Begroting 2024-2027 - Raadsversie
Tekst van het document
37
%
71,8 (2020)
75,5 (2022)
72,5 (2022)
CBS arbeidsdeelna me
Aantal per 10.000 inwoners
154,5 (2021)
154,5 (2021)
277,7 (2021)
CBS Participatiewet
Aantal per 10.000 inwoners
60 (2020)
75,7 (2022)
192,0 (2022)
CBS Participatiewet
% van alle jongeren tot 18 jaar %
10,9 (2021)
13,6 (2022)
13,2 (2022)
CBS Jeugd
1 (2021)
1,1 (2022)
1,2 (2022)
CBS Jeugd
%
-
-
-
geen data bekend
Programmabegroting 2024-2027 Cliënten met een maatwerkarrang ement Wmo
Aantal per 10.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroe p. Een maatwerkarran ge-ment is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmogegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 327 deelnemende gemeenten
Aantal per 10.000 inwoners
580 (2021)
Cijfers op basis van 'Waar staat je Gemeente' per 15-9-2023. Dashboards Niet van toepassing.
580 (2022)
682 (2021)
38
CBS - Monitor Sociaal Domein WMO
Programmabegroting 2024-2027
39
2.3.5 Verbonden partijen Wij werken samen met andere overheden in een aantal gemeenschappelijke regelingen: • Gemeenschappelijke regeling Holland Rijnland • Hecht • Regiotaxi Holland Rijnland Voor een toelichting, zie 3.6 Paragraaf verbonden partijen
2.3.6 Financieel overzicht Rekening Thema
Begroting
Raming
2022
2023
2024
2025
2026
2027
Zorg en leefstijl Werk en inkomen Vrije tijd en cultuur Onderwijs en ontwikkeling Vastgoed Sociaal domein
10.076 7.379 2.264 9.533 3.366
15.834 6.711 3.988 10.097 3.495
14.874 5.949 3.100 9.781 3.490
15.330 5.945 3.029 8.562 3.446
11.781 5.945 3.008 8.563 3.820
11.839 5.945 2.997 8.664 3.994
Totaal Lasten
32.618
40.125
37.194
36.312
33.117
33.439
Zorg en leefstijl Werk en inkomen Vrije tijd en cultuur Onderwijs en ontwikkeling Vastgoed Sociaal domein
-3.289 -3.840 -773 -430 -775
-4.589 -3.772 -921 -430 -679
-4.645 -3.772 -946 -303 -679
-4.912 -3.772 -946 -303 -679
-1.480 -3.772 -946 -303 -679
-1.536 -3.772 -936 -303 -727
Totaal Baten
-9.107 23.512
-10.391 29.735
-10.345 26.847
-10.612 25.700
-7.180 25.937
-7.274 26.165
Toevoeging reserve
4.847
3.509
3.776
3.882
172
Onttrekking reserve
-1.393
-3.422
-981
-338
-338
-508
Saldo mutaties reserve
3.454
88
2.795
3.544
-166
-508
26.967
29.823
29.642
29.244
25.771
25.657
Lasten
Baten
Totaal saldo van lasten en baten
Geraamd resultaat
Programmabegroting 2024-2027
40
2.3.7 Financiële toelichting Thema Zorg en leefstijl € 936.000 lagere lasten • De middelen ad € 324.000 voor statushouders die onder de oude Wet Inburgering vallen zijn via de Decemberwijziging 2022 overgeheveld naar 2023. Per statushouder wordt door het rijk eenmalig een vast bedrag ter beschikking gesteld. Dat bedrag is bedoeld voor een periode van 3 jaar. Dat betekent dat middelen die nog niet zijn uitgegeven meegenomen moeten worden naar het volgende jaar. Tegenover deze lasten staat aan de batenkant een onttrekking aan de reserve in 2023. • In de begroting 2022 zijn extra middelen opgenomen voor de implementatie van de nieuwe contracten en innovaties in het sociaal domein. Via de Decemberwijziging 2022 is € 175.000 overgeheveld naar 2023 om verder te werken aan de doordecentralisatie van de maatschappelijke zorg, een nieuwe organisatie van jeugdhulp en aan ontwikkelingen waarvoor bijvoorbeeld externe expertise nodig is. Tegenover deze lasten staat aan de baten kant een onttrekking aan de reserve in 2023. • Via Decemberwijziging 2022 is incidenteel € 69.000 overgeheveld naar 2023 voor de aanleg van nutsvoorzieningen bij de te realiseren scheve huisjes. Tegenover deze lasten staat aan de batenkant een onttrekking aan de reserve in 2023. • De Maatschappelijke Zorg is met ingang van 2023 gedecentraliseerd.
Op basis van het herijkte rekenmodel van AEF zijn de budgetten gewijzigd, zoals reeds gemeld in de kadernota 2024. Dit leidt tot € 100.000 hogere lasten (en baten) in 2024. • Het werk dat voortkwam uit de Oekraïnecrisis is geheel met eigen personeel gedaan. Voor de begeleiding van het toegenomen aantal vluchtelingen en om werk dat is blijven liggen, gedaan te krijgen, is extra ambtelijke capaciteit nodig. Via de kadernota 2024 is daarvoor 2023 incidenteel €500.000 begroot. Hier staat een baat uit de reserve Oekraïne tegenover. • In de begroting 2023 is uit de vertaling van het collegeprogramma incidenteel € 100.000 opgenomen voor de preventieagenda gezondheid. • De lasten voor WMO begeleiding zijn in via de begroting 2023 voor het jaar 2024 € 187.000 lager begroot. • Er is sprake van € 352.000 hogere lasten als gevolg van een hogere doorbelasting vanuit de kostenplaatsen. Dit wordt veroorzaakt doordat de doorbelasting dit jaar op taakveldniveau plaatsvindt in tegenstelling tot voorgaande jaren toen de doorbelasting op productniveau plaatsvond. Dit leidt op vele plaatsen tot een verschuiving van de kosten. Dit als gevolg van de gemaakte afspraken over de vereenvoudiging van de p&c-cyclus. Per saldo leidt dit niet tot een grotere mutatie dan die van de wijziging in de geraamde salariskosten. Deze lichten wij toe bij het overzicht overhead.
€ 56.000 hogere baten • De rijksbijdrage Maatschappelijke Zorg is € 100.000 verhoogd. Zie toelichting onder lasten 1e bullit. • In 2023 is incidenteel via de Najaarsnota 2022 een SPUK van € 20.000 begroot voor het preventieakkoord. Vanaf 2024 is dit opgenomen in een brede SPUK bevordering gezondheid, sport- en beweegstimulering, cultuurparticipatie en het versterken van de sociale basis. • De rijksbijdrage inburgering is in de begroting 2022 voor het jaar 2024 € 24.000 naar beneden bijgesteld. De lasten dalen met hetzelfde bedrag. Thema Werk en Inkomen € 378.000 lagere lasten • Op basis van het amendement van de raad over de verruiming van de energietoeslag voor de doelgroep tot 130% is in 2023 een raming van €293.000 opgenomen. Hier staat een
Programmabegroting 2024-2027
•
41
onttrekking aan de algemene reserve van € 223.000 tegenover en een bedrag van € 70.000 uit de duurzaamheidsreserve. Er is sprake van € 95.000 lagere lasten als gevolg van een lagere doorbelasting vanuit de kostenplaatsen. Dit wordt veroorzaakt doordat de doorbelasting dit jaar op taakveldniveau plaatsvindt in tegenstelling tot voorgaande jaren toen de doorbelasting op productniveau plaatsvond. Dit leidt op vele plaatsen tot een verschuiving van de kosten. Dit als gevolg van de gemaakte afspraken over de vereenvoudiging van de p&c-cyclus. Per saldo leidt dit niet tot een grotere mutatie dan die van de wijziging in de geraamde salariskosten. Deze lichten wij toe bij het overzicht overhead.
Baten N.v.t. Thema Vrije tijd en cultuur € 521.000 hogere lasten • € 115.000 lagere lasten in verband met het onderbrengen van het budget buurtsportcoach in de nieuwe Spuk GALA. Dit verschil vervalt bij het verwerken van de meicirculaire 2023 (jaar 2023). • Vanuit het collegeprogramma is in 2024 €50.000 geraamd in verband met een nieuwe subsidiesystematiek. • De personeelskosten voor zwembad de Wel zijn € 104.000 hoger in 2024. De nieuwe CAO is de belangrijkste reden van deze stijging. • Er is sprake van € 427.000 hogere lasten als gevolg van een hogere doorbelasting vanuit de kostenplaatsen. Dit wordt veroorzaakt doordat de doorbelasting dit jaar op taakveldniveau plaatsvindt in tegenstelling tot voorgaande jaren toen de doorbelasting op productniveau plaatsvond. Dit leidt op vele plaatsen tot een verschuiving van de kosten. Dit als gevolg van de gemaakte afspraken over de vereenvoudiging van de p&c-cyclus. Per saldo leidt dit niet tot een grotere mutatie dan die van de wijziging in de geraamde salariskosten. Deze lichten wij toe bij het overzicht overhead. Baten N.v.t Thema Onderwijs en ontwikkeling € 316.000 lagere lasten • In 2024 zijn de kosten voor Jeugdhulp € 236.000 lager. Er was extra begroot voor de implementatie van de beoogde nieuwe werkwijze in de Rijnstreek. • Voor het Nationaal Programma Onderwijs is in 2024 € 102.000 minder begroot dan voor 2023.
