CConstaterende datnieuwkoop
Koppel je AI →
Document · PDF

01. Toelichting BP Paradijsweg westzijde fase 1 - juni 2020 excl. bijlagen

Besluitvormende raadsvergadering 18 maart 2021, gemeente nieuwkoopBij agendapunt: Raadsvoorstel 'herstel' vaststelling Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde eerste fase (2021-025)28.274 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

31

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Deze combinatiemogelijkheden en het schuiven van bouwrechten binnen het plangebied, vormen dan ook de ‘plus’ in de “Ruimte voor Ruimte Plus” regeling. Nadrukkelijk wordt hierbij vermeld dat deze “Ruimte voor Ruimte Plus” regeling uitsluitend toepassing kan vinden in het plangebied van dit bestemmingsplan. Dit betekent bijvoorbeeld dat de realisering van een compensatiewoning uitsluitend in het plangebied kan plaatsvinden, wanneer tevens sprake is van de sloop van glas c.a. in ditzelfde plangebied. Alle ontwikkelingen worden in ontwikkelovereenkomsten vastgelegd en niet in de laatste plaats, in een anterieure overeenkomst met de gemeente en in onderhavig bestemmingsplan. Daarnaast wordt een mogelijkheid voor enig maatwerk geboden. Daar waar sprake is van een sterke kwaliteitsverbetering, of bijvoorbeeld een voorziening voor algemeen nut kan met maatwerk en bij uitzondering wel sprake zijn van het toekennen van een (deel van) bouwrecht, zonder dat volledig aan voorstaande uitgangspunten wordt voldaan. Voor bedrijfsverplaatsing gelden andere regels. Voor bedrijven in het plangebied die hebben aangegeven, omwille van de continuïteit en de verbetering van de bedrijfsvoering, te willen verplaatsen is maatwerk toegepast.

Op basis van een met de Provincie afgestemde rekenmethode (onteigeningsmethode) is het aantal bouwkavels bepaald dat nodig is voor de bekostiging van de bedrijfsverplaatsing. In deze bepaling is het aantal bouwkavels dat ontstaat door sloop van de glasopstallen betrokken. Kwaliteitsverbetering en borging Voorgaande basisregels zijn alleen van toepassing op het plangebied, dat als pilot derhalve een ruimere regeling kent dan het ‘oude’ Ruimte voor Ruimte principe, zoals opgenomen in het vigerend bestemmingsplan. Deze oude regeling ging voor één bouwrecht uit van: • sloop van ten minste 5.000 m2 of; • sloop van 1.000 m2 andere bedrijfsgebouwen of; • sanering van 2,25 hectare boom- en sierteelt. Combinatie van deze mogelijkheden was daarin niet mogelijk. Evenmin was er de mogelijkheid om nieuwe bouwrechten te verplaatsen; de bouwrechten moesten ter plaatse van de gesloopte opstallen benut worden. In de nieuwe regeling ’Ruimte voor Ruimte Plus’ worden combineren en verplaatsen wel mogelijk gemaakt. Echter, de ruimere uitleg gaat gepaard met een duidelijke kwaliteitsimpuls voor het gebied. Beoogd wordt de ruimtelijke kwaliteit in het gebied te verbeteren en ook vast te leggen. Individuele belangen worden derhalve toegekend en vastgelegd, maar tegelijkertijd worden ook de te

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

Figuur 28 - Uitgangspunten en visie Paradijsweg westzijde. (Bron: Visie Bosch en Slabbers)

32

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

realiseren maatregelen en inrichting ten behoeve van de kwaliteitsverbetering van het gebied vastgelegd. Beoogd wordt een duidelijk evenwicht tussen individuele belangen (in de vorm van bouwrechten) ten opzichte van het realiseren van (inrichtings)maatregelen ten behoeve van het openbaar belang. Belangrijke mogelijkheden voor kwaliteitsimpulsen voor het gebied kunnen kort als volgt worden samengevat. • Aanleggen van natuurpercelen, met herstel van openheid in het gebied en in het bijzonder zichtrelaties met de Langeraarse plas. • Realiseren van brede(re) watergangen richting Langeraarse plas, met zoveel mogelijk natuurlijke oevers. (dit laatste aspect is van belang in verband met het afkalven van oevers) • Streven naar de ontwikkeling van een waterrijk landschap, waarin de cultuurhistorische onderlegger van de karakteristieke bovenlandverkaveling (lange sloten, smalle opstrekkende kavels, veel opgaande beplanting) herkenbaar aanwezig is, met lange doorzichten vanaf de Paradijsweg op de Langeraarse plassen en het dorp Langeraar. • Behoud en/of versterking van de natuurlijke wateroevers. • Versterken van de cultuurhistorische lijn van het Kerkpad. • Versterken van de natuurpotenties van het veengebied en de overgangen van land naar water worden versterkt.

Concreet wordt gestreefd naar: o de aanleg van natuurvriendelijke oevers en rietkragen; o de ontwikkeling van moerasgebieden; o de ontwikkeling van kruidenrijke graslanden; o de ontwikkeling van bosschages / struweel. • Bij toevoeging van bebouwing de samenhang en identiteit van het gebied versterken, waarin woningtypologie, architectuur en materiaaltoepassing een rol spelen, alsmede de situering in een natuurrijk veenlandschap. • Bevaarbaar maken van de Langeraarse plassen, door aanleg / herstel sluis, verhogen van de bruggen, extra aanlegsteigers. • Versterken van de publieke toegankelijkheid van de oevers, de aanleg van een doorgaand pad langs de oever en het toevoegen van extra mogelijkheden om vanaf de Paradijsweg een ‘ommetje’ te maken. • Het opwaarderen van de bestaande en nieuwe routes met bankjes, picknickplaatsen en vis- en aanlegsteigers. • De ontwikkeling van extra recreatieve mogelijkheden als de verhuur van sloepen, zeil- en roeiboten, sup- en surfplanken. Borging Voor de verschillende ontwikkelkavels, met ruimte voor ruimte woningen, zijn inrichtingsplannen opgesteld. In het voorontwerp nog op het niveau van vlekkenplannen, in het ontwerp uitgewerkt tot inrichtingsplannen, waarin ook de materialisering, beplanting, natuurdoelsoort etc. is opgenomen.

Deze inrichtingsplannen vormen onderdeel van de anterieure overeenkomsten en worden ook als voorwaardelijke bepaling gekoppeld aan de planregels (zie ook paragraaf 6.3). Het gebruik van de specifieke gronden c.q. kavels is toegestaan, mits dit ook in overeenstemming is met de betreffende inrichtingstekening van de kavel.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

33

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

In het vervolgproces zal bij het ontwerp bestemmingsplan en het vastgestelde bestemmingsplan alleen de ontwikkellocaties worden opgenomen waar sprake is van (ondertekende) anterieure overeenkomsten tussen gemeente en initiatiefnemers. 4.2.2

Totaalvisie Paradijsweg westzijde

Figuur 29 - Visiekaart Paradijsweg (bijlage 6 Verbeterde visie herontwikkeling Paradijsweg)

Bijgaande visie geeft op hoofdlijnen het eerste beeld van de transformatie van het gehele gebied en de verschillende deelgebieden 1 t/m 6 van zuid naar noord. De inrichting is gebaseerd op de in voorgaande paragraaf vernoemde uitgangspunten. Een betere zichtbaarheid van de Langeraarse plas, een groene dooradering van het gebied, de mogelijkheid voor recreatie in de vorm van wandelpaden langs de plas, verbreden van de watergangen, aansluiting van de recreatieve vaart op het Aarkanaal etc. De visie is door de gemeenteraad in juli 2018 aangenomen en vormt de basis voor een verder uitwerking en detaillering van de verschillende deelgebieden in het gebied. In de totaalvisie zijn nog diverse kavels ingetekend waar een woonontwikkeling nog niet zeker is gesteld met voldoende compensatie (sloop, sanering, natuurontwikkeling etc.).

