Publicatie de constructieve.pdf
Tekst van het document
Wat gaat de Utrechtse regio zelf aanpakken om de komende vier jaar de energietransitie te versnellen?
2e Dialoog over de energietransitie-versnelling in de U16 12 april 2023
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Voorwoord De energietransitie heeft versnelling nodig, ook in de U16-regio. Daar zijn velen het over eens. Plannen zijn er inmiddels volop. Het komt nu aan op doen. Hoe vanzelfsprekend en aantrekkelijk dat laatste ook klinkt, de praktijk blijkt om verschillende redenen weerbarstig. Een duidelijk speelveld; verschil van inzicht in het hoe of over de snelheid; de verwijzing naar andere partijen. De vertragende elementen zijn legio. Tegelijk bestaat er een grote betrokkenheid en wil om tot resultaten te komen in de U16-regio. Kansen laten liggen, hoe klein dan ook, leidt niet alleen tot ongewenste vertraging, maar leidt ook tot andere ongewenste effecten, zoals het vergroten van de energiekloof en energieschaarste voor bewoners en voor bedrijven. Daarom heeft De Constructieve besloten de versnelling een duwtje in de rug te geven door een aantal dialogen te organiseren met een tweeledig doel:
▪ wat kunnen we in de U16-regio zelf al op gang brengen met alle ambitie, kennis ▪
en vaardigheden waarover we in deze regio beschikken bij burgerinitiatieven, het bedrijfsleven, de kennisinstituten en bestuur en politiek. het versterken van de samenwerking tussen deze groepen met als motto “met gebundelde kracht bereiken we meer”.
Op 12 april vindt de tweede dialoog plaats in het Academiegebouw in Utrecht, met steun van de gemeente Utrecht, de Utrecht Development Board, de Rabobank Midden Nederland en de Public Space Foundation. Dit is een vervolg op de eerste dialoog van 21 juni 2022 in het Rabo-auditorium. Ter voorbereiding van 12 april komen 28 aanjagers uit de regio aan het woord in deze publicatie. We zijn hen daar zeer erkentelijk voor. Hun verhalen zijn gebaseerd op interviews door leden van De Constructieve en op presentaties gehouden tijdens de door De Constructieve georganiseerde 1e dialoog. De ordening van de interviews, naar burgerinitiatieven, bedrijfsleven, kennisinstituten en overheid, laat zien hoe breed de transitie leeft.
Versie 230411 – pagina 2
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
In de Inleiding worden een aantal bevindingen op hoofdlijnen weergegeven. Die spitsen zich toe op enerzijds het algemene provinciale bestuurlijke speelveld (focus daarbinnen op U16 is in dit stadium nog lastig) en anderzijds de facilitering en versterking van de initiatieven van onderaf. Achterin de publicatie staan de thema’s die – uit de veelheid aan keuzes – op 12 april aan de orde zullen komen. Die veelheid illustreert de vele invalshoeken, maar ook het tempo waarin ideeën en plannen zich ontwikkelen. Deze publicatie is daarmee dan ook een momentopname in een nog steeds vooruit in beweging zijnde proces. April 2023
Gerard Hoskens Guus Schrijvers Pieter Jan Stokhof
Versie 230411 – pagina 3
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Inhoudsopgave Inleiding 1 2 3 4 5
5
Presentaties 1e Dialoog juni 2022 21 Verslag over het versnellen van de energietransitie . . . . . . . 22 Presentatie Rijne Energie. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .28 Presentatie Initiatieven in de provincie Utrecht . . . . . . . . . 29 Presentatie Bo-Ex. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30 Presentatie We Drive Solar. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31
Burgers 32 6 Interview met Ger Offringa. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .33 7 Interview met Jan Korff de Gidts . . . . . . . . . . . . . . . . . 35 8 Interview met Kees Vermaat. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 37 9 Interview met Johan de Boer. . . . . . . . . . . . . . . . . . . .40 10 Interview met Sander Willemsen. . . . . . . . . . . . . . . . . . 42 11 Interview met Thomas Roos . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 44 12 Interview met Ad Tourné. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47 13 Interview met Bouwe Taverne . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 50 Bedrijven 54 14 Interview met Albert van Overhagen . . . . . . . . . . . . . . . 55 15 Interview met Geert Ritsema . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 57 16 Interview met Gretha Boels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 60 17 Interview met Pierre Vermeulen. . . . . . . . . . . . . . . . . . 63 18 Interview met Thomas Dekker. . . . . . . . . . . . . . . . . . . 66 19 Interview met Wilko Kistemaker. . . . . . . . . . . . . . . . . . 69 Kenniscentra 72 20 Interview met Tine de Moor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 73 21 Interview met Jean-Paul Bolhaar . . . . . . . . . . . . . . . . . 75 22 Interview met Anton van der Lugt en Jan Lauwerijssen . . . . . 78 23 Interview met Udeke Huiskamp . . . . . . . . . . . . . . . . . . 80 24 Interview met Rob Mathlener en Martin de Jong . . . . . . . . .
82 Overheid 85 25 Interview met Louwe Brink. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 86 26 Interview met Jelger Takken. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 88 27 Interview met Els Otterman . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 90 28 Interview met Jeroen Keyser. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 93 Bijlagen
97
Versie 230411 – pagina 4
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Inleiding 1 U16 Kent vele aanjagers In de provincie wordt binnen drie RES (Regionale Energie Strategie) regio’s gewerkt aan plannen voor het opwekken van duurzame energie: U16, regio Amersfoort en Foodvalley. Tijdens de dialoog focussen we deze keer op de Regionale Energie Strategie (RES-) regio U16. Gemeenten Bunnik De Bilt De Ronde Venen Houten IJsselstein Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Vijfheerenlanden Wijk bij Duurstede Woerden Zeist Binnen de provincie zetten een groot aantal initiatieven en mensen zich in voor de energietransitie. 28 aanjagers daarvan komen aan het woord in deze publicatie. Hun verhalen zijn gebaseerd op interviews gehouden door leden van De Constructieve en op presentaties tijdens de 1e dialoog op 21 juni 2022. De ordening van de interviews, naar burgerinitiatieven, bedrijfsleven, overheid en kennisinstituten laat zien hoe breed de transitie leeft en hoe groot de betrokkenheid is in onze provincie. Plannen, concrete initiatieven en relevante kennis zijn er volop, zoals hiernavolgend overzicht van de interviews en presentaties laat zien. Hun volledige verhaal is te vinden via de inhoudsopgave.
Versie 230411 – pagina 5
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Presentaties 1. Verslag 2. Rijne Energie,Joost Brinkman, projectleider 3. Initiatieven in de provincie Utrecht,Piet Hein Speel, in diverse functies thuis in de wereld van de energiecorporaties in de regio Utrecht 4. De energieleverende hoogbouwflat, Marije Eleveld, op 21 juni 2022 directeur van de woningbouwvereniging Bo-Ex 5. Sla energie op voor thuis in je e-auto, Robin Berg, directeur van We Drive Solar
Interviews 6. Energietransitie is bij ons onderdeel van duurzaamheidsbeleid,Ger Offringa, federatiemanager bij sportclub Kampong 7. Minder mobiliteit = minder energiegebruik = wonen bij je werk,Jan Korff de Gidts, adviseur en deelnemer klimaattafel ruimte en mobiliteit Utrechtse regio 8. Het draagvlak onder bewoners stemt mij het meest tevreden,Kees Vermaat, ‘bestuurder’ Lipsplein Energie Collectief Zeist 9. Verduurzamen is samenwerken Johan de Boer, voorzitter VvE Nautilus 10. We hebben meer dan tien buurtstroomdagen in de Utrechtse regio, Sander Willemsen, directeur Energie-U 11. Ongelijk speelveld ten opzichte van professionele organisaties,Thomas Roos, projectleider wijk C-stroom 12. Stadsverwarming voor Overvecht-Noord, Ad Tourné, lid kerngroep Nieuwe Energie voor de Vechtzoom 13. Zon op dak is moeilijker dan zon op veld,Bouwe Taverne, bestuurslid Biltse energiecoöperatie Beng!