• In de meerjarenbegroting werd voor 2024 € 99.000 meer begroot voor de tijdelijke huisvesting dan in 2023. Dit betekent hogere lasten op de voorziening onderwijs. • Er is sprake van € 120.000 lagere lasten als gevolg van een lagere doorbelasting vanuit de kostenplaatsen. Dit wordt veroorzaakt doordat de doorbelasting dit jaar op taakveldniveau plaatsvindt in tegenstelling tot voorgaande jaren toen de doorbelasting op productniveau plaatsvond. Dit leidt op vele plaatsen tot een verschuiving van de kosten. Dit als gevolg van de gemaakte afspraken over de vereenvoudiging van de p&c-cyclus. Per saldo leidt dit niet tot een grotere mutatie dan die van de wijziging in de geraamde salariskosten. Deze lichten wij toe bij het overzicht overhead. € 127.000 lagere baten • In 2023 is een specifieke uitkering ontvangen van € 127.000 voor de uitvoering van het Nationaal Programma Onderwijs.
Programmabegroting 2024-2027
42
Thema Vastgoed Sociaal domein Lasten N.v.t. Baten N.v.t. Mutatie reserves € 267.000 hogere toevoeging • De storting in de reserve zwembad is in 2024 € 3.000.000 ten opzichte van € 2.000.000 in 2023. • In totaal is er via de Decemberwijziging 2022 voor een bedrag van € 621.000 overgeheveld van 2022 naar 2023. • In 2023 werd € 1.458.000 gestort voor de tijdelijke huisvesting van IKC de Poel. Dit was in 2024 niet meer nodig, vandaar een lagere toevoeging voor 2024. • € 105.000 storting in de reserve onderwijshuisvesting conform RB 2020-094 dd 12 nov 2020 om in stappen van 25% toe te groeien naar de vanaf 2027 uit de realisatie van het strategisch plan huisvesting onderwijs voortvloeiende afschrijvingslasten; € 1.741.000 lagere onttrekking • In 2024 is een onttrekking aan de reserve sociaal domein opgenomen voor de dekking van extra kosten voor de jeugdzorg. Dit in verband met samenwerking met Kaag en Braassem en in de regio en daarmee eventueel samenhangende extra kosten. Het te onttrekken bedrag is €304.000. In 2023 was dit een onttrekking van €1.014.000. Toen werd extra geld onttrokken vanwege de beoogde samenwerking in de Rijnstreek en de investeringen die daardoor werden verwacht. • In 2023 is via de kadernota voor 2023 een onttrekking aan de reserve Oekraïne van €500.000 begroot om waar nodig te investeren in ambtelijke capaciteit.
• Op basis van het amendement van de raad over de verruiming van de energietoeslag is in 2023 een onttrekking aan de algemene reserve van €223.000 opgenomen en een bedrag van €70.000 uit de duurzaamheidsreserve. De totale kosten voor de uitbreiding van de regeling bedragen daarmee €293.000. • In 2023 is een onttrekking aan de reserve sociaal domein opgenomen voor de dekking van de aanbesteding opdracht ondersteuning van € 281.000
Programmabegroting 2024-2027
43
2.4 Bestuur en dienstverlening Wij staan voor een betrouwbaar bestuur: open en transparant en in samenwerking met en voor partners en onze inwoners. Wij staan voor een klantgerichte, persoonlijke en toegankelijke dienstverlening, waarbij onze inwoners, bedrijven en overige instellingen betrouwbaar, duidelijk, snel en, waar mogelijk, op maat worden bedienen.
Programmabegroting 2024-2027
44
2.4.1 Beleidsstukken Participatiebeleid 2021 Dienstverleningsconcept 2021 - 2024 Participatieverordening 2023 Beleidsplan Veiligheid en Handhaving 2023 In 2024 actualiseren we diverse beleidsnota’s zoals het Bibob-beleid, het Evenementenbeleid en het Preventie- en Handhavingsplan Alcoholwet.
Programmabegroting 2024-2027
45
2.4.2 Specifieke ontwikkelingen Uitvoering beleidsplan veiligheidsregio Hollands Midden Wat willen wij bereiken (bestuurlijk doel)? De Veiligheidsregio Hollands Midden wil de veiligheid van iedereen die in Hollands Midden woont, werkt en verblijft vergroten door crisisbeheersing en rampenbestrijding efficiënt, effectief en professioneel te organiseren. Gemeente Nieuwkoop behoort tot deze veiligheidsregio. De VHRM wil de huidige taken naar behoren kunnen blijven uitvoeren. Dit was tot nu toe mogelijk door noodzakelijke uitgaven te betalen uit onderuitputting van budgetten. Structurele financiering is nu noodzakelijk. Wat gaan wij er voor doen? Wij maken middelen vrij om gebruik te kunnen maken van deze diensten. Wat mag het kosten? € 168.000,= structureel per jaar. Wat levert het op? Een structurele financiering voor de huidige taken van de VHRM. Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) Wat willen wij bereiken (bestuurlijk doel)? De gemeente Nieuwkoop wil haar diensten zo toegankelijk mogelijk aanbieden. We gaan er voor zorgen dat onze inwoners aanvragen zowel digitaal als per post kunnen indienen. Wat gaan wij er voor doen? Wij gaan onze werkprocessen en onze website aanpassen aan deze wet- en regelgeving. Wat mag het kosten? € 50.000 incidenteel.
Wat levert het op? Alle aanvragen die inwoners of bedrijven of verenigingen bij ons doen, kunnen voortaan of per post of digitaal gaan volgens de eisen die de wet aan ons stelt . Evenementenbeleid Wat willen wij bereiken (bestuurlijk doel)? Een integraal evenementenbeleid dat transparant is op gebied van vergunningverlening en toezicht en handhaving zodat organisatoren van de evenementen duidelijke kaders hebben waarbinnen zij een evenement kunnen organiseren. Wat gaan wij er voor doen? We gaan een inventarisatie en analyse maken van beschikbare documenten, actuele vraagstukken en/of knelpunten van evenementen in de gemeente. Deze informatie halen we o.a. op door consultatie met inwoners, interne en externe partners, organisatoren van evenementen en in afstemming met de gemeenteraad. Met de bouwstenen die wij uit deze inventarisatie halen stellen we het evenementenbeleid op. Wat mag het kosten? Het opstellen van het beleid brengt geen significante kosten met zich mee. De kosten zijn gedekt vanuit de reguliere begroting
Programmabegroting 2024-2027
46
Wat levert het op? Een duidelijk evenementenbeleid waarmee organisatoren hun evenement kunnen organiseren Beleidsregels Bibob Wat willen wij bereiken (bestuurlijk doel)? Een actueel gemeentelijk beleid op basis van de wet Bevordering integroteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (wet Bibob). Wat gaan wij er voor doen? Het huidige Bibob beleid toetsen aan de wensen/eisen om de integriteit van houders en/of aanvragers van vergunningen en subsidies te toetsen bij het landelijk bureau BIBOB. In samenwerking met de politie stellen we het beleid op om zo ondermijning tegen te gaan. Wat mag het kosten? Het opstellen van het beleid brengt geen significante kosten met zich mee. De kosten zijn gedekt vanuit de reguliere begroting. Wat levert het op? Een Bibob beleid waarmee de gemeente, in samenwerking met de politie, duidelijke kaders heeft om ondermijning tegen te gaan Preventie- en Handhavingsplan Alcohol Wat willen wij bereiken (bestuurlijk doel)? Vernieuwing van het huidige Preventie-en Handhavingsplan Alcohol dat stamt uit 2014.Hiermee geven we handhavers, organisatoren van evenementen en ook horeca en verenigingen duidelijke kaders mee rondom gebruik van alcohol. Wat gaan wij er voor doen? We gaan het handhavingsplan vormgeven in samenwerking met de sociale partners, verenigingen en horeca. We gebruiken hiervoor ook de inzichten uit het gemeentelijke gezondheidsbeleid.
Wat mag het kosten? Het opstellen van het beleid brengt geen significante kosten met zich mee. De kosten zijn gedekt uit de reguliere begroting. Wat levert het op? Een actueel Preventie en Handhavingsplan Alcohol dat voldoet aan het gemeentelijke gezondheidsbeleid en uitvoeringsplan.