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

34

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Tevens hebben zich na de presentatie van de verbeterde visie en de visiekaart (nieuwe) deelnemers gemeld die eveneens willen deelnemen aan het gebiedsproces en een bijdrage willen leveren aan de kwaliteitsimpuls in ruil voor een individueel belang in de vorm van woningbouw, recreatieve ontwikkeling etc. De kaart geeft evenwel een goed beeld van de na te streven inrichting en mogelijkheden in het gebied. De kaart vormt de basis voor het voeren van verschillende één op één gesprekken met deelnemers en het maken van de verdere detaillering. De gemeente heeft in november-december 2018 per deelgebied met een groot aantal eigenaren vervolggesprekken gevoerd. In die gesprekken is getracht duidelijkheid te krijgen over de inrichting van de verschillende kavels, de compensatie in de vorm van sloop, sanering, natuurontwikkeling etc. en niet in de laatste plaats voorsorteren op de anterieure overeenkomst tussen gemeente en initiatiefnemer(s). In de periode van voorontwerp naar ontwerp bestemmingsplan is meer duidelijkheid ontstaan over de inrichting van de percelen. 4.3

DE TRANSITIE IN CIJFERS

De totale oppervlakte van het plangebied bedraagt 22,3 ha. In het gebied wordt 82.757 m2 glas gesaneerd. Er worden drie glastuinbouwbedrijven verplaatst uit het gebied.

Figuur 30 Oppervlak te saneren bedrijfsbebouwing (glas)

De nieuwe inrichting voorziet in de realisatie van 92.533 m2 nieuwe natuur en 9.208 m2 nieuwe watergangen.

Figuur 31 – Overzicht nieuwe natuur en nieuw water

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

35

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Tegenover deze ruim 10 ha natuurontwikkeling staan in totaal 41 nieuwe ‘ruimte voor ruimte’ woningen. Tevens is er één nieuwe ‘ruimte voor ruimte’ woning voorzien als vervanging van een bestaande woning. Er zijn derhalve 42 ‘ruimte voor ruimte’ woningen bestemd in onderhavig bestemmingsplan.

Figuur 32 - Overzicht van de inrichtingsplannen

Bovenstaande figuren zijn in de bijlagen op groot formaat opgenomen. 4.4

DE VISIE PER DEELGEBIED EN PERCEEL

Door Peter Verkade Landschapsarchitect is in opdracht van de vereniging paradijsweg west inrichtingsplanen opgesteld voor de deelnemende kavels in het gebied. Enkele deelnemers hebben in eigen beheer inrichtingsplannen opgesteld voor hun kavel. De inrichtingsplannen zijn nog verder uitgewerkt en op onderdelen aangepast. De resultante daarvan is verwerkt en vormt de basis in dit bestemmingsplan. In navolgende worden de inrichtingsplanen, die als basis zijn gebruikt voor de uiteindelijke bestemming nader toegelicht. Zoals hiervoor al benoemd maken deze inrichtingsplannen onderdeel uit van de anterieure overeenkomst(en) tussen gemeente en initiatiefnemer en worden deze in de bijlage bij planregels opgenomen (zie ook paragraaf 6.3). 4.4.1 Deelgebied 1 Het meest zuidelijke deelgebied 1 vormt een relatief klein gebied, waar sprake is van enige concentratie van ruimte voor ruimte woningen. In dit gebied wordt voorzien in de ruimte voor ruimte woningen als gevolg van de stopzetting en verplaatsing van het tuinbouwbedrijf Paradijsweg 2 in de noordpunt van het plangebied. In het noordelijke deel kan in verband met de ligging in de LIB-zone geen ruimte voor ruimte woningen worden gerealiseerd.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

36

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Paradijsweg 106-108 Op het perceel Paradijsweg 108 is de bestaande bedrijfswoning bestemd en de overige percelen in een natuurbestemming. De Smidskade blijft een openbare weg en is ook als zodanig bestemd.

Figuur 33 – Inrichtingsplan Paradijsweg 106-108 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

Paradijsweg 104 en 106 Op deze kavels worden de ruimte voor ruimte woningen gerealiseerd die niet in het noordelijke deel van het plangebied gerealiseerd kunnen worden als gevolg van de ligging in de LIBzone. Specifiek gaat het om de ruimte voor ruimte woningen als gevolg van de verplaatsing van het bedrijf Paradijsweg 2. Met het inrichtingsplan wordt voorzien in een goede toegankelijkheid van de molen, die nu via een rechtstreeks ontsluitingsweg, vanaf de Paradijsweg, bereikbaar is.

Figuur 34 – Inrichtingsplan Paradijsweg 104-106 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

37

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Paradijsweg 102a Achter nr. 102 is sprake van een stacaravan aan de plas. De eigenaar heeft aangetoond dat deze reeds jaren aanwezig is en een schriftelijke toezegging van de voormalige gemeente Ter Aar de caravan mee te nemen in het eerst volgende bestemmingsplan. Ten tijde van de opstelling van het bestemmingsplan Glastuinbouw in 2013 is dit abusievelijk niet gebeurd. In voorliggend ontwerp is dit meegenomen en wordt voorzien in een recreatiebestemming- stacaravan met een kaveloppervlakte van 350 m2. De rest van de kavel krijgt de bestemming ‘natuur’. Tevens wordt hier een openbaar toegankelijke wandelroute gerealiseerd vanaf de Paradijsweg, die noordelijk wordt aangesloten op de reeds bestaande wandelroute over de kade.

Figuur 35 – Inrichting Paradijsweg 102a (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

4.4.2 Deelgebied 2 Paradijsweg 96 Op het kavel Paradijsweg 96 worden twee nieuwe woningen mogelijk gemaakt. Op deze smalle legakker voorziet een Op deze smalle legakker voorziet een ontsluitingsweg langs de legakker in een rondgaande tezamen met de naastgelegen legakkers, in een doorgaande route.

Figuur 36 – Inrichtingsplan Paradijsweg 96) (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

38

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Paradijsweg 92 Op deze kavels worden ruimte voor ruimte woningen gerealiseerd als gevolg van de verplaatsing van het aanwezige tuinbouwbedrijf. In totaal gaat het om 9 kavels, voor de verplaatsing. De woonkavels zijn gelegen aan de zuidkant van de kavel en worden ontsloten via een vriendelijk polderlaantje. Aan de noordzijde van de kavel ontstaat zo over de gehele lengte van de kavel (tussen de Paradijsweg en de plas) een brede natuurstrook met natuurvriendelijke oevers. Tezamen met het noordelijke perceel nr. 96 en nr. 88 wordt een recreatieve lus gemaakt waardoor de plas beleefbaar wordt. De bestaande watergang wordt tot 6 à 8 meter verbreed en draagt zorg voor een goede zichtlijn richting de plas. Het recreatieve pad naar de plas loopt via het perceel achter Paradijsweg 88. Op het achterterrein aan de plas (nr. 94a) is een bestaande recreatiewoning Conform het vigerend bestemmingsplan opgenomen.