Interviews met aanjagers bij bedrijven 14. Ook een monument is energiezuinig in te richten,Albert van Overhagen, directeur Overhagen vastgoed bv 15. Aan windenergie valt nogal wat te winnen,Geert Ritsema, NMU (Natuur en Milieufederatie Utrecht) 16. Ons doel is te komen tot energieneutrale slimme bedrijventerreinen,Gretha Boels, projectcoördinator ECUB
17. Mensen zonder middelen in staat stellen mee te doen aan de energietransitie, Pierre Vermeulen, Solease 18. Energieopslag is een zeer groot onderwerp geworden,Thomas Dekker, Rabobank Nederland 19. Interesseer scholieren voor een baan in de duurzaamheidstransitie, Wilko Kistemaker, projectleider !mpact Houten en Opgewekt Houten
Interviews met aanjagers bij kenniscentra 20. Graag coöperaties met een bredere doelstelling dan alleen energietransitie, Tine de Moor, hoogleraar te Rotterdam 21. BIM Legal: Maak afspraken binnen VvE’s m.b.v. 3D-modellen,Jean-Paul Bolhaar, notaris bij Hermans & Schuttevaer Notarissen 22. Wat we ’n beetje zijn kwijt geraakt is de reden waarom we dit aan het doen zijn, Anton van der Lugt & Jan Lauwerijssen, ROC Midden Nederland 23. Energietransitie helpdesk opzetten: dat moet lukken,Udeke Huiskamp, externe samenwerkingscoördinator Universiteit Utrecht 24. CO2-neutraal in 2030 – het kan en moet, Rob Mathlener, afdelingshoofd team energie en Martin de Jong, adviseur bouwkunde & duurzaamheid van de Universiteit Utrecht
Interviews met aanjagers bij overheidsinstanties 25. Wij boden een extra financieel duwtje aan zo’n 175 projecten,Louwe Brink, directeur Energiefonds Utrecht 26. Het oliemannetje dat zorgt dat energietransitie in Houten gesmeerd loopt, Jelger Takken, beleidsmedewerker gemeente Houten 27. Aquathermie kan in de helft van de warmtebehoeften van NL voorzien, Els Otterman, lid DB Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden 28. Nieuwe vormen van energievoorziening, prima maar wel veilig aanbieden, Jeroen Keyser, projectleider energietransitie bij de veiligheidsregio Utrecht
Versie 230411 – pagina 6
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
2 Stand van zaken nu Ondanks deze vele initiatieven kunnen we constateren, dat onze provincie geen koploper is in de energietransitie. De Tussenbalans van de voortgang van de 3 Utrechtse RES-regio’s laat zien, dat de provinciale doelstelling om in 2030 55% van het gebruik op te wekken met hernieuwbare energiebronnen met de door de gemeentes ingediende plannen niet tijdig worden gehaald. Overzicht stand van zaken ruimtelijke procedures per regio (bron tussenbalans RES-regio’s provincie Utrecht 2022) Regio U16
Regio Amersfoort
Regio Foodvalley (deel Utrecht)
Totaal Provincie Utrecht
Bod RES 1.0
1,8
0,5
0,12
2,4
Vergund / gebouwd wind
0,076
0
0
0,076
Vergund / gebouwd zon
0,30
0,106
0,034
0,44
RO procedure gestart wind
0,07
0,012
0
0,092
RO procedure gestart zonnevelden
0,23
0,01
0,024
0,264
Voortraject wind (RO procedure nog niet gestart)
0,12
0,17
0
0,29
Voortraject zonnevelden (RO procedure nog niet gestart)
0,21
0,062
0,003
0,275
Ambitie wind/zonnevelden (RO procedure niet gestart)
0,46
0,147
0,022
0,629
Totaal bij toepassing begrippenkader (excl. ambitie)
0,49
0,11
0,04
0,64
Ambitie zon op dak
0,50
0,228
0,012
0,74
Totaal inclusief volledige ambitie zon op dak
0,99
0,338
0,052
1,38
“Zon op dak” - realisatie boekt positieve vorderingen. “Zon op land” ligt achter, maar met name “Wind op land” ligt aanzienlijk achter; ook op landelijk niveau, zoals hieronder te zien is. De verhouding zon/wind is daardoor erg scheef (90% — 10%), terwijl windenergie nodig wordt geacht om kosten laag te houden en het energienet beter te benutten. Ook landelijk gezien loopt Utrecht achter op windenergie-gebied.
Versie 230411 – pagina 7
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Het achterblijvende aandeel in de provincie Utrecht laat zich deels verklaren door de hoge mate van verstedelijking en de relatief beperkte ruimte voor het realiseren van grootschalige duurzame opwek, zoals windmolenparken. Daarnaast spelen terughoudende gemeenten en gebrek aan draagvlak een rol evenals problemen met het elektriciteitsnet. Warmte In de meeste RES-processen zijn de thema’s ‘warmte’ (Regionale Structuur Warmte RSW) en ‘duurzame opwek’ twee afzonderlijke trajecten. Uiteindelijk moeten deze samenkomen. Keuzes op het gebied van warmte zijn van invloed op het elektriciteitsvraag. De warmte-doelstellingen in de provincie zijn nog in ontwikkeling. Bijna elke gemeente heeft een transitievisie warmte opgesteld met informatie over hoe wijken (op termijn) van het aardgas kunnen gaan. De aanpak is complexer door de combinatie van meest geschikte bronnen, (eigendom van) warmtenetten en de mate van woningen-/gebouwisolatie. Het initiatief van Nieuwe Vechtzoom Energie in samenwerking met Eneco (zie het interview met Ad Tourné) laat zien, dat volop ontwikkeling op dit gebied is, maar dat er nog de nodige hobbels te nemen zijn. Collectieve projecten De Lokale Energie Monitor 2022 (LEM 2022), opgesteld door HIER en Energie Samen, https://www.hieropgewekt.nl/lokale-energie-monitor-2022 geeft onderstaand beeld voor collectieve projecten in de provincie Utrecht.
Totaal aantal coöperaties per provincie.
Versie 230411 – pagina 8
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Kijken we naar het aantal coöperaties, los van de energiebron, op het niveau vande RES-regio’s, dan zit de U16-regio hoog in de middenmoot: Totaal aantal coöperaties per RES-regio (bron LEM 2022)
Specifiek voor windenergie is onderstaand beeld voor collectieve projecten in de provincie Utrecht uit de LEM 2002 te destilleren. Dit weerspiegelt de achterstand op windenergie-gebied in Utrecht. Provincie Utrecht
NL
% Utrecht
Gerealiseerde collectieve windprojecten
2
110
1,82%
Pijplijn collectieve windprojecten
5
38
13,16%
Stop-/stilgezette collectieve windprojecten
4
28
14,29%
Versie 230411 – pagina 9
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
3 Hoe verder in de Utrechtse regio? Kansen laten liggen, hoe klein dan ook, leidt niet alleen tot ongewenste vertraging, maar ook tot andere ongewenste effecten, zoals het vergroten van de energiekloof en tot energieschaarste voor bewoners en bedrijven. Het accent zal daarom in deze dialoog liggen op hoe de transitie in de praktijk een duw in de rug gegeven kan worden gegeven in de U16-regio. Transitieversnelling is een proces met vele aspecten, belangen en momentum. Een succesvolle aanpak vraagt daarom om een gezamenlijke mobilisatie van betrokken partijen, beschikbare kennis en maatschappelijke energie. Ingrediënten die in de regio Utrecht volop aanwezig zijn en die we nu met elkaar nog intensiever aan zullen moeten spreken. Want – vrij naar Jacques Pijl – versnelling bestaat uit 20% strategie en 80% executie. (Strategie = Executie, Jacques Pijl https://www.turner.nl/strategie-executie/) Specifiek:
▪ Hoe kunnen initiatieven vanuit bewonersorganisaties, bedrijven of combinaties van citizen/public/private zelf een actieve rol daarin vervullen
▪ Welke actieve rol voor een faciliterende infrastructuur valt daarbij te verwachten van de provincie, gemeenten, waterschap, financiële instellingen, nutsbedrijven, kenniscentra en ondersteuningsorganisaties
▪ De noodzaak om snel tot een duidelijk speelveld vanuit de overheid te komen
Hoe ziet het provinciale 3 1.bestuurlijk speelveld eruit? Onduidelijkheid en inconsistentie over het concrete beleid en de wet- en regelgeving met betrekking tot de energietransitie wordt in de interviews regelmatig aangehaald als een blokkade om vaart te maken. Coöperaties en VvE’s hebben te maken met onduidelijke richtlijnen of lange procedures. Bedrijven en financiers weten niet hoe het toekomstige speelveld eruit zal gaan zien en zijn daarom terughoudend met investeringen. Doorverwijzen naar andere overheden en daar nog te ontwikkelen spelregels vertragen de versnelling. De roep om duidelijkheid wordt ook steeds sterker gevoeld bij provincie en gemeentes. Vraag is nu wat de komende periode voor de U16 de concrete transitie-spelregels worden.
