CConstaterende datnieuwkoop
Koppel je AI →
Document · PDF

Coalitieakkoord 2022-2026 - Aan de slag met Nieuwkoop

Besluitvormende raadsvergadering 13 juni 2022, gemeente nieuwkoopBij agendapunt: Terugkoppeling coalitiegesprekken en coalitieakkoord (2022-043)12.196 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

2022 - 2026

COALITIEAKKOORD Aan de slag met Nieuwkoop Met lef uitvoeren

nieuwkoop.nl

Het coalitieakkoord

INLEIDING

Voor u ligt het coalitieakkoord 2022-2026, een coalitie gevormd door de partijen Samen Beter Nieuwkoop (SBN), VVD Nieuwkoop en CDA Nieuwkoop. We leven in een spannende en onzekere tijd met grote maatschappelijke opgaven. Veel van de maatschappelijke opgaven komen samen in Nieuwkoop. Dit vraagt om actie, keuzes maken en prioriteren. Hier is een krachtig bestuur voor nodig met een eigen, herkenbare, bestuursstijl. In dit akkoord staat hoe wij dit zien. Nederland kampt met de economische- en sociale gevolgen van de COVID19-pandemie. De oorlog tussen Rusland en Oekraïne heeft wereldwijd een forse impact, op het gebied van onder andere energie en voedsel, met stijgende inflatie tot gevolg. Daarnaast is er een groot tekort aan woningen, moeten we snel verduurzamen, ons voorbereiden op gevolgen door extreem weer, bodemdaling tegengaan en natuur versterken door onder andere stikstofuitstoot te verlagen. Daarbij kunnen we niet om transitie van de landbouwsector heen. De uitdagingen zijn groot en pakken we samen op met partner overheden en vooral ook met de samenleving.

Ondanks dat Nieuwkoop nu en de komende jaren zicht heeft op een sluitende begroting, kan dit er na 2025 anders uitzien. Dit vraagt om een zorgvuldige en maatschappelijk verantwoorde besteding van het gemeentelijk budget. We maken daarom keuzes op basis van de actuele informatie en situatie. Mocht de financiële situatie daarom vragen dan stellen we onze ambities uit dit akkoord bij, omdat we de lokale belastingen alleen indexeren op basis van inflatiecorrectie en niet verder gaan verhogen. De komende jaren bouwen we voort op bestaand beleid en gaan we vooral actief en concreet aan de slag. De ambities en doelen uit dit coalitieakkoord lijken financieel haalbaar en uitvoerbaar. Zo zorgen we voor een Nieuwkoop dat werkt voor jou en uitgaat van lokale kracht. Tenslotte: alleen samen groeien we verder.

Tijd voor actie

KERNBOODSCHAP De coalitie is duidelijk, ook in haar opdracht aan het college: het is tijd voor actie. De afgelopen jaren is er veel geparticipeerd, informatie op papier gezet en veel voorbereidend werk gedaan. Belangrijke visies over hoe Nieuwkoop er in de toekomst uit moet zien met (bijbehorend) beleid. Dit gaan we niet over doen. Onze inwoners hebben er recht op dat we snel woningen gaan bouwen, onze dorpen economisch en maatschappelijk versterken, inzetten op een gezond leven, actief aan de slag gaan met het terugdringen van stikstofuitstoot en onze samenleving verduurzamen.

Dit betekent dat we voor belangrijke keuzes staan die niet altijd populair zullen zijn. Dit vraagt lef. We blijven zorgen voor een toekomstbestendige sterke en vitale gemeente, zodat alle inwoners hier met plezier kunnen wonen, werken en recreëren en dat onze ondernemers zich kunnen ontwikkelen. Wij baseren onze keuzes op dit uitgangspunt. Dit doen en kunnen wij niet alleen. De inzet, betrokkenheid, kennis en bijdrage vanuit onze samenleving is simpelweg nodig. Ook om de grote maatschappelijke opgaven voor elkaar te krijgen, in samenwerking met andere overheden. Kortom: we gaan concreet aan de slag met Nieuwkoop.

Namens de onderhandelaars van

Een extra uitdaging vormen de financiën. Door overheveling van taken vanuit het Rijk naar gemeenten zonder bijbehorende budgetten, is de financiële situatie bij veel gemeenten nijpend. Daarbovenop hevelt het Rijk nieuwe taken over naar gemeenten, zoals Beschermd Wonen. Er wordt daarnaast gesleuteld aan een herverdeling van het gemeentefonds. Bovendien is het nog onzeker welk effect de inflatie heeft op onze economie.

2 Coalitieakkoord 2022-2026

3

4 t/m 39

INHOUDSOPGAVE 1. Onze bestuursstijl: lef, daadkrachtig en resultaatgericht

6

2. Sterke, vitale dorpen 7 2.1 De opgave: woningbouw versnellen 7 2.2 Verkeer en mobiliteit 9 2.3 Versterken sociale cohesie via Integrale Kindcentra 11 2.4 Vrije tijd 12 3. Bloeiende economie 13 3.1 Economie binnen de dorpen 13 3.2 Economie buiten de dorpen 16 3.3 Opgaven in relatie tot de arbeidsmarkt 18 3.4 Economie algemeen 19 4. Een gezond leven 20 4.1 Positieve gezondheid met behulp van een actief verenigingsleven 20 4.2 Focus op vroeg signalering en preventie in Jeugdzorg 22 4.3 Maatschappelijke ondersteuning 23 5. Duurzaamheid en Energietransitie 25 5.1 Energie opwek- en duurzaamheidsambities 25 5.2 Een beter milieu door afvalscheiding 27 6. Organisatie naar buiten toe 28 6.1 Dienstbare overheid 28 6.2 Veiligheid en openbare orde 29 6.3 Financiën 30 6.4 Regionale samenwerking 30 7. Samenvatting 31 7.1 Ambities en opgaven om uit te werken in het collegeprogramma 32 8. Infographic: Aan de slag met Nieuwkoop 38

4 Coalitieakkoord 2022-2026

5

Hoofdstuk 1

ONZE BESTUURSSTIJL Onze kernboodschap is duidelijk: uitvoeren, actie en zichtbaar het verschil maken. Dit is het kenmerk voor onze stijl van besturen. Je mag ons aanspreken op de resultaten. Wij geven het college de opdracht om de in dit akkoord gestelde doelen en uitgangspunten specifiek, concreet, meetbaar en uitvoeringsgericht uit te werken.

Weloverwogen risico nemen hoort bij het leven; alleen zo kunnen we doorpakken. Dit vraagt lef, ook om toe te geven als iets niet lukt en eerdere keuzes bijgesteld moeten worden. We zorgen voor een actieve, transparante manier van communiceren, zodat het duidelijk is waarom we bepaalde keuzes maken.

Resultaatgericht besturen betekent keuzes maken en prioriteren. Via participatietrajecten delen we kennis en vragen we input vanuit de samenleving. Aan de hand van een vooraf bepaald en gecommuniceerd tijdspad pakken we door om te voorkomen dat we lang stilstaan in bijvoorbeeld onderzoekstrajecten of participatietrajecten. Dit kan betekenen dat we niet iedereen (op voorhand) enthousiast kunnen krijgen voor onze ideeën. Hier zijn wij ons van bewust en dat accepteren wij. We vragen het nieuwe college de gemeenteraad in een vroeg stadium te betrekken bij de te maken keuzes, bijvoorbeeld aan de hand van dilemmanota’s. Zo kiezen we samen de richting waar de brede samenleving het meest baat en effect bij heeft.

Uitgangspunt van onze keuzes is altijd het versterken van een toekomstbestendige, vitale gemeente. Een uitnodigende gemeente die aantrekkelijk is om te bezoeken en waar mensen fijn en duurzaam leven en werken. Een gemeente die is ingericht op de toekomst. Resultaten boeken kunnen we niet alleen. Wij trekken samen op met de gemeenteraad, maatschappelijke organisaties, partner overheden, ondernemers en inwoners en maken gebruik van elkaars kennis en expertise. We vragen een actieve inzet van de samenleving. Particuliere initiatieven die bijdragen aan de uitvoeringsdoelen juichen we toe. We werken samen en denken mee, maar nemen niet over. Hierbij realiseren we ons dat niet iedereen alles kan. Met een luisterend oor, door te stimuleren en activeren, met het bieden van financiële of administratieve ondersteuning aan hen die dat nodig hebben, bieden we een helpende hand waar dit nodig is. Onze bestuursstijl is resultaatgericht, in vertrouwen dat we het juiste doen voor de inwoners. We durven risico’s te nemen, omdat we keuzes moeten maken. Als dienstbare overheid zoeken we actief de verbinding met de samenleving, gemeenteraad en ambtelijke organisatie. We toetsen regelmatig of we op de juiste koers zijn met de juiste focus vanuit de gedachte: werkt het, deugt het en doet het deugd. We kijken uit naar de komende raadsperiode met gezamenlijke en concrete resultaten voor Nieuwkoop.