Figuur 37 – Inrichtingsplan Paradijsweg 92) (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

Paradijsweg 88 Voor deze percelen wordt uitgegaan van bedrijfsbeëindiging en de realisatie van twee ruimte voor ruimte woningen. Waaronder woningen vanuit de LIBzone. Met het inrichtingsplan wordt een flinke kwaliteitsimpuls gegeven aan de natuurontwikkeling en de recreatieve beleving. Door de huidige opzet ontstaat een grote aaneengesloten natuurkavel met kruiden- en faunarijk grasland, nieuwe waterpartijen en natuurvriendelijke oevers. Een recreatiepad maakt de verbinding met de naastgelegen zuidelijke kavel Paradijsweg 92-96 de plas goed bereikbaar voor het recreatieve

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

Figuur 38 - Inrichtingsplan Paradijsweg -88 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

39

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

verkeer, en mede ook door de realisatie van recreatieve voorzieningen aan de plas. Vanaf de Paradijsweg ontstaat mooi zicht op de plas door het schonen van het glas en de open natuurlijke inrichting. 4.4.3 Deelgebied 3 Het grootste deelgebied in de gehele transformatiezone, waar ook het grootste areaal glas wordt gesaneerd. Paradijsweg 78 Voor nr. 78 is sprake van en bedrijfsbeëindiging. Het perceel is in de woonbestemming (1.500 m2) opgenomen, De bestaande schuur kan blijven behouden. Het overige deel van de in eigendom zijnde gronden krijgt de natuurbestemming en water voor de delen waar sprake is van nieuw water. Paradijsweg 76 Het bedrijf op nr. 76 wordt beëindigd en de opstallen gesaneerd. Twee nieuwe ruimte voor ruimte woningen komen op de kavel. De maatvoering van de woonkavels kan wijzigen in de definitieve uitwerking. De watergang wordt verbreed en de nieuwe woningen liggen aan een insteekhaven vanuit de watergang. De toekomstige inrichting gaat tevens uit van een recreatief pad richting de plas en kan een oplossing bieden voor de toegang van de zuidelijk gelegen kavel van de buren. Het achter gelegen natuurbos krijgt de bestemming natuur.

Figuur 39 – Inrichtingsplan Paradijsweg 76-78 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

40

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Paradijsweg 68 Ook het bedrijf op nr. 68 wordt beëindigd en de opstallen gesaneerd. De bedrijfswoning krijgt een woonbestemming, inclusief de achterliggende schuur. Op het middendeel wordt een nieuwe ruimte voor ruimte woning gerealiseerd als gevolg van de sanering van de opstallen.

Paradijsweg 60 en 60a. Op nr. 60 en 60a een groot glastuinbouw gesitueerd, dat verplaatst wordt naar een nieuwe locatie buiten het plangebied. Voor de verplaatsing worden 8 woonkavels gerealiseerd. De bestaande woning nr. 60 krijgt een woonbestemming en nr. 62a wordt gesloopt ten behoeve van de ontsluiting van de percelen. Voor de sloop van nr. 62a komt een vervangende woning in het gebied. In totaal is voor deze kavels sprake van 8 ruimte voor ruimte woningen plus een vervangende woning voor nr. 68a, plus de bestaande woning nr. 60. Het noordelijke glastuinbouwbedrijf blijft functioneren en er is enige afstand genomen van de nieuwe woningen ten opzichte van dit bedrijf. Tussen dit glastuinbouwbedrijf en de geplande nieuwe woningen komt een wandelpad over een smalle legakker. Langs de ontsluitingsweg komen negen nieuwe kavels, in omvang ca. 1.200 tot 1.400 m2. Aan de plaszijde is een openbare parkeerplaats gedacht, een picknick plek met voorziening en een botenhelling. De woonkavels krijgen een waterontsluiting door middel van een brede watergang richting de plas. Bij de nadere uitwerking is het denkbaar dat de ontwikkeling nader wordt afgestemd.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

Figuur 40 – Inrichtingsplan Paradijsweg 68 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

Figuur 41 – Inrichtingsplan Paradijsweg 60-60a (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

41

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Paradijsweg 48 Verder noordelijk is ter plaatse van nr. 48 wederom sprake van een bedrijfsbeëindiging. Ter plaatse wordt één nieuwe ruimte voor ruimte woning gerealiseerd; de bestaande woning krijgt een woonkavel van ca 1500 m2. Het achterperceel krijgt een natuurbestemming. In het plan is voorzien in een recreatieve verbinding in zuid-noord richting, parallel aan de plas. 4.4.4 Deelgebied 4 Deelgebied 4 ligt noordelijk van het Kerkpad. Een deel van deelgebied 4 ligt in de LIB-zone Schiphol, waar slechts in beperkte mate woningbouw mogelijk is Los van dat gegeven is in dit noordelijke gebied ook sprake van minder glasopstand, meer opengrondstuinbouw en meer zichtrelatie met de Langeraarse plas. De intensiteit van de transformatie is hier dan ook geringer ten opzichte van de zuidelijke deelgebieden 1, 2 en 3. Paradijsweg 40 De bedrijfsvoering op het tuinbouwbedrijf Paradijsweg 40 wordt beëindigd. De woonkavel van de voormalige bedrijfswoning wordt ca. 1.500 m2. De schuur zal in het ontwerpbestemmingsplan worden aangemerkt als een bijbehorend bouwwerk binnen het bestemmingsvlak ‘Wonen’ dat is toegekend aan het voorste deel van het perceel Paradijsweg 40. De maximale oppervlakte van een dergelijk bijbehorende bouwwerk bedraagt 80 m2. Incidenteel gebruik ten behoeve van de buurt kan op kleine schaal worden voortgezet. De bestaande schuur van 150 m2 wordt behouden en wordt voor ca.

de helft van het oppervlak gebruikt voor een openbare voorziening. Ook in de huidige situatie is sprake van een ruilbibliotheek, ontmoetingsruimte,

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

Figuur 42 – Inrichtingsplan Paradijsweg 48 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

Figuur 43 – Inrichtingsplan Paradijsweg 40 (Bron: mRO - Peter Verkade Landschapsarchitect)

42

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

ruimte voor de dorpsraad ‘Rondom de plassen’. In het bestemmingsplan is dit met een specifieke aanduiding aangegeven. In de huidige situatie wordt een deel van de kavel al gebruikt als openbare parkeerplaats voor de maatschappelijke functie die de kavel heeft en door bewoners in het gebied (Kerkpad e.o.), waar sprake is van een tekort aan parkeerplaatsen. De huidige eigenaar staat deze functie toe, maar in de toekomst is een bestendige en duurzame oplossing nodig. Een deel van deze kavel wordt derhalve voorzien van een verkeersbestemming en de parkeergelegenheid wordt overgedragen aan gemeente. De bedrijfsbeëindiging gaat verder gepaard met twee nieuwe ruimte voor ruimte woningen, die via de oostzijde van het perceel worden ontsloten. Deze ontsluiting wordt tevens gebruikt als recreatief wandelpad vanaf de Paradijsweg, en is ook verbonden met het openbare parkeerterrein. In het plangebied wordt ook nieuw open water gerealiseerd. Paradijsweg 38 Op het achterliggende perceel nr. 38 is al sinds enkele jaren sprake van een caravanstalling. Op termijn en binnen de planperiode zal deze opslag verdwijnen en worden de glasopstanden gesaneerd. In het bestemmingsplan is die situatie als zodanig bestemd, waarin de (voormalige) bedrijfswoning een burgerwoning bestemming krijgen. Een klein deel van de kas zal nog worden gebruikt voor hobbymatig gebruik.

Dit is als zodanig in het vlekkenplan opgenomen. Een groot deel van het huidige perceel is opgenomen in de natuurbestemming.

Figuur 44 -inrichtingsplan Paradijsweg 38 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

43

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Paradijsweg 36 Het bedrijf op nr. 36 wordt beëindigd. De bedrijfswoning krijgt een 1.500 m2 woonbestemming en het land achter het perceel komt in de natuurbestemming. Op het achterperceel komt voor de sanering en ruimte voor ruimte woning eveneens een woonbestemming en de rest van het perceel een natuurbestemming. Eigenaar heeft ter plaatse al een natuurbos gerealiseerd. Er komt een recreatief pad over de kavels (nr 36 en noordelijk van nr 34), met een verbinding naar de plas.

Figuur 45 – Inrichtingsplan Paradijsweg 36 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

4.4.5 Deelgebied 5 Deelgebied ligt in het LIB gebied 5 waar in beperkte mate woningbouw mogelijk is en in het LIB-gebied 4, waar geen woningbouw mogelijk is. Paradijsweg 30 Het bedrijf op Paradijsweg 30 is reeds gestopt en op het perceel wordt voorzien in één ruimte voor ruimte woning. Op het perceel is voorzien in een recreatief pad.