Versie 230411 – pagina 10
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Eerst een korte samenvatting van de ontwikkelingen de afgelopen 3 jaar:
2020 In 2020 heeft de provincie haar ambitie vastgelegd in het Programmaplan Energietransitie 2020 — 2025, met als motto “Samen werken aan een haalbare en betaalbare energietransitie” waren kort samengevat de hoofddoelstellingen:
▪ In 2030 heeft de provincie samen met partners haar bijdrage geleverd in de
Regionale Energiestrategieën om aan de afspraken in het nationale Klimaatakkoord te voldoen.
▪ In 2040 wil de provincie energieneutraal zijn. De energievoorziening is afkomstig uit duurzame bronnen op het eigen grondgebied. Deze zijn met oog voor de Utrechtse kwaliteiten gerealiseerd. En de inpassing draagt bij aan andere doelen, zoals het versterken van de economie en een gezonde leefomgeving. Daarbij wordt naar het energiegebruik in vier sectoren gekeken :
▪ Gebouwde omgeving
woningen, commerciële dienstverlening, publieke dienstverlening
▪ Verkeer en vervoer
wegverkeer, binnen- en recreatievaart, railverkeer (diesel), mobiele werktuigen
▪ Industrie, energie, afval en water
bedrijven, elektriciteitsproductie, waterwinning, afvalverwerking, bouw
▪ Landbouw, bosbouw en visserij
glastuinbouw, veehouderijen, akkerbouw. Hiervan zijn de gebouwde omgeving en verkeer en vervoer de grootste energie gebruikers in de provincie. De vertrekpositie in 2020 was laag ten opzichte van het te behalen doel, zoals onderstaande overzichten laten zien.
Versie 230411 – pagina 11
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Om de doelstellingen te realiseren zijn 4 hoofdlijnen uitgezet. Programmalijn
Programmapijler
1: Besparen
Besparen bij inwoners Besparen bij bedrijven Besparen bij maatschappelijke organisaties
2: Duurzame energie
Zon op dak Grootschalige elektriciteitsopwekking Collectieven en participatie Duurzame warmtebronnen Laadinfrastructuur
3: Lobby, onderzoek en innovatie
Lobby Onderzoek en innovatie
4: Provincie als voorbeeld
Provincie als voorbeeld
2021 De drie RES-regio’s hebben samen met de provincie Utrecht zich via zogenaamde “boden” gecommitteerd om een opwek van grootschalige duurzame elektriciteit van in totaal 3,05 TWh in 2030 te realiseren. Deze boden zijn vastgesteld op respectievelijk 30 juni (regio Foodvalley en regio Amersfoort) en 6 oktober 2021 (regio U16) in de “RES 1.0”-versie. Aangezien de Regio Foodvalley gedeeltelijk in Gelderland ligt, omvat het Utrechtse deel van de drie regio’s opgeteld ca. 2,4 TWh. Realisatie hiervan wordt als noodzakelijk beschouwd voor het behalen van de doelstelling om in 2030 minimaal 55% van het elektriciteitsgebruik in de provincie Utrecht op te wekken uit hernieuwbare bronnen.
2022 — De tussenbalans Tussenbalans-Regionale-Energie-Strategieen-provincie-Utrecht-Q2-2022.pdf Uit de in juli 2022 gepresenteerde tussenbalans van de voortgang van de 3 Utrechtse RES-regio’s blijkt, dat de doelstelling om in 2030 55% van het electriciteitsgebruik op te wekken met hernieuwbare energiebronnen niet tijdig werd gehaald met de tot dan toe door de gemeentes ingediende plannen. De provincie deed naar aanleiding van deze negatieve tussenbalans een oproep aan de gemeenten om voor 1 december 2022 bestaande windplannen te concretiseren en met extra windlocatieplannen te komen, met als doel in 2030 1 TWh (terawattuur) aan windenergie in de provincie te kunnen realiseren. Daarmee zou de gewenste
Versie 230411 – pagina 12
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
verhouding tussen zonne-energie en windenergie bereikt kunnen worden. Voor het beeld: 1 TWh staat gelijk aan een miljard kWh (kilowattuur), ofwel de opwek van circa 60 windmolens van 5 MW. Als er op 1 december 2022 onvoldoende plannen zijn om 1 TWh windenergie in 2030 te realiseren, stelde de provincie zelf procedures in gang te zullen zetten om windparklocaties aan te gaan wijzen. Op basis van de Elektriciteitswet heeft ze daarvoor de bevoegdheid voor windparken tussen de 5 en 100 MW. Daarop vooruitlopend is in 2022 gestart met een verkenning van potentiële locaties en met de voorbereiding van een zogenaamd “projectbesluit- of inpassingsplan procedure”. Dit traject ziet er op hoofdlijnen als volgt uit: 1. Verkenningsfase te onderzoeken windlocaties in 2 stappen: 1. NRD fase 2. planMER fase 2. Voorkeursbeslissingsfase in 2 stappen: 1. voorkeursalternatief 2. (ontwerp-)voorkeursbeslissing 3. Besluit over randvoorwaarden en locaties voor windenergie 4. Participatie op lokaal niveau rondom de gekozen locaties
In de MER (Milieu Effect Rapportage) staan geen keuzes, maar alleen de relevante milieu-informatie op het gebied van geluid, gezondheid, natuur. Dit planMER geeft input voor verdere besluitvorming over locaties waar windparken mogelijk gemaakt kunnen worden. Wát de provincie in dit plan MER gaat onderzoeken staat in de zogenaamde ‘Notitie Reikwijdte en Detailniveau’, NRD. In de NRD is te lezen welke milieueffecten onderzocht worden, hoe dit gebeurt en voor welke gebieden. Parallel aan dit traject loopt het ‘Participatieplan Verkenning en Voorkeursbeslissing windenergie Provincie Utrecht’. Naast de milieuonderzoeken die gedaan worden, wordt ook gesproken met gemeenten en regionale partijen over welke randvoorwaarden voor hen van belang zijn, zoals het tegengaan van energiearmoede of de uitwerking van het uitgangspunt van 50% lokaal eigenaarschap. Via een enquête wil men bij inwoners ophalen welke criteria van belang zijn voor de keuze waar windenergie komt.
2023 De Provinciale Rapportage Voortgang Windenergie (provincie-utrecht.nl) van begin 2023 liet een vergelijkbaar beeld als de Tussenbalans 2022 zien. Op basis van de bestaande concrete plannen wordt de “1 TWH per 2030 windenergie” doelstelling niet gehaald. In februari hebben Gedeputeerde Staten daarom besloten de eerste stap in gang te zetten. Op 23 februari is het Ontwerp-NRD (PDF) bij de provincie ter inzage gelegd. Hierin zijn 72 potentiële onderzoeksgebieden voor planMER Windenergie digitaal in kaart gebracht. Reacties konden tot en met 5 april worden ingediend. Tijdens een deelsessie op 12 april zal worden ingegaan op deze en andere concrete bestuurlijke thema’s voor de RES U16.
Versie 230411 – pagina 13
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Consequenties Provinciale Statenverkiezingen: hoe gaat dit traject verder? Het verkiezingsresultaat voor Provinciale Staten en waterschappen op 15 maart heeft de politieke en bestuurlijke verhoudingen op provinciaal, waterschaps- en indirect op landelijk niveau gewijzigd. In hoeverre en op welke manier dit consequenties heeft voor doelstellingen en fasering van de transitie en bovenstaand traject is nog onvoldoende helder. Het woord is nu aan de Provinciale Staten in hun nieuwe samenstelling. Of deze tijdplanning en opzet gehaald zal worden zal ook afhankelijk zijn van de procedure- snelheid, gezien het grote aantal stakeholders voor het participatietraject. De wil om er gezamenlijk uit te komen lijkt dan ook een absolute vereiste.