Programmabegroting 2024-2027
47
2.4.3 Collegeprogramma voor 2024 Onderzoek verenigingsraad Wat willen wij bereiken (bestuurlijk doel)? De verenigingsraad moet een collectief worden van verenigingen uit Nieuwkoop. Zij krijgen een belangrijke adviserende rol en dragen zo bij aan het lokaal beleid, het versterken van de gemeenschap en het bevorderen van het verenigingenbelang. Deze mogelijk op te richten raad is een groep van verenigingen die samenwerken om hun belangen te behartigen en kennis te delen. Wij kunnen weer gebruik maken van de kennis en betrokkenheid van deze verenigingenraad. Wat gaan wij er voor doen? Wij gaan in overleg met verenigingen onderzoeken of hieraan behoefte is en waar de toegevoegde waarde kan liggen. Na dit onderzoeken besluiten we met verenigingen of we tot de oprichting van een dergelijke raad komen. Wat mag het kosten? Wat staat er in de kadernota/begroting € 10.000,= Wat levert het op? Na gebleken behoefte/bereidheid richten wij een verenigingsraad op. Ook kan het resultaat van het onderzoek zijn dat er geen behoefte/toegevoegde waarde is. In dat geval richten we geen verenigingsaad op en onderhouden we op andere manieren de contacten met verenigingen. We gebruiken de inzichten die de gesprekken ons geven vanzelfsprekend ter optimalisatie.
Verenigingsloket Wat willen wij bereiken (bestuurlijk doel)? De functie van het loket zien wij graag als verbindend, ondersteunend, actief en dienstbaar. Een plek om verenigingen en vrijwilligers bij elkaar te brengen en initiatieven van verenigingen te koppelen. Wat gaan wij er voor doen? Het Verenigingsloket gaan wij verder ontwikkelen. Wij gaan de zichtbaarheid van dit loket vergroten. Dit doen we door (nog) meer in gesprek te gaan met verenigingsbesturen via thema-avonden, presentaties bij bijvoorbeeld de dorpsraden en nadrukkelijker aanwezig te zijn bij door de gemeente gesubsidieerde activiteiten van verenigingen. Ook intern zoeken wij de verbinding zodat lopende initiatieven inzichtelijker worden. Zo kunnen we optimaal gebruik maken van elkaars kennis en ervaringen en afstemmen om overvraging van verenigingen te voorkomen. We kijken hoe wij kunnen bijdragen aan de totstandkoming van een verenigingsraad en onderzoeken hoe we (nog) meer vrijwilligers enthousiast kunnen maken voor het verrichten van activiteiten en werkzaamheden bij verenigingen. Ook onderzoeken we samen met de verenigingen hoe we ledengroei kunnen bewerkstelligen en indien gewenst welke (faciliterende) rol weggelegd is voor het Verenigingsloket. Daarnaast leveren we een bijdrage in de totstandkoming van nieuw subsidie- en evenementenbeleid.
Ook onderzoeken we of er behoefte is bij evenementorganisatoren om meer gebruik te maken van archieftekeningen, voorbeeldplannen en kaartmateriaal om de kosten en de inspanning voor het samenstellen van vergunningsaanvragen te verminderen. Wat mag het kosten? € 30.000 incidenteel. Wat levert het op? Meer inzicht in vragen en ondersteuningsbehoefte van verenigingen door middel van de feedback die zij geven.
Programmabegroting 2024-2027
48
2.4.4 Beleidsindicatoren Beleidsindicatoren Naam indicator
Eenheid
Nieuwkoop B2023
Nieuwkoop B2024
Aantal per 1.000 jongeren Aantal per 1.000 inwoners
11 (2021)
Geweldsmisdrijven
Diefstallen uit woning/Box/garage/schuur
Verwijzingen Halt
Winkeldiefstallen
Vernielingen en beschadigingen (in de openbare ruimte)
Bron
8 (2022)
Gemeenten 25.000 50.000 inwoners 8 (2022)
0,7 (2021)
0,9 (2022)
1,2 (2022)
CBS Diefstallen
Aantal per 1.000 inwoners
2,9 (2021)
2,7 (2022)
3,2 (2022)
CBS Criminaliteit
Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners
0,7 (2021)
0,5 (2022)
1,2 (2022)
CBS Diefstallen
2,9 (2021)
2,7 (2022)
4,8 (2022)
CBS Criminaliteit
Cijfers op basis van "Waar staat je Gemeente" per 15-07-2022 Dashboards Niet van toepassing.
Bureau Halt
Programmabegroting 2024-2027
49
2.4.5 Verbonden partijen Wij werken samen met andere overheden in een aantal gemeenschappelijke regelingen: • Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) • HECHT • Holland Rijnland • Omgevingsdienst West-Holland (ODHW) Daarnaast zijn we lid van de Vereniging Zuid-Hollandse Gemeenten (VZHG) en Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en aandeelhouder in onder andere Oasen NV. Een volledig overzicht met toelichting staat in paragraaf 3.6 Paragraaf verbonden partijen Naast de samenwerking via gemeenschappelijke regelingen, is Nieuwkoop ook betrokken in andere samenwerkingsverbanden zoals Novex-Groene Hart, Novex-Schiphol en Hollandse Plassen.
2.4.6 Financieel overzicht Rekening Thema
Begroting
Raming
2022
2023
2024
2025
2026
2027
Publiekszaken Algemeen bestuur Dagelijks bestuur Openbare orde en veiligheid
999 1.071 1.711 2.327
1.284 1.058 1.649 2.760
1.832 1.106 1.252 3.091
1.742 1.106 1.252 2.966
1.742 1.106 1.253 2.883
1.738 1.106 1.253 2.883
Totaal Lasten
6.108
6.751
7.281
7.066
6.984
6.980
Publiekszaken Dagelijks bestuur Openbare orde en veiligheid
-374 -60 -89
-239 -85
-339 -85
-339 -85
-339 -85
-339 -85
Totaal Baten
-523 5.585
-324 6.426
-424 6.856
-424 6.642
-424 6.559
-424 6.554
Toevoeging reserve
25
-155
Onttrekking reserve
-208
Saldo mutaties reserve
-184
-155
5.402
6.272
6.856
6.642
6.559
6.554
Lasten
Baten
Totaal saldo van lasten en baten
Geraamd resultaat
Programmabegroting 2024-2027
50
2.4.7 Financiële toelichting Thema Publiekszaken € 547.000 hogere lasten • Hogere lasten 2024 omdat er vanuit de vertaling van het collegeprogramma in 2024 € 40.000 is opgenomen voor de doorontwikkeling van het verenigingsloket. • Voor de invoering van de Wet Modernisering Elektronische Bestuur Verkeer is extra ondersteuning nodig. Via de Kadernota is voor 2024 € 50.000 geraamd voor deze werkzaamheden. • Op het gebied van burgerzaken en klantencontactcentrum zijn via de Decemberwijziging 2022 de volgende incidentele budgetten overgeheveld naar 2023. Tegenover deze lasten staat aan de batenkant een onttrekking aan de reserve. € 30.000 uitbreiding i-burgerzaken; € 40.000 doorontwikkeling modules burgerzaken; € 60.000 doorontwikkeling dienstverlening onderzoek telefonische dienstverlening; € 25.000 regeling Nieuwkoop herstelt. Bovengenoemde budgetten komen niet voor in 2024. • € 620.000 hogere lasten als gevolg van een hogere doorbelasting vanuit de kostenplaatsen. Dit wordt veroorzaakt doordat de doorbelasting dit jaar op taakveldniveau plaatsvindt in tegenstelling tot voorgaande jaren toen de doorbelasting op productniveau plaatsvond. Dit leidt op vele plaatsen tot een verschuiving van de kosten. Dit als gevolg van de gemaakte afspraken over de vereenvoudiging van de p&c-cyclus.
Per saldo leidt dit niet tot een grotere mutatie dan die van de wijziging in de geraamde salariskosten. Deze lichten wij tot bij het overzicht overhead. € 100.000 hogere baten • Over de jaren 2022 en 2021 zijn meer leges rijbewijzen en reisdocumenten ontvangen dan begroot. Via de Kadernota 2024 is voorgesteld de raming van de leges in de begroting 2024 structureel met € 100.000 te verhogen. Thema Algemeen bestuur € 48.000 hogere lasten • € 84.000 hogere vergoedingen voor raadsleden en salarissen griffie. Dit wordt veroorzaakt door de nieuw afgesloten CAO-2023 met een looptijd van 1 jaar, alsmede een raming voor loonstijging in 2024. • € 40.000 lagere lasten als gevolg van een lagere doorbelasting vanuit de kostenplaatsen. Dit wordt veroorzaakt doordat de doorbelasting dit jaar op taakveldniveau plaatsvindt in tegenstelling tot voorgaande jaren toen de doorbelasting op productniveau plaatsvond. Dit leidt op vele plaatsen tot een verschuiving van de kosten. Dit als gevolg van de gemaakte afspraken over de vereenvoudiging van de p&c-cyclus. Per saldo leidt dit niet tot een grotere mutatie dan die van de wijziging in de geraamde salariskosten. Deze lichten wij tot bij het overzicht overhead. Baten N.v.t. Thema Dagelijks bestuur € 397.000 lagere lasten • € 27.000 hogere wedden voor het college.