Figuur 46 – Inrichtingsplan Paradijsweg 30 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

44

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Paradijsweg 20a De bedrijfsvoering op het perceel aan de Paradijswg 201a wordt beeindigd Het perceel wordt heringericht met een natuurbestemming. Er wordt geen nieuwe woning mogelijk gemaakt, in verband met de ligging binnen het LIB gebeid. De verkregen bouwrechten worden elders in het plangebied gerealiseerd. Deelgebied 6 In dit deelgebied is in mindere mate sprake van nieuwe ontwikkelingen. In de LIB-zone zijn slechts 5 LIB woningen toegestaan. Overige (glas)rechten moeten worden verplaats naar één van de overige deelgebieden. Zoals voornoemd is met name in deelgebied 1 t/m 3 diverse kavels waar eigenaren LIB woningen willen toestaan. Figuur 47 – Inrichtingsplan Paradijsweg 20a (bron: mRO / Peter Verkade landschapsarchitect)

Paradijsweg 2 Het tuinbouwbedrijf wordt beëindigd, binnen de planperiode en verplaats naar elders. De ruimte voor ruimte woningen worden in deelgebied 1 gerealiseerd. Ter plaatse van het huidige bedrijf wordt natuur ontwikkeld waarin tevens nieuwe watergangen zijn voorzien. Langs de zuid-west rand van het perceel wordt een wandelpad over een smalle legakker aangelegd met een wilgenrij/

Figuur 48 – Inrichtingsplan Paradijsweg 2 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

45

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Geerweg 24 Het bedrijf Geerweg 24 zal eveneens stoppen en de voormalige bedrijfswoning krijgt de woonbestemming, waarbij de rest van het perceel in de natuurbestemming komt. Een klein deel van de kas zal nog worden gebruikt voor hobbymatig gebruik. 4.5

Figuur 49 - Vlekkenplan Geerweg 24 (Bron: mRO / Peter Verkade Landschapsarchitect)

DE KWALITEITSVERBETERING VAN DE TRANSFORMATIE

Voorliggend bestemmingsplan maakt de realisering van 41 ruimte voor ruimte kavels mogelijk in het gebied. Binnen een periode van 10 jaar na inwerkingtreding van het plan, zal sprake zijn van sanering van ruim 1 ha glasopstanden. Waterhuishouding Met name de waterhuishouding kan aanzienlijk worden verbeterd door deze sanering, waarmee in veel situaties de omzetting gepaard kan gaan met het stopzetten van de onderbemaling in het gebied. Tevens zal de ontwikkeling gepaard gaan met een substantiële toename van wateroppervlak, door het verbreden van de watergangen loodrecht op de Paradijsweg en de Langeraarse plas en de realisering van verschillende insteekhavens in het gebied. Ca. 1 ha nieuw water is als zodanig ook bestemd. Het spreekt voor zich dat in verlengde van deze verbeterpunten, als gevolg van deze sanering de ruimtelijke beeldkwaliteit wordt verbeterd in het gebied, mede ook door het realiseren van meer doorzichten. Energie Sanering van ca. 10 ha glasopstand zal ook een weerslag hebben op het energieverbruik en CO2 uitsloot. Laatste zullen sterk verminderen. In de huidige situatie oefenen de aanwezigheid van kassen een negatieve invloed uit door uitstoot van CO2 en stikstof en door licht- en geluidsverstoring. In de toekomstige situatie wordt op een enkel bedrijf na, de bedrijvigheid uit het plangebied verplaatst.

Daarbij worden de bedrijfspanden vervangen door ruimte voor ruimte woningen, wat een verbetering zal opleveren voor de woon- en leefomgeving. Hierdoor nemen de verkeersintensiteit en de economische druk op het gebied af ten opzichte van de huidige situatie. Met name de vermindering van het aantal verwarmde kassen zal de uitstoot van CO2 en de stikstofbelasting in het plangebied sterk laten dalen. De totale besparing op gas met de nu bekende deelnemers c.q. initiatiefnemers wordt geschat op ca. 1.00.000 m3 gas per jaar. Het wegbestemmen van ruim 10 ha glasopstand uit het gebied levert een reductie van ruim 10.000 NOx per jaar.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

46

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Natuur Een groot deel van de bestemming Agrarisch glastuinbouw in het vigerende bestemmingsplan zal worden omgezet in een natuurbestemming. Het gaat om ruim 10 ha nieuwe natuurbestemming in het plangebied. De op te stellen inrichtingsplannen zullen gepaard gaan met de inrichting van natuurpercelen en natuurvriendelijke wateroevers. In het algemene kan worden geconcludeerd dat hiermee de biodiversiteit sterk zal toenemen. In totaal wordt ruim 11 ha nieuwe natuur en nieuw water bestemd. Recreatie De recreatieve mogelijkheden in het gebied worden vergroot. Op de (individuele) ontwikkelpercelen is uitgegaan van de realisering van een recreatief pad. Doel is om op termijn, wanneer ook nu nog bestaande en blijvende tuinbouwbedrijven mogelijk zullen stoppen in het gebied, er een doorgaande wandelmogelijkheid evenwijdig aan de Langeraarse plassen zal ontstaan. Om dit planologisch mogelijk te maken is dit in het bestemmingsplan op twee onderdelen geborgd. Voor de individuele kavels zijn de inrichtingsplannen in de bijlage van de planregels opgenomen. Het gebruik van de nieuwe woonpercelen, inclusief nieuw water, natuurpercelen en recreatieve onderdelen, kan alleen conform het bijgevoegde inrichtingsplannen voor het perceel. Hiermee wordt de toekomstige inrichting van het perceel ook planologisch geborgd.

Voor de gehele zone langs de Langeraarse plassen is een gebiedsaanduiding opgenomen, waarin de realisatie van de recreatieve paden is aangegeven (artikel 21.1). Tevens kan langs deze doorgaande verbinding op termijn een versterking van de ecologische waarden vorm krijgen. Recreatie eiland In de zuidelijke Langeraarse plas zal langs het Kerkpad een nieuw recreatie eiland worden gerealiseerd. Dit valt echter buiten het plangebied van onderhavig bestemmingsplan en wordt in een apart bestemmingsplan geregeld. Initiatiefnemers willen in 2019 starten met de aanleg van dit eiland, dat ook in samenwerking en overleg met het Hoogheemraadschap Rijnland tot stand komt. Het spreekt voor zich dat samen met de recreatieve kwaliteitsimpuls van onderhavig bestemmingsplan en dit recreatie eiland de totale recreatieve waarde in het gehele gebied sterk wordt verbeterd.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

47

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

5

MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN

5.1

INLEIDING

In dit hoofdstuk komt een aantal milieu- en omgevingsaspecten aan de orde die van belang (kunnen) zijn voor het bestemmingsplan. Na een algemene beschrijving, gebaseerd op beleid en regelgeving, wordt voor elk onderdeel ingegaan op de relatie met het plangebied. 5.2

LUCHTHAVENINDELINGBESLUIT (LIB)

5.2.1 Normstelling en beleid Op 1 november 2002 heeft het kabinet de nieuwe milieu- en veiligheidsregels voor het vijfbanenstelsel op Schiphol vastgesteld. De regels zijn opgenomen in het Luchthavenindelingbesluit (LIB, gewijzigd op 1 januari 2018), waarin beperkingen worden gesteld aan het ruimtegebruik rond de luchthaven en het luchthavenverkeerbesluit (LVB), dat is gericht op de beheersing van de belasting van het milieu door het luchtverkeer. De nieuwe regels zijn op 20 februari 2003 in werking getreden, op het moment dat Schiphol de vijfde baan (Polderbaan) in gebruik had genomen. Deze regels moeten door gemeenten in acht worden genomen bij bestemmingsplannen en bij omgevingsvergunningen (o.a. de voormalige bouw- of aanlegvergunningen). In het Luchthavenindelingbesluit zijn twee gebieden vastgesteld: het luchthavengebied en het beperkingengebied. Het plangebied valt deels binnen het beperkingengebied als bedoeld in kaartbijlage 3B van het LIB. Binnen het beperkingengebied worden weer verschillende deelgebieden (zones) onderscheiden met specifieke regels, te weten LIB 1 t/m 4. Bij de laatste wijziging van het Luchthavenindelingsbesluit is een 5e deelgebied toegevoegd: het afwegingsgebied voor externe veiligheid en geluid (het gebied dat nu bekend staat als ‘20 Ke-gebied’ uit de Verordening Ruimte’).