Bijlage Stakeholders Versie januari 2023 Ter illustratie van het grote aantal stakeholders wordt hieronder de bijlage Stakeholders uit het Participatieplan Verkenning en Voorkeursbeslissing vermeld. Deze tot nu toe bekende stakeholders kunnen wijzigen en ook in de loop van het proces kan hun rol veranderen. Vooralsnog hebben we verschillende stakeholders; interne, externe, bestuurlijke, ambtelijke, maatschappelijke, bedrijfsmatige, afhankelijke en waar wij afhankelijk van zijn, betrokken.
• • •
• •
•
Gesprekspartners: 26 gemeenten ambtelijk 26 gemeenten bestuurlijk 3 RES-regio’s, Waterschappen: Hoogheemraadschap Amstel Gooi en Vecht, Waterschap Vallei en Eems Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) Waterschap Rivierenland. Buurprovincies: Zuid-Holland Noord-Holland Flevoland Gelderland Netbeheerders: Stedin / Tennet Omgevingsdiensten: RUD (Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht) ODRU (Omgevingsdienst Regio Utrecht) GGD regio Utrecht Veiligheidsregio Utrecht. Bestuurlijk / intern: Gedeputeerde Staten Provinciale Staten. Extern / toetsing: Commissie voor de milieueffectrapportage Energie van Utrecht LTO en overige landbouworganisaties. Natuurorganisaties: Natuur en Milieufederatie Utrecht Staatsbosbeheer Utrechts Landschap Natuurmonumenten. Lokale natuur/milieu organisaties: lokale & regionale landschapsorganisaties. Overheden: Aangrenzende gemeenten buiten de provincie Utrecht Nationaal Programma Regionale Energiestrategie Rijk: RWS OER traject Defensie EZK / BZK.
Belanghebbenden: Inwoners van de provincie Utrecht Inwoners van aangrenzende gemeenten buiten provincie Utrecht Bewonersorganisaties (Dorpsbelangen, dorpsraden, wijkraden, etc.) Brancheorganisaties energie: NWEA (brancheorganisatie windenergie) NVDE Energie Nederland (ODE) Hier opgewekt Belangenbehartigers: Windalarm Extinction Rebellion Nederlandse vereniging voor Omwonenden Windturbines (NLVOW) Jong RES Grondeigenaren: Rijkswaterstaat Prorail Defensie Staatsbosbeheer Utrechts Landschap Natuur monumenten UPG (vereniging landgoed eigenaren) Particulieren. VNO-NCW SWEV. Initiatiefnemers: Lokale energiecoöperaties Energiemaatschappijen Ontwikkelaars. Recreatieschappen Bedrijvenverenigingen Woningcorporaties. Media (lopen via corporate communicatie): Lokale media Landelijke media Vakbladen Lokale kranten. Intern (binnen de Provincie Utrecht): Ruimtelijke Ordening Water en Bodem Veilige Gezonde Leefomgeving Natuur en Landbouw Cultuurhistorie Recreatie...
•
• • •
• • •
•
•
•
•
•
•
•
•
•
• •
•
•
•
•
•
•
•
• •
•
• •
•
• • •
•
• •
•
•
•
•
•
•
• • • •
• • • • • •
•
•
• • • • • • • • •
Versie 230411 – pagina 14
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
En hoe gaan we intussen bestaande 3 2.nieuwe decentrale initiatieven faciliteren en versterken ?
Zoals gezegd kent de provincie Utrecht vele initiatieven en deskundigheid op energietransitiegebied. Zaak is om dit nu te versterken en uit te breiden. Dat is naast betrokkenheid en gedrevenheid ook een zaak van politieke wil en organisatorische en financiële continuïteit. Politieke steun is in september 2022 gegeven via een motie van Provinciale Staten, waarin de lokaal eigendom-doelstelling verder is aangescherpt. Waar eerst sprake was van een streven naar 50% lokaal eigendom, is dit gewijzigd in een uitgangspunt van minimaal 50% lokaal eigendom bij grote duurzame energie-projecten. Achtergrond is, dat direct omwonenden zo niet alleen de lasten ondervinden, maar ook van de lusten kunnen profiteren. Voor draagvlak een belangrijke voorwaarde. Dat facilitering noodzakelijk is laat eerder genoemde Lokale Energie Monitor 2022 van HIER Opgewekt zien. Daarin zijn de eerste signalen zichtbaar, dat de ontwikkeling van energiecoöperaties momenteel landelijk in een groeistuipfase zit. Hoewel bijvoorbeeld in 2022 lande lijk 160 nieuwe zonne-energieprojecten, goed voor 55,7 MW-piek, zijn gerealiseerd, werden ook zo’n 75 collectieve zonnedakprojecten stil- of stopgezet. Het aantal coöperaties neemt nog steeds toe, maar de groei neemt af. Er lijkt een zeker verzadigingspunt bereikt nu in bijna 86% van alle gemeenten een energiecoöperatie actief is.
Knelpunteninventarisatie Energiecoöperaties Een recente uitgebreide landelijke knelpunteninventarisatie door Bureau7TIEN en HIER Opgewekt in opdracht van RVO signaleert op heldere wijze een aantal uitdagingen op uiteenlopende gebieden waar coöperaties mee te maken (gaan) krijgen. (https://www.hieropgewekt.nl/kennisdossiers/knelpunteninventarisatie-energiecooperaties-knelpunten-en-kansen-voor-opschalen) Organisatorisch spelen zaken als werving en behoud van actieve leden, bestuursopvolging en het bereiken van de groepen die minder om de inhoudelijke dan praktische en financiële redenen deelname overwegen. Financieel hebben startende coöperaties vaak problemen om voldoende startkapitaal voor hun projecten te genereren. De overgang van een op betrokken vrijwilligers drijvende organisatie naar een stabiele bedrijfsvoering gaat vaak samen met hogere personeelkosten waarvoor nog onvoldoende
Versie 230411 – pagina 15
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
exploitatiebudget is. Verzekeringspremies worden hoger door veiligheidsrisico’s. En wettelijke vereisten zoals de UBO-wetgeving verminderen de financieringsappetite van banken. Samenwerking met (lokale) overheden wordt regelmatig gefrustreerd door onduidelijke wederzijdse verwachtingen; vertragingen in het beleidsproces; en onduidelijke eisen ten aanzien van 50% eigendom. Maatschappelijke uitdagingen manifesteren zich onder meer via net-congestie, het verkrijgen van daken en grond, het gebrek aan draagvlak voor wind en een tekort aan opgeleid personeel.
https://www.hieropgewekt.nl/onderzoeken In een van de themasessies zal Jesse de Graaff, mede-opsteller van het rapport, ingaan op oplossingsrichtingen. Energie van Utrecht gaat samen met NMU binnenkort een servicepunt starten om coöperaties breed te ondersteunen en te begeleiden bij de organisatorische en financiële opzet van de coöperatie of bij het opzetten van projecten.
Versie 230411 – pagina 16
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Facilitering en infrastructuur Nu de urgentie steeds meer verschuift van het plannen maken naar concrete realisatie neemt ook de faciliteringsnoodzaak toe. Een goede infrastructuur maakt het mogelijk om grotere stappen vooruit te zetten. Waar is behoefte aan en is daar een onderscheid qua urgentie in te maken ? Bijvoorbeeld: Noodzakelijke praktische vaardigheden en personeelscapaciteit Zonder vaardige technici en onderhoudsmonteurs is een snelle en grootschaligere aanpak moeilijk te realiseren. ROC Midden Utrecht heeft divers onderwijsaanbod, gericht op het ontwikkelen van de voor de transitie benodigde vaardigheden. Men werkt daarbij samen met het bedrijfsleven. Desondanks is de animo bij het bedrijfsleven nog te gering. Heeft dit te maken met onbekendheid of bij voorbeeld met afwachten hoe de vraag zich ontwikkelt en welke personeelscapaciteit en -vaardigheden daarvoor nodig zijn. stelling
Het tijdig bij elkaar brengen van de zich ontwikkelende vraag aan expertise en aanbod zal nu moeten worden geïntensiveerd. Een afwachtende houding laat kansen liggen. Productie-opschaling Het voorbeeld van de energie-arme gevels waar Bo-Ex mee heeft geëxperimenteerd, illustreert de noodzaak van productie-opschaling om dit succesvolle en te verbreden experiment succesvol door te kunnen zetten. Bo-Ex heeft dit experiment eenmalig kunnen financieren. Het investeringsbudget van coöperaties en projectontwikkelaars zal vaak onvoldoende zijn om dit telkens als eenmalige projecten te realiseren. Productie-opschaling is dan een eerste voorwaarde om tot kostenreductie te komen en daarmee dit soort oplossingen beschikbaar te maken. Omgekeerd zullen ook producenten pas willen investeren als er een renderende marktvraag in het verschiet ligt. Dat geldt ook voor financieringsinstellingen en investeerders.
