door deze steekproefsgewijze bemonstering, mogelijk dat plaatselijk afwijkingen in de samenstelling van de bodem aanwezig zijn, die tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. ATKB aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor hieruit voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard ook In dit kader wordt tevens opgemerkt dat ATKB niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van door derden verstrekte informatie en van eventueel door derden uitgevoerd (voor)onderzoek. Hierbij wordt er op gewezen dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Beïnvloeding van bodemkwaliteit zal ook plaats kunnen vinden na uitvoering van dit onderzoek. Naarmate er een langere tijd is verstreken na uitvoering van het onderzoek, dient meer voorzichtigheid te worden betracht bij het gebruik van de onderzoeksresultaten

Verkennend bodemonderzoek 20231326/rap01

| Polder Westveen te Woerdense verlaat.

| versie 1 | 29 november 2023

| 22van22

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

BIJLAGE

|

Kadastrale

kaart

Uw

B

50100

150200

referentie: 20231326

250m

e mm

Deze karti poorsgeiht 12345

>

kadaster

Schaal 1: 4800

Percesnummer

Husnummer e

Vastgesteide kaóastrale grens

e

M

‚Administraieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie

Perceel

Nieuwkoop H

89

Bebouwing ‚an di uitrekselkunnen geen betrouwbare maten worden ortleend.

Voor een eensluidend uitreksel, geleverd op 20 september 2023 _ De Dienst vor hetkadaster en de openbare regiters behoudt zch de telectuele De bewaarder van het kadasteren de openbare regsters eigendomsrechten voor, Waaronder het auteursrecht en hetdatabankenrecht.

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

BIJLAGE 2

ATKB

voorotur

n leefomgevng

Bodemopbouw en geohydrologie Voor inzicht in de bodemopbouw (geologie en geohydrologie) op de onderzoekslocatie is het digitale kaartmateriaal, zoals beschikbaar gesteld door TNO op de website van DINOloket, ingezien. DINO-systeem

is de centrale opslagplaats voor geowetenschappelijke gegevens over de opbouw van de ondergrond van Nederland

In figuur 1 is het schematisch model van de geologie ter plaatse van de onderzoekslocatie opgenomen. figuur 2 is het schematisch geohydrologisch model opgenomen.

In

Voor de doorsneden van beide modellen is

gebruik gemaakt van de volgende vaste punten: 1 2

KmO Km22

Vericale

Doorsnede

> >

BRO

X:119462 X:119257

DGM

/Y: 464406; /Y: 463087

22

Figuur 1. Geologisch model Verticale

Doorsnede

BRO

REGIS

11221

Figuur 2. Geohydrologisch model

Verkennend bodemonderzoek

Polder Westveen

te Woerdense

Ropport: 20231326 - Bodemopbouw en geohydrologie

verlaat

82

Tvan2

ATKB/|. Overzichtstabel geologische eenheden Linostratigrafische eenheden op formatieniveau

chonosrigrate

oeae

Neozer

Paieogen Legenda met afkortingen van de geologische eenheden Mariene ofzettingen Deze lthostratigrafische eenheden zijn hoofdzakelijk opgebouwd uit zeeafzettingen en kustnabije afzettingen. De sedimenten zijn gevormd in een ondiepe Noordzee bij een overwegend dalende ‘bodem.

De eenheden omvatten ook de met mariene condities

Eluvigtiele afzettingen Deze lithostratigrafische eenheden zijn opgebouwd uit rivierafzetingen die zijn aangevoerd door een viertal belangrijke iviersystemen en hun voorlopers: de oostelijke rivieren (inclusief Eridanos), de Rijn, de Maas en de Belgische rivieren.

geassocieerde strand-, duin- en kustafzettingen. Model

eenheid HL

_ [ Naam hydrogeologische eenheid

NA

Holocene afzettingen Formatie van Naaldwijk

EE

MS

Model

eenheid AP

_ | Naam hydrogeologische eenheid

PZ

Formatie van Appelscha Formatie van Peize

Eem Formatie

EC

Formatie van Echteld

Formatie van Maassluis

KR

Formatie van Kreftenheye

00

Formatie van Oosterhout

UR

Formatie van Urk

EA

Formatie

van Breda

ST

Formatie van

VE

Formatie

van Veldhoven

WA

Formatie van Waalre

RU TO 00

Rupel Formatie Formatie van Tongeren Formatie van Dongen

KI IE BE

Kiezeloöliet Formatie Formatie van Inden Formatie van Beegden

u

Formatie van Landen

KK

Kreekrak

KW

Formatie van

E

Formatie van Strampoy

Sterksel

Formatie Koewacht

Glaciale ofzeringen

Overige afzettingen

Deze lthostratigrafische eenheden zijn opgebouwd uit afzettingen die in samenhang met landijsbedekking zijn gevormd.

Deze lithostratigrafische eenheden bestaan onder meer uit door de wind aangevoerd sedîment en veen- en bruïnkoolvoorkomens Tevens omvatten deze eenheden de afzettingen van kleinschalige ivier- en beeksystemen.