We hebben rekening gehouden met een verhoging van de wedden zoals geraamd bij de Kadernota 2024.De collegeleden vallen onder de CAO voor Rijksambtenaren en niet onder die van de gemeenteambtenaren.
Programmabegroting 2024-2027 • •
•
51
€ 58.000 lagere wachtgelden. Wij gaan er in 2024 vanuit dat geen wachtgelden voor een of meer collegeleden worden betaald. € 297.000 lagere lasten als gevolg van een lagere doorbelasting vanuit de kostenplaatsen. Dit wordt veroorzaakt doordat de doorbelasting dit jaar op taakveldniveau plaatsvindt in tegenstelling tot voorgaande jaren toen de doorbelasting op productniveau plaatsvond. Dit leidt op vele plaatsen tot een verschuiving van de kosten. Dit als gevolg van de gemaakte afspraken over de vereenvoudiging van de p&c-cyclus. Per saldo leidt dit niet tot een grotere mutatie dan die van de wijziging in de geraamde salariskosten. Deze lichten wij tot bij het overzicht overhead. € 36.000 lagere lasten voor software en automatisering. Deze verlaging is veroorzaakt door een verschuiving in het ICT-Beheerplan. Deze lasten zijn thans op de kostenplaats verantwoord.
Baten N.v.t. Thema Openbare orde en veiligheid € 331.000 hogere lasten • € 169.000 hogere bijdrage aan de Veiligheidsregio Hollands Midden. De Veiligheidsregio heeft een nieuw beleidsplan ontwikkeld, waarin een aantal ontwikkelingen structureel is vertaald die in het verleden incidenteel zijn gedekt. Daarnaast voert de Veiligheidsregio een aantal aanpassing door om aan de huidige wet- en regelgeving te voldoen. Ten slotte heeft een aanpassing aan het huidige prijspeil plaatsgevonden. • € 51.000 hogere lasten integrale veiligheid. Het betreffen de kosten voor de incidentele maatregelen die zijn vastgesteld in het Beleidsplan Veiligheid en Handhaving 2023 - 2026. • € 89.000 hogere lasten als gevolg van een hogere doorbelasting vanuit de kostenplaatsen. Dit wordt veroorzaakt doordat de doorbelasting dit jaar op taakveldniveau plaatsvindt in tegenstelling tot voorgaande jaren toen de doorbelasting op productniveau plaatsvond. Dit leidt op vele plaatsen tot een verschuiving van de kosten. Dit als gevolg van de gemaakte afspraken over de vereenvoudiging van de p&c-cyclus. Per saldo leidt dit niet tot een grotere mutatie dan die van de wijziging in de geraamde salariskosten. Deze lichten wij tot bij het overzicht overhead. Baten N.v.t. Mutatie reserves € 155.000 lagere ontrekkingen • In 2023 is € 155.000 onttrokken aan de algemene reserve i.v.m.
de onder thema Publiekszaken (lasten) derde bullit genoemde budgetoverhevelingen uit 2022.
Programmabegroting 2024-2027
52
2.5 Overzicht overhead Dit programma bestaat uit de volgende thema's: Kostenplaatsen Management en staf Bedrijfsondersteuning Huisvesting
2.5.1 Financieel overzicht Rekening Thema
Begroting
Raming
2022
2023
2024
2025
2026
2027
Kostenplaatsen Management en staf Bedrijfsondersteuning Huisvesting
-124 6.237 2.556 1.191
-63 8.042 3.103 1.337
10 8.201 2.653 1.107
10 8.169 3.032 1.187
10 7.969 2.273 1.158
10 7.969 2.075 1.158
Totaal Lasten
9.860
12.419
11.971
12.398
11.410
11.212
Management en staf Bedrijfsondersteuning Huisvesting
-127 -85 -5
-182 -35 -
-182 -35 -
-182 -35 -
-182 -35 -
-182 -35 -
Totaal Baten
-217 9.643
-217 12.202
-217 11.753
-217 12.181
-217 11.193
-217 10.995
Toevoeging reserve
549
-336
Onttrekking reserve
-242
-12
-607
-299
-100
Saldo mutaties reserve
307
-349
-607
-299
-100
9.950
11.853
11.146
11.882
11.093
Lasten
Baten
Totaal saldo van lasten en baten
Geraamd resultaat
10.995
Programmabegroting 2024-2027
53
2.5.2 Financiële toelichting Kostenplaatsen Het saldo bestaat uit enkele afrondingsverschillen. Wij vinden het op deze plaats van belang om inzicht te geven in een van de belangrijkste kostensoorten van onze organisatie, te weten de personele lasten. Wij geven hierbij inzicht in de totale kosten voor bestuurders en medewerkers. Wij verklaren hier het verschil in geraamde lasten tussen 2023 en 2024.
Opgenomen lasten personeelsbegroting 2024 Begroting 2023 Raming 2023*
20.726.944
Collegeprogramma 2022 - 2026 Formatie Schiphol**
50.000
Medewerker ec. En toerisme**
100.000
Medewerker agrarische sector**
50.000
Vaartoezicht**
85.000
Kadernota 2024 CAO 2023
1.000.000
Fuwa teamleiders
71.927
Capaciteit duurzaamheid
472.000
Capaciteit burgerzaken
56.000
Vacatureruimte burgerzaken
-10.000
Formatie automatisering
70.000
CAO 2023 3,1%
647.000
Begr.wijz. Toezicht en Handhaving
81.000
Totaal beschikbaar
23.399.871
* = inclusief uitbreiding formatie griffie ** geraamd bij collegeprogramma Geraamd***
23.443.063
***= inclusief structurele formatie Beleidsplan Toezicht en Handhaving Management en Staf € 159.000 hogere lasten In 2023 is op dit thema een bedrag van € 100.000 geraamd voor de lasten die verband houden met de doorontwikkeling van de ambtelijke organisatie. € 281.000 hogere loonkosten Voor de indexatie van de loonkosten gaan we uit van de prijsindex Loonvoet sector overheid uit de mei-circulaire 2023. De indexatie is op basis hiervan gesteld op 5,2% Het verschil tussen de
Programmabegroting 2024-2027
54
Kadernota 2024 en de mei-circulaire hebben we voorralsnog op een stelpost geraamd en nog niet doorbelast naar de thema's. De totale geraamde loonkosten bedragen dan € 23.724.000. Baten N.v.t. Bedrijfsondersteuning € 450.000 lagere lasten • In 2023 was nog een eenmalig budget van € 30.000 beschikbaar voor de invoering van de Wet Open Overheid. • In 2023 was nog een eenmalig budget van € 136.000 beschikbaar voor zaakgericht werkn. • € 69.000 lagere kosten voortvloeiende uit het ICT-Beheerplan 2024 - 2027. • In 2023 was nog een eenmalig budget van € 50.000 voor mobiliteitsbeleid beschikbaar. • In 2023 is een eenmalig budget van € 70.000 beschikbaar gesteld voor het wegwerken van achterstanden op het gebied van Geo-informatie. Baten N.v.t. Huisvesting € 200.000 lagere lasten • € 80.000 lagere kapitaallasten, onder meer door het vervallen van de lasten voor Middelweg 1, Ter Aar. • € 120.000 lagere lasten als gevolg van een lagere doorbelasting vanuit de kostenplaatsen. Dit wordt veroorzaakt doordat de doorbelasting dit jaar op taakveldniveau plaatsvindt in tegenstelling tot voorgaande jaren toen de doorbelasting op productniveau plaatsvond. Dit leidt op vele plaatsen tot een verschuiving van de kosten. Dit als gevolg van de gemaakte afspraken over de vereenvoudiging van de p&c-cyclus.