vraag
Zijn er al grootschaligere productie-initiatieven voor deze of andere oplossingen in of vanuit onze regio; nemen financiers en investeerders daarin ook een rol; en wie neemt het initiatief om dit te intensiveren ? Balans tussen standaardisering en op maat Bij de doorzetting van de energietransitie is er een reële kans, dat er een scheiding ontstaat tussen enerzijds een grootschalige productievorm om tot kostenreductie en standaardisering (denk bijv aan onderhoud en logistiek) te komen en anderzijds de wens om tot kleinschalig maatwerk te komen, gericht op een specifieke context en op de behoefte aan sturing van de eigen situatie
Versie 230411 – pagina 17
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Financiering Veel, zeker kleinschaligere, energie-initiatieven zijn nog afhankelijk van subsidies. Investeerders hanteren vaak een getrapt systeem van seed - , angel - en accelerator-investeringen. Ook de reguliere financieringsinstellingen zoals banken, zijn wisselend actief. Vaak wordt vanuit hun perspectief nog te veel risico gezien om tot volledige financiering te komen. Zodra de vraag toe zal nemen naar energietransitie-producten en diensten en het door de overheid gereglementeerde speelveld duidelijker zal worden zal het risicoprofiel lager worden en dus ook de financieringsbereidheid. Maar daar kan de samenleving niet op wachten. Er zal ook vanuit de financieringsinstellingen durf en creativiteit getoond moeten worden. Eerste stappen binnen de regio zijn gezet. Het Energiefonds Utrecht zoekt consortiumsamenwerking met grotere financieringsinstellingen. De Rabobank is een energiedesk gestart. Juridisch-economische instrumenten Naarmate de transitie concreter wordt zal de behoefte om juridisch-economische afspraken over onder meer de inrichting van nieuwe werkvormen, de nieuw ontstane verantwoordelijkheden en aansprakelijkheden vooraf goed vast te leggen.
Initiatieven zoals BIM Legal, gerealiseerd door een samenwerkingsverband van Hermans & Schuttevaer, het Utrechtse notariskantoor, BPD Bouwfonds Gebiedsontwikkeling, Westport notarissen en het Kadaster zijn daar een mooi voorbeeld van (interview 21). Dit systeem, in de vorm van een online 3D-beeld laat zien welke specifieke juridische en notariële afspraken gelden per woning of woningcomplex. Daarnaast kan in het systeem worden vastgelegd welke regelingen van toepassing zijn, bijvoorbeeld met betrekking op recht van overpad en erfdienstbaarheid of gemeenschappelijke energie- of warmtevoorziening. Zo is voor alle betrokken partijen via de 3D-visualisatie te zien welke afspraken gelden, daarvoor een groot aantal documenten door te hoeven spitten. vraag
Aan welke nieuwe of aangepaste juridische instrumenten is behoefte voor de energietransitie en welke gebruiksvriendelijkheidseisen zijn daaraan te stellen? Samenwerking UU/Copernicus Instituut en gemeente Utrecht Samenwerking tussen UU/Copernicus Instituut en gemeente Utrecht, gericht op facilitering van de energietransitie. Hoewel technologische innovatie een belangrijke voorwaarde is voor de energietransitie blijkt in de dagelijkse praktijk de acceptatie en medewerking aan veranderingen in de bestaande energieconsumptie en -kosten een belangrijke horde te zijn.
Versie 230411 – pagina 18
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Niet verwonderlijk want het gaat vaak om ingrepen waarvan de impact voor het dagelijkse leven in de gemeenschaps- en in de persoonlijke omgeving niet altijd duidelijk is; en die in eerste instantie ook tot financiële onzekerheid kan leiden. Het Copernicus Instituut en de gemeente Utrecht gaan nauwer samenwerken om de invoering van een complex en omvangrijke operatie als de energietransitie goed te ondersteunen. Daarbij zal de focus met name liggen op de sociale innovatie, de afstemming van de vraag uit de samenleving op het technologische aanbod en de sociale innovatie. Digitale U16 marktplaats Uit de interviews blijkt dat zeker bij degenen, die niet dagelijks professioneel bezig zijn met de energietransitie, maar daar wel een actieve bijdrage als bewoner, bedrijf of professional aan willen leveren of een initiatief willen opzetten, veel onbekendheid is met wat er al op dit gebied gebeurt of met wie men zou kunnen sparren of samenwerken. Denk bij voorbeeld aan bewonersgroepen die een bedrijf met ruimte voor zonnepanelen zoeken. Of kennisinstellingen die hun onderwijs- en onderzoeksaanbod willen afstemmen met bedrijven. Etc. Een digitale marktplaats waar vraag en aanbod, samenwerkingsmogelijkheden, informatie-uitwisseling plaats kan vinden zou behulpzaam kunnen zijn om personen en initiatieven aan elkaar te koppelen. vragen
Is er behoefte aan een dergelijke marktplaats binnen de U16 ? Kan een van de bestaande platforms dit gaan trekken op basis van al bestaande databases of dient dat nieuw opgezet te worden ?
Verminderen van energieverbruik Het verminderen van energieverbruik door burgers, bedrijven en instellingen, draagt ook bij aan duurzamer energiegebruik Dat heeft niet alleen klimaatvoordelen, maar draagt er ook aan bij, dat de maatschappelijk nodige energie kan blijven worden geleverd. Energiereductie is sterk afhankelijk van de maatregelen die we treffen op gebieden, die een hoge energieconsumptie hebben. Op 12 april komen onderstaande 2 aspecten die mede het verschil kunnen maken aan de orde. Vanwege hun verbondenheid gebeurt dat in 2 op elkaar aansluitende deelsessies: Mobiliteitsreductie In het interview met Jan Korff de Gidts (interview 7) gaat hij dieper in op de achtergrond en aanpak. Netcongestiesturing door spitsmijden Netcongestie is een urgent probleem, dat ook in de U16 de volle aandacht verdient. Onderstaande slides van Stedin geven probleem en aanpak beknopt weer. Tijdens de dialoog zal hier verder op worden ingegaan.
Versie 230411 – pagina 19
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Versie 230411 – pagina 20
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Presentaties 1e Dialoog juni 2022
Versie 230411 – pagina 21
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
1
Verslag over het versnellen van de energietransitie Joost van Sonsbeeck en Gerard Hoskens, leden van de Initiatiefgroep en van De Constructieve
Inleiding Op 21 juni 2022 kwamen circa 100 personen afkomstig uit het bedrijfsleven, energiecorporaties, overheid en kennisinstellingen bij elkaar om in de vorm van een dialoog bij te praten over de stand van zaken in de Regio Utrecht met betrekking tot de energietransitie en versnelling daarvan. De dialoog is georganiseerd door de Utrechtse Sociëteit De Constructieve, de Rabobank Midden Nederland en de stichting Public Space. Dit verslag bestaat uit deze samenvatting van enkele pagina’s, plus bijlagen die op trefwoord doorzocht kunnen worden. Het geheel is bestemd voor de deelnemers, voor initiatiefnemers op het gebied van de energietransitie, en voor iedereen die zich daarbij betrokken weet.