6 Coalitieakkoord 2022-2026

Hoofdstuk 2

STERKE, VITALE DORPEN Vanuit de ambities in de Omgevingsvisie werken wij aan een sterk en vitaal Nieuwkoop. Voor ons betekent dit een gemeente met voldoende woningen, een groene omgeving die uitnodigt tot bewegen, een actief verenigingsleven en een goed voorzieningenniveau, waaronder moderne scholen en levendige dorpscentra. Hier investeren wij de komende jaren in.

2.1 De opgave: woningbouw versnellen

Dat de druk op de woningmarkt hoog is, merken we zeker ook in Nieuwkoop. Onze gemeente is in trek bij veel mensen buiten onze gemeente. Dat is mooi en zien we graag. We vinden echter dat de populariteit van Nieuwkoop als woongemeente niet ten koste mag gaan van woonmogelijkheden voor onze huidige inwoners. Juist onze eigen inwoners willen en mogen hier blijven wonen, in de buurt van familie en vrienden. Lid blijven van ‘hun’ club en genieten van ‘onze’ natuur. Die sterke sociale samenhang kenmerkt onze dorpen en draagt in belangrijke mate bij aan het welzijn van onze inwoners. We gaan daarom actief aan de slag met het bouwen van woningen. In onze woningprognose van 2019 staat dat wij tot 2030 circa 1.900 woningen mogen bouwen. We geven het college opdracht om op basis van volume en kansrijkheid, de plannen te prioriteren en te vertalen naar een bouwopgave per jaar. De zogeheten ‘harde’ bouwplannen zoals Buytewech-Noord, gaan gebalanceerd en gevarieerd van start. De zogeheten‘ zachte’ woningbouwbouwplannen (circa 800 woningen) zetten we deze raadsperiode zo snel mogelijk om naar ‘harde’ plannen, zodat ook deze projecten uitgevoerd worden. Uitgangspunt bij de woningbouwprojecten is een gezonde grondexploitatie over het totaal van de projecten. Dit betekent dat het totaal van de grondexploitaties een positief resultaat laat zien.

Als het nodig is, maken we keuzes door bijvoorbeeld in een project het woningbouwprogramma (type woningen) of de woondichtheid (aantallen woningen) aan te passen. We koppelen de woningbouw aan doelgroepenbeleid, om te zorgen voor een gezond demografisch evenwicht van de samenleving. Dit betekent dat we in de opgave specifiek aandacht hebben voor huisvesting voor jongeren, ouderen en met (24-uurs) zorg en welzijn. We verwachten dat ook na 2030 nog steeds nieuwe woningen nodig zijn. We werken daarom ook door aan ‘zachte’ planvoorraad woningbouw door planologisch ruimte te reserveren en mogelijkheden te bespreken met onze partner overheden.

Woonruimte voor alle doelgroepen

Als overheid zijn wij verplicht om voor uiteenlopende doelgroepen voor woonruimte te zorgen zoals jongeren, starters en gezinnen. Ouderen blijven zo lang mogelijk zelfstandig wonen, al dan niet met hulp van een mantelzorger of wijkverpleegkundige. Vanaf 2023 zijn we verplicht om mensen, die in Nieuwkoop staan ingeschreven vanuit de maatschappelijke opvang en beschermd wonen, ook een thuis te geven. En we moeten en wíllen zorgen voor woonruimte voor bijvoorbeeld vluchtelingen, statushouders en arbeidsmigranten. Een forse opgave, die we niet uit de weg gaan en onze prioriteit en focus bevestigt: we gaan bouwen.

7

Niet iedereen heeft dezelfde woonbehoefte. Daarom verdelen we woningen over verschillende kernen in een gevarieerde mix aan woontypen en prijsklassen. Hierbij ligt de nadruk op goedkope en middeldure woningen, zowel huur als koop, waarbij we vasthouden aan (minimaal) 45% in het sociale segment (sociale- en middenhuur en goedkope koop). Dit percentage kan wijzigen in navolging van Rijksbeleid met betrekking tot extra opgaven, waarbij we altijd kijken naar wat passend en haalbaar is binnen onze dorpen. Bij het bouwen voor doelgroepen zoeken we aansluiting bij het recente Rijksbeleid ‘een thuis voor iedereen’. We zien kansen om doorstroming op de woningmarkt te stimuleren met behulp van een doorstroomcoach. De doorstroomcoach adviseert (oudere) inwoners in de keuze voor de best passende woonvorm en ondersteunt in de overstap en beschikbare regelingen.

Maatregelen voor beter financieel bereikbare woningen Woningen financieel bereikbaar maken voor specifieke doelgroepen als starters, blijft ook met meer goedkope woningen een uitdaging. Daarom treffen we (financiële) maatregelen, onder andere door de huidige starterslening te verhogen naar € 50.000,-.

We zetten in op mogelijkheden als koopgarantregelingen en/of erfpacht, koopstart enzovoort. Met de woningcorporaties bespreken we hoe we blijvend stijgende huren kunnen beperken. We zetten middelen uit het woonfonds effectiever in en voegen deze, indien mogelijk, toe aan de reserve goedkope woningbouw. Instrumenten als de doelgroepenverordening en de zelfbewoningsplicht zetten we doelmatig en efficiënt voort en we volgen de landelijke ontwikkelingen en mogelijkheden daarin. We sturen op heldere toewijzing en benutten alle (maatwerk-) mogelijkheden voor voorrangsregels voor onze eigen inwoners. Bouwen volgens CPO (Collectief Particulier Opdrachtgeverschap) blijven we stimuleren en faciliteren.

Op zoek naar creatieve woonvormen Om snel woningen toe te voegen, kijken we ook naar creatieve en flexibele oplossingen. Zoals de mogelijkheid om het succesvolle concept van tijdelijke pre-mantelzorgwoningen uit te breiden naar jongeren (ouder-kind relatie). Bovenop de eerdergenoemde 1.900 woningen, zoeken we naar mogelijkheden om tijdelijke huisvesting te creëren voor bijzondere doelgroepen als vluchtelingen, statushouders en mensen die door omstandigheden met hoge spoed een woning nodig hebben (spoedzoekers). Dit kan met behulp van creatieve woonvormen als flexwoningen. Met tijdelijke, flexibele woningen zijn we in staat om snel te reageren op veranderende situaties. Aanvullend willen we regels en beleid verruimen om, op basis van maatwerk, opstallen op (voormalige) agrarische bedrijven om te zetten naar woonruimte (‘erf wonen’).

Prestatieafspraken corporaties en sociale huurwoningen

De woningbouwcorporaties zijn in de woningbouwopgave onmisbare partners. Enerzijds om extra woningen aan het sociale segment toe te voegen en anderzijds in de verduurzamingsopgave van bestaande (huur)woningen. Om voortgang in ontwikkelingen te behouden, maken we meerjarige resultaatgerichte afspraken met de corporaties. Dit biedt houvast en zekerheid. Hierbij monitoren we de afspraken en actualiseren deze op basis van nieuwe ontwikkelingen.

8 Coalitieakkoord 2022-2026

Binnen de regionale afspraken over het aantal te bouwen sociale huurwoningen, zoeken wij de maximale ruimte om lokaal maatwerk toe te passen. Bij het toevoegen van sociale woningen geven wij het college de opdracht expliciet te kijken naar wat past en nodig is per dorp, en dus wat past bij onze inwoners. Hierbij is het belangrijk dat (huidige) sociale huurwoningen ook sociaal blijven. We zetten hiervoor zo nodig de bestaande financiële reserve goedkope woningbouw in. Ook de problematiek rondom de huurwoningen van Vestia heeft onze aandacht. Samen met de woningbouwcorporaties denken wij actief mee over een oplossing voor deze problematiek en faciliteren en ondersteunen wij waar mogelijk en nodig. Met als doel de sociale woningvoorraad te behouden met daarin een goede balans in het lage, midden en hogere sociale segment.