Per saldo leidt dit niet tot een grotere mutatie dan die van de wijziging in de geraamde salariskosten. Deze lichten wij tot bij het overzicht overhead. Baten N.v.t. Mutaties reserves € 337.000 minder toevoegingen • € 30.000 Wet Open Overheid • € 136.000 zaakgericht werken • € 170.000 ICT-projecten € 345.000 meer onttrekkingen • € 100.000 personele knelpunten • € 100.000 doorontwikkeling ambtelijke organisatie • € 145.000 Digitalisering bouwarchief
Programmabegroting 2024-2027
55
2.6 Overzicht Algemene dekkingsmiddelen In dit programma bevat het thema: Algemene dekkingsmiddelen Beoogde maatschappelijke effecten Samenwerking verbonden partijen Bijdrage aan de realisatie van de maatschappelijke effecten • Oasen NV, Alliander NV, BNG Bank NV • Gemeenschappelijke regeling Vastgoedinformatie, Heffing en Waardebepaling (SVHW) Voor een toelichting, zie 3.6 Paragraaf verbonden partijen
2.6.1 Financieel overzicht Rekening Thema
2022
Begroting
Raming
2023
2024
2025
2026
2027
Lasten Algemene dekkingsmiddelen
840
1.090
2.088
3.046
3.516
3.497
Totaal Lasten
840
1.090
2.088
3.046
3.516
3.497
Baten Algemene dekkingsmiddelen
-53.082
-53.739
-58.102
-58.568
-54.394
-53.665
Totaal Baten
-53.082 -52.242
-53.739 -52.649
-58.102 -56.014
-58.568 -55.522
-54.394 -50.878
-53.665 -50.168
Onttrekking reserve
-960
-8.780
-1.935
-1.461
Saldo mutaties reserve
-960
-8.780
-1.935
-1.461
-53.202
-61.428
-57.949
-56.983
-50.878
-50.168
Totaal saldo van lasten en baten
Toevoeging reserve
Geraamd resultaat
Programmabegroting 2024-2027
56
2.6.2 Financiële toelichting Algemene dekkingsmiddelen Hogere lasten € 998.000 • Voor € 1.142.000 hogere lasten een stelpost opgenomen voor inflatie van goederen/diensten en GR. • € 81.000 lagere kosten op onvoorzien meegenomen dit is nu gebaseerd op € 3 per inwoner. • € 348.000 hogere rentelasten als gevolg van investeringsplan. • € 290.000 lagere lasten implementatie nieuw financieel systeem. Hogere baten € 4.331.000 • De algemene uitkering in de stand van 2023 is gebaseerd op de decembercirculaire 2022. De stand van 2024 en verder is gebaseerd op de meicirculaire 2023. Het verschil bestaat uit twee delen. Ten eerste het verschil tussen de decembercirculaire en de meicirculaire is circa € 900.000 en ten tweede geeft de meicirculaire een verschil van 2,4 miljoen in 2024 tov 2023. Dit wordt met name veroorzaakt door een hogere accres van 2024. • € 1.361.000 hogere baten. Dit betreft stelpost OZB, heffingen, huur en leges 3,1% en 7,6% • In de tweede helft van 2023 wordt het Ondernemersfonds geëvalueerd. In december zal de raad een voorstel worden voorgelegd over het al dan niet verlengen van het fonds en eventuele bijstellingen van de werking. Omdat nog geen raadsbesluit is genomen over de verlenging, zijn de lasten (uitbetaling aan het ondernemersfonds) en baten (hogere inkomsten OZB niet-woningen) nog niet in de begroting opgenomen (€ 288.000 lagere lasten).
• € 278.000 OZB verlaging baten ondernemersfonds contract afloopt in 2023. Lagere onttrekking reserve € 4.165.000 • € 250.000 lagere onttrekking: Correctie ivm ontwikkeling saldo ICT reserve • € 5.801.000 lagere onttrekking collegeprogramma • € 1.886.000 hogere onttrekking door saldo begrotingswijziging
Programmabegroting 2024-2027
3 Paragrafen 3.1 Paragraaf Lokale heffingen Algemeen De paragraaf lokale heffingen bestaat uit de volgende onderdelen: 1. Inkomsten uit lokale heffingen 2. Beleid ten aanzien van lokale heffingen 3. Kostendekkendheid 4. Lokale lastendruk 5. Kwijtscheldingsbeleid In Nieuwkoop kiezen we ervoor niet alle belastingen te heffen die van rechtswege geheven mogen worden. Hieronder de belastingen die we wel en niet heffen: In Nieuwkoop geheven belastingen
Wel
Onroerende zaakbelastingen
X
Belasting op roerende woon- en bedrijfsruimten
X
Afvalstoffenheffing
X
Rioolheffing
X
Forensenbelasting
X
Leges
X
Niet
Precariobelasting
X
Baatbelasting
X
Niet-ingezetenen belasting
X
Parkeerbelasting
X
Hondenbelasting
X
Reclamebelasting
X
Toeristenbelasting
X
Inkomsten Het volgende overzicht geeft een totaalbeeld van de begrote opbrengsten belastingen en leges uit lokale heffingen in 2024, gespecificeerd per belastingsoort. Omschrijving OZB Eigenaren woningen:
Geraamd 2024 x % van het totaal € 1.000 -6.114 32,0%
OZB Eigenaren niet-woningen:
-2.033
10,6%
OZB Gebruikers niet-woningen:
-1.408
7,4%
RZB Roerende Zaakbelasting
-31
0,2%
Totaal OZB/RZB
-9.586
50,1%
Rioolheffing
-2.886
15,1%
Afvalstoffenheffing
-4.027
21,1%
Totaal overige woonlastennota
-6.914
36,1%
Precariobelasting
0
0,0%
Forensenbelasting
-132
0,7%
57
Programmabegroting 2024-2027
Totaal overige belastingen
-132
0,7%
-1.271
6,6%
Wijziging bestemmingsplannen
-61
0,3%
Leges burgerzaken
-346
1,8%
Begraafplaatsrechten
-172
0,9%
Marktgelden en standplaatsvergoedingen
-33
0,2%
Leges kabels en leidingen
-528
2,8%
Leges overig Vaarvergunningen
-11 -75
0,1% 0,4%
Totaal overige publiekrechtelijke heffingen
-2.498
13,1%
Totaal inkomsten
-19.129
100,0%
Bouwleges
58
Beleid Algemeen Uitgangspunten voor belastingen zijn: • Belastingtarieven worden met niet meer dan het inflatiepercentage verhoogd; • Belastingtarieven waar individuele producten en diensten tegenover staan zijn niet hoger dan kostendekkend. Het College kiest voor de invoering van (een vorm van) toeristenbelasting in 2026 en gaan in gesprek over wat de toegevoegde waarde en impact hiervan is voor de branche. Wij zien kansen om de opbrengst van deze belasting in te zetten ten gunste van de branche, zoals de (mede) financiering van de marketing en ondersteuning van recreatieondernemers, met zo min mogelijk administratieve lasten. Onroerendezaakbelasting De begroting van de onroerendezaakbelasting (OZB) gaat niet uit van een tarief, maar van een opbrengst. De uitwerking van de begrote opbrengst in een tarief volgt bij de jaarlijkse vaststelling van de belastingverordeningen en tarieven. De gedachte hierachter is dat de totale OZB-opbrengst niet mag veranderen als gevolg van waardefluctuaties op de onroerendgoedmarkt (WOZ-waarde). Algemeen uitgangspunt is een jaarlijkse indexering van de OZB-opbrengst met het inflatiepercentage (voor 2024; 3,1%). Daarnaast is in de kadernota het volgende besloten over de OZB tarieven; "In de begroting 2023 zijn de belastingtarieven met een inflatiepercentage van 2,5% verhoogd. De verwachte inflatie voor 2023 is echter 10,1%.
Gezien de oplopende kosten voor de gemeente wordt voorgesteld de belastingtarieven voor het jaar 2024 aanvullend met 7,6% (10,1%-2,5%) te verhogen". Een uitbreiding van het WOZ-areaal (omvang van de voorraad WOZ-objecten) leidt tot een evenredige uitbreiding van de OZB-opbrengst. Roerende zaakbelasting Wettelijk is bepaald dat de tarieven van de roerende zaakbelasting (RZB) gelijk moeten zijn aan die van de OZB. Voor de RZB tarieven geldt dan ook hetzelfde als voor de OZB tarieven. Rioolheffing Conform het algemene uitgangspunt stijgt de rioolheffing met de inflatie (3,1%). Afvalstoffenheffing Conform het algemene uitgangspunt stijgt de afvalstoffenheffing met de inflatie (3,1%). Forensenbelasting Conform het algemene uitgangspunt stijgt de forensenbelasting in 2024 met het inflatiepercentage (3,1%).
Programmabegroting 2024-2027
59
Leges Algemeen uitgangspunt bij de leges is de jaarlijkse indexering met het inflatiepercentage (3,1%). Uitzonderingen hierop zijn leges die gebonden zijn aan wettelijke tarieven en leges waarvoor uitdrukkelijk voor een ander beleid is gekozen. De lasten van het product Ambulante handel, omvatten meer dan de kosten die direct verband houden met de organisatie en instandhouding van de weekmarkten en standplaatsen. Een deel van de inzet aan uren is beleidsmatig van aard en betreft ook de bevordering van de lokale economie. Gelet op de hoogte van de tarieven in de regio is volledige kostendekkendheid voor dit product geen uitgangspunt. Verder continueren we voor de omgevingsvergunningen (bouw) het egalisatiebeleid waarin we de invloed van fluctuaties van kosten en opbrengsten op de tarieven enigszins proberen te matigen. Dit doen we door stortingen in en onttrekkingen aan de egalisatiereserve omgevingsvergunningen. Met de komst van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging bouwen op 1 januari 2024 verandert de dienstverlening van de gemeente. Deels veroorzaakt door verschuiving van taken, maar deels ook door verandering van processen. Met name titel 2 van de tarieventabel ondergaat daarom ingrijpende wijzigingen. In het raadsvoorstel over de belastingtarieven 2024 wordt meer in detail ingegaan op de aard van de wijzigingen.