Bedoeling van het afwegingsgebied is om enerzijds op Rijksniveau het rijkskader (geen nieuwe woningbouwlocaties buiten bestaand stedelijk gebied) in het LIB te verankeren, en anderzijds de provincies de mogelijkheid te geven om daarbinnen (middels de provinciale Verordeningen) verdere regels te stellen om beperkt en onder voorwaarden woningen toe te staan conform de Kamerbrief van 1 april 2016. De provincie Zuid–Holland heeft regelgeving om beperkt en onder voorwaarden woningen toe te staan opgenomen in de nota Ruimte 2018. In artikel 2.1.11 is opgenomen dat binnen het LIB 5 gebied woningbouw uitsluitend binnen bestaand stads- en dorpsgebied is toegestaan. In afwijking daarvan en toegespitst op dit bestemmingsplan, kan een bestemmingsplan voorzien in nieuwe woningen buiten bestaand stads- en dorpsgebied als het onder meer gaat om: • de toevoeging van ten hoogste enkele woningen betreft in reeds aanwezige lintbebouwing buiten bestaand stads- en dorpsgebied; • de toevoeging van ten hoogste enkele woningen volgens het principe ruimte voor ruimte, waarbij de ruimtelijke kwaliteit wordt verbeterd door de sloop van overtollige bebouwing en kassen; • het omzetten van bedrijfswoningen naar burgerwoningen, of • bedrijfswoningen, voor zover noodzakelijk voor de bedrijfsvoering.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

48

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Figuur 49 – Ligging zones LIB 4 (geel, de 20Ke-contour) en LIB 5 (groen) in relatie tot het plangebied

5.2.2

Relatie met het plangebied

Beperkingsgebied Schiphol Het plangebied ligt deels (noordelijke deel) in een beperkingengebied, zone 4, het zogenaamde LIB 4 gebied. In dit gebied/ deze zone gelden strenge beperkingen ten aanzien van nieuwe woningbouw (zowel binnen- en buiten stedelijk gebied) vanwege geluidhinder in verband met de nabije ligging van de start- en landingsbanen van Schiphol. De regels en beperkingen die in dit gebied worden opgelegd dienen dan ook om ernstige hinder en slaapverstoring door vliegtuiglawaai te voorkomen. Nieuwe woningen zijn in dit gebied in principe niet toegestaan. Dat geldt ook voor nieuwe scholen, ziekenhuizen en verpleeghuizen. Wel mogen gebouwen met een zogenoemde short-stay en logies-functie gebouwd worden. Een gemeente kan weliswaar besluiten om wél woningen te bouwen in dit beperkingengebied, om bijvoorbeeld verpaupering tegen te gaan en de leefbaarheid in de gemeente te verhogen. Dat moet dan wel binnen bestaand stedelijk gebied zijn en het mogen niet meer dan 25 woningen zijn. Het plangebied, gesitueerd in LIB 4, vormt geen stedelijk gebied en daarmee is ook geen nieuwe woningbouw mogelijk. Binnen gebied LIB5 (20 Ke-zone) is beperkt woningbouw mogelijk.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

49

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

In onderhavig plangebied is immers sprake van de toevoeging van woningen volgens het principe ruimte voor ruimte, waarbij de ruimtelijke kwaliteit wordt verbeterd door de sloop van overtollige bebouwing en kassen. Met provincie Zuid-Holland is overeengekomen dat maximaal 5 ruimte voor ruimte woningen in dit LIB 5 gebied zijn toegestaan. Risicoprofiel De Veiligheidsregio Hollands Midden is wettelijk verplicht eenmaal in de vier jaar een risicoprofiel vast te stellen. Een van de risico’s waar de veiligheidsregio (en dus ook de gemeente Nieuwkoop) mee geconfronteerd kan worden is een vliegtuigongeval op haar grondgebied. De veiligheidsregio geeft aan dat er voor vliegtuigongevallen afspraken zijn gemaakt met de veiligheidsregio Kennemerland waar Schiphol onder valt. De gevolgen van een vliegtuigongeval kunnen binnen het beschikbare potentieel van de Veiligheidsregio Hollands Midden samen met de veiligheidsregio Kennemerland worden opgevangen. De raad van de gemeente Nieuwkoop heeft in zijn vergadering van 9 juli 2015 besloten het bestuur van de veiligheidsregio te verzoeken zich met name te focussen op het risico van luchtvaartongevallen. Hoogtebeperkingen Tot slot gelden er in het gebied ook nog hoogtebeperkingen. Deze houden in dat erbinnen niet hoger mag worden gebouwd dan 150 meter.

Het bestemmingsplan maakt dit ook niet mogelijk, zodat er ook op dit vlak geen problemen voordoen. 5.2.3 Conclusie Het Luchthavenindelingsbesluit staat de uitvoering van het voorliggende bestemmingsplan op voorhand niet in de weg. 5.3

GELUID

5.3.1 Beleid en regelgeving De Wet geluidhinder (Wgh) biedt een toetsingskader voor het geluidniveau op de gevels van geluidgevoelige bestemmingen, zoals woningen en scholen. De Wgh kent een ondergrens, de zogenaamde voorkeursgrenswaarde. Wanneer de geluidbelasting lager is dan deze waarde, zijn er geen belemmeringen vanuit de Wgh voor de realisatie van geluidgevoelige bestemmingen (objecten). Onder geluidgevoelige objecten worden in dit kader woningen, woonwagenstandplaatsen, onderwijsgebouwen, ziekenhuizen en verpleeghuizen, en speciaal benoemde gezondheidszorggebouwen verstaan. Daarnaast is er in de Wgh een bovengrens opgenomen, de maximaal toelaatbare geluidbelasting. Indien de geluidbelasting hoger is dan deze waarde, is het realiseren van geluidgevoelige bestemmingen in principe niet mogelijk. Wanneer de geluidbelasting tussen de voorkeursgrenswaarde en de maximaal toelaatbare geluidbelasting ligt, is het realiseren van geluidgevoelige bestemmingen aan beperkingen gebonden en alleen onder voorwaarden mogelijk. Dit wordt een ‘hogere waarde’ genoemd (‘hoger’ in de zin van hoger dan de voorkeursgrenswaarde) en wordt via een formele procedure vastgelegd. Er wordt een onderscheid gemaakt in geluidbelasting ten gevolge van (spoor)wegverkeer en ten gevolge van industrie.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

50

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

In het kader van dit bestemmingsplan is alleen het aspect wegverkeerslawaai van toepassing. Er zijn geen gezoneerde bedrijventerreinen en spoorwegen aanwezig. Wegverkeer Op basis van artikel 74 van de Wgh hebben alle wegen een geluidzone. Uitzondering hierop zijn woonerven en 30 km/uur-gebieden. De omvang van de zone is afhankelijk van het aantal rijstroken van de weg en of de weg binnen- of buitenstedelijk is gelegen. Voor de bepaling van de maximaal toelaatbare geluidbelasting houdt de Wgh rekening met de ligging van de geluidgevoelige bestemmingen en wordt onderscheid gemaakt tussen stedelijk en buitenstedelijk gebied. Binnen stedelijk gebied gelden over het algemeen minder strenge normen. In het kort komt het erop neer dat het gebied binnen de bebouwde kom behoort tot het stedelijke gebied, met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, dat gelegen is binnen de zone van een autoweg of autosnelweg. In het laatste geval en voor de situatie buiten de bebouwde kom gelden de normen die van toepassing zijn op het buitenstedelijke gebied. Een hoofdweg is, conform deze definitiebepaling van de Wgh, altijd gelegen in buitenstedelijk gebied. Toetsing van de geluidbelasting aan de voorkeursgrenswaarde vindt plaats in geval van de realisatie van nieuwe geluidgevoelige bestemming in een zone van een weg of de aanleg of reconstructie van een weg.