Toekomstbestendige leefomgeving

De nieuwe woonwijken richten we toekomstbestendig in: energieneutraal, natuurinclusief en biodivers, klimaatbestendig, met een goed ingerichte infrastructuur en openbare ruimte die uitnodigt tot bewegen en ontmoeten. Dit betekent een goede verdeling van de beschikbare ruimte. Omdat we onze weidse polders willen behouden, is het nodig om meer ‘gestapeld’ te gaan bouwen. Hierbij kijken we waar dit het beste past en houden we rekening met de dorpse karakters. Om aan de woningopgave te voldoen, is het nodig om ook direct langs de randen van de dorpen te bouwen, zoals Buytewech-Noord, Langeraar Noord-West en Ter Aar Noord-Oost. Dit betekent niet dat we onze open polders vol gaan bouwen. Door de wijken met behulp van landschapsplannen in te richten, trekken we de natuur de wijk in. Zo ontstaat een mooie, natuurlijke overgang naar het groene open landschap. Bouw door particulieren We staan positief ten opzichte van particuliere woningbouwinitiatieven, deze faciliteren we op voor de gemeente kostenneutrale wijze (leges en toepasselijke kostenverhaal). We richten een fonds ‘bovenwijkse voorzieningen’ in om financiële bijdragen van particulieren

2.2 Verkeer en mobiliteit

Woningbouw gaat hand in hand met (extra) mobiliteit. Met de extra woningen reizen meer inwoners op- en neer naar werk of school, winkels en verenigingen. Daar moet ons wegennet op ingericht zijn. Bij de ontwikkeling van de nieuwe grote woonwijken in bijvoorbeeld Nieuwkoop, Ter Aar en Langeraar, is goede, veilige en ordentelijke ontsluiting van de nieuwe wijken een belangrijk aandachtspunt. Inwoners langs de aansluitende wegen belasten we niet onevenredig met extra verkeer en we voorkomen verkeersonveilige situaties. Dit betekent dat we voorafgaand aan de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk expliciet kijken naar de impact van de toename aan mobiliteit en hoe de nieuwe wijken zo efficiënt mogelijk worden aangesloten op de hoofdwegen. De kosten van de (extra) ontsluitingen of alternatieve (rond) wegen komen in eerste instantie ten laste van de grondexploitaties. Als dit zorgt voor een negatieve exploitatie, zoeken we alternatieve financieringsmogelijkheden. Nieuwe ontsluitingen financieren we niet uit het Gemeentelijk Verkeer en Vervoersplan. In het geval dat er onvoldoende financiën zijn voor een nieuwe ontsluiting of als de verkeersveiligheid in het geding is, heeft dit mogelijk effect op de ontwikkeling van de woonwijk. We maken hierin keuzes en nemen verantwoordelijkheid.

Het Gemeentelijk Verkeer en Vervoersplan (GVVP) vormt de basis voor het verbeteren van bestaande infrastructuur. We zetten de lijn door om (doorgaand) autoverkeer door de kernen te ontmoedigen en fietsen veiliger te maken.

te realiseren voor voorzieningen zoals infrastructuur en parken. Bij de particuliere woningbouwinitiatieven merken we op dat we, gezien het grote tekort aan woningen, in de uitvoering hoge p rioriteit geven aan grote(re) woningbouwprojecten op basis van kansrijkheid en volume.

9

Vanuit het Gemeentelijk Verkeer en Vervoerplan blijven we aandacht geven aan veilige oversteekplaatsen in de dorpscentra door deze te accentueren en zebrapaden te verlichten. Ook kijken we naar mogelijkheden om de verkeersveiligheid te verhogen van de oversteek bij de N231 richting de scholen in Nieuwkoop (nabij Maas). Waar mogelijk, wenselijk en passend verlagen we de snelheid binnen de dorpen naar 30 kilometer. De huidige verkeerssituatie op de Kerkweg in Ter Aar vraagt aandacht. We vragen het college om verschillende opties in kaart te brengen om de knelpunten aan de Kerkweg aan te pakken, bij voorkeur slim gekoppeld aan (woningbouw) projecten en met bijbehorende financieringsmogelijkheden. Aanvullend monitoren we (doorgaand) vrachtverkeer in Ter Aar en specifiek de Kanaalwegen. Indien de situatie daarom vraagt, nemen we maatregelen om de verkeersveiligheid te verbeteren.

Investeren in snel Openbaar Vervoer via hoofdas N231

Wij zetten actief in op het verbeteren van Openbaar Vervoer om zo, waar mogelijk, een goed alternatief te bieden voor de auto. Hierbij zetten wij in op een snelle, hoogwaardige buslijn van en naar station Alphen aan den Rijn en naar busstation Uithoorn in aansluiting op de toekomstige tramlijn bij Uithoorn (OV-lijn 147). De OV-lijn kan versnellen door de bus over de N231 en minder door

10 Coalitieakkoord 2022-2026

de dorpen te laten rijden. We investeren mee in goed toegankelijke HUB’s (verkeersknooppunten/ overstappunten) met veilige OV-halte en (fiets-) parkeerruimte. We onderzoeken samen met de OV-aanbieder, provincie Zuid-Holland, regio en ondernemers de inzet van Mobility as a Service zoals (elektrische) deelfietsen en -scooters. We staan hierin open voor innovatieve pilots. Het openbaar vervoer moet voor iedereen toegankelijk zijn. Voor inwoners die onvoldoende goed bij de centrale halteplaatsen kunnen komen of hulp nodig hebben in het gebruik van het reguliere OV, is het een voorwaarde dat er alternatieve OV-vormen zijn, zoals servicelijnen. Wij ondersteunen initiatieven voor een buurtbus. Vanuit het GVVP zetten we in op een opwaardering van de N231 als hoofdas voor alle vervoersvormen. In de realisatie hiervan zijn wij ook afhankelijk van partner overheden. Het is realistisch om te beseffen dat de realisatie en uitvoering lange tijd vergt en veel geld kost. Dit is dus expliciet een ambitie voor de lange termijn. Om dit te bereiken moeten we wel nu deze keuze maken en zetten wij de ingezette lijn door conform de uitgangspunten in de strategische visies van de Rijn- en Veenstreek en Holland Rijnland.

Laadinfrastructuur

De komende jaren neemt het elektrisch rijden toe. Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor het

realiseren van laadinfrastructuur, waarbij we inzetten op meer proactief plaatsen. We monitoren scherp de ontwikkelingen in de markt, zoals nieuwe technologieën, en passen indien nodig het beleid hierop aan. Bij de nieuwe woonwijken nemen we laadinfra standaard mee. Om milieubewuste recreanten en toeristen gastvrij te ontvangen, zetten we in om laadvoorzieningen op openbare parkeerterreinen te plaatsen.

2.3 Versterken sociale cohesie via Integrale Kindcentra

We willen dat alle dorpen met een basisschool de onderwijsfunctie behouden, bij voorkeur in de vorm van een Integraal Kindcentrum (IKC), met een brede maatschappelijke functie. Een IKC is een ontmoetingsplek voor jong en oud, dat de sociale cohesie in het dorp versterkt. Dit concept heeft daarmee een belangrijke rol in de ontwikkeling van sterke dorpen, doordat het de leefbaarheid en vitaliteit breed ondersteunt. We gaan dus door met de ontwikkeling van IKC’s.

het nodig om projecten bij of uit te stellen, waarbij we hard toezeggen dat (mogelijk) uitstel geen afstel is. We geven het college de opdracht om externe (mede) financieringsconstructies voor de IKC’s in kaart te brengen. De ontwikkeling van een IKC vraagt een forse investering. We vragen daarom wat terug van de gebruikers: namelijk een actieve rol om het IKC echt een plek in de samenleving te geven. Als overheid pakken wij hierin een aanjagende en verbindende rol om het onderwijs sterker te verbinden met sport-, cultuur- en natuurverenigingen en samen te werken met ondernemers. Zo ontstaan nieuwe vormen van leren en ontspannen, die aansluiten op de leefomgeving van kinderen en bijdragen aan een ‘Rijke Schooldag’.