Opening van de dialoog door Huib van Essen Als eerste benadrukt gedeputeerde Huib van Essen de urgentie en zegt dat het niet alleen meer moet gaan om pilotprojecten, maar om opschaling, om groot te durven denken en doen. Het is nu zaak om datgene dat in de Regionale Energie Strategie
Versie 230411 – pagina 22
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
van 2021 (RES) is uitgesproken waar te maken. Daarover lopen de gesprekken met de gemeentes. Met het programma ‘Zon op dak’ gaat het redelijk goed, maar ‘Zonnevelden” en “Windparken’ lopen traag. Projecten op het gebied van ‘Warmtetransitie’ en ‘Energiebesparing’ verdienen meer aandacht. De provincie telt nu ongeveer zestig energiecorporaties, die inmiddels worden ondersteund door de koepelorganisatie Energie van Utrecht. Met het bedrijfsleven wordt nu zo’n drie jaar samengewerkt via de ROM en het Energiefonds Utrecht. Recent is de aandacht voor netcongestie. Er is een ommezwaai nodig van ‘haalbare en betaalbare projecten’ naar het ‘haalbaar en betaalbaar maken van projecten’. Dat vraagt leiderschap, lef en het uitstralen van de urgentie in het beleid en in de uitvoering. Verder bevordert de provincie aanpakken, die inclusief zijn voor groepen die anders niet mee kunnen komen. En zij onderzoekt de noodzaak van warmtebedrijven in publiek eigendom. Overzicht van Paul van Dijk Aansluitend vertelde Paul van Dijk, manager van het Energieprogramma van de gemeente Utrecht, dat ook daar de nieuwe coalitie besloot de energietransitie te versnellen en te intensiveren; zonder overigens te zeggen dat wat eerder bedacht is niet het juiste was.
Waar in het verleden is ingezet op faciliteren en stimuleren van projecten, vraagt de gemeente zich nu af of zij niet ook zelf moet gaan deelnemen in die transitie en of zij de dialoog met de samenleving niet in een permanent klimaatberaad moet voeren. Nieuw is het doel om 40.000 woningen aardgasvrij te maken. Paul liet ook zien dat in een stad als Utrecht het energiesysteem – de infrastructuur – in de transitie moet meebewegen van de huidige centrale opbouw naar een decentrale opbouw. Het komt er samengevat op aan om energiebronnen te verduurzamen, energie te besparen, én om de infrastructuur aan te passen. Maar in concrete grote projecten, zoals het voorgenomen aardgasvrij maken van een wijk, blijkt dat heel veel met elkaar samenhangt. Dat vraagt om uitzoeken en een transitievisie, terwijl aan de andere kant iedereen nu meteen al wil weten wat hij/zij zelf kan doen. En dan moet iedereen er ook nog achter staan! Hoe verder we in de uitvoering komen, hoe meer we zullen moeten letten op die acceptatie. Hij sluit af met voorbeelden van projecten, waarvan er een aantal dadelijk de revue passeren, en concludeert dat je langzaam wél ziet dat het motortje van de stad op duurzame energie gaat draaien. De energieleverende hoogbouwflat Het eerste is de energieleverende hoogbouwflat aan de Henriëttedreef.
Marije Eleveld, directeur van de woningbouwvereniging Bo-Ex, vertelt over de grootschalige bouw van die flats in de jaren zestig in Overvecht, waarvoor de bouwelementen ter plekke fabrieksmatig werden gemaakt. Zes, zeven jaar geleden startte met zo’n negen partijen en een Energiesubsidie van EZ een pilotproject Inside Out om zo’n gebouw van ca 56 flats in bewoonde staat te vernieuwen, gericht op verduurzaming. Dit door het vervangen van de voor- en achtergevel door nieuwe – weer fabrieksmatig gemaakte – energieleverende gevels. Belangrijke partij en feitelijke hoofdaannemer was het Overvechtse bedrijf Bos Installatietechnieken. Primair is dat rondom, en dan ook echt rondom, zonnepanelen zijn aangebracht, alsmede een optopping op het dak van vier lagen zonnepanelen. Op het dak staat ook een grote klimaatkast met de techniek voor het opvangen van pieken, batterijen en
Versie 230411 – pagina 23
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
warmtepompen. Na een jaar monitoring blijkt het energieverbruik 203 MWh en de opwekking 214 MWh; dus een plus van 5,5%. Dat is na afsluiting van het warmtenet en gas. Bo-Ex zag het als haar verantwoordelijkheid om de flat voor de pilot ter beschikking te stellen. Leerpunten waren bouwtechnisch, uitleg aan de bewoners, en wet- en regelgeving. De kosten zijn nog niet op het gewenste niveau en daarom wordt gezocht naar kostprijsverlaging en modulaire toepassing van het concept. Dit alles met het oog op opschaling en productie van de bouwelementen in een fabriek, vergelijkbaar met de jaren zestig. Rijne Energie Joost Brinkman vertelt over de vier jaar geleden opgerichte energiecorporatie Rijne Energie, die een groot energiepark wil realiseren in de nog onbebouwde polders Rijnenburg en Rijerscop in het zuidwesten van Utrecht, om daarmee het gebruik van duurzame energie in de stad te verhogen van nu 5% naar 10 à 20%. Via een initiatiefvoorstel aan de gemeente, na een gewonnen marktuitvraag en een net afgerond netonderzoek zijn we nu zover dat het plan vier windmolens omvat, waarbij medewerking van de grondeigenaren een belangrijk probleem was. Per stuk kunnen de molens 6,5 MW opwekken. Dat is bij 3.500 draaiuren samen goed voor duurzame elektriciteit voor max. 90.000 huishoudens. De volgende stap is het krijgen van de vergunning en het aanvragen van de subsidie.
In 2024/2025 kan er dan worden gestart met de bouw. Inmiddels heeft de corporatie 550 leden. En dat het ledenaantal een belangrijk element is voor het hele project bleek wel uit de wervende woorden, waarmee Joost het project presenteerde. Ter plekke wierf hij meerdere nieuwe leden! Initiatieven in de provincie Utrecht De vierde spreker, Piet Hein Speel, is thuis in de wereld van de energiecorporaties, als kwartiermaker voor de provinciale ondersteuner Energie van Utrecht, als initiatiefnemer in zijn eigen wijk met Veemarkt Samen, als werknemer bij Energie Samen, de branchecorporatie van de meer dan 650 energiecorporaties in Nederland, en met zijn zoon in Energie Student. Aan de hand van de vraag “Is het glas half leeg of half vol?” kijkt hij naar bewonersinitiatieven in de provincie. In Groenekan ketste het plan voor een windpark af, maar in gesprek met de bewoners werd het een zonneveld, waarvoor net vergunning is aangevraagd. Als het gaat over Zon op Dak hoorden we dat het redelijk goed gaat; toch zijn er nog heel veel daken leeg! Niettemin: de corporatie Buurtstroom realiseerde elf grotere zonnedaken in Utrecht en omliggende gemeenten. Er zijn ook initiatieven op het gebied van warmte, maar het bekendste operationele voorbeeld is Thermobello in Culemborg, dus buiten de provincie.
Kijkend naar de ervaringen in alle initiatieven zijn er veel argumenten waarom ze als totaliteit onvoldoende bijdragen aan de RES-doelstellingen voor 2030, zoals weerstand, geen lokaal eigendom, regelingen, netcongestie, etc. Maar Piet Hein ziet ook mogelijkheden om met initiatieven wél goed aan die doelstellingen bij te dragen. Het kernwoord is: samenwerken !! Effectiever samenwerken tussen corporatie en gemeente, en tussen bedrijven en corporatie. Zijn oproep is dat gemeente en bedrijven bewonersinitiatieven en coöperaties zien als volwaardige nieuwe partner.
Versie 230411 – pagina 24
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
We Drive Solar Als laatste pitcher stal Robin Berg de show met zijn We Drive Solar. Zeven jaar geleden gestart met “zon op dak” op schoolgebouwen met subsidie van het Energiefonds. Inmiddels zijn er 10.000 panelen in exploitatie. Omdat hun energie door congestie niet goed aan het net geleverd kan worden, ontstond het idee die energie op te slaan in autobatterijen. Dit voor elektrisch te rijden, maar ook om terug te leveren aan het net. Essentieel was de ontwikkeling van een bi-directionele stekker in de auto en een dito laadpaal, waarmee de autobatterij kan worden opgeladen, maar ook ontladen. Inmiddels telt Utrecht zo’n 800 van die laadpalen. Ook was een auto nodig, geschikt voor op- en ontladen. Aanvankelijk was dat de Renault ZOE, maar het nieuwste is de Hyundai IONIQ 5, die wij als deelauto aanbieden ter vervanging van de eigen auto. Omdat de oplaadtarieven gereguleerd zijn en maar beperkt mogen worden verhoogd, komt de winst voor het bedrijf We Drive Solar vooral uit het energieprijs-gestuurd opladen. Dus bij voorkeur opladen als de inkoopprijs lager is dan de verkoopprijs. Inmiddels is We Drive Solar er in geslaagd om 25% van het piekladen te verschuiven naar goedkope momenten.. Robin ziet diverse kansen voor verbreding van deze ideeën.