De voorkeursgrenswaarde bedraagt 48 dB. 5.3.2 Relatie met het plangebied In het plangebied is sprake van 42 te realiseren ruimte-voor-ruimte woningen, die in enkele gevallen langs de Paradijsweg zijn gesitueerd en in de meeste gevallen op grotere afstand. Dit betreffen nieuwe, geluidgevoelige objecten. Toetsing aan de kaders uit de Wgh is in deze situatie van toepassing. Onderzoek wegverkeerslawaai Door bureau Alcedo is een onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd. Hierin zijn zowel in de bestaande als de nieuwe situatie de geluidsbelasting als gevolg van wegverkeerslawaai in kaart gebracht. Het onderzoeksrapport is in Bijlage 1 toegevoegd. Er zijn twee situaties doorgerekend: 1. de autonome situatie 2030 zonder de 41 nieuwe woningen 2. de toekomstige situatie 2030 inclusief de 41 nieuwe woningen Bij de berekeningen van de nieuwe situatie is uitgegaan van een worst-case scenario waarin er geen afname van het vrachtverkeer, als gevolg van de te verdwijnen glastuinbouw-bedrijven, is meegewogen. Enkel de toename van het persoons-verkeer als gevolg van de nieuwe woningen is meegenomen. In de praktijk zal de intensiteit van het verkeer dus lager zijn. Rekenmodel Voor de bepaling van de geluidsbelastingen is een rekenmodel opgesteld volgens standaard rekenmethode van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012.

In dit driedimensionale model zijn onder andere wegen, verharde vlakken, gebouwen, geluidsschermen en kruispunten opgenomen.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

51

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

De gebruikte verkeersintensiteiten voor het prognosejaar 2030 en zijn aangeleverd door de gemeente Nieuwkoop. Voor de toekomstige situatie is uitgegaan van de ontwikkeling van 41 nieuwe woningen in het plangebied. Deze ontwikkeling zal op de omliggende wegen voor een verkeerstoename zorgen. Als uitgangspunt is gehanteerd dat de etmaalintensiteiten zullen toenemen met gemiddeld 7 voertuig bewegingen per woning per etmaal, in totaal 287 lichte motorvoertuigen/etmaal. Daarentegen zullen een aantal bedrijven en de daarbij behorende verkeersbewegingen verdwijnen. Het verhogen van de autonome verkeersintensiteiten voor peiljaar 2030 met de verkeersgeneratie van 287 is daarom een ‘worst-case’ scenario. De verhoging is toegepast op de Paradijsweg, de Ringdijk/Hertog van Beijerinkstraat en het Kerkepad.

Figuur 50 – verkeersintensiteiten TOEKOMSTIGE situatie 2030 (bron: Alcedo)

Resultaten Nieuwe woningen De rekenresultaten betreffende de nieuwe woningen aan de westzijde van de Paradijsweg (de 41-ruimte voor-ruimte woningen) wijzen uit dat de maximale geluidsbelasting 44 dB (inclusief aftrek conform art. 110g Wgh) bedraagt. Dit betreft de geluidsbelasting afkomstig van de Ringdijk / Hertog van Beijerenstraat.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

52

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

De gecumuleerde belasting bedraagt 49 dB (excl. aftrek conform art. 110g Wgh) en daarmee is de geluidsbelasting aanvaardbaar. Bestaande woningen In de autonome situatie is sprake van een maximale geluidsbelasting van 56 dB (incl. aftrek conform art. 110g Wgh) als gevolg van het wegverkeer. Dit betreft de geluidsbelasting afkomstig van de Ringdijk / Hertog van Beijerenstraat. De maximale gecumuleerde belasting (excl. aftrek conform art. 110g Wgh) bedraagt 61 dB. In de toekomstige situatie, waarin de 287 verkeersbewegingen als gevolg van de 41 nieuwe woningen zijn meegenomen, is een marginale toename van de maximale geluidsbelasting zichtbaar. De maximale geluidsbelasting bedraagt in deze situatie 57 dB (incl. aftrek conform art. 110g WgH), wederom als gevolg van het verkeer op de Ringdijk / Hertog van Beijerenstraat. Ter plaatse van de Paradijsweg is een toename van 2,3 dB berekend. Een toename van ca. 2 dB wordt als niet significant beschouwd en is niet of nauwelijks hoorbaar. De gecumuleerde belasting neemt toe tot 62 dB (excl. aftrek conform art. 110g WgH) Aan de hand van het voorgaande kan worden gesteld dat in de toekomstige situatie er geen sprake zal zijn van een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat.

Bovendien is er in kader een worst-case scenario beschreven, waarin geen rekening is gehouden met de afname van het (vracht)verkeer als gevolg van het verdwijnen van de verschillende glastuinbouw-bedrijven aan de Paradijsweg. Het daadwerkelijke verkeerslawaai in de toekomstige situatie zal dus lager zijn dan in deze rapportage is berekend. 5.3.3 Conclusie Op grond van het voorgaande wordt gesteld dat er geen belemmeringen zijn vanuit het aspect geluid voor het plan. De toename van de geluidsbelasting als gevolg van de nieuwe woningen is verwaarloosbaar; er zijn geen aanvullende maatregelen nodig om een goed woonen leefklimaat te garanderen. 5.4

LUCHTKWALITEIT

5.4.1 Normstelling en beleid Het toetsingskader voor luchtkwaliteit wordt gevormd door de Wet milieubeheer luchtkwaliteitseisen 2007 (ook wel Wet luchtkwaliteit, Wlk). De regelgeving is uitgewerkt in onderliggende Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB’s) en Ministeriële Regelingen. In de Wlk zijn luchtkwaliteitseisen opgenomen in de vorm van grenswaarden en richtwaarden voor een aantal luchtverontreinigende stoffen. In de praktijk van de ruimtelijke ordening zijn alleen de grenswaarden voor stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10) van belang, omdat de concentraties van

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

53

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

deze stoffen in Nederland in de buurt van de grenswaarden liggen. De grenswaarden van de laatstgenoemde stoffen zijn in tabel 1 weergegeven. Stof

Type norm

Van kracht vanaf

Concentratie (g/m3)

stikstofdioxide (NO2)

Jaargemiddelde

2015

40

24-uursgemiddelde

2015

200

fijn stof (PM10)

Jaargemiddelde

2011

40

24-uursgemiddelde

2011

50

Max. overschr. per jaar 18 35

Tabel 1 - Grenswaarden stikstofdioxide en fijn stof

Overigens geldt vanaf 1 januari 2015 dat het bevoegd gezag de luchtkwaliteit ook moet toetsen aan zwevende deeltjes in de atmosfeer, waarvan de omvang (aerodynamische diameter) kleiner is dan 2,5 micrometer. Deze worden aangeduid met PM2,5. PM2,5 is in dit kader een deeltje uit de fractie PM 10. De grenswaarde voor PM2,5 is gesteld op 25 µg/m3. De grenswaarden van de overige stoffen (zwaveldioxide, stikstofoxiden, lood, koolmonoxide en benzeen) worden in de regel in Nederland niet meer overschreden. De Wlk is enerzijds gericht op het voorkomen van negatieve effecten voor volksgezondheid. Anderzijds biedt de wet mogelijkheden om ruimtelijke ontwikkelingen te realiseren, ondanks overschrijdingen van de Europese grenswaarden voor luchtkwaliteit. Om de bovenstaande doelen te behalen voorziet de Wet milieubeheer in een gebiedsgerichte aanpak van de luchtkwaliteit via het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). De programma-aanpak zorgt voor een flexibele koppeling tussen ruimtelijke activiteiten en milieugevolgen.