De overspannen bouwmarkt, inflatie en beperkte financiële ruimte, vragen om realistisch te blijven. Om de gevolgen van de stijgende bouwkosten in toom te houden, is het mogelijk dat we plannen of projecten moeten bijstellen. Aan de hand van een dilemmanota zullen wij aan de gemeenteraad keuzes voorleggen om kosten te beheersen, bijvoorbeeld door andere materialen te gebruiken of duurzaamheidsambities bij te stellen. Mogelijk is

11

Hoofdstuk 3

BLOEIENDE ECONOMIE

2.4 Vrije tijd

Sporten en bewegen is goed voor een fit en gezond gevoel. Onze groene omgeving nodigt uit om buiten te bewegen. Dit willen wij verder versterken met de aanleg van extra wandelpaden, voorzien van watertappunten, zodat inwoners een rondje kunnen wandelen. We vergroenen de openbare ruimte verder met bomen, bloemrijke bermen en bloembakken. We motiveren inwoners om nét een stapje actiever te worden met behulp van uitdagende beweegroutes en beweegplekken.

Het Papeneiland in Langeraar is een succes en fungeert als vliegwiel om de potentie van de Langeraarse Plassen beter te benutten. Wij dagen inwoners, verenigingen en ondernemers uit de krachten te bundelen om ook Langeraar neer te zetten als recreatief waterdorp en zo het centrum aantrekkelijker te maken. Wij denken graag mee in kansen en stimuleren en motiveren ondernemers en andere stakeholders om de Langeraarse Plassen nadrukkelijker onder de aandacht te brengen.

Toegankelijke plassen, vooral voor de inwoners

Waterrecreatie Nieuwkoop en Langeraar

Nieuwkoop is onlosmakelijk verbonden met water. We vinden het belangrijk dat inwoners kunnen genieten van de plassen. Een groot deel van de Nieuwkoopse plassen is beschermd natuurgebied. Dit heeft impact op de omliggende vaarten en sloten. We zetten daarom in op actief maaibeleid, zodat de sloten bevaarbaar blijven en breiden vaarroutes uit waar mogelijk. Voor een gevarieerd aanbod aan wateractiviteiten, passend bij de natuurwaarden, zoeken we mogelijkheden om andere watersporten beter te faciliteren. Via het beheerplan recreatieve voorzieningen reserveren we budget voor het onderhoud en toevoegen van voorzieningen. In Noorden is behoefte aan zwemlocaties. We vragen het college mogelijkheden hiervoor in kaart te brengen en in deze inventarisatie ook (natuur)ontwikkelgebieden als Ruygeborch (II) en Noordse Buurt mee te nemen.

12 Coalitieakkoord 2022-2026

Naast het verbeteren van de toegankelijkheid van de plassen voor onze inwoners, zetten wij ook in op het stimuleren van waterrecreatie en -toerisme. De Nieuwkoopse en Langeraarse plassen zijn onderdeel van het Hollandse Plassengebied. Samen met andere plassengemeenten en de provincie Zuid-Holland investeren wij in vaar- en cultuurarrangementen en een smart waternetwerk. Zo zorgen we voor gastvrij en beleefbaar water. In relatie tot de natuurwaarden en de opgave om stikstof en CO2 terug te dringen, zetten wij in op duurzame waterrecreatie. In Hollandse Plassenverband stimuleren we het plaatsen van laadpalen voor E-sloepen op openbare aanlegplaatsen, zodat een netwerk aan laadpalen ontstaat. Om Nieuwkoop beter toegankelijk te maken voor (e-) sloepen, zoeken wij naar kansen voor nieuwe vaarverbindingen, zoals de Drechtdoorsteek. De provincie(s), buurgemeenten en Natuurmonumenten zijn hierin belangrijke samenwerkingspartners.

In ons toekomstbeeld voor Nieuwkoop zien wij sterke dorpen die bruisen van de activiteit. Dorpen met creatieve ondernemers in aantrekkelijke centra en een eigen identiteit waar onze inwoners en toeristen graag samenkomen. Initiatieven en ontwikkelingen vanuit de samenleving om dorpen vitaler te maken, pakken we samen op, maar nemen we niet over. In de uitvoering pakken wij door op die projecten die meerwaarde hebben voor de dorpen en bijdragen aan krachtige centra. Ook als misschien nog niet iedereen die positieve effecten ziet. Kortom: wij gaan de komende jaren voor krachtige, vitale dorpscentra met een goed voorzieningenniveau, passend bij het betreffende dorp.

3.1 Economie binnen de dorpen Winkelcentra en detailhandel

In deze economisch onzekere tijden zijn nu maatregelen nodig. In uitvoering op de Detailhandelsnota, focussen wij op versterking van de dorpscentra. Dit houdt in dat nieuwe detailhandelen dienstverlenende winkels zich alleen nog kunnen vestigen in het centrum van een dorp. Zo krijgen onze ondernemers de ruimte om te ondernemen en onze inwoners het gezellige centrum waar ze graag komen.

Ons uitgangspunt is het versterken van dorpscentra door winkels te centreren. Wij realiseren ons dat verkopen of dienstverlening al lang niet altijd meer in winkels of kantoorgebouwen gebeurt. Steeds vaker werken mensen vanuit huis of starten een (internet)onderneming. Dit blijft natuurlijk mogelijk voor ondernemers zonder personeel. Is het bedrijf succesvol en groeit het door?

Centrumontwikkeling Nieuwkoop en Ter Aar

Voor Nieuwkoop en Ter Aar is de afgelopen bestuursperiode gewerkt aan een centrumplan. Het Reghthuysplein ontwikkelen we samen met stakeholders en ondernemers door tot (water gerelateerd) toeristisch winkelcentrum. Deze zomer start een pilot om het Reghthuysplein autoluw te maken en in te richten met (permanente) terrassen. Als de pilot succesvol is, zijn alternatieve parkeerplekken nodig. Een parkeervoorziening in het centrum van Nieuwkoop heeft hoge prioriteit, ook om te zorgen dat het centrum en nieuwe woningbouw daarin, in de toekomst goed bereikbaar blijft. Hiervoor reserveren we budget. Wij vragen het college de mogelijkheden voor een parkeervoorziening langs de Achterweg uit te werken, samen met betrokken stakeholders. Om het historische centrum nog aantrekkelijker te maken, bespreken we met betrokken ondernemers en vastgoedeigenaren de functie van leegstaande of verwaarloosde panden. Mogelijk biedt een leegstandverordening hierin meerwaarde. Om de centrumontwikkeling tot een succes te maken, is het een vereiste dat ondernemers, stakeholders en partners samen actief aan de slag gaan.

Dan verplaatst het bedrijf zich naar de daarvoor bestemde locaties, zoals een bedrijventerrein of dorpscentrum. Uitzonderingen gelden voor locatie gebonden bedrijven. We faciliteren de ontwikkeling van kleinschalige kantoorruimte in de centra waar ZZP’ers, flexwerkers en bijvoorbeeld studenten een werkplek kunnen reserveren. Wij zien in dit concept ook kansen om dit te combineren met bijzondere woonvormen.

13

Koop lokaal We stimuleren inwoners en bedrijven om lokaal te kopen. Dit versterkt onze economie. Door de herkomst van producten lokaal te branden, is lokaal kopenook aantrekkelijk voor toeristen. Bovendien helpt het in de duurzaamheidsambities: door lokale producten te kopen, verkleinen we de CO2-footprint.

Ondernemers geven aan behoefte te hebben aan uitbreiding van de bedrijventerreinen. Wij staan hiervoor open, mits kleinschalig, bij bewezen behoefte, en aansluitend op de huidige terreinen. We vragen het college een integraal onderzoek uit te voeren naar de behoefte en kansen voor het optimaliseren en zo nodig uitbreiden van de huidige terreinen, met een kader voor duurzame invulling van lege of ‘achterlaat’ plekken op de terreinen.

Recreatie en toerisme Weekmarkten

Voor de herstructurering van het Lindeplein in Ter Aar is samen met ondernemers een centrumvisie uitgewerkt. De bouw van 44 huurappartementen op De Vlinder-locatie, inclusief horeca, maakt onderdeel uit van deze visie. Via een partnerselectie hebben ontwikkelaars de mogelijkheid een passend plan in te dienen. In het eerste kwartaal van 2023 is meer bekend over de uitvoeringsmogelijkheden en maken we een definitieve scenariokeuze. Uitgangspunt hierbij is dat De Vlinderlocatie zo snel mogelijk wordt ingevuld. In het maken van keuzes voor het centrum, houden wij hier nadrukkelijk rekening mee. Om het centrum aantrekkelijk en goed bereikbaar te houden, ook met het oog op de extra woningen, investeren wij in een groen, goed ingericht openbaar gebied rondom het centrum. Hier reserveren wij budget voor.