Zo is er bij het ASR hoofdkantoor een bi-directioneel laadplein met 50 laadpunten in combinatie met 2.000 panelen, dat moet uitgroeien tot 400 laadpunten. En er zijn zo’n 100 contracten bij nieuwbouwprojecten voor de combinatie panelen & deelauto’s. Met als Utrechtse voorbeelden: de Cartesiusdriehoek en het Wisselspoor. Wiebe Draijer Bestuursvoorzitter van Rabobank Nederland Na de pauze pleitte Wiebe Drayer, voorzitter Rabobank, voor een gezamenlijke aanpak van de energietransitie onder het motto “in theorie kun je alleen heel snel gaan, maar samen kom je in de praktijk verder”. Naast duidelijkheid over de urgentie is het nodig dat alle betrokken partijen in die samenwerking vertegenwoordigd zijn, zich kwetsbaar durven opstellen, voor de doelen tekenen, en mede-eigenaar zijn van de oplossing. Op die manier ontstaat er een zekerheid van handelen en een beleidskader met voldoende garanties dat investeringen maatschappelijk kunnen renderen. Dat geldt voor zowel beleid, als implementatie en instandhouding. Wiebe is – ook als bestuurslid van de Nationale Coöperatieve Raad – pleitbezorger van de coöperatieve aanpak, al zo zegt hij zijn ook andere samenwerkingsvormen denkbaar afhankelijk van de context. Het is ook voor een bank als Rabo zoeken naar de eigen rol binnen de energietransitie, laverend tussen regelgeving, zorg voor ingelegde gelden en het nemen van risico.
Een initiatief is de Carbonbank, een niet gelukt plan is deelname in een windparkconsortium op zee. Een visie op de techniek is ook nodig. Zo is waterstof energie op de langere termijn wellicht mogelijk, maar niet op de korte termijn. Op de korte termijn moeten we vooral inzetten op opslag. Ook verdient het veiligheidsrisico meer aandacht. Wij zullen als banken onze verantwoordelijkheid moeten nemen door betere proposities voor klanten te ontwikkelen. Niet op individueel klantniveau, maar op integraal maatschappelijk niveau. Ja, en soms moeten we daarbij buiten de grenzen van de financiële sector treden.
Versie 230411 – pagina 25
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Woonlasten gelijk houden? Daarna was het tijd voor een dialoog onder leiding van Max Christern over drie stellingen. De scores op de eerste stelling “Bij elk transitieproject in de sociale huursector blijven de woonlasten en energiekosten gelijk” waren: eens 32 en oneens 38. Het leidde tot de volgende uitspraken:
▪ Om de ongelijkheid niet te vergroten is versnelling van de transitie nodig. Hoe
langer geaarzeld, hoe meer de kosten voor een collectieve aanpak stijgen, doordat mensen met voldoende middelen individueel maatregelen treffen. Collectieve deelname en eigendom zouden voorwaarde moeten zijn.
▪ Oneens scoort hoog omdat het doel niet moet zijn kostenstabilisatie, maar kostenverlaging. Reductie is mogelijk door schaalvoordeel en moet beoordeeld worden t.o.v. de situatie 2021.
▪ Woningcorporaties richten zich gezien hun financiële capaciteit bij de energietran-
sitie in 1e instantie op de sociale huurders. Maar indirect kunnen ze een belangrijke rol in de breedte spelen. Taken Utrechtse kennisinstellingen? Op de stelling “Kennisinstellingen hebben de taak om samen met bedrijven haalbare combinaties te ontwikkelen van opwekking en opslag van energie” waren de scores: eens 61 en oneens 10. Dit leidde tot:
▪ In de ontwikkelingsfase van zo’n nieuwe combinatie kun je je voorstellen dat het
gaat om samenwerking bedrijf met kennisinstelling. Maar bij het uittesten en invoering daarvan moet ook de burger betrokken worden. Er wordt voor gepleit om de burger ook aan de voorkant te betrekken.
▪ Eigenlijk zou de consumptie mogelijkheid van de opgewekte en opgeslagen energie mee moeten worden genomen. Zie het voorbeeld van We Drive Solar. Één uitvoeringsorganisatie? En tenslotte de stelling ”Voor de versnelling is een gezamenlijke uitvoeringsorganisatie nodig van alle partijen”. De scores waren: eens 29 en oneens 37. Uit de discussie kwam naar voren:
▪ Er is een verschil tussen de fase van het uitruilen van standpunten, en het feitelijke ondernemend samenwerken.
▪ Je moet geen centralisatie van de aanpak willen! Een goede tussenvorm tussen
centralisatie en volledige decentralisatie is de gezamenlijke aanpak in buurten of van bedrijven in een gebied. Zo’n samenwerking tussen partijen, die naast energiemotieven ook een praktische gezamenlijke band hebben, lijkt het best hanteerbaar. Dit laat nog wel de vraag open wie de eindverantwoordelijkheid heeft.
▪ Je zult bij de samenwerkingsvorm onderscheid moeten maken tussen de niveaus en fases binnen het ontwikkelings-, besluitvormings- en invoeringsproces. Een samenwerking bij een infrastructuurproject stelt bijvoorbeeld andere eisen dan bij een project voor de isolatie van huizen.
Versie 230411 – pagina 26
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Tenslotte: doorpakken met de energie transitie Joop Oude Lohuis, voormalig directeur van het Energieprogramma van de gemeente Utrecht, hield als afsluiting een pleidooi om door te pakken met de energietransitie. We zijn nu immers in de realisatiefase gekomen, die een concrete organisatorische aanpak vraagt en verbreding van de betrokkenheid van burgers en bedrijven. Hij pleit ervoor om de dialoog twee kanten op te laten gaan: Maak het enerzijds kleiner en compacter, zodat de praktische consequenties voor groepen van burgers en bedrijven beter bespreekbaar worden, en anderzijds leer van elkaar en wissel ervaringen uit. Want Alleen samen komen we in het Utrechtse verder. Utrecht, augustus 2022
Versie 230411 – pagina 27
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
2
Presentatie Rijne Energie Joost Brinkman
Tijdens de eerste dialoog op 21 juni 2022 presenteerde Joost Brinkman over de energiecorporatie Rijne Energie. Ter voorbereiding van de tweede dialoog op 12 april 2023 doen wij hier verslag van zijn presentatie in 2022. Joost Brinkman vertelt over de vier jaar geleden opgerichte energiecorporatie Rijne Energie, die een groot energiepark wil realiseren in de nog onbebouwde polders Rijnenburg en Reijerscop in het zuidwesten van Utrecht, om daarmee het gebruik van duurzame energie in de stad te verhogen van nu 5% naar 10 à 20%. Via een initiatiefvoorstel aan de gemeente, na een gewonnen marktuitvraag en een net afgerond netonderzoek zijn we nu zover dat het plan vier windmolens omvat, waarbij medewerking van de grondeigenaren een belangrijk probleem was. Per stuk kunnen de molens 6,5 MW opwekken. Dat is bij 3.500 draaiuren samen goed voor duurzame elektriciteit voor max. 90.000 huishoudens. De volgende stap is het krijgen van de vergunning en het aanvragen van de subsidie. In 2024/2025 kan er dan worden gestart met de bouw. Inmiddels heeft de coöperatie 550 leden. En dat het ledenaantal een belangrijk element is voor het hele project bleek wel uit de wervende woorden, waarmee Joost het project presenteerde.