Model

eenheid DR PE

_ [ Naam hydrogeologische eenheid

Model

_ | Naam hydrogeologische eenheid

Formatie van Drenthe

eenheid NL

Formatie

E3

Formatie

WE

Formatie van Woudenberg

DN

Formatie van Drachten

HS

Formatie van Holset

HT

Formatie van Heljenrath

van Peelo

VI Verkennend bodemonderzoek

Polder Westveen

te Woerdense verlaat

Ropport: 20231326 - Bodemopbouw en geohydrologie

Formatie van Nieuwkoop van Boxtel

Formatie van Ville

82

Zvan2

EN E

B

……J

Ei

(geanonimiseerd)

Velgnummer 2

HaskoningDHV Enhancing Society To

Legenda Toemaakdek beheergebied ODWH| (Gemeente Nieuwkoop)

.D

Gemeentegrenzen

-

Toemaakdek binnen beheergebied ODWH Toemaakdek buiten beheergebied ODWH

1

;

ET -

|

|25-07-2013 0 —

1 kilometer 7

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

BIJLAGE 3

Bijlage: Situatietekening Blad

1 van2

Esri Nederland, Community Map,

Contributors, Legenda Onderzoekslocatie

Locaties voorgaand onderzoek Boring tot 0,8 m-mv Boring tot 2,0 m-mv Peilbuis

Boringen voorgaand onderzoek

0510 n

20 30 s

40 50 s

Coordinatenstelsel:

RD

New

Units: Meter

Datu

10-10-2023

Projectnummer: 20231326 Opdrachtgever: _ Provincie Zuid-Holland Tekeningnummer: Tek0t papierformaat: Tekenaar:

(geanonimiseerd)

Schaal:

:2.200

telefoon: 088-1153200

Email:

info@atk-kb.

KVK: 27177140 , --_ v B [EStiNsderandgbesldmatenaalniJEsrij

5

Bijlage: Situatietekening Blad

2 van 2

S Esri Nederland, Community Map Contributors

Onderzoekslocatie

Locaties voorgaand onderzoek Boring tot 0,8 m-mv Boring tot 2,0 m-mv Peilbuis

Boringen voorgaand onderzoek

0510

20

30

Coordinatenstelsel:

Units:

40 RD New

Meter

Datu

Projectnummer: Opdrachtgever: Tekeningnummer: papierformaat: Tekenaar:

10-10-2023

20231326 Provincie Zuid-Holland Tek01

(geanonimiseerd) 1.300

telefoon: 088-1153200

Email:

info@atk-kb.

KVK: 27177140 , --_ v B

>

1

K

W

Projectnummer

r

Project

:Verkennend

en nad

jectnumm

Projectnaam

Datum

T Westveen

uitvoering partijkeuring

s

6 september

2023

(geanonimiseerd) ! Fotonummer:

Fotoi

ATKB

woensdag

ummer:3

1

Fotonummer:

2

Fotonummer:

4

: 2023

Projectnummer ct

Verkennend

en

: 20231326

derzoek p

:

Projectnumn Verkennend

gjectnaam

en

nader

bodemon

T

Fotonummer:5

Fotonummer:

7

Fotonummer:9

ATKB

ocatie inspectie

Ver

Revisiedatun

Westveen

Fotonummer:

6

Fotonummer:

8

Fotonummer:

10

agina 2 van de 2 10

ATKB

voornatuur

n leefomgeving

BIJLAGE 4

ATKB

/

Boring: o k x Datem: Soormeester

P101 TIeBs605 46410474 492028 Desp

GWstenmy: 0

@

P102 terors0 46405388 192023 MaRs ve

veind

vetard

Vaen, sterkheig, resten em

Voen, sterkkg,

baksteen.donketbnsn,

22

Edelmanboor

2

dorkerbrun,

Edemarzoor

Voen,zwakMeTg.donkerbnn,

Voon,zwakkerg.dorkerbuin,

Edeimanboor

Edelmanboor

Vaen, dorkerbnin

vander

Horstboor

Boring:

P103

E

Boring:

na7ei7e *

daa

Gomester

DE

Oater

GWsemm:

o

13203

1778

x

4eaoase

Oatm

@

Gwstenm}:

9

49202 @

H e

B

o t x Datum:

P104

x

Edolmanboor

n zwak

í

Edelmanboor

P105

Boring:

1676266 46410036 19203

o t * Datum: Boomoestr: oo

P106

1167E344 4ET04E1 192023 Desp Soo … pakstoen dontorsn,

n zwakeig dorkerun

Edotmanboor Vaon

Projectnummer: Projectnaam:

domern

Edoinasteer

u

Voen zwakeig donkerbn Edemarboor

G

_ 20231326

Pagina1 van 12

__ Aanvullend bodemonderzoek polder Westveen Getekend volgens NEN 5104

Boring:

owsenmy:

@

P201

x

Treas06z

x

46611101

Datm: Soormeester

19203

Desp

GWS(emm

vians

0

veiars

H

Voen,

s Welg,

restentegen

Voen,

sek l

estenglas

donkerbran,Edeimanboor

donkerbrun.Edemantoor

Voen,zwakkeTig. donkerbn

Voen,zwakMeTg.donkerbnn,

Edelmanboor

Edemangoor

P202

P203

H1G88084

tesr44g

46410915

46411406

492023

492023

Desp veiand

woiard

Vaen,sterkkeig,resten

Voen,sterk g, osten baksteen. donkerbrun,

Voen, zwakkerg daa

Voen, zwakkeng,

Edelmanboor

Edelmarboor

Edelmarboor

Voen, dorkeronin,

Gus

P204

Boring:

x

EE

x

Treoe92s

v

46410097

x

46411609

Datem:

492023

Datem:

492028

Soormeester

Desp

Soormeester

Desp

Boring:

owsenmy:

@

dorkerbnn

GWStemm

veians

0

P205

veiars

H

Vaen, serkeig

dorkerbnn,

Edelmanboor

n zwakelg

Voen, sterkkg,

dorkerbrn,

Edeimarboor

donkerbnin,

Edelmanboor

Projectnummer:

20231326

Projectnaam:

Aanvullend bodemonderzoek polder Westveen

Voen,zwakMT donkerbnn, Edeimarboor

Pagina2 van 12 Getekend volgens NEN 5104

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwkoop&id=540b79b5-9da2-4903-82e7-ba3f85834434