De centrummanager ondersteunt en faciliteert bij de centrumplanontwikkeling. De centrummanager heeft hierbij focus op de uitvoering van de centrumplannen. Gezien de positieve resultaten, worden deze werkzaamheden voortgezet. Om de centra te versterken benutten we kansen in de publiek-private samenwerking.

14 Coalitieakkoord 2022-2026

Centra Nieuwveen, Langeraar, Zevenhoven en Noorden

Door een aantal private ontwikkelingen, wordt het centrum van Nieuwveen ook versterkt. Wij dragen bij aan de centrumontwikkeling door het Weteringplein en Dorpsplein actief met elkaar te verbinden door een slimme, groene, inrichting van de openbare ruimte. Zo creëren we met elkaar een toekomstbestendig centrum met levensvatbare winkels, waar de inwoners van Nieuwveen trots op kunnen zijn. We geven ruimte aan initiatieven vanuit ondernemers en de samenleving die het centrum verder versterken en verlevendigen. We denken hier graag in mee. In Langeraar komt er een fors aantal woningen bij en zal het te bouwen IKC een impuls geven aan het dorp. Vanuit de samenleving is de wens geuit om ook het winkelcentrum De Strooplikker te versterken. Door de uitbreiding van het dorp moet het mogelijk zijn om de huidige voorzieningen te behouden en mogelijk uit te breiden door de aantrekkelijke ligging aan de plassen te benutten. Wij geven initiatiefnemers alle ruimte in de uitvoering van plannen en denken graag mee in de mogelijkheden. Dit doen wij ook bij initiatieven uit andere dorpen zoals Noorden en Zevenhoven.

Een weekmarkt draagt bij aan leefbare, gezellige kernen. Omdat het aanbod op markten schaarser wordt, zoeken we mogelijkheden om marktverkopers te blijven faciliteren. In het verlengde van de weekmarkten hebben we ook aandacht voor het standplaatsenbeleid. Wij zetten in op vergunningen voor langere tijd. Dit geeft zekerheid aan zowel de ondernemer als inwoner en recreant. Hierbij houden we rekening met (Europese) wet- en regelgeving over schaarse vergunningen. Omdat het aanbod aan winkels verschilt per dorp, kijken we in de vergunningaanvraag of de verkoop een toegevoegde waarde biedt aan het dorp of in het belang is voor recreatie en toerisme. Zo voorkomen we een te eenzijdig aanbod.

Bedrijventerreinen

De recreatieve sector is een economische motor in ontwikkeling en neemt een steeds prominentere plek in onze economie in. Meer recreatie- en toerisme is goed voor onze economie en blijven we actief stimuleren. Onder andere door Nieuwkoop Marketing te blijven ondersteunen met het huidige budget. Het speerpunt is recreatie met beleving op en rond het water. We vragen het college om op basis van het Recreatie- en Toerisme beleid een uitvoeringsagenda op te stellen met concrete acties. Daarnaast geven we het college de opdracht om de mogelijkheden voor de invoering van toeristenbelasting te inventariseren en in kaart te brengen wat de daadwerkelijk toegevoegde waarde en impact hiervan is voor de Recreatie en Toerismebranche. Wij zien kansen om de mogelijke belasting in te zetten ten gunste van de branche, zoals de (mede) financiering van de marketing en ondersteuning van recreatieondernemers met zo min mogelijk administratieve lasten.

Vanuit de bedrijventerreinenstrategie zetten wij in op het herstructureren en intensiveren van de bedrijventerreinen. We ondersteunen initiatieven vanuit de ondernemers om de terreinen te optimaliseren, bijvoorbeeld door te verduurzamen, vergroenen en slimme inrichting van de openbare ruimte. Parkmanagement bevordert breed gedragen ideeën onder ondernemers. Op basis van succesvolle ervaring met een parkmanager, stimuleren wij de inzet hiervan bij alle bedrijventerreinen. Een parkmanager kan bijvoorbeeld gefinancierd worden vanuit het ondernemersfonds. Waar nodig denken wij als gemeente hierin mee.

15

3.2 Economie buiten de dorpen

Het Groene Hart kenmerkt zich door de open polders, molens en koeien en schapen in de wei. Een beeld dat onder druk staat door onder andere de stikstofproblematiek en bodemdaling. Deze grote maatschappelijke opgaven moeten worden opgelost. Dit betekent dat het buitengebied er anders uit komt te zien. Door het landelijk gebied toekomstbestendig in te richten, blijft er ruimte voor innovatieve teelt en open polders met koeien. Behoud van de agrarische sectoren is mogelijk met duidelijk perspectief en aanvullende economische verdienmodellen.

Perspectief voor de glastuinbouw

De glastuinbouw heeft bijzondere jaren achter de rug. Door de Covid-19 periode waren de eerste zes weken voor de sector moeilijk door de exportbeperking. Juist in deze coronaperiode is echter ook de waardering voor planten en bloemen toegenomen en heeft een groot deel van de sector de pandemie goed doorstaan. Momenteel lopen de kosten sterk op door de stijgende energie- en gasprijzen, de inflatie en exportbeperkingen richting Rusland. Greenportonderzoek toont aan dat het aantal vierkante meters aan glas (sterk) afneemt en dat specialisatie in bijzondere ent-technieken en andere nichemarkten kansrijker wordt. De sector laat veel veerkracht, innovatie en flexibiliteit zien, onder andere op het gebied van experimentele teelt en energie-innovatie. Specifiek voor de Nieuwkoopse situatie werken we samen met de ondernemers en belanghebbenden aan een visie op de maatwerkgebieden. Op basis van deze visie vragen we het college een kader uit te werken dat perspectief biedt aan de glastuinbouwondernemers. Door samen het gesprek aan te gaan, zoeken we kansen en mogelijkheden voor deze groep ondernemers. Bij mogelijke herinrichting van deelgebieden of percelen, betrekken we ook de inwoners. Na sanering in de Noordse Buurt, de transformatie aan de Paradijsweg (natte kant), Vrouwenakker, het Nieuwveens jaagpad (eerste deel) en de verwachte inperking van de glastuinbouw in de maatwerk

16 Coalitieakkoord 2022-2026

gebieden, vinden wij dat een verdere versterking en concentratie van de glastuinbouw in het gebied Nieuw Amstel Oost (1a en b) als optie openblijft. In de tuinbouwconcentratiegebieden kijken we op basis van maatwerk naar mogelijkheden voor creatieve, tijdelijke woonvormen op percelen.

Glastuinbouw als vliegwiel voor de energietransitie

De sector kenmerkt zich door actieve inzet met betrekking tot de energietransitie, met name in de gecentraliseerde glastuinbouwgebieden. In ons veelal meer versnipperde glastuinbouwgebied zijn innovatieve ontwikkelingen ingewikkelder. Onze tuinders zoeken alternatieve modellen om versneld van het gas af te gaan en duurzaam te verwarmen. De sector vormt daarmee een belangrijk vliegwiel voor de energietransitie. Vanuit onze gemeentelijke rol op het gebied van ruimtelijke ordening, trekken wij hier samen met de ondernemers in op.

Landbouwsector: nieuw toekomstperspectief in relatie tot de stikstofaanpak Het terugdringen van stikstof is één van de grote maatschappelijke thema’s van Nederland. Voor Nieuwkoop zijn vier grote sectoren (voornamelijk) verantwoordelijk voor de uitstoot aan stikstof.