Ter plekke wierf hij meerdere nieuwe leden! Interessante links naar het Rijne Energie zijn: ● https://rijne-energie.nl/ ● https://www.utrecht.nl/wonen-en-leven/duurzame-stad/energie/duurzame-energie-in-rijnenburg-en-reijerscop/
Versie 230411 – pagina 28
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
3
Presentatie Initiatieven in de provincie Utrecht Piet Hein Speel Tijdens de eerste dialoog op 21 juni 2022 presenteerde Piet Hein Speel over bewonersinitiatieven in de provincie Utrecht. Ter voorbereiding van de tweede dialoog op 12 april 2023 doen wij hier verslag van zijn presentatie in 2022. Piet Hein Speel, is thuis in de wereld van de energiecorporaties, als kwartiermaker voor de provinciale ondersteuner Energie van Utrecht, als initiatiefnemer in zijn eigen wijk met Veemarkt Samen, als werknemer bij Energie Samen, de branchecorporatie van de meer dan 650 energiecorporaties in Nederland, en met zijn zoon in Energie Student. Aan de hand van de vraag “Is het glas half leeg of half vol?” kijkt hij naar bewonersinitiatieven in de provincie. In Groenekan ketste het plan voor een windpark af, maar in gesprek met de bewoners werd het een zonneveld, waarvoor net vergunning is aangevraagd. Als het gaat over Zon op Dak hoorden we dat het redelijk goed gaat; toch zijn er nog heel veel daken leeg! Niettemin: de corporatie Buurtstroom realiseerde elf grotere zonnedaken in Utrecht en omliggende gemeenten. Er zijn ook initiatieven op het gebied van warmte, maar het bekendste operationele voorbeeld is Thermobello in Culemborg, dus buiten de provincie.
Kijkend naar de ervaringen in alle initiatieven zijn er veel argumenten waarom ze als totaliteit onvoldoende bijdragen aan de RES-doelstellingen voor 2030, zoals weerstand, geen lokaal eigendom, regelingen, netcongestie, etc. Maar Piet Hein ziet ook mogelijkheden om met initiatieven wél goed aan die doelstellingen bij te dragen. Het kernwoord is: samenwerken !! Effectiever samenwerken tussen corporatie en gemeente, en tussen bedrijven en corporatie. Zijn oproep is dat gemeente en bedrijven bewonersinitiatieven en coöperaties zien als volwaardige nieuwe partner. Interessante links naar projecten waarbij Piet Hein Speel is betrokken, zijn: https://energievanutrecht.nl/ https://www.veemarktsamen.nl/ https://energiesamen.nu/ https://www.eneco.nl/grootzakelijk/product-advies/opwekken-opslaan/ zon-op-dak/ ● https://www.thermobello.nl/ ● ● ● ●
Versie 230411 – pagina 29
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
4
Presentatie Bo-Ex
Marije Eleveld, directeur woningbouwvereniging De energieleverende hoogbouwflat in Utrecht-Overvecht: een goed voorbeeld doet goed volgen. Door Joost van Sonsbeeck Tijdens de eerste dialoog op 21 juni 2022 presenteerde Marije Eleveld, directeur van de woningbouwvereniging Bo-Ex, over het project Inside out. Ter voorbereiding van de 2e dialoog op 12 april 2023 doen wij hier verslag van haar presentatie in 2022. Marije Eleveld, directeur van de woningbouwvereniging Bo-Ex, vertelt over de grootschalige bouw van die flats in de jaren zestig in Overvecht, waarvoor de bouwelementen ter plekke fabrieksmatig werden gemaakt. Zes, zeven jaar geleden startte met zo’n negen partijen en een Energiesubsidie van EZ een pilotproject Inside Out om zo’n gebouw van ca 56 flats in bewoonde staat te vernieuwen, gericht op verduurzaming. Dit door het vervangen van de voor- en achtergevel door nieuwe – weer fabrieksmatig gemaakte – energieleverende gevels. Belangrijke partij en feitelijke hoofdaannemer was het Overvechts bedrijf Bos Installatietechnieken. Primair is dat rondom, en dan ook echt rondom, zonnepanelen zijn aangebracht, alsmede een optopping op het dak van vier lagen zonnepanelen. Op het dak staat ook een grote klimaatkast met de techniek voor het opvangen van pieken, batterijen en warmtepompen.
Na een jaar monitoring blijkt het energieverbruik 203 MWh en de opwekking 214 MWh; dus een plus van 5,5%. Dat is na afsluiting van het warmtenet en gas. Bo-Ex zag het als haar verantwoordelijkheid om de flat voor de pilot ter beschikking te stellen. Leerpunten waren bouwtechnisch, uitleg aan de bewoners, en wet- en regelgeving. De kosten zijn nog niet op het gewenste niveau en daarom wordt gezocht naar kostprijsverlaging en modulaire toepassing van het concept. Dit alles met het oog op opschaling en productie van de bouwelementen in een fabriek, vergelijkbaar met de jaren zestig. Interessante links naar het project Inside Out zijn: ● https://tki-inside-out.nl/ ● https://www.bouwwereld.nl/opgeleverd/ inside-out-eerste-energieleverende-hoogbouwflat-opgeleverd/
Versie 230411 – pagina 30
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
5
Presentatie We Drive Solar Robin Berg, directeur
Sla energie op voor thuis in je e-auto Door Joost van Sonsbeeck Tijdens de eerste dialoog op 21 juni 2022 presenteerde Robin Berg zijn bedrijf We Drive Solar. Ter voorbereiding van de tweede dialoog op 12 april 2023 doen wij hier verslag van zijn presentatie in 2022. Als laatste pitcher stal Robin Berg de show met zijn We Drive Solar. Zeven jaar geleden gestart met ‘zon op dak’ op schoolgebouwen met subsidie van het Energiefonds. Inmiddels zijn er 10.000 panelen in exploitatie. Omdat hun energie door congestie niet goed aan het net geleverd kan worden, ontstond het idee die energie op te slaan in autobatterijen. Dit voor elektrisch te rijden, maar ook om terug te leveren aan het net. Essentieel was de ontwikkeling van een bi-directionele stekker in de auto en een dito laadpaal, waarmee de autobatterij kan worden opgeladen, maar ook ontladen. Inmiddels telt Utrecht zo’n 800 van die laadpalen. Ook was een auto nodig, geschikt voor op- en ontladen. Eerder was dat de Renault ZOE, maar het nieuwste is de Hyundai IONIQ 5, die wij als deelauto aanbieden ter vervanging van de eigen auto. Omdat de oplaadtarieven gereguleerd zijn en maar beperkt mogen worden verhoogd, komt de winst voor het bedrijf We Drive Solar vooral uit het energieprijs gestuurd opladen. Dus bij voorkeur opladen als de inkoopprijs lager is dan de verkoopprijs.
Inmiddels is We Drive Solar erin geslaagd om 25% van het piekladen te verschuiven naar goedkope momenten. Robin ziet diverse kansen voor verbreding van deze ideeën. Zo is er bij het ASR-hoofdkantoor een bi-directioneel laadplein met 50 laadpunten in combinatie met 2.000 panelen, dat moet uitgroeien tot 400 laadpunten. En er zijn zo’n 100 contracten bij nieuwbouwprojecten voor de combinatie panelen & deelauto’s. Met als Utrechtse voorbeelden: de Cartesiusdriehoek en het Wisselspoor. Interessante links naar projecten van We Drive Solar, zijn: ● https://www.wedrivesolar.nl/ ● https://www.energiefondsutrecht.nl/projecten/we-drive-solar-deelautos-zijn-de-toekomst/
Versie 230411 – pagina 31
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
Burgers
Versie 230411 – pagina 32
Interviews Versnelling Energietransitie U16 2e Dialoogronde
6
Interview met Ger Offringa manager bij sportclub Kampong
Energietransitie is bij ons onderdeel van duurzaamheidsbeleid Door Guus Schrijvers Wil je in enkele zelfstandig naamwoorden je functie aangeven? Ik ben Federatiemanager, zo heet mijn functie. Kampong is een federatie van zes onafhankelijke sportverenigingen. Ik doe overschrijdende taken zoals het beheer van het verenigingsgebouw en alle andere hardware van de vereniging. Ook trek ik mede het duurzaamheidsbeleid en de energietransitie. Ik heb deze functie sinds vier jaar. Is de digitale informatie die je vooraf toestuurde up-to-date? Ja, die bevat veel informatie. Zie https://www.kampong.nl/rabobank/. Er staat echter weinig op de website over plannen die we hebben voor de komende jaren. Wat heb je in de afgelopen jaren bereikt? Ben je daar tevreden over en trots op? We hebben vier jaar geleden een nieuw, ecologisch verantwoord, clubhuis neergezet. Alles is vrijwel van het gas af. Verwarming gebeurt mede via zonne panelen. Twee jaar geleden naar LED-verlichting voor de sportvelden overgegaan. Op het parkeerterrein staan nu ook laadpalen.