Uiteindelijk is de inschatting dat het totaal aan inkomsten niet wezenlijk anders zal zijn dan in voorgaande jaren. Kostendekkendheid Kostendekkendheid van de rioolheffing Omschrijving Nr.
Begroting 2024
1
Kosten aanleg, onderhoud en beheer gemeentelijke riolering
2
Toerekenbare BTW
2.208 175
3
Kosten van overhead
607
4
Toerekening rente
409
5
Perceptiekosten (heffing en invordering door SVHW)
16
6
Totaal kosten
3.416
7
Opbrengsten belastingen / leges
-2.812
8
Overige opbrengsten
-503 -3.315
9
Totaal opbrengsten
10
Verschil
101
11
Kostendekkendheid
97%
Kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing Omschrijving Nr.
Begroting 2024
1
Kosten van inzameling en verwerking van afval
3.300
2
Toerekenbare BTW
502
3
Kosten van overhead
400
4
Toerekening rente
0
5
Perceptiekosten (heffing en invordering door SVHW)
18
6
Totaal kosten
4.219
Programmabegroting 2024-2027
60
7
Opbrengsten belastingen / leges
8
Overige opbrengsten
-310
9
Totaal opbrengsten
-4.215
10
Verschil
11
Kostendekkendheid
Kostendekkendheid van de begraafrechten Omschrijving Nr.
-3.906
4 100%
Begroting 2024
1
Kosten taakveld begravingen
340
2
Kosten van overhead
75
3
Toerekening rente
6
4
Perceptiekosten (heffing en invordering door SVHW)
0
5
Totaal kosten
420
6
Opbrengsten belastingen / leges
-172
7
Overige opbrengsten
8
Totaal opbrengsten
9
Verschil
249
10
Kostendekkendheid
41%
0 -172
Kostendekkendheid van de Leges onder Titel 1: persoons- en reisdocumenten en commerciële vergunningen Omschrijving Begroting 2024 Nr. 1 Kosten van de dienstverlening gericht op: 1.1. burgerlijke stand 1.2. reisdocumenten 1.3. rijbewijzen 1.4. verstrekkingen uit de Basisregistratie Personen 1.5. verstrekkingen uit het Kiezersregister 1.6. verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens 1.7. bestuursstukken 1.8. vastgoedinformatie 1.9. overige publiekszaken 1.10. gemeentearchief 1.11. huisvestingswet 1.12. leegstandwet 1.13. gemeentegaranties 1.14. marktstandplaatsen 1.15. winkeltijdenwet 1.16. kansspelen 1.17. kinderopvang 1.18. telecommunicatie, kabels en leidingen 1.19. verkeer en vervoer 1.20. diversen 2.021 2
Kosten van overhead
651
3
Toerekening rente
0
4
Perceptiekosten (heffing en invordering door SVHW)
0
Programmabegroting 2024-2027
61
5
Totaal kosten
2.673
6
Opbrengsten belastingen / leges
-663
7
Overige opbrengsten
-432
8
Totaal opbrengsten
-1095
9
Verschil
1.577
10
Kostendekkendheid
41%
Kostendekkendheid van de Leges onder titel 2: omgevingsvergunningen Omschrijving Nr.
Begroting 2024
1 Kosten taakvelden titel 2
1.114
2 Kosten van overhead
668
3 Toerekening rente
0
4 Perceptiekosten (heffing en invordering door SVHW)
0
5 Totaal kosten
1.782
6 Opbrengsten belastingen / leges
-1.292
7 Overige opbrengsten
-70
8 Totaal opbrengsten
-1.362
9 Verschil
420
10 Kostendekkendheid
76%
Kostendekkendheid van de Leges onder titel 3: dienstverlening Europese richtlijnen en APV Omschrijving Begroting 2024 Nr. 1
Kosten taakvelden titel 3: 3.1 horeca 3.2 evenementen of markten 3.3 prostitutiebedrijven 3.4 smart-, head-, of growshops 3.5 huisvestingwet 2014 3.6 leefmilieuverordening 3.7 brandbeveiligingsverordening 3.8 standplaatsen en gebruik van de (openbare) weg 3.9 in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking 3.10 diversen
5
2 Kosten van overhead
89
3 Toerekening rente
0
4 Perceptiekosten (heffing en invordering door SVHW)
0
5 Totaal kosten
94
6 Opbrengsten belastingen / leges
-11
7 Overige opbrengsten
0
8 Totaal opbrengsten
-11
9 Verschil
83
10 Kostendekkendheid
12%
Programmabegroting 2024-2027
62
Lokale lastendruk Algemeen In de onderstaande tabel geven wij de ontwikkeling van de woonlasten voor een gemiddeld huishouden weer. Onder een gemiddeld huishouden verstaan wij het volgende: de gemiddelde WOZ-waarde van een koopwoning stellen we op € 501.000 (Bron: Atlas lokale lasten COELO) • een gemiddeld huishouden bestaat uit drie personen Ontwikkeling van de woonlasten 2023
2024
OZB
518
574
Rioolheffing
220
227
Afvalstoffenheffing
349
360
Totale woonlasten
1.086
1.160
Wijziging t.o.v. 2023
6,83%
De belastingen stijgen met inflatie (3,1%) en de OZB wordt extra verhoogd met 7,6%. De genoemde tarieven zijn een inschatting, de exacte tariefsverhoging wordt later dit jaar berekend bij de vaststelling van de belastingverordeningen. Regionale vergelijking woonlastendruk In onderstaande tabel worden de woonlasten voor een gemiddeld huishouden van Nieuwkoop vergeleken met die van andere gemeenten in de Rijnstreek. Tarieven 2023 van Nieuwkoop en vergelijkbare gemeenten Bedragen x € 1.000 Percentage Bedrag OZB Afvalstoffen Rioolheffing OZB heffing
Gemiddelde Totaal waarde woonlasten koopwoning 425.000 927
Alphen a/d Rijn
0,0777%
330
330
266
Kaag en Braassem
0,0872%
454
340
288
521.000
1.082
349
220
501.000
1.086
354
337
488.000
1.306
343
278
483.750
1.100
Nieuwkoop 0,1033% 518 Bodegraven0,1260% 615 Reeuwijk Gemiddeld 0,0986% 479 Bron: Atlas lokale lasten - COELO Een gemiddeld huishouden bestaat uit drie personen.
Kwijtscheldingsbeleid In de beleidsregels voor kwijtscheldingen van de gemeente Nieuwkoop is onder andere geregeld dat: • kwijtschelding van opgelegde heffingen kan worden verleend voor afvalstoffenheffing (regulier huishoudelijk afval) en rioolheffing; • in afwijking van artikel 16, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990, het percentage voor de berekening van de kosten van bestaan wordt vastgesteld op 100 procent; • kwijtschelding ook kan worden verleend aan natuurlijke personen die ene bedrijf of zelfstandig beroep uitoefenen. Verder is in de beleidsregels de mogelijkheid opgenomen voor automatische kwijtschelding. In Nieuwkoop laten we de geautomatiseerde kwijtscheldingstoets uitvoeren door het Inlichtingenbureau, dat diverse bestanden met elkaar combineert. Met de toets is eenvoudig vast te stellen of iemands inkomen en vermogen zijn veranderd ten opzichten van het voorgaande jaar. Wordt geen verandering
Programmabegroting 2024-2027
63
waargenomen, dan kan direct opnieuw kwijtschelding worden verleend. De burger hoeft dan niet zelf opnieuw kwijtschelding aan te vragen, vandaar de term 'automatische kwijtschelding'. De uitvoering van het kwijtscheldingsbeleid is uitbesteed aan de SVHW en maakt onderdeel uit van de dienstverleningsovereenkomst (DVO). Over het jaar 2022 is € 104.000 aan opgelegde heffingen kwijtgescholden. In de begroting 2024 wordt rekening gehouden met € 115.000.