Dit zijn de landbouwsector, de luchtvaart, de scheepvaart en de industrie. Om te voldoen aan de instandhoudingsdoelen van Natura 2000 gebieden en het stikstofgevoelige veenmos rietland te beschermen, is het nodig dat de uitstoot van stikstof daalt naar de kritische depositie waarde en uitstoot van ammoniak drastisch wordt verminderd. We werken met andere overheden samen aan deze doelstellingen via de ‘Gebiedsgerichte aanpak Nieuwkoopse Plassen’. De agrarische sector is onmisbaar voor onze voedselvoorziening en het beheer van het landschap. Wij vinden het daarom belangrijk dat ons gebied agrarisch blijft, al is transitie van de landbouw noodzakelijk. Om de instandhoudingsdoelen te behalen, stikstof en ammoniak te reduceren en bodemdaling tegen te gaan, is het (vrijwillig) verplaatsen of laten stoppen van agrarische bedrijven één van de middelen. Het Rijk stelt hier veel geld voor beschikbaar. Wij zetten vooral in op een nieuw perspectief op de landbouw, met (zeer) extensieve veehouderij als uitgangspunt in combinatie met een alternatief verdienmodel. Hierin zijn veel opties mogelijk, waarover wij meedenken met de ondernemer.

We ondersteunen de agrariërs in de opgave door te bemiddelen tussen andere overheden en het begrijpelijk maken van ingewikkelde wet- en regelgeving of subsidiemogelijkheden. In aanvulling op het Rijksbeleid geven we het college de opdracht om een realistische visie ‘Nieuw perspectief op de landbouw’ uit te werken, die perspectief biedt aan onze ondernemers, het gebied in transitie brengt en waarbij agrarisch ondernemen, natuur(herstel), wonen, recreatie en de energietransitie hand in hand gaan. Samen zoeken we naar de beste kansen voor het gebied.

Luchtvaart

Naast landbouw is ook de luchtvaart een grote veroorzaker van een overschot aan stikstofneerslag. De luchtvaart blijft in de stikstofaanpak echter vaak onder de radar. Zeker voor ons Natura 2000 gebied is het van belang dat hier nadrukkelijk aandacht voor komt, onder andere in de gebiedsgerichte aanpak. Het college moet hier aandacht voor blijven vragen. De toename van het vliegverkeer zorgt ook voor negatieve gezondheidseffecten door geluidoverlast. In 2023 wordt het nieuwe Luchtruimte Indelingsbesluit vastgesteld, welke in de huidige vorm grote impact heeft voor de ontwikkelingen in Nieuwkoop door geluidscumulatie.

17

De toename van het vliegverkeer zorgt ook voor negatieve gezondheidseffecten door geluidoverlast. In 2023 wordt het nieuwe Luchtruimte Indelingsbesluit vastgesteld, welke in de huidige vorm grote impact heeft voor de ontwikkelingen in Nieuwkoop door geluidscumulatie.

3.3 Opgaven in relatie tot de arbeidsmarkt Op weg naar werk

Er is een groot tekort aan arbeidskrachten. Ondanks de krapte op de markt, zien wij dat er nog kansen onbenut blijven. Bijvoorbeeld door mensen in te zetten met een achterstand tot de arbeidsmarkt. Soms is het lastig om de juiste plek of de juiste functie te vinden. Wij gaan daarom op zoek naar instrumenten om deze mensen terug naar het werk te begeleiden. Wij stimuleren daarom een betere samenwerking tussen Rijnvicus en ondernemers. Daarnaast zien we kansen om het onderwijsaanbod beter aan te laten sluiten op het lokale bedrijfsleven. We zien hierin een rol voor de ondernemers zelf. We bespreken we graag met elkaar de mogelijkheden en concrete acties, zoals de organisatie van beroepentuinen, werkbeurzen en buddy-trajecten.

Huisvesting arbeidsmigranten

Speciale aandacht in dit akkoord geven wij aan de huisvesting van arbeidsmigranten. Hier ligt een grote en ingewikkelde regionale opgave waar elke gemeente een taak in heeft. Het aantal arbeidsmigranten dat woonruimte nodig heeft is groot. Een oplossing is niet eenvoudig, ook omdat veel arbeidsmigranten niet geregistreerd staan. Om zo snel mogelijk arbeidsmigranten te huisvesten, zetten wij in op tijdelijke woonvormen. Om te beoordelen hoe dit het beste werkt en waar dit het beste kan, geven wij het college opdracht om twee pilots te starten met flexwoningen, bij een (agrarische)ondernemer en op een bedrijventerrein. We zetten in op betere registratie van arbeidsmigranten, om meer grip te krijgen op de problematiek, waaronder misstanden in de huisvesting en uitbuiting. Hierbij monitoren we de actualiteit, zoals bijvoorbeeld het effect van de oorlog tussen Rusland en Oekraïne op de arbeidsmigrantenstroom.

3.4 Economie algemeen Ondernemersfonds

Nieuwkoop kent een ondernemersfonds. Aan dit fonds dragen ondernemers af ten behoeve van gedragen initiatieven ter versterking van de lokale economie. Wij zien kansen om vanuit het ondernemersfonds ontwikkelingen die de lokale economie stimuleren, georganiseerd aan te pakken. Als dienstverlenende overheid hebben wij hierin een faciliterende rol en vragen het college om de toegevoegde waarde van het fonds te evalueren en het bestuur te ondersteunen om het draagvlak onder ondernemers te verhogen.

MKB-toets

De komende bestuursperiode zetten wij actief in op verbinden en samenwerken met de brede samenleving om gebruik te maken van elkaars kennis en kunde. Wij zien interessante mogelijkheden om het bedrijfsleven te betrekken bij gemeentelijk beleid, door ondernemers gevraagd advies te laten geven op voorgenomen beleid, een zogeheten MKBtoets. Door beleidsnota’s vanuit een economisch perspectief te laten toetsen, ontstaat meer interactie, een bredere samenhang en kunnen nieuwe kennisclusters ontstaan. We geven het college de opdracht om de mogelijkheden van een MKB-toets te inventariseren en, als ondernemers dit ook willen, hiervoor een pilot te starten.

18 Coalitieakkoord 2022-2026

Economie in de toekomst De economie verandert continue. Door globalisering (en juist nu weer een trend naar lokaal produceren), verdergaande digitalisering en automatisering verandert de manier van ondernemen en werken. Bovendien vragen de grote maatschappelijke opgaven, zoals bijvoorbeeld de energietransitie, om een ander soort kennis. Hier moeten ook opleidingen op worden aangepast. Samen met ondernemers willen wij inzichten ophalen op wat de veranderende economie betekent voor de situatie in Nieuwkoop en wat ‘onze’ banen van de toekomst worden.

19

Hoofdstuk 4

EEN GEZOND LEVEN Verenigingen in hun kracht

Gezonde inwoners vormen een onmisbare schakel in een leefbare en sterke gemeente. Mensen die zich gezond en fit voelen, dragen actief bij aan de samenleving en ondersteunen de economie. Door de sterke verbondenheid binnen de dorpen, voelen minder mensen zich eenzaam en staan minder mensen buiten de samenleving. In een maatschappij die steeds individualistischer wordt, willen wij, zeker na de Covid-19 pandemie, de sociale verbinding verder versterken. Binnen het sociaal domein focussen we op een gezond leven, kansengelijkheid en bestaanszekerheid. Zo investeren we in een vitale en inclusieve samenleving. Met e en overkoepelende visie op het sociaal domein maken we de gemeente klaar voor de toekomst, waarbij we actief inzetten op een gezond leven. We vragen het college op basis van de gezondheidsvisie een uitvoeringsagenda op te stellen, met aandacht voor sport, aandacht voor elkaar, creativiteit, cultuur, samenzijn, een groene omgeving en gezonde voeding. Wij zien kansen om het brede palet aan preventiemaatregelen actief met elkaar te verbinden

20 Coalitieakkoord 2022-2026

4.1 Positieve gezondheid met behulp van een actief verenigingsleven

In Nieuwkoop gaan we uit van positieve gezondheid. We kiezen ervoor om lokaal het verschil te maken in het preventieve veld. In de huidige gezondheidsnota is aandacht voor preventie, onder andere om alcoholmisbruik terug te dringen en roken te ontmoedigen. Aanvullend willen we in het preventiebeleid extra aandacht voor de mentale gezondheid. Mensen die niet lekker in hun vel zitten, zich eenzaam of verdrietig voelen of veel stress ervaren, zijn vatbaarder voor ziekten. Het voorkomen hiervan is belangrijk, ook om de blijvend stijgende zorgkosten terug te dringen. Als overheid stimuleren en faciliteren wij initiatieven die bijdragen aan een betere (mentale) gezondheid van de brede samenleving. Voorbeelden zijn ‘welzijn op recept’ via de huisartsen en een actieve, betere samenwerking tussen instanties in de eerstelijnszorg. In de preventie willen wij met behulp van een concrete uitvoeringsagenda de (mentale) gezondheid stimuleren door het belang van een gezonde levensstijl onder de aandacht te brengen en de resultaten van de acties monitoren.