Luchtkwaliteitseisen vormen onder de Wet milieubeheer geen belemmering voor ruimtelijke ontwikkeling indien: • er geen sprake is van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde, of; • een project, al dan niet per saldo, niet leidt tot een verslechtering van de luchtkwaliteit, of; • een project ‘niet in betekenende mate’ bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Besluit Niet In Betekenende Mate (NIBM) In dit besluit is bepaald in welke gevallen een ruimtelijke ontwikkeling vanwege de gevolgen voor de luchtkwaliteit niet hoeft te worden getoetst aan de grenswaarden. Een project draagt ‘niet in betekende mate’ bij aan de luchtverontreiniging als de zogenaamde 3% grens niet wordt overschreden. De 3% grens is gedefinieerd als 3% van de grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie van fijn stof of stikstofdioxide. Deze grenswaarde is gesteld op 40 µg/m3. Dit komt overeen met 1,2 microgram/m3 voor zowel PM10 als NO2. Deze bijdrage van 3% is in de ministeriële regeling niet in betekenende mate (‘Regeling NIBM’) door vertaald naar 1.500 woningen of 100.000 m2 kantooroppervlak bij één ontsluitingsweg. Besluit gevoelige bestemmingen In het verlengde van een goede ruimtelijke ordening, gebaseerd op de Wet milieubeheer, is het Besluit gevoelige bestemmingen van kracht. Dit besluit is gericht op functies voor gevoelige groepen voor langdurig verblijf.

Hierbij kan worden gedacht aan zorginstellingen, kinderopvang, scholen en bejaardentehuizen.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

54

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Deze functies mogen niet worden gerealiseerd in gebieden met overschrijdingen van de wettelijke grenswaarden ten gevolge van provinciale wegen en rijkswegen. Daarnaast wordt geadviseerd zeer terughoudend te zijn met het realiseren van gevoelige bestemmingen bij drukke gemeentelijk wegen. Goede ruimtelijke ordening Naast hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer is ook het beginsel van een goede ruimtelijke ordening van toepassing. De formele definitie van het beginsel van een goede ruimtelijke ordening is: ‘het coördineren van de verschillende belangen tot een harmonisch geheel dat een grotere waarde vertegenwoordigd dan het dienen van de belangen afzonderlijk’. Een goede luchtkwaliteit is een van de belangen, ofwel de luchtkwaliteit dient geschikt te zijn voor de beoogde functie. Daarom is het wenselijk om inzicht te hebben in de luchtkwaliteitssituatie. 5.4.2 Relatie met het plangebied De voorgenomen ruimte voor ruimte woningen verspreid over het plangebied vallen door hun relatief kleine omvang in de categorie ‘niet in betekenende mate’, zoals aangegeven in de Regeling NIBM. Het bestemmingsplan voldoet daarmee aan de Wet milieubeheer, onderdeel luchtkwaliteitseisen. Een nadere toetsing aan de normen van de Wet luchtkwaliteit is daarom niet aan de orde. Ook kan aan het beginsel van een goede ruimtelijke ordening worden voldaan.

Dit blijkt onder andere uit de Grootschalige Concentratiekaarten Nederland (GCN), waar de achtergrondconcentraties van fijn stof en stikstofdioxide liggen (ruim) onder de normen liggen. In figuur 51 is dit inzichtelijk gemaakt. Voor PM2,5 (ultra fijnstof) is het beeld gelijk aan het beeld van PM10. Gezien de beperkte emissies van luchtverontreinigende bronnen binnen het gebied is het onwaarschijnlijk dat de grenswaarde van de stoffen vaak wordt overschreden.

Figuur 51 – LINKS Concentratie stikstofdioxide t.h.v. de gemeente Nieuwkoop in 2017 (bron: RIVM) RECHTS Concentratie fijnstof t.h.v. de gemeente Nieuwkoop in 2017 (bron: RIVM)

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

55

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

5.4.3 Conclusie De voorgenomen ruimte voor ruimte woningen, verspreid over het plangebied vallen tevens in de categorie ‘niet in betekenende mate’ zodat een nadere toetsing aan de normen van de Wet luchtkwaliteit niet nodig is. Bovendien liggen de concentraties stikstofdioxide en fijn stof binnen het plangebied beneden de wettelijke normen. Dit betekent dat er wordt voldaan aan het wettelijke kader, zoals opgenomen in hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer. Het aspect luchtkwaliteit staat daarmee de vaststelling van het bestemmingsplan niet in de weg. 5.5

EXTERNE VEILIGHEID

5.5.1 Beleid en regelgeving Het algemene rijksbeleid voor externe veiligheid is gericht op het beperken en beheersen van risico’s voor de omgeving als gevolg van gebruik en opslag van gevaarlijke stoffen door bedrijven, het transport van gevaarlijke stoffen over wegen, waterwegen, spoorwegen en door buisleidingen en het gebruik van luchthavens. Het wettelijk kader voor risicovolle bedrijven is vastgelegd in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) en het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb). Voor het aspect externe veiligheid geldt een norm voor het plaatsgebonden risico 1 (PR) en een oriëntatiewaarde voor het groepsrisico 2 (GR) en een verantwoordingsplicht. Plaatsgebonden risico Het PR kent een grenswaarde van 10-6. Binnen de PR 10-6 contour mogen geen kwetsbare objecten aanwezig zijn. Voor beperkt kwetsbare objecten geldt deze waarde als richtwaarde en in nieuwe situaties moet in beginsel ook aan deze waarde worden voldaan. Verantwoordingsplicht groepsrisico Het groepsrisico is een maat voor de maatschappelijke ontwrichting in situaties waarin zich een ramp met gevaarlijke stoffen voordoet. De verantwoordingsplicht is erop gericht om een weloverwogen afweging te maken over de risico’s in relatie tot de (ruimtelijke) ontwikkelingen in het plangebied.

1

PR: Risico op een plaats buiten de inrichting, uitgedrukt als de kans per jaar, dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven, verblijft overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen die inrichting of bij de transport-as, waarbij een gevaarlijke stof betrokken is (zie ook artikel 1, lid 1 onderdeel p van het BEVI). 2

GR: De cumulatieve kansen dat per jaar dat een groep van 10, 100 of 1000 personen overlijdt als rechtstreeks gevolg hun aanwezigheid in het invloedsgebied in het invloedsgebied van een inrichting of een transport-as en een ongewoon voorval binnen die inrichting of bij een transport-as, waarbij een gevaarlijke stof betrokken is (zie ook artikel 1, lid 1 onderdeel k van het BEVI).

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

56

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Figuur 52 - Uitsnede risicokaart voor het plangebied (bron: www.risicokaart.nl)

Provinciaal Beleid In de provinciale Omgevingsvisie is onder de noemer omgevingsveiligheid het hoofddoel aangegeven: een veiliger Zuid-Holland door de kans dat grote groepen mensen slachtoffer worden van ongevallen met gevaarlijke stoffen te minimaliseren. De provincie wil voorkomen dat risicovolle activiteiten gevestigd worden in de omgeving van grote groepen mensen of dat een nieuwe ontwikkeling gepland wordt binnen het invloedsgebied van een risicovolle activiteit. Het uitgangspunt is dat (op termijn) voldaan wordt aan de oriëntatiewaarde. Beleidsvisie externe veiligheid gemeente Nieuwkoop De Raad van de gemeente Nieuwkoop heeft in de vergadering van 31 maart 2011 de gemeentelijke beleidsvisie externe veiligheid vastgesteld. Toetsing van het aspect externe veiligheid vindt plaats aan de hand van deze beleidsvisie. 5.5.2 Inventarisatie risicobronnen plangebied Op basis van de risicokaart is een inventarisatie van de risicobronnen in en om het plangebied gemaakt (zie figuur 51). Hieruit blijkt dat binnen en in de omgeving van het plangebied geen risicobronnen aanwezig zijn. Een nadere toetsing aan het plaatsgebonden risico en/of een verantwoording groepsrisico is derhalve niet nodig. 5.5.3 Conclusie Er zijn geen belemmeringen vanuit het aspect externe veiligheid voor het plan.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