Programmabegroting 2024-2027
64
3.2 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Algemeen De paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is om (grote) risico’s of samenloop van risico’s op te vangen. De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bestaat uit drie onderdelen: 1. Een berekening van de beschikbare middelen om risico's op te vangen, de zogenaamde beschikbare weerstandscapaciteit. 2. Een inventarisatie van de financiële risico's die de gemeente loopt, de zogenaamde benodigde weerstandscapaciteit. 3. Een beeld van de financiële positie van de gemeente, weergegeven aan de hand van een verzameling ratio's. Er is meer aandacht besteed aan de inventarisatie van de beschikbare en benodigde weerstandscapaciteit. Bij de risico-inventarisatie moet aangetekend worden dat dit een doorlopend proces is waarbij onzekerheid een kernbegrip is; het gaat om inschattingen van situaties die zich mogelijk in de toekomst kunnen voordoen. Naast een indicatie van de financiële omvang van die risico’s en de mogelijkheden van de gemeente om die op te vangen is de inventarisatie ook van belang voor het versterken van het risico-bewustzijn van de organisatie. Actuele weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit is het totaal aan middelen dat kan worden ingezet om de financiële gevolgen van voorkomende risico’s op te vangen zodra die zich voordoen.
Bij het samenstellen van deze paragraaf is van de reserves, veruit de belangrijkste bron van de weerstandscapaciteit, opnieuw beoordeeld of deze als onderdeel van de weerstandscapaciteit benoemd moeten en kunnen worden. De weerstandscapaciteit is het totaal aan middelen dat kan worden ingezet om de financiële gevolgen van voorkomende risico’s op te vangen. Hiertoe behoren: Omschrijving Algemene reserve vrij besteedbaar Reserve weerstandsvermogen Reserve Frictiekosten personeel Reserve WMO Reserve Herwaardering investeringen maatschappelijk nut Reserve frictiekosten omgevingsdienst West-Holland Reserve Dekking risico's Woningbouw Saldo meerjarenbegroting Onvoorzien Weerstandscapaciteit (x € 1.000)
Begroting 2024 6.893 3.000 63 90 7.317 17 2.000 230 90 19.700
Volgens de begroting 2024 heeft de gemeente Nieuwkoop op 31 december 2024 een weerstandscapaciteit van € 19.700 mln. Risico inventarisatie De risico inventarisatie bevat risico's die financieel gekwantificeerd kunnen worden. Om een beeld te geven van de aard en de omvang van de risico's zijn hieronder de grootste risico's kort omschreven. Het gaat om risico's die financiële gevolgen kunnen hebben van meer dan € 50.000.
Programmabegroting 2024-2027
65
Bij de risico-inventarisatie is een begin gemaakt met een meer gestructureerde wijze van kijken naar risico’s. Daarbij is ook meer aandacht voor beheersmaatregelen en de kans dat bepaalde risico’s zich gaan voordoen. Ook wordt er aandacht besteed aan risico’s die niet primair financieel van aard zijn. Gebeurtenis / Situatie 1 Invoering Wet kwaliteitsborging bouwen 2 Verlies op grondexploitaties
Programma
Risico-bedrag 2024
1. Ruimtelijke ontwikkeling 1. Ruimtelijke ontwikkeling 1. Ruimtelijke ontwikkeling
€ 90.000
3 Gevolgen voor grondexploitaties en projecten van aangescherpte rekenregels gecumuleerd geluid voor woningbouw. De gemeente Nieuwkoop ligt onder de aanvliegroutes van Schiphol en de rijksoverheid wil (groei)perspectief blijven bieden aan de luchthaven. Dit betekent dat het bouwen van woningen mogelijk nog verder wordt beperkt en Nieuwkoop min of meer 'op slot' gaat. Een en ander is afhankelijk van de ministeriële keuzes die worden gemaakt met de Luchtvaartnota 2020-2050 en de aanvullingsregeling Geluid Omgevingswet. 4 Na het vervallen van het Programma Aanpak 1. Ruimtelijke Stikstof (eind mei 2019) is sprake van een nieuwe ontwikkeling realiteit: nieuw generiek stikstofbeleid en kaders van Rijk en provincie, en maatwerkoplossingen op gebieds- en projectniveau. 5 Risico's Jeugdwet 3. Sociaal domein 6 Toename van de kosten van de Wmo door de vergrijzing en abonnementstarief
€ 2.671.000 € 1.335.500
€ 1.335.500
€ 500.000
3. Sociaal domein
€ 90.000
7 Niet in aanmerking komen voor compensatie 3. Sociaal domein regeling Participatiewet bij overschrijding boven de 7,5% van het Buigbudget. Daarnaast is het eigen risico voor een tekort op het buigbudget voor de helft afgeraamd 8 Kosten en claims na ramp Bedrijfsvoering
€ 252.000
9 Uitval technische voorzieningen (ict ruimtes, bekabeling, datalijnen). 10 Informatiebeveiligingsincident, digitale informatie onvoldoende toegankelijk, of digitale informatie wordt oneigenlijk gebruikt of verstrekt
Bedrijfsvoering
€ 125.000
Bedrijfsvoering
€ 500.000
11 Leveranciers kunnen producten voor genoemde Bedrijfsvoering ontwikkelingen in het ict beheerplan niet snel genoeg leveren 12 Moeite met werven goed gekwalificeerde Bedrijfsvoering medewerkers door krapte op de arbeidsmarkt. Bij resterende financiële impact is een bedrag opgenomen voor de extra werving en selectiekosten die komen kijken bij de inzet van een searchbureau. 13 Te ontvangen dividend Alliander Algemene dekkingsmiddelen
€ 100.000
€ 70.000
€ 70.000
€ 200.000
Programmabegroting 2024-2027
14 Verlaging van uitkering gemeentefonds
66
Algemene dekkingsmiddelen
€ 675.000
15 Hogere rente dan nu in de ramingen is opgenomen. Algemene Bij een rentestijging van 1% en een kans van 50% dekkingsmiddelen bedraagt het risico € 1 miljoen. 16 Lagere opbrengst heffingen door jaarlijkse Algemene fluctuaties in hoeveelheden. dekkingsmiddelen
€ 1.000.000
€ 50.000
Totaal
€9.064.000
Weerstandsvermogen De ratio weerstandsvermogen, ook wel de weerstandsratio genoemd, wordt als volgt berekend: Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
Ratio weerstandsvermogen =
Op basis van het voorgaande is de actuele weerstandsratio van de gemeente Nieuwkoop: Ratio weerstandsvermogen =
19.700.000 9.064.000
= 2,17
Waarderingstabel weerstandsvermogen (bron: Nederlands Adviesbureau Risicomanagement) Waarderingscategorie Ratio weerstandsvermogen Betekenis A > 2,0 Uitstekend B 1,4 < x < 2,0 Ruim voldoende C 1,0 < x < 1,4 Voldoende D 0,8 < x < 1,0 Matig E 0,6 < x < 0,8 Onvoldoende F < 0,6 Ruim onvoldoende Volgens de waarderingstabel plaatst een ratio van 2,17 de gemeente Nieuwkoop in de categorie A Uitstekend. Beeld van de financiële positie Met de weerstandsratio is nog lang niet alles gezegd over de financiële positie in brede zin. Om daarvan een beeld te krijgen kunnen we een aantal andere ratio's raadplegen. Het BBV schrijft voor dat doel de volgende ratio's voor. Ratio
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Jaarrekenin g 2022 14,98%
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting Begroting Begroting 2025 2026 2027
35,12%
14,40%
47,67%
89,53%
101,43%
9,41%
29,36%
9,55%
42,49%
83,55%
95,06%
50,92% 46,18%
49,26% 40,33%
47,61% 20,33%
40,02% 28,05%
37,59% 5,51%
36,19% 6,85%
4,62%
1,48%
1,68%
2,33%
-2,17%
-3,65%
116,26%
115,04%
115,04%
115,04%
115,04%
115,04%
Programmabegroting 2024-2027
67
Het verloop van de ratio's ontwikkelt zich naarmate de gemeente zich financieel ontwikkelt. Ieder besluit met financiële gevolgen verandert iets aan de (toekomstige) financiële positie van de gemeente en dus ook aan een ratio die daar uitdrukking aan geeft. De ratio’s zijn berekend met het door de provincie beschikbaar gestelde Rekenmodel financiële kengetallen. Netto schuldquote De netto schuldquote zegt iets over de mate waarin het inkomen van de gemeente toereikend is om aan de schuldverplichtingen te voldoen. De netto schuldquote is een percentage dat tot stand komt door het totale vreemde vermogen te delen door de totale baten uit de gemeentelijke exploitatie. Bij een netto schuldquote hoger dan 130% is sprake van een hoge schuld. Vanaf 2025 stijgt de schuldquote als gevolg van de financieringsbehoefte / het investeringsprogramma o.a. vanuit het coalitie akkoord. Onder de 100% is sprake van een gemiddelde tot lage schuld. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Bij de 'Netto Schuldquote Gecorrigeerd Voor Alle Verstrekte Leningen' wordt het vreemde vermogen verminderd met de doorgeleende gelden (leningen van de gemeente aan derden). De begrote netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen wijkt nauwelijks af van de netto schuldquote wanneer er sprake is van weinig doorgeleende gelden.
Een verstrekte geldlening aan een derde is er de oorzaak van dat netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte geldleningen meer af gaat wijken van de netto schuldquote. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft weer in hoeverre het totaal van de activa is gefinancierd met eigen middelen. De ratio wordt berekend door het Eigen Vermogen te delen door het totale vermogen. De begrote solvabiliteitsratio aan het einde van 2024 bedraagt 47,61% en voldoet aan het bij de begroting 2016 door de raad genomen besluit dat deze meer dan 40% moet bedragen. Door het ambitieuze investeringsvolume komt de solvabiliteitsratio vanaf 2026 onder 40%. Grondexploitatie Deze indicator geeft de relatieve hoogte van de voorraad bouwgrond en het onderhanden werk (de grondpositie) in de grondexploitaties aan. De waarde van de grondpositie wordt gedeeld door de totale baten uit de gemeentelijke exploitatie. Hoe groter de grondpositie in verhouding tot de totale gemeentelijke baten, hoe groter het verhoudingsgewijze risico dat de gemeente loopt in de grexen. De begrote ratio grondexploitatie aan het einde van 2024 bedraagt 20,33%. Na 2025 neemt de ratio door het afsluiten van grondexploitaties sterk af.
Structurele exploitatieruimte Het financiële kengetal ’structurele exploitatieruimte’ geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de begroting/jaarrekening is, afgezet tegen de inkomsten. Als norm voor gezond begrotingsevenwicht kan 0,6% van de algemene dekkingsmiddelen gehanteerd worden. Deze norm is gebaseerd op de vuistregel die bij art.12- gemeenten gehanteerd wordt voor de bepaling van de ruimte in de begroting om structurele tegenvallers op te vangen. We zetten de structurele ratio af tegen de hiervoor genoemde 0,6%. In 2024 bedraagt de begrote structurele exploitatieruimte 1,68%, maar daalt naar - 3,65% in 2027. De dalende uitkering uit het gemeentefonds ( € 4 mln) en de stijgende rentekosten zijn hiervan de belangrijkste veroorzakers.
Programmabegroting 2024-2027
68
Belastingcapaciteit De ruimte die een gemeente heeft om de belastingen te verhogen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Het COELO (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden) publiceert deze lasten ieder jaar in de Atlas van de lokale lasten. Tot de woonlasten behoren de OZB, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing. De belastingcapaciteit wordt berekend door de totale woonlasten van een meerpersoonshuishouden te vergelijken met het landelijk gemiddelde in het voorgaande jaar en de uitkomst uit te drukken in een percentage. Uit de berekening blijkt dat in 2023 de belastingcapaciteit 115,04%%. Dat betekent dat in Nieuwkoop de belastingdruk 15,04% boven het landelijk gemiddelde ligt. In de jaarrekening 2022 was dit 16,26%. Kengetallen in samenhang De verschillende financiële indicatoren en kengetallen geven in samenhang een beeld van de financiële positie van onze gemeente. Ons beleid is erop gericht te voorkomen dat de financiële positie verslechtert en Nieuwkoop in een situatie komt waarin beleidsinhoudelijke concessies (bezuinigingen) noodzakelijk zijn. Dat beleid krijgt vorm in het streven naar voldoende structurele ruimte in de exploitatie, een gezonde schuldpositie en solvabiliteit, en een verstandige omgang met het eigen vermogen en de grondexploitaties.
Op dit moment, zomer 2023, zien we binnen de termijn van de meerjarenbegroting een verslechtering van de exploitatieruimte en ook andere kengetallen ontwikkelen zich negatief. Dit is deels het natuurlijke gevolg van (voorgenomen) investeringen die in het belang zijn van de Nieuwkoopse samenleving. Daarnaast ondervinden we de gevolgen van niet beïnvloedbare ontwikkelingen zoals de daling van de uitkering uit het gemeentefonds ( € 4 miljoen), de toegenomen inflatie en de gestegen rente.
Programmabegroting 2024-2027
69
3.3 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Algemeen Deze paragraaf geeft aan hoe kapitaalgoederen in gemeentelijk eigendom worden beheerd. In de Financiële verordening 2023 ex. artikel 212 van de Gemeentewet staat in Artikel 21 dat het college de verplichte onderdelen op grond van artikel 12 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten opneemt bij de begroting en jaarstukken. De beheervisie openbare ruimte vormt het beleidskader voor het beheer en het beoogde onderhoudsniveau van de openbare ruimte. Uitvoering van dit beleidskader moet leiden tot een bestendige situatie waarin deze kapitaalgoederen worden onderhouden volgens de vastgestelde functionaliteit en kwaliteitsniveau (schoon, heel en veilig), waarbij de totale kosten in beeld worden gebracht. Het beleidskader voor de kapitaalgoederen bevat per kapitaalgoed: • De grootte van het areaal; • Besloten onderhoudsniveau; • De huidige staat van onderhoud, zoals de technische beoordeling en schouw van de kwaliteit van het kapitaalgoed; • De werkzaamheden die we voor de instandhouding van het kapitaalgoed moeten doen; • Het scenario voor onderhoud van kapitaalgoederen; • De kosten van de instandhouding van het kapitaalgoed, zoals klein- en groot onderhoud en vervangingskosten. Beleidskader De openbare ruimte is het visitekaartje van de gemeente.
Het bepaalt mede of er sprake is van een aantrekkelijke woon-, werk- en leefklimaat. Voor bedrijven en bewoners is de kwaliteit van de buitenruimte een reden om zich wel of niet ergens te vestigen. De kwaliteit van de woonomgeving beïnvloedt, bewust of onbewust, zelfs het gedrag van mensen. Bovendien is bekend dat de economische waarde van de gemeente mede afhankelijk is van de kwaliteit en uitstraling van het openbaar gebied. Al met al voldoende redenen om goed voor onze openbare ruimte te zorgen. Een zorg waarbij veel partijen betrokken zijn en waarmee nogal wat geld gemoeid is. Een zorg die vraagt om afstemming, doelmatige besteding van middelen en een planmatige aanpak. De dashboards vanuit 'waar staat je gemeente' dienen als sturingsmiddel voor het planmatig onderhoud. Waar mogelijk zetten we in op een integrale wijkaanpak waarin actuele thema’s zoals klimaatadaptatie, energietransitie en duurzaamheid worden meegenomen. De beheerplannen zijn er op gericht om het vastgestelde onderhoudsniveau te houden. Dit is kwaliteitsniveau ‘sober en doelmatig‘, vergelijkbaar met niveau B volgens de CROW richtlijnen. Bij winkelcentra en ouderencentra kwaliteitsniveau ‘goed‘, vergelijkbaar met niveau A. De onderhoudsmaatregelen zijn in hoofdlijnen gericht op veiligheid, toegankelijkheid en duurzame instandhouding.
Wat kost het? Het onderhoud van kapitaalgoederen wordt onderverdeeld in regulier onderhoud, groot onderhoud en rehabilitatie/reconstructie. De huidige bedragen in de begroting zijn gebaseerd op de nu vastgestelde plannen inclusief eventuele mutaties. Bij de actualisatie of bij het opstellen van nieuwe beleids- en beheerplannen worden de financiële kaders opnieuw vastgesteld. Zodoende worden de activiteiten en de middelen op elkaar afgestemd om de kapitaalgoederen in de openbare ruimte duurzaam in de tijd worden onderhouden. Regulier onderhoud Dit betreft werkzaamheden en maatregelen van kort cyclisch karakter, zoals het verhelpen van meldingen en schadeherstel. Goed, consequent uitgevoerd regulier onderhoud is levensduur
Programmabegroting 2024-2027
70
verlengend. De kosten worden gedekt uit de beheer- en onderhoudsbudgetten, die jaarlijks in de begroting beschikbaar worden gesteld. Groot Onderhoud Hieronder vallen de werkzaamheden die ervoor zorgen dat de kapitaalgoederen tijdens hun levensduur in goede staat blijven. De kosten voor deze werkzaamheden worden gedekt uit de verschillende voorzieningen. Deze voorziening wordt jaarlijks gevoed met een dotatie uit de begroting, waarmee pieken en dalen in de uitgaven worden geëgaliseerd binnen die voorzieningen. Bij de actualisatie van de beheerplannen kan de omvang van de dotatie wijzigen. Rehabilitaties/reconstructies Dat is het totaal van een kapitaalwerk aan het eind van de levensduur of het uitvoeren van levensduur verlengende maatregelen. Deze investeringen van maatschappelijk nut worden geactiveerd en in een aantal jaar afgeschreven. Op basis van het investeringsplan 2023 - 2027 zijn de investeringsbedragen geraamd en de cumulatieve kapitaallasten berekend. Wegen Asfaltwegen Klinkerwegen Cementbeton Half verharding