Actief meedoen in de samenleving helpt om problemen als eenzaamheid of een laag zelfbeeld te voorkomen. Verenigingen spelen hierin een belangrijke rol. Wij dagen verenigingen uit om een bredere maatschappelijke rol op te pakken, door via onderlinge samenwerking het aanbod te vergroten en actief mensen te betrekken: iedereen is welkom en iedereen doet mee. Als wij verenigingen uitdagen om meer activiteiten, dorpsfeesten en evenementen te organiseren, moeten wij ervoor zorgen dat dit eenvoudig kan. Wij vragen het college om de aanvraagformulieren voor activiteiten en evenementen door te lichten en maximaal te vereenvoudigen waar dit kan. We zien dat veiligheidsinstanties vanuit hun rol steeds vaker activiteiten afhouden, onder andere door een tekort aan mensen. Wij willen met hen pragmatisch bespreken waar en hoe dit anders kan.

Kunst en cultuur

In relatie tot gezondheid wordt vaak gesproken over sporten en bewegen. Wij zien dit breder. Alle vormen van zinvolle vrijetijdsbesteding zorgen voor een prettig gevoel en dragen bij aan positieve gezondheid. Wij kijken daarom naar een breed aanbod op het gebied van sport en bewegen en kunst en cultuur. Laagdrempelige en betaalbare activiteiten waar iedereen aan mee kan doen en waar mensen elkaar kunnen ontmoeten op centrale, toegankelijke locaties. Wij zien hierin een rol voor de Integrale Kindcentra, het verenigingsleven, sportcomplexen en culturele instellingen. En sterk verenigingsleven is het uitgangspunt. Om de kunst- en cultuursector in onze gemeente te versterken, werken we het cultuurbeleid uit. Ook hier zien wij een kansrijke samenwerking met het onderwijs, waarin wij graag meedenken bij initiatieven. De cultuursector kunnen wij mogelijk ondersteunen met de inzet van een sport- en cultuurcoach. Als letterlijk podium van creatieve uitingen zien wij een belangrijke rol voor Kulturhus Kaleidoskoop.

Om verenigingen met elkaar in contact te brengen, van elkaar te leren en samenwerking te stimuleren, denken wij aan een verenigingsraad. Een verenigingsraad vertegenwoordigt en verbindt alle sport- en culturele verenigingen en kan helpen om onderlinge samenwerking tussen verenigingen te optimaliseren.

Integratie en inclusie

Onze dorpen zijn hecht en kennen een sterke sociale samenhang. Vanuit het uitgangspunt ‘iedereen doet mee’, hebben we blijvend aandacht voor een goede integratie van statushouders en vluchtelingen, zodat mensen onze taal leren, aan het werk kunnen en actief deelnemen aan het verenigingsleven. Aanvullend vraagt ook de inclusie van andere groepen aandacht op basis van handicap, geaardheid of culturele achtergrond. Vanuit onze overheidsrol willen we met scholen en verenigingen in gesprek over normalisatie en acceptatie. We bundelen initiatieven en acties gericht op integratie en inclusie en kijken waar we mogelijk kunnen of moeten intensiveren.

Dorpsraden

Dorpsraden hebben een belangrijke functie voor hun betreffende dorp. We zien wel verschillen tussen de dorpsraden en hun rolopvatting. Met de komst van de Omgevingswet, en bijbehorende omgevingsplannen, verandert er veel op het gebied van participatie. Daar waar nu vooral de overheid de verantwoordelijkheid heeft om mensen te betrekken bij ontwikkelingen, ligt die verantwoordelijkheid straks meer bij de initiatiefnemer zelf (inwoner of ondernemer). Wij vragen het college om samen met de dorpsraden het gesprek aan te gaan om de positie en rol van dorpsraden te bespreken als ook de samenwerking met de gemeente en mogelijke ondersteuning.

21

Zwembad De Wel

Zwembad de Wel is aan vernieuwing toe. Dit betekent een forse investering. Als waterrijke gemeente vinden wij het belangrijk dat de zwembadfunctie blijft. Op dit moment worden de voordelen van een nieuw zwembad ten opzichte van renovatie in beeld gebracht, in combinatie met een locatieonderzoek. Wij vragen het college aanvullend nieuwe exploitatievormen in kaart te brengen, met mogelijk slimme koppelingen met andere (sport)verenigingen en of de exploitatie extern belegd kan worden. Voorwaarde hiervoor is een gezonde exploitatie van het zwembad en het voldoen aan alle veiligheidseisen. Net als bij de IKC’s, zijn de blijvend stijgende bouwkosten een punt van zorg. Mogelijk is het verstandig om de renovatie of nieuwbouw uit te stellen. Daarom vragen we het college de consequenties hiervan in kaart te brengen. Net als bij de IKC’s zeggen we ook hier toe dat (mogelijk) uitstel geen afstel is. Bibliotheek doorontwikkelen tot digitaal informatiepunt - Om actief en betrokken mee te kunnen doen in de samenleving, is het belangrijk dat iedereen beschikt over de juiste (digitale) vaardigheden. Wij zien hierin een belangrijke rol voor de bibliotheek. Wij gaan met de bibliotheken bespreken hoe zij zich verder kunnen door ontwikkelen tot een eigentijds digitaal informatiepunt, passend bij de moderne samenleving en dat aansluit bij de belevingswereld van kinderen en senioren.

22 Coalitieakkoord 2022-2026

4.2 Focus op vroeg signalering en preventie in Jeugdzorg

Met betrekking tot de jeugdzorg zetten we de lijn door vanuit het koersdocument Zorg Rijn- en Veenstreek. De lange wachtlijsten en de blijvend stijgende kosten binnen de jeugdzorg blijven aandacht vragen en staan op de agenda van de Rijksoverheid. Vanuit het standpunt ‘zorgen dat’ in plaats van ‘zorgen voor’, zetten we actief in op preventie en vroeg-signalering om te voorkomen dat kinderen in de jeugdzorg terecht komen. Wij zien kansen door beter samen te werken met het onderwijs, verenigingen, instellingen en huisartsen. Voor de kinderen die toch jeugdzorg nodig hebben, willen wij gerichte hulpverlening en een zo kort mogelijke doorlooptijd. Zo kunnen kinderen weer snel goed meedoen in de samenleving. Wij vragen het college dit uit te werken naar een uitvoeringskader. Om grip te houden op de kosten, is het nodig meer inzicht te krijgen in de complexe casuïstiek van de jeugdzorg. Dit kan door data te verzamelen, te interpreteren en met professionals in de jeugdzorg te praten. Deze informatie vertalen we naar de gemeentelijke uitvoeringspraktijk. Alleen dan kunnen we zoeken naar passende oplossingen. De problematiek rondom de jeugdzorg is een landelijk probleem, waarbij we realistisch moeten zijn in wat wij lokaal kunnen oplossen. De zorgsector moet zelf ook een transitie door, wat veel tijd en geld kost.

Hier moeten hoognodig stappen in worden gezet. Wij vragen het college hierover in gesprek te gaan met de zorgsector. De kosten in de jeugdzorg kunnen niet onevenredig blijven stijgen. De bijdrage van het rijk is daarom richtinggevend. Hierbij is het uitgangspunt dat elk kind de hulp krijgt die het nodig heeft. Dit betekent dat wij het beschikbare budget gerichter gaan inzetten, namelijk op vroeg signalering, preventie en de meest effectieve hulpverlening in de gemeentelijke zorgcapaciteit. Als het budget niet toereikend blijkt, gaan we met de gemeenteraad bespreken hoe en waar we bij kunnen sturen in het beleid aan de hand van een dilemmanota. Dit uitgangspunt geldt overigens voor het brede sociale domein. Aanvullend blijven we aandacht vragen bij het Rijk om te zorgen dat gemeenten een eerlijke financiële vergoeding krijgen om de jeugdzorg uit te kunnen voeren zoals het hoort.