57

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

5.6

BODEM

5.6.1 Beleid en regelgeving De bodemkwaliteit is in het kader van de Wro van belang indien er sprake is van functieveranderingen en/of een ander gebruik van de gronden. Voor een conserverend bestemmingsplan geldt dat er geen directe aanleiding is om onderzoek naar de bodemkwaliteit uit te voeren. Bij de ontwikkeling van een ruimtelijk plan moet rekening worden gehouden met de bodemkwaliteit ter plaatse. Eventueel aanwezige bodemverontreiniging kan grote invloed hebben op de keuze van een bepaalde functie en/of uitvoerbaarheid van een plan. Voor de functie wonen gelden bijvoorbeeld andere normen dan voor de functie bedrijven. Met het oog op de beoordeling van de realiseerbaarheid van een plan kan het nodig zijn dat een bodemonderzoek wordt uitgevoerd. Dit kan een verkennend bodemonderzoek conform NEN5740 zijn. Dit onderzoek kan dan ook worden gebruikt ten behoeve van een verplichting voortvloeiend uit de Woningwet of de Wet milieubeheer. Op basis van artikel 8 van de Woningwet moet worden voorkomen dat er wordt gebouwd op verontreinigde grond. Dit om schade en/of gevaar voor de gezondheid van gebruikers te voorkomen. In het kader van het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer bij de Wet milieubeheer moet bij het realiseren van bedrijfsbestemmingen veelal een zogenaamde nulsituatie worden vastgelegd.

De Wet op de ruimtelijke ordening (Wro) bepaalt dat gemeenten bij het vaststellen van bestemmingsplannen regels stellen voor een goede ruimtelijke ordening. Dit betekent voor de bodem (grond en grondwater) dat de bodemkwaliteit en de voorgenomen bestemming met elkaar in overeenstemming dienen te zijn. Of de bodem een planontwikkeling in de weg staat, wordt middels een historisch onderzoek, eventueel aangevuld met een bodemonderzoek, bepaald. De resultaten van het historisch onderzoek, het bodemonderzoek en de conclusie met eventuele saneringsadviezen worden in het bestemmingsplan vermeld. Wet bodembescherming (Wbb) Als er sprake is van ernstige bodemverontreiniging dan gelden de regels van de Wbb. In de Wbb is een saneringsdoelstelling bepaald (het saneren naar de functie) en een saneringscriterium (wanneer moet er gesaneerd worden (bij zogenaamde ‘spoed- of risicolocaties’). Besluit bodemkwaliteit (Bbk) Het Besluit bodemkwaliteit geeft de lokale bevoegde gezagen de mogelijkheid om de bodemkwaliteit binnen hun gebied actief te gaan beheren binnen de gegeven kaders. Dit geeft onder andere ruimte voor nieuwe bouwprojecten, zoals woningen en wegen. Daarnaast worden de kwaliteit en de integriteit van belangrijke intermediairs bij bodemactiviteiten beter geborgd. In het besluit staan ook regels met betrekking tot het toepassen van bouwstoffen, grond en baggerspecie.

5.6.2 Bodemkwaliteit plangebied Door Econsultancy is een historisch vooronderzoek voor het gehele plangebied verricht. Dit onderzoek is in het voorjaar van 2020 geactualiseerd, waarbij de situatie binnen het plangebied is beschouwd.

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

58

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

Figuur 53 – overzicht onderzoekslocaties (bron: econsultancy)

In Bijlage 2 is de rapportage van het bodemonderzoek opgenomen. Bevindingen De belangrijkste bevindingen zijn als volgt. Paradijsweg 60 Er is een mogelijk bodemverontreiniging aanwezig door glastuinbouw aan de Paradijsweg 60. In 1998 is een matige verontreiniging met nikkel aangetoond. Paradijsweg 76 Ter plaatse van de Paradijsweg 76 zijn in het verleden verontreinigingen aangetoond die aanleiding geven voor het uitvoeren van nader bodemonderzoek. Ter plaatse van de erfverhardingen, toegangspaden en bebouwing binnen het plangebied is in het verleden (mogelijk) fundatiemateriaal toegepast. Het fundatiemateriaal kan een bodemverontreiniging tot gevolg hebben gehad met zware metalen, PAK, minerale olie en asbest. Algemeen Ter plaatse van het gehele plangebied zijn in het verleden sloten gedempt. Voor het dempen van deze sloten is mogelijk bodemvreemd materiaal gebruikt. Deze sloten zijn derhalve verdacht voor het voorkomen van bodemverontreiniging met zware metalen, PAK, minerale olie en asbest. Ter plaatse van het gehele plangebied is in het verleden mogelijk toemaakgrond toegepast. Deze gebieden zijn in zekere mate verdacht voor het voorkomen van bodemverontreiniging (zware metalen en PAK). Echter, uit verschillende onderzoeken naar humane, landbouwkundige, ecologische en verspreidingsrisico’s

Gemeente nieuwkoop Bestemmingsplan Paradijsweg Westzijde – fase 1 mRO b.v./ TOE / 43.62 – v9 / juni 2020

59

NL.IMRO.0569.bpLGRparadijsweg.on01 conceptontwerp

is gebleken dat op grond van het huidige gebruik geen tot nauwelijks risico’s zijn bij aanwezigheid toemaakdekgrond. Vanwege het ontbreken van risico's is de sanering niet alleen niet spoedeisend, maar worden ook niet noodzakelijk geacht, zolang het toemaakdekgebied de huidige gebruikersfunctie blijft behouden. Voor het overige deel van het plangebied blijkt niet dat er (noemenswaardige) bodemverontreinigingen te verwachten zijn. Advies Geadviseerd wordt om, ten tijde van de vergunningsverlening: • Op de locaties waar een (mogelijke) verontreiniging is aangetroffen, wordt geadviseerd een nader bodemonderzoek uit te voeren naar de aard en omvang van de in het verleden aangetoonde bodemverontreiniging. • Ter plaatse van erfverhardingen, toegangspaden en bebouwing binnen het plangebied wordt geadviseerd een verkennend bodemonderzoek uit te voeren. • Voor de gedempte sloten in het plangebied wordt geadviseerd in eerste instantie in zintuiglijk bodemonderzoek uit te voeren naar de aard van het dempingsmateriaal. Ter plaatse van het gehele plangebied is in het verleden mogelijk toemaakgrond toegepast. Vanwege het ontbreken van risico's is een sanering van deze gronden niet spoedeisend en niet noodzakelijk, zolang het toemaakdekgebied de huidige gebruikersfunctie blijft behouden. Bij wijziging van de gebruikersfunctie is mogelijk wel sprake van risico’s.

In dat geval wordt geadviseerd aanvullend bodemonderzoek uit te voeren en/of de (nieuwe) humane risico’s nader in kaart te brengen. Verder is er voor grondverzet binnen het gebied waar toemaakgrond toegepast is, lokaal bodembeleid opgesteld door de omgevingsdienst West-Holland. Bij grondverzet dienen dit specifieke beleid in acht worden genomen. Uit het vooronderzoek blijkt verder dat er geen sprake is van bodembelasting, anders dan een regionale of landelijke diffuse achtergrondbelasting in de grond en het grondwater. Voor deze terreindelen wordt niet verwacht dat de bodemkwaliteit een milieuhygiënische belemmering zal vormen voor het beoogde gebruik. 5.6.3 Conclusie Het aspect bodemkwaliteit staat de vaststelling van het bestemmingsplan niet in de weg. Wel zal in individuele gevallen, bij de omgevingsvergunning voor bouwen voor de ruimte voor ruimte woningen, specifiek bodemonderzoek nodig zijn en moeten worden uitgevoerd. 5.7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwkoop&id=70efb0c6-9fdc-4542-9118-b707d86e9ff8