Vanuit de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) kunnen inwoners voorzieningen aanvragen om (langer) zelfstandig te blijven. Gezien het groeiend aantal senioren, en daarmee samenhangende benodigde ondersteuning, bestaat de kans op een tekort in het Wmo-budget. Dit wordt onder andere veroorzaakt doordat het Rijk de huishoudelijke hulp vanuit de Wmo inkomensonafhankelijk heeft gemaakt. Wij zijn van mening dat inwoners die huishoudelijke hulp zelf kunnen betalen en wel aanspraak maken op de maatschappelijke gelden, soms onnodige druk leggen op het zorgbudget. Wij volgen actief de landelijke discussie om de huishoudelijke hulp inkomensafhankelijk te maken.

4.3 Maatschappelijke ondersteuning

De komende decennia neemt de vergrijzing in Nieuwkoop toe. We ondersteunen de zelfstandigheid van senioren en ook andere inwoners met een hulpvraag door actief te sturen op preventie, de sociale cohesie te versterken, aangepaste woonvormen te realiseren en te zorgen voor een inclusieve openbare ruimte. Ook gaan we door met de welzijnsbezoeken, niet alleen voor senioren maar voor iedereen die hier behoefte aan heeft. De bezoeken dragen bij aan een gezond leven en helpen om bijvoorbeeld het gevoel van eenzaamheid te verminderen.

23

Hoofdstuk 5

Mantelzorg

Onze samenleving kent veel mantelzorgers. Zij verzetten veel werk, bijvoorbeeld door klusjes of boodschappen te doen voor een (oudere) buurtbewoner. Veel mantelzorgers zetten zich ook in voor een naaste, bijvoorbeeld de verzorging van een zieke partner, de zorg voor ouders of een gehandicapt kind. Deze langdurige ondersteuning geeft een mentale druk bij de mantelzorger. Door de toenemende vergrijzing zal het aantal mantelzorgers naar verwachting alleen maar verder toenemen. Wij vinden dat er meer aandacht moet zijn voor hun welzijn. Door actief het gesprek aan te gaan, kunnen we op tijd doorverwijzen naar instanties als het mantelzorgsteunpunt. Zo dragen we bij aan het voorkomen van (psychische) problemen bij de mantelzorger.

Armoedebestrijding en schuldhulpverlening

Door de hoge energieprijzen en stijgende inflatie hebben inwoners en ondernemers minder te besteden. De landelijke overheid biedt regelingen om minder draagkrachtigen te ondersteunen. Wij brengen deze regelingen actief onder de aandacht, zodat inwoners weten hoe zij financieel ondersteund kunnen worden. Wij vragen verenigingen en onderwijs hier ook hun maatschappelijke rol in op te pakken om mogelijke armoede te signaleren en dit bespreekbaar te maken. De overheid kan niet alle tekorten compenseren. Gelet op de bijzondere omstandigheden willen we aanvullende maatregelen in kaart brengen om die inwoners te kunnen ondersteunen die dit het hardste nodig hebben. We zijn hierin creatief en vragen het college om verschillende financiële ‘potjes’ slim te koppelen, in samenwerking met charitatieve instellingen.

DUURZAAMHEID EN ENERGIETRANSITIE Het Rijk heeft Nederland verdeeld in zogenaamde RES-regio’s (Regionale Energie Strategie) om CO2 uitstoot in 2030 te halveren. In juni 2021 is de Regionale Energie Strategie 1.0 vastgesteld. De RES 1.0 vormt de basis voor het verduurzamingsplan voor onze RES-regio Holland Rijnland. Het komende jaar werken we zoekgebieden- en locaties uit voor duurzame opwek. Dit wordt vastgelegd in de RES 2.0. Deze bestuursperiode werken we dus regionaal door aan de energiestrategie. Daarnaast voeren we de lokale ambities uit. Ons uitgangspunt is maximale inzet op zon-op-daken en het isoleren van woningen.

Energieloket

Door woningen beter te isoleren, kan veel energie worden bespaard. Hier is nog veel te winnen, zeker bij (sociale) huurwoningen. Hier maken wij met de woningbouwcorporaties prestatiegerichte afspraken over. Aanvullend stimuleren wij inwoners, ondernemers en verenigingen om maatregelen te nemen. Een energieloket en/of energiewinkel kan hierin faciliteren, bijvoorbeeld in de aanvraag van een subsidieregeling vanuit de Rijksoverheid. Een energieloket kan ook ondersteunen bij wijkgerichte aanpakken. We willen een Energieloket inrichten, eventueel(sub)regionaal via Holland Rijnland of de Rijn- en Veenstreek. Gekoppeld aan het energieloket zien wij ook kansen in een platform, waar (lokale) ondernemers, stakeholders en energiepartners kennis delen, elkaar inspireren via een innovatiekalender en gezamenlijk kansrijke projecten opstarten. Ook dit zou regionaal ingevuld kunnen worden.

24 Coalitieakkoord 2022-2026

5.1 Energie opwek- en duurzaamheidsambities

Zoals is vastgesteld door de gemeenteraad gaan we door op de koers om de RES 1.0 door te ontwikkelen naar de RES 2.0 en om genomen besluiten uit te voeren. Op basis van maatwerk staan we op aanvraag kleine windmolens toe voor (agrarische) bedrijven en ondernemers. Door de oorlog tussen Rusland en Oekraïne is de energietransitie complexer en urgenter geworden. Overal in Europa is er een beweging om versneld van het gas en (op termijn) olie af te komen. Het opwekken van (grootschalige) energie is daarmee nog belangrijker geworden. We blijven de actuele ontwikkelingen in de wereld monitoren en acteren op wat nodig is en passen indien nodig beleid hierop aan. Dit vraagt lef, maar kan simpelweg nodig zijn om ervoor te zorgen dat de energie bereikbaar en betaalbaar blijft.

In de energietransitie zijn wij sterk afhankelijk van de energieleveranciers en netbeheerders. Wij blijven actief in gesprek met de energieleveranciers en netbeheerders om te waarborgen dat ook in het landelijk gebied voldoende en betaalbare elektriciteit beschikbaar blijft en inwoners een keuzemogelijkheid hebben.

25

5.2 Een beter milieu door afvalscheiding

De afgelopen raadsperiode is voor de afvalinzameling overgestapt op het Diftar systeem. Het Diftar-systeem helpt aantoonbaar in het verminderen van afval. Het is een feit dat afvalverwerkingskosten zijn gestegen. Wij vinden dat de kosten en baten in balans moeten blijven. Deze balans bestaat uit vier factoren, namelijk kosten voor de inwoner, efficiëntie van het systeem, effect op het milieu en de afweging van mogelijke overstap in relatie tot gemaakte kosten voor het Diftar systeem.

Ambities en doelstellingen passen wij aan op het Rijksbeleid

Nieuwkoop is als groene gemeente realistisch in haar duurzaamheidsambities. Vanzelfsprekend gaan wij door met de lopende en geplande activiteiten vanuit het duurzaamheidsprogramma en de warmtevisie. De veranderende situatie met betrekking tot gasleveringen, de capaciteitsproblemen bij de energiebedrijven en de inflatie in relatie tot beperkte gemeentelijke financiën, zorgen ervoor dat wij realistisch naar onze ambities moeten kijken om het betaalbaar te houden. We stemmen onze stappen af op het Rijksbeleid en het bijbehorende maatregelenpakket. We hebben mooie innovaties ruimte gegeven, waaronder het gebruik van effluentwater om het bedrijventerrein Schoterhoek II en zwembad De Aarweide innovatief te verwarmen. Waar mogelijk breiden we het gebruik hiervan uit, bijvoorbeeld naar de woonwijk Teylerspark II. Technologische innovaties veranderen snel. We monitoren deze ontwikkelingen actief en springen in waar dit kan, al dan niet via pilots. We faciliteren gezamenlijke initiatieven van inwoners, verenigingen en ondernemers die bijdragen aan versnelling van de transitie. Innovatieve kansen die helpen bij het versnellen van de energietransitie en bijdragen aan betaalbare energie, ondersteunen wij maximaal.

26 Coalitieakkoord 2022-2026

Er wordt op allerlei terreinen veel geïnvesteerd in verduurzamen. Het effect van de investering is daarbij niet altijd duidelijk. Dragen de maatregelen aantoonbaar bij aan de CO2-reductie? Om ons budget effectief en efficiënt in te zetten, investeren wij in CO2 impact analyses om te zien wat het daadwerkelijke rendement van een gemeentelijk initiatief is op energiewinst en klimaat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwkoop&id=a926d9dd-b79e-46a1-aaf6-d5a06639